Zorgpad. Longkanker. Aangeboden door
|
|
|
- Alexander Vos
- 9 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 Zorgpad 1 Longkanker Aangeboden door
2 Wat staat in 2 deze brochure? Inleiding 3 Risicofactoren voor het krijgen van longkanker 3 Klachten 4 Diagnose: hoe kunnen we longkanker vaststellen? 4 Vragen en keuzes: naar welk ziekenhuis wilt u gaan? 5 Welke typen longkanker zijn er? 5 Welke stadia van longkanker zijn er? 6 De behandeling van longkanker 6 Nazorg na behandeling 6 Terugkeer van longkanker: recidief 7 Vooruitzichten:de prognose 8 Palliatieve zorg 8 Vergoedingenoverzicht 9 Aanvullende informatie 8 Check list longkanker 9
3 Inleiding 3 Kwaadaardige tumoren ontstaan door een ongecontroleerde woekering van cellen die door omliggende weefsels heen groeien en na verloop van tijd ook kunnen uitzaaien naar andere plaatsen in het lichaam. Men spreekt dan van kanker. Longkanker is een verzamelnaam voor kwaadaardige tumoren die groeien in en vanuit de longen. Longkanker is een ernstige ziekte die bij een aanzienlijk deel van de mensen tot de dood leidt. In 2008 werd bij mensen in Nederland longkanker vastgesteld (0,66 per personen). Longkanker komt vaker voor bij mannen dan bij vrouwen: 60% tegen 40%. Longkanker is na prostaatkanker de meest voorkomende vorm van kanker bij mannen: 16% van alle mannen met kanker heeft longkanker. In 2009 stierven 9960 mensen aan longkanker (0,78 per mannen en 0,42 per 1000 vrouwen). Bij mensen onder de 25 jaar komt longkanker bijna niet voor. Het risico om longkanker te krijgen neemt toe met de leeftijd (van ongeveer 0,9 per 1000 mensen per jaar bij mensen tussen jaar tot 3,5 per 1000 mensen per jaar bij mensen ouder dan 75 jaar). Aan longkanker sterven meer mensen dan aan alle andere soorten kanker. Het is dus een agressieve en moeilijk behandelbare vorm van kanker. Risicofactoren voor het krijgen van longkanker Sommige omstandigheden en vormen van gedrag leiden tot een grotere kans om longkanker te krijgen: Roken is de belangrijkste risicofactor. Van alle mensen die longkanker krijgen heeft 90% gerookt. Mensen die 40 jaar lang één pakje sigaretten per dag gerookt hebben, hebben een 20 keer grotere kans om longkanker te krijgen dan een niet-roker. Wanneer mensen stoppen met roken, daalt deze kans langzaam over een periode van 15 jaar. Hierna blijft de kans nog altijd tweemaal groter dan bij niet-rokers. Stoppen met roken is daarom het belangrijkste wat u kunt doen om longkanker te voorkomen (preventie). Blootstelling aan kankerverwekkende stoffen, zoals asbest, chroom, nikkel, en arseen is een risicofactor. Deze stoffen worden in bepaalde industrieën en in de bouw gebruikt. Daar dienen stringente veiligheidsmaatregelen in acht te worden genomen (preventie). Patiënten die bestraald werden op de borstkas (bijvoorbeeld in verband met borstkanker- of lymfoom) hebben een grotere kans om longkanker te ontwikkelen. Patiënten met chronische longziekten, zoals longfibrose, COPD/CARA, verlittekening door een doorgemaakte tuberculose-infectie en auto- immuunziekten (o.a. HIV). Ook erfelijke aanleg, binnen bepaalde families, voor het ontwikkelen van (long)kanker speelt een rol. Een relatie tussen longkanker en bepaalde voeding is nooit vastgesteld. Preventief onderzoek: Omdat het zo belangrijk is om longkanker in een vroeg (behandelbaar) stadium op te sporen, lijkt preventief onderzoek (screening) zinvol. Het gaat dan met name om mensen die een hoger risico lopen om longkanker te krijgen (mensen >40 jaar die gerookt hebben, met kankerverwekkende stoffen hebben gewerkt of bij wie (long)kanker in de familie voorkomt). Er is echter nog geen wetenschappelijk bewijs dat screening, bijvoorbeeld via periodiek een longfoto, een CT scan van de longen en/of bloedonderzoek, zinvol is.
4 Klachten 4 Welke klachten kunnen optreden bij longkanker? Hoesten: kortgeleden ontstaan, of verandering van hoesttoon bij een langer bestaande hoest Aanhoudend ophoesten van slijm Ophoesten van bloed Benauwdheid bij inspanning Benauwdheid afhankelijk van lichaamshouding Piepende ademhaling Longontsteking of terugkerende longontstekingen Heesheid Pijn aan de borstkaswand Bij uitbreiding van de longkanker kunnen meer algemene en andere klachten optreden: Gewichtsverlies Malaiseklachten Moeheid Klachten door doorgroei van de tumor buiten de longen (o.a. spierzwakte van een arm, heesheid, een hangend ooglid, hartklachten, slikklachten, aanhoudende hik) Klachten door uitzaaiing van de tumor (o.a. bot-, buik- of hoofdpijn) Longkanker kan eerst in de long onopgemerkt groeien. Daarom levert het in de meerderheid van de gevallen pas in een laat stadium van de ziekte klachten van de long op. Dan kan de ziekte niet altijd meer worden genezen. Daarnaast kan de ziekte zich ook uiten met andere bijverschijnselen: doordat groei van een kwaadaardige tumor invloed kan hebben op normale chemische en hormonale processen in het lichaam, kunnen ook bepaalde bijverschijnselen optreden. Deze bijverschijnselen worden niet direct veroorzaakt door de groei van de tumor zelf en kunnen op afstand overal in het lichaam plaatsvinden. Deze verschijnselen worden paraneoplastische syndromen (PNS) genoemd. Ze kunnen zelfs een eerste openbaring van de ziekte zijn. Wanneer alert gereageerd wordt op deze verschijnselen, kunnen sommige longtumoren in een vroeg stadium worden opgespoord en ontdekt. Enkele voorbeelden: Hormonale stoornissen: syndroom van Cushing (teveel aanmaak van cortisol door de bijnieren met als gevolg onder andere klachten als gewichtstoename, rode wangen, hoge bloeddruk, acne, verminderde spierkracht benen en botontkalking, te hoog Calcium gehalte in het bloed (onder andere klachten als minder eetlust, misselijkheid, hartritmestoornissen, duizeligheid, overmatig urineren, spierzwakte en verwardheid), het optreden van zogenaamde horlogeglasnagels en trommelstokvingers, stoornissen in de zouthuishouding van het lichaam. Stoornissen van de bloedaanmaak: bloedarmoede, overmatige aanmaak van witte bloedcellen (granulocytose) of bloedplaatjes (trombocytose). Stoornissen van de bloedstolling: verhoogde stollingsneiging (trombose en/of longembolie), of juist verlaagde stollingsneiging (bloedingneiging). Gewichtsverlies: door snelle groei van een tumor kan een tekort aan voedingsstoffen in het lichaam ontstaan. Huidziekten: blaarziekte (bulleus pemphigoid), visschubziekte (Ichtyosis), ontsteking van huid en spieren (dermatomyositis), overmatige haargroei, of het ontsteken van aderen (tromboflebitis migrans). Paraneoplastische verschijnselen van het zenuwstelsel komen relatief vaak voor bij longtumoren (ca. 60% van de tumoren): denk aan aandoeningen aan de zenuwen (neuropathie), gedragsafwijkingen en geheugenstoornissen, epilepsie of spierzwakte. Deze klachten zijn meestal het gevolg zijn van verstoringen in het immuunsysteem. Onbegrepen koorts en vermoeidheid.
5 Diagnose: hoe kunnen we 5 longkanker vaststellen? Bij het optreden van bepaalde of meer algemene klachten is de huisarts uw eerste aanspreekpunt. Diverse algemene klachten doen niet altijd direct denken aan longkanker. Dat kan ook het stellen van de diagnose vertragen, waarmee ook goede behandeling pas later ingezet kan worden. De huisarts zal eerst middels een vraaggesprek (anamnese) en lichamelijk onderzoek een vermoedelijke diagnose stellen. Daarnaast kunnen bloedonderzoek, Röntgenfoto s van de borstkas (in twee richtingen) en een CT scan van de borstholte en longen verricht kunnen worden. Bij afwijkingen die wijzen in de richting van een longaandoening of zelfs longkanker zal de huisarts u doorverwijzen naar de medisch specialist op het gebied van longziekten: de longarts. De longarts kan, naast een aanvullende anamnese en lichamelijk onderzoek, uitgebreider aanvullend onderzoek uitvoeren: Algemeen bloedonderzoek. Daarnaast zijn er bepaalde eiwitten in het bloed (NSE, progrp) die samenhangen met het voorkomen van een bepaald type longkanker, het kleincellig longcarcinoom. Bronchoscopie: onderzoek van de luchtwegen met een flexibele kijkslang via de mond, waarbij afwijkend weefsel kan worden afgenomen voor onderzoek. Ook kan een spoeling van de luchtwegen worden uitgevoerd om celmateriaal te verkrijgen voor nader onderzoek. Echografie van de bovenbuik en lever kan worden gedaan om te zoeken naar eventuele uitzaaiingen van longkanker in de lever. Een PET-scan en/of botscan kan worden uitgevoerd om uitzaaiingen in de rest van het lichaam op te sporen. Bij mensen met een verdenking op niet-kleincellig longcarcinoom wordt een FDG-PET/CT scan vervaardigd om uitgebreidheid van eventuele lymfeklieruitzaaiingen te onderzoeken. Voor deze scan wordt radioactief glucose (FDG) via een infuus in de bloedbaan gebracht. Op deze manier kunnen snelgroeiende weefsels (zoals kanker) worden ontdekt. Echografie via de slokdarm om uitzaaiingen van de tumor in de borstholte op te sporen. Stukjes weefsel kunnen worden afgenomen. Kijkoperatie van de borstholte (mediastinoscopie) kan worden uitgevoerd om doorgroei en/of uitzaaiingen van de tumor in de borstholte op te sporen. Dit onderzoek kan onder algehele narcose plaatsvinden voorafgaand aan een uitgebreidere longoperatie. Vragen en keuzes: naar welk ziekenhuis wilt u gaan? Als u voor verder onderzoek door de huisarts wordt doorverwezen naar een ziekenhuis, heeft u de keuze naar welk ziekenhuis u wilt gaan. U kunt afgaan op het advies van uw huisarts, maar ook zelf onderzoeken naar welk ziekenhuis u wilt. Wilt u meer informatie over de verschillende ziekenhuizen waar u terecht kunt? Zie de Patiëntenwijzer longkanker op Dit Zorgpad is gebaseerd op de gegevens die de Nederlandse ziekenhuizen hebben aangeleverd over de zorg aan patiënten met longkanker. Op basis van diverse criteria kunt U kiezen tussen de verschillende ziekenhuizen: denk daarbij aan afstand, snelheid van de diagnose en start van de behandeling, of er ter plaatse longoperaties plaatsvinden, of er ter plaatse een PET scan aanwezig is, of er Multidisciplinair Overleg plaatsvindt, of u een vaste behandelend specialist krijgt en wensen ten aan zien van de communicatie. Natuurlijk kunt u ook bij Zilveren Kruis terecht. We kunnen u helpen met het vragen over de kwaliteit van zorg. Zo heeft iedereen andere eisen en wensen als het om een ziekenhuis gaat. Via onze contacten in de zorg en onze kwaliteitsonderzoeken kunnen we u advies geven. U kunt bellen met onze afdeling Zorgbemiddeling: Wij helpen u graag in deze moeilijke periode met de eerste stap via een gesprek.
