nº 14/15 / ste jaargang / 15 juli 2011 TIJDSCHRIFT VOOR WATERVOORZIENING EN WATERBEHEER

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "nº 14/15 / 2011 44ste jaargang / 15 juli 2011 TIJDSCHRIFT VOOR WATERVOORZIENING EN WATERBEHEER"

Transcriptie

1 nº 14/15 / ste jaargang / 15 juli 2011 TIJDSCHRIFT VOOR WATERVOORZIENING EN WATERBEHEER DRUGS EN KALMERINGSMIDDELEN IN HET OPPERVLAKTEWATER BETERE BESCHERMING DRINKWATERBRON DOOR GEBIEDSDOSSIER INTERVIEW MET ALGEMEEN DIRECTEUR UNIE VAN WATERSCHAPPEN IS ECOLOGISCH HERSTEL ONDIEPE PLASSEN GOED TE MODELLEREN?

2 2 september 2011: Themanummer Grondwater Bereik de kopstukken van de Nederlandse watersector Rijkswaterstaat Wilt u de beslissers in de waterbranche optimaal bereiken? Plaats uw advertentie in het themanummer Grondwater. Reserveer nú uw advertentieruimte. Neem voor meer informatie contact op met: Roelien Voshol, Brigitte Laban,

3 Rust De jaarlijkse zomervakantie is aangebroken. Tijd voor die dingen waar het de rest van het jaar vaak niet toe komt. En soms tijd om overal weer eens bij stil te staan. En om de bureaus op te ruimen en vooruit te werken. Het aantal toegezonden onderzoeksartikelen groeide afgelopen week weer fors. Het is de gebruikelijke hausse net voor de zomer. Ik weet niet hoe het u vergaat als u enkele weken weggaat en straks weer terugkomt; ik heb dan altijd even moeite om weer in de dagelijkse cadans te komen. Ik ben net na de zomer ook altijd veel kritischer bij de beoordeling of iets nieuwswaardigs is of dat een onderwerp of artikel sowieso voldoende inhoud heeft om het te publiceren. Als ik deze vakantieperiode min of meer doorwerk, zijn de contacten met u ook vaak veel prettiger. Ik heb de tijd, u hebt de tijd. Afgelopen weekeinde was het voor mij trouwens ook al vakantie: met de familie kanoën over de Berkel. Schoon water, veel waterplanten, rust en wat wandelaars langs de oevers. Daar doe je het als waterbeheerder ook voor. Ik wens u een goede vakantie. Peter Bielars H 2O tijdschrift voor watervoorziening en waterbeheer verschijnt ééns per 14 dagen Officieel orgaan van Stichting tot uitgave van het tijdschrift H 2O en haar participanten: - Koninklijk Nederlands Waternetwerk - Vewin - Kiwa Water Holding BV Uitgever Rinus Vissers 4 / Drugs en kalmeringsmiddelen in het oppervlaktewater Monique van der Aa, Ellen Dijkman, Erik Emke, Robert Bijlsma, Bianca van de Ven, Rick Helmus, Pim de Voogt en Felix Fernández inhoud nº 14/15 / 2011 / Redactie Peter Bielars (hoofdredacteur) Michiel van Zaane Jacques Geluk Postbus 122, 3100 AC Schiedam telefoon (010) fax (010) Bezoekadres: Stationsplein 2, Schiedam Redactiesecretariaat Dora Pompe Redactiecommissie Harry Tolkamp (voorzitter/waternetwerk) André Struker (Waternetwerk) Frits Vos (Vewin) Gerda Sulmann (KWR Watercycle Research Institute) Advertentieverkoop Roelien Voshol (010) Brigitte Laban (010) Mediaorder Carola Sjoukes (010) fax (010) Abonnementenservice Pauline Roos (010) Tini van Schijndel (010) fax (010) Abonnementsprijs 106,- per jaar excl. 6% BTW 140,- per jaar voor buitenland 8,50 losse exemplaren excl. 6% BTW Abonnementen gelden voor één jaar en worden zonder tegenbericht automatisch verlengd. Opzeggingen dienen schriftelijk uiterlijk 6 weken voor het aflopen van de abonnementsperiode te geschieden aan bovenstaand postadres. Druk en lay-out DeltaHage grafische dienstverlening, Den Haag Copyright Nijgh Periodieken B.V., 2011 Het auteursrecht op de inhoud van dit tijdschrift wordt uitdrukkelijk voorbehouden. Overname van artikelen alleen na schriftelijke toestemming van de uitgever. 7 / Delft Urban Water presenteert CaLoRIcs: waterleidingen en riolering bron voor warmte en koude 8 / Nanotechnologie in de drinkwatersector toekomstmuziek Robin van Leerdam, Maarten Nederlof, Jan Hofman, Rinnert Schurer, Luc Palmen en Stephan van de Wetering 10 / Albert Vermuë: Waterschappen staan nu beter op de kaart Maarten Gast 14 / De Waterplanner als middel tegen droogteschade in Polen Jochem Garthoff en Rutger van Hogezand 16 / Waterberging in de Eendragtspolder: kwaliteitsimpuls voor water, landschap en ecologie Ronald van der Heijde, Marit Meijer, Piet-Jan Westendorp en Sebastiaan Schep 19 / Betere bescherming drinkwaterbronnen door gebiedsdossiers èn gebiedsaanpak Hans van Eijk, Marcel Boerefi jn, Peter Schipper en Susanne Wuijts 22 / Uitvoeringsprogramma gebiedsdossiers in Overijssel Cors van den Brink, Menno ten Heggeler en Jan van Essen 31 / Uitvoering watertoets bij aanpassing Wilhelminakanaal Erik Matla, Mirjam Stark, Michel Braad en Evert Aukema 34 / Is ecologisch herstel van ondiepe plassen goed te modelleren? Edwin van der Pouw Kraan, Mario Maessen en Jack Hemelraad 37 / Handvatten voor systematische beoordeling maatregelen KRW-waterlichamen Hanneke Maandag en Sebastiaan Schep Bij de omslagfoto: Een grondwatermeetpunt langs de Eemdijk (zie pagina 19).

