RF anti CPP COELIAKIE SEROLOGIE



Vergelijkbare documenten
NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE RF - anti-ccp

JAARRAPPORT 2008 EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE NIET INFECTIEUZE SEROLOGIE. AAN RF/WR/aCCP / Coelakie merkers

JAARRAPPORT 2007 EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE NIET INFECTIEUZE SEROLOGIE. ANA RF/WR/aCCP - ANCA

DEFINITIEF GLOBAAL RAPPORT NIET- INFECTIEUZE SEROLOGIE RF - accp ENQUETE 2014/2

NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE ANA

ANA WEEFSELANTISTOFFEN

GLOBAAL RAPPORT EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE NIET INFECTIEUZE SEROLOGIE

NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE ANA Resultaten EASI vragenlijst Aanbevelingen expertencomité

FEDERALE OVERHEIDSDIENST, VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU COMMISSIE VOOR KLINISCHE BIOLOGIE

NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE RF - anti-ccp ANA

GLOBAAL RAPPORT EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE NIET INFECTIEUZE SEROLOGIE ENQUETE 01/2008 ANA

DEFINITIEF GLOBAAL RAPPORT NIET- INFECTIEUZE SEROLOGIE ANA ENQUETE 2014/3

DEFINITIEF GLOBAAL RAPPORT NIET- INFECTIEUZE SEROLOGIE - ANCA ENQUETE 2014/1

JAARRAPPORT POCT GLUCOSE 2012

DEFINITIEF JAARRAPPORT POCT GLUCOSE 2014

Nabespreking SKML rondzendingen Orgaanspecifieke Antistoffen

Nabespreking rondzendingen coeliakie 2013, 2014 en Ingrid van Hoogstraten MI VUmc, Amsterdam

CHEMIE CRP en CRP hs

EXPERTISE, DIENSTVERLENING EN KLANTENRELATIES KWALITEIT VAN MEDISCHE LABORATORIA COMMISSIE VOOR KLINISCHE BIOLOGIE COMITE VAN EXPERTEN

GLOBAAL RAPPORT EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE POCT GLUCOSE

Nabespreking Reuma en Collageen

Laatste onwikkelingen in de diagnose van coeliakie.. Blijft een dundarmbiopt noodzakelijk?

WETENSCHAPPELIJK INSTITUUT VOLKSGEZONDHEID KWALITEIT VAN MEDISCHE LABORATORIA COMMISSIE VOOR KLINISCHE BIOLOGIE COMITE VAN EXPERTEN GLOBAAL RAPPORT

NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE ANA WEEFSELANTISTOFFEN

DEFINITIEF GLOBAAL RAPPORT NIET- INFECTIEUZE SEROLOGIE - ANA ENQUETE 2013/2

DEFINITIEF GLOBAAL RAPPORT CHEMIE - URINE ENQUETE 2013/2

NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE ANA

Coeliakie diagnostiek

Casuspresentaties infectieuse serologie: laboratoriumaspecten. Dr. Alex Mewis Klinisch Bioloog Jessa Ziekenhuis - Campus Virga Jesse Hasselt

Apres la Deluge.. SKML Sectie Infectie Serologie

Veranderingen in autoimmuunbepalingen Versie 4 Juli 2008

Foutief verhoogd vitamine B12: Pitfalls in een immuno-assay

Transcriptie:

WIV J. Wytsmanstraat, 14 B-1050 BRUSSEL ISSN 0778-8363 FEDERALE OVERHEIDSDIENST, VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU COMMISSIE VOOR KLINISCHE BIOLOGIE DIENST VOOR LABORATORIA VAN KLINISCHE BIOLOGIE COMITE VAN DESKUNDIGEN GLOBAAL RAPPORT EXTERNE KWALITEITSEVALUATIE VOOR ANALYSEN KLINISCHE BIOLOGIE NIET-INFECTIEUZE SEROLOGIE ENQUETE 02/2008 RF anti CPP COELIAKIE SEROLOGIE WIV/08/02 /niet-infectieuze serologie 07 Dit rapport mag uitsluitend worden gereproduceerd, gepubliceerd of gedistribueerd met toestemming van het WIV.