6 Welke typen longkanker 6 zijn er? De meeste tumoren van de long ontstaan uit de bekledende cellen (epitheelcellen) van de luchtwegen in de longen. Longkanker van de bronchus (bronchus carcinoom) wordt onderverdeeld in verschillende soorten, die uitgaan van verschillende soorten cellen en die zich op verschillende manieren gedragen en groeien. De belangrijkste typen zijn: Kleincellig longcarcinoom (13%): dit gaat uit van bekledende epitheelcellen en groeit zeer snel (de tumor, het gezwel verdubbelt elke 30 dagen). Niet-kleincellig longcarcinoom (81%) Plaveiselcel carcinoom (20%): gaat uit van bekledende plaveiselcellen van de luchtwegen (tumor verdubbelt elke 100 dagen) Adenocarcinoom (38%): gaat uit van slijm producerende kliercellen, (tumor verdubbelt elke 180 dagen) Grootcellig niet-gedifferentieerd carcinoom (5%): groeisnelheid is onbekend Andere vormen van niet Niet-kleincellig longcarcinoom (18%) Een andere vorm van kanker in de longen is mesothelioom, dat uitgaat van het longvlies en kan ontstaan na langduriger blootstelling aan asbest. Door de verschillen in behandeling, verloop en vooruitzichten (prognose) wordt in de volgende hoofdstukken onderscheid gemaakt tussen kleincellig en niet-kleincellig longcarcinoom. Welke stadia van longkanker kunnen worden vastgesteld? Aan de hand van de genoemde aanvullende onderzoeken kan het stadium van de tumor worden vastgesteld. Dat bepaalt vervolgens de behandeling en een inschatting van de vooruitzichten (prognose en mogelijke levensduur). Belangrijke gegevens zijn daarbij zijn de uitgebreidheid van de tumor zelf (T), uitzaaiingen in de lymfeklieren (N), en uitzaaiingen in de rest van het lichaam (M). Kleincellig longcarcinoom Bij kleincellig longcarcinoom wordt onderscheid gemaakt tussen limited disease (beperkte ziekte), waarbij de tumor en eventuele lymfeklieruitzaaiingen zich beperken tot één helft van de borstkas en het mediastinum (de ruimte tussen beide longen), en extensive disease (uitgebreide ziekte), waarbij de ziekte zich verspreid heeft naar beide zijden van de borstkas en/of naar andere organen. Er wordt ook gebruik gemaakt van een onderscheid in vier stadia (tabel 3), waarbij stadia I t/m III onder de limited disease vallen. Bij ongeveer een derde van de patiënten met een kleincellig longcarcinoom is er sprake van limited disease: de behandeling is er dan op gericht de patiënt te genezen. Dit noemt men een curatieve opzet van de behandeling. Extensive disease wordt als ongeneeslijk beschouwd: de behandeling is er in dat geval op gericht het leven te verlengen en de klachten ten gevolge van de ziekte te verminderen. Dit noemt men een palliatieve opzet van de behandeling. Niet-kleincellig Longcarcinoom Bij niet-kleincellig longcarcinoom bestaan de volgende stadia (tabel 1): IA en IB, waarbij de tumor beperkt is tot een long. IIA en IIB, waarbij de tumor beperkt is tot een long maar met uitzaaiing in de omliggende lymfeklieren of doorgroei in de omliggende weefsels zonder uitzaaiing in de lymfeklieren. IIIA en IIIB, waarbij er sprake is van uitgebreidere uitzaaiing in de lymfeklieren met of zonder doorgroei in de omliggende weefsels. IV, waarbij er sprake is van uitzaaiing naar andere organen. Bij stadium I t/m III richt de behandeling zich in principe op genezing, in opzet dus een curatieve behandeling. Stadium IV wordt als ongeneeslijk beschouwd, de behandeling richt zich op het verlichten van klachten en het verlengen van de levensduur, in opzet dus een palliatieve behandeling.
7 7 Primaire tumor TX T0 Tis T1 T2 T3 T4 Regionale lymfeklieren NX N0 N1 N2 N1 Metastasen op afstand MX M0 MX Primaire tumor niet te beoordelen, óf tumor alleen aangetoond door aanwezigheid van maligne cellen in sputum of bronchusspoeling zonder dat de tumor röntgenologisch of bronchoscopisch zichtbaar is Primaire tumor niet aangetoond Carcinoma in situ Tumor < 3 cm, omgeven door long of viscerale pleura en bij bronchoscopisch onderzoek geen aanwijzingen voor ingroei proximaal van de lobaire bronchus T1a: 2cm T1b: > 2 en 3 cm Tumor > 3 cm en 7 cm, of tumor van elke grootte met één of meer van de volgende kenmerken: infiltratie in pleura visceralis; in hoofdbronchus groeiend, echter > 2 cm distaal van de hoofdcarina; atelectase of obstructiepneumonie tot in de hilus, maar beperkt tot minder dan de gehele long, zonder pleuravocht. T2a: > 3 en 5 cm T2b: >5 en 7 cm Tumor > 7cm of tumor van elke grootte met directe uitbreiding naar thoraxwand (inclusief sup. sulcus tumoren) inclusief aanliggende rib(ben), diafragma, n. phrenicus, mediastinale pariëtale pleura, pariëtaal pericard, óf tumor in hoofdbronchus < 2 cm distaal van de carina; óf tumor samenhangend met atelectase of obstructiepneumonie van de gehele long, of separate tumornoduli in dezelfde kwab als de primaire laesie Tumor van elke grootte met uitbreiding naar: mediastinum, hart, grote vaten, trachea, n. laryng. recurrens, carina, oesophagus, wervellichaam; of separate tumornoduli in andere kwab als de primaire tumor Lymfeklierstatus niet te beoordelen Geen regionale lymfekliermetastase aangetoond Metastase ipsilaterale peribronchiale en/of ipsilaterale hilaire lymfeklieren, inclusief directe doorgroei Metastase ipsilaterale mediastinale en/of subcarinale lymfeklieren Metastase in contralaterale mediastinale, contralaterale hilaire óf ipsi- en/of contralaterale lymfeklieren van de m. scalenus, of supraclaviculaire lymfeklieren Metastasen op afstand niet vast te stellen Geen metastasen op afstand Metastasen op afstand M1a: separate tumornodus of nodi in contralaterale longkwab, tumor met pleurale nodi, of maligne pleurale of pericardiale effusie M1b: metatstasen op afstand Tabel 1 De TNM 7 classificatie voor grootte en uitbreiding van longtumoren, die wordt aangehouden door de Integraal Kankercentrum Nederland. Primaire tumor Occult carcinoom TX N0 M0 Stadium 0 Tis N0 M0 Stadium IA T1 N0 M0 Stadium IB T2 N0 M0 Stadium IIA T1 N1 M0 Stadium IIB T2 T3 N1 N0 M0 M0 Stadium IIIA Stadium IIIB T1 T2 T3 Elke T T4 N2 N2 N1, N2 N3 Elke N Stadium IV Elke T Elke N M1 Tabel 2 De stadia van Niet-kleincellig longcarcinoom volgens de TNM7 classificatie. M0 M0 M0 M0 M0 Stadium Tumorgrootte Lymfeklier-uitzaaiingen Uitzaaiingen op afstand Occult carcinoom TX N0 M0 Stadium 0 Tis N0 M0 Stadium IA T1 N0 M0 Stadium IB T2 N0 M0 Stadium IIA T1 N1 M0 Stadium IIB T2 T3 N1 N0 M0 M0 Stadium IIIA T1 T2 T3 N2 N2 N1,N2 M0 M0 M0 Stadium IIIB Elke T T4 N3 elke N M0 M0 Stadium IV Elke T Elke N M1 Tabel 3 De stadia van Niet-kleincellig longcarcinoom volgens de TNM7 classificatie.
