Hoofdstuk 1 Pleegzorg Globaal zijn er twee manieren waarop u in contact komt met De Triangel en haar medewerkers: 1. Bestandpleegouder U maakt de keuze om pleegouder te worden en doorloopt het traject dat daarvoor is uitgestippeld. Wanneer u samen met De Triangel na de voorbereidingen besluit om pleegouder te worden, wordt u opgenomen in het bestand van De Triangel. U bent dan een bestandpleeggezin. 2. Netwerk-pleegouder U neemt door omstandigheden de zorg op u voor een kind van een bekende. Wanneer u aangemeld bent bij De Triangel, Centrum voor pleeggezinnen en het netwerkonderzoek is met positief resultaat doorlopen, wordt u erkend als pleeggezin. U bent dan netwerkpleeggezin. Beide vormen van pleegzorg kennen een eigen aanmeld- en begeleidingstraject en eigen methodieken. Wij zetten ze voor u op een rij. 1. Bestandpleegzorg Fase 1: Kennismaking met pleegzorg. Contactpersonen voor potentiële- en aspirant-pleegouders Wanneer u overweegt pleegouder te worden, kunt u bij de administratie van De Triangel documentatiemateriaal aanvragen of informeren naar de trainingsdata. Zolang u pleegouder-in-opleiding bent, lopen alle contacten via de STAP-trainer. Nadat u de training hebt afgerond en wacht op een plaatsing, is de matchingsfunctionaris uw aanspreekpunt. STAP-training Wanneer u besluit verder te onderzoeken of het pleegouderschap wat voor u is, kunt u zich aanmelden voor de zogenaamde STAP-training. U ontvangt een uitnodiging voor het volgen van de training via de STAP-trainers (ook wel voorbereiders genoemd). In een aantal avonden doorlopen zij met u dit voorbereidingstraject en laten u kennismaken met de vele aspecten van het pleegouderschap. Om een weloverwogen beslissing te kunnen nemen, laten de trainers u vooral goed naar uw persoonlijke beweegredenen en gezinsmogelijkheden kijken. Evaluatiegesprek Gedurende de STAP-training hebt u tweemaal een tussengesprek met uw trainer. Wanneer u aan het einde van de STAP-training kiest voor het pleegouderschap, volgt een eindgesprek met de trainer waarin de definitieve keuze gemaakt wordt om al dan niet pleegouder te worden. De trainer bespreekt met u welke variant van pleegzorg (zie hoofdstuk 1 pleegzorgvarianten) het beste bij uw gezin past. Ook twijfels en wijzigingen in het aanbod kunt u met uw trainer bespreken. Wanneer u eerder een pleegkind hebt opgevangen, maar tijdelijk geen pleegkind in huis hebt, kunt u ook voor informatie en vragen terecht bij uw ambulant hulpverlener. Voor een nieuw aanbod of bijplaatsingen zal hij u doorverwijzen naar de juiste persoon. Pleegwijzer April 1 2008
Fase 2: Voorbereiding op de komst van een pleegkind. Nadat u officieel bent geaccepteerd als pleeggezin, kan er een pleegkind bij u geplaatst worden. Dit kan een enerverende tijd zijn, omdat het wachten op een plaatsing soms langer duurt dan u verwacht. Achter de schermen wordt intussen hard gewerkt om voor de aangemelde pleegkinderen een geschikt gezin te vinden. Matchingsfunctionaris De matchingsfunctionaris is op de hoogte van de behoeften van de aangemelde kinderen en van de beschikbare pleeggezinnen. Zij zoekt, samen met de behandelcoördinator, naar de meest geschikte combinatie van pleegkind en pleeggezin. Wanneer een plaatsing langer op zich laat wachten, houden de matchingsfunctionaris en de coördinator voorbereiding u op de hoogte van de voortgang. Matchingsprocedure Bureau Jeugdzorg en de ouders worden schriftelijk geïnformeerd over de beschikbaarheid van een pleeggezin. Beide partijen ontvangen een anoniem profiel van het pleeggezin en een bijgesloten akkoordverklaring. Het matchvoorstel wordt bij het Centrum voor Pleeggezinnen met de pleegouders, de casemanager van Bureau Jeugdzorg, de ambulant hulpverlener en de matchingsfunctionaris besproken. Tijdens het gesprek wordt een beeld geschetst van het kind en de situatie