https://www.natuurpunt.be/activity/course-material?access_code=17285-9fe1866
Voorwoord Je volgt de cursus Natuurgids. Een uitstekend idee, vinden we zelf. Alle medewerkers zijn dan ook opgetogen over je engagement. De cursus natuurgids zien we als een belangrijk onderdeel in een algemene strategie van natuurbehoud en milieuzorg. Wij hopen dat je je enthousiasme en kennis niet voor jezelf houdt, maar dat je deze uitdraagt naar anderen. Veel plezier! -team
Inhoud I. Inleiding...4 II. Wat leer je tijdens dit traject natuurgids?...4 III. Hoe word ik een natuurgids?...4 IV. Stap 1: De natuurgidscursus...5 A. Welk materiaal heb je nodig als natuurgids?...5 B. Het Leerplatform...6 C. Een projectwerk maken...6 Een groepswerk...6 Welk projectwerk kies je?...6 Zoek je een mentor?...6 Het is een onderzoeksproject...7 Dat leidt tot een educatief product...7 Tussentijdse voorstelling en slotpresentatie...8 Je test het uit...8 Indienen van het projectwerk...8 D. Andere opdrachten tijdens de cursus...8 E. Feedbackgesprek...8 F. Getuigschrift Natuurgids...9 V. Stap 2: Het vervolmakingstraject...9 A. Stageperiode...9 B. Bijkomende vorming... 10 C. badge... 10 VI. Samenwerking met Toerisme Vlaanderen i.f.v. erkend gids en reisleider... 10 VII. Contactgegevens... 11 VIII. Foto s tijdens de cursus... 11 3
I. Inleiding De natuurgidsencursussen bestaan al sinds 1965. Centrum Voor Natuur- en milieueducatie (CVN) organiseerden de cursus de eerste 50 jaar. In die 50 jaar behaalden al meer dan 8000 cursisten het diploma CVN-natuurgids. Vandaag wordt de cursus jaarlijks op minstens 15 plaatsen in Vlaanderen georganiseerd door. De cursus organiseren we samen met een plaatselijke partner. Dat kan een natuurgidsenwerkgroep zijn, een afdeling van Natuurpunt of een andere natuurvereniging, een educatief centrum, De medewerking van een lokale partner is cruciaal. De lokale partner kent de eigen streek en de lokale excursiemogelijkheden en kan de cursisten het best motiveren om achteraf actief te blijven. Bovendien staat de lokale partner in voor de vaste begeleiding van de cursisten. II. Wat leer je tijdens dit traject natuurgids? Onze doelstelling formuleren we als volgt: Het traject om natuurgids te worden ontwikkelt bij de deelnemers de competenties om een groep mensen de natuur te laten beleven en ontdekken, en die groep te inspireren om bij te dragen aan natuur- en milieubehoud, zorg voor erfgoed, een solidaire en duurzame samenleving. III. Hoe word ik een natuurgids? We doen het stap voor stap. De cursus natuurgids geeft jou een goede basis, maar een goede natuurgids word je door praktijkervaring en bijscholing. Zo kan jij je specialiseren in datgene wat jou het meeste boeit. En word je ongetwijfeld een fantastische gids! Het traject: Opstapcursus Cursus natuurgids Vervolmaking Niet verplicht Cursussen zoals: Natuur in Zicht, natuur voor groentjes, 30 activiteiten van 3 uur Opdrachten Feedbackgesprek Praktijktraining Inhoudelijke bijscholing Leidt tot leerbewijs Natuurgids (OSCARcompetentiedocument) Leidt tot badge 4
IV. Stap 1: De natuurgidscursus De 30-delige cursus natuurgids vormt het hart van het opleidingstraject. Het is een veelzijdige opleiding, die probeert rekening te houden met de kennis en interesses van de deelnemers en een opstap is naar veel verschillende vormen van actie en engagement. De cursus bestaat uit 4 onderdelen, elk met een eigen finaliteit: Cluster 1 [7dagdelen] Cluster 2 [7dagdelen] Cluster 3 [4dagdelen] Spoor 1: samen op weg Kennismaking tijdens startbijeenkomst Afsluiting met voorstellingen en presentaties projectwerken Spoor 2: methodisch sterk Methodiek 1: Rol van de natuurgids/hoe leren mensen Methodiek 3: Gidsbeurt voor kleine groepen Methodiek 5: Gidsbeurt voor grote groep Methodiek 2: Werkvormen en spreken voor groepen Methodiek 4: Doelgroepen en gebruik van educatief materiaal Spoor 3: inhoudelijk onderbouwd Biodiversiteit (4 lessen: leven en overleven, planten, dieren, ) Ecosysteem (5 lessen: ecologie, habitats en