Visie op gladheidbestrijding
|
|
|
- Christiaan Brecht Mulder
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Akzo Nobel Industrial Chemicals B.V. Salt Visie op gladheidbestrijding mei 2014 René Demmer
2 Visie op gladheidbestrijding 02 Contents Algemene opmerking 3 1. Strooimiddelen Vacuümzout Steenzout Zeezout Vacuümzout, steenzout en zeezout als dooimiddel 5 2. Alternatieve dooimiddelen 6 3. Milieu 7 4. Gladheidbestrijding 7 5. Oplossen van wegenzout voor pekel aanmaak Effectiviteit van natriumchloride en calciumchloride Smeltcapaciteit op ijs en sneeuw Vriespuntdaling van (smelt)water Concentratie van de ontstane pekeloplossing na strooien van zout Theoretische benadering Vriespuntdaling Gladheidbestrijding door sproeien met NaCl-pekel Toevoeging van additieven aan wegenzout ter bevordering van vriespuntdaling Strooi-eigenschappen van vacuümzout en steenzout Additieven aan wegenzout: Ecosel 17
3 Visie op gladheidbestrijding 03 Algemene opmerking In veel documentatie over gladheidbestrijding worden vaak ervaringen en/of meetresultaten m.b.t. geconcentreerde zoutoplossingen beschreven, al dan niet met additieven, waarbij flinke vriespuntdalingen bereikt worden. AkzoNobel richt zich voornamelijk op de dooiprocessen die zich werkelijk op het gestrooide wegdek voltrekken en waarbij in feite altijd sterk verdunde zoutoplossingen ontstaan. Bij verdunde zoutoplossingen treden vanzelfsprekend minder grote vriespuntdalingen op dan bij geconcentreerde oplossingen. 1. Strooimiddelen De strooimiddelen die worden gebruikt, kunnen worden onderverdeeld in stroefmakende middelen en dooimiddelen. Voor 1960 werden er naast het traditioneel sneeuwruimen uitsluitend stroefmakende middelen, als zand, grind, as en split ingezet om de wegen berijdbaar te houden. Deze middelen hebben geen dooiwerking, maar maken het wegdek alleen stroef. In gebieden waar strenge winters voorkomen (Scandinavië, Alpenlanden), worden momenteel nog stroefmakende middelen gebruikt. Na 1960 werd in West Europa telkens meer gebruik gemaakt van dooimiddelen die juist de gladheid bestreden c.q. ijs en sneeuw lieten smelten. Het meeste gebruikte dooimiddel was natriumchloride (NaCl) en is dat momenteel nog steeds. Voordelen van het gebruik van natriumchloride zijn: vrijwel onbeperkt beschikbaar/voorradig relatief goedkoop goede vriespuntverlaging van (smelt)water veilig te hanteren minder corrosief dan andere chloride-houdende dooimiddelen Natriumchloride-zouten in vaste vorm Momenteel (en van oudsher) wordt wereldwijd natriumchloride (NaCl) het meest gebruikt bij gladheidbestrijding. Het natriumchloride-zout dat regulier als dooimiddel gebruikt wordt is onder te verdelen in: Vacuümzout Steenzout Zeezout 1.1. Vacuümzout Vacuümzout wordt gewonnen door middel van oplosmijnbouw. Hierbij worden de onderaardse zoutlagen opgelost met water en als pekel naar de oppervlakte gepompt. Deze pekel wordt vervolgens in verschillende stappen gezuiverd waarna in boilers het water deels onder vacuüm wordt verdampt zodat het gezuiverde zout uitkristalliseert. Deze productiemethode zorgt ervoor dat het zout een zeer hoge zuiverheid heeft met een kleine korrel en gelijkmatige korrelgrootteverdeling (zie figuur 1). Daarnaast bevat ongedroogd vacuümzout al circa 2,8% vocht, wat zorgt voor een goede hechting aan het wegdek. In tabel 1 staan de relevante eigenschappen van vacuümzout als dooimiddel vergeleken met andere zouttypes.
4 Visie op gladheidbestrijding Steenzout Steenzout wordt met behulp van traditionele mechanische mijnbouw gewonnen. Bij dit proces van winning wordt het zout onder de grond afgegraven en gezeefd, maar niet gezuiverd. Steenzout bevat dan ook verontreinigingen als zand, zware metalen, en andere oplosbare zouten zoals sulfaten. Het resultaat is dat het gehalte natriumchloride lager is en, ondanks het zeven, de korrelgrootte gemiddeld grover en onregelmatiger dan bij vacuümzout (zie figuur 1). In tabel 1 staan de relevante eigenschappen van steenzout als dooimiddel vergeleken met andere zouttypen Zeezout Zeezout wordt gewonnen in warmere zuidelijke landen door middel van verdamping van zeewater door de zon. Uiteindelijk blijft er een zout achter dat met betrekking tot verontreinigingen en korrelgrootteverdeling het meest te vergelijken is met steenzout. Zie tabel 1 voor de relevante eigenschappen van zeezout als dooimiddel. Tabel 1: Eigenschappen van vacuümzout, steenzout en zeezout als dooimiddel Vacuümzout Steenzout Zeezout NaCl-gehalte (%) als droge stof 99,9% 95-98% 95-99% Korrelgrootte (80%) (mm) 0,20-0, Korrelgrootte (X 50 ) (mm) 0,38 1,8 1,8 Korrelgrootte (mm) (max.) <0,16 mm: 5% <0,16 mm:2,5% <0,16 mm: 2,5% Korrelgrootte (mm) (max.) > 1 mm: 1% > 5 mm: 1% > 5 mm: 1% Antiklontermiddel (mg/kg) Zware metalen (mg/kg) <0, Onoplosbaar (%) < 0, Oplosbaar anders dan NaCl (%) < 0, Sulfaten (g/kg) 0,3 0,3-7 1,5-8 Vochtgehalte (%) < 3 < Opmerking: Gehalte antiklontermiddel is uitgedrukt als ferrocyanide en wordt toegevoegd om klontering te voorkomen.
5 Visie op gladheidbestrijding 05 Figuur 1: Typische korrelgrootteverdeling voor vacuümzout en steenzout Korrelgrootteverdeling Vacuumzout vs Steenzout Aandeel (%) Steenzout Vacuumzout Korrelgrootte (mm) 1.4. Vacuümzout, steenzout en zeezout als dooimiddel Zoals vermeld in tabel 1 zijn er wel verschillen in kwaliteit tussen de verschillende zoutsoorten. Deze verschillen hebben een wezenlijk effect op de dooiwerking. De volgende eigenschappen zijn van groot belang: Zuiverheid: het percentage werkbare stof. Droog vacuümzout bevat 99,9% werkbare stof. Bij steenzout en zeezout ligt dit lager doordat deze verontreinigen als zware metalen, zand en in water oplosbare componenten maar anders dan zout bevatten. Homogene korrelgrootteverdeling: Tijdens strooiacties wordt gestreefd naar een perfect strooipatroon waarbij geen zout verloren gaat en waarbij de verdeling op de weg uniform is. Hiervoor is het van groot belang dat de korrelgrootte van het dooimiddel gelijk is of een zeer nauwe bandbreedte heeft zodat tijdens strooien de optimale strooi-instelling gekozen kan worden. De korrelgrootte van vacuümzout is nagenoeg gelijk (80% tussen 0,20 en 0,45 mm). Vacuümzout bevat geen grote korrels die doorstuiteren tijdens strooien. Door de kleine korrels in vacuümzout is het actieve oppervlak ca. 6 x groter dan van grof zout (steenzout, zeezout). Hierdoor is de dooiwerking op ijs en sneeuw ook veel sneller. De korrelgrootte van steen- en zeezout verschilt nogal (80% tussen 1,0 en 3,0 mm) waardoor altijd een compromis gezocht moet worden voor de optimale strooi-instelling. Verder bevatten steen- en zeezout een significant aandeel grote korrels (3 5 mm) die tijdens strooien
6 Visie op gladheidbestrijding 06 gemakkelijk doorstuiteren in de berm. De strooi-instelling wordt zo gekozen dat het doorstuiteren zoveel mogelijk voorkomen wordt met als consequentie dat het fijne aandeel in het steenzout niet goed verdeeld kan worden. Dit is goed te zien in de foto s (Foto 1 en 2) die gemaakt zijn tijdens het strooien van steenzout en vacuümzout bij identieke omstandigheden. Foto 1: Natstrooien van steenzout; 10 gram/m², Foto 2: Natstrooien van vacuümzout; 10 gram/m², 30 km/uur 30 km/uur In 2010 zijn in opdracht van Provincie Gelderland in samenwerking met Provincie Overijssel en Rijkswaterstaat vergelijkende strooitesten uitgevoerd met grof en fijn zout. Uit dit onderzoek bleek dat strooien met fijn zout (vacuümzout) 23% meer effectief is dan strooien met grof zout. Meer informatie kunt u verkrijgen via de volgende link: 2. Alternatieve dooimiddelen Naast natriumchloride Nacl kan men de volgende dooimiddelen ook gebruiken: calciumchloride (CaCl 2 ), magnesiumchloride (MgCl 2 ), ethyleenglycol, Ureum, natriumformiaat, kalium- of natriumacetaat en calciummagnesiumacetaat. Calcium- en magnesiumchloride zijn het beste vergelijkbaar met natriumchloride maar zijn als vaste stof zeer hygroscopisch en moeilijk/onveilig te verwerken. Hygroscopische stoffen trekken zeer sterk vocht aan en veroorzaken daardoor brandplekken op de huid. Tevens zijn deze dooimiddelen vanwege het hogere chloridegehalte corrosiever dan natriumchloride. Alle andere genoemde dooimiddelen bevatten organische componenten, zijn praktisch niet corrosief maar veel duurder. Deze typen dooimiddelen worden meest gebruikt op plekken waar geen corrosie mag optreden, zoals op vliegvelden en op bruggen. Het organische deel in deze dooimiddelen veroorzaakt een verhoogde BOD (Biogradable Oxygen Demand) wat milieubelastend is. De BOD geeft aan hoeveel zuurstof uit het milieu (water/lucht) onttrokken moet worden om het dooimiddel af te breken.
