Het socio-vitaal minimum. Update 2006

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Het socio-vitaal minimum. Update 2006"

Transcriptie

1 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 1/6 Het socio-vitaal minimum. Update 2006 Wat heeft een gezin nodig om rond te komen? Op deze vraag zullen we in dit artikel proberen een antwoord te geven. Als de sociale zekerheid tot doel heeft de financiële bestaanszekerheid van alle burgers te waarborgen wanneer zich bepaalde sociale risico s voordoen, dan wordt het belang van deze vraag meteen duidelijk. Hoe hoog moeten de minima zijn opdat niemand in een toestand van financiële bestaansonzekerheid leeft? Om een antwoord op deze vraag te formuleren, maken we gebruik van twee bestaansonzekerheidsnormen. De eerste norm is de armoederisiconorm van de Europese Unie, de tweede is een budgetnorm. We geven eerst een korte toelichting bij beide normen. Daarna maken we enkele bedenkingen bij de actualisering van deze normen en tot slot presenteren we de cijfers voor Op zoek naar een goede norm Wat is de beste manier om te bepalen wat een gezin nodig heeft om rond te komen? Om op deze vraag een antwoord te geven, moet eerst duidelijk zijn wat onder rondkomen wordt verstaan. Gaat het enkel om overleven? Of bedoelen we met rondkomen volgens de minimaal aanvaardbare levensstandaard kunnen leven? Het is duidelijk dat in het eerste geval een veel lager inkomen is vereist dan in het tweede: om te overleven heb je in België minder inkomen nodig dan om te kunnen leven volgens de minimaal aanvaardbare levensstandaard. In dit artikel gaan we enkel in op deze tweede betekenis van rondkomen. We veronderstellen dat in onze welvaartsstaat eerder de waarborging van een minimaal aanvaardbare levensstandaard dan de waarborging van overleving wordt nagestreefd. Hoe kan men dan best bepalen wat de minimaal aanvaardbare levensstandaard is? Dit kan op verschillende manieren gebeuren. Sociale minima Ten eerste zou men kunnen nagaan wat de wettelijke minima in de bijstand, de sociale zekerheid en het minimumloon zijn. Het probleem hierbij is dat deze niet enkel een weerspiegeling zijn van wat minimaal aanvaardbaar wordt geacht, maar ook van budgettaire en activeringsoverwegingen. De vraag is dus eerder of deze minima wel voldoende zijn om van te leven. Subjectieve normen Een tweede mogelijkheid om te bepalen wat de minimaal aanvaardbare levensstandaard is, bestaat uit het houden van een grootschalige enquête om aan iedereen of bepaalde groepen in de samenleving te vragen wat zij of hij het minimuminkomen acht dat nodig is om te leven volgens de minimaal aanvaardbare levensstandaard. Vervolgens kan men bijvoorbeeld het gemiddelde berekenen van wat men minimaal noodzakelijk acht en dit als norm hanteren. In dat geval spreken we van een subjectieve norm. Eén van de problemen bij deze bevragingen is dat de manier waarop men deze vraag stelt, een grote invloed heeft op het resultaat van wat men als minimaal noodzakelijk acht. De betrouwbaarheid van de norm is dus niet gegarandeerd. Een statistische norm Een andere relatieve norm is de armoederisicogrens die de Europese Unie gebruikt (de EU-norm ). Hierbij wordt eerst het totaal netto inkomen