4 Drugs en kalmeringsmiddelen in het oppervlaktewater In het oppervlaktewater van de Rijn en de Maas zijn lage concentraties aangetoond van twaalf in de Opiumwet opgenomen stoffen. Het gaat om amfetaminen, slaap- en kalmeringsmiddelen (barbituraten en benzodiazepinen), opiaten en cocaïne. Deze stoffen zijn waarschijnlijk al in het watersysteem aanwezig sinds mensen ze gebruiken, maar kunnen nu worden opgespoord dankzij geavanceerde meettechnieken die sinds kort beschikbaar zijn. Tijdens de drinkwaterzuivering worden de meeste stoffen verwijderd of sterk in concentratie verlaagd. In het drinkwater worden uiteindelijk nog drie stoffen aangetroffen, allen barbituraten. De concentraties zijn zeer laag; maximaal 12 nanogram per liter. De gezondheidskundige risiconormen voor drinkwater worden dan ook niet overschreden. Het is raadzaam de aanwezigheid van deze stoffen in het watersysteem te blijven volgen. Daarnaast wordt aanbevolen de mogelijke effecten op het ecosysteem te onderzoeken. In opdracht van de VROM-Inspectie van het ministerie van Infrastructuur & Milieu is onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van drugs, kalmeringsmiddelen en hun metabolieten in Nederlands water 1). Het onderzoek is uitgevoerd door het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), in samenwerking met KWR Watercycle Research Institute (KWR) en het Research Institute for Pesticides and Water (IUPA) van de Spaanse universiteit Jaume I (UJI). Behalve oppervlakte- en drinkwater is ook stedelijk afvalwater onderzocht. Aanleiding voor dit onderzoek vormde de detectie van drugs in oppervlaktewater en afvalwater in de Verenigde Staten en enkele Europese landen 2),3),4),5),6). Bij dit eerste verkennende onderzoek in Nederland stonden de volgende vragen centraal: Zijn drugs en kalmeringsmiddelen aanwezig in het oppervlaktewater (met name Rijn en Maas) en bij innamepunten voor drinkwater? Zijn deze stoffen aanwezig in het ruw water en het drinkwater dat hieruit wordt geproduceerd? Indien deze stoffen worden aangetroffen, wat zijn de risico s voor de volksgezondheid? Zijn deze stoffen aanwezig in het stedelijk afvalwater van rioolwaterzuiveringsinstallaties die hun afvalwater lozen op de Rijn en Maas? Onderzochte middelen In totaal zijn 37 soorten zogeheten drugs of abuse (DOA) en hun afbraakproducten geanalyseerd. Ze behoren onder andere tot de amfetaminen, barbituraten, benzodiazepinen, cannabinoïden, cocaïnen en opiaten. De term drugs of abuse verwijst naar zowel illegale drugs (bijvoorbeeld cocaïne) als het misbruik van geneesmiddelen, zoals slaap- en kalmeringsmiddelen. Deze middelen zijn opgenomen in de Nederlandse Opiumwet (lijst I, voornamelijk harddrugs of lijst II, vooral legale, maar verslavende middelen). Het was mogelijk zo n groot aantal stoffen te analyseren dankzij de samenwerking tussen laboratoria van het RIVM, KWR en de Spaanse universiteit UJI. Enkele rwzi-monsters zijn ook geanalyseerd door de universiteit van Antwerpen. De meetlocaties (zie afbeelding 1) kunnen onderverdeeld worden naar de drie soorten water die zijn bemonsterd: Afb. 1: Overzicht van de meetlocaties. oppervlaktewater Bij alle negen innamepunten voor drinkwaterproductie in Nederland zijn monsters genomen. Hiervan liggen er acht in het stroomgebied van Rijn en Maas en één in het stroomgebied van de Eems. Daarnaast zijn monsters genomen bij vijf 4 H 2 O / 14/

5 actualiteit locaties langs de Rijn en Maas die ook onderdeel zijn van het Landelijk Meetnet Water van Rijkswaterstaat; ruw en rein water Bij tien productielocaties waar drinkwater wordt bereid uit oppervlaktewater en bij zeven productielocaties waar drinkwater wordt bereid uit oevergrondwater, zijn monsters genomen van zowel ruw als rein water; stedelijk afvalwater Bij acht rwzi s die stedelijk afvalwater behandelen, zijn monsters genomen van zowel het influent als het effluent. De in totaal 65 meetlocaties zijn eenmalig bemonsterd in oktober Bij de acht rwzi s zijn op een weekenddag 24-uurs debietsproportionele monsters genomen van het influent en effluent. Resultaten In het oppervlaktewater van Rijn en Maas zijn twaalf stoffen aangetroffen tot een maximale concentratie van 68 ng/liter: de amfetamines metamfetamine en MDMA (ecstasy) cocaïne en zijn belangrijkste metaboliet benzoylecgonine de opiaten codeïne, morfine en methadon de barbituraten pentobarbital, fenobarbital en barbital de benzodiazepinen oxazepam en temazepam. Fenobarbital, oxazepam, temazepam en benzoylecgonine zijn de meest voorkomende stoffen, namelijk in meer dan 70 procent van de in totaal 14 oppervlaktewatermeetpunten. In ruw water zijn zes stoffen aangetroffen tot een maximale concentratie van 27 ng/liter: pentobarbital, fenobarbital en barbital oxazepam en temazepam benzoylecgonine. In rein water zijn drie stoffen aangetroffen tot een maximale concentratie van 12 ng/liter. Dit betreft de barbituraten pentobarbital, fenobarbital en barbital. In zes (35 procent) van de in totaal 17 reinwatermonsters zijn barbituraten aangetroffen in concentraties hoger dan de rapportagegrens. Drinkwaterzuivering Afbeelding 2 laat zien dat de amfetaminen, cocaïnen en opiaten die zijn aangetroffen bij de