SERRE richtlijnen P21
|
|
|
- Evelien Pauwels
- 10 jaren geleden
- Aantal bezoeken:
Transcriptie
1 SERRE richtlijnen P21 ILVO Eenheid Plant Onderzoeksdomeinen: Toegepaste Genetica en Veredeling, Groei en Ontwikkeling en Gewasbescherming
2 2
3 Voorwoord Voorliggend document, de serrerichtlijnen van site P21, heeft tot doel om ieder die werkzaam is in de serres van de ILVO site Plant21 te informeren over en aan te manen tot het werken volgens de code van goede praktijk, met bijzondere aandacht voor een veilige, gezonde, milieuvriendelijke en reglementaire werkomgeving. De serrerichtlijnen zijn opgevat als een praktische en eenvoudige handleiding waar snel informatie kan opgezocht worden. Dit document richt zich voornamelijk naar personen die activiteiten uitvoeren die onder de bioveiligheidsregels vallen (werken met genetisch gemodificeerde organismen en plantenpathogenen). De hiërarchische lijn, waakt over de navolging van de afspraken en verleent zijn medewerking aan de implementatie ervan. Dit betekent dat naast de personeelsleden ook tijdelijke bezoekers zoals (stage)studenten en gastonderzoekers, kennis moeten hebben van dit document en dit voor gelezen en akkoord tekenen. Johan Van Huylenbroeck en Isabel Roldán-Ruiz Melle,
4 4
5 Inhoud 1. Werken in de serres van P21: Algemeen Inleiding Verantwoordelijkheden Algemene afspraken 7 2. Werken met GGOs en plantpathogenen Inleiding Bio-veiligh werken in serres en groeikamers Werken met GGO s en plantpathogenen in serres en groeikamers Specifieke maatregelen voor proeven met GGO s Specifieke maatregelen voor Q plantpathogenen Afvalbeheer Algemene principes Inactivatiemethodes 11 Bijlage 1 5
6 1 WERKEN IN DE SERRES VAN P21: ALGEMEEN 1.1 INLEIDING De serreruimtes van P21 kunnen we opsplitsen in afdelingen (oud gedeelte) en serres (nieuw gedeelte). Deze richtlijnen zijn opgesteld voor de serres (plattegronden in bijlage 1). Badges Net als in het hoofdgebouw zijn de bepaalde serres toegankelijk met badge. Afhankelijk van de werkzaamheden kan een persoon toegang krijgen tot de ziekte-, ggo- of quarantaine gedeelte. Voor de spuitploeg is er een aparte badge voorzien. Aanvraag voor reservatie ruimte Van zodra je weet dat je serreoppervlak of plaats in een groeikamer nodig hebt vul dan een aanvraagformulier in (te vinden op intranet > onze organisatie > aanvraag serre P21). Doe de aanvraag zeker tijdig! Je aanvraag wordt automatisch naar de verantwoordelijke doorgestuurd. Vervolgens wordt de geschikte serre doorg d aan de aanvrager en de serreverantwoordelijke. Afhankelijk van het type experiment wordt je aanvraag door verschillende personen behandeld: o Experimenten in groeikamers: Peter Lootens o Experimenten in de quarantaine afdeling (plattegronden in bijlage 1): Kris Van Poucke o Alle andere experimenten (inclusief proeven met plantpathogenen die geen quarantaine organismen zijn, en proeven met GGO s): Evelien Calsyn Bioveiligheidszones Indien je voor de eerste keer in een serre waar bioveiligheidsmaatregelen gelden zal werken, moet je sectie 2 van dit document grondig doornemen en bij de bioveiligheidscoordinator van P21 (Isabel Roldán-Ruiz) ondertekennen dat je dit document gelezen en begrepen hebt. Pas daarna wordt je badge aangepast voor de duur van het experiment (of voor onbepaalde duur indien voldoende gemotiveerd). 1.2 VERANTWOORDELIJKHEDEN Evelien Calsyn is de algemene verantwoordelijke en coördineert de aanvragen voor serreruimte, behalve voor de quarantaine serres en de groeikamers. Volgende personen zijn serreverantwoordelijken: Geert Lejeune serres 1, 2, 3 en 12 Roger Dobbelaere serres 4, 5, 6 en 11 Dieter Coppens serres 9 en 10 Frederik Delbeke serres 13, 14, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 45, 46, 47, 48, 49, 50, 51, 52, 53, 55 en 57 Kris Van Poucke serres 45, 46, 47, 48, 49 en 50 Deze personen zorgen voor: het water geven via klimaatcomputer, instelling en controle controle op klimaat en belichting controle op goed functioneren van infrastructuur binnen de serres Deze personen zorgen ook ervoor dat de uitvoerders van de experimenten voldoende aandacht besteden aan: de algemene netheid van de serres de niet-chemische behandelingen in het kader van de gewasbescherming (bv. hangen van vangplaten, algenontwikkeling op eb- en vloed tafels,...) 6
7 Het instellen van het klimaat en vullen van citernes gebeurt door Evelien Calsyn (in produktieserres) of Frederik Delbeke (in serres voor ziekte of GGO experimenten). Proeven in groeikamers worden in afspraak met Peter Lootens opgezet. Uiteraard is ieder verantwoordelijk voor het opstarten, opvolgen en opruimen van eigen proeven. En is ieder die in de serre werkt, mee verantwoordelijk voor de algemene orde en netheid. 1.3 ALGEMENE AFSPRAKEN Water geven: Het watergeefsysteem is gebaseerd op recirculatie. Het met de hand water geven moet beperkt worden tot een minimum. Instellen op computer van watergeefsysteem gebeurt enkel door serreverantwoordelijken. Tafels: Bij in gebruik name van een tafel moet er vooraf zwarte plastiek gelegd worden. Deze wordt elke keer vernieuwd en de tafel wordt voor er nieuwe plastiek gelegd wordt proper gemaakt met borstel of stofzuiger. De zwarte plastiek gaat bij het landbouwplastiekafval. (opletten: in de GGO en ziekte afdelingen zijn andere regels van toepassing voor afval zie verder). Afval: Naast de plastiek voor tafels en tunnels is er het groenafval en restafval. (opletten: in de GGO en ziekte afdelingen zijn andere regels van toepassing voor afval zie verder). Het groenafval gaat in de zwarte tonnen. Elke serre heeft zijn eigen ton. Deze tonnen worden op regelmatige basis door Roger naar de composthoop gebracht. Bij het opruimen van proeven wordt dit uiteraard gedaan door de betrokken personen. Het restafval gaat in de zwarte vuilzakken die in houders hangen en worden vervangen door het onderhoudspersoneel. Netheid: De vloer van de middengang wordt om de 2 weken volgens een beurtrolsysteem proper gemaakt (zie lijst ad valvas). Inpottafels: Er worden twee inpottafels voorzien als verzamelplaats voor werkvoorraad van potgrond. De overige tafels dienen als werkoppervlak! Dus na gebruik leegmaken (zowel boven- als onder het werkvlak)! Algemeen: - De serre is geen stockageplaats! - Plaats na gebruik het materiaal terug op de juiste plaats, verplaats geen meubilair uit aanpalende labo s naar de serre - Materiaal dat gebruikt wordt in serres (borstels, gietdarmen, broezen, ) dient enkel voor gebruik in serre - Merk je defecten of abnormaliteiten meldt het aan de verantwoordelijken - Heb respect voor de collega s en hou de serre net - Meld specifieke noden voor de serre. Alle ideeën om de efficiënte werking te verbeteren zijn welkom. 7