2 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 2/6 per huishouden berekend. Vervolgens wordt de equivalente grootte van het huishouden bepaald waarbij elk gezinslid een gewicht wordt toegekend. Dit gebeurt overeenkomstig volgende schaal: de eerste volwassene krijgt het gewicht 1,0 toegekend; alle andere gezinsleden van 14 jaar of ouder 0,5 en alle kinderen jonger dan 14 0,3. Wanneer men het totaal netto gezinsinkomen deelt door de equivalente gezinsgrootte, bekomt men het gestandaardiseerd netto inkomen per huishouden. Alle leden van eenzelfde gezin worden ditzelfde gestandaardiseerd inkomen toegekend. De armoederisicodrempel ligt op 60 procent van het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen. Deze norm is goed om na te gaan hoe het aantal mensen in armoede in een land of regio evolueert, maar heeft als grote nadelen dat zijn precieze betekenis nogal onduidelijk is en de grens arbitrair door onderzoekers en politici wordt vastgelegd. Het is eerder een maat die helpt kijken naar de inkomensongelijkheid aan de onderkant van de inkomensverdeling, dan dat hij aangeeft wat een gezin nodig heeft om rond te komen. Omdat de EU-norm vaak wordt gehanteerd om het aantal personen in armoede in een bepaald land te berekenen, presenteren we verder deze drempel voor België. Een budgetnorm Een ander alternatief, de budgetnorm, is dan weer sterk op één van de gebieden waar de EU-norm in gebreke blijft: bij een budgetnorm kan men precies nagaan wat de betekenis ervan is. Dit komt doordat men bij de berekening van een budgetnorm start van een concrete korf van goederen en diensten die men (minimaal) noodzakelijk acht om een menswaardig bestaan te leiden. Deze korf houdt rekening met de gezinssamenstelling en kan op verschillende manieren worden bepaald. Bij de budgetnorm die verder wordt aangehaald, werden twee selectiecriteria voor de samenstelling van de korf gehanteerd. In eerste instantie werden alle goederen en diensten opgenomen die driekwart van de bevolking bezit. Daarnaast werden eveneens alle goederen en diensten opgenomen die tweederde van de bevolking noodzakelijk acht. Onderzoekers kunnen dan naar eigen inzicht nog items toevoegen of verwijderen. Zo werd bij de norm die verder wordt gepresenteerd aan kledingsexperts gevraagd hoe lang verschillende kledingstukken gebruikt kunnen worden en lichtte men zich bij diëtisten in over de minimale hoeveelheid calorieën die nodig zijn om gezond te leven. Van deze goederen en diensten kunnen zoveel items worden weggelaten tot men een korf heeft met exact het aantal items dat men noodzakelijk acht om rond te komen. Eens de korf van goederen en diensten bepaald, kan men uitrekenen hoeveel men nodig heeft om deze korf van goederen en diensten te kopen. Dit is de budgetnorm. Ook aan deze norm zijn enkele belangrijke nadelen verbonden: de samengestelde budgetten zijn enkel geldig voor de onderzochte gezinstypes en zijn dus niet veralgemeenbaar naar andere gezinstypes, bovendien kan de mix van inbreng van experts, onderzoekers en publieke opinie nogal arbitrair zijn. Een laatste nadeel is dat de samenstelling van de korf van goederen en diensten soms aanzienlijk afwijkt van de uitgavenpatronen van echte gezinnen.

3 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 3/6 Armoedenormen actualiseren De keuze van de ideale norm is één zaak, de geschikte gegevens ter beschikking hebben om de hoogte van de norm te bepalen een andere. Zo dateren de laatste betrouwbare inkomensgegevens voor de berekening van de EU-norm van Voor de budgetnorm moeten we teruggaan tot gegevens van Toch zouden we graag een idee hebben van wat een gezin vandaag nodig heeft om rond te komen. Daarom zullen we de EU-norm en de budgetnorm zo goed als het kan actualiseren. De EU-norm De EU-norm is gelijk aan 60 procent van het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen. Bij een ideale actualisering zouden we moeten weten hoe het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen in de periode geëvolueerd is. Omdat hiervoor nieuwe enquêtegegevens nodig zijn (die voorlopig nog niet beschikbaar zijn), zouden we een indicator kunnen zoeken van de evolutie van het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen. Zo zouden we de evolutie van de nettolonen of de evolutie van het gemiddeld netto gezinsinkomen in België als indicator kunnen gebruiken. Het probleem bij de loonevolutie als indicator is dat de lonen niet enkel stijgen, maar ook dat steeds meer gezinnen twee inkomens hebben. Bovendien wordt de evolutie van de inkomens van zelfstandigen hierbij volledig buiten beschouwing gelaten. Bij beide indicatoren rijst ook het probleem van de beschikbaarheid: zowel de inkomensevolutie als de loonevolutie zijn niet onmiddellijk beschikbaar. Daarom keren we ons tot een minder geschikte indicator: de prijsevolutie. Hierbij wordt de EUnorm voor 2003 uitgedrukt in prijzen van mei Met andere woorden laten we het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen even snel stijgen als de prijzen en houden we zo de koopkracht constant. Het resulterende bedrag is daarom eerder een weerspiegeling van de hoogte van de EU-norm in 2003, dan van de EUnorm in 2006: het verband tussen de evolutie van de prijzen en het gestandaardiseerd netto inkomen in de periode is voorlopig nog onbekend i. De budgetnorm Een actualisering van de budgetnorm aan de hand van de prijsevolutie ligt veel meer voor de hand: op deze manier weten we welk bedrag men nodig heeft om dezelfde korf van goederen en diensten aan te kopen als in Bij eenvoudige actualisering van de budgetnorm aan de hand van de stijging van de gemiddelde consumptieprijsindex moet men een belangrijke bedenking in het achterhoofd houden: niet alle prijzen stijgen even snel. Dit is problematisch omdat bij de berekening van de consumptieprijsindex wordt rekening gehouden met het consumptiepatroon van een gemiddeld gezin. Een gemiddeld gezin consumeert echter meer en deels andere producten dan deze opgenomen in de korf van goederen en diensten voor de berekening van de budgetnorm. Een tweede probleem bij de actualisering van de budgetnorm is dat de korf van goederen en diensten ongewijzigd blijft. Met andere woorden gaan we ervan uit dat de korf van goederen en diensten die men nodig heeft om menswaardig te leven, tegenover 1996 ongewijzigd is gebleven. Hoewel het een relatief korte periode betreft, gaat deze veronderstelling niet volledig op. Zo werd bijvoorbeeld sinds 1 januari 2002

4 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 4/6 het kijk- en luistergeld in Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest afgeschaft ii. Twee belangrijke selectiecriteria voor de samenstelling van de korf van goederen en diensten waren dat ofwel driekwart van de bevolking een bepaald item bezit, ofwel tweederde van de bevolking het item noodzakelijk acht. De kans is reëel dat tien jaar later driekwart van de Belgische bevolking bepaalde items bezit die in 1996 nog niet zo ruim verspreid waren, of dat nu sommige items door tweederde van de bevolking noodzakelijk worden geacht in tegenstelling tot in Evengoed kan het zijn dat sommige goederen en diensten nu niet meer zo ruim verspreid zijn of noodzakelijk worden geacht als in Het socio-vitaal minimum anno 2006 Met de voorgaande bedenkingen en beperkingen in het achterhoofd, stellen we hierna de concrete bedragen van de twee normen voor. De EU-norm geven we weer voor vier gezinstypes: alleenstaanden, een koppel zonder kinderen, een koppel met twee kinderen en een ouder met twee kinderen (alle kinderen zijn jonger dan 14 jaar). De budgetnorm wordt gepresenteerd voor drie specifieke gezinstypes: een alleenstaande bejaarde, een ouder met twee kinderen en een koppel met twee kinderen. Telkens wordt het onderscheid gemaakt tussen huur in de sociale sector en huur in de private sector. De categorie geen huur geeft niet de situatie voor een eigenaar weer en dient louter om de gerekende huurkost te kunnen berekenen. De hier gepresenteerde budgetnorm geldt voor gezinnen met een meisje van 4 jaar en een jongen van 10 jaar. Andere veronderstellingen zijn: Regelmatige kinderopvang is niet nodig Alle personen (ook de bejaarde vrouw) zijn gezond en valide Alle gezinnen wonen in de stad Antwerpen De gezinnen met kinderen wonen in een oude eengezinswoning in aaneengesloten bebouwing, de alleenstaande bejaarde woont in een modern appartement Alle gezinnen zijn huurders Niemand heeft een auto iii Ter vergelijking: sinds 1 augustus 2005 bedraagt het leefloon voor een samenwonende 417, voor een alleenstaande 626 en een alleenstaande ouder met kinderen ten laste 834 per maand.

