Beleidsinformatie Jeugd

Vergelijkbare documenten
Beleidsinformatie Jeugd. Informatieprotocol

Beleidsinformatie Jeugd. Informatieprotocol

Zorglandschap jeugd Flevoland

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Stelselwijziging Jeugd. Handreiking. Beleidsinformatie jeugd. Over jeugdhulpgebruik, inzet jeugdbescherming en jeugdreclassering

Jeugdbescherming en jeugdreclassering 1e halfjaar 2015

Richtlijn factlab september 2014

Care4. CBS export. Productdocumentatie

Beleidsinformatie in het nieuwe jeugdstelsel. 17 april 2014

De uitvoering van het jeugdstrafrecht

Uitvoering advies aanlevering beleidsinformatie Veilig Thuis

Veelgestelde vragen over de veranderingen in de jeugdzorg per

Stelselwijziging Jeugd. Factsheet. De uitvoering van het jeugdstrafrecht. Na inwerkingtreding van de Jeugdwet

Factsheet landelijke inkoopafspraken in het kader van het jeugdstrafrecht

Pedagogische civil society: Gemeenschappelijke activiteiten van burgers rondom het grootbrengen van kinderen.

Memo JB/JR voor FO Jeugd. In deze memo komen de volgende onderdelen aan de orde:

Afkortingen 13 I PERSONEN- EN FAMILIERECHT 23

Kennisateliers Jeugdbescherming Jeugdreclassering. Juni 2013 Anna van Beuningen

WEGWIJZER Zorginzet bij overgang 18 jaar bij verblijf

Vragen en Antwoorden voor huidige cliënten jeugdhulp

INHOUDSOPGAVE. Voorwoord / V. Afkortingenlijst / XIII. Deel I Inleiding op het nieuwe jeugdstelsel / 1

Datamodel voor pilotgemeenten

Factsheet Jeugd in cijfers

Stelselwijziging Jeugd. Factsheet. De uitvoering van het jeugdstrafrecht. Na inwerkingtreding van de Jeugdwet

Productcodevertaaltabel bij ijw 2.0

Uitvoeringsbesluit Persoonsgebonden Budget (PGB) Jeugdhulp gemeente Zandvoort 2016

Convenant Jeugd: Samenwerking huis arts en gemeente Haaks bergen 2015

Gebruik jeugdzorg in Achtkarspelen, 1e half jaar Feitenblad

Gesloten jeugdhulp bij ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen Gegevensverwerking, privacy en toestemming Financiën en verantwoording

Outcome & Sturing Een tussenstand

Plan van aanpak onderzoek Jeugdreclassering

Stelselwijziging Jeugd. Factsheet. Prioriteitenlijst gedwongen kader

Welkom bij de William Schrikker Groep

gelet op artikel 2, artikel 4, artikel 7 en artikel 12 van de Jeugdverordening gemeente IJsselstein 2015;

ONDERSTEUNING BESCHERMING TOEZICHT

ECSD/U Lbr. 14/085

Als uw kind onder toezicht gesteld wordt

Privacyreglement Briedis Jeugdbescherming 1

Gebruik jeugdzorg in Tytsjerksteradiel, 1e half jaar Feitenblad

Als opvoeden een probleem is

Factsheet. Ouderbijdrage in de Jeugdwet

Bureau Jeugdzorg afdeling Jeugdbescherming. Mathilde Roubos Anjo Mangelaars

Jeugdzorg Plus. Plaatsings- en uitstroomgegevens Vijf zorggebieden. Leeswijzer. 1 Zorggebied Noord-West: de provincies Noord-Holland en Utrecht

Productenboek Gedwongen Kader Jeugd 2018

Regionaal Administratieprotocol

Concept Verordening jeugdhulp gemeente Velsen 2015

Afkortingen 13 I PERSONEN- EN FAMILIERECHT 23

Factsheet. Jeugdhulpbudget voogdij en 18+

Toetsingskader Voorkomen seksueel grensoverschrijdend gedrag

Jeugdhulp. 3.1 Gemeenten hebben een jeugdhulpplicht

De Wet op de Jeugdzorg in grote lijnen

Bepalingen over de ouderbijdrage

Ik krijg ondersteuning bij de opvoeding en zorg voor mijn kind. Wat verandert er in 2015?

Weten wat er verandert in de jeugdhulp in 2015? Deze lijst geeft antwoord op de meest gestelde vragen.

Transcriptie:

Beleidsinformatie Jeugd Informatieprotocol Versie 1.1 Juli 2014 1

Inhoudsopgave 1. Inleiding... 4 1.1 Aanleiding... 4 1.2 Doel en beheer... 4 1.3 Opbouw informatieprotocol... 5 DEEL 1 2. Gegevens over de jeugdige... 7 2.1 Jeugdige... 7 2.2 Burgerservicenummer... 7 2.3 Geboortedatum... 7 2.4 Geslacht... 7 2.5 Adres... 8 3. Gegevens over jeugdhulp... 9 3.1 Jeugdhulp... 9 3.2 Verwijzer... 9 3.3 Type jeugdhulp... 10 3.4 Datum aanvang jeugdhulp... 12 3.5 Datum einde jeugdhulp... 12 3.6 Reden beëindiging jeugdhulp... 13 4. Gegevens over kinderbescherming en jeugdreclassering... 14 4.1 Type kinderbeschermingsmaatregel... 14 4.2 Datum aanvang kinderbeschermingsmaatregel... 14 4.3 Datum einde kinderbeschermingsmaatregel... 14 4.4 Datum uitspraak door de kinderrechter inzake het opleggen van een kinderbeschermingsmaatregel... 14 4.5 Type jeugdreclassering... 14 4.6 Datum aanvang jeugdreclassering... 15 4.7 Datum einde jeugdreclassering... 15 4.8 Datum besluit inzake het toepassen van jeugdreclassering... 15 4.9 Inzet erkende interventie bij jeugdreclassering... 15 4.10 Datum eerste contact... 16 4.11 Reden beëindiging maatregel... 16 4.12 Preventie in het justitiële kader... 17 5. Gegevens van de jeugdhulpaanbieder en gecertificeerde instelling... 18 2

