Informatie voor docenten Overzicht stagemogelijkheden FEB-studenten die een stage willen verrichten, hebben volgende mogelijkheden. 1. Stageproject (Internship project) als studenten stage lopen in een bedrijf of organisatie en dit willen valoriseren binnen hun studieprogramma 2. Onderzoeksproject @ FEB (Research project @ FEB) als studenten stage lopen binnen een onderzoeksgroep aan de faculteit en dit willen valoriseren binnen hun studieprogramma 3. Vrije studiestage als studenten stage lopen in een bedrijf of organisatie buiten het studieprogramma (maar toch een verzekeringscontract van de KU Leuven willen opnemen) 4. Stages in het kader van de masterproef Voor meer informatie over deze mogelijkheden kan u contact opnemen met Nathalie Jans, Facultaire Stagecoördinator. 1. Stageproject (Internship project) Als een student een onderzoeksluik koppelt aan een stage, dan kan de praktijkervaring opgenomen worden in het studieprogramma van de student als een keuzevak van 6 studiepunten. Indien de stage tijdens de zomermaanden (voorafgaand aan het academiejaar waarin het project in het studieprogramma wordt opgenomen) en/of eerste semester plaatsvindt, zal de student het keuzevak in het eerste semester opnemen. Indien de stage tijdens het tweede semester of gespreid over het academiejaar plaatsvindt, dan moet de student het keuzevak in het tweede semester opnemen. Master in de economische wetenschappen (Master of Economics), Master in de toegepaste economische wetenschappen (Master of Business Economics), Master in de toegepaste economische wetenschappen: Handelsingenieur, Master in de toegepaste economische wetenschappen: Handelsingenieur in de beleidsinformatica, Master in de economie, het recht en de bedrijfskunde (tweede fase) Opgelet: het stageproject dient wel aan te sluiten bij het plichtprogramma, de gekozen major/minor (voor studenten TEW/MBE EW/ME HIR), één van de verbredingspakketten (voor studenten HIRb) of bij de gekozen optie (voor de studenten ERB). 1
Beoordeling van het stageproject? * Er wordt voor dit opleidingsonderdeel gewerkt met een geslaagd/ niet-geslaagd beoordeling. Merk op: een beoordeling geslaagd voor het stageproject vereist dat de student slaagt voor elk van de drie deelevaluaties. Er bestaat bovendien geen mogelijkheid voor de student om te herkansen in de derde examenperiode. * De beoordeling van het stageproject is gebaseerd op de volgende drie informatiebronnen: 1. De student schrijft een rapport van 8 à 10 pagina s, en wordt hierop beoordeeld door de academisch beoordelaar. Het rapport moet onder meer de volgende elementen omvatten: o Beschrijving van het stageproject o Doelstellingen o Gebruikte methodologie en onderzoeksresultaten o In welke mate heeft stage bijgedragen tot realiseren van leerresultaten? 2. De student wordt beoordeeld op zijn dagelijks functioneren. Hij/zij organiseert hiervoor een tussentijds (en eventueel bijkomend een afsluitend) functioneringsgesprek met de stagementor (o.a. om het leerproces van de student in kaart te brengen) en schrijft hierover vervolgens een kort verslag van maximum één A4-pagina. 3. De student presenteert de belangrijkste elementen uit het stagerapport tijdens een posterpresentatie voor een jury bestaande uit de facultaire stagecoördinator en de stagementor. Deze verdediging vindt plaats op een vooraf bepaald tijdstip in december (voor stages tijdens de zomer en/of eerste semester) en in mei (voor stages tijdens het tweede semester of gespreid over het academiejaar). Rol van de academisch beoordelaar bij dit opleidingsonderdeel? De academisch beoordelaar is een ZAP-lid, vertrouwd met het vakgebied dat centraal staat tijdens het stageproject. Voorafgaand aan het stageproject Studenten moeten voorafgaand aan de stage een projectvoorstel uitwerken. Dit voorstel omvat: een voorstelling van de organisatie; een omschrijving van de probleemstelling; een duiding van het wetenschapsgebied waar dit probleem bij aansluit een weergave van de onderzoeksmethoden/ actieplan. Er zijn twee mogelijke manieren waarop u als academisch beoordelaar benaderd kan worden: Indien de student op basis van de colleges en zijn/ haar ervaringen aan de faculteit al een idee heeft welke professor hiervoor in aanmerking komt, dan neemt hij/zij zelf contact op. Indien het vinden en/of contacteren van een geschikte professor niet vlot verloopt, zal Nathalie Jans (facultaire stagecoördinator) hier als tussenpersoon fungeren. De academisch beoordelaar is verantwoordelijk voor de inhoudelijke controle van het 2