8 2 WERKEN MET GGO S EN PLANTPATHOGENEN 2.1 INLEIDING In de ziekte-, quarantaine en GMO-serres gelden, naast de algemene regels voor ILVO serres, de bioveiligheidsregels die door iedereen die in de respectivelijke zones komt, strikt moeten worden nageleefd. De bioveiligheidscoördinator van ILVO Plant - site Caritasstraat 21 is Isabel Roldán-Ruiz (tel: 2882). Ze moet steeds en vooraf op de hoogte gebracht worden van geplande experimenten waarin plantpathogenen of GGO s gebruikt worden. Uitzonderingen op de hierna vastgestelde richtlijnen kunnen alleen in afspraak met haar. Je kan bij haar altijd terecht met vragen en suggesties over bioveiligheid. Tijdens haar afwezigheden kan je Kris Van Poucke of Peter Lootens contacteren voor proeven met respectievelijk plantpathogenen of GGO s. Algemene beginselen, definities en basisbegrippen over bioveiligheid zijn samengevat in het document LABOrichtlijnen P21 (U:\PLANT\P21\Laborichtlijnen P21 of LabCollector). Lees aandachtig het onderdeel van LABO richtlijnen P21 dat de bioveiligheid behandelt vooraleer je dit document verder leest. Een aantal algemene regels in GGO en ziekte afdelingen van de serrecomplex: Draag steeds een labojas en overschoenen. In de GGO en ziekte afdelingen wordt al het water dat geloosd wordt vooraf ontsmet door UV. Om aanslag op de lampen te vermijden worden de handen niet met zeep gewassen. De vloer wordt gestofzuigd vooraleer met water te reinigen. Materiaal mag pas na ontsmetting terug in algemene ruimtes (buiten bioveiligheid zones). Geschikte ontsmetting producten zijn: Menno ter forte 1% (voor grote oppervlakken en baden)(fytokast), ethanol 70% (voor scharen,..)(labo). Na gebruik van een bad kan dat ontsmettingswater gebruikt worden om de tafels en het grondoppervlak te ontsmetten. Veel materiaal kan geautoclaveerd worden (best vooraf een kleine hoeveelheid uittesten). 2.2 BIO-VEILIG WERKEN IN SERRES EN GROEIKAMERS De serres voor plantpathogenen en GGO s bevinden zich in aparte zones. Experimenten waarbij GGO s of plantpathogenen worden gebruikt, worden in de hiervoor voorziene serres uitgevoerd. In dit geval worden bijkomende maatregelen, om de verspreiding van pollen, zaad of plantpathogenen te beletten, toegepast. In de volgende lokalen geldt ingeperkt gebruik (zie plan in bijlage 1): 8
9 Lokaal Zone Type lokaal Aard van de manipulaties Inperkingsniveau nummer 24 2 Labo/waslokaal Technische / stockage ruimte L2 13,14,16, 17, 2 Serre met eb/vloed tafels groei van GGO planten G2 19, 20, 21, 22 18, 201, 202, 2, uitbreiding Serre zonder tafels in beton groei van GGO planten G2 203, , 23, 217B 2, uitbreiding Serre gang SAS naar serres SAS 25, 26, 27, 28 2 Groeikamer groei van GGO planten G2 36 / Labo/autoclaaflokaal Algemene afvalverwerking: L2 decontaminatie, autoclaaf, grondsterilisator B / Labo plantenaaltjes Labo-analyse op G2Q plantpathogene aaltjes 38 3 Sas sas nar G2Q zone (deuren G2Q met gekoppelde vergrendeling) 40 3 Luchtventilatie- en Technische installatie G2Q onderdruksysteem 43 3 Labo/waslokaal Technische / stockage ruimte L2Q Serre gang, toegang via sas Gang naar serres G2Q 45, 46, 47, 48, 3 Serre met eb/vloed tafels Groei van planten, eventueel G2Q 49, 50 geïnfecteerd met plantpathogenen 51, 52, 55, 56 1 Serre met eb/vloed tafels Groei van planten, eventueel G2 geïnfecteerd met plantpathogenen 53 1 Serre met volle grond Groei van planten, eventueel G2 geïnfecteerd met plantpathogenen 54 1 Serregang/sas sas naar serres SAS 57 1 Serre zonder tafels en met extra sas Groei van planten, eventueel geïnfecteerd met plantpathogenen G2 De toegangscontrole naar deze zones gebeurt via een badgesysteem. In zones 1 en 2 worden de serregangen beschouwd als sas en dienen als dusdanig gebruikt te worden. Een badge wordt pas na opleiding over deze werkvoorschriften geautoriseerd. De vier serrecompartimenten in de uitbreiding worden betreden via 217a, waar een badgecontrole van UGent geïnstalleerd is, en vervolgens via de serregang 217b, die met een sleutel gesloten wordt. Bezoekers zijn enkel toegelaten onder begeleiding van geautoriseerd personeel. Werkzaamheden aan de serre-infrastructuur door derden kunnen enkel na afspraak met de technische serremanager of een ander bevoegd personeelslid. Met de externen dienen afspraken gemaakt te worden rond de bijzondere maatregelen van toepassing op de experimenten. De volgende regels moeten gerespecteerd worden: Proeven met plantpathogenen of GGO s mogen enkel worden uitgevoerd in lokalen die voldoen aan de vereiste inperkingsniveaus (L2, L2Q, G2 of G2Q). Dit wordt vermeld op de deur. Eten, drinken, roken, medicijnen innemen, manipuleren van contactlenzen, aanbrengen van cosmetica en bewaren van voedingsmiddelen is verboden in serres met ingeperkt gebruik. Hoe de handen schoon en de nagels kort. Was de handen bij het verlaten van de serre. Gebruik daarvoor een desinfecterend middel. In de serres met ingeperkt gebruik zijn groene (zone 1), blauwe (zone 2) of mint (zone 3) labojassen en schoenen in de sassen voorzien. Deze dienen steeds gedragen te worden. Handschoenen die gebruikt zijn geweest om GGO s of plantpathogenen te manipuleren worden bij het biologisch besmet afval afgevoerd (vuilbakken voorzien in ruimtes voor ingeperkt gebruik). Gebruikte materialen worden ontsmet voordat ze worden gewassen of hergebruikt. Biologisch afval wordt geïnactiveerd. 9
