MCTD (mixed connective tissue disease)



Vergelijkbare documenten
MCTD. Wat is MCTD? Mixed Connective Tissue Disease (Gemengde bindweefselziekten)

Wat is sclerodermie?

systemische lupus erythematodes (SLE)

Het Fenomeen van Raynaud

Systemische Lupus Erythematodes (SLE)

huidlupus chronische discoïde lupus erythematodes (CDLE) subacute cutane lupus erythematodes (SCLE)

Behandeling van bindweefselziekten en het secundair optreden van het Sjögrensyndroom. aandoeningen

Sclerodermie is een reumatische aandoening waarbij het bindweefsel in je lichaam steeds stugger

Polymyositis/ dermatomyositis. informatie voor patiënten

Het antifosfolipiden syndroom (APS)

Systematische lupus erythematodes (SLE)

Systeemsclerose. informatie voor patiënten

Lichen planus. Dermatologie. Beter voor elkaar

Inleiding. Reumatische ziekten


Nederlandse samenvatting voor niet-ingewijden. Esther Reefman

Domino-effect. Gevolgen van diabetes

COMPLICATIES Lange termijn complicaties Complicaties van de ogen (retinopathie) Complicaties van de nieren (nefropathie)

Polymyositis en dermatomyositis. informatie voor patiënten

De reumatoloog. Ziekenhuis Gelderse Vallei

vasculitis vasculitis vasculitis vasculitis vasculitis vasculitis bij meningitis

Nanogam. Immunoglobulinen

Prednison (corticosteroïden) Voorgeschreven door de reumatoloog


Vasculitis. informatie voor patiënten

Onderwerpen. De lever en zijn functies PBC: oorzaak? Wat is het precies? Verschijnselen en klachten Natuurlijk beloop Behandeling Overlapsyndromen

Cyclofosfamide infuus. Endoxan

I n f o r m a t i e v o o r p a t i ë n t e n. Scleroderma

MPA - Microscopische PolyAngiitis

ZORGPAD SYSTEMISCHE SCLEROSE FRANCISCUS GASTHUIS

Syndroom van Guillain Barré

Indeling systemische vasculitis

Wat is de oorzaak van het Sneddon syndroom? Niet bekend De precieze oorzaak van het ontstaan van het Sneddon syndroom is niet goed bekend.

Schildklierafwijkingen en zwangerschap. Afdeling Verloskunde/Gynaecologie

Nederlandse samenvatting. Complicaties van systemische lupus erythematosus. Irene E.M. Bultink

Acuut reuma en post-streptokokken reactieve artritis

Dermatologie. Lichen sclerosus

Nederlandse samenvatting Complicaties van systemische lupus erythematosus. Irene E.M. Bultink

Dermatologie. Lichen sclerosus. Het Antonius Ziekenhuis vormt samen met Thuiszorg Zuidwest Friesland de Antonius Zorggroep

Inhoud Myositis, juli Inleiding. 3 Inleiding

Prednison Voorgeschreven door de reumatoloog

Lupus erythematodes. Lupus erythematodes

Nefrotisch syndroom Symptomen

Complex Regionaal Pijnsyndroom (CRPS) Chirurgie

Nederlandse samenvatting

Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Patiëntenfolder

Uw behandeling met YERVOY (ipilimumab)

St. Antonius Ziekenhuis

Mycofenolaat Mofetil (MMF CellCept ) bij reumatische aandoeningen

Sportief bewegen met reumatoïde artritis. Reumatoïde artritis

Wat is de ziekte van Lyme?

Interstitiële longziekten Onderzoek.

Bosentan (Tracleer ) bij reumatische aandoeningen

Systemische Lupus Erythematosus (SLE)

Adalimumab (Humira) bij de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa Maag-Darm-Levercentrum. Beter voor elkaar

De ziekte van Graves

Cyclofosfamide tabletten Endoxan

Kinderneurologie.eu. Tolosa Hunt syndroom.

Mycofenolaatmofetil Mycofenolaat mofetil, CellCept, Myfenax

Abatacept (Orencia ) Behandeling tweedelijns antireumatica

Cyclofosfamide (Endoxan ) infuus bij reumatische aandoeningen

Plaquenil. (Hydroxychloroquine) Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee! Bij reumatische aandoeningen

Reumatische Koorts en Post-Streptokokken Reactieve Artritis

Patiëntenvoorlichting Gynaecologie. Schildklierafwijkingen en Zwangerschap

Werkstuk Biologie De lymneziekte en teken

Pijn op de borst Wel of niet van het hart?

Bloedtransfusie Informatie voor patiënten

Juveniele Idiopathische Artritis

Pijn op de borst Wel of niet van het hart?


Wat is de therapie en hoe is het beloop?

Sarcoïdose. & het gewricht. Gewrichtsklachten komen bij sarcoïdose veelvuldig voor. Hierbij ontstaan pijn en problemen met bewegen.

