Tweede Kamer der Staten-Generaal
|
|
|
- Bert Smits
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar Wijziging van de Gemeentewet, de Provinciewet en de Waterschapswet in verband met de verruiming van de bevoegdheid van de raad, provinciale staten en het algemeen bestuur om kwijtschelding van belastingen te verlenen Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING 1. Inleiding Dit voorstel betreft een wijziging van artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 232 e van de Provinciewet en artikel 144 van de Waterschapswet, waardoor de mogelijkheden worden verruimd om geheel of gedeeltelijk kwijtschelding te verlenen van belastingen en heffingen die door gemeenten, provincies en waterschappen worden geheven (verder te noemen: decentrale belastingen). De genoemde artikelen maken het thans reeds mogelijk om, met inachtneming van door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Verkeer en Waterstaat, in overeenstemming met de minister van Financiën te stellen nadere regels, op decentraal niveau eigen regels vast te stellen met betrekking tot de wijze waarop bij het verlenen van kwijtschelding de middelen van bestaan in aanmerking worden genomen, die afwijken van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 (hierna: de Uitvoeringsregeling). De Uitvoeringsregeling bevat regels die door de minister van Financiën krachtens artikel 26 van de Invorderingswet 1990 voor de kwijtschelding van rijksbelastingen zijn vastgesteld. In de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen van de genoemde ministers is vastgelegd dat met betrekking tot de kwijtschelding van decentrale belastingen voor de berekening van de betalingscapaciteit mag worden uitgegaan van kosten van bestaan die maximaal 100% van de bijstandsnorm bedragen, in plaats van de voor de kwijtschelding van rijksbelastingen op grond van de Uitvoeringsregeling geldende 90%. In aanvulling daarop biedt deze wetswijziging een grondslag om op decentraal niveau, met inachtneming van door genoemde ministers vast te stellen nadere regels, ook eigen regels te kunnen vaststellen met betrekking tot de wijze waarop het vermogen in aanmerking wordt genomen bij de verlening van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van decentrale belastingen. Deze nadere regels zullen decentrale overheden de bevoegdheid geven bij het uitvoeren van de vermogenstoets uit te gaan van maximaal de vermogensnorm in de Wet werk en bijstand. Voor deze verruiming ten aanzien van het vermogen geldt net als voor de reeds bestaande verruiming ten aanzien van de middelen van bestaan dat KST tkkst ISSN Sdu Uitgevers s-gravenhage 2010 Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 1
2 het aan de decentrale overheden is om te besluiten al dan niet van deze ruimere mogelijkheid gebruik te maken. In de eerder genoemde nadere regels zal voorts worden bepaald dat de regels voor het verlenen van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding ook zullen kunnen gelden voor ondernemers, met dien verstande dat het daarbij alleen mag gaan om decentrale belastingen die géén relatie hebben met de onderneming die door de belastingplichtige wordt gedreven of het beroep dat door hem wordt uitgeoefend. Met andere woorden: er kan bijvoorbeeld wel kwijtschelding verleend worden van de afvalstoffenheffing betrekking hebbend op het huishouden van de ondernemer, maar niet van de reinigingsrechten die betrekking hebben op zijn bedrijf. Dit is ingegeven vanuit de gedachte dat kwijtschelding van lokale belastingen met betrekking tot het bedrijf de concurrentieverhoudingen zou kunnen verstoren en zou kunnen leiden tot verboden staatssteun. Voor deze verruiming van de mogelijkheden van het voeren van kwijtscheldingsbeleid op decentraal niveau voor ondernemers, zowel ten aanzien van de kosten van bestaan als van het vermogen, is geen wetswijziging nodig. Deze verruiming kan worden bereikt door het wijzigen van de reeds bestaande Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen. 2. De huidige regeling en knelpunten 2.1 De huidige regeling Gemeenten, provincies en waterschappen kunnen belastingen van hun burgers heffen, maar mogen daarbij in tegenstelling tot de centrale overheid