waarin het zich bevindt. U hoeft na het gesprek niet meteen aan te geven of u plaats heeft voor het kind. U kunt een afspraak met de matchingsfunctionaris maken om uw overwegingen door te geven. Als u heeft besloten om het kind bij u te laten wonen zult u samen met uw ambulant hulpverlener en/of de casemanager van Bureau Jeugdzorg kennismaken met de (crisispleeg)ouders en het kind(afhankelijk van de leeftijd). Een plaatsingsdatum wordt vastgesteld en u maakt bezoek- en logeerafspraken voor uw pleegkind zodat het kind gelijkmatig kan wennen aan u, uw gezin en de nieuwe omgeving. Bij crisisplaatsingen verloopt dit proces anders omdat er onvoldoende tijd is voor een uitgebreide kennismaking. Fase 3: Een pleegkind komt bij u wonen. Kennismaking Het besluit is genomen dat er een pleegkind in uw gezin wordt geplaatst. U gaat nu kennismaken met alle betrokken partijen. De matchingsfunctionaris stelt u voor aan uw ambulant hulpverlener. Deze neemt de begeleiding over. In deze periode wordt u verzocht het pleegcontract te ondertekenen, waarin u zich verplicht tot het goed uitvoeren van uw taken als pleegouder (zie ook hoofdstuk 12: rechten en plichten). Tevens wordt het hulpverleningsplan voor uw pleegkind met u besproken. Ambulant hulpverlener U krijgt een ambulant hulpverlener toegewezen die u en uw pleegkind vanaf nu zal begeleiden. De ambulant hulpverlener bespreekt de zaken die met u geregeld moeten worden (zie ook deel 2 van de pleegwijzer). Biologische ouders De ambulant hulpverlener nodigt u uit voor een kennismakingsgesprek met de biologische ouders van uw pleegkind. Meestal komt ook de casemanager ((gezins-)voogd) van de ouders mee. Pleegwijzer April 2 2008
Pleegkind Samen met uw ambulant hulpverlener wordt een kennismakingstraject uitgezet voor uw pleegkind. U maakt bezoek- en logeerafspraken voor uw pleegkind, zodat het kind gelijkmatig kan wennen aan u, uw gezin en de nieuwe omgeving. Bij crisisplaatsingen verloopt dit proces anders, omdat hierbij onvoldoende tijd is voor een uitgebreide kennismaking. (zie ook hoofdstuk 1 pleegzorgvarianten) Voor de biologische ouders is de cliëntmanager het (eerste) aanspreekpunt bij De Triangel. Zodra bekend is dan hun kind in een pleeggezin geplaatst zal worden staat hij hen binnen 15 dagen te woord. Tevens begeleidt en informeert hij hen tot hun kind wordt geplaatst. De cliëntmanager legt de ouders globaal uit wat pleegzorg in (kan) houden. Daarna betrekt uw ambulant hulpverlener de ouders van uw pleegkind in het hulpverleningstraject aan hun kind. Fase 4: Het pleegkind woont bij u. Nu uw pleegkind bij u woont, kunt u voor de meeste vragen terecht bij uw ambulant hulpverlener. Deze Pleegwijzer kan eveneens veel vragen voor u beantwoorden. Met uw ambulant hulpverlener maakt u afspraken voor de langere termijn. Het hulpverleningsplan is hierbij de leidraad. De Triangel heeft een actieve PleegOuderRaad (POR). Zij kunnen u helpen met pleegzorgvragen en opmerkingen, of u in contact brengen met andere pleegouders (zie hoofdstuk 19: adressen en sites en hoofdstuk 17: belangenbehartiging). Opvoedingsbesluit Met ouders, kind (12+), pleegouders, casemanager/(gezins)voogd en pleegzorgbegeleider wordt er naar gestreefd, binnen een half jaar na uithuisplaatsing, een opvoedingsbesluit te nemen. Dit is een formeel moment waarop gezamenlijk besloten wordt wie de dagelijkse opvoeding en verzorging van het kind in de toekomst gaat uitvoeren. Dit besluit wordt vastgelegd in het hulpverleningsplan, dat door alle betrokkenen wordt ondertekend. Bij een ondertoezichtstelling of voogdijmaatregel ligt de eindverantwoordelijkheid voor het opvoedingsbesluit bij de (gezins)voogd. Bij een vrijwillige plaatsing hebben de ouders de laatste stem. Uw pleegkind ontvangt vanaf zijn 12de alle rapportages over hem rechtstreeks en moet deze voor akkoord of gezien