Nota Dierenwelzijn Wormerland

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Nota Dierenwelzijn Wormerland"

Transcriptie

1 : Nota Dierenwelzijn Wormerland DE ZORG VOOR HET DIER BEGINT BIJ JEZELF Open uw hart voor een dier Dan opent hij zijn hart En vult zo uw beide harten Vol met liefde, respect en plezier Alfred Warmenhoven, afd. Beleid en regie

2 INHOUDSOPGAVE Voorwoord 3 1. Inleiding 4 2. Doelstelling en uitgangspunten dierenwelzijnbeleid 5 3. Wettelijk en bestuurlijk kader 8 4. Gezelschapsdieren in nood Honden Kinderboerderij Hengelsport Het trainen van dieren Evenementen in de gemeente Dieren in bedrijven Zorg en beleidstaken voor de in het wild levende dieren Rampenplan en dierenwelzijn Regie, overleg,communicatie en middelen Slotwoord 48 BIJLAGEN: 1. overzicht acties en aanbevelingen 2. overzicht belangrijkste organisaties en instellingen 2a/b overzicht afkortingen en literatuurlijst 3. rollen en verantwoordelijkheden organisaties jacht en schadebestrijding hoofdstuk 11 Pagina van 59, 15 november

3 Voorwoord Onder het motto de zorg voor het dier begint bij jezelf, bieden wij u hierbij met gepaste trots de nota dierenwelzijn Wormerland aan. Sinds maart 2011 is voortvarend gewerkt aan dit rapport. Eerst is de rol verkend die de gemeente speelt en inneemt op het gebied van Dierenwelzijn en uitgezocht welke zaken er over dit onderwerp op de diverse schaalniveaus al zijn geregeld. Vervolgens zijn achtereenvolgens de volgende activiteiten uitgevoerd: Literatuuronderzoek. Hierbij zijn onder meer recent vastgestelde dierenwelzijnnota s van andere gemeenten in de regio en in Nederland bestudeerd. Er heeft zowel intern (binnen de ambtelijke werkorganisatie OVER-gemeenten) als extern vooroverleg plaatsgehad met een groot aantal lokaal en regionaal betrokken externe organisaties/instanties. Genoemd worden de provincie Noord-Holland, de gemeenten Purmerend en Zaanstad, Stichting Dierenzorg, de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland Noord, Vereniging Natuurmonumenten, afdelingen Wildbeheereenheden Wormerland, Stichting de Poelboerderij,Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, De Hengelsportvereniging Zaanstreek en het konijnen- en knaagdierencentrum in Heiloo. In het rapport worden de dierenwelzijnthema s die in Wormerland aan de orde zijn (zie inhoudsopgave) nader uitgewerkt 1. Per thema wordt een visie/standpunt gegeven over het beleid dat de gemeente Wormerland voorstaat en worden aanbevelingen gedaan over hoe het (huidige) beleid kan worden verbeterd of aangescherpt. Dit rapport moet een aanzet geven voor een discussie over Dierenwelzijn in Wormerland, zowel bij de burgers, de bedrijven als bij de politiek in de gemeente Wormerland. De zorg en verantwoordelijkheid voor (het welzijn van) onze dieren delen we immers samen. Ieder van ons kan bij de realisatie van deze doelstelling zijn/haar eigen steentje bijdragen. Wij nodigen de lezer van dit stuk van harte uit deze boodschap aan een ieder over te brengen. De werkgroep dierenwelzijn: Anna de Groot, wethouder Alfred Warmenhoven, adviseur Mieke Wielenga Beeks, raadslid Groen Links Alie Smit- de Ridder,raadslid VLW Henk Roeleveld, raadslid CDA Hans Mandjes,raadslid SP Herman Broenland, burgerraadslid PvdA Xandra Asselbergs, Dierenbescherming Noord-Holland Noord Jacob Willig, adviseur LTO Noord 11 In het rapport zijn een aantal thema s niet vermeld, die wel in de overleggen van de raadswerkgroep zijn besproken. Deze onderwerpen horen volgens de raadswerkgroep thuis in andere beleidskaders of hebben geen directe relatie met dierenwelzijn. Genoemd worden onder meer: 1. ouderen en dierenwelzijn; 2. relatie dierenleed en mensenleed (fysiek geweld) 3. verbod sierduiven bij begrafenissen en bruiloften 4. levend koken van kreeften en schelpdieren; 5. instellen verbod verkoop dieren bij dierenspeciaalzaken. Pagina van 59, 15 november

4 1. Inleiding Van alle levensvormen op aarde spreken, vanuit de mens gezien, de dieren wel het meest aan. Door middel van de jacht maakten onze voorouders gebruik van de aanwezige dieren om zich onder meer te voeden. Ook heeft de mens altijd al te maken gehad met confrontaties vanuit de dierenwereld. Door de toename van de activiteiten van de mens veranderden de levensomstandigheden van de dierenwereld. Geleidelijk werden verschillende dieren door de mens gedomesticeerd (d.w.z. het van wild naar tam maken van dieren, die zo afhankelijk worden van mensen). De dieren werkten voor hem, kleedden hem en dienden hem als voedsel. Wanneer en in welke mate in het verleden bij de mens interesse, zeg maar affectie, ontstond voor dieren kan moeilijk worden beantwoord. Zeker is het dat het domesticeren van diersoorten gepaard moet zijn gegaan met enige vorm van respect voor het dier. Afhankelijk van (culturele) ontwikkelingen bij de mens ontstonden vormen van rechten voor dieren. Sommige dieren werden heilig verklaard of een dier kreeg zelfs een goddelijke status. Daarnaast hebben mensen al duizenden jaren huisdieren als kat en hond, dieren die niet alleen worden gehouden vanwege het nut maar ook als gezelschap. Gesteld kan worden dat naast de mens de dieren erbij horen. Een wereld zonder dieren is niet voor te stellen. Tegenover de dierenwereld in het algemeen heeft de mens een verantwoordelijkheid en vooral in die gevallen waarin dieren afhankelijk van hem zijn. Daarnaast hebben dieren ook een eigen (intrinsieke) waarde los van hun nut of schade voor de mens. Naast een morele verantwoordelijkheid voor dieren hebben gemeenten een juridische verantwoordelijkheid. Het Burgerlijk Wetboek, boek 5 art.8 lid 3 zegt: dat, indien een gevonden dier aan de gemeente in bewaring is gegeven, de burgemeester na verloop van twee weken, nadat het dier door de gemeente in bewaring is genomen, bevoegd is het dier zo mogelijk tegen betaling van een koopprijs, en anders om niet, aan een derde in eigendom over te dragen etc. Een aan de gemeente aangeboden gevonden dier dient daarom, indien de eigenaar het dier niet ophaalt, minimaal twee weken door de gemeente te worden bewaard/verzorgd. Deze wettelijke verplichting heeft in verleden geleid tot het beleid om verschillende dieren welzijnsorganisaties, die de bewaaractiviteit van de gemeente verzorgden, via subsidiëring te ondersteunen. De activiteiten van deze organisaties omvatten onder andere: het ophalen van, al dan niet gewonde, gevonden dieren; het ophalen van kadavers van huisdieren en wild die door het verkeer of anderszins zijn omgekomen; het opvangen en verzorgen van dieren waarvan de eigenaar niet direct is te achterhalen. Vanuit de dierenwelzijnsorganisaties wordt ervoor gepleit om, voor wat betreft de financiering van de organisaties, van subsidiëring over te gaan naar een financiering op basis van geleverde prestaties. Pagina van 59, 15 november

5 2. Doelstelling en uitgangspunten dierenwelzijnbeleid 2.1 Algemeen De politiek gaat zich steeds meer bemoeien met het dierenwelzijn. Sinds 2009 is een Politieke Partij voor de Dieren in de Tweede kamer actief. Ook in de regio Zaanstreek Waterland en in Wormerland is er momenteel meer aandacht aan het welzijn van dieren. De buurgemeenten Zaanstad en Purmerend hebben inmiddels een eigen beleid vastgesteld en ook in de krant verschijnen regelmatig berichten. Ook in Wormerland is behoefte om meer structuur te brengen in het gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid. Portefeuille Dierenwelzijn Sinds de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010 heeft de gemeente Wormerland een wethouder Dierenwelzijn. Een en ander krijgt gestalte in de nu voorliggende dierenwelzijnnota, die een basis zal vormen voor het nader ontwikkelen van een samenhangend dierenwelzijnsbeleid. Anna de Groot Portefeuillehouder Dierenwelzijn Dierenwelzijn is een breed begrip dat op verschillende manieren geïnterpreteerd kan worden en ruimte tot discussie geeft. Want wat voor de ene persoon onder aantasting van het welzijn van dieren valt, kan voor de ander een vorm van sport of plezier zijn. Neem bijvoorbeeld jagen of vissen. Om als gemeente een juiste uitvoering te kunnen geven aan de portefeuille Dierenwelzijn is het daarom allereerst nodig om een duidelijk beleid te formuleren en keuzes te maken. Wat sta je als gemeente wel toe? En wat niet (meer)? 2.2 Proces conceptnota Dierenwelzijn De gemeenteraad is het orgaan dat het kader stelt voor de uitvoering van de portefeuille. Het college van Burgemeester en Wethouders geeft hier vervolgens uitvoering aan. De basis van de conceptnota bestaat uit een aantal thema s/speerpunten voor dierenwelzijn. Per thema worden uitgangspunten voor beleid geformuleerd en vervolgens aanbevelingen gedaan op basis waarvan een beter dierenwelzijn bereikt moet gaan worden. Op basis van de voorstellen kan de gemeenteraad haar keuzen maken. 2.3 Rol en verantwoordelijkheid en doelstelling gemeente op het gebied van dierenwelzijn. De primaire taak voor het maken van wetten en regels en het uitvoeren ervan op het gebied van dierenwelzijn ligt bij de rijks- en (in mindere mate) bij de provinciale overheid. Gemeenten zijn uitsluitend bevoegd aanvullende regelgeving vast te stellen om hinder en overlast van dieren voor de burger te voorkomen en te bestrijden, de volksgezondheid te bewaken en de openbare orde te handhaven. Onder meer in de huidige APV van de gemeente Wormerland zijn hiervoor regels opgenomen. Daarnaast komt het welzijn van dieren op allerlei beleidsterreinen om de hoek kijken. Mensen houden allerlei soorten huisdieren omdat zij het leven verrijken, de mensen afleiding geven, uitnodigen tot zorg etc. Verder tref je in het buitengebied en op de kinderboerderij in Wormer landbouwhuisdieren aan, die voor hetzij een economische, educatieve, recreatieve of een sociale doel worden gehouden. De grootste groep dieren in de gemeente wordt echter gevormd door in het wild levende dieren. Tegenover al deze dieren hebben wij als mens een verplichting. Soms heeft de mens bovendien een extra zorgplicht omdat dieren in bepaalde mate afhankelijk van ons zijn. Dit maakt een bredere visie op dierenwelzijn wenselijk. Met een Integraal dierenwelzijnsbeleid zou de gemeente Wormerland het welzijn van de dieren binnen de gemeente kunnen verbeteren. De gemeente dient daarbij uit te gaan van de eigen waarde van dieren, onafhankelijk of deze dieren van nut, noodzaak of schadelijk zijn voor de mens. Pagina van 59, 15 november

6 Dieren vormen immers een belangrijk deel van de samenleving. Het welzijn van dieren is een kwestie van beschaving. Dit welzijn dient in harmonie met het welbevinden van de mens geborgd te worden. Waar grenzen zijn bereikt en sprake is van overlast moet dit op creatieve wijze en met respect voor beider belang worden opgelost. 2.4 Uitgangspunten voor het integraal dierenwelzijnsbeleid De gemeente Wormerland neemt de internationaal gedragen vijf vrijheden voor het dierenwelzijnsbeleid over. Deze zijn opgenomen in de Nota Dierenwelzijn van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (Nu: ministerie van ELI); 1. Dieren zijn gevrijwaard van honger, dorst of onjuiste voeding. 2. Dieren zijn gevrijwaard van pijn, verwonding of ziekten. 3. Dieren zijn gevrijwaard van angst en chronische stress. 4. Dieren zijn gevrijwaard van thermaal en fysiek ongerief. 5. Dieren zijn vrij om een natuurlijk soorteigen gedragspatroon te kunnen hebben. Daarnaast zijn er nog de volgende randvoorwaarden: 1. De gemeente volgt het rijk en de provincie voor wat betreft de wet- en regelgeving. 2. De wetgever heeft de gemeente duidelijke taken opgelegd. Deze voert de gemeente naar haar beste vermogen uit; 3. Dierenwelzijn heeft twee aspecten: het aspect van het volgen van wet- en regelgeving en het moreelaspect. Wat het laatste betreft bepaalt de gemeente zelf de grenzen van wat zij wel als een gemeentelijke morele taak ziet en wat niet; 4. Voor het vorm geven aan het gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid zijn de vrijwilligersorganisaties van groot belang. Voor hen is een belangrijke rol weggelegd. Zeker in deze tijd van financiële schaarste en het steeds groter wordende belang van de civil society voor onze samenleving. aanbeveling 1: In te stemmen met de genoemde uitgangspunten voor het te voeren beleid op het gebied van dierenwelzijn in de gemeente Wormerland. 2.5 Resultaat van het beleid 1. Een gezond leefklimaat voor alle dieren. Er worden diervriendelijke alternatieven aangereikt voor bestrijding van schadelijke dieren en ander dierenoverlast. Er wordt toegezien op de juiste onderkomens van (landbouw)huisdieren en dieren op de kinderboerderij. Verwaarlozing en mishandeling van dieren worden in een ketenaanpak aangepakt. 2. Actief burgerschap wordt geactiveerd Er zijn vele vrijwilligers betrokken bij de organisaties en instellingen die zich bezig houden met dierenwelzijn. Onder meer de dierenambulance, de dierenopvangcentra, de kinderboerderijen, vogelasiel en het natuurbeheer draaien vrijwel volledig op vrijwilligers. Inwoners worden bovendien meer bewust gemaakt hoe zij met hun (huis) dieren moeten omgaan. 3. Overlast van huisdieren en in het wild levende dieren wordt teruggedrongen Door het instellen van een aparte hulp- en informatielijn voor dierenoverlast kan beter in kaart worden gebracht wat de oorzaken zijn waardoor overlast van (huis)dieren wordt veroorzaakt en kan er tijdig en adequaat worden ingegrepen. Dit scheelt tijd, ongenoegen en geld en komt de relatie van de gemeentelijke overheid met de burger ten goede. 4. Woonklimaat wordt verbeterd Voorlichting en educatie wordt aangeboden aan de inwoners van Wormerland (bijvoorbeeld via de website) waarbij nadrukkelijk de actieve zorgplicht voor huisdieren centraal staat om overlast van huisdieren terug te dringen en het woon- en leefklimaat te verbeteren Pagina van 59, 15 november

7 5. Samenwerking wordt bevorderd tussen de gemeente en de organisaties De gemeente gaat samenwerken met de verschillende actoren die betrokken zijn bij het dierenwelzijn in de gemeente en in de regio. Dierenwelzijnsorganisaties, dierenartsen, opvangcentra, dierenambulance en handhavende instanties werken voor de hele regio. De gemeente hecht grote waarde aan een goede relatie met deze instellingen, niet alleen omdat zij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de verschillende beleidstaken, maar ook omdat zij de ogen en oren zijn van het gebied. 6. Dierenmishandeling en verwaarlozing worden eerder gesignaleerd Dierenmishandeling vindt vaak plaats in een omgeving waar ook andere vormen van geweld voorkomen. In voorkomende gevallen zal de gemeente als doorgeefluik dienen voor de inwoners via een doorverwijzing naar het landelijk meldnummer van de Dierenbescherming. Pagina van 59, 15 november

8 3. Wettelijk en bestuurlijk kader In de gemeente Wormerland bevinden zich vele individuele dieren en vele soorten dieren. Voor het hanteren van het begrip dierenwelzijn en bij het beschermen van dieren kunnen dieren op vele manieren worden ingedeeld. Een indeling die vaak juridisch wordt gehanteerd is een indeling in: - gehouden dieren (landbouwhuisdieren, gezelschapsdieren, proefdieren); - in het wild levende dieren. Gehouden dieren worden in de wet- en regelgeving benaderd als individuele dieren. Welzijn is een begrip dat wordt gedefinieerd in relatie tot individuele dieren, ook al behoren deze dieren tot die soorten waarvan er miljoenen worden gehouden in de intensieve veehouderij (de zogenaamde bio-industrie). Voor de in het wild levende dieren is het begrip dierenwelzijn slechts beperkt relevant. Dieren die in het wild leven worden in principe als populatie of soort beschermd, waarbij bescherming van leefgebieden essentieel is. Dat neemt niet weg dat er ook voor de individuele in het wild levende dieren een zorgplicht bestaat. 3.1 Wettelijk kader Het wettelijk kader bestaat uit nationale wet- en regelgeving, die al dan niet voortvloeit uit Europese wet- en regelgeving. Ieder land van de Europese Unie is verplicht om de Europese wet- en regelgeving om te zetten in nationale wet- en regelgeving. Het belangrijkste landelijke wettelijk kaders voor het dierenwelzijn zijn: - de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren (GwwD), die in 1992 in werking is getreden, - de Flora- en faunawet,die in 2002 in werking is getreden en - de Natuurbeschermingswet De Gezondheids- en welzijnswet voor dieren ziet voornamelijk op de bescherming van het individuele dier. De Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet zien op de natuur- en soortbescherming. In de Flora- en faunawet is de Europese regelgeving, zoals de Vogelrichtlijn4 en de Habitatrichtlijn omgezet in nationale wetgeving. In de Flora- en faunawet wordt de bescherming van soorten geregeld. Op de lijst van beschermde soorten staan alle in het wild levende zoogdieren, vogels, reptielen en amfibieën en een aantal vissen, libellen, vlinders en plantensoorten. Hierdoor is de lijst zo breed, dat bij alle (Gezondheid en Welzijns) wet Dieren In de Gezondheid en Welzijnswet voor Dieren (GwwD) staan regels die vooral te maken hebben met bedrijfsmatig gehouden dieren. Dus bijvoorbeeld huisvesting van landbouwhuisdieren in de vee-industrie of op melkveehouderijen. Hierbij horen ook regels over honden & kattenasielen. Maar er zijn geen regels voor huisvesting voor particuliere dierenhouders. In de GwwD zijn een aantal belangrijke verbodsbepalingen opgenomen. Het is verboden om: een dier onnodig pijn of letsel te veroorzaken, of zijn gezondheid of welzijn te beschadigen; een dier de nodige verzorging te onthouden en te verwaarlozen; Pagina van 59, 15 november

9 ingrepen te plegen bij dieren (tenzij anders in de wet staat). Gele oormerken bij koeien en onthoornen zijn bijvoorbeeld wel toegestaan; dieren te doden (tenzij anders in de wet staat); dieren als prijs, beloning of gift uit te reiken; biotechnische handelingen bij dieren te verrichten, tenzij een vergunning is verleend door het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (ELI) Gedacht moet worden aan genetische modificatie en het geven van hormonen. Verder zijn er regels over: de huisvesting van dieren (voor een aantal diersoorten). Gedacht moet worden aan de ruimte van een stal, hok of kooi, soort vloer, lengte voederbak, drinkwatervoorzieningen of de hoeveelheid buitenlicht in de stal; honden- en katten. Het Honden- en Kattenbesluit is een algemene maatregel van bestuur (AMvB) gebaseerd op de GwwD en regelt het bedrijfsmatig houden van dieren, bijvoorbeeld een dierenopvang of dierenwinkel; het slachten van dieren. Gedacht moet worden aan bijvoorbeeld rituele slachting; het vervoeren van dieren. Voor het vervoer van dieren is een vergunning nodig van het ministerie van ELI. Hierin staan eisen met betrekking tot bijvoorbeeld reisschema, voederen en tijden. Flora- en Faunawet Het beleid voor de bescherming van in het wild levende dieren, oftewel de vrij levende dieren, is vooral in de Flora- en Faunawet vastgelegd. Deze wet toetst het effect van ruimtelijke ingrepen in de openbare ruimte op dieren. In de Flora- en faunawet zijn (als bijlage) lijsten opgenomen met daarop vermeld diersoorten. Per diersoort is aangegeven in welke mate deze beschermd is: van vrijgesteld, beschermd tot zeer beschermd. De beschermingsstatus is afhankelijk van de mate waarin het dier in Nederland voorkomt. Afhankelijk van de status van de diersoort geeft de wet aan of er bij ruimtelijke ingrepen in het openbare gebied wel of geen maatregelen moeten worden genomen. Wetwijziging De ministerraad is in oktober 2007 akkoord gegaan met een nieuw wetsvoorstel Wet dieren, opgesteld door het ministerie van LNV. Hierin worden diverse bestaande wetten voor dieren samengebracht. De nieuwe wet is een bundeling van de volgende wetten om de bestaande wet- en regelgeving te vereenvoudigen, vernieuwen en te verbeteren: - de Gezondheids-en welzijnswet voor dieren (waaronder de regels met betrekking tot destructie) - de Diergeneesmiddelenwet; - de Wet op de dierenbescherming; - de Wet op de uitoefening van de diergeneeskunde 1990; - de Kaderwet diervoeders. Inmiddels hebben de Eerste en de Tweede Kamer de Wet Dieren goedgekeurd. De wet treedt per 1 januari 2013 in werking. De GwwD en de regelingen die daarbij horen blijven overigens bestaan zolang deze niet via de Wet dieren zijn overgenomen, ook zodra de wet in werking is getreden Gemeentelijke wetgeving Naast burgers, bedrijven, provinciale overheid en rijksoverheid heeft natuurlijk ook de plaatselijke overheid, de gemeente, taken en bevoegdheden op het gebied van dierenwelzijn. Een beperkt aantal taken en bevoegdheden vloeit voort uit wetgeving van de landelijke overheid (medebewindstaken). Te noemen zijn preventie en bestrijding van besmettelijke dierziekten, zoals de varkenspest, mond- en klauwzeer en de vogelgriep. Maar ook de verzorging van gevonden dieren en het afvoeren van dode dieren zijn wettelijke zorgtaken. Alle andere maatregelen die gemeenten (kunnen) treffen op het terrein van dierenwelzijn, zijn gebaseerd op de autonome bevoegdheid van de gemeente. Hierbij kan men denken Pagina van 59, 15 november