biotopen, natuurbeheer, geologie ) Mens en natuur (2 lessen: erfgoed en cultuur en natuurbeleid) Spoor 4: met praktijk ondersteund 12 Excursies en praktijklessen (verdeeld over de 3 clusters, met keuzemogelijkheden): Gebiedsverkenningen Biotoopstudies en natuurbeheer in samenwerking met beheerteams Biodiversiteitsexcursies (vogels, ongewervelden, planten) met veldtechnieken waarneming, in samenwerking met studiewerkgroepen Seizoenexcursies en landschapsexcursies A. Welk materiaal heb je nodig als natuurgids? Hierbij een lijst met nuttig materiaal om de natuur te leren kennen. Je bent niet verplicht dit aan te kopen. Loep(potje) 10x tot 15x vergrotend Notitieschriftje, liefst spatwater-bestendig Potlood of balpen. Géén viltstift of vulpen, want bij vochtigheid loopt dat snel uit. Zakmes: om je potlood te scherpen, maar ook om te gebruiken om bv. een bloem open te snijden om ze te onderzoeken Verrekijker (8 à 10) x40. Een goede verrekijker kan je ook gebruiken om voorwerpen die dichtbij zijn te onderzoeken, zoals een vlinder die op minder dan 3 meter van je op een tak zit. Zoekkaarten, veldgidsen,... voor suggesties kan je terecht bij de cursusbegeleiding en lesgevers. 5
Enveloppen: nuttig om verzameld plantenmateriaal in te bewaren voor latere determinatie. Op de enveloppe noteer je datum, geografische situering, vermoedelijke soort, omliggende vegetatie. B. Het Leerplatform Bij aanvang van de cursus krijg je toegang tot het leerplatform. Hierop staat zowel praktische als inhoudelijke informatie. Dit omvat o.a.: Handboek Natuurgids Handboek Natuur-In-Zicht: de basiscursus die je kan volgen als voorbereiding op de cursus natuurgids. Tevens handig om je geheugen nog eens op te frissen. De handouts van de lessen en bijkomende documentatie voor zelfstudie Feedbackformulieren horend bij de opdrachten C. Een projectwerk maken Het projectwerk is een onderzoeksproject over een thema of natuurgebied dat resulteert in een educatief product. Samen met andere cursisten laat je zien wat je geleerd hebt en hoe je het toepast en vertaalt in de praktijk. Het kan een begeleide groepswandeling zijn, een brochure als resultaat van een onderzoek, een spel, een educatief pakket, een tentoonstelling,... Op het einde van de cursus testen jullie het product uit en stellen het voor aan de cursusgroep. Voor dit projectwerk krijg je de ondersteuning van de begeleiders, vormingsconsulent en/of een mentor. Een groepswerk Samen met andere cursisten voer je het onderzoeksproject uit. Ideaal werk je samen met 3 tot 4 mede cursisten. Het is een co-creatief proces waarin je heel veel van elkaar kan leren! Welk projectwerk kies je? Leg je oor te luisteren bij de lokale partners. Zij kunnen zeker interessante suggesties geven. Zijn er thema s of gebieden die onderbelicht zijn? Wil een bezoekerscentrum een nieuwe tentoonstelling? Is een lokale Natuurpunt afdeling al lang van plan om een educatief pakket te maken maar vond men nog geen tijd? Het geeft je de kans iets uit te werken rond een bepaald natuurgebied of thema, wat misschien later nog kan dienen voor de regionale werking. Een stimulans om er iets moois van te maken! Laat niet na om ook eigen voorstellen te doen. Tijdens activiteiten van de cursus maken we tijd om jullie te begeleiden. Zoek je een mentor? Het kiezen van een mentor is niet verplicht, maar kan een meerwaarde zijn. Uiteraard is het de bedoeling dat jullie zoveel mogelijk zelf ontdekken en doen. Maar de mentor kan je op het juiste pad zetten of inspiratie bieden. Het kan een beheerder zijn van een natuurgebied, een ervaren natuurgids, een inhoudelijke specialist,... Je kan kiezen voor één of meerdere mentoren. Vraag het aan de cursusbegeleiding of de vormingsconsulent. 6