tekenen. Als u van mening bent dat uw pleegkind de informatie uit de rapportages niet geheel zelfstandig kan lezen, begrijpen of verwerken, kunt u met uw ambulant hulpverlener bespreken hoe de informatie met uw pleegkind wel doorgenomen kan worden. Uw ambulant hulpverlener kan de uitleg geven, maar ook uzelf kunt daar een rol in spelen. Fase 5: Pleegzorg wordt beëindigd. Evaluatiegesprek Wanneer een pleegzorgsituatie eindigt, volgt een evaluatiegesprek met uw ambulant hulpverlener.. Vervolgens wordt besproken of, wanneer en voor welke pleegzorgvariant u weer beschikbaar bent. Wanneer u definitief stopt met pleegzorg hebt u een exitgesprek met uw ambulant hulpverlener.. Pleegwijzer April 3 2008
2. Netwerkpleegzorg Binnen netwerkpleegzorg bestaan globaal 3 startsituaties. Afhankelijk van de startsituatie waarmee het kind wordt aangemeld bij De Triangel, wordt ingestapt op het traject voor de netwerkpleegzorg. 1. Uw pleegkind woont bij aanmelding al in uw (aspirant-) pleeggezin en u kunt en wilt voor hem blijven zorgen. 2. Uw pleegkind woont al in uw (aspirant-)pleeggezin en u kunt en/of wilt niet voor hem blijven zorgen. 3. Een pleegkind is aangemeld voor pleegzorg en er wordt in zijn sociale netwerk gezocht naar een pleeggezin. (Werven op de wachtlijst) Fase 1: Een kind van een bekende komt bij u wonen. Contactpersoon voor potentiële- en aspirant-netwerkpleegouders Netwerkpleegouder wordt u meestal onverwacht en plotseling. Bijvoorbeeld: een ouder wordt acuut opgenomen in het ziekenhuis/verpleeghuis; U springt in wanneer u ziet dat een kind verwaarloosd of mishandeld wordt en neemt het kind onder uw hoede of uw kleinkind blijft, na vele logeerpartijen, definitief bij u wonen omdat de ouders de opvoeding niet aankunnen. U dient altijd melding te maken van de gewijzigde verblijfplaats van een kind bij Bureau Jeugdzorg. Zij beoordelen wat er verder moet gebeuren. Een medewerker van Bureau Jeugdzorg wordt uw contactpersoon. Voor vragen over uw nog informele (zie hieronder voor formalisatieprocedure) pleegzorgsituatie kunt u bij hem terecht. Bureau Jeugdzorg zal de situatie gaan onderzoeken (of laat dit doen door de Raad voor de Kinderbescherming) en formuleert een indicatiebesluit. In dit besluit staat vermeld welke hulp het kind nodig heeft. Fase 2: Kennismaking met pleegzorg. Aanmelding Pleegzorg Als blijkt dat het voor het kind niet mogelijk is om thuis te wonen, kan Bureau Jeugdzorg besluiten om het kind aan te melden voor pleegzorg. Pas wanneer Bureau Jeugdzorg een indicatie afgeeft voor opname van het kind in een voorziening voor pleegzorg, wordt het kind aangemeld bij De Triangel. Bureau Jeugdzorg beoordeelt de vorm van pleegzorg (bv crisisplaatsing, korte time-out of langdurende pleegzorg). Bureau Jeugdzorg beslist eveneens of u wordt aangemeld als mogelijk netwerkpleeggezin voor het kind. U beslist uiteraard zelf of u pleegouder wilt worden. Als u geen netwerkpleegouder wilt of kunt worden/blijven, zal gezocht worden naar een ander aspirant pleeggezin, liefst binnen het netwerk. Ook kan uitgeweken worden naar een bestandspleeggezin dat ingeschreven staat bij De Triangel. U bent niet automatisch erkend pleegouder wanneer u voor een kind van een bekende zorgt en Bureau Jeugdzorg u aanmeldt als aspirant netwerkpleegouder bij De Triangel. Eerst wordt uw situatie grondig bekeken. Belangrijk onderdeel hiervan is het invullen van een medische verklaring en een verklaring van geen bezwaar. De Raad voor de Kinderbescherming eist de verklaring van geen bezwaar om de justitiële registers te mogen raadplegen. Deze verklaring is nodig voor alle personen van 12 jaar en ouder die op uw adres staan ingeschreven, dus ook uw eventuele pleegkinderen. De Raad geeft aan De Triangel door of er wel of geen akkoord gegeven wordt voor erkenning als pleegouder. Hierbij worden de redenen van toe- of afwijzing niet aan De Triangel doorgegeven. De Triangel dient zich te houden aan de uitspraak in de beschikking. Pleegwijzer April 4 2008