8 De behandeling van 8 longkanker en kwaliteit De behandeling van longkanker vindt plaats door een oncologisch team. In het algemeen is de longarts de hoofdbehandelaar die het team coördineert. Het verdere team bestaat uit de oncoloog, de oncologisch verpleegkundige, de radiotherapeut, de thorax chirurg. Bij het aanvullend onderzoek zijn ook betrokken de patholooganatoom, de radioloog, de nucleair geneeskundige en soms andere specialisten zoals de neuroloog, de orthopedisch chirurg, de pijnspecialist en de internist. Verdere ondersteuning kan geboden worden door maatschappelijk werk en psycholoog. Patiënten met longkanker dienen te worden behandeld door een multidisciplinair team met periodiek multidisciplinair overleg volgens de geldende criteria van het Nederlands Kanker Instituut (NKI). Longoperaties dienen te worden verricht in ziekenhuizen die ingericht zijn op deze zorg en minimaal 20 van deze operaties per jaar uitvoeren. In het geval van bepaalde complexere tumoren (T3 of T4 tumoren) en/of ernstiger bijkomende long en hartziekten dient de behandeling te worden uitgevoerd in samenwerking met een verder gespecialiseerd centrum. In Nederland kennen we diverse gespecialiseerde kanker behandelcentra: Amsterdam Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis Amsterdam Amsterdams Medisch Centrum (AMC) Amsterdam Vrije Universiteit Medisch Centrum (VUmc) Groningen Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) Leiden Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) Nijmegen Radboud Universitair Centrum voor Oncologie (RUCO) Rotterdam Erasmus MC / Daniel den Hoed Kliniek Utrecht UMC Utrecht UMC Utrecht Cancer Center Kwaliteit van zorg In alle ziekenhuizen wordt gewerkt volgens de laatste richtlijnen van de Vereniging Integrale Kankercentra (VIKC): Er zijn 8 regionale Integrale Kankercentra: ze vormen een regionaal netwerk, waarin overleg plaatsvindt en afstemming bij de behandeling van patiënten. Bij de diagnose en behandeling van longkanker is snelheid essentieel, omdat tijdsverlies betekent verdere uitbreiding van de kanker, meer kans op uitzaaiingen, moeilijkere behandeling en dus een slechtere uitkomst. Operatieve behandeling van longkanker Niet altijd is vooraf met zekerheid te zeggen welk type operatie moet worden uitgevoerd om de gehele tumor weg te kunnen nemen. Er vind ook een beoordeling plaats tijdens de operatie, met name ook hoever de tumor is doorgegroeid. Belangrijk is dat geprobeerd wordt de gehele tumor weg te nemen, met meenemen van lymfeklieren. De operatie kan worden verricht door een snee in de borstkas, loodrecht in het midden (door het borstbeen, sternotomie), of door een snee in de flank tussen de ribben door (laterale thoracotomie). Diverse typen operatie zijn mogelijk: Segmentresectie: wegnemen van een deel van de longkwab. Lobectomie: wegnemen van de gehele longkwab. Lobectomie via VATS (Video Assisted Thoraco Scopie): verwijderen van één longkwab met tumor via een kijkoperatie. Lobectomie met wigresectie: wegnemen van één longkwab met wig-of segmentresectie van naastgelegen longkwab. Pneumonectomie: wegnemen van één gehele long aan één kant. Sleeve -resectie: wanneer de tumor vanuit één longkwab in de hoofdluchtweg van één long is gegroeid, wordt deze doorsneden en worden de aftakkingen van de resterende longkwab(ben) hierop aangesloten. Zo kan voorkomen worden dat de gehele long moet worden weggenomen. Carina -resectie: wanneer de tumor zich op de hoofdsplitsing van de twee longen bevindt, kan in geselecteerde gevallen ook de hoofdsplitsing worden meegenomen. De hoofdluchtweg van de overgebleven long wordt dan weer op de luchtpijp aangesloten. Indien één patiënt twee tumoren heeft, kunnen meerdere longkwabben worden weggenomen. Indien het weefselonderzoek na de operatie aantoont dat de tumor niet in zijn geheel is verwijderd (het snijvlak blijkt niet vrij te zijn van tumor) dan kan bestraling worden overwogen. Ook wanneer blijkt dat meer lymfeklieren tumorcellen bevatten dan vooraf verwacht, kan na de operatie extra bestraling worden overwogen.
9 9 Mogelijke complicaties (onverwachte gevolgen) van longoperaties: Bloeding of nabloeding: doordat de operatie plaatsvindt in een gebied met grote bloedvaten, kunnen ernstige, levensgevaarlijke bloedingen optreden. Gelukkig komt dit zelden voor. Infectie: er kan een infectie optreden in de wond, antibioticabehandeling is dan noodzakelijk. Ook kan een puscollectie in de borstholte ontstaan (empyeem), waarvoor een extra drain (slangetje waardoor wondvocht en bloed kan worden afgevoerd) moet worden geplaatst. Longontsteking: er kan een longontsteking ontstaan, behandeld met antibiotica. Luchtlekkage: als gevolg van de operatie bestaat vaak enige dagen luchtlekkage uit de long in de borstholte. Hiervoor is tijdelijk een drain nodig, die tijdens de operatie wordt ingebracht. Wanneer de lekkage langer optreedt dan een week, kan dit een teken zijn van lekkage uit een groter deel van de long of luchtweg. Om dit te herstellen is soms een tweede operatie nodig. Hartritmestoornissen: na de operatie kunnen tijdelijke ritmestoornissen van het hart ontstaan (zoals de onregelmatige hartslag bij boezemfibrilleren). Atelectase: de luchtweg van een deel van de long kan verstopt raken door een slijmprop (atelectase). Dit kan vaak met fysiotherapie behandeld worden, maar soms dient de prop verwijderd te worden via een flexibele kijkslang (bronchoscopie). Zenuwletsel: ten gevolge van meenemen of beschadigen van een bepaalde zenuwtak bij het verwijderen van (een deel van) de long, kan blijvende heesheid optreden. Trombose: als gevolg van langdurig stilliggen na de operatie kunnen bloedstolsels ontstaan in de benen (trombose) die vervolgens door vervoer naar het hart en de longen longembolieën (stolsels in het longvaatbed) kunnen veroorzaken. Ondanks dat patiënten hiervoor preventieve bloedverdunnende medicijnen krijgen, kan het toch optreden. De kans op sterfte ten gevolge van longoperaties varieert tussen de 0 en 6%, afhankelijk van de leeftijd, lichamelijke conditie, de ernst van de ziekte en het optreden van complicaties. De kans dat u ten gevolge van een complicatie opnieuw moet worden geopereerd is klein (rond de 3%). De meeste heroperaties worden uitgevoerd vanwege het optreden van bloedingen of blijvende luchtlekkage. Bij het wegnemen van een enkele longkwab in een vroeg stadium van longkanker, is Video-Assisted Thoracoscopic Surgery (VATS), oftewel een kijk- of sleutelgatoperatie, iets voordeliger dan open operaties. VATS kent een kortere opnameduur, een kortere borstkas drainageduur en zelfs een iets betere overleving op langere termijn. Bij VATS wordt de longkwab weggenomen via een aantal kleine sneden (ca. 1 cm) in de borstkas, waar met dunne instrumenten onder zicht van een camera doorheen geopereerd kan worden. Herstel na longoperatie Patiënten verblijven na een longoperatie doorgaans nog 5-7 dagen in het ziekenhuis, afhankelijk van de snelheid van lichamelijk herstel en het optreden van eventuele complicaties. Na een longoperatie worden patiënten enige tijd op de Intensive Care bewaakt, alvorens ze naar de gewone verpleegafdeling gaan. Na de operatie worden één of meerdere drains achtergelaten in de borstholte, om wondvocht en bloed te laten afvloeien. Fysiotherapie is nodig om de ademhaling en hoestfunctie snel te verbeteren. Het uiteindelijke herstel kan maanden duren, afhankelijk van het type operatie, de eventuele complicaties en de lichamelijke conditie. Omdat de meeste patiënten in deze periode ook chemotherapie krijgen, wordt het als een extra zware periode ervaren.
