Tweede Kamer der Staten-Generaal

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Tweede Kamer der Staten-Generaal"

Transcriptie

1 Tweede Kamer der Staten-Generaal Vergaderjaar Wijziging van de Wet op het hoger beroepsonderwijs en de Invoeringswet W.H.B.O. onder meer met betrekking tot de titulatuur Nr. 7 MEMORIE VAN ANTWOORD Ontvangen 12 april 1989 De ondergetekenden hebben met belangstelling kennisgenomen van het voorlopig verslag met betrekking tot bovenvermeld wetsvoorstel. De vragen waartoe het wetsvoorstel bij de leden van de onderscheiden fracties aanleiding gaf, beantwoorden zij als volgt. Algemeen De leden van de C.D.A. fractie informeerden naar de stand van zaken met betrekking tot de regeling van de titulatuur in de op de Experimentenwet onderwijs gebaseerde bekostigingsbeschikkingen. Voor wat betreft de NLO Eindhoven is deze materie inmiddels geregeld bij gelegenheid van de totstandkoming van de jongste aanpassing van de desbetreffende bekostigingsbeschikking dd. 12 juni 1987 (Stcrt. 1987, 131). Voor de agrarische lerarenopleidingen zal de titulatuurregeling in de eerstkomende aanpassing van de bekostigingsbeschikkingen verwerkt worden. Dezelfde leden wilden ingelicht worden over de voortgang in Europees verband ten aanzien van de wederzijdse erkenning van hogere beroepsopleidingen. Hierover merken wij het volgende op. Op 22 juni 1988 is door de Raad van de Europese Gemeenschappen (interne markt) de ontwerp-richtlijn «Wederzijdse erkenning diploma's hoger onderwijs» aanvaard. Deze richtlijn heeft betrekking op een algemeen stelsel van erkenning van getuigschriften van hoger onderwijs waarmee beroepsopleidingen van tenminste drie jaar worden afgesloten waarvoor niet in het kader van een specifieke richtlijn voorzien is in een onderlinge erkenning van diploma's door de lidstaten. Specifieke richtlijnen bestaan onder meer voor artsen, tandartsen en apothekers. Nadere regelgeving met betrekking tot een aanpassingstage en een proeve van bekwaamheid dient in het kader van de ontwerp-richtlijn door de lidstaten te worden vastgesteld binnen een termijn van twee jaar nadat de richtlijn definitief is vastgesteld. Naar verwachting zal deze vaststelling begin 1989 een feit zijn. Voor titulatuur op grond van de nationale wetgeving van de lidstaten heeft de richtlijn geen consequenties. De ondergetekende is bekend met het standpunt van de leden van de F ISSN SDU uitgeverij 's-gravenhage 1989 Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 7 1