5 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 5/6 Tabel 1: geactualiseerde EU-norm in prijzen van mei 2006 (bedragen per maand in euro) 2006 Alleenstaande 831 Koppel zonder kinderen Koppel met twee kinderen Eénouder met twee kinderen Indexering van de EU-norm in 2003 op basis van de gemiddelde consumptieprijsindex Bron: berekeningen op basis van Eurostat (on line statistieken), Besluit De vraag naar wat een gezin nodig heeft om rond te komen is een bijzonder belangrijke en nuttige vraag, maar ze is zeer moeilijk goed te beantwoorden. Elke discussie moet starten met de zoektocht naar wat onder rondkomen moet worden verstaan. Doorheen de tijd werden verschillende normen ontwikkeld, met uiteenlopende eigenschappen en kwaliteiten. Wellicht is de budgetnorm de meest aangewezen norm om te bepalen wat een gezin nodig heeft om rond te komen, maar de constructie van Tabel 2: geactualiseerde budgetnorm in prijzen van mei 2006 (bedragen per maand in euro) 2006 Alleenstaande bejaarde *** sociale sector 688 *** private sector 804 *** geen huur 562 Eénouder met 2 kinderen *** sociale sector *** private sector *** geen huur Koppel met twee kinderen *** sociale sector *** private sector *** geen huur Bron: berekeningen op basis van Van den Bosch (1997), Wat heeft een gezin nodig om rond te komen?, Antwerpen: Centrum voor Sociaal beleid, oktober 1997 een betrouwbare budgetnorm is moeilijk en bij de actualisering ervan moeten heel wat bedenkingen in acht worden genomen. Ter vergelijking presenteerden we ook de EU-norm, waarvan de geactualiseerde bedragen doorgaans iets hoger liggen. De verschillende bedragen en vele bedenkingen maken alvast twee zaken duidelijk. Ten eerste is er aanzienlijke ruimte voor verbetering van de huidige actualiseringsmethode. Ten tweede moeten de verschillende grensbedragen met de nodige nuances geïnterpreteerd en gebruikt worden. Bibliografie Deleeck, H., (2001), De architectuur van de welvaartsstaat opnieuw bekeken, Leuven / Leusden: Acco, 482p. Eurostat (2005), Structural Indicators. Social Cohesion, ( ) Van den Bosch, K. (1997), Wat heeft een gezin nodig om rond te komen? Budgetnormen voor drie type-gezinnen, Antwerpen: Centrum voor Sociaal Beleid, oktober 1997, ( ), 28p. Van den Bosch, K. (1999a), Identifying the Poor, Using Subjective and Consensual Measures, Academisch proefschrift, Antwerpen: Universiteit Antwerpen, 672p.

6 Tim Goedemé Het socio-vitaal minimum. Update 2006 pagina 6/6 Van den Bosch, K. (1999b), De meting van armoede, op basis van subjectieve en consensuele maatstaven, Antwerpen: Centrum voor Sociaal Beleid, december 1999, ( ), 23p. Vranken (2005), Expertbijdragen omtrent het thema menswaardig inkomen, POD Maatschappelijke Integratie, ( ), 15p. Noten: i In de periode steeg het mediaan gestandaardiseerd inkomen jaarlijks sneller dan de gemiddelde consumptieprijsindex, uitgezonderd in Het is niet duidelijk in welke mate de stijging van het mediaan gestandardiseerd inkomen te wijten is aan effecten eigen aan inkomensmeting op basis van enquêtes. De koopkracht van de armoedegrens op basis van de inkomensgegevens van 2003 (SILC 2004), ligt onder de koopkracht van de armoedegrens op basis van de inkomensgegevens van 2000 (ECHP 2001). De oorzaak hiervan is wellicht eerder te wijten aan de veranderde onderzoeksmethode dan aan een reële daling van het mediaan gestandaardiseerd netto inkomen. ii Het kijk-en luistergeld bedroeg in november BEF (15 euro) per maand. Omgerekend betekent dit een geïndexeerd bedrag van 18 euro in mei Dit bedrag zou dus van de bovenstaande bedragen van het minimumbudget voor mei 2006 kunnen worden afgetrokken. Ik heb dit niet gedaan omdat er wellicht andere posten met extra uitgaven zijn die dan weer niet werden opgenomen in de berekening. iii Voor de precieze samenstelling van wat er in het minimumbudget is ingerekend, verwijs ik naar het CSB-bericht van Karel Van den Bosch van oktober 1997.