10 Chemotherapie 10 Chemotherapie is vaak onderdeel van de behandeling bij longkanker. Chemotherapeutica zijn giftige medicijnen die delende cellen, zoals kankercellen, kunnen doden. Probleem daarbij is dat gezonde delende cellen ook beschadigd kunnen worden. Door de chemotherapie in een precieze hoeveelheid te geven kan de schade aan gezonde cellen (hopelijk) beperkt worden. Een voordeel van chemotherapie is dat het ook beginnende uitzaaiingen (micrometastasen) kan behandelen, omdat de medicijnen via het bloed in het gehele lichaam terecht komen. Chemotherapie wordt meestal via een infuus gegeven gedurende een korte ziekenhuisopname. Sommige middelen kunnen in de vorm van drank of tabletten in de thuissituatie worden gegeven. Omdat de gezonde cellen tijdelijk kunnen beschadigen en dan moeten herstellen, wordt chemotherapie in kuren toegediend (enkele dagen chemotherapie, gevolgd door enkele weken rust). Wanneer langdurig chemotherapie moet worden gegeven of het herhaald infuusprikken hinderlijk is kan een onderhuids injectiedepot ingebracht worden: een zogenaamde port-a-cath. Bij iedere chemokuur kan dan de porth-a-cath worden aangeprikt. Zo hoeft niet iedere keer een infuus ingebracht te worden. Er zijn een aantal algemene bijwerkingen van chemotherapie: Misselijkheid en braken: dit kan goed behandeld worden met medicijnen. Optreden van een tekort aan rode en witte bloedcellen door verminderde werking van het beenmerg. Daardoor kunnen bloedarmoede, en een verhoogde kans op infectie en bloedingen ontstaan. Wanneer dit optreedt, is het in bepaalde gevallen noodzakelijk de chemotherapie te stoppen. Nierschade: met name platinahoudende middelen hebben deze bijwerking. In dat geval kan extra vocht worden toegediend via een infuus. Schade aan zenuwen: met name platinahoudende middelen kunnen beschadiging van zenuwen (neuropathie) in benen en armen tot gevolg hebben. Het kan verbeteren na het stoppen van de chemotherapie, maar er kan ook blijvende schade ontstaan. Vermoeidheid treedt vaak op, ook wel door bestraling of de ziekte zelf. Huiduitslag. Haaruitval. Gewichtsverlies en verminderde eetlust treden vaak op, ook ten gevolge van de ziekte zelf. Begeleiding door een diëtist is dan extra van belang. Voor niet-kleincellig longkanker is er, naast de chemotherapie, ook de mogelijkheid een nieuwe generatie medicijnen te gebruiken: de TKI of Tyrosine Kinase Inhibitors. Dit is een doelgerichte therapie voor patiënten die een mutatie, bepaald type afwijking, in de zogenaamde EGFR receptor hebben. Het blijkt dat zo n 10% van alle longkanker patiënten deze mutatie hebben en dus met EGFR-TKI s behandeld kunnen worden. Bestraling (radiotherapie) Radiotherapie maakt gebruik van röntgenstraling. Deze radioactieve straling heeft een schadelijk effect op weefsels en cellen. Dit schadelijke effect is bij kankercellen groter dan bij gezonde cellen. Bestraling heeft een plaatselijk effect in het lichaam (locoregionaal). Dat betekent dat het gebruikt kan worden tegen de tumor zelf en de lymfeklieren in de buurt. Er bestaat uitwendige en inwendige radiotherapie. Uitwendige radiotherapie wordt gegeven van buitenaf op het lichaam, vaak vanuit meerdere richtingen tegelijk, om de stralenbelasting op het omliggende gezonde weefsel zo laag mogelijk te houden. Bij inwendige radiotherapie (brachytherapie) wordt de straling naar de tumor geleid, om zo een nog preciezer effect te hebben. Dit wordt vaak ingezet bij een palliatief traject, als de longkanker ongeneselijk is. Bij palliatieve behandeling is de duur meestal korter. Het bestralingsschema zal uw radiotherapeut met u bespreken. Algemene bijwerkingen van bestraling zijn: Misselijkheid en braken. Slikklachten door medeneming van de slokdarm in het bestralingsveld. Haaruitval: haar komt meestal na de bestralingsperiode terug. Verkleuring en irritatie van de huid. Bindweefsel of littekenvorming in de long, waardoor de longfunctie achteruit kan gaan. Radiotherapie kan gericht zijn op genezing (curatief) en/of aanvullend aan een andere behandeling. Wanneer het curatief is, duurt de bestralingsperiode meestal 6 weken.
11 Nazorg na behandeling 11 Na behandeling voor longkanker worden patiënten regelmatig teruggezien door het behandelteam. Daarbij wordt gecontroleerd op latere bijwerkingen van de behandeling en op eventuele terugkeer van de ziekte (recidief). Omdat er bij een terugkeer van longkanker in het algemeen geen genezende behandeling meer mogelijk is, is het weinig zinvol om routinematig beeldvormend onderzoek. Nieuw onderzoek (zoals röntgenfoto s, CT scans) worden vooral verricht wanneer daar aanleiding toe is. Nacontroles vinden na behandeling in het algemeen elke 3 tot 6 maanden plaats, na twee jaar jaarlijks. Terugkeer van longkanker: recidief Kleincellig longcarcinoom Ondanks het reageren op chemotherapie zal bij ongeveer 80% van de patiënten met limited disease en nagenoeg alle patiënten met extensive disease de ziekte weer terugkomen. Dit kan via plaatselijke doorgroei of uitzaaiingen op afstand. De behandeling van voorkeur bij patiënten met een terugekeerd kleincellig longcarcinoom is dan chemotherapie. Omdat deze patiënten vaak al behandeld zijn met chemotherapie nadat de ziekte ontdekt werd, spreekt men in een dergelijk geval van tweedelijns chemotherapie. Slechts één op de drie patiënten met een recidief kleincellig longcarcinoom komt in aanmerking voor deze tweedelijns chemotherapie. Factoren als relatief hoge leeftijd, een slechte lichamelijke conditie, lichamelijke klachten en beperkingen ten gevolge van de tumor en complicaties spelen daarbij een rol. In 2009 werd aangetoond dat longkanker patiënten die intensiever gevolgd worden na hun eerstelijns chemotherapie via tweemaandelijkse CT-scans de terugkeer van longkanker eerder kon worden ontdekt. Ook reageerden deze recidieven beter op de tweedelijns chemotherapie, waardoor de gemiddelde levensduur verlengd kan worden van gemiddeld 13 maanden naar 20 maanden. Wanneer patiënten goed hebben gereageerd op de eerste chemotherapie kuur (>90 dagen ziektevrij na behandeling), dan is de kans groter dat de tweedelijns chemotherapie ook aanslaat. Er kan gekozen worden tussen verschillende soorten chemotherapeutica. Patiënten die goed reageren op de tweedelijns therapie, komen bij een hernieuwd recidief zelfs in aanmerking voor een derdelijns therapie. Niet-kleincellig longcarcinoom Van de patiënten die een chirurgische verwijdering van de tumor ondergaan overlijdt de helft binnen 5 jaar aan terugkeer van de ziekte. De ziekte kan terugkeren in de vorm van lokale doorgroei op de plaats waar de tumor zat, uitzaaiingen op afstand, of een combinatie van beide. De behandeling zal zich meestal dan richten op levensverlenging en het verlichten van lijden. Indien de tumor na een kleine operatie alleen plaatselijk terugkeert dan kan een tweede operatie uitgevoerd worden en kan de behandeling gericht zijn op genezing. Meestal is een operatie niet meer mogelijk. Dan blijven mogelijkheden als chemotherapie, radiotherapie of een combinatie van beiden over. Echter het terugkeren van de ziekte leidt bij de overgrote meerderheid van de patiënten tot overlijden binnen twee jaar. Slechts 25-30% van deze patiënten leeft nog na 5 jaar. Vooruitzichten: de prognose De vooruitzichten op genezing bij patiënten met longkanker zijn helaas slecht. Van alle patiënten die longkanker hebben geneest slechts 12-15%. Wanneer longkanker in opzet genezend behandeld is met een operatie, dan is de kans op overleving na vijf jaar 40-50%. Bij patiënten met een kleine tumor die niet dichtbij het hart en de grote bloedvaten groeit, is de kans op genezing 50-60%.
12 Palliatieve zorg 12 Behandeling van klachten De meerderheid van patiënten met niet te genezen longkanker krijgt in de loop van de ziekte klachten. Denk aan klachten als kortademigheid en het ophoesten van bloed. Ook kunnen klachten ontstaan ten gevolge van uitzaaiingen in de hersenen, het ruggenmerg en de botten. Het van groot belang om deze klachten zo goed mogelijk te behandelen en te zorgen voor verlichting. Naast een eventuele aanvullende behandeling met chemotherapie gaat het om behandeling van bepaalde klachten, eventuele bestraling, voldoende pijnstilling en passende (psychosociale) begeleiding en praktische ondersteuning. Enkele complicaties die bij langkanker kunnen optreden: Uitzaaiingen in de botten: wanneer patiënten ondanks chemotherapie toch botpijn krijgen, kunnen deze het beste behandeld worden door middel van bestraling. Meestal is één enkele bestralingsdosis voldoende. Bij ruim 90% van de patiënten met botuitzaaiingen heeft dit een goed pijnstillend effect. Prednisolon (een ontstekingsremmend bijnierschorshormoon) kan worden toegevoegd, evenals zogenaamde bisfosfonaten om botbreuken te voorkomen. Wanneer er een risico op een botbreuk ontstaat, kan het bot preventief worden geopereerd en verstevigd. Dit geldt vooral voor dragende botten zoals bovenbeen, scheenbeen, bovenarmbeen en wervels. Bloed ophoesten: bij zo n 20% van de patiënten met lonkanker treedt dit vroeger of later op. Bij 3% treedt zelfs een ernstige, soms dodelijke bloeding op. Voor de behandeling van bloed ophoesten, kunnen bestraling (uitwendig of inwendig), chemotherapie, embolisatie (afsluiten van het bloedvat via een in het bloedvat opgevoerde dunne, flexibele buis (katheter) of lasertherapie. De keuze wordt gemaakt op basis van de ernst van de bloeding, de fysieke conditie van de patiënt en de beschikbaarheid en ervaring in het betreffende ziekenhuis met de verschillende behandelingen. Bij ernstige bloedingen is het essentieel om de luchtweg open te houden en de bloeding tot staan te