innamepunten voor drinkwaterproductie, niet zijn aangetroffen in het ruw water. Vermoedelijk worden deze stoffen verwijderd gedurende het verblijf in de oppervlaktewaterbekkens, de voorzuivering of bodempassage die plaats hebben gevonden voor het ruwwaterbemonsteringspunt. Oxazepam, temazepam, benzoylecgonine en fenobarbital zijn wel aangetroffen in het ruw water, maar in lagere concentraties dan bij de innamepunten. Oxazepam en temazepam zijn niet aangetroffen in oevergrondwater dat geproduceerd is uit ruw water: waarschijnlijk worden deze stoffen verwijderd gedurende oeverfiltratie. Dit is niet het geval voor de barbituraten, die slechts gedeeltelijk worden verwijderd gedurende de drinkwaterzuivering. Aangezien in dit onderzoek geen rekening Afb. 2: Gemiddelde concentraties van de aangetroffen stoffen per drinkwaterproductietype. is gehouden met verblijftijd in de zuivering, zijn hieruit geen harde conclusies te trekken. Oorsprong aangetroffen stoffen Pentobarbital en barbital zijn vaker aangetroffen in ruw en rein water dat wordt geproduceerd uit oevergrondwater dan in ruw en rein water dat wordt geproduceerd uit oppervlaktewater. De aanwezigheid van barbital is mogelijk gerelateerd aan het grotere aandeel relatief ouder grondwater in oevergrondwater. Dit kan de reden zijn waarom barbital, een middel dat inmiddels niet meer wordt gebruikt, nog steeds wordt aangetroffen. Barbital is een kalmeringsmiddel dat in het begin van de 20e eeuw in Nederland op de markt kwam, maar al enkele decennia niet meer wordt voorgeschreven. Vanaf de jaren 60 is het middel vervangen door met name benzodiazepines, zoals oxazepam en temazepam. Hoewel de bron van het aangetroffen barbital nog onbekend is, toont eerder onderzoek aan dat vuilstorten een mogelijke bron zouden kunnen zijn voor het lekken van barbituraten naar grondwater 7). Barbituraten, zoals pentobarbital, worden tevens in de veterinaire praktijk gebruikt, met name voor euthanasie. Voor fenobarbital is het gebruik als voorgeschreven geneesmiddel waarschijnlijk een belangrijke bron, naast mogelijk illegaal gebruik van dit middel, dat onder de Opiumwet is geregistreerd als een lijst II-stof. Dit geldt ook voor oxazepam en temazepam, die behoren tot de top 10 van meest voorgeschreven geneesmiddelen in Nederland. Een substantieel deel van de onderzochte stoffen in de Maas en Rijn komt uit het buitenland. Bij Lobith is de vracht van oxazepam het hoogst en vergelijkbaar met vrachten van andere veel gebruikte geneesmiddelen, zoals antibiotica. Vervolgens draagt ook het afvalwater van Nederlandse rioolwaterzuiveringsinstallaties bij aan de totale vracht stroomafwaarts. Stedelijk afvalwater In de rwzi-influenten zijn 18 en in de rwzi-effluenten 25 stoffen aangetroffen en gekwantificeerd. Dat sommige stoffen niet zijn aangetroffen in het influent maar wel in het effluent, kan te maken hebben met deconjugatie van conjugaten tijdens het zuiveringsproces. Ook kan voor sommige stoffen de hogere rapportagegrens van de influentmonsters een rol spelen. Met uitzondering van de cannabinoïden zijn alle onderzochte stofgroepen aangetroffen; amfetaminen, barbituraten, benzodiazepinen, cocaïnen en opiaten. Over het algemeen waren de concentraties in het effluent lager dan in het influent, wat wijst op degradatie of sorptie van deze stoffen gedurende de waterbehandeling in de zuivering. Dit is in overeenstemming met resultaten van enkele buitenlandse studies. Aangezien in dit onderzoek geen rekening is gehouden met verblijftijd in de zuivering, zijn hieruit echter geen conclusies te trekken. De gevonden concentraties in Nederlands afvalwater zijn van dezelfde orde van grootte als in enkele andere West-Europese landen, waaronder Spanje, Verenigd Koninkrijk, Italië en België 4),5),8). Vergelijking met gezondheidskundige risiconormen voor drinkwater De concentraties van de aangetroffen stoffen in drinkwater liggen ver beneden de signaleringswaarde van 1 μg per liter, die is vastgesteld in het Drinkwaterbesluit voor organische verontreinigingen van antropogene oorsprong. Voor de hier onderzochte individuele stoffen zijn geen wettelijke drinkwaternormen beschikbaar. Daarom zijn op basis van de beschikbare toxicologische gegevens, gezondheidskundige voorlopige risiconormen voor drinkwater afgeleid. Voor stoffen die tot dezelfde chemische groep behoren en waarvan het werkingsmechanisme vergelijkbaar is, is een risiconorm afgeleid voor de groep (som parameter). Dit geldt voor de barbituraten en benzodiazepinen. De in het drinkwater aangetroffen concentraties barbituraten in drinkwater liggen een factor 1800 beneden de risiconorm. Er zijn dan ook geen directe risico s voor de volksgezondheid te verwachten. H 2 O / 14/

6 Voor benzoylecgonine, oxazepam, temazepam, pentobarbital, fenobarbital en barbital, die zijn aangetroffen in ruw water, ligt de risiconorm een factor 300 tot hoger dan de aangetroffen concentraties. In de Rijn en Maas ligt de risiconorm voor alle stoffen meer dan 1000 keer hoger dan de gemeten concentraties, met uitzondering van oxazepam en temazepam. Voor de som van deze twee stoffen ligt de risiconorm een factor 80 hoger. Berekening cocaïneconsumptie Met behulp van de gemeten concentraties benzoylecgonine was het mogelijk om de cocaïneconsumptie in een aantal steden te schatten en met elkaar te vergelijken. Dit is een alternatieve en mogelijk betrouwbaardere manier om drugsgebruik in beeld te brengen dan aan de hand van vragenlijsten. De cocaïneconsumptie wordt volgens de methode van Zuccato et al. 2) berekend per inwonerequivalent van de rwzi, waarbij wordt uitgegaan van het daadwerkelijke inwonerequivalent van die dag. Afbeelding 3 laat zien dat de totale cocaïneconsumptie (grijze kolommen) over het algemeen afneemt naarmate de rwzi kleiner is: het hoogst in Amsterdam-West en het laagst in Culemborg. Om voor de rwzi-grootte te corrigeren is ook de cocaïneconsumptie per 1000 inwoners berekend. Deze is duidelijk het hoogst in Amsterdam en het laagst in Apeldoorn en Culemborg. Eindhoven, Utrecht, Maastricht (Limmel en Bosscherveld) en s-hertogenbosch zitten hier tussenin. Deze berekening is slechts gebaseerd op één meting, maar binnenkort verschijnen resultaten van een uitgebreidere weektrendbemonstering 9). Aanbevelingen Aangezien nog niets bekend is over mogelijke ecotoxicologische effecten van de aangetroffen stoffen, wordt aanbevolen deze te onderzoeken. Dit geldt met name voor de benzodiazepinen nabij locaties waar rwzi-effluent in het oppervlaktewater wordt geloosd. Hoewel de gezondheidskundige risiconormen voor drinkwater niet worden overschreden, is het zaak alert te blijven. De ontwikkeling van nieuwe analytische technieken om mogelijke nieuwe verontreinigingen (bijvoorbeeld medicijnen en producten voor persoonlijke verzorging) te detecteren, is belangrijk, evenals onderzoek naar de mogelijke effecten van de gecombineerde aanwezigheid van de aangetroffen stoffen in lage concentraties. NOTEN 1) Van der Aa M., E. Dijkman, L. Bijlsma, E. Emke, B. van de Ven, A. van Nuijs en P. de Voogt (2011). Drugs of abuse and tranquilizers in Dutch surface waters, drinking water and wastewater - Results of screening monitoring RIVM. Rapport ) Jones-Lepp T., D. Alvarez, J. Petty en J. Huckins (2004). Polar organic chemical integrative sampling (POCIS) and LC-ES/ITMS for assessing selected prescription Afb. 3: Geschatte totale cocaïneconsumptie en de cocaïneconsumptie per 1000 inwoners bij acht rwzi s op een weekenddag tussen 4 oktober en 11 november and illicit drugs in treated sewage effluents. Arch. Environ. Cont. Toxicol. 47, pag ) Zuccato E., C. Chiabrando, S. Castiglioni, D. Calamari, R. Bagnati en S. Schiarea (2005). Cocaine in surface waters: a new evidence-based tool to monitor community drug abuses. Environ. Health 4, pag ) Postigo C., M. Lopez de Alda en D. Barceló (2008). Fully automated determination in the low nanogram per litre level of different classes of illicit drugs in sewage water by on-line solid-phase extractionliquid chromatography-electrospray-tandem mass spectrometry. Anal. Chem. 80, pag ) Bijlsma L, J. Sancho, E. Pitarch, M. Ibáñez en F. Hernández (2009). Simultaneous ultra-high-pressure liquid chromatography-tandem ms determination of amphetamine and amphetamine-like stimulants, cocaine and its metabolites, and a cannabis metabolite in surface water and urban wastewater. J. Chromatogr. A, 1216, pag ) Castiglioni S., E. Zuccato, C. Chiabrando, R. Fanelli en R. Bagnati (2008). Mass spectrometric analysis of illicit drugs in wastewater and surface water. Mass Spectrometry Reviews 27, pag ) Holm J., K. Rügge, P. Bjerg en T. Christensen (1995). Occurrence and distribution of pharmaceutical organic-compounds in the groundwater downgradient of a landfill (Grindsted, Denmark). Environ. Sci. Technol. 29, pag ) Van Nuijs A., B. Pecceu, L. Theunis, N. Dubois, C. Charlier, P. Jorens, L. Bervoets, R. Blust, H. Neels en A. Covaci (2009). Cocaine and metabolites in waste and surface water across Belgium. Environ. Pollut. 157, pag ) Bijlsma L., E. Emke, F. Hernández en P. de Voogt (2011). Monitoring of drugs of abuse and relevant metabolites in Dutch urban wastewater by LC-LTQ FT Orbitrap MS. Environ. Int. (ter beoordeling). Monique van der Aa, Ellen Dijkman, Bianca van de Ven en Ans van der Steegh (Rijkinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) Erik Emke, Rick Helmus en Pim de Voogt (KWR Watercycle Research Institute) Robert Bijlsma en Félix Hernández (Universiteit Jaume I) 6 H 2 O / 14/

7 Delft Urban Water presenteert CaLoRIcs Begin dit jaar is door onderzoekers van de TU Delft, UNESCO-IHE, Deltares en KWR Watercycle Research Institute het onderzoeksplatform Delft Urban Water opgericht om kennis en wetenschappelijk onderzoek op het gebied van stedelijk water te bundelen. Daaronder valt ook terugwinning van grondstoffen en energie uit de stedelijke waterketen. In dat kader zijn de TU Delft en KWR Watercycle Research Institute met CaLoRIcs begonnen: een initiatief dat zich richt op toegepast wetenschappelijk onderzoek op het gebied van warmte- (terug)winning uit en koelcapaciteit van drink-, afval- en industriewater. actualiteit Winning van thermische energie uit leidingsystemen (riolering en drinkwaterleidingen) en koelwatervoorzieningen van de industrie vormt een belangrijke optie bij een transitie naar een duurzame energievoorziening. TU