Lucy heeft een ballon



Vergelijkbare documenten
Inleiding WIST JE DAT JE GEVOEL VAAK BEPAALT WAT VOOR HUMEUR JE HEBT?

Soms ben ik eens boos, en soms wel eens verdrietig, af en toe eens bang, en heel vaak ook wel blij.

Vragen bij het prentenboek 'De tovenaar die vergat te toveren'

Ben jij een kind van gescheiden ouders? Dit werkboekje is speciaal voor jou!

Theorieboek. leeftijd, dezelfde hobby, of ze houden van hetzelfde. Een vriend heeft iets voor je over,

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Hey Russel! Een bijzondere vriendschap

Wat je voelt is wat je denkt! De theorie van het rationeel denken

Reality Reeks - Verwerkingsopdrachten. Onder druk Geen uitweg voor Aïsha

Groep 1, 2 Thema 1 De groep? Dat zijn wij! 1. Hallo, hier ben ik! Samen plezier maken en elkaar beter leren kennen.

Vragenkaartjes voor kinderen van 4 t/m 6 jaar

GAVE Kerk: werkblad Bijbelklassen en Spoorzoekers

FOUT VRIENDJE? PAS OP! Hulp. Internet. Heb je vragen? Bel dan naar Meldpunt Jeugdprostitutie, tel.:

Wat ga je doen? Wat zet je klaar? Wie doet er mee en waar? Hoe zit het in elkaar?

Bijlage 1 Thema 1. De helppagina van een tijdschrift

Als je ergens heel erg bang voor bent, dan heb je angst. Je hebt bijvoorbeeld angst voor de tandarts.

6555 BW Wat kun je doen als je te snel boos bent.indd 12

KINDEREN LEKKER IN HUN VEL

Het Groot en Bijzonder Verdriet Doe Boek

SOCIALE VAARDIGHEDEN MET AFLATOUN

Lucas 10: Mag Jezus jouw naaste zijn?

Beertje Anders. Lief zijn voor elkaar. Afspraak 2

AMIGA4LIFE. Hooggevoelig, wat is dat? T VLAARDINGEN

Weer naar school. De directeur stapt het toneel op. Goedemorgen allemaal, zegt hij. * In België heet een mentor klastitularis.

Bijlage Stoere Schildpadden

Achtergrondinformatie opdracht 1, module 1, les 1

ZML SO Leerlijn Sociale en emotionele ontwikkeling: zelfbeeld en sociaal gedrag

Afgesproken verdeling van de boeken over de groepen

Wat is PDD-nos? VOORBEELDPAGINA S. Wat heb je dan? PDD-nos is net als Tourette een neurologische stoornis. Een stoornis in je hersenen.

Noach bouwt een ark Genesis 6-8

Januari. Ik accepteer en waardeer mijn ( hoog) gevoeligheid.

Dino en het ei. Duur activiteit: 30 minuten Lesdoelen: De kleuters: kunnen een prent linken aan een tekst; kunnen het verhaal navertellen.

Paultje. Vijf avonturen met. Eve Tharlet Brigitte Weninger. De Vier Windstreken

Magie voor het verkopen van je huis Leer hoe je in korte tijd je huis kunt verkopen en ook nog voor een gunstige prijs. Desirée

JUST BE YOU.NL. Het mooiste wat je kunt worden is jezelf! 23 tips voor direct meer zelfvertrouwen. Marian Palsgraaf -

Lekker ding. Maar Anita kijkt boos. Hersendoden zijn het!, zegt ze. Die Jeroen is de ergste. Ik kijk weer om en zie hem meteen zitten.

Koningspaard Polle en de magische kamers van paleis Kasagrande

Er was eens een Kleine Ziel die tegen God zei: Ik weet wie ik ben, ik ben het licht net als alle andere zielen.

affirmaties voor een gelukshuis

Prikkelmijders+en+Prikkelzoekers+

VRIENDSCHAP EN RELATIES

Gelukskoffercoaching. Ik kan in drie woorden vertellen wat ik geleerd heb: I love me. Wael, 11 jaar. Gelukkig zijn kun je leren!

Muis heeft tikkertje gespeeld met Draak. Het is al donker als ze naar huis wil. Muis moet nog een heel eind door het bos.

s Speel- & Leerbrief Marja Baeten Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar NOVEMBER 2015 DOE MEER MET EEN BOEK!

LEESTIP. Speel- & Leerbrief MEI Marja Baeten. Pedagogisch kader kindercentra 0-4 jaar ZE KOMEN VOOR DE VRIENDJES! MEI 2015.

Een meneer heeft veel ballonnen. Hij roept: Kinderen, kom erbij! Mijn ballonnen die zijn gratis. Wie wil een ballon van mij?