Fase 3: Start onderzoekstraject. Startmodule netwerkpleegzorg Als u voor het kind van een bekende zorgt, meldt Bureau Jeugdzorg u en uw pleegkind aan bij De Triangel zodra de indicatie gesteld is. De Triangel neemt het dan over en zet de startmodule netwerkpleegzorg in. Deze module is bedoeld om binnen een tijdsbestek van 3 maanden te bekijken of u pleegouder kunt worden/blijven van het kind in kwestie. Als u vooraf al hebt aangegeven dat u niet wilt/kunt blijven zorgen voor uw pleegkind, wordt de startmodule ingezet met het pleeggezin dat zich aandient. Ook als u gedurende de startmodule aangeeft niet verder te willen/kunnen, wordt de startmodule met u eerder afgerond en zoekt De Triangel naar een vervolggezin. Startgesprek De ambulant hulpverlener of de casemanager van Bureau Jeugdzorg (degene die het kind en zijn ouders begeleidt) nodigt alle betrokkenen rondom het kind uit voor een startgesprek. Dit zijn doorgaans: jeugdige (12+, mag ook al jonger als hij het aankan), ouders, (beoogde) netwerkpleegouders en hun gezinsleden, plaatser, andere belangrijke betrokkenen uit het netwerk als broers, zussen, opa, oma, leraar, betrokken buurvrouw, eventueel andere behandelaars of hulpverleners, ambulant hulpverlener. Tijdens het startgesprek wordt de werkwijze van de startmodule aan iedereen duidelijk gemaakt. U krijgt uitleg over praktische zaken als financiën, procedures, de Raadsverklaring en medische verklaring die nodig zijn om pleegouder te kunnen worden en over de ondersteuningsmogelijkheden die De Triangel u biedt. Daarnaast worden een aantal doelen vastgesteld. Deze doelen gaan vaak over de samenwerking tussen ouders en pleegouders zoals bezoekregelingen. Een vast doel is om zicht te krijgen op de ontwikkeling van het kind. Een ander vast doel is zicht krijgen op uw sterke en minder sterke kanten in de opvoeding en verzorging van uw pleegkind. Vanaf het begin wordt met alle belangrijke betrokkenen gezamenlijk gepraat. Als er complicaties zijn waardoor hiervan (tijdelijk) afgeweken moet worden kan dit. Ouders hebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid ten aanzien van hun kind. Zij worden samen uitgenodigd, ook al zijn zij gescheiden en/of zijn er conflicten. Mocht dit niet onmiddellijk mogelijk zijn, dan kunnen (tijdelijk) aparte gesprekken met ouders gevoerd worden. Doel hiervan is wel om tot samenwerking te komen. Als u, uw pleegkind of zijn ouders bijgestaan willen worden door een vertrouwenspersoon of steunpersoon is dat altijd mogelijk. (Aspirant-)zorgteam (situatie 1) Als uw pleegkind al in uw gezin woont en u kunt en wilt voor hem blijven zorgen dan wordt tijdens het startgesprek het aspirant zorgteam samengesteld. Een (aspirant-) zorgteam is samengesteld uit ouders, (beoogde) pleegouders, het kind in kwestie van 12 jaar en ouder, vertegenwoordigers uit het netwerk en professionals die een rol spelen in het oplossen van de hulpvraag (doorgaans de casemanager/gezinsvoogd en de ambulant hulpverlener). Een zorgteam komt bij elkaar om mee te denken over de voortgang van de opvoeding en ontwikkeling van het kind. In een zorgteam staat de gemeenschappelijke verantwoordelijkheid centraal. Ieders individuele kennis en ervaring wordt ingebracht om de situatie voor het kind te verbeteren. Het zorgteam komt minimaal een keer per half jaar bijeen. Wanneer er moeilijke situaties zijn, waardoor nieuwe plannen gemaakt moeten worden, komt het zorgteam vaker samen. Als alles eenmaal loopt, trekken de hulpverleners zich steeds verder terug. Uw familie en het sociale netwerk gaan gezamenlijk verder. Pleegwijzer April 5 2008