géén rekening houden met het inkomen van de belastingplichtigen (artikel 219 Gemeentewet). Wanneer de belastingschuldige zijn belastingschuld niet anders dan met buitengewoon bezwaar kan betalen, kunnen gemeenten, provincies en waterschappen kwijtschelding verlenen van de door hen opgelegde belastingen op basis van respectievelijk artikel 255, tweede lid, van de Gemeentewet, artikel 232 e, tweede lid, van de Provinciewet en artikel 144, tweede lid, van de Waterschapswet. Daarvoor gelden de kwijtscheldingsregels die door de staatssecretaris van Financiën op grond van Invorderingswet 1990 zijn vastgelegd in de Uitvoeringsregeling. Dit omdat de centrale overheid verantwoordelijk is voor het inkomensbeleid 1. De regels in de Uitvoeringsregeling gelden voor zowel het Rijk als de lokale overheden. Om de decentrale overheden ruimte te geven voor sociaal beleid en toch niet helemaal het karakter van de kwijtscheldingsregeling los te laten, is per 1 januari 1995 de beleidsvrijheid van de decentrale overheden tot het kwijtschelden van belastingschulden verruimd, doordat bij de berekening van de voor de belastingbetaling beschikbare middelen mag worden uitgegaan van hogere bestaanskosten dan die waarmee ingevolge de Uitvoeringsregeling rekening moet worden gehouden. Daarbij is gekozen voor een stelsel waarbij de decentrale overheden met inachtneming van door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de minister van Verkeer en Waterstaat, in overeenstemming met de minister van Financiën, gestelde regels mogen afwijken van de Uitvoeringsregeling, waardoor het mogelijk wordt in ruimere mate kwijtschelding te verlenen. Dit is neergelegd in het derde en vierde lid van de genoemde artikelen van de Gemeentewet, de Provinciewet en de Waterschapswet, alsmede in de daarop gebaseerde Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen. 1 Invoeringswet Invorderingswet 1990, Kamerstukken II 1988/89, , nr. 3, blz. 27. Particulieren Particulieren komen volgens afdeling 2 van de Uitvoeringsregeling in Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 2
3 aanmerking voor kwijtschelding als er onvoldoende vermogen en betalingscapaciteit aanwezig is. Onder vermogen wordt verstaan de waarde in het economisch verkeer van bezittingen verminderd met de schulden die hoger bevoorrecht zijn dan de rijksbelastingen 1. Uitgezonderd van de bezittingen zijn de inboedel met een waarde van maximaal 2 269, en nog een aantal andere specifieke vermogensbestanddelen 2. Onder betalingscapaciteit wordt verstaan het verschil tussen de gemiddeld per maand te verwachten netto-inkomsten en de te verwachten kosten van bestaan. De kosten van bestaan zijn in de Uitvoeringsregeling vastgesteld op maximaal 90% van de bijstandsnorm. Deze bijstandsnorm is voor individuen en echtparen en voor verschillende leeftijden bepaald op een bedrag in euro s per maand (artikelen van de Wet werk en bijstand). Voor de kwijtschelding van decentrale belastingen kunnen de kosten van bestaan op grond van de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen 3 worden vastgesteld op ten hoogste 100% van de bijstandsnorm. Dat betekent dat de decentrale overheden kwijtschelding kunnen verlenen aan particulieren als hun inkomen gelijk is aan de bijstandsnorm en als zij weinig tot geen vermogen hebben. Verreweg de meeste gemeenten hebben van deze mogelijkheid gebruik gemaakt en daarmee hun kwijtscheldingsregeling onderdeel gemaakt van het (eigen) lokale minimabeleid. Ook het grootste deel van de waterschappen maakt van deze mogelijkheid gebruik. Ondernemers Als het gaat om kwijtschelding van belastingschulden van ondernemers dient zoveel als mogelijk verstoring van de concurrentieverhoudingen te worden voorkomen. Kwijtschelding van belastingschulden van ondernemers kan dan ook ingevolge afdeling 3 van de Uitvoeringsregeling uitsluitend plaatsvinden in het kader van het zogenoemde (algemene) crediteurenakkoord, dat wil zeggen een akkoord met alle schuldeisers. De ambtenaar belast met de invordering van de decentrale belastingen (hierna: ontvanger) is dan een van de crediteuren, die onderhandelen over de gedeeltelijke betaling van de schulden tegen algehele kwijting van de schuld. Slechts onder strenge voorwaarden (zie artikel 22 van de Uitvoeringsregeling) kan de ontvanger deelnemen aan zo n akkoord Knelpunten 1 Artikel 12, eerste lid, Uitvoeringsregeling Invorderingswet Artikel 12, tweede lid, Uitvoeringsregeling Invorderingswet Staatscourant 1996 nrs. 98 en 240; Staatscourant 1997, nr Kamervragen met antwoord , nr. 1988, Tweede Kamer. Kamervragen met antwoord , nr. 487, Tweede Kamer. Kamervragen met antwoord , nr. 745, Tweede Kamer. Kamerstukken II, 2007/08, , nr Werkgroep waarin naast de ministeries van Financiën, SZW, BZK en Justitie ook de VNG en de Unie van Waterschappen zijn vertegenwoordigd. 