Elleboogprothese Elleboogprothese
Inhoud Elleboogprothese, december 2015 3 Inleiding 4 De elleboogprothese 4 Waarom een prothese? 6 Soorten protheses 7 De operatie 7 Voorbereiden 8 De ingreep uitgelegd 9 Mogelijke complicaties 10 Het herstel 10 Herstel in het ziekenhuis 12 Weer thuis 13 Lange termijn 14 Meer informatie 14 Relevante adressen 15 Woordenlijst Inleiding U heeft veel last van uw elleboog. U heeft pijn en u kunt uw elleboog moeilijk bewegen. Uw arts heeft voorgesteld uw ellebooggewricht te vervangen door een kunstgewricht: de elleboogprothese. Hiervoor is een operatie nodig. Misschien wilt u meer weten over deze operatie voordat u een besluit neemt. U vindt hier informatie over de elleboogprothese, de operatie en wat u bij het herstel kunt verwachten. Ook vindt u adressen van organisaties waar u meer informatie kunt krijgen. Houdt u er rekening mee dat de situatie voor iedereen anders is. Ook kan de precieze procedure per ziekenhuis verschillen. 2 3
Bovenarm De elleboogprothese Gewricht Spaakbeen Waarom een prothese? De belangrijkste reden voor het plaatsen van een elleboogprothese is het wegnemen van de pijn. Uw elleboog is zodanig beschadigd dat u veel pijn heeft. U kunt uw elleboog ook niet meer goed bewegen. Het ellebooggewricht De elleboog is het gewricht tussen de boven- en onderarm. Er zijn 3 botstukken bij de elleboog betrokken: Ellebooggewricht Ellepijp De bovenarm (humerus) De ellepijp in de onderarm (ulna) Het spaakbeen in de onderarm (radius) Eigenlijk bestaat het ellebooggewricht uit 3 gewrichten in 1: het gewricht tussen bovenarm en ellepijp, het gewricht tussen bovenarm en spaakbeen en het gewricht tussen spaakbeen en ellepijp. Kraakbeen aangetast Het kraakbeen van uw ellebooggewricht verdwijnt langzaam. Daardoor wordt uw elleboog stijf en minder beweeglijk. Als uw kraakbeen is aangetast, is het gewrichtsoppervlak ruw in plaats van glad. Ook kan uw kraakbeen volledig verdwijnen. Dan bewegen de ruwe botoppervlakken tegen elkaar. Uw pijnlijke en stijve gewricht kraakt als u beweegt. Pijn wegnemen Soms zijn pijnklachten aan het ellebooggewricht zo ernstig dat pijnstillers niet meer voldoende werken. De orthopedisch chirurg kan dan besluiten om het beschadigde gewricht te vervangen door een kunstgewricht: een elleboogprothese. De belangrijkste reden voor deze operatie is het wegnemen van de pijn. Uw pijnklachten zijn na de operatie vrijwel helemaal verdwenen. Wel voelt u hiervoor in de plaats een andere pijn. Deze pijn wordt geleidelijk minder, maar kan tot een jaar na de operatie aanhouden. 4 5
Soorten protheses Onderdelen Een elleboogprothese bestaat uit 2 onderdelen: een bovenarmdeel en een ellepijpdeel. Deze 2 onderdelen scharnieren ten opzichte van elkaar. In het spaakbeen komt geen protheseonderdeel. Meestal zet de orthopedisch chirurg de prothese met botcement vast in het bot. U kunt in principe pijnloos bewegen met een elleboogprothese. Modellen Er zijn verschillende modellen elleboogprotheses. De chirurg kiest het model dat voor u het meest geschikt is en bespreekt dit met u. Bovenarm De operatie Voorbereiden Het is belangrijk dat u weet wat er allemaal komt kijken bij het plaatsen van een elleboogprothese. Uw vragen kunt u stellen aan de orthopedisch chirurg. Vraag ook om informatie over anesthesie. Elleboogprothese Prothese Spaakbeen Ellepijp Praat met de chirurg Het is belangrijk dat u alles wat te maken heeft met de