Het is een onderzoeksproject Je bent vrij om het projectwerk vorm te geven op de manier zoals jullie groep het verkiest. Om goed zicht te krijgen op de verschillende projecten vragen we wel om een project plan te maken. Aanvullend kun je om onderzoeksmatig te werk te gaan een logboek en waarnemingsverslagen individueel of samen bij te houden. Je moet er geen boekje van maken, het kunnen notities zijn, ze staan in functie van het eindproduct. Projectplan: zie de projectfiche Logboek: je noteert wat je voor het project gedaan hebt. Voorbeeld: Datum Wat gedaan? Met wie? 01/02/2016 Determinatie planten volledige groep 02/03/2016 Opzoeken kaartmateriaal op laptop Alleen Waarnemingsverslagen: In deze verslagen maak je een neerslag van jullie bezoeken aan het natuurgebied of het onderzoek naar een thema. Als je een natuurgebied bekijkt, ga je uitpluizen hoe je gebied in elkaar zit en wat er zoal voorkomt. Door deze terreinbezoeken leer je de theorie, die je tijdens de cursus ziet, omzetten in de praktijk. Aan het begin van je cursus kan je eerder gaan kijken naar het landschap: hoe is het landschap gevormd en wat voor biotopen zijn er. Daarna kan je gaan determineren om na te gaan welke soorten er in je verschillende deelgebieden voorkomen. Belangrijk is vooral om de ecologische verbanden te leren zien. Bijvoorbeeld: waarom staat een bepaalde soort op het stukje heide en niet in het broekbos. Heeft dit met de bodemsoort te maken? Is het te donker of te licht? Dient deze als voedsel voor een ander organisme? Deze verslagen zijn niet louter een opsomming van soorten, maar je persoonlijke verwerking van je waarnemingen. Het werk is origineel én gecreëerd door de groep. Gebruik je eigen formulering. Van alle gebruikt materiaal moet duidelijk blijken waar de bron ligt: vermelden van bronnen/auteurs is cruciaal. Dat leidt tot een educatief product Jullie onderzoeksproject finaliseert zich in een educatief product. Zo blijft jullie werk nadien inzetbaar en bruikbaar voor derden. Als het mogelijk is, probeer je het educatief product effectief te realiseren. Zo niet, beschrijf je het op papier. Voor de realisatie verwachten we niet dat je hier zelf een budget voor voorziet. Materiaal of financies kunnen ook geleverd worden door de mede organiserende partner. De effectieve realisatie zal voor jullie projectgroep een zeer motiverende factor zijn. Denk maar aan het moment waarop je een tentoonstelling effectief kan ophangen en het publiek ziet rondkijken. Wanneer de lezers van je brochure komen vertellen hoe interessant ze het vinden. Of je in de natuur rondloopt met de bolderkar met jullie educatieve koffer. 7
Tussentijdse voorstelling en slotpresentatie Tijdens de cursus geef je met je groepje een korte voorstelling van je project, met een stand van zaken. Wanneer wordt met de begeleiding en de vormingsconsulent op voorhand afgesproken. De laatste les sluiten we af met de korte presentaties van de finale projectwerken. Je test het uit Naast de korte presentatie, testen jullie op het einde van de cursus het product uit. Dit kan bijvoorbeeld een rondleiding in de zelfgemaakte tentoonstelling zijn, met een groep kinderen een educatieve koffer beleven, de resultaten van een onderzoek uit de brochure op terrein tonen,... Dit doe je voor het publiek waarvoor het bedoeld is of je kiest zelf een publiek. Nodig indien mogelijk een vertegenwoordiging van de lokale partner(s) uit en medecursisten. Naast het uittesten van je product oefen je tevens je gidsvaardigheden. Enkele van de deelnemers kun je aanspreken om feedback te geven. We reiken je een feedbacksysteem aan. Dit is niet als beoordeling maar als ondersteuning van het leertraject. Indienen van het projectwerk Na de presentatie en het testen dien je de finale projectfiche met logboek in bij de vormingsconsulent. Deze bezorgt je een feedbackdocument rond het verloop van het project. Dit document peilt naar de uitdagingen in de groep tijdens het uitwerken van het project, suggesties voor een andere of betere aanpak van het project, feedback over de uitvoering, problemen en je inzet. Dit feedbackdocument dien je in voor het feedbackgesprek. D. Andere opdrachten tijdens de cursus Wat kan je verwachten? Verslag maken van een excursie De excursies vormen een essentieel onderdeel van de opleiding. Van elke