10 Registreer biologisch materiaal in de inventaris dat de bioveiligheidscoördinator beheert. Deze inventaris is te vinden op U:/Plant/P21/bioveiligheid. Wordt een organisme waarmee je wil werken niet in de lijst vermeld, neem dan eerst contact op met de bioveiligheidscoördinator. 2.3 WERKEN MET GGO S EN PLANTPATHOGENEN IN SERRES EN GROEIKAMERS De toegang tot de serres met ingeperkt gebruik is beperkt tot één ingang via sas. Bij het betreden van de serregang moet deze naar behoren als sas worden gebruikt. Dit wil zeggen dat de deuren van individuele compartimenten gesloten zijn, wanneer de gang van buiten wordt betreden. Bij het binnen- en buitengaan van de serre dienen de deuren één voor één te worden geopend en weer gesloten. Ieder mankement aan de infrastructuur van de serres wordt onmiddellijk medegedeeld aan Evelien Calsyn. Bij elk gebruik wordt een experimentfiche opgemaakt met vermelding van de o verantwoordelijke onderzoeker en eventueel ander betrokken personeel o start- en vermoedelijke einddatum van de proef o plantensoort, GGO, betrokken pathogenen o doel van de proef o risico s o afvalbeheer o teelttechnische opmerkingen (bemesting, watergift, oogst, ) De planten worden vrij van schadelijke organismen in de serre gebracht, tenzij niet anders mogelijk. Het binnendringen van ongewenste insecten en mijten in deze serres wordt zoveel mogelijk vermeden: (i) de toegangen blijven gesloten, (ii) het sas wordt op een correcte wijze gebruikt, (iii) kieren in de serre worden onmiddellijk afgedicht, (iv) in de serres voorzien van nokverluchting is gaas aangebracht. Voor de monitoring van vliegende insecten wordt gebruik gemaakt van lijmvallen. Afhankelijk van de aanwezigheid van insecten wordt een gepaste biologische of chemische bestrijding uitgevoerd. Er wordt zoveel mogelijk geïntegreerd gewerkt. Indien insectbestuiving noodzakelijk is voor een bepaald experiment, wordt gebruik gemaakt van een aparte serre, of indien niet beschikbaar, een kooi voor het loslaten van de bestuivers. Bestuivers buiten deze kooi zullen worden opgemerkt via de voorziene monitoring met lijmvallen en zullen worden bestreden. Bij het einde van de bestuiving worden de bestuivers lokaal bestreden in de bestuivingkooi. Het indringen van vogels of knaagdieren in de serre wordt in de eerste plaats vermeden: (i) de ondergrond van de serre is beton, (ii) de toegangen blijven gesloten, (iii) het sas wordt op een correcte wijze gebruikt, (iv) in nokverluchting is gaas aangebracht. Knaagdieren (ratten en muizen) worden in de omliggende serres bestreden met rodenticiden. Wanneer de aanwezigheid van knaagdieren wordt vermoed, worden extra vallen gezet. 2.4 SPECIFIEKE MAATREGELEN VOOR PROEVEN MET GGO S Om de verspreiding van GGO materiaal in het milieu te voorkomen, dient de verspreiding van pollen en/of zaad te worden vermeden. Daarom kunnen volgende maatregelen worden genomen indien compatibel met het experiment: Experimenten waarbij geen bloei noodzakelijk is: o Verwijderen van de bloemen en zaaddozen o Oogsten van het plantenmateriaal voor de bloei o Gebruik van mannelijk steriele of niet-fertiele lijnen Experimenten waarbij bloei vereist is: o Dek bloeiwijzen en zaaddozen af. Voor het inhoezen van bloemen kunnen specifieke hoezen worden gebruikt o Verschuif het bloeitijdstip zodat pollen niet vrijkomt wanneer niet-ggo planten van dezelfde soort 10
11 o o in de omgeving bloeien Zorg ervoor dat planten waarmee kruisbestuiving mogelijk is, zich op een voldoende grote afstand bevinden zodat onbedoelde kruisbestuiving onmogelijk is. Vernietig bestuivers (insecten) in de experimentele kooien nadat de pollen transfer heeft plaatsgevonden 2.5 SPECIFIEKE MAATREGELEN VOOR Q PLANTPATHOGENEN Voor het invoeren (eerste gebruik op de site) van quarantaineorganismen is een toelating nodig van het FAVV. De invoervergunning die moet worden ingevuld alsook informatie rond de procedure voor invoervergunning kan je bekomen bij de bioveiligheidscoördinator of bij Kris Van Poucke. Quarantaineorganismen worden enkel gemanipuleerd in de voorziene ruimtes, afhankelijk van het inperkingsniveau van het experiment., bepaald na risicoanalyse. 2.6 AFVALBEHEER Algemene principes Alle biologisch besmet afval en materiaal moet geïnactiveerd worden alvorens te worden afgevoerd (wegwerp materiaal) of afgewassen (herbruikbaar materiaal). Biologisch besmet afval dat ook chemisch verontreinigd is, wordt afgevoerd en behandeld door een gespecialiseerde firma. Er moet ook voorzichtig worden omgegaan met afval van transgene planten. Bloemen, zaden, en afhankelijk van de plantensoort andere reproductieve delen moeten worden verzameld en geïnactiveerd. Er zijn verschillende mogelijkheden om dit materiaal te doden: sterilisatie op hoge temperatuur is de meest rigoreuze methode, maar ook eenvoudiger methoden kunnen soms volstaan, zoals het verhakselen van materiaal. Transgene planten en planten geïnfecteerd of behandeld met genetisch gemodificeerde en/of pathogene micro-organismen moeten als geheel worden geïnactiveerd, zowel de grond als en ander materiaal dat mogelijks besmet is. Stomen van grond die in contact is gekomen met transgeen plantenmateriaal of plantpathogenen is een uiterst geschikte methode van inactivatie. De geschikte methode voor inactivatie wordt vastgelegd in het dossier van de proef in afspraak met de bioveiligheidscoördinator. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de verschillende soorten biologisch afval : Soort afval Geïnactiveerd Chemisch verontreinigd Bestemming vast + - Restafval vast (grond/plant) + - Compost vast + + Chemisch afval (CAT 6) vast - + Biologisch besmet (CAT 9, gele ziekenhuisvaten) vloeibaar + - Bedrijfsafvalwater (gootsteen) vloeibaar + + Chemisch afval (CAT 13) vloeibaar - + Biologisch besmet (CAT 9, gele ziekenhuisvaten) Inactivatiemethodes Organische resten (plantmateriaal, plantpathogenen): autoclaveren gedurende minstens 15 minuten bij 121 C Verzamelen in autoclaveerzakken en na afdoden afvoeren als restafval. Grote hoeveelheden planten (bvb beëindigen experiment in serres) worden geautoclaveerd en nadien als compost beschouwd. Ander afval uit de serres (worteldoek, vliesdoek, ) wordt apart ingezameld en geautoclaveerd. Na inactivatie wordt dit materiaal als restafval beschouwd. Indien vast afval niet geautoclaveerd kan worden omdat het chemisch verontreinigd is, hoort dit afval bij biologisch gecontamineerd afval (CAT 9). CAT 9 afval wordt afgevoerd naar een vuilverbrandingsinstallatie die geschikt is voor de verbranding van risicohoudend afval. 11