10 aan aanvullende maatregelen in de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) met het oog op het dierenwelzijn. Maar ook aan dierenwelzijnbelangen bij gemeentelijke vergunningen en besluiten, bij educatie en voorlichting, bij beheer van het openbaar groen. Bij de laatstgenoemde zaken ligt de rol van de gemeente in de voorwaardenscheppende sfeer. Zij moet ervoor zorgen dat de burger de weg kan vinden op het gebied van dierenwelzijn (o.a. door een adequate informatievoorziening) en dat ondersteunende organisaties goed kunnen functioneren (ondersteuning plaatselijke dierenbescherming, regionale asielen, dierenambulance en andere dierenwelzijnsorganisaties). De autonome bevoegdheden van gemeenten moeten vallen binnen een boven- en benedengrens: - bovengrens: gemeentelijke verordeningen, zoals de APV en de Hondenverordening, moeten voldoen aan regelingen van hogere overheidsorganen (provincie, Rijk); - benedengrens: gemeentelijke verordeningen mogen slechts het openbaar belang betreffen en niet het bijzondere belang van burgers Overige wetgeving Het Burgerlijk Wetboek boek 5 artikel 8 stelt dat een vinder van een dier (dit gaat volgens de Memorie van Toelichting alleen om dieren die een eigenaar of houder hebben) aangifte moet doen bij de plaatselijke politie. In de praktijk gebeurt dit meestal door melding bij het meldnummer van de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland Noord, bij de Dierenambulance of door het zelf naar het dierenasiel in Zaandam (noodopvang, asiel) te brengen. De gemeente is verplicht een gevonden dier, minimaal twee weken te (doen) bewaren en te (doen) verzorgen. Gedurende deze periode kan een eigenaar een dier weer ophalen. Als het dier niet wordt opgehaald, valt het eigendom toe aan de gemeente. De gemeente doet vervolgens afstand, opdat het asiel voor het dier een nieuwe eigenaar kan zoeken. Naast de bovenstaande regelingen zijn er andere wettelijke regelingen op rijks- en provinciaal niveau die eveneens van invloed kunnen zijn op het dierenwelzijn in onze gemeente. Een voorbeeld hiervan is artikel 1 van de Brandweerwet 1985 waarin is vastgelegd dat de gemeente bij uitvoering van de werkzaamheden van de brandweer bij brand en ongevalsituaties de zorg heeft voor het redden van mens én dier. Uit deze korte opsomming moge blijken dat er geen sprake is van volledige dekking voor allerlei situaties die zich kunnen voordoen en dat de invalshoek vooral hinder en gevaar is. 3.2 Handhaving en toezicht wet-en regelgeving De handhaving en het toezicht op het gebied van dierenwelzijn is zowel op landelijk als op gemeentelijk niveau geregeld. Het kan hierbij gaan om naleving van de wettelijke voorschriften of om het optreden tegen mishandeling, verwaarlozing of vormen van overlast van dieren. Als het gaat om het welzijn van dieren die zowel hobbymatig als beroepsmatig worden gehouden (in de weidegebieden van Wormerland) dan is in eerste instantie de eigenaar van de dieren verantwoordelijk voor dit welzijn Toezicht en handhaving landelijke wetgeving (Wet Dieren en Floraen Faunawet) Toezicht en handhaving van de landelijke wet- en regelgeving vindt plaats door de districtsinspecteurs van de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming (LID) voor gezelschapsdieren en door controleurs van de Algemene Inspectiedienst (AID) van het Ministerie van LNV voor landbouwhuisdieren en exotische dieren. De AID en de LID vervullen voor elkaar een achtervang functie als één van beide diensten geen of onvoldoende capaciteit heeft of wanneer er behoefte is aan assistentie of ondersteuning. Behalve het afhandelen van meldingen over dierenverwaarlozing en -mishandeling, voert de LID regelmatig routinecontroles uit om dierenleed aan het licht te brengen. Zij werkt daarbij nauw samen met het Openbaar Ministerie (OM), de politie en de AID. Om haar taken uit te voeren heeft de LID onder andere districtsinspecteurs in dienst. Zij kan daarnaast ook een beroep doen op regio-inspecteurs, die als vrijwilliger werken. De afdelingsinspecteurs van de afdelingen van de Dierenbescherming zijn de ogen en oren Pagina van 59, 15 november

11 van de districtsinspecteurs. De afdelingsinspecteurs zijn vrijwilligers en ze zullen in eerste instantie proberen de daders te bewegen om beter voor hun dieren te zorgen of er vrijwillig afstand van te doen. In de gemeente Wormerland is een afdelingsinspecteur van de Dierenbescherming afdeling Zaanstad actief. Toezicht en handhaving Flora en Faunawet De Flora- en faunawet kent veel algemene verbodsbepalingen op handelingen die het voortbestaan van planten en dieren in gevaar kunnen brengen. Toezicht en handhaving van de regels is een verantwoordelijkheid van het Miniisterie van ELI, maar ook de politie en de buitengewone opsporingsambtenaren (BOA s) van de gemeente kunnen hierbij een rol vervullen Gemeentelijk toezicht en handhaving (APV) In de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) staat wat wel en wat niet mag in de gemeente Wormerland op het gebied van openbare orde, vertoningen in het openbaar (evenementen), veiligheid van de weg, toezicht op bedrijven en speelgelegenheden, overlast, hondenpoep en nog veel meer. Op overtredingen van APV-artikelen staan sancties. De politie treedt in het algemeen handhavend bij deze overtredingen. Daarnaast worden buitengewone opsporingsambtenaren (BOA s) door de gemeente aangesteld om toe te zien op naleving van aangewezen bepalingen uit de APV. Bij overtredingen is de Boa bevoegd om proces-verbaal op te maken, waarna een strafrechtelijk traject gestart kan worden (boete of transactie) Rol gemeente De gemeente heeft geen rol van betekenis bij de handhaving en het toezicht van dieren. Zij kan wel de rol van doorgeefluik vervullen door op de gemeentelijke website en in de gemeentegids de contactgegevens te plaatsen van de AID en de LID (voor klachten over landbouwhuisdieren) en de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland Noord (voor mishandeling en verwaarlozing van gezelschapsdieren) Verder is het niet ondenkbeeldig is dat de gemeente door inwoners incidenteel wordt betrokken bij het wel en wee van levende have in de wei. Omzichtigheid is dan geboden. Afhankelijk van de situatie kan de gemeente als luisterend oor of als intermediair optreden. Dit in het kader van hoor en wederhoor. Toezichthoudende ambtenaren (BOA s ) van de gemeente kunnen, net als elke waarnemer van dierverwaarlozing of mishandeling, gebruik maken van het meldnummer of rechtstreeks contact opnemen met de Dierenbescherming Noord Holland Noord. Overlast door dieren in de gemeente Wormerland kan bij gemeente gemeld worden. De gemeente kan, indien nodig, de Dierenbescherming om advies vragen hoe de overlast op de meest diervriendelijke manier op te lossen. Aanbeveling 2: De gemeente een actievere rol laten spelen op het gebied van dierenwelzijn door: a. Op de gemeentelijke website en in de gemeentegids de contactgegevens te plaatsen van de AID en de LID (voor klachten over landbouwhuisdieren) en de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland Noord (voor mishandeling en verwaarlozing van gezelschapsdieren); b. In noodgevallen de gemeentelijke BOA en de politie goed in te zetten. De bestaande afspraken worden op dit punt nagegaan. Aanbeveling 3: Via voorlichting aan de burgers (website, gemeentegids etc.) duidelijk maken dat bij klachten met betrekking tot verwaarlozing of mishandeling (waaronder het onthouden van noodzakelijke medische zorg) van bedrijfsmatig gehouden landbouwhuisdieren (dierenwelzijn in het weidegebied), de Algemene Inspectiedienst gebeld moet worden. Pagina van 59, 15 november

12 4.Gezelschapdieren in nood In Nederland worden ongeveer 20 miljoen dieren uit liefhebberij gehouden. Tot deze gezelschapsdieren worden onder andere honden, katten, cavia s, konijnen, vogels, reptielen, amfibieën en vissen gerekend, maar ook hobbymatig gehouden landbouwhuisdieren zoals schapen, geiten, paarden en kippen. Soms belanden gezelschapsdieren in het asiel of andere opvang. Denk aan zwervende, in beslag genomen, mishandelde of verwaarloosde dieren. Ook als eigenaren om diverse redenen niet langer in staat zijn om voor hun dier te zorgen, komen deze dieren meestal in een opvang terecht. 4.1 Zorgplicht van de gemeente en particulieren bij opvang van dieren Gevonden dieren, die een eigenaar hebben (gehad), vallen volgens het Burgerlijk Wetboek (boek 5 art.8 lid 3) onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Een vinder van een zwerfdier is verplicht hiervan zo snel mogelijk aangifte te doen bij de gemeente. In theorie kan de vinder ervoor kiezen het dier vervolgens zelf te verzorgen. Het kan dan binnen een jaar zonder meer door de rechtmatige eigenaar worden opgeëist. Echter, logischer en passender is het om het dier in bewaring te geven via de gemeente. Dan zal op het dier de hiervoor speciaal in het leven geroepen regeling over gevonden dieren in het Burgerlijk Wetboek worden toegepast. Op grond daarvan is de gemeente verplicht een gevonden dier minimaal twee weken te bewaren en te verzorgen, behoudens zwaarwegende redenen om hiervan af te wijken. Deze twee weken geven de eigenaar de kans het dier terug te halen. Als de eigenaar zich niet binnen twee weken meldt, is de gemeente bevoegd het dier aan een ander te verkopen of te geven. De opvangplicht van de gemeente is niet beperkt tot honden en katten. Het gaat om alle gevonden dieren die vermoedelijk ergens nog een eigenaar hebben. Het kan dus ook gaan om een konijn of schildpad die is ontsnapt. 4.2 Opvangcentra voor gezelschapsdieren in nood In de praktijk beschikt de gemeente niet zelf over eigen opvangmogelijkheden. In de regio is een aantal instellingen en organisaties actief, die de opvang en verzorging van dieren in nood voor hun rekening nemen. Het gaat hierbij om (zwervende en gevonden) honden, katten, konijnen en knaagdieren, vogels en andere dieren. (exoten). Onderstaand wordt nader ingegaan op de zorgtaken van deze instellingen Zaanse Stichting Dierenzorg (opvang honden en katten) Deze organisatie is sinds 1 januari 2010 ontstaan uit een fusie van Stichting Dierencentrum Zaanstreek, Stichting Dierenambulance Zaanstreek, Zaanse Stichting Dierenzorg en de Stichting Bouwfonds Asiel. Binnen de Stichting zijn veel vrijwilligers actief. De Stichting neemt in de regio Wormerland, Oostzaan en Zaanstad de dierenzorg en - opvang voor haar rekening en voert de volgende taken uit: het opnemen en verzorgen van zwerfhonden, zwerfkatten en andere zwerfdieren; het zoeken van en/of actief meewerken aan het onderbrengen van deze dieren in een nieuw tehuis; het geven van voorlichting over de opvang en bescherming van dieren; het betrekken van vrijwilligers bij de verzorging van de dieren. Het dierenasiel is gehuisvest in Zaandam. Naast de opvang heeft het dierenasiel ook een pension waar jaarlijks honden en katten tegen betaling tijdelijk worden ondergebracht. De Stichting start binnenkort met de nieuwbouw van het asiel om per 1 januari 2012 te voldoen aan de wettelijke voorschriften uit het Honden- en Kattenbesluit Dierenambulance De Dierenambulance is aangesloten bij de Federatie Dierenambulances Nederland (FDN). De Dierenambulance Zaanstreek heeft als kernactiviteit het vervoer van zieke en gewonde dieren in de regio Wormerland, Oostzaan en Zaanstad. Dieren worden met regelmaat slachtoffer van het verkeer, zowel gehouden dieren als wilde dieren. Voor de eerste opvang Pagina van 59, 15 november

13 van deze dieren is de dierenambulance Zaanstreek e.o. de aangewezen instantie. Als de dieren weer gezond of hersteld zijn, worden ze gebracht naar een dierenopvangcentrum in de buurt. Honden en katten worden afgegeven bij het dierenasiel. Ook verzorgt de dierenambulance het ophalen van zwerfdieren en kadavers en het vervoer van dode dieren naar crematoria en/of dierenbegraafplaatsen. Ook kunnen oudere of gehandicapte inwoners van de gemeente Wormerland een beroep doen op het vervoer van hun huisdier naar de dierenarts. Sinds kort is er ook een dierenartsenpraktijk in Wormer gevestigd. Dode dieren waarvan de eigenaar niet meer te achterhalen is, worden naar het destructiedepot van de gemeente Zaanstad gebracht. Dit is wettelijk een gemeentelijke taak. Foto dierenambulance Zaanstreek Opvang konijnen- en knaagdieren en vogels De huidige regionale centra voor Konijnen- en Knaagdieren en voor vogels zijn gevestigd in Heiloo en Krommenie. Zij verzorgen de opvang en re-integratie van zieke, gewonde en gevonden dieren in de regio, waaronder in Wormerland. De beide opvangcentra hebben een grote sociale functie, werken met vele vrijwilligers en geven volop voorlichting aan de inwoners en aan scholen over hun activiteiten. (onder meer via de websites, presentaties, inloopdagen). Het huidige vogelopvangcentrum in Krommenie (VOCZ) bestaat inmiddels 45 jaar en voldoet niet meer aan de eisen van deze tijd. Momenteel wordt gewerkt een nieuwe huisvestingslocatie. Het idee is om de vogelopvang in de gemeente Langedijk (Vogelopvang De Strandloper) te vestigen en voor de regionale opvang van vogels in de Zaanstreek een 24 uurs opvangcapaciteit te realiseren bij de Zaanse Stichting Dierenzorg in Zaandam. Ook de huidige locatie van het konijnen- en knaagdierencentrum (KC)is eigenlijk te klein en moet nodig worden aangepast aan de huidige eisen. Het huidige Knaagdierencentrum is een tijdelijke opvanglocatie. Het is de bedoeling dat de regionale opvang voor konijnen en knaagdieren gehuisvest wordt in een nieuw te bouwen dierenopvangcentrum. Dit ter vervanging van het verouderde Dierentehuis Alkmaar (opvang honden en katten voor 8 gemeenten). De grond binnen de gemeente Bergen is al door de Dierenbescherming aangekocht en de bouwvergunningprocedure is gestart om de nieuwbouw te realiseren.omdat het nieuwbouw wordt, kan er op deze plaats, naast het honden en katten asiel, ook een gespecialiseerde opvang gerealiseerd worden voor konijnen en knaagdieren met veel buitenhokken Financiële ondersteuning gemeente voor dierenopvangcentra Het dierenasiel ontvangt nu al van de gemeente een vaste bijdrage per inwoner ter dekking van de vaste kosten om het asiel in stand te houden. Daarnaast ontvangt het asiel een bijdrage per inwoner. Het gaat om een jaarlijks bedrag van 2971 Euro in de vorm van een subsidie. Dit bedrag wordt met ingang van 2012 als gevolg van de nieuwbouw verhoogd naar circa 8500 Euro. In 2012 wordt tevens een uitvoeringsovereenkomst met de Stichting Dierencentrum Zaanstreek opgesteld. Hierbij wordt aansluiting gezocht met de overeenkomst uit Zaanstad. Het Konijnen en Knaagdierencentrum en het Vogelopvangcentrum worden tot op heden nog niet voor hun diensten betaald, terwijl deze instanties wel recht hebben op een onkostenvergoeding. Het is redelijk en reëel vanaf 2012 zowel de Vogelopvang als het Pagina van 59, 15 november

14 Konijnen- en knaagdierencentrum een tegemoetkoming in de kosten voor de opvang en verzorging van de dieren te verstrekken. Vooraf wordt een uitvoeringsovereenkomst opgesteld met de beide instanties. Voorgesteld wordt een vergoeding te betalen van 9 cent per inwoner, met een jaarlijkse indexatie. Andere gemeenten in de regio betalen hetzelfde bedrag. Totaal gaat het voor Wormerland om een gemeentelijke investering (voor de beide organisaties) van circa 2900 Euro. (uitgaande van een inwoneraantal van inwoners) Aan de beide organisaties zal worden gevraagd als wederdienst jaarlijks aan de basisscholen en de inwoners van Wormerland voorlichting te geven over hun activiteiten. Aanbeveling 4: Uitvoeringsovereenkomsten opstellen met de organisaties die de wettelijke zorgtaken van de gemeente Wormerland voor de opvang van gezelschapsdieren in nood (honden en katten, konijnen en knaagdieren en vogels) uitvoeren en aan deze instanties jaarlijks een nader te bepalen financiële ondersteuning van hun activiteiten te verstrekken. Aanbeveling 5: De genoemde organisaties benaderen om (incidenteel) voorlichting te geven aan burgers/instellingen in Wormerland over hoe wilde vogels en dieren te beschermen, verzorgen en opvangen. 4.4 Certificering Dierenasiels en pensions en Keurmerk Dierenbescherming Vanaf 1 maart 2012 dienen asielen te voldoen aan het Honden- en Kattenbesluit. Tot 1 maart 2012 geldt er een overgangstermijn. In deze termijn krijgen asielen de kans om aanpassingen uit te voeren zodat zij uiteindelijk aan het Honden- en Kattenbesluit kunnen voldoen. Voor 1 maart 2012 dient dit dus in orde te zijn. Na 1 juli 2012 is de bedoeling dat er een vrijwillige certificeringregeling komt vanuit het Ministerie van Infrastructuur en Milieu Momenteel is het nog onduidelijk hoe die regeling er precies uit komt te zien. Doel is het welzijn van de dieren te verbeteren. De nieuwe vorm van vrijwillige certificering wordt in een Algemene Maatregel van Bestuur vastgelegd. Keurmerk De Dierenbescherming werkt al sinds 2002 met een vrijwillige certificeringregeling (een zogenaamd Keurmerk) voor dierenasielen. Om voor deze officiële erkenning in aanmerking te komen moet een asiel zijn werkwijze, het beleid voor onder meer de opname, verzorging en plaatsing van dieren en het personeelsbeleid in kaart brengen. Een en ander moet minimaal overeenkomen met de wettelijke eisen (het Honden- en kattenbesluit 1999). Aanvullend moet het asiel voldoen aan een aantal extra (welzijns) eisen van de Dierenbescherming. Zo moet men zich committeren aan het euthanasiebeleid van de Dierenbescherming en mogen medewerkers of bestuursleden van een erkend asiel niet zelf fokken of handelen met dieren of jagen. Asielen kunnen dit aantonen door beleid en werkwijze in een protocol vast te leggen. Dit wordt vervolgens aan de Dierenbescherming voorgelegd. Uiteindelijk beslist een onafhankelijke raad (Raad voor de Erkenning van Dierenopvangcentra Dierenbescherming, REDD) of het asiel de officiële erkenning krijgt. Of erkende asielen zich ook blijvend aan de afspraken houden, wordt regelmatig gecontroleerd. Het asiel in Zaandam is niet gelieerd aan de Dierenbescherming en heeft ook geen erkenning door de Dierenbescherming verworven. Het dierenasiel ziet (vooral financieel) geen voordelen en/of meerwaarde om in aanmerking te komen voor het keurmerk. Wel wordt nauw samengewerkt met de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland. Na realisatie van de nieuwbouw voldoet het dierenasiel aan alle wettelijke voorschriften en eisen op het gebied van dierenwelzijn. Verder heeft het dierenasiel deskundig en gediplomeerd personeel in dienst en werkt zij volgens vaste protocollen. Het bestuur is voornemens op termijn hierin nog een verdere professionaliseringsslag in te maken De gemeente Wormerland moedigt de certificering van dierenasielen aan. Dit geldt niet alleen voor honden en katten maar voor alle gezelschapsdieren. Waar de gemeente subsidie verstrekt aan particuliere organisaties, zou certificering (als subsidievoorwaarde) verplicht kunnen worden in de gemeentelijke verordening. Voor de gemeente Wormerland Pagina van 59, 15 november

15 heeft dat vooral gevolgen voor het kiezen en financieel ondersteunen van de regionale vogelopvang. Het dierenasiel in Zaandam verzorgt de certificering. Aanbeveling 6: Dierenpensions, de kinderboerderij en andere lokale bedrijven in Wormerland (zoals maneges en dierenpensions) schriftelijk aanmoedigen deel te nemen aan de landelijke certificering. 4.5 Preventie impulsaankopen huisdieren. Helaas komt het regelmatig voor dat mensen een huisdier aanschaffen zonder zich de gevolgen te realiseren: altijd rekening houden met het dier, welke voeding geschikt is, hoe verder verzorgen, etc. Het betreffen hier de zogenaamde impuls aankopen. Deze dieren worden dan na verloop van tijd naar het asiel gebracht of bijvoorbeeld in het bos aan een boom achtergelaten. Op een aantal vlakken kan de gemeente Wormerland een preventieve taak vervullen om te voorkomen dat dieren vroegtijdig op straat of in de opvang terecht komen. De gemeente kan hier de mogelijkheid bieden door: op de gemeentelijke website naar andere sites te verwijzen waar inwoners informatie kunnen vinden over de verzorging die het aan te kopen dier nodig heeft; regelmatig op de gemeentepagina in de Zaankanter aandacht te besteden aan over het houden en aanschaffen van dieren; aan dierenspeciaalzaak Rentenaar in Wormer te vragen bij de verkoop van dieren voorlichting te verstrekken aan klanten. Aanbeveling 7: Impulsaankopen van huisdieren door inwoners preventief voorkomen door: op de gemeentelijke website naar andere sites te verwijzen waar inwoners informatie kunnen vinden over de verzorging die het aan te kopen dier nodig heeft; regelmatig op de gemeentepagina in de Zaankanter aandacht te besteden aan de aanschaf en het houden van dieren; aan dierenspeciaalzaak Rentenaar in Wormer te vragen bij de verkoop van dieren voorlichting te verstrekken aan klanten. 4.6 Registratie/Chip huisdieren en certificering In paragraaf 3.3 is al ingegaan op de zorgplicht van de gemeente om gevonden dieren (die vermoedelijk een eigenaar hebben gehad), minimaal twee weken te bewaren en te verzorgen. Het is voor een gemeente financieel gezien van belang dat de gevonden huisdieren zo snel mogelijk teruggaan naar de (nieuwe) eigenaar. Dit gaat sneller als het huisdier is voorzien van een identificatienummer. Hierbij vindt registratie plaats in een databank. Om opsporing van de eigenaar van een zwervend huisdier te vergemakkelijken, is een goede registratie van gevonden en vermiste dieren nodig, in combinatie met een identificatieplicht. Tegenwoordig is elektronische registratie door middel van een chip het meest doeltreffend. Met een sluitend registratiesysteem kan tevens illegale dierenhandel bestreden worden. Het inbrengen van een chip bij een huisdier heeft overigens op zichzelf geen zin. Er moet altijd een administratieve handeling worden gedaan en deze moet ook worden onderhouden: de chip met het identificatienummer moet in een databank (er zijn er verschillende in Nederland die allen samenwerken) worden gekoppeld aan de contactgegevens van de huisdiereigenaar. Een dier met chip zonder registratie contactgegevens, kan nog niet door asiel/dierenambulance aan de rechtmatige eigenaar worden teruggebracht. Meestal zorgt de dierenarts die het dier chipt voor de 1 e registratie, maar soms moet de huisdiereigenaar het zelf regelen via formulieren. Ook moet bij verhuizing etc. deze gegevens aan databank worden doorgegeven. Anders kan een gevonden dier nog niet teruggebracht worden naar de eigenaar. Helaas is dit nog niet bij iedereen bekend en gaat het regelmatig mis. Er zijn nog te veel gechipte huisdieren die niet in de databank geregistreerd zijn. Dit is een belangrijk punt van aandacht voor voorlichtingsactiviteiten. Pagina van 59, 15 november

16 Voor honden wordt de chip als registratiemiddel dit najaar landelijk wettelijk verplicht gesteld. Deze verplichte registratie is er nog niet voor katten en andere huisdieren. Dit gebeurt alleen nog op vrijwillige basis. Wel wordt het (vrijwillig laten) chippen van katten en andere huisdieren gestimuleerd via het organiseren van acties en het voeren van een gerichte communicatie. De grootte van een chip ten opzichte van een 2-Euro munt Om opsporing van de eigenaar van een zwervend huisdieren te vergemakkelijken, wordt aanbevolen het chippen van alle gewervelde huisdieren verplicht te stellen in de APV. Handhaving van een dergelijke maatregel is een punt van aandacht want het verplicht stellen van chippen in de APV kan enkel gehandhaafd worden indien het dier zich op de Openbare weg bevindt. Voor dieren die het huis of erf niet verlaten zal bekeken moeten of chippen juridisch afdwingbaar is. Het chippen van huisdieren kan bovendien om biologische redenen alleen bij gewervelde dieren en heeft alleen zin als er sprake is van chippen met een geregistreerde elektronisch afleesbare microtransponder bij een erkende instantie, bijvoorbeeld de dierenarts en de Nederlandse databank Gezelschapshuisdieren. Bijkomend voordeel is een belangrijke besparing op de wettelijk verplichte asieldagen indien de geregistreerde eigenaar achterhaald kan worden. Kortom een met chip geregistreerde hond, kat of ander huisdier geeft bij inlevering in het asiel belangrijke besparing en voordelen: a) voor de eigenaar omdat die snel gevonden is; b) vanuit het welzijn van het dier omdat het sneller terug bij zijn baasje is. De gemeente Wormerland kan de registratie van huisdieren stimuleren door meer voorlichting te geven aan burgers. De gemeente kan ook helpen bij de voorlichting met betrekking tot het terugvinden van huisdieren. In de gemeentegids en op internet kunnen tips gegeven worden hoe te handelen bij het weglopen van een huisdier en kan het telefoonnummer worden vermeld van de plaatselijke afdeling van de Dierenbescherming of andere meldpunten voor vermiste huisdieren. In de huidige situatie is er al een centraal telefoonnummer in de Zaanstreek waar alle vermiste huisdieren kunnen worden gemeld. Dit voorkomt dat langs elkaar heen gewerkt wordt. Pagina van 59, 15 november

