Studenten reader. Fysiofase

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Studenten reader. Fysiofase"

Transcriptie

1 Studenten reader Fysiofase Beroepsopdracht van & Bart Verbrugge Opleiding Fysiotherapie Hogeschool van Amsterdam Jaargang

2 Voorwoord Bart Verbrugge Dit bureau heeft gekozen om deze cursus aan te bieden om jullie kennis over sportbegeleiding te vergroten. Dit is om een gezamenlijke basis op te bouwen voordat wij jullie kunnen uitzenden naar voetbalclubs. Omdat wij ons richten op voetbalclubs zal deze reader voornamelijk betrekking hebben op voetbal. De reader zal verschillende aspecten van de sport toelichten. De onderwerpen die aan bod komen kun je vinden in de inhoudsopgave. Wij hebben gekozen voor onderdelen die wij noodzakelijk achten om een goede sportbegeleider te kunnen zijn. Sommige onderdelen zullen wij niet aanbieden in de veronderstelling dat school deze wel aanbiedt. Het is mogelijk dat na de eerste lichting deze reader eventueel aangepast zal moeten worden. Dit zal verder toegelicht worden in het kwaliteit/continueringplan. Studie handleiding Beroepsopdracht

3 Inhoudsopgave Bart Verbrugge Jaargang Inleiding...6 Week 2 Basis EHBO/EHBSO...7 Inleiding...7 Punten...7 Algemene toestand...7 Proces ongevallen en blessures...7 Shock...10 Hersenschudding...11 Hersenkneuzing...12 Schedelbasis fractuur...12 Hyperventilatie...13 Warmtestuwing...13 Zonnesteek...14 Flauwte...14 Onderkoeling...15 Lokale stoornissen...16 Bloedneus...16 Spierruptuur...17 Kneuzing...18 Luxatie...19 Botbreuken...20 Opdrachten...21 Les 1, EHB(S)O...21 Les 2, EHB(S)O...21 Bijlage...22 Bijlage Bijlage Hoofdstuk 2: tapen en bandageren...28 Inleiding...28 Belangrijke punten bij tapen...29 Huidverzorging...30 Tape technieken...31 Onderste extremiteiten...31 Heel lock...31 Stijgbeugels...34 Knie zijwaartse stabiliteit...35 Knie extensie...36 Kuit ter ondersteuning...37 Bovenste extremiteiten...38 Pols...38 Vinger flexie en extensie...39 Vinger onderling gefixeerd...40 Vinger onderling gefixeerd...41 Duim...41 Elleboog...43 Opdrachten...45 Les 3, tapen en bandageren...45 Studie handleiding Beroepsopdracht

4 Les 4, Tapen en Bandageren...45 Hoofdstuk 3: Weefselherstel...46 Inleiding...46 Punten...46 Fase van herstel...46 Inleiding...46 Ontstekingsfase...46 Proliferatiefase...47 Remodelleringsfase...47 Herstel beïnvloedende factoren...47 Inleiding...47 Lokale factoren...48 Algemene factoren...49 Mate van belasting...51 Inleiding...51 Opdrachten...54 Les 5, weefselherstel...54 Casussen...55 Hoofdstuk 4: Trainingsleer...56 Inleiding...56 Punten...56 Energiesystemen...56 Inleiding...56 Verschillende energiesystemen...56 Energie...57 Het ATP-CP systeem...57 Anaërobe glycolyse...58 Aëroob systeem...59 Trainbare grootheden...59 Inleiding...59 Snelheid...60 Kracht...60 Lenigheid...60 Coördinatie...60 Uithoudingsvermogen ( UHV )...61 Trainingsprincipes...61 Inleiding...61 Overload principe...61 Principe van de supercompensatie...61 Principe van specificiteit...62 Principe van omkeerbaarheid...62 Principe van de individuele verschillen in trainingseffecten...62 Trainingsvariabelen...63 Inleiding...63 Opdrachten...63 Les 6, trainingsleer...63 Hoofdstuk 5: Sportanalyse...64 Inleiding...64 Opdrachten...64 Les 7, sportanalyse...64 Studie handleiding Beroepsopdracht

5 Casus Casus Casus Casus Opdrachten...70 Hoofdstuk 6: Diagnostiek en behandeling...71 Inleiding...71 Opdrachten...71 Les 8, diagnostiek en behandeling...71 Oefen casussen...71 Casus Casus Casus Casus Opdrachten toets (2 e les)...74 Beschrijving van de toets...74 Literatuurlijst...75 Studie handleiding Beroepsopdracht

6 Inleiding Bart Verbrugge De cursus die jullie volgen is erop gericht om een basis te bieden voor het begeleiden van sport teams en eventueel het helpen revalideren van geblesseerde sporters. In deze reader staat informatie die jullie misschien nog niet kennen en informatie die jullie wel kennen. Het doel van deze cursus is de informatie specifiek te richten op de sport, en in dit geval voetbal. Aan het eind van deze cursus zullen jullie kennis gemaakt hebben met EHB(S)O, tapen, weefselherstel, trainingsleer, sportanalyse en diagnostiek en behandeling. De cursus is zo opgebouwd dat van al deze onderwerpen een basis geboden wordt. Voor verdere informatie kan de literatuur, die in de literatuurlijst staat, geraadpleegd worden. Ook is de cursus zo opgezet dat alle informatie die gegeven wordt later terug komt en steeds herhaald wordt. Wij hopen dat jullie op deze manier een solide basis opbouwen om jezelf verder te ontwikkelen op het gebied van fysiotherapie en sport. Aan het einde van de cursus wordt een toets afgenomen. Deze toets is een gecombineerde toets. Dat houd in dat zowel de praktische als de theoretische vaardigheden getoetst worden. In deze toets komen alle vaardigheden en kennis, die is opgedaan in deze reader en deze cursus, naar voren. De toets bestaat uit het behandelen van een casus vanaf EHBO tot en met de revalidatie fase. Studie handleiding Beroepsopdracht

7 Week 2 Basis EHBO/EHBSO Inleiding Wij kiezen voor dit onderdeel omdat wij denken dat het essentieel is om kennis te hebben van de EHBO als sportbegeleider zijnde. Deze cursus geeft echter geen officiële EHBO status. Dit houdt in dat je na het volgen van deze cursus geen EHBO`er bent. De specifieke onderdelen van deze week hebben vooral betrekking op de mogelijke ongelukken die voorkomen bij voetbal. Voor de precieze handelingen en methoden van de EHBO verzoeken wij het oranje kruisboekje te raadplegen. Hierin staat beschreven hoe de verschillende handelingen uitgevoerd moeten worden. Punten Proces bij ongevallen en blessures Meest voorkomende letsels Algemene toestand Onder de noemer algemene toestand van de sporter behandelen wij de externe verschijningsvormen in bewustzijn, ademhaling en circulatie. Deze verdelen wij onder in de volgende toestanden die wij apart zullen behandelen. Proces ongevallen en blessures Bij een ongeval is het belangrijk om eerst de ernst van de verwondingen te evalueren. Daarvoor bestaan vaste processen. Het is de bedoeling om eerst de algemene toestand van het slachtoffer in te schatten. Dit kan volgens de BAC, CAB, CBA, ABC regels. Wij hebben gekozen voor de BAC regel. Deze regel is in 1993 als standaard uitgeroepen door de Nederlandse reanimatie raad. Algemene toestand wordt gecontroleerd met de BAC regel BAC methode: B: Bewustzijn A: Ademhaling C: Circulatie (bloedsomloop) Studie handleiding Beroepsopdracht

8 Controle bewustzijn: In de eerste diagnostiek wordt eerst de graad van bewustzijn gecontroleerd. Deze is onderverdeeld in drie graden: Verminderd bewustzijn Verschijnselen: De sporter antwoordt verward en maakt een suffe indruk. Bewusteloosheid Verschijnselen: De sporter opent de ogen niet op aanspreken De sporter geeft geen antwoord op aanspreken De sporter reageert wel op pijnprikkels Diepe bewusteloosheid Verschijnselen: De sporter opent de ogen niet op aanspreken De sporter geeft geen antwoord op aanspreken De sporter reageert niet op pijnprikkels De graad van bewustzijn is niet van belang voor de uit te voeren controles Controle ademhaling: Luchtwegen vrij maken. Er zijn 2 manieren om de luchtwegen vrij te maken. Kin lift: hoofd naar achteren (wees voorzichtig bij verdenking nekletsel), mond open en inspectie op tong, losse gebitselementen, en ander spul wat er niet hoort. Ademhalingscontrole: Plaats een hand onder het sternum om de functie van het diafragma te beoordelen. Door je oor boven de mond van de sporter te houden, kun je naar de sternale ademhaling kijken en eventueel de ademhaling voelen/horen. Controle circulatie: De circulatie wordt gecontroleerd door de arteria radialis of arteria carotis externa te palperen en de slagen te voelen. Een normale pols heeft tussen de 70 en 90 slagen per minuut. Een sporter heeft waarschijnlijk een verhoogde hartslag, vanwege de inspanning. Het is dus belangrijker om te controleren op ritmestoornissen. Externe verschijningsvormen: Bewusteloosheid Schok Hersenschudding Hersenkneuzing Schedelbasisfractuur Hyperventilatie Warmtestuwing Zonnesteek Flauwte Onderkoeling Studie handleiding Beroepsopdracht

9 Bewusteloosheid Bart Verbrugge Definitie Het is een stoornis in de algemene toestand (door vele mogelijke oorzaken), waarbij de sporter niet meer reageert op pijnprikkels. Het is een stoornis in de hersenwerking. Er is wel ademhaling aanwezig en een pols is meetbaar. Oorzaken: Schedeltrauma, waardoor hersenletsel kan ontstaan o Hersenschudding o Hersenkneuzing o Schedelbasisfractuur o Hersenbloeding Zuurstof tekort (algemeen) Pathologie o Epilepsie o Suikerziekte o Embolie o CVA o Etc. Vergiftiging o Voedsel o Inademing van gassen o Alcohol o Te veel medicatie o Elektrische shock o Allergische reactie Verschijnselen Zie boven BAC regel EHBO bij bewusteloosheid Stoornissen in vitale functies. Bij bewusteloosheid kan er verslapping van de spieren optreden. Als dit gebeurt met de tong kan deze de luchtwegen blokkeren. Als gevolg daarvan kan er minder zuurstof opgenomen worden en CO2 uitgescheiden worden. Dit kan tot gevolg hebben dat de hartfunctie achteruit gaat, met een hart stilstand als uiteindelijk gevolg. Daarom is het belangrijk om bij elke blessure de vitale functies te controleren en eventueel te bewaken. Ook al is er geen duidelijke afwijking in de vitale functies. Dit doen wij volgens de BAC methode. Studie handleiding Beroepsopdracht

10 Shock Definitie Shock is een toestand waarbij een tekort aan vochtvolume in de circulatie ontstaat. Daardoor vindt er onvoldoende doorstroming van de weefsels plaats. Hierdoor gaat de functie van het bloed voor de vitale delen in het lichaam verloren. Dit is een levensbedreigende situatie. Oorzaken van shock: Tekort aan circulerend volume o Tekort aan vocht/ bloed in het lichaam o Uitwendig bloedverlies o Inwendige arteriële bloedingen (meer dan een liter) Relatief tekort aan circulerend volume o Slechte verdeling van het bloed.( B.V. warmte stuwing) o Infectieziekten Beschadiging hartspier Verschijnselen Vale, bleke gelaatskleur, spitse neuspunt, klamme, koud aanvoelende huid. Deze verschijnselen worden veroorzaakt doordat het lichaam alle bloedvaten in de huid vernauwd zodat de doorbloeding in de vitale gebieden zo lang mogelijk op peil blijft. Snelle, weke pols. Het hart probeert de bloedaanvoer naar de cellen zo goed mogelijk op peil te houden, door sneller te gaan pompen. De bloeddruk is echter laag, waardoor er een zwakke polsslag is. Helder bewustzijn versuffing bewusteloosheid. In aanvang is de patiënt nog bij vol bewustzijn. Dit wordt snel minder. Vaak is onrust en verwardheid aanwezig. Snelle onregelmatig, oppervlakkig ademhaling Sterk dorstgevoel EHBO bij shock De patiënt niet te warm bedekken en de armen en benen hoog leggen met het hoofd omlaag. De reden is namelijk dat het bloed eerder terugstroomt naar de vitale organen. Alleen drinken geven bij vochtverlies. Let hierbij op dat er kleine slokken worden genomen omdat er kans is op verslikking. Verder wordt de BAC methode toegepast. Eventuele uitwendige bloedingen stelpen. Studie handleiding Beroepsopdracht

11 Hersenschudding Definitie Bij een harde klap op het hoofd, een stoot of een val ontstaat een acute functiestoornis in de hersenen zonder aantoonbare beschadigingen van het hersenweefsel. Er is ook sprake van voorbijgaand bewustzijnsverlies. Dit kan variëren in even niet meer weten waar je bent tot volledige bewusteloosheid. Hoe langer dit duurt, hoe ernstiger de hersenschudding is. Oorzaken van een hersenschudding: Een klap op het hoofd Verschijnselen Verwardheid, dit uit zich meestal in verstoord besef van tijd of plaats. Dit is doorgaans van tijdelijke aard en zal na enkele seconden tot minuten weg moeten trekken. Mocht dit langer duren, bestaat er een groot risico op een hersenkneuzing of een hersenoedeem. Teruggrijpend geheugenverlies, dit kan variëren van het trauma zelf, tot een paar uur voor het trauma. Tijdelijke bewusteloosheid. Zie bewusteloos voor toelichting. Braakneigingen, misselijkheid, hoofdpijn. Evenwichtsproblemen en/of duizeligheid, belangrijk is om de sporter goed te laten rusten om even bij te laten komen. Hypergevoelig voor geluiden en licht. Al deze symptomen kunnen in meerdere of mindere mate voorkomen. Ook kunnen meerdere symptomen tegelijk voorkomen. De sporter mag de sport pas weer hervatten als alle symptomen zijn verdwenen. Belangrijk om te weten is dat deze symptomen kunnen verergeren bij inspanning. Daarom is het belangrijk om de sporter tijdens het sporten goed in de gaten te houden. EHBO bij hersenschudding Sporter laten rusten en onderzoeken op symptomen en de ernst van de hersenschudding beoordelen (zie bijlage1). Eventuele afkoeling voorkomen. Bij bewusteloosheid stabiele zijligging toepassen. Ook het beoordelen van de concentratie en cognitieve vaardigheden met de test (zie bijlage 2). Knellende kleding losmaken. Studie handleiding Beroepsopdracht

12 Hersenkneuzing Definitie Een hersenschudding met meer of minder ernstige beschadiging van hersenweefsel. Dit ten gevolge van een stomp, stoot of val op het hoofd. Oorzaken van een hersenkneuzing: Zie oorzaken hersenschudding Verschijnselen Hetzelfde als bij hersenschudding, alleen aangevuld met: Verlammingsverschijnselen, dit kan op verschillende manieren tot uiting komen. Voornamelijk door het slap worden van ledematen, zoals benen of krachtsverlies in de handen. Gestoorde pupil reactie. Grote kans op shock en de eventuele bewusteloosheid kan langer duren dan enkele seconden of minuten. EHBO bij hersenkneuzing Zie hersenschudding, eventueel aangevuld met kunstmatige beademing indien nodig. Schedelbasis fractuur Definitie Breuk van de schedel ten gevolge van een trauma. Oorzaken schedelbasis fractuur: Zie hersenschudding Verschijnselen Te vergelijken met een hersenkneuzing aangevuld met eventueel een hematoom. Dit uit zich door verkleuring rond de ogen. Dit kan acuut of later optreden. Aflopend bloed en/of vocht uit mond, neus of oor. Bewusteloosheid kan ontbreken en de sporter kan erg onrustig worden. EHBO Zie hersenschudding. Bij een bloedend oor, dit oor boven leggen. Studie handleiding Beroepsopdracht

13 Hyperventilatie Definitie Over beademing, veelal veroorzaakt door psychische en/of sociale spanningen. Een toestand van een te laag CO2 gehalte in het bloed waardoor de doorbloeding naar de hersenen vermindert. Oorzaken hyperventilatie: Nervositeit Angst Verschijnselen Benauwdheid en angst kunnen optreden waardoor klachten in stand worden gehouden. Versnelde en verdiepte ademhaling wordt ook in stand gehouden door de angst. De sporter kan een beklemmend gevoel op de borst ervaren. Dit door de verdiepte en versnelde ademhaling. Door de verstoorde circulatie kunnen tintelingen in de extremiteiten optreden, dit kan uiteindelijk duizeligheid en zelfs flauwvallen tot gevolg hebben. EHBO bij hyperventilatie Sporter geruststellen en in goed afgesloten zak laten ademhalen. Warmtestuwing Definitie Het onvermogen van het lichaam om de warmte kwijt te kunnen raken. Dit treedt vaak op bij zware inspanning bij hoge temperaturen. Ook is hoge luchtvochtigheid een belangrijke factoor omdat het zweet niet verdampt. Oorzaken: Zware inspanning bij warm weer Slecht ventilerende kleding Verschijnselen De sporter kan een bleke gelaatskleur hebben. Verder kan hij last hebben van duizeligheid, hoofdpijn en neiging tot braken. Eerst zal de sporter hevig zweten en later niet tot nauwelijks. Bij langdurig aanhouden van warmtestuwing kan bewusteloosheid en uiteindelijk shock optreden. EHBO bij warmtestuwing Sporter in een koele omgeving brengen. Eventueel niet ventilerende kleding uittrekken of natmaken. De sporter veel laten drinken maar met kleine slokjes. Bij neiging tot shock moet de anti shock houding worden aangenomen, deze is benen hoog houden. Studie handleiding Beroepsopdracht

