Tweede Kamer der Staten-Generaal

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Tweede Kamer der Staten-Generaal"

Transcriptie

1 Tweede Kamer der Staten-Generaal Vergaderjaar Sectorvorming en vernieuwing in het middelbare beroepsonderwijs Nr. 24 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Zoetermeer, 7 december 1987 Hierbij ontvangt u overeenkomstig mijn toezegging in het overleg met de vaste Commissie voor Onderwijs en Wetenschappen op 23 maart jl. de SVM-uitwerkingsnotitie «Oriënterende en schakelende programma's in het Middelbaar Beroepsonderwijs Nieuwe Stijl». Het overleg in het 00V0 over deze notitie heeft plaats gevonden op 11 november jl. Het overleg is daarmee afgerond. De Staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen, N. J. Ginjaar-Maas Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 1

2 Inhoudsopgave 1. Inleiding 3 2. De beperking van de cursusduur van de Intasopleiding 3 3. De reactie op het advies van de APVO De eindtermen van de oriënterende en schakelende programma's Het ontwikkelingskader 5 Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 2

3 1. Inleiding Deze notitie omvat het beleidsstandpunt naar aanleiding van het advies van de «Adviesgroep Projekten in de Tweede fase van het Voortgezet Onderwijs» (APVO-2) d.d. augustus 1987 getiteld: «Oriëntatie en schakelen in het mdgo ontwikkeld vanuit Intas en kmbo-0 en S». In dit advies stelt de APVO-2 de problematiek van oriëntatie en schakeling centraal voor de sector dienstverlening en gezondheidszorg en legt van daaruit de relatie naar de Intas-opleiding. In de onderhavige notitie worden de oriënterende en schakelende programma's in een breder perspectief geplaatst, nl. voor alle vier sectoren van het mbo. Daarbij wordt een nadere uitwerking gegeven aan de beleidsvoornemens voor deze programma's in de Hoofdlijnen-notitie en de notitie «De Inrichting van het Middelbaar Beroepsonderwijs nieuwe stijl» en «De kenmerken en verworvenheden van het kort-middelbaar beroepsonderwijs (Kort-mbo) en de inbreng daarvan bij de sectorvorming en vernieuwing van het mbo». In de eerder genoemde uitwerkingsnotities is ook gesteld dat de huidige Intas-opleiding naast een schakelende functie ook beroepsvoorbereidende elementen omvat. Het A.P.V.0.-2 advies laat ook zien dat circa 30% van de leerlingen de Intas-opleiding ziet als een goede voorbereiding op het beroep. Gelet op de aard van het huidige Intas-programma moet hier gedacht worden aan een korte opleiding. Met betrekking tot kortere opleidingen in de sector dienstverlening en gezondheidszorg is een advies opgenomen in het adviesprogramma voor 1988 van de Adviesraad Voortgezet Onderwijs (A.R.V.O.) Ik zal daarom nu niet op dit aspect ingaan maar daarop terug komen bij de reactie op dat advies. 2. De beperking van de cursusduur van de Intas-opleiding De cursusduur van de Intas-opleiding wordt met ingang van 1 augustus 1988 beperkt tot 1 jaar. Deze maatregel is aangekondigd in de Hoofdlijnen-notitie en is opgenomen in de begroting van het departement van Onderwijs en Wetenschappen voor het dienstjaar Als zodanig staat deze maatregel derhalve niet ter discussie in het kader van deze notitie. De argumenten voor deze maatregel zijn: a. door de verlaging van de toelatingsleeftijd van de in service-opleidingen in de gezondheidszorg is een cursusduur langer dan een jaar niet langer nodig; b. het examenprogramma voor het Intas-opleidingsprogramma, dat langer dan een jaar duurt is gelijk aan dat van het eenjarige opleidingsprogramma; de onderwijskundige noodzaak voor langere programma's is derhalve niet aanwezig. De maatregel maakt voorts deel uit van het bezuinigingspakket van de S.V.M, operatie. Om de bovenbedoelde beperking van de cursusduur te realiseren zal het Besluit mhno worden gewijzigd in die zin dat ingaande 1 augustus 1988 nog uitsluitend het eenjarige Intas-programma kan worden aangeboden. De leerlingen die op 1 augustus 1988 nog het 2-jarige programma volgen zullen dit af kunnen maken. De gebruikelijke bezemklas-regeling zal worden getroffen. Tegelijk met deze besluitwijziging zal de basis lessentabel uit het besluit verdwijnen. Daarmee zal aan de scholen de gelegenheid worden geboden te anticiperen op de toekomstige situatie. 3. De reactie op het advies van de APVO-2 Met de vergelijkende analyse van de Intas-programma's en de O en S-programma's in het APVO-2-advies kan worden ingestemd evenals met Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 3