17 Aanbeveling8: Identificatie en registratie via het chippen van gewervelde huisdieren te stimuleren (o.a. honden en katten) door middel van het geven van voorlichting door het Dierenasiel en de dierenbescherming in de plaatselijke media van Wormerland en de mogelijkheden te onderzoeken het chippen van gewervelde huisdieren in de APV verplicht te stellen. Aanbeveling 9: Voorlichting verstrekken in o.a. de gemeentegids en de gemeentelijke website over het terugvinden van huisdieren en hierin het centrale telefoonnummer te vermelden. Aanbeveling 10: Stimuleren dat de dierenasielen in de regio de her te plaatsen dieren op de landelijke website met foto aanbieden. Pagina van 59, 15 november

18 5. Honden In de Nederlandse samenleving spelen honden een belangrijke rol. Het ontwikkelen van beleid voor honden is onontkoombaar, gezien het feit dat er in Nederland bijna 1,8 miljoen honden leven. Het is belangrijk dat hondeneigenaren en hun medeburgers zonder ergernissen en overlast kunnen samenleven. Hondenpoep staat nog steeds hoog op de lijst van irritaties die in gemeenten voorkomen. De overlast door hondenpoep is echter niet primair een dierenwelzijnprobleem. De maatregelen ertegen raken echter wel het welzijn van honden. Dit geldt vooral voor aanlijngeboden voor de gehele bebouwde kom met uitzondering van bepaalde uitrengebieden. Een goed en succesvol hondenbeleid probeert de overlast te bestrijden door goede voorzieningen te treffen in de openbare ruimte. Daarnaast neemt voorlichting een belangrijke plaats in Taken en verantwoordelijkheden gemeente Wormerland De gemeente heeft een eigen verantwoordelijkheid en wettelijk de vrijheid om het beleid op haar eigen wijze vorm en inhoud te geven. Wormerland heeft geen specifiek hondenbeleid vastgesteld. Wel is er in de afgelopen jaren al het nodige geregeld en geïnvesteerd om overlast van honden te voorkomen. In de APV zijn hier regels voor opgenomen. Toezicht is moeilijk, daar de dader op heterdaad moet worden betrapt bij het ontdoen van de fecaliën op een verboden terrein. Onderstaand wordt nader ingegaan op een aantal aspecten om overlast van honden te reguleren/voorkomen. In de gemeente zijn ongeveer 900 geregistreerde honden aanwezig (peildatum augustus 2010). Zij maken net als de inwoners van Wormerland gebruik van de openbare ruimte. Om dit gebruik in goede banen te leiden beschikt de gemeente over een losloop- en uitlaatbeleid. Dit is geregeld in de APV. Kort wordt onderstaand nogmaals op de belangrijkste aspecten ingegaan. 5.2 Losloop- en uitlaatbeleid Wormerland kent drie soorten uitlaatgebieden in de gebouwde omgeving, namelijk: a. plaatsen waar honden verboden zijn; b. plaatsen waar honden mogen loslopen; c. overige gebieden. De verschillende gebieden op een rijtje: Verboden gebieden. Onder verboden gebieden vallen de meeste speelweides en -pleinen, sportvelden,schoolpleinen en hun omgeving, pleinen en velden bij buurthuizen,openbare zandbakken. De hond mag hier niet komen, ook al is hij aangelijnd. Losloopgebieden (uitrenplaatsen) Drie locaties in Wormer zijn als uitrenplaats aangewezen, namelijk; een gedeelte van de groene Wig; de locatie Spijtstraat; het Zwetpad. Honden kunnen vrij rennen en spelen in de losloopgebieden. Wel geldt de opruimplicht. Loslopen op fiets- en wandelpaden en wegen is in geen enkel geval toegestaan. Overige gebieden In de overige gebieden geldt: altijd aanlijnen én opruimen. Dat gaat ook op voor bijvoorbeeld winkelstraten. (een uitzondering vormen de overdekte winkelcentra, deze zijn door de beheerders aangemerkt als verboden gebied). Hier wordt streng gecontroleerd of mensen zich aan de opruimplicht houden. Een uitzondering vormen de openbare struiken en bosjes. Daar mag de poep blijven liggen, hoewel de groenmedewerkers het op prijs stellen als het wordt opgeruimd. Ook buiten de bebouwde kommen (in het buitengebied) geldt dat mogen honden niet loslopen. Pagina van 59, 15 november

19 5.3 Opruimplicht en voorzieningen. De eigenaar van de hond is wettelijk verplicht om bij het uitlaten van de hond opruimmiddelen bij zich te hebben en de hondenpoep op te ruimen. Als de gemeente de overlast van hondenpoep wil reduceren moeten er voorzieningen zijn, zodat de hondeneigenaar in de gelegenheid wordt gesteld aan de opruimplicht of het uitlaatverbod te voldoen. Plaatsing van voldoende hondenpoepbakken is daarbij belangrijk. Er zijn op dit moment over de gehele gemeente 65 hondenpoepbakken geplaatst. Bij voorkomende klachten of verzoeken plaatst de Buitendienst incidenteel nieuwe bakken. Op het gebied van voorlichting is wel nog een verbeterslag te maken door bijvoorbeeld op de website hier apart aandacht aan te besteden. Verder is het belangrijk dat de inwoners weten waar zij hun hond vrij rond mogen laten lopen en waar honden verboden zijn. Dit kan bijvoorbeeld door de terreinen te voorzien van bebording. Tevens zou overwogen kunnen worden een hondenkaart uit te brengen, waarop de losloop en de verboden gebieden worden vermeld. Voorts wordt in overweging gegeven om alle hondenbezitters in Wormerland bij de jaarlijkse aanslag hondenbelasting een folder mee te sturen met de spelregels betreffende het hondenbezit. In de folder wordt ook aandacht besteed aan het welzijn van honden in Wormerland, de consequenties van de aanschaf van een hond, het volgen van gedragscursussen voor honden en het verplicht stellen van de hondenchip. Aanbeveling 11: Op de website en via (bestaand) foldermateriaal aandacht besteden aan bestrijding van hondenpoepoverlast. Aanbeveling 12: Bebording plaatsen bij de verboden gebieden (rood) en losloopgebieden (groen) voor. Aanbeveling 13: Een overzichtkaart maken waarop de locaties/gebieden worden vermeld waar honden vrij mogen loslopen en waar deze verboden zijn en deze kaart op de website plaatsen. 5.4 Hondenopvoeding Een hond hoort in de openbare ruimte aanvaardbaar gedrag te vertonen. Om ongewenst gedrag tegen te gaan en om het aantal bijtincidenten te verminderen is het belangrijk dat honden goed worden opgevoed. Preventie van bijtincidenten begint al op puppyleeftijd. Honden moeten kunnen omgaan met allerlei situaties zodat ze goed kunnen functioneren in onze drukke maatschappij. Een uitgebreide socialisatie van puppy s op jonge leeftijd is hiervoor essentieel. Daardoor wordt onnodige angst en daaruit voortkomende angstagressie voorkomen. Elke hond moet bovendien leren wat wel en wat niet mag. Hij moet een aantal basisoefeningen onder de knie hebben, zoals het bij de baas komen op commando. Ook de manier waarop de eigenaar leiding geeft aan zijn hond speelt een rol in het voorkomen van probleemgedrag. Op een hondencursus leren eigenaar en hond elkaar begrijpen. Als er toch probleemgedrag ontstaat, zijn er gelukkig manieren om hier iets aan te doen met behulp van een goede hondenschool of gedragstherapeut. Daarbij is het belangrijk om op tijd in te grijpen en hulp te zoeken. Pagina van 59, 15 november

20 Aanbeveling 14: Bevorderen van actieve voorlichting over de consequenties van de aanschaf van een hond en het volgen van gedragscursussen in verband met de veiligheid op straat en vooral om een goede baas- hond verhouding te bevorderen. Aanbeveling 15: Bij herhaald probleemgedrag van de hond de eigenaar van de hond verplicht een Sociaal Honden Vaardigheidsbewijs te halen. Deze verplichting in de APV opnemen Commerciële voorzieningen In de gemeente Wormerland en de omliggende gemeenten is een aantal verenigingen gevestigd die training geven aan honden. Verder zijn er hondenuitlaatservices, dierenartsenpraktijken en hondentrimsalons. Pagina van 59, 15 november

21 6. Kinderboerderij Een kinderboerderij, stadsboerderij of hertenkamp kan van belang zijn voor de opbouw van een goede relatie tussen mens (kind) en dier. Het verantwoord met elkaar in contact brengen van kinderen en dieren is van essentieel belang voor de gedragsbepaling van het kind ten opzichte van dieren. Taken en verantwoordelijkheden De gemeente kan in een overeenkomst met een kinderboerderij voorwaarden voor dierenwelzijn vastleggen, zoals: o Dieren in de kinderboerderij moeten worden gehouden in een omgeving waarbij zij zo goed mogelijk in hun natuurlijke leefmilieu kunnen vertoeven en hun soorteigen gedrag kunnen uitoefenen. o Alleen diersoorten en individuele dieren die daarvoor geschikt zijn, mogen worden gehouden. o Er moet voldoende ruimte zijn, aangepast aan het aantal, de grootte en de soortspecifieke behoefte van de aanwezige dieren. O Inrichting en aanplanting moeten verband houden met de te houden dieren en zodanig worden gekozen, dat het dier zich desgewenst kan onttrekken aan de aandacht van de bezoekers. o Bij contact tussen mens en dier wordt toezicht gehouden. Op tijden dat er niemand aanwezig is, dient er bewaking te zijn door middel van camera s en een alarmsysteem. o De verzorging is in handen van een deskundige. De beheerder dient gediplomeerd en vakbekwaam te zijn (bijvoorbeeld opleiding HBO of MBO dierverzorging). o De beheerder van de kinderboerderij moet tijdens openingsuren aanwezig zijn. o Afspraken over de verzorging van en omgang met de dieren dienen in een protocol schriftelijk vastgelegd te worden. o Dieren moeten goed gezond zijn en regelmatig door een dierenarts gecontroleerd worden. o Overpopulatie dient te worden voorkomen, er worden geen overschotten gefokt en er is geen bewuste fok voor de verkoop. o o De (levende) dieren worden niet verkocht aan de intensieve veehouderij. In de boerderij wordt aandacht geschonken aan educatie over (betere) omgang met dieren en (meer) respect voor dieren. 6.1 Keurmerk voor kinderboerderijen Een kinderboerderij is een bedrijf dat, zoals zoveel Nederlandse bedrijven, aan een of meerdere (wettelijke en kwaliteits-) voorschriften moet voldoen. Om dit te kunnen toetsen, heeft de Stichting Kinderboerderijen Nederland (SKBN) in samenwerking met de Vakgroep Medewerkers Kinderboerderijen (VMK) een certificeringtraject opgesteld. Dit traject is ontwikkeld in samenwerking met het Ministerie van Landbouw, Natuurbeheer en Voedselkwaliteit, de Voedsel en Waren Autoriteit, de Gezondheidsdienst voor Dieren, Universiteit Utrecht/Faculteit Diergeneeskunde en Hogere Agrarische School (HAS) in Den Bosch. 6.2 Kinderboerderij Het Weidje in Wormer De kinderboerderij is in de jaren zeventig op basis van een particulier initiatief ontstaan. De kinderboerderij heeft niet alleen een recreatief en educatief doel, maar ook een sociale functie in Wormer. Er komen heel veel kinderen op de boerderij en er is een dagdeel in de week speciaal voor de kinderen van de buitenschoolse opvang opengesteld. Het huidige Stichtingsbestuur is medio 2009 aangetreden en bestaat uit zakelijke professionals. Het bestuur heeft regelmatig overleg met de verantwoordelijk portefeuillehouder Welzijn van de gemeente over reguliere zaken. In 2009 is tussen de gemeente en het Stichtingsbestuur een subsidieovereenkomst afgesloten. Jaarlijks ontvangt de Stichting voor de uitvoering van haar taken een bedrag van Euro. In de overeenkomst (looptijd tot 2014) is afgesproken dat de kinderboerderij in 2014 moet voldoen aan het kwaliteitskeurmerk Goed voor elkaar van de (landelijke) Stichting Kinderboerderijen Nederland (SKBN). Hoewel de voorbereiding door omstandigheden wat vertraagd is, verwacht het bestuur dat zij (na renovatie van het gebouw op het terrein) het keurmerk eind 2012 kan gaan aanvragen. Pagina van 59, 15 november

22 De kinderboerderij draait op circa 30 vrijwilligers. De vrijwilligers verzorgen en voeden onder begeleiding van de beheerder de dieren. De dieren die op de kinderboerderij verblijven, worden nu nog overal vandaan gehaald. Er wordt nog niet gewerkt of gefokt met eigen dieren. Dit laatste is wel een wens van het Stichtingsbestuur. Er is verder geen direct contact of overleg met het dierenasiel, de dierenbescherming, de Poelboerderij, de vogelopvang, het knaagdierencentrum of de dierenambulance. Het bestuur stelt het op prijs als de gemeente Wormerland contacten legt met deze instanties jaarlijks overleg houdt. Kinderboerderij het Weidje Wormer 6.3 Standpunt gemeente Wormerland De gemeente Wormerland erkent de educatieve rol van de plaatselijke kinderboerderij in Wormer, maar blijft het welzijn van de gehouden dieren kritisch volgen. De gemeente streeft ernaar in nauwe samenwerking met de Dierenbescherming door middel van onderzoek en gesprekken met het bestuur van de Stichting waar nodig op termijn verdere verbeteringen aan te brengen door aanbevelingen te doen aan bijvoorbeeld de huisvesting van sociale dieren (niet individueel huisvesten) en het fokbeleid. Deze eis is redelijk omdat de gemeente de kinderboerderij financieel ondersteunt. Dit is van groot belang omdat de kinderboerderij een voorbeeldfunctie heeft. Kinderen en hun ouders moeten ter plekke zien hoe je verantwoord dieren moet houden en verzorgen. Onderzocht zou kunnen worden of het mogelijk is op de kinderboerderij zeldzame of oorspronkelijke huisdierenrassen (sterke soorten) te huisvesten voor recreatieve en educatieve doeleinden. Hierbij gaat het niet om dieren fokken, maar het zoeken naar herplaatsers. Er is een overschot aan geiten, kippen etc. en het zou goed zijn als de kinderboerderij ruimte biedt aan hobbydieren die een tweede huis zoeken. Er bestaan verder uitwisselkringen tussen kinderboerderijen Pagina van 59, 15 november

23 Aanbeveling 16: De gemeente onderzoekt in overleg met het bestuur van de Stichting en de dierenbescherming de (on)mogelijkheden om het dierenwelzijn nog verder te verbeteren bij de kinderboerderij in Wormer. Aanbeveling 17: Kinderboerderij het Weidje spant zich in voor 1 januari 2014 het SKBN keurmerk Goed voor elkaar te behalen. Aanbeveling 18: Jaarlijks een overleg organiseren met de lokale organisaties in Wormerland die direct of indirect betrokken zijn bij dierenwelzijn. Aanbeveling 19: De kinderboerderij treedt in contact met de Stichting Zeldzame Huisdierrassen en lokale en regionale fokverenigingen om de mogelijkheid te onderzoeken de kinderboerderij van zeldzame dan wel oorspronkelijke huisdierrassen te voorzien voor recreatieve en educatieve doeleinden. Pagina van 59, 15 november

24 7.Hengelsport Vissen is een geliefde vorm van vrijetijdsbesteding. Het is relatief eenvoudig om te gaan vissen. Er zijn dan ook ruim 1,2 miljoen vissers en hengelaars in Nederland. Deze hobby is echter bij sommige mensen ook omstreden omdat hierbij sprake zou zijn van (vermeend) dierenleed. Vaak gaat het hierbij om menselijke emoties. Het is daarom belangrijk eerst te schetsen welke regels er wettelijke gelden voor het vissen en hoe de betrokken partijen samenwerken en zich inspannen om mogelijk dierenleed te voorkomen. 7.1 Wet- en regelgeving en hengelsportvereniging Op alle soorten visserij zijn de Visserijwet en het Reglement voor de binnenvisserij 1985 van toepassing. Het betreft landelijke wet- en regelgeving. Het visstandbeheer in de watergangen in het stedelijk gebied en in het buitengebied is een verantwoordelijkheid van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. (HHNK). De zogenaamde visstand beheercommissies vervullen een centrale rol in het visserijbeleid op de binnenwateren. De visstand beheercommissie (VBC) fungeert als overlegplatform waarin visrechthebbenden (sport- en beroepsvissers) samenwerken met waterbeheerders en terreinbeheerders om te komen tot een afgestemd en duurzaam visstand- en visserijbeheer. Voorheen bestonden de werkzaamheden van de commissie hoofdzakelijk uit het redden van vis in nood en het uitzetten van vis. Tegenwoordig kennen de werkzaamheden van de VBC meer facetten, zoals het maken van beheers- en (her)inrichtingsplannen van viswateren. Sportvissers en beroepsvissers zijn, naast verplichte deelname in een VBC, wettelijk verplicht om visplannen te maken en vervolgens te vissen volgens de afspraken uit die plannen. Het Ministerie van EL&I heeft de sport en beroepsvisserijverenigingen in Nederland verplicht om voor 1 januari 2013 voor hun werkgebieden een Visplan te hebben opgesteld. Hierin worden afspraken gemaakt over de vissoorten en over de hoeveelheid vis die mag worden gevangen en weer moet worden uitgezet in de watergangen in het stedelijk en landelijk gebied. In het visplan kan een onderscheid worden gemaakt tussen watergangen met een lage ecologische waarde en watergangen met een hogere ecologische waarde. Voor de visintensiteit in de eerstgenoemde watergangen is de visvereniging er verantwoordelijk voor dat de hoeveelheid vis in een vijver niet de overeengekomen hoeveelheden overschrijdt. Het uitzetbeleid van de visvereniging dient hierop afgestemd te worden. Het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft inmiddels een beleidskader opgesteld, genaamd Vissendoelen (2010). Met de betrokken sport- en beroepsvisserijverenigingen is afgesproken dat er één Visplan voor het verzorgingsgebied van HHNK wordt opgesteld. Over de uitwerking van dit Visplan wordt momenteel overleg gevoerd met de VBC. 7.2 Visrechten In de gemeente Wormerland komt sportvisserij voor, maar ook beroepsvisserij (voornamelijk in het Wormer- en Jisperveld). De belangen van de sportvisserij (recreatief) en beroepsvisserij (kostwinning) zijn verschillend. Beiden zijn gebaat bij een duurzame visstand, echter waar beroepsvissers actief mogen zijn, ligt het gevaar van overbevissing op de loer. 2 Wet van 30 mei 1963, houdende nieuwe regelen omtrent de visserij, Stb. 312; laatstelijk gewijzigd 25 juni 2009, Stb Pagina van 59, 15 november

25 Sportvisserij Om te mogen vissen in de Nederlandse binnenwateren moet men in het bezit zijn van de VISpas. (zie foto) Deze geldt als bewijs van lidmaatschap van de hengelsportvereniging of van Sportvisserij Nederland. Met de VISpas mag men met twee hengels en alle toegestane aassoorten vissen in alle viswateren in Nederland. Ook is er een gedragscode Sportvisserij. Deze Code bevat een aantal gedragsregels voor sportvissers die tot doel hebben de aantasting van het vissenwelzijn als gevolg van sportvissen te minimaliseren. Voor de sportvissers die geen lid zijn van de hengelsportvereniging is er sinds 1 januari 2007 een document: de Kleine VISpas. Hiermee mag met één hengel en een beperkt aantal aassoorten in een beperkt aantal wateren (zie Kleine Lijst van Viswateren) worden gevist. De Kleine VISpas vormt samen met de Kleine Lijst van Viswateren de visvergunning (schriftelijke toestemming). Foto: de Vispas De Hengelsport Vereniging Zaanstreek (HVZ) is visrechthebbende van het water in Wormerland en in de Zaanstreek. De HVZ telt ruim 6000 leden en zet zich in om de sportvissers van alle leeftijden voor te lichten over verantwoord vissen en respect voor de natuur. Men dient lid te zijn van de Vereniging om een VISpas te verkrijgen. Er wordt verder veel aan educatie gedaan door de hengelsportvereniging Zaanstreek, bijvoorbeeld via het geven van cursussen. Ook de jeugd heeft aandacht van de HVZ. Elke jaar worden er viszomerkampen georganiseerd en voorts wordt op verzoek/afspraak aan de basisscholen in Wormerland en omstreken voorlichting gegeven. De HVZ vindt voorlichting en educatie belangrijk om vissenleed door ondeskundig vissen tegen te gaan. Om het zwartvissen te bestrijden en te controleren of de leden zich aan de regels houden, zet de HVZ bevoegde verenigingscontroleurs in. Doen zich problemen voor, dan kunnen zij de hulp van politie of andere opsporingsambtenaren inroepen. Ook kunnen zij geconstateerde overtredingen melden bij deze ambtenaren, of zorgen dat overtreders zich moeten verantwoorden bij de strafcommissie van de vereniging. Pagina van 59, 15 november

26 Beroepsvisserij De gemeente Wormerland nog een aantal beroepsvissers, die verenigd zijn in de vereniging Wormer en Jisp. Om als beroepsvisser te mogen vissen in de Nederlandse binnenwateren moet men in het bezit zijn van een zogenaamde grote visakte. Dit is een privaatrechtelijke basisvergunning beroepsvisserij. De grote visakte kan worden aangevraagd bij Sportvisserij Nederland. Er wordt voornamelijk gevist op aal. De aal heeft het moeilijk. Om de aalstand in onze binnenwateren te stimuleren is sinds 2002 de EU- aalverordening van kracht. Voor de sportvisserij geldt landelijk al een algemeen meeneemverbod. Als uitvloeisel van het nationaal beheerplan is vanaf 2010 de aalvisserij in het najaar voor de beroepsvisserij met 3 maanden (september t/m november) gesloten. 7.4 Visie op de hengelsport Er spelen tegenstrijdige belangen een rol wanneer het aankomt op dierenwelzijn. De sportvisserij is daar een voorbeeld van. Dierenwelzijnsorganisaties stellen dat sport- en beroepsvissen in strijd is met dierenwelzijn. De gemeente kiest er niet voor om sport- en beroepsvissen tegen te gaan omdat de hengelsport, in tegenstelling tot andere vormen van jacht, een groot maatschappelijk draagvlak heeft en de gemeente bovendien zeer waterrijk van aard is. Dit betekent dat de gemeente kiest voor het verenigingsleven en belang van hengelsportorganisaties. De manier waarop gevist wordt en na de vangst met de dieren wordt omgegaan, is bepalend voor de mate waarin het welzijn van de vissen wordt aangetast. Zowel de rijksoverheid als de belangenverenigingen hebben gedragscodes opgesteld om mogelijke schade aan vissen zoveel mogelijk te beperken. Sportvisserij Nederland, de Dierenbescherming en de Vissenbescherming zijn zodanig georganiseerd dat zij op landelijk niveau met elkaar kunnen overleggen en discussiëren. De gemeente Wormerland ziet daarom geen aanleiding om aanvullende regels op te stellen. Wel wil zij graag de hengelsport en de beroepsvisserijvereniging aanmoedigen op vanuit diervriendelijk oogpunt zo verantwoord mogelijke manier met vissen om te blijven gaan en hierover verplichte voorlichting en educatie aan leden te geven. Verder is er behoefte om jaarlijks een overleg te houden met de HVZ en de beroepsvisserijvereniging te overleggen om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren. Aanbeveling 20: De gemeente stelt geen aanvullende regels ten aanzien van de sport- en de beroepsvisserij. Wel moedigt zij de hengelsport en de beroepsvisserijvereniging aan op een diervriendelijke manier met vissen om te gaan en hierover verplichte voorlichting en educatie aan leden te blijven geven. Aanbeveling 21: Jaarlijks in overleg te gaan met de HVZ en de beroepsvisserijvereniging om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren. Pagina van 59, 15 november

