Totale schouderprothese Afdeling orthopedie mca.nl
Inhoudsopgave Wat is een totale schouderprothese? 3 Waarom is een totale schouderprothese nodig? 3 Voorbereiding op opname en operatie 5 De dag van de operatie 6 Na de operatie 7 Complicaties 8 Controle 9 Revalidatie en herstel 10 Antibiotica uit voorzorg 10 Uw vragen 10 Schrijf hier uw vragen op 11 Colofon Redactie: afdeling orthopedie afdeling communicatie Lay-out: vormgeving MCA Druk: Ricoh Artikelnummer: 177781 / 2015.05 Op alle behandelingen in MCA zijn de algemene voorwaarden van MCA van toepassing, zie www.mca.nl of vraag bij de balie van patiëntenvoorlichting. 2
In overleg met uw orthopedisch chirurg krijgt u binnenkort in Medisch Centrum Alkmaar (MCA) een nieuwe schouder, oftewel een totale schouderprothese. Een totale schouderprothese is een ingrijpende operatie. Ook het herstel vraagt veel wilskracht en inspanning. Niet alleen van uzelf, maar ook van uw omgeving. In deze folder vindt u uitleg over de ingreep, zodat u zich goed op de operatie en uw herstel kunt voorbereiden. Wat is een totale schouderprothese? Een totale schouderprothese is een kunstgewricht dat bestaat uit een kom en een kop met een steel. De prothese is gemaakt van hoogwaardig metaal. Afhankelijk van onder andere de kwaliteit van uw botweefsel, krijgt u een: ongecementeerde prothese: deze klemt zich vast in het bot van de kom en de bovenarm, het botweefsel groeit vast op het ruwe oppervlak van de prothese gecementeerde prothese: de prothese wordt met botcement vastgezet in het bot van de kom en de bovenarm Uw orthopedisch chirurg bespreekt met u welke prothese in uw geval het beste is. Waarom is een totale schouderprothese nodig? De schouder De schouder is een kogelgewricht. Bij het bewegen van de arm glijdt de kop van de bovenarm soepel rond in de komvormige uitsparing in het schouderblad. Het laagje kraakbeen op de kop en in de kom maakt dit mogelijk. Kraakbeen is glad en verend weefsel. Slijtage De kwaliteit van het kraakbeen kan door slijtage minder worden. Het kraakbeen kan dan beschadigd raken of zelfs helemaal verdwijnen. De medische term voor een versleten schoudergewricht is omarthrose. Omdat de botten van het gewricht bij slijtage over elkaar heen schuren, kan het gewricht minder goed bewegen en raakt het geïrriteerd. Dit veroorzaakt pijn. Deze klachten kunnen in 3
Totale schouderprothese het beginstadium vaak behandeld worden met pijnstillers, fysiotherapie en/of injecties. Als u hier onvoldoende of geen baat (meer) bij heeft, kunt u in overleg met uw orthopedisch chirurg een operatie overwegen. Wanneer is een totale schouderprothese mogelijk? Het schoudergewricht wordt door pezen, banden en een gordel van 4 spieren op zijn plaats gehouden. Deze 4 spieren worden gezamenlijk de rotatorcuff genoemd. Een belangrijke voorwaarde voor een totale schouderprothese is dat de rotatorcuff nog voldoende stabiliteit aan uw schouder geeft. Voor- en achteraanzicht van de schouder Omgekeerde schouderprothese Als de rotatorcuff onvoldoende steun biedt, kan eventueel een omgekeerde (reverse) schouderprothese geplaatst worden. Deze prothese vervangt niet alleen uw schoudergewricht, maar neemt ook een deel van de functie van de rotatorcuff over. Uw orthopedisch chirurg bespreekt dit van tevoren met u. 4