4 de daaraan verbonden conclusie, dat de O en S-programma's uit het kort-mbo vooral de functie van oriëntatie en schakeling naar de korte beroepsopleidingen vervullen en de Intas-opleidingen vooral een schakelende functie naar het mdgo. Wat dit laatste betreft dient er op te worden gewezen, dat de Intas destijds vooral vanuit de doelstelling van het vormen van een brug naar de in-service-opleidingen in de gezondheidsen welzijnszorg is ontstaan. De opvatting van de APVO-2, dat de opleiding oriëntatie en schakeling in de tweede fase van het voortgezet onderwijs slechts een complementaire functie vervult ten aanzien van de oriëntatie en schakeling in de eerste fase en dat de omvang en breedte van het 0 en S aanbod in de toekomst kan worden gereduceerd naarmate deze functie in de eerste fase meer gestalte heeft gekregen, stemt overeen met wat in eerdergenoemde SVM-uitwerkingsnotities te dien aanzien wordt opgemerkt. Eveneens kan worden onderschreven hetgeen de APVO-2 opmerkt over de te onderscheiden afzonderlijke programma-typen binnen de oriënterende en schakelende programma's, alsmede de daartoe behorende elementen. Ook haar opmerkingen over individualisering, tot uiting komend in een centrale plaats voor leerlingbegeleiding en modulaire programma-opbouw, verdient adhesie. Dit heeft wel consequenties voor de schoolorganisatie (tussentijdse instroom, examinering op meerdere tijdstippen, e.d.). In het APVO-2-advies zijn de mogelijkheden voor multisectorale oriëntatie en schakeling wat onderbelicht. Het advies richt overeenkomstig de adviesaanvrage zich vooral op de dgo-sector. Bij nader inzien, gelet op de Hoofdlijnennotitie en de uitwerkingsnotities, lijkt het mij echter beter als de problematiek wordt verbreed tot alle sectoren. Het gaat daarbij om de ontwikkeling van brede oriënterende programma's die sectoroverstijgende elementen dienen te bevatten en brede (multi-)-sectoraal gerichte schakelende programma's. 4. De eindtermen van de oriënterende en schakelende programma's In de discussie in het Overleg Orgaan Voortgezet Onderwijs over de notitie «De inrichting van het middelbaar beroepsonderwijs nieuwe stijl» is naar voren gebracht dat het voornemen om voor de oriënterende en schakelende programma's geen eindtermen vast te stellen niet strookte met eerdere beleidsvoornemens terzake. Toegezegd is dat nader zou worden overwogen of en zo ja op welke wijze dergelijke eindtermen zouden kunnen worden vastgesteld. Deze nadere overweging heeft het volgende opgeleverd. Voor de oriënterende en schakelende programma's in het kort-mbo zijn geen eindtermen of examenprogramma's vastgesteld al is het voornemen hiertoe wel geuit in de beleidsnotitie over toetsing en afsluiting. Daarbij is gesteld dat het hier om een ander soort examen - en dus ook om een ander soort examenprogramma - zou gaan dan voor de beroepsopleidingen. Dit is tot op heden niet ingevuld. Voor de Intas-opleiding is een examenprogramma vastgesteld en wordt er centraal geëxamineerd. Daar staat tegenover dat niet goed valt in te zien welke eindtermen voor de oriënterende programma's centraal kunnen worden vastgesteld. Eindtermen zijn onderwijsleerdoelen van de opleiding. Voor deze soort programma's zijn deze hoofdzakelijk op het niveau van de leerling te formuleren. In feite zijn er evenveel «opleidingen» als er leerlingen zijn en iedere «opleiding» heeft zijn eigen eindtermen. Deze eindtermen zouden weliswaar ontleend kunnen worden aan brede categorieën van algemene leerdoelen en deze zouden in een document kunnen worden vastgelegd. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 4