operatie goed begrijpt. Pas dan kunt u toestemming geven voor de operatie. Bespreek van tevoren uw vragen en zorgen met de orthopedisch chirurg die de operatie gaat uitvoeren. Vragen stellen U kunt de volgende vragen stellen aan de orthopedisch chirurg: Waarom is deze operatie nodig? Hoe bereid ik mij voor op de operatie? Wat wordt er tijdens de operatie gedaan? Welke problemen kunnen tijdens en na de operatie ontstaan? Wat staat mij te wachten na de operatie? Wanneer mag ik naar huis? Wat staat mij te wachten in de herstelfase direct na de operatie? Wat kan ik op langere termijn verwachten? Wat mag ik wel en wat niet na de operatie? Welk resultaat mag ik van deze operatie verwachten? 6 7
Overleg met uw arts of u tijdelijk moet stoppen met bepaalde medicijnen, bijvoorbeeld NSAID s, bloedverdunners of DMARD s. Meestal stopt u vlak voor de operatie met uw medicijnen. Folder anesthesie Vraag in het ziekenhuis naar een folder over anesthesie. Daarin staat hoe u zich voorbereidt op de operatie. U leest over onderwerpen als nuchter zijn voor de operatie (vanaf middernacht niet meer eten en drinken op de dag van de operatie), het verwijderen van make-up, sieraden en uw kunstgebit, en of u tijdelijk met medicijnen moet stoppen. De ingreep uitgelegd De orthopedisch chirurg maakt een opening aan de achterkant van uw elleboog. Vervolgens vervangt hij uw beschadigde gewricht door een kunstgewricht. Na de operatie krijgt u een drukverband. Opname U wordt een dag voor de operatie opgenomen in het ziekenhuis. De operatie Tijdens de operatie ligt u op uw zij. De arm die geopereerd wordt ligt op een steun. Bij de operatie maakt de orthopedisch chirurg een verticale snee over de achterkant van uw elleboog. U krijgt dus een litteken aan de achterkant van uw elleboog. De chirurg vervangt uw beschadigde gewricht door een elleboogprothese. Om de bloeduitstorting na de operatie te verminderen, krijgt u een slangetje in de wond dat wondvocht afvoert. Deze drain blijft een paar dagen zitten. Daarna hecht de chirurg de opening dicht. Na de operatie krijgt u een stevig drukverband om zwelling van uw onderarm te voorkomen. Duur De operatie duurt ongeveer 2 uur. Mogelijke complicaties U kunt tijdelijk last hebben van een beschadigde zenuw in uw elleboog. Ook komt het soms voor dat de prothese los gaan zitten. Verder gelden dezelfde risico s als bij andere operaties. Nervus ulnaris Er loopt een zenuw heel dicht langs de elleboog, bij het telefoonknobbeltje. Die zenuw heet nervus ulnaris. Door de operatie kan deze beschadigd raken. Na de operatie heeft u dan tintelingen of een doof gevoel in uw pink en ringvinger. Na verloop van tijd nemen deze klachten meestal af. Loslating Soms gaat de prothese loszitten, bijvoorbeeld door een infectie. Dan is een nieuwe operatie noodzakelijk. U kunt dit voorkomen door uit voorzorg antibiotica te nemen. Doe dit bijvoorbeeld als u een onderzoek of ingreep moet ondergaan aan uw darmen, urinewegen of mondholte. Meld dan altijd aan uw arts dat u een prothese heeft. Risico s bij elke operatie Verder gelden dezelfde risico s als bij andere operaties: Wondinfectie. De kans hierop is klein. Een wondinfectie is meestal na 5 dagen zichtbaar. De wond is dan rood en pijnlijk en uw temperatuur is verhoogd. Behandeling bestaat uit rust en antibiotica. Soms is een operatie nodig om pus te verwijderen. Dit voorkomt een infectie van uw elleboog. Wordt de wond