12 Voor het biologisch besmet afval dat in autoclaveerzakken verzameld wordt, moet je rekening houden met het volgende: Gebruik twee zaken over elkaar Vul de zak niet te veel. Neem eerder een nieuwe zak dan hem tot helemaal bovenaan vol te proppen. Vul de zak maar voor 90%. Behandel autoclaveerzakken met zachtheid. Ze zijn vrij sterk, maar het is belangrijk dat er onderaan in de zak geen gaten komen om het lekken van agar en andere stoffen in de autoclaaf te vermijden. Als je merkt dat er een gat in de zak zit, plaats hem dan in een nieuwe zak. Sluit de zak. Breng een strookje autoclaveertape aan op de zak zodat er na autoclaveren onderscheid kan worden gemaakt tussen geautoclaveerde en nog te autoclaveren zakken. Noteer met een alcoholstift je naam op de zak en het lokaal waar het biologisch afval vandaan komt. Zorg ervoor dat je bovenaan een kleine opening laat als je de zak toebindt. Dit is nodig om voldoende penetratie van de stoom te krijgen tijdens het autoclaveren en om een te hoge druk te vermijden in de zak (scheuren). Plantaardig materiaal en labo-afval mogen niet samen in eenzelfde autoclaveerzak, maar dienen apart gesorteerd te worden voor afvoer na autoclaveren. Naalden, scalpels, pasteurpipetten en ander scherp materiaal worden afgevoerd in gele vaten (CAT 9). Plaats de volle autoclaveerzakken in een container voor biologisch afval (voorzien in lokaal 36). De zakken worden geautoclaveerd door Carina Pardon. Grond: Wordt gesteriliseerd bij 80C in de grondsterilisator Sterilo 7K/A (Harter Elektrotechnik, Schenkenzell, Duitsland). Dit gebeurt steeds door opgeleid personeel, contacteer hiervoor Frederik Delbeke. Voor grote hoeveelheden kan de grondsterilisator naar de serregangen verplaatst worden. Vóór de verplaatsing worden de wielen van de Sterilo grondig gereinigd en gedesinfecteerd. Grond moet voldoende vochtig zijn voor sterilisatie (vermijden van verspreiding van bvb. schimmelsporen, meest doeltreffende sterilisatie bij ca. 27% water). Laat de grond voldoende afkoelen, alvorens de sterilisator leeg te scheppen. Het gebruik van een hogedrukreiniger is niet toegestaan om de sterilisator te reinigen. Grond wordt na sterilisatie naar de compost gebracht. Vloeibaar biologisch besmet afval: Kleine restjes biologisch gecontamineerd afval (<10ml) kunnen in gesloten recipiënten met biologisch gecontamineerd afval (CAT 9) worden afgevoerd. Afdoden met javel (bleekwater) en aansluitend verwijderen in de gootsteen is niet toegestaan. Wanneer zeer grote hoeveelheden uitsluitend biologisch gecontamineerd water worden geproduceerd, kan je dit weggieten in een serre waar de afvoer is aangesloten op de ontsmettingsinstallatie (zones 1, 2 en 3; zie bijlage 1). Herbruikbare materialen: potten, stokken, etiketten worden in de zones zelf gereinigd, gedesinfecteerd en gestockeerd potten kunnen eventueel geautoclaveerd worden; test op voorhand of het materiaal niet beschadigd geraakt door het autoclaveringsproces 12
13 Bijlage 1
14 14
15 15
16 16
17 17
18 18
19 19
Tabel Werkplekvoorschriften van laboratoria, plantenkweekcellen, kassen en dierverblijven
Tabel Werkplekvoorschriften van laboratoria, plantenkweekcellen, kassen en dierverblijven Versie: 22 juni 2012 Tabel: Bij SOP A.0x v0.1 Micro-organismen klasse 1 Micro-organismen klasse 2 Micro-organismen
Werkpraktijken inzake het gebruik van beschermende kledij
Dienst Bioveiligheid en Biotechnologie Juliette Wytsmanstraat 14 1050 Brussel België www.wiv-isp.be www.bioveiligheid.be 1 Onderstaande checklist heeft als doel de minimumvereisten voor beschermende kledij
DEEL 2: INFO ACTIVITEIT
FORMULIER BIOVEILIGHEIDSDOSSIER PUBLIEK DOSSIER DEEL 2: INFO ACTIVITEIT 1. Algemene info 1.1. Beknopte beschrijving van de activiteit Nummer: Titel: Startdatum en einddatum voorzien voor de activiteit
Directe acties: do s and don t s
Procedure voor het veilig opruimen van gebroken spaarlampen of fluorescentielampen Directe acties: do s and don t s Zorg er voor dat er niet door het gebroken materiaal wordt gelopen, hiermee voorkomt
Algemene hygiëne in de refter
Algemene hygiëne in de refter hygiëne in de refters..docx: Versie: 01/09/2011 Pagina 1 van 6 REFTER: ALGEMENE MAATREGELEN Inleiding : De algemene regelgeving betreffende de hygiëne in een refter kan teruggevonden
Reiniging en desinfectie
Reiniging en desinfectie 1 Reiniging en desinfectie Als jij een frietje eet bij de snackbar, denk je waarschijnlijk niet na over de keuken. Maar stel je eens voor dat jouw friet wordt gebakken in een hele
DIS 2251 Horeca ambulant: Infrastructuur, uitrusting en hygiëne [2251] v4
Provinciale dienst van:... Datum:... Verantwoordelijke Controleur:... Nr:... Operator :... N uniek... Adres :...... DIS 2251 Horeca ambulant: Infrastructuur, uitrusting en hygiëne [2251] v4 C : conform
DIS 2289 Detailhandel ambulant in brood en patisserie: Infrastructuur, inrichting en hygiëne [2289] v7
Provinciale dienst van:... Datum:... Verantwoordelijke Controleur:... Nr:... Operator :... N uniek... Adres :...... DIS 2289 Detailhandel ambulant in brood en patisserie: Infrastructuur, inrichting en
Het bepaalde in deze beschikking is niet van toepassing op:
MINISTERIËLE BESCHIKKING met algemene werking van de 24ste september 1999 als bedoeld in artikel 3, zevende lid, van de Warenlandsverordening (P.B. 1997, no.334) ter uitvoering van artikel 11, derde lid,
CUMULUS STEAMER NEDERLANDSE HANDLEIDING
CUMULUS STEAMER NEDERLANDSE HANDLEIDING 20 WELKOM BIJ THE STEAMERY The Steamery is gevestigd in Stockholm, Zweden. Je wilt dat je kleding zo lang mogelijk mee gaat en er elke dag goed uit blijft zien.