27 Afbeelding:beroepsvisserij in Wormerland Pagina van 59, 15 november

28 8. Het trainen van dieren Dieren worden al zeer lange tijd door de mens gebruikt voor allerlei doeleinden waarvoor een zekere training vereist is. In eerste instantie werden de dieren gebruikt ten praktische nutte - van de mens: zij moesten werk verrichten. Later werden dieren gebruikt voor sport, hobby, het plezier en bij evenementen. Hiervan uitgaand zou je een indeling kunnen maken over het trainingen van dieren: Trainingen voor gedrag en gehoorzaamheid (bijv. ongehoorzaamheid, agressief gedrag, angstgedrag bij honden, evt. katten en paarden, blaffen, onzindelijkheid, predatie bij honden, stereotypieën bij paarden enz.) Trainingen voor hobby, plezier en vermaak (bijv. gedrags-, gehoorzaamheids-, behendigheids- en obediencecursussen voor honden, ringtraining, flyball, pakwerk, breitensport en jacht voor honden, recreatief- en ring/manege rijden, huifkartochten, rodeo en jacht voor paarden, dierentuinen, dolfinaria voor divers vermaak, spelen en evenementen enz.) - Trainingen Trainingen voor werk (bijv. therapie-, blindengeleide-, sociale/signaal-, reddings/drugs/snuffel-, politie/beveiligings/bewakings- en schapen hoedende honden, werk, trek- en politiepaarden, allerhande dieren voor reclame doeleinden, voor media, tv, films, toneel, kunst enz.) voor (top)sport (bijv. sledehonden-, windhonden- en triatlon sporten, bij paarden hippische sporten zoals dressuur en springen, draf- en rensport, military en samengestelde wedstrijden, aangespannen wedstrijden, voltigeren, polo, westernriding, endurance/gangpaarden,ligbedtraining voor gehandicapten, (huisbedtraining) evenals duivensport, valkerij en sporten voor evenementen en vermaak enz.) 8.1 Visie gemeente over het trainen van huis-, hobby-en gebruiksdieren De gemeente Wormerland kent ook een aantal verenigingen en bedrijven waar dieren worden getraind. Voorbeelden hiervan zijn de kynologenclub en de hondenschool op sportpark de Kalverhoek en de manege (gerelateerde) bedrijven in het buitengebied. Uit raadpleging van de diverse websites blijkt dat de clubs veel aandacht besteden aan het dierenwelzijn bij het uitvoeren van hun activiteiten. Wat echter ontbreekt, is een algemene/uniforme gedragsnorm in de gemeente. Om het welzijn van de dieren bij de training goed te borgen, wordt voorgesteld de volgende spelregels te hanteren: 1. Bij alle trainingen, sporten en werk voor (gezelschaps)dieren gaat de gemeente Wormerland er van uit dat de criteria zoals de eigenwaarde met de integriteit en het respect voor dieren, de natuurlijke geaardheid met het natuurlijke soortspecifieke gedrag, de gezondheid en het welzijn van de dieren gewaarborgd blijven. 2. Dieren, die absoluut niet geschikt zij voor training, sport of werk, o.a. naar bovenstaande maatstaven, moeten daarvoor ook niet gebruikt c.q. ontheven worden. 3. De diersoort, het ras en het individu moeten geschikt zijn voor de uit te voeren taak. Er moet geen dwang worden toegepast om de dieren zover te krijgen dat ze de gevraagde taak uitvoeren. In het wild gevangen dieren mogen nooit worden gebruikt en in gevangenschap geboren, niet gedomesticeerde dieren mogen slechts in zeer beperkte mate worden gebruikt en dan alleen wanneer het hun welzijn ten goede komt. 4. Bij sommige categorieën worden,naast het te trainen dier, andere diersoorten gebruikt, zoals bij het hoeden van schapen of het drijven van kalveren bij het westernriding. Het welzijn van deze dieren mag niet worden aangetast. Het tegelijkertijd inzetten van predatoren met hun prooidieren kan alleen als het zeer zorgvuldig en weloverwogen geschiedt en het echt nodig is en alternatieven ontbreken. 5. Het trainen van dieren vergt een specifieke kennis over het (leer)gedrag van de dieren en over leermethoden. Daarom dient een ieder die zich professioneel bezighoudt met het trainen van dieren (ook vrijwillige gedragsbegeleiders) te beschikken over Pagina van 59, 15 november

29 voldoende, aantoonbare vakbekwaamheid, terwijl deze kennis en nieuwe ontwikkelingen bij gehouden moeten worden. 6. Het trainen dient ' dierenwelzijnsvriendelijk' te gebeuren, er dient altijd door middel van bekrachtiging te worden gewerkt volgens methoden die worden onderschreven door gecertificeerde instructeurs en opleidingsinstituten. 7. Voorspelbaarheid en beheersbaarheid zijn begrippen die in onderzoek veel worden gebruikt om het welzijn van dieren te bepalen. Het is van groot belang voor het welzijn van een dier, dat het een situatie kan voorspellen en beheersen. Dit houdt in, dat er op een consequente manier moet worden getraind en dat een dier moet kunnen reageren op signalen of prikkels door het gewenste gedrag te tonen. Bij het trainen van dieren is kortdurende acute stress niet altijd te vermijden en dit hoeft ook niet direct nadelig te zijn. Chronische stress is dat echter wel. Training van dieren, waarbij chronische stress ontstaat, is niet acceptabel. 8. Trainingsmethoden en hulpmiddelen die pijn, schade, verwondingen of angst veroorzaken bij een dier zijn niet acceptabel. Een dier moet vertrouwen kunnen hebben in zijn trainer en de relatie mag niet op angst en onnodig machtsvertoon gebaseerd zijn. 9. Bij het trainen van dieren dient altijd rekening te worden gehouden met de effecten die het op de langere termijn heeft. Dieren die (via de training) niet geschikt blijken te zijn voor een bepaalde taak (bijvoorbeeld politiehonden die niet slagen), moeten goed worden begeleid, opdat ze normaal in de maatschappij kunnen functioneren, en verantwoord kunnen worden geplaatst. Ditzelfde geldt voor dieren die niet voldoende presteren in de (top)sport of na geleverde topprestaties met pensioen gaan. Uit respect voor de dieren en de prestaties die ze hebben geleverd, moeten ze de gelegenheid krijgen op een prettige manier hun oude dag te slijten. 10. Hulpmiddelen dienen zeer restrictief te worden gebruikt. Het gebruik van hulpmiddelen verdoezelt vaak de onkunde van de persoon die een dier probeert te trainen of onder zijn macht probeert te brengen. Bij paarden worden veel hulpmiddelen gebruikt om de dieren in houding en voorkomen te veranderen. Met name dieren die een bepaalde gang of houding niet in zich hebben, worden met hulpmiddelen gedwongen tot houding die de mens mooi vindt. Dit is ten zeerste onderhevig aan modeverschijnselen en opvattingen van een jury. Hulpmiddelen mogen slechts worden gebruikt door vakbekwame mensen en onder leiding van vakbekwame mensen. Bij de ontwikkeling van hulpmiddelen die gebruikt worden bij het trainen van dieren dient op wettelijke basis een preventieve toetsing te worden ingesteld. Dit houdt in dat de hulpmiddelen worden getest op hun effect op het welzijn van dieren, vooral de mate waarop ze de dieren pijn, stress en schade kunnen berokkenen. Ze dienen ook bestand te zijn tegen ondeskundig gebruik (fool-proof). Aanbeveling 22: De verenigingen in Wormerland waar dieren worden getraind(zoals maneges, paardenhouderijen en kynologenclub) schriftelijk erop te wijzen dat zij bij het uitvoeren van hun activiteiten de genoemde algemene drempel normen op het gebied van dierenwelzijn moeten aanhouden. Afbeelding:: hondensport Pagina van 59, 15 november

30 9. Evenementen in de gemeente. Bij evenementen met dieren valt te denken aan kamelenraces, goochelaars met konijnen, het vangen van varkens of ganstrekken. Dieren kunnen ook worden ingezet voor reclamedoeleinden en promotieactiviteiten, zoals een het openen van een winkel waarbij gebruik wordt gemaakt van een olifant. Bij deze evenementen bestaat een groot welzijnsrisico voor het dier, zeker als er sprake is van competitie. Daarnaast is de wijze van omgang met dieren vaak schokkend. Het dier wordt gedegradeerd tot een spelobject. Evenementen met dieren kunnen gelukkig niet zomaar gehouden worden. In de eerste plaats geldt landelijke wetgeving. Te noemen zijn: de Gezondheids- en Welzijnswet voor dieren (GwwD), de Flora- en faunawet, de transportverordening en de Habitatrichtlijn.De rol van de gemeente is beperkt tot het al dan niet afgeven van een vergunning voor het desbetreffende evenement op basis van de APV. APV en evenementen met dieren Voor evenementen met dieren is in de gemeente een vergunning nodig. Hoewel dierenwelzijn geen aparte weigeringgrond is in het APV heeft de gemeente wel mogelijkheden om een vergunning te weigeren. De gemeente kan bij de beoordeling ook uitgaan van het openbare orde motief en het openbare zedelijkheidsmotief. Omdat de GwwD het welzijn van dieren uitputtend regelt, heeft de gemeenteraad niet de bevoegdheid om de wet aan te vullen. In de APV kan derhalve voor het afgeven van een vergunning of het verlenen van een ontheffing de enkele weigeringgrond in het belang van het welzijn van dieren niet worden opgenomen Dit neemt niet weg dat er wel de mogelijkheid is om een vergunning voor een evenement met dieren te weigeren op basis van de geldende weigeringsgronden in de APV of om hieraan specifieke voorwaarden aan te verbinden, bijvoorbeeld het voeren van een keurmerk of het lidmaatschap van een belangenorganisatie. Visie van de gemeente Het houden van evenementen waarbij dieren gebruikt worden is niet meer van deze tijd. Bij deze evenementen bestaat een grote kans dat het welzijn van het dier wordt aangetast, zeker als er sprake is van een competitie-element. Daarnaast is de wijze van omgang met dieren soms stuitend. Het dier wordt gedegradeerd tot spelobject en daarmee wordt voorbij gegaan aan de eigenwaarde van het dier. De gemeente zal daarom een terughoudend beleid gaan voeren bij het afgeven van vergunningen op dit gebied. De gemeente Wormerland stelt als uitgangspunt dat evenementen diervriendelijk moeten zijn. Het gaat hierbij om de volgende aspecten: Dierenmishandeling is verboden; De dieren moeten op een respectvolle wijze worden behandeld. Aanbeveling 23: De gemeente Wormerland is van mening dat bijvoorbeeld kamelen of olifanten niet in een winkelstraat thuishoren. Daarbij kan bij deze evenementen ook de veiligheid van personen en goederen en de openbare zedelijkheid of gezondheid in het geding komen. De gemeente zal daarom in voorkomende gevallen geen vergunning afgeven voor evenementen met dieren in de openbare ruimte. 9.2 Circussen Circussen vormen een speciale categorie van evenementen met dieren. Omdat de (wilde) dieren in circussen nooit hun soorteigen gedrag kunnen vertonen en de training en het optreden van de dieren vaak gepaard gaat met pijn, stress en angst is er per definitie bijna altijd sprake van een grove aantasting van het dierenwelzijn en voldoet het transport en de huisvesting vaak niet aan minimaal te stellen eisen. De meeste circusliefhebbers ontgaat dit omdat het zich aan het oog ontrekt (of omdat zij het niet willen zien). Uit twee recente rapporten van de Universiteit van Wageningen blijkt dat de huidige van toepassing zijnde regels onvoldoende zijn om het welzijn van circusdieren te garanderen. Daarom bereidt de minister van LNV nieuwe regels voor op het gebied van verzorging en huisvesting van circusdieren en worden er hogere eisen gesteld aan de kennis van de verzorgers op het gebied van diergezondheid en verzorging. De nieuwe wetgeving is voor 2011 voorzien. Pagina van 59, 15 november

31 De gemeente Wormerland kent op dit moment 2 circussen die om en om voorstellingen mogen geven. Dit zijn Magic Circus en Circus Bongo. Deze beide relatief kleine circussen organiseren voorstellingen die vooral geschikt zijn voor kinderen. Er wordt niet gewerkt met (wilde) dieren. Dit betekent niet dat de gemeente geen nieuw beleid op dit gebied hoeft te maken. De gemeente kan beginnen een zekere terughoudendheid te betrachten bij het toestaan circussen. Dit kan het best worden geborgd door voortaan alleen circussen op persoonlijke titel uit te nodigen. Op deze manier wordt gegarandeerd dat alleen circussen worden gehouden die op een diervriendelijke manier werken. Tevoren checkt de gemeente of het circus is aangesloten bij de Vereniging van Nederlandse Circus Ondernemingen (VNCO) en of het circus als diervriendelijk staat aangeschreven. Hierbij wordt advies ingewonnen bij de LID of bij de Dierenbescherming. Circus Bongo Aanbeveling 24: In de APV voorwaarden opnemen aan het verlenen van evenementen,met als doel het gebruik van (wilde) dieren ter vermaak met name in circussen te weren. 9.3 Kermissen In de APV van Wormerland zijn hierover spelregels opgenomen. Op de kermissen in de gemeente worden geen dieren gehouden dus problemen op dit vlak doen zich niet voor. 9.4 Levende kerststallen In levende kerststallen worden levende dieren gebruikt die bijvoorbeeld worden gehuurd bij een dierenverhuurbedrijf. Vaak is er sprake van een provisorisch en zeer beperkt onderkomen. Deze tijdelijke huisvesting kan moeilijk voldoen aan de behoeften van de dieren in kwestie. Het is bijvoorbeeld onmogelijk dat dieren zich op een natuurlijke wijze gedragen. Ze kunnen niet op natuurlijke wijze reageren op allerlei omstandigheden zoals muziek, veel mensen, drukte en lawaai. Dit is een grote stressfactor voor de dieren, waarbij de veiligheid van de dieren een zorgpunt is. Op locatie in de Wijde Wormer zijn in het verleden tussen kerst en nieuwjaar levende kerststallen gehouden. Een vergunning voor een levende kerststal is alleen aan de orde, als die kerststal te beschouwen is als een evenement, zijnde een voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak (art APV). Een kerststal is echter geen verrichting. Als een levende kerststal nauw gelieerd is aan een religieuze bijeenkomst (Kerstnachtdienst), is geen sprake van vermaak. Er zijn wel vergunningen verleend voor een levende kerststal als onderdeel van een groter evenement. Daarbij zijn tot nu toe geen eisen gesteld aan de inrichting van de levende kerststal. Vanuit dierenwelzijnoptiek verdient het de voorkeur om kerststallen in te richten zonder levende dieren. Maar andere overwegingen kunnen aanleiding zijn om toch vergunning te verlenen. Als dit gebeurt zullen aan de vergunning de volgende voorwaarden worden verbonden: o Er moet voldoende water en voer beschikbaar zijn; o De dieren moeten op een zachte ondergrond kunnen staan; o De afstand tot het publiek moet voldoende zijn zodat de dieren zich kunnen terugtrekken als ze niet aangeraakt willen worden; o Als de kerststal zich op openbaar terrein bevindt is permanente bewaking, ook s nachts,verplicht. Aanbeveling 25: Als een levende kerststal onderdeel is van een evenement, zullen aan de evenementenvergunning voorwaarden worden gesteld. Pagina van 59, 15 november

32 10.Dieren in bedrijven 10.1 Landbouwhuisdieren Landbouwhuisdieren zijn dieren die gehouden worden voor de productie van vlees, melk, eieren, huiden of wol. Het gaat hierbij om dieren die je op een boerderij vindt, zoals koeien, schapen en kippen. Landelijke richtlijnen Het houden van dieren binnen de agrarische sector is een landelijke discussie. Op dit moment wordt er vanuit het rijk steeds meer aandacht besteed aan de regelgeving ten aanzien van vooral de bio-industrie. Voor de gemeente ligt hier geen rol. De gemeente mag verder wettelijk op basis van dierenwelzijn bepaalde (bouw)activiteiten niet verbieden of voorschrijven. Ook vanuit de milieuwetgeving kunnen geen eisen worden gesteld aan dierenwelzijn. Wel kan op basis van een ruimtelijk motief intensieve veehouderij worden beperkt en kan de gemeente normen stellen voor de omvang van dierenverblijven. In het bestemmingsplan Landelijk gebied (2007) is hierop reeds ingespeeld door de vestiging van intensieve veehouderijen/bio-industrie uit te sluiten en deze activiteit slechts als nevenactiviteit bij de bestaande agrarische bedrijven toe te staan. Verder heeft de gemeenteraad van Wormerland voor de bouw van dierenverblijven minimale oppervlaktenormen (per m2) geformuleerd waaraan de huisvesting moet voldoen (bron: Beleid hobbyboeren en agrarische bedrijfsbebouwing, door de raad vastgesteld in maart 2010) De gemeente kan de agrarische bedrijven tevens aanmoedigen/ stimuleren om diervriendelijke stallen te bouwen. Dit laatste sluit goed aan op het beleid van het rijk (Ministerie van ELI) die via een specifieke subsidie veehouders stimuleert het dierenwelzijn te bevorderen, door de huisvesting van de dieren te verbeteren. Een nieuwe ontwikkeling/trend op dit gebied is de bouw van zogenaamde MDV-stallen (d.w.z. een stal die voldoet aan de normen van de Maatlat Duurzame veehouderij) Afbeelding: voorbeeld van een MDV stal Pagina van 59, 15 november

33 Aanbeveling 26: In overleg met de LTO nadere afspraken maken over hoe de bouw van diervriendelijke dierenverblijven (bijvoorbeeld MDV stallen) in de paardenhouderij- en veeteeltbedrijven binnen de gemeente Wormerland kan worden gestimuleerd Paardensector Paarden staan hoog aangeschreven in onze maatschappij. Men spreekt van edele dieren' en beschouwt ze als trouwe, respectabele metgezellen. Althans, dat dachten we lange tijd. Maar de praktijk is pijnlijk anders. Paarden en pony's, iedereen dacht dat het met deze dieren over het algemeen wel goed zat. Niets is echter minder waar. Met name door particulieren, die voor hobbymatig gebruik 1 of enkele paarden houden, wordt maar wat aangerommeld. Ze worden aan hun lot overgelaten, staan alleen op een modderig weilandje of in een donkere boxstal, zonder soortgenoten of ander gezelschap. Op misschien dat ene moment na, dat de eigenaar ze komt voeren of een stukje komt rijden. In Nederland worden ongeveer paarden gehouden. Het algemene beeld is dat van de dieren die als hobby worden gehouden, minstens de helft onvoldoende beweging krijgt. Het gaat daarbij naar schatting om dieren. Paarden en pony s zijn groepsdieren die van nature het grootste deel van de dag wandelend op zoek zijn naar voedsel. Gedurende 23 uur per dag in een gesloten box verblijven is dus niet de bedoeling. Daar komt nog eens bij dat zo n hobbypaarden geen of onvoldoende contact hebben met soortgenoten. Volgens de Dierenbescherming is het niet in de buurt hebben van een soortgenoot voor een paard een kwelling. In 2008 kreeg de Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming meldingen van verwaarlozing binnen, ongeveer de helft bleek terecht. De gedachte is dat paardenleed in veel gevallen niet ontstaat door bewuste verwaarlozing, maar veelal door gebrek aan kennis bij de eigenaar over de verzorging. Afbeelding : ook in de gemeente zijn steeds meer paarden te zien in de wei. De paardensector is een opkomende tak in de landbouw. Paarden worden overigens niet alleen gebruikt in de landbouw (fokkerij) maar ook in de recreatiesector. In veel delen van Nederland wordt aan paardentoerisme gedaan. Of het nu gaat om ruitersport, mensport of verzorgde huifkartochten, paardentoerisme heeft de toekomst. In de laatste jaren is het aantal paardenbezitters sterk toegenomen. De trend om met je paard op vakantie te gaan, is ingezet. Voor de agrariër opent dit soort toerisme ook perspectief. De verminderde Pagina van 59, 15 november

34 bedrijfsopbrengsten kunnen deels gecompenseerd worden met neveninkomsten uit het paardentoerisme. Kamperen bij de boer met de mogelijkheid om je paard te stallen en te verzorgen lijkt een gewilde combinatie te zijn. Ook in Wormerland vestigen zich vooral in het buitengebied steeds meer (professionele en hobbymatige) paardenbedrijven, wat tot gevolg heeft dat er steeds meer paarden op zowel de openbare wegen als op het weiland te vinden zijn. De gemeente Wormerland verwacht dat deze trend in de komende jaren zal doorzetten en kan en wil deze maatschappelijke ontwikkeling geen halt toeroepen. Wel hecht de gemeente er grote waarde aan deze ontwikkeling in goede banen wordt geleid. Momenteel werkt Landschap Waterland aan de actualisatie van haar recreatieplan voor de regio Waterland (periode ). Onderdeel daarvan is de verdere optimalisering/uitbreiding van het ruiterroutenetwerk. Het verdient aanbeveling bij de uitwerking van dit plan de mogelijkheden te onderzoeken voor de aanleg van nieuwe ruiterpaden (bijvoorbeeld in de vorm van stroken langs openbare wegen ) en om verouderde paden te vernieuwen. Ook de aanleg van voorzieningen (bijvoorbeeld voederbakken) langs bestaande of nieuw in te richten routes maakt hiervan een onderdeel uit. In de nieuwe structuurvisie zal aan dit onderwerp uitvoerig aandacht worden besteed. Uitgangspunt moet in elk geval zijn dat paardenactiviteiten niet ten koste gaan van de kwetsbare natuur en het landschap. Weidegang en schuilstallen Weidegang met soortgenoten is voor het welzijn van het paard of schaap van het grootste belang. In het Nederlandse klimaat is niet iedereen in de gelegenheid dieren bij slecht weer of bij felle zon naar de stal te halen. Een schuilstal is daarbij noodzakelijk en biedt ook een plek om dieren verantwoordelijk te verzorgen en te voeren. Zowel de Partij voor de Dieren als de raadsfractie van GroenLinks heeft in het verleden het verzoek gedaan in het bestemmingsplan de mogelijkheid op te nemen om via ontheffingen schuilgelegenheden te bouwen. Het neerzetten van bouwsels (schuilstallen) zeker in het landelijk gebied op grond van de geldende wet- en regelgeving (Natura 2000, EHS ) een zeer lastige zaak. Het verdient aanbeveling bij het actualiseren van het structuurplan (start najaar 2011) beleid te formuleren over de locaties waar dit soort bouwwerken gebouwd kunnen worden. Ruitersporten (Zie ook hoofdstuk 8) Leren is natuurlijk gedrag voor een paard. De leertheorieën en positieve trainingsprincipes moeten de basis zijn van de ruiteropleidingen. Hiernaast dient door middel van voorlichting kennis over positieve training breder in de sector Paardenhouderij verspreid te worden. Gezien de standpunten van de Dierenbescherming en het ministerie van Infrastructuur en Milieu gaat de gemeente Wormerland uit van positieve trainingsmethoden en verwacht van de maneges en andere hippische accommodaties binnen de gemeentegrens dat zij deze trainingsmethoden hanteren en daarbij in het bezit zijn van het Veiligheidscertificaat voor hippische accommodaties. Dat is een variant van het keurmerk Goedgekeurd Keurmerkinstituut, gebaseerd op samenwerking tussen de Stichting Veilige Paardensport en het Keurmerkinstituut. Het beschermen van het welzijn van paarden in de sport moet worden geregeld vanuit paardensportbonden, sectororganisaties en de overheid. In de Code of Conduct for the Welfare of the Horse toont de Fédération Equestre Internationale (FEI) een duidelijke en beleidsmatige instelling met betrekking tot het welzijn van sportpaarden. Ook de landelijke Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie (KNHS) werkt in hun Meerjarenbeleidsplan aan een zorgvuldig welzijnsbeleid voor het paard. De Sectorraad Paard (SRP), een sinds 2007 zelfstandige stichting die de nationale en internationale belangen van de paardensector behartigt, heeft in samenwerking met het Ministerie van I&M de Beleidsnotitie Welzijnsbevordering Paard en een Plan van Aanpak Welzijn in de Paardenhouderij uitgebracht. Het plan van aanpak onderscheidt zes aandachtsvelden, te weten: huisvesting, voeding, training en hulpmiddelen, transport, fokkerij en daarnaast paraveterinaire en complementaire beroepen. Voor elk aandachtsveld zijn in het plan beleidsvoornemens, plannen voor nadere analyse en onderzoek en concrete acties aangegeven om het dierenwelzijn te bevorderen. Het merendeel van de concrete verbeteringen zal volgens het Plan van Aanpak vanaf 2010/2011 worden gerealiseerd. Pagina van 59, 15 november