6 Kamerstukken II 2007/08, , nr Amsterdam, Groningen, Roermond, Tilburg. Ondernemers Door de Tweede Kamer is herhaaldelijk aandacht gevraagd voor het feit dat kleine zelfstandigen anders dan werknemers en uitkeringsgerechtigden met een vergelijkbaar inkomen geen aanspraak kunnen maken op kwijtschelding van decentrale belastingen als zij op of onder de bijstandsnorm dreigen te geraken 4. De reden daarvan is gelegen in het feit dat ondernemers uitsluitend kwijtschelding kunnen verkrijgen op basis van het hierboven genoemde crediteurenakkoord. Door de ambtelijke Werkgroep inkomensbeleid en kwijtscheldingsbeleid 5 (verder: WIK) is onderzoek gedaan naar de mogelijkheden van kwijtschelding van decentrale belastingen voor ondernemers met een geringe betalingscapaciteit en zonder vermogen. In haar advies bepleitte de WIK het verruimen van de kwijtscheldingsmogelijkheden voor decentrale overheden ten aanzien van ondernemers en aldus te voorzien in gelijke mogelijkheden bij kwijtschelding. Naar aanleiding van haar advies van maart 2008 aan de betrokken bewindspersonen, is bij brief van 26 juni aan de Tweede Kamer de onderhavige wetswijziging aangekondigd. Vermogen Door de VNG en enkele gemeentebesturen 7 is het probleem aan de orde gesteld dat vermogensbezit bij particulieren aan kwijtschelding in de weg kan staan, ook als sprake is van relatief geringe waarden, waarbij Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 3
4 verwezen wordt naar artikel 34 Wet werk en bijstand (hierna WWB). De vermogenstoets die ingevolge de Uitvoeringsregeling wordt gehanteerd en de vermogenstoets die geldt onder de WWB verschillen van elkaar. Het kan dus voorkomen dat iemand op grond van de vermogenstoets uit de Uitvoeringsregeling niet voor kwijtschelding in aanmerking komt, terwijl als de vermogenstoets uit de WWB zou worden gehanteerd belanghebbende wel voor kwijtschelding in aanmerking zou komen. Als voorbeeld kan worden genoemd een gezin met een inkomen op bijstandsniveau. Wanneer dit gezin ten tijde van het kwijtscheldingsverzoek bijvoorbeeld over een inboedel beschikt met een waarde van meer dan wordt het verzoek zonder meer afgewezen op grond van artikel 12, tweede lid, onderdeel a, van de Uitvoeringsregeling. Artikel 34, tweede lid, WWB noemt echter geen bedrag ter zake van de inboedel. Volgens die bepaling worden niet als vermogen in aanmerking genomen bezittingen in natura die naar hun aard en waarde algemeen gebruikelijk zijn, dan wel, gelet op de omstandigheden van persoon en gezin, noodzakelijk zijn. Die bepaling uit de WWB kan dus leiden tot een hogere vermogensvrijstelling voor de inboedel. Ook kan worden gewezen op de bedragen die niet als vermogen in aanmerking worden genomen, afhankelijk van het desbetreffende huishoudtype, ingevolge artikel 34, derde lid, WWB. Die bedragen liggen hoger dan de bedragen die op grond van de Uitvoeringsregeling zijn vrijgesteld. Voormelde verschillen hebben geleid tot het gemeentelijk pleidooi voor een verruiming van de vermogensnormen overeenkomstig de normen die gelden ingevolge artikel 34 WWB. Gelet op de bedoeling van de kwijtscheldingsregeling als een aan de wetgeving over beslaglegging gerelateerd sociaal vangnet bestaat voor een verruiming naar de normen van de WWB op het niveau van de rijksbelastingen geen aanleiding. De rijksbelastingen zijn, anders dan de decentrale belastingen, gerelateerd aan het inkomen en kennen zodoende niet het probleem dat zich voordoet bij de decentrale belastingen. De decentrale belastingen daarentegen mogen niet worden gerelateerd aan het inkomen en kunnen daarom onevenredig drukken op het besteedbaar inkomen van de individuele burger. Daarnaast is er sprake van een beleidskeuze, waarbij decentrale overheden een zekere ruimte wordt gelaten om een sociaal beleid te voeren, gebaseerd op eigen (financiële) overwegingen. Daarin past het om de kwijtscheldingsregeling voor de decentrale overheden te laten aansluiten bij de uitgangspunten die worden gehanteerd bij het verlenen van bijstand. In de hiervoor genoemde brief van 26 juni 2008 is ook de oplossing van dit knelpunt aangekondigd. 