Het socio vitaal minimum anno 2010

Het socio vitaal minimum anno 2010 Het socio vitaal minimum anno 2010 Bérénice Storms Tim Goedemé Karel Van den Bosch December 2010 B E R I C H T E N CENTRUM VOOR SOCIAAL BELEID HERMAN DELEECK UNIVERSITEIT ANTWERPEN-Stadscampus http://www.centrumvoorsociaalbeleid.be

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 15 mei 2017

PERSBERICHT Brussel, 15 mei 2017 PERSBERICHT Brussel, 15 mei 2017 Armoede-indicatoren in België in 2016 (EU-SILC) Werklozen, eenoudergezinnen en huurders meest kwetsbaar voor armoede Vandaag publiceert de Algemene Directie Statistiek

Nadere informatie

Het Inkomen van Chronisch zieke mensen

Het Inkomen van Chronisch zieke mensen Het Inkomen van Chronisch zieke mensen een uiteenzetting door: Greet Verbergt voor t Lichtpuntje & Vlaamse pijnliga 18 april 2009 Greet Verbergt is navorser en collega van Prof. Bea Cantillon aan het Centrum

Nadere informatie

Bijlage III Het risico op financiële armoede

Bijlage III Het risico op financiële armoede Bijlage III Het risico op financiële armoede Zoals aangegeven in hoofdstuk 1 is armoede een veelzijdig begrip. Armoede heeft behalve met inkomen te maken met maatschappelijke participatie, onderwijs, gezondheid,

Nadere informatie

30 augustus blauw. Toelatingsexamen arts en tandarts. Informatie verwerven en verwerken (IVV) STILLEESTEKST 2

30 augustus blauw. Toelatingsexamen arts en tandarts. Informatie verwerven en verwerken (IVV) STILLEESTEKST 2 Kleef hier onmiddellijk een identificatiesticker blauw Toelatingsexamen arts en tandarts 30 augustus 2016 Informatie verwerven en verwerken (IVV) STILLEESTEKST 2 Figuur 1: Kerncijfers over armoede in België.

Nadere informatie

In welke mate dekken de studietoelagen de directe kosten van een jaar

In welke mate dekken de studietoelagen de directe kosten van een jaar Studietoelagen té selectief? Bea Cantillon, Gerlinde Verbist, Stijn Baert & Rudi Van Dam In welke mate dekken de studietoelagen de directe kosten van een jaar studeren in het hoger onderwijs en hoe zwaar

Nadere informatie

De evolutie van de sociale situatie en de sociale bescherming in België Samenvatting en kernboodschappen

De evolutie van de sociale situatie en de sociale bescherming in België Samenvatting en kernboodschappen De evolutie van de sociale situatie en de sociale bescherming in België 2018 Samenvatting en kernboodschappen September 2018 ANNEX 6 : NEDERLANDSTALIGE SAMENVATTING EN KERNBOODSCHAPPEN VAN DE ANALYSE

Nadere informatie

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting

Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting Feiten en cijfers ja Neemt de inkomensongelijkheid tussen arm en rijk toe? Toelichting: Een vaak gehanteerde maatstaf voor

Nadere informatie

De sociaal-economische positie van eenoudergezinnen

De sociaal-economische positie van eenoudergezinnen De sociaal-economische positie van eenoudergezinnen Cantillon, B., Verbist, G., De Maesschalck, V. (2003). Onderzoeksrapport, Centrum voor Sociaal Beleid. 1 De voorbije decennia deed zich een grondige

Nadere informatie

armoedebarometer De interfederale Sociale Zekerheid Federale Overheidsdienst DE STAATSSECRETARIS VOOR MAATSCHAPPELIJKE

armoedebarometer De interfederale Sociale Zekerheid Federale Overheidsdienst DE STAATSSECRETARIS VOOR MAATSCHAPPELIJKE DE STAATSSECRETARIS VOOR MAATSCHAPPELIJKE INTEGRATIE EN ARMOEDEBESTRIJDING LE SECRETAIRE D ÉTAT À L INTÉGRATION SOCIALE ET À LA LUTTE CONTRE LA PAUVRETÉ Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid ALGEMENE

Nadere informatie

Rondkomen met een minimum inkomen: hoe (on)mogelijk is dit?

Rondkomen met een minimum inkomen: hoe (on)mogelijk is dit? Rondkomen met een minimum inkomen: hoe (on)mogelijk is dit? Studie naar de doeltreffendheid van de minimuminkomensbescherming anno 2013 BÉRÉNICE STORMS werkt aan Cebud aan de Thomas More Hogeschool en

Nadere informatie

Wat is armoede? Er zijn veel verschillende theorieën en definities over wat armoede is. Deze definities zijn te verdelen in categorieën.

