Informatiebrochure Algemene informatie over eetstoornissen

Vergelijkbare documenten
Eetstoornissen. Mellisa van der Linden

Heb ik een eetstoornis?

Er bestaan 2 soorten anorexia: *het type vasten : het ondergewicht ontstaat door extreem vasten. Ze eten niets tot bijna niets en

Lesbrief Nationaal Jeugd Musical Theater, Modelkind.

Eetstoornissen DSM-5. Leonieke Terpstra & Maartje Snoek

Vrijwilliger. worden bij anbn?

Werkstuk Biologie Anorexia en boulimia

Herken je de volgende verschijnselen bij jezelf? Dan kan het zijn dat er sprake is van een eetbuistoornis.

Cognitieve gedragstherapie bij eetstoornissen

Inhoudsopgave. Voorwoord 11. Dankwoord 15. Inleiding 17

Stoornissen Anorexia nervosa

Intakeprocedure IKK Onderzoek Kosten Hoe kom je bij Novaru m terecht? Nazorggroep Novarum ANOrexIA NervOsA Nabehandeling

Belangrijkste eetstoornissen

Mensen met boulimia hebben vaak een normaal basisgewicht, en kunnen. Herken je de volgende verschijnselen bij jezelf? Dan kan het zijn dat je

7,6. Werkstuk door een scholier 2964 woorden 30 maart keer beoordeeld

Onderhuids. Workshop Zelfverwonding en Eetstoornissen. 9 december 2005

De grens tussen obesitas en eetbuistoornis. Werken met de REO

Spreekbeurt door een scholier 2307 woorden 19 september keer beoordeeld. Maatschappijleer. Presentatie eetstoornissen:

INFORMATIEBROCHURE EETSTOORNISSEN ANOREXIA NERVOSA BOULIMIA NERVOSA EETBUISTOORNIS

Verwijzen naar het Centrum voor Eetstoornissen

Mijn kind, een eetstoornis? Stichting Universitaire en Algemene Kinder- en Jeugdpsychiatrie Noord-Nederland

Wat voor invloed heeft het huidige modebeeld op het ontstaan van eetstoornissen?

Praktische opdracht ANW Depressies

Anorexia. Inleiding. Wat betekent Anorexia Nervosa nu eigenlijk?

Samen eetproblemen aanpakken in Rotterdam. Helpt u mee?

SLIM een revolutionaire visie

Diabetes & Eetstoornissen Een uiterst gevaarlijke combinatie. Prof. Dr. M. Vervaet - Universiteit Gent - Centrum voor Eetstoornissen

Eetstoornissen. Symptomen

niveau 2, 3, 4 thema 5.5

Buro PUUR Missie. Buro PUUR Visie. Onze producten. Eetstoornis. Signaleren in 5 stappen Jongeren in nood zichtbaar maken

Eetstoornissen. Als eten een obsessie is

Wat is Anorexia Nervosa?

Informatie over Eetstoornissen

Module A. Weten 13 Module B. Denken 21 Module C. Eten 32 Module D. Laten zitten 41 Module E. Baas over je brein 50

Inleiding. (leerlingbegeleider op een vmbo-school)

De Top 10 Dieet Mythen

NVE-K Kindrapportage. Nederlandse vragenlijst voor eetgedrag bij kinderen. Bloem Jones

NVE-K Ouderrapportage

Gezond gewicht. Wat kunt u er zelf aan doen? altijd dichtbij. Vraag ons gerust om advies.

Vaak zit er onder deze angst om dik te worden een dieper gelegen angst voor afwijzing door anderen.

BETEKENIS EN OORZAKEN VAN EETSTOORNISSEN: OPVATTINGEN VAN PATIËNTEN EN HUN OUDERS

ZELFINVULLIJST DEPRESSIEVE SYMPTOMEN (INVENTORY OF DEPRESSIVE SYMPTOMATOLOGY: IDS-SR) 1 (In te vullen door patiënt)

INLEIDING (7 pp.) Katelijne Van Hoeck, VWVJ

Centrum Eetstoornissen. Informatie voor verwijzers

Inhoud. Voeding en leefstijl bij en na kanker. 1. Voeding van vroeger tot nu. 1. Voeding van vroeger tot nu. 2.

Depressie bij ouderen

NVE-K. Nederlandse vragenlijst voor eetgedrag bij kinderen. HTS Report. Julia de Vries ID Datum

Sportief bewegen met een depressie. Depressie

Depressie. Informatiefolder voor cliënt en naasten. Zorgprogramma Doen bij Depressie UKON. Versie 2013-oktober

Depressie. Informatiefolder voor zorgteam. Zorgprogramma Doen bij Depressie UKON. Versie 2013-oktober

Gezond gewicht. Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies. Jouw gezondheid is onze zorg

Inhoud. Voorwoord 11. Inleiding 13 Wat vindt u in dit boek? 14 Voor wie is dit boek bedoeld? 15

lesbrief eetstoornissen geheim UITGAVE: STICHTING VOORKOM! T (030)

Mindful Eten Cyclus. Héb ik eigenlijk wel honger?

Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. InFoP 2. Inhoud

Werkboek Terugvalpreventie Jeugd Naam van de patiënt

InFoP 2. Informatie voor Familieleden omtrent Psychose. Inhoud. Inleiding

Verslaving. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over verslaving. Als iemand niet meer zonder... kan

Zelfmoordgedachten. Praat over wat je denkt, voelt, ervaart. Praten lucht op.

Dieet Vertrouwd Dichtbij

Datum: VRAGENLIJSTEN (1) Naam: Geboortedatum:

Angststoornissen. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over angst

Geweld in huis raakt kinderen. Informatie en advies voor ouders. huiselijkgeweldwb.nl cent per minuut

Terrorisme en dan verder Wat te doen na een aanslag?

Depressie. Meer dan een somber gevoel. Deze folder is voor doven en slechthorenden die meer willen weten over depressie

HTS Report NVE. Nederlandse vragenlijst voor eetgedrag. meneer 3 ID Datum Zelfrapportage. Hogrefe Uitgevers BV, Amsterdam

Denk jij dat je. vastloopt tijdens. je studie?

Een depressie. P unt P. kan u helpen. volwassenen

Een goede behandeling. begint bij de juiste diagnose. Gewichtstoename is te vergelijken met koorts

Zonder dieet lekkerder in je vel!

Wat is een depressie?

GEZONDHEIDSKUNDE-AFP LES 8. Lichamelijk welbevinden

Depressie bij ouderen

De Lastmeter. Hoeveel last heeft u van problemen, klachten en zorgen? Oncologie

Eet jezelf in balans.een nieuwe (blijvende!) oplossing voor eet- en gewichtsproblemen

Terrorisme en dan verder

TOOLKIT ROUW EN VERDRIET

Diaboulimia. Eetproblemen bij insuline afhankelijke diabetes. Anne-Marije Goutbeek Kinder- jeugdpsycholoog GZ psycholoog

Gatekeeper training workshop Trainer: Gerrie Hendriks

Maak kennis. met GGZ Friesland

Een cognitief gedragstherapeutisch behandelprotocol voor jongeren met een selectieve en/of restrictieve voedselinname stoornis (ARFID)

Slachtoffers van mensenhandel en geestelijke gezondheidszorg

Psychosociale problemen bij kanker

EEN GEZONDE LEVENSSTIJL AANNEMEN

Depressieve symptomen bij verpleeghuiscliënten

Depressie bij verpleeghuiscliënten

Online Psychologische Hulp Overspanning & Burn-out

Wil jij als voedingsprofessional ook specialist worden op gebied van Emotie-eten de baas?