Familieberaad (situatie 2) Als uw pleegkind al in uw gezin woont en u kunt/wilt niet voor hem blijven zorgen, wordt in het startgesprek een familieberaad georganiseerd, waarna in gezamenlijkheid een zorgteam samengesteld wordt. Bij een familieberaad worden zo veel mogelijk leden van de familie en/of het sociale netwerk van kind en ouders uitgenodigd om samen een plan voor de toekomst van het kind te maken. Als hieruit blijkt dat het kind langer opgevangen moet worden in een pleeggezin, wordt bekeken of dat mogelijk is in het huidige netwerkgezin of elders. Netwerkverkenning (situatie 3) Als een pleegkind is aangemeld voor pleegzorg en niemand uit de directe familie kan voor hem zorgen, wordt in zijn sociale netwerk gezocht naar een pleeggezin ( Werven op de wachtlijst ). In het startgesprek wordt gezamenlijk besproken hoe een netwerkverkenning georganiseerd kan worden. Middels een netwerkverkenning wordt onder leiding van De Triangel onderzocht of binnen de familie of het sociale netwerk een (ander) pleeggezin beschikbaar is. Dit kan op school zijn, de club, of misschien zelfs via een berichtje in de buurtkrant. De plaatser en ambulant hulpverlener bepalen samen met de direct betrokkenen (ouders, pleegouders en belangrijke familieleden) of er een familieberaad belegd kan worden, om gezamenlijk het netwerk te verkennen. Daarna wordt een zorgteam samengesteld samen met de beoogde pleegouders. Soms blijkt dat een kind beter niet in het gezin van een familielid of bekende kan blijven wonen, bijvoorbeeld omdat dat grote loyaliteitsconflicten geeft voor het kind. Uw ambulant hulpverlener zal dit dan met u bespreken en een voorstel doen voor plaatsing van het kind in een bestandspleeggezin. Netwerkpleegouders bekommeren zich met grote betrokkenheid over hun jonge familielid of kennis. Een grote valkuil is dat u het gevoel kunt hebben dat u hulp MOET bieden en een plek moet bieden aan uw familielid/kennis. Laat u niet teveel leiden door dit gevoel. Helpen kan ook op afstand. Of voor kortere tijd. Uw ambulant hulpverlener zal u na enkele maanden opnieuw de vraag stellen of u uw taak (nog) wilt/ kunt blijven uitvoeren. Geef hierop een eerlijk en uitvoerbaar antwoord. Dat is voor iedereen beter. Huisbezoek Na het startgesprek bezoekt de ambulant hulpverlener uw gezin voor een nadere kennismaking. De aard van dit huisbezoek is oriënterend en inventariserend. U kunt uw vragen stellen en de ambulant hulpverlener stelt u vragen over de ontwikkelingen van uw pleegkind in uw gezin. Uw opvatting en (on-)mogelijkheden omtrent de opvoeding komen ook aan bod net als uw begeleidingsbehoefte, uw verwachtingen en de (on-)mogelijkheden in de contacten met de ouders van uw pleegkind. Competentieanalyse Een competentieanalyse is een instrument om te bekijken wat uw sterke en zwakke kanten in de opvoeding van uw pleegkind zijn. Deze competentieanalyse wordt standaard uitgevoerd. Bij netwerkplaatsingen geldt de acceptatie voor de duur van een half jaar. Gedurende deze periode wordt beoordeeld wat u uw pleegkind kunt bieden en hoe de samenwerking verloopt met De Triangel, de biologische ouders en de plaatsende instantie. Daarna wordt geëvalueerd en volgt eventueel een definitieve acceptatie. Pleegwijzer April 6 2008
Tijdens tijdelijke acceptatieperiode, ontvangt u van De Triangel begeleiding en tegemoetkoming in de onderhoudskosten van uw pleegkind. Wanneer u niet geaccepteerd wordt als pleegouder, eindigt deze begeleiding en ondersteuning. Het geld dat u ontving over die eerste periode hoeft u niet terug te betalen. Gestorte gelden die u abusievelijk ontvangt na de afwijzing, dient u terug te storten. Definitieve acceptatie Nadat de tijdelijke acceptatie formeel is omgezet in een definitieve acceptatie, blijft uw recht op begeleiding bestaan en wordt de tegemoetkoming in de onderhoudskosten omgezet in een officiële pleegvergoeding. Vanaf dat moment wordt minimaal tweemaal