Ziekte van Hashimoto

Guillain- Barré syndroom

ARTRITIS PSORIATICA 312

ECZEEM BIJ KINDEREN A1002

Sarcoïdose. & de huid. Sarcoïdose van de huid komt bij 20 tot 35% van alle sarcoïdosepatiënten voor. Soms is een huidaandoening

Hoe vaak komt het Guillain-Barre syndroom voor bij kinderen? Het Guillain-Barre syndroom komt bij één op de kinderen voor.

Coeliakie bij kinderen

Juveniele spondylartropathie/enthesitis gerelateerde artritis (SpA-ERA)

Multiple sclerose (MS) Poli Neurologie

Een schildklierontsteking. Thyreoïditis

Juveniele Spondylartropathie/Enthesitis Gerelateerde Artritis (SPA-ERA)

Luchtwegen: luchtpijp. luchtwegen spirometrie. Longblaasjes: Alveolen longvolumes diffusie

Inhoud MCTD, december 2011

Wat zijn de verschijnselen van Hereditaire spastische paraparese?

Inhoud. Hoe werkt bosentan? 3. Voor welke aandoeningen wordt bosentan gebruikt? 3. Hoe moet ik het gebruiken? 4. Hoe moet ik het bewaren 4

6,5. Spreekbeurt door een scholier 2483 woorden 9 maart keer beoordeeld FACT SHEET HERPES GENITALIS

Blau Syndroom/Juveniele Sarcoïdose

Cryopyrine-geassocieerd periodiek syndroom (CAPS)

Mycofenolaatmofetil. Mycofenolaat mofetil, CellCept, Myfenax

Ambrisentan (Volibris ) bij reumatische aandoeningen

Bloedtransfusie Informatie voor patiënten

Wat is een longontsteking?

Prednison (corticosteroïden)

Transcriptie:

MCTD (mixed connective tissue disease)

Wat is MCTD? MCTD is een zeldzame systemische auto-immuunziekte. Ons afweersysteem (= immuunsysteem) beschermt ons tegen lichaamsvreemde indringers, zoals o.a. bacteriën en virussen. Het systeem kan onderscheid maken tussen lichaamsvreemde en lichaamseigen bestanddelen. Bij een auto-immuunziekte is het onderscheid tussen lichaamsvreemd en lichaamseigen verstoord geraakt. Bij de meeste auto-immuunziekten kan men in het laboratorium aantonen (vooral in de vorm van afweerstoffen = antistoffen) dat het lichaam afweerreacties vertoont tegen bestanddelen van het eigen lichaam (men spreekt van autoantistoffen). Bloedonderzoek is de meest gebruikte manier om autoantistoffen aan te tonen. Vaak zijn de bestanddelen van het lichaam waartegen deze autoantistoffen gericht zijn structuren (veelal eiwitten) die in celkernen voorkomen. Soms zijn de reactiepatronen van deze antistoffen heel kenmerkend voor een bepaalde auto-immuunziekte en kunnen zij richting geven aan een diagnose. MCTD is de afkorting van mixed connective tissue disease. Dat betekent letterlijk gemengde bindweefselziekte. (Systemische autoimmuunziekten werden in het verleden bindweefselziekten genoemd. Het woord gemengd wijst erop dat het MCTD syndroom overlappende kenmerken heeft met andere auto-immuunziekten). De ziekte werd voor het eerst in 1972 door professor Sharp beschreven. Sharp deed onderzoek naar autoantistoffen bij patiënten met SLE en vond bij sommige patiënten in het bloed zeer grote hoeveelheden aan van antistoffen, die gericht waren tegen een dan juist ontdekt eiwit, het RNP. Patiënten met deze hoge titers aan RNP antistoffen bleken onderling overeenkomsten te hebben. Zij hadden vaker dan andere SLE patiënten het Raynaud fenomeen, gezwollen (puffy) vingers, slokdarmklachten en spierontsteking (myositis). Oorspronkelijk werd beschreven dat deze speciale groep SLE patiënten geen nieraantasting kregen, maar dat bleek in vervolg onderzoek toch niet waar te zijn. Daarnaast bleek uit vervolgonderzoek dat deze groep patiënten met hoge titers anti-rnp antistoffen, méér dan SLE patiënten zónder deze antistoffen, kans hebben op het ontwikkelen van verbindweefseling in de longen (longfibrose) en op het ontstaan van een hoge bloeddruk in de