Delft en KWR Watercycle Research Institute beogen met CaLoRIcs een platform te bieden voor brede samenwerking met betrokken partijen in zowel de energie- als de watersector, binnen én buiten Nederland om benutting van thermische energie uit leidingsystemen een impuls te geven. Het totale energieverbruik voor de warmtevoorziening in de gebouwde omgeving bedraagt in Nederland 555 PJ (of 555 x joule per jaar 1). De meeste energie in de stedelijke waterketen - van drinkwaterwinning en -productie tot zuivering van afvalwater (63 PJ per jaar) - is nodig voor verwarming van water in de huishoudens (48 PJ per jaar 2) ). Nieuwe, innovatieve methoden moeten het mogelijk maken om tenminste 20 PJ per jaar uit de stedelijke waterketen weer nuttig te gebruiken. Dat kan onder andere door warmte cq. koude te winnen uit de leidingsystemen van drink- en afvalwater. In de industrie en bij elektriciteitsopwekking komt een surplus aan energie vrij in de vorm van laagwaardige warmte, zo n 600 tot 800 PJ per jaar 1). In een aantal gevallen wordt deze restwarmte reeds nuttig ingezet in bijvoorbeeld warmtenetwerken, maar voor een groot deel gaat dit surplus verloren in koeltorens en door lozing in rivieren. Nieuwe mogelijkheden moeten leiden tot meer nuttig gebruik van restwarmte. Een inschatting hiervan is moeilijk te maken, maar een nuttige inzet van tien procent of meer (70 PJ per jaar) moet haalbaar zijn. In totaal kan dan door terugwinning van thermische energie uit de stedelijke waterketen (de ambitie is 20 PJ per jaar) en benutten van surpluswarmte in de industrie (de ambitie is 70 PJ per jaar) een energiebesparing in de orde van grootte van 90 PJ per jaar behaald worden. Dit komt overeen met ruim 15 procent van de totale warmtebehoefte in de bebouwde omgeving, maar lokaal kan dit betekenen dat volledig in de warmtebehoefte kan worden voorzien. Dit impliceert een jaarlijkse reductie van de kooldioxide-emissie van vijf miljoen ton en een besparing van twee miljard euro, uitgaande van de huidige energiemix. Daar staan natuurlijk wel investeringskosten voor het terugwinnen van de energie tegenover. Met de stijgende energieprijzen zal een positieve balans echter steeds dichterbij komen. Aanpak langs verschillende lijnen Realisatie van de genoemde besparingen vraagt een integrale, innovatieve aanpak langs verschillende lijnen. Zo zijn technologische vernieuwingen nodig om de thermische energie terug te winnen. Ook zal de energie efficiënt moeten worden opgeslagen: vraag en aanbod van energie lopen immers niet synchroon in plaats en tijd. Daarnaast is aandacht nodig voor bestuurlijke, juridische en organisatorische aspecten: welke organisatie pakt welke rol, waar liggen de verantwoordelijkheden? Ook speelt samenwerking en bundeling van krachten in de energiesector en waterketen een cruciale rol om de mogelijkheden goed te benutten. TU Delft en KWR Watercycle Research Institute zijn de initiatiefnemers voor het platform, maar het staat open voor alle partijen die een bijdrage willen leveren aan de transitie naar een duurzame energievoorziening door gebruik van thermische energie uit leidingsystemen. STOWA is één van de partijen die enthousiast is over dit platform en reeds actief is op het gebied van winning van thermische energie uit de waterketen. Concrete activiteiten Een aantal activiteiten is inmiddels begonnen. Er is een analyse opgesteld van energiestromen in de waterketen 2),3). Tauw heeft in opdracht van STOWA onderzoek uitgevoerd naar de mogelijkheden van terugwinning van thermische energie 4),5),6). KWR en TU Delft voeren, samen met Waternet en Tauw, een project uit over terugwinning van warmte uit afvalwater in het kader van het bedrijfstakonderzoek. Er gaat onderzoek lopen naar het ontwikkelen van innovatieve concepten, gericht op de ontkoppeling van terugwinning en gebruik van de thermische energie om zo de toepasbaarheid van het principe te vergroten. In het najaar vindt een werkbijeenkomst plaats voor partijen uit de wateren energiesector om kennis te delen, mogelijkheden verder te verkennen en te vertalen naar zo concreet mogelijke activiteiten. Voor meer informatie kan contact opgenomen worden met Jos Boere van KWR kwrwater.nl) en Jan Peter van der Hoek van Waternet / TU Delft NOTEN 1) Hellinge C. (2010). De energievoorziening van Nederland - Vandaag (en morgen?). 2) Roest K., J. Hofman en M. van Loosdrecht (2010). De Nederlandse watercyclus kan energie opleveren. H 2 O nr. 25/26, pag ) De Graaff M., E. Klaversma, S. Vliegen en A. de Man (2011). Energieverbruik in watercyclus in Amstelveen en Wijlre. H 2 O nr. 11, pag ) Sukkar G., J. Kluck en J. Blom (2009). Mastercase energie in de waterketen, casus Leeuwarden. STOWA. Rapport ) Blom J., G. Sukkar en P. Telkamp (2010). Energie in de waterketen. STOWA. Rapport ) Sukkar G. en J. Kluck (2011). De haalbaarheid van terugwinning van energie uit afvalwater, de casus Zwolle. STOWA. Rapport in voorbereiding. Vakantie De eerstvolgende uitgave van H 2 O verschijnt op vrijdag 19 augustus. De redactie blijft in de komende weken bereikbaar, hetzij telefonisch, hetzij per . De kopijsluitingsdatum voor de eerste uitgave na de zomer is vrijdag 5 augustus. Wij wensen u een goede vakantie. H 2 O / 14/