2 P.v.d.A."fractie dat de enige titel die de kwalificatie titel verdient de doctorstitel is. Het verheugt de ondergetekenden dat deze leden niettemin, in het licht van eerder genomen beslissingen, konden instemmen met het wetsvoorstel. De leden van de P.v.d.A.-fractie informeerden wel naar het oordeel van de regering over het voornemen van de Landbouwuniversiteit om voor studerenden aan deze universiteit de titel «bachelor of science» in te voeren, na drie of vier jaren studie. Zij vroegen of dit geen verwarring zou scheppen met de h.b.o.-titulatuur, met name in het buitenland. Nadere inlichtingen die van de zijde van de regering hieromtrent zijn ingewonnen, leerden dat het niet om een voornemen van de landbouwuniversiteit gaat, maar om een suggestie die in een rede geopperd is. Inmiddels heeft de Universiteitsraad van de landbouwuniversiteit een positief standpunt ten aanzien van deze suggestie ingenomen. Met de verklaring «Bachelor of Science» beoogt de Landbouwuniversiteit het niveau van de desbetreffende student aan te duiden ten behoeve van onder meer de uitwisseling van studenten met universiteiten in andere landen. In de Angelsaksische landen begint de student veelal aan het opleidingsprogramma voor de titel Master of Science, waar een a twee jaar mee gemoeid is, nadat het de titel Bachelor of Science heeft behaald. De Landbouwuniversiteit zou met een dergelijke praktijk geen gebruik maken van een beschermde titel. Overigens is de regering voornemens om in het Hoger Onderwijs en onderzoekplan 1990 nader in te gaan op de samenhang tussen cursusduur, inschrijvingsduur en titulatuur. De vraag van dezelfde leden of de titulatuurregeling geen onbillijkheid meebrengt voor afgestudeerden aan de Pedagogische Academie en de kweekschool beantwoordt de eerste ondergetekenden ontkennend. De cursusduur van de Pedagogische Academie bedroeg drie jaar, en voldoet derhalve niet aan de vier jaren eis die in artikel D.2 van de Invoeringswet WHBO is neergelegd. De cursusduur van de kweekschool was vijf jaar; de eerste twee jaren daarvan kunnen evenwel niet aangemerkt worden als hoger beroepsonderwijs, maar kwamen overeen met de hoogste twee leerjaren van de havo. Ook deze opleiding voldoet mitsdien niet aan de eis van een vierjarige cursusduur. Ook uit anderen hoofde bestaat geen grond voor toekenning van de titel baccalaureus aan afgestudeerden van deze opleidingen door het loslaten van de vier jaren-eis. Artikelen Artikel I De leden van de CDA.fractie vroegen welke recente onderwijskundige en maatschappelijke ontwikkelingen het vervallen van artikel 190 van de Wet op het hoger beroepsonderwijs rechtvaardigen. De belangrijkste aanleiding daartoe is de discussie over de kwaliteitsbewaking in het hoger onderwijs, die met het verschijnen van de HOAK-nota (kamerstukken ) in 1985 in gang is gezet. In deze discussie die met betrokkenen uit het onderwijs en met de volksvertegenwoordiging gevoerd is, mede aan de hand van adviezen van de Adviesraad voor het hoger onderwijs, de HOAK-nota, het Hoger onderwijs en onderzoekplan en het conceptontwerp van Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek, is een heldere verantwoordelijkheidstoedeling inzake kwaliteitsbewaking tussen overheid en instellingen uitgekristalliseerd. Artikel 190 is daarmee niet in overeenstemming. In dit verband kan tevens gewezen worden op de aan de hand van voornoemde documenten gevoerde gedachtenwisseling over de verantwoordelijkheid van de overheid voor de regeling van de civiele effecten. De conclusie van deze gedachtenwisseling luidt dat het aan de Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 7 2