Voorbereiding op opname en operatie Schouderprothese Anesthesie U heeft tijdens uw afspraak met de orthopedisch chirurg op de polikliniek in overleg besloten tot een operatie. Uw orthopedisch chirurg zet u dan op de wachtlijst. U gaat vervolgens meteen langs de polikliniek anesthesiologie voor een gesprek met de anesthesioloog. Dit is een specialist die verantwoordelijk is voor de verdoving (anesthesie) tijdens de operatie. De anesthesioloog bespreekt met u welke vorm van verdoving in uw geval het beste is. Het is zeer waarschijnlijk dat u algehele anesthesie (narcose) en een zenuwblokkade van de schouder krijgt. Een zenuwblokkade is extra plaatselijke verdoving van de schouder. U krijgt op de polikliniek anesthesiologie de folder Goed voorbereid op uw operatie mee. Omgekeerde (reverse) schouderprothese Afdeling opname Meteen na het gesprek met de anesthesioloog gaat u naar de afdeling opname. Daar krijgt u een indicatie van de wachttijd. Zodra bekend is wanneer u geopereerd wordt, geeft de afdeling opname de datum telefonisch aan u door. U wordt 2 tot 3 dagen opgenomen. 5
Totale schouderprothese Op de dag vóór uw operatie belt u s ochtends zelf naar de afdeling opname voor het definitieve tijdstip van uw operatie. Valt uw operatie op maandag? Dan belt u op vrijdag. U krijgt verder een brief thuisgestuurd met afspraken voor een: gesprek met de apothekersassistent van MCA (FOG-gesprek) opnamegesprek met de verpleegkundige (PAS-gesprek) Wat neemt u mee naar het ziekenhuis? U neemt het volgende mee: opnameformulieren legitimatiebewijs afsprakenkaart met een actueel registratie-etiket uw zorgverzekeringspas alle medicijnen (met verpakking) die u thuis gebruikt een badjas en slippers of stevige schoenen makkelijk zittende kleding extra ondergoed iets om te lezen Wij adviseren u om kostbaarheden als sieraden thuis te laten. Het ziekenhuis is bij verlies of diefstal namelijk niet aansprakelijk. De dag van de operatie U kunt zich op de afgesproken tijd melden bij de portier bij de hoofdingang van MCA. De portier wijst u de weg naar de verpleegafdeling EOK 240. Dit is de kamer/afdeling voor geplande operatiepatiënten. U wordt daar opgevangen door een verpleegkundige die u na een kort opnamegesprek op de operatie voorbereidt: ze wijst u uw bed u krijgt een operatiehemd aan ze meet uw bloeddruk en temperatuur ze tekent de schouder af die geopereerd wordt u krijgt een injectie om trombose te voorkomen u krijgt een capsule waar u wat slaperig van wordt en 2 tabletten paracetamol voor pijnbestrijding (premedicatie) ze vult samen met u een checklist in Verder wordt er zo nodig nog bloed bij u geprikt. Vraag gerust als iets niet duidelijk is U krijgt met veel verschillende zorgverleners te maken: verpleegkundigen, de fysiotherapeut, de voedingsassistente, de orthopedisch chirurg en medewerkers van het 6
laboratorium. Het zal niet meevallen om ze uit elkaar te houden of te onthouden wat ze vertellen. Aarzelt u niet om iemand naar zijn naam en functie te vragen. En spreek gerust een verpleegkundige aan als u vragen heeft of als u zich ergens zorgen over maakt. De operatie U wordt geopereerd op de operatieafdeling. Vlak voor de operatie brengt de verpleegkundige u naar de holding. Dit is de voorbereidingsruimte waar u verder op de operatie wordt voorbereid. Uw persoonlijke en medische gegevens worden gecontroleerd en u krijgt een extra deken. De medewerkers van de operatiekamer komen u vanuit deze ruimte ophalen. De anesthesioloog bereidt u voor op de operatie. U wordt vervolgens