8 Nanotechnologie in de drinkwatersector toekomstmuziek Hoe kan nanotechnologie toegepast worden in de watersector? Daar draaide het om tijdens de eerste internationale IWA Specialist Conference Applications of Nanotechnologie in the Water Sector. De conferentie in het Zwitserse Ascona was georganiseerd door de Specialist Group Nano and Water. Verschillende sprekers van onderzoeksgroepen uit de gehele wereld presenteerden de laatste ontwikkelingen. In het kader van het bedrijfstakonderzoek (BTO) bezocht een afvaardiging van de Nederlandse drinkwaterbedrijven en KWR deze conferentie. Nanotechnologie is het begrijpen en controleren van materie en processen op de nanoschaal (kleiner dan 100 nm). Nanomaterialen en -processen hebben eigenschappen, die voordelen kunnen bieden voor de waterzuivering. In zijn inleidende presentatie gaf Pedro Alvarez (Rice Universiteit, VS) een overzicht van de mogelijkheden voor nanomaterialen in de (drink)waterbehandeling. Deze liggen op het vlak van geavanceerde oxidatie (katalyse), membraanfiltratie (nanodeeltjes in of op het membraanoppervlak) en nieuwe adsorbentia. Adsorbentia Robert Grass (Institute for Chemical and Bioengineering, Zwitserland) beschreef het gebruik van gemodificeerde magnetiet nanodeeltjes voor het specifiek binden van verontreinigingen in plaats van het filtreren van het hele volume. De deeltjes worden verwijderd met een magneet. Mamadou Diallo (CalTech, VS) gaf aan dat dendritische macromoleculen (sterk vertakt vanuit één punt) als bouwstenen gebruikt kunnen worden voor een nieuwe generatie specifieke sorbentia, bijvoorbeeld voor het verwijderen van boor uit zout water. Andere sprekers behandelden adsorptie van polyaromatische verbindingen aan carbon nanotubes: holle buisjes met een wand bestaande uit één enkele laag koolstofatomen gebonden in zesringen. Chad Vecitis (Harvard School of Engineering and Applied Sciences, VS) liet zien dat een netwerk van deze buisjes kan worden gebruikt als elektrochemisch filter voor de verwijdering en oxidatie van kleurstoffen. (Foto)katalytische oxidatie en reductie Titaniumdioxide (TiO 2 ) is een veelgebruikte en onderzochte fotokatalysator. Door sporen goud of stikstof aan TiO 2 toe te voegen, kunnen ook golflengtes uit het zichtbare licht gebruikt worden en neemt de katalytische activiteit toe (David Rickerby, Institue for Environmental and Sustainability, Italië). Frank Seitz (IBL Umwelt- und Biotechnik, Duitsland) presenteerde een pilotonderzoek naar de foto-oxidatie van microverontreinigingen met behulp van TiO 2 of Pd op magnetiet. Nicole Müller (EMPA, Zwitserland) toonde de resultaten van pilot- en praktijkproeven in Tsjechië en Duitsland met metallische nanoijzerdeeltjes voor de katalytische reductie van gechloreerde koolwaterstoffen in vervuild grondwater. Membraantoepassingen Bij membranen worden nanodeeltjes toegepast voor verbetering van de flux of het voorkomen van vervuiling. Meagan Mauter (Yale Universiteit, VS) liet zien dat zilvernanodeeltjes op oppervlakken van ultrafiltratiemembranen biofouling kunnen tegengaan. De langzaam vrijkomende zilverionen werken desinfecterend, maar vormen een belemmering voor de toepassing in de Nederlandse deelnemers namens het bedrijfstakonderzoek van de drinkwaterbedrijven: Robin van Leerdam (KWR), Stephan van de Wetering (Brabant Water), Luc Palmen (WML), Rinnert Schurer (Evides) en Maarten Nederlof (KWR). Besloten Aansluitend op de conferentie hield de Global Water Research Coalition een besloten werkbijeenkomst, waarbij men discussieerde over een veilige introductie van nanotechnologie in de watersector. Er zijn projectvoorstellen geformuleerd over kennismanagement, onderzoek naar vóórkomen en stabiliteit van nanodeeltjes en analytische methoden. drinkwatersector. Andere toepassingen om biofouling te voorkomen, zijn het gebruik van D-aminozuren (Qilin Li, Rice Universiteit, VS) en impregnatie van membranen met bolvormige koolstofmoleculen (Mark Wiesner, Duke Universiteit, VS). Jan Hofman (KWR, Nederland) liet zien dat RO-membranen met negatieve zeolietdeeltjes in de scheidende toplaag beter hydrofiele componenten verwijderen en een extreem hoge waterflux geven. Veel aandacht bestond ook voor toepassing in point-of-use-apparatuur om zo een bijdrage te leveren aan de millenniumdoelstellingen. Door bijvoorbeeld oppervlaktewater te filtreren over een theezakje op een flessenhals, met een combinatie van desinfecterende polyvinyl alcohol nanovezels en actief kool, kan in noodgevallen direct drinkwater worden gemaakt (Eugene Cloete, Universiteit Stellenbosch, Zuid-Afrika). Vooruitzichten Er wordt veel academisch onderzoek gedaan naar nanotechnologie. Dit kan leiden tot nieuwe en efficiëntere zuiveringstechnologie, maar is voorlopig nog te kostbaar voor toepassing binnen de drinkwatersector. Voor de drinkwatersector is het belangrijk dat praktijkgericht onderzoek wordt verricht naar de effecten van opschaling, de watermatrix, en het vrijkomen, de afbreekbaarheid en de toxiciteit van nanodeeltjes. De eerste toepassingen voor de drinkwatersector worden verwacht in het verbeteren van bestaande technologie, zoals het modificeren van membranen, en in de ontwikkeling van nanosensoren voor bijvoorbeeld de detectie van pathogenen. Robin van Leerdam, Maarten Nederlof en Jan Hofman (KWR) Rinnert Schurer (Evides) Luc Palmen (Waterleiding Maatschappij Limburg) Stephan van de Wetering (Brabant Water) 8 H 2 O / 14/