brengen. Dit wordt vaak via de luchtweg met een kijkslang (scoop) behandeld. Verbinding tussen luchtweg en slokdarm (tracheo-oesofageale fistel-vorming): ten gevolge van doorgroei van de tumor tot in de nabijgelegen slokdarm, en/of onder invloed van chemotherapie of bestraling, kan een open verbinding ontstaan tussen slokdarm en luchtweg. Voedsel en maagsap stroomt dan in de luchtweg. Dat kan ernstige longontstekingen veroorzaken. Voeding kan in dat geval via een neus-maag slangetjes (sonde) worden gegeven. Om te voorkomen dat patiënten afhankelijk worden van zo n sonde kunnen er en verstevigingen (stents) in de slokdarm en in de luchtweg geplaatst worden. Deze stents worden via flexibele kijkslangen ingebracht. Afklemming van de holle ader (vena cava superior-syndroom): bij 10% van de patiënten met een longtumor in de rechter bovenkwab treedt beknelling op van het bloedvat dat bloed terugvoert naar het hart (vena cava of de holle ader). Dit kan leiden tot vochtophoping in het aangezicht, de bovenarmen en de hersenen. Dit syndroom kan behandeld worden met bestraling en eventueel een versteviging (stent) in het bloedvat, die het vat openhoudt. Vocht achter de longen (pleura effusie): tumor doorgroei of uitzaaiing in de borstholte kan vocht achter de longen (pleuravocht) teweeg brengen. Daardoor ontplooien de longen minder goed, waardoor er kortademigheid ontstaat. Dit komt bij 7-15% van de patiënten met longkanker in de loop van de ziekte voor. Het vocht kan met een naald worden verwijderd. De long kan dan weer uitzetten, waardoor de benauwdheid afneemt. Wanneer het probleem vaker terugkeert, kan ervoor gekozen worden om de longbladen aan elkaar vast te maken, zodat er geen vocht meer tussen kan komen (pleurodese). Onder een roesje wordt via een drain in de borstholte steriel talkpoeder aangebracht. Dit wekt een ontstekingsreactie op, waardoor de bladen met elkaar vergroeien. Pijnbestrijding Pijn komt gedurende het verloop van de ziekte kanker regelmatig voor. Pijn kan bijvoorbeeld ontstaan door groei van de tumor of uitzaaiingen, diagnostische onderzoeken, operaties, chemotherapie, bestraling en door bijkomende lichamelijke gevolgen of complicaties van de ziekte (obstipatie, doorligplekken, spierverkramping, infecties). De oorzaak van de pijn bepaalt de behandeling. Er zijn verschillende typen pijn: pijn door weefselschade (nociceptief) of pijn door zenuwverdrukking- of schade (neuropathisch). De behandeling van deze typen pijn verschilt van elkaar. Pijn heeft behalve lichamelijke ook psychische aspecten. De pijnbeleving is individueel: die verschilt van de ene naar de andere mens. Gevoelens van boosheid, angst of schuld kunnen pijnklachten vergeren. Mensen van verschillende afkomst, cultuur en levensbeschouwing hebben een andere beleving en verwerking van pijn. Pijn hoeft niet altijd ter plaatse van de weefsel- of zenuwschade te worden gevoeld, maar kan ook door de hersenen op een ander deel van het lichaam worden geprojecteerd (referred pain). De intensiteit, ernst van pijn kan ook variëren. Er kan sprake zijn van acute, plotselinge pijn. Maar ook van het constanter worden van de pijn, chronificatie. Bij het ontstaan van plotselinge of meer geleidelijk oplopende pijn bij longkanker dient onderzocht te worden wat de oorzaak is. Daartoe dient vaak aanvullend onderzoek gedaan te worden. Bepaalde oorzaken van pijn (zoals bot uitzaaiingen), vereisen gespecialiseerde behandeling. Diverse behandelmethoden kunnen worden toegepast, waaronder medicijnen, niet-medicamenteuze behandelingen en zenuwblokkades. Van belang is dat de pijnbestrijding bij longkanker goed voor u wordt gecoördineerd en georganiseerd. De huisarts coördineert dit in de thuissituatie. Maar voor meer gespecialiseerde pijnbehandeling kan ook een multidisciplinaire pijnpolikliniek worden ingeschakeld. Daar kunnen, naast algemene pijnbestrijding, ook zenuw en wortelblokkades worden uitgevoerd. Vrijwel alle ziekenhuizen in Nederland kennen een dergelijke pijnpoli.
13 13 Goede voorlichting over pijn en pijnbehandeling is essentieel. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat als patiënten goede voorlichting en begeleiding krijgen de pijn als minder ervaren wordt en bijvoorbeeld minder medicatie noodzakelijk is. Niet medicamenteuze pijnbehandeling: Er is wetenschappelijk onderzoek gedaan naar diverse pijnbehandelingen zonder medicijnen. Een pijnstillend effect kan optreden bij behandelingen met: Warmte: met name bij oppervlakkige pijn. Koude: met name bij diepe pijn, ontsteking en gewrichtpijn. Massage: heeft een plaatselijk effect, werkt ontspannend. Oefentherapie: fysio- en/of oefentherapie kan plaatselijk pijn verminderen, met name gewricht -en spierpijn. TENS: een elektrische stimulatie van zenuwen kan pijnverlichting geven bij plaatselijke lokale en oppervlakkige pijn, uitstralende pijn vanuit organen en zenuwpijn. Ontspanningstechnieken: hebben een ontspannende werking op (spier)spanning en spierpijn. Afleiding: dit kan een positief effect hebben wanneer patiënten erg door hun pijn in beslag worden genomen. Cognitieve gedragstherapie: dit kan de zelfredzaamheid en omgang ( coping ) met pijn verbeteren. Behandeling met medicijnen: Bij algemene pijn door weefselschade wordt stapsgewijs pijnstillende medicatie voorgeschreven: Stap 1: Paracetamol en NSAID s (zoals aspirine, diclofenac, ibuprofen). Stap 2: Paracetamol, NSAID s en een zwak opiaat (codeïne) of synthetisch morfineachtig middel (zoals tramadol). Stap 3: Paracetamol, NSAID s en een sterk opiaat (zoals morfine, fentanyl, oxycodon, methadon, hydromorfon). Opiaten kunnen een versuffend effect hebben. Dat beïnvloedt bijvoorbeeld het autorijden, dat is niet toegestaan bij gebruik ervan. Opiaten kunnen ook verslavend werken, waarbij er gewenning optreedt en steeds grotere hoeveelheden nodig zijn. Opiaten worden als tablet voorgeschreven, maar ook als injectie of pleister. De tabletten zijn verkrijgbaar in een snelwerkende vorm en een langer werkende tablet met vertraagde afgifte. Wanneer er sprake is van zenuwpijn (neuropathische pijn) hebben bovengenoemde medicijnen vaak onvoldoende effect. Bij de behandeling van zenuwpijn wordt gebruik gemaakt van andere typen medicijnen: anti depressieve en anti epileptische medicijnen. Begeleiding Psychisch en sociaal Longkanker verstoord uw leven ingrijpend, zowel lichamelijk als psychisch. Patiënten kunnen te maken krijgen met emotionele, sociale of levensbeschouwelijke vraagstukken. Bij longkanker komen relatief vaak psychische klachten voor. Denk daarbij ook aan schuldgevoelens of schaamte door het idee een eigen aandeel te hebben in het krijgen van de ziekte (roken), kortademigheid en angst om te stikken, en de slechte vooruitzichten op genezing. Lichamelijke klachten kunnen de kwaliteit van leven fors verminderen. Het is van groot belang, naast de lichamelijk klachten, ook psychische klachten te bespreken met uw behandelaars. Ook uw familie en directe omgeving dienen betrokken te worden bij dergelijke klachten. Want ook voor hen heeft de ziekte en het ziekteproces grote gevolgen. Hulpverleners die een rol kunnen spelen bij de begeleiding zijn bijvoorbeeld gespecialiseerde verpleegkundigen, maatschappelijk werkers, psychologen, psychiaters, gespreksgroepen voor (kanker)patiënten en speciale revalidatieprogramma s. Voeding Voeding is een belangrijk aandachtspunt bij patiënten met (long) kanker. Patiënten met (long)kanker hebben vaak minder eetlust (door inactiviteit, bijwerkingen van medicijnen, tumorgroei, lichamelijke en psychische klachten) maar juist een hogere voedingsbehoefte (door de tumorgroei, intensieve behandelingen, operaties, ontstekingen, extra vochtverlies). Onvoldoende of onjuiste voeding kan leiden tot toename van moeheid, zwakte, gewichtsverlies en lusteloosheid. Het is daarom belangrijk om met uw huisarts en/of specialistisch behandelteam tijdig afspraken te maken over begeleiding door een gespecialiseerd diëtist. De laatste levensfase Bij gevorderde en ongeneselijke longkanker is de eerste prioriteit het zo optimaal mogelijk houden van de kwaliteit van leven. Naast goede pijnbestrijding en verdere ondersteunende zorg kan uiteindelijk ook worden gekozen om speciale palliatieve verpleegafdelingen van ziekenhuizen of een zogenaamd hospice in te schakelen. Wanneer het lijden zodanig is, dat het uitzichtloos wordt geacht, kan gekozen worden voor euthanasie of palliatieve sedatie. Bij euthanasie is sprake van het bewust beëindigen van het leven door middel van medicijnen. Dit kan door de huisarts worden gecoördineerd en moet volgens de wet in samenspraak met een tweede arts gebeuren (bijvoorbeeld een zogenaamde SCEN-arts). Bij palliatieve sedatie worden via een infuus continu slaapmiddelen toegediend, waardoor mensen de laatste dagen niet bewust meer meemaken. Ook dit kan thuis. Care for Cancer Via Zilveren Kruis kunt u terecht bij Care for Cancer. Care for Cancer biedt individuele ondersteuning aan mensen met kanker en aan hun naasten. Zij richten zich op patiënten, mantelzorgers en werkgevers. De care-consulenten van Care for Cancer zijn ervaren oncologieverpleegkundigen. Zij bezoeken u thuis, beantwoorden vragen over de diagnose en de behandeling en geven praktische tips voor de thuis- en werksituatie. Daarnaast geven zij voorlichting over aanvullende zorgmogelijkheden en verwijzen ze door naar bijvoorbeeld inloophuizen of patiëntverenigingen. De diensten van Care for Cancer sluiten aan op de zorg van het ziekenhuis. Het doel is dat u minder stress en onzekerheid ervaart en sterker staat in uw ziekteproces. Zilveren Kruis vergoedt de consulten van Care for Cancer (zie het vergoedingenoverzicht).
14 Vergoedingenoverzicht 14 De behandeling van borstkanker is voor iedereen maatwerk. Daarom hebbenwe hieronder de meest gebruikte vergoedingen voor u op een rijtje gezet: Second opinion http: / Best-Doctors.aspx http: / second-opinion.aspx Pruik http: / pruik.aspx Vervoer van zieken http: / vervoer-zieken.aspx Medisch specialistische zorg http: / medischspecialistischezorg.aspx Hoofdbedekking (shawl, hoofddoek) http: / Hoofdbedekking.aspx Training Herstel en Balans http: / herstel-en-balans.aspx Care for Cancer http: / Terug naar inhoudsopgave Aanvullende informatie Patiëntenorganisaties Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties ( De NFK biedt brede informatie over de diverse patiëntenverenigingen, overzichten van behandelmogelijkheden, wachttijden en kwaliteitsmetingen, informatiemateriaal, contactgroepen en de het laatste nieuws op het gebied van kanker. Andere (hulp)organisaties Een andere goede informatiebron is de KWF Kankerbestrijding (gratis KWF Infolijn ): en Psychosociale ondersteuning en therapie Landelijkoverzicht van inloophuizen en therapeutische centra, die ondersteuning en bepaalde therapieën bij kanker kunnen bieden. Aanvullende informatie Integraal Kankercentrum Nederland: Nederlands Vereniging voor Heelkunde: Nederlandse Vereniging van Artsen voor Longziekten en Tuberculose: Nederlandse Vereniging voor Thoraxchirurgie: Richtlijnen Integraal Kankercentrum Nederland: Richtlijnen Palliatieve Zorg: Stichting Voorlichting Palliatieve Zorg: Voedingscentrum informatie over dieet en voeding bij kanker:
15 Checklist longkanker 15 Overweegt u een consult bij uw behandelend arts over longkanker? Bereid u zich dan goed voor met deze checklist. U kunt deze vragen stellen aan uw behandelend arts. Uw huisarts kan diverse vragen ook voor u beantwoorden. U kunt de checklist ook aanvullen met uw eigen vragen. Neem de checklist mee of mail hem van tevoren naar uw behandelaar. Risicofactoren Ik wil graag stoppen met roken. Welke methodes zijn er, wat wo4rdt vergoed en waarmee boek je de beste resultaten? Ik ben gestopt met roken. Maar ik heb jarenlang gerookt. Hoe kan ik nu verder het risico op longkanker verminderen? Kan er erfelijkheidsonderzoek gedaan worden bij longkanker? Wordt preventief onderzoek (met ook röntgen foto s en/of een CT scan van de longen) vergoed? Klachten Wanneer dien je je ongerust te maken, voor longkanker, bij hoesten? Kan longkanker in het bloed ontdekt worden? Typen longkanker Welk type longkanker heb ik? Wat is de TNM uitbreiding van de longkanker? Heeft mijn niet-kleincellig longkanker de EGFR mutatie? Kan ik met EGFR-TKI s behandeld worden? Behandeling Hoe kiezen we het beste behandelteam voor mijn geval? Krijg ik een vaste hoofdbehandelaar? Wie is dat? Is het noodzakelijk dat ik in één van de 8 gespecialiseerde kanker centra behandeld wordt of kan ik in mijn regionale ziekenhuis behandeld worden? Kan ik genezend (curatief) behandeld worden? Of gaat het om palliatieve behandeling? Operatie Voor welk type operatie kom ik in aanmerking? Is er een keuze te maken ten aanzien van het type operatie?
16 16 De Zorggeverij is een jonge onafhankelijke uitgeverij, actief binnen het speelveld van de gezondheidszorg. Met een focus op de consument die goed geïnformeerd wil zijn. Gedreven door kwaliteit, transparantie en heldere communicatie. De Zorggeverij wil een positieve bijdrage leveren aan het verbeteren van de kwaliteit van de zorg. De ervaren beleving van de zorgconsument hanteren wij als een groot goed. In de zorg gaat het om precaire zaken. Waar gevoel, respect, ervaren van kwaliteit, communicatie en waardering van groot belang zijn. Geen stelling nemen, maar positief meedenken. Transparant laten zien waar het om gaat. De vraag naar zorg zal de komende jaren verder toenemen. Dubbele vergrijzing en vergroting van de behandelmogelijkheden van diverse ziekten spelen daarbij een rol. De kosten zullen toenemen, maar tegelijk dienen kwaliteit, innovatie en meer efficiency prioriteiten te zijn. Daarbij dient de patiënt altijd centraal te staan. De missie van de Zorggeverij is het bieden van objectieve, transparante en toegankelijke informatie over de gezondheidszorg. Begrijpelijk, positief, leesbaar en op een aantrekkelijke manier gepresenteerd. De Zorgpaden werden ontwikkeld door de Zorggeverij. Diverse vooraanstaande deskundigen hebben hieraan meegewerkt Aangeboden door
Inleiding De longen Waarom een longoperatie?
LONGOPERATIE 17815 Inleiding Deze folder geeft u een overzicht over de gebruikelijke gang van zaken bij een longoperatie. Het is goed dat u zich realiseert dat uw situatie kan verschillen van de in deze
Inleiding... 1. De longen... 1. Waarom een longoperatie?... 1. Mediastinoscopie... 2. Mediastinotomie... 2. Thoracoscopie... 2
Longoperatie Inhoudsopgave Inleiding... 1 De longen... 1 Waarom een longoperatie?... 1 Mediastinoscopie... 2 Mediastinotomie... 2 Thoracoscopie... 2 Zijn er alternatieve behandelingen?... 3 Wat u voor
Inleiding In deze folder leest u meer over de diagnose maagkanker, de onderzoeken en de behandelmogelijkheden.
MAAGKANKER 17852 Inleiding In deze folder leest u meer over de diagnose maagkanker, de onderzoeken en de behandelmogelijkheden. Maagkanker is een kwaadaardige tumor in de maag, het wordt ook wel maagcarcinoom
LONGOPERATIE. Inleiding
LONGOPERATIE Inleiding Deze folder geeft u informatie over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn dan beschreven.
Patiënteninformatie. Longkanker
Patiënteninformatie Longkanker Inhoudsopgave Pagina Wat is longkanker? 4 Onderzoek en diagnose 4 De meest voorkomende onderzoeken. 5 Behandeling 7 De meest voorkomende behandelmethoden 8 Revalidatie 9
Werkstuk Biologie Longkanker
Werkstuk Biologie Longkanker Werkstuk door een scholier 2670 woorden 15 mei 2008 7,1 27 keer beoordeeld Vak Biologie Tumor is een ander woord voor gezwel. Er zijn goedaardige en kwaadaardige gezwellen
Longoperatie. Ligging en functie van de longen
Longoperatie Deze folder geeft u informatie over een longoperatie. Het is mogelijk dat uw eigen situatie anders kan zijn dan beschreven. Ligging en functie van de longen De rechter- en linkerlong zitten
Mediastinoscopie. Onderzoek van de lymfeklieren rond de luchtpijp
Mediastinoscopie Onderzoek van de lymfeklieren rond de luchtpijp Wat is een mediastinoscopie? Een mediastinoscopie is een kijkoperatie in de borstholte, waarbij de lymfeklieren rondom uw luchtpijp worden
Wilhelmina Ziekenhuis Assen Vertrouwd en dichtbij. Informatie voor patiënten. Chirurgie. Longoperatie
Wilhelmina Ziekenhuis Assen Vertrouwd en dichtbij Informatie voor patiënten Chirurgie Longoperatie 1 Longoperatie Binnenkort vindt bij u een longoperatie plaats. In deze brochure leest u wat de operatie
Longoperatie. Centrumlocatie
Centrumlocatie Uw behandelend arts (veelal is dat een longarts) heeft met u besproken dat u in aanmerking komt voor een longoperatie. In deze folder treft u een overzicht aan van de gebruikelijke gang
Chirurgie LONGOPERATIE INLEIDING
Chirurgie LONGOPERATIE INLEIDING Deze folder geeft u informatie over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders kan zijn
Medische Publieksacademie 4 maart 2019
4 maart 2019 YouTube 1 Ontwikkelingen in de longkankerzorg Dr. Ben Venmans, longarts Dr. Wouter van Geffen, longarts Frits Mostert, persvoorlichter MCL, moderator Programma 19.30 uur Dr. Ben Venmans: Longkanker:
Chirurgie. Longoperatie. Afdeling: Onderwerp:
Afdeling: Onderwerp: Chirurgie Inleiding Deze folder geeft u informatie over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders
LONGOPERATIE FRANCISCUS VLIETLAND
LONGOPERATIE FRANCISCUS VLIETLAND Inleiding Deze folder geeft u informatie over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders
LONGOPERATIE Ligging en functie van de longen Een longoperatie Onderzoek
Longoperatie LONGOPERATIE Deze folder beschrijft de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Wij maken u erop attent dat voor u persoonlijk de situatie kan afwijken van het hier beschrevene.
Pijn bij kanker, behandeling met medicijnen
Pijn bij kanker, behandeling met medicijnen Inleiding Deze informatiefolder is bedoeld voor patiënten die pijn hebben als gevolg van kanker. Ook voor familieleden kan het zinvol zijn om deze folder te
Een longoperatie kan nodig zijn bij een hardnekkig ontstekingsproces of een goedaardige afwijking, maar meestal is longkanker de reden.
Longoperatie Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie
De longen. Wat is een thoracoscopie
Thoracoscopie/VATS In overleg met de longarts heeft u besloten om een kijkoperatie in de borstholte uit te laten voeren. Deze kijkoperatie heet thoracoscopie. Deze folder geeft informatie over de bouw
Longoperatie. Chirurgie
Chirurgie Longoperatie Inleiding U heeft met uw behandelend arts afgesproken dat een operatie aan uw longen zal plaatsvinden. Uw arts heeft u al uitleg gegeven. In deze folder kunt u alles rustig nalezen.
Longoperatie. Chirurgie
Longoperatie Chirurgie Inhoudsopgave Inleiding...4 Een longoperatie...5 Onderzoek...5 Wat u voor de operatie nog moet weten...6 Bloedverdunners...7 De operatie...7 Mogelijke complicaties...9 Na de operatie...
Staging van het Bronchuscarcinoom
1 Staging van het Bronchuscarcinoom Dr D Coeman Pneumoloog A.Z. St.-Dimpna, Geel Staging v/h bronchuscarcinoom 2 A/ NSCLC - TNM-classification B/ SCLC - VALSG (veterans s affairs lung study group) - TNM-classification
Infoblad. LONGKANKER Behandeling
Infoblad LONGKANKER Behandeling De behandeling van kleincellige longkanker is anders dan de behandeling van niet-kleincellige longkanker. BEHANDELPLAN Uw arts maakt met een aantal andere specialisten een
Thoracoscopie/ thoracotomie bij kinderen
Thoracoscopie/ thoracotomie bij kinderen I In overleg met uw behandelend specialist is besloten tot opname van uw kind op een van de verpleegafdelingen van het Radboudumc Amalia kinderziekenhuis.. Op deze
Patiënteninformatiedossier (PID) Longkanker (longcarcinoom) onderdeel DE OPERATIE. LONGKANKER De operatie
Patiënteninformatiedossier (PID) Longkanker (longcarcinoom) onderdeel DE OPERATIE LONGKANKER 2 INHOUD Inleiding... 4... 4 Mogelijke complicaties... 5 Opname op de afdeling... 5 Gevolgen van de longoperatie...
Longoperatie. Afdeling longziekten Locatie Veldhoven
Longoperatie Afdeling longziekten Locatie Veldhoven U heeft met uw arts afgesproken dat u een operatie aan uw long krijgt. Dit kan door een thoracotomie (open longoperatie) of kijkoperatie (VATS: Video
Een operatie aan de long
Een operatie aan de long Inhoudsopgave Klik op het onderwerp om verder te lezen. Ligging en functie van de longen 1 Een longoperatie 1 Onderzoek 2 Wat u voor de operatie nog moet weten 2 De operatiedag
Inleiding. Wat is longkanker?
Inleiding U wordt onderzocht omdat u mogelijk longkanker hebt. Of er is longkanker bij u vastgesteld. Dit is voor u een onzekere tijd, waarin er veel op u afkomt. U krijgt in korte tijd veel informatie
longtumoren stadia therapie prognose Els De Droogh Pneumologie ZNA Middelheim
longtumoren stadia therapie prognose smoking is cool!??? longtumoren > na WO II > roken en longtumoren 90 % mannen, 78% vrouwen aantal pakjaren > carcinogene stoffen in rook > asbest > radon, metalen,
Behandelingen bij longkanker. inclusief klinische studie immuuntherapie
Behandelingen bij longkanker inclusief klinische studie immuuntherapie 1 Longkanker Longkanker is niet één ziekte: er bestaan meerdere vormen van longkanker. In deze brochure bespreken we de twee meest
Thoracoscopie LONGGENEESKUNDE. Kijkoperatie in de borstholte
LONGGENEESKUNDE Thoracoscopie Kijkoperatie in de borstholte Binnenkort wordt bij u een thoracoscopie (kijkoperatie in de borstholte) verricht. Dit wordt ook VATS (Video Assisted Thoracoscopic Surgery)
Borstsparende operatie bij borstkanker
Chirurgie Borstsparende operatie bij borstkanker www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Hoe ontstaat kanker?... 3 Voorbereiding op de operatie... 4 De opname... 4 De operatie... 4 Na de operatie... 5 Mogelijke
Radiotherapie Medische Oncologie Chemoradiotherapie gevolgd door chirurgie bij slokdarmkanker
Radiotherapie Medische Oncologie Chemoradiotherapie gevolgd door chirurgie bij slokdarmkanker Uitwendige bestraling van slokdarmkanker in combinatie met chemotherapie, voorafgaand aan een operatie van
behandelingen-bij-borstkanker/
https://www.isala.nl/patientenfolders/6682-borstkanker-pid-h3- behandelingen-bij-borstkanker/ Borstkanker (PID): H3 Behandelingen bij borstkanker Als borstkanker is vastgesteld, bespreekt een team van
ZIEKTE EN BEHANDELING
Patiënteninformatiedossier (PID) Longkanker (longcarcinoom) onderdeel ZIEKTE EN BEHANDELING LONGKANKER 2 INHOUD De longen... 4 Kanker... 4 Longkanker/longvlieskanker... 5 Behandeling... 7 3 De longen Ieder
Waarom een longoperatie
Longoperatie Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht over de gebruikelijke gang van zaken rond een longoperatie. Het is goed te realiseren dat bij het vaststellen van een aandoening de situatie
Chirurgische thoracoscopie
Chirurgische thoracoscopie Albert Schweitzer ziekenhuis augustus 2012 pavo 0420 Inleiding De longarts heeft met u besproken dat u een longoperatie zult ondergaan. Uw operatie zal met behulp van een zogenaamde
Figuur 1: illustratie slokdarm
Slokdarmkanker U bent naar VU medisch centrum (VUmc) verwezen voor een operatie omdat er slokdarmkanker is geconstateerd. In deze folder vindt u informatie over slokdarmkanker, de oorzaken en risicofactoren
DE SLOKDARM DE SLOKDARM
DE SLOKDARM DE SLOKDARM De slokdarm (oesofagus) is een onderdeel van het spijsverteringskanaal. Het grootste deel van de slokdarm ligt in de borstholte. De slokdarm loopt ongeveer midden door de borstholte
Zaadbalkanker. typen en behandeling. Urologie
Zaadbalkanker typen en behandeling Urologie Inhoudsopgave 1. Inleiding...4 2. Wat is kanker?...5 3. Kenmerken van de tumor...6 4. Behandeling...8 5. Verloop van de ziekte... 13 6. Het leven met kanker...
Radiotherapie Medische Oncologie Curatieve chemoradiotherapie
Radiotherapie Medische Oncologie Curatieve chemoradiotherapie Uitwendige bestraling van slokdarmkanker in combinatie met chemotherapie Radiotherapie Medische Oncologie Inleiding Na verschillende onderzoeken
Empyeem: pus in de ruimte tussen de longvliezen
Longgeneeskunde Empyeem: pus in de ruimte tussen de longvliezen www.catharinaziekenhuis.nl Patiëntenvoorlichting: [email protected] LON029 / Empyeem: pus in de ruimte tussen
VATS. Longgeneeskunde. Kijkoperatie in de borstkas. Inleiding VATS
Longgeneeskunde VATS Kijkoperatie in de borstkas Inleiding U heeft met uw behandelend arts afgesproken dat u een kijkoperatie in de borstholte krijgt, ook wel VATS (Video Assisted Thoracic Surgery) genoemd.
KIJKOPERATIE BORSTHOLTE THORACOSCOPISCHE INGREEP FRANCISCUS GASTHUIS
KIJKOPERATIE BORSTHOLTE THORACOSCOPISCHE INGREEP FRANCISCUS GASTHUIS Inleiding Deze folder geeft u een overzicht van de gebruikelijke gang van zaken bij een kijkoperatie in de borstholte. Deze operatie
Pijn en pijnbehandeling bij Kanker 23-04-2014 Centrum Cabane
Pijn en pijnbehandeling bij Kanker 23-04-2014 Centrum Cabane Drs. A.M. Karsch, anesthesioloog pijnspecialist UMC Utrecht Drs. G. Hesselmann, oncologieverpleegkundige, epidemioloog UMCU Wat is pijn? lichamelijk
Oncologie. Longkanker, wat nu?
Oncologie Longkanker, wat nu? Belangrijkste punten van deze folder: Het Groene Hart Ziekenhuis en Medisch Centrum Haaglanden (MCH)-Bronovo werken nauw samen op het gebied van longkanker. Dat doen we door
Longoperatie: VATS lobectomie
Longoperatie: VATS lobectomie Met uw arts heeft u afgesproken dat u binnenkort wordt opgenomen voor een longoperatie vanwege een tumor in uw long. In deze folder vindt u meer informatie over de gang van
Patiënteninformatiedossier (PID) Longkanker (longcarcinoom) onderdeel DE OPERATIE. LONGKANKER De operatie
Patiënteninformatiedossier (PID) Longkanker (longcarcinoom) onderdeel DE OPERATIE LONGKANKER 2 INHOUD Inleiding...4...4 Lobectomie...4 Pneumectomie...5 Opname op de afdeling...5 Vóór de opname...5 De opname...6
7,3. Werkstuk door een scholier 1419 woorden 9 december keer beoordeeld. Botkanker (oftewel: beentumoren)
Werkstuk door een scholier 1419 woorden 9 december 2002 7,3 166 keer beoordeeld Vak Biologie Botkanker (oftewel: beentumoren) Inleiding Een kwaadaardige (of maligne) primaire beentumor (=botkanker) is
Trastuzumab (Herceptin )
Trastuzumab (Herceptin ) Borstkanker (mammacarcinoom) De diagnose borstkanker is bij u vastgesteld. Dit wordt ook wel een mammacarcinoom genoemd. De behandeling van een mammacarcinoom bestaat uit een operatieve
Beentumoren (=bottumoren)
Beentumoren (=bottumoren) Inleiding Gezwellen in beenderen worden beentumoren genoemd. Er zijn verschillende typen beentumoren te onderscheiden. Zo zijn er vormen waarbij de tumor of het gezwel direct
WEKE DELEN SARCOOM Wat betekent het?
WEKE DELEN SARCOOM Wat betekent het? Oncologie/0145 1 Deze informatiebrochure is voor personen met een weke delen sarcoom en alle anderen die hier heel dichtbij betrokken zijn: familie, vrienden We geven
Slokdarmkanker. Supplement informatiewijzer oncologie
Supplement informatiewijzer oncologie Slokdarmkanker Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. Algemene informatie over de slokdarm en slokdarmkanker 3. Het stellen van de diagnose 4. Behandeling van slokdarmkanker
Chirurgie. Het verwijderen van een bijnier
Chirurgie Het verwijderen van een bijnier Chirurgie Bijnier (gedeeltelijke) verwijdering Bij u is recentelijk ontdekt dat u een bijniertumor heeft. De bijnier kan via een kijkoperatie of een gewone operatie
Wat is een longontsteking?
Longontsteking Wat is een longontsteking? Een longontsteking is een infectie van de longblaasjes en het omliggende weefsel. De infectie kan veroorzaakt worden door een bacterie of een virus, die u via
Kinderneurologie.eu. Neuroblastoom. www.kinderneurologie.eu
Neuroblastoom Wat is een neuroblastoom? Een neuroblastoom is een kwaadaardig kankergezwel (tumor) wat ontstaan is uit een bepaald type zenuwweefsel. Dit zenuwweefsel wordt het sympathische zenuwstelsel
Eierstokkanker. Afdeling gynaecologie. mca.nl
Eierstokkanker Afdeling gynaecologie mca.nl Inhoudsopgave Wat is eierstokkanker? 3 Onderzoek bij eierstokkanker 4 Behandeling van eierstokkanker 6 Na de behandeling 7 Kans op genezing 8 Controles 9 De
Fabels en feiten over morfine
Fabels en feiten over morfine Beter voor elkaar Fabels en feiten over morfine Inleiding In overleg met uw arts gaat u morfine gebruiken. Morfine behoort tot een groep geneesmiddelen, die morfineachtige
U bent opgenomen in het ziekenhuis met een longembolie. In deze folder krijgt u meer informatie over een longembolie.
Longembolie U bent opgenomen in het ziekenhuis met een longembolie. In deze folder krijgt u meer informatie over een longembolie. Wat is een longembolie? Een longembolie is een afsluiting van een longslagader.
INFORMATIE PORT-A-CATH
INFORMATIE PORT-A-CATH 565 Inleiding Deze folder geeft informatie over een implanteerbaar poortsysteem: de port-a-cath. Uw arts heeft u een behandeling voorgeschreven waarbij regelmatig en/of langdurig
Keuzehulp Uitgezaaide Borstkanker
Keuzehulp Uitgezaaide Borstkanker START Gemaakt door: In samenwerking met: Financieel mogelijk gemaakt door: 2015 De ArgumentenFabriek en borstkankervereniging nederland FAS799.014.011/exp. juli 2017 Hoe
Dutch Lung Surgery Audit (DLSA)
Dutch Lung Surgery Audit (DLSA) Beschrijving Dit overzicht toont de kwaliteitsindicatoren welke per 1 april 2014 ontsloten zullen worden in het kader van het getrapte transparantiemodel van DICA. De ontsluiting
Patiënteninformatiedossier (PID) PROSTAATKANKER. onderdeel RADIOTHERAPIE. Radiotherapie
Patiënteninformatiedossier (PID) PROSTAATKANKER onderdeel RADIOTHERAPIE PROSTAATKANKER INHOUD Wat is radiotherapie eigenlijk?...3 Uitwendige bestraling...3 Inwendige bestraling...5 Gang van zaken...7 Eerste
Behandeling van pijn bij kanker
Behandeling van pijn bij kanker Pijn bij kanker kan ontstaan door de ziekte zelf, maar ook door de behandeling ervan. Niet alle patiënten met kanker hebben pijn. In de beginfase van de ziekte heeft 30%
Uitzaaiingen in de wervelkolom
Oncologie Uitzaaiingen in de wervelkolom Inleiding Kwaadaardige gezwellen (tumoren) kunnen soms uitzaaien naar andere delen van het lichaam. We spreken dan van uitzaaiingen of metastasen. Uitzaaiingen
Werkstuk Nederlands Kanker
Werkstuk Nederlands Kanker Werkstuk door een scholier 1713 woorden 17 januari 2003 7,2 361 keer beoordeeld Vak Nederlands 1 Wat is kanker? Kanker is de derde ergste doodsoorzaak in Nederland. Er zijn meer
Leefregels na een longoperatie
Leefregels na een longoperatie U hebt in het Canisius-Wilhelmina Ziekenhuis een longoperatie ondergaan waarbij: er een onderzoek is gedaan naar aanleiding van uw klachten (kortademigheid), een biopsie
Patiënteninformatie. Longoperatie (Lobectomie/ Pneumonectomie)
Patiënteninformatie Longoperatie (Lobectomie/ Pneumonectomie) Inhoudsopgave Pagina Ligging en functie van de longen 4 Waarom een longoperatie? 4 Wat voor soort longoperaties zijn er? 5 Wat is een VATS?
Longoperatie LONGGENEESKUNDE. U komt in aanmerking voor een longoperatie. Uw specialist zal de verder details met u bespreken.
Longoperatie LONGGENEESKUNDE U komt in aanmerking voor een longoperatie. Uw specialist zal de verder details met u bespreken. In deze folder vindt u aanvullende informatie over de ingreep: De longen Waarom
Hersentumoren (gliomen) Tien minuten
Hersentumoren (gliomen) Tien minuten 1. Slecht bericht - Horen dat u een kwaadaardige hersentumor (glioom) hebt is een slecht bericht. - Een glioom is een ernstige vorm van kanker. - Er gaat waarschijnlijk
Thoracoscopie/VATS. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee!
Thoracoscopie/VATS Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee! U hebt met uw behandelend arts afgesproken dat u binnenkort een kijkoperatie in de borstholte (thoracoscopie/vats) ondergaat.
Infoblad. DARMKANKER Behandeling dikkedarmkanker
Infoblad DARMKANKER Behandeling dikkedarmkanker U kunt de volgende behandelingen krijgen: operatie van de darm behandelingen van uitzaaiingen: operatie uitzaaiingen, RFA, HIPEC en bestraling uitzaaiingen
Okselklierverwijdering (-dissectie) bij borstkanker
Okselklierverwijdering (-dissectie) bij borstkanker Uw chirurg heeft met u besproken dat binnenkort bij u een okselklierverwijdering plaatsvindt (ook wel okselklierdissectie of okselkliertoilet genoemd).
Operatie aan de bijschildklier(en)
Operatie aan de bijschildklier(en) Waarom een operatie Een operatie aan de bijschildklieren wordt gedaan, omdat één of meerdere bijschildklier(en) te hard werken, omdat deze vergroot zijn of omdat er sprake
Vlekkenpoli LONGGENEESKUNDE. Vlek op de long
Vlekkenpoli Vlek op de long LONGGENEESKUNDE U bent door uw huisarts of behandelend specialist naar de vlekkenpoli van de longartsen verwezen, omdat er een afwijking op uw longfoto is te zien, een vlek.
A12 KANKERCENTRUM Longoperatie
A12 KANKERCENTRUM Longoperatie Informatie voor patiënten Belangrijkste punten van deze folder: - U wordt geopereerd in het A12 Kankercentrum in Leidschendam. - Tijdens de operatie worden één of meerdere
Behandeling van borstkanker
Behandeling van borstkanker De behandeling van borstkanker Deze folder geeft u algemene informatie over de behandeling van borstkanker. Het is goed u te realiseren dat voor u persoonlijk de situatie anders
CHAPTER 8. Samenvatting
CHAPTER 8 Samenvatting 108 Chapter 8 Samenvatting 109 Samenvatting Jaarlijks wordt wereldwijd bij 1,2 miljoen mensen de diagnose longkanker gesteld en overlijden 1,1 miljoen mensen aan deze ziekte. Hiermee
9.1 Chemotherapie na een operatie bij borstkanker
9.1 Chemotherapie na een operatie bij borstkanker Uw behandelend chirurg heeft in overleg met u en de internist-oncoloog (internist gespecialiseerd in de behandeling van kanker), besloten om na uw operatie
Okselklierverwijdering (-dissectie) bij borstkanker
Okselklierverwijdering (-dissectie) bij borstkanker Uw chirurg heeft met u besproken dat binnenkort bij u een okselklierverwijdering plaatsvindt (ook wel okselklierdissectie of okselkliertoilet genoemd).
informatie over uw zorgpad borstkanker
informatie over uw zorgpad borstkanker Oncologisch Centrum Amsterdam Oncologisch Centrum Amsterdam is het grootste oncologisch samenwerkingsverband van Amsterdam, een initiatief van BovenIJ ziekenhuis,
Kanker in het hoofd-halsgebied
Kanker in het hoofd-halsgebied Afdeling Keel- Neus- en Oorheelkunde Deze patiënteninformatie map is eigendom van: Naam: Adres: Postcode: Plaats: Telefoon: 10-2015-6094 Geachte... U heeft een bezoek gebracht
Als genezing niet meer mogelijk is
Algemeen Als genezing niet meer mogelijk is www.catharinaziekenhuis.nl Patiëntenvoorlichting: [email protected] ALG043 / Als genezing niet meer mogelijk is / 06-10-2015 2 Als
Borstverwijdering bij borstkanker
Chirurgie Borstverwijdering bij borstkanker www.catharinaziekenhuis.nl Inhoud Hoe ontstaat kanker?... 3 De opname... 4 Voorbereiding op de operatie... 4 De operatie... 4 Na de operatie... 5 Drains... 5
Mediastinitis Radboud universitair medisch centrum
Mediastinitis U hebt enige tijd geleden een openhart operatie ondergaan. Helaas is bij u een complicatie opgetreden genaamd mediastinitis. Een mediastinitis is een ontsteking van het borstbeen en de daarachterliggende
Pijnbehandeling op de verpleegafdeling na een longoperatie
Pijnbehandeling op de verpleegafdeling na een longoperatie In deze folder willen wij u informeren over het belang van een goede pijnbehandeling na uw operatie en hoe de pijn na de operatie onder controle
Longontsteking (pneumonie)
Longontsteking (pneumonie) In deze folder informeren wij u over wat een longontsteking is, hoe de behandeling verloopt en welke adviezen er zijn om uw herstel te bevorderen. Wat is een longontsteking?