14 Zonnesteek Definitie Over prikkeling van het czs door directe invloed van de zon op het onbeschermde hoofd. Dit kan intracapillaire bloedingen tot gevolg hebben. Oorzaken: Inspanning bij weer met hoge lucht temperatuur. Slechte conditie in verhouding tot de inspanning, die geleverd wordt Onbeschermd hoofd of verkeerd hoofddeksel (b.v. muts in de zomer) Verschijnselen De sporter zal eerst last krijgen van hoofdpijn en algemeen onwel bevinden. Overmatig zweten, versnelde pols en neigingen tot kramp zijn ook symptomen die voor kunnen komen. Dit kan overgaan naar zwakte, sterke hoofdpijn en braken. De uiteindelijke gevolgen kunnen zijn bewusteloosheid en shock. EHBO bij zonnesteek De sporter moet dan zo snel mogelijk uit de zon worden gehaald en koelte toewuiven. Verder moet hij water drinken en rustig aan doen. Daarna moet de sporter meteen medische zorg krijgen. Flauwte Definitie Plotselinge afname van levensverrichtingen waardoor lichaam niet meer kan reageren. Dit is het gevolg van kortdurend zuurstoftekort in de hersenen. Oorzaken: Emotie: o Schrik o Pijn o Zien van bloed Overmatige inspanning Benauwde ruimte/omgeving Vergiftiging Verschijnselen De sporter reageert niet of nauwelijks op lichte prikkels. De pols is zwak en langzaam. Verder kan het lichaam uitbreken van zweet. Ook zal de sporter tekort aan zuurstof proberen aan te vullen door te gapen. Het tekort aan zuurstof kan klachten geven als hoofdpijn, misselijkheid en duizeligheid. EHBO bij flauwte Studie handleiding Beroepsopdracht

15 De sporter zal de flauwte aan voelen komen als een verlies van bewustzijn. De sporter moet naar de frisse lucht gebracht worden en gaan liggen met de benen omhoog. Verder moet de eventuele knellende kleding losgemaakt worden. De sporter mag mits hij dat zelf kan, kleine hoeveelheden drinken. Onderkoeling Definitie Abnormale daling van de lichaamstemperatuur. Oorzaken: Onvoldoende bescherming tegen extreme kou Na zware inspanning passief in kou blijven Verschijnselen De verschijnselen beginnen meestal lokaal. Dit zijn eerste graadsbevriezingen. Hierbij kun je denken aan bleke huid, gevoelloosheid, prikken of jeukende huid en/of slechte coördinatie van de extremiteiten. Tweede graadsbevriezingen zijn stijf worden van extremiteit en blaarvorming. Derde graadsbevriezingen is weefselnecrose. Bij aanhoudende koude zal het gehele lichaam betrokken worden. Dan ontstaan de algemene symptomen als rillingen, moeheid, slaapneigingen, apathie en verwardheid. EHBO bij onderkoeling Men wordt geacht de sporter in beweging te houden. Ook is het raadzaam om de sporter uit de wind te houden. Indien mogelijk, warme en droge kleren aantrekken. Ook is het van belang de sporter warm te houden door middel van dekens. Studie handleiding Beroepsopdracht

16 Lokale stoornissen Onder lokale stoornissen verstaan wij aandoeningen die lokaal van aard zijn. Dit zijn meestal aandoeningen van het bewegingsapparaat. Deze kunnen van acute aard of inslijpend zijn. Wij richten ons hier weer op de blessures zoals je die tegen zou kunnen komen bij voetbal. Wel van belang is het om altijd de algemene toestand van de sporter in de gaten te houden, zie hierboven voor algemene toestand. Net als bij de aandoeningen van de algemene toestand zijn er voor de lokale stoornissen verschillende regels die je kunt volgen, zo zijn er de RICE, ICE, RADIJS en IJS regels. Ondanks dat er veel onderzoek naar gedaan is, is het nog steeds niet helemaal eenduidig aan te geven of er nou wel of niet gekoeld, getapet of gespalkt etc. moet worden en wat dit voor effect zou moeten hebben. Wij hebben gekozen om de RICE regel toe te passen, omdat dit de meest complete methode is. Er kan natuurlijk altijd van afgeweken worden. Dat hangt af van persoonlijke voorkeur en de beschikbare materialen. RICE: R is voor rest, dit is rust. Vooral de eerste 48 uur als de ontstekingsreactie op zijn hevigst is. Na 72 uur mag de sporter al weer rustig (onbelast) bewegen. I is voor ice, dit is koelen. Dit wordt gedaan met verschillende intensies. Het zou de bloeding stelpen door vaatvernauwing, ook heeft het een pijn dempend effect. C is voor compression, dit betekent compressie. Dit wordt gedaan om verdere zwelling te voorkomen. E is voor elevation, dit betekent elevatie ook wel het verhogen van het desbetreffend lichaamsdeel. Dit wordt gedaan om te voorkomen dat de zwelling of hematoom naar beneden zakt en het herstel vertraagt. De lokale stoornissen die wij gaan behandelen zijn: Bloedneus Spierscheur Blaarvorming Bloedingen o Oppervlakkige bloedingen o Arteriële bloedingen o Veneuze bloedingen Kneuzingen en contusies Luxatie Fractuur Bloedneus Definitie Dit spreekt eigenlijk wel voor zich. Er is sprake van een bloeding van het weefsel dat bij de neus hoort. Wel moet er rekening gehouden worden dat bij een schedelbasisfractuur bloed uit de neus zou kunnen komen. Studie handleiding Beroepsopdracht

17 Oorzaken: Klap op de neus Aangeboren Gebruik van bloedverdunners Verschijnselen Ook dit spreekt voor zich er is namelijk sprake van bloed dat uit de neus komt. Omdat de neus en de mond met elkaar in verbinding staan, zou bloed op gerocheld kunnen worden. EHBO bij bloedneus Koelen van de neus zorgt er voor dat de capillairen samentrekken en het bloeden verminderd. Ook geeft dit eventuele pijndemping. Knijp onder het neusbeen tegen het neustussenschot. Houd het hoofd voorover om het doorslikken van bloed te voorkomen. Bij een bloedneus na een ernstige val niet laten snuiten er zou dan slijm en bloed in de voorste schedelholte kunnen komen. Spierruptuur Definitie Er is sprake van een ingescheurde of afgescheurde spier. Hiervoor bestaat een verdeling in drie graden. Deze is: Graad 1: over rekking of verrekking, hier worden de grenzen van de elasticiteit van de spier bereikt maar er ontstaat geen ruptuur. Wel ontstaat er microschade in de spier. Dit zijn rupturen op celniveau. Graad 2: Partiële ruptuur, hierbij ontstaan enkele of meerdere anatomische beschadigingen van aantal spier- of peesvezels en het tussenliggende bindweefsel. Graad 3: totale ruptuur, hier is een totale verbreking van de continuïteit van het weefsel. Dit is meestal gelokaliseerd in de pees of in de spierpees overgang. Oorzaken Een grote trekkracht op de spier kan deze klachten veroorzaken. Vooral als de spier ongetraind of niet goed is voorbereid op de te leveren belasting. Welke factoren dit nog meer in de hand kunnen werken, zijn locale of algehele oververmoeidheid, koude, zware terrein omstandigheden en een trauma b.v. een tackel. Verschijnselen Sporter voelt felle scherpe pijn Dit kan aanvoelen alsof er met een zweep op geslagen wordt. Ook kan hij de spier horen knappen. De spier is meteen minder belastbaar op rek en/of aanspanning. Later of gelijk kan men het ontstaan van een hematoom constateren. EHBO bij ruptuur. RICE regel toepassen. Daarnaast moet de spanning van de spier worden gehaald. Ook zal de sporter doorverwezen moeten worden naar de fysiotherapeut. Dit om de kwaliteit van herstel te bevorderen en om sporthervatting te versnellen. Bij herhaaldelijke spierrupturen bestaat de kans op het ontstaan van Myositis ossificans. Als oorzaak wordt aangegeven intensieve mechanische prikkels zoals puntige massage op een Studie handleiding Beroepsopdracht

18 getraumatiseerde spier of overtraining van een niet-geheel herstelde spier. De verschijnselen zijn pijn bij inspanning en een voelbare verdikking en verkorting van de spier. Hiermee moet rekening worden gehouden tijdens het hervatten van de sportactiviteiten. Kneuzing Definitie Een verwonding ten gevolge van stompgeweld, waarbij de huid intact blijft. Deze zin zegt het al, een kneuzing is een onderhuidse verwonding waarbij er geen oppervlakkige schade is. De huid is intact, het onderliggende weefsel is beschadigd. Een kneuzing kenmerkt zich dan ook door hematoomvorming, de blauwe plek. Oorzaken: Stomp trauma Geweld van buitenaf Ergens tegenaan stoten Verschijnselen Door de onderhuidse bloeding is een van de eerste symptomen hematoomvorming. Verder is er sprake van pijn en zwelling. Ook is er warmte en functiebeperking. Dit zijn de 5 ontstekingssymptomen. EHBO bij kneuzing Bij een kneuzing is er altijd hematoomvorming, de EHBO is erop gericht om zwelling zoveel mogelijk te voorkomen. Dit doet men door koelen en eventueel te zwachtelen. Dit kan met een elastische kleefpleister of met watten en een verbandje. Nadat er een arts is geraadpleegd en deze heeft bevestigd dat het om een kneuzing gaat, kan er gewoon belast worden, dit wel binnen de pijngrens. Distorsie Definitie Het optreden van een niet fysiologische beweging in een gewricht. Waarbij rekking en/of inscheuring van of delen van het gewrichtskapsel en eventueel van de banden. Dit gaat gepaard met bloeduitstortingen in en om het gewricht. Oorzaken: Verstappen Contact met andere sporter Verschijnselen Bij een distorsie wordt veel pijn ervaren, aan de hand van de ernst van de distorsie kan er zwelling, verkleuring en warmte ontstaan. Verder ontstaat er vrijwel altijd een beperking in de functie. Dit kan echter snel overgaan of een langere tijd duren. Als het een tijd aanhoudt, is het verstandig om de sporter door te verwijzen naar de fysiotherapie. EHBO bij een distorsie Studie handleiding Beroepsopdracht

19 De EHBO bij een distorsie is hetzelfde als bij een kneuzing. En volledige uitvoering van de RICE regel. Luxatie Definitie Ontwrichting, het contact tussen de concave en convexe partner in het gewricht is volledig verbroken. Dit gaat meestal gepaard met inscheuring van kapsel en/of kapselbanden. Het gewricht dat het meest ontwricht is het schoudergewricht. Dit komt omdat dit gewricht morfologisch gezien instabiel is. Oorzaken Contact met andere sporter Aangeboren instabiliteit Recidief na eerdere luxatie Verdraaiingen en verstappen Verschijnselen Afhankelijk van het gewricht kunnen verschillende verschijnselen voorkomen. Er is in de meeste gevallen sprake van pijn. Verder kan het zichtbaar zijn als het gewricht een abnormale stand heeft. Er kan sprake zijn van zwelling functie beperking en lege gewrichtskom. EHBO bij luxatie NOOIT het gewricht reponeren. Dit mag alleen een arts doen. Het risico op blijvende vaat of zenuwletsels is te groot. Het gewricht moet gefixeerd worden, voor het transport naar de arts. Studie handleiding Beroepsopdracht

20 Botbreuken Gesloten breuk Definitie Een onderbreking of inscheuring van de continuïteit van een botstuk. Dit kan op verschillende manieren en in verschillende graden. Oorzaken gesloten breuk Geweld van buitenaf Contact met andere sporter Verstappen Een valpartij Verschijnselen Bij een breuk ontstaat pijn, zwelling, verkleuring. Ook kan een abnormale stand van het botstuk ontstaan. Het is niet uitgesloten dat er abnormale bewegelijkheid ontstaat in de regio van de breuk. De sporter zal meestal aangeven dat hij iets hoorde kraken. Daarnaast is er sprake van drukpijn en crepitaties. EHBO bij botbreuken Het getroffen lichaamsdeel moet gesteund worden door bijvoorbeeld te spalken. Verder moet profesionele hulp ingeschakeld worden. Open botbreuk Definitie Een gebroken bot waarbij de integriteit van de huid is doorbroken. Een deel van de botbreuk gaat samen met een open wond. Oorzaken: Geweld van buitenaf Contact met andere sporter Verstappen Een valpartij Verschijnselen Bij een open botbreuk is er meestal sprake van pijn. Ook is er een duidelijk zichtbare open wond op de plaats van het letsel. Dit gaat gepaard met bloedingen en functieverlies. Ook zijn er meestal vervormingen te zien in de continuïteit van het aangedane lichaamsdeel. EHBO bij open botbreuken Het is van belang dat de wond steriel afgedekt wordt. Allereerst moet de omgeving van de wond steriel schoongemaakt worden. Er mag geen druk op de breuk uitgeoefend worden. Verder wordt deze breuk behandeld als een gesloten breuk. Studie handleiding Beroepsopdracht

21 Opdrachten Bart Verbrugge Les 1, EHB(S)O Voorbereiding Lees het eerste hoofdstuk en schrijf eventuele vragen op. Deze vragen kun je stellen tijdens de les. Les 2, EHB(S)O Voorbereiding Oefen de volgende handelingen: Stabiele zijligging Rautech manoeuvre Het aanleggen van een snelverband. Het aanleggen van een wonddrukverband. Studie handleiding Beroepsopdracht

22 Bijlage Bijlage 1 Studie handleiding Beroepsopdracht

23 Studie handleiding Beroepsopdracht

24 Tekenen waar de begeleiding alert op moet zijn: Buiten bewustzijn raken (ook al duurt het maar kort) Verdoofd, suf of duizelig optreden Verward gedrag Traag in het beantwoorden van vragen Ongecoördineerde of onhandige bewe- gingen Ongewoon gedrag Vergeetachtigheid (bijv. van aanwijzingen) Scoort onvoldoende op oriëntatietest (zie achterzijde) Scoort onvoldoende op geheugentest (zie achterzijde) Klachten van de sporter: Verward / niet helder gevoel Misselijkheid Evenwichtsproblemen of duizeligheid Dubbel of slecht zicht Hoofdpijn Extra gevoeligheid voor licht of geluiden Pas op: Symptomen kunnen verergeren bij inspanning! De sporter mag pas weer sporten als àlle symptomen zijn verdwenen. Indeling ernst hersenschudding Graad 1 Raakt niet buiten bewustzijn A Verwardheid gedurende enkele seconden B Symptomen van hersenschudding verdwijnend binnen 15 minuten C Symptomen van hersenschudding langer durend dan 15 minuten Graad 2 Korter dan 5 minuten buiten bewustzijn en/of geheugenverlies korter dan 30 minuten Graad 3 Bewustzijnsverlies langer dan 5 minuten en/of geheugenverlies langer dan 30 minuten Weer spelen? Richtlijnen voor observatie en transport Graad 1 A Terugkeer in wedstrijd is mogelijk. B Terugkeer in wedstrijd is mogelijk, maar begeleiding dient speler in de gaten te houden. Maak vooraf afspraak over wijze van contact houden. Beoordeel toestand speler opnieuw in de rust of na afloop. Bij twijfel: speler wisselen. C Speler wisselen en observeren in de kleedkamer. Bij blijvende klachten transport naar huis met melding aan de (waarnemend) huisarts. Thuis: in acht nemen wekbeleid (zie achterzijde) Graad 2 Speler direct wisselen. Observeren in de kleedkamer. Transport naar huis met melding aan de (waarnemend) huisarts. Thuis: in acht nemen wekbeleid (zie achterzijde) Graad 3 Speler direct wisselen. Transport naar ziekenhuis per ambulance regelen. In ziekenhuis: beoordeling noodzaak van specialistisch neurologisch onderzoek. Ziekenhuisobservatie Pas op: Symptomen kunnen verergeren bij inspanning! De sporter mag pas weer sporten als àlle symptomen zijn verdwenen. Pas op: Bij twijfel over de ernst van de hersenschudding altijd de (waarnemend) huisarts raadplegen of 112 bellen! Studie handleiding Beroepsopdracht

25 Cognitieve testen Stel de sporter de volgende vragen na de klap/botsing of zodra hij bijkomt: Oriëntatie Bij welke club ben je? (In welk stadion ben je?) In welke stad zijn we? Hoe heet de tegenstander? In welke maand zitten we? Welke dag is het? Geheugen Wat was de stand van de wedstrijd voordat je werd geraakt? Wat is je positie in je team? Weet je wat er is gebeurd met je? Herhaal de volgende drie woorden: geel, vlag, groen Concentratie Noem de dagen van de week van achteren naar voren (start met vandaag). Herhaal de volgende nummers achterwaarts: 63 (36 is het correcte antwoord) 419 (914 is het correcte antwoord). Geheugen Kun je de drie woorden noemen die je eerder in de test moest herhalen? (antwoord: geel, vlag, groen) Eén enkele fout dient te worden gezien als abnormaal. Studie handleiding Beroepsopdracht

26 Bijlage 2 Ottawa Ankle Rules Bij acuut enkelletsel kan een fractuur optreden. De werkgroep adviseert om voor de fractuurdiagnostiek in de acute fase (de periode direct na het trauma tot 4-5 dagen erna) de Ottawa ankle rules te hanteren. Volgens deze regels is er een indicatie voor röntgendiagnostiek van de enkel of middenvoet als de patiënt pijn aangeeft in het malleolaire gebied en er sprake is van: onvermogen de enkel te belasten (vier stappen 2x2 lopen zonder hulp); of pijn bij palpatie van dorsale- of caudale zijde van de laterale malleolus (onderste 6 cm); of pijn bij palpatie van dorsale- of caudale zijde van de mediale malleolus (onderste 6 cm); of pijn bij palpatie van de basis van het os metatarsale V; of pijn bij palpatie van het os naviculare. Overige onderzoeksbevindingen die verdenking op een fractuur in de middenvoet geven, zijn: asdrukpijn in de voorvoet of de hiel; drukpijn op het verloop van de fibula (de zogenaamde maisonneuf-fractuur); Kleine avulsiefracturen hebben in het merendeel van de gevallen geen consequenties voor het te voeren beleid. Het vermogen de voet te kunnen belasten na het trauma maakt de kans op een fractuur aanzienlijk kleiner en is een gunstig teken voor de ernst van het letsel en het beloop van het herstel. In figuur 1 zijn de Ottawa ankle rules weergegeven. 26