excursie maken we een verslag. Dit kan kort en krachtig, of uitgebreid, met of zonder foto s, filmpjes, blog,. De cursisten spreken onderling af wie verslag uitbrengt op een manier dat iedereen aan bod komt. Per excursie kunnen er meerdere verslaggevers zijn. De verslagen kunnen jullie uitwisselen via het leerplatform. Werken met de website Waarnemingen.be voor invoer van natuurwaarnemingen. Als je een waarnemingsverslag maakt van een excursie, voeg je ook enkele waarnemingen in op Waarnemingen.be. Drie opdrachten binnen de lessen methodiek o 1 observatie van een wandeling van een natuurgids buiten het kader van deze cursus natuurgids, aan de hand van een observatieformulier. Deze observatie bespreken we in de 1ste methodiekactiviteit. Observatieformulieren kunnen ook dienen voor jouw vervolmakingstraject. Dit tot maximum 2 observaties. o In de 3de en 5de methodiekactiviteit bereid je een klein onderdeel van een wandeling zelf voor als gids. Je krijgt hiervoor ondersteuning tijdens de activiteiten methodiek. E. Feedbackgesprek De vormingsconsulent organiseert samen met de lokale partner het feedbackgesprek. Volgende mensen kunnen aanwezig zijn: mentor, lokale partners en begeleiding van de cursus, methodieklesgever en begeleider van vervolmakingstraject. Op dit gesprek overlopen we jouw resultaten in functie van de vervolgmogelijkheden. De cursus is immers geen eindpunt, maar een stap in het levenslang leren rond natuur. 8
F. Getuigschrift Natuurgids Om dit getuigschrift te ontvangen: Ben je minstens op drie kwart van de lessen aanwezig maak je samen met andere cursisten een projectwerk neem je deel aan de opdrachten binnen de lessen en activiteiten sluiten we het cursusgebeuren af met een feedbackgesprek en blikken vooruit, Als je dit getuigschrift ontvangt, voegen we dit competentiedocument toe aan jouw OSCARonline portfolio. OSCAR-online is een online platform dat de competenties van vrijwilligers in het sociaalcultureel werk zichtbaar maakt. Het betreft een gemeenschappelijk initiatief van de overheden Cultuur en Jeugd. en zo komen we uit bij stap 2. V. Stap 2: Het vervolmakingstraject Een goede natuurgids word je door praktijkervaring en bijscholing. Zo kan jij je specialiseren in datgene wat jou het meeste boeit. Vervolmakingstraject, dat bestaat uit praktijktraining en bijkomende vorming. Op het leerplatform vind je het document om je acties voor dit vervolmakingstraject te noteren. Voor dit vervolmakingstraject geven we je de tijd tot twee jaar na einde van de cursus. Op het feedbackgesprek krijg je alvast heel wat interessant advies en richting om er met volle goesting in te stappen. A. Stageperiode Op het feedbackgesprek kijken we naar stagemogelijkheden en eventuele begeleiding. Daarvoor komen op de eerste plaats de organisatiepartners van de cursus in aanmerking zoals lokale gidsengroepen, Natuurpuntafdelingen, bezoekerscentra, of andere natuureducatieve organisaties. Je hebt je stageperiode goed doorlopen als je actief hebt deelgenomen aan minimum 10 educatieve activiteiten (gidsbeurten, workshops en begeleidingen). We bieden feedbackformulieren aan die jouw begeleider kan invullen. Deze stageperiode gaat in op de dag dat de cursus natuurgids start. Je mag al 5 van de 10 activiteiten doen vóór het feedbackgesprek. We behouden de ruimte om jou op het feedbackgesprek suggesties te geven voor jouw vervolmakingstraject. Als stagetraject suggereren we het volgende: Observatie van een ervaren natuurgids Meelopen en zelf op 1 of 2 stopplaatsen gidsen Zelf de gidsbeurt verzorgen, ondersteund door een ervaren gids Volledig zelfstandig gidsen. We raden je trouwens aan om alvast tijdens de cursus meerdere natuurgidsen te observeren, dit telt ineens mee voor de stage. 9