COMITE VAN EXPERTEN tel. fax WIV Secretariaat : 02/642.55.22 02/642.56.45 Dr. Van Campenhout: Coördinator Niet-infectieuze serologie : 02/642.53.95 02/642.56.45 : e-mail : c.vancampenhout@iph.fgov.be Dr. BOSSUYT X. : 016/34.70.09 016/34.70.42 : e-mail : xavier.bossuyt@uz.kuleuven.ac.be Dr. HUMBEL R. : 00352/488.288.380 00352/488.288.385 : e-mail : rlhumbel@llip.lu Dr. MEWIS A. : 011/30.97.42 011/30.97.50 : e-mail : alex.mewis@virgajesse.be Dr. SERVAIS G. : 02/477.25.07 02/477.21.63 : e-mail : genevieve.servais@chu-brugmann.be Dr. TOMASI J-P. : 02/764.68.80 02/764.94.28 : e-mail : tomasi@mblg.ucl.ac.be Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 2/23

EKE NIET INFECTIEUZE SEROLOGIE 2008 02 Deze enquête omvatte 2 delen: I. Opsporen en doseren van reumafactoren en anti CCP antistoffen Hiervoor werden 2 monsters (S/7697 en S/8656) bezorgd. Deze resultaten dienden voor de eerste maal elektronisch te worden bezorgd via TOOLKIT. II. Opsporen en doseren van merkers voor Coeliakie Hiervoor werden 2 monsters (7429 en S/8673) bezorgd. Deze resultaten dienden via het antwoordformulier te worden terugbezorgd. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 3/23

I. OPSPOREN EN DOSEREN VAN REUMAFACTOREN EN ANTI CCP ANTISTOFFEN Staalmateriaal Er werden twee monsters rondgestuurd: S/7697 en S/8656. Het monster S/7697 was afkomstig was afkomstig van een patiënte met een sinds meerdere jaren gekende seropositieve reumatoïde artritis en het monster S/8656 van een gezonde donor Wij danken Dr. G. Servais (Brugmann ziekenhuis- ULB) voor het bezorgen van het staal S/7697 en het verstrekken van de nodige klinische inlichtingen. Deelname 9 Luxemburgse en 163 Belgische laboratoria hebben aan deze enquête deelgenomen. RF: Voor het positieve monster S/7697 maakten 58 deelnemers gebruik van 1 reagens, 101 deelnemers maakten gebruik van 2 reagentia, 4 deelnemers van 3 reagentia. Voor het negatieve monster S/8656 maakten 61 deelnemers gebruik van 1 reagens, 98 deelnemers maakten gebruik van 2 reagentia, 3 deelnemers van 3 reagentia. accp: 97 deelnemers bepaalden de aanwezigheid van anti-ccp (anti - Cyclic Citrullinated Peptide) antistoffen t.o.v. 81 in 2007. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 4/23