35 De gemeente Wormerland staat achter de standpunten van de Dierenbescherming over paardenwelzijn en het Plan van Aanpak Welzijn in de sector Paardenhouderij van het ministerie Infrastructuur en Milieu en SRP en beschouwt het beleid van de SRP als norm voor het welzijn van het paard in Wormerland. Afbeelding: hypische sport Aanbeveling 27: Door middel van voorlichting paardenhouders en maneges wijzen op de uitgangspunten van de Dierenbescherming en deze nota Dierenwelzijn. Aanbeveling 28: In de nieuwe structuurvisie van Wormerland beleid te formuleren over het (tijdelijk) plaatsen van schuilstallen. Aanbeveling 29: Standaard schuilstallen laten ontwerpen door een beeldend kunstenaar al of niet in samenwerking met een technisch ontwerper om een unieke, bij het Zaanse landschap passende schuilstal te realiseren. Eventueel als examenwerkstuk aanbieden aan een (design)academie. Aanbeveling 30: In overleg met de Landschap Waterland en de buurgemeenten de mogelijkheden onderzoeken het ruiterroutenetwerk verder te optimaliseren dan wel de verouderde paden te vernieuwen Proefdieren Dierproeven zijn in principe verboden, tenzij de instelling over een vergunning beschikt en de onderzoekers een positief advies hebben gekregen van een Dier Experimenten Commissie (DEC). Het bedrijf moet voldoen aan de eisen en voorwaarden die staan beschreven in de 'Wet Op de Dierproeven (WOD)'. Het merendeel van de dierproeven wordt uitgevoerd in het kader van biomedisch onderzoek. Een derde van de onderzoeken wordt uitgevoerd vanwege wettelijke eisen die aan medicijnen worden gesteld. Sinds 1996 is het testen van cosmetische producten op proefdieren verboden. Vergunningen worden op rijksniveau uitgereikt. De gemeente kan deze alleen controleren in het kader van de Wet milieubeheer (Wm). In de gemeente Wormerland zijn geen bedrijven aanwezig die dierproeven uitvoeren. De gemeente Wormerland is geen voorstander van vestiging van nieuwe bedrijven die werken met proefdieren en zal dit ontmoedigen. Dit kan bijvoorbeeld bij de verkoop van grond. Aanbeveling 31: Onderzoeken hoe de vestiging te ontmoedigen van bedrijven die werken met proefdieren, bijvoorbeeld via het grondverkoopbeleid. Pagina van 59, 15 november

36 11. Zorg en beleidstaken voor de in het wild levende dieren In het wild levende dieren geven kleur aan de gemeente, zoals vogels, knaagdieren, kikkers, vissen en vleermuizen. Veel dieren komen in het nauw door nieuwe bedrijventerreinen, nieuwbouwwijken, aanleg van wegen en het gebruik van bestrijdingsmiddelen en milieuvervuiling. De gemeente kan hun aanwezigheid bevorderen door indirecte maatregelen op hun leefomgeving, zoals de aanleg en onderhoud van een diervriendelijke omgeving om zo de biodiversiteit te vergroten Beleid en regelgeving Bouwplannen en bestemmingsplannen De Flora en Faunawet (FFW) en de Natuurbeschermingswet (NB-wet) is van toepassing bij bouwplannen en bestemmingsplannen. De gemeente is verantwoordelijk voor het toetsen op de FFW en de NB-wet als sprake is van ruimtelijke ingrepen en werkzaamheden in de openbare ruimte. Het ministerie van ELI is het bevoegd gezag voor de FFW en de provincie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de NB-wet. Een ingreep wordt beoordeeld op nadelige gevolgen voor de aanwezige flora en fauna. Een bouwplan kan zelfs worden stilgelegd als bijvoorbeeld een Noordse woelmuis aanwezig blijkt te zijn. De gemeente Wormerland laat op kosten en voor risico van de initiatiefnemer(s) standaard een natuurtoets uitvoeren (FFW en NB wet) bij de voorbereiding van bestemmingsplannen en bij de realisatie van (grote) bouwlocaties. Hierbij wordt een quick-scan uitgevoerd naar beschermde planten en diersoorten. Zo nodig wordt een advies gegeven over aanpassing van de plannen. Omgevingsvergunning voor het kappen In de APV en in het bestemmingsplan Landelijk Gebied zijn regels opgenomen die het kappen van bomen verbieden zonder vergunning van de gemeente Wormerland. Als de gemeente een vergunning verleent, wordt standaard aan de aanvrager meegedeeld, dat het volgens de Flora en Faunawet verboden is om bomen te kappen waarin vogels broeden. De houder van de vergunning mag de regels uit de Flora en Faunawet niet overtreden. In augustus 2010 heeft de gemeenteraad het Bomenbeheerplan vastgesteld. Hierin is ook een beleid voor het kappen van bomen vastgelegd. Bij de beoordeling of al dan niet een vergunning wordt verleend, weegt de gemeente het belang van behoud van de boom/bomen af tegen de hinder die de aanvrager van de vergunning ondervindt. Tevoren wordt gecheckt (via locatiebezoek) of het leefgebied van dieren/vogels wordt verstoord. (aanwezigheid nesten) Als dit het geval is,wordt in de vergunning de voorwaarde opgenomen dat de kap moet plaatsvinden buiten het broedseizoen. Er is geen vast broedseizoen vast te stellen voor alle vogelsoorten. Meestal hanteert men de periode 15 maart t/m 15 juli, maar dan nog kunnen buiten die periode bijvoorbeeld huismussen nog nestelen. Checken is dus altijd nodig. Verkeersmaatregelen Gemeenten kunnen als wegbeheerder maatregelen nemen voor de regulering van het verkeer. Dit is geregeld in de Wegenverkeerswet (WVW). Bij elk besluit moet worden aangegeven wat het doel hiervan is. Dit kan zijn: Verzekeren van de veiligheid op weg; Voorkomen/beperken overlast, hinder of schade door verkeer; Voorkomen/beperken aantasting karakter of functie van objecten of gebieden. Het beschermen van dieren die door het verkeer worden bedreigd valt onder het tweede punt. Langs een openbare weg kunnen tijdelijk waarschuwingsborden worden aangebracht voor bijvoorbeeld de paddentrek of bij overstekende eenden of ganzen. In de gemeente Wormerland speelt dit probleem met overstekende dieren niet op grote schaal. Pagina van 59, 15 november

37 11.2 Beheer openbaar groen en watergangen De gemeente Wormerland is beheerder van parken, plantsoenen en openbaar groen. De gemeente kan hier allerlei maatregelen nemen om de leefomgeving voor dieren te verbeteren. Gedacht kan worden aan afstemming van de plantenkeus om bepaalde diersoorten aan te trekken of juist minder intensief onderhoud, zodat dieren niet zoveel worden gestoord. Belangrijk is ook om rekening te houden met het natuurlijke leefpatroon van de dieren. Denk hierbij aan de rust in het broedseizoen. Wormerland heeft in augustus 2003 het groenstructuurplan Wormerland vastgesteld. In deze integrale visie is het beleid en beheer van het openbaar groen in de kernen tot 2014 vastgelegd. In het plan is een aantal uitvoeringsmaatregelen opgenomen, die in de afgelopen jaren gefaseerd zijn uitgevoerd. (bijvoorbeeld opstelling Bomenbeheerplan 2010). Verder is er veel aandacht voor ecologisch beheer (extensief maaien van bermen en rietkragen, beheer van sloten en waterpartijen) en worden er geen chemische middelen (gif) gebruikt. Ook bij de realisatie van nieuwe plannen en projecten (bijvoorbeeld nieuwe woonwijken) is uitgangspunt dat voldoende en kwalitatief hoogwaardig groen in de openbare ruimte wordt aangebracht. Gedragscode Flora en Faunawet De fractie van de SP heeft recent een initiatiefvoorstel ingediend om in de gemeente een gedragscode Flora en faunawet in te voeren. De raad heeft over dit voorstel nog geen besluit genomen. Om werkzaamheden te kunnen uitvoeren waarbij beschermde soorten of hun leefgebied worden verstoord of in gevaar komen, is een ontheffing van de provincie nodig. Wanneer bij werken een gedragscode Flora- en faunawet wordt toegepast kan op langdurige procedures voor het aanvragen van ontheffingen worden bespaard. De VNG heeft een gedragscode voor het openbaar groen ontwikkeld. Die is bedoeld om zorgvuldig te handelen zoals de wet dat vereist bij werkzaamheden aan groenvoorzieningen in Nederland in combinatie met beschermde planten en dieren, inclusief alle vogels. De minister van ELI heeft die gedragscode goedgekeurd en van toepassing verklaard voor beheer en onderhoud van groen, ongeacht van wie het eigendom of beheer is. De gedragscode kan dus wordt gebruikt bij onder andere gemeentelijke groenvoorzieningen, landschappelijke groenvoorzieningen, groen op bedrijventerreinen, groen in (grote) tuinen. Het betreft activiteiten waarmee een object duurzaam in stand gehouden wordt door het te beheren en onderhouden, zoals het maaien van gras, snoeien van bomen, opschonen van watergangen, het bemesten en beregenen van terreinen etc. De gedragscode geldt ook voor bestendig gebruik. Dit is een breed scala van activiteiten waarbij op een structurele wijze gebruik gemaakt wordt van de leefomgeving om bijvoorbeeld evenementen te organiseren, te recreëren, te sporten maar ook om bijvoorbeeld flora en fauna te observeren. Het element bestendigheid is dus cruciaal. Bij eenmalige ruimtelijke ingrepen, incidentele evenementen of nieuwe technieken of activiteiten is er geen sprake meer van bestendig beheer of gebruik. Dan is een gedragscode niet van toepassing en moet men per geval bepalen of er geen sprake is van overtreding van de Flora en Faunawet. Het beheer van het openbaar groen gebeurt in Wormerland nog niet in alle opzichten eenduidig en consequent volgens de richtlijnen van de gedragscode voor het openbaar groen. Beheer watergangen Van belang voor het welzijn van het dierlijk leven in het water is het hebben van een gezonde leefomgeving. Het is met het oog op het zuurstofgehalte van het water van groot belang om waterpartijen regelmatig te baggeren en te laten doorstromen. De watergangen in het stedelijk gebied/bebouwde kom worden gebaggerd door de gemeente. Hiervoor is in 2010 door het college van b&w een baggerplan vastgesteld. Bij het uitvoeren van baggerwerkzaamheden kan het voorkomen dat bepaalde vissen en amfibieën niet op tijd kunnen vluchten en zo met het baggeren op de kant terechtkomen. Hierover is in het baggerplan bepaald dat, voordat watergangen worden gebaggerd, door een ecoloog moet worden aangegeven met welke belangrijke ecologische aspecten ter plaatse rekening moet worden gehouden (zoals padden, waterplanten, vissen) Pagina van 59, 15 november

38 Voor watergangen met een belangrijke ecologische waarde wordt bepaald op welke wijze en in welke periode deze dienen te worden gebaggerd om zo min mogelijk schade aan de flora en fauna toe te brengen. De informatie wordt vervolgens opgenomen als randvoorwaarde in het bestek. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de randvoorwaarden zoals beschreven in de gedragscode Flora en Faunawet van de Unie van Waterschappen en de werkprotocollen die voor het Hoogheemraadschap zijn opgesteld. Hoewel het aspect dierenwelzijn op het gebied van baggeren voldoende geregeld/geborgd is, verdient het aanbeveling een eigen protocol op te stellen. Het protocol dat het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier gebruikt in het buitengebied kan hiervoor als grondslag worden gebruikt. Uitgangspunten voor dit protocol zouden kunnen zijn: het liefst in de periode van september tot en met november wordt gebaggerd, maar zeker niet in het voorjaar (paaitijd); het baggeren niet geschiedt bij watertemperatuur boven de 20 graden, omdat het baggeren leidt tot een dusdanige zuurstofonttrekking (door opwerveling) dat vissen het bij een hogere watertemperatuur niet zullen overleven; het baggeren geschiedt op een zodanige wijze dat vissen niet worden ingesloten maar de mogelijkheid hebben om te vluchten. Verder is het raadzaam duikers en rioleringen, die in directe verbinding staan met het open water, regelmatig schoon te maken Bevorderen vogels in de wijken Om de wijken en kernen in de gemeente leefbaarder te maken voor vogels kunnen tal van maatregelen worden bedacht. Zo kan samen met vogelwerkgroepen gewerkt worden, maar ook projectontwikkelaars kunnen hun steentje (of dakpan) bijdragen. Een goede impuls is zorgen voor nestgelegenheden voor vogels. Dit kan door middel van nestdakpannen maar ook door NME programma's zoals 'nestkasten timmeren'. Wormerland kan het goede voorbeeld geven door het plaatsen van nestkasten op alle gemeentelijke gebouwen. De gemeente Wormerland verder met elk aanvraagformulier voor een omgevingsvergunning voor het bouwen een folder mee te sturen over zwaluwdakpannen en huismussen om het aantal nestplaatsen binnen de gemeente Wormerland te bevorderen. De folder is tot stand gekomen in samenwerking met Gierzwaluwenwerkgroep afdeling Zaanstreek en de Werkgroep Stadsvogels van de Vogelbeschermingwacht 'Zaanstreek'6 Afbeelding: witte zwanen in gemeentelijk water Pagina van 59, 15 november

39 Aanbeveling 32: Meesturen folder gierzwaluwen en huismussen bij sloop en nieuwbouwplannen. Aanbeveling 33: Onderzoeken tijdelijk plaatsen waarschuwingsborden op bepaalde locaties voor bijvoorbeeld de paddentrek of overstekende eenden/ganzen. Aanbeveling 34: De gemeente Wormerland moet werken volgens de richtlijnen van de Flora- en Faunawet. Nagegaan zal worden wat de consequenties zijn, zowel organisatorisch als financieel, van het werken volgens een goedgekeurde gedragscode voor het openbaar groen. Aanbeveling 35: Evaluatie uitvoering beheer van het openbaar groen uitvoeren in relatie tot dierenwelzijn (effectmeting) bij actualisatie groenstructuurplan in 2013/2014. Aanbeveling 36: In 2013 een baggerprotocol opstellen voor het behoud vissen en amfibieën en dit toevoegen aan/opnemen in het gemeentelijk baggerplan. Aanbeveling 37: Stimuleren plaatsen van nestkasten in de woonwijken van de gemeente. De wijkcommissies hierin een actieve voorlichtingsrol in te geven Overlast door (wilde) dieren Algemeen In (de nabijheid van) de woonwijken en in het buitengebied kunnen groepen dieren leven waarvan overlast wordt ervaren. Het kan hierbij zowel gaan om ontsnapte of verwilderde dieren, zoals katten en konijnen of om dieren die in het wild leven, zoals ganzen of zwanen. Soms worden ook kleine zoogdieren bestreden omdat ze als schadelijk of hinderlijk zijn aangemerkt. Denk bijvoorbeeld aan de muis, de mol en de rat. Maar ook andere kleine zoogdieren zoals hazen en konijnen worden soms als schadelijk aangemerkt. Geen enkel dier is echter alleen maar schadelijk. Elk dier heeft een functie in het ecosysteem. Voorbeelden van verwilderde dieren/exoten Dierenplagen/overlast komt vaak voort uit verkeerd menselijk gedrag zoals het voeren van dieren en de aanwezigheid van zwerfvuil. Hierdoor kunnen de dieren zich goed handhaven op een plaats. De dieren planten zich voort en op een gegeven moment wordt de aanwezigheid van de dieren als overlast ervaren door bijvoorbeeld uitwerpselen, geluidsoverlast of verkeersgevaar. Voor de dieren zelf hoeft er helemaal geen sprake te zijn van overlast. Vaak hebben ze een redelijk goed bestaan. Onderstaand wordt nader ingegaan op een aantal specifieke diersoorten. Verwilderde katten Er wordt onderscheid gemaakt tussen verwilderde katten en zwerfkatten. Zwerfkatten zijn dieren die of een eigenaar (hebben) gehad of genoeg gesocialiseerd om alsnog bij Pagina van 59, 15 november

40 mensen thuis te worden herplaatst. Verwilderde katten zijn in het wild levende huiskatten zonder aanwijsbare (ex)eigenaar. Vaak ook in het wild (in de nabijheid van boerderij, op een industrieterrein etc.) geboren en niet (vaak) met mensen(handen) in aanraking geweest. Deze laatste categorie dieren zijn erg moeilijk plaatsbaar. De Dierenbescherming streeft er naar om bij in het wild levende populaties van verwilderde katten, deze te behandelen volgens de TNR procedure. Dat wil zeggen vangen (T > trap), castreren (N > neuter) en terugzetten op vindplaats (R > return). Alleen de Dierenbescherming heeft een landelijke ontheffing om dit TNR beleid van vangen en terugplaatsen toe te passen. Natuurlijk in overleg met grondeigenaar/terreinbeheerder. Op plaatsen waar veel verwilderde katten leven is dit vaak de enige doeltreffende en diervriendelijke manier om de overlast te beperken. De groep breidt zich niet uit, en er komen geen plaatsen vrij voor nieuwe rondzwervende dieren. In sommige gemeenten zijn verwilderde kattenpopulaties een probleem (bijvoorbeeld Texel, landelijk gebied Kop van Noord-Holland, havengebied Velsen). In de gemeente Wormerland is dit niet aan de orde. De gemeente Wormerland kan hierin een bijdrage door de Dierenbescherming voorlichting te laten geven over het nut en noodzaak van castratie of sterilisatie van katten. Soms is terugplaatsing niet mogelijk. Dan dient een andere plek gezocht te worden. In principe wordt euthanasie niet toegepast zonder dat een medische noodzaak aanwezig is. (Verwilderde) exoten Exotische dieren zijn dieren die niet van nature in Nederland voorkomen en in Nederland worden gehouden. Het gaat om diersoorten waarvan de in het wild levende exemplaren behoren tot de inheemse beschermde diersoorten, maar die vaak als huisdier gehouden worden. Gedacht moet worden aan spinnen, slangen, de Nijl- en Indische gans, de muskusrat. papegaaien, wasberen, waterschildpadden en parkieten. Zij worden soms gehouden als huisdier of in een dierentuin. Veel mensen realiseren zich niet dat de dieren hier niet thuishoren en hoe deze goed te verzorgen. Het verschil tussen een natuurlijke omgeving en een huiskamer is wel heel groot. Het welzijn van deze dieren kan daardoor ernstig geschaad worden. Dierentuinen hebben een vergunning waarin onder andere het welzijn van de dieren wordt geregeld. Bij de aanschaf van dit soort exotische huisdieren moet dus goed worden nagedacht. Zij kunnen goed overleven in Nederland, maar een dergelijke nieuwkomer kan het functioneren van het ecosysteem verstoren of een inheemse soort verdringen. Voorlichting kan helpen om te voorkomen dat dit soort dieren in het wild worden losgelaten. De Dierenbescherming zoekt eerst alternatieven, voordat ze overgaat tot het vangen en doden van dieren. Verder is preventie de beste oplossing. Dit kan door goede voorlichting, een goede keuze van bestrijdingsmiddelen en goede hygiëne. Botulisme In de warme zomer komt botulisme voor. Dit is een vergiftiging die onder andere bij Watervogels (eenden) en vissen voorkomt. Dieren krijgen botulisme door het eten van vliegenlarven of weefseldeeltjes die afkomstig zijn van dode, besmette dieren. De vergiftiging ontstaat door een bacterie (Clostridium botulinum) die een gif produceert, waardoor bij besmette dieren verlammingsverschijnselen optreden. Na een poosje raken ook de ademhalingsspieren verlamd, zodat het dier stikt. Zieke watervogels herkent men aan verlammingsverschijnselen aan kop, nek, vleugels en poten. De gemeente ruimt de dode dieren op en raadt inwoners aan niet in aanraking te komen met het water waarin zieke en dode dieren liggen om besmettingsgevaar te voorkomen. Bij vergiftigingsverschijnselen worden zieke vogels naar de vogelopvang worden gebracht. Hierover heeft de gemeente afspraken gemaakt met de dierenambulance Wilde dieren in het buitengebied In het buitengebied van de gemeente Wormerland wordt van oudsher gejaagd op specifieke diersoorten, zoals de vos, de wilde eend, de gans en het konijn. Het is belangrijk een onderscheid te maken (op basis van de Flora en Faunawet (verder: FFW) tussen jacht en schadebestrijding. De FFW noemt slechts 5 soorten, waarop mag worden gejaagd namelijk de haas, konijn, fazant, wilde eend en patrijs. De patrijs mag momenteel niet bejaagd worden. Bij alle andere dieren gaat het om schadebestrijding op basis van het fauna beheerplan. De provincie kan samen met de Fauna beheer eenheid besluiten tot regulerend Pagina van 59, 15 november

41 optreden op soorten zoals ganzen, vossen, damherten etc. Er bestaan ook landelijke vrijstellingslijsten van dieren die zonder afzonderlijke machtiging/vergunning van de provincie bestreden mogen worden. In het buitengebied van Wormerland is de ganzenoverlast momenteel een actueel probleem. Door over populatie van bepaalde soorten (onder meer de Canadese en de Grauwe Gans) ontstaat jaarlijks veel schade voor de landbouw en de natuur. De provincie werkt momenteel actief aan maatregelen om dit probleem te bestrijden, onder meer door vergunning te verlenen voor het afschieten. De wildbeheereenheden (WBE) worden door de provincie gebruikt om de uitvoering van schadebestrijding verantwoord en beheerst te laten plaats vinden. Jagers verlenen dus hulp bij het bestrijden van schade. In Wormerland zijn 2 WBE s actief, namelijk de WBE Wormer, Jisp en Neck (werkgebied Wormer- en Jisperveld) en de WBE Zaanstreek (werkgebied polders Engewormer en Wijdewormer). De beide WBE s werken nauw samen met andere organisaties in de Zaanstreek zoals de Vogelwacht etc. Afbeelding: ganzen nabij het viaduct A7 langs de Noorderweg Betrokken partijen Bij het faunabeheer zijn veel partijen betrokken, allemaal met een eigen taak en verantwoordelijkheid. Het ministerie van Economische zaken, Landbouw en Innovatie stelt de landelijke kaders en wetten vast. De provincie is belast met de vergunningverlening op grond van de Flora en Faunawet. Verder heeft de Faunabeheereenheid (FBE) een belangrijke taak in de uitvoering van faunabeheer en richt het Faunafonds zich op onderzoek en advies over het voorkomen en bestrijden van schade en het faunabeheer. Daarnaast compenseert het Faunafonds boeren voor de geleden schade. In bijlage 4 is ter kennisname een overzicht gevoegd van de verantwoordelijkheden, bevoegdheden, taken en rollen bij jacht, beheer en schadebestrijding in Nederland. Pagina van 59, 15 november