27 Figuur 1: Ottawa ankle rules (bron: Bachmann, 2003) De Ottawa ankle rules is een uitstekend instrument om fracturen (tot 7 dagen) na acuut enkelletsel uit te sluiten. Volgens deze regels is röntgendiagnostiek van de enkel alleen geïndiceerd als de patiënt niet in staat is de voet te belasten (vier stappen (2 x 2) lopen) of de patiënt pijn aangeeft bij palpatie aan de dorsale zijde van één of beide malleoli, de basis van os metatarsale V, of het os naviculare. De kans dat een persoon vier stappen kan lopen, geen pijn aangeeft bij palpatie en toch een fractuur heeft, is verwaarloosbaar klein (0,3%). De beoordeling is het meest valide binnen 48 uur na het trauma (sensitiviteit 99.6% (95% betrouwbaarheidsinterval )). Bij latere beoordeling, wel binnen een week na het trauma is de kans op het missen van een fractuur iets groter (0,9%). Afhankelijk van kennis en ervaring en interpretatie van de testresultaten zal het aantal te maken röntgenfoto s afnemen met 10-79%. Ook voor atleten is de Ottawa ankle rules een valide instrument om fracturen uit te sluiten. 27

28 Hoofdstuk 2: tapen en bandageren Inleiding Tijdens je werk op de voetbalclub zul je zeker in contact komen met de vraag om een tapeje aan te leggen. Tapen kan je doen om verschillende redenen. Maar de meest voorkomende reden is het ondersteunen, begeleiden of remmen van een beweging in een of meerdere gewrichten. Ook kan je tapen om spieren te ondersteunen en ontlasten. Op dat moment tape je niet voor de functie maar voor verlichting van de pijn. Als er getapet wordt, moet er een zo normaal mogelijk bewegingspatroon ontstaan. Er mag dus niet zo maar een enkel helemaal in getapet worden omdat dit niet functioneel is. Als er een indicatie is voor tapen zal eerst bekeken moeten worden welke beweging beperkt moet worden. En dan mag ook alleen deze beweging getapet worden. Omdat de aangedane structuren meestal diep liggen, is volledige immobilisatie niet mogelijk met tapen, dit mag ook nooit de bedoeling zijn bij tapen. Voor diepere informatie verwijzen wij jullie door naar het boek Tapen en bandageren door Van Wingerden. 28

29 Belangrijke punten bij tapen Bij het aanleggen van tapen moet je rekening houden met een aantal punten. Dit om de tape zo goed en comfortabel mogelijk aan te leggen. 1. Goede diagnose. Dit is een van de belangrijkste punten. Je mag NOOIT wat doen als je niet precies weet wat er aan de hand is. 2. In twijfelgevallen NIET tapen 3. Breng de tape zo glad mogelijk aan, dus zonder plooien. Bij plooien kunnen huidirritaties en blaren ontstaan. Dit is niet alleen vervelend voor de sporter, maar het verhinderd ook het vervangen van tape. 4. Breng fixatiestroken altijd aan onder dezelfde druk of rek en in dezelfde richting. Als je dit niet doet, kan de onderste strook gaan plooien. Zie punt 3 5. Laat de tape lopen als je tape in een bepaalde bocht of richting gaat forceren, kunnen plooien ontstaan. Tevens wordt er maar een klein gedeelte van de kracht van de tape gebruikt waardoor de constructie niet optimaal is. 6. Zorg dat de spieren die over een gewricht lopen ontspannen zijn als je deze intapet. Het kan zijn dat enige spiercontractie nodig is om het gewricht in de juiste stand te houden. Maar probeer dit tot een minimum te beperken. 7. Houd de circulatie vrij. Er mag dus niet circulair getapet worden. 8. Zorg ervoor dat de tape altijd een overlap van 1\3 of de helft heeft. Dit zorgt voor de beste steun en minste irritatie 9. Tape zo veel mogelijk direct op de huid. Omdat een onderlaag altijd kan verschuiven, zal het gebruik hiervan nadelige effecten hebben op de effectiviteit van je tape. 10. Tape nooit over wondjes, ontstekingen of oedemen. De tape zal dit alleen maar erger maken. 11. Zorg ervoor dat de constructie comfortabel zit voor de sporter. 12. Bij verdenking van afknelling moet de tape verwijderd worden en opnieuw aangebracht moeten worden. 13. Tape in je eigen tempo en manier. Niemand kan gelijk een perfecte tape aanleggen. Neem de tijd die je ervoor nodig hebt en zorg ervoor dat kwaliteit altijd voor snelheid gaat. 14. Controleer altijd of het tape het doel behaald heeft. 15. Houd rekening met het verlies van stevigheid van de tape. Een tapje zal, zeker als het sterk belast wordt, 20 % van zijn oorspronkelijke stevigheid verliezen. Als er rekening gehouden wordt met de bovenstaande regels zal een tape constructie nooit fout kunnen zijn. Het goed kunnen tapen houd eigenlijk niet meer in dan creatief kunnen zijn en je tape aanpassen aan de situatie en de doelen die je stelt. 29

30 Huidverzorging Omdat de tape op de huid geplakt wordt heeft dit effecten op de huid zelf. Dit komt door de lijm die op de tapes zit, zelfs lijm voor de gevoelige huid e.a. heeft nadelige effecten op de huid, en de trek belasting die je de huid geeft. Het is daarom vanzelfsprekend dat een goede huidverzorging belangrijk is. Dit is helemaal belangrijk bij langdurig tapen. Voor het aanleggen van de constructie moeten de volgende stappen genomen worden. De huid moet schoon zijn. Het is het best als de huid gewassen wordt met water en zeep om zo ook de lichaamseigen vetten te verwijderen zodat de tape beter plakt en langer blijft zitten. De huid moet ontdaan worden van haren, dit niet alleen voor het verwijderen van het tape. Dit voorkomt namelijk ook ontstekingen van de haarzakjes. Let bij het verwijderen van de haren erop dat de huid niet beschadigd. De huid moet goed droog zijn. Kleine wondjes en huid defecten moeten verzorgd worden. Als er over wondjes heen getapet wordt kunnen de lijm, vuil en vocht ervoor zorgen dat deze gaan ontsteken waardoor het steeds moeilijker wordt om een tape aan te leggen. Voor het beschermen van wondjes kan gekozen worden om er een spray overheen te doen. Voorkeur gaat uit naar een plastic spray. Deze moet wel steriel zijn en flexibel zodat hij met de bewegingen van de huid meegeeft en niet barst. Bij goede huidverzorging is het gebruik van een onderlaag niet nodig. Het kan echter zo zijn dat de situatie niets anders toe laat. In dat geval moet gewoon gekozen worden voor de beste oplossing, in dat geval een onderlaag. 30

31 Tape technieken De onderstaande technieken zijn vooral bedoeld als voorbeeldje en houvast. Ze zijn niet bedoeld als absolute oplossing of kant en klare constructie. Sporters hebben namelijk nooit dezelfde klachten of dezelfde wensen. Het is dus van belang dat je de constructie kan aanpassen aan de individuele situatie, doelen en wensen van de sporter. Onderste extremiteiten Heel lock De Heel lock is een simpele manier om een enkel snel en effectief te beperken in verschillende richtingen. Deze techniek wordt vaak gebruikt als preventieve bandage. In dit geval wordt hij gemaakt met een kleefverband. Een voorbeeld hiervan is elastoplas. Deze constructie wordt ook vaak gebruikt, met het geschikte materiaal, als onderlaag voor de daadwerkelijke tape constructie. De heel lock begint op de laterale malleolus. Hij loopt over het bovenste spronggewricht en via de mediale malleolus over de hiel terug naar de laterale malleolus. 31

32 Daarna begint de lock, laat de band via de mediale malleolus om de calcaneus en onder de laterale malleolus langs naar de laterale voetrand lopen. Ga via de voetzool terug, over de mediale malleolus en de wreef. Naar het bovenste sprong gewricht. Vervolgens weer achter de calcaneus langs en over de voetzool weer terug naar de wreef 32

33 Maak de constructie af door een extra winding om het onderben 33

34 Stijgbeugels Omdat bovenstaande techniek meer een bandage techniek is hebben wij nog een methode opgenomen voor de beperking van in en eversie. De stijgbeugels. Men begint met het aanleggen van de ankers, de bovenste moet ruim boven de enkel. De andere moet net na de voorvoet. Vanaf daar worden de stijgbeugels en horizontale teugels trapsgewijs opgebouwd. De verticale stroken moeten helemaal onder de voet door en de horizontale achter de hiel langs. Maak het geheel af met 2 fixatie stroken over de beugels en teugels. 34

35 Knie zijwaartse stabiliteit Bij de revalidatie van een kniegewricht speelt gevoel, zeker voor stabiliteit, een belangrijke rol. Met deze bandage kan, door extra input via de huid, het gevoel van zekerheid eerder terug keren bij de sporter waar door deze beter en vooral sneller kan revalideren. Deze tape begint met 1 strook boven en onder het knie gewricht. Vervolgens worden de werk stroken aangelegd. Deze moeten over de as van de knie lopen en van voor naar achter (en andersom) aangelegd worden. Vervolgens kan men ervoor kiezen om extra stroken aan te leggen voor meer stevigheid. Maak het geheel af met enkele fixatie stroken over de werk stroken. 35

36 Knie extensie Omdat de knieholte een gevoelige plek is voor irritatie zal er voor deze tape techniek eerst een bandage aangelegd moeten worden om de huid te beschermen. Daarna kan er een tape constructie aangelegd worden voor de beperking van extensie. Begin de bandage door een keer circulair over het onderbeen het materiaal aan te leggen. Vervolgens schuin over de knieholte omhoog. Hier weer een keer rond en dan schuin naar het onderbeen. Bij grote knieën of smal materiaal kan gekozen worden om stroken 3 en 5 te herhalen om de kale plekken op te vullen. Leg het tape aan, begin aan de voorkant van het onderbeen en trek de tape strak naar boven en naar voren naar de voorkant van het bovenbeen. Ook hier kan gekozen worden om deze stroken te herhalen en over elkaar heen te spannen. 36

37 Maak de constructie af met fixatie stroken. Kuit ter ondersteuning Voor een zweepslag in de kuit kan de volgende methode toegepast worden. Deze kan gecombineerd worden met een bandage techniek. Het voordeel hiervan is, zeker in de acute fase, dat de bandage nog kan zorgen voor compressie en ondersteuning van het hematoom zodat deze niet naar de enkels zakt. Begin met het aanleggen van de ankers. Een boven de enkel en een onder de knie. Leg vervolgens de werk stroken aan. Zorg ervoor dat de kruising van de werkstroken net onder de laesie zitten. 37

38 Leg nieuwe werk stroken over de eerste zodat ze voldoende overlappen. Maak de constructie af met fixatie stroken. Bovenste extremiteiten Zelfs bij voetbal gebeurt het nog wel eens dat je een hand, pols of elleboog moet tapen. Daarom hebben wij ook van de bovenste extremiteiten enkele voorbeelden opgenomen. Pols De pols is een zeer bewegelijk gewricht, daarom zijn er meerdere manieren om deze te tapen. Voor het gemak hebben wij gekozen voor een dorsaalflextie beperkende tape. 38

39 Breng eerst de basis stroken aan. Trek vervolgens 2 werkstroken van de hand naar de onder arm. Geef tractie richting palmair flexie. Maak de constructie af met een werkstrook recht over het gewricht en fixeer alles goed met een circulaire fixatie strook Vinger flexie en extensie De vingers moeten meestal beperkt worden naar flexie of extensie. Hiervoor kan de volgende techniek gebruikt worden. Zoals hij hier beschreven staat, gaat het om een flexie beperking. Als je hem andersom doet, wordt hij beperkt naar extensie. 39

40 Breng de basis strook aan over de handrug, of over de handpalm. Let op bij het tapen over de handpalm dat de tape hier minder goed blijft plakken omdat hier meer beweging plaats vindt en meestal meer gezweet wordt. Knip of scheur de werk strook gedeeltelijk in zodat deze spiraalsgewijs om de vinger gewikkeld kan worden. Let op dat waar de stroken elkaar kruisen de remming plaats vind. In afgebeeld geval is dat dus flexie bij MCP en DIP gewrichten. Een extra strook over het PIP gewricht kan aangelegd worden voor deze fixatie. 40

41 Vinger onderling gefixeerd Een simpele en snelle manier om een vinger te fixeren, is deze fixeren aan een niet aangedane vinger. Het spelen met een handschoen door keepers, wordt op deze manier echter onmogelijk gemaakt. Eventueel kan er een stukje schuim rubber tussen de vingers geplaatst worden voor beter comfort. Of een voor gevormd stukje voor een optimale stand van de vinger. Duim De duim is een compliceert gewricht. Hierdoor is het moeilijk om sommige bewegingen uit te schakelen. De meest voorkomende tape is de ab en adductie beperking. Leg eerst 2 basis stroken aan, deze moeten ongeveer lopen tussen metacaprale 2 en 3. Leg vervolgens de werkstroken aan over metacarpale 1. 41

42 Er kan gekozen worden om een extra strook aan te leggen tussen de duim en wijsvinger. Deze loopt in dat geval van dorsaal naar palmair. Maak je constructie af met 2 extra fixatie stroken die via de radiale zijde van de hand lopen en veranker deze samen met de werkstroken met een fixatie strook aan weerskanten van de hand. 42

43 Elleboog Meest voorkomende letsels aan de elleboog ontstaan door herhaaldelijke hyperextensie. Een tape over de elleboog kan hier uitkomst bieden. Niet dat de hyperextensie opgeheven zal worden maar meer als herinnering aan deze beweging. Omdat de binnenkant van de elleboog, net als de knieholte, uiterst gevoelig is voor irritatie zal ook hier eerst een bandage aangelegd moeten worden. Begin hier, net als met de knie, onder het gewricht met een circulaire toer. Vervolgens schuin omhoog over de elleboogsholte naar de boven arm. Maak op de boven arm ook een circulaire toer voordat weer over de elleboogsholte terug naar de onderarm gaat. Ook hier kunnen de schuine stroken trapsgewijs over elkaar gelegd worden om de gaten op te vullen. Maak het geheel af met een circulaire toer en fixeer het materiaal. 43

44 Voor de eindstand bepaling moeten er over de schuine stroken, stroken tape aangelegd worden. Deze moeten van distaal naar proximaal getrokken worden en met enige tractie gefixeerd met horizontale fixatie stroken. 44

45 Opdrachten Les 3, tapen en bandageren Voorbereiding Lees het hoofdstuk door en kijk vooral naar de technieken voor de onderste extremiteiten. Verwerkingsopdracht Oefen de aangeleerde constructies. Les 4, Tapen en Bandageren Voorbereiding Lees opnieuw het hoofdstuk door en kijk vooral naar de technieken voor de bovenste extremiteiten. Oefen alvast met het aanleggen van tapes van de bovenste extremiteiten. Verwerkingsopdracht Oefen de aangeleerde constructies. 45

46 Hoofdstuk 3: Weefselherstel Inleiding In het geval van weefselschade is het belangrijk om te weten wat er precies gebeurt na het trauma. Dit is niet alleen van belang voor het herstel, maar ook om een adequate revalidatie aan te bieden. Omdat er al uitgebreid is ingegaan op het weefselherstel zelf zullen wij daar niet te diep op ingaan. Wij zullen ons deze week meer richten op de belastbaarheid in verschillende fasen en herstelbelemmerende en -bevorderende factoren. Voor verdere uitleg en informatie adviseren wij om de boeken Bindweefsel in de revalidatie door B.A.M. van Wingerden en Dynamiek van het menselijk bindweefsel door de Morree te lezen. Punten Fasen weefselherstel Herstel beïnvloedende factoren Mate van belastbaarheid, per fase Fase van herstel Inleiding Er zijn grofweg 3 fasen te herkennen in het herstelproces na weefselschade. Deze zijn de ontstekingsfase, proliferatie fase en de remmodellering- en maturatiefase. Deze fases hebben allemaal hun eigen verloop, tijdsbestek en belastingsvermogen. Ontstekingsfase De ontstekingsfase kenmerkt zich door de ontstekingsreactie die het lichaam na elke weefselschade vertoont. Deze fase is vooral actief in de eerste 2 tot 3 dagen na het letsel. Als er sprake is van een langdurige ontstekingsfase zijn er waarschijnlijk belemmerende factoren in het spel. De kenmerken van een ontstekingsreactie zijn de ontstekingsreacties. Dit zijn roodheid, zwelling, warmte, pijn en beperking in functie. De ontsteking begint onmiddellijk na het letsel. Tijdens de ontsteking komen er allemaal verschillende stoffen vrij. Deze stoffen hebben allemaal een eigen functie. De functies zijn onder andere stelping van het bloeden, het opnemen van vreemd materiaal, weefselresten en bacteriën. Omdat dit verder niet heel relevant is voor de revalidatie en omdat dit uitvoerig is behandeld in de reguliere lessen, zullen wij hier verder niet op ingaan. Verder worden bepaalde groeifactoren gestimuleerd op de plaats van het letsel. Dit is nodig om de proliferatiefase te kunnen starten. 46

47 Proliferatiefase Dit proces start binnen 1 tot 3 dagen na het letsel, wanneer de ontsteking afgenomen is. Het proces is vooral gericht op snel herstel. Hierin wordt bindweefsel gebruikt. Omdat dit weefsel het snelst groeit en omdat het relatief makkelijk is aan te maken (dit weefsel is ook litteken weefsel). Omdat dit zo snel groeit, is dit weefsel van relatief lage kwaliteit. Het is, voor een kwalitatief goede revalidatie dan ook van belang dat het geledeerde weefsel actief blijft. Hierdoor zullen de vezels in het weefsel in dezelfde richting op groeien. Uiteindelijk zal dit weefsel langzaam van kwaliteit verbeteren en belastbaar worden. Sommige weefsels kunnen zelfs helemaal herstellen en weefsel specifieke vezels aanmaken, sommige weefsels echter niet. Remodelleringsfase Dit is de laatste fase van herstel en begint tegelijk met de proliferatie fase en duurt 300 tot 500 dagen totdat het weefsel helemaal is hersteld. In deze fase wordt het, meestal van slechte kwaliteit zijnde, bindweefsel vervangen door weefsel specifieke vezels of bindweefsel van een hogere kwaliteit. Het is voor een kwalitatief goede revalidatie van belang dat het weefsel belast is zodat er sneller vezels van hogere kwaliteit aangemaakt worden. Dit heeft echter een klein nadeel wat betreft de duur van herstel. Maar heeft zeer grote voordelen op de kwaliteit van herstel. Herstel beïnvloedende factoren Inleiding Tijdens de revalidatie zijn er verschillende factoren die invloed uit kunnen oefenen op het herstel. Dit kan zijn in de duur en in de kwaliteit van herstel. Deze invloeden kunnen zowel positief als belemmerend zijn. De bevorderende moeten dan ook ondersteund worden en de belemmerende factoren moeten dan ook vermeden of uitgeschakeld worden. Deze invloeden kunnen grofweg ingedeeld worden in 2 groepen, algemene factoren en lokale factoren. Deze kunnen weer onderverdeeld worden in belemmerende en bevorderende factoren. 47