5 Maar de leerdoelen zijn noodzakelijkerwijs zo breed en algemeen geformuleerd dat zij als eindtermen in de normale zin moeilijk te hanteren zullen zijn. Voor de schakelende programma's geldt het bovenstaande in dezelfde mate, zij het dat hier de eindtermen van de «individuele opleidingen» concreet geformuleerd kunnen worden. Deze eindtermen zullen ontleend zijn aan de met de ontvangende instellingen afgesproken instroomniveaus voor de desbetreffende leerlingen, die naar een korte of lange opleiding worden geschakeld. Als toetsingsdoel zijn deze eindtermen zeker niet geschikt. Onderwijsinstellingen die oriënterende en schakelende programma's verzorgen zijn daarom veeleer gebaat bij raamplannen waarin te gebruiken thema's en methoden worden uitgewerkt en ten voorbeeld gesteld. Als deze raamplannen centraal worden ontwikkeld, geregeld worden vernieuwd en worden voorzien van goede nascholingsmogelijkheden kunnen zij een betere kwaliteitsgarantie vormen dan zeer algemeen geformuleerde eindtermen. Dit alles overziende korn ik tot de volgende conclusie: a. de eindtermen voor de oriënterende en schakelende programma's worden vastgesteld door het bevoegd gezag; voor zover de schakelende programma's zijn gericht op doorstroming naar opleidingen in een andere instelling doet het bevoegd gezag zulks in overleg met het bevoegd gezag van die instelling; b. voor de oriënterende en schakelende programma's wordt een raamplan opgesteld dat een voorbeeldmatige uitwerking omvat van deze programma's; dit raamplan wordt iedere drie jaar vernieuwd; c. instellingen die in het kader van de O en S programma's hun leerlingen willen opleiden voor het oude Intas-examen kunnen dat vanzelfsprekend blijven doen, zij het dat het examenprogramma niet langer door de minister wordt vastgesteld en de exameninering niet langer centraal wordt geregeld. 5. Het ontwikkelingskader Het gestelde in het advies van de APVO-2 in hoofdstuk III «Voorstellen voor het ontwikkelingskader» wordt door mij in het algemeen onderschreven, met dien verstande dat zij gericht zullen zijn op brede multisectorale oriëntatie en schakeling. Hierbij zal moeten worden bedacht dat de 0- en S-programma's in beginsel weliswaar multisectoraal zijn, maar dat tevens rekening moet worden gehouden met de mogelijkheden van de afzonderlijke instellingen om dit te realiseren. In dit verband kan samenwerking met andere mbo-scholen in de regio noodzakelijk zijn. Overeenkomstig het APVO-2-advies zal een werkgroep worden ingesteld, bestaande uit 2 vertegenwoordigers van Intas, 2 vertegenwoordigers van de O en S kort-mbo, aan te wijzen door resp. het Landelijk Overleg Intas-opleidingen (LOIO), de Landelijke Organisatie Vormingswerk voor Jeugdigen (LOVWJ) en de Landelijke Organisatie Christelijk Vormingswerk (LOCV), met ondersteuning vanuit SLO/LOVWJ/LOCV. Aan de werkgroep zullen opdrachten worden meegegeven als genoemd in paragraaf III, onder 1 a t/m d, van het APVO-2-advies. Ten aanzien van de omvang, de inhoud, de vormgeving, de uitvoering en het sectoroverstijgende deel, van de te ontwikkelen programma's zullen aan de werkgroep geen richtlijnen in strikte zin worden meegegeven. Dit in het kader van de grotere mate van inrichtingsvrijheid die de overheid voorstaat. Wel vormen de onderdelen a t/m e van paragraaf 2 van hoofdstuk II van het advies een goede handreiking voor de invulling. De werkgroep zal voor 1 augustus 1988 een eerste versie van het door haar ontwikkelde programma gereed moeten hebben, zodat scholen, die dat wensen, dit nieuwe programma kunnen invoeren, in plaats van het Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 5