BIJLAGE IV INPERKINGS- EN ANDERE BESCHERMINGSMAATREGELEN
bron : Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen PB L 330 van 05/12/98 RICHTLIJN 98/81/EG VAN DE RAAD van 26 oktober 1998 tot wijziging van Richtlijn 90/219/EEG inzake het ingeperkt gebruik van genetisch
BIOREMEDIATIESYSTEMEN WETTELIJK KADER. Annie Demeyere Dep.L&V Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling
BIOREMEDIATIESYSTEMEN WETTELIJK KADER Annie Demeyere Dep.L&V Afdeling Duurzame Landbouwontwikkeling Bioremediering wetgeving Richtlijn Duurzaam gebruik van pesticiden (EU 2009/128) Vlaanderen: Vlarem -
Oktober Procedure voor de goedkeuring van een quarantaine- / isolatieruimte
I. Toepassingsgebied Productomschrijving GN-code Land Levende dieren Alle landen die een quarantaine / isolatie vereisen voorafgaand aan de uitvoer III. Algemene voorwaarden Definities Quarantaine / isolatie
Aflammeren in tijden van Q-koorts
Aflammeren in tijden van Q-koorts Enkele adviezen: Laat bij het aflammeren geen mensen uit risicogroepen toe Draag tijdens het aflammeren speciale werkkleding: overall, rubberen laarzen en handschoenen
ONTHAAL JEUGDVERBLIJF TER ELVEN
1 P a g i n a ONTHAAL JEUGDVERBLIJF TER ELVEN HUISHOUDELIJK REGLEMENT TER ELVEN 2 P a g i n a AANKOMST. Respecteer de uren van aankomst en vertrek. Controleer ook bij aankomst samen met de verantwoordelijke
REGLEMENT VOOR HET GEBRUIK VAN HET ICT-LOKAAL VAN DE STEDELIJKE BASISSCHOOL STAAKTE
REGLEMENT VOOR HET GEBRUIK VAN HET ICT-LOKAAL VAN DE STEDELIJKE BASISSCHOOL STAAKTE Artikel 1 Op de Stedelijke Basisschool Staakte, Hoogstraat 192 9160 Lokeren, wordt volgende ruimte ter beschikking gesteld
DIS 2251 Horeca ambulant: Infrastructuur, inrichting en hygiëne [2251] v7
Provinciale dienst van:... Datum:... Verantwoordelijke Controleur:... Nr:... Operator :... N uniek... Adres :...... DIS 2251 Horeca ambulant: Infrastructuur, inrichting en hygiëne [2251] v7 C : conform
Veiligheidsaanbevelingen (P)
Veiligheidsaanbevelingen (P) P101 P102 P103 P201 P202 P210 P211 P220 P221 P222 P223 P230 P231 P231+P232 P232 P233 P234 P235 P235+P410 P240 Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket
Algemeen. Voorzorgsmaatregelen in verband met preventie
Overzicht P-zinnen P-zin Algemeen P101 Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking houden. P102 Buiten het bereik van kinderen houden. P103 Alvorens te gebruiken, het
P-zinnen. Omschrijving. P-Nummer
P-Nummer P101 P102 P103 P201 P202 P210 P211 P220 P221 P222 Omschrijving Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking houden. Buiten het bereik van kinderen houden. Alvorens
ONTWERP Huishoudelijk reglement Jeugdcentrum Prosperpolder
ONTWERP Huishoudelijk reglement Jeugdcentrum Prosperpolder I. Algemeen Indien er inbreuken worden vastgesteld door de verantwoordelijke beheerder op het huurreglement of huishoudelijk reglement kan de
Code Voorzorgsmaatregelen Gevarenklasse Gevarencategorie
Lijst van voorzorgsmaatregelen (P-zinnen) Algemeen Code Voorzorgsmaatregelen Gevarenklasse Gevarencategorie P101 P102 P103 Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking
1. RISK & SAFETY ZINNEN
1. RISK & SAFETY ZINNEN Risico en Veiligheidszinnen op etiketten en veiligheidsbladen R-zinnen geven bijzondere gevaren (Risks) aan. S-zinnen geven veiligheidsaanbevelingen (Safety) aan. De zinnen zijn
Samenvatting van de Productkenmerken. Rodilon Wheat Tech
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN BIJLAGE IV bij het besluit d.d. 12 juni 2015 tot wijziging van de toelating van het biocide Rodilon Wheat Tech, toelatingsnummer
Protocol voor de handmatige voorontsmetting/-reiniging en de sterilisatie van sleutels SATELEC
SLEUTELS: Protocol voor de handmatige voorontsmetting/-reiniging en de sterilisatie van sleutels SATELEC Waarschuwingen: Gebruik geen staalwol of schurende schoonmaakmiddelen. Vermijd oplossingen die jodium
R-zinnen en S-zinnen. R-zinnen... 2 Gecombineerde R-zinnen... 4 S-zinnen... 7 Gecombineerde S-zinnen... 9
-zinnen en S-zinnen Inhoud Pag. -zinnen... 2 Gecombineerde -zinnen... 4 S-zinnen... 7 Gecombineerde S-zinnen... 9 -zinnen (aanduiding bijzondere gevaren, isk-zinnen) -nummer Gevarenaanduiding 1 2 3 4 5
Ingangscontrole PSTVd kweekmateriaal aardappel 2015. Gebaseerd op het Compartimenteringsprotocol aardappelkweekbedrijf van de NVWA
Protocol NAK Ingangscontrole PSTVd kweekmateriaal aardappel 2015 Gebaseerd op het Compartimenteringsprotocol aardappelkweekbedrijf van de NVWA Inhoudsopgave 1. Begrippen... 2 2. Doel en toepassing... 2
Hygiëne in onze keuken
2014 Hygiëne in onze keuken Inleiding Het naleven van hygiëneregels is essentieel in een moderne grootkeuken. De maaltijden die bereid worden zijn voor mensen die al gevoelig zijn voor infecties, daar
Bestrijding volgens het boekje. 10 Tips voor een verantwoorde aanpak van onkruid, plantenziekten en ongedierte