48 Lokale factoren De lokale factoren hebben vooral invloed op het fysiologische aspect van wondgenezing en weefsel herstel. Omdat wij hier veel te maken hebben met acute trauma`s zijn dit de belangrijkste factoren om rekening mee te houden. Anatomische locatie Mechanische druk Hechtingen Ziekte Secundaire wondinfectie Chemische stoffen, bijvoorbeeld medicijnen Pijn Temperatuur Anatomische locatie De locatie van het letsel kan grote invloed hebben op het verloop. Dit heeft voornamelijk te maken met de doorbloeding van het weefsel. Zo is spierweefsel veel beter doorbloed dan kapsels en banden. Hierdoor zal de aan- en afvoer van bouw- en afvalstoffen sneller verlopen in een spier. Dit is een herstel bevorderende factor. (let op. ijzen of compressie ter preventie van hematoom). Mechanische stress De mechanische stress is een locale factor die de wondgenezing kan beïnvloeden. In ligamentair weefsel is een bepaalde stress (vroege mobilisatie) noodzakelijk om de fysiologische proliferatie van nieuw weefsel te bevorderen. Er zijn echter speciale maatregelen nodig om de wond niet over te belasten. Deze maatregelen zijn nodig ter preventie van hypermobiliteit, scheuring van het littekenweefsel, instabiliteit, etc. De vroege mobilisatie is de manier om wondgenezing te bevorderen. Dit komt door de toenemende doorbloeding en bevorderd de fysiologische rangschikking van nieuwe vezels. In sommige gevallen heeft mechanische stress een zodanige slechte invloed dat overgegaan moet worden op immobilisatie, denk hierbij aan gipsen en spalken. Hechtingen Hechtingen kunnen het herstel beïnvloeden zowel in positieve als negatieve zin. Het positieve is dat grote wonden dicht groeien doordat de wondranden minder afstand moet overbruggen. De negatieve factoren zijn dat het weefsel negatieve reacties kan vertonen. Denk hierbij aan ontstekingen of infecties. Ook is de belasting van hechtingen over het algemeen vrij laag waardoor de mobilisatie moet wachten. 48

49 Ziekte Als een persoon ziek is, zal het lichaam eerst de ziekte bestrijden en dan zal het letsel pas gaan herstellen. Ook kunnen specifieke ziektes het herstel beïnvloeden, denk hierbij aan diabetes e.a. Secundaire wond infectie Bij elke open wond bestaat het risico dat bacteriën of virussen de wond infecteren. De secundaire wondinfectie wordt ook wel chronische ontsteking genoemd. In dit geval moet het lichaam eerst de wond schoon maken voordat het kan beginnen met het opbouwen van nieuw weefsel. Dit is dus een vertraging in de proliferatie fase, en daardoor de wondgenezing. Chemische stoffen Medicijnen zijn de bekendste chemische stoffen die het weefselherstel kunnen beïnvloeden. Deze zijn algemeen geaccepteerd als beïnvloedbare factoren. Denk hierbij maar aan antibiotica als herstel bevorderend. Pijn Pijn gewaarwording heeft te maken met het stimuleren van type c vezels (hier gaan wij niet te diep op in). Bij de stimulatie van deze vezels worden verschillende mediatoren vrij gegeven die onder andere de doorbloeding en aanmaak van witte bloedlichaampjes stimuleert. Pijn kan echter ook een negatieve invloed hebben op de mobilisatie. Ook kan pijn invloed hebben op de psyche van de sporter. Dit kan zich uiten in bewegingsangst, hierover later meer. Temperatuur De temperatuur heeft vooral effect op de doorbloeding. Temperatuurwisselingen hebben een positief effect, maar dit vrij minimaal. Het effect van een warmte of koude pakking duurt niet langer dan een half uur (op het weefselherstel). De onderzoeken zijn controversieel, over het algemeen wordt aangeraden om in de acute fase vasoconstrictie te bewerkstelligen en in de revalidatie fase vasodilatiatie. Koude pakkingen kunnen echter goed gebruikt worden voor pijndemping waardoor de mobilisatie beter kan verlopen. Algemene factoren De algemene factoren hebben meer te maken met het gehele lichaam en de algemene gesteldheid van de sporter. Algemeen belemmerende factoren zijn veelal de factoren die een chronische klacht in stand kunnen houden. Omdat wij het hier meer over acuut letsel hebben, zullen wij deze factoren niet uitgebreid behandelen. De factoren waar rekening mee gehouden moeten worden zijn. Leeftijd Trainingsgesteldheid Voedingstoestand (Systeem)ziekte. 49

50 Leeftijd Hoe jonger de sporter is hoe beter en sneller het herstel gaat. Bij oudere sporters veranderen mechanische eigenschappen en treden ultrastructurele, morfologische en biomechanische veranderingen op. Oudere sporters hebben ook meer kans op complicaties. Ook zullen oudere mensen minder goed bouwstoffen op kunnen nemen uit voedsel waardoor het weefselherstel iets vertraagd wordt. Trainingsgesteldheid Hiermee bedoelen wij ook de algemene lichaamstoestand of belastbaarheid. Het is een groot voordeel voor de revalidatie als een sporter al goed belastbaar is voordat er begonnen wordt aan de revalidatie. Je kan namelijk je revalidatie goed richten op de klachten en je hoeft minder rekening te houden met de factor belastbaarheid van andere structuren. Het is vanzelfsprekend dat beter getrainde mensen betere lichaamsfuncties hebben dus betere doorbloeding, opname van bouwstoffen en getraindheid van omliggende weefsels. Voedingstoestand Er is bewijs dat slechte voeding een grote negatieve invloed heeft op de wondgenezing en het weefselherstel. Als bepaalde voedingsstoffen onvoldoende in het lichaam aanwezig zijn, kunnen bepaalde systemen niet optimaal functioneren en zullen er fysiologische veranderingen ontstaan. Ook de aanwezigheid van te veel slechte voedingsstoffen heeft effect op bepaalde systemen. Een slechte voedingstoestand heeft effect op het immuun systeem. Hierdoor zal de weerstand tegen infecties en vreemde materialen niet optimaal zijn. (Systeem) ziekten Veel verschillende ziekten hebben invloed op het lichaam waardoor het lichaam zich niet optimaal kan richten op het weefselherstel. Denk hierbij aan anemie, diabetes of COPD. 50

51 Mate van belasting Inleiding Het is tijdens de revalidatie belangrijk om de sporter niet te overbelasten maar ook niet onder te belasten. Dit heeft allebei een negatieve invloed op het weefselherstel. Bij overbelasting bestaat de kans op een vertraagd weefselherstel. Bij onderbelasting zal het herstel voornamelijk last hebben van een mindere kwaliteit van nieuw weefsel en uiteindelijk ook de duur van de revalidatie. Hieronder kun je lezen wat er moet gebeuren in welke fase met betrekking tot welk weefsel. De volgende weefselsoorten gaan wij behandelen: Ligamenten Spieren Kapsel Meniscus Aanhechtingen Ligamenten In de acute fase is het belangrijk om te immobiliseren ook word vaak de RISE regel toegepast. Voor de RISE regel kun je kijken bij de EHBSO. De basisprincipes in de acute fase staan in de RISE regel. Tijdens de overgang van de ontstekings- naar de proliferatiefase verandert de nadruk van ontstekingsystemen naar nieuw weefsel. De wederopbouw van uitgebreid capillair netwerk is belangrijk voor de toevoer van belangrijke bouwstoffen. De nieuwe bindweefselvezels rangschikken zichzelf in een loodrechte positie ten opzichte van de bloedvaten. Tijdens de proliferatiefase is het belangrijk om mechanismen te stimuleren die invloed uitoefenen op de synthese van bindweefselcomponenten. Belangrijk voor functionele processen zijn: Actieve mobilisatie stimuleert onder andere vasodilatatie en toenemende metabolisme. Verder zijn er andere effecten die wij niet allemaal gaan beschrijven. Matrix belasting: dit is natuurlijk ook mobilisatie maar kan ook passief toegepast worden. Matrix belasting is belangrijk voor het rangschikken van nieuwe vezels. Verder stimuleert dit de cellen tot proliferatie. Pijnvrije beweging en therapie voor de proliferatie zijn van belang om in standhouding van de klachten te voorkomen. Aërobe trainingen zijn van belang om de doorbloeding te stimuleren en zo de revalidatie te versnellen. Proprioceptieve training ook wel stabiliteitstraining genoemd is een van de belangrijkste trainingsvormen voor het behalen van functionele resultaten. Het is belangrijk om binnen de pijngrens te blijven hierdoor moet men oppassen met het trainen tijdens pijnverminderde interventies. Denk aan bijvoorbeeld cryotherapie en pijnstillers. Deze zouden de pijngrens kunnen verhogen waardoor kans op overbelasting groter is. 51

52 De remodelleringsfase is de laatste en langste fase van herstel. In deze fase kan steeds meer belast gaan worden. De behandelingen zijn vooral gericht op mobilisatie met het ROM als uitgangspunt. Als de normale ROM is bereikt, kunnen normale motorische vaardigheden getraind worden. Zie trainingsprincipes. Het is belangrijk om even goed rekening te houden met preventieve maatregelen omdat de structuur nog niet maximaal belastbaar is. Proprioceptieve trainingen blijven de belangrijkste manier van trainen om een zo functioneel mogelijk herstel te bereiken. Ook is het regelmatig oefenen een voorwaarde om het weefsel te onderhouden en te verbeteren. Functioneel testen om te kijken of terugkeer mogelijk is naar het niveau van voor het letsel is noodzakelijk om recidieven te voorkomen. Spieren De fasen van herstel van spieren verschilt niet veel van die van bindweefsel. Er is sprake van een ontstekingsfase, proliferatiefase en remodelleringsfase. In de acute fase van spierletsel is het belangrijkste wat gedaan moet worden, de spier in min of meer verlengde positie brengen en mits mogelijk vasthouden. Dit is om in een later stadium verkortingen van de spier te voorkomen. Direct na het trauma zal dus een beweging gemaakt moet worden die we juist niet willen maken. De reactie is de spier in de verkorte positie brengen om zo de pijn te omzeilen. Het voordeel om de spier in een verlengde stand te houden is dat het nieuwe weefsel en dan vooral de nieuwe vaten meteen van de juiste lengte zijn en niet zullen scheuren of beschadigen bij bewegen. Immobilisatie heeft grote negatieve invloed op het herstel. Daarom dient dit zo veel mogelijk vermeden te worden. De negatieve effecten van immobilisatie zijn onder andere: Uitgebreide bindweefsel proliferatie (verkeerde prikkels voor de spier vezel regeneratie) met als gevolg verlies van functie. Verminderde wondgenezing (tijdsverlies). Incomplete regeneratie van de spiervezels Verminderde belastbaarheid en contractiliteit A-functioneel herstel in een verkorte positie (gewijzigde spierlengte en spanning relatie) en andere veranderingen in het omringende weefsel van de spieren, van nerveuze systeem, de huid, kapsel en retinaculae. Onvoldoende reïnnervatie en regeneratie van de motorische eindplaat. Littekenvorming in de spier Tijdens de acute fase moet voldoende rust genomen worden. De extremiteit moet in een zo functioneel mogelijke positie gehouden worden. Er kan al begonnen worden met bewegen maar dit moet binnen de pijngrens blijven om het weefsel te beschermen. Verder de RICE regel toepassen. Rekening houdend met eerder genoemde punten Als de proliferatiefase is aangebroken, kan worden begonnen met trainen. Tijdens dit trainen staat de coördinatie en het spier uithoudingsvermogen centraal. Er moet dus getraind worden met lage weerstand en veel herhalingen. Verder moet er tijdens de training veel aëroob getraind worden om de metabole processen te stimuleren. De normale ROM zou gehaald moeten worden in de eerste 3 weken. De proprioceptieve training is, samen met de actieve training, van belang voor de reïnnervatie. 52

53 Tijdens de laatste fase, de remodelleringsfase, zet de therapie van de proliferatiefase door. De verschillen zitten hem in de steeds specifiekere training in de laatste fase. De specifieke revalidatie training zal gericht zijn op het hervatten van de sport en of ADL. Van belang is het onderzoeken en inschatten van de motorische eigenschappen van de revalidant. Hierdoor kan gewerkt worden naar het uiteindelijk gewenste niveau. Periodisering en continuering van de training is belangrijk om hernieuwd trauma te voorkomen. Als laatste punt is het verstandig om te kijken of de oorzaken van het oorspronkelijke trauma te achterhalen zijn. Bij een sporter kan het trainingsschema deze informatie geven door na te kijken wat de intensiteit, duur en frequentie waren. Kapsel Omdat kapsels slecht doorbloed zijn, zullen de fasen langer duren dan bijvoorbeeld spierletsels. Verder kennen de kapsels dezelfde fase als ligamenten en spieren. Voor de revalidatie kan de volgende leiddraad gebruikt worden. Deze is voor conservatieve behandeling. Dus niet operatief. In de acute fase zal eerst immobilisatie en bescherming van het wondgebied en de beschadigde structuren toegepast worden. Vervolgens moet een inschatting gemaakt worden van de intra articualaire situatie. Hierbij moet gedacht worden aan hematoom of hemathros. Deze kunnen namelijk het herstel belemmeren in de postacute fase. Compressie zou toegepast kunnen worden als pijndemping. Dit hoeft alleen als het nodig is. Verder is elevatie wenselijk om de eventuele zwelling niet te laten zakken naar de extremiteiten. In de proliferatie fase is het van belang de nieuwe vezels functioneel te prikkelen om de hoogste kwaliteit te bewerkstellingen. Verder is de training en het verloop van herstel hetzelfde als bij de ligamenten. Er zal echter extra nadruk gelegd moeten worden op de coördinatietraining om de proprioceptie te verbeteren. Bij blessures van de onderste extremiteiten is het trainen in een gesloten keten het meest wenselijk. Dit omdat trainen in een gesloten keten functioneler is. Trainen in een open keten moet in deze vermeden worden. Als in de remodelleringsfase de normale ROM niet behaald wordt, moet achterhaald worden welke structuur verantwoordelijk is voor deze beperking. Als het kapsel verantwoordelijk is voor deze beperking, kan gekozen worden voor manuele mobilisatie. Als de ROM terug gekeerd is op het normale niveau kan begonnen worden met het trainen van specifieke motorische vaardigheden. Progressieve proprioceptieve training is noodzakelijk in deze fase om een zo functioneel mogelijk herstel te bereiken. Meniscus Bij een meniscus leasie wordt onderscheid gemaakt aan de hand van de plek van de leasie. De plaats van de leasie kan in het gevasculariseerde of niet gevasculariseerde deel zitten. Een leasie in het gevasculariseerde deel kan gedeeltelijk herstellen. Leasie in het niet gevasculariseerde deel is veel gecompliceerder om te revalideren. Bij een leasie in de vasculaire zone is het afhankelijk van de lokalisatie van het letsel een specifieke partiele immobilisatie noodzakelijk om verdere beschadiging te voorkomen. Belasting van de matrix is van groot belang voor de kwaliteit van herstel. Omdat de matrix op deze manier functionele prikkels krijgt, zal het herstel voorspoediger verlopen. Belangrijkste doel tijdens de proliferatiefase is het herstellen van de ROM. 53

54 Bij de a-vasculaire zone wordt als volgt gehandeld. Meestal volgt een chirurgische ingreep waarna het beleid bekend is in de richtlijn. Aanhechtingen De revalidatie van letsels van inserties aan het bot is afhankelijk van lokalisatie en betrokken structuren. Letsels van de directe insertie van het bot laten dezelfde fases van herstel zien als eerder beschreven. De basisprincipes van de acute fase is immobilisatie en bescherming van de wond. Dit is het enige wat gedaan kan worden in deze fase. Het is afhankelijk van de locatie van het letsel welke interventie uitgevoerd wordt in deze fase. De onderste extremiteiten zullen over het algemeen meer ondersteuning nodig hebben dan de bovenste extremiteiten. In de proliferatie fase moet begonnen worden met mobilisatie binnen de pijngrens. Verder zijn dezelfde interventies en principes als bij spierletsel van toepassing, zoals aërobe en coördinatieve en proprioceptieve training. Ook tijdens de remodelleringsfase zijn de interventies weer hetzelfde als bij spierletsel. Er moet echter wel rekening gehouden worden dat bij het herstel van een pees bot overgang langer duurt dan bij een spier bot overgang. Met deze informatie zou je in staat moeten zijn om een correcte behandeling te kunnen geven voor de hierboven genoemde letsels. Van belang is wel om je doelen goed te beschrijven en de middelen met juiste intensiteit en omvang toe te passen. Opdrachten Les 5, weefselherstel Voorbereiding Lees het hoofdstuk door. Bestudeer de casussen 1 en 2 van dit hoofdstuk en maak de opdrachten. Stel een behandeling op voor de proliferatie fase gericht op casus 1 en 2. Stel een behandeling op voor de remodelleringsfase gericht op casus 1 en 2 Zorg dat je deze behandelingen kan geven in de les. (dus zorg voor materiaal) Verwerkingsopdracht Bestudeer de casussen 5 en 6 van dit hoofdstuk en maak de opdrachten. Stel een behandeling op voor de proliferatie fase gericht op casus 5 en 6. Stel een behandeling op voor de remodelleringsfase op gericht op casus 5 en 6 54