Eenzaam. De les. Inhoud. Doel. Materiaal. Belangrijk. les

Niet eerlijk. Kyara Blaak

OPGELUCHT STAAT NETJES

Actief luisteren (De ander helpen zo duidelijk mogelijk te zijn)

Relaties. HDYO heeft meer informatie beschikbaar over de Ziekte van Huntington voor jongeren, ouders en professionals op onze website:

Ik ben de voet, en ik loop heel goed.

MARIAN HOEFNAGEL. De nieuwe buurt. Uitgeverij Eenvoudig Communiceren

Papa en mama hebben ruzie. Ton en Toya vinden dat niet leuk. Papa wil graag dat Ton en Toya bij hem op bezoek komen, maar van mama mag dat niet.

2 Ik en autisme VOORBEELDPAGINA S

Kinderdagverblijf programma Dit ben ik

Verbindingsactietraining

Thema Op het werk. Lesbrief 16. Herhaling thema.

Energiek de lente in!

Copyright Beertje Anders

Inhoud. Voorwoord. Tip 1. Voel je goed. Tip 2. Blijf trouw aan jezelf. Tip 3. Durf je kwetsbaar op te stellen.

Beertje Bruin zegt dan: Ik heb van moeder Beer gehoord dat je erg verdrietig

Het Gouden Ei. De Voorstelling. Illustraties en tekst: Marijke Meyer

Lesbrief bij de voorstelling Aardblij


Tuin van Heden.nu 1 Mag ik zijn wie ik ben? Van In 5

l Wouter mag Floor niet slaan. l Wouter mag geen alcohol drinken (geen druppel!).

Het kinderprotocol. Inhoud: 1. Inleiding; het kinderprotocol 2. Goed gedrag kun je leren 3. De schoolregels 4. Pesten/ gepest worden 5.

Mijn Hummelboekje. HOOFDSTUK 1: t Hummelhuis

Vanjezelfhouden.nl 1

Heilig Jaar van Barmhartigheid

Hoe je je voelt. hoofdstuk 10. Het zal je wel opgevallen zijn dat je op een dag een heleboel verschillende gevoelens hebt. Je kunt bijvoorbeeld:

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram,

Wist u datjes van groep 7

Waarom zijn er ongelukkige mensen?

TIPS VOOR DOCENTEN. Kim Koelewijn. Nu met nog meer tranen! HUIL! Het lucht op Vergroot je woordenschat rondom emoties, en laat je lekker gaan

Als opvoeden even lastig is

Er is toch niemand die jou aardig vindt. SUKKEL.

Lesbrief. Zat Annie van Gansewinkel

Gevoelens uitbeelden. lesblad 1a. De les. Inhoud. Doel. Materiaal. les. les

Voorlezen is leuk en nuttig. Maar hoe doe je dat eigenlijk, goed voorlezen? Hieronder vindt u de belangrijkste tips en trucs.

Vertel de kinderen, of praat met hen over het verschil tussen film, tv kijken of naar het theater gaan.

De vier onmetelijke vermogens van de geest

Liefde is vrij van zichzelf, om te leven voor de ander.

De Inner Child meditatie

Voel je vrij en liefdevol 7 oefeningen

Gelezen: Deuteronomium 6: 1-9 en Johannes 13:31-35

HANDIG ALS EEN HOND DREIGT

9 Vader. Vaders kijken anders. Wat doe ik hier vandaag? P Ik leer mijn Vader beter kennen. P Ik weet dat Hij mij geadopteerd

Je bent jong en je wilt wat!

Adam en Eva eten van de boom

Al heel snel hadden ze ruzie met elkaar. Het spelen was niet leuk meer.

Naam van gedichtenalbum : De eerste 30

C. 3 Wat wil ik Wat is je ambitie/drive; jouw motivatie en interesse

Zelfbeeld. Het zelfvertrouwen wordt voor een groot deel bepaald door de ideeën die het kind over zichzelf heeft: het zelfbeeld.

Tijdens de video- hometraining worden verschillende begrippen gebruikt. In de bijlage geven we een korte omschrijving van deze begrippen.

Voorwoord. Veel leesplezier! Liefs, Rhijja

Gevaarlijke liefde. Weet jij wie die jongen is? Zit hij ook bij ons op school? Mooi hè, Kim? Maar wel duur! Ik geloof dat hij Ramon heet!