Bestrijding volgens het boekje 10 Tips voor een verantwoorde aanpak van onkruid, plantenziekten en ongedierte Bestrijding volgens het boekje, waarom is dat zo belangrijk? Heeft u last van onkruid, ongedierte
Deel L: Vingerafdrukken
Deel L: Vingerafdrukken De volgende proeven behoren allemaal tot 1 soort onderzoek: het identificeren van vingerafdrukken. In principe werkt elke proef hetzelfde: we maken de vingerafdrukken van de daders
Interne procedures door onze firma in werkinggesteld ten einde de verspreiding van het virus A (H1N1) te vermijden
Edition : Juillet 09 Interne procedures door onze firma in werkinggesteld ten einde de verspreiding van het virus A (H1N1) te vermijden De eerste in acht te nemen maatregelen zijn deze die door de nationale
Compartimenteringsprotocol aardappelkweekbedrijf
Compartimenteringsprotocol aardappelkweekbedrijf Inhoudsopgave Doelstelling... 2 1. Algemene eisen... 2 1.1 Kwaliteitssysteem... 2 1.2 Compartimenteringsplan... 2 1.3 Administratie... 2 1.4 Toezicht door
Aard der bijzondere gevaren toegeschreven aan gevaarlijke stoffen en preparaten: R-zinnen
1 van 8 Rzinnen & S zinnen Datum: 18032013 Aard der bijzondere gevaren toegeschreven aan gevaarlijke stoffen en preparaten: Rzinnen R 1 R 2 R 3 R 4 R 5 R 6 R 7 R 8 R 9 R 10 R 11 R 12 R 14 R 15 R 16 R 17
MINISTERIËLE OMZENDBRIEF VAN 14 AUGUSTUS 2015 BETREFFENDE DE INTERVENTIEKLEDIJ.
MINISTERIËLE OMZENDBRIEF VAN 14 AUGUSTUS 2015 BETREFFENDE DE INTERVENTIEKLEDIJ. Mevrouw de Voorzitster, Mijnheer de Voorzitter, Deze omzendbrief heeft als doel om de hulpverleningszones en de Brusselse
Samenvatting van de Productkenmerken. Rodilon Soft Block
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN BIJLAGE I bij het besluit d.d. 3 april 2015 tot wijziging van de toelating van het biocide Rodilon Soft Block, toelatingsnummer 12966
Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor je gezondheid. Op je werk, maar ook thuis zijn veel meer gevaarlijke stoffen dan je denkt.
Gevaarlijke stoffen Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor je gezondheid. Op je werk, maar ook thuis zijn veel meer gevaarlijke stoffen dan je denkt. Giftig Een stof is giftig als deze
Samenvatting van de Productkenmerken. Rodilon Soft Block
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN BIJLAGE I bij het herstelbesluit d.d. 10 juli 2015 voor het middel Rodilon Soft Block, toelatingsnummer 12966 N Samenvatting van
Hoofdstuk 2: Hygiëne, veiligheid en afvalregeling
2 Hygiëne, veiligheid en afvalregeling 2.1 Persoonlijke hygiëne Tijdens de werkzaamheden van de medewerker bloedafname: is eten, drinken en roken niet toegestaan moet de bedrijfskleding gedragen worden:
Gebruikersreglement verbruikszaal Groenhof St.-Joseph
Gebruikersreglement verbruikszaal Groenhof St.-Joseph 1. Algemeen. Dit regelement is van toepassing voor het gebruik van de verbuikszaal Groenhof St.-Joseph, Gentstraat 1 te Oostakker. 2. Gebruiksmodaliteiten
PRODUCTINFORMATIE DESBEST 700
WETTELIJK GEBRUIKSVOORSCHRIFT PRODUCTINFORMATIE DESBEST 700 Toegestaan is uitsluitend het gebruik als middel ter bestrijding van bacteriën (excl. bacteriesporen), gisten en schimmels in of op: ruimten
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN
Toelatingsnummer HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN 1 AFGELEIDE TOELATING Gelet op de aanvraag d.d. 18 maart 2014 (20145021 AB) van Blue Wonder! Holding B.V. Molenwerf
Risico en Veiligheidszinnen op etiketten en veiligheidsbladen
RISK & SAFETY ZINNEN Risico en Veiligheidszinnen op etiketten en veiligheidsbladen Laatste update: 11 maart 2003 Volgens het 'Besluit verpakking en aanduiding milieugevaarlijke stoffen', behorende bij
Doel: Het benoemen van maatregelen om het risico van overdracht van micro-organismen van medewerkers van Hap t Hellegat naar patiënten te verminderen.
Toepassing richtlijn Doel: Het benoemen van maatregelen om het risico van overdracht van micro-organismen van medewerkers van Hap t Hellegat naar patiënten te verminderen. Kwaliteitseisen Infectiepreventie
Toelatingsvoorwaarden voor opslagbedrijven voor producten afkomstig van categorie 2- en 3 materiaal
Toelatingsvoorwaarden voor opslagbedrijven voor producten afkomstig van categorie 2- en 3 materiaal Bijlage III.7.1. bij het koninklijk besluit van 16 januari 2006 tot vaststelling van de nadere regels
Bijlage IX AARD DER BIJZONDERE GEVAREN TOEGESCHREVEN AAN GEVAARLIJKE STOFFEN EN PREPARATEN :
Bijlage IX R 1 : In droge toestand ontplofbaar AARD DER BIJZONDERE GEVAREN TOEGESCHREVEN AAN GEVAARLIJKE STOFFEN EN PREPARATEN : R 2 : Ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken
Ook op de website van het FAVV kun je via een leuke en eenvoudige test samen met je leerlingen nagaan aan welke reglementering je moet voldoen.