55 Casussen Casus 1 Wim heeft 2 weken geleden een zweepslag gehad. Er zijn geen belemmerende factoren en het herstel verloopt voorspoedig. Casus 2 Henk heeft een geluxeerde schouder opgelopen bij een kop duel. Hij is bang om zijn arm te gebruiken en ontziet hem in alles. Dit zorgt voor een vertraagd en kwalitatief slechter herstel. Casus 3 Piet is de keeper van FC polderboys 69. Hij heeft sinds kort last van zijn rechter onderarm. Hij heeft last van een epicondilitus. Door een dringende klus op zijn werk heeft hij veel meer moeten werken dan hij gewend was. Hierdoor heeft hij zijn arm overbelast. Casus 4 Mark is tijdens de training door zijn enkel gegaan. Het is een klassiek voorbeeld van een inversie trauma. Verder geen complicaties en geen herstel belemmerende factoren. Casus 5 Beb heeft tijdens de wedstrijd een knietje gehad van een tegenspeelster. Hierdoor heeft zij een flink stomp trauma opgelopen. Werk de opdrachten uit voor de eerste week van haar herstel en de 6 e week van haar herstel. Casus 6 Jannes heeft tijdens het voetballen zijn knie ernstig verdraaid. Hij heeft hierna last gekregen van hevige pijn. Tevens is er sprake van een flink hematoom. De eerste dag heeft hij veel last van pijn en kan hij zijn knie niet meer bewegen. Na een week heeft hij nog wel een bewegingsbeperking maar hij kan wel weer zijn knie bewegen, alleen belasten gaat nog niet. 55

56 Hoofdstuk 4: Trainingsleer Inleiding Omdat jullie in de sport actief zullen zijn, is het belangrijk om genoeg kennis te hebben van de verschillende trainingsprincipes. Deze worden onderverdeeld in energiesystemen, trainbare grootheden en trainingseffecten. In deze week komen deze onderwerpen aan bod. Omdat dit veel stof is, zullen we niet alles uitgebreid kunnen behandelen. Voordeel is dat jullie tijdens de reguliere fysiotherapie lessen ook al enige kennis van zaken hebben. Het is dus de verantwoordelijkheid van de student om zich hierin te verdiepen. Het boek om je te verdiepen in deze stof is Fysiologie door Fox. De reden dat er uitleg word gegeven over training is dat tijdens de revalidatie fase getraind moet worden om een sporter op het juiste niveau te krijgen. Dit is zowel therapeutisch en preventief gezien. Omdat dit het beste gegeven kan worden in zo n echt mogelijke situatie zal het vaak jouw taak zijn om dit te realiseren tijdens de trainingen zelf. Punten Energiesystemen Trainbare grootheden Trainingseffecten Trainingsvariabelen Energiesystemen Inleiding De reden dat dit aangeboden wordt in deze cursus is dat de essentie van bewegen een grondslag heeft in de verschillende energiesystemen. Tijdens verschillende revalidatie processen is het van belang om te weten welke energie processen worden aangesproken bij verschillende belastingen. Om een goede revalidatie te kunnen geven, is het van belang de juiste energiesystemen aan te spreken en te trainen. Bij de sportanalyse is de kennis die je nu op gaat doen over de energiesystemen van groot belang. Er wordt vanuit gegaan dat er al enige basiskennis is van de verschillende energiesystemen. De reden dat dit toch wordt aangeboden, is het herhalen van de stof en het opfrissen van de kennis. Verschillende energiesystemen In het lichaam zijn de energiesystemen globaal op te delen in 3 systemen: ATP-CP of te wel het fosfaatsysteem Anaërobe glycolyse op wel het melkzuursysteem Aërobe of te wel zuurstofsysteem 56

57 Elk systeem heeft zijn eigen hoeveelheid energie en tijdsduur die hij kan leveren. Ook zijn de bronnen en restproducten verschillend. Dit wordt nu toegelicht per energiesysteem. Enkele bovengenoemde systemen zijn ook onder te verdelen in subsystemen. Om toepasbaarheid hoog te houden, wordt dit niet behandeld. Mocht je het wel willen weten, dan verwijzen wij naar de bronnen die gebruikt zijn bij deze reader. Energie De definitie van energie is het vermogen tot arbeid te leveren. De manier waarop het lichaam energie vormt is door splitsing van ATP. Door splitsing van ATP komt er energie vrij en ontstaat er ADP+P+Energie. Alle energiesystemen zijn erop gericht ATP te vormen uit ADP. Dit doet het lichaam door een P terug toe te voegen aan ADP. Het enige verschil is dat de ene sneller is dan de andere en dat de voorraad in het lichaam verschilt. Hieronder een vereenvoudigde schematische weergave van de afbraak en terugvorming van ATP. Het ATP-CP systeem Dit systeem is het snelste beschikbaar in het lichaam. Het nadeel hiervan is dat dit systeem maar energie voor een korte duur kan leveren. De duur van dit systeem is afhankelijk van de getraindheid van de persoon maar kan gemiddeld zo n 10 secondes duren. Een voorbeeld is een 100 meter sprint van een topatleet. 57

58 De werking In dit systeem wordt direct opgeslagen ATP voorraad in de spier gebruikt. Voor de resynthese van ATP worden vrije CP moleculen uit de spieren gebruikt. Zoals eerder genoemd, kan dit systeem grote hoeveelheden energie leveren maar is het snel uitgeput. Dit omdat de hoeveelheid opgeslagen ATP en CP in de spieren beperkt is. Deze voorraden worden ook wel de fosfaatpoel genoemd. De grootte van de fosfaatpoel is trainbaar tot op zekere hoogte. Herstel Na de inspanning moet de voorraad van ATP weer opgebouwd worden.de energie die nodig is voor de aanvulling van de energierijke fosfaten in de spier, wordt hoofdzakelijk geleverd door het aërobe systeem met de zuurstof die tijdens het niet-melkzuurdeel van de periode van zuurstofoverschot is opgenomen. Het zuurstofoverschot is de zuurstof die meer ingeademd wordt boven de normaliter ingeademde zuurstof in dezelfde periode in een rust toestand. In de eerste minuten na de inspanning is het herstel van dit systeem het grootst, na 2 minuten zal ongeveer 80 tot 85 % van de gebruikte energie weer aangevuld zijn. Na 10 minuten zal de verbruikte energie weer zo goed als helemaal aangevuld zijn. Anaërobe glycolyse Dit systeem is het 2e energie systeem in het lichaam. Het principe is dat koolhydraten gebruikt worden voor de resynthese van ATP. Dit systeem levert de energie van 15 seconden tot ongeveer 2 minuten. Een voorbeeld is de 400 of 800 meter. De werking De koolhydraten worden afgebroken tot melkzuur, bij deze afbraak wordt energie gewonnen die nodig is voor de resynthese van ATP. Deze koolhydraten komen uit de voeding en worden via de bloedbaan naar de spieren getransporteerd. Een groot nadeel van dit systeem is dat melkzuur de spieren aantast en de verschillende reacties vertraagd. Herstel Het herstel van dit systeem duurt langer omdat er hier sprake is van toxische afvalstoffen. Deze moeten afgevoerd en verwerkt worden. De afvalstoffen worden in de lever weer omgezet in andere stoffen. Dit is de krebs cyclus, ook wel de citroenzuur cyclus genoemd. In deze cyclus vindt onder andere resynthese van ATP plaats. De duur van volledig herstel van dit systeem neemt enkele dagen in beslag. Dit wordt door 2 verschillende factoren beïnvloed. De aard van belasting die tot uitputting van glycogeen heeft geleid en de hoeveelheid koolhydraten die via de voeding binnen komen. 58

59 Aëroob systeem Dit is het systeem waar het lichaam zuurstof verbruikt voor de aanmaak van ATP. Dit is ook het systeem dat altijd actief is in rust. En bij duursporten. Dit systeem is het meest actief na ongeveer 3 minuten en duurt net zo lang de sporter het vol kan houden. Het aëroob systeem kan drie verschillende grondstoffen gebruiken voor het aanmaken van ATP. In eerste instantie, in rust, zal het lichaam vetten gebruiken voor de aanmaak van ATP. Het voordeel van de verbranding van vetten is dat ze veel energie leveren per eenheid. Het nadeel is echter dat er veel zuursof nodig is voor de reacties en dat de reacties heel ingewikkeld zijn. Bij een hogere belasting, en bij het inzetten van een belasting, zal het lichaam voornamelijk glycogeen gebruiken voor de verbranding. Dit is omdat glycogeen sneller en makkelijker om te zetten is dan vetten. Als alle glycogeen en vetten opgebruikt zijn, kan het lichaam eiwitten gebruiken als verbranding. Omdat onder normale omstandigheden geen eiwitten gebruikt worden als metabole brandstof zullen wij hier verder niet op in gaan. Voorbeelden van deze systemen zijn voor glycogeen verbranding, 5km duurloop. Voor vetverbranding kan je denken aan wandelingen, powerwalking of een marathon. Er zal echter altijd een combinatie zijn van de 2, de intensiteit en duur zal de nadruk van een systeem veroorzaken. De werking In het vetten systeem moeten eerst de vetten afgebroken worden tot vetzuren. Deze worden nog een keer afgebroken tot kleine moleculen die rechtstreeks toegang hebben tot de krepscyclus. Deze cyclus zorgt voor de resynthese van ATP, dit gebeurt in de mithochondriën in de cellen. In het glycogeen systeem word glucose omgezet naar glycogeen, dit wordt weer omgezet naar pyrodruivezuur. Dit kan weer gebruikt worden in de kreps-cyclus voor de vorming van ATP. Herstel Het herstel van het aëroob systeem is vooral afhankelijk van het aanvullen van glucose en vetten. Het herstel hangt af van wat de sporter binnen krijgt via het voedsel. Trainbare grootheden Inleiding Het is niet alleen van belang om te weten welke systemen gebruikt worden tijdens welke inspanning. Het is ook belangrijk om te weten wat je precies kan trainen aan het lichaam. Om de beste trainingseffecten te bereiken, moet je de juiste systemen trainen. De te trainen systemen zijn snelheid, kracht, lenigheid, uithoudingsvermogen en coördinatie. Dit worden ook de grondmotorische eigenschappen genoemd. Sommige literatuur zegt dat ook de psyche getraind kan worden. Dit is wel onderbouwd, maar omdat wij ons daar niet op richten, zullen wij dit niet verder behandelen. 59

60 Snelheid Snelheid is een combinatie van een beweging in een bepaald tijdsverloop. De definitie van snelheid is het resultaat van de inwerking van een kracht op een massa. Het is de eigenschap die toelaat motorische acties in een onder bepaalde omstandigheden minimale tijd uit te voeren. Maar snelheid is ook de eigenschap om, op grond van de beweeglijkheid van de processen van het spier- en zenuwapparaat, bewegingen in optimale tijdseenheden uit te voeren. Snelheid wordt door verschillende factoren bepaald. Deze factoren zijn de spiervezelsamenstelling en de biochemische eigenschappen van de spier. Hierbij moet je denken aan de type 1 en 2 vezels. In andere woorden de fast en slow twitch vezels. Ook heeft kracht een grote invloed op snelheid. Coördinatie en lenigheid van de spieren en pezen zijn ook van invloed op de snelheid. Als laatste is er nog een logische factor die ook zijn invloed uitoefent en deze is de opwarming en vermoeidheid. Kracht Kracht is op te delen in snelkracht, kracht uhv en maximale kracht. Snelkracht of explosieve kracht Snelkracht en explosieve kracht zijn eigenschappen van het spier- zenuwsysteem om weerstand met de hoogst mogelijke contractie snelheid te overwinnen. Bij snelkracht kan men denken aan snelle bewegingen zoals werpen, springen en stoten. Kracht uhv De eigenschap van kracht om een beweging zo vaak mogelijk uit te voeren. Verwar dit niet met algemene uhv. Want dit is lokaal van aard. Maximale kracht Maximale kracht is de hoogst mogelijke kracht die een spier kan ontwikkelen tijdens een willekeurige contractie. Denk hierbij aan het 1 RM. Lenigheid Met lenigheid wordt de maximale rek van de spieren en bindweefsel bedoeld. Lenigheids training is erop gericht om bewegingen uit te voeren met een steeds groter wordende amplitude. Lenigheid is nodig voor het uitvoeren van verschillende bewegingen. Lenigheid is dus een randvoorwaarde voor de verschillende vormen van bewegen.. Een tekort aan lenigheid in de gewrichten maakt het uitvoeren van bepaalde bewegingstechnieken zeer moeilijk en zal bovendien de kans op kwetsuren vergroten en belet het optimaal ontwikkelen van conditionele eigenschappen en technische vaardigheden. Coördinatie Coördinatie is het vermogen om motorische bewegingen efficiënt en precies uit te voeren. Coördinatie wordt bepaald door reactievermogen, oriëntatievermogen, evenwichtsgevoel, wendbaarheid en kracht. Het belang van coördinatie ligt vooral in het correct uitvoeren van 60

61 bewegingen. Hierdoor is het verbruik van energie kleiner en ook de kwaliteit van de bewegingen zijn beter. Door middel van goede coördinatie en coördinatie training zijn verschillende blessures te voorkomen. Hou hier rekening mee tijdens je revalidatie. Uithoudingsvermogen ( UHV ) Hiermee word bedoeld het algemene uhv. Dat wil zeggen het aërobe systeem. De hart long functie. Zie energiesystemen voor verdere toelichting. Trainingsprincipes Inleiding Met trainen wordt bedoeld, het toebrengen van bepaalde prikkels om het lichaam beter te laten presteren. Om dit doel te bereiken moet men trainingsmethoden continu evalueren en bijsturen. Dit kan echter niet zonder rekening te houden met een aantal basisprincipes. Deze principes zijn het overload principe, het principe van de specificiteit, het principe van super compensatie bij herstel. Het principe van omkeerbaarheid. En het principe van individuele verschillen in trainingseffecten. Deze principes zullen we kort toelichten. Overload principe Om trainingseffecten te veroorzaken, moet de training voldoen aan een aantal voorwaarden. De eerste voorwaarde is dat de intensiteit van de training voldoende is om tot een hoger niveau te komen. Het lichaam gaat zich pas aanpassen op het moment dat er meer van het lichaam wordt gevraagd dan hij daadwerkelijk aan kan. Om op een hoger niveau te komen zal er progressief en systematisch een toename van de belasting moeten plaatsvinden. Dit kan zowel in omvang als vermogen. Welke van de twee aspecten gekozen wordt, is afhankelijk van welk doel er gekozen is. Wel moet er rekening gehouden worden met prestatie curve. Dit houdt in dat naarmate een sporter op een hoger niveau komt en de training vordert de toename van verbetering steeds kleiner wordt. De grens van het maximale bereikbare niveau is bepaald door genetische aanleg. De prestatie winst zal echter niet altijd continu zijn. Principe van de supercompensatie Na het geven van een trainingsprikkel zal er herstel plaatsvinden. Als er volledig hestel heeft plaats gevonden, zal de sporter op een hoger niveau uitkomen. Dit wordt supercompensatie genoemd. 61

62 Zoals in de afbeelding boven te zien is, treedt er dus supercompensatie op. Als de volgende prikkel op het juiste moment toegediend wordt, is het mogelijk om een stijgende lijn te behouden van het prestatie niveau. Wordt deze prikkel te laat toeediend of is de intensiteitduur te laag, dan zal de vorige training teniet gedaan worden en zal er geen supercompensatie optreden. Principe van specificiteit Als een sporter een bepaald facet moet verbeteren b.v. kracht zal er ook daadwerkelijk een krachtprikkel toegediend moeten worden. Maar dit kan nog specifieker, namelijk indien een sporter meer kracht moet hebben om een duel aan te gaan, zal er ook daadwerkelijk getraind moeten worden in het aangaan van duel met kracht. Een ander voorbeeld is lopen. Je kan namelijk een sporter laten lopen op een loopband maar het lopen op een veld of in de zaal is heel anders. Dit betekent dat er altijd gestreefd moet worden om de situatie zo veel mogelijk te laten overeenkomen op het trainingsdoel. Om die reden is het heel belangrijk om duidelijk voor ogen te houden wat het doel van de revalidatie is. Principe van omkeerbaarheid Omdat aangenomen wordt dat het basisniveau niet tot nauwelijks zal toenemen door training, zal het trainingseffect na verloop van tijd waarbij niet getraind wordt weer afnemen. Hierdoor is het van belang om een sporter die een tijd niet heeft kunnen trainen eerst te testen om een beginniveau te kunnen bepalen. Principe van de individuele verschillen in trainingseffecten Er moet rekening gehouden worden dat niet elke persoon hetzelfde reageert op een trainingsprikkel. Dit heeft te maken met onder andere genetische aanleg en de getraindheid van de revalidant. Dit betekent dat jij als begeleider de revalidant goed in de gaten moet houden en voor elke revalidant een individuele training moet maken. Testen en meten is essentieel voor het opstellen van de meest effectieve training. 62

63 Trainingsvariabelen Inleiding Omdat je verschillende trainbare grootheden hebt en verschillende energiesystemen kun je de training aanpassen om de beste effecten te bereiken. Deze variabelen zijn intensiteit, duur, frequentie en rust. Deze principes kan je toepassen in verschillende trainingen, zo kan er een duursport getraind worden met interval training, hierbij maak je gebruik van verschil in intensiteit en rust. Intensiteit: Hiermee wordt de sterkte van de prikkels bedoeld. Hoe hoger de intensiteit hoe zwaarder de belasting. Hiermee kan ook gevarieerd worden om bepaalde energiesystemen extra te benadrukken. Bijvoorbeeld rustig lopen in plaats van joggen. Duur: Hiermee wordt de duur van de prikkel bedoeld. Door de prikkel langer of korter te maken kunnen verschillende energiesystemen benadrukt worden. Frequentie: Hiermee wordt het aantal trainingsmomenten per tijdseenheid bedoeld. Dit kan zijn trainingen per week of aantal herhalingen per set, denk hierbij aan kracht training. Rust: Hiermee kan men bijvoorbeeld invloed uitoefenen op supercompensatie of juist niet. Door de rustmomenten te koppelen aan herstel van energiesystemen is het mogelijk om langer in een bepaald systeem te trainen waardoor de trainingsprikkel groter wordt. Ook kan rekening gehouden worden met weefselherstel voor het overload principe. Opdrachten Les 6, trainingsleer Voorbereidingsopdracht Lees het hoofdstuk door. Stel eventuele vragen gericht op de eerder opgedane stof. Neem de al uitgewerkte casussen mee. 63