geopereerd door de orthopedisch chirurg. De operatie duurt 1½ tot 2 uur. Na de operatie Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer gebracht. Op de wond zit een pleister. Het kan zijn dat u een drain (dun slangetje) heeft voor de afvoer van bloed en wondvocht. Verder heeft u een mitella (draagdoek) om uw geopereerde arm/schouder. De mitella ondersteunt uw arm en geeft uw schouder rust. In uw andere arm heeft u een infuus. Als alles goed gaat, brengen een verpleegkundige en een medewerker van patiëntenvervoer u een paar uur na de ingreep naar de verpleegafdeling orthopedie. Oefeningen voor uw schouder Onder begeleiding van de fysiotherapeut start u al tijdens uw opname met oefeningen voor uw schouder. Uw orthopedisch chirurg maakt een oefenprogramma voor u. Welk programma u volgt, is onder andere afhankelijk van het verloop van de operatie en het type prothese dat u krijgt. Na uw ontslag doet u deze oefeningen onder begeleiding van een fysiotherapeut bij u in de buurt. U krijgt bij uw ontslag een verwijzing en het oefenprogramma mee. Ontslag Als de zaalarts en de fysiotherapeut dit verantwoord vinden, mag u na 2 tot 3 dagen naar huis. Mede omdat u de eerste weken dag en nacht een mitella moet dragen, heeft u thuis nog hulp nodig. Bent u op uzelf aangewezen en kunt u niet genoeg hulp regelen? Dan wordt u in overleg zo nodig tijdelijk in een 7
Totale schouderprothese verpleeg- of verzorgingshuis opgenomen. De verpleegkundige bespreekt dit tijdens het opnamegesprek met u en bereidt de aanvraag van deze nazorg zo nodig voor. Onder begeleiding naar huis Houdt u er rekening mee dat u niet zelfstandig naar huis kunt. Vraag daarom of een naaste of mantelzorger u in het ziekenhuis ophaalt en naar huis begeleidt. Hechtingen Uw huisarts verwijdert na 10 tot 14 dagen de hechtingen. Deze afspraak wordt in het ziekenhuis voor u gemaakt. Leefregels voor thuis Voor goed herstel is het belangrijk dat u de volgende leefregels goed opvolgt: draag de mitella altijd, ook s nachts volg het oefenschema voor uw schouder onder begeleiding van fysiotherapeut bij u in de buurt u mag niet zwaar tillen: niets wat zwaarder is dan bijvoorbeeld een kopje koffie vraag zo nodig om extra hulp: uw huisarts kan u hierover adviseren doe de eerste 6 maanden geen contactsporten Complicaties De operatie en de herstelperiode verlopen meestal zonder problemen. De kans is dus niet groot, maar houdt u er rekening mee dat (een van) de volgende complicaties kunnen optreden. Infectie van de geopereerde schouder: dit kan rond de operatie optreden, maar ook nog in de jaren erna. Bijvoorbeeld als een infectie op een andere plaats in het lichaam zich naar de schouderprothese verplaatst. Om een infectie te voorkomen, krijgt u tijdens de operatie antibiotica toegediend. Trombose: bij trombose ontstaat een bloedstolsel in een ader of slagader. Een stolsel in een slagader veroorzaakt een verminderde bloedtoevoer naar de achterliggende weefsels. Een stolsel in een ader veroorzaakt een verminderde afvoer van bloed. Hierdoor wordt het been dik. Om trombose te voorkomen, krijgt u tijdens uw opname injecties met het bloedverdunnende medicijn fraxiparine. Omdat u na uw ontslag weer meer in beweging bent, zijn deze injecties thuis niet langer nodig. Zenuwbeschadiging: door rek of druk 8