DEEL 2 6. Wijze waarop de aanlevering van gegevens dient plaats te vinden... 20 6.1 Aanleverproces... 20 6.2 Privacybescherming... 20 6.3 Verslagperiodes... 20 6.4 Aanlevertermijnen... 21 6.5 Inhoud van het gegevensbestand... 21 DEEL 3 7. Technische eisen die gelden voor de gegevenslevering aan CBS... 26 7.1 Gebruik uploadvoorziening... 26 7.2 Bestandsformaten... 26 7.3 Gebruik elektronische vragenlijst... 27 3

1. Inleiding 1.1 Aanleiding In 2015 treedt de Jeugdwet in werking. Onderdeel van de Jeugdwet is een regeling voor beleidsinformatie. Deze regeling bepaalt welke gegevens worden verwerkt, door wie, met welk doel, op welke wijze ze worden verstrekt en aan wie. Onderdeel van de beleidsinformatie in de Jeugdwet is informatie over het jeugdhulpgebruik en de inzet van jeugdbescherming en jeugdreclassering. Daartoe verstrekken jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen op persoonsniveau gegevens. De Jeugdwet bepaalt dat deze gegevens aangeleverd worden bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het CBS verwerkt deze gegevens tot statistieken en rapportages en publiceert deze opdat iedereen daar gebruik van kan maken. De gegevensverstrekking vindt plaats zodat gemeenten doelmatig, doeltreffend en samenhangend gemeentelijk beleid kunnen voeren ten aanzien van preventie, jeugdhulp, de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. De gegevensverstrekking vindt plaats zodat het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) en het ministerie van Veiligheid en Justitie (VenJ) een zorgvuldig en samenhangend jeugdbeleid kunnen voeren en hun stelselverantwoordelijkheid kunnen waarborgen. 1.2 Doel en beheer In het Besluit Jeugdwet ligt vast welke gegevens de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen verstrekken aan CBS ten behoeve van de beleidsinformatie voor gemeenten, VWS en VenJ. Het betreft de volgende gegevens per jeugdige: Jeugdhulpaanbieders BSN (indien onbekend de personalia) Geboortedatum Geslacht Adresgegevens ter duiding van de woonplaats Datum aanvang jeugdhulp Datum einde jeugdhulp Type ingezette jeugdhulp Verwijzer naar jeugdhulp Reden beëindiging jeugdhulp Gecertificeerde instellingen BSN (indien onbekend de personalia) Geboortedatum Geslacht Adresgegevens ter duiding van de woonplaats Datum aanvang maatregel Datum einde maatregel Type maatregel Datum uitspraak / beslissing Datum eerste contract Wel/geen inzet erkende interventies bij JR Reden beëindiging maatregel 4

Om er voor te zorgen dat de gegevens op de juiste wijze worden aangeleverd, zowel qua inhoud als qua proces, is er dit informatieprotocol. Het informatieprotocol beschrijft zo gedetailleerd mogelijk welke definities de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen dienen te hanteren en hoe zij deze gegevens aanleveren bij CBS. Het informatieprotocol wordt beheerd door het ministerie van VWS en het ministerie van VenJ, en VNG mede namens de gemeenten. Jaarlijks wordt bezien of wijzigingen in het informatieprotocol nodig zijn, bijvoorbeeld om begrippen of procedures te verhelderen of aan te passen. Deze wijzigingen worden afgestemd met jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen. 1.3 Opbouw informatieprotocol Het informatieprotocol bestaat uit drie delen: Deel 1 bevat de te hanteren definities en keuzemogelijkheden voor de gegevens zoals opgenomen in het Besluit Jeugdwet; Deel 2 bevat de beschrijving van het proces dat CBS hanteert en dat instellingen moeten volgen voor het aanleveren van de gegevens; Deel 3 bevat de meer technische specificaties voor de gegevenslevering. Het informatieprotocol is onderdeel van de ministeriele regeling van de Jeugdwet. 5

Deel 1. Gegevensdefinities 6

2. Gegevens over de jeugdige Voor de beleidsinformatie jeugd worden gegevens over de jeugdige uitgevraagd om de informatie op persoonsniveau beschikbaar te hebben. Op deze manier kunnen kruistabellen worden gemaakt tussen kenmerken zoals leeftijd en geslacht en het gebruik van jeugdhulp, of de inzet van jeugdbescherming en jeugdreclassering. Ook is samenloop van diverse vormen van jeugdhulp en inzet vanuit het gedwongen kader op deze manier inzichtelijk te maken. De publicatie van de gegevens zal altijd op geaggregeerd niveau zijn. Omdat niet elke jeugdige een BSN heeft, worden ook de geboortedatum en het geslacht uitgevraagd. Het adres wordt uitgevraagd om de woonplaats van de jeugdige conform het woonplaatsbeginsel aan te duiden. Dit is nodig om te weten aan welke gemeente de beleidsinformatie moet worden toegekend. 2.1 Jeugdige Conform artikel 1.1, lid 1 van de Jeugdwet de persoon die: 1. de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, de leeftijd van achttien jaar heeft bereikt en ten aanzien van wie op grond van artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht recht is gedaan overeenkomstig de artikelen 77g tot en met 77gg van het Wetboek van Strafrecht, of 2. de leeftijd van achttien jaar doch niet de leeftijd van drieëntwintig jaar heeft bereikt, en voor wie de voortzetting van jeugdhulp, die was aangevangen, of voor wie het college vóór het bereiken van de leeftijd van achttien jaar heeft bepaald dat een voorziening op het gebied van jeugdhulp noodzakelijk is of 3. voor wie, na beëindiging van jeugdhulp die was aangevangen vóór het bereiken van de leeftijd van achttien jaar, binnen een termijn van een half jaar hervatting van de jeugdhulp noodzakelijk is. 2.2 Burgerservicenummer Het unieke persoonsnummer waarmee de jeugdige staat ingeschreven in de Basisregistratie personen (BRP). 2.3 Geboortedatum De geboortedatum van de jeugdige weergegeven als DD-MM-JJJJ. 2.4 Geslacht Het geslacht van de jeugdige, waarbij de volgende opties gelden: Vrouw Man Onbekend 7