9 verslag/achtergrondachtergrond Watersector richt zich bij NanoNextNL op waterzuivering én risico s Het onlangs begonnen onderzoeksprogramma NanoNextNL stimuleert met subsidie van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie innovatie op het gebied van nanotechnologie in Nederland. Ook de watersector is betrokken bij dit programma. Dit richt zich vooral op de mogelijkheden van nanotechnologie in de waterzuivering en op de risico s van nanomaterialen voor mens en milieu. Nanotechnologie is de technologie van het ontwerpen en maken van materialen op nanoschaal, oftewel met één of meer dimensies tussen één en 100 nanometer. Ter vergelijking: een watermolecuul is ongeveer 0,3 nanometer in doorsnee, een celmembraan is vier tot vijf nanometer dik en de doorsnee van een virus ligt tussen tien en 300 nm. Door dit kleine formaat en het daardoor grote specifieke oppervlak krijgen nanomaterialen speciale eigenschappen. Daarom zijn steeds grotere hoeveelheden nanomaterialen te vinden in steeds meer verschillende toepassingen, zowel in consumentengoederen en industriële processen als in de medische wetenschap. Enkele voorbeelden: sokken met nanodeeltjes tegen zweetlucht, verf en coatings met nanodeeltjes als pigment of om vuil af te stoten, nanodeeltjes die de opname (en werking) van geneesmiddelen in het lichaam verbeteren en nanostructuren in nanoelektronica. NanoNextNL De economische omvang van nanotechnologie bedroeg in 2010 circa 290 miljard dollar en dat zal de komende jaren alleen maar verder toenemen. Nanotechnologie vormt daarmee een belangrijke basis voor innovatie en kan de Nederlandse economie een impuls geven. Daarom hebben in Nederland meer dan 100 bedrijven, 13 universiteiten, zes academische ziekenhuizen en negen technologische instituten samen een programma ontworpen om innovatie in nanotechnologie te stimuleren. Dit programma, NanoNextNL, loopt van 2010 tot 2015 (zie kader). Het budget bedraagt 250 miljoen euro. De NanoNextNL richt zich op interdisciplinair onderzoek en valorisatie van de ontwikkelde kennis via samenwerking met commerciële en maatschappelijke organisaties. Ontwikkelingen en resultaten zullen naar buiten worden gebracht via wetenschappelijke publicaties, proefschriften, rapporten, workshops, congressen en vakbladen als H 2 O. Binnen NanoNextNL zijn tien thema s benoemd: de risico s van nanotechnologie en technologie-assessment, energievraagstukken, nanogeneeskunde, (schoon) water, voedsel, elektronica, de ontwikkeling van nieuwe nanomaterialen, biologische nanomaterialen, nanomaterialen in fabricageprocessen en in sensoren. deelnemende partijen investeren zelf de helft. Gezien het grote belang van innovatie in nanotechnologie heeft het ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie - ondanks de economische tegenwind - een subsidie van 125 miljoen euro beschikbaar gesteld. Watersector NanoNextNL omvat tien onderzoeksthema s. Binnen elk thema worden één of meer clusters gedefinieerd. De themacoördinatoren fungeren als opdrachtgevers vanuit het programma. Consortia van bedrijven en kennisinstellingen, onder leiding van programmadirecteuren, voeren binnen elk cluster samen onderzoek uit. Het eerste thema, dat zich bezighoudt met de risico s van nanotechnologie en technologieassessment, wordt zoveel mogelijk geïntegreerd in de andere thema s. Vooral dit eerste thema en het thema Schoon water zijn relevant voor de watersector. Themacoördinator van het eerste thema is Adriënne Sips (RIVM), met Annemarie van Wezel van KWR als programmadirecteur van Risico s voor het milieu. Voor het thema Schoon water is Gertjan Euverink (Wetsus) themacoördinator, terwijl Rob Lammertink (Universiteit van Twente) programmadirecteur van Nanotechnologie in waterapplicaties is. De Nederlandse drinkwaterbedrijven leveren een bijdrage via hun collectieve onderzoeksprogramma BTO en via Wetsus. Schoon water Het consortium voor het thema Schoon water bestaat uit Vitens, bedrijven als Norit, LioniX, Phycom, Stork, Veco en Philips, en kennisinstellingen zoals de Universiteit Twente, Wageningen Universiteit en KWR. Samen zoeken zij naar nanotechnologische oplossingen voor duurzame en betaalbare productie van veilig en gezond drinkwater, nu en in de toekomst. Binnen dit thema worden vier projecten uitgevoerd. In het eerste wordt onderzoek gedaan naar ontwikkeling van membranen voor desinfectie en ontzouting en enzymatische omzetting, die worden gemodelleerd naar biologische structuren. Het tweede project onderzoekt de mogelijkheden van functionele metalen in isoporeuze membranen (membranen waarin alle poriën een gelijke diameter hebben). Het derde project is gericht op (foto)katalytische waterzuivering en in het vierde project wordt onderzocht hoe membranen kunnen worden ingezet om nanodeeltjes uit water te verwijderen. Deelnemers aan het thema Risicoanalyse en technologie-assessment zijn Vewin, RIVM, Philips, de