longslagaders (pulmonale hypertensie). Ook treden bij hen relatief vaak slecht genezende wondjes op aan de vingers. We beschouwen MCTD nu als een ziekte met kenmerken van verschillende andere auto-immuunziekten, met name SLE, sclerodermie en polymyositis. Net als bij patiënten met sclerodermie, hebben vrijwel alle patiënten met MCTD het fenomeen van Raynaud. De ziekte begint meestal tussen de 20 en 50 jaar. 90% van de MCTD-patiënten zijn vrouwen. Symptomen De symptomen die deze ziekte kan veroorzaken zijn zeer divers omdat zij bepaald worden door de organen die zijn aangedaan. MCTD begint bij veel patiënten met het Raynaud fenomeen. Dat wil zeggen dat onder invloed van kou en/of emoties een sterke neiging tot vernauwen van bloedvaten van vingers en/of tenen aanwezig is. Dat uit zich in een lijkwitte verkleuring van de vingers, vaak gevolgd door een diep-blauwverkleuring en die vaak samengaat met een gevoel van stijf- en pijnlijkheid en/of tintelingen. Door een slechte doorbloeding kunnen spontaan zweertjes optreden, die vervolgens slecht genezen (topulcera). Klachten die bij MCTD kunnen optreden zijn dus een mix van verschijnselen die bij andere auto-immuunziekten kunnen voorkomen (dat betekent natuurlijk niet dat iedere patiënt ook al deze verschijnselen krijgt!!). Dit betreft onder andere: - Ernstige vermoeidheid - Koorts - Haaruitval - Gezwollen vingers - Gewrichtsontsteking (waarbij net als bij SLE de gewrichten in het algemeen niet kapot gaan) - Spierklachten (polymyositis), met vooral zwakte van spieren, in het gebied van de schouders en heupen. Soms geeft dit ook pijnlijke spieren. Verhoogde waarden van het spierenenzym CPK in het bloed. - Longklachten (kortademigheid) - Slokdarmklachten (zuurbranden, slecht zakken van vooral vast

voedsel)) - Zweertjes in mond/keel/neusholte - Ontsteking van het longvlies (pleuritis) - Ontsteking van het hartzakje (pericarditis) - Huidafwijkingen: de huid kan tekenen van sclerodermie vertonen, zoals verharding en verdikking van de huid van vooral de vingers of afwijkingen tonen die kenmerkend zijn voor SLE (bijvoorbeeld een vlindervormige uitslag in het gelaat en abnormale reacties door blootstelling aan zonlicht) - Sjögren syndroom: droge ogen en/of slijmvliezen (mond). - Stoornissen van het zenuwstelsel - Verlaagde aantallen van bloedcellen - Hoge bloeddruk - Onderhuidse verkalkingen - Nierafwijkingen (glomerulonefritis) - Ontsteking van de hartspier (myocarditis) Bloedonderzoek / Diagnose Wanneer men bij een patiënt aan MCTD denkt (op grond van het complex van klachten en bevindingen bij lichamelijk onderzoek), kan gekeken worden of bij bloedonderzoek zogenaamde anti-u1rnp antistoffen aanwezig zijn. Inmiddels weten we dat deze antistoffen gericht zijn tegen een complex van enkele aan RNA klevende eiwitten. In de meeste laboratoria wordt niet naar de titer aan anti- RNP antistoffen gekeken, maar wordt bepaald of ze wel of niet aantoonbaar zijn in bloed. Belangrijk is dat met deze technieken óók bij sommige patiënten met auto-immuunziekten die geen MCTD zijn (bijvoorbeeld SLE), deze antistoffen gevonden kunnen worden. Ze zijn dus NIET ziekte specifiek. Naast dit gerichte immunologische onderzoek wordt uiteraard gekeken naar het aantal bloedcellen, de nierfunctie, het CPKgehalte in het bloed (verhoogde waarden kunnen op myositis wijzen) en de urine. Daarnaast is het vaak goed om (hetzij vanwege klachten, hetzij om een uitgangssituatie vast te leggen) aanvullend longfunctie- en hartonderzoek te doen. Wanneer er spierklachten of klachten door aantasting van zenuwen zijn, kan een bepaald spieronderzoek, een EMG (electromyografie), noodzakelijk zijn. De gegevens van deze onderzoeken kunnen ook bijdragen tot de diagnose.

Oorzaak en erfelijkheid De oorzaak van MCTD blijft vooralsnog onbekend. Zowel genetische als omgevingsfactoren spelen waarschijnlijk een rol bij het ontstaan van de ziekte. Het is waarschijnlijk dat een bepaalde aanleg voor het krijgen van auto-immuunziekten via het genetisch materiaal wordt overgeërfd, maar we beschouwen MCTD, net als andere autoimmuunziekten, niet als een typisch erfelijke ziekte. Behandeling en verloop De ziekte is (nog) niet te genezen. Wel kan de arts een aantal leefregels en medicijnen voorschrijven om de symptomen te bestrijden. Meer nog dan bij andere auto-immuunziekten moet de behandeling aan elke patiënt aangepast worden, afhankelijk van de soort en ernst van orgaanaantasting en klachten. Daar MCTD een mengbeeld is, verschilt het beeld en de verloop van de ziekte per patiënt. Doorgaans is het verloop gunstig wanneer de patiënt goed gevolgd en indien nodig juist behandeld wordt. Niet zelden ziet men de ziekte geleidelijk overgaan tot een aandoening die niet anders is dan SLE of sclerodermie.