RESULTATEN VOOR REUMAFACTOR (RF) / WAALER-ROSE (WR) Resultaten voor monster S/7697 1. Resultaten uitgedrukt in U/mL Onderstaande tabel toont per methode de mediaan, SD en CV, voor zover meer dan 3 resultaten beschikbaar waren. RF/Waaler-Rose N = 209 U/ml S/7697 METHOD Median SD CV No.labs 001 ABBOTT - Quantia RF 70.00 3.71 5.3% 5 021 Dade Behring - Rapi Tex RF 80.00 *** *** 1 025 Dade Behring - N Latex RF 84.80 8.82 10.4% 15 026 Dade Behring - N Latex RF Liquid 81.00 4.48 5.5% 7 030 Dade Behring - Turbiquant RF 434.00 *** *** 1 041 FUJIREBIO Serodia-RA 128.00 142.33 111.2% 21 062 ROCHE - Tina Quant RF II 71.00 2.52 3.5% 43 065 ROCHE - Integra RF II 71.50 2.59 3.6% 32 082 Siemens - RF 131.50 44.85 34.1% 4 085 Siemens - Thermo 71.00 *** *** 1 102 BECKMAN (COULTER) - RF 113.00 14.08 12.5% 17 122 OLYMPUS - System reagent RF 72.50 2.30 3.2% 6 142 BIOKIT - Quantex RF Plus 67.00 *** *** 1 145 BIOKIT - Rheumajet RF 80.00 *** *** 1 162 BIOMERIEUX - Arthri-Slidex 200-115-57.6 *** *** 3 165 BIOMERIEUX - Waaler-Rose Slide-Test > 10 *** *** 1 167 BIOMERIEUX - Waaler-Rose Kit 58.00 0.52 0.9% 16 182 FUMOUZE - Polyartest > 10 *** *** 1 185 FUMOUZE - Polyartitre 48.00 47.44 98.8% 8 187 FUMOUZE - Rhumalatex 42.00 *** *** 1 205 WAKO (Sopachem) - RF-HA II 92 137 *** *** 2 222 Diagam Rheumatoid factor 81.7-70.8 *** *** 2 232 OCD (Johnson & Johnson) - RF reagent 73.45 2.19 3.0% 12 242 Spinreact - FR/RF Latex 4096-64 *** *** 2 292 ABX - Pentra RF 128 *** *** 1 997 Home Made 145 *** *** 1 998 ELISA - Other 34 *** *** 1 999 Other 96-17*-98 *** *** 3 Global results (all methods and all measuring systems) 73.00 15.57 21.3% 209 Voor methodes met N < 4 wordt er geen statistiek uitgevoerd; enkel de afzonderlijk waarden worden vermeld. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 5/23

INTERPRETATIE VOOR S/7697 UITGEDRUKT IN U/mL: Alle resultaten werden als positief geïnterpreteerd, behalve 1 met een waarde RF = 17* U/ml (methode 999) dat negatief werd geïnterpreteerd. 2. Resultaten uitgedrukt in titer Onderstaande tabel toont per methode de mediaan, SD en CV, voor zover meer dan 3 resultaten beschikbaar waren. RF/Waaler-Rose N = 62 Titer S/7697 METHOD Median SD CV No.labs 021 Dade Behring - Rapi Tex RF 1/8 *** *** 1 035 Dade Behring - Cellognost RF 1/8 *** *** 1 041 FUJIREBIO - Serodia-RA (range: 1/32-1/20480) 1/640 *** 86.5% 55 167 BIOMERIEUX - Waaler-Rose Kit 1/160-1/320 *** *** 2 185 FUMOUZE - Polyartitre (range: 1/32 1/640) 1/160 *** 86.5% 4 Global results *** *** *** 63 Voor methodes met N<4 wordt er geen statistiek uitgevoerd; enkel de afzonderlijk waarden worden vermeld. INTERPRETATIE VOOR S/7697 UITGEDRUKT IN TITER: Alle resultaten werden als positief geïnterpreteerd behalve 2: - FUJIREBIO - Serodia-RA (methode 041) met een titer van 1/160; interpretatie +/- - FUMOUZE - Polyartitre (methode 185) met een titer van 1/160; interpretatie +/- Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 6/23

Resultaten RF/Waaler-Rose voor monster S/8656 1. Resultaten uitgedrukt in U/mL FR/Waaler-Rose N = 208 U/ml S/8656 Aangezien er voor dit monster enkel gecensureerde ( < ) of zeer lage waarden werden bekomen, werd op de resultaten geen statistiek uitgevoerd. INTERPRETATIE: Alle resultaten werden als negatief geïnterpreteerd behalve 2: - BECKMAN (COULTER) - RF (methode 102): 1 laboratorium interpreteerde het resultaat als +/- met een waarde RF=20 U/ml, alle andere 16 laboratoria bekwamen een waarde < 20 en interpreteerden dit resultaat als negatief - BIOMERIEUX - Waaler-Rose Kit (methode 167): 1 laboratorium interpreteerde het resultaat als positief met een waarde RF=0 U/ml; het betreft hier mogelijks een klerikale fout. 2. Resultaten uitgedrukt in Titer RF/Waaler-Rose N = 58 Titer S/8656 Aangezien er voor dit monster enkel gecensureerde ( < ) of zeer lage waarden werden bekomen, werd op de resultaten geen statistiek uitgevoerd. INTEPRETATIE: Alle resultaten werden als negatief geïnterpreteerd. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 7/23