7 Visie op gladheidbestrijding Milieu Elke strooiactie t.b.v. gladheidbestrijding heeft een invloed op het milieu door de hoeveelheid zout die uiteindelijk in de berm en/of het rioolsysteem terecht komt. Afgezien van het kostenaspect wordt ernaar gestreefd om het milieu zo min mogelijk te belasten door zo effectief mogelijk met zo weinig mogelijk zout te strooien. Daarnaast is het van groot belang dat het zout dat gestrooid wordt geen milieuschadelijke componenten bevat als zware metalen en onoplosbare componenten. Zware metalen belasten het milieu. Een bruikbaar toetsingskader om het effect van onvermijdelijke toevoegingen van milieubelastende stoffen in bodem of grondwater te beoordelen wordt gevormd door het concept van de Maximaal Toelaatbare Toevoeging (MTT) en de Verwaarloosbare Toevoeging (VT). De VT is gesteld op één honderdste deel van de MTT en wordt geacht slechts een verwaarloosbaar risico te veroorzaken. De keuze van de factor 100 is weliswaar arbitrair, maar toch gangbaar en vloeit voort uit veiligheidsoverwegingen. Tabel 2: Verwaarloosbare Toevoeging en Maximaal Toelaatbare Toevoeging van zware metalen + arseen m.b.t. milieuverontreiniging, betrokken op de Nederlandse regelgeving Component VT-waarde MTT-waarde (mg/kg) (mg/kg) Arseen 0,43 43 Barium 0,86 86 Cadmium 0,073 7,3 Chroom 0,36 36 Kobalt 0,73 73 Koper 0,31 31 Kwik 0,065 6,5 Lood 3,1 310 Molybdeen Nikkel 0,25 25 Zink 1,5 150 Omdat vacuümzout zo zuiver is liggen alle concentraties van bovengenoemde componenten ruim onder de VT-waarde. Dit is niet altijd het geval voor steen- en zeezout en is afhankelijk van de herkomst. Gewoonlijk geldt voor steen- en zeezout dat concentraties weliswaar onder de MTT-waarde vallen, maar voor enkele componenten boven de VT-waarde. 4. Gladheidbestrijding Gladheidbestrijding m.b.v. zout kan op twee manieren plaatsvinden, namelijk: preventief of curatief. In het begin werd alleen curatief gestrooid met droog zout: het zogenaamde droogstrooien. Vanaf 1970 begon men in bepaalde omstandigheden preventief te strooien met bevochtigd zout: het zogenaamde natstrooien. Preventief: hierbij wordt al dooimiddel gestrooid op het wegdek voordat er sprake is van bevriezing of voordat gladheid veroorzakende neerslag (ijzel, sneeuw) is gevallen: de benodigde hoeveelheid dooimiddel is gebruikelijk 7 10 g/m². Curatief: wanneer er al gladde omstandigheden zijn ontstaan wordt zout gestrooid om deze omstandigheden op te heffen: de benodigde hoeveelheid dooimiddel is gebruikelijk g/m²
8 Visie op gladheidbestrijding 08 Door preventief te strooien wordt vooraf al voorkomen dat het wegdek gaat bevriezen en in geval van sneeuwval wordt bewerkstelligd dat de vastgereden sneeuwlaag gemakkelijker verwijderd kan worden doordat deze minder aan de weg hecht. Momenteel wordt in West-Europa zoveel mogelijk preventief gestrooid. Het zout kan zowel droog als vochtig (bevochtigd) op het wegdek gestrooid worden, alhoewel droog zout strooien in Noordwest Europa nog weinig wordt toegepast i.v.m. verstuiven van het zout naar de zijkanten van de weg. Gladheidbestrijding in Nederland wordt voor het grootste deel uitgevoerd door preventief te strooien met bevochtigd zout. Met het bevochtigen wordt bewerkstelligd dat het zout minder verstuift (voornamelijk voor droog vacuümzout en droog steenzout) en dat minder zout in de berm belandt door het stuitereffect van grote zoutkristallen (steenzout en zeezout). Bij strooien met bevochtigd zout worden vast zout en pekel vermengd op de verdeelschijf van de strooiapparatuur, meestal in de verhouding 70% vast zout en 30% pekel (FS30). De gebruikelijke dosering bij preventief strooien is 7 10 g/m² (nat) wegenzout. Uiteindelijk ligt er dan 5,3 7,6 gram NaCl/m² op het wegdek indien 20% NaCl pekel wordt gebruikt ter bevochtiging. De methode waarbij het zout tijdens een strooiactie wordt bevochtigd met pekel wordt ook wel natstrooien genoemd en veelal uitgedrukt als FS30, FS40, etc. waarbij FS staat voor de Duitse afkorting Feucht Salz en de getallen 30 en 40 het percentage pekel aangeeft. De meest gebruikte combinatie is FS30, de trend schuift naar het gebruik van meer natte component (FS40 FS80) tot FS100 waarbij alleen pekel gesproeid wordt en geen vast zout meer wordt gestrooid. De term FS wordt in Europa op twee manieren benaderd: 1. De Duitse versie waarbij het getal achter FS het percentage gewichtsprocenten natte component aangeeft. Dit is de meest gebruikte methode in Europa. 2. De Scandinavische versie waarbij het getal achter FS het percentage NaCl aangeeft die middels de natte component wordt toegevoegd. In tabel 3 worden voorbeelden gegeven van de verschillende versies voor 10 g/m² natstrooien waarbij 20% NaCl als natte component wordt gebruikt. Tabel 3: Berekening hoeveel NaCl/m² op het wegdek ligt wanneer 10 g/m² natstrooien wordt toegepast met de verschillende FS-methoden FS Duitse versie Scandinavische versie g vast NaCl g pekel g NaCl/m² g vast NaCl g pekel g NaCl/m²
9 Visie op gladheidbestrijding 09 Tabel 4: Veel gebruikte doseringen van wegenzout bij verschillende typen gladheid; (bron: Publicatie 270 CROW. Natstrooien = FS30 volgens Duitse versie) Type gladheid Bevriezing van natte weggedeelten Preventief, natstrooien Curatief, natstrooien Sproeien pekelwater* Condensatie en/of aanvriezende mist Preventief, natstrooien Curatief, nat strooien Sproeien pekelwater* Sneeuw (incl. Ploegen of borstelen bij curatieve actie) Preventief, natstrooien Curatief, natstrooien Sproeien pekelwater* IJzel Preventief, natstrooien Curatief, natstrooien Sproeien pekelwater Dichte wegdekken (g/m²) ** ** * = Bij 20% zoutoplossing. Bij deze concentratie bevat 23 g pekel circa 4.6 gram zout. Poreuze wegdekken (g/m²) geen ervaring 7 7 geen ervaring geen ervaring geen ervaring ** = De aanbevolen doseringen bij het sproeien van pekelwater bij sneeuw en ijzel zijn voorlopige waarden. Nader onderzoek moet nog plaatsvinden. Voorkomen moet worden dat door verdunning de concentratie dooimiddel in het pekelwater zo laag wordt dat het pekelwater bevriest. Pekel t.b.v. natstrooien De pekelsoorten die algemeen gebruikt worden voor bevochtigen van wegenzout zijn: 20-22% NaCl 16% CaCl 2 15% MgCl 2 In Nederland worden voornamelijk NaCl pekel en in mindere mate 16% CaCl 2 pekel gebruikt; percentages zijn op gewichtsbasis. Natriumchloride pekel (NaCl) kan worden verkregen door: gebruiksklare pekel (22% NaCl) direct te betrekken vanaf leverancier, bijv. AkzoNobel, zodat geen oplosser aangeschaft hoeft te worden. zelf NaCl op te lossen in een oplosser AkzoNobel pekel bevat geen antiklontermiddel (ferrocyanide) in tegenstelling tot pekel die verkregen is door het oplossen van vast zout, waarbij ook het antiklontermiddel oplost in de pekel. Calciumchloride pekel (CaCl 2.2H 2 O) kan worden verkregen door: gebruiksklare pekel direct te betrekken vanaf leverancier 33% CaCl 2 pekel te betrekken vanaf leverancier en deze 1 op 1 verdunnen met water tot 16% CaCl 2 pekel zelf CaCl 2 op te lossen in een oplosser, waarbij CaCl 2.2H 2 O pekel ontstaat
