STAAT VAN DE INSTELLING MBO SVOZ B.V. Plaats : Utrecht BRIN nummer : 26DZ Onderzoeksnummer : 250804 Datum onderzoek : 26 september - 3 oktober 2013 Datum vaststelling : 13 december 2013
Pagina 2 van 24
INHOUDSOPGAVE 1 INLEIDING............................................ 5 2 CONCLUSIE EN VERVOLGTOEZICHT........................... 7 2.1 Conclusie........................................... 7 2.2 Vervolgtoezicht....................................... 7 3 TOELICHTING OP DE BEOORDELING.......................... 9 3.1 Oordeel kwaliteitsborging op instellingsniveau................. 9 3.2 Risico's op relevante indicatoren.......................... 10 3.3 Resultaat Mbo-Verpleegkundige.......................... 12 4 BIJLAGEN............................................ 19 Bijlage I Normeringen kwaliteitsgebieden..................... 19 Bijlage II Beoordeling aspecten en indicatoren onderzochte instellingsbrede gebied.................................. 22 Bijlage III Beoordeling aspecten en indicatoren opleiding.......... 23 Mbo-Verpleegkundige, 26DZ 95520......................... 23 Pagina 3 van 24
Pagina 4 van 24
1 INLEIDING De Inspectie van het Onderwijs voerde in september/oktober 2013 een onderzoek naar de Staat van de instelling uit bij SVOZ Opleidingen in de Zorg. Dit onderzoek heeft betrekking op het middelbaar beroepsonderwijs. SVOZ Opleidingen in de Zorg is een niet-bekostigde instelling met ruim duizend studenten in vier erkende middelbare beroepsopleidingen. De instelling heeft diverse onderwijslocaties. Het onderzoek heeft tot doel om de stand van de kwaliteitsborging van de instelling te bepalen en om de risico's voor de onderwijskwaliteit in te schatten. De Staat van de instelling wordt elke drie jaar opgemaakt en bestaat uit een analyse van gegevens, een instellingsbreed onderzoek en een kwaliteitsonderzoek bij een of meer opleidingen. De informatie over de instelling die bij de inspectie aanwezig is, zoals het verslag van werkzaamheden, opbrengstgegevens, uitkomsten tevredenheidonderzoek en signalen is geanalyseerd en is aangevuld met onderzoeken op de instelling. Tijdens het onderzoek zijn gesprekken gevoerd met studenten, docenten, leden van de examencommissie, de verantwoordelijke kwaliteitszorgfunctionaris en enkele praktijkopleiders, zijn aanvullend documenten onderzocht en zijn onderwijsactiviteiten geobserveerd. Ook maakte een gesprek met de directie deel uit van het onderzoek. De volgende opleiding is onderzocht: Gebied Opbrengsten Gebied Onderwijsproces, Kwaliteitsborging en Wettelijke vereisten Gebied Examinering en diplomering Leerweg, niveau, locatie 26DZ 95520 26DZ 95520, Mbo- Verpleegkundige 26DZ 95520, Mbo- Verpleegkundige leerweg bbl niveau 4, locatie Kaap Hoorndreef 44, Utrecht De resultaten van het onderzoek naar kwaliteitsborging leiden, in combinatie met geconstateerde risico s en de resultaten van de kwaliteitsonderzoeken, tot een risicobepaling voor uw instelling. De omvang van de risico's bepaalt mede het vervolgtoezicht. Pagina 5 van 24
De inspectie heeft zich bij haar onderzoek gebaseerd op het Toezichtkader bve 2012. Dit is te vinden op www.onderwijsinspectie.nl. De normering is als bijlage I toegevoegd aan dit rapport. In hoofdstuk 2 leest u de conclusie waaronder ook het vervolgtoezicht voor de instelling. De resultaten van het onderzoek naar kwaliteitsborging, de resultaten van de analyse en de resultaten van het kwaliteitsonderzoek van de onderzochte opleiding vindt u in hoofdstuk 3. Pagina 6 van 24