BESLUIT VOOR RF/WR POSITIEVE MONSTER (S/7697) Voor het positieve monster werden 2 borderline resultaten en 1 fout negatief resultaat genoteerd. Wat betreft de borderline resultaten is hier mogelijks een probleem met foutieve cut-off waarden gezien de resultaten toch vergelijkbaar zijn met deze bekomen door de andere laboratoria die gebruik maken van eenzelfde methode. Wat betreft het fout negatieve resultaat betreft het een duidelijk te lage waarde bekomen voor dit monster; een onderzoek naar de oorzaak voor deze fout dient te worden gedaan. NEGATIEVE MONSTER (S/8656) Voor het negatieve monster, werd slechts 1 borderline resultaat genoteerd. De spreiding voor de semi-kwantitatieve technieken die gebruik maken van verdunningsreeksen is zeer hoog. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 8/23

ANTI CCP ANTISTOFFEN Onderstaande tabel toont voor monster S/7697 per methode de mediaan, SD en CV, voor zover meer dan 3 resultaten beschikbaar waren. Anti-CCP U/ml S/7697 METHOD Median SD CV No.labs 005 DiaSorin - Anti-CCP Diasorin 286-272 *** *** 2 015 EUROIMMUN - Anti-CCP EuroImmun 49.05 20.09 40.9% 8 025 Phadia - Anti-CCP Phadia 137.00 28.91 20.8% 46 030 Phadia - Other 109-140 *** *** 2 035 Triturus - Anti-CCP Triturus >300 *** *** 1 045 AxisShield - Anti-CCP AxisShield 46.60 3.04 6.5% 13 055 Euro-Diagnostica - Anti-CCP Euro-Diagnostica 374.00 180.13 48.2% 6 060 Euro-Diagnostica - Other 397-316 *** *** 2 065 Inova - Anti-CCP Inova 183.50 151.22 82.4% 12 Global results (all methods and all measuring systems) 133.00 54.86 41.2% 92 Voor methodes met N<4 wordt er geen statistiek uitgevoerd; enkel de afzonderlijk waarden worden vermeld. Door 5 laboratoria werd het resultaat gerapporteerd als Index ; deze resultaten worden statistisch niet verwerkt. INTERPRETATIES Alle resultaten werden als positief geïnterpreteerd. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 9/23

ANTI CCP ANTISTOFFEN Onderstaande tabel toont voor monster S/8656 per methode de mediaan, SD en CV, voor zover meer dan 3 resultaten beschikbaar waren. Anti-CCP U/ml S/8656 METHOD Median SD CV No.labs 005 DiaSorin - Anti-CCP Diasorin *** *** *** 2 015 EUROIMMUN - Anti-CCP EuroImmun *** *** *** 8 025 Phadia - Anti-CCP Phadia *** *** *** 46 030 Phadia - Other *** *** *** 2 035 Triturus - Anti-CCP Triturus *** *** *** 1 045 AxisShield - Anti-CCP AxisShield *** *** *** 13 055 Euro-Diagnostica - Anti-CCP Euro-Diagnostica *** *** *** 6 060 Euro-Diagnostica - Other *** *** *** 2 065 Inova - Anti-CCP Inova *** *** *** 10 Global results (all methods and all measuring systems) *** *** *** 90 Aangezien er voor dit monster enkel gecensureerde ( < ) of zeer lage waarden werden bekomen, werd op de resultaten geen statistiek uitgevoerd. INTERPRETATIE Alle resultaten werden als negatief geïnterpreteerd behalve 2: - EUROIMMUN - Anti-CCP EuroImmun (methode 15): 1 laboratorium interpreteerde een resultaat 0.33 U/mL als positief, wat een klerikale fout doet vermoeden. - Euro-Diagnostica - Anti-CCP Euro-Diagnostica (methode 55): 1 laboratorium interpreteerde een resultaat < 25 U/mL als positief, wat een klerikale fout doet vermoeden. BESLUIT accp antistoffen Voor het positieve monster S/7697 werd geen enkel fout negatief resultaat voor anti CCP antistoffen genoteerd Voor het negatieve monster S/8656 werden 2 fout positieve interpretaties genoteerd, doch de kwantitatieve resultaten waren duidelijk negatief, waaruit we mogen besluiten dat ook hier geen enkel fout positief resultaat werd afgeleverd. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 10/23