per jaar de stand van zaken met het zorgteam geëvalueerd en ontvangt u, of uw 12+ pleegkind, afschriften van de rapportages. U tekent het pleegcontract, waarin u zich verplicht tot het goed uitvoeren van uw taken als pleegouder (zie hoofdstuk 12: rechten en plichten). Begeleidingsplan Aan de hand van het raamhulpverleningsplan (totale hulpplan voor het eigen gezin van uw pleegkind) dat Bureau Jeugdzorg heeft gemaakt, wordt gezamenlijk een doel voor de toekomst van uw pleegkind geformuleerd. De ontwikkeling van uw pleegkind wordt beschreven aan de hand van de kennis van u en andere betrokkenen over de geschiedenis van uw pleegkind, zijn contacten met ouders en zijn behoeften. De afspraken en plannen die gemaakt worden voor periode van de Startmodule (3 maanden) worden binnen twee weken in een eerste begeleidingsplan opgenomen. Alle deelnemers ontvangen een afschrift van dit plan. Ouders, pleegouders, jeugdige 12+, plaatser en ambulant hulpverlener tekenen voor akkoord. Eindverslag Na drie maanden komt het aspirant zorgteam opnieuw samen en evalueert de doelen van het startgesprek. Hiermee eindigt de startmodule en volgt het eindverslag. Hierin staat alle informatie uit de startfase met, al dan niet, het besluit tot samenwerking tussen u en De Triangel. Ook de (on-)mogelijkheden voor terugkeer van uw pleegkind naar huis zijn beargumenteerd beschreven. Fase 4: Besluit tot samenwerking of doorplaatsing. Definitief zorgteam Bij een besluit tot voortzetting van de plaatsing in uw pleeggezin worden alle verzamelde gegevens en plannen omgezet naar het tweede begeleidingsplan. Het aspirant zorgteam wordt omgezet in een definitief zorgteam, dat blijft samenwerken ter ondersteuning van het kind. Bij een besluit tot beëindiging van de plaatsing, verhuist uw pleegkind terug naar zijn ouders of wordt er een andere oplossing gezocht voor uw pleegkind. Dit kan o.a. door netwerkverkenning (situatie 3), doorplaatsing in een bestandspleeggezin of een instelling. Het aspirant zorgteam bespreekt gezamenlijk de mogelijkheden. Ambulant hulpverlener Als u, na de 3 maanden startmodule, definitief geaccepteerd wordt als netwerkpleegouder en u wilt zelf ook pleegouder blijven, krijgt u een definitieve ambulant hulpverlener toegewezen. Hij gaat de plaatsing formaliseren en u tekent het pleegcontract. Uw ambulant hulpverlener ondersteunt u waar nodig en wijst u de weg. (zie hoofdstuk 13 pleegzorginstelling, medewerkers) Pleegwijzer April 7 2008
Pleegouder-begeleidingsplan Samen met uw ambulant hulpverlener beschrijft u het pleegouder-begeleidingsplan. Hierin geeft u aan waar u extra hulp nodig hebt in de verzorging en opvoeding van uw pleegkind. U hebt regelmatig begeleidingsgesprekken met uw ambulant hulpverlener. Hulpverleningsplan De deelnemers van het zorgteam ontwerpen gezamenlijk het toekomstscenario (hulpverleningsplan) met alle aspecten van de ondersteuning, begeleiding en hulpverlening aan het kind. In het plan wordt aangegeven wie, welke bijdrage levert. Het indicatiebesluit en het raamhulpverleningsplan dat Bureau Jeugdzorg maakt, vormen het uitgangspunt. De ouders, netwerkpleegouders en hulpverleners zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de uitvoering. De professionals faciliteren het proces en de uitvoering. Bij de evaluaties van het plan worden alle deelnemers aan zorgteam betrokken. Fase 5: Einde van de pleegzorg Evaluatiegesprek Wanneer de pleegzorgsituatie eindigt, volgt een evaluatie gesprek met uw ambulant hulpverlener. Netwerkpleeggezinnen stoppen vaak na de pleegperiode helemaal met pleegzorg. Dat is niet noodzakelijk. U kunt ook bestandspleegouder worden. Dit kunt u tijdens het evaluatiegesprek aangeven. Er zal dan samen met u bekeken worden of het volgen van de STAP-training (opleiding voor bestandspleegouders) noodzakelijk is. Pleegwijzer April 8 2008