ingediende projectvoorstel. Hij/ zij dient daarbij te beoordelen of de beschrijving van de probleemstelling en plan van aanpak volstaat om de stage te laten valoriseren als wetenschappelijk stageproject. Indien het initiële projectvoorstel niet wordt aanvaard omdat het project geen onderzoekscomponent omvat, dan kan de academisch beoordelaar in sommige gevallen een bijkomende (onderzoeks)opdracht meegeven zodat het Stageproject toch in het ISP kan worden opgenomen. Merk op: De student kan pas na de formele goedkeuring van het projectvoorstel door de facultaire stagecoördinator (Nathalie Jans) het opleidingsonderdeel Stageproject in zijn ISP aanduiden. De student dient hierbij rekening te houden met de periode waarin het ISP kan worden gewijzigd. Na het stageproject De academisch beoordelaar is enkel verantwoordelijk voor de beoordeling van het eindrapport van de student. Daarnaast wordt u als academisch beoordelaar eveneens uitgenodigd om de posterpresentaties die telkens aan het eind van het semester plaatsvinden bij te wonen. Op dit moment krijgt u o.a. de gelegenheid om alle stageprojecten van het betreffende semester te bekijken en om contacten te leggen met stagementoren. 2. Onderzoeksproject @ FEB (Research project @ FEB) Het Onderzoeksproject @ FEB biedt studenten de mogelijkheid om intensief te participeren aan lopende onderzoeksprojecten binnen één van de onderzoeksgroepen van de FEB. Bij dit type van stage is de faculteit dus zelf stageverlener en krijgt de student het statuut van student-aspirant-onderzoeker. Studenten uit de volgende opleidingen komen in aanmerking voor het onderzoeksproject @ FEB: Master in de economische wetenschappen (Master of Economics), Master in de toegepaste economische wetenschappen (Master of Business Economics), Master in de toegepaste economische wetenschappen: Handelsingenieur, Master in de toegepaste economische wetenschappen: Handelsingenieur in de beleidsinformatica, Master in de economie, het recht en de bedrijfskunde (tweede fase) Voor studenten met een bachelordiploma van de Vlaamse gemeenschap geldt de regel dat enkel studenten die in hun bachelor minstens een score van 68% (onderscheiding) behaalden in aanmerking komen voor het onderzoeksproject @ FEB. Studenten met een bachelor diploma van buiten de Vlaamse gemeenschap dienen een gemotiveerde aanvraag (met inbegrip van motivatiebrief, CV en transcripts) in via de onderwijshelpdesk. De facultaire 3
stagecoördinator neemt deze aanvraag door in samenspraak met een ZAP-lid van de onderzoeksgroep waarin de student een stage wil verrichten. Nadien kan de academisch beoordelaar nog een kort selectiegesprek met de kandidaat houden. Opgelet: het stageproject dient wel aan te sluiten bij het plichtprogramma, de gekozen major/minor (voor studenten TEW/MBE EW/ME HIR), één van de verbredingspakketten (voor studenten HIRb) of bij de gekozen optie (voor de studenten ERB). Beoordeling van het onderzoeksproject? * De beoordeling van het onderzoeksproject is gebaseerd op de volgende drie informatiebronnen: 1. De student schrijft een rapport over het opzet en de resultaten van zijn onderzoek. 2. De student organiseert een tussentijds functioneringsgesprek met de academisch verantwoordelijke (o.a. om het leerproces van de student in kaart te brengen) en schrijft hierover vervolgens een kort verslag van maximum één A4-pagina. 