6 bestaande een-jarige programma van de Intas. De bovenbedoelde eerste versie zal - in samenspraak met het werkveld - onderworpen worden aan een door de werkgroep te organiseren legitimatie- en bijstellingsprocedure, die zal duren tot Aan de 4 leden van de werkgroep zullen elk 3 verlofeenheden op jaarbasis worden toegekend, dus in totaal 12 verlofeenheden. De ondersteuning van 0,4 formatieplaats zal binnen de reguliere formatie van de betreffende ondersteuningsinstelling, t.w. SLO/LOVWJ/LOCV, moeten worden gevonden. Tweede Kamer, vergaderjaar , , nr. 24 6

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 Rijksbegroting voor het jaar 1989 20 800 Hoofdstuk VIM Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen Nr. 95 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten Generaal

Tweede Kamer der Staten Generaal Tweede Kamer der Staten Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 19 521 Nieuwe informatietechnologie in het Voortgezet Onderwijs Nr. 8 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN WETEN- SCHAPPEN Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal Zitting 1980-1981 16815 Toelatingscriteria numerus fixus-studierichtingen voor het studiejaar 1981-1982 Nr. 2 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN Aan de

Nadere informatie

1.Inleiding. 2.Profielen per 1 augustus 2007

1.Inleiding. 2.Profielen per 1 augustus 2007 logoocw De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk VO/OK/2003/53723 Uw kenmerk Onderwerp tweede fase havo/vwo 1.Inleiding In het algemeen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 Rijksbegroting voor het jaar 1989 20 800 Hoofdstuk VIII Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen Nr. 77 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN

Nadere informatie

Geachte heer Brenninkmeijer, d.d. 6 november 2007 bericht ik u als volgt. Nationale ombudsman rapport Op waarde geschat

Geachte heer Brenninkmeijer, d.d. 6 november 2007 bericht ik u als volgt. Nationale ombudsman rapport Op waarde geschat Directie Bestuurlijke en Juridische Zaken De Nationale ombudsman Postbus 93122 2509 AC 'S-GRAVENHAGE Datum Uw brief (Kenmerk) Ons kenmerk 11 maart 2008 6 november 2007; BJZ 2008 0137 M 2007.06666.014 Onderwerp

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal 1 Vergaderjaar 2001 2002 Nr. 199e 27 728 Wijziging van de Wet op de expertisecentra, de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs in verband met

Nadere informatie

ARTIKEL XII ADVIESCOMMISSIE TOELATING EN BEGELEIDING

ARTIKEL XII ADVIESCOMMISSIE TOELATING EN BEGELEIDING ARTIKEL XII ADVIESCOMMISSIE TOELATING EN BEGELEIDING 1. Ten behoeve van een goede invoering van leerlinggebonden financiering stelt Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen voor de periode

Nadere informatie

ONDERWIJSRAAD <,. G RAVENHAGE, 2 2 OKT. 1986

ONDERWIJSRAAD <,. G RAVENHAGE, 2 2 OKT. 1986 A3vks niet-ambtelijke adviescommissie ONDERWIJSRAAD

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2009 2010 30 982 Beleidsdoorlichting Sociale Zaken en Werkgelegenheid Nr. 6 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 32 396 Wijziging van de Wet op het primair onderwijs, de Wet op de expertisecentra, de Wet op het voortgezet onderwijs, de Wet educatie en beroepsonderwijs,

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1979-1980 15 637 Casinospelen Nr. 2 Het vroegere stuk is gedrukt in de zitting 1978-1979 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de heer Voorzitter

Nadere informatie

Advies niet-ambtelijke adviescommii-,.. WOB.