2.5 Adres Het adres van de jeugdige ter duiding van de woonplaats (volgens woonplaatsbeginsel) als bedoeld in artikel 1.1 van de Jeugdwet. De woonplaats als bedoeld in artikel 1.1. is: 1. woonplaats als bedoeld in artikel 12 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek; 2. ingeval de voogdij over de jeugdige berust bij een gecertificeerde instelling: de plaats van het werkelijke verblijf van de jeugdige. Toelichting: Dit gegeven is nodig omdat de gegevens voor de beleidsinformatie moeten worden toegewezen aan de verantwoordelijke gemeente, of te wel de gemeente die voor de hulp betaalt. Voor het bepalen van de verantwoordelijke gemeente is er het zogenaamde woonplaatsbeginsel zoals hierboven vermeld. De wijze waarop het woonplaatsbeginsel in praktijk gehanteerd moet worden, is uitgewerkt in het stappenplan voor het bepalen van de verantwoordelijke gemeente. Het stappenplan is beschikbaar op www.voordejeugd.nl en op de website van de VNG Daar waar vermeld is adres van de jeugdige, wordt in het kader van de beleidsinformatie de postcode bedoeld. Indien het exacte adres van de jeugdige niet bekend is, kan worden volstaan met de naam van de gemeente die verantwoordelijk is voor de jeugdhulp van de betreffende jeugdige, conform het woonplaatsbeginsel. 8

3. Gegevens over jeugdhulp De beleidsinformatie jeugd richt zich op het inzichtelijk maken van het jeugdhulp gebruik. Dit houdt in dat jeugdhulpaanbieders een aantal gegevens over de door hen geleverde jeugdhulp dienen aan te leveren. Het gaat om het type jeugdhulp, de instantie die verwezen heeft naar de jeugdhulp, de reden van beëindiging van de jeugdhulp en de start- en einddata. 3.1 Jeugdhulp Conform artikel 1.1 van de Jeugdwet is jeugdhulp: 1. ondersteuning van en hulp en zorg, niet zijnde preventie, aan jeugdigen en hun ouders bij het verminderen, stabiliseren, behandelen en opheffen van of omgaan met de gevolgen van psychische problemen en stoornissen, psychosociale problemen, gedragsproblemen of een verstandelijke beperking van de jeugdige, of opvoedingsproblemen van ouders; 2. het bevorderen van de deelname aan het maatschappelijk verkeer en van het zelfstandig functioneren van jeugdigen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking, een chronisch psychisch probleem of een psychosociaal probleem en die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt, en 3. het ondersteunen bij of het overnemen van activiteiten op het gebied van de persoonlijke verzorging gericht op het opheffen van een tekort aan zelfredzaamheid bij jeugdigen met een verstandelijke, lichamelijke of zintuiglijke beperking of een somatische of psychiatrische aandoening of beperking, die de leeftijd van achttien jaar nog niet hebben bereikt, met dien verstande dat de leeftijdgrens van achttien jaar niet geldt voor jeugdhulp in het kader van jeugdstrafrecht; Toelichting: In de Jeugdwet zijn randvoorwaarden en kwaliteitseisen opgenomen waaraan de jeugdhulp en/of jeugdhulpaanbieders moeten voldoen, zoals dossiervorming, een plan (hulpverleningsplan, behandelplan) en bewaking en beheersing van de kwaliteit. Voor de jeugdhulp waarover aan CBS gerapporteerd moet worden gelden al deze randvoorwaarden en eisen. 3.2 Verwijzer De organisatie of persoon die de jeugdige en/of zijn/haar ouders heeft verwezen naar de jeugdhulp, waarbij de volgende opties gelden: Gemeente Huisarts Jeugdarts Gecertificeerde instelling Medisch specialist Geen verwijzer Verwijzing vóór 1-1-2015 9

Toelichting: De keuzes bij verwijzer betreffen alleen de routes zoals deze in de Jeugdwet worden onderkend. Het betreft organisaties of personen die rechtstreeks jeugdigen en hun ouders op grond van de Jeugdwet mogen doorverwijzen naar jeugdhulp. De Jeugdwet stelt dat tussen gemeenten en betrokkenen afspraken worden gemaakt over de voorwaarden waaronder en wijze waarop de rechtstreekse verwijzing verloopt. Andere opties dan bovenstaande zijn er daarom niet. Zo doet de politie een zorgmelding bij de gemeente en betreffen deze zaken daarom een verwijzing via de gemeente. Hetzelfde geldt voor het Advies- en Meldpunt Huiselijke Geweld en het onderwijs. De optie geen verwijzer is bedoeld voor de jeugdhulp die vrij toegankelijk is, bijvoorbeeld jeugdhulp die de wijk- of buurtteams bieden. De scheidslijn tussen vrij toegankelijke jeugdhulp en niet vrij toegankelijke jeugdhulp bepaalt de gemeente en kan daarom in elke gemeente anders zijn. Er is geen optie onbekend. 3.3 Type jeugdhulp Het type jeugdhulp kent twee dimensies: Zorgvorm Perspectief Bij de dimensie Zorgvorm gelden de volgende opties: Jeugdhulp zonder verblijf: o Geleverd door het wijk- of buurtteam o Niet geleverd door het wijk- of buurtteam Jeugdhulp met verblijf: o Pleegzorg o Gezinsgericht o Gesloten plaatsing o Overig residentieel Bij de dimensie Perspectief gelden de volgende opties: Stabilisatie van een crisissituatie; Diagnostiek Begeleiden (care) Behandelen (cure) 10