3. De inhoud van het voorstel Verbreding van het decentrale kwijtscheldingsregime Van de huidige bevoegdheid tot het in ruimere mate verlenen van kwijtschelding hebben gemeenten en waterschappen ruimhartig gebruik gemaakt, door de kosten van bestaan veelal op 100% van de bijstandsnorm te stellen. Deze mogelijkheid wordt met dit wetsvoorstel uitgebreid door decentrale overheden de bevoegdheid te geven ook in ruimere mate kwijtschelding verlenen dan ingevolge de Uitvoeringsregeling mogelijk is met betrekking tot de wijze waarop het vermogen in aanmerking wordt genomen. In de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen zal worden bepaald naar welk niveau de vermogensnorm kan worden opgetrokken. Dat zullen de normen zijn zoals opgenomen in artikel 34 van de WWB, met dien verstande dat de in die wet gehanteerde vrijstellingen als maximum zullen gelden en de in de Uitvoeringsregeling opgenomen vrijstellingen als minimum. Kwijtschelding ook voor privé-belastingen ondernemers Daarnaast zal in de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en water- Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 4
5 schapsbelastingen worden bepaald dat de regels voor het geheel of gedeeltelijk verlenen van kwijtschelding voor decentrale belastingen, zowel ten aanzien van de kosten van bestaan als ten aanzien van het vermogen, ook zullen gelden voor ondernemers. Het moet dan gaan om natuurlijke personen, die winst uit onderneming genieten, maar geen betalingscapaciteit hebben in de zin van de Uitvoeringsregeling en geen vermogen in de zin van artikel 34 van de WWB. De bevoegdheid om ondernemers ten aanzien van de ruimere vrijstellingsregeling van decentrale belastingen op dezelfde voet te behandelen als particulieren geldt uitsluitend voor zover de decentrale belastingen zijn aan te merken als privé-belastingen. Onder de noemer van de decentrale belastingen waarvoor de ondernemer in de privésfeer voor kwijtschelding in aanmerking kan komen, vallen op dit moment voor gemeenten de afvalstoffenheffing, de rioolheffing, de hondenbelasting en voor de onroerende-zaakbelasting het eigenarendeel woning. Voor waterschappen zijn dit de watersysteemheffing, de verontreinigingsheffing, de zuiveringsheffing en de heffing ter bekostiging van het wegenbeheer. Provincies kennen geen belasting waarvoor kwijtschelding kan worden verleend. Wijze van behandelen verzoek om kwijtschelding ondernemers De zelfstandige ondernemer dient in het kader van een verzoek om kwijtschelding in eerste instantie uitstel van betaling aan te vragen. Ondernemers hebben vaak geen actuele inkomensoverzichten, maar kunnen pas aan het eind van het boekjaar aangeven wat het vermogen en de inkomsten waren over het desbetreffende jaar. Over het bedrag waarvoor uitstel van betaling is verleend, is dan wel invorderingsrente verschuldigd. Als het inkomen over het afgelopen jaar via de aanslag inkomstenbelasting is vastgesteld kan de zelfstandige ondernemer hiermee zijn verzoek om kwijtschelding motiveren. Tot hetzelfde bedrag als bij particulieren wordt het vermogen buiten beschouwing gelaten en wordt de betalingscapaciteit bepaald. Als is voldaan aan de voorwaarden voor kwijtschelding kan het verzoek om kwijtschelding worden toegewezen. Daarmee vervalt de belastingschuld en verschuldigde invorderingsrente. Indien aan de ondernemer geen kwijtschelding wordt verleend, is hij de invorderingsrente verschuldigd met ingang van de dag na afloop van de voor de belastingaanslag geldende laatste (of enige) betalingstermijn. Hiermee worden ondoordachte aanvragen en een onevenredige werklast voor de decentrale overheden voorkomen. 4. Financiële gevolgen Uit inkomensgegevens van de Belastingdienst, afkomstig uit de aangiften inkomstenbelasting over het jaar 2005, blijkt dat (landelijk) een groep van ongeveer zelfstandige ondernemers een inkomen uit werk en woning heeft opgegeven, dat dermate laag is dat kwijtschelding aan de orde zou kunnen zijn. Ervan uitgaande dat in een aantal gevallen sprake is van vermogen dat aan kwijtschelding in de weg staat, zal het aantal ondernemers dat daadwerkelijk voor kwijtschelding in aanmerking zal blijken te komen naar verwachting lager uitvallen. De WIK verwachtte bij het publiceren van haar advies in maart 2008 geen grote aantallen verzoeken op basis van deze kwijtscheldingsregeling. De WIK was van mening dat het bieden van de mogelijkheid om aan te sluiten bij de vermogensgrenzen van artikel 34 WWB de evenwichtigheid van het lokale kwijtscheldingsbeleid ten goede zou komen, terwijl de budgettaire consequenties naar haar oordeel bij het uitbrengen van het advies beperkt waren. Inmiddels is de economische situatie dermate veranderd dat naar verwachting meer mensen een beroep zullen doen op kwijtschelding. De overige belastingplichtigen zullen de financiering van de kwijtscheldingsmogelijkheid dienen op te vangen. Dat is de gebruikelijke systema- Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 5
6 tiek die voor kwijtschelding wordt toegepast. Voor waterschappen is dit zelfs de enige mogelijkheid, omdat de waterschapsbelastingen nagenoeg de enige inkomstenbron zijn voor vervulling van de gestelde taken. De decentrale overheden zullen dan ook het kostenaspect en het effect van een verruiming van kwijtschelding op de overige belastingplichtigen mee moeten nemen in hun overwegingen voor een ruimere kwijtscheldingsregeling. Het is aan hen om binnen hun mogelijkheden te komen tot een evenwichtig lastenbeeld. 5. Advisering VNG/IPO/UVW De Vereniging Nederlandse Gemeenten heeft aangegeven zich te kunnen vinden in de voorgestelde wetswijziging. Het Interprovinciaal overlegorgaan heeft geen reactie gegeven op het wetsvoorstel. De Unie van Waterschappen heeft positief gereageerd op het wetsvoorstel maar benadrukt dat de mogelijke gevolgen van het wetsvoorstel voor de tarieven van de waterschapsbelastingen een aandachtspunt zijn, omdat de waterschappen als enige inkomstenbron de waterschapsbelastingen hebben. De staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, A. Th. B. Bijleveld-Schouten Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 3 6
s UNIÏ: VAN WATÜRSCHAPPÜN f M :\
s UNIÏ: VAN WATÜRSCHAPPÜN f M :\ Konmeskade 40 2596 AA Den Haag Postadres Postbus 93218 2509 AE Den Haag Tekfoon 070 351 97 51 Fax 070 354 46 42 De leden-waterschappen datum 7 april 2011 ons kenmerk 58871/IP
Raadsbesluit Raadsvergadering: 30 oktober 2014
ONDERWERP Herijking en harmonisatie kwijtscheldingsbeleid gemeentelijke belastingen Heemstede 2015. SAMENVATTING Als een belastingplichtige niet in staat is een belastingaanslag te voldoen, kan hiervoor
Wijziging kwijtscheldingsbeleid gemeentelijke belastingen en heffingen
Aan de raad, Onderwerp: Wijziging kwijtscheldingsbeleid gemeentelijke belastingen en heffingen Voorstel: De verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen en heffingen 2012 vaststellen 1 SAMENVATTING
Onderwerp Voorstel tot aanpassing voorwaarden kwijtschelding gemeentelijke heffingen
Ag nr.: 9 Onderwerp Voorstel tot aanpassing voorwaarden kwijtschelding gemeentelijke heffingen Status besluitvormend Voorstel De Kwijtscheldingsregeling 2012 vast te stellen. Inleiding Als een belastingplichtige
GEMEENTEBLAD. Officiële publicatie van Gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude
Op 21 januari is door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmerliede en Spaarnwoude de navolgende Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen vastgesteld: MID 14/003 Regeling
gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 30 oktober 2012;
De raad van de gemeente Cuijk; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 30 oktober 2012; gelet op artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 26 van de Invorderingswet 1990 en
Voorgesteld besluit Vaststellen van de Kwijtscheldingsregeling 2013 geldend voor door BSR geheven belastingen.
Raadsvergadering, 18 december 2012 Voorstel aan de Raad Nr: Agendapunt: Datum: 20121218 12RV 12 13 november 2012 Onderwerp: Kwijtscheldingsbeleid Onderdeel raadsprogramma: n.v.t. Portefeuillehouder: Jan
Toelichting bij Regeling kwijtschelding gemeente Gennep
Toelichting bij Regeling kwijtschelding gemeente Gennep 1. Algemeen 1.1 Wet- en regelgeving gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid 1.1.1 Vindplaatsen wet- en regelgeving Bij de kwijtschelding van gemeentelijke
Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015
CVDR Officiële uitgave van Wassenaar. Nr. CVDR365857_1 15 november 2016 Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen Wassenaar 2015 De gemeenteraad van Wassenaar, gelezen het voorstel van burgemeester
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
VOORSTEL AAN DE RAAD vergadering van: 30 januari 2014 volgnummer: 69527 onderwerp: Kwijtschelding gemeentelijke belastingen voorstel van: College van Burgemeester en Wethouders portefeuillehouder: J.M.van
GEMEENTELIJK KWIJTSCHELDINGSBELEID (versie geldig vanaf 1-1-2013)
GEMEENTELIJK KWIJTSCHELDINGSBELEID (versie geldig vanaf 1-1-2013) Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie Gemeente Dalfsen Officiële naam van de regeling Verordening kwijtscheldingsbeleid
RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT
RAADSVOORSTEL EN ONTWERPBESLUIT Registratienummer raad 1055110 Behorend bij het B&W-advies met registratienummer 1055109 Behandeling in de raadsvergadering van de gemeente Purmerend d.d. 20 december 2012
REGELING KWIJTSCHELDING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN
MID 14/003 REGELING KWIJTSCHELDING GEMEENTELIJKE BELASTINGEN Aan de raad, Voorgeschiedenis / aanleiding Als een belastingplichtige niet in staat is een belastingaanslag te voldoen, kan hiervoor kwijtschelding
WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA
WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA B0500017 VASTSTELLEN KWIJTSCHELDINGSREGELING WATERSCHAP HOLLANDSE DELTA 2005 Kenmerk Bijlage(n) Ter inzage Vergadering Agendanummer Datum 3 maart 2005 l februari 2005 AAN HET
Onderwerp: Beleidskeuzes kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2013
GEMEENTEBESTUUR VAN VEENDAM 22 april 2013 Nummer: 201301937 Afdeling: EDV Veendam, 12 februari 2013 Onderwerp: Beleidskeuzes kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2013 Voorstel 1. Overgaan tot het vaststellen
Kwijtschelding voor ondernemers Dienst Belastingen
Rapport Gemeentelijke Ombudsman Kwijtschelding voor ondernemers Dienst Belastingen 8 mei 2006 RA0611562 Samenvatting Met enige regelmaat wenden ondernemers met financiële problemen zich tot de ombudsman.
Opinienota Kwijtscheldingsbeleid BSOB
Bijlage 1 Opinienota Kwijtscheldingsbeleid BSOB 1. Inleiding Sinds 1 januari 2012 behandelt Belastingsamenwerking Oost-Brabant (BSOB) de kwijtscheldingsverzoeken van de aangesloten gemeenten. Om tot een
Voorstel aan : Gemeenteraad van 16 december Door tussenkomst van : Raadscommissie van 3 december Nummer : 52
Voorstel aan : Gemeenteraad van 16 december 2013 Door tussenkomst van : Raadscommissie van 3 december 2013 Nummer : 52 Onderwerp : Vaststellen Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Bijlage(n)
Anton Schellekens raad00654
Agendapunt commissie: steller telefoonnummer email Anton Schellekens 040 2083475 [email protected] agendapunt kenmerk datum raadsvergadering onderwerp 12raad00654 Motie 3 Partij van de Arbeid: Wijziging
Vaststellen beleidskeuzes voor wijziging in de Leidraad invordering - onderdeel kwijtschelding
Datum Agendapunt Nummer R04S007 Onderwerp Vaststellen beleidskeuzes Voorstel Zeewolde Beoogd effect Invulling geven aan het voorkomen van armoedeval door de beleidskeuzes voor kwijtschelding meer af te
Raadsvoorstel Aanpassing voorwaarden kwijtschelding gemeentelijke heffingen
gemeente Haarlemmermeer Onderwerp Raadsvoorstel2012.0050439 Aanpassing voorwaarden kwijtschelding gemeentelijke heffingen Portefeuillehouder J.J. Nobel 1 S. Bak steiler M. Jak Collegevergadering 18 september
GEMEENTE NOORDENVELD. Onderwerp Aanpassing beleid kwijtschelding heffingen/belastingen aan nieuwe landelijke regels
GEMEENTE NOORDENVELD Aan de gemeenteraad Roden, * Agendapunt Documentnr.: RV12.0 Onderwerp Aanpassing beleid kwijtschelding heffingen/belastingen aan nieuwe landelijke regels Onderdeel Algemene dekkingsmiddelen
Rapport. Rapport over de gemeente Haarlemmermeer. Datum: 23 september 2013. Rapportnummer: 2013/0129
Rapport Rapport over de gemeente Haarlemmermeer Datum: 23 september 2013 Rapportnummer: 2013/0129 2 Klacht Verzoeker klaagt erover dat de gemeente Haarlemmermeer aan het verlenen van kwijtschelding aan
Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen
Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen Versiedatum: 3 december 2015 Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen De raad van de gemeente Montferland, Gelezen het voorstel van het
Raadsvoorstel. Aan de gemeenteraad.
Raadsvoorstel raadsvergadering 18-12-2012 agendapunt nummer 12int01838 onderwerp Belastingtarieven 2013 Aan de gemeenteraad. Samenvatting voorstel Door uw raad worden jaarlijks de belastingverordeningen
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 262 Wijziging van de Invorderingswet 1990 (Wet uitstel van betaling exitheffingen) Nr. 3 Het advies van de Afdeling advisering van de Raad van
RAADSNOTA VERRUIMINGSMOGELIJKHEDEN KWIJTSCHELDING Gemeente Eindhoven
RAADSNOTA VERRUIMINGSMOGELIJKHEDEN KWIJTSCHELDING Gemeente Eindhoven Involon BV Saltshof 1020, 6604 EA Wijchen Postbus 168, 6600 AD Wijchen Telefoon 024 64 85 900 Datum 23 november 2012 Fax 024 64 85 907
Haiko van Erp 3519 [email protected]. 12raad00309. 1. Wijzigingen in artikel 28 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990
Agendapunt commissie: steller telefoonnummer email Haiko van Erp 3519 [email protected] agendapunt kenmerk datum raadsvergadering onderwerp 12raad00309 Wijziging beleid kwijtschelding gemeentelijke
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 33 755 Wijziging van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en van de Invorderingswet 1990 in verband met de wijziging van de percentages belasting-
http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_15-01-2015/afdrukken
http://wetten.overheid.nl/bwbr0011987/geldigheidsdatum_/afdrukken Page 1 of 5 Wet financiering decentrale overheden (Tekst geldend op: ) Wet van 14 december 2000, houdende nieuwe bepalingen inzake het
3. Bij brief van 3 mei 2007 heeft het hoogheemraadschap naar aanleiding van een brief van verzoekster van 27 maart 2007 gesteld:
Rapport 2 h2>klacht Verzoekster klaagt erover dat het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft geweigerd haar kwijtschelding te verlenen van de waterschapsbelasting 2007. Zij is het er niet mee
gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg
gemeente Steenbergen De Heen Dinteloord Kruisland Nieuw-Vossemeer Steenbergen Welberg min i in ii ii mi mi BM1300497 Raadsvergadering 25 april 2013 Agendanummer Onderwerp Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 30 330 Wijziging van de Wet op de loonbelasting 1964 en van enige andere wetten (Wet aanvullend overgangsrecht fiscale behandeling pensioen) Nr.
Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van xxxxxx, nr. xx ;
RAADSBESLUIT GEMEENTE DE MARNE Agendapunt nummer : De raad van de gemeente De Marne Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van xxxxxx, nr. xx ; Gelet op: artikel 229, eerste lid, aanhef en
Tweede Kamer der Staten-Generaal
Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2004 2005 29 944 Wijziging van de Invorderingswet 1990 en van de Wet inkomstenbelasting 2001 Nr. 3 MEMORIE VAN TOELICHTING I. ALGEMEEN 1. Wijziging van de
Rapport. Rapport over een klacht over het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT) te Zwolle.
Rapport Rapport over een klacht over het Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus-Tricijn (GBLT) te Zwolle. Datum: 18 mei 2016 Rapportnummer: 2016/047 2 Wat is de klacht? Verzoekster klaagt er, via
Kwijtschelding waterschappen
Kwijtschelding waterschappen Kwijtschelding waterschappen Pagina 2 van 45 Kwijtschelding waterschappen Pagina 3 van 45 Inhoudsopgave 1 Inleiding 5 2 Wet- en regelgeving en huidig kwijtscheldingsbeleid
Invorderingswet. Revisierente. Aansprakelijkheid verzekeraars
Invorderingswet. Revisierente. Aansprakelijkheid verzekeraars Besluit 31-03-2006 nr CPP06-507 Invorderingswet 1990. Aansprakelijkheid verzekeraars in verband met een inkomensvoorziening, een arbeids- of
Gemeente Woerden. besluit: Verordening op de heffing en de invordering van hondenbelasting 2014
RAADSBESLUIT 13R. 00389 Gemeente Woerden 13R.00389 ^^^^^^ 3b gemeente WOERDEN Agendapunt: 7. H-2.3 Onderwerp: Verordening hondenbelasting 2014 De raad van de gemeente Woerden; gelezen het voorstel d.d.
4. De heer B. heeft zijn klacht op 9 februari 2010 ter beoordeling aan de Nationale ombudsman voorgelegd.
Rapport 2 h2>klacht De heer D. klaagt erover dat het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nijmegen zijn verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belasting over 2009 heeft afgewezen,
4. De heer H. heeft bij de Nationale ombudsman geklaagd over de weigering van de BSR hem kwijtschelding te verlenen.
Rapport 2 h2>klacht Verzoeker klaagt erover dat de Belastingsamenwerking Rivierenland zijn verzoek om kwijtschelding over 2009 heeft afgewezen, omdat de waarde van zijn tweede auto volledig wordt meegenomen
BELEIDSREGELS INZAKE HET TOEKENNEN VAN AMBTSHALVE VERMINDERINGEN
BELEIDSREGELS INZAKE HET TOEKENNEN VAN AMBTSHALVE VERMINDERINGEN Het Dagelijks Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (hierna de BSR); Gelet op het bepaalde in artikel
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden
Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2002 399 Wet van 27 juni 2002, houdende de Wet op het BTW-compensatiefonds Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Tijdelijke Verordening kwijtschelding privé-belastingen ondernemers
GEMEENTEBESTUUR VAN VEENDAM 17 juni 2013 Nummer: Afdeling: 2013R0058 EDV Veendam, 7 mei 2013 Onderwerp: Tijdelijke Verordening kwijtschelding privé-belastingen ondernemers Voorstel 1. Pilot instellen ten