Advies niet-ambtelijke adviescommii-,.. WOB. Advies niet-ambtelijke adviescommii-,.. WOB. Onderwijsraad Aan de staatssecretaris van onderwijs en wetenschappen, mevrouw drs. N.J. Ginjaar-Maas, Postbus 25000, 2700 LZ Zoetermeer. Nassaulaan 6 2514JS

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1988-1989 Rijksbegroting voor het jaar 1989 20 800 Hoofdstuk XI Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Nr. 55 BRIEF VAN DE

Nadere informatie

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad ÜT? R>2 3 Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad Aan de minister van onderwijs en wetenschappen, de heer drs. W.J. Deetman, Postbus 25000, 2700 LZ Zoetermeer. Nassaulaan 6 2514 JS 's-gravenhage

Nadere informatie

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio)

CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) CONVENANT VSV 2012-2015 (naam regio) Convenant tussen de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, de RMCcontactgemeente van de RMC-regio ( ) en onderstaande onderwijsinstellingen inzake het terugdringen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Zitting 1980-1981 Rijksbegroting voor het jaar 1981 16400 Hoofdstuk VIII Departement van Onderwijs en Wetenschappen Nr. 11 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS EN WETENSCHAPPEN

Nadere informatie

Rapport. Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148

Rapport. Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148 Rapport Datum: 11 april 2000 Rapportnummer: 2000/148 2 Klacht Op 1 februari 1999 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van de heer Y. te Zwolle, ingediend door de Stichting Rechtsbijstand Asiel

Nadere informatie

Het Bestuur van de Aloysius Stichting Onderwijs Jeugdzorg Postbus ZH VOORHOUT. t.a.v. de heer drs. H. Kelderman. Datum

Het Bestuur van de Aloysius Stichting Onderwijs Jeugdzorg Postbus ZH VOORHOUT. t.a.v. de heer drs. H. Kelderman. Datum a 1 > Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag Het Bestuur van de Aloysius Stichting Onderwijs Jeugdzorg Postbus 98 2215 ZH VOORHOUT t.a.v. de heer drs. H. Kelderman Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375

Nadere informatie

Eerste Kamer der Staten-Generaal

Eerste Kamer der Staten-Generaal Eerste Kamer der Staten-Generaal i Zitting 1979-1980 Nr. 44e 15 800 VIM Hoofdstuk VIII (Departement van Onderwijs en Wetenschappen) van de begroting van uitgaven van het Rijk voor het jaar 1980; begroting

Nadere informatie

Medezeggenschapsstatuut. van CSG Liudger te Drachten

Medezeggenschapsstatuut. van CSG Liudger te Drachten Medezeggenschapsstatuut van CSG Liudger te Drachten Versie: 15 september 2014 Inhoudsopgave 1 Preambule 2 Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen 2 Artikel 1 Begripsbepalingen 2 Hoofdstuk 2 Inrichting van de medezeggenschap

Nadere informatie

EXAMENBESLUIT HAVO/VWO

EXAMENBESLUIT HAVO/VWO EXAMENBESLUIT HAVO/VWO De Onderwijsraad is een onafhankelijk adviescollege, ingesteld bij wet van 15 mei 1997 (de Wet op de Onderwijsraad). De Raad adviseert, gevraagd en ongevraagd, over hoofdlijnen van

Nadere informatie

Datum 24 september 2014 Gevolgen van de referentieniveaus taal voor de normering van de centrale examens Nederlands 2015

Datum 24 september 2014 Gevolgen van de referentieniveaus taal voor de normering van de centrale examens Nederlands 2015 > Retouradres Postbus 35 3500 AH Utrecht De scholen voor voortgezet onderwijs, t.a.v. de directeur, de examensecretaris en de docenten Nederlands Bureau van het CvTE Muntstraat 7 352 ET Utrecht Postbus

Nadere informatie

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden Jaargang 1997 501 Besluit van 23 september 1997, houdende regels inzake de opleiding tot en de deskundigheid van de apothekersassistent (Besluit opleiding

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 28 600 VIII Vaststelling van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (VIII) voor het jaar 2003 Nr. 127 BRIEF

Nadere informatie

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer. 21 januari 1998.

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer. 21 januari 1998. Nassaulaan 6 2514 JS Den Haag Telefoon (070) 363 79 55 De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen dr. ir. J.M.M. Ritzen Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer Fax (070) 356 14 74 E-mail [email protected]

Nadere informatie

logoocw De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag BVE/IenI/2006-43667

logoocw De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag BVE/IenI/2006-43667 logoocw De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Den Haag Ons kenmerk BVE/IenI/2006-43667 Onderwerp Inspectierapport 'Nederlands in het mbo' Bijlage(n) Rapport

Nadere informatie

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB.

Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Advies niet-ambtelijke adviescommissie WOB. Onderwijsraad Aan de staatssecretaris van onderwijs Nassaulaan 6 en wetenschappen, 2514JS 's-gravenhage mevrouw drs. N.J. Ginjaar-Maas, Tel. 070-63 79 55 Postbus

Nadere informatie

Besluitenlijst d.d. d.d. adj.secr. gem.secr. (paraaf adjunct-secretaris) Bijlagen

Besluitenlijst d.d. d.d. adj.secr. gem.secr. (paraaf adjunct-secretaris) Bijlagen Nota voor burgemeester en wethouders Onderwerp Eenheid/Cluster/Team ST_PU_KZ Beleidsregels omtrent bijzondere bijstand voor tandartskosten 1- Notagegevens Notanummer 180336 Datum 26-5-2009 Programma: 09.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1998 1999 26 272 Wijziging van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 (aanpassing regime ter zake van de afkoop van verplichtingen tot alimentatie of tot verrekening

Nadere informatie

Rapport. Datum: 28 juli 2000 Rapportnummer: 2000/252

Rapport. Datum: 28 juli 2000 Rapportnummer: 2000/252 Rapport Datum: 28 juli 2000 Rapportnummer: 2000/252 2 Klacht Op 8 maart 2000 ontving de Nationale ombudsman een verzoekschrift van mevrouw M. te Rotterdam, met een klacht over een gedraging van de Belastingdienst/Douane,

Nadere informatie

Datum 24 april 2015 Wijziging van diverse onderwijswetten in verband met het aanbrengen van enkele inhoudelijke wijzigingen van diverse aard (34146)

Datum 24 april 2015 Wijziging van diverse onderwijswetten in verband met het aanbrengen van enkele inhoudelijke wijzigingen van diverse aard (34146) >Retouradres Postbus 16375 2500 BJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Wetgeving en Juridische Zaken Rijnstraat 50 Den Haag Postbus 16375 2500

Nadere informatie

FLEXIBILISERING VAN CENTRALE TOETSEN EN EXAMENS

FLEXIBILISERING VAN CENTRALE TOETSEN EN EXAMENS FLEXIBILISERING VAN CENTRALE TOETSEN EN EXAMENS VISIE VAN HET COLLEGE VOOR TOETSEN EN EXAMENS pagina 2 van 8 Aanleiding en historisch perspectief De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Nadere informatie

Regeling extra ict-vergoeding basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs

Regeling extra ict-vergoeding basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs Regeling extra ict-vergoeding basisonderwijs en (voortgezet) speciaal onderwijs Soort document Algemeen verbindend voorschrift Datum 30 oktober 2000 Kenmerk PO/PJ-2000-37542 Datum inwerkingtreding zie

Nadere informatie

Samen aan de IJssel Inleiding

Samen aan de IJssel Inleiding Samen aan de IJssel Samenwerking tussen de gemeenten Capelle aan den IJssel en Krimpen aan den IJssel, kaders voor een intentieverklaring en voor een onderzoek. Inleiding De Nederlandse gemeenten bevinden

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag > Retouradres Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA Den Haag Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving Afdeling Wetgeving Staatsinrichting en Bestuur Turfmarkt

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 23 maart 2015 Betreft Inzet huishoudelijke hulp toelage

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 23 maart 2015 Betreft Inzet huishoudelijke hulp toelage > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Rijnstraat 50 2515 XP Den Haag www.rijksoverheid.nl Kenmerk

Nadere informatie

ECLI:NL:RBOVE:2014:3241

ECLI:NL:RBOVE:2014:3241 ECLI:NL:RBOVE:2014:3241 Instantie Rechtbank Overijssel Datum uitspraak 05062014 Datum publicatie 16062014 Zaaknummer C/08/156166 / KG ZA 14182 Rechtsgebieden Civiel recht Bijzondere kenmerken Kort geding

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2011 2012 29 544 Arbeidsmarkbeleid Nr. 339 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie