Toespraak wethouder Andree van Es bij de Nationale Herdenking Nederlandse Slavernijverleden op vrijdag 1 juli 2011 bij het Slavernijmonument in het Oosterpark te Amsterdam. Excellenties, Dames en heren, Op 1 juli 1863 werd de slavernij in de toenmalige Nederlandse koloniën in de West afgeschaft.. In Suriname kregen op die 1 juli 1863 33.000 mensen de vrijheid; op de Nederlandse Antillen waren het er 12.000. Daarmee kwam een einde aan een periode van ruim 200 jaar slavernij. Vandaag zijn we, de veelkleurige nazaten van de mensen van toen, bij het Nationale Slavernijmonument in het Oosterpark in Amsterdam bijeen om dat feit te herdenken. Dit jaarlijkse ritueel biedt ons ruime gelegenheid tot reflectie en bewustwording. Tot onder ogen zien wat er is gebeurd en wat dat betekent. Sinds de afschaffing van de slavernij zijn er bijna 150 jaren verstreken. Honderdachtenveertig jaren. Ik hoor sommigen van u al denken: dat is lang geleden, en dat is ook zo. Wie oog heeft voor de 1
wijzen waarop traumatische gebeurtenissen zich in de mens zelf manifesteren, weet dat honderdachtenveertig jaren ook weer niet zo lang geleden is. Om met dat laatste te beginnen: Gert Oostindie zei in zijn rede bij de aanvaarding van het hoogleraarschap Caribische geschiedenis in 2007, dat het slavernijverleden in alle geledingen van de Nederlandse en Caribische samenleving doorklinkt. Of het nu om politiek, literatuur, religie, muziek of het discours van alledag betreft steeds tref je sporen van dat slavernijverleden aan. Om maar een voorbeeld te noemen: onze wereldberoemde Amsterdamse grachten hebben wij voor een deel te danken aan de winsten van de Amsterdamse kooplieden uit de slavenhandel. En ja, wie in de huidige samenleving om zich heen kijkt, ziet dat de gekleurde mens nog altijd op vele terreinen te kampen heeft met vooroordelen, racisme en discriminatie en de daarmee gepaard gaande minachting, sociale uitsluiting, armoede en onderdrukking. De eeuwenlange blootstelling hieraan heeft diepe sporen nagelaten: in de psyche, maar ook in onze maatschappelijke en sociale structuren. 2
De slavernij en het slavernijverleden zitten in de mens: bij zwart, maar ook bij wit. Daaraan denken vervult ons allen met schaamte. Honderdachtenveertig jaren geleden is blijkbaar nog niet zo lang geleden. Voor de verwerking van het gezamenlijke slavernijverleden is het belangrijk dat er brede erkenning is van de misdaad van de slavernij en de pijn die het heeft veroorzaakt tot op de dag van vandaag. Daarvoor is nodig dat het verhaal van de slavernij en de gevolgen daarvan, wordt verteld. Niet één keer, maar steeds weer opnieuw, want de onwetendheid hierover is vaak nog verbazingwekkend groot. Meer kennis over het Nederlandse slavernijverleden in de kolonies in de West en de wijzen waarop dat verleden doorwerkt in het heden is daarom nodig en dat wordt onder leiding van het NINSEE op verschillende manieren voorbeeldig ter hand genomen. Maar ook scholen moeten hieraan aandacht schenken. Voor onze kinderen die samen Amsterdam zullen dragen is het essentieel deze geschiedenis te kennen en dat geldt net zozeer voor hun ouders. Het is zaak dat er gesproken wordt over al die zaken 3
waar nu over gezwegen wordt: huidskleur, discriminatie, ongelijkwaardigheid, uitsluiting en achterstelling. - Gesproken wordt over het bespottelijke voorstel om mensen tot in de derde generatie als allochtoon te registreren. Onaanvaardbaar. In Amsterdam zal dat nooit gebeuren. - Alleen dan kan je als gemeenschap de wonden van het verleden helen. Aandacht voor het slavernijverleden, erkenning van de manieren waarop dit verleden in het heden doorwerkt is echter maar één kant van de medaille. Honderdachtenveertig jaar geleden werd de slavernij afgeschaft. Er zijn in al die jaren gelukkig heel veel stappen gezet door zwart én door wit. Er zijn nu dingen mogelijk, die honderdachtenveertig jaar geleden niet voorstelbaar waren. De emancipatie van de zwarte mens, die met een enorm doorzettingsvermogen door zwarte mannen en vrouwen ter hand is genomen, is een feit. Zwarte artsen, economen, onderwijzers, verpleegsters en doktoren wie kijkt daar nog van op? Kijk naar de veelkleurigheid van dit publiek dat zegt toch wel iets over de onderlinge relaties tussen zwart en wit. We zijn samen, en we moeten het samen doen. 4
Aan het eind van het boek van Colet van der Ven Slagschaduwen over de doorwerking van slavernij en kolonisatie in het huidige Curaçao, zegt Glenn Helberg, voorzitter van het OCAN: de Amerikaanse acteur Bill Cosby heeft eens gezegd: nu alle segregatiewetten zijn afgeschaft en we vrij kunnen gaan en staan waar we willen moeten we ophouden met de slachtofferrol te spelen en ons richten op de toekomst. Waarvan akte (einde citaat). Dat is een wijs woord voor ons allen in deze tijd, die doorzettingsvermogen en saamhorigheid van ons allen vraagt. We zijn nu vrij. De ketenen zijn verbroken. Keti Koti. Kadena a wordu kibrá. 5