B. Bijkomende vorming Na deze cursus heb je een brede basis over natuur en milieu, en heb je basisvaardigheden rond het begeleiden van groepen opgedaan. Nu kan je je verder toeleggen op wat je echt boeit in een waaier van gespecialiseerde didactische of inhoudelijke bijscholing. Voorbeelden zijn: planten determineren, basiscursus paddenstoelen, natuurbeheer, gidsen van kinderen of van mensen met een beperking, erfgoed,.... We denken hier niet aan de opstartcursussen zoals Natuur-in-zicht of Natuur voor groentjes. Dit voor een pakket van 20 lesuren. Op het formulier mag je vormingen aangeven tot 2 jaar voor de start van de cursus Natuurgids. We behouden ook hier de mogelijkheid om je via het feedbackgesprek richting te geven. Daarom dien je 10 van de 20 lesuren te realiseren na het feedbackgesprek. C. badge Een officiële natuurgidsbadge uitgereikt door ontvang je als je na de cursus natuurgids ook het vervolmakingstraject doormaakt. Deze badges reiken we o.a. uit tijdens de Dag van de Natuureducatieve vrijwilliger. Om deze badge te ontvangen dien je bij jouw vormingsconsulent het formulier voor het vervolmakingstraject in alsook minimum 2 positieve feedbackformulieren over wandelingen die je zelfstandig begeleid hebt. VI. Samenwerking met Toerisme Vlaanderen i.f.v. erkend gids en reisleider is door Toerisme Vlaanderen erkend als opleidingsverstrekker in het raam van het cursustraject erkend gids en reisleider. Dit traject omvat 2 lesjaren. Ons traject tot het behalen van het natuurgidsbadge vormt binnen het tweede lesjaar de specialisatiemodule finaliteit natuur. Wie erkend toeristisch gids wil worden en zich wil specialiseren in het thema natuur, kan 2 trajecten volgen: Je volgt het eerste jaar van de opleiding erkend gids en reisleider bij een CVO (Centrum Voor Volwassenenonderwijs) of Syntra (middenstandsopleiding) die daarvoor door Toerisme Vlaanderen erkend zijn (kijk op www.toerismevlaanderen.be). Het tweede jaar volg je de cursus natuurgids en het vervolmakingstraject bij. Natuurpunt CVN is de enige erkende opleider voor deze specialisatie. De badge wordt door Toerisme Vlaanderen erkend zodat je nadien bij een CVO of Syntra jouw badge als toeristisch gids kan aanvragen. Je volgt een cursus natuurgids en het vervolmakingstraject en krijgt daarna zin om toeristisch natuurgids te worden? Dan kun je alsnog het eerste jaar van de opleiding gaan volgen. Er is geen verplichte volgtijdelijkheid tussen beide cursusjaren. Dit tweede specialisatiejaar finaliteit natuur omvat 240 lestijden. Deze behaal je via volgend traject. 10
30 lt Natuur-inzicht 170 lt = 90 lt cursus + 80 lt opdrachte n 40 lt praktijk en bijscholing 240 lt 30 lestijden via cursus Natuur-in-zicht 90 lestijden via Cursus natuurgids 80 lestijden voor het maken van de opdrachten waaronder het projectwerk + 40 lestijden: praktijktraining + bijscholing = 240 lestijden VII. Contactgegevens Zit je met vragen? Dan kan je steeds terecht bij de vaste cursusbegeleiding of je provinciale vormingsconsulent. De contactgegevens van de cursusbegeleiding krijg je in de cursus. Vormingsconsulent provincie Antwerpen: Joëlle Laes Appelmansstraat 12/6, 2018 Antwerpen t: 03 205 17 53, m: joelle.laes@cvn.natuurpunt.be Vormingsconsulent provincie Limburg: Sandra Bamps Appelmansstraat 12/6, 2018 Antwerpen, t: 03 205 15 57, m: sandra.bamps@cvn.natuurpunt.be Vormingsconsulent provincie Oost-Vlaanderen: Pieter Blondé Boskant 56, 9700 Oudenaarde t: 055 33 54 49, m: pieter.blonde@cvn.natuurpunt.be Vormingsconsulent provincie Vlaams-Brabant & Brussel: Iris Buedts Appelmansstraat 12/6, 2018 Antwerpen t: 03 205 17 58, m: iris.buedts@cvn.natuurpunt.be Vormingsconsulent provincie West-Vlaanderen: Anke Desender Beenhouwerstraat 7, 8000 Brugge t: 050 82 57 26, m: anke.desender@cvn.natuurpunt.be Of kijk op de website: www.cvn.natuurpunt.be VIII. Foto s tijdens de cursus Foto s genomen tijdens een cursusactiviteit kunnen gebruikt worden voor promotiedoeleinden. Wil je dit niet, geef dit tijdig aan bij de fotograaf alsook de vormingsconsulent of medewerker van. Neem je zelf foto s bij de cursusactiviteiten, vraag vooraf aan de groep of men akkoord is. Je mag je foto s steeds bezorgen aan de vormingsconsulent. Geef dan aan of we je naam al dan niet moeten vermelden bij gebruik. 11