3. De student presenteert de resultaten van zijn/ haar onderzoek. In de meeste gevallen waarbij een student stage loopt als student-aspirant-onderzoeker presenteert de student zijn/ haar belangrijkste bevindingen voor alle leden van de onderzoeksgroep waar hij/zij stage heeft gelopen. Dit omdat deze resultaten waarschijnlijk ook erg relevant kunnen zijn voor collega s uit de onderzoeksgroep. Merk op: Bij onderzoeksprojecten zijn er geen strikte voorwaarden verbonden aan de aard van het rapport en de presentatie. De academisch verantwoordelijke spreekt in onderlinge overeenstemming met de student af wat er verwacht wordt van het rapport (bijv. schrijven van een artikel voor een wetenschappelijk tijdschrift; ) en de presentatie. * Alle deelevaluaties worden beoordeeld door de academisch verantwoordelijke. Het resultaat wordt berekend en uitgedrukt met een geheel getal op 20. * Het eindresultaat is een gewogen cijfer dat als volgt wordt bepaald: het dagelijks functioneren wordt beoordeeld op 20%; het rapport op 60% (met hierbinnen een gewicht van 80% voor de inhoud en 20% voor de vorm) en de presentatie op 20%. * Bij het onderzoeksproject bestaat wel een mogelijkheid tot herkansen indien de student niet slaagt bij de eerste examenkans. In onderlinge overeenstemming tussen de facultaire stagecoördinator, de student en de academisch beoordelaar wordt een nieuwe evaluatievorm bepaald. Rol van de academisch beoordelaar bij dit opleidingsonderdeel? De academisch beoordelaar is een ZAP-lid, vertrouwd met het relevante wetenschapsgebied dat centraal staat tijdens het onderzoeksproject. Voorafgaand aan het stageproject De academisch beoordelaar is samen met de facultaire stagecoördinator verantwoordelijk voor de screening van geïnteresseerde studenten. 4
Tijdens en na het stageproject De academisch beoordelaar is verantwoordelijk voor de beoordeling van het dagelijks functioneren, het rapport en de presentatie van de student (zie hierboven: Beoordeling van het onderzoeksproject). 3. Vrije studiestage Een stage die geen deel uitmaakt van het studieprogramma van de student, maar die de student op eigen initiatief doet. Om in aanmerking te komen voor een verzekeringscontract door de KU Leuven, moet de vrije studiestage beantwoorden aan een aantal voorwaarden. Deze kunnen geraadpleegd worden in de stagegids via https://www.econ.kuleuven.be/ond/stages Studenten uit alle FEB-opleidingen (zowel bachelor als master) kunnen een vrije studiestage verrichten in bedrijf of organisatie. Niet EER-studenten of studenten van een nieuwe lidstaat kunnen enkel in de maanden juli en augustus een vrije studiestage opnemen, omdat ze tijdens deze maanden ook geen arbeidskaart nodig hebben. Rol van de academisch beoordelaar? De academisch beoordelaar heeft in dergelijke stages geen verantwoordelijkheden. Deze stages staan los van het studieprogramma en worden dus niet geëvalueerd vanuit de faculteit. 5
4. Stages in het kader van de masterproef Deze stages zijn meestal gespreid over het ganse academiejaar (periode oktober - mei), waarbij de masterstudent bijvoorbeeld 1 dag per week in het bedrijf aanwezig is om gegevens te verzamelen voor zijn/ haar masterproef. Ook voor deze stages zijn contracten van de KU Leuven beschikbaar. Merk op: Voor stages in het kader van de masterproef zal geen document van zending meer worden opgesteld. De administratie van deze contracten zal bijgevolg niet meer door de promotor van de masterproef, maar door Liselotte Carnel worden opgenomen. Alle studenten die in het kader van hun masterproef extern gegevens dienen te verzamelen. Rol van de academisch beoordelaar / promotor masterproef? De promotor vraagt aan de student om het formulier gegevens i.v.m. vrije of verplichte studiestage (zie https://www.econ.kuleuven.be/ond/stages) in te vullen en via de onderwijshelp door te sturen. Liselotte Carnel staat vervolgens in voor de administratieve afhandeling van de dossiers. 6