Samenvatting Masterclass Borstvoeding Kraamweek Beide borsten voeden Niet altijd direct melk 1e melk heet colostrum Dag 2-3 komt de melkproductie op gang Dag 4-5 stuwing Gemiddeld na 1 week 70 ml per voeding/ kolfsessie Vraag en aanbod Melkproductie: Doordat je kindje drinkt/ er gekolfd wordt, stimuleer je de tepel en gaat de melk stromen (oxytocine). De borst wordt geleegd, waardoor er nieuwe melk aangemaakt wordt (prolactine). Een volle borst remt de melkproductie weer. +/-10 x per dag voeden is in het begin heel normaal: de regelmatige vraagmomenten zorgen voor een goede ontwikkeling van het melkklierweefsel en voor voldoende productiecapaciteit, ook op langere termijn. Wanneer je productie niet voldoende is, doordat je kindje groeit of doordat je zelf door stress of andere factoren wat minder melk hebt, komt je kindje weer wat vaker voor een voeding om daarmee de productie te verhogen. Nachtvoedingen zijn belangrijk in de hormoonbalans: er wordt een hogere prolactine spiegel gecreëerd, wat zorgt voor meer melk per 24 uur. (Een extra nachtvoeding kan dus ook later helpen als je productie iets omhoog moet). Hoe zorg je voor een goede start? Direct of z.s.m. na de geboorte huid-op-huid contact bij moeder. Het liefst binnen 1 uur na geboorte aan de borst, lukt dit niet, dan binnen 1-2 uur na geboorte starten met kolven. Voed op verzoek leg je kindje aan wanneer het wil drinken. Overdag niet meer dan 3 uur tussen de voedingen (start van een voeding tot start volgende). In de nacht niet meer dan 4 uur (1 e week), tot 6 uur (na 1e week, mits kindje over geboortegewicht is, goed groeit en productie stabiel is). Eet gevarieerd en drink voldoende.
Wanneer en hoe voed je? Vroeg signaal Kronkelen, arm/beenbewegingen/ zoeken, vingers naar/in de mond Midden signaal Druk maken/ piepende geluiden/ Onrust, af en aan huilen Laat signaal Hard huilen, rood worden 1 e weken beide borsten, wanneer je merkt dat je kindje minder interesse heeft of gaat spugen bij de tweede, probeer je 1 borst per voeding (mits er een goede groei en goede luiers te zien zijn). Buik aan buik, goede ondersteuning en ontspannen zitten. Waar let je op? Grote hap, lippen naar buiten gekruld, kin tegen de borst. Geen kuiltjes in de wangen/ vissenmondje. Het aanhappen mag even gevoelig zijn, bij pijn vacuüm verbreken en opnieuw aanleggen. Investeren in goed aanleggen kan kapotte tepels én een verkeerde drinktechniek voorkomen. Kaakbewegingen zijn zichtbaar bij het oor. Tepel komt rond en roze uit de mond. Als je kindje voldoende heeft gedronken laat je kindje vaak vanzelf los. Hoelang een voeding duurt, is per kindje verschillend. Belangrijk is te letten op de drinktechniek omdat dit meer zegt over hoe efficiënt je kindje drinkt. Je kindje moet over het algemeen tevreden zijn na een voeding en een periode kunnen slapen. Aanleg voorbeeld: https://www.breastfeedinginc.ca/videos/good-drinking/ Goed drinken: https://www.breastfeedinginc.ca/videos/good-drinking/ Voedingshoudingen Welke houding je ook kiest, zorg dat je lekker en goed ondersteund zit. Ondersteun ook je kindje goed, zodat je armspieren niet al het werk moeten doen. Let er in iedere houding op dat neus en navel van je kindje dezelfde kant op wijzen. Oefen in je kraamweek met je kraamverzorgende de verschillende houdingen om te ontdekken wat goed bij jullie past.