42 11.6 Taken en verantwoordelijkheden en beleidsuitgangspunten gemeente De provincie Noord-Holland is het bevoegd gezag voor de bestrijding van overlast door wilde dieren. Dit is onder meer juridisch geregeld in de Flora- en Faunawet. De gemeente speelt hierbij geen rol. Wel kan de gemeente bij constatering van overlast een signaalfunctie vervullen richting rijk en provincie. De gemeente is immers medeverantwoordelijk voor dieren in de openbare ruimte van de dorpskernen leven en wordt vaak door bewoners als eerste geattendeerd of geconfronteerd met klachten over overlast door dieren. De bevolking verwacht dat de gemeente iets tegen de (vermeende) overlast doet. Als algemeen uitgangspunt geldt dat het bestrijden van de dieren de laatste optie dient te zijn. Eerst moeten alternatieve oplossingen worden onderzocht, alvorens over te gaan tot het vangen en/of doden van de dieren. Indien er, na zorgvuldige en deskundige afweging, sprake is van ernstige, reële en aanzienlijke schade en/of gevaar voor mens en andere dieren én er zijn geen alternatieven, dan mogen als schadelijk aangemerkte dieren effectief en zo humaan mogelijk worden bestreden en/of gedood. Bestrijding moet gericht zijn op preventie, dus op het voorkomen dat dieren overlast veroorzaken. Met andere woorden: indien er sprake is van schade, dan dient er eerst gekeken te worden naar alternatieven ter voorkoming van die schade. Een preventieve bestrijdingsmethode is bijvoorbeeld de afscherming van een gebied of woning door onder andere afrastering, schrikdraad, omheining, afweernetten, horren of het dichtstoppen van kieren en gaten. Het gebruik van prikkeldraad wordt afgeraden omdat dieren zich hieraan kunnen verwonden. Bij voorkomende klachten wordt de dierenbescherming of de provincie advies gevraagd over het nemen van preventieve maatregelen. Het bestrijden van overlast van ratten, muizen en wespen of andere vormen van ongedierte in of nabij de woning is geen gemeentelijke taak. Hiervoor dienen inwoners een particulier bedrijf in te schakelen of bestrijdingsmiddelen te kopen. In de openbare ruimte onderneemt de gemeente indien sprake is van overlast zo nodig wel actie. Jacht, wildbeheer en schadebestrijding in het buitengebied. Bij dit onderwerp spelen tegenstrijdige belangen een rol wanneer het aankomt op dierenwelzijn. Dierenwelzijnsorganisaties stellen dat jacht en wildbeheer in strijd is met dierenwelzijn, terwijl de plaatselijke agrariërs en de natuurbeheerders in sommige gevallen juist pleiten voor regulering (via bijvoorbeeld afschot) omdat er sprake is van veel schade en overlast op hun terreinen. De gemeente Wormerland kiest er niet voor om jacht en wildbeheer in het buitengebied tegen te gaan voor zover het gaat om maatregelen die nodig zijn om schade voor de natuur en de landbouw te bestrijden. Zij volgt hierbij het beleid dat de provincie Noord-Holland hanteert. Het is de verantwoordelijkheid van de provincie om met de belangenverenigingen, zoals de Dierenbescherming, de wildbeheereenheden, de landbouw- en natuurorganisaties te overleggen en afspraken te maken welke vormen van jacht en wildbeheer zijn toegestaan in de gemeente. De gemeente Wormerland ziet daarom geen aanleiding op dit punt aanvullende regels op te stellen. Wel moet er op toe worden gezien dat bij de jacht de regels vanuit de openbare orde en veiligheid in acht worden genomen. Bij de gemeente zijn signalen bekend dat er af en toe dat jagers in de nabijheid van de woonkernen aan het werk zijn, wat met name voor naar schoolgaande kinderen en autoverkeer veiligheidrisico s of gevaar met zich mee kan brengen door rondvliegende kogels. In voorkomende gevallen in de toekomst zal hiervan melding worden gedaan bij het bestuur van de WBE. Voorgesteld wordt jaarlijks in overleg te gaan met de WBE s in Wormerland om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren. De gemeente zal de provincie (schriftelijk) aanmoedigen om regelmatig voorlichting te geven (via de media of via het organiseren van themabijeenkomsten) aan de inwoners en de lokale belangenverenigingen. Dit gebeurt op dit moment te weinig waardoor er soms Pagina van 59, 15 november

43 een onvolledig beeld ontstaat over de aanpak van de problematiek (bijv. ganzenbeheer). Het naar buiten toe uitdragen van een transparant beleid is hierbij een belangrijk uitgangspunt. Aanbeveling 38: In voorkomende gevallen van overlast van dieren en/of dierplagen wordt contact opgenomen met de Dierenbescherming of de provincie Noord-Holland. Daar waar overlastplekken gemeentegrensoverschrijdend zijn, is een goede coördinatie met buurgemeenten nodig. Het meldnummer van de Dierenbescherming vermelden op de website en in de gemeentegids. Aanbeveling 39 De provincie Noord-Holland te verzoeken de gemeente in de toekomst op de hoogte te brengen van de vergunningen die worden verleend voor de jacht en schadebestrijding in het buitengebied. Aanbeveling 40 Voorgesteld wordt jaarlijks in overleg te gaan met de WBE s in Wormerland om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren. Aanbeveling 41 Met de betrokken WBE s in de gemeente Wormerland afspraken maken over de wijze waarop in de nabijheid van woonkernen gejaagd wordt. Aanbeveling 42 De provincie Noord-Holland aanmoedigen om regelmatig voorlichting te geven (via de media of via het organiseren van themabijeenkomsten) aan de inwoners en de lokale belangenverenigingen in de gemeente of in de regio. Pagina van 59, 15 november

44 12.Rampenplan en dierenwelzijn. Een gemeente moet wettelijk eenmaal in de vier jaar een wettelijk rampenplan en rampenbeheersplan opstellen. Hierin zijn de maatregelen in geval van een ramp uitgewerkt. Ook is de gezamenlijke inzet van politie, brandweer en ambulancedienst hierin geregeld. Het rampenplan van de gemeente) is in 2008 door het college van B&W vastgesteld. Met een rampenplan wordt beoogd een inzichtelijke en voor de gemeente op maat gesneden rampenbestrijdingsorganisatie tot stand te brengen. Op grond van het rampenplan worden alle voorbereidingen getroffen, die nodig zijn om de oorzaak van een ramp of zwaar ongeval adequaat te bestrijden en de gevolgen voor mensen, dieren en/of goederen zoveel mogelijk te beperken. Hierbij wordt hulp aan slachtoffers zo effectief en snel mogelijk geboden en geldt als doel dat het dagelijks leefpatroon snel wordt hersteld. In Wormerland is hiervoor een draaiboek opgesteld, genaamd Opvang, verzorging en evacuatie van mens en dier. Ook ruimte en middelen ten behoeve van opvang van de te evacueren dieren in het dierenasiel is hierin geregeld. Verder is dierenambulance nauw betrokken bij het rampenplan. Gebleken is dat de samenwerking goed verloopt. Het draaiboek wordt in 2012 geactualiseerd. Uitgangspunten gemeentelijk draaiboek Voor kleine aantallen op te vangen kleine huisdieren c.q. transport van kleine huisdieren kan gebruik gemaakt worden van Zaanse Stichting Dierenzorg (omvat Dierenambulance en Dierenasiel) en Dierenambulance Purmerend (zie voor adressen bijlage VI); Voor grote aantallen op te vangen kleine huisdieren zal een sporthal moeten worden ingericht; Voor grote dieren moet de opvang en verzorging bij naburige agrarische bedrijven worden geregeld. Conclusie en aanbevelingen Conclusie is dat voor de evacuatie, opvang en verzorging van dieren bij rampen en calamiteiten in Wormerland het nodige is geregeld. Maar het kan altijd beter. Bij de actualisatie van het gemeentelijk draaiboek zou de Dierenbescherming Noord-Holland Noord advies gevraagd kunnen worden. Verder zou binnen de gemeentelijke rampenbestrijdingsorganisatie de ambtenaar, die primair aanspreekpunt is voor dierenwelzijn binnen de gemeentelijke organisatie, een (nader in te vullen) rol kunnen worden gegeven. Aanbeveling 43: Bij de actualisatie van het gemeentelijk rampendraaiboek de Dierenbescherming Noord-Holland Noord vooraf advies te vragen. Binnen de gemeentelijke rampenbestrijdingsorganisatie de ambtenaar, die primair aanspreekpunt is voor dierenwelzijn binnen de gemeentelijke organisatie, een (nader in te vullen) rol te geven. Pagina van 59, 15 november

45 13. Regie gemeente, samenwerking, communicatie en middelen Uitvoering taken gemeente Wormerland De uitvoering van de verschillende beleid- en uitvoeringstaken op het gebied van dierenwelzijn is verdeeld/verkokerd binnen de vakafdelingen bij OVER-gemeenten. Hieronder wordt een overzicht gegeven: Beleid en Regie Financiën Uitvoering en regie van beleid dierenwelzijn, subsidies. Heffing gemeentelijke leges Hondenbelasting Gebied en Wijkzaken Openbare ruimte, Groen en stedelijk waterbeheer Bedrijfsvoering/ Dienstverlening Beleid en Management ondersteuning Vergunningverlening APV en WABO en heffing Advisering (bijzondere) wetgeving en communicatie Milieudienst Waterland Milieu Algemeen, Botulisme Er ontbreekt een coördinatiepunt. Bestuurlijk is dat inmiddels opgelost door dierenwelzijn op te nemen in de portefeuille van wethouder De Groot. Ambtelijk moet er nog een centraal aanspreekpunt zijn voor het dierenwelzijn, waar collega-ambtenaren binnen OVER - gemeenten, inwoners, organisaties of bedrijven terecht kunnen bij klachten of vragen. Voorgesteld wordt hiertoe een medewerker van de afdeling Beleid en Regie aan te wijzen. Via het callcenter en de website wordt gezorgd dat dit aanspreekpunt goed bereikbaar is. De verwachting is dat de werkzaamheden van het ambtelijk aanspreekpunt enkele uren per week kosten. Iedere sector blijft verantwoordelijk voor het beleid en de uitvoering ervan binnen het eigen domein. Duidelijk is dat niet alle processen geheel uitgekristalliseerd zijn tussen de vakafdelingen. Hier wordt de komende tijd op ingezet om duidelijk de verantwoordelijkheden te verdelen tussen de sectoren. Aanbeveling 44: Dierenwelzijn in Wormerland tot vast beleid maken. Geadviseerd wordt om naast een wethouder ook een contactambtenaar voor alle zaken die met dierenwelzijnsamenhangen aan te wijzen. Aanbeveling 45: Het aanspreekpunt dierenwelzijn (contactpersoon afdeling Beleid en Regie) bekend maken via de website en bij de front office. Aanbeveling 46: De rollen en verantwoordelijkheden ten aanzien van het Integraal Dierenwelzijnsbeleid binnen OVER- gemeenten nader verduidelijken en uitwerken Samenwerken met organisaties en buurgemeente Zaanstad De gemeente Wormerland kan niet alles zelf doen op het gebied van dierenwelzijn. Samenwerking met andere organisaties is noodzakelijk. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het dierenasiel, de dierenambulance, de dierenbescherming, milieudefensie en overige natuurorganisaties in de gemeente Wormerland. Gezamenlijk moet tot ideeën worden gekomen om het onderwerp dierenwelzijn verder uit te werken. De Dierenbescherming afd. Noord-Holland organiseert al vele jaren zogenaamde ketenpartner overleggen per werkgebied organiseert (werkgebied met betrekking tot de functionerende dierenopvangcentra en ambulances). De Dierenbescherming is zowel initiatiefnemer om partijen bijeen te brengen, als organisator. Pagina van 59, 15 november

46 Aanbeveling 47: Gemeente Wormerland sluit zo snel als mogelijk aan bij het Zaanse en Waterlandse Ketenoverleg van de Dierenbescherming. Aanbeveling 48: Deze nota ter kennis te brengen van de buurgemeenten Voorlichting Voorlichting is belangrijk om het dierenwelzijn te bevorderen. Hierdoor wordt kennis verspreid over gezondheid en welzijn van dieren. De gemeente Wormerland kan zo op een relatief eenvoudige wijze al een bijdrage leveren aan een beter welzijn van dieren. De gemeente wil voor communicatie en voorlichting een platform bieden voor instanties die informatie willen verstrekken. In het kader van de maatschappelijke stages zouden leerlingen/studenten kunnen worden gevraagd een geschikte vorm van sociale media te bedenken, waarop locale organisaties en inwoners van de gemeente op interactieve manier informatie kunnen uitwisselen over actuele ontwikkelingen of zaken rond dierenwelzijn in de gemeente Wormerland. Verder zou in overleg met de gemeenten Zaanstad en Purmerend een overkoepelende dierenagenda kunnen worden gemaakt met alle data van bijeenkomsten of evenementen waar dieren bij betrokken zijn. Alle dierenorganisaties kunnen hier hun bijdrage aan leveren (bijvoorbeeld 4 oktober dierendag, kinderboerderijenweekend en de open dagen van het dierenasiel). Aanbeveling 49: Regelmatig voorlichting geven in de krant en op website over onderwerpen en actuele ontwikkelingen op het gebied van dierenwelzijn. Aanbeveling 50: De mogelijkheden laten onderzoeken een geschikte vorm van sociale media te bedenken, waarop locale organisaties en inwoners van de gemeente op interactieve manier informatie kunnen uitwisselen over actuele ontwikkelingen of zaken rond dierenwelzijn in de gemeente Wormerland. Aanbeveling 51: De Gemeentegids voorzien van alle in de deze nota genoemde overheidsinstanties op het gebied van dierenwelzijn. Aanbeveling 52: De jaarlijkse activiteiten in Wormerland op het gebied van Dierenwelzijn laten opnemen in de Dierenagenda Zaanstreek Financiën en organisatie Kanttekeningen Het is moeilijk om in een tijd van bezuinigingen waarin gekort wordt op de financiën en de personele formatie, waarbij de bestuurlijke voorkeur uitgaat naar beleidsuitvoering boven die van beleidsontwikkeling, een nota dierenwelzijn te presenteren. Echter de nota dierenwelzijn is er vooral op gericht om met elkaar de uitgangspunten vast te stellen voor het dierenwelzijnsbeleid in Wormerland. Verder is er ingezoomd op die witte vlekken die voor een groot deel voor een groot deel gewoon meegenomen kunnen worden binnen de reguliere werkzaamheden, budgetten en formatie. In dit voorstel staan twee punten die structureel financiële gevolgen hebben,namelijk: het verstrekken van vergoedingen aan de organisaties die de opvang van konijnen en knaagdieren en vogels voor hun rekening nemen waardoor de gemeente haar wettelijke verplichtingen nakomt; geld voor het opzetten van een goed communicatienetwerk ( opzet nieuwe website etc.) De personele gevolgen voor de afhandeling van de aanbevelingen en acties die in de conceptnota zijn opgenomen zijn beperkt omdat het merendeel van de Pagina van 59, 15 november

47 aanbevelingen/acties te beschouwen zijn als incidentele / kleine activiteiten) binnen het reguliere werk. (bijvoorbeeld het aanpassen van APV en het verstrekken van voorlichting in de gemeentegids).in de voortgangrapportage 2012 wordt aangegeven wanneer welke aanbeveling/acties wordt opgepakt of uitgevoerd. Voorstel voor aanpassing begroting 2012 (structureel): Soort investering bedrag Nieuwe vergoedingen Vogelasiel en Knaagdierencentrum voor uitvoering diensten gemeente 2500 Communicatie etc Totaal 4000 Incidenteel (uit lopende begroting) Bebording honden realiseren 500 Aanbeveling 53: Vanaf 2013 structureel een bedrag van 4000 opvoeren op de gemeentebegroting voor het uitvoeren van de taken op het gebied van dierenwelzijn. Pagina van 59, 15 november

48 14. Slotwoord. De gemeente Wormerland erkent met het opstellen van deze nota in de toekomst het dierenwelzijn als een van de taken van de gemeente. Het gaat hier overigens niet om een nieuwe taak maar om de uitvoering van een reeds bestaande taak. In deze nota wordt uiteengezet: welke taken de gemeente nu uitvoert op het gebied van dierenwelzijn; welke wettelijke rol de gemeente speelt bij de uitvoering; van deze taken; wat de visie is en/of welke uitgangspunten de gemeente hanteert voor het te voeren gemeentelijke beleid; hoe bij de uitvoering van de gemeentelijke taken nog een verbeterslag kan worden gemaakt. Wormerland doet al veel aan beleid voor het welzijn van dieren. Wel blijkt dat het beleid verdeeld is over veel afdelingen. Daardoor is niet echt duidelijk wat het gemeentebeleid is. Deze Kadernota Integraal Dierenwelzijn geeft de kaders van waaruit het gemeentelijk dierenwelzijnbeleid gevoerd wordt. Vanuit deze kaders is het dan eenvoudig om de witte vlekken boven tafel te krijgen. Deze worden als aanbevelingen/acties aangegeven. Aan het eind van een paragraaf wordt de beoogde actie vermeld. In een tijdperk van bezuinigingen worden de acties beperkt door het feit dat er weinig middelen beschikbaar zijn. Gelukkig zijn een aantal acties mee te nemen met het reguliere werk. Het enige wat wettelijk wel dient te geschieden is het verstrekken van een jaarlijkse financiële tegemoetkoming van voor de diensten van het vogelopvangcentrum en het konijnen- en knaagdierencentrum. Zaken die nog ontbreken of waar nog een verbeterslag in gemaakt kan worden zijn: a. een goede voorlichting en een goede communicatie naar de inwoners en belanghebbenden in de gemeente; b. een centraal contactpersoon/aanspreekpunt in de gemeente; c. een (lokale of regionale) overlegstructuur. Verder zou op het gebied van de handhaving en toezicht van regels (bijvoorbeeld aanlijngebod voor honden en uitvoering flora en faunawet) stringenter kunnen worden toegezien. Deze nota kan worden gebruikt voor het vormen van een mening hoe verder moet worden omgegaan met dierenwelzijn. Dit vormt een eerste stap in de richting van een volwassen dierenwelzijnsbeleid. In deze nota worden hiertoe een aantal uitgangspunten en aanbevelingen geformuleerd. Het is aan de politiek/raad hier uiteindelijk keuzes te maken. Daar wordt bepaald hoe het uiteindelijke beleid eruit komt te zien. Pagina van 59, 15 november

49 Bijlage 1.Samenvatting acties en aanbevelingen Onderstaand treft u een overzicht aan van de aanbevelingen die in deze nota worden gedaan. Het betreft deels actiepunten die nog nadere uitwerking behoeven en deels uitgangspunten die de basis vormen voor het te voeren beleid. Via jaarlijkse voortgangsrapportages wordt het gemeentebestuur over de uitwerking van de actiepunten verslag gedaan. Aanbeveling 1: In te stemmen met de genoemde uitgangspunten voor het te voeren beleid op het gebied van dierenwelzijn in de gemeente Wormerland. Aanbeveling 2: De gemeente een actievere rol laten spelen op het gebied van dierenwelzijn door: a. Op de gemeentelijke website en in de gemeentegids de contactgegevens te plaatsen van de AID en de LID (voor klachten over landbouwhuisdieren) en de Dierenbescherming afdeling Noord-Holland Noord (voor mishandeling en verwaarlozing van gezelschapsdieren) b. In noodgevallen de gemeentelijke BOA en de politie goed in te zetten. De bestaande afspraken worden op dit punt nagegaan. Aanbeveling 3: Via voorlichting aan de burgers (website, gemeentegids etc.) duidelijk maken dat bij klachten met betrekking tot verwaarlozing of mishandeling (waaronder het onthouden van noodzakelijke medische zorg) van bedrijfsmatig gehouden landbouwhuisdieren (dierenwelzijn in het weidegebied), de Algemene Inspectiedienst gebeld moet worden. Aanbeveling 4: Uitvoeringsovereenkomsten opstellen met de organisaties die de wettelijke zorgtaken van de gemeente Wormerland voor de opvang van gezelschapsdieren in nood (honden en katten, konijnen en knaagdieren en vogels) uitvoeren en aan deze instanties jaarlijks een nader te bepalen financiële ondersteuning van hun activiteiten te verstrekken. Aanbeveling 5: De genoemde organisaties benaderen om (incidenteel) voorlichting te geven aan burgers/instellingen in Wormerland over hoe wilde vogels en dieren te beschermen, verzorgen en opvangen Aanbeveling 6: Dierenpensions, de kinderboerderij en andere lokale bedrijven in Wormerland (zoals maneges en dierenpensions) schriftelijk aanmoedigen deel te nemen aan de landelijke certificering. Aanbeveling 7: Impulsaankopen van huisdieren door inwoners preventief voorkomen door: op de gemeentelijke website naar andere sites te verwijzen waar inwoners informatie kunnen vinden over de verzorging die het aan te kopen dier nodig heeft; regelmatig op de gemeentepagina in de Zaankanter aandacht te besteden aan de aanschaf en het houden van dieren; aan dierenspeciaalzaak Rentenaar in Wormer te vragen bij de verkoop van dieren voorlichting te verstrekken aan klanten. Aanbeveling 8: Identificatie en registratie via het chippen van gewervelde huisdieren te stimuleren (o.a. honden en katten) door middel van het geven van voorlichting door het Dierenasiel en de dierenbescherming in de plaatselijke media van Pagina van 59, 15 november

50 Wormerland en de mogelijkheden te onderzoeken het chippen van huisdieren in de APV verplicht te stellen. Aanbeveling 9: Voorlichting verstrekken in o.a. de gemeentegids en de gemeentelijke website over het terugvinden van huisdieren en hierin het centrale telefoonnummer te vermelden. Aanbeveling 10: Stimuleren dat de dierenasielen in de regio de her te plaatsen dieren op de landelijke website met foto aanbieden. Aanbeveling 11: Op de website en via (bestaand) foldermateriaal aandacht besteden aan bestrijding van hondenpoepoverlast. Aanbeveling 12: Bebording plaatsen bij de verboden gebieden (rood) en losloopgebieden (groen) voor. Aanbeveling 13: Een overzichtkaart maken waarop de locaties/gebieden worden vermeld waar honden vrij mogen loslopen en waar deze verboden zijn en deze kaart op de website plaatsen. Aanbeveling 14: Bevorderen van actieve voorlichting over de consequenties van de aanschaf van een hond en het volgen van gedragscursussen in verband met de veiligheid op straat en vooral om een goede baas- hond verhouding te bevorderen. Aanbeveling 15: Bij herhaald probleemgedrag van de hond de eigenaar van de hond verplicht een Sociaal Honden Vaardigheidsbewijs te halen. Deze verplichting in de APV opnemen. Aanbeveling 16: De gemeente onderzoekt in overleg met het bestuur van de Stichting en de dierenbescherming de (on)mogelijkheden om het dierenwelzijn nog verder te verbeteren bij de kinderboerderij in Wormer. Aanbeveling 17: Kinderboerderij het Weidje spant zich in voor 1 januari 2014 het SKBM keurmerk Goed voor elkaar te behalen. Aanbeveling 18: Jaarlijks een overleg organiseren met de lokale organisaties in Wormerland die direct of indirect betrokken zijn bij dierenwelzijn. Aanbeveling 19: De kinderboerderij treedt in contact met de Stichting Zeldzame Huisdierrassen en lokale en regionale fokverenigingen om de mogelijkheid te onderzoeken de kinderboerderij van zeldzame dan wel oorspronkelijke huisdierrassen te voorzien voor recreatieve en educatieve doeleinden. Aanbeveling 20: De gemeente stelt geen aanvullende regels ten aanzien van de sport- en de beroepsvisserij. Wel moedigt zij de hengelsport en de beroepsvisserijvereniging aan op een diervriendelijke manier met vissen om te gaan en hierover verplichte voorlichting en educatie aan leden te blijven geven. Pagina van 59, 15 november

51 Aanbeveling 21: Jaarlijks een overleg te houden met de HVZ en de beroepsvisserijvereniging te overleggen om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren. Aanbeveling 22: De verenigingen in Wormerland waar dieren worden getraind(zoals maneges, paardenhouderijen en kynologenclub) schriftelijk erop te wijzen dat zij bij het uitvoeren van hun activiteiten de genoemde algemene drempel normen op het gebied van dierenwelzijn moeten aanhouden. Aanbeveling 23: De gemeente Wormerland is van mening dat bijvoorbeeld kamelen of olifanten niet in een winkelstraat thuishoren. Daarbij kan bij deze evenementen ook de veiligheid van personen en goederen en de openbare zedelijkheid of gezondheid in het geding komen. De gemeente zal daarom in voorkomende gevallen geen vergunning afgeven voor evenementen met dieren. Aanbeveling 24: In de APV een aparte weigeringgrond formuleren over het gebruik van (wilde) dieren ter vermaak met name in circussen. Aanbeveling 25: Als een levende kerststal onderdeel is van een evenement, zullen aan de evenementenvergunning voorwaarden worden gesteld. Aanbeveling 26: In overleg met de LTO nadere afspraken maken over hoe de bouw van diervriendelijke dierenverblijven (bijvoorbeeld MDV stallen) in de landbouw, paardenhouderij en veeteelt in Wormerland kan worden gestimuleerd. Aanbeveling 27: Door middel van voorlichting paardenhouders en maneges wijzen op de uitgangspunten van de Dierenbescherming en deze nota Dierenwelzijn. Aanbeveling 28: In de nieuwe structuurvisie van Wormerland beleid te formuleren over het (tijdelijk) plaatsen van schuilstallen. Aanbeveling 29: Standaard schuilstallen laten ontwerpen door een beeldend kunstenaar al of niet in samenwerking met een technisch ontwerper om een unieke, bij het Zaanse landschap passende schuilstal te realiseren. Eventueel als examenwerkstuk aanbieden aan een (design)academie. Aanbeveling 30: In overleg met de Landschap Waterland en de buurgemeenten de mogelijkheden onderzoeken het ruiterroutenetwerk verder te optimaliseren dan wel de verouderde paden te vernieuwen. Aanbeveling 31: Onderzoeken hoe de vestiging te ontmoedigen van bedrijven die werken met proefdieren, bijvoorbeeld via het grondverkoopbeleid. Aanbeveling 32: Meesturen folder gierzwaluwen en huismussen bij sloop en nieuwbouwplannen. Aanbeveling 33: Onderzoeken mogelijkheid voor het tijdelijk plaatsen waarschuwingsborden op bepaalde locaties voor bijvoorbeeld de paddentrek of overstekende Pagina van 59, 15 november