De spreiding tussen de resultaten bekomen met eenzelfde methode is te hoog; de imprecisie moet zeker verbeteren. Onderstaande grafiek toont de box-plots voor de technieken die vergelijkbare eenheden hebben gerapporteerd. Gecensureerde waarden werden niet in de grafieken opgenomen. ANTI CCP ANTILICHAMEN PER METHODE 600 500 400 accp (U/mL) 300 200 100 0 5 15 25 30 35 45 55 60 65 METHOD CODE METHOD CODE 005 DiaSorin - Anti-CCP Diasorin 015 EUROIMMUN - Anti-CCP EuroImmun 025 Phadia - Anti-CCP Phadia 030 Phadia - Other 035 Triturus - Anti-CCP Triturus 045 AxisShield - Anti-CCP AxisShield 055 Euro-Diagnostica - Anti-CCP Euro-Diagnostica 060 Euro-Diagnostica - Other 065 Inova - Anti-CCP Inova Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 11/23

We bemerken andermaal een belangrijk verschil tussen de medianen van de verschillende systemen en een relatief grote spreiding (zie ook CV s in de tabel voor monster S/7697 op pagina 9). Bij gebrek aan een internationaal erkende standaard, en omwille van het gebruik van een verschillend conjugaat en/of substraat zijn de bekomen kwantitatieve resultaten onderling sterk verschillend, ondanks het gebruik van eenzelfde antigeen in een aantal kits. De zeer grote spreiding vastgesteld binnen bepaalde methodes (methode 055 en methode 065) zijn mogelijks het gevolg van een verschillende werkwijze voor het opstellen van de kalibratiecurve (lineair, logarithmisch etc ). Dit gegeven zal bij een volgende enquête verder worden onderzocht. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 12/23

BEPALING VAN SEROLOGISCHE MERKERS VOOR COELIAKIE Staalmateriaal Er werden twee monsters rondgestuurd: S/7429 en S/8673 Het monster S/7429 was afkomstig was afkomstig van een patiënte met een gekende actieve coeliakie. Het monster S/8673 was afkomstig van een gezonde donor. Wij danken Prof. R Humbel (LLIP-Luxembourg) voor het bezorgen van het staal S/7429 en het verstrekken van de nodige klinische inlichtingen. Deelname 1 Luxemburgs en 78 Belgische laboratoria hebben aan deze enquête deelgenomen. Onderstaande tabel toont de gevraagde parameters, het aantal ontvangen antwoorden en de gebruikte technieken. PARAMETER AANTAL RESULTATEN TECHNIEK Anti Endomysium (EMA) 25 Indirect immunofluorescence Anti Gliadin IgA (AGA-A) 60 Enzyme immunoassay Anti Gliadin IgG (AGA-G) 58 Enzyme immunoassay Anti ttg IgA (attg-a) 68 Enzyme immunoassay Anti ttg IgG (attg-g) 5 Enzyme immunoassay Voor het monster (S/8673) afkomstig van de gezonde donor werd geen enkel positief resultaat gerapporteerd. De resultaten bekomen voor het monster (S/7429) afkomstig van de coeliakie patiënte zijn weergegeven in onderstaande tabellen. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 13/23