10 Visie op gladheidbestrijding 10 Magnesiumchloride pekel (MgCl 2.2H 2 O) kan worden verkregen door: gebruiksklare pekel direct te betrekken vanaf leverancier 30% MgCl 2 pekel te betrekken vanaf leverancier en deze 1 op 1 verdunnen met water tot 15% MgCl 2 pekel zelf MgCl 2 op te lossen in een oplosser, waarbij MgCl 2.2H 2 O pekel ontstaat 5. Oplossen van wegenzout voor pekel aanmaak Tijdens oplossen van steenzout en zeezout lost tot ca. 2% niet op in het water en blijft als onoplosbaar bestanddeel achter in de oplosser. Ongeveer 50% van de zware metalen die aanwezig zijn in steenzout lost op in water met als gevolg dat de andere 50% achterblijft bij de onoplosbare bestanddelen. In 1000 kg steenzout kan tot ca. 5 gram zware metalen achterblijven op 2 kg niet oplosbare bestanddelen, (chemisch afval?). Bovenstaand gebeurt niet bij oplossen van vacuümzout, dit lost volledig op en bevat ook geen zware metalen. Oplossen van vacuümzout gaat ook opmerkelijk sneller vanwege de kleine korrelgrootte. 6. Effectiviteit van natriumchloride en calciumchloride De effectiviteit van een gladheidbestrijdingsmiddel wordt bepaald door: smelt capaciteit op ijs en sneeuw vriespuntdaling van water Algemeen wordt voornamelijk NaCl zout en pekel en (in mindere mate) CaCl 2 pekel gebruikt als dooimiddel, daarom wordt dieper ingegaan op de dooi-eigenschappen van deze twee soorten dooimiddelen 7. Smeltcapaciteit op ijs en sneeuw Smeltcapaciteit wordt uitgedrukt als de hoeveelheid ijs die smelt bij gebruik van 1 kg zout als dooimiddel, bij een temperatuur van -5 C. Voor natriumchloride en calciumchloride gelden de volgende smeltcapaciteiten. Smeltcapaciteit bij -5 C zout kg gesmolten ijs 1 kg NaCl 11,5 1 kg CaCl 2 8,0 Figuur 2: Smeltcapaciteit van NaCl en CaCl 2
11 Visie op gladheidbestrijding 11 Smelt capaciteit als functie van de temperatuur 50 CaCl2.2H2O 40 NaCl Smelt capaciteit (kg ijs/kg zout) Temperatuur ( C) Alleen wanneer CaCl 2 als vaste stof in oplossing gaat, treedt een exothermische reactie op waarbij warmte vrijkomt en het CaCl 2 overgaat in CaCl 2.2H 2 O (calciumchloride pekel). Van deze eigenschap wordt gebruik gemaakt wanneer in het geval van sneeuwval er vastgereden ijsplaten op het wegdek kunnen ontstaan. Deze ijsplaten zijn met reguliere strooiacties of ploegacties niet meer te verwijderen. Door vast calciumchloride te strooien kan het ijs veelal wel verwijderd worden door het dooi-effect in combinatie met het warmte-effect. Verdunnen/bewerken van calciumchloride pekel geeft geen exothermische reactie meer. Dus ook bij gebruik van calciumchloride pekel als gladheidbestrijdingsmiddel treedt géén warmte ontwikkeling meer op. calciumchloride in vaste vorm is niet prettig te verwerken omdat het zeer hygroscopisch is en daardoor irriterend voor huid, ogen en longen, deze eigenschappen gelden ook voor magnesiumchloride. Natriumchloride vertoont deze negatieve eigenschappen niet en is daardoor gemakkelijk en prettig te verwerken. Natriumchloride veroorzaakt geen exothermische reactie tijdens oplossen.
12 Visie op gladheidbestrijding Vriespuntdaling van (smelt)water Vriespuntdaling is het verschijnsel dat de temperatuur waarbij een vloeistof vast wordt daalt wanneer er andere stoffen in opgelost zijn. In het geval van gladheidbestrijding zorgt het dooimiddel, dat opgelost is in het smeltwater, ervoor dat het smeltwater bevriest bij een lagere temperatuur dan bij 0 C. De mate van vriespuntdaling is afhankelijk van de soort opgeloste stof (dooimiddel) en van het type oplosmiddel (water). Verder is van het dooimiddel het aantal deeltjes dat in oplossing gaat en de moleculaire massa van belang. Hoe meer deeltjes er opgelost zijn, hoe meer het vriespunt van het smeltwater daalt, dit wordt echter vaak weer teniet gedaan door een hogere moleculaire massa. Vriespuntdaling vormt de basis voor gladheidbestrijding met behulp van elk type zout en/of pekel. Maximale vriespuntdaling met geconcentreerde pekeloplossingen. De maximale vriespuntdaling die behaald kan worden door de verschillende pekeloplossingen is: -21 C voor NaCl pekel (23% w/w) -54 C voor CaCl 2 pekel (30% w/w) Bij hogere concentraties gaat NaCl over in de hydraatvorm (NaCl.2H 2 O) en CaCl 2.2H 2 O in CaCl 2.6H 2 O, beide componenten slaan neer als vaste stof. Bij -19 C bevriest 22% NaCl pekel, hetzelfde vriespunt wordt bereikt met 20.6% CaCl 2 pekel. In figuur 3 zijn de ijslijnen getekend voor NaCl pekel, CaCl 2 pekel en MgCl 2 pekel. Vriespuntdalingen met verdunde pekeloplossingen De vriespuntdalingen die behaald worden door verdunde NaCl, CaCl 2 en MgCl 2 pekel zijn bijna identiek tot een concentratie van 13,7%, dat overeenkomt met een vriespuntdaling tot -10 C. In figuur 3 is af te lezen dat vriespuntdaling door NaCl pekel tot een temperatuur van -10 C lichtelijk beter is dan de vriespuntdaling door CaCl 2 en MgCl 2 pekel met dezelfde concentraties. Figuur 3 IJslijnen en oplosbaarheden van NaCl, NaCL.2H 2 O, MgCL 2, CaCl 2.2 H 2 O and CaCl 2.6H 2 O Werkgebied in de praktijk NaCl Temperatuur ( o C) CaCl 2 IJs 13.7% NaCl MgCl 2 NaCl.2H 2 O CaCl 2.6H 2 O IJs Zout concentratie (w% NaCl, w% MgCl 2, w% CaCl 2 )