2 CONCLUSIE EN VERVOLGTOEZICHT In dit hoofdstuk geven we aan welke conclusie we trekken uit het onderzoek naar de Staat van de instelling en wat het vervolgtoezicht voor u inhoudt. Het vervolgtoezicht is bepaald op basis van het onderzoek naar kwaliteitsborging, het kwaliteitsonderzoek en de analyse van risico s. In het onderzoek naar de Staat van de instelling geven wij een oordeel over de kwaliteitsborging. We gebruiken daarbij een vierdeling: goed, voldoende, onvoldoende of slecht. Voorts geven wij aan in welke mate er risico s zijn geconstateerd. Daarbij gebruiken we een driedeling: geen risico s, enkele risico s of veel risico s. In hoofdstuk 3 volgt een nadere onderbouwing van de oordelen. 2.1 Conclusie Op basis van de resultaten uit het onderzoek naar de Staat van de instelling komen wij tot de conclusie dat de kwaliteitsborging bij SVOZ Opleidingen in de Zorg voldoende is. Voorts concluderen we dat er geen risico s in de zin van het toezichtkader zijn voor de kwaliteit van het onderwijs. Het oordeel dat de kwaliteitsborging voldoende is, gecombineerd met de constatering dat er geen risico s zijn voor de kwaliteit van het onderwijs, leidt er toe dat we geen aanvullend vervolgtoezicht uitvoeren. Voor het onderzoek naar de Staat van de instelling hebben we één opleiding onderzocht. Bij deze opleiding hebben we alles als voldoende beoordeeld. De kwaliteitsborging van de instelling is verder zodanig dat wij geen aanleiding zien over te gaan tot vervolgtoezicht. 2.2 Vervolgtoezicht Vervolgtoezicht naar aanleiding van onderzoek kwaliteitsborging instellingsbreed De kwaliteitsborging bij SVOZ Opleidingen in de Zorg is voldoende. Er is geen vervolgtoezicht. Vervolgtoezicht naar aanleiding van de onderzochte opleiding De kwaliteit van de onderzochte opleiding is voldoende. Er is daarom geen vervolgtoezicht naar aanleiding van het onderzoek bij de opleiding. Pagina 7 van 24
Lopende toezichtactiviteiten voortvloeiend uit eerder inspectieonderzoek Op het moment van het vaststellen van het definitieve rapport van de Staat van de instelling hebben wij geen onderzoeken naar kwaliteitsverbetering (okv s) in uitvoering dan wel in onze planning staan. Pagina 8 van 24
3 TOELICHTING OP DE BEOORDELING In dit hoofdstuk geven we een toelichting op de beoordeling. Tevens bespreken we op basis waarvan is bepaald in welke mate er risico s zijn bij de instelling. 3.1 Oordeel kwaliteitsborging op instellingsniveau Het onderzoek naar kwaliteitsborging heeft geleid tot het volgende oordeel: Het onderzoek naar kwaliteitsborging heeft geleid tot het volgende oordeel: Goed Voldoende Onvoldoende Kwaliteitsgebied 4. Kwaliteitsborging Slecht Hieronder geven we het oordeel van de aspecten van het kwaliteitsgebied kwaliteitsborging weer. Een detaillering van het oordeel vindt u in bijlage II. Daarin is de beoordeling van de onderliggende indicatoren per aspect opgenomen. Gebied 4: Kwaliteitsborging Voldoende Onvoldoende Aspect 4.1 Sturing * 4.2 Beoordeling * 4.3 Verbetering en verankering * 4.4 Dialoog en verantwoording De aspecten met een * zijn kernaspecten, zie bijlage I voor normering per gebied. Beschouwing SVOZ is een betrekkelijk kleine instelling die o.a. een viertal erkende mboopleidingen verzorgt in open aanbod en in-company-trajecten. Het kwaliteitszorgsysteem zit goed in elkaar en voldoet op alle aspecten aan de eisen, zoals verwoord in het Waarderingskader van de inspectie. De organisatie wordt aangestuurd door twee directeuren. In het Verslag van werkzaamheden 2012 is de missie en visie van SVOZ uitgebreid toegelicht en zijn de resultaten 2012 en het jaarplan 2013 opgenomen. De kwaliteitszorg is ondergebracht bij de manager onderwijsontwikkeling. De inrichting van onderwijs en examinering zijn in plannen en procedures vastgelegd en worden gekend door de kerndocenten. Er is voldoende sturingsinformatie beschikbaar en er is aandacht voor het tijdig vervullen van vacatures. Pagina 9 van 24