op een zenuw kunt u tijdens of vlak na de operatie uitvalsverschijnselen krijgen. Dit gaat meestal vanzelf weer over. Uw revalidatie kan daardoor wel iets langer duren. Een nabloeding in het operatiegebied: dit kan meteen of enkele dagen na de operatie optreden. Uw revalidatie kan daardoor wat langer duren. Luxatie: bij een luxatie schiet de kop van de prothese uit de kom. Als u zich aan de richtlijnen van de fysiotherapeut en verpleegkundige houdt, is de kans op een luxatie klein. verpleegafdeling orthopedie, telefoon 072-548 25 60 Krijgt u een week na ontslag (een van) deze klachten? Neem dan contact op met uw huisarts. Wees voorzichtig met uw schouderprothese Het is belangrijk dat u de eerste periode extra voorzichtig bent met uw schouderprothese. Houdt u zich daarom goed aan de leefregels van de fysiotherapeut. Ook daarna is het belangrijk dat u voorzichtig blijft. Het is en blijft immers een kunstgewricht. Wanneer waarschuwt u het ziekenhuis? Krijgt u binnen een week na uw ontslag (een van) de volgende klachten, waarschuw dan de polikliniek of verpleegafdeling orthopedie: als de wond dik, warm en/of rood wordt als de wond gaat lekken als uw schouder meer pijn gaat doen bij meer dan 38,5 C koorts dik glanzend onderbeen Telefoonnummers polikliniek orthopedie, op werkdagen van 08.30 tot 16.30 uur, telefoon 072-548 25 00 Controle U heeft 6 weken na de operatie op de polikliniek een controleafspraak met uw orthopedisch chirurg. U krijgt deze afspraak bij uw ontslag mee. Ongeveer een half uur voor deze afspraak laat u op de afdeling radiologie (huisnummer 131) een röntgenfoto van uw schouder maken. U krijgt bij uw ontslag een aanvraagformulier mee. De orthopedisch chirurg bepaalt wanneer u voor de tweede controleafspraak komt. 9
Totale schouderprothese Revalidatie en herstel Na de operatie volgt een periode van revalidatie en herstel. Onder begeleiding van uw eigen fysiotherapeut volgt u het oefenprogramma dat u in het ziekenhuis gekregen heeft. Deze oefeningen zijn belangrijk voor het functioneren van uw nieuwe schoudergewricht. De fysiotherapeut komt de eerste 14 dagen bij u thuis. Oefeningen thuis Verder doet u 3 keer per dag 10 keer de hand- en elleboogoefeningen die u in het ziekenhuis van de fysiotherapeut heeft geleerd. bij een ingegroeide teennagel, steenpuist of wondroos Heeft u een van deze aandoeningen of krijgt u een van deze behandelingen? Geef dan meteen aan uw huisarts, specialist of tandarts door dat u een schouderprothese heeft en uit voorzorg antibiotica nodig heeft. U krijgt hiervoor bij uw ontslag een kaartje mee. Op dit kaartje staat de website waar uw zorgverlener kan zien welke antibiotica u nodig heeft: www.mca.nl/ antibioticaprofylaxe. Draag dit kaartje altijd bij u. In uw portemonnee of bij uw afsprakenkaart bijvoorbeeld. Antibiotica uit voorzorg Het kan zijn dat uw schouderprothese geïnfecteerd raakt, ook jaren later nog. Om dit te voorkomen, is het belangrijk dat u bij bepaalde behandelingen en ziektes van tevoren antibiotica inneemt. Onder andere bij: trekken van een kies of tand wortelkanaalbehandeling inzetten van een implantaat openmaken van een zweer operatie van maagdarmkanaal of urinewegen Uw vragen Heeft u nog vragen over de operatie? Stel ze dan gerust aan uw orthopedisch chirurg of een medewerker van de polikliniek orthopedie. Dat kan op werkdagen van 08.30 tot 16.30 uur, telefoon 072-548 25 00. 10
Schrijf hier uw vragen op 11
Medisch Centrum Alkmaar Wilhelminalaan 12 1815 JD Alkmaar T 072-548 44 44 mca.nl