Wat is armoede? Er zijn veel verschillende theorieën en definities over wat armoede is. Deze definities zijn te verdelen in categorieën. Wat is armoede? Er zijn veel verschillende theorieën en definities over wat armoede is. Deze definities zijn te verdelen in categorieën. Absolute en relatieve definities Bij de absolute definities wordt

Nadere informatie

Welzijnsbarometer 2015

Welzijnsbarometer 2015 OBSERVATOIRE DE LA SANTÉ ET DU SOCIAL BRUXELLES OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN BRUSSEL "Cultuur aan de macht" de sociale rol van cultuur en kunst 26 november 2015 Welzijnsbarometer 2015 Marion

Nadere informatie

Helft zorgverzekerden komt niet rond

Helft zorgverzekerden komt niet rond Bijlage perstekst Helft zorgverzekerden komt niet rond 1. Het belang van de zorgverzekering Het HIVA onderzoek (2008) 1 bevestigt het nut van de Vlaamse zorgverzekering. Voor zorgerkenden maakt het wel

Nadere informatie

Kinderarmoede en huisvesting. Gerlinde Verbist. Werken rond de structurele oorzaken van kinderarmoede COLLOQUIUM - KBS.

Kinderarmoede en huisvesting. Gerlinde Verbist. Werken rond de structurele oorzaken van kinderarmoede COLLOQUIUM - KBS. Kinderarmoede en huisvesting Gerlinde Verbist Werken rond de structurele oorzaken van kinderarmoede COLLOQUIUM - KBS 12 juni 2014 Inhoud 1. Kinderarmoede en woonstatus 2. Financiële maatregelen wonen 3.

Nadere informatie

Hoofdstuk 3: Inflatie

Hoofdstuk 3: Inflatie Hoofdstuk 3: Inflatie 3.1. Begrippen A. Inflatie is een algemene prijsstijging of een stijging van het algemene prijspeil over een langere periode. De levensduurte stijgt. De waarde van het geld kunnen

Nadere informatie

Praktische opdracht Economie Inflatie

Praktische opdracht Economie Inflatie Praktische opdracht Economie Inflatie Praktische-opdracht door een scholier 1658 woorden 20 juni 2005 6,9 44 keer beoordeeld Vak Economie Wat is Inflatie? Wat is inflatie en wat is een prijsindexcijfer?

Nadere informatie

Grote Woononderzoek Deelmarkten, woonkosten en betaalbaarheid

Grote Woononderzoek Deelmarkten, woonkosten en betaalbaarheid Grote Woononderzoek 2013 Deelmarkten, woonkosten en betaalbaarheid Kristof Heylen HIVA - KU Leuven Studiedag Wonen in Vlaanderen anno 2013. De resultaten van het grote woononderzoek 2013 Brussel, Vlaams

Nadere informatie

Feitenkaart Inkomensgegevens Rotterdam en regio 2006

Feitenkaart Inkomensgegevens Rotterdam en regio 2006 Feitenkaart Inkomensgegevens Rotterdam en regio 2006 Begin 2009 zijn de inkomensgegevens op gemeentelijk, deelgemeentelijk en buurtniveau uit het Regionaal Inkomens Onderzoek 2006 van het CBS beschikbaar

Nadere informatie

REFERENTIEBUDGETTEN VOOR MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE

REFERENTIEBUDGETTEN VOOR MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE REFERENTIEBUDGETTEN VOOR MAATSCHAPPELIJKE PARTICIPATIE Van richtnormen voor de Kempen naar cross-nationaal vergelijkbare referentiebudgetten voor Europa Bérénice Storms Amsterdam 27 juni 2018 1 OVERZICHT

Nadere informatie

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 17 oktober 2008. Armoede in België

ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 17 oktober 2008. Armoede in België ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 17 oktober 2008 Armoede in België Ter gelegenheid van de Werelddag van Verzet tegen Armoede op 17 oktober heeft de Algemene Directie Statistiek

Nadere informatie

Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE [email protected]

Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE INFO@WELZIJNSZORG.BE Achtergrondcijfers WELZIJNSZORG VZW HUIDEVETTERSSTRAAT 165 1000 BRUSSEL 02 502 55 75 WWW.WELZIJNSZORG.BE [email protected] NATIONAAL SECRETARIAAT Huidevettersstraat 165 1000 Brussel T 02 502 55 75 F

Nadere informatie

ARMOEDE GEPEILD Een analyse van de EU-SILC cijfers naar aanleiding van 17 oktober Werelddag van verzet tegen armoede

ARMOEDE GEPEILD Een analyse van de EU-SILC cijfers naar aanleiding van 17 oktober Werelddag van verzet tegen armoede ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 16 oktober 9 ARMOEDE GEPEILD Een analyse van de EU-SILC cijfers naar aanleiding van oktober Werelddag van verzet tegen armoede % van de

Nadere informatie

Is wonen in Vlaanderen betaalbaar? Kristof Heylen, HIVA, KULeuven Steunpunt Ruimte en Wonen

Is wonen in Vlaanderen betaalbaar? Kristof Heylen, HIVA, KULeuven Steunpunt Ruimte en Wonen Is wonen in Vlaanderen betaalbaar? Methodologie, vaststellingen, t evoluties Boekvoorstelling 21 december 2010 Kristof Heylen, HIVA, KULeuven Steunpunt Ruimte en Wonen Inhoud Definitie Methodologie Woonquote

Nadere informatie

De minimale inkomensbescherming in Europa

De minimale inkomensbescherming in Europa Arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden De minimale inkomensbescherming in Europa Cantillon, B., Van Mechelen, N., Marx, I. & Van den Bosch, K. (2004). De evolutie van de bodembescherming in de 15 Europese

Nadere informatie

Wat is armoede? Maatschappelijke participatie. Armoede in de Kempen

Wat is armoede? Maatschappelijke participatie. Armoede in de Kempen Armoede in de Kempen 30 april 2009 Bérénice Storms Wat is armoede? Armoede is een situatie waarbij het mensen ontbreekt aan de economische middelen om een aantal basisfuncties te realiseren (Van den Bosch,

Nadere informatie

Lokale lastendruk in Kampen

Lokale lastendruk in Kampen Lokale lastendruk in Kampen Notitie opgesteld in opdracht van de gemeente Kampen (herziene versie) Dr. ir. C. Hoeben COELO 19 februari 2004 COELO Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden

Nadere informatie

De honden en katten van de Belgen

De honden en katten van de Belgen ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 31 juli 2007 De honden en katten van de Belgen Highlights Ons land telde in 2004 1.064.000 honden en 1.954.000 katten; In vergelijking

Nadere informatie

Is wonen in Vlaanderen betaalbaar?

Is wonen in Vlaanderen betaalbaar? Is wonen in Vlaanderen betaalbaar? Boek uitgegeven bij Garant Redactie: Sien Winters Auteurs: Sien Winters, Kristof Heylen, Marietta Haffner, Pascal De Decker, Frank Vastmans, Erik Buyst Boekvoorstelling

Nadere informatie

Cijfers en wegwijzers Armoede in Vlaanderen en Brussel. ChanceArt 10 december 2009

Cijfers en wegwijzers Armoede in Vlaanderen en Brussel. ChanceArt 10 december 2009 Cijfers en wegwijzers Armoede in Vlaanderen en Brussel ChanceArt 10 december 2009 Inhoud 1. De naakte cijfers 2. Decenniumdoelstellingen 3. Armoedebarometers 4. Armoede en cultuurparticipatie 5. Pleidooi

Nadere informatie

De beroepsbevolking in de grensregio s van Nederland en Vlaanderen: grote verschillen aan weerszijden van de grens

De beroepsbevolking in de grensregio s van Nederland en Vlaanderen: grote verschillen aan weerszijden van de grens De beroepsbevolking in de grensregio s van Nederland en Vlaanderen: grote verschillen aan weerszijden van de grens Bierings, H., Schmitt, J., van der Valk, J., Vanderbiesen, W., & Goutsmet, D. (2017).

Nadere informatie

ARMOEDEBAROMETER 2015

ARMOEDEBAROMETER 2015 ARMOEDEBAROMETER 2015 Wat zeggen de cijfers? ARMOEDE GEWIKT EN GEWOGEN Kinderarmoede: 11.2% Sinds 2008 gestaag gestegen Toekomst: blijft stijgen Kinderarmoede vooral bij moeders met een migratiegeschiedenis

Nadere informatie

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede

EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede EénVandaag en Nibud onderzoeken armoede Doel Armoede is geen eenduidig begrip. Armoede wordt vaak gemeten via een inkomensgrens: iedereen met een inkomen beneden die grens is arm, iedereen er boven is

Nadere informatie

BIJLAGE: LIJST VAN DE INDICATOREN VAN LAKEN

BIJLAGE: LIJST VAN DE INDICATOREN VAN LAKEN BIJLAGE BIJLAGE: LIJST VAN DE INDICATOREN VAN LAKEN Het Social Protection Commitee (SPC) heeft in het kader van zijn mandaat voor 2001 een verslag voorgesteld met een eerste reeks van tien primaire indicatoren

Nadere informatie

Wetenschappelijke studie geeft zicht op de leefomstandigheden van daklozen en mensen zonder papieren

Wetenschappelijke studie geeft zicht op de leefomstandigheden van daklozen en mensen zonder papieren Kabinet van Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding Philippe COURARD Kabinet van Minister van KMO'S, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid Sabine LARUELLE Persbericht

Nadere informatie

De inkomensverdeling van ouderen internationaal vergeleken

De inkomensverdeling van ouderen internationaal vergeleken Bron: K. Caminada & K. Goudswaard (2017), De inkomensverdeling van ouderen internationaal vergeleken, Geron Tijdschrift over ouder worden & maatschappij jaargang 19, nummer 3: 10-13. De inkomensverdeling

Nadere informatie

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting

BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting BRUSSELS ARMOEDERAPPORT 2015 Welzijnsbarometer: samenvatting De Welzijnsbarometer verzamelt jaarlijks een reeks indicatoren die verschillende aspecten van armoede in het Brussels Gewest belichten. De sociaaleconomische

Nadere informatie

Woonkosten en de meting van inkomensarmoede *

Woonkosten en de meting van inkomensarmoede * Woonkosten en de meting van inkomensarmoede * Karel Van den Bosch Rudi Van Dam December 2001 B E R I C H T E N C E N T R U M V O O R S O C I A A L B E L E I D U F S I A - U N I V E R S I T E I T A N T

Nadere informatie

HET THEMATISCH RAPPORT LE RAPPORT THÉMATIQUE

HET THEMATISCH RAPPORT LE RAPPORT THÉMATIQUE OBSERVATOIRE DE LA SANTÉ ET DU SOCIAL BRUXELLES OBSERVATORIUM VOOR GEZONDHEID EN WELZIJN BRUSSEL HET THEMATISCH RAPPORT LE RAPPORT THÉMATIQUE Vrouwen, bestaansonzekerheid en armoede in het Brussels Gewest

Nadere informatie

HOOFDSTUK 14: OEFENINGEN

HOOFDSTUK 14: OEFENINGEN 1 HOOFDSTUK 14: OEFENINGEN 1. Antwoord met juist of fout op elk van de onderstaande beweringen. Geef telkens een korte a) Indien een Amerikaans toerist op de Grote Markt van Brussel een Deens bier drinkt,

Nadere informatie

Gezinsenquête. 1. Situering

Gezinsenquête. 1. Situering Gezinsenquête 1. Situering De gezinsenquête is een schriftelijke enquête (postenquête) Bij gezinnen met kinderen tussen 0 en 25 jaar in het Vlaamse Gewest en Brussels Hoofdstedelijk Gewest Met vragen over

Nadere informatie

Woonsituatie van ouderen in Vlaanderen Resultaten van Woonsurvey Vlaamse Ouderenraad Commissie wonen, mobiliteit en veiligheid

Woonsituatie van ouderen in Vlaanderen Resultaten van Woonsurvey Vlaamse Ouderenraad Commissie wonen, mobiliteit en veiligheid Woonsituatie van ouderen in Vlaanderen Resultaten van Woonsurvey 2018 Dr. Kristof Heylen HIVA KU Leuven Vlaamse Ouderenraad Commissie wonen, mobiliteit en veiligheid 9 Mei 2019 Inhoud Eigendomsstatuut

Nadere informatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie

Hoofdstuk 10. Financiële situatie Hoofdstuk 10. Financiële situatie Samenvatting Hfst 9. Trendvragen financiële situatie Jaarlijks worden drie trendvragen gesteld die inzicht geven in de financiële positie van de Leidenaar. De resultaten

Nadere informatie

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES

«WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES «WELZIJNSBAROMETER 2010» SAMENVATTING EN CONCLUSIES Brussel wordt gekenmerkt door een grote concentratie van armoede in de dichtbevolkte buurten van de arme sikkel in het centrum van de stad, met name

Nadere informatie