Aan de hand van rendementsgegevens, uitkomsten van tevredenheidsonderzoeken onder studenten, docenten en bpv-bedrijven, het verslag van de examencommissie en andere signalen stelt de manager onderwijsontwikkeling jaarlijks een zelfevaluatie op, die de input vormt voor het Verslag van werkzaamheden waarin een toelichting op alle gebieden van het waarderingskader van de inspectie is opgenomen. Bij de beoordeling van de kwaliteit van(onderdelen van) het onderwijs worden externe deskundigen betrokken, zoals een klankbordgroep uit de branche en een collega-instelling. De beoordeling van de kwaliteit van het onderwijs is daarmee voldoende geborgd. In het Jaarplan 2013 zijn de verbetermaatregelen opgenomen die op basis van de zelfevaluatie noodzakelijk werden bevonden. Elke drie maanden is er een kwaliteitszorgoverleg, waaraan de directeuren en de manager onderwijsontwikkeling deelnemen. In dit overleg wordt jaarlijks het Verslag van werkzaamheden voorbereid en door het jaar heen de voortgang van doelstellingen en verbetermaatregelen besproken en bewaakt. De afspraken in dit overleg worden vastgelegd in notulen. Daarnaast zijn er regelmatig werkoverleggen waarin de lopende zaken en de voortgang worden besproken. Jaarlijks wordt de scholingsbehoefte van docenten en andere medewerkers bepaald en aan de hand daarvan wordt scholing georganiseerd. De scholing is mede gericht op het verwerven van bevoegdheid door docenten. De afspraken en procedures rond kwaliteitszorg zijn vastgelegd in het Handboek kwaliteitszorg en betreffen de kwaliteit van het onderwijs alsmede van het systeem van kwaliteitszorg zelf. De controle op de uitvoering van afspraken kan op onderdelen nog scherper (zoals bijvoorbeeld de bijwoning van het beoordelingsgesprek na afloop van de Proeve van bekwaamheid door de docenten), maar de verbetering en verankering als geheel zijn voldoende vormgegeven. De interne en de externe dialoog wordt bewust gezocht door SVOZ, onder andere via regelmatige bijeenkomsten met alle medewerkers, met de klankbordgroep en via contacten met klanten en ook informele contacten met studenten. Met het Verslag van werkzaamheden biedt SVOZ een verantwoording van de activiteiten. 3.2 Risico's op relevante indicatoren Bij het bepalen van de risico s in de zin van het toezichtkader hebben we, in samenhang met de toezichthistorie, gekeken naar de kwaliteit van onderwijs en Pagina 10 van 24
examinering, de opbrengsten, de tevredenheid van studenten, medewerkers en werkgevers en de stabiliteit van organisatie en management. Het onderzoek heeft geleid tot de volgende risicobepaling: Mate van risico's Geen Enkele Veel Kwaliteit onderwijs De resultaten van het kwaliteitsonderzoek bij de opleiding Mbo Verpleegkunde leiden tot de inschatting dat er geen risico's voor het onderwijs zijn. Het Verslag van werkzaamheden en de gesprekken tijdens het onderzoek geven geen aanleiding voor de overige drie opleidingen een andere inschatting te maken. De groepen studenten die de opleiding volgen zijn redelijk homogeen als gevolg van de vooropleidingseisen. De instelling heeft oog voor het belang van een goede inschatting van de capaciteiten van studenten en benadrukt dit in offertegesprekken met klanten en via de informatie op de website. De instelling heeft het onderwijs zowel op school als in de praktijk strak georganiseerd en biedt uitgebreide informatie en begeleiding aan studenten en bpv-bedrijven voor een goed verloop van de opleiding. Kwaliteit examinering De beroepsgerichte examinering bij de opleiding wordt door de instelling zelf samengesteld en sluit volledig aan op het kwalificatiedossier. Wij zien geen risico's voor de beroepsgerichte examinering. De instelling is op de hoogte van alle ontwikkelingen in de branche en de examencommissie heeft zicht op de kwaliteit van de examinering. Wij hebben geen aanleiding gevonden om te veronderstellen dat dit bij de overige opleidingen anders zou zijn. De