universiteiten van Amsterdam, Utrecht, Wageningen en Nijmegen, Deltares, TNO en KWR Watercycle Research Institute. Het thema omvat drie clusters: risico s voor het milieu, risico s voor de mens en maatschappelijke acceptatie. Om het grote technologische, economische en maatschappelijke potentieel van nanotechnologie optimaal te benutten, is het essentieel de risico s ervan te begrijpen en te kunnen beheersen. De publieke opinie kan zich tegen nanotechnologische ontwikkelingen keren als te weinig bekend is over de risico s. Dit is bijvoorbeeld gebeurd met biotechnologische ontwikkelingen met betrekking tot genetisch gemodificeerde organismen. Om deze redenen heeft het thema risicoanalyse een centrale rol gekregen binnen NanoNextNL. Centrale vragen zijn in hoeverre nanodeeltjes zich anders gedragen dan normale chemicaliën en in hoeverre de bestaande risicobeoordelingsmethoden moeten worden aangepast om goed om te gaan met nanodeeltjes. Om de antwoorden te vinden, richt het programma over humane risico s zich op de ontwikkeling van methoden om beter inzicht te krijgen in de risico s van nanodeeltjes voor werknemers en consumenten. Het programma over milieurisico s richt zich op analysemethoden voor nanodeeltjes in het milieu, het gedrag in het milieu inclusief de voedselketen en toxiciteit, modellering van emissieroutes en concentraties in het milieu. Uiteindelijk wordt de verworven kennis geïntegreerd in een zo nodig aangepaste risicobeoordelingsmethode. Thomas ter Laak, Jan Hofman en Annemarie van Wezel (KWR Watercycle Research Institute) Rob Lammertink (Universiteit Twente) Adriënne Sips (RIVM) H 2 O / 14/

10 ALBERT VERMUË, ALGEMEEN DIRECTEUR UNIE VAN WATERSCHAPPEN: Waterschappen staan nu beter op de kaart Golfbewegingen behoren bij het element water. Eb en vloed, op- en neergang, toppen en dalen, heen en weer bewegen, allemaal uitingen van het proces van het golven. De golfbeweging toont zich ook in de discussie over de organisatie van het waterbeheer. Waar een jaar geleden voor de laatste verkiezingen de dagen van het waterschap als zelfstandig bestuursorgaan geteld leken, staan zij na het regeerakkoord weer volledig op de kaart. Erop of eronder, schrijft Peter Glas, de voorzitter van de Unie, in Het Waterschap van mei jl., het eigen tijdschrift. Nu komt het erop aan, kopt de volgende bladzijde. Aanleiding voor een gesprek met degene die sinds een jaar leiding geeft aan het bureau van de Unie van Waterschappen in Den Haag: ir. ing. Albert Vermuë, nieuwkomer in de wereld van het waterbeheer. Hoe kijkt u terug op dit eerste jaar? Het heeft even geduurd voordat ik april vorig jaar in functie kon treden. Als directeur Visserij bij het ministerie van LNV had ik een staatsbezoek van de koningin aan Noorwegen begin juni 2010 mede voorbereid. Daarin was een gehele dag aan visserijproblematiek gewijd, een dag die ik beslist wilde meemaken. Meteen daarna ben ik begonnen. Voor ik begon, gebeurde er veel: het kabinet viel en in de aanloop naar de verkiezingen stond het voortbestaan van de waterschappen ter discussie. In die tijd heb ik mij wel eens achter mijn oor gekrabd en mij afgevraagd of ik met mijn sollicitatie naar deze functie een juiste stap had gezet. Maar we hebben nu ook weer gezien hoe ongrijpbaar het proces van zo n kabinetsformatie is. Het regeerakkoord stelt het voortbestaan van de waterschappen veilig en Albert Vermuë inmiddels staan we er alweer veel beter voor. Onze gelederen zijn gesloten, de achterban is volledig betrokken, wij zijn een serieuze gesprekspartij voor het Rijk en het Bestuursakkoord Water is getekend. Wat heeft het verschil gemaakt in zo n korte tijd? Ik heb een onderhandelaarsachtergrond. Van daaruit kijkend, zeg ik dat de waterschappen een goed verhaal hadden, ook goed gelobbyd hebben bij Kamerleden e.d.. Onze kracht zat vooral in de manier waarop we degenen benaderden die over de vorming van een nieuw kabinet onderhandelden. Die hadden maar één groot probleem: de 18 miljard euro die bezuinigd moest worden. De meesten die bij de formateurs langs kwamen, vroegen om meer geld. Wij niet, wij boden aan om gezamenlijke problemen op te lossen, ook financieel. Die opstelling, die maakte het verschil. Ons verhaal viel in vruchtbare aarde. Winst voor beiden, eigenlijk vrij eenvoudig. Overigens heeft er nooit een grondige analyse plaatsgevonden over de vraag of het opheffen van waterschappen een probleem zou oplossen. Die ideeën over opheffing waren zeker niet gebaseerd op een gedegen verhandeling. De bestuurlijke drukte was steeds het argument. Ja, maar wat is het probleem waar men het dan over heeft? Gaat het om de bestuurlijke organisatie of heeft men het over het feit dat het in een complexe samenleving lastig is om zaken snel voor elkaar te krijgen? Overal spelen meerdere belangen, heb je te maken met gedetailleerde wetgeving, vaak ook met Europese regelgeving. We willen schone lucht, dan krijg je regels voor luchtkwaliteit en dan wordt het bijvoorbeeld moeilijk om ergens een nieuwe weg aan te leggen. Met natuur gaat het net zo. Bescherming gaat gepaard met beperkingen. Ik denk dat de bestuurlijke drukte vroeger groter was, dat je toen met veel meer besturen te maken had