RESULTATEN (S/7429) I. Kwalitatief Anti endomysium antilichamen (IIF) kwalitatief Anti endomysium antistoffen (EMA) - indirecte immunofluorescentie (IIF) CODE REACTIEF N POS +/- NEG E 011-12-13 The Binding Site 6 6 0 0 E 016-017 Euroimmun (monkey liver) 1 1 0 0 E 021 Inova 8 8 0 0 E 101 Alphadia 2 2 0 0 E 302 Scimdex 1 1 0 0 E 403 Biosystems 1 1 0 0 E 501 Euroimmun (monkey intest.) 1 1 0 0 E 601 Euroimmun (mosaic biochip) 1 1 0 0 E 701 Menarini 1 1 0 0 E 901 Diasorin 1 0 1 0 Home Made Oesoph. monkey (1) - Umbel. Cord (1) 2 2 0 0 TOTAAL RESULTATEN VOOR 25 / 79 LABORATORIA 25 24 1 0 Anti gliadine IgA IgG antistoffen kwalitatief IgA IgG ANTI GLIADINE IgA ANTI GLIADINE IgG CODE - G REACTIEF N POS +/- NEG N POS +/- NEG 012 011 The Binding Site 2 0 0 2 2 2 0 0 032 031 D-TEK 3 1 0 2 3 3 0 0 042 041 Genesis Diagnostics 1 0 1 0 1 1 0 0 601 602 Euroimmun (Mosaic Biochip) 1 0 0 1 - - - - 062 061 Phadia (EliA) 23 21 0 2 29 28 0 1 072 071 Phadia Varelisa 2 2 0 0 2 2 0 0 202 201 Orgentec 1 1 0 0 1 1 0 0 301 302 BMD - - - - 1 1 0 0 TD 0601 Alphadia 9 5 4 0 1 1 0 0 102 101 Home made 3 1 0 2 3 3 0 0 TOTAAL 45 / 79 LABORATORIA 45 31 5 9 43 42 0 1 G 301 Biosystems (IFA rat kidney) N = 1 anti Gliadine antilichamen (GAM) : Positief Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 14/23

Anti gedeamideerd gliadine IgA IgG antistoffen kwalitatief IgA IgG CODE - G REACTIEF ANTI DEAMIDATED GLIADINE IgA ANTI DEAMIDATED GLIADINE IgG N POS +/- NEG N POS +/- NEG 021 022 Inova 9 9 0 0 9 9 0 0 052 051 Euroimmun 6 6 0 0 6 6 0 0 TOTAAL 15 / 79 LABORATORIA 15 15 0 0 15 15 0 0 Anti tissue transglutaminase (ttg) antistoffen IgA IgG kwalitatief CODE TG Anti ttg IgA Anti ttg IgG REACTIEF IgA IgG N POS +/- NEG N POS +/- NEG 012 011 The Binding Site 2 2 0 0 - - - - 021 022 Inova 8 8 0 0 - - - - 032 031 D-TEK 2 2 0 0 - - - - 042 041 Genesis Diagnostics 2 2 0 0 - - - - 052 051 Euroimmun 6 6 0 0 1 0 1 0 601 602 Orgentec 1 1 0 0 1 1 0 0 062 061 Phadia (EliA) 25 25 0 0 2 2 0 0 072 071 Phadia Varelisa 4 4 0 0 - - - - 201 Diasorin 5 5 0 0 - - - - 501 Siemens Immulite 4 4 0 0 - - - - TD 0601 Alphadia 9 9 0 0 1 1 0 0 TOTAAL 68/79 LABORATORIA 68 68 0 0 5 4 1 0 Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 15/23

RESULTATEN (S/7429) II. Kwantitatief Anti endomysium antilichamen (IIF) kwantitatief REACTIEF N TITER CUT OFF The Binding Site 5 Inova Diagnostics 5 >1/10, 1/40, 1/80, >=1/80-1/320 >>1/20, 1/80, 1/160, 1/160, > 1/160* Interpret. + / - / ± < 1/10-1/20 + <1/10 - <1/40* + Alphadia 1 1/80?? + Biosystems 1 > 1/5 1/5 + Menarini Diagn. 1 > 1/10 <1/2.5 + Diasorin 1 1/10 <1/10 ± Home made 2 1/100-1/160 <1/5 + TOTAAL 16 >1/5 >1/160 <1/2.5 - <1/40 Anti gliadine ( + gedeamideerd gliadine) antistoffen IgA kwantitatief REACTIEF N U/mL Cut-off Interpr. The Binding Site 2 2-3.7 < 5 - D-TEK 3 37* - 44 44 < 50 * +* / - /- Genesis Diagnostics 1 1.84 < 4 ± Phadia (EliA) 23 22 (1.6 198) 1.6, 2.0 / 198* < 10 < 25* Phadia Varelisa 2 45-53 < 17 + Orgentec 1 14.3 < 11 + + (n=21), - (n=2) Home made 3 13-28 - 32 <25 - <25 - <320 - / + / - Alphadia 2 9-26 <5 - < 20 ± / + Anti gedeamideerd gliadine - IgA Inova Diagnostics* 8 103 (83 133) <20 30 + Euroimmun* 6 118-139 -210 - > 200 (3x) < 25 + TOTAAL = 51 / 60 LABORATORIA { Voor N > 3 zijn de mediane concentraties «x» en de (range) vermeld} Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 16/23