Transcriptie:

Informatiebrochure Algemene informatie over eetstoornissen Editie 2015 Dit is een uitgave van AN-BN vzw Blijde Inkomststraat 113 3000 Leuven 016 89 89 89 www.anbn.be

1 INLEIDING Welkom! Deze informatiebrochure is onder andere bedoeld voor mensen die een werkstuk maken over eetstoornissen. Natuurlijk kunnen ook andere personen hier meer informatie vinden. We krijgen regelmatig vragen over eetstoornissen van leerlingen uit het middelbaar of het hoger onderwijs. Met de informatie die we je hier geven kom je alvast heel wat te weten over de soorten eetstoornissen, kenmerken, de behandeling en enkele vaak voorkomende misvattingen. Dit is een goede basis om je onderzoek mee te starten. Als je nadien toch nog meer concrete vragen hebt, kan je contact opnemen met onze vereniging via de website of de mail: info@anbn.be. We wensen je veel inspiratie tijdens je zoektocht naar meer inzicht in de problemen die personen met een eetstoornis en hun familieleden en omgeving ondervinden. Maak jij ook een werkstuk? We vinden het heel boeiend om te weten wat je met de informatie hebt kunnen doen die je via onze vereniging hebt gevonden. We ontvangen graag het resultaat van jouw werkstuk (per mail). Veel leesplezier! Els Verheyen Coördinator & psychologe bij ANBN

2 INHOUD Inleiding... 1 Inhoud... 2 1. Eetstoornis of eetprobleem?... 3 2. Verschillende soorten eetstoornissen... 5 1. ANOREXIA NERVOSA... 5 2. BOULIMIA NERVOSA... 7 3. BINGE EATING DISORDER (EETBUISTOORNIS)... 9 4. ANDERE MINDER BEKENDE EETSTOORNISSEN... 11 5. Wat zijn de oorzaken van eetstoornissen?... 14 1. Lichamelijke factoren... 14 2. Cultureel-maatschappelijke factoren... 14 3. Sociale factoren... 15 4. Psychologische factoren... 16 6. Eetstoornissen: de feiten... 17 7. Enkele mythes ontkracht... 20 8. Zeven elementen die bijdragen aan herstel... 21 9. Andere interessante bronnen... 22

3 1. EETSTOORNIS OF EETPROBLEEM? Eten moet iedereen doen om in leven te blijven en normaal te kunnen functioneren. Eten is daarnaast ook een sociaal gebeuren. We eten omdat het lekker of gezellig is, om iets te vieren en soms ook als troost. Wanneer je regelmatig eet en voldoende beweegt zal je op een gezond gewicht blijven en is er niets aan de hand. Soms kan het eten je meer en meer gaan bezighouden. Je voelt je misschien onzeker over je uiterlijk en je denkt dat je te dik bent. Hierdoor ga je misschien minder eten om af te vallen of je eet af en toe heel veel om jezelf te troosten. Hierdoor ga je je gespannen en ongelukkig voelen en dan spreekt men over een eetprobleem. Bij een eetprobleem zijn de klachten minder uitgesproken (en voldoen ze niet aan de diagnostische criteria van een eetstoornis). De gevolgen voor het psychische en sociale leven kunnen wel belemmerend en beperkend zijn, maar ze zetten niet je hele hoofd en leven overhoop. De risico s op lichamelijk vlak kunnen echter net als bij eetstoornissen wel gevaarlijk zijn. Dit is onder andere het geval bij een gewichtsprobleem zoals obesitas. Een beginnende eetstoornis is te herkennen aan volgende kenmerken: je wordt steeds banger om aan te komen je bent steeds meer bezig met gedachten over afvallen je probeert je gewicht te beheersen door extreem veel te bewegen, over te geven of laxeermiddelen te gebruiken je geraakt geobsedeerd door het getal op de weegschaal je probeert je heel erg aan een dieet of eetschema te houden, maar soms kan het zijn dat je de controle verliest en een eetbui hebt (sommige mensen met een eetstoornis hebben nooit last van eetbuien, voor anderen is dat het hoofdprobleem) Een eetstoornis (waaronder Anorexia Nervosa, Boulimia Nervosa, Eetbuistoornis en enkele minder bekende eetstoornissen) is een ernstige en ingewikkelde psychiatrische ziekte. Kenmerkend voor eetstoornissen zijn de immens grote angst om dik te worden en het verstoorde eetgedrag. Een eetstoornis ontwikkelt zich geleidelijk en op zo n manier dat je uiteindelijk op meerdere vlakken vastloopt. De stoornis heeft namelijk ernstige lichamelijke, psychische en sociale gevolgen. We raden mensen die een eetstoornis aan om gespecialiseerde hulp te zoeken. Dat kan eventueel ook betekenen dat je kiest voor een opname in een gespecialiseerde kliniek voor eetstoornissen. Het genezingsproces neemt vaak een lange periode in beslag, afhankelijk van de ernst en de duur van de eetstoornis. Ook voor partners, ouders en andere familieleden en vrienden kan het zinvol zijn om zich te informeren, maar ook om ondersteuning te zoeken voor zichzelf. Als supporter kan je een belangrijke bijdrage leveren aan het herstelproces van je dierbare, maar je moet het wel zelf

4 kunnen volhouden en het kan zeker ook zinvol zijn om eetstoornissen beter te leren begrijpen.

5 2. VERSCHILLENDE SOORTEN EETSTOORNISSEN Er bestaan verschillende soorten eetstoornissen. Lees er hier meer over. 1. Anorexia nervosa 2. Boulimia nervosa 3. Binge eating disorder (eetbuistoornis) 4. Enkele minder bekende eetstoornissen 1. ANOREXIA NERVOSA Mensen met anorexia nervosa zijn in hun hoofd erg bezig met eten en gewicht. Ze zijn daarnaast vaak ook bang om de controle te verliezen over het eten, maar ook over dingen die rondom hen gebeuren. Als je meerdere kenmerken uit de onderstaande lijst bij jezelf of bij iemand anders herkent, dan kan het zijn dat er sprake is van anorexia nervosa: Een zeer laag lichaamsgewicht hebben en jezelf toch te dik vinden. Veel gewichtsverlies in korte tijd (ook bij een gezond gewicht of te hoog gewicht!). Zolang je niet eet, voel je je sterk. Je verbergt voor anderen dat je niet eet. Bijvoorbeeld door excuses te bedenken om niet met anderen te hoeven eten. Nadat je gegeten hebt, braak je het eten uit. Je zorgt dat anderen niet merken dat je hebt overgegeven. Je sport overmatig. Niet per se omdat het leuk is, maar vooral om af te vallen. Je gebruikt laxeermiddelen om voedsel zo snel mogelijk weer kwijt te raken. Je staat meerdere keren per dag op de weegschaal. Je schaamt je voor anderen als je iets eet. Je raakt in paniek als je ook maar iets aankomt. Je lichaam vermagert sterk. De hele dag door ben je bezig met afvallen. Je maakt jezelf wijs dat er niets aan de hand is. Je staat uren in de keuken om voor anderen te koken, maar zelf eet je niet of nauwelijks. Er bestaan twee vormen van anorexia nervosa: Restrictieve anorexia: bij dit type van anorexia gebruiken mensen voornamelijk methoden als vasten, streng diëten of overmatige lichaamsbeweging om zichzelf van calorieën te bevrijden en gewichtstoename te voorkomen.