uitvoering van de maatregelen die de betrouwbaarheid van de beoordeling in de praktijk moeten borgen kan nauwkeuriger worden gemonitord, maar geeft vooralsnog geen aanleiding om te concluderen dat er risico's zijn. De examinering van de generieke examenonderdelen, die nu nog niet worden meegenomen in de beoordeling behoeven aandacht. Hier en daar zijn in het exameninstrumentarium voor het onderzochte cohort tekortkomingen aangetroffen, o.a. door wijziging van ingekocht materiaal. Inmiddels zijn nieuwe methoden aangekocht waardoor het eventuele risico niet meer aanwezig is. Opbrengsten De opbrengsten van de opleidingen van SVOZ liggen voor alle niveaus boven de norm. Dit is al meerdere jaren het geval. Pagina 11 van 24
Tevredenheid studenten/medewerkers/werkgevers Voor alle groepen betrokkenen wordt regelmatig door middel van evaluaties de tevredenheid over de kwaliteit van het onderwijs gemeten. De tevredenheid onder de studenten is hoog. Uit gesprekken tijdens het onderzoek bij de opleiding is gebleken dat studenten, docenten en praktijkopleiders tevreden zijn over de kwaliteit van de opleiding. Wij zien hier geen risico's. Stabiliteit organisatie en management De organisatie wordt geleid door twee directeuren. Er wordt gewerkt met een vast, klein team van kerndocenten en een netwerk van flexdocenten, een manager onderwijsontwikkeling en enkele administratieve medewerkers. Wij zien geen risico's voor de stabiliteit van de organisatie. SVOZ is een instelling die al jaren tot tevredenheid van klanten en studenten opleidingen in de zorgsector aanbiedt. SVOZ valt op door een gedegen kwaliteitszorgsysteem dat bijdraagt aan de kwaliteit van het onderwijs. De uitgebreide informatie per programma-onderdeel en per onderdeel van het examen wordt gewaardeerd door studenten en klanten. Er is aandacht voor de kwaliteit van de docenten. Het streven is te zorgen dat alle docenten bevoegd zijn. Ook is er regelmatig contact met praktijkopleiders om de kwaliteit van het onderwijs in de praktijk te verzekeren. Deze focus op kwaliteit vertaalt zich in bovengemiddelde opbrengsten. Uit de documenten en de gesprekken blijkt dat de directie goed zicht heeft op de ontwikkelingen in de branche en de eventuele risico's voor de kwaliteit van het onderwijs. Wij komen op grond van het bovenstaande tot de constatering dat er geen risico's zijn. 3.3 Resultaat Mbo-Verpleegkundige Het kwaliteitsonderzoek bij Mbo-Verpleegkundige, 26DZ 95520, niveau 4, locatie Kaap Hoorndreef 44, Utrecht heeft geleid tot de volgende oordelen: Kwaliteitsgebied Goed Voldoende Onvoldoende Slecht 1 Onderwijsproces 2 Examinering en diplomering 3 Opbrengsten 4 Kwaliteitsborging Kwaliteitsgebied Voldoet Voldoet niet 5 Naleving wettelijke vereisten Pagina 12 van 24
Het kwaliteitsonderzoek heeft geleid tot het oordeel voldoende voor de vijf kwaliteitsgebieden. Dat betekent dat de inspectie geen aanleiding heeft vervolgonderzoek uit te voeren of afspraken met de directie te maken voor deze opleiding. Oordeel per aspect Hieronder geven we het oordeel over de aspecten van de vijf kwaliteitsgebieden weer. In bijlage III is de beoordeling van de onderliggende indicatoren van de betreffende aspecten per kwaliteitsgebied opgenomen. Gebied 1: Onderwijsproces Voldoende Onvoldoende Programma 1.1 Samenhang 1.2 Maatwerk Leren in de onderwijsinstelling 1.3 Didactisch handelen* 1.4 Leertijd 1.5 Leeromgeving Begeleiding 1.6 Intake & plaatsing 1.7 Studieloopbaanbegeleiding* 1.8 Zorg Leren in de beroepspraktijk 1.9 Beroepspraktijkvorming* Gebied 2: Examinering en diplomering Voldoende Onvoldoende 2.1 Exameninstrumentarium* 2.2 Afname en beoordeling* 2.3 Diplomering* Gebied 3: Opbrengsten Voldoende Onvoldoende 3.1 Rendement Gebied 4: Kwaliteitsborging Voldoende Onvoldoende 4.1 Sturing * 4.2 Beoordeling * 4.3 Verbetering en verankering * 4.4 Dialoog en verantwoording Pagina 13 van 24