13 Visie op gladheidbestrijding 13 Opmerking: Temperaturen lager dan -10 C zijn uitzonderlijk in Nederland, bij deze lage temperaturen is de luchtvochtigheid ook laag en valt er weinig of geen neerslag. Hierdoor is de noodzaak tot gladheidbestrijding praktisch niet aanwezig Concentratie van de ontstane pekeloplossing na strooien van zout Bij preventief natstrooien wordt ca gram (nat)zout per m² op het wegdek gebracht. De (door smeltwater) ontstane verdunde pekel geeft slechts een vriespuntdaling van ca. 0,5 tot 2 C. Het dooi-effect wordt echter bevorderd door de druk die optreedt wanneer het wegdek bereden wordt door verkeer Theoretische benadering Vriespuntdaling Tijdens strooien van (nat)wegenzout wordt een zekere hoeveelheid zout op het wegdek verspreid. Wanneer er een ijs- of sneeuwlaag op het wegdek ligt lost het zout op en wordt verdund door het smeltwater dat ontstaat. Als er 0,5 mm ijs of 5 mm sneeuw ligt op 1 m² wegdek komt dit overeen met 0.5 liter smeltwater dat ontstaat bij dooi. Uitgaande van 10 g/m² dooimiddel volgens de natstrooiprocedure (= 7.7 g NaCl per m²) wordt dan een verdunde pekel gevormd met een concentratie van 15.4 gram NaCl per liter ofwel 1.54%. Wetenschappelijk is de vriespuntdaling (VPD) van verdunde pekeloplossingen uit te rekenen m.b.v. de: van t Hoff vergelijking. concentratie gladheidbestrijdingspekel in water (g/kg) VPD=K n molecuulgewicht gladheidbestrijdingsmiddel (g/mol) waarin: K = constante = 1.86 voor water n = aantal ionen die ontstaan bij oplossen van 1 molecuul gladheidbestrijdingsmiddel (in water) Uitgaande van een preventieve strooiactie volgens nat-strooi procedure met een dosering van 10 g/m² op een ijslaag van 0,2 mm of een sneeuwlaag van 2 mm, beide overeenkomend met 0,2 liter smeltwater per m², kan de vriespuntdaling voor de verschillende pekeloplossingen berekend worden. Tabel 5: Natstrooiprocedure (FS30): 10 g dooimiddel/m² (7 g vast zout + 3 g pekel) op 0,2 mm ijs of 2 mm sneeuw NaCl + pekel t.b.v. nat-zout strooien Gewicht Volume Wegdek- Molecuul Vast VPD conc. conc. bedekking gewicht Zout % g/l g/m² g/mol g/m² C NaCl (vast) 7 58,5 7 2,23 + NaCl-pekel ,1 0,66 58,5 7,66 2,44 + CaCl 2 -pekel ,2 0,48 111,1 7,48 2,35 + MgCl 2 -pekel ,8 0,45 95,2 7,45 2,36
14 Visie op gladheidbestrijding 14 Wanneer preventief alleen pekeloplossing wordt gesproeid, zullen vriespuntdalingen voorkomen zoals vermeld in tabel 6. De algemeen toegepaste hoeveelheid voor preventief sproeien is 20 ml/m², wil men echter dezelfde vriespuntdaling bereiken met CaCl 2 - en/of MgCl 2 pekel dan moet voor beide zoutsoorten een grotere hoeveelheid gebruikt worden. Tabel 6: Sproeien van pekel: 20 ml/m² op 0,2 mm ijs of 2 mm sneeuw Gladheidbe- Gewichts Volume Wegdek- Molecuul strijdingsmiddel conc. conc. bedekking gewicht Vriespuntdaling % g/l g/m² g/mol C NaCl ,1 5,12 58,5 1,63 CaCl ,2 3,64 111,1 0,92 MgCl ,8 3,38 95,2 0,99 ml/m² C NaCl ,63 CaCl ,63 MgCl ,63 De resultaten in tabel 6 geven duidelijk weer dat aanzienlijk meer CaCl 2 - en/of MgCl 2 pekel benodigd is om dezelfde vriespuntdaling te verkrijgen als met NaCl pekel. 9. Gladheidbestrijding door sproeien met NaCl-pekel Gladheid ontstaan door lichte sneeuwval of een dunne ijslaag op het wegdek kan uitstekend bestreden worden door te sproeien met pekel. Het voordeel van pekel sproeien t.o.v. nat-zout strooien is dat de bedekking op het wegdek volledig is en het dooi-effect instantaan volledig optreedt. Vooral op wegen met lage verkeersintensiteit, zoals voet- en fietspaden, en op dagen dat minder verkeer aanwezig is, zoals op weekenden en feestdagen, is pekel al snel effectiever dan vast zout omdat bij weinig verkeer het zout minder goed verspreid wordt. Vanwege de goede wegbedekking kan ook de hoeveelheid NaCl/m² veel verder verlaagd worden dan wanneer met vast zout gestrooid wordt. Voor (nat)zout strooien wordt een minimum van 7 g/m² toegepast. In tabel 7 worden enkele voorbeelden gegeven van vriespuntdalingen bij verschillende hoeveelheden pekel bij 0,2 mm ijs of 2 mm sneeuw op het wegdek. Tabel 7: Vriespuntdalingen bij verschillende hoeveelheden 22% NaCl-pekel als gladheidbestrijdingscomponent Dosering Wegdekbedekking Vriespunt daling met NaCl ml/m² g/m² C 10 2,56 0, ,12 1, ,68 2,44 Bij sproeien van 30 ml/m² NaCl (22%), wordt dezelfde vriespuntdaling verkregen als wanneer preventief gestrooid wordt met 10 g/m² bevochtigd zout (zie tabel 5).
15 Visie op gladheidbestrijding 15 Wanneer gesproeid wordt met 30 ml (22%) NaCl-pekel kan met een hoeveelheid van 1000 liter pekel 4.17 km wegdek, met een breedte van 8 meter, voorzien worden met hetzelfde effect als preventief natstrooien met 10 g/m². Een specifiek voordeel van gladheidbestrijding pekel van AkzoNobel is dat het geen antiklontermiddel (Fe(CN) 6 ) bevat en zeer duurzaam is. Wanneer vast zout opgelost wordt voor pekel bereiding lost wel antiklontermiddel op in de pekel. 10. Toevoeging van additieven aan wegenzout ter bevordering van vriespuntdaling Een efficiënt dooimiddel veroorzaakt een substantiële verlaging van het vriespunt van het smeltwater. Hoewel natriumchloride op zich al een efficiënt dooimiddel is, worden soms additieven toegevoegd om het vriespunt van smeltwater nog meer te verlagen (naar bijvoorbeeld -19 C). Deze additieven worden dikwijls gezocht in de vorm van melasse. Melasse is een afvalproduct uit de suikerproductie. Wanneer echter voor melasse (suiker) de vriespuntdaling berekend wordt m.b.v. de van t Hoff vergelijking, blijkt dat de extra vriespuntdaling die bereikt wordt bij toevoegen hiervan aan wegenzout, praktisch nihil is. Deze bewering wordt ondersteund door uitgevoerde proeven waarbij vriespunten bepaald zijn in verschillende smeltwatermonsters waar al dan niet melasse aan toegevoegd is. Het effect van de melasse toevoeging was niet meetbaar naast het wegenzout. Tabel 8: Smeltwatermonsters met verschillende hoeveelheden wegenzout al dan niet met melasse Strooiactie met natriumchloride, al dan niet met melasse, waarbij Samenstelling (concentratie in 1 liter smeltwater Theoretische vriespuntdaling Gemeten vriespuntdaling 1 mm ijs of 10 mm sneeuw op wegdek ligt. ( C) ( C) 10 gram NaCl/m² 10 g NaCl/l 0,7 0,4 10 gram NaCl + 3% melasse/m² 9,7 g NaCl g melasse/l 0,7 0,4 100 gram NaCl/m² 100 g NaCl/l 6,2 100 gram NaCl + 3 % melasse/m² 97 g NaCl + 3 g melasse/l 6,2 Melasse opgemengd in NaCl-pekel Samenstelling Pekel t.b.v. natstrooien 22% NaCl 19,2 18,7 Pekel t.b.v. natstrooien + 10% melasse 22% NaCl + 10% melasse 17,2 18,0 Opmerkingen: de gemeten vriespuntdaling is bepaald met behulp van thermische analyse, analyse van 10 g NaCl/m² met en zonder melasse valt binnen de nauwkeurigheid van de apparatuur (+/- 1 C), maar het is duidelijk dat geen verschil te meten is, berekende VPD s voor 22% NaCl-pekel zijn een benadering van de werkelijke waarde omdat de van t Hoff vergelijking alleen geldt voor verdunde oplossingen, ook hier is geen significant effect van melasse te zien. Uit de gegevens van tabel 8 blijkt dat toevoeging van melasse aan zout geen extra vriespuntverlagend effect heeft. Zelfs wanneer 100 gram zout + 3% melasse gestrooid wordt per vierkante meter treedt geen significante vriespuntdaling op t.o.v. alleen zout strooien.