3 vakminster is om te bepalen of een civiel effect wenselijk is, en aan welk «eindprodukt» van hoger onderwijs dat civiel effect verbonden wordt, met behoud van de eigen verantwoordelijkheid van de instellingen voor de inhoud, de inrichting en de kwaliteit van het onderwijs. Het overheidstoezicht ten aanzien van de civiele effecten kent twee aspecten, dat van het toezicht op het onderwijs en het toezicht op de beroepsuitoefening. De eerste vorm van toezicht behoort tot de uitsluitende verantwoordelijkheid van de inspectie van het onderwijs, het andere toezicht regardeert het Staatstoezicht op de volksgezondheid. De voorgenomen afschaffing van artikel 190 is hiermee in overeenstemming. Overigens zij erop gewezen dat inmiddels een regulier overleg tussen de inspectie en het staatstoezicht op gang is gekomen over het hoger gezondheidszorgonderwijs. De wettelijke bepalingen met betrekking tot het toezicht door de inspectie, zowel in de WHBO als in de WWO en de WOU, bieden de inspectie de mogelijkheid deskundigen, waaronder inspecteurs van het staatstoezicht, bij de werkzaamheden, onder meer instellingsbezoek, te betrekken. Het vervallen van artikel 190 past binnen de gewijzigde opvattingen over de verantwoordelijkheidstoedeling inzake het toezicht, maar laat de mogelijkheid tot een zinvol gebruik van de expertise van het staatstoezicht onverlet. De leden van de V.V.D.-fractie vroegen om een nadere toelichting op de gestelde gelijkwaardigheid van de opleidingen maatschappelijk werk (hbo-mw) en arbeidsmarktpolitiek/personeelsbeleid (hbo-ap/pb) aan de voltijdse studierichtingen maatschappelijk werk en personeelswerk. Daartoe moge het volgende dienen. Zowel onderwijsveld als beroepsveld gaan uit van een gelijkwaardigheid van de genoemde opleidingen, wat blijkt uit een gelijke onderwijsbevoegdheid op grond van de Wet op het voortgezet onderwijs. De afwijking in cursusduur vindt zijn rechtvaardiging in de specieke instroom, de geïntegreerde leerroute en de omstandigheid dat de opleiding gebaseerd is op het beginsel van concurrency (studie gecombineerd met beroepsuitoefening). Toelating is voorbehouden aan afgestudeerden van overeenkomstige opleidingen in het middelbaar beroepsonderwijs die deel uitmaken van dezelfde instelling, hetzij de Hogeschool Haarlem, hetzij de Stichting katholieke Leergangen te Tilburg. Dit maakt het mogelijk te komen tot een geïntegreerde leerroute op basis van een longitudinale leerstofplanning. Selectie vindt plaats tijdens de voorafgaande mbo-opleiding, waardoor een selecterende en oriënterende propedeuse in de hbo-opleiding kan ontbreken. Voor alle studenten geldt een verplichte werksituatie van minimaal twintig uur per week. Artikel II Vergelijkbare opleidingen komen in het hoger beroepsonderwijs niet voor, merkt de eerste ondergetekende in antwoord op een vraag van leden van de C.D.A.-fractie op. Geen enkele andere studierichting kent een overeenkomstige specifieke instroom en geïntegreerde leerroute. De leden van de V.V.D.-fractie wensten een nadere motivering van het oordeel dat het gebruik van de term «algemene beroepenvariant» thans minder wenselijk is. In antwoord op deze vraag merkt de eerste ondergetekende op dat de term «algemene beroepenvariant» weliswaar in de kring van de hogescholen die de desbetreffende studierichtingen verzorgen goed bekend is, maar dat voor het afnemend beroepenveld de naamgeving onvoldoende zicht biedt op de inhoud van de opleiding. Beroepsgericht is immers elke hogere beroepsopleiding (artikel 2 WHBO); voor de maatschappelijke herkenbaarheid is nadere specificatie vereist. De nieuwe naamgeving komt hieraan tegemoet. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 7 3

4 Artikel III In antwoord op het verzoek van de leden van de C.D.A.fractie om nadere informatie over de opleidingen waarvan vermelding in onderdeel n van artikel E.9 van de IWHBO voorgesteld wordt, verschaft de eerste ondergetekende de volgende gegevens. De opleiding MO-boekhouden kende een programma van drie jaar deeltijdonderwijs, de beide andere opleidingen omvatten vier jaar deeltijdonderwijs. De laatstbedoelde opleidingen konden in augustus 1988 voor de laatste maal met een eerste cursusjaar van start gaan, de opleiding MO-boekhouden is sinds 1984 in afbouw. Voor kwantitatieve gegevens zij verwezen naar de bijlage bij deze memorie. Met betrekking tot de vraag van de leden van de V.V.D. fractie naar de consequenties van een omissie die met terugwerkende kracht hersteld wordt luidt het antwoord dat hieraan geen consequenties verbonden zijn: de onderhavige wijziging strekt ertoe de bestaande praktijk te legaliseren. De Minister van Onderwijs en Wetenschappen, W. J. Deetman De Minister van Landbouw en Visserij, G. J. M. Braks Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 7 4

5 Bijlage (M + V) 1986/87 7/11/1988 III IV VI VII TOT I III IV VI TOT Leeuwarden AB Groningen NL AB Arnhem AB Diemen PC Tilburg RK Handelswetenschappen MO O Staathuishoudkunde MO O Staathuishoudkunde MO-B Statistiek MO-B Staathuishoudkunde MO-O Handelswetenschappen MO-O Boekhouden MO A Staathuishoudkunde MO-O Statistiek MO-B ( U TOTAAL Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 7 5

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 Rijksbegroting voor het jaar 1989 20 800 Hoofdstuk VIII Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen Nr. 77 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 832 Wijziging van onder meer de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in verband met onder meer versterking van de rechtspositie

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Zitting 1980-1981 16815 Toelatingscriteria numerus fixus-studierichtingen voor het studiejaar 1981-1982 Nr. 2 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN Aan de

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 33 356 Wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voortgezet onderwijs BES in verband met het treffen van een overgangsmaatregel

Nadere informatie

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad ÜT? R>2 3 Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad Aan de minister van onderwijs en wetenschappen, de heer drs. W.J. Deetman, Postbus 25000, 2700 LZ Zoetermeer. Nassaulaan 6 2514 JS 's-gravenhage

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 2006 20 Besluit van 20 december 2005 tot wijziging van het Bevoegdhedenbesluit WPO tot vaststelling van de bewijzen van bekwaamheid die bevoegdheid

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 376 Wijziging van de Wet op de studiefinanciering in verband met het onder de prestatiebeurs brengen van de reisvoorziening Nr. 3 MEMORIE VAN

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 257 Wijziging van het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Strafvordering en het Wetboek van Strafrecht teneinde de vergoeding van affectieschade

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1995 1996 24 770 Invoering van en aanpassing van wetgeving aan de Vaststellingswet titel 7.10 Burgerlijk Wetboek (arbeidsovereenkomst) (Invoeringswet titel

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Vergaderjaar 1985-1986 19051 Vaststelling van het overgangsrecht voor de Wet op het hoger beroepsonderwijs, van het tijdstip van inwerkingtreding van die wet alsmede wijziging

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1996 1997 25 163 Wijziging van de Wet op de studiefinanciering onder meer in verband met correctie op de berekening van de aanvullende beurs, alsmede van

Nadere informatie

Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels

Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels Notitie Ontheffingen bevoegdheidsregels De wet op het voortgezet onderwijs (WVO) kent een aantal bepalingen waarbij limitatief is vastgelegd wanneer het onderwijs - gedurende een beperkte tijd en onder

Nadere informatie

Wijziging van de Experimentenwet Kiezen op Afstand in verband met de verlenging van de werkingsduur van die wet.

Wijziging van de Experimentenwet Kiezen op Afstand in verband met de verlenging van de werkingsduur van die wet. Hieronder het antwoord van de staatssecretaris van BZK op vragen uit de Kamer over de voorgestelde verlenging van de Experimentenwet Kiezen op Afstand. Van deze tekst zijn twee versies in omloop geweest

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2013 2014 34 010 Wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet op de expertisecentra, de Wet medezeggenschap op scholen en de Wet voortgezet onderwijs

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 30 313 Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra en de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met wijzigingen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 34 031 Wijziging van de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met het regelen van de mogelijkheid een deel van

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1976-1977 14 501 Wijziging van de Overgangswet WVO. (herziening regeling t.a.v. de bewijzen van bekwaamheid tot het geven van voortgezet onderwijs) Nr. 1 KONINKLIJKE

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1997 1998 25 913 Technische verbeteringen in de Wet inkomensvoorziening kunstenaars, in de Algemene bijstandswet, in de Wet op de ondernemingsraden en in

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2006 2007 30 933 Wijziging van de Wet studiefinanciering 2000 in verband met uitbreiding van de mogelijkheid met studiefinanciering in het buitenland te

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 28 600 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (VIII) voor het jaar 2003 Nr. 127 BRIEF

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1996 61 Besluit van 16 januari 1996, houdende wijziging van het Formatiebesluit WBO 1992 in verband met het vervallen van de bodem voor vakonderwijs

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 34 260 Wijziging van de Telecommunicatiewet in verband met de implementatie van richtlijn 2014/30/EU en richtlijn 2014/53/EU Nr. 5 VERSLAG Vastgesteld

Nadere informatie

Publicatie KB omtrent zorgkundige

Publicatie KB omtrent zorgkundige Publicatie KB omtrent zorgkundige Op 3 februari 2006 verscheen in het Staatsblad het KB van 12 januari 2006 omtrent de verpleegkundige activiteiten die zorgkundigen mogen uitvoeren en de voorwaarden waaronder

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1976-1977 14 501 Wijziging van de Overgangswet W.V.O. (herziene regeling t.a.v. de bewijzen van bekwaamheid tot het geven van voortgezet onderwijs) Nr. 3 MEMORIE

Nadere informatie

Deze memorie van toelichting is opgesteld mede namens de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Deze memorie van toelichting is opgesteld mede namens de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. 33 356 Wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs en de Wet voorgezet onderwijs BES in verband met het treffen van een overgangsmaatregel ten behoeve van (oud)studenten van de lerarenopleiding omgangskunde

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1992-1993 22887 Wijziging van de Wet op de studiefinanciering in verband met verlaging van de basisbeurs voor studerenden in het middelbaar beroepsonderwijs

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2005 2006 29 353 Wijziging van enige bepalingen van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek met betrekking tot het geregistreerd partnerschap, de geslachtsnaam

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2015 2016 31 568 Staatkundig proces Nederlandse Antillen Nr. 172 VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld 4 maart 2016 De vaste commissie voor Onderwijs,

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2004 2005 29 449 Nederlandse corporate governance code (Tabaksblat code) A Herdruk VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG Vastgesteld 24 november 2004 In de

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden. RMC-wet 2001. Jaargang 2001 Staatsblad 2001 636 1

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden. RMC-wet 2001. Jaargang 2001 Staatsblad 2001 636 1 RMC-wet 2001 636 Wet van 6 december 2001 tot wijziging van de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs en de Wet op de expertisecentra in verband met de invoering van de verplichting

Nadere informatie

Protocol PDG en educatieve minor

Protocol PDG en educatieve minor Protocol PDG en educatieve minor 28 april 2014 Inhoud Protocol voor beoordelingen door de NVAO van de kwaliteit van de afstudeerrichtingen algemeen vormend onderwijs en beroepsgericht onderwijs, het traject

Nadere informatie

Wijzigingswet Wet op het voortgezet onderwijs, enz. (invoering basisvorming in voortgez... De citeertitel is door de wetgever vastgesteld.

Wijzigingswet Wet op het voortgezet onderwijs, enz. (invoering basisvorming in voortgez... De citeertitel is door de wetgever vastgesteld. Page 1 of 6 (Tekst geldend op: 04-07-2004) Algemene informatie Eerst verantwoordelijke ministerie: Afkorting: Niet officiële titel: Citeertitel: Soort regeling: OCenW De citeertitel is door de wetgever

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2015 2016 34 129 Wijziging van de Politiewet 2012 in verband met de inbedding van de Politieacademie in het nieuwe politiebestel D VOORLOPIG VERSLAG VAN

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Vergaderjaar 1987-1988 19790 Sectorvorming en vernieuwing in het middelbare beroepsonderwijs Nr. 24 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN Aan de

Nadere informatie

Omvorming naar de masteropleidingen

Omvorming naar de masteropleidingen Omvorming naar de masteropleidingen Data van indiening van de ingevulde formulieren: Dit beperkt formulier op 4 oktober 2002 Uitgebreider formulier (met o.m. de doelstellingen en eindtermen) uiterlijk

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 33 277 Wijziging van de Wet werk en bijstand in verband met de herziening van de definities van gezin en middelen (Wet afschaffing huishoudinkomenstoets)

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 272 Wijziging van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (aanpassing regime ter zake van de afkoop van verplichtingen tot alimentatie of tot verrekening

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1995 380 Besluit van 18 juli 1995, houdende wijziging van het Uitvoeringsbesluit WHW in verband met aanvullende eisen met het oog op de inschrijving

Nadere informatie