6 Anorexia van het gemengde of purgerende type: bij dit type anorexia gebruiken mensen braken, laxeermiddelen of klysma s na eetbuien om het overtollige voedsel uit het lichaam te verwijderen. Gevolgen van anorexia Anorexia nervosa is een ernstige ziekte met heftige emotionele, sociale en lichamelijke gevolgen. Of je hier last van hebt en in welke mate, hangt af van hoe lang en hoe ernstig je ziek bent. A. Emotionele gevolgen van anorexia Je emoties vervlakken of worden juist heel hevig. Je hebt moeite om dingen te onthouden en hebt last van concentratieproblemen. Depressieve en angstgevoelens komen regelmatig voor. Zowel je dagelijkse routine als je humeur worden bepaald door gedachten over eten, gewicht en uiterlijk. Omdat het je niet lukt de controle over het eten te bewaren, raakt je gevoel van zelfwaardering steeds meer aangetast. Je gedachten over je lichaam wijken steeds meer af van de realiteit. B. Sociale gevolgen van anorexia Je hebt steeds vaker conflicten met familie en vrienden die bezorgd zijn om je gezondheid. Je vindt het steeds lastiger om met anderen samen te zijn en raakt daardoor sociaal geïsoleerd. Je merkt dat je nog weinig belangstelling hebt voor wat ooit belangrijk voor je was, zoals hobby s, opleiding, werk, vrienden, etc. Er komen problemen op school of op je werk omdat je vaak ziek bent. Je hebt minder zin in of behoefte aan intimiteit of seks. C. Lichamelijke gevolgen van anorexia Je ontwikkelt hormoonafwijkingen, waardoor je menstruatie uitblijft en je onvruchtbaar kan worden. Regelmatig krijg je last van maag- en darmklachten, zoals verstoppingen, een opgeblazen gevoel en diarree. Je hebt het koud en je krijgt last van blauwe handen en voeten. Slaapproblemen ontstaan, waardoor je bijvoorbeeld moeilijk inslaapt of heel vroeg wakker wordt. Het glazuur van je tanden raakt aangetast door het braken, net als je keel en slokdarm.

7 Je krijgt een slappe, droge en schilferige huid. Soms heb je een donsachtige beharing op je gezicht, armen, borst en rug. Dit wordt ook wel lanugobeharing genoemd. Je ontwikkelt problemen met hart- en bloedvaten. Je kunt daardoor last hebben van beven, wazig zien, duizeligheid, hartkloppingen en hartritmestoornissen. Deze problemen kunnen zelfs een hartstilstand tot gevolg hebben. Na verloop van tijd kunnen botafbraak, oedeem en spierzwakte optreden. Je maag kan krimpen, waardoor je steeds minder voedsel kan verteren. Sommige mensen ontwikkelen reflux, waarbij de inhoud van je maag terug naar boven komt. Door je eetpatroon geraakt je honger- en verzadigingsgevoel verstoord. Blijvende gevolgen van anorexia Veel van de genoemde lichamelijke gevolgen van anorexia verdwijnen als je van de eetstoornis herstelt. Sommige gevolgen kunnen echter blijvend zijn: Als vrouw heb je een grotere kans op complicaties bij de geboorte van je kinderen. Langdurig ondergewicht kan ervoor zorgen dat je onvruchtbaar wordt. Kinderen met anorexia kunnen in lichaamsgroei en seksuele ontwikkeling achterblijven. 2. BOULIMIA NERVOSA Boulimia nervosa is een ernstige, mogelijk levensbedreigende eetstoornis. Mensen met boulimia kunnen stiekem grote hoeveelheden van voedsel eten en die vervolgens uitbraken. Dit is een ongezonde manier om zich van de overtollige calorieën te ontdoen. Zo kan iemand met boulimia braken of teveel lichaamsbeweging nemen. Mensen met boulimia kunnen ook na het eten van slechts een kleine snack of een normale maaltijd het eten proberen uit te braken. Boulimia kan worden ingedeeld in twee typen: Purgerende boulimia: bij deze vorm van boulimia gebruiken mensen braken, laxeermiddelen of klysma s na eetbuien om het overtollige voedsel uit het lichaam te verwijderen. Niet-purgerende boulimia: bij dit type boulimia gebruiken mensen methoden als vasten, streng diëten of overmatige lichaamsbeweging om zichzelf van calorieën te bevrijden en gewichtstoename te voorkomen. Beide typen kunnen elkaar overlappen. De poging om zichzelf van extra calorieën te ontdoen wordt meestal aangeduid als compenseren, ongeacht de methode. Mensen met boulimia zijn veel bezig met hun gewicht en lichaamsvorm, en kunnen streng oordelen over zelf-waargenomen gebreken. Omdat bij deze aandoening het zelfbeeld centraal staat en niet alleen het eten kan boulimia moeilijk te overwinnen zijn. Er

8 bestaan echter effectieve behandelingen die mensen met boulimia kunnen helpen zich beter te voelen over zichzelf en om een vast, gezond eetpatroon te ontwikkelen. Kenmerken boulimia Net zoals bij anorexia nervosa zijn er verschillende signalen die kunnen wijzen op boulimia nervosa. Als je meerdere kenmerken herkent, kan er sprake zijn van deze eetstoornis. Je bent veel bezig met je lichaamsvorm en gewicht. Je bent bang voor gewichtstoename. Je verstopt voedsel of slaat het op om later in het geheim op te eten. Je hebt het gevoel dat je je eetgedrag niet onder controle hebt. Als je eet, eet je door tot het punt dat je je ongemakkelijk voelt of pijn krijgt. Tijdens een eetbui eet je veel meer voedsel dan tijdens een normale maaltijd. Je dwingt jezelf om te braken of overmatig aan lichaamsoefeningen te doen. Je maakt misbruik van laxeermiddelen en/of klysma s na het eten. Je gebruikt voedingssupplementen of kruiden die bedoeld zijn om gewichtsverlies te stimuleren. Gevolgen van boulimia nervosa Boulimia nervosa is een ernstige ziekte met heftige emotionele, sociale en lichamelijke gevolgen. Of je hier last van hebt en in welke mate, hangt af van hoe lang en hoe ernstig je ziek bent. A. Emotionele gevolgen van boulimia Je emoties vervlakken of worden juist heel hevig. Je hebt moeite om dingen te onthouden en hebt last van concentratieproblemen. Depressieve en angstgevoelens komen regelmatig voor. Zowel je dagelijkse routine als je humeur worden bepaald door gedachten over eten, gewicht en uiterlijk. Omdat het je niet lukt de controle over het eten te bewaren, raakt je gevoel van zelfwaardering steeds meer aangetast. Je gedachten over je lichaam wijken steeds meer af van de realiteit. B. Sociale gevolgen van boulimia Je hebt steeds vaker conflicten met familie en vrienden die bezorgd zijn om je gezondheid. Je vindt het steeds lastiger om met anderen samen te zijn en raakt daardoor sociaal geïsoleerd. Je merkt dat je nog weinig belangstelling hebt voor wat ooit belangrijk voor je was, zoals hobby s, opleiding, werk, vrienden, etc. Er komen problemen op school of op je werk omdat je vaak ziek bent. Je hebt minder zin in of behoefte aan intimiteit of seks.