Openingsgebeden INHOUD

Rollenspel. Opdracht 1. Opdracht 2. Opdracht

Je mag stralen je mag huilen je mag dwalen je mag schuilen je mag vragen je mag dromen je mag klagen je mag komen Hij wacht op jou

Transcriptie:

Caro Kindercoach & begeleiding Maasdijk 16 4283 GA Giessen 0620380336 info@carokindercoach.nl www.carokindercoach.nl heeft een ballon Handleiding Doelgroep: Kinderen van 3 tot 6 jaar. Doel van het lezen van het boek: - Kinderen maken kennis met begrippen gerelateerd aan het gevoel blij. - Kinderen leren hun gevoelens met woorden te benoemen. - Kinderen begrijpen dat iedereen iets anders mooi vindt en dat je daar trots op mag zijn. - Kinderen begrijpen dat je iemand blij kunt maken door iets weg te geven. Gebruik in gesprek met het kind altijd woorden die iets boven zijn niveau liggen. Begrijpt hij bijvoorbeeld al wel wat blij en gelukkig is, maar nog niet wat tevreden betekent, gebruik dan tevreden. Zegt het kind: is blij, zeg dan: ja, ik denk ook dat erg tevreden is. Hiermee breid je zijn woordenschat uit. Woorden om te gebruiken. niveau 1: Blij, graag, liever, liefst, lief, vrolijk, erg, vervelend, eng, gek, normaal, troosten, fijn, heerlijk, mooi, bang, boos, naar, vervelend, raar, zuchten, pech hebben, gelukkig, leuk, prachtig, schrikken, verdrietig, vervelend, gewoon, huilen, geluk hebben. Woorden om te gebruiken, niveau 2: Angst, zielig, eerlijk, fantastisch, geweldig, geluk, in de war, bedroefd, bezorgd, droevig, flink, dapper, het kan niet schelen, kwaad, benieuwd, dol op, eenzaam, ernstig, serieus, grappig, hopen, kalm, lach, moeite, verbaasd, verschrikt, tevreden, verbazing, vervelen, ongelukkig, trots. Woorden om te gebruiken, niveau 3: Humeur, liefde, spijt, vertrouwen, braaf, teleurgesteld, de medelijden, de jaloezie, het verdriet, dankbaar, uitschelden, enthousiast, jaloers, ondankbaar, stomverbaasd, zich niets aantrekken van, onbeleefd, onaardig, ontspannen, opgetogen. kaft Leessuggesties Start: Stel vragen over de kaft van het boek en vertel uiteindelijk hoe het boek heet. Vragen die je zou kunnen stellen Kijk eens welk boek ik meegenomen heb. Wat zie je allemaal? Ja, een meisje en een ballon en letters. waar zou het boek over gaan? Ja, over een meisje en een ballon. wat zou de titel zijn denk je?

Activeer de voorkennis door te vragen of het kind ook wel eens een ballon heeft gehad. het boek heet: heeft een ballon Daar staat Stel jezelf open en nieuwsgierig op. Stel veel open vragen (wie, wat, waar, hoe, wanneer) en bevestig de antwoorden van het kind door te zeggen: ja, dat denk ik ook of, nou, we zullen eens zien. Alle antwoorden zijn goed! Doe het boek open en sla de bladzijde om. Sla de bladzijde om Sla de bladzijde om. Laat het kind eerst kijken en vertellen wat hij ziet. Vaak begint het kind zelf al te vertellen wat hij ziet zoals daar is weer. Je kunt hem ook uitlokken door vragen te stellen. Lees daarna het stukje voor. Na het lezen van de kun je vragen stellen over het hebben van een ballon. Probeer in je vragen de volgende begrippen te benoemen en herhaal deze begrippen van het kind. blij zijn, graagliever-liefst, vrolijk, fijn, heerlijk, mooi, gelukkig, leuk, prachtig, geluk hebben, fantastisch, geweldig, dol op, grappig, tevreden, trots. Als een kind bijvoorbeeld zegt: ik ben blijer met een gele, breid je als het ware zijn woordenschat uit door te zeggen: Je hebt liever een gele ballon? heeft denk ik graag een rode of iets in die trant. Het kan uiteraard ook voorkomen dat het kind een ballon stom of eng vindt. Ga daar dan op in. Zoals al eerder gezegd: alle antwoorden zijn goed. hier staat de titel nog een keer. Weet jij nog hoe het boek heet? hier staat de titel nog een keertje! En de naam van de schrijver staat hier ook. (deze bladzijde kun je ook overslaan) kijk! Wat zie je op deze bladzijde? Ja, dat is weer. Kijk eens naar. Hoe kijkt ze? Hoe zou het vinden dat ze een ballon heeft? Heb jij ook wel eens een ballon gehad? Hoe vond jij het om een ballon te hebben? Wat voor ballon vind jij het leukst/mooist? Zullen alle kinderen dat vinden als ze een ballon hebben? Denk jij dat er misschien ook kinderen zijn die een ballon niet leuk vinden? Gebruik in jouw taalgebruik gerust woorden die ze nog niet kennen, zoals gezichtsuitdrukking, glimlach, blijdschap, vreugde, mimiek, etc. Blz. Sla de bladzijde om. Zeg nog niets en Wat zie je op deze bladzijde