52 eenden/ganzen. Aanbeveling 34: De gemeente Wormerland moet werken volgens de richtlijnen van de Flora- en Faunawet. Nagegaan zal worden wat de consequenties zijn, zowel organisatorisch als financieel, van het werken volgens een goedgekeurde gedragscode voor het openbaar groen. Aanbeveling 35: Evaluatie uitvoering beheer van het openbaar groen uitvoeren in relatie tot dierenwelzijn (effectmeting) bij actualisatie groenstructuurplan in 2013/2014. Aanbeveling 36: In 2013 een baggerprotocol opstellen voor het behoud vissen en amfibieën en dit toevoegen aan/opnemen in het gemeentelijk baggerplan. Aanbeveling 37: Stimuleren plaatsen van nestkasten in de woonwijken van de gemeente. De wijkcommissies hierin een actieve voorlichtingsrol in te geven. Aanbeveling 38: In voorkomende gevallen van overlast van dieren en/of dierplagen wordt contact opgenomen met de Dierenbescherming of de provincie Noord-Holland. Daar waar overlastplekken gemeentegrensoverschrijdend zijn, is een goede coördinatie met buurgemeenten nodig. Het meldnummer van de Dierenbescherming vermelden op de website en in de gemeentegids. Aanbeveling 39 : De provincie Noord-Holland te verzoeken de gemeente in de toekomst op de hoogte te brengen van de vergunningen die worden verleend voor de jacht en schadebestrijding in het buitengebied. Aanbeveling 40: Jaarlijks in overleg te gaan met de WBE s in Wormerland om elkaar bij te praten over nieuwe ontwikkelingen en mogelijke knelpunten te signaleren Aanbeveling 41: Met de betrokken WBE s in de gemeente Wormerland afspraken maken over de wijze waarop in de nabijheid van woonkernen gejaagd wordt. Aanbeveling 42: De provincie Noord-Holland aanmoedigen om regelmatig voorlichting te geven (via de media of via het organiseren van themabijeenkomsten) aan de inwoners en de lokale belangenverenigingen in de gemeente of in de regio. Aanbeveling 43: Bij de actualisatie van het gemeentelijk rampendraaiboek de Dierenbescherming Noord-Holland Noord vooraf advies te vragen. Binnen de gemeentelijke rampenbestrijdingsorganisatie de ambtenaar, die primair aanspreekpunt is voor dierenwelzijn binnen de gemeentelijke organisatie, een (nader in te vullen) rol te geven. Aanbeveling 44: Dierenwelzijn in Wormerland tot vast beleid maken. Geadviseerd wordt om naast een wethouder ook een contactambtenaar voor alle zaken die met dierenwelzijnsamenhangen aan te wijzen. Aanbeveling 45: Het aanspreekpunt dierenwelzijn (contactpersoon afdeling Beleid en Regie) bekend maken via de website en bij de front office. Pagina van 59, 15 november

53 Aanbeveling 46: De rollen en verantwoordelijkheden ten aanzien van het Integraal Dierenwelzijnsbeleid binnen OVER- gemeenten nader verduidelijken en uitwerken. Aanbeveling 47: De gemeente Wormerland sluit zo snel als mogelijk aan bij het Zaanse en Waterlandse Ketenoverleg van de Dierenbescherming. Aanbeveling 48: Deze nota ter kennis te brengen van de buurgemeenten. Aanbeveling 49: Regelmatig voorlichting geven in de krant en op website over onderwerpen en actuele ontwikkelingen op het gebied van dierenwelzijn. Aanbeveling 50: De mogelijkheden laten onderzoeken een geschikte vorm van sociale media te bedenken, waarop locale organisaties en inwoners van de gemeente op interactieve manier informatie kunnen uitwisselen over actuele ontwikkelingen of zaken rond dierenwelzijn in de gemeente Wormerland. Aanbeveling 51: De Gemeentegids voorzien van alle in de deze nota genoemde overheidsinstanties op het gebied van dierenwelzijn. Aanbeveling 52: De jaarlijkse activiteiten in Wormerland op het gebied van Dierenwelzijn laten opnemen in de Dierenagenda Zaanstreek Aanbeveling 53: Vanaf 2013 structureel een bedrag van 4000 opvoeren op de gemeentebegroting voor het uitvoeren van de taken op het gebied van dierenwelzijn. Pagina van 59, 15 november

54 Bjlage 2 Overzicht Wormerland belangrijke instituten etc. voor dieren Dierenbescherming Noord-Holland Noord Adres: Kwakelkade 2 C, 1823 CK te Alkmaar. telefoonnummer: [email protected] Stichting Dierenambulance Kennemerland Correspondentieadres: Postbus 79, 1960 AB Heemskerk Tel , [email protected] Knaagdierencentrum Heiloo De Loet 3, 1851 CR Heiloo Tel , [email protected] Stichting Vogelopvangcentrum Zaanstreek Huidig adres: p.a. J. en A. van Briemen Busch 2, 1562 HH Krommenie Kynologenclub Zaanstreek IJmond Stichting Amivedi Nederland Website Visstand Beheercommissie (VBC) Noorderkwartier Zuid-Oost T.A.V.: Mevrouw M. van Veen secretaris, Dorpsstraat JG ASSENDELFT ZMCC Natuur en Milieubescherming te Zaandam Waterland IJ en Dijken te Purmerend Vereniging Natuurmonumenten, Zaanweg 70c Wormerveer Wildbeheereenheid Banne Wormer, Jisp en Neck, t.a.v. dhr. Dhr. Bob Visscher HVZ t.a.v. dhr. Ten Wolde, p/a/ Zuiderweg 72 te Wormer Stichting Kinderboerderij Wormer, p/a dhr. T. Mol, Wormer. LTO Noord p/a dhr. J. Willig Zuiderweg 39, Wijdewormer. Pagina van 59, 15 november

55 Bijlage 2a Afkortingenlijst AID Algemene Inspectiedienst AMvB Algemene Maatregel van Bestuur APV Algemeen Plaatselijke Verordening AWB Algemene Wet Bestuursrecht B&W College van Burgemeester en Wethouders DEC Dier Experimenten Commissie EU Europese Unie ELI Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. FDN Federatie Dierenambulances Nederland FFW Flora- en FaunaWet GS Gedeputeerde Staten van Noord-Holland GwwD Gezondheid- en welzijnswet voor Dieren HVZ Hengelsport Vereniging Zaanstreek LID Landelijke Inspectiedienst Dierenbescherming PM Pro Memorie ME Stichting Natuur & Milieu Educatie SKBN Stichting Kinderboerderijen Nederland SVZ Stichting Vogelopvang Zaanstreek VDZ Vereniging Dierenambulance Zaanstreek Wvw Wegenverkeerswet Wm Wet milieubeheer VOND Vereniging van Opvangcentra van Niet-gedomesticeerde Dieren WOD Wet Op de Dierproeven ZNMC Zaans Natuur & Milieu Centrum ZNMO Zaanse Natuur en Milieu Overleg ZSD Zaanse Stichting Dierenzorg LTO Land-en Tuinbouworganisatie AmVB Algemene Maatregel van Bestuur OM Openbaar Ministerie BOA Bijzonder Opsporingsambtenaar KC Konijnen en Knaagdierencentrum Heiloo VOCZ Vogelopvangcentrum Krommenie REDD Dierenopvangcentra Dierenbescherming HAS Hogere Agrarische School VMK, Vakgroep Medewerkers Kinderboerderijen VBC Visstand beheercommissie HHNK Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier EHS Ecologische Hoofdstructuur FEI Fédération Equestre Internationale KNHS Koninklijke Nederlandse Hippische Sportfederatie SRP Sectorraad Paardenhouderij NB-wet Natuurbeschermingswert TNR Vangen, Castreren en Terugplaatsen FBE Fauna Beheereenheid WBE Wild beheereenheid Pagina van 59, 15 november

56 Bijlage 2b Literatuurlijst en websites Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid. Dierenbescherming, 2008 Ascione, F.R., Weber, C.V. Thompson, T.M., Heath, J., Maruyama, M., & Hayashi, K (2007). Battered pets and domestic violence: Animal abuse reported by women experiencing intimate violence and by non-abused women. Violence Against Women, 13: Enders-Slegers, M.J., & Janssen, M. (2009). Cirkel van geweld. Verbanden tussen dierenmishandeling en huiselijk geweld. Amsterdam: Stichting DierZijn. Enders-Slegers, M.J. Een leven lang goed gezelschap : empirisch onderzoek naar de betekenis van gezelschapsdieren voor de kwaliteit van leven van ouderen, 2000 Proefschrift Universiteit Utrecht Keulartz, F.W.J. en J.A.A. Swart De intrinsieke waarde van dieren in performance praktijken.wageningen, 2009 Nota Beleid en aanpak van schade of overlast door dieren in de openbare ruimte. Gemeente Amsterdam Rijk, Hans de. Kinderboerderijen en Dierenwelzijn. PPT, Schuilstallen in het buitengebied. (2009) Brochure van Dierenbescherming, Nederlandse Vereniging van Hobbydierhouders, Landelijk Kennisnetwerk Levende Have Collegeprogramma gemeente Wormerland, april 2010 Algemene Plaatselijke Verordening (APV), gemeente Wormerland. Goede raad is duurzaam, ZNMO, Zaanse Natuur en Milieu Overleg, voorjaar Dierenwelzijn in provincie en gemeente, het juridische kader Websites http//www. ik heb baas.nl Pagina van 59, 15 november

57 Bijlage 3 Overzicht verantwoordelijkheden, bevoegdheden, taken en rollen bij jacht, beheer en schadebestrijding in Nederland. Wet- en regelgeving Het kader voor de Natuurwetgeving in Nederland omvat de Boswet, de Natuurschoonwet, de Flora- en faunawet en de Natuurbeschermingswet. In april 2002 is de Flora- en faunawet (FF-wet) van kracht geworden. De Natuurbeschermingswet 1998 (NB-wet) is in 2005 volledig van kracht geworden. Doel van de FF-wet: de gunstige staat van soorten en hun leefgebieden in stand houden. Doel van de NB-wet: de gunstige staat van leefgebieden (Natura 2000 gebieden) van specifieke soorten in stand houden Beide wetten hebben bescherming als uitgangspunt op basis van het nee, tenzij beginsel. Jacht, beheer en schadebestrijding is bepaald in de FF-wet en valt onder de reikwijdte van de NB-wet. Jacht, beheer en schadebestrijding in de Flora- en faunawet. Het nee, tenzij beginsel is in de FF-wet in hoofdzaak vertaald in verbodsbepalingen (art. 8 t/m 14). Bijvoorbeeld het verstoren, verontrusten, vangen en doden van dieren is als verbod bepaald. Om deze in beginsel verboden handelingen te kunnen verrichten, zijn bepalingen voor vrijstelling, aanwijzing en ontheffing opgenomen in de artikelen 65, 67, 68 en 75. Artikel 65 (vrijstelling), 67 (aanwijzing) en 68 (ontheffing) betreffen activiteiten die direct invloed hebben op soorten zoals verstoren en doden van dieren. Artikel 75 betreft activiteiten die indirect invloed hebben op soorten zoals het verontrusten en vernielen van vaste rust en verblijfplaatsen van dieren. Wat de jacht betreft zijn inde FFwet6 soorten, de wildsoorten, opgenomen waarop de jacht geopend kan worden. Dit houdt in dat in de genoemde jachtperioden het verbod tot opsporen, vangen, bemachtigen en doden van deze soorten niet van kracht is. Wel blijven in de jachtperioden de verboden van kracht voor de andere beschermde soorten. Een vrijstelling, aanwijzing of ontheffing kan verleend worden op grond van de genoemde belangen in artikel 68 of 75 en/of het bij AMvB bepaalde. De grondgebruiker of wettelijk verantwoordelijke is primair de belanghebbende waar het de genoemde belangen betreft. Een aanvraag voor een ontheffing van een verbod wordt primair door de belanghebbende gedaan. Hierdoor is de belanghebbende niet eenvoudig te benoemen als persoon of organisatie. Daarbij komt dat ook de wettelijke verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken op verschillende niveaus en bij verschillende organisaties zijn ondergebracht. Voor het Faunadossier is het hierom belangrijk de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken en bevoegdheden op hoofdlijnen goed duidelijk te hebben en tevens de rollen van belanghebbende organisaties te kennen. Pagina van 59, 15 november

58 Overzicht; verantwoordelijkheden, bevoegdheden, taken en rollen van verschillende partijen Het Rijk De minister van ELI (voorheen LNV) is verantwoordelijk voor de gunstige staat van instandhouding van soorten en hun leefgebieden. De instrumenten daarvoor beschikbaar zijn de FF- wet en de NB-wet en daarmee samenhangend de Boswet en Natuurschoonwet. Tevens is er rijksbeleid en zijn er besluiten gericht op de gunstige staat van instandhouding van soorten zoals ganzenbeleid, beleid wilde zwijnen, exotenbeleid, besluit beheer en schadebestrijding, besluit faunabeheer, vrijstellingbesluit en daarmee samenhangend ook beleid o.a. betreffende veterinaire aspecten, dierenwelzijn, grote grazers, jaarrond beschermde nesten. Het ministerie is zelf verantwoordelijk voor de uitvoering van de Flora en Faunawet en daarvoor ook bevoegd gezag (zowel beoordeling als handhaving). Gedeputeerde Staten (GS) is verantwoordelijk voor het planmatig duurzaam faunabeheer en schadebestrijding en hiervoor ook bevoegd gezag (zowel beoordeling als handhaving). De Provincie De provincie maakt in het kader van het planmatig duurzaam faunabeheer en de schadebestrijding beleid en regels. Gedeputeerde Staten (GS) legt dit beleid vast in een verordening. Het faunabeleid en de verordening zijn de kaders waarbinnen faunabeheer en schadebestrijding moet worden uitgevoerd (jacht op de zes wildsoorten, landelijke vrijstelling en artikel 75 ontheffingen vallen hier in beginsel buiten). Om invulling te geven aan deze taak, erkend GS op grond van artikel 29 FF- wet een faunabeheereenheid als samenwerkingsverband van jachthouders. De volgende organisaties nemen zitting in de FBE: De terreinbeherende organisaties,( Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en Landschappen) Jagersverenigingen (KNJV en NOJG), Land en Tuinbouworganisatie (LTO s), particulier grondbezit (FPG) en in bijzonder de gemeenten. Een door GS goedgekeurd faunabeheerplan heeft de status van beleidsregel. Faunabeheerplannen worden wettelijk in beginsel opgesteld door de Faunabeheereenheid. GS zijn verantwoordelijk voor de handhaving en het toezicht op de naleving van de voorschriften. De jachthouders De samenwerkende jachthouders in de Faunabeheereenheid (FBE): De FBE heeft de taak beheer van diersoorten of de bestrijding van schade aangericht door dieren in haar beheergebied. Deze taak wordt uitgevoerd in het beheergebied waarover zich de zorg van de FBE uitstrekt. De samenwerkende jachthouders in de FBE hebben dus de wettelijke taak beheren van diersoorten en bestrijden van schade aangericht door dieren in het werkgebied van de FBE op grond van een ontheffing of aanwijzing al dan niet op basis van een faunabeheerplan. De samenwerkende jacht(akte)houders in een wildbeheereenheid (WBE) (artikel 1 FF-wet); Pagina van 59, 15 november

59 De WBE is een wettelijk gedefinieerd samenwerkingsverband wat als doel heeft te bevorderen dat jacht, beheer en schadebestrijding, al dan niet ter uitvoering van het door de faunabeheereenheid opgestelde faunabeheerplan, wordt uitgevoerd mede in samenwerking met en mede ten dienste van grondgebruikers of terreinbeheerders De individuele jachthouder (artikel 33 en 34 FF-wet) De jachthouder is in overeenstemming met artikel 33 en 34 FF- wet gerechtigd tot het gehele of gedeeltelijk genot van de jacht. De jachthouder is op grond van artikel 27 FF-wet verplicht datgene te doen wat een goed jachthouder betaamt om een redelijke stand van het in zijn jachtveld aanwezige wild te handhaven dan wel, bij het ontbreken daarvan, te bereiken en om schade door in zijn jachtveld aanwezig wild te voorkomen. De jachthouder is tevens een persoon met een jachtakte die gerechtigd is op basis van een schriftelijke toestemming van de grondgebruiker handelingen te verrichten op grond van een landelijke of provinciale vrijstelling (art 65 FF-wet)of ontheffing van de artikelen 9, 10, 11 en 12 FF-wet al dan niet op basis van een aanwijzing(art 67 FF-wet) of ontheffing art 68 FF-wet). Jachthouders Partijen of organisaties die niet zijn aangesloten bij of vertegenwoordigd zijn in de FBE en als taak hebben het beheer van diersoorten of de bestrijding van schade aangericht door dieren in een provincie maar buiten het werkgebied van de FBE. Zij beheren en/of bestrijden schade op grond van een ontheffing of aanwijzing al dan niet op basis van een faunabeheerplan. Grondgebruikers Degene die gerechtigd is de grond te gebruiken, hetzij als eigenaar, hetzij krachtens een beperkt recht, hetzij krachtens een pachtovereenkomst. (artikel 1 van de De grondgebruiker heeft als verantwoordelijkheid dat als er schade is of dreigt en als deze bestreden dient te worden er conform landelijke/provinciale vrijstelling provinciale aanwijzing, faunabeheerplan of ontheffing met bijbehorende voorwaarden van GS preventief gehandeld moet worden (prioriteit voorkomen voorafgaand aan beperken conform zorgplichtbeginsel FF wet). Tevens kan de grondgebruiker dit door anderen doen laten uitoefenen door middel van een schriftelijke toestemming beheer en schadebestrijding afgeven aan de jachthouder en/of jachtaktehouder(art65 lid 6) en deze is gerechtigd, behalve de middelen, bedoeld in artikel 72, eerste lid, tevens de middelen te gebruiken waarvan hem het gebruik is toegestaan. De grondgebruiker heeft voor zo ver er geen sprake is van een aanwijzing (bijvoorbeeld bestrijding muskusrat) het recht om geen gebruik te maken van een vrijstelling of ontheffing. Pagina van 59, 15 november

Nota Dierenwelzijn Oostzaan. De zorg voor het dier begint bij de mens

Nota Dierenwelzijn Oostzaan. De zorg voor het dier begint bij de mens Nota Dierenwelzijn Oostzaan De zorg voor het dier begint bij de mens Voorwoord Onder het motto de zorg voor het dier begint bij de mens, bieden wij u hierbij de nota dierenwelzijn voor de gemeente Oostzaan

Nadere informatie

OVERZICHTSNOTITIE GEMEENTELIJK DIERENWELZIJNSBELEID

OVERZICHTSNOTITIE GEMEENTELIJK DIERENWELZIJNSBELEID OVERZICHTSNOTITIE GEMEENTELIJK DIERENWELZIJNSBELEID Inleiding Mede door de Partij voor de Dieren staat het onderwerp dierenwelzijn in de belangstelling. Daarom is het goed een overzicht van de diverse

Nadere informatie

gemeente Eindhoven Integraal dierenwelzijnsbeleid

gemeente Eindhoven Integraal dierenwelzijnsbeleid gemeente Eindhoven Mens & Maatschappij, Staf Inboeknummer 11bst00449 Beslisdatum B&W 12 april 2011 Dossiernummer 11.15.552 Raadsvoorstel Integraal dierenwelzijnsbeleid Inleiding Wethouder Scholten heeft

Nadere informatie

Visie dierenwelzijn. 1. Landelijk wettelijk kader 2. Gemeentelijke taken 3. Gemeentelijke uitvoering 4. Dierenwelzijnsveld Den Helder

Visie dierenwelzijn. 1. Landelijk wettelijk kader 2. Gemeentelijke taken 3. Gemeentelijke uitvoering 4. Dierenwelzijnsveld Den Helder Visie dierenwelzijn De eerste dierenwelzijnsnota van de gemeente Den Helder dateert van januari 2010. Inmiddels hebben er ontwikkelingen plaatsgevonden binnen het dierenwelzijnsveld in Den Helder en is

Nadere informatie

Nota Dierenwelzijn

Nota Dierenwelzijn Nota Dierenwelzijn 2017-2021 Inhoudsopgave Dierenwelzijn in Bodegraven-Reeuwijk 3 De opvang en verzorging van (gevonden/gewonde) dieren... 3 Huisdieren chippen en andere maatregelen... 3 Het minimahuisdier...

Nadere informatie

Oostzaan Buiten gewoon

Oostzaan Buiten gewoon Gemeente Oostzaan Buiten gewoon Gemeenteraad GESCAND OP - 1 DEC. 2015 Gemeente Oostzaan Gemeentehuis Bezoekadres Kerkbuurt 4, 1 51 1 BD Oostzaan Postadres Postbus 20, ] 530 AA Wormer Telefoon 075 651 2100

Nadere informatie

Initiatiefvoorstel. BOSSCHE AANPAK DIERENWELZIJN Op weg naar een integraal en transparant gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid

Initiatiefvoorstel. BOSSCHE AANPAK DIERENWELZIJN Op weg naar een integraal en transparant gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Initiatiefvoorstel Op weg naar een integraal en transparant gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Initiatiefvoorstel Op weg naar een integraal en transparant gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Inhoudsopgave

Nadere informatie

April 2012 Nota dierenwelzijn

April 2012 Nota dierenwelzijn April 2012 Nota dierenwelzijn 2012-2015 Samenvatting Dierenwelzijn is een landelijk item dat volop in de belangstelling staat. Vanuit de overheid zijn er wetten en maatregelen die de gezondheid en het

Nadere informatie

HONDENBELEID BRIELLE

HONDENBELEID BRIELLE HONDENBELEID BRIELLE April 2005 Inhoudsopgave Inleiding Doelstelling Wettelijke instrumentarium Mogelijkheden Kosten, baten, dekking Overwegingen Voorstel Tijdsplanning 2 Inleiding De overlast van honden,

Nadere informatie

PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING. over houden van huisdieren

PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING.   over houden van huisdieren PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n over houden van huisdieren Dieren leiden soms hun

Nadere informatie

Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland

Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland 2015 t/m 2020 Vogelopvang Soest, Eemweg 2E, Soest Dierentehuis t Hart, Eemweg 2D, Soest Dierenambulance Eemland Inhoud: - Vestiging - Werkzaamheden / onderdelen

Nadere informatie

PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING. www.licg.nl over houden van huisdieren

PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING. www.licg.nl over houden van huisdieren PRAKTISCH VERMISTE, GEVONDEN OF ACHTERGELATEN DIEREN - WETGEVING l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n over houden van huisdieren Dieren leiden soms hun

Nadere informatie

Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland

Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland Beleidsplan Stichting DierenZorg Eemland 2015 t/m 2020 Vogelopvang Soest, Eemweg 2 E, Soest Dierentehuis t Hart, Eemweg 2D, Soest Dierenambulance Eemland Inhoud: - Vestiging - Doelstelling van de stichting

Nadere informatie

Nota dierenwelzijn Den Haag

Nota dierenwelzijn Den Haag Nota dierenwelzijn Den Haag Gemeente Den Haag April 2012 2 Inhoudsopgave 1 Waarom een nota dierenwelzijn?... 4 2 Hoe geeft de gemeente invulling aan dierenwelzijnswetten?... 6 3 Wat doet de gemeente nog

Nadere informatie

Nota Dierenwelzijn Gemeente Vlissingen

Nota Dierenwelzijn Gemeente Vlissingen Nota Dierenwelzijn Gemeente Vlissingen Initiatiefvoorstel: GroenLinks, D66, SP en ChristenUnie Datum: 14-11-2013 Nederland wordt niet alleen bewoond door mensen. Er leven ook miljoenen dieren in Nederland.

Nadere informatie

Gemeente Zeist. Colofon. Uitgave. Gemeente Zeist. Postbus 513 3700 AM Zeist www.zeist.nl. januari 2008. Oplage 1.000 ex.