roder en pijnlijker, neem dan direct contact op met uw huisarts of specialist. Lukt dit niet, dan kunt u de spoedarts van het ziekenhuis bellen. Nabloeding. De kans dat de wond nabloedt is de eerste 24 uur het grootst. Voor de eerste dagen heeft u een drukverband gekregen. Meestal is een tweede operatie niet noodzakelijk. Wel kunt u bij een nabloeding een bloedtransfusie krijgen om het bloedtekort aan te vullen. Trombose. Alle langdurige operaties verhogen de kans op trombose. Om dit te voorkomen krijgt u vanaf de dag van de operatie bloedverdunnende medicijnen in de vorm van tabletten of injecties. Het kan nodig zijn dat u deze thuis nog een aantal weken gebruikt. De trombosedienst legt u uit hoe u deze medicijnen gebruikt en welke dosering u nodig heeft. 8 9
Verzorging Meestal kunt u de dag na de operatie al uit bed. U kunt uzelf dan wassen bij de wastafel. Zo nodig krijgt u hulp van de verpleegkundige. Een ergotherapeut, fysiotherapeut of verpleegkundige geeft u advies over het uitvoeren van uw dagelijkse bezigheden met één hand. Het herstel Herstel in het ziekenhuis Na de operatie blijft u ongeveer een week in het ziekenhuis. De eerste dagen zit er een drukverband om de wond. Een nachtspalk geeft extra steun. Na 4 tot 6 dagen mag u gaan oefenen met uw arm. Drukverband en nachtspalk Na de operatie krijgt u een drukverband en een nachtspalk. Het drukverband blijft een paar dagen zitten. Daarna krijgt u een pleister op de wond. De spalk voor de nacht draagt u de eerste 6 weken na de operatie voor extra steun. Vlak na de operatie kunt u beter geen onverwachte bewegingen maken. Wond De wond zit aan de achterkant van uw elleboog. In de wond zit een drain. Deze blijft een paar dagen zitten, afhankelijk van de hoeveelheid wondvocht. Uw hechtingen blijven 2 tot 3 weken zitten. Ze worden verwijderd door een medewerker van de polikliniek of door uw huisarts. Medicijnen Direct na de operatie kunt u uw medicijnen weer innemen. Doe dit in overleg met uw arts. Zo nodig past hij de pijnstilling aan. Pijn De gewrichtspijn die u voor de operatie had is voor een groot deel verdwenen. Wel kunt u nog pijn hebben aan de wond en aan uw spieren. Deze pijn verdwijnt na verloop van tijd. Pijnstilling krijgt u via het infuus. Dit kunt u zelf toedienen door op een pompje te drukken. Het is ook mogelijk dat u pijnstilling krijgt van de verpleegkundige. Oefentherapie Na 4 tot 6 dagen wordt het drukverband van uw elleboog verwijderd. U kunt dan gaan oefenen met de fysiotherapeut. U of uw fysiotherapeut buigt en strekt uw elleboog, voor zover dat geen pijn doet. Ook oefent u met het draaien van uw onderarm. Vanaf de eerste oefendag mag u zelfstandig oefenen om de beweeglijkheid van uw elleboog te vergroten. Door te oefenen maakt u ook uw spieren sterker. Al na een paar dagen kunt u uw elleboog vrij goed bewegen. Alleen volledig strekken en buigen is niet mogelijk. Voorzichtig belasten De elleboogprothese is geplaatst in de dunne pijpbeenderen van uw onder- en bovenarm. Grote krachten hierop kunnen ervoor zorgen dat de prothese loslaat. Pas daarom op met het dragen van zware spullen en het trekken en duwen van zware lasten. Belast uw elleboogprothese met niet meer dan 2 kilogram. Naar huis Vragen over uw dagelijkse activiteiten en werkzaamheden kunt u tijdens uw opname bespreken met de ergotherapeut of verpleegkundige. U mag naar huis wanneer u uw elleboog goed kunt buigen en strekken. Meestal is dit na een week. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u mee: Een spalk voor de nacht Een afspraak op de polikliniek Een recept voor medicijnen 10 11