16 Visie op gladheidbestrijding 16 In tabel 9 staan theoretisch berekende vriespuntdalingen voor verschillende dooimiddelen. Tabel 9: Vriespuntdalingen berekend volgens van t Hoff vergelijking van verschillende dooimiddelen bij een concentratie van 100 g/kg in (smelt)water Vriespuntdalingen bij 100 gram/kg voor verschillende dooimiddelen K(water) = 1.86 Molgewicht Aantal deeltjes Vriespuntdaling (g/mol) in oplossing (n) ( C) NaCl (natriumchloride) 58,5 2 6,4 CaCl 2 (calciumchloride) ,0 MgCl 2 (magnesiumchloride) 95,2 3 5,9 Saccharose (suiker) ,5 Ethyleen glycol 62,1 1 2,9 CMA (calcium-magnesiumacetaat) 300,6 4 2,5 Natriumformiaat 68,0 2 5,5 Ureum 60,1 1 3,1 Kaliumacetaat 98,2 2 3,8 Natriumacetaat 82,0 2 4,5 Opmerking:.De grootste vriespuntdaling in ijs/sneeuw wordt bereikt met NaCl 11. Strooi-eigenschappen van vacuümzout en steenzout Strooitesten Om de strooi-eigenschappen van verschillende zouten zichtbaar te maken is een eigen vergelijkende strooitest uitgevoerd met vacuümzout en steenzout in Voor beide zoutsoorten bleek dat van het steenzout 10 15% verloren was gegaan t.o.v. vacuümzout, doordat de grove korrels door waren gestuiterd in de berm. In 2010 zijn in opdracht van Provincie Gelderland in samenwerking met Provincie Overijssel en Rijkswaterstaat vergelijkende strooitesten uitgevoerd met grof en fijn zout. Uit dit onderzoek bleek dat strooien met fijn zout (vacuümzout) 23% meer effectief is dan strooien met grof zout. Meer informatie kunt u verkrijgen via de volgende link:
17 Visie op gladheidbestrijding Additieven aan wegenzout: Ecosel Antiklontermiddel Om het klonteren van zout tegen te gaan wordt aan wegenzout antiklontermiddel toegevoegd. Het middel dat hiervoor gebruikt wordt is kaliumferrocyanide: K 4 Fe(CN) 6 of natriumferrocyanide: Na 4 Fe(CN) 6, waarin ferrocyanide de actieve component is en aan wegenzout in een concentratie van 70 tot 100 mg/kg wordt toegevoegd. AkzoNobel heeft een antiklontermiddel ontwikkeld dat in tegenstelling tot ferrocyanide geheel biologisch afbreekbaar is: Ecosel BioCare. Meer informatie kunt u verkrijgen via de volgende link: Reductie van winterschade aan asfaltwegen Na praktisch elke winter treedt het bekende fenomeen van winterschade op. Om winterschade voor een groot deel te voorkomen heeft AkzoNobel een milieuvriendelijk product ontwikkeld dat gelijktijdig met strooiacties op het wegdek gebracht kan worden. Dit additief wordt Ecosel AsphalProtection genoemd. Meer informatie kunt u verkrijgen via de volgende link:
Visie op gladheidbestrijding
Akzo Nobel Industrial Chemicals B.V. Visie op gladheidbestrijding AkzoNobel Industrial Chemicals sbu Salt 1 Algemene opmerking: In veel documentatie over gladheidbestrijding worden vaak ervaringen en/of
Grip op gladheidbestrijding. de visie van Nouryon - januari Wegenzout
Grip op gladheidbestrijding de visie van Nouryon - januari 219 Wegenzout Inhoudsopgave 1. Introductie 1. Introductie 3 1.1 Algemene opmerking 3 2. Strooimiddelen 4 2.1 Vacuümzout 5 2.2 Steenzout 5 2.3
AkzoNobel Wegenzout Grip op Gladheidbestrijding. de visie van AkzoNobel - april 2016
AkzoNobel Wegenzout Grip op Gladheidbestrijding de visie van AkzoNobel - april 216 2 Grip op gladheidbestrijding Grip op gladheidbestrijding 3 Inhoudsopgave 1. Introductie Contents 1. Introductie 3 1.1
Verschillende dooizouten en hun effecten Richtlijnen wat betreft het gebruik van dooizouten. Kristof Ramaekers Hasselt
Verschillende dooizouten en hun effecten Richtlijnen wat betreft het gebruik van dooizouten Kristof Ramaekers 04-10-2011 Hasselt Agentschap Wegen en Verkeer Beheer in Vlaanderen van: 5.500 km gewestwegen
Wegenzout. F. BOEDT Chris BOEYKENS Bernard DEMASY
F. BOEDT Chris BOEYKENS Bernard DEMASY Agenda Herkomst en ontginning van zout Zout: eigenschappen en gevolgen ervan Gebruik van zout als dooimiddel enthalpie Gebruik van pekel Alternatieve dooimiddelen
Zout, kan het iets minder?
Zout, kan het iets minder? Marc Eijbersen, CROW Nationaal Gladheidbestrijdingscongres 2012 1 Zout, kan het iets minder? Ja Misschien Nationaal Gladheidbestrijdingscongres 2012 2 Waarom deze vraag? Nationaal
EVALUATIE GLADHEIDBESTRIJDING
EVALUATIE GLADHEIDBESTRIJDING 2011-2012 1 1. INLEIDING Het afgelopen winterseizoen kenmerkt zich door een zachte winter met nauwelijks vorst en neerslag. Dit heeft geleid tot een zeer beperkte gladheidbestrijding.
Agenda. DEEL 2 Smeltmiddelen, presentatie door dhr Benny Geukens
Voorstelling winteractieplan Kris Van Boven 12/10/2010 Heusden-Zolder Agenda DEEL 1 wat verstaan we onder winterdienst? Onze organisatie in het kader van de winterdienst Tools en werkwijze Materieel en
wiskunde A havo 2015-I
Gifgebruik in de aardappelteelt Het lijkt goed te gaan met het terugdringen van het gifgebruik in de aardappelteelt. Nederlandse aardappelboeren gebruikten in 1998 gemiddeld 32 kg chemische bestrijdingsmiddelen
Productpresentatie CLEAN-ICE :
Productpresentatie : De huidige problematiek: Vertragingen in het verkeer, ongevallen met als gevolg letsel en materiële schade. Beperkte toegankelijkheid van objecten zoals ziekenhuizen, kantoren, scholen,
2 Concentratie in oplossingen
2 Concentratie in oplossingen 2.1 Concentratiebegrippen gehalte Er zijn veel manieren om de samenstelling van een mengsel op te geven. De samenstelling van voedingsmiddelen staat op de verpakking vermeld.
Productpresentatie PreSpec De-Icer Prills: Partners in innovatieve oppervlakte behandelingen
Productpresentatie PreSpec De-Icer Prills: De huidige problematiek: Bent u goed voorbereid op sneeuw, ijs en de daarbij behorende gladheidsproblematiek? Vertragingen in het verkeer, ongevallen met als
Alternatieve boomsoorten/technieken. Beter wat te veel zout strooien dan te weinig? Alternatieve technieken 28/09/2011. Tom Joye - Inverde
Alternatieve boomsoorten/technieken Tom Joye - Inverde Beter wat te veel zout strooien dan te weinig? Alternatieve technieken Zout heeft een goede dooiende werking én het is goedkoop, dus vanaf de jaren
ALGEMENE TOELICHTING. Inleiding
ALGEMENE TOELICHTING Inleiding Het uitbesteden van gladheidsbestrijding vraagt om een gedegen kennis van deze materie. Hiervoor heeft CROW twee publicaties uitgebracht; Leidraad gladheidsbestrijdingsplan
Gladheidsbestrijding
Gladheidsbestrijding 2018-201901 09 2018 Winterseizoen 2018-2 Inhoudsopgave Inhoudsopgave... 2 1. Gladheidsbestrijdingsplan en het juridische aspecten... 3 2. Signalering... 3 2.1. Via de mail... 3 2.2.
gemeente Roosendaal Gladheidbestrijdingsplan
gemeente Roosendaal Gladheidbestrijdingsplan 2017-2018 Inleiding In Nederland is de gladheidbestrijding een verantwoordelijkheid van de wegbeheerders. Het gladheidbestrijdingsplan dat voor u ligt is bedoeld
Uitwerkingen van de opgaven uit: BASISCHEMIE voor het MLO ISBN 9789077423875, 3 e druk, Uitgeverij Syntax Media Hoofdstuk 10 Concentratie bladzijde 1
Hoofdstuk 10 Concentratie bladzijde 1 Opgave 1 rekenformule: c(b) = ------- toepassen: n B V opl. Bereken de analytische concentratie (mol/l) in elk van de volgende oplossingen: a 5,00 mol NaCl in 5,00
Examen HAVO. wiskunde A. tijdvak 1 woensdag 20 mei 13.30-16.30 uur. Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage.