9 C. Lichamelijke gevolgen van boulimia Door braken of laxeren kan je uitdrogen, wat kan leiden tot ernstige medische problemen, zoals nierfalen en hartfalen. Je kan hartproblemen krijgen, zoals een onregelmatige hartslag of tachycardie. Door de verstoring in de elektrolytenbalans kan je hart tot stilstand komen. Het braken kan leiden tot ernstig tandbederf en tandvleesaandoeningen. Door verstoringen in de hormonen kan je menstruatie ontregeld worden en zelfs uitblijven. Je kan problemen ontwikkelen met de spijsvertering en eventueel afhankelijk worden van laxeermiddelen om stoelgang te hebben. Boulimia nervosa is net zo riskant voor de gezondheid als anorexia nervosa. Bijna tweederde van degenen die overlijden aan de gevolgen van boulimia nervosa, overlijden aan de complicaties ervan in verband met kaliumgebrek. Pogingen tot zelfdoding komen zowel voor bij mensen met anorexia nervosa als boulimia nervosa, maar verhoudingsgewijs veel vaker bij mensen met boulimia nervosa. Een reden daarvoor is dat mensen met boulimia nervosa vaak het gevoel hebben geen controle meer over hun eetgedrag en hun leven te hebben. 2% tot 10% van de mensen met anorexia nervosa en boulimia nervosa overlijdt vroegtijdig, naar schatting één derde door suïcide en twee derde door lichamelijke complicaties. 3. BINGE EATING DISORDER (EETBUISTOORNIS) Binge eating disorder wordt gekenmerkt door dwangmatig overeten. Deze eetstoornis komt vaker voor bij mannen dan de eetstoornissen anorexia en boulimia nervosa. Mensen die aan een eetbuistoornis lijden kunnen in korte tijd grote hoeveelheden voedsel eten. Dit wordt een eetbui genoemd. Tijdens een eetbui voelen veel mensen dat ze geen controle hebben over de situatie. De symptomen van de eetbuistoornis beginnen meestal in de late tienerjaren of vroege volwassenheid. Ze treden vaak op na een dieet. Een eetbui duurt gemiddeld 2 uur, maar sommige mensen hebben eetbuien over de hele dag. Mensen met binge eating disorder eten vaak terwijl ze eigenlijk geen honger hebben. Ze blijven dan eten, hoewel ze verzadigd zijn. Het eten kan zo snel gaan, dat er nauwelijks besef is van wat ze eten of proeven. Twee typerende kenmerken van binge eating disorder zijn: regelmatig terugkerende en oncontroleerbare eetbuien hebben tijdens of na de eetbuien gevoelens ervaren van verdriet of boosheid Dergelijke eetbuien kunnen ook voorkomen bij een andere eetstoornis, boulimia nervosa. BED en boulimia verschillen van elkaar. Mensen met BED ondernemen geen pogingen om een eetbui ongedaan te maken. Maar mensen met boulimia braken, vasten of sporten veel om een eetbui te compenseren. Mensen die lijden aan binge eating kunnen daarbij net zo sterk worstelen met gevoelens van schuld, walging en depressie. Ook kunnen ze zich zorgen maken over de gevolgen van de eetbuien voor hun lichaam. Soms doen ze pogingen

10 om de eetbuien te stoppen, maar achten dit onbegonnen werk. Vaak straffen ze zichzelf voor hun gebrek aan zelfbeheersing. Iedere persoon heeft echter andere gevoelens en gedachten bij de eetstoornis waar hij/zij aan lijdt. Kenmerken binge eating disorder Mensen met binge eating disorder schamen zich wel eens over hun eetgewoonten. Ze proberen vaak om hun symptomen te verbergen en eten stiekem. Veel mensen met binge eating disorder hebben overgewicht of obesitas. Sommigen hebben een normaal gewicht. De volgende symptomen kunnen voorkomen bij mensen met binge eating disorder: je eet, ook al ben je eigenlijk al verzadigd je schaamt je voor de hoeveelheid die je eet je eet snel grote hoeveelheden voedsel je eet de hele dag door, zonder geplande maaltijden je hebt nooit een voldaan gevoel, hoeveel je ook eet je voelt je schuldig, walgelijk of depressief na een eetbui je ervaart stress of spanning die alleen kan worden verzacht door eten je verstopt voedsel of slaat het op om later in het geheim op te eten je hebt het gevoel dat je niet kan stoppen met eten en dat je niet onder controle hebt hoeveel en wat je eet in het bijzijn van anderen eet je normaal voedsel en normale porties. Alleen (of vooral) als je alleen bent heb je last van eetbuiten je doet wanhopige pogingen om je gewicht en eetgewoonten onder controle te houden tijdens eetbuien ervaar je een gevoelloosheid, het lijk alsof je er niet echt bij bent, of dat je op automatische piloot leeft A. Lichamelijke gevolgen Binge eating disorder is niet gezond voor het lichaam. Er is sprake van een onregelmatig eetpatroon, eetbuien en (extreem) overgewicht. Een persoon met binge eating eet vaak eerder eenzijdig: producten met veel suiker en vet, maar weinig (andere) nuttige voedingsstoffen. Voedingsstoffen zijn stoffen in de voeding die nodig zijn voor een gezond lichaam. Ieder voedingsmiddel bevat een andere combinatie van voedingsstoffen. Het is belangrijk om te variëren met verschillende voedingsmiddelen. Op die manier wordt het lichaam voorzien van alle verschillende voedingsstoffen die het nodig heeft. Het is daardoor mogelijk dat je tekorten aan ontwikkelt, zelfs als je een normaal gewicht of overgewicht hebt. Een tekort aan deze stoffen kan leiden tot verschillende problemen zoals bijvoorbeeld luchtweginfecties, hart- en vaatziekten, uitval van de nieren en blindheid. Regelmatig overeten kan de maag uitrekken. Dit verstoort het natuurlijke gevoel van honger en verzadiging. Ook kunnen gebitsproblemen ontstaan door de grote hoeveelheden suiker.

11 Andere mogelijke medische complicaties bij binge eating kunnen zijn: arthrose diabetes type 2 hoge bloeddruk hoge cholesterolwaarden hart- en vaatziekten galblaasaandoeningen gewrichts- en spierpijn bepaalde soorten kanker maagdarmaandoeningen slaapapneu B. Psychische en sociale gevolgen Mensen met BED rapporteren meer gezondheidsproblemen, stress, slapeloosheid en suïcidale gedachten dan mensen zonder eetstoornis. Depressie, angst en alcohol- en drugsmisbruik zijn ook veelvoorkomende gevolgen. Binge eaters denken vaak aan eten, hun gewicht en hun figuur. Er wordt veel tijd besteed aan het plannen en geheimhouden van eetbuien, bijvoorbeeld door manieren te bedenken om onopvallend aan eten te komen. Hier gaat veel tijd in zitten. Daarnaast is er meestal sprake van schaamte over het eetgedrag en het lichaam. Het kan voorkomen dat iemand niet meer naar buiten durft. De angst om beoordeeld te worden door andere mensen is dan te groot. De kans om in een isolement te belanden is dan ook groot. Veel eten kost ook veel geld. Financiële problemen kunnen het schuldgevoel vergroten en het zelfvertrouwen nog meer verlagen. 4. ANDERE MINDER BEKENDE EETSTOORNISSEN Eetstoornis niet anderszins omschreven of eetstoornis-nao Het kan voorkomen dat iemand veel, maar niet alle symptomen heeft van een eetstoornis. In dat geval spreken we van een eetstoornis niet anderszins omschreven, oftewel eetstoornis- NAO. Enkele voorbeelden hiervan: Een meisje vertoont alle verschijnselen van anorexia nervosa, maar zij menstrueert gewoon. Een jonge man heeft geregeld eetbuien waarbij veel en snel gegeten wordt, maar doet dit één keer per week en pas sinds twee maanden. Een vrouw heeft geregeld eetbuien en braakt daarna het eten uit, maar doet dit minder dan één keer per week. Een man is in korte tijd veel afgevallen en vertoont alle gedragingen die bij anorexia nervosa horen, maar heeft geen ondergewicht.