Gebied 5: Naleving wettelijke vereisten Voldoet Voldoet niet 5.1 Naleving wettelijke vereisten De aspecten met een * zijn kernaspecten, zie bijlage I voor normering per gebied. Beschouwing Algemeen De opleiding MBO Verpleegkunde wordt in het open aanbod als verkort bbltraject aangeboden. Het betreft een opleiding die wordt verzorgd door een team van betrokken docenten, die ook buiten de lesdagen via email of telefoon beschikbaar zijn voor vragen van studenten. Door middel van uitgebreide studiewijzers (ook beschikbaar op de website) wordt de student wegwijs gemaakt in de opleiding. De kwaliteit van het onderwijs staat centraal bij directie en team. Onderwijsproces Het onderwijsproces hebben wij als voldoende beoordeeld. Programma, lessen, begeleiding en bpv zijn zorgvuldig opgezet en goed op elkaar afgestemd. De opleiding kent een duidelijke opbouw, sluit aan op de praktijk met opdrachten die toewerken naar een Proeve van bekwaamheid per werkproces. In de lessen wordt de lesstof doorgenomen met verschillende werkvormen en de praktijkvragen van de studenten worden daarbij betrokken. Voor de avo-vakken doen de studenten een instaptoets om het niveau te bepalen en werken zelfstandig toe naar de eindtoets met digitaal aangeboden oefenmateriaal en tussentoetsen. Als de instaptoets daar aanleiding toe geeft, is de student verplicht deel te nemen aan het extra aanbod van lessen Nederlands en rekenen. De lessen Engels volgen op de instaptoets en zijn voor de studenten sowieso verplicht. Studenten kunnen hun digitale portfolio raadplegen op de website van SVOZ. De opleiding bewaakt de voortgang en bespreekt in de slb-lessen eventuele problemen. Studenten worden ook individueel begeleid. Voor het oefenen en de examinering van de verpleegtechnische vaardigheden is een gedeelte van een lokaal ingericht. De bpv-opdrachten worden in de organisatie van de werkgever van de studenten uitgevoerd. Daarvoor is een uitgebreid Handboek bpv ontwikkeld dat houvast biedt aan zowel de studenten als de werkbegeleiders en praktijkopleiders. Ook worden voor studenten en werkbegeleiders/ praktijkopleiders gezamenlijk introductiebijeenkomsten rond de bpv georganiseerd. De ontwikkelingen in de VVT (verpleeg- en verzorgingshuizen en de thuiszorg) zijn zodanig dat steeds meer verpleegtechnische handelingen nodig zijn. Diverse organisaties in die sector laten medewerkers scholen om op die ontwikkelingen voorbereid te zijn. Dat brengt met zich mee dat sommige bpv-organisaties nog Pagina 14 van 24
niet voor alle bpv-opdrachten oefenmogelijkheden met voldoende complexiteit kunnen bieden. SVOZ signaleert dat dit een risico is voor de studenten en adviseert in die gevallen een externe stage te zoeken waar die complexiteit wel voorhanden is. Op verzoek biedt SVOZ ondersteuning bij het zoeken naar een externe stage. Examinering en diplomering Uit de aangeleverde documenten en de gesprekken met studenten en bpvorganisaties komt het beeld naar voren van adequaat ingerichte beroepsgerichte examinering en voor alle partijen duidelijk beschreven exameninstrumentarium. De examenmatrijzen laten zien dat alle kerntaken en werkprocessen aan bod komen in de 12 proeves van bekwaamheid, bestaande uit theorietoetsen en competentieopdrachten. Het exameninstrumentarium, de verschillende procedures en het examenreglement geven goed inzicht in de ontwikkelingslijn van kennis, houding en vaardigheden naar het niveau van beginnend beroepsbeoefenaar, waarbij de reflectieverslagen tijdens de ontwikkelingsgerichte fase van de opdrachten een belangrijke plaats innemen. De ontwikkelingsfase wordt duidelijk onderscheiden van de examensituatie. Het instrumentarium is voorzien van een duidelijke cesuur en beoordelingswijze