64 Hoofdstuk 5: Sportanalyse Inleiding Om een sporter goed te kunnen helpen en hem op een hoger niveau van training te brengen, is het van groot belang om het probleem dat de sporter heeft goed te kunnen analyseren. Omdat wij hierover sporters praten, is de analyse een sportanalyse. De kern van sportanalyse, zoals wij het aan willen bieden, is het herkennen en kunnen beredeneren welke energiesystemen er aangesproken worden met een bepaalde activiteit, welke spieren er gebruikt worden en hoe deze activiteit eventueel is op te delen in los trainbare elementen. De bewegingsleer met de spieren is al uitvoerig behandeld in de lessen op school, hier zullen wij dus niet op in gaan. De energiesystemen hebben wij al behandeld, net als de trainingsprincipes. Deze les gaat dus voornamelijk over herhalen, combineren en toepassen. De meeste kennis die je hier zal toepassen, komt uit het hoofdstuk trainingsleer. De literatuur die daar wordt aangeraden, is Fysiologie van Fox. Het is verstandig om dit boek ook bij deze opdrachten te raadplegen. Hieronder staan een aantal casussen, het is de bedoeling dat jullie een analyse gaan maken van de gebruikte spieren in de beschreven activiteiten en welke energiesystemen aangesproken worden. Daarna moeten jullie een (kort) plan maken voor de training van de sporter. Opdrachten Les 7, sportanalyse Voorbereiding Lees het hoofdstuk door. Herhaal de voorgaande theorie. Voer de opdrachten uit gericht op casus 1. ( zie opdrachten onder de casussen.) 64

65 Casus 1 Johan is een voetballer van 35 jaar. Hij heeft vorig jaar zijn been gebroken met skiën en heeft een tijdje niet mee getraind. Dit seizoen is hij weer mee gaan doen. Hij heeft echter last gekregen van zijn onderbeen. In rust ervaart hij weinig tot geen last. Maar bij inspanning en vooral na inspanning treden de klachten op. Hierdoor moet hij weer extra rust nemen. De fysiotherapeut geeft Johan koelspray tijdens wedstrijden en voor en na het trainen. Dit geeft wel verlichting. De pijn ontstaat voornamelijk bij lopen en rennen. Bij schieten ervaart hij alleen pijn verergering als deze al aanwezig is. Na het trainen, als hij naar huis gaat met de auto, heeft Johan last bij het autorijden. Vooral als hij zijn voet op moet tillen van de pedalen. De pijn die ontstaat gaat thuis meestal na een halve dag weer weg, als hij niets meer hoeft te doen. Patiënt: Johan Ziekte/aandoening/symptoon diagnose Medicatie: Leeftijd: 35 Geslacht: M Coordinator: Pijn scheenbeen Pijn bij en na inspanning Kan niet voluit mee trainen. Lichaamsstructuren / functies Activiteiten Participatie Doelen Doelen Doelen 65

66 Casus 2 Annemiek is een meisje van 17, zij doet al sinds haar 6 e aan voetbal. Omdat zij 8 weken geleden te laat was voor de training had zij de warmingup gemist. Om verder niet te veel tot last te zijn, is zij gelijk mee gaan trainen. Op dat moment werd looptraining gegeven in de vorm van sprintjes en duels aangaan. Bij haar eerste beurt ging het echter al mis. In het ziekenhuis is een zweepslag geconstateerd. Nu zij helemaal hersteld is, heeft zij toch nog wel eens last. Vooral bij het springen (om een kop duel aan te gaan) en bij de aanzet van sprintjes. Op school heeft ze geen last. Alleen als ze naar school is gefietst ( 1 uur) heeft zij wat last van haar kuit, zeker als zij dan met de trap naar de 4 e etage moet lopen. Patiënt: Annemiek Ziekte/aandoening/symptoon diagnose Medicatie: Leeftijd: 17 Zweepslag Geen Geslacht: V Coordinator: Pijn in kuit bij snelle bewegingen Pijn bij sprintjes Pijn bij springen Kan niet voluit voetballen en meedoen met wedstrijden. Lichaamsstructuren / functies Activiteiten Participatie Doelen Doelen Doelen 66

67 Casus 3 Joachiem is de keeper van zijn team, omdat Henk is gestopt, moet Joachiem alle wedstrijden keepen. Sinds dien heeft Joachiem last gekregen van zijn rechterschouder. Joachiem is ook rechtshandig. De pijn begon tijdens de trainingen. Het begon als een stekende pijn in zijn schouder die uitstraalt naar zijn bovenarm. In het begin was het niet zo erg en trok de pijn snel weer weg. Later kreeg Joachiem steeds meer last van zijn schouder. Tijdens zijn werk heeft Joachiem geen last. Hij is postbode en heeft zijn tas om zijn linker schouder hangen. Thuis zorgt zijn vrouw voor het huishouden. Patiënt: Joachiem Ziekte/aandoening/symptoon diagnose Medicatie: Leeftijd: 43 Tendinitis supscapularis Surmenage pectoralis minor en major Geslacht: m Coordinator: Pijn in zijn schouder bij belasting Provocatie o weerstand Endorotatie en adductie o rek exorotatie, horizontale abductie Pijn bij keepen, vooral het uitgooien van de bal Kan nog net meedoen in wedstrijdverband Lichaamsstructuren / functies Activiteiten Participatie 67

68 Doelen Doelen Doelen 68

69 Casus 4 Piet is een jonge van 22 die een tijdje uit de roulatie is geweest wegens een gebroken arm. Hierdoor heeft hij niet mee getraind. We zijn nu halverwege het seizoen. Hij is sinds kort weer komen trainen. Alleen dat gaat niet van harte. Hij blijft vooral bij looptrainingen erg achter op de rest. De looptraining is vooral gebaseerd op het korte werk. De trainer klaagt dat Piet al na 4 sprintjes helemaal kapot is en aanzienlijk meer tijd nodig heeft om weer mee te kunnen doen. Patiënt: Piet Ziekte/aandoening/symptoon diagnose Medicatie: Leeftijd: 22 Geslacht: M Coordinator: Verslechterde conditie Snel vermoeid bij training, voornamelijk bij korte sprintjes. Kan niet goed meekomen met de groep Lichaamsstructuren / functies Activiteiten Participatie Doelen Doelen Doelen 69

70 Opdrachten 1. Omschrijf welke structuren aangedaan kunnen zijn 2. beschrijf welke bewegingen er plaats vinden in het gewricht 3. welke energiesystemen worden er aangesproken en moeten eventueel getraind worden. 4. Maak een schematische weergave van welke spieren actief zijn en in welke vorm. Deze opdrachten dienen voor elke casus uitgewerkt te worden. 70

71 Hoofdstuk 6: Diagnostiek en behandeling Inleiding Met dit laatste deel van de cursus kunnen jullie al jullie praktijk en theorie gaan toepassen. We gaan aan de hand van casussen een combinatie van praktijk en theoretische handelingen uitvoeren en toetsen. We zullen deze les in twee opdelen. De eerste les zal gericht zijn op het oefenen van de vaardigheden en de tweede keer zullen wij deze toetsen. Het is van belang om een voldoende te halen zodat wij weten dat jullie gereed zijn om actief te zijn in het veld maar ook voor jezelf zodat je weet wat je moet doen in de verschillende situaties die je zult tegenkomen. De beoordeling zal bestaan uit voldoende en onvoldoende. Opdrachten Les 8, diagnostiek en behandeling Voorbereiding Vul voor casus 1 het RPS formulier in. Beschrijf voor casus 1 de EHBO handelingen. Stel een trainingsschema op voor casus 1, ervanuitgaande dat er geen sprake is van belemmerend herstel. Verwerkingsopdracht Maak de opdrachten voor casus 4 of 5. Oefen casussen Casus 1 Johan is een voetballer van 35 jaar. Hij heeft vorig jaar zijn been gebroken met skieën en heeft een tijdje niet mee getraind. Dit seizoen is hij weer mee gaan doen. Hij heeft echter last gekregen van zijn onderbeen. In rust ervaart hij weinig tot geen last. Maar bij inspanning en vooral na inspanning treden de klachten op. Hierdoor moet hij weer extra rust nemen. De fysiotherapeut geeft Johan koelspray tijdens wedstrijden en voor en na het trainen. Dit geeft wel verlichting. 71

72 De pijn ontstaat voornamelijk bij lopen en rennen. Bij schieten ervaart hij alleen pijn verergering als deze al aanwezig is. Na het trainen, als hij naar huis gaat met de auto, heeft Johan last bij het autorijden. Vooral als hij zijn voet op moet tillen van de pedalen. De pijn die ontstaat gaat thuis meestal na een halve dag weer weg, als hij niets meer hoeft te doen. Casus 2 Annemiek is een meisje van 17, zij doet al sinds haar 6 e aan voetbal. Omdat zij 8 weken geleden te laat was voor de training had zij de warming-up gemist. Om verder niet te veel tot last te zijn, is zij gelijk gaan mee trainen. Op dat moment werd looptraining gegeven in de vorm van sprintjes en duels aangaan. Bij haar eerste beurt ging het echter al mis. In het ziekenhuis is een zweepslag geconstateerd. Nu zij helemaal hersteld is, heeft zij toch nog wel eens last. Vooral bij het springen (om een kop duel aan te gaan) en bij de aanzet van sprintjes. Casus 3 Joachiem is de keeper van zijn team, omdat Henk is gestopt, moet Joachiem alle wedstrijden keepen. Sinds halverwege het seizoen heeft Joachiem last gekregen van zijn rechterschouder. Joachiem is ook rechtshandig. De pijn begon tijdens de trainingen. Het begon als een stekende pijn in zijn schouder die uitstraalt naar zijn bovenarm. In het begin was het niet zo erg en trok de pijn snel weer weg. Later kreeg Joachiem steeds meer last van zijn schouder. Casus 4 Klaas is een jongen van 22 die een tijdje uit de roulatie is geweest wegens een gebroken arm. Hierdoor heeft hij niet mee getraind. We zijn nu halverwege het seizoen. Hij is sinds kort weer komen trainen. Alleen dat gaat niet van harte. Hij blijft vooral bij looptrainingen erg achter op de rest. De looptraining is vooral gebaseerd op het korte werk. De trainer klaagt dat Piet al na 4 sprintjes helemaal kapot is en aanzienlijk meer tijd nodig heeft om weer mee te kunnen doen. 72

73 RPS formulier: Patiënt: Ziekte/aandoening/symptoon diagnose Medicatie: Leeftijd: Geslacht: Coordinator: Lichaamsstructuren / functies Activiteiten Participatie Doelen Doelen Doelen Persoonsfactoren: Omgevingsfactoren: 73

74 Opdrachten toets (2 e les) 1. Voer de EHBO 2. Voer de stappen van de diagnostiek. 3. Beschrijf per fase de behandelingen, licht deze toe en voer eventueel uit. Beschrijving van de toets Een half uur voordat de toets begint, zul je de casus krijgen. Een groepsgenoot zal de patiënt spelen. Ook jij zal voor patiënt moeten spelen en wij verwachten dat je de juiste klachten simuleert. De opdrachten van uitvoering staan hierboven vermeld. 74

75 Literatuurlijst B.A.M. van Wingerden. Bindweefsel in de revalidatie J.Vijens. Basis voor verantwoord trainen J.van den Berg e.a. Hoe vind ik het E.L.Fox e.a. Fysiologie, voor lichamelijke opvoeding, sport en revalidatie J.H. Vrijenhoek. Pathologie en geneeskunde voor fysiotherapie, bewegingstherapie en ergotherapie Oranje kruis Nederland. Oranje kruis boekjes A.A.F.Jochems e.a. zakwoordenboek der geneeskunde Vos opleidingen. Opleiding sprotverzorging sportmassage deel 1. ISBN onbekend Vos opleidingen. Opleiding sportverzorging sportmassage deel 2. ISBN onbekend J.J. de Morree, dynamiek van het menselijk bindweefsel v. Wingerden, tapen en bandageren F. v.d. Berg, toegepaste fysiologie C. v.d. Werken, letsels van het steun en bewegingsapparaat

Verantwoording Reader en opzet cursus. FysioFase

Verantwoording Reader en opzet cursus. FysioFase Verantwoording Reader en opzet cursus FysioFase Cursus jaar 2007-2008 Beroepsopdracht van Marc Altyzer & Opleiding fysiotherapie Hogeschool van Amsterdam Inhoud...3...4 Algemene toestand...4 Lokale stoornissen...4

Nadere informatie

H o c k e y E H B O. Woensdag 30 november MHC Goirle. Door Paul van den Broek

H o c k e y E H B O. Woensdag 30 november MHC Goirle. Door Paul van den Broek H o c k e y E H B O Woensdag 30 november MHC Goirle Door Paul van den Broek Inhoud Alarmeren Blaren Bloedneus Epilepsie Hersenschudding verstuikingen Schaafwond Suikerziekte Wond Bewusteloosheid Bloedhygiëne

Nadere informatie

BASISOPLEIDING BEDRIJFSHULPVERLENING Niet spoedeisende Eerste Hulp

BASISOPLEIDING BEDRIJFSHULPVERLENING Niet spoedeisende Eerste Hulp INHOUDSOPGAVE 3 NIET SPOEDEISENDE EERSTE HULP... - 2-3.1 Flauwte... - 2-3.2 Wonden... - 2-3.3 Neusbloeding... - 4-3.4 Letsel aan het oog... - 4-3.5 Kneuzing / verstuiking... - 4-3.6 Botbreuken / ontwrichting...

Nadere informatie

E.H.B.O. bij motorongevallen

E.H.B.O. bij motorongevallen E.H.B.O. bij motorongevallen Doel Inzicht in (voorkomen) ongevallen Basiskennis van EHBO bij motorongevallen Achtergrond informatie Bestuurder < 20 jaar heeft 50% meer kans op een ongeval dan bestuurder

Nadere informatie

PREVENTIEF HANDELEN & WAT TE DOEN BIJ.. BLESSURES

PREVENTIEF HANDELEN & WAT TE DOEN BIJ.. BLESSURES PREVENTIEF HANDELEN & WAT TE DOEN BIJ.. BLESSURES Presentatie VV GKC, najaar 2012 Ralf Henderickx, Fysiotherapeut 1: Inleiding + introductie 2: Enkel Blessure, wat te doen 3: Knie blessure, wat te doen

Nadere informatie

Cursisten die een geldig EHBO-diploma of BHV-certificaat hebben kunnen worden vrijgesteld van de EHBSO.

Cursisten die een geldig EHBO-diploma of BHV-certificaat hebben kunnen worden vrijgesteld van de EHBSO. 3.3. EHBSO Intro Binnen de opleiding LSR niveau 3 wordt aandacht besteed aan EHBSO. Het betreft hier een basisgedeelte. Dit betekent dat niet verwacht kan worden dat tijdens de cursus een volledig EHBO-diploma

Nadere informatie

AG eerste hulp opleidingen Best 0499-397404 [email protected]

AG eerste hulp opleidingen Best 0499-397404 agopleiding@gmail.com AG eerste hulp opleidingen Best 0499-397404 [email protected] Algemeen De mens kan ongeveer normaal 1 minuut zonder zuurstof. Hersenen zijn het meest gevoelig voor een tekort aan zuurstof. Typerend

Nadere informatie

TRIVIANT BLAUW (uitprinten op blauw papier) Stoornissen in het bewustzijn, de ademhaling en de bloedsomloop

TRIVIANT BLAUW (uitprinten op blauw papier) Stoornissen in het bewustzijn, de ademhaling en de bloedsomloop TRIVIANT BLAUW (uitprinten op blauw papier) Stoornissen in het bewustzijn, de ademhaling en de bloedsomloop Welke drie functies zijn van direct levensbelang en hoe noemen we deze functies? Hersenfunctie

Nadere informatie

Toets Ziekteleer Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen

Toets Ziekteleer Opleiding Sport en Bewegen. Behaalde punten Hulpmiddelen geen Cijfer In te vullen voor docent In te vullen door leerling Beroepsprestatie B.P.1.3 S.B Naam leerling Toets Ziekteleer Opleiding Sport en Bewegen Klas SB3O1A+B Versie 1 Datum Tijdsduur 60 minuten Naam

Nadere informatie

Tapen. 3) Tapen in de herstelfase Dit is de belangrijkste toepassing van tapen. Na een blessure of operatie het gekwetste deel intapen.

Tapen. 3) Tapen in de herstelfase Dit is de belangrijkste toepassing van tapen. Na een blessure of operatie het gekwetste deel intapen. Tapen Tapen (theorie) Basis-idee : het ondersteunen van een zwakke plaats van het lichaam, door bepaalde bewegingen te remmen die spanning zouden kunnen uitoefenen op het verzwakte gebied, maar zonder

Nadere informatie

Behandeling van wonden en letsels

Behandeling van wonden en letsels Module 4 Behandeling van wonden en letsels Als u deze module gevolgd hebt, weet u: - Wat u moet doen bij mogelijk inwendig bloedverlies - Wat u moet doen bij uitwendig bloedverlies - Wat u moet doen bij

Nadere informatie

Levensreddende handelingen

Levensreddende handelingen Levensreddende handelingen Hoofdstuk 3: Het stelpen van ernstige bloedingen Anatomie van de bloedsomloop Samenstellende delen De hartspier De grote bloedsomloop De kleine bloedsomloop De aders en haarvaten:

Nadere informatie

Drukverbanden, tape- Constructies en bandages

Drukverbanden, tape- Constructies en bandages Henny Leentvaar (Sport)Massage Drukverbanden, tape- Constructies en bandages Datum: 3 juni 2008 Opgesteld door: Henny Leentvaar Druk verbanden Bij een kneuzing of verstuiking wordt de ice regel uitgevoerd.

Nadere informatie

Eerste Hulp aan kinderen. Jan Biekens Docent Eerste Hulp

Eerste Hulp aan kinderen. Jan Biekens Docent Eerste Hulp Eerste Hulp aan kinderen Jan Biekens Docent Eerste Hulp Ongevallen zuigeling Vallen van tafel, bed of commode Verslikken Verbranding Vergiftiging Ongevallen peuter/kleuter Vallen Verslikken Verdrinking

Nadere informatie

E.H.B.S.O Blessure Badminton. Fysiotherapie Tilburg Reeshof Evelien Melse van den Bijgaart, Mastersportfysiotherapeut i.o

E.H.B.S.O Blessure Badminton. Fysiotherapie Tilburg Reeshof Evelien Melse van den Bijgaart, Mastersportfysiotherapeut i.o E.H.B.S.O Blessure Badminton Fysiotherapie Tilburg Reeshof Evelien Melse van den Bijgaart, Mastersportfysiotherapeut i.o Voorstellen Evelien Melse van den Bijgaart, Master sportfysiotherapeut i.o Avans

Nadere informatie

Het toepassen van algemene regels voor het verlenen van eerste hulp in onvoorziene situaties

Het toepassen van algemene regels voor het verlenen van eerste hulp in onvoorziene situaties OPDRACHTFORMULIER Het toepassen van algemene regels voor het verlenen van eerste hulp in onvoorziene situaties Naam student: Datum: Voordat je gaat oefenen 1 Lees het handelingsformulier van deze vaardigheid

Nadere informatie

Het lichaam maakt teveel warmte aan of raakt te weinig warmte kwijt.

Het lichaam maakt teveel warmte aan of raakt te weinig warmte kwijt. Leerbladen EHBO Hoofdstuk 1 + 7 + 8 Herhaling Hoofdstuk 1: 5 belangrijke punten: 1) Let op gevaar! van jezelf, omstanders en slachtoffer(s). Als het niet veilig is, kan je niet helpen. 2) Ga na wat er

Nadere informatie

ABCDE methodiek Biedt een vaste volgorde van het benaderen van het slachtoffer

ABCDE methodiek Biedt een vaste volgorde van het benaderen van het slachtoffer ABCDE methodiek Biedt een vaste volgorde van het benaderen van het slachtoffer Indien een stoornis in de vitale functie wordt waargenomen direct handelen (Treat as you go) A AIRWAY AND C-SPINE (= vrije

Nadere informatie

08#11#11% EHBO en hockey. Voor coaches en trainers van Alliance. Nicole Troost en Elly Blok, huisartsen

08#11#11% EHBO en hockey. Voor coaches en trainers van Alliance. Nicole Troost en Elly Blok, huisartsen EHBO en hockey Voor coaches en trainers van Alliance Nicole Troost en Elly Blok, huisartsen 1% Onderwerpen:! Inleiding ;aantallen blessures! Voorbereiding: het halve werk! Tijdens de wedstrijd:! Opgelopen

Nadere informatie

Enkeltrauma. Onderzoek en behandeling na een inversietrauma. (door de enkel zwikken)

Enkeltrauma. Onderzoek en behandeling na een inversietrauma. (door de enkel zwikken) Enkeltrauma Onderzoek en behandeling na een inversietrauma. (door de enkel zwikken) Groningen Sport Revalidatie (sport) fysiotherapie praktijk locatie Alfa - Kardingerweg 48 9735 AH Groningen locatie Hanze

Nadere informatie

>Werkmodel: Verbanden

>Werkmodel: Verbanden >Werkmodel: Verbanden Het aanleggen van een snelverband Dit is een voorbeeld van een dekverband. Laat het kind zitten. Denk aan de hygiëne. Doe als dat kan handschoenen aan. Verzorg de wond volgens de

Nadere informatie

Protocol Oververhitting

Protocol Oververhitting Inleiding Oververhitting (hyperthermie, hitteletsel) ontstaat wanneer het lichaam meer warmte produceert dan dat het kan afgeven. Hierdoor kan de lichaamstemperatuur oplopen tot boven de normale waarden.

Nadere informatie

Primaire vitale functies Functie Aktie Reaktie Aktie Overig

Primaire vitale functies Functie Aktie Reaktie Aktie Overig Primaire vitale functies Functie Aktie Reaktie Aktie Overig Bewustzijn Praten tegen slachtoffer Geeft duidelijk antwoorden =ongestoord bewustzijn Per definitie ook ademhaling Kijken naar overig letsel.

Nadere informatie

HANDLEIDING EHBO JO KST ELEN

HANDLEIDING EHBO JO KST ELEN HANDLEIDING EHBO JO KST ELEN In het kader van gezondheidsopvoeding en EHBO publiceren we enkele basisregels bij eventueel voorkomende problemen op en langs voetbalterreinen. Deze regels beogen niet een

Nadere informatie

BLESSURE-ABC EN OEFENVORMEN

BLESSURE-ABC EN OEFENVORMEN BLESSURE-ABC EN OEFENVORMEN TJITTE KAMMINGA fysiotherapeut/manueel therapeut docent fysiotherapie HS-Leiden blessurehersteltrainer Haagatletiek auteur: Hardlopen zonder blessures BLESSURE-ABC EN OEFENVORMEN

Nadere informatie

Aangezien dit werkstuk voor lichamelijke opvoeding is gaan ik mij baseren op de hulpen die we kunnen gebruiken in de lessen.

Aangezien dit werkstuk voor lichamelijke opvoeding is gaan ik mij baseren op de hulpen die we kunnen gebruiken in de lessen. Werkstuk door een scholier 4186 woorden 4 juni 2003 6.3 137 keer beoordeeld Vak LO Wat is EHBO De EHBO betekent Eerste Hulp Bij Ongelukken. 100 jaar geleden begon men in te zien dat er onnodig slachtoffers

Nadere informatie

Licht traumatisch hoofd-/ hersenletsel bij kinderen

Licht traumatisch hoofd-/ hersenletsel bij kinderen Licht traumatisch hoofd-/ hersenletsel bij kinderen 2 In deze folder leest u over de verschijnselen en de mogelijke gevolgen van een licht traumatisch hoofd-/hersenletsel bij uw kind (hersenschudding of

Nadere informatie

Datum: EHBO. 3. Wat gebeurt er met de bloedvaten en zenuwen als een tand uit de mond vliegt?

Datum: EHBO. 3. Wat gebeurt er met de bloedvaten en zenuwen als een tand uit de mond vliegt? Naam: Datum: EHBO Ga naar deze website: www.klas5sintmichiel.yurls.net Klik op EHBO. Bekijk eerst het filmpje Een uitgeslagen tand en daarna het filmpje bloedneus. Een uitgeslagen tand 1. Is een tand een

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud. 6 Hoofd- en wervelletsels. 1 Ongevallen. 7 Letsels aan botten, 2 Problemen met. 8 Vergiftigingen door inslikken.

Inkijkexemplaar. Inhoud. 6 Hoofd- en wervelletsels. 1 Ongevallen. 7 Letsels aan botten, 2 Problemen met. 8 Vergiftigingen door inslikken. Inhoud Ongevallen gebeuren elke dag. Meestal gaat het om kleine ongevallen waarvan de gevolgen niet zo erg zijn: een valpartij met een schaafwonde tot gevolg, een verstuikte voet bij het sporten, of een

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud

Inkijkexemplaar. Inhoud Inhoud Ongevallen gebeuren elke dag. Meestal gaat het om kleine ongevallen waarvan de gevolgen niet zo erg zijn: een schaafwonde door te vallen, een verstuikte voet bij het sporten, of een bloedneus op

Nadere informatie

LIFE SUPPORT CURSUS 2010 WTC HOUTEN 80

LIFE SUPPORT CURSUS 2010 WTC HOUTEN 80 LIFE SUPPORT CURSUS 2010 WTC HOUTEN 80 Eerste deel van de cursus: HANDLEIDING OM LETSELS T.G.V. VALPARTIJEN TE HERKENNEN EN EVT. TE HANDELEN Tweede deel van de cursus: KUNNEN HANDELEN BIJ ONWELWORDING/

Nadere informatie

Examen bedrijfshulpverlener Eerste Hulp

Examen bedrijfshulpverlener Eerste Hulp Examen bedrijfshulpverlener Eerste Hulp Examencode: 110 Serienummer: 015 Beschikbare tijd: 45 minuten Aandachtspunten: Dit examen bestaat uit 30 meerkeuzevragen. Vraag 1 t/m 15 gaan over Niet-spoedeisende

Nadere informatie

Spier- en gewrichtspijn

Spier- en gewrichtspijn Spier- en gewrichtspijn Spierpijn na het sporten, een zweepslag, een verzwikte enkel, een gekneusde pink... Door een verkeerde beweging of door extra inspanning kunt u plotseling pijn aan spieren of gewrichten

Nadere informatie

Beter voorkomen dan genezen voorkomen van kwetsuren door middel van de juiste trainingsopbouw

Beter voorkomen dan genezen voorkomen van kwetsuren door middel van de juiste trainingsopbouw Blessurebehandeling en preventie Overzicht: 1. (R)ICE 2. meest voorkomende kwetsuren a) hoofd en hals b) armen c) romp d) benen e) andere letsels Beter voorkomen dan genezen voorkomen van kwetsuren door

Nadere informatie

P I J N A P O T H E E K. N L

P I J N A P O T H E E K. N L SPIER- EN GEWRICHTS- PIJN WAT ZIJN SPIER- EN GEWRICHTSPIJN SOORTEN SPIER- EN GEWRICHTSPIJN WAT KUNT U ZELF DOEN WAT KAN UW APOTHEKER VOOR U DOEN WANNEER KUNT U BETER NAAR UW HUISARTS GAAN APOTHEEK.NL SPIER-

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud. 1 Ongeval 3. 2 Huidwonde 13. 3 Brandwonde 20. 4 Bloedneus 23. 5 Bloeding 26

Inkijkexemplaar. Inhoud. 1 Ongeval 3. 2 Huidwonde 13. 3 Brandwonde 20. 4 Bloedneus 23. 5 Bloeding 26 1 0 6 Inhoud Elke dag gebeuren er ongevallen. Soms heel kleine, maar soms ook grotere. Als er iets gebeurt, is het handig dat je weet wat je moet doen om te helpen. Eerste hulp is niet zo moeilijk. Je

Nadere informatie

Hyperventilatie. Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies. Jouw gezondheid is onze zorg

Hyperventilatie. Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies. Jouw gezondheid is onze zorg Hyperventilatie Vraag je Alphega apotheek om meer informatie en advies Jouw gezondheid is onze zorg Hyperventilatie Hyperventilatie wordt veroorzaakt door verkeerde manier van ademhalen. Hyper betekent

Nadere informatie

HERSENSCHUDDING BIJ EEN KIND FRANCISCUS VLIETLAND

HERSENSCHUDDING BIJ EEN KIND FRANCISCUS VLIETLAND HERSENSCHUDDING BIJ EEN KIND FRANCISCUS VLIETLAND Inleiding Uw kind heeft een licht letsel aan de schedel of de hersenen opgelopen, bijvoorbeeld als gevolg van een ongeval. Deze folder geeft u meer informatie

Nadere informatie

Antwoorden 2014 EHBO-K. Ascendens Opleidingen Theorievragen EHBO-K 2014 versie 006 Pagina 1 van 5. Theorievragen versie 006

Antwoorden 2014 EHBO-K. Ascendens Opleidingen Theorievragen EHBO-K 2014 versie 006 Pagina 1 van 5. Theorievragen versie 006 Antwoorden 2014 EHBO-K Theorievragen versie 006 Pagina 1 van 5 Vraag 1: Noem de vijf belangrijke punten bij het leveren van eerste hulp in juiste volgorde Vraag 2: Vraag 3: Vraag 4 : a) Let op gevaar (zn

Nadere informatie

Patiënteninformatie. Hyperventilatie, een adembenemend verschijnsel. Wat is hyperventilatie, wat zijn symptomen en hoe bestrijd je een aanval?

Patiënteninformatie. Hyperventilatie, een adembenemend verschijnsel. Wat is hyperventilatie, wat zijn symptomen en hoe bestrijd je een aanval? Patiënteninformatie Hyperventilatie, een adembenemend verschijnsel Wat is hyperventilatie, wat zijn symptomen en hoe bestrijd je een aanval? Hyperventilatie, een adembenemend verschijnsel Wat is hyperventilatie,

Nadere informatie

Waterrecreatie? je kan hooguit nat worden

Waterrecreatie? je kan hooguit nat worden Waterrecreatie? je kan hooguit nat worden Nou en??? Richtlijnen van de vereniging, preventie, zie de website Eerste Hulp, onderkoeling en oververhitting, in deze presentatie. Presentatie door: Jeannette

Nadere informatie

Competenties Eerste Hulp

Competenties Eerste Hulp Onderdeel 01. Vijf belangrijke punten bij het verlenen van Eerste Hulp de vijf belangrijke punten toepassen. maatregelen te nemen om de veiligheid van zichzelf, medehulpverleners, omstanders en slachtoffer(s)

Nadere informatie

Stoornissen in het bewustzijn. AG eerste hulp opleidingen Best

Stoornissen in het bewustzijn. AG eerste hulp opleidingen Best Stoornissen in het bewustzijn AG eerste hulp opleidingen Best Beoordeel het bewustzijn Kniel naast het slachtoffer aan de gezichtszijde. Spreek het slachtoffer aan en schud voorzichtig aan de beide schouders.

Nadere informatie

Eerste Hulp aan Kinderen: eindtermen (vastgesteld door het College van Deskundigen in mei 2006) Doelgroep

Eerste Hulp aan Kinderen: eindtermen (vastgesteld door het College van Deskundigen in mei 2006) Doelgroep Eerste Hulp aan Kinderen: eindtermen (vastgesteld door het College van Deskundigen in mei 2006) Doelgroep a. Bezitters van het diploma Eerste Hulp b. Belangstellenden die (nog) niet in het bezit zijn van

Nadere informatie

K. Olsa Brakel Jeugdwerking BLESSUREBEHANDELING BLOEDNEUS

K. Olsa Brakel Jeugdwerking BLESSUREBEHANDELING BLOEDNEUS BLESSURE BLOEDNEUS Een bloeding in één of beide neusgaten als gevolg van een neusletsel. Controleer eerst de vorm en de stand van de neus, want het neusbeentje kan gebroken zijn. Indien dit het geval is,

Nadere informatie

MODULE 3 Levensreddende handelingen

MODULE 3 Levensreddende handelingen MODULE 3 Levensreddende handelingen cursus brandweerman Levensreddende handelingen Hoofdstuk 1: Algemene interventieprocedures Het menselijk lichaam De eerste minuten Opbouw van het lichaam Ons lichaam

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud

Inkijkexemplaar. Inhoud Inhoud Ongevallen gebeuren elke dag. Meestal gaat het om kleine ongevallen waarvan de gevolgen niet zo erg zijn: een valpartij met een schaafwonde tot gevolg, een verstuikte voet bij het sporten, of een

Nadere informatie

Tijdens een basketbalwedstrijd wordt er veel gesprongen. Springen verhoogt het risico op blessures. De meest voorkomende blessures bij basketbal zijn

Tijdens een basketbalwedstrijd wordt er veel gesprongen. Springen verhoogt het risico op blessures. De meest voorkomende blessures bij basketbal zijn 1 Tijdens een basketbalwedstrijd wordt er veel gesprongen. Springen verhoogt het risico op blessures. De meest voorkomende blessures bij basketbal zijn enkelblessures, gevolgd door knieblessures. Daarnaast

Nadere informatie

17Spierklachten en ontstekingen

17Spierklachten en ontstekingen DC 17Spierklachten en ontstekingen 1 Inleiding Pijn aan je spieren is meestal niet ernstig, maar wel lastig. Het is vaak te voorkomen en er is zeker iets aan te doen. We behandelen een aantal klachten.

Nadere informatie

Ligamentaire laesie enkelgewricht

Ligamentaire laesie enkelgewricht Sport-Fysiotherapie R. de Vries en Medische Trainings Therapie Kerkweg 45a 4102 KR Zijderveld Telefoon 0345-642618 Fax 0345-641004 E-mail [email protected] Internet www.fysiodevries.nl Ligamentaire

Nadere informatie

Hersenschudding Volwassenen en kinderen > 6 jaar. Afdeling Spoedeisende Hulp

Hersenschudding Volwassenen en kinderen > 6 jaar. Afdeling Spoedeisende Hulp 00 Hersenschudding Volwassenen en kinderen > 6 jaar Afdeling Spoedeisende Hulp U of een van uw naasten heeft een hersenschudding opgelopen door een ongeluk of plotselinge beweging van het hoofd. Dit wordt

Nadere informatie

"EHBO" is een uitgave van CLB Externe preventie Industrieterrein Kolmen 1085 3570 Alken Tel : 011 59 83 50

EHBO is een uitgave van CLB Externe preventie Industrieterrein Kolmen 1085 3570 Alken Tel : 011 59 83 50 EHBO zon e Voor g erken eilig w d en v 1. Inleiding COLOFON "EHBO" is een uitgave van CLB Externe preventie Industrieterrein Kolmen 1085 3570 Alken Tel : 011 59 83 50 Redactie : CLB EDPB Fotografie : www.fotoben.be

Nadere informatie

Uw been en/of voet in het gips. Instructies en oefeningen

Uw been en/of voet in het gips. Instructies en oefeningen Uw been en/of voet in het gips Instructies en oefeningen 2 U bent in het Ommelander Ziekenhuis onder behandeling vanwege letsel aan uw been en/of voet. U heeft al gips of u krijgt een gipsverband aangelegd.

Nadere informatie

Eindtermen Certificaat Eerste Hulp bij Sportongevallen van. Het Oranje Kruis. 18 december 2012

Eindtermen Certificaat Eerste Hulp bij Sportongevallen van. Het Oranje Kruis. 18 december 2012 Eindtermen Certificaat Eerste Hulp bij Sportongevallen van Het Oranje Kruis 2013 18 december 2012 Eindtermen Certificaat Eerste Hulp bij Sportongevallen vastgesteld door het College van Deskundigen Doelgroep

Nadere informatie

KBC-Preventie. Ongevallen thuis. we hebben het voor u

KBC-Preventie. Ongevallen thuis. we hebben het voor u KBC-Preventie Ongevallen thuis we hebben het voor u Basisprincipes van eerste hulp Handel als eerstehulpverlener. Zorg dat u de situatie niet verergert. Blijf rustig in een noodsituatie en verleen de eerste

Nadere informatie

Informatie. Allergische reactie bij kinderen. Anafylaxie

Informatie. Allergische reactie bij kinderen. Anafylaxie Informatie Allergische reactie bij kinderen Anafylaxie Inleiding In deze folder krijgt u informatie over de behandeling van een ernstige allergische reactie (anafylaxie). Wat is anafylaxie? Een anafylactische

Nadere informatie

Het aanleggen van een drukverband om de pols, duimmuis, knie, enkel en elleboog

Het aanleggen van een drukverband om de pols, duimmuis, knie, enkel en elleboog OPDRACHTFORMULIER Het aanleggen van een drukverband om de pols, duimmuis, knie, enkel en elleboog Naam student: Datum: Voordat je gaat oefenen 1 Lees het handelingsformulier van deze vaardigheid en noteer

Nadere informatie

Informatiebrochure. Gipsverbanden

Informatiebrochure. Gipsverbanden Informatiebrochure Gipsverbanden dddd Beste patiënt, U heeft net een gipsverband gekregen, waardoor uw arm of been in een goede stand kan genezen. Een goed immobilisatieverband vermindert de pijn in belangrijke

Nadere informatie

Het partieel immobiliserende verband van de knie.

Het partieel immobiliserende verband van de knie. Het partieel immobiliserende verband van de knie. De knie is een gecompliceerd gewricht. - Het heeft een ingewikkeld meervoudig bandsysteem. - Het bestaat uit niet congruente gewrichtsvlakken - Het heeft

Nadere informatie

Opvang en begeleiding van sporters met een enkelletsel

Opvang en begeleiding van sporters met een enkelletsel Opvang en begeleiding van sporters met een enkelletsel Rhijn Visser en Jeffrey Jansen Studieavond enkelblessures, 12 september 2011, Mariaheide Opvang en begeleiding van sporters met een enkelletsel Bestaande

Nadere informatie

AG eerste hulp opleidingen 47 vragen met antwoorden.

AG eerste hulp opleidingen 47 vragen met antwoorden. AG eerste hulp opleidingen 47 vragen met antwoorden. 1 Noem de 5 punten van de EHBO 1 let op gevaar 2 ga na wat er is gebeurd en wat het slachtoffer mankeert 3 stel het slachtoffer gerust 4 zorg voor professionele

Nadere informatie

Lesfiche : EHBO & Reanimatie

Lesfiche : EHBO & Reanimatie Lesfiche : EHBO & Reanimatie Niveau 1: (Praktijk: 2lesuren) Inschatten van een situatie: Veiligheid! Waarom? Niemand heeft nood aan meerdere slachtoffers dan er oorspronkelijk waren ( aarzel dus ook niet

Nadere informatie

6,9. Presentatie door een scholier 1940 woorden 14 november keer beoordeeld

6,9. Presentatie door een scholier 1940 woorden 14 november keer beoordeeld Presentatie door een scholier 1940 woorden 14 november 2016 6,9 15 keer beoordeeld Vak LO Sportblessures Inleiding We weten allemaal dat sporten gezond is. Maar te veel sporten is ook niet goed voor je

Nadere informatie

Lesfiche: EHBO en reanimatie:

Lesfiche: EHBO en reanimatie: Lesfiche: EHBO en reanimatie: Niveau: 2 (praktijk: 2 lesuren) AED: Wat? De defibrillator of Defib is de enige manier om een hart terug te doen pompen. Paramedici hebben een professionele defib inde ambulance.

Nadere informatie

Fracturen en luxaties hand

Fracturen en luxaties hand Fracturen en luxaties hand phalanx fracturen hand veel voorkomende fracturen op EHBO indien verkeerde behandeling: aanzienlijk functieverlies kans op arbeidsongeschiktheid goede behandeling: anatomische

Nadere informatie

Leefregels na opname kind met licht traumatisch hoofd-/hersenletsel

Leefregels na opname kind met licht traumatisch hoofd-/hersenletsel Leefregels na opname kind met licht traumatisch hoofd-/hersenletsel Uw kind is in het ziekenhuis opgenomen geweest met een licht traumatisch hoofd- of hersenletsel en mag weer naar huis. In deze folder

Nadere informatie

7 Epilepsie. 1 Inleiding. In dit thema komen aan de orde: 2 Wat is epilepsie? 3 Leven met epilepsie. 4 Epilepsie-aanvallen. SAW DC 7 Epilepsie

7 Epilepsie. 1 Inleiding. In dit thema komen aan de orde: 2 Wat is epilepsie? 3 Leven met epilepsie. 4 Epilepsie-aanvallen. SAW DC 7 Epilepsie DC 7 Epilepsie 1 Inleiding In dit thema komen aan de orde: 2 Wat is epilepsie? 3 Leven met epilepsie 4 Epilepsie-aanvallen 1 1 2 Wat is epilepsie? Een epileptische aanval is een plotselinge kortsluiting

Nadere informatie

Knieaandoeningen. Chirurgie. Beter voor elkaar

Knieaandoeningen. Chirurgie. Beter voor elkaar Knieaandoeningen Chirurgie Beter voor elkaar Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en oorzaken van de meest voorkomende knieaandoeningen en de meest gebruikelijke behandelingen.

Nadere informatie

Stomp buiktrauma bij kinderen

Stomp buiktrauma bij kinderen Stomp buiktrauma bij kinderen In overleg met de behandelend specialist is besloten tot opname van uw kind op afdeling Kinderchirurgie van het Radboudumc Amalia kinderziekenhuis. Op deze afdeling wordt

Nadere informatie

Ligamentair letsel kniegewricht

Ligamentair letsel kniegewricht Sport-Fysiotherapie R. de Vries en Medische Trainings Therapie Kerkweg 45a 4102 KR Zijderveld Telefoon 0345-642618 Fax 0345-641004 E-mail [email protected] Internet www.fysiodevries.nl Ligamentair letsel

Nadere informatie

Adviezen voor patiënten met licht schedel/hersenletsel

Adviezen voor patiënten met licht schedel/hersenletsel Patiënteninformatie Adviezen voor patiënten met licht schedel/hersenletsel rkz.nl In deze folder leest u wat de gevolgen van een hersenschudding kunnen zijn en wat u kunt verwachten tijdens het herstel.

Nadere informatie

Peesaandoeningen I Inleiding

Peesaandoeningen I Inleiding Peesaandoeningen I Inleiding Wat is een pees? Pezen zorgen voor de aanhechting van een spier op een vast punt in het lichaam. Meestal betreft dit een botstuk. De overgang van de spier naar de pees is geleidelijk

Nadere informatie

VERZWIKTE ENKEL ENKEL DISTORSIE

VERZWIKTE ENKEL ENKEL DISTORSIE VERZWIKTE ENKEL ENKEL DISTORSIE 25732 Inleiding Deze folder geeft u een globaal overzicht van de klachten en de behandeling van een verzwikte enkel (enkel distorsie). Het is goed om u te realiseren dat

Nadere informatie

FYSIcO Nadorst. *Dillenburglaan 2 * 4332 XX Middelburg* * fysiotherapie in goede handen.

FYSIcO Nadorst. *Dillenburglaan 2 * 4332 XX Middelburg* *  fysiotherapie in goede handen. *Dillenburglaan 2 * 4332 XX Middelburg* 0118-629996* www.fysiconadorst.nl* Enkeldistorsie Algemeen Uw arts of fysiotherapeut heeft als oorzaak voor uw enkelklachten geconstateerd dat er sprake is van een

Nadere informatie

Aanpassingen in het examen Eerste Hulp

Aanpassingen in het examen Eerste Hulp Invoering 27 ste druk Aanpassingen in het examen Eerste Hulp Het Oranje Kruis 2016 Datum van ingang: 1 september 2016 Examen diploma Eerste Hulp volgens de 27 e druk Als gevolg van de invoering van de

Nadere informatie

patiënteninformatie Hyperventilatie Spoedgevallendienst G e z o n d h e i d s Z o r g m e t e e n Z i e l

patiënteninformatie Hyperventilatie Spoedgevallendienst G e z o n d h e i d s Z o r g m e t e e n Z i e l i patiënteninformatie Spoedgevallendienst Hyperventilatie G e z o n d h e i d s Z o r g m e t e e n Z i e l Inhoud Voorwoord...5 1. Wat is hyperventilatie...6 2. Welke verschijnselen kunnen optreden?...6

Nadere informatie

Doel van deze presentatie: het op peil houden van kennis en vaardigheden met betrekking tot de reanimatie en als voorbereiding op een competentietest.

Doel van deze presentatie: het op peil houden van kennis en vaardigheden met betrekking tot de reanimatie en als voorbereiding op een competentietest. Deze presentatie is voor personen die in het bezit zijn van een reanimatie diploma. Doel van deze presentatie: het op peil houden van kennis en vaardigheden met betrekking tot de reanimatie en als voorbereiding

Nadere informatie

Licht traumatisch hoofdletsel (hersenschudding)

Licht traumatisch hoofdletsel (hersenschudding) Licht traumatisch hoofdletsel (hersenschudding) Wat is een hersenschudding Een hersenschudding of licht traumatisch hersenletsel is het gevolg van een klap of stoot tegen het hoofd, maar kan ook optreden

Nadere informatie

Examenseries Diploma Eerste Hulp. van. Het Oranje Kruis

Examenseries Diploma Eerste Hulp. van. Het Oranje Kruis Examenseries Diploma Eerste Hulp van Het Oranje Kruis 2019 Ingangsdatum: 1 februari 2019 Examenseries Diploma Eerste Hulp De examens voor het Diploma Eerste Hulp worden volgens de laatste richtlijnen afgenomen.

Nadere informatie

Gescheurde achillespees Achillespeesruptuur

Gescheurde achillespees Achillespeesruptuur Uw behandelend arts heeft bij u een gescheurde achillespees geconstateerd. Deze brochure geeft u een overzicht van de klachten en oorzaak van een gescheurde achillespees (achillespeesruptuur) en de meest

Nadere informatie

Hyperventilatie. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee!

Hyperventilatie. Neem altijd uw verzekeringsgegevens en identiteitsbewijs mee! Hyperventilatie Wanneer u gespannen bent of angstig, kunnen verschillende lichamelijke klachten ontstaan. Eén van die klachten is hyperventileren. Hyperventileren wil zeggen dat u te snel of te diep ademt.

Nadere informatie

PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING AANVULLINGEN OP PTA KADERBEROEPSGERICHT COHORT : Voorwoord. Het Westeraam.

PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING AANVULLINGEN OP PTA KADERBEROEPSGERICHT COHORT : Voorwoord. Het Westeraam. AANVULLINGEN OP PTA KADERBEROEPSGERICHT COHORT : 2017-2019 PROGRAMMA VAN TOETSING EN AFSLUITING Voorwoord Het Westeraam Auditorium 6 6661 TZ ELST Beste examenkandidaten, ouders en verzorgers, www.hetwesteraam.nl

Nadere informatie

2014 EHBO-K. Theorievragen versie 006. Ascendens Opleidingen Theorievragen EHBO-K 2014 versie 006 Pagina 1 van 7

2014 EHBO-K. Theorievragen versie 006. Ascendens Opleidingen Theorievragen EHBO-K 2014 versie 006 Pagina 1 van 7 2014 EHBO-K Theorievragen versie 006 Pagina 1 van 7 Vraag 1: Noem de vijf belangrijke punten bij het leveren van eerste hulp in juiste volgorde 1) 2) 3) 4) 5). Vraag 2: Wat is het kenmerk van een gesloten

Nadere informatie

Een beroerte, wat nu?

Een beroerte, wat nu? Een beroerte, wat nu? U bent opgenomen in het VUmc op de zorgeenheid neurologie, omdat u een beroerte heeft gehad. Wat is een beroerte? Een beroerte wordt in vaktaal een CVA genoemd: een Cerebro Vasculair

Nadere informatie

Oefeningen ter Verbetering van je Lichaamshouding

Oefeningen ter Verbetering van je Lichaamshouding Oefeningen ter Verbetering van je Lichaamshouding Verkeerde lichaamshoudingen veroorzaken klachten. Eén van de meest voorkomende verkeerde houdingen, wordt veroorzaakt door een naar vorend hangend hoofd,

Nadere informatie

te vinden in de JBZ Zorgapp. Deze informatie is ook

te vinden in de JBZ Zorgapp. Deze informatie is ook Deze informatie is ook te vinden in de JBZ Zorgapp. www.jbzzorgapp.nl Enkelbandletsel Enkelbandletsel ontstaat door een verdraaiing van uw enkel. Hierdoor verrekken of scheuren uw enkelbanden. U kunt verschillende

Nadere informatie

GEVORDERDE EERSTE HULP. Shock, Anafylaxie en de EpiPen. Pim de Ruijter. vrijdag 18 oktober 13

GEVORDERDE EERSTE HULP. Shock, Anafylaxie en de EpiPen. Pim de Ruijter. vrijdag 18 oktober 13 GEVORDERDE EERSTE HULP Shock, Anafylaxie en de EpiPen Pim de Ruijter Inhoud Kort over shock Wat is allergie precies? Allergische reactie Inhoud Anafylaxie en anafylactische shock Gebruik van de EpiPen

Nadere informatie

Welk letsel kunt u opgelopen hebben?

Welk letsel kunt u opgelopen hebben? Acute knieblessure U bent op de Spoedeisende hulp van het Canisius-Wilhelimina Ziekenhuis (CWZ) terecht gekomen omdat u een acute knieblessure heeft opgelopen. Deze folder geeft u informatie over mogelijk

Nadere informatie

Spanningshoofdpijn, Spierspanningshoofdpijn, Tension Headache, Cervicogene Cephalia

Spanningshoofdpijn, Spierspanningshoofdpijn, Tension Headache, Cervicogene Cephalia Spanningshoofdpijn, Spierspanningshoofdpijn, Tension Headache, Cervicogene Cephalia Spanningshoofdpijn wordt veroorzaakt door spierspanningen in de hals, de schouders en het hoofd. De hoofdpijn is vaak

Nadere informatie

STARTEN NA EEN BLESSURE: WANNEER, WAT, HOE? TJITTE KAMMINGA Datum 10-11-2012

STARTEN NA EEN BLESSURE: WANNEER, WAT, HOE? TJITTE KAMMINGA Datum 10-11-2012 STARTEN NA EEN BLESSURE: WANNEER, WAT, HOE? TJITTE KAMMINGA Datum 10-11-2012 TJITTE KAMMINGA DOCENT FYSIOTHERAPIE HS LEIDEN FYSIOTHERAPEUT/MANUEEL THERAPEUT EX- TRAINER HARDLOPER WWW.TJITTEKAMMINGA.NL

Nadere informatie

PATIËNTEN INFORMATIE. Achillespeesruptuur

PATIËNTEN INFORMATIE. Achillespeesruptuur PATIËNTEN INFORMATIE Achillespeesruptuur Door middel van deze informatiefolder wil het Maasstad Ziekenhuis u informeren over een achillespeesruptuur en de meest gebruikelijke behandelingsmogelijkheden.

Nadere informatie

Epilepsie. Wat de docent moet weten.

Epilepsie. Wat de docent moet weten. Epilepsie Wat de docent moet weten. Sommige epileptische aandoeningen zijn moeilijker onder controle te brengen dan andere, maar de kans is groot dat de voorgeschreven medicijnen goed werken. Epilepsie

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud. 1 Ongeval 3. 2 Flauwte 17. 3 Huidwonde 20. 4 Brandwonde 28. 5 Bloedneus 33. 6 Bloeding 36

Inkijkexemplaar. Inhoud. 1 Ongeval 3. 2 Flauwte 17. 3 Huidwonde 20. 4 Brandwonde 28. 5 Bloedneus 33. 6 Bloeding 36 Inhoud Ongevallen gebeuren elke dag. Meestal gaat het om kleine ongevallen waarvan de gevolgen niet zo erg zijn: door een valpartij met de fiets loop je een schaafwonde op, je krijgt een bloedneus tijdens

Nadere informatie

Informatieavond SDV. Barneveld

Informatieavond SDV. Barneveld Informatieavond SDV. Barneveld Eerste Hulp Bij Sport Ongevallen 01-04-2015 Pieter Jansen Master sportfysiotherapeut Inhoud 1. Risicofactoren voor blessures Inhoud 2. Acute blessures 3. Eerste hulp bij

Nadere informatie

Eerste Hulp Bij Sport Ongelukken (EHBSO) Blessure preventie

Eerste Hulp Bij Sport Ongelukken (EHBSO) Blessure preventie Eerste Hulp Bij Sport Ongelukken (EHBSO) & Blessure preventie Wie zijn wij? Wij zijn Procare fysiotherapie met praktijkruimtes in Gorinchem, Vuren en Herwijnen. Onze praktijken bieden naast diverse specialisaties

Nadere informatie

Eindtermen Jeugd Eerste Hulp

Eindtermen Jeugd Eerste Hulp Eindtermen Jeugd Eerste Hulp. 2013 Datum van ingang: 1 september 2013 1. Definities Wie en wat is de eerstehulpverlener Een eerstehulpverlener kan en wil een slachtoffer de noodzakelijke eerste hulp geven.

Nadere informatie

Examenseries Diploma Eerste Hulp. van. Het Oranje Kruis

Examenseries Diploma Eerste Hulp. van. Het Oranje Kruis Examenseries Diploma Eerste Hulp van Het Oranje Kruis 2016 20 december 2016 Examenseries Diploma Eerste Hulp Met ingang van 1 januari 2017 worden de examens voor het Diploma Eerste Hulp volgens de vernieuwde

Nadere informatie

Inkijkexemplaar. Inhoud. Ongeval Flauwte Huidwonde Brandwonde Bloedneus Bloeding Oefening. Om te onthouden!

Inkijkexemplaar. Inhoud. Ongeval Flauwte Huidwonde Brandwonde Bloedneus Bloeding Oefening. Om te onthouden! Inhoud Ongevallen gebeuren elke dag. Meestal gaat het om kleine ongevallen waarvan de gevolgen niet zo erg zijn: door een valpartij met de fiets loop je een schaafwonde op, je krijgt een bloedneus tijdens

Nadere informatie

Trastuzumab (Herceptin )

Trastuzumab (Herceptin ) Trastuzumab (Herceptin ) Borstkanker (mammacarcinoom) De diagnose borstkanker is bij u vastgesteld. Dit wordt ook wel een mammacarcinoom genoemd. De behandeling van een mammacarcinoom bestaat uit een operatieve

Nadere informatie

Enkelinstabiliteit. Wat is de oorzaak van enkelinstabiliteit? Wat zijn de klachten? Hoe stelt de arts de diagnose?

Enkelinstabiliteit. Wat is de oorzaak van enkelinstabiliteit? Wat zijn de klachten? Hoe stelt de arts de diagnose? Enkelinstabiliteit Het enkelgewricht bestaat uit 3 botdelen: het scheenbeen (tibia), het kuitbeen (fibula) en het sprongbeen (talus). De stabiliteit van de enkel wordt, behalve door de vorm van de botten,

Nadere informatie