Anti tissue transglutaminase (ttg) antistoffen IgA kwantitatief FIRMA N U/mL Cut-off The Binding Site 2 86, 139 > 4, > 10 Inova 8 148 (119 460) < 20, > 30 D-TEK 2 > 400, > 400 < 50 Genesis Diagnostics 2 31, >100 < 7 Euroimmun 6 172, > 200 (n=3), 900 < 20 Orgentec 1 79 < 10 Phadia (EliA) 25 102 (14-254) < 7, < 10 Phadia Varelisa 4 73, > 80, 113, 114 > 7, > 8, <10 Diasorin 5 158 (105-169) < 2, < 4, < 7, < 8, < 9 Siemens Immulite 4 34, 34, 34, 38 < 4, < 6.4 Alphadia (dot) 2 73, 100 <5, < 20 TOTAAL = 61 / 68 LABORATORIA ALLEN HEBBEN HET RESULTAAT ALS POSITIEF GEÏNTEPRETEERD { Voor N>3 zijn de mediane concentraties «x» en de ranges weergegeven in bovenstaande tabel } Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 17/23

Onderstaande figuur toont de box-plots voor de testsystemen waavoor minstens 2 niet gecensureerde waarden werden bekomen en/of maximum 1 gecensureerde die kon worden weergegeven binnen het bereik van de boxplot in de grafiek. Anti ttg by manufacturer 200 (460) (254) Anti ttga (U/mL) 150 100 >80 50 0 Alphadia TD0601 The TG012 Binding TG021 Inova Phadia TG062 TG072 Phadia Diasorin TG201 TG501 Siemens TG601 Orgentec dot Site (EliA) Varelisa Immulite Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 18/23

VERDELING VAN DE GEBRUIKTE TESTCOMBINATIES 45 40 35 30 25 20 TEST COMBINATIES 38 15 10 10 9 13 5 0 0 2 0 AGA (IgA/IgG) ENDO ttga ENDO / AGA (IgA) ttgiga / AGA (IgA) ENDO / ttga ENDO / ttga / AGA (IgA) BESPREKING VAN DE RESULTATEN NEGATIEVE MONSTER (S/8673) Er werd geen enkel fout positief resultaat gerapporteerd; geen enkel laboratorium heeft voor geen enkele parameter een positief resultaat bekomen voor het monster afkomstig van een gezonde donor. POSITIEVE MONSTER (S/7429) Voor het positieve monster afkomstig van een patiënte met gediagnosticeerde coeliakie, werd één borderline resultaat bekomen voor anti endomysium antistoffen, 5 borderline en 9 negatieve resultaten voor anti gliadine IgA, 1 negatief resultaat voor anti gliadine IgG en 1 borderline resultaat voor anti ttg IgG. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 19/23

De fout borderline en fout negatieve resultaten in combinatie met de resultaten verkregen voor de andere uitgevoerde parameters door de betrokken laboratoria, zijn weergegeven in onderstaande figuren: INDIRECTE IMMUNOFLUORESCENTIE N totaal 25 ANTI-ENDOMYSIUM NEG 0 Anti Gliadin IgA : positief Anti Gliadin IgG : positief Anti ttg IgA : positief ENZYME IMMUNOASSAY ANTI GLIADINE IgG N totaal POS +/- NEG ANTI GLIADINE IgA N totaal POS +/- NEG POS +/- 24 1 60 46 5 9 58 57 0 1* 5 Glia IgA borderline 5 ttg IgA positief 9 Glia IgA negatief 4 Glia IgG positief en ttg IgA positief 5 EMA positief 2 Glia IgG/ ttg IgA positief 1 Glia IgG positief 1 Glia IgG negatief * 1 ttg IgA positief Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 20/23