Gemeente Zeist. Colofon. Uitgave. Gemeente Zeist. Postbus 513 3700 AM Zeist www.zeist.nl. januari 2008. Oplage 1.000 ex. Gemeente Zeist Colofon Uitgave Gemeente Zeist Postbus 513 3700 AM Zeist www.zeist.nl januari 2008 Adressen Publiekshal Gemeente Zeist Slotlaan 20, Zeist-Centrum Wijkwinkel Noord Joh. Van Oldenbarneveltlaan

Nadere informatie

RAADSINFORMATIEBRIEF 13R ^

RAADSINFORMATIEBRIEF 13R ^ RAADSINFORMATIEBRIEF ^ 13R.00099 ^ gemeente WOERDEN Van college van burgemeester en wethouders Datum 16 april 2013 Portefeuillehouders) : J.I.M. Duindam Portefeuille(s) : Duurzaamheid en milieu Contactpersoon

Nadere informatie

1. Vermelding onderwerp en beslispunten Nieuwbouw dierenasiel door Dierenbescherming en Stichting Eugene Gebhard

1. Vermelding onderwerp en beslispunten Nieuwbouw dierenasiel door Dierenbescherming en Stichting Eugene Gebhard Aan de gemeenteraad Raadsvoorstel Nummer : 11IN005216 1. Vermelding onderwerp en beslispunten Nieuwbouw dierenasiel door Dierenbescherming en Stichting Eugene Gebhard 2. Doel van het raadsvoorstel en samenvatting

Nadere informatie

Nota dierenwelzijn Den Haag

Nota dierenwelzijn Den Haag Nota dierenwelzijn Den Haag Gemeente Den Haag Dienst Stadsbeheer September 2011 2 Inhoudsopgave 1 Waarom een nota dierenwelzijn?... 4 2 Hoe geeft de gemeente invulling aan dierenwelzijnswetten?... 6 3

Nadere informatie

Oplegvel informatienota

Oplegvel informatienota Oplegvel informatienota Portefeuille M. Divendal Auteur Dhr. D.M. van Esterik Telefoon 5113380 E-mail: [email protected] Onderwerp Dierenwelzijn WZ/OGV Reg.nr. 2008/114369 Bijlage A B & W-vergadering

Nadere informatie

gemeente Eindhoven 1 Wettelijk kader met toelichting en bevoegdheden gemeenten

gemeente Eindhoven 1 Wettelijk kader met toelichting en bevoegdheden gemeenten gemeente Eindhoven Marielle van den Bos Juridische Zaken, Advies Van mw. mr. C. Gebuis Kamer 3.03 Telefoon (040) 238 24 38 14 augustus 2009 Memo Betreft Juridische kaders beleid dierenwelzijn 1 Wettelijk

Nadere informatie

Postbus 1 3430 AA Bezoekadres Stadsplein 1 3431 LZ www.nieuwegein.nl Bank Nederlandse Gemeenten 28 50 04 387

Postbus 1 3430 AA Bezoekadres Stadsplein 1 3431 LZ www.nieuwegein.nl Bank Nederlandse Gemeenten 28 50 04 387 Nieuwegein Postbus 1 3430 AA Bezoekadres Stadsplein 1 3431 LZ www.nieuwegein.nl Bank Nederlandse Gemeenten 28 50 04 387 m v 2 013-3 \J J Duurzame Ontwikkeling Contactpersoon Alex de Bree Telefoon (030)

Nadere informatie

Convenant Dierenhulpverlening

Convenant Dierenhulpverlening Convenant Dierenhulpverlening Ondergetekenden: 1. De Minister van Veiligheid en Justitie, mr. I.W. Opstelten, handelend als bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de Staat der Nederlanden; 2. De Staatssecretaris

Nadere informatie

Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid

Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Versie 2014 Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand

Nadere informatie

KADERNOTITIE DIERENWELZIJN

KADERNOTITIE DIERENWELZIJN KADERNOTITIE DIERENWELZIJN GEMEENTE BRUMMEN BR08.0018/HdB Kadernotitie Dierwelzijn gemeente Brummen Inhoudsopgave 1 Inleiding 3 2 Regelgeving gezelschapsdieren 3 3 Opvang gezelschapsdieren 4 4 Overlast

Nadere informatie

Kadernota Integraal Dierenwelzijn Eindhoven

Kadernota Integraal Dierenwelzijn Eindhoven Kadernota Integraal Dierenwelzijn Eindhoven Lijst A Welke zaken gaan we de komende tijd realiseren? ACTIEPUNTEN SECTOR Dierenwelzijn algemeen 1. De sector M&M tot eerste aanspreekpunt ten aanzien van het

Nadere informatie

Onderwerp Uitvoeringsafspraken opvang zwerfdieren met DAN en De Mère 2013.

Onderwerp Uitvoeringsafspraken opvang zwerfdieren met DAN en De Mère 2013. Openbaar Onderwerp Uitvoeringsafspraken opvang zwerfdieren met DAN en De Mère 2013. Programma / Programmanummer Zorg & Welzijn / 1051 BW-nummer Portefeuillehouder B. Frings Samenvatting De gemeente is

Nadere informatie

Stuknummer: AM 2.07041. GSMfcfcNTE DEN HELDER in :- i

Stuknummer: AM 2.07041. GSMfcfcNTE DEN HELDER in :- i Stuknummer: AM 2.07041 voor GSMfcfcNTE DEN HELDER in :- J U 2 2 i Gemeente Den Helder T.a.v. Gemeenteraad Postbus 36 1780 AA Den Helder WERKGROEP ë Purmerend, 24 juli 2012 Betreft: kamelenrace tijdens

Nadere informatie

(PAARDEN-) ASIELEN, IN BESLAGNAME EN OPVANG IN VLAANDEREN: REGELGEVING KARLIEN DE PAEPE - DIENST DIERENWELZIJN

(PAARDEN-) ASIELEN, IN BESLAGNAME EN OPVANG IN VLAANDEREN: REGELGEVING KARLIEN DE PAEPE - DIENST DIERENWELZIJN (PAARDEN-) ASIELEN, IN BESLAGNAME EN OPVANG IN VLAANDEREN: REGELGEVING KARLIEN DE PAEPE - DIENST DIERENWELZIJN 2 (Paarden-) asielen, in beslagname en opvang in Vlaanderen: Regelgeving Karlien De Paepe

Nadere informatie

Zaanstad. Gemee Belei

Zaanstad. Gemee Belei Zaanstad jf«p «* ^ I Gemee Belei uitgegeven 10-08-2009 Zaanstad " top van de Randstad Raadsbesluit 2009/41 Raadsvergadering d.d 2juli2009 Onderwerp: Beleidsnota Dierenwelzijn Bijlagen: Raadsvoorste! 272009/24758

Nadere informatie

Vaststellen Startnotitie Dierenbeleid Dordrecht

Vaststellen Startnotitie Dierenbeleid Dordrecht DORDRECHT Aan de gemeenteraad Gemeentebestuur Spuiboulevard 300 3311 GR DORDRECHT Datum 1 december 2015 Ons kenmerk SBH/1529309 Begrotingsprogramma Leefbaarheid en stedelijk beheer Betreft Vaststellen

Nadere informatie

Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid

Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Aanbevelingen gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid Herziene versie oktober 2008 1 Colofon Samenstelling: drs. Henny Greven (beleidsmedewerker gemeentelijk dierenwelzijnsbeleid) Juridisch advies: mr. Léon

Nadere informatie

Raadsvergadering : 8 december 2015 Agendapunt : Commissie : Bestuur en Ruimte. Onderwerp : Verordening dode gezelschapsdieren Berkelland 2016

Raadsvergadering : 8 december 2015 Agendapunt : Commissie : Bestuur en Ruimte. Onderwerp : Verordening dode gezelschapsdieren Berkelland 2016 Raadsvergadering : 8 december 2015 Agendapunt : Commissie : Bestuur en Ruimte Onderwerp : Verordening dode gezelschapsdieren Berkelland 2016 Collegevergadering : 10 november 2015 Agendapunt : 21. Portefeuillehouder

Nadere informatie

Over honden, voor baasjes Hondenbezit in gemeente Overbetuwe

Over honden, voor baasjes Hondenbezit in gemeente Overbetuwe Over honden, voor baasjes Hondenbezit in gemeente Overbetuwe Samen prettig buiten. U woont met uw hond(en) in gemeente Overbetuwe. Wij vinden het belangrijk dat u de ruimte krijgt om samen te genieten

Nadere informatie

AGENDAPUNT voor burgemeester en wethouders

AGENDAPUNT voor burgemeester en wethouders AGENDAPUNT voor burgemeester en wethouders Nummer: Datum vergadering: 30-11-2010 Onderwerp: Evaluatie hondenbeleid Conceptbesluit: - het hondenbeleid her te bevestigen en dit ter kennisneming voor te leggen

Nadere informatie

Beleidsplan DAW Beleidsplan van Stichting Dierenambulance Woudenberg e.o.

Beleidsplan DAW Beleidsplan van Stichting Dierenambulance Woudenberg e.o. Beleidsplan van Stichting Dierenambulance Woudenberg e.o. 1 STICHTING DIERENAMBULANCE WOUDENBERG EN OMSTREKEN Doornheg 11 3931 AS Woudenberg Tel: 0654928928 [email protected] www.dierenambulancewoudenberg.nl

Nadere informatie

Heeft geen speerpunten op het gebied van dierenwelzijn

Heeft geen speerpunten op het gebied van dierenwelzijn Partijen Wat zijn de speerpunten m.b.t. dierenwelzijn? - Het CDA wil de meeuwen in de stad bestrijden i.v.m. overlast. Met vernieuwende, desnoods onorthodoxe maatregelen. - De dierenweides blijven open

Nadere informatie

honden aangelijnd uitwerpselen opruimen speelplaatsen + strandje Hoge Maasdijk (Andel) verboden voor honden

honden aangelijnd uitwerpselen opruimen speelplaatsen + strandje Hoge Maasdijk (Andel) verboden voor honden VOORSTEL COMMISSIE PRODUCTEN probleemstelling De inwoners van Woudrichem ervaren de aanwezigheid van hondenpoep in de openbare ruimte als een groot probleem, waarvoor een oplossing wordt gevraagd. Er is

Nadere informatie

Overeenkomst tussen de gemeente Tiel en Stichting Dierenhulp Dierenambulance Tiel

Overeenkomst tussen de gemeente Tiel en Stichting Dierenhulp Dierenambulance Tiel Overeenkomst tussen de gemeente Tiel en Stichting Dierenhulp Dierenambulance Tiel De ondergetekenden: De gemeente Tiel, gevestigd aan de Achterweg 2, Postbus 6325, 4000 HH Tiel, ingevolge artikel 171 van

Nadere informatie

Verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren in eenvoudige taal Gemeenteraadsverkiezingen 2014 Utrecht

Verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren in eenvoudige taal Gemeenteraadsverkiezingen 2014 Utrecht Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma van de Partij voor de Dieren in eenvoudige taal Gemeenteraadsverkiezingen 2014 Utrecht 1 Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma van de Partij voor de

Nadere informatie

Gemeente Loon op Zand. Vastgesteld februari 2016. Hondenbeleid Loon op Zand Pagina 1

Gemeente Loon op Zand. Vastgesteld februari 2016. Hondenbeleid Loon op Zand Pagina 1 Hondenbeleid Loon op Zand Gemeente Loon op Zand Vastgesteld februari 2016 Hondenbeleid Loon op Zand Pagina 1 Inhoud Hondenbeleid Loon op Zand... 1 Gemeente Loon op Zand... 1 september 2015... 1 Inleiding...

Nadere informatie

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. handelende in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. handelende in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport; STAATSCOURANT Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814. Nr. 5289 6 april 2010 Regeling van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 26 maart 2010, nr. 115877, houdende

Nadere informatie

Artikelen over honden in de Algemene Plaatselijke Verordening

Artikelen over honden in de Algemene Plaatselijke Verordening Artikelen over honden in de Algemene Plaatselijke Verordening De volgende artikelen in de APV Loon op Zand gaan in op 17 februari 2016 (raadsbesluit van 4 februari 2016) Artikel 2:57 Loslopende honden

Nadere informatie

Beleid Stichting Dierenbescherming Curaçao

Beleid Stichting Dierenbescherming Curaçao Beleid Stichting Dierenbescherming Curaçao Datum: 15 mei 2012 Status: DEFINITIEF 1 Missie en Visie 1.1 Missie De missie van de Stichting Dierenbescherming Curaçao (SDBC) is het nastreven van het welzijn

Nadere informatie

Basisarrangement Dierennoodhulp. Kwalitatieve beschrijving van de Basisvoorziening voor het verzorgen van Dierennoodhulp

Basisarrangement Dierennoodhulp. Kwalitatieve beschrijving van de Basisvoorziening voor het verzorgen van Dierennoodhulp Basisarrangement Dierennoodhulp Kwalitatieve beschrijving van de Basisvoorziening voor het verzorgen van Dierennoodhulp Colofon Samenstelling & Eindredactie Vormgeving Nederlandse Vereniging tot Bescherming

Nadere informatie

Binnen de bebouwde kom in de gemeente Beesel geldt de opruimplicht; hondenbezitters moeten zelf de uitwerpselen van hun hond(en) opruimen.

Binnen de bebouwde kom in de gemeente Beesel geldt de opruimplicht; hondenbezitters moeten zelf de uitwerpselen van hun hond(en) opruimen. Hondenpoep, de grootste kleine ergernis Als eigenaar van een hond weet u hoeveel plezier een hond kan geven. Helaas staan veel mensen minder positief tegenover honden. Soms omdat mensen niet vertrouwd

Nadere informatie

ACTIEPLAN DIERENWELZIJN

ACTIEPLAN DIERENWELZIJN ACTIEPLAN DIERENWELZIJN Concept (inspraak tot en met 4 oktober 2016) Introductie Voor u ligt het Actieplan Dierenwelzijn van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. Dit actieplan komt voort uit de Nota Dierenwelzijn

Nadere informatie

Verplicht chippen e n registreren!

Verplicht chippen e n registreren! Verplicht chippen e n registreren! Nieuwe plicht In Nederland geldt sinds 1 april 2013 verplichte identificatie en registratie (I&R) voor honden. Dit houdt in dat honden gechipt moeten worden: er wordt

Nadere informatie

Uitvoeringsplan honden

Uitvoeringsplan honden Uitvoeringsplan honden Gemeente Alkmaar, juli 2013 Inhoudsopgave pagina Inleiding 2 Alkmaar: een hondvriendelijke stad 2 Voorzieningen voor honden 5 Bestrijden van overlast 6 De hondenpenning 8 Financieel

Nadere informatie

Chip & registreer je hond op www.databankhonden.nl

Chip & registreer je hond op www.databankhonden.nl Chip & registreer je hond op www.databankhonden.nl Verplicht vanaf 1 april 2013 Databankhonden.nl is een initiatief van nieuwe plicht In Nederland geldt sinds 1 april 2013 verplichte identificatie en registratie

Nadere informatie

Helmondse hondenwijzer

Helmondse hondenwijzer Wat mijn baasje moet weten... Helmondse hondenwijzer Maart 2012 Wat mijn baasje moet weten... Helmondse hondenwijzer In Helmond wonen ruim 88.000 mensen en meer dan 7.200 honden. Die honden worden elke

Nadere informatie

Inhoud: Blz.: 0. Opbouw van de nota 3

Inhoud: Blz.: 0. Opbouw van de nota 3 DIERENWELZIJNSNOTA GEMEENTE BEVERWIJK Inhoud: Blz.: 0. Opbouw van de nota 3 1. Inleiding 3 2. Relevante wetgeving 5 3. Dierenbescherming - regio Noord-Holland-Noord 7 4. Regionale- en Lokale organisaties

Nadere informatie

Marjolein Steffens-van de Water / drs. Theo Weterings 30 september 2014 Addie Monster (4421)

Marjolein Steffens-van de Water / drs. Theo Weterings 30 september 2014 Addie Monster (4421) 7 gemeente Haarlemmermeer Nota van B&W onderwerp Aanwijzing losloopgebied voor honden in Abbenes Portefeuillehouder Collegevergadering Inlichtingen Marjolein Steffens-van de Water / drs. Theo Weterings

Nadere informatie

Raadsvoorstel agendapunt

Raadsvoorstel agendapunt Raadsvoorstel agendapunt Aan de raad van de gemeente IJsselstein Zaaknummer : 207709 Datum : 17 november 2015 Programma : Woon- en leefomgeving Blad : 1 van 6 Cluster : Ruimte Portefeuillehouder: dhr.

Nadere informatie

Verplicht chippen & registreren! Nieuwe plicht... 2 Chip... 2 Chipnummer... 2 Doel van de maatregel... 2 Databank... 2 Databank Honden...

Verplicht chippen & registreren! Nieuwe plicht... 2 Chip... 2 Chipnummer... 2 Doel van de maatregel... 2 Databank... 2 Databank Honden... Verplicht chippen & registreren! Nieuwe plicht... 2 Chip... 2 Chipnummer... 2 Doel van de maatregel... 2 Databank... 2 Databank Honden... 3 Wat betekent de I&R- verplichting voor fokkers?... 4 Honden met

Nadere informatie

BESLUIT HOUDERS VAN DIEREN

BESLUIT HOUDERS VAN DIEREN BESLUIT HOUDERS VAN DIEREN (nieuwe wetgeving per 22 augustus 2014, die het honden en kattenbesluit van 1999 vervangt). Let op: dit is een persoonlijke opsomming en bewoording van het besluit, beperkt tot

Nadere informatie

LEEF. Pilot Hondenbeleid Purmer-Zuid

LEEF. Pilot Hondenbeleid Purmer-Zuid LEEF Pilot Hondenbeleid Purmer-Zuid 1 2 Pilot Hondenbeleid Hondenbeleid > 10 jaar Vastgelegd in APV Evaluatie in afgelopen 3 jaar Projectgroep van Wijkkerngroep In kaart brengen Klachten (mail; Social

Nadere informatie

Dierenwelzijn. Dienst Dierenwelzijn 8/12/2016. TT Chow

Dierenwelzijn. Dienst Dierenwelzijn 8/12/2016. TT Chow Dierenwelzijn TT Chow Dienst Dierenwelzijn Sinds 1 juli 2014 regionale bevoegdheid Vroeger FOD Dierenwelzijn Nu: Departement Leefmilieu, Natuur en Energie van de Vlaamse overheid Structuur Inspectiedienst

Nadere informatie

Betreft 1. Nieuw beleid inzake overlast Honden(poep). 2. Kredietbesluit.

Betreft 1. Nieuw beleid inzake overlast Honden(poep). 2. Kredietbesluit. Stein 7 december 2004 Gemeenteblad Afdeling A 2005, no. 6 Agendapunt 8 Bijlagen 2 Aan De Raad Betreft 1. Nieuw beleid inzake overlast Honden(poep). 2. Kredietbesluit. Inleiding Uit vele reacties, waaronder

Nadere informatie

Spreekbeurt Hulp aan dieren in nood

Spreekbeurt Hulp aan dieren in nood Hoi, ik ben Ikki. Wat leuk dat je je spreekbeurt houdt over hulp aan dieren. Ik kan je daar van alles over vertellen. Over asielen, waar dieren zonder baas terecht komen. En over dierenambulances, die

Nadere informatie

HONDENKAART. schone stad iedereen uitgelaten!

HONDENKAART. schone stad iedereen uitgelaten! HONDENKAART Uitgave 2009 schone stad iedereen uitgelaten! Honden horen erbij in Den Haag! Opruimmiddelen voor hondenpoep Honden spelen al eeuwen een belangrijke rol in onze samenleving. Vooral als gezelschapsdier,

Nadere informatie

Startnotitie Nota Lokaal Dierenwelzijnsbeleid Alkmaar November 2011

Startnotitie Nota Lokaal Dierenwelzijnsbeleid Alkmaar November 2011 Startnotitie Nota Lokaal Dierenwelzijnsbeleid Alkmaar November 2011 6.3.2 Startnotitie Dierenwelzijn.doc 1 Inleiding Dierenwelzijn is een thema dat veel mensen aan het hart ligt, ook in de gemeente Alkmaar.

Nadere informatie

De verplichting tot chippen én registratie van de chip geldt niet alleen voor pups, maar voor alle honden die van eigenaar veranderen.

De verplichting tot chippen én registratie van de chip geldt niet alleen voor pups, maar voor alle honden die van eigenaar veranderen. Chippen én registreren van honden verplicht Vanaf 1 april 2013 moeten alle honden binnen 7 weken na de geboorte gechipt worden en vóór de leeftijd van 8 weken bij een aangewezen databank geregistreerd

Nadere informatie

09-03-2011 VERSIE INTERNETCONSULTATIE

09-03-2011 VERSIE INTERNETCONSULTATIE 09-03-2011 VERSIE INTERNETCONSULTATIE WIJ BEATRIX, BIJ DE GRATIE GODS, Concept KONINGIN DER NEDERLANDEN, PRINSES VAN ORANJE-NASSAU, ENZ. ENZ. ENZ. Besluit van houdende regels met betrekking tot bedrijfsmatige

Nadere informatie

NEDERLAND ZWERFKATTENARM the support of stray animals worldwide

NEDERLAND ZWERFKATTENARM the support of stray animals worldwide 1 NEDERLAND ZWERFKATTENARM 2025 4 the support of stray animals worldwide Stray Animal Foundation Platform 2 Koepelorganisatie voor zwerfdierstichtingen In Nederland ca. 180 stichtingen actief met zwerfdieren.

Nadere informatie

Raadsnota. Raadsvergadering d.d.: 12 december 2011. Agenda nr: 10 Onderwerp: opvang van honden en katten. Aan de gemeenteraad,

Raadsnota. Raadsvergadering d.d.: 12 december 2011. Agenda nr: 10 Onderwerp: opvang van honden en katten. Aan de gemeenteraad, Raadsnota Raadsvergadering d.d.: 12 december 2011. Agenda nr: 10 Onderwerp: opvang van honden en katten. Aan de gemeenteraad, 1. Doel, Samenvatting en Advies van het raadsvoorstel Volgens het Burgerlijk

Nadere informatie

2 Aanhangsel Handelingen nr. 1555, vergaderjaar

2 Aanhangsel Handelingen nr. 1555, vergaderjaar Juridische Zaken De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG uw brief van uw kenmerk ons kenmerk datum 6 juni 2007 2060717150 TRCJZ/2007/2054 17 juli 2007 onderwerp

Nadere informatie

onderwerp Uitrol gemeentelijk hondenbeleid in Rijsenhout, Burgerveen, Lisserbroek, Weteringbrug en Zwaanshoek

onderwerp Uitrol gemeentelijk hondenbeleid in Rijsenhout, Burgerveen, Lisserbroek, Weteringbrug en Zwaanshoek gemeente Haarlemmermeer Nota van B&W onderwerp Uitrol gemeentelijk hondenbeleid in Rijsenhout, Burgerveen, Lisserbroek, Weteringbrug en Zwaanshoek Portefeuillehouder Collegevergadering Inlichtingen S.

Nadere informatie

Dierenbescherming West- en Midden-Brabant

Dierenbescherming West- en Midden-Brabant Dierenbescherming Voor Alle dieren in uw regio West- en Midden-Brabant Dierenbescherming West- en Midden-Brabant Lichttorenhoofd 5, 4871 CA Etten-Leur Telefoon: 06-43873400 [email protected]

Nadere informatie

GroenLinks geeft de voorkeur aan evenementen zonder dieren. Eerste stap is om circussen met wilde dieren in Ehv te vermijden.

GroenLinks geeft de voorkeur aan evenementen zonder dieren. Eerste stap is om circussen met wilde dieren in Ehv te vermijden. Twitterstellingen Dierenbescherming 1. Evenementen met dieren zijn in de gemeente niet welkom CDA Eindhoven SP Eindhoven SP 040 is voorstander van evenementen zonder dieren. Ook mogen evenementen de rust

Nadere informatie

Nota Amsterdams Dierenwelzijnsbeleid. Partij voor de Dieren Amsterdam Johnas van Lammeren

Nota Amsterdams Dierenwelzijnsbeleid. Partij voor de Dieren Amsterdam Johnas van Lammeren Nota Amsterdams Dierenwelzijnsbeleid Partij voor de Dieren Amsterdam Johnas van Lammeren 2015 Inhoudsopgave I II III IV V Inleiding..1 Ambitie..3 Aanleiding..3 Opbouw van de nota..5 Actiepunten..5 1.

Nadere informatie