1. Natuurlijke houding: je spreekt alle reflexen van je kindje aan. 2. Doorgeschoven (hand achter het hoofd in de nek bij de oren): zelf meer regie en zicht. 3. Madonna (hoofd ligt op je arm): fijn voor later of een houding om verder te voeden ná het aanleggen. 4. Rugby-houding: zelf meer regie en zicht, geen druk op de buik. 5. Liggend op je zij: kan fijn zijn voor s nachts, geen druk op de buik. Of een houding die je zelf prettig vindt. Wees creatief! 2 3 4 5 Bij gebruik van een voedingskussen, leg je 1 poot achter je rug en 1 poot voor je buik. De bocht ligt aan de kant waar je kindje gaat drinken. Krijgt je kindje voldoende? Als je kindje rustig wakker is, in slaap is gevallen tijdens het voeden/tevreden is na een voeding én voldoende plast, poept en groeit, krijgt jouw kindje voldoende melk. Luiers: min 6 zware plasluiers vanaf dag 6 (let op: een blauw streepje van de urine indicator is niet hetzelfde als een zware luier). Ontlasting: na een aantal dagen geel en sauzig. Groei: Geboortegewicht bij 1 tot 2 weken, minimaal 150 gram per week in de eerste maand, na het eerste afvallen. Bijvoeden en kolven Kolven in de kraamweek is alleen nodig wanneer je kindje zelf niet genoeg kan drinken aan de borst, door scheiding moeder/kind, drinktechniek en/of te weinig melk. Wanneer je kindje bijgevoed wordt (met eigen moeders melk, donormelk of kunstvoeding) kolf je ook, om te zorgen dat er balans komt in de vraag van je kindje en het aanbod eigen moedermelk. Voor kolven om je productie op gang te krijgen huur je een grote kolf met dubbele motor.
Regeldagen en Clusteren: Regeldagen zijn er om vraag en aanbod weer op elkaar af te stemmen, Regeldagen gekoppeld aan ontwikkeling/ groei van je kindje: bij 10 dagen, 3 weken, 3 maanden en 6 maanden na geboorte. Tussendoor eventuele regeldagen doordat je productie iets gezakt is door verschillende factoren. Clusteren: Gemiddeld 2 weken tot 3 maanden na geboorte, als vast onderdeel in het dagelijks drinkpatroon. Clusteren is ook een zoektocht naar rust, geborgenheid en veiligheid. Het is beide normaal gedrag, probeer er zoveel mogelijk aan toe te geven. Rol van de partner Ontzettend belangrijk in praktische hulp bieden, zoals drinken halen, visite regelen, rust en ruimte voor moeder creëren. Hij helpt met aanleggen, en onthoud alle informatie die kraamzorg, verloskundige en borstvoedingsdeskundigen geven. Ondersteunt moeder in uithuilen en relativeren. Je bouwt een band op d.m.v. verzorgen, spelletjes, douchen, zingen etc. Als de borstvoeding goed op gang is, kan de partner gerust af en toe een flesje gaan geven. (vanaf 4/5 weken is het juist goed om te oefenen met een flesje!) Let er op dat je hierbij een borstvoedingsvriendelijke fles gebruikt. Hierbij let je erop dat de speen niet te gemakkelijk loopt, de speen van zacht materiaal is gemaakt en je kindje een grote hap moet maken, net als aan de borst. Voorbeelden van deze flesjes zijn: Breastflow, momma van Lansinoh, Medela Calma (let op, ontwikkeld voor kinderen vanaf 3 maanden). Bij iedere fles geldt: let op het drinkgedrag aan de fles en of er verandering optreedt in het drinkgedrag aan de borst. Medicijnen Er is meer wel mogelijk, dan niet mogelijk. Mag het niet, dan kijken we naar een alternatief. Stop dus niet zomaar met de borstvoeding als je een medicijn moet gaan slikken. Ook een huisarts of apotheker kan altijd contact met ons opnemen om te overleggen over bepaalde medicatie. Eten en drinken: Je mag alles weer eten! Drink 1,5 2 liter per dag. Eet geen Salie, dit remt de melkproductie, verse munt remt licht. Er zijn ook kruiden die de melkproductie verhogen. Heb je te weinig productie, bel ons om te overleggen over de verschillende opties. Alcohol: voor elk glaasje licht alcoholische drank kan je 3 uur geen borstvoeding geven. Kolf ter overbrugging en gooi die melk weg. Zorg dat je moedermelk in de koelkast of vriezer hebt staan, zodat je kindje wel moedermelk kan drinken.
Borstvoeding na een keizersnede Je mag direct borstvoeding geven na een ruggenprik of algehele narcose Huid-op-huid contact is niet altijd mogelijk op de operatiekamer, vraag naar de mogelijkheden. Let op je tepels dat ze niet kapot gaan. Door morfine gebruik kan je deze pijn missen. Je hebt recht op extra kraamzorg. Voeden op verzoek is erg belangrijk om de productie op gang te brengen, bij een gezonde zuigeling is bijvoeden de eerste 24 uur niet nodig na een keizersnee. Borstvoeding en werk: Vertel al tijdens je zwangerschap dat je BV wilt blijven geven als je weer gaat werken. Zo kunnen je werkgever en je collega s daarop voorbereiden. Vertel dat je geregeld je werk moet onderbreken, maar dat het maar voor een paar maanden is. Je hebt kolfrecht tot je kindje 9 maanden is. Dit houdt in: - Een kwart van je werktijd om te voeden (bij je kind, of kindje bij jou) of te kolven. - Een kwart van je werkdruk minder om je resterende werk goed uit te oefenen. - Een kolfruimte met comfort, stromend water, elecktriciteit, afsluitbaar w.b. zicht én deur. Bewaren moedermelk Op kamertemp. (18-20 C) In de koelkast (5 C) In de vriezer (-15 C) In de vriezer (- 20 C) Na het opwarmen Verse 8-10 uur Tot 5 dgn. 3 mnd. 3-6 mnd. 1 uur moedermelk Ontdooide moedermelk 1 uur 24 uur 1 uur *Veel kinderen drinken de melk ook prima op kamertemperatuur Dragen Het ergonomisch dragen van je kindje is goed voor nabijheid/hechting, maar ook praktisch, fijn bij krampjes en onrust en goed voor de ontwikkeling. De nabijheid zorgt voor een gunstig effect op de borstvoeding én op het ritme van je kindje. Let er op dat de knietjes hoger zitten dan de heupjes, waardoor het bekken ietsje kantelt en de rug mooi rond is. Het rugje en nekje moeten hierbij goed ondersteund zijn anders kan de ademhaling belemmerd worden. Dit kan vanaf de geboorte in een rekbare of geweven draagdoek, of drager die rug, hoofd en nekje goed ondersteunt. Let op: Een voorgevormd, gevuld rugpand doet dit niet voldoende. Let bij de aanschaf ook op knie tot knie ondersteuning. Er is geen standaard merk drager wat bij
iedereen lekker zit, maar bijvoorbeeld: Bondolino, Hopp-tye, Ergo baby, By Kay, Manduca, Tula, Storchenwiege en Pure Baby Love zijn allemaal prima merken. Soms kun je een drager huren voor je deze aanschaft. Wanneer kan ik om hulp vragen? Als je opziet tegen het voeden (kan ook al tijdens de zwangerschap!), als het voeden pijnlijk is of blijft en het je niet lukt om dit zelf te herstellen, problemen bij het aanleggen, voeden van een 2- ling, aanhoudende pijnklachten, borstontsteking, teveel of te weinig melkproductie, onvoldoende groei van je kindje. Bij twijfel mag je altijd bellen! Wij zijn ook 365 dagen per jaar bereikbaar voor de verhuur van kolven en weegschalen en de aanschaf van borstvoedingshulpmiddelen zoals flesjes, herstellende borstcompressen en kruiden om de productie te ondersteunen. Kijk voor meer opties op onze website Wij wensen jullie een hele fijne borstvoedingsperiode. Mirjam en Marianne. Annette, Audrey, Nina en Kristel