Bijlage 7 GHP Goede hygiëne praktijken of haccp-light? Start je een schoolinstelling die voedsel produceert, verwerkt, verpakt of verkoopt? Dan moet je steeds in gedachten houden dat je aan een hygiënereglementering
Ziekenhuizen. Strikte isolatie
Ziekenhuizen Strikte isolatie Werkgroep Infectiepreventie Vastgesteld: november 2006 Revisie: november 2011 Dit document mag vrijelijk worden vermenigvuldigd en verspreid mits steeds de Werkgroep Infectiepreventie
Aard der bijzondere gevaren toegeschreven aan gevaarlijke stoffen en preparaten (R-zinnen)
Document Milieu-, Natuur- en Energiebeleid Koning Albert II-laan 20 bus 8 1000 Brussel Tel 02 553 03 55 - Fax 02 553 80 06 [email protected] Onderwerp Status versie datum auteur R-zinnen en S-zinnen
PRI 3254 Groothandel groenten en fruit - Infrastructuur, inrichting en hygiëne [3254] v1
Provinciale dienst van : Datum : Veranwoordelijke controleur : Nr : Operator : N uniek : Adres : PRI 254 Groothandel groenten en fruit - Infrastructuur, inrichting en hygiëne [254] v C: conform NC: Niet-conform
De milieuveiligheidsfunctionaris
Ministerie van Infrastructuur en Milieu Toelichting MVF en criteria December 2010 De milieuveiligheidsfunctionaris Inleiding Dit document heeft tot doel instellingen met één of meerdere vergunningen voor
2WHITE TECHNISCHE HANDLEIDING. pagina 2. pagina 4. pagina 8. product beschrijving. installatie. voorbereiding
LIQUISOL BVBA - OUDSTRIJDERSSTRAAT 152-2520 OELEGEM - BELGIË TECHNISCHE HANDLEIDING 2WHITE pagina 2 product beschrijving pagina 4 voorbereiding pagina 8 installatie HAND- LEIDING 2WHITE PRODUCT OMSCHRIJVING
Beknopte handleiding 9200
Beknopte handleiding 9200 1 U0562EN00 Regelmatige en grondige reinigingen Open de deur. Verwijder de onderste lekschaal en de bovenste plaat, reinig de onderdelen met een spray en een doekje.. Lekbak-teller
GEBRUIKERSCONTRACT REPETITIERUIMTE JC AHOY
GEBRUIKERSCONTRACT REPETITIERUIMTE JC AHOY Gegevens van de gebruiker: (handtekening van een persoon van minimum 18 jaar of zijn wettelijke voogd) Voornaam en naam... Geboortedatum... Bandnaam... Straat
Ziekenhuizen. Strikte isolatie
Ziekenhuizen Strikte isolatie Werkgroep Infectie Preventie Vastgesteld: november 2006 Revisie: november 2011 Dit document mag vrijelijk worden vermenigvuldigd en verspreid mits de Werkgroep Infectie Preventie
Rapport JCI-audit Samenvatting
Rapport JCI-audit 2018 Samenvatting Overzicht Totaal aantal normen nageleefd gedeeltelijk nageleefd niet nageleefd niet van toepassing Totaalscore 1196 1141 4 0 51 99,5 % JCI-accreditering behaald op 17
FIPAH presenteert: Opslag en dosering van hulpstoffen voor beton en mortel
FIPAH presenteert: Opslag en dosering van hulpstoffen voor beton en mortel FIPAH - DOEL - Federatie voor invoerders en producenten van hulpstoffen (sinds 1980) Actieradius uitgebreid naar daarbijhorende
Checklist: Reinigen en desinfecteren van instrumenten, apparaten en oppervlakken
Checklist: Reinigen en desinfecteren van instrumenten, apparaten en oppervlakken Op je instrumenten, apparaten, materialen en oppervlakken kunnen zich vuil en schadelijke microorganismen (bacteriën, virussen,
Daarnaast zijn er ook S-zinnen; deze geven aanbevelingen voor het veilig werken met bepaalde stoffen. S staat hier voor Safety.
- en S-zinnen -zinnen zijn internationaal gestandaardiseerde risicobeschrijvingen die (indien van toepassing) dienen te worden aangebracht op verpakkingen van stoffen die bepaalde risico s met zich meebrengen.
Samenvatting van de Productkenmerken. Racumin foam
HET COLLEGE VOOR DE TOELATING VAN GEWASBESCHERMINGSMIDDELEN EN BIOCIDEN BIJLAGE I bij het besluit d.d. 4 september 2015 tot wijziging van de toelating van het middel Racumin Foam, toelatingnummer NL-0008307-0000
Het voorkomen van verspreiding van micro-organismen. donderdag 12 november 2015
Het voorkomen van verspreiding van micro-organismen Leervragen Hoe vindt besmetting plaats en wat zijn de risico s? Hoe kan een besmettingscyclus doorbroken worden? Persoonlijke hygiëne Handhygiëne Persoonlijke
Als je aan een drukke weg woont verlucht je beter niet. Door beddengoed op 60 C te wassen dood je huisstofmijt.
Is 22 C de ideale slaapkamertemperatuur? Ventileren = verluchten CO kan je proeven Als het buiten koud is, verlucht je niet. Als je aan een drukke weg woont verlucht je beter niet. Hoeveel kan je best
Goede hygiënische praktijken bij controles van bedrijven in de voedselketen. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen Informatiebrochure van het FAVV voor andere inspectiediensten die controles uitvoeren in bedrijven waar levensmiddelen gemanipuleerd worden Goede
VRAGENLIJST BIOVEILIGHEID OP PLUIMVEEBEDRIJVEN - 2008
VRAGENLIJST BIOVEILIGHEID OP PLUIMVEEBEDRIJVEN - 2008 I. IDENTIFICATIE VAN HET BEDRIJF (**) beslagnummer: adres: gelegen in een gevoelig natuurgebied? (*) verantwoordelijke: naam: tel: adres: dierenarts:
Werkboekje. Brood op de plank 2 e Klassen 2012. Dit boekje is van..klas.
Werkboekje Brood op de plank 2 e Klassen 2012 Dit boekje is van..klas. WERKEN IN DE BINDELMEERCATERING INLEIDING De komende week zullen jullie gaan werken in de keuken van het Bindelmeer College. Jullie
Aanslag en beton verwijderaar voor industriele toepasingen.
1/5 Creet Aanslag en beton verwijderaar voor industriele toepasingen. Dasic International Ltd Winchester Hill Romsey Hampshire SO51 7YD UK www.dasicinter.com + (0)179 51219 + (0)179 52236 [email protected]
Explosieveilige elektrische/ventilatie-/verlichtings-/...apparatuur gebruiken. Uitsluitend vonkvrij gereedschap gebruiken
Betekenis P-zinnen Algemeen P101 P102 P103 Bij het inwinnen van medisch advies, de verpakking of het etiket ter beschikking houden Buiten het bereik van kinderen houden Alvorens te gebruiken, het etiket
LSDC nv, Kempische Steenweg 311 bus 4.01 te 3500 Hasselt, heeft een aanvraag ingediend voor het verkrijgen van een milieuvergunning voor het
LSDC nv, Kempische Steenweg 311 bus 4.01 te 3500 Hasselt, heeft een aanvraag ingediend voor het verkrijgen van een milieuvergunning voor het exploiteren van een biomedisch onderzoeksinstituut en de bijhorende
Je werpt nooit scherpe voorwerpen in een vuilnisbak of vuilniszak, wel in de hiertoe bestemde naaldcontainers.