12 Een jonge vrouw braakt meer dan twee keer per week, maar doet dit na het eten van slechts twee koekjes. Een jongen heeft alle kenmerken van anorexia maar eet doorgaans normaal en houdt zijn lichaamsgewicht laag door extreem veel te sporten. Voorheen werd ook de eetbuistoornis beschouwd als boulimia nervosa zonder braken, laxeren, vasten of sporten. Destijds werd dit daarom tot de eetstoornissen NAO gerekend. Tegenwoordig wordt de eetbuistoornis als een aparte aandoening gerangschikt. Een eetstoornis NAO is ernstig en moet niet onderschat worden. Herstel is mogelijk met de juiste hulpverlening. Het is daarbij zaak zo snel mogelijk hulp in te roepen. Dit vergroot de kans op volledig herstel. Anorexia athletica Bij anorexia athletica is er sprake van dwangmatig bewegen en sporten. Er wordt meer bewogen dan wat als gezond wordt beschouwd. Het gevoel van eigenwaarde hangt af van hoe lang en intensief er getraind is. Door het overmatig sporten en bewegen wordt er te veel van het lichaam gevraagd. Meestal wordt er onvoldoende tijd genomen om te rusten en goed te eten waardoor de gezondheid achteruitgaat. Anorexia athletica kan een onderdeel zijn van een onderliggende eetstoornis, zoals anorexia nervosa of boulimia nervosa. Deze aandoening komt echter ook op zichzelf voor. Anorexia athletica is geen officiële diagnose. Orthorexia nervosa Mensen die lijden aan orthorexia nervosa zijn geobsedeerd door gezond en hoogwaardig voedsel. Ze zijn op een dwangmatige manier met voeding bezig en worden er volledig door opgeslokt. Hun gevoel van eigenwaarde is afhankelijk van hun voedingspatroon. Deze mensen laten steeds meer voedingsmiddelen weg omdat ze deze als ongezond beschouwen. Hierdoor ontstaat een eenzijdig voedingspatroon en kunnen er tekorten ontstaan. Orthorexia nervosa is geen officiële diagnose. Nachteten of NES Nachteten, oftewel het night eating syndrome of NES, valt onder de categorie Eetstoornis NAO. Bij nachteten is er sprake van gebrek aan eetlust 's ochtends. Meer dan vijftig procent van de dagelijkse ingenomen calorieën wordt pas na de avondmaaltijd genuttigd. Er is echter geen sprake van een eetbui, het voedsel wordt in een normaal tempo de hele nacht door gegeten. Dit gaat gepaard met spanning en schaamte. Schuldgevoelens spelen een rol bij het gebrek aan eetlust de volgende ochtend. Als dit patroon zich twee maanden of langer voordoet, spreken we van nachteten. Pica Bij deze eetstoornis worden zaken gegeten die niet voor consumptie geschikt zijn, zoals klei, kalk, verfsnippers, papier of sigarettenas. Er is sprake van pica als deze neiging zich langer dan één maand voordoet. Pica komt relatief veel voor bij kleine kinderen, maar zij groeien er veelal overheen. Ook relatief veel zwangere vrouwen hebben pica. Gedacht wordt dat een

13 tekort aan mineralen een oorzaak is. Maar ook stress kan een rol spelen bij het ontstaan van pica. Bovendien kan het onderdeel zijn van een onderliggende eetstoornis. Ruminato Bij de ruminatiestoornis of ruminato wordt het eten niet gewoon doorgeslikt, maar keer op keer herkauwd na een oprisping. Deze oprispingen kunnen bewust worden opgewekt of onwillekeurig zijn. De precieze oorzaak is niet bekend, maar de oprispingen worden niet veroorzaakt door een aandoening aan de slokdarm of maag. Gebeurt dit patroon van herkauwen langer dan een maand, dan is er sprake van ruminato. Deze aandoening komt relatief veel voor bij kleine kinderen die er vaak weer overheen groeien. Ook kan het onderdeel zijn van een onderliggende eetstoornis.

14 5. WAT ZIJN DE OORZAKEN VAN EETSTOORNISSEN? Er is niet één oorzaak voor het ontstaan van eetstoornissen aan te wijzen. Een combinatie van factoren speelt een rol. Omdat anorexia en boulimia overwegend bij vrouwen en meisjes voorkomen, hebben cultureel-maatschappelijke en sociale verklaringen zich tot nu toe grotendeels toegespitst op hun situatie. Maar ook jongens en mannen lijden aan eetstoornissen. Het zal daarom duidelijk zijn dat geen van de afzonderlijke factoren op zichzelf de doorslag geeft. Het gaat altijd om een samenspel, waarbij de invloed van de specifieke factoren bij elke patiënt weer enigszins anders kan liggen. Globaal spreken we van volgende factoren die passen binnen een biopsychosociaal verklaringsmodel. 1. LICHAMELIJKE FACTOREN Tot nu toe zijn er geen ondubbelzinnige aanwijzingen dat eetstoornissen een puur lichamelijke oorzaak hebben. Naar zaken als erfelijkheid, zink- of leptinetekort en de invloed van stoffen in de hersenen (neurotransmitters) wordt onderzoek gedaan, maar vooralsnog zonder doorslaggevend resultaat. We weten dat genetische factoren een rol spelen, en dus dat een zekere aanleg nodig is voor het ontwikkelen van eetstoornissen. Maar die aanleg moet door ervaringen tijdens het leven worden uitgelokt om tot uiting te kunnen komen. Wel lijkt het erop dat overdreven lijnen een belangrijke risicofactor is. Mensen die zichzelf het voedsel ontzeggen dat zij nodig hebben, gaan automatisch aan eten denken - daar zorgt het lichaam wel voor. Een vermageringsdieet of eenzijdige voeding (o.a. onevenwichtig vegetarisch eten) kan dus het begin vormen van een obsessie met eten en een verstoring van het honger- en verzadigingsmechanisme. Zijn mensen eenmaal op deze weg, dan kunnen zij doorslaan naar steeds strenger vasten. Ook kan hongeren tot gevolg hebben dat er eetbuien ontstaan, die meestal uitmonden in een steeds chaotischer eetpatroon. Daardoor komen mensen dan in een vicieuze cirkel terecht. Soms kan een ziekte of operatie de aanleiding zijn tot vermagering. Deze was aanvankelijk ongewild maar het gewichtsverlies wordt toch als positief ervaren en daarna gaat men zelf de vermagering doorzetten. Sommige patiënten gebruiken lichamelijke klachten ( maaglast, voedselallergie ) als excuus voor het weinig eten. 2. CULTUREEL-MAATSCHAPPELIJKE FACTOREN De toename van het aantal vrouwen met eetproblemen kan in verband gebracht worden met de veranderende rol van vrouwen in de westerse samenleving. Aan de ene kant moeten vrouwen nog teveel het ideaal van de zorgende, zachtaardige en aantrekkelijke echtgenote en moeder naleven; aan de andere kant worden ook steeds meer traditioneel 'mannelijke' activiteiten van hen verwacht, zoals presteren in studie of carrière maken. Deze vaak

15 tegenstrijdige verwachtingen kunnen leiden tot het onmogelijke streven om op alle vlakken 'perfect' te zijn of tot verwarring over de eigen identiteit als vrouw. Eén eis die aan vrouwen in de westerse cultuur wordt gesteld speelt daarbij een centrale rol: slank zijn. Het slankheidsideaal lijkt een belangrijke factor in het ontstaan van eetstoornissen. Het 'ideale' vrouwelijke figuur, zoals dat in de media veelvuldig wordt getoond, is steeds minder vrouwelijk, dat wil zeggen: heeft steeds minder heupen en billen. Het gewicht van modellen ligt dikwijls ruim onder de grens waarbij een vrouw kan menstrueren. Onder invloed van deze 'ideaalbeelden' doen veel vrouwen dan ook 'aan de lijn', soms een leven lang. Meisjes blijken steeds jonger ontevreden te zijn met hun uiterlijk en proberen hun voedselinname te beperken. Op dieet gaan vormt een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van eetstoornissen. Voor mensen met anorexia geldt dat zij doorschieten in hun lijngedrag; voor mensen met boulimia geldt dat het lijngedrag het ontstaan van eetbuien in de hand werkt. 3. SOCIALE FACTOREN De invloed van het westerse slankheidsideaal dringt uiteraard niet alleen door via de media, maar manifesteert zich ook in de sociale omgeving. Ongezond lijngedrag van bijvoorbeeld een ouder kan leiden tot ongezond lijngedrag van een kind. Herhaalde, kritische opmerkingen over lichaamsomvang, uiterlijk en gewicht door familieleden, partners, vrienden, klasgenoten, medestudenten of collega's kunnen aanleiding geven tot onnodig lijngedrag, dat zich weer kan ontwikkelen tot anorexia, boulimia of eetbuistoornis. Maar kritische opmerkingen hoeven niet eens aan een persoon zelf gericht te zijn om een negatief effect te hebben. Waar mensen op hun uiterlijk worden beoordeeld (modebladen, omroepsters, missverkiezingen ), zal men de heersende normen al snel op zichzelf gaan toepassen. Wanneer lichamelijke perfectie van groot belang wordt geacht (zoals in het ballet, de modellenwereld en in de sport), lopen vrouwen/mannen het risico om de pedalen te verliezen in hun streven om aan die norm te voldoen. Behalve de druk uit de directe omgeving om aan het slankheidsideaal te voldoen, kan de omgeving ook nog op een andere manier aanleiding geven tot het ontwikkelen van eetproblemen. Vaak komt het voor dat mensen met een eetstoornis binnen het gezin niet voldoende geleerd hebben om hun gevoelens te uiten of conflicten op te lossen. Zij kunnen dan moeilijk omgaan met emoties, zoals boosheid en verdriet, en vinden in het niet of teveel eten een uitlaatklep of verdoving. Ook ingrijpende traumatische ervaringen, zoals seksueel misbruik, lichamelijk geweld, psychische vernedering of verlieservaringen kunnen leiden tot het ontstaan van een eetstoornis.

16 4. PSYCHOLOGISCHE FACTOREN Hoewel cultureel-maatschappelijke en sociale factoren voor het ontstaan van eetproblemen zeker een rol van betekenis spelen, zullen vooral ook meer persoonlijke factoren van belang zijn. Mensen met eetstoornissen zijn over het algemeen gesproken meer kwetsbaar en gevoeliger dan anderen. Ze willen alles erg goed doen, maar slagen hier in hun eigen ogen bijna nooit in. Wanneer vanuit deze onzekerheid conclusies worden getrokken die vervolgens het denken gaan bepalen ('Alleen als ik tien kilo afval, zullen mensen mij aardig vinden'), komen zij in een neerwaartse spiraal terecht met als resultaat dat het succes of het falen in verband gebracht wordt met het lichaamsgewicht. Een vertekend lichaamsbeeld, lage zelfwaardering en sterk zelfkritisch perfectionisme zijn dan ook kenmerkend voor mensen met eetstoornissen. Het feit dat eetproblemen vaak in de puberteit ontstaan, wijst erop dat juist de grote lichamelijke en psychologische veranderingen van die periode tot een groter risico leiden. Zeker meisjes in de puberteit laten een grote daling in zelfvertrouwen zien. Onzekerheid over de nieuwe rol als vrouw kan leiden tot de behoefte om het meisjeslichaam 'in de hand te houden'. Ook kan het eetgedrag een manier zijn om een besef van eigenheid of identiteit te ontwikkelen in een periode waarin jongeren zoekend zijn naar wie ze zijn en wat ze belangrijk vinden in het leven. Beheersing van het lichaam wordt dan synoniem voor controle over het eigen leven. Eetstoornissen kunnen echter ook na de puberteit ontstaan. In dat geval spelen soms bijzondere gebeurtenissen een rol die kennelijk niet goed verwerkt kunnen worden, zoals een verbroken relatie, het overlijden van een geliefd persoon, het huis uit gaan, seksueel misbruik, een zwaar examen moeten doen of het krijgen van een kind. Meer informatie over het leven met een eetstoornis op volwassen leeftijd kan je vinden in het boek Leven met een eetstoornis van Karolien Selhorst (2014).

17 6. EETSTOORNISSEN: DE FEITEN Eetstoornissen zoals anorexia nervosa, boulimia nervosa, eetbuistoornis en andere vormen van eetstoornissen zijn ernstige psychiatrische stoornissen. Hun omschrijving is opgenomen in DSM-5 (2013) en wordt internationaal erkend. Anorexia nervosa komt voor bij ongeveer 10% van alle personen met een eetstoornis. Boulimia nervosa, eetbuistoornis en de restgroep eetstoornissen niet anders omschreven komen elk twee tot drie keer vaker voor. 1 op 10 personen met anorexia of boulimia nervosa is een man. 4 op 10 personen met eetbuistoornis is een man. Eetstoornissen gaan vaak samen met andere stoornissen, zoals angst- en stemmingsstoornissen, dwangstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen of andere problemen. Dit samengaan noemen we comorbiditeit. Bij anorexia nervosa heeft 4 op 10 nog een andere stoornis, bij boulimia nervosa 7 op 10 en bij eetbuistoornis 6 op 10. Eetstoornissen komen voor in alle lagen van de bevolking, in alle leeftijdscategorieën. Toch vormen meisjes en vrouwen tussen 10 en 30 jaar de grootste risicogroep. Naar schatting lijdt 10% in deze leeftijdsgroep aan een van de soorten eetstoornissen. Houden we hiermee rekening, zeker gezien eetstoornissen nog meer voorkomen in de leeftijdsgroep 10-20 jaar, dan komen we ruwweg tot volgende schatting van eetstoornissen bij Belgische vrouwen tussen 10 en 30 jaar: 3.7% anorexia nervosa, 3.8% boulimia nervosa, 4.4% eetbuistoornis, 6.8% allerlei eetbuien of een totaal (gelijk welke eetstoornis) van 10.3%. Dit betekent dat in ons land een op de tien vrouwen ooit tussen 10 en 30 jaar een eetstoornis heeft gehad. (Eetexpert.be, 2009, Nieuwsbrief 8, p. 2-3) We weten niet exact hoeveel mensen in België lijden aan een eetstoornis of hoeveel mensen hulp zoeken voor een eetstoornis. Wel kennen we sinds 2009 een schatting dankzij een grootschalig Europees onderzoek van Preti en collega s. De schatting werd verwerkt door Eetexpert.be op basis van de gedetailleerde resultaten van het onderzoek. De resultaten geven geen exacte cijfers weer. Wel kunnen we afleiden dat eetstoornissen vaker voorkomen dan in Nederland, wat een nieuw gegeven is. Tot in 2009 ging men ervan uit dat de cijfers uit Nederland gewoon getransponeerd konden worden naar de situatie in België. Verder kunnen we ons beroepen op de gegevens die Domus Medica gebruikt. Dit is een organisatie die informatie uit wetenschappelijk onderzoek verzamelt voor huisartsen. Domus Medica schat dat er in Vlaanderen ongeveer 1000 personen met anorexia nervosa zijn en 4050 personen met boulimia nervosa. Zij baseerden deze schatting op het standaardwerk Handboek Eetstoornissen (Vandereycken & Noordenbos, 2008). Voor de diagnose eetbuistoornis zijn er voorlopig nog geen Vlaamse of Belgische cijfers bekend op basis van dit handboek. Wanneer we kijken naar onderzoeken uit het buitenland (vb. Canada

18 en Australië) mogen we wel aannemen dat de eetbuistoornis minstens even frequent voorkomt als boulimia nervosa en misschien zelfs nog vaker. In de Nederlandse Multidisciplinaire Richtlijn Eetstoornissen (Trimbos, 2006) vinden we verder ook nog volgende cijfers: zij schatten dat er 5500 Nederlanders zijn met anorexia nervosa, 22300 personen met boulimia en tot wel 160000 personen met een eetbuistoornis. Eetbuien verschillen van overeten door hun dwangmatige karakter en door de hoeveelheid voedsel. Wie een eetbui heeft, krijgt het gevoel de controle te verliezen. Men eet op korte tijd veel meer dan iemand anders zou doen en men kan dit niet tegenhouden. Nadien komen vaak angst- en schuldgevoelens naar boven. Dit kan leiden tot compensatiegedrag (zoals braken, laxeren of periodes van vasten), maar bij personen met eetbuistoornis blijft dit compensatiegedrag uit. We weten nog niet goed hoe eetstoornissen veroorzaakt worden. Wel weten we dat het gaat om een complex geheel van genetische, biologische, psychologische, sociale en culturele factoren. Elk verhaal van mensen met een eetstoornis is uniek, hoewel er veel gelijkenissen kunnen zijn. Door deze unieke mix is het moeilijk om een gepaste behandeling te vinden. Hoe vroeger op zoek gaat naar hulp om de eetstoornis te tackelen, hoe groter de kans op volledig herstel. Nog veel te weinig mensen zoeken (tijdig) professionele hulp. Uit onderzoek bleek dat 35% van de personen met anorexia nervosa nog geen hulp zochten bij hun eetstoornis, bij boulimia nervosa bedroeg dit cijfer 48% en bij de overige eetstoornissen 30% (Preti et al., 2009). Ongeveer 5 à 8% van de mensen met anorexia nervosa overlijdt vroegtijdig aan de gevolgen van de eetstoornis. Een derde hiervan overlijdt door zelfdoding. Bij de andere eetstoornissen is dit percentage minder uitgesproken, maar dit kan een onder-rapportering zijn. Steinhausen (2009) vond dat slechts 0,32% van de personen met boulimia nervosa vroegtijdig overleed aan de gevolgen van de eetstoornis. We vermoeden dat de diagnose soms gemist wordt door artsen die de doodsoorzaak moeten vaststellen. Mensen met boulimia nervosa hebben immers gemiddeld gesproken een normaal BMI, wat het moeilijker maakt om de stoornis te herkennen. Uit onderzoek van Steinhausen (2002, 2009) blijkt dat ongeveer de helft van de personen met eetstoornissen volledig herstelt. Dertig procent verbetert beduidend maar houdt nog wel wat problemen over (vb. ondermijnende gedachten). De resterende twintig procent blijft langdurig aan een eetstoornis lijden. We weten niet welke elementen bepalen of iemand tot deze laatste categorie zal behoren of toch stappen naar herstel kan zetten. Ook wie langdurig aan een eetstoornis lijdt (10 jaar of langer) kan nog herstellen. De kansen worden wel kleiner, maar de kans wordt nooit 0%.

19 In 2014 werd door een masterproefstudente (Nelle Janssens) aan KU Leuven onderzoek gedaan naar de kenmerken van eetstoornispatiënten in Vlaamse eetstoorniscentra. Daarvoor werden alle gespecialiseerde centra in Vlaanderen bevraagd (KU Leuven Campus Kortenberg en UZ Leuven, Psychiatrische Kliniek Alexianen Tienen, Centrum voor Eetstoornissen UZ Gent, Eetkliniek Paika UZ Brussel-VUB en ZNA-UKJA Antwerpen). Een grote groep (51.6%) werd residentieel behandeld, een iets kleinere groep (39.6%) ambulant. 94% van de patiënten waren vrouwen en de gemiddelde leeftijd bedroeg 22.6 jaar (met een grote spreiding want de jongste was 8 jaar en de oudste 65 jaar). 52.8% leden aan anorexia nervosa, 17.7% aan boulimia nervosa, 18.8% aan een eetstoornis niet anders omschreven en 10.7% aan een eetbuistoornis. De gemiddelde ziekteduur was 5 jaar en 6 maanden. De leeftijd speelde hierbij een rol want patiënten jonger dan 15 jaar werden meer ambulant behandeld en patiënten ouder dan 20 jaar meer residentieel. Slechts 8.8% volgde dagbehandeling en in deze groep bedroeg de gemiddelde leeftijd 32.1 jaar. Tussen deze drie groepen was er geen verschil in ziekteduur. Alle patiënten werden vooraf al ambulant behandeld door een psycholoog (59.3%), diëtist (25.7%), huisarts (23.4%), psychiater (20.8%), zelfhulp (0.7 %) of andere hulpverlener (14.7%). Wanneer we de relatie bekijken tussen de diagnose en de kenmerken van de patiënten zien we enkele opmerkelijke verschillen. Patiënten met anorexia nervosa, boulimia nervosa en een eetstoornis niet nader omschreven zijn jonger, meer schoolgaand, ze wonen vaker alleen of met hun partner en ze kiezen meer voor een residentiële behandeling. Hun ziekteduur is korter. Patiënten met een eetbuistoornis zijn ouder, meer aan het werk, meer gehuwd of gescheiden en ze kiezen minder voor een residentiële behandeling. Hun ziekteduur is veel langer (meer dan 10 jaar). De resultaten van dit onderzoek werden voor het eerst gepresenteerd op het vierde congres van de Vlaamse Academie Eetstoornissen, door dr. Johan Vanderlinden (voor de presentatie zie: http://congresvae2014.blogspot.be).

20 7. ENKELE MYTHES ONTKRACHT Mythe Eetstoornissen zijn gewoon een uit de hand gelopen dieet Feit Eetstoornissen zijn ernstige stoornissen die de nodige begeleiding vergen. Personen met anorexia beperken hun voedselinname tot het schadelijke gevolgen heeft. Personen met boulimia hebben zelden ondergewicht. Mythe Alleen beïnvloedbare meisjes uit beschermde middens krijgen eetstoornissen Feit Eetstoornissen komen voor ongeacht het geslacht, de leeftijd, de sociale klasse of de afkomst. Meisjes en jonge vrouwen tussen 10 en 30 hebben het grootste risico. Ook mannen kunnen eetstoornissen ontwikkelen. Mythe Je kan op het eerste zicht al zien aan mensen dat ze een eetstoornis hebben Feit Eetstoornissen zijn psychiatrische problemen. Dit wil zeggen dat de onzichtbare gedachten, overtuigingen en emoties van mensen getroffen zijn. Veel mensen met een eetstoornis hebben geen ondergewicht of zien er niet ziek uit. Mythe Eetstoornissen worden veroorzaakt door slechte ouders Feit Ouders veroorzaken geen eetstoornissen. De oorzaken zijn complexer dan dat en het gaat steeds om een combinatie van factoren. Ouders, partners en andere familieleden kunnen een belangrijk aandeel hebben in het herstel van de persoon met een eetstoornis. Hoe meer zij de stoornis leren begrijpen, hoe beter zij in staat zijn om steun te bieden. Mythe Eetstoornissen zijn een recente hype Feit De eerste beschrijving van anorexia is van de hand van Richard Morton en verscheen in 1689. Eetstoornissen waren doorheen de hele moderne geschiedenis bekend. Naast een betere diagnostiek, spelen de druk en het tempo van een modern, verwesterd ideaalbeeld mee in de verklaring van het stijgend aantal personen met een eetstoornis. Mythe Eetstoornissen zijn een levensstijlkeuze Feit Mensen met een eetstoornis kiezen er niet voor ziek te zijn en zijn niet bewust op zoek naar aandacht. Vaak vinden zij het juist moeilijk om te geloven en te erkennen dat ze ziek zijn. Dit is één van de uitdagende aspecten van hoe de stoornis gedachten en waarnemingen kan beïnvloeden. Mythe Niemand herstelt ooit echt van een eetstoornis - je moet er mee leren leven Feit Eetstoornissen zijn behandelbaar en volledig herstel is mogelijk. Langdurige gevolgen op fysiek en psychisch vlak kunnen voorkomen indien de stoornis niet spoedig wordt behandeld. Sommige mensen ontwikkelen een langdurige eetstoornis of ervaren herval, maar behandelingen blijven voortdurend in ontwikkeling. Mythe Mensen met eetstoornissen willen gewoon op hun (magere) idolen lijken Feit Mensen met eetstoornissen hebben vaak een negatief zelfbeeld en voelen zich waardeloos. Ze zullen eerder willen verdwijnen dan dat ze in het midden van de (media)belangstelling willen staan.

I n f o r m a t i e b r o c h u r e 8. ZEVEN ELEMENTEN DIE BIJDRAGEN AAN HERSTEL Wat helpt om te herstellen verschilt van persoon tot persoon. Uit de ervaringen van mensen die hersteld zijn weten we dat de volgende 7 elementen kunnen helpen: 1. Op tijd ontdekken dat je een eetstoornis hebt en er hulp bij zoeken. 2. Een ondersteunende omgeving, die naast je staat en die jou helpt om uit te zoeken wat jij nodig hebt, zonder alles van je over te willen nemen. 3. Deskundige en begripvolle behandelaars inschakelen, die best ook ervaring hebben in het behandelen van eetstoornissen. 4. In een behandeling werken aan: het beter leren uiten van emoties, beter leren omgaan met situaties en andere mensen, werken aan een positievere zelf- en lichaamswaardering en natuurlijk ook werken aan het herstellen van je eetgedrag. 5. Sommige mensen hebben ook veel aan traumaverwerking of het werken aan andere problemen (vb. angst, depressie, dwang, relaties, perfectionisme, ). 6. Voldoende mogen uitzoeken wat herstel voor jou betekent en wat jij er voor nodig hebt om te herstellen. 7. Voldoende nazorg krijgen, zodat je vertrouwen kan opbouwen dat je terugvallen snel kan herkennen en kan vermijden om terug bergaf te gaan.

I n f o r m a t i e b r o c h u r e 9. ANDERE INTERESSANTE BRONNEN Eetexpert is een kenniscentrum voor professionele hulpverleners (huisartsen, diëtisten, psychologen, psychotherapeuten, psychiaters, opvoeders,...). Dit kenniscentrum verzamelt de meest recente informatie over eetstoornissen en geeft opleiding en vorming voor hulpverleners. U contacteert Eetexpert.be bij voorkeur per e-mail: info@eetexpert.be In de week beantwoorden zij dagelijks alle mails. U hebt hen dringend nodig? Geen probleem. Tijdens de week zijn zij telefonisch bereikbaar op 0496/28.80.57 Zij zoeken voor u naar deskundigen die antwoord kunnen geven op uw vragen of bereid zijn tot een interview. Zij zenden u bijkomende documentatie als u deze niet direct vindt op het persdeel van hun website. Zij werken graag mee aan persbijdragen op voorwaarde dat zij uw werkkopij mogen inkijken en zo nodig aanpassen voor dit gepubliceerd wordt. Zij zorgen NIET voor contacten met (ex-)patiënten of betrokken familieleden. Hiervoor kunt u beroep doen op andere organisaties, zoals www.anbn.be voor betrokkenen met eetstoornissen. De Vlaamse Academie Eetstoornissen verenigt professionele hulpverleners uit de verschillende centra die onderzoek doen naar en gespecialiseerd zijn in de behandeling van eetstoornissen. Jaarlijks organiseren zij een studiedag en een congres om de kennis uit wetenschappelijk onderzoek te verspreiden onder hulpverleners. www.v-a-e.be Andere informatiebronnen Proud2Bme, een Nederlands initiatief tegen pro-anorexia websites Documentaire: Mij niet gezien, over onzichtbare eetstoornissen (YouTube) Documentaire: Vel over probleem (deel 1 en deel 2), over anorexia nervosa (YouTube) Meer informatie over geestelijke gezondheid in Vlaanderen: www.geestelijkgezondvlaanderen.be Meer informatie over patiëntenrechten en patiëntenvertegenwoordiging: www.vlaamspatientenplatform.be Meer informatie over familiebelangenbehartiging: www.familieplatform.be Meer informatie voor familieleden van personen met psychische problemen: www.similes.be

I n f o r m a t i e b r o c h u r e Een publicatie van: AN-BN vzw Maatschappelijke zetel Inloophuis Eetstoornissen Blijde Inkomststraat 113 3000 Leuven E-mail: info@anbn.be Tel.: 016 89 89 89 Website: www.anbn.be