en is voor alle partijen transparant. Voor Nederlands is een verantwoording aangeleverd. Het exameninstrumentarium voor Nederlands is deels ingekocht. Voor de vaardigheden lezen, schrijven en taalverzorging worden examens van Deviant gebruikt die de opleiding zelf heeft samengevoegd tot één examen. Er is geen aparte cesuur voor de verschillende vaardigheden en het onderdeel taalverzorging voldoet maar beperkt aan het referentiekader. Voor de mondelinge vaardigheden is een bewerking van een voorbeeldexamen van Cito gebruikt, echter de vaardigheid spreken ontbreekt daarin. De toets is onvoldoende transparant door het ontbreken van informatie over o.a. afnamecondities. De toetsing van de vaardigheid luisteren is geïntegreerd in de toets mondelinge vaardigheden. Voor rekenen en Loopbaan & Burgerschap is een verantwoording aangeleverd. De afname gebeurt in de praktijk, behalve voor de verpleegtechnische vaardigheden (werkproces 1.3). Die worden ook geëxamineerd in het praktijklokaal van SVOZ, zodat voldoende complexiteit en voor alle studenten gelijke omstandigheden tijdens de examinering zijn verzekerd. De betrouwbaarheid van de beoordeling in de praktijk is cruciaal, gezien de doelgroep waarmee wordt gewerkt in de praktijk. SVOZ heeft de betrouwbaarheid geborgd door te organiseren dat er steekproefgewijs een docent aanwezig is bij het beoordelingsgesprek na afloop van de proeves. De Pagina 15 van 24
bijwoning tijdens de proeves wordt als problematisch gezien vanwege de privacy van de zorgvragers. Verdere borging wordt geboden door te bepalen dat de inhoud van het portfolio geaccordeerd moet worden door de docent. Een aandachtspunt is dat de uitvoering van deze maatregelen niet consequent wordt gemonitord. Uit de gesprekken bleek dat het veelal niet lukt om voor de proeves twee assessoren in te zetten. De examencommissie volgt een procedure om de deugdelijkheid van de diplomering te borgen. Daarbij wordt voorzien in een check van elk portfolio op volledigheid en tijdigheid van inlevering van alle gegevens en de vereiste handtekeningen van docenten en beoordelaars. Wij hebben geconstateerd dat Engels niet is geëxamineerd, zoals in deel B van het kwalificatiedossier is vermeld. SVOZ had Engels in het OER van het vorige cohort wel opgenomen en ook in het OER van cohort 2012-2013, maar niet in het onderzochte cohort 2011-2012. Aangezien voor de opvolgende cohorten juist is gehandeld op het gebied van de examinering van Engels, beschouwen wij daarom de besluitvorming rond de diplomering toch als voldoende. De examencommissie houdt verder voldoende toezicht op instrumentarium (constructie en vaststelling zijn apart belegd) en op afname en beoordeling door middel van procedures als richtlijn voor het handelen door alle betrokkenen bij de examinering. De evaluaties strekken zich ook uit tot de examinering. Verder ziet de examencommissie toe op de betrouwbaarheid van de beoordeling in de praktijk door bijwoningen te (laten) verrichten. Het is een aandachtspunt de uitvoering hiervan strakker te monitoren. Opbrengsten De instelling voldoet met een rendement van 85 procent voor de doelgroep ouder dan 23 jaar aan de vastgestelde minimumnorm voor het rendement voor niet-bekostigde instellingen. Voor de beoordeling van de opbrengsten is gebruik gemaakt van de door de instelling aangeleverde gegevens over kalenderjaar 2012. Kwaliteitsborging Wij beoordelen de kwaliteitsborging als voldoende. De opleiding draait mee in het kwaliteitszorgsysteem van de instelling, zoals vastgelegd in het Handboek kwaliteitszorg. De directeuren zijn verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs en de uitvoering en bewaking daarvan is belegd bij de manager onderwijsontwikkeling. Planvorming gebeurt op instellingsniveau en is voorzover nodig toegespitst op opleidingsniveau. De kwaliteitszorg is op het niveau van de opleiding zichtbaar in de procedures en handleidingen waarin het onderwijs en de examinering beschreven staan. Er Pagina 16 van 24
worden per opleiding regelmatig tevredenheidsonderzoeken gedaan bij studenten en bpv-instellingen. Voor de verwerking van de uitkomsten is een gedetailleerd systeem opgezet om te zorgen dat de enquêtes betrouwbare, zinvolle informatie opleveren. Bij de beoordeling van de kwaliteit van het onderwijs worden (op onderdelen) ook externe deskundigen betrokken, zoals een klankbordgroep uit de branche en een collega-instelling. In het Verslag van werkzaamheden 2012 is te lezen hoe en op basis van welke analyse de beoordeling van de kwaliteit van het onderwijs leidt tot verbetermaatregelen. De voortgang wordt gemonitord in een driemaandelijks kwaliteitszorgoverleg van directeuren en manager onderwijsontwikkeling. Ook in de werkoverleggen wordt de voortgang besproken en dat leidt zo nodig direct tot aanpassingen. Het Handboek kwaliteitszorg wordt ook regelmatig geëvalueerd. Met deze werkwijze beoordelen wij de kwaliteitszorg als voldoende verankerd in de organisatie. De interne en externe dialoog is georganiseerd en beschreven en de verantwoording vindt plaats in het Verslag van werkzaamheden. Wettelijke vereisten De opleiding voldoet aan de onderzochte wettelijke eisen. Pagina 17 van 24
Pagina 18 van 24
4 BIJLAGEN Bijlage I Normeringen kwaliteitsgebieden De normen Op basis van het onderzoek spreekt de inspectie oordelen uit waarvoor zij gebruik maakt van een normering. Deze bestaat uit: 1. Een normering per indicator: wanneer wordt voldaan aan de indicator? Hiervoor gebruikt de inspectie portretten: de aangetroffen situatie voldoet aan de indicator indien deze over het geheel genomen voldoet aan de beschrijving in het portret. Het gaat hier om een weging van het geheel met hantering van toleranties. 2. Een normering per aspect. 3. Een normering per kwaliteitsgebied. Voor de normering van het gebied Onderwijsproces zijn drie kernaspecten benoemd. De kernaspecten zijn: aspect 1.3 Didactisch handelen, aspect 1.7 Studieloopbaanbegeleiding en aspect 1.9 Beroepspraktijkvorming. Normering Onderwijsproces Goed Aan acht van de negen aspecten is voldaan. Aan alle kernaspecten is voldaan; daarbij is tevens aan alle indicatoren voldaan. De elementen in het portret worden op een uitstekende wijze uitgevoerd. Voldoende Aan zeven van de negen aspecten is voldaan. Aan alle kernaspecten is voldaan. Voor elk aspect aan alle indicatoren is voldaan, daarbij mag 1 indicator onvoldoende zijn als een aspect meer dan 2 indicatoren omvat. Er wordt voor het grootste deel aan de omschrijving van de portretten van deze indicatoren voldaan, waaronder de essentiële onderdelen. Onvoldoende Aan één of meer kernaspecten is niet voldaan. Aan drie, vier of vijf aspecten is niet voldaan. Slecht Aan geen van de kernaspecten is voldaan. Aan zes of meer aspecten is niet voldaan. Pagina 19 van 24
Voor de beoordeling van de rendementen is gebruik gemaakt van de volgende normen. Doelgroep Norm < 23 jaar 65 > 23 jaar 67 Bij het gebied Examinering en diplomering zijn alle aspecten als kernaspect aangegeven. Normering Examinering en diplomering Goed Aan alle standaarden is voldaan. De elementen in het portret worden op een uitstekende wijze uitgevoerd. Voldoende Aan alle standaarden is voldaan. Er wordt voor het grootste deel aan de omschrijving van de portretten van deze indicatoren voldaan, waaronder de essentiële onderdelen. Onvoldoende Aan één standaard is niet voldaan. Slecht Aan twee of drie standaarden is niet voldaan. Voor de normering van het gebied Kwaliteitsborging zijn drie kernaspecten benoemd. De kernaspecten zijn 4.1 Sturing, 4.2 Beoordeling en 4.3 Verbetering en