Omgaan met naalden en scherpe voorwerpen Je steekt nooit een gebruikte naald terug in haar beschermhuls. Je laat nooit scherpe voorwerpen rondslingeren. Je werpt nooit scherpe voorwerpen in een vuilnisbak
Enkelvoudige R-zinnen 1 In droge toestand ontplofbaar 2 Ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken.
Enkelvoudige R-zinnen 1 In droge toestand ontplofbaar 2 Ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken. 3 Ernstig ontploffingsgevaar door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken.
INFOFOLDER. Geregistreerd verkoper en erkend gebruiker van fytofarmaceutische producten. NieuW 2011
INFOFOLDER Geregistreerd verkoper/ erkend gebruiker/ helper van de erkend gebruiker van: Ontsmettingsmiddelen en algemene biociden Biociden voor plaagbestrijding NieuW 2011 Geregistreerd verkoper en erkend
Verhuurcontract. 737-0319201-17 Chiro SAS Stekene Nieuwstraat 11-13 9190 Stekene. Overeenkomst gesloten tussen,
Verhuurcontract Overeenkomst gesloten tussen, Chiro SAS Stekene, Nieuwstraat 11-13, vertegenwoordigd door: O Nicola Keymeulen 0479/47.25.06 O Maartje Cosemans 0486/22.92.38 O Lode Windey 0486/82.78.12
RSR reinigingsprotocol
RSR reinigingsprotocol Dit stuk is een samenvatting van de hygiënevoorschriften zoals die zijn opgesteld door de Landelijke Vereniging van Thuiszorg (LVT).Tevens geldend voor verpleeghuis middelen. Het
Enkele tips om op kamp voedselnarigheden te vermijden. Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
BEDERF JE KAMP NIET! Enkele tips om op kamp voedselnarigheden te vermijden Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen BEDERF JE KAMP NIET! HONGER... HONGER... Een vaak gehoord woord wanneer
GEEF LUCHT AAN JE HUIS!
GEEF LUCHT AAN JE HUIS! Zorg voor een gezonde woning: geef vocht en schadelijke stoffen geen kans! Laat voortdurend frisse lucht binnen via een ventilatiesysteem, ventilatierooster of door een raam op
De keuken. Hygiëne. Micro-organismen
Hoofdstuk 1 De keuken. Hygiëne. Micro-organismen 1. Uitleggen hoe we koken. 2. Opsommen wat ze elke les moeten bijhebben. 3. Verklaren wat hygiëne is. 4. Uitleggen wat micro organismen zijn. 5. Uitleggen
Protocol voor de handmatige voorontsmetting/-reiniging en de sterilisatie van opzetstukken en tandvijlen SATELEC
Protocol voor de handmatige voorontsmetting/-reiniging en de sterilisatie van opzetstukken en tandvijlen SATELEC Waarschuwingen: Gebruik geen staalwol of schurende schoonmaakmiddelen. Vermijd oplossingen
Inhoud. Inleiding 5. 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen 8. 2 Houtachtige beplantingen en gewassen Grond, water en technische werken 132
Inhoud Inleiding 5 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen 8 2 Houtachtige beplantingen en gewassen 66 3 Grond, water en technische werken 132 Trefwoordenlijst 195 1 Kruidachtige gewassen en beplantingen
4.1. Fysische inperking, werkvoorschriften en procedures voor activiteiten in: laboratoria, plantenkweekcellen, kassen en dierverblijven
Bijlage 4 FYSISCHE INPERKING: INRICHTINGS- EN WERKVOORSCHRIFTEN (behorend bij de artikelen 1, 1a, 7, 8 en 9 van de Regeling genetisch gemodificeerde organismen) Inhoudsopgave 4.1.1.1 De ML-I werk...2 4.1.1.2
Uw brief van Uw referten Onze referten Bijlagen Datum CONT/PPV/03/800/37485 13/11/03
Bestuur van de Controle Hoofdbestuur Afdeling Primaire productie OMZENDBRIEF AAN DE DOUANEAGENTSCHAPPEN, DE INVOERDERS VAN WATERPLANTEN EN DE HOOFDEN VAN DE PCE S Correspondent : ir Jacques Leicher Toestelnummer
Meldingsformulier inzake het Lozingenbesluit Wvo-glastuinbouw v200907
Meldingsformulier inzake het Lozingenbesluit Wvo-glastuinbouw v200907 Sinds 1 november 1994 is het Lozingenbesluit Wvo-glastuinbouw van kracht voor lozingen afkomstig van glastuinbouwbedrijven, op het
GEBRUIKSAANWIJZING (NL)
Gebruiksaanwijzing GEBRUIKSAANWIJZING (NL) Lees de handleiding goed door vóór gebruik en bewaar hem goed voor later gebruik. Mill HT600 Gebruiksaanwijzing Belangrijke veiligheidsinformatie Wanneer u elektrische
Inhoud. Voorwoord 5. Inleiding 6
Inhoud Voorwoord 5 Inleiding 6 1 Hygiëne 9 1.1 Taken van de operatieassistent 9 1.2 Infectie door pathogene micro-organismen 9 1.3 Reinigen, desinfecteren en steriliseren 11 1.4 Praktijkindeling voor optimale
HSE guidelines december 2012 KWIK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS
H HSE guidelines december 2012 KWIK HSE LIFE THE NATIONAL OIL&GAS INDUSTRY STANDARD FOR PROFESSIONALS Werk veilig of werk niet Bij werkzaamheden aan gesloten installaties en systemen zijn strikte procedures
Veilig omgaan met asbest
Nieuwsbrief 63 Herfst deel 2 2012 Veilig omgaan met asbest Wetgeving Zoals beschreven in het eerste deel van deze nieuwsbrief is de wetgeving omtrent asbest complex en uitgebreid. Ondermeer volgende besluiten
Paritair leercomité 330 OPLEIDINGSPROGRAMMA GROOTKEUKENMEDEWERKER 12 maanden
Paritair leercomité 330 OPLEIDINGSPROGRAMMA GROOTKEUKENMEDEWERKER 12 maanden Toelichting: Op dit formulier worden de competenties hernomen die binnen de opleiding tot grootkeukenmedewerker worden. Bij