Examen HAVO 2015 tijdvak 1 woensdag 20 mei 13.30-16.30 uur wiskunde A Bij dit examen hoort een uitwerkbijlage. Achter dit examen is een erratum opgenomen. Dit examen bestaat uit 22 vragen. Voor dit examen
Gladheidbestrijding Uitvoeringsplan
Gladheidbestrijding Uitvoeringsplan 2015-2016 Beheer Openbare Ruimte Datum: Juni 2015 Inhoud 2 1. Inleiding 1.1. Inleiding De gemeente Lelystad heeft in 2013, voor de periode 2013-2018, haar beleidsuitgangspunten
SNEEUW, HOE GA JE ER MEE OM? Marc Eijbersen, CROW
SNEEUW, HOE GA JE ER MEE OM? Marc Eijbersen, CROW 1 AANLEIDING Winters 2009/2010 en 2010/2011 2 COLLECTIEVE ACTIE 4-daagse opleiding Coördinator Gladheidbestrijding Gladheidsbestrijding voor fietsers en
Dooikorrels Plus. Tien redenen om Chemifor Dooikorrels te kopen: 02 Werkt 5x sneller dan strooizout
Wintercatalogus Tien redenen om Chemifor Dooikorrels te kopen: 01 Biologisch product, er zit GEEN ZOUT in 02 Werkt 5x sneller dan strooizout 03 Werkt tussen de 48 en 72 uur na het uitstrooien* Dooikorrels
Uitvoeringsprogramma Gladheidbestrijding Nijmegen
Uitvoeringsprogramma Uitvoeringsprogramma Gladheidbestrijding Nijmegen 2012-2013 1. Inleiding De gemeente Nijmegen heeft in 2011 haar beleidsuitgangspunten op gladheidbestrijding geformuleerd en vastgelegd
Richting de winter en in de winter worden veel vragen gesteld over het gebruik van kunstgrasvelden onder winterse omstandigheden.
Kunstgrasvelden in de winter Richting de winter en in de winter worden veel vragen gesteld over het gebruik van kunstgrasvelden onder winterse omstandigheden. Kunstgras en vorst Het bespelen van (semi)-zandkunstgrasvelden
BELEIDSPLAN GLADHEIDBESTRIJDING WINTER Gemeente Krimpenerwaard
BELEIDSPLAN GLADHEIDBESTRIJDING WINTER 2015-2016 Gemeente Krimpenerwaard 7 augustus 2015 1 Inhoud 1. SAMENVATTING... 3 2. INLEIDING... 4 3. JURIDISCHE VERANTWOORDING... 5 3.1 Zorgplicht... 5 3.2 Aansprakelijkheid...
Natuurlijk heb je nu nog géén massa s berekend. Maar dat kan altijd later nog. En dan kun je mooi kiezen, van welke stoffen je de massa wil berekenen.
Hoofdstuk 17: Rekenen in molverhoudingen 17.1 Rekenen aan reacties: een terugblik én een alternatief In hoofdstuk 11 hebben we gerekend aan reacties. Het achterliggende idee was vaak, dat je bij een reactie
Gladheidbestrijdingsplan 2012 / 2013
2012 / 2013 INHOUD 1. INLEIDING...3 2. SIGNALERING...3 3. ACTIEVE MAATREGELEN...4 4. MATERIEEL...4 5. ROUTES...5 6. FUNCTIONARISSEN AFDELING Ruimte en Welzijn...5 7. BELANGRIJKE TELEFOONNUMMERS...5 8.
Criteria voor duurzaam inkopen van Gladheidsbestrijding
Criteria voor duurzaam inkopen van Gladheidsbestrijding Versie: 1.5 Datum: oktober 2011 Colofon Dit criteriadocument voor het duurzaam inkopen van Gladheidsbestrijding is opgesteld in opdracht van het
p V T Een ruimte van 24 ºC heeft een dauwpuntstemperatuur van 19 ºC. Bereken de absolute vochtigheid.
8. Luchtvochtigheid relatieve vochtigheid p e 100 % p absolute vochtigheid = dichtheid van waterdamp dauwpuntstemperatuur T d = de temperatuur waarbij de heersende waterdampdruk de maximale dampdruk is.
Oefen opgaven rekenen 4 HAVO bladzijde 1
Oefen opgaven rekenen 4 HAVO bladzijde 1 Opgave 1 uitrekenen en afronden Bij +/- rond je af op het kleinste aantal DECIMALEN, bij x/ rond je af op het kleinste aantal SIGNIFICANTE CIJFERS. Bij gecombineerde
BAM - Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van snel vrijkomende organische stikstof
- Bemonsterings- en analysemethodes voor bodem in het kader van het mestdecreet Bodem Bepaling van snel vrijkomende organische stikstof VERSIE 3.0 juni 2010 Pagina 1 van 5 BAM/deel 1/12 1 PRINCIPE Het
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 1 + 2
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 1 + 2 Samenvatting door K. 1077 woorden 22 maart 2016 6,1 9 keer beoordeeld Vak Scheikunde Impact 3 vwo Scheikunde hoofdstuk 1 + 2 Paragraaf 1: Stoffen bijv. Glas en hout,
Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter
Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter september 2011 Pagina 1 van 5 WAC/III/D/002 INHOUD 1 TOEPASSINGSGEBIED... 3 2 PRINCIPE... 3 3 OPMERKINGEN... 3 4 APPARATUUR
ßCalciumChloride oplossing
Samenvatting door R. 1673 woorden 17 februari 2013 8 1 keer beoordeeld Vak Methode Scheikunde Pulsar chemie Additiereactie Bij een reactie tussen hexeen en broom springt de C=C binding open. Aan het molecuul
8.1. Antwoorden door een scholier 1081 woorden 3 maart keer beoordeeld. Scheikunde 2.1 AFVAL
Antwoorden door een scholier 1081 woorden 3 maart 2005 8.1 128 keer beoordeeld Vak Methode Scheikunde Pulsar chemie 2.1 AFVAL 1. a. metaal, papier, plastic, hout b. GFT en papierbak 2. bron 1 3. a. het
Water is een heel bekend begrip. De bekende molecuul formule voor water is uiteraard H2O, de stof heeft
Werkstuk door een scholier 996 woorden 14 mei 2003 5 152 keer beoordeeld Vak Scheikunde Inhoudsopgave Wat is waterstof? Wat is water? Wat is filtreren? Wat is destilleren? Drie fasen van water. Wat is
Fasen: de die toestanden waarin je water (en veel andere stoffen) kunt tegenkomen.
Samenvatting door een scholier 873 woorden 2 maart 2016 7,6 37 keer beoordeeld Vak Methode NaSk Nova Hoofdstuk 3 1. fasen en fase-overgangen Water komt voor als: - vaste stof (ijs) - vloeistof (vloeibaar
Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter
Compendium voor de monsterneming, meting en analyse van water Bepaling van vaste stoffen in suspensie. Methode door filtratie op glasvezelfilter Versie juni 2017 WAC/III/D/002 1 TOEPASSINGSGEBIED Deze
De beste manier om het water te ontharden is om een wateronthardingseenheid te gebruiken en deze direct aan de waterbevoorrading aan te sluiten.
1. Hard water 1.1 Wat is hard water? Wanneer water 'hard' wordt genoemd, betekent dit alleen maar dat er mineralenin zitten dan in gewoon water. Het gaat dan met name om de mineralen calcium en magnesium.
GLADHEIDBESTRIJDINGSPLAN VOOR DE GEMEENTE ZALTBOMMEL. Seizoen AFDELING REALISATIE & BEHEER
GLADHEIDBESTRIJDINGSPLAN VOOR DE GEMEENTE ZALTBOMMEL Seizoen 2011-2012 AFDELING REALISATIE & BEHEER INHOUD 1. Algemeen pagina 3 2. Routes pagina 4 - Hoofdroute - B route - Vrijliggende Fietspaden - Bijzondere
Evaluatie Gladheidbestrijding
Evaluatie Gladheidbestrijding seizoen 2014-2015 Inleiding Net als de winter van 2013-2014, was ook de winter van 2014-2015 vrij zacht. In De Bilt lag de gemiddelde temperatuur iets hoger dan het langjarig
4. In een bakje met natriumjodide-oplossing worden 2 loden elektroden gehangen. Deze twee elektroden worden aangesloten op een batterij.
Test Scheikunde Havo 5 Periode 1 Geef voor de volgende redoxreacties de halfreacties: a Mg + S MgS b Na + Cl NaCl c Zn + O ZnO Geef de halfreacties en de reactievergelijking voor de volgende redoxreacties:
Draaiboek Gladheidbestrijding Gemeente Rheden
Draaiboek Gladheidbestrijding Gemeente Rheden Inhoudsopgave Inleiding.. 2 Welke strooimethoden worden wanneer gehanteerd?.. 3 Hoe wordt de gladheidbestrijding georganiseerd?.... 3. Wanneer gaat de gemeente
5, waar gaat dit hoofdstuk over? 1.2 stoffen bij elkaar: wat kan er gebeuren? Samenvatting door een scholier 1438 woorden 31 maart 2010
Samenvatting door een scholier 1438 woorden 31 maart 2010 5,6 15 keer beoordeeld Vak Scheikunde Scheikunde Hoofdstuk 1 stoffen bij elkaar 1.1 waar gaat dit hoofdstuk over? Als je 2 stoffen bij elkaar doet
toelatingsexamen-geneeskunde.be Vraag 2 Wat is de ph van een zwakke base in een waterige oplossing met een concentratie van 0,1 M?
Chemie juli 2009 Laatste wijziging: 31/07/09 Gebaseerd op vragen uit het examen. Vraag 1 Geef de structuurformule van nitriet. A. B. C. D. Vraag 2 Wat is de ph van een zwakke base in een waterige oplossing
WERKPLAN GLADHEIDBESTRIJDING PLAN VAN AANPAK GLADHEIDBESTRIJDING GEMEENTE BEEK 2012-2013
1 WERKPLAN GLADHEIDBESTRIJDING PLAN VAN AANPAK GLADHEIDBESTRIJDING GEMEENTE BEEK 2012-2013 2 ALGEMEEN: Het plan van aanpak heeft betrekking op de gladheidbestrijding binnen de grenzen van de gemeente Beek
Brandstof, Remvloeistof, Smeer- en Koelmiddelen (7)
Brandstof, Remvloeistof, Smeer- en Koelmiddelen (7) E. Gernaat (ISBN 978-90-79302-07-9) 1 Vaste smeermiddelen 1.1 Werking Grafiet en molybdeen-disulfide (MoS 2 ) zijn de belangrijkste stoffen die worden
gemeente Roosendaal Gladheidbestrijdingsplan
gemeente Roosendaal Gladheidbestrijdingsplan 2010-2011 Inleiding In Nederland is de gladheidbestrijding een verantwoordelijkheid van de wegbeheerders. Het gladheidbestrijdingsplan dat voor u ligt is bedoeld
Evaluatie gladheidbestrijding. seizoen
Evaluatie gladheidbestrijding seizoen 2013-2014 augustus 2014 Inleiding Jaarlijks wordt de inzet de gladheidbestrijding geëvalueerd. Hierbij treft U de evaluatie 2013-2014 aan. Woord vooraf: De winter
Uitgewerkte oefeningen
Uitgewerkte oefeningen Rekenen met procenten en evenredigheden Oefening Een patiënt had vorig jaar een cholesterol van 60 mg/dl. Een jaar later is zijn cholesterol met 5% toegenomen. Wat is zijn cholesterol
Hoofdstuk 2. Scheidingsmethoden. J.A.W. Faes (2019)
Hoofdstuk 2 Scheidingsmethoden J.A.W. Faes (2019) Hoofdstuk 2 Scheidingsmethoden Paragrafen 2.1 Soorten mengsels 2.2 Scheiden van mengsels 2.3 Indampen en destilleren 2.4 Rekenen aan oplossingen Practica
12.1 Indeling volgens NEN-EN 1008
12 Aanmaakwater 12 Aanmaakwater is een essentiële grondstof voor beton; zonder water geen hydratatie. Het is daarom belangrijk dat het aanmaakwater geen verontreinigingen bevat die: het hydratatieproces
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 8
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 8 Samenvatting door Dylan 748 woorden 30 december 2016 5,8 4 keer beoordeeld Vak Methode Scheikunde Nova Scheikunde Paragraaf 1 Gemeenschappelijke eigenschappen metalen:
Beheerplan Gladheidbestrijding Gemeente Buren
Beheerplan Gladheidbestrijding Gemeente Buren Afdeling Ruimte Periode: 2018-2023 1 Inhoudsopgave 1. Inleiding. 2. Doel Beheerplan Gladheidbestrijding. 3. Zorgplicht gemeente Buren. 4. Voorkomen van gladheid.
DATA SHEET 956 TEKNOPLAST PRIMER 7
www.teknos.com DATA SHEET 956 TEKNOPLAST PRIMER 7 11 01.02.2008 Epoxy Primer VERF TYPE TEKNOPLAST PRIMER 7 is een oplosmiddeldragende epoxy primer in twee delen met een lage inhoud oplosmiddel. GEBRUIK
Wet van Behoud van Massa
Les 3 E42 Wet van Behoud van Massa In 1789 door Antoine Lavoiser ontdekt dat : De totale massa tijdens een reactie altijd gelijk blijft. Bij chemische reacties worden moleculen dus veranderd in andere
Uitvoeringsprogramma Gladheidbestrijding 2014-2015
Uitvoeringsprogramma Gladheidbestrijding 2014-2015 Inhoud 1. Inleiding... 2 2. Algemeen... 2 3. Prioriteiten en routes... 2 4. Methodiek... 4 6. Proces... 7 7. Registratie... 8 8. Wintermanagementsysteem...
Basisscheikunde voor het hbo ISBN e druk Uitgeverij Syntax media
Hoofdstuk 6 Chemisch evenwicht bladzijde 1 Opgave 1 Hoe luidt de evenwichtsvoorwaarde voor de volgende evenwichtsreacties? [SO 3] 2 a 2 SO 2(g) + O 2(g) 2 SO 3(g) K = ------------------- [SO 2] 2 [O 2]
Rolith Chemicals. Bestaat sinds 1977. Sinds november 2003 onderdeel van de Pearl Paint Group te Lelystad. Rolith bouwchemie
Rolith Chemicals Bestaat sinds 1977 Sinds november 2003 onderdeel van de Pearl Paint Group te Lelystad Waarom Rolith producten! Producten ontwikkeld i.s.m. baksteenindustrie (al sinds 1988!) Alle producten
Contopp Versneller 10 Compound 6
DIN EN 13813 Screed material and floor screeds - Screed materials - Properties and requirements Contopp Versneller 10 To e p a s s i n g s g e b i e d e n Contopp Versneller 10 is een pasteuze hulpstof,
Water? Hoezo water? Water! Hoezo water? Donderdag 24 mei 2018 WILDLANDS Adventure Zoo Emmen
Hoezo water? Disclosure Relatie Organisatie Financiële bijdrage : Geen Raden van Advies : Geen Overige : Geen 2 Inhoud Water? Algemene eigenschappen Chemische eigenschappen Fysische eigenschappen Water?
WATERINJECTIE >>> ZOUTOPLOSSEN >>> EXTREME GEVOLGEN!
Technische Beschrijving : maart 2016 WATERINJECTIE >>> ZOUTOPLOSSEN >>> EXTREME GEVOLGEN! Inhoud beschrijving : 2. Extreem Gevaarlijk (beschrijving). 3. Platte grond van de 3 Twente gasvelden. 4. Groote
Oefenvragen Hoofdstuk 7 Een indeling van stoffen. moleculaire stoffen zouten metalen
Oefenvragen oofdstuk 7 Een indeling van stoffen Vraag 1 Kruis bij de onderstaande stoffen de juiste groep aan. NaCl C612O6 CO2 Pb Fe Cl2 KNO3 CaBr2 moleculaire stoffen zouten metalen Vraag 2 Maak de volgende
ZOUTGEHALTESENSOR BT78i
ZOUTGEHALTESENSOR BT78i GEBRUIKERSHANDLEIDING CENTRUM VOOR MICROCOMPUTER APPLICATIES http://www.cma-science.nl Korte beschrijving De Zoutgehaltesensor BT78i meet het zoutgehalte in een oplossing in het
Uitwerkingen van de opgaven uit: CHEMISCHE ANALYSE ISBN , 1 e druk, Uitgeverij Syntax Media Hoofdstuk 5 Argentometrie bladzijde 1
Hoofdstuk 5 Argentometrie bladzijde 1 Opgave 1 Bereken met behulp van het oplosbaarheidsproduct de oplosbaarheid (g/l) in zuiver water bij kamertemperatuur, van: a CuBr K s = 5,2 x 10-9 CuBr Cu + + Br
5 Water, het begrip ph
5 Water, het begrip ph 5.1 Water Waterstofchloride is een sterk zuur, het reageert als volgt met water: HCI(g) + H 2 0(I) Cl (aq) + H 3 O + (aq) z b Hierbij reageert water als base. Ammoniak is een zwakke
Hoe is de Kalei verpakt? Kalei wordt geleverd in papieren zakken van 25 kg droog poeder, niet ingekleurd (NATURA) of in emmers van 16 kg.
Hoe is de Kalei verpakt? Kalei wordt geleverd in papieren zakken van 25 kg droog poeder, niet ingekleurd (NATURA) of in emmers van 16 kg. Hoe zijn de pigmenten verpakt? Hoeveel pigment voeg ik toe? De
Gladheidbestrijdingsplan 2016/2017
Gladheidbestrijdingsplan 2016/2017 Gemeente Ridderkerk 16 december 2016 Opgesteld door: Afdeling Advies en Programmering BAR-Organisatie 1. Inleiding In de winterperiode kan de verharding onder bepaalde
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 1.1 t/m 1.4
Samenvatting Scheikunde Hoofdstuk 1.1 t/m 1.4 Samenvatting door een scholier 1714 woorden 3 oktober 2010 6 10 keer beoordeeld Vak Methode Scheikunde Pulsar chemie 1.1 Scheikunde Bron 1 scheikunde Door
OEFENOPGAVEN MOLBEREKENINGEN
OEFENOPGAVEN MOLBEREKENINGEN * = voor VWO Salmiak, NH 4 Cl(s), kan gemaakt worden door waterstofchloride, HCl(g), te laten reageren met ammoniak, NH 3 (g) 01 Wat is de chemische naam voor salmiak? 02 Geef
Industrial VLOEISTOF SPROEIEN. Epoke. de techniek van de toekomst WINTERMACHINES
Industrial Epoke VLOEISTOF SPROEIEN de techniek van de toekomst WINTERMACHINES Vloeistof sproeien: Meer met minder Vloeistof sproeien is sterk in opkomst. De voordelen zijn er dan ook naar. Vloeistof sproeien
Definitie. In deze workshop kijken we naar 3 begrippen. Massa, Volume en Mol. Laten we eerst eens kijken wat deze begrippen nu precies inhouden.
Definitie In deze workshop kijken we naar 3 begrippen. Massa, Volume en Mol. Laten we eerst eens kijken wat deze begrippen nu precies inhouden. Massa In je tabellenboek vindt je dat de SI eenheid van massa
Gladheidbestrijding Sittard-Geleen
Gladheidbestrijding Sittard-Geleen 2014-2017 Akkoord: Manager team Planning en opdrachten, ing. R.M.W. Dumont, Cluster Ruimtelijke Projecten en Beheer Team Planning en Opdrachten Sittard-Geleen, oktober
Uitwerkingen. T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen
Uitwerkingen T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen 2008 Voorbeeld toets dinsdag 29 februari 60 minuten NASK 2, 2(3) VMBO-TGK, DEEL B. H5: VERBRANDEN EN ONTLEDEN
Vorst en dooizouten. Figuur 1 Invloed van de verzadigingsgraad van beton op de bestandheid tegen vorst (A.M. Neville)
Vorst en dooizouten Beton wordt veel gebruikt als materiaal voor bestratingen (stenen, blokken, tegels), terreinverhardingen en wegverhardingen (gesloten betonverhardingen). Vorst en dooizouten zijn dan
Werkdocument Kd-waarden van zware metalen in zoetwatersediment[riza nr.96.180.x]
Ministerie van Verkeer en WalersUai Directoraat-Generaal Rijkswaterstaat Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en Afvalwaterbehandeling RIZA doorkiesnummer 0320 298498 Werkdocument Kd-waarden van
2 VWO 2 HAVO Oefenstof dichtheid.
(1 liter = 1 dm 3 ) (1 ml = 1 cm 3 ) (1 m 3 = 1000 dm 3 ) (1 dm 3 = 1000 cm 3 ) ( 1 kg = 1000 g) (1 g = 1000 mg) 1. Bepaal de massa van een vurenhouten balk met een volume van 70 dm 3. V = 70 dm 3 ρ =
T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen
T2: Verbranden en Ontleden, De snelheid van een reactie en Verbindingen en elementen 2008 Voorbeeld toets dinsdag 29 februari 60 minuten NASK 2, 2(3) VMBO-TGK, DEEL B. H5: VERBRANDEN EN ONTLEDEN 3(4) VMBO-TGK,
OEFENTOETS Zuren en basen 5 VWO
OEFENTOETS Zuren en basen 5 VWO Gesloten vragen 1. Carolien wil de zuurgraad van een oplossing onderzoeken met twee verschillende zuur-baseindicatoren en neemt hierbij het volgende waar: I de oplossing
Kristallisatie in snel tempo
Kristallisatie in snel tempo 1. Onderzoeksvraag Hoe kunnen we op een snellere manier zoutkristallen maken? 2. Voorbereiding a. Begrippen als achtergrond voor experiment Neutralisatiereactie: reactietype
Gladheidbestrijdingsplan
Gladheidbestrijdingsplan 2015-2016 Consignatieperiode 4-11-2015 t/m 16-3-2016 Gemeente Hoogeveen, Realisatie, Economie en leefomgeving Inhoud 1. Inleiding... 3 2. Aanpak gladheidsbestrijding... 4 2.1 Strooiplan...
Minimum bepaalbaarheidsgrens
Stofnaam Type methode Te onderzoeken in Minimum bepaalbaarheidsgrens Vocht Gravimetrisch Mengvoeders uitgezonderd mineralenmengsels; diervoedergrondstoffen en enkelvoudige diervoeders uitgezonderd minerale
Onderzoek waterkwaliteit en waterzuivering
Onderzoek waterkwaliteit en Onderzoek waterkwaliteit en waterzuivering Met behulp van kiezel, grof en fijn zand, actieve kool en wat watten werd het natuurlijk zuiveringssysteem van de bodem nagebootst.
Thema 2 Materiaal uit de natuur
Naut samenvatting groep 6 Mijn Malmberg Thema 2 Materiaal uit de natuur Samenvatting Drie maal water Water kan veranderen van ijs in waterdamp. En waterdamp en ijs kunnen weer veranderen in water. Water
Evaluatie Gladheidbestrijding
Evaluatie Gladheidbestrijding seizoen 2013-2014 Inleiding De winter van 2013-2014 is de op één na zachtste geweest sinds het begin van de metingen. Samen met de winter van 1989-1990 staat ze op de tweede
Hoe kom je aan zand 4
Hoofstukindeling Voorwoord 2 Soorten zand 3 Hoe kom je aan zand 4 Wat kan je allemaal met zand 5 Wat voor bedrijven leveren zand 6 Zand handel 7 Nawoord 8 Voorwoord Zand is een middel wat over de hele
npt Zout Excursie Hengelo
npt NEDERLANDSE PROCESTECHNOLOGEN Zout Excursie Hengelo Van zout naar chemische producten: de bijna 100 jaar oude (voor)geschiedenis van de Koninklijke Nederlandsche Zoutindustrie (KNZ) en Akzo Zout Chemie
Schrap wat niet past: Een ionverbinding met grote roosterkrachten heeft een kleine/grote ionstraal en een kleine/grote ionlading.
Welke soort ionverbinding is slecht oplosbaar in water? Schrap wat niet past: Een ionverbinding met grote roosterkrachten heeft een kleine/grote ionstraal en een kleine/grote ionlading. Zijn ionverbindingen
Operationeel plan Gladheidbestrijding gemeente Oss
Onderwerp: Operationeel plan Gladheidbestrijding gemeente Oss 2016-2017 Inhoudsopgave: Inleiding blz. 2 Onderdelen gladheidbestrijding blz. 3 Milieu aspecten gladheidbestrijding blz. 10 Procedure blz.
Tentamenopgave chemie B Geachte kandidaat,
Tentamenopgave chemie B 08 5 Geachte kandidaat, Hierbij gaat een octrooiaanvrage NL060000301 zoals ingediend op 27 januari 08, en het document dat de basis vormt van de inroeping van prioriteit voor bijgaande
1 Warmteleer. 3 Om m kg water T 0 C op te warmen heb je m T 4180 J nodig. 4180 4 Het symbool staat voor verandering.
1 Warmteleer. 1 De soortelijke warmte is de warmte die je moet toevoeren om 1 kg van een stof 1 0 C op te warmen. Deze warmte moet je ook weer afvoeren om 1 kg van die stof 1 0 C af te koelen. 2 Om 2 kg