verankering. Deze kernaspecten moeten alle drie voldoende zijn om een voldoende beoordeling te krijgen. Bij één of meer onvoldoende kernaspecten is de kwaliteitsborging onvoldoende. De borging van de kwaliteit van de examinering moet voldoende zijn, om tot een voldoende beoordeling van de kwaliteitsborging te komen. Normering Kwaliteitsborging Goed Aan alle aspecten is voldaan. Aan alle indicatoren is voldaan. De elementen in het portret worden op een uitstekende wijze uitgevoerd. Voldoende Aan alle kernaspecten is voldaan. Aan alle indicatoren van deze aspecten is voldaan. Er wordt voor het grootste deel aan de omschrijving van de portretten van deze indicatoren voldaan, waaronder de essentiële onderdelen. Onvoldoende Aan twee aspecten is niet voldaan. Aan één of twee kernaspecten is niet voldaan Slecht Aan drie of vier aspecten is niet voldaan. Pagina 20 van 24
Normering van het gebied Naleving wettelijke vereisten: de instelling of opleiding voldoet niet aan de wettelijke bepalingen indien de inspectie vaststelt dat één van deze bepalingen niet wordt nageleefd. Bij sommige bepalingen vloeit de norm direct uit de wet voort. Voor enkele bepalingen zijn nadere operationaliseringen opgesteld (bv onderwijstijd). Pagina 21 van 24
Bijlage II Beoordeling aspecten en indicatoren onderzochte instellingsbrede gebied Gebied 4: Kwaliteitsborging Voldoende Onvoldoende Aspecten Indicatoren 4.1 Sturing * 4.1.1 Plannen 4.1.2 Informatie 4.1.3 Continuïteit 4.2 Beoordeling * 4.2.1 Monitoring 4.2.2 Evaluatie 4.3 Verbeteringen 4.3.1 Verbeteraanpak verankering * 4.3.2 Deskundigheidsbevordering 4.3.3 Verankering 4.4 Dialoog en 4.4.1 Intern verantwoording 4.4.2 Extern De aspecten met een * zijn kernaspecten, zie bijlage I voor normering per gebied. Pagina 22 van 24
Bijlage III Beoordeling aspecten en indicatoren opleiding Mbo-Verpleegkundige, 26DZ 95520 Gebied 1: Onderwijsproces Voldoende Onvoldoende Programma 1.1 Samenhang 1.1.1 Inhoud 1.1.2 Programmering 1.2 Maatwerk 1.2.1 Differentiatie Leren in de onderwijsinstelling 1.3 Didactisch handelen* 1.3.1 Interactie 1.3.2 Ondersteuning en begeleiding van de leeractiviteiten 1.3.3 Feedback op de leeractiviteiten en de leerresultaten 1.4 Leertijd 1.4.1 Benutting 1.4.2 Werkdruk 1.5 Leeromgeving 1.5.1 Schoolklimaat 1.5.2 Materiële voorzieningen Begeleiding 1.6 Intake & plaatsing 1.6.1 Voorlichting 1.6.2 Intake en plaatsing 1.7 Studieloopbaanbegeleiding* 1.7.1 Informatievoorziening 1.7.2 Studieloopbaanbegeleiding 1.8 Zorg 1.8.1 Eerste- en tweedelijnszorg 1.8.2 Derdelijnszorg Leren in de beroepspraktijk 1.9 Beroepspraktijkvorming* 1.9.1 Voorbereiding studenten en bedrijven 1.9.2 Plaatsing 1.9.3 Begeleiding door leerbedrijf 1.9.4 Begeleiding door de opleiding Gebied 2: Examinering en diplomering Voldoende Onvoldoende 2.1 Exameninstrumentarium* Pagina 23 van 24
Gebied 2: Examinering en diplomering Voldoende Onvoldoende 2.1.1 Onderscheid tussen ontwikkelgerichte toetsen en examinering 2.1.2 Dekking van het kwalificatiedossier 2.1.3 Cesuur 2.1.4 Beoordelingswijze 2.1.5 Transparantie 2.2 Afname en beoordeling* 2.2.1 Authentieke afname 2.2.2 Betrouwbaarheid 2.3 Diplomering* 2.3.1 Besluitvorming diplomering 2.3.2 Verantwoordelijkheid examencommissie Gebied 3: Opbrengsten Voldoende Onvoldoende 3.1 Rendement 3.1.1 Jaarresultaat en/of diplomaresultaat Gebied 4: Kwaliteitsborging Voldoende Onvoldoende 4.1 Sturing * 4.1.1 Plannen 4.1.2 Informatie 4.1.3 Continuïteit 4.2 Beoordeling * 4.2.1 Monitoring 4.2.2 Evaluatie 4.3 Verbetering en verankering * 4.3.1 Verbeteraanpak 4.3.2 Deskundigheidsbevordering 4.3.3 Verankering 4.4 Dialoog en verantwoording 4.4.1 Intern 4.4.2 Extern Gebied 5: Naleving wettelijke vereisten Voldoet Voldoet niet 5.1 Naleving wettelijke vereisten 5.1.1 Naleving wettelijke vereisten Pagina 24 van 24