ENZYME IMMUNOASSAY ANTI TG IgA ANTI ttg IgG N totaal POS +/- +/- NEG N totaal POS NEG 68 68 0 0 5 4 1 0 Anti gedeamid. gliadine IgA : positief Anti gedeamid. gliadine IgG : positief Anti ttg IgA : positief Uit de resultaten kunnen we afleiden dat ondanks de minder goede performantie van een aantal parameters (anti gliadine), toch alle laboratoria door middel van het aanwenden van meerdere technieken de resultaten voor deze patiënte correct als positief hebben geïnterpreteerd. Het percentage juist positieve resultaten kan ons een idee geven over de relatieve sensitiviteit van de gebruikte methodes voor dit monster. De resultaten van de berekeningen zijn weergegeven in onderstaande tabel: AANTAL JUIST POSITIEVEN RELATIEVE SENSITIVITEIT ANTI ENDOMYSIUM-IgA 24 (25) /25 96 (100)% ANTI GLIADIN-IgA 46 (51) /60 77 (85)% ANTI GLIADIN-IgG 57/58 98% ANTI ttg-iga 68/68 100% ANTI ttg-igg 4 (5) /5 80 (100)% - (x) aantal inclusief borderline resultaten. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 21/23

Deze eerste resultaten tonen aan dat de meeste Belgische laboratoria voor serologische diagnostiek naar Coeliakie, de recent ontwikkelde test ttg, die vandaag de dag volgens de recente literatuur het meest gevoelig is, in het labopakket voor serologische diagnostiek naar Coeliakie hebben opgenomen. Wanneer we het percentage juist positieve resultaten (relatieve sensitiviteit) berekenen, dan bekomen we voor de verschillende parameters waarden die vergelijkbaar zijn met gegevens uit de literatuur. Uiteraard betreft het hier slechts één monster geanalyseerd m.b.v. verschillende methodes en niet verschillende monsters met verschillende concentraties, bepaald met slechts één methode zoals toegepast bij een methode evaluatie. De kwantitatieve resultaten vertonen belangrijke verschillen en dit niet enkel tussen de methodes maar ook binnen eenzelfde methode; dit kan problemen geven vb. in het geval van opvolging van patiënten op verschillende locaties maar ook op eenzelfde locatie. Sommige laboratoria dienen de beslissingslimieten (cut-off) te verifiëren. Ook hier worden belangrijke verschillen vastgesteld binnen eenzelfde methode. Deze verschillen kunnen uiteraard de interpretatie van het resultaat voor een patiënt beïnvloeden, zeker wanneer de antistoffen in relatief lage concentraties aanwezig zijn vb. in het geval van partiële IgA deficiëntie. Op volgende bladzijde is een algoritme weergegeven dat kan worden gevolgd bij de diagnostiek naar coeliakie. Hieruit blijkt dat de kennis van de IgA status van de patiënt noodzakelijk is. De plaats van de anti gliadine testen wordt in vraag gesteld; er dient eerder te worden over gegaan naar testen voor het opsporen van antilichamen tegen gedeamideerd gliadine. Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 22/23

DIAGNOSTISCH ALGORITME VOOR COELIAKIE Coeliakie? (CD) totaal IgA anti ttg IgA / anti EMA IgA a-ttg IgA neg. en norm. IgA anti ttg IgA positief IgA deficiëntie Meest waarschijnlijk geen CD EMA IgA anti ttg IgG of EMA IgG of anti gedeamideerd gliadine IgG negatief positief positief Meest waarschijnlijk geen CD biopsie aanbevolen biopsie aanbevolen DIAGNOSTISCH ALGORITME VOOR COELIAKIE Globaal rapport niet-infectieuze serologie 2008/2. Datum: 20/11/2008 23/23