Toelichting: In onderstaande tabel een toelichting per optie. Jeugdhulp zonder verblijf Ingezet vanuit het wijk- of buurtteam Niet ingezet vanuit het wijk- of buurtteam Jeugdhulp met verblijf De jeugdige verblijft thuis, in het eigen gezin. Of anders gezegd, de jeugdige slaapt thuis. In ieder geval formeel. Het kan zijn dat de jeugdige bij opa en oma slaapt of bij iemand anders, echter dit is dan niet formeel zo geregeld. Nagenoeg elke gemeente werkt met de inzet van wijkof buurtteams. Soms doen deze teams vooral casuïstiek overleg, maar veelal bieden deze teams ook hulp. Als deze hulp valt onder de definitie van jeugdhulp uit de Jeugdwet, dan dient daarover beleidsinformatie aan CBS te worden geleverd. Bij het type jeugdhulp wordt dan voor de optie jeugdhulp zonder verblijf gekozen ingezet door het wijk- of buurtteam. De teams hebben soms andere namen, ook dan valt de jeugdhulp in deze categorie. Soms zijn de wijk- en buurtteam samengesteld uit medewerkers die bij verschillende organisaties werkzaam zijn. Op dat moment zouden twee registraties plaats kunnen vinden, via de organisatie waar de medewerker in dienst is, of in de cliëntregistratie van het wijk- of buurtteam. Alleen de registratie in het systeem van het wijk- of buurtteam is in dergelijke gevallen geldig. Indien het wijk- of buurtteam geen zelfstandige registratie heeft, dienen de gegevens te worden geleverd door de organisatie die de registratie over de jeugdhulp voert. Van belang is dat de gegevens voor de beleidsinformatie niet dubbel worden geleverd. Gemeenten kunnen jeugdhulp zonder verblijf ook inkopen bij jeugdhulpaanbieders. In dat geval wordt de optie jeugdhulp zonder verblijf niet ingezet door het wijk- of buurtteam gekozen. Dagbehandeling wordt naar verwachting niet vanuit een wijkteam aangeboden en zal daarom veelal vallen onder deze categorie. De jeugdige verblijft elders. Of anders gezegd, de jeugdige slaapt formeel elders, niet zijde thuis, in het eigen gezin. Dit betekent dat het hier alleen om de verblijfsvormen gaat waarbij er sprake is van een overnachting. Dagbehandeling valt daarom onder de categorie jeugdhulp zonder verblijf. Verblijf in logeerhuizen, alleen tijdens weekenden of juist door de weeks vallen onder deze categorie. 11

Pleegzorg Gezinsgericht Gesloten plaatsing Overig residentieel De jeugdige verblijft in een pleeggezin. Er is van pleegzorg sprake als er een pleegcontract is tussen de pleegouder(s) en een pleegzorgaanbieder. Hiervan is ook sprake in geval van vakantie-/weekendopvang indien dat formeel onderdeel uitmaakt van het hulpaanbod. Alle vormen van verblijf die een gezinssituatie benaderen, maar geen pleegzorg zijn. Te denken valt aan gezinshuizen, logeerhuizen en zorgboerderijen waar overnacht wordt. De jeugdige verblijft bij een jeugdhulpaanbieder op basis van een machtiging gesloten jeugdzorg of op basis van een machtiging BOPZ. De jeugdige verblijft op de accommodatie van de jeugdhulpaanbieder, veelal in een groep met andere jeugdigen. In feite betreft het alle vormen van verblijf die niet onder een van de voorgaande categorieën vallen. Hieronder vallen ook begeleid wonen en kamertraining. Deze hulpvormen vinden doorgaans plaats in een verblijf van de hulpaanbieder. 3.4 Datum aanvang jeugdhulp De dag waarop de jeugdhulpaanbieder start met het uitvoeren van de jeugdhulp. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. Toelichting: Het betreft de dag waarop de feitelijke hulpverlening start, dus het proces om jeugdige en/of de ouders te komen tot het hulpverleningsplan en de uitvoering daarvan. In geval van jeugdhulp met verblijf wordt de dag aangehouden volgende op de eerste overnachting. 3.5 Datum einde jeugdhulp De laatste dag waarop de jeugdhulpaanbieder uitvoering geeft aan de jeugdhulp. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. Toelichting: Het betreft de dag waarop de jeugdhulp eindigt. Dit houdt in dat er na deze dag geen sprake meer is van een feitelijke hulpverleningsrelatie of behandelovereenkomst. In geval van jeugdhulp met verblijf wordt de dag aangehouden na de laatste overnachting. 12

3.6 Reden beëindiging jeugdhulp De reden waarom de jeugdhulp is beëindigd, waarbij de volgende opties gelden: Beëindigd volgens plan In overeenstemming voortijdig afgesloten Eenzijdig door de cliënt beëindigd Eenzijdig door de aanbieder beëindigd Beëindiging wegens externe omstandigheden Toelichting: De reden van de beëindiging van de jeugdhulp geeft een indruk van de uitval tijdens de uitvoering van de jeugdhulp. De optie in overeenstemming voortijdig afgesloten wordt gekozen als tussentijds de situatie van de jeugdige of het gezin verandert waardoor de gestarte jeugdhulp niet meer passend is. Dan wordt, in overeenstemming met de jeugdige en ouders, gekozen voor de inzet van een ander type jeugdhulp, of wordt de jeugdhulp afgerond. Als de jeugdhulp geheel volgens plan wordt uitgevoerd, wordt gekozen voor de optie beëindigd volgens plan. De opties eenzijdig door de cliënt en eenzijdig door de aanbieder zijn in feite de opties waarbij van uitval kan worden gesproken. De cliënt komt bijvoorbeeld niet meer naar sessies of onttrekt zich uit de residentiele voorziening. Het kan ook zijn dat de aanbieder de jeugdhulp stopt. In alle gevallen geldt dat de uitvoering van het plan nog niet is afgerond. De uitvoering van het plan kan ook stoppen wegens externe omstandigheden, bijvoorbeeld omdat de jeugdige verhuist, overleden is of 18 jaar wordt en daarmee de machtiging die ten grondslag ligt aan de jeugdhulp stopt. Dit laatste is eigenlijk alleen het geval bij Jeugdzorg Plus. In alle andere gevallen kan de jeugdhulp na 18 jaar nog worden voortgezet. 13

4. Gegevens over kinderbescherming en jeugdreclassering In dit hoofdstuk zijn de gegevens opgenomen die worden uitgevraagd over jeugdbescherming en jeugdreclassering. Het betreft gegevens die door de gecertificeerde instellingen worden aangeleverd aan CBS. Met deze gegevens wordt de inzet van het gedwongen kader in kaart gebracht. Type maatregel, start- en einddatum, datum uitspraak/besluit en reden beëindiging maken onderdeel uit van de gegevensset. 4.1 Type kinderbeschermingsmaatregel Er zijn vijf verschillende kinderbeschermingsmaatregelen. Deze zijn beschreven in de artikelen 254 en 255 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Het betreft: Voogdij Voorlopige voogdij Tijdelijke voogdij Ondertoezichtstelling Voorlopige ondertoezichtstelling 4.2 Datum aanvang kinderbeschermingsmaatregel De datum van de eerste dag waarop de beschermingsmaatregel geldt. De datum is vastgelegd in de beschikking waarin de uitspraak van de kinderrechter is vastgelegd. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. 4.3 Datum einde kinderbeschermingsmaatregel De datum van de laatste dag waarop de beschermingsmaatregel geldt. De datum is vastgelegd in de beschikking waarin de uitspraak van de kinderrechter is vastgelegd. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. 4.4 Datum uitspraak door de kinderrechter inzake het opleggen van een kinderbeschermingsmaatregel De datum van de beschikking van de kinderrechter waarin is besloten tot het inzetten van de maatregel. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. 4.5 Type jeugdreclassering Conform artikel 1.1 van de Jeugdwet is jeugdreclassering de reclasseringswerkzaamheden genoemd in artikel 77hh, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, begeleiding, genoemd in artikel 77hh, tweede lid, van dat wetboek en het begeleiden van en toezicht houden op jeugdigen die deel nemen aan een scholings- en trainingsprogramma als bedoeld in artikel 3 van de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen, het geven van de aanwijzingen, bedoeld in artikel 12, vijfde lid, van die 14

wet, of de overige taken die bij of krachtens de wet aan de gecertificeerde instellingen zijn opgedragen. Deze werkzaamheden worden geoperationaliseerd als de volgende typen jeugdreclassering: Hulp en steun in het kader van een voorwaardelijke veroordeling, voorwaardelijk sepot Toezicht en begeleiding in het kader van een voorwaardelijke invrijheidstelling Begeleiding tijdens en na een taakstraf Begeleiding na langdurige detentie Begeleiding gedurende en na kortdurende detentie Hulp en steun in het kader van een schorsing voorlopige hechtenis Toezicht en begeleiding (met verslag) t.b.v. de strafzitting Begeleiding na een PIJ maatregel Hulp en steun (met rapport) in het kader van een aanhouding zitting Individuele trajectbegeleiding Harde Kern Individuele trajectbegeleiding Criem Scholings- en Trainingsprogramma Gedragsbeïnvloedende maatregel Voorbereiding gedragsbeïnvloedende maatregel, voorwaardelijke sepot, schorsing voorlopige hechtenis, voorwaardelijke invrijheidsstelling etc 4.6 Datum aanvang jeugdreclassering De datum van de eerste dag waarop de maatregel jeugdreclassering geldt. De datum is vastgelegd in het document waarin het besluit tot het inzetten van de maatregel is vastgelegd. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. 4.7 Datum einde jeugdreclassering De datum van de laatste dag waarop de maatregel jeugdreclassering geldt. De datum is vastgelegd in het document waarin het besluit tot het inzetten van de maatregel is vastgelegd. De datum van deze dag wordt weergeven als DD-MM-JJJJ. 4.8 Datum besluit inzake het toepassen van jeugdreclassering De datum waarop de daartoe bevoegde functionaris besluit tot het toepassen van jeugdreclassering. Toelichting: Het besluit tot het toepassen van jeugdreclassering kan genomen worden door een Officier van Justitie of door een (kinder)rechter. 4.9 Inzet erkende interventie bij jeugdreclassering In het dossier van de jeugdige waarvoor een gecertificeerde instelling jeugdreclassering uitvoert, neemt de gecertificeerde instelling op of er gedurende de uitvoering van de jeugdreclassering en in het kader van de uitvoering van de jeugdreclassering één of meer erkende interventies zijn ingezet. 15

Toelichting: Het gaat er niet om, om aan te geven welke interventies zijn ingezet of hoeveel of wanneer. Alleen de notie of er een erkende interventie is ingezet (ja of nee) is voldoende. Het betreft hier interventies die zijn erkend door de erkenningscommissie gedragsinterventies Justitie. Voor meer informatie over de erkenningscommissie zie: http://www.erkenningscommissie.nl/ 4.10 Datum eerste contact De datum waarop de uitvoering van de maatregel feitelijk start. In praktijk is dit het eerste face-toface gesprek met de jeugdige en/of zijn ouders nadat de gecertificeerde instelling is belast met de uitvoering van de kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering. Tijdens dit contact worden in ieder geval de rechten en plichten van de jeugdige doorgesproken. Toelichting: De registratie hiervan houdt verband met het vaststellen van de doorlooptijd en eventuele wachtlijsten bij de uitvoering van jeugdbescherming en jeugdreclassering. 4.11 Reden beëindiging maatregel De reden waarom de maatregel voor de jeugdige is beëindigd. Per type maatregel gelden andere opties. Opties bij (voorlopige) ondertoezichtstelling: Bereiken meerderjarigheid jeugdige Tussentijdse opheffing Niet verlengd Einde termijn Gezagsbeëindigende maatregel Overlijden jeugdige Overdracht naar andere gecertificeerde instelling Opties bij (voorlopige) voogdij: Bereiken meerderjarigheid jeugdige Voogdij naar pleegouder Voogdij naar contactpersoon oftewel burgervoogd Herstel gezag Overlijden jeugdige Overdracht naar andere gecertificeerde instelling Opties bij jeugdreclassering: Einde termijn Tussentijdse opheffing 16

Overgang naar volwassen reclassering Terugmelding Nader besluit rechter Overlijden jeugdige Overdracht naar andere gecertificeerde instelling 4.12 Activiteiten in het preventief justitieel kader Het betreft activiteiten van de gecertificeerde instellingen. Op dit moment worden deze activiteiten nader geduid en uitgewerkt. Vooralsnog is in deze versie van het informatieprotocol daarom geen uitwerking van de definitie opgenomen. Deze volgt in de loop van dit jaar. Elementen die uiteindelijk moeten worden vastgelegd over deze activiteiten zijn de startdatum en de einddatum. 17

5. Gegevens van de jeugdhulpaanbieder en gecertificeerde instelling PM Opgave CBS 18

Deel 2. Aanleverproces 19

6. Wijze waarop de aanlevering van gegevens dient plaats te vinden 6.1 Aanleverproces Artikel 7.5.1 van de het Besluit Jeugdwet bepaalt dat de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen de gegevens voor de beleidsinformatie aanleveren bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Dit betreffen alle door gemeenten (per gemeente of bovenregionaal) gecontracteerde jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen. Het betreffen ook de buurten wijkteams die zelfstandig jeugdhulp in de zin van de jeugdwet aanbieden. Wijk- en buurtteams die zich beperken tot doorverwijzing, preventie en/of lichte vormen van jeugdhulp die niet per jeugdige apart geregistreerd wordt, hoeven geen gegevens voor beleidsinformatie aan te leveren. Het CBS schrijft alle gecontracteerde jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen aan. CBS verzoekt middels dit schrijven om de gegevens voor de beleidsinformatie aan te leveren. In de brief staat vermeld om welke gegevens het gaat en wanneer de gegevens uiterlijk bij CBS aangeleverd moeten zijn. Ook bevat de brief informatie over hoe de organisaties de gegevens aan dienen te leveren. In feite betreft het een samenvatting van de informatie zoals opgenomen in dit informatieprotocol. Er wordt gebruik gemaakt van de upload-voorzieningen en web-formulieren die CBS daarvoor ter beschikking heeft. Meer informatie hierover is opgenomen in deel 3 van dit informatieprotocol. Het CBS onderhoudt, in afstemming met gemeenten, een landelijk databestand met organisaties die gegevens voor beleidsinformatie moeten aanleveren. 6.2 Privacybescherming De levering en verwerking van gegevens voor beleidsinformatie in het kader van de Jeugdwet is strikt geregeld in de Jeugdwet en het Uitvoeringsbesluit van de Jeugdwet. Daarin is met het oog op de bescherming van de privacy bepaald welke persoonsgegevens verwerkt mogen worden en met welk doel. Daarnaast regelt de CBS-wet op welke wijze het CBS de gegevens mag verwerken en welke voorschriften van toepassing zijn als het gaat om het publiceren van deze gegevens. 6.3 Verslagperiodes De gegevens voor de beleidsinformatie over jeugdhulp en jeugdbescherming dienen twee keer per jaar bij CBS aangeleverd te worden. Hiervoor zijn er twee verslagperiodes: Periode JH/JB1 met gegevens over april t/m september Periode JH/JB2 met gegevens over oktober t/m maart De verslagperiodes lopen dus niet gelijk met kalenderjaren. Periode JH/JB2 gaat over de jaargrens heen. 20

De allereerste verslagperiode wijkt van bovenstaande af en is van 1 januari 2015 t/m 31 maart 2015 aangezien de Jeugdwet op 1 januari 2015 in werking treedt. De gegevens voor de beleidsinformatie over jeugdreclassering dienen vier maal per jaar bij het CBS te worden aangeleverd. Hiervoor zijn er vier verslagperiodes Periode JR1 met gegevens over januari t/m maart Periode JR2 met gegevens over april t/m juni Periode JR3 met gegevens over juli t/m september Periode JR4 met gegevens over oktober t/m december 6.4 Aanlevertermijnen In de brief van CBS aan de gecontracteerde jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen staat per keer aangegeven op welke datum de gegevens uiterlijk bij CBS moeten zijn aangeleverd. In de regel hanteert CBS een termijn van 2 weken na afloop van de verslagperiode. Het aanleveren van de gegevens aan CBS is verplicht op grond van artikel 7.4.3 van de Jeugdwet en artikel 3 van de Wet op het Centraal bureau voor de statistiek. 6.5 Inhoud van het gegevensbestand In artikel 7.5.3 van het Besluit Jeugdwet zijn de gegevens opgenomen die jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen aan CBS dienen te leveren voor de beleidsinformatie. In deel 1 van dit informatieprotocol is elk gegeven uitgewerkt in een definitie en, waar van toepassing, voorzien van keuzeopties. De jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen leveren de gegevens aan het CBS in een door het CBS gedefinieerd gegevensbestand Het gegevensbestand dat de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen genereren en uploaden bij CBS dient de volgende inhoud te hebben: Het bestand bevat gegevens over alle jeugdigen die in de verslagperiode jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering hebben ontvangen. Dit zijn jeugdigen waarvan: o De jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering in de betreffende verslagperiode is aangevangen; o De jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering in de betreffende verslagperiode is beëindigd; o De jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering vóór aanvang van de betreffende verslagperiode is gestart, en op de laatste dag van de verslagperiode nog niet is beëindigd. Alle jeugdigen die in de verslagperiode jeugdhulp hebben ontvangen (gestart, geëindigd of lopend, zijn in het gegevensbestand opgenomen met hun BSN. Jeugdigen die geen BSN hebben, worden met hun personalia opgenomen (volledige voor- en achternaam). Indien de jeugdhulp niet in de betreffende verslagperiode is gestart en niet is geëindigd, wordt naast het BSN, de startdatum van de jeugdhulp aangeleverd. 21

Indien een jeugdige in een verslagperiode meerdere typen jeugdhulp krijgt aangeboden, bevat het bestand voor elk type een aparte vermelding/record. Per jeugdige/per BSN zijn het geslacht, de geboortedatum en de postcode (6 posities) van het adres dat de woonplaats van de jeugdige aanduidt (conform woonplaatsbeginsel) opgenomen. Indien van de jeugdige geen adres bekend is, wordt de naam van de gemeente (conform woonplaatsbeginsel) opgenomen. Per jeugdige/per BSN is de datum aanvang van de jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering opgenomen, evenals het type jeugdhulp dat dit betreft naar zorgvorm en perspectief en het type maatregel. Bij de datum aanvang van de jeugdhulp is aangegeven welke instantie de verwijzer naar de jeugdhulp was. Bij de datum aanvang jeugdbescherming en jeugdreclassering is aangegeven wat de datum van de uitspraak van de kinderrechter inzake kinderbescherming was respectievelijk het besluit inzake het toepassen van jeugdreclassering. Per jeugdige/per BSN is - indien van toepassing - de datum beëindiging jeugdhulp, jeugdbescherming en/of jeugdreclassering weergegeven, evenals de datum van het eerste contact bij de uitvoering van de jeugdbescherming en jeugdreclassering. Bij de datum beëindiging jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering is aangegeven wat de wijze was waarop de jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering zijn beëindigd. Tot slot is bij de datum beëindiging van de jeugdreclassering aangegeven of erkende interventies zijn ingezet (ja/nee). Het aantal of type maakt daarbij niet uit. Er kunnen meerdere typen jeugdhulp tegelijkertijd starten en het kan voorkomen dat gedurende de uitvoering van de jeugdhulp het type jeugdhulp wijzigt. Bij meerdere typen jeugdhulp, wordt elk type apart opgenomen in het bestand. Wijziging van het type jeugdhulp levert ook meerdere vermeldingen in het bestand: het ene type wordt afgesloten en het andere wordt gestart. De datum aanvang en de datum beëindiging jeugdhulp worden per type jeugdhulp gerapporteerd. Dit betekent dat ook de verwijzer en de reden beëindiging per type jeugdhulp worden gerapporteerd. In feite geldt hetzelfde voor de maatregelen jeugdbescherming en jeugdreclassering. 22

In onderstaande tabel een voorbeeld voor de levering door jeugdhulpaanbieders. BSN Geslacht Geboortedatum Adres Datum aanvang 123456789 v 44-55-6666 0000AA 01-01-2015 gemeente jeugdhulp zonder verblijf vanuit wijkteam Verwijzer Zorgvorm Perspectief Datum beëindiging begeleiden Reden beëindiging 123456789 v 44-55-6666 0000AA 15-02-2015 gemeente pleegzorg behandelen 30-03-2015 volgens plan 123456789 v 44-55-6666 0000AA 01-04-2015 gemeente jeugdhulp zonder verblijf niet vanuit wijkteam 123123123 m 33-44-55555 1111BB 01-06-2014 verwezen voor 1-1- 2015 987654321 m 22-33-1111 1111CC 01-05-2014 verwezen voor 1-1- 2015 jeugdhulp zonder verblijf niet vanuit wijkteam Jeugdhulp met verblijf vanuit gedwongen kader behandelen behandelen 31-01-2015 volgens plan behandelen 04-03-2015 eenzijdig door cliënt 23

In onderstaande tabel een voorbeeld voor de levering door gecertificeerde instellingen. BSN Geslacht Geboortedatum Adres Datum aanvang Type maatregel Datum uitspraak Datum eerste contact Datum beëindiging Reden beëindiging Inzet erkende interventie JR 123456789 v 44-55-6666 0000AA 01-01-2015 OTS 01-01-2015 04-01-2015 123456789 v 44-55-6666 0000AA 15-02-2015 ITB CRIEM 01-01-2015 04-01-2015 30-03-2015 Niet verlengd nee 123123123 m 33-44-5555 1111BB 01-02-2014 Jeugdreclassering regulier 123123123 m 33-44-5555 1111BB 31-01-2015 Voogdij 31-01-2015 02-02-2015 27-01-2014 01-02-2014 31-01-2015 Einde termijn ja 987654321 m 22-33-1111 1111CC 03-03-2015 Gedragsbeinvloedende maatregel 123654987 m 11-22-3333 3333DD 23-01-2015 OTS 27-03-2015 02-03-2015 07-03-2015 24

Deel 3. Technische eisen 25

7. Technische eisen die gelden voor de gegevenslevering aan CBS 7.1 Gebruik uploadvoorziening Voor het aanleveren van de gegevens aan CBS dienen de jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen gebruik te maken van de uploadvoorziening van het CBS. Het betreft een beveiligde voorziening. De uploadvoorziening is te benaderen via Internet: http://www.cbs.nl/bestandslevering Elke jeugdhulpaanbieder en gecertificeerde instelling die geacht wordt om gegevens aan te leveren krijgt inloggegevens die bestaan uit een enquêtecode, een correspondentienummer en een controle nummer per brief/e-mail. Daarna is het bestand op eenvoudige wijze op te zoeken en te versturen. 7.2 Bestandsformaten Het CBS kan de volgende bestandformaten verwerken: XML ASCII fixed format Tekstbestand met scheidingstekens tussen de velden (.CSV) SPSS systemfile (.sav ) Microsoft Access (.mdb /.mdbx) Microsoft Excel (.xls /.xlsx) 26

Voor levering via het uploadkanaal gelden in het algemeen twee voorwaarden: De metadata moeten volledig duidelijk zijn (welke variabelen staan waar in het bestand?) De leverancier van de bestanden moet in beginsel elke verslagperiode aanleveren in hetzelfde formaat en dus niet steeds wisselen. Het CBS stelt standaard formulieren en in te vullen bestanden beschikbaar. Gegevensleveranciers kunnen deze formulieren downloaden, invullen en via de beveiligde uploadvoorziening naar het CBS versturen. 7.3 Gebruik elektronische vragenlijst CBS biedt de optie voor jeugdhulpaanbieder om de gegevens via een elektronische vragenlijst aan te leveren. De jeugdhulpaanbieder hoeft dan geen query te maken binnen het eigen cliënt registratie systeem, maar vult de gegevens in op het enquêteformulier. Verwachting is dat deze optie met name voor jeugdhulpaanbieders met relatief weinig cliënten een alternatief is. Een concept van deze elektronische vragenlijst is opgenomen als bijlage van dit protocol. 27

Bijlage: CONCEPT Vragenlijst Jeugdhulp Vragenlijst Jeugdhulp 1. BSN van de jeugdige (9 cijfers) 2. Op welke datum is de hulpverlening gestart? N.B.: Het gaat om de datum waarop de feitelijke hulpverlening is begonnen en dus niet om de datum waarop de jeugdige op een wachtlijst geplaatst is. (datumveld, DD-MM-JJJJ) Indien het antwoord bij vraag 2 een vroegere datum is dan de startdatum van de verslagperiode, dan zijn alle gegevens over de jeugdhulp al uit een eerdere levering beschikbaar bij het CBS. De respondent gaat dan verder naar vraag 9 (beëindigingsdatum) 3. Geboortedatum (datumveld, DD-MM-JJJJ) 4. Geslacht (1 letter: M=man, V=vrouw, O=onbekend) 5. De postcode van het woon- of verblijfadres van de jeugdige ( Adres ) (alfanumeriek, 6 posities: eerst 4 cijfers, daarna 2 letters) 6. Wie heeft de jeugdige doorverwezen naar deze hulp? ( Verwijzer ) Eén antwoord mogelijk Gemeente Huisarts Jeugdarts Gecertificeerde instelling Medisch specialist Niemand (er is geen verwijzer) Verwijzing voor 1-1-2015 28

7. Welk type hulpverlening betreft het? ( Type jeugdhulp, dimensie zorgvorm ) Eén antwoord mogelijk Zonder verblijf, en ingezet door het wijk- of buurtteam Zonder verblijf, en NIET ingezet door het wijk- of buurtteam Met verblijf: pleegzorg Met verblijf: gezinsgericht Met verblijf: gedwongen kader Met verblijf: overig residentieel 8. Welk perspectief is van toepassing? ( Type jeugdhulp, dimensie perspectief ) Eén antwoord mogelijk Een crisissituatie stabiliseren Een diagnose stellen Begeleiden (care) Behandelen (cure) 9. Op welke datum is de hulpverlening beëindigd? N.B.: Niet invullen als de hulp nog niet beëindigd is (datumveld, DD-MM-JJJJ) Nog niet beëindigd? Einde vragenlijst. Wel beëindigd? Naar vraag 10. 10. Om welke reden is de hulpverlening beëindigd? N.B.: Niet invullen als de hulp nog niet beëindigd is Eén antwoord mogelijk De jeugdhulp is volgens plan beëindigd De cliënt heeft de hulp eenzijdig beëindigd De hulpaanbieder heeft de hulp eenzijdig beëindigd Cliënt en hulpaanbieder hebben de hulp in overeenstemming beëindigd De hulp is wegens externe omstandigheden beëindigd (de cliënt is bijvoorbeeld verhuisd) 29