Eventueel kunt u meekrijgen: Een afspraak met de trombosedienst Een recept voor verbandmiddelen Een overdracht voor de thuiszorg of het verpleeghuis Een aanvraag voor fysiotherapie of ergotherapie Weer thuis Wanneer u weer thuis bent na de operatie kunt u stukje bij beetje uw dagelijkse bezigheden weer oppakken. Houd er rekening mee dat u een elleboogprothese niet zwaar kunt belasten. Pas ook op met infecties in uw lichaam. Kans op infectie Elk kunstgewricht kan gemakkelijk geïnfecteerd raken. De kans hierop is groter als u een wond heeft of een infectie ergens anders in uw lichaam. Neem daarom direct contact op met uw huisarts als u koorts heeft. Doe dit ook bij bijvoorbeeld een ontsteking aan uw blaas, gebit, keel of nagelriemen, wonden waar pus uit komt of steenpuisten. Bij een infectie krijgt u antibiotica. Eerst via een infuus, daarna in tabletvorm. Lichamelijke verzorging Bij het douchen mag de wond nat worden. Het is handig om na het douchen weer een verband aan te brengen. De hechtingen blijven dan niet vastzitten aan uw kleding. Vervang het verband als het nat is geworden. Lichaamsbeweging De nachtspalk mag af als uw arts hiervoor toestemming geeft. U gaat door met de oefeningen voor uw elleboog. Kunt u nog niet voldoende bewegen, dan kunt u doorgaan met behandeling door een fysiotherapeut. Dagelijks leven Er zijn enkele punten waarop u moet letten bij uw dagelijkse bezigheden: U kunt uw arm gewoon gebruiken, maar belast hem niet zwaarder dan ongeveer 2 kilo Beoefen geen sport waarbij u kracht zet met uw armen, bijvoorbeeld tennis, badminton of handbal. Meld bij elke andere medische ingreep die u moet ondergaan dat u een prothese heeft, bijvoorbeeld ook bij een tandheelkundige ingreep Als er kans is op een infectie is het belangrijk dat u antibiotica gebruikt, bijvoorbeeld bij een volgende operatie Goede hygiëne is belangrijk Heel soms kan het gebeuren dat uw elleboog uit de kom raakt. Dit heeft meestal te maken met overbelasting of een verkeerde beweging. Neem dan direct contact op met uw orthopedisch chirurg. Werk U kunt weer aan het werk in overleg met uw arts of bedrijfsarts. Lange termijn Resultaten Met een elleboogprothese kunt u uw elleboog niet meer helemaal strekken. Maar dit beperkt u niet erg in uw dagelijkse bezigheden. Het is belangrijker dat u uw elleboog voldoende kunt buigen. Levensduur Elleboogprotheses gaan 10 tot 15 jaar mee. Vaak is dan een tweede operatie nodig. Zo n operatie heet een revisieoperatie. Hoe lang u met een prothese doet, hangt af van verschillende factoren: uw dagelijkse activiteiten, overbelasting en slijtage van de prothese. 12 13
Woordenlijst Meer informatie Relevante adressen Reumafonds Telefoon: 020 589 64 64 Website: www.reumafonds.nl Reumalijn U kunt bij de Reumalijn uw vraag stellen zoals u wilt. Bel 0900 20 30 300 (3 cent p.m.), bereikbaar op werkdagen tussen 09.00 en 12.00 uur. Help mee Het Reumafonds is er voor mensen met reuma. Wij vinden het belangrijk om goede voorlichting te geven. Dit voorlichtingsmateriaal is mogelijk gemaakt door mensen die het Reumafonds een warm hart toedragen. Wij krijgen geen subsidie van de overheid. Wilt u ook helpen in de strijd tegen reuma? Alle giften, groot en klein, zijn welkom. Bankrekening