zonder Blz. zonder Mevr. Met kinderwagen IJscoman Maar hoeft lacht wacht even tot het kind iets zegt. Probeer ook hier weer aan te sluiten op wat het kind zegt. Zegt het kind niets? Probeer hem dan uit te lokken door vragen te stellen. Lees de voor. Herhaal de uitingen van het kind en voeg dan de kern toe. Bijvoorbeeld als het kind zegt: heeft al een ballon dus hoeft geen ijsje, kun jij zeggen: Dus jij denkt dat zó tevreden is met haar ballon, dat ze daar genoeg aan heeft. allemaal? Hoe kijkt? Voelt ze zich nog steeds tevreden/blij/gelukkig/fijn denk je? Waar zou ze de ballon vandaan hebben? Wat betekent dit rondje? (wijs naar de ballon) Wat zou de mevrouw zeggen denk jij? Wat vindt de mevrouw van de ballon? Wat vindt ervan dat de mevrouw dat zegt? Wat zie je aan s gezicht? Hoe voelt zich? Wat zie je hier? Hoe ziet eruit? Voelt ze zich nog steeds tevreden/blij/gelukkig/fijn denk je? (gebruik hier weer een ander woord dan twee bladzijden geleden). Waar zou ze naartoe gaan met haar ballon denk jij? Hee, wat was dit ook weer? (wijs naar de ballon Wat heeft die man? Wat zou jij doen als je was? Hoe denk jij dat zich nu voelt? Wat heeft in haar handen? Heeft een ijsje in haar handen? Wat vind jij daarvan? Hoe denk je dat zich voelt? Waarom hoeft ze geen ijsje denk jij? Wat zou jij doen? Wat doet hij? Waar kun je dat aan zien? Wat was dit? (wijs naar het

ballon) Wat zou hij kunnen zeggen denk je? Blz. zonder Oma Herhaal ook hier weer de uitingen van het kind en voeg daar de kern aan toe. Als het kind zegt: vindt de ballon wel leuk, kun jij zeggen: Dus jij denkt dat het niet vervelend vindt dat hij haar uitlacht, omdat zij tevreden is met haar ballon? Wat vindt de jongen van de ballon? Wat vind je daarvan? Wat vind jij daarvan dat hij dat zegt? (Nou, dat vind ik ook onaardig) Wat denk jij dat ervan vindt? Hoe voelt zich nu? Hoe zie je dat? Wat zie je aan s gezicht? Hoe kan dat denk jij? Zou jij dat ook kunnen? Is lucy s gevoel veranderd door de jongen? Wat vind jij daarvan, dat ze dat kan? Wat vindt? Hoe voelt zich? Denk je dat nog steeds tevreden/blij/gelukkig is? Hoe zou dat komen? Wie is dit? Wat denk je dat hij zegt tegen? valt huilt geeft ballon Gebruik in je herhalingen van de uitingen van het kind de woorden: verbaasd, geschrokken, verrast om woorden te geven aan het gevoel van. Herhaal de uitingen van het kind en voeg de kern toe. Dus als het kind zegt: het maakt niet uit. Kun je zeggen: Dus jij denkt dat tevreden en blij genoeg is, dat ze zelfs haar mooie ballon Wat bedoelt hij daarmee? Wat vindt ervan dat hij dat zegt? Waar kun je dat aan zien? Wat gebeurt er? Wat zie je aan het gezicht van de jongen? Wat vindt ervan? Hoe zie je dat? Wat denk je dat de jongen zegt? Wat vindt ervan denk jij? Hoe kijkt? Wat doet de jongen? Wat zegt hij? Wat doet? Hoe kijkt ze? Hoe voelt zich nu? Hoe komt dat denk jij? Wat zou jij gedaan hebben als je

heeft ballon alleen weggeeft? was? Wat denk je dat de jongen zegt? Hoe denk je dat de jongen zich nu voelt? Hoe voelt zich? Hoe voelen de jongen en zich beide? Waar komt dat door? Hoe denk je dat de jongen zich voelt? Waar komt dat door? Waar denk je dat is? Hoe denk je dat zij zich voelt? Heb je ook wel eens iets heel aardigs gedaan voor iemand? Wat was dat? Hoe voelde jij je toen? Hoe zou je iets heel aardigs kunnen doen voor een ander? Voor wie? Hoe denk je dat jij je voelt als je dat gedaan hebt? Zullen we dat eens gaan uitproberen?