NL 86 RABO 0123040000, Reumafonds Amsterdam. Anesthesie De manier waarop u wordt verdoofd tijdens de operatie. Die kan volledig (narcose) of plaatselijk zijn. Antibiotica Medicijn tegen bacteriën. Botcement Wordt gebruikt als vulmiddel om een kunstgewricht mee vast te zetten. Is meestal een kunststof. DMARD Afkorting voor Disease-Modifying Anti Rheumatic Drug. Ook wel ontstekingsremmer genoemd. Dit medicijn remt chronische reumatische ontstekingen. Het helpt de schade te beperken en de pijn te verminderen. Drain Buisje waardoor (wond-)vocht, bloed of pus kan worden afgevoerd. Ergotherapeut Een therapeut die onderzoekt en adviseert welke oefeningen en hulpmiddelen u in het dagelijks leven kunt toepassen om klachten te verminderen. Infectie Besmetting door bepaalde ziekteverwekkers die het lichaam binnendringen en zich vermenigvuldigen. Voorbeelden zijn bacteriën en virussen. Kraakbeen Veerkrachtig weefsel dat goed bestand is tegen druk. Kraakbeen komt niet alleen voor in gewrichten, maar ook in oorschelpen, neus en luchtpijp. NSAID Afkorting van Non Steroidal Anti-Inflammatory Drug. Dit zijn medicijnen die de verschijnselen van een ontsteking verlichten en pijn en stijfheid verminderen. Orthopedisch chirurg Specialist die afwijkingen van het steun- en bewegingsapparaat (botten, spieren, pezen en gewrichten) behandelt. Wordt ook wel orthopeed genoemd. Pus Geelgroen vocht dat ontstaat bij ontstekingen. Het bestaat uit afgestorven cellen, bacteriën en witte bloedcellen. Trombose Bloedvatverstopping veroorzaakt door een stolsel aan de wand van het bloedvat. Ulna Een bot in de onderarm aan de zijde van de pink. Wordt ook wel ellepijp genoemd. De harde botstructuur aan de achterzijde van de elleboog is onderdeel van het bovenste deel van de ellepijp. 14 15
Colofon Elleboogprothese, december 2015 Coördinatie Afdeling Voorlichting en Informatie, Reumafonds, Amsterdam. Tekst De teksten in deze brochure zijn tot stand gekomen onder eindverantwoordelijkheid van de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie, de Nederlandse Health Professionals in de Reumatologie en het Reumafonds. Bij het samenstellen van de teksten zijn diverse deskundigen (referenten) betrokken, die een ruime ervaring hebben met de behandeling en begeleiding van patiënten met reumatische aandoeningen. Ook patiënten hebben een inhoudelijke bijdrage geleverd. Productiebegeleiding pure brand productions Illustraties Paul Maasillustratie, Tilburg Deze brochure wordt uitgegeven door de Stichting Nationaal Reumafonds (afgekort tot Reumafonds). Hierin zijn vertegenwoordigd de patiëntenorganisaties en de organisaties van de behandelaars. Niets van deze uitgave mag vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden, in welke vorm dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de afdeling Voorlichting en Informatie van het Reumafonds in Amsterdam. 2015 Reumafonds, Amsterdam De inhoud van deze brochure kunt u ook lezen of downloaden op www.reumafonds.nl/patienten. U bent dan verzekerd van de meest recente informatie. Voor vragen kunt u terecht bij de Reumalijn, T 0900 20 30 300 (3 cent p.m.). 16 17
524.dec15 Meer informatie Reumafonds Postbus 59091 1040 KB Amsterdam t 020 589 64 64 f 020 589 64 44 info@reumafonds.nl www.reumafonds.nl Reumalijn Voor al uw vragen over reuma t 0900-2030300 (3 cent p.m.), maandag t/m vrijdag van 09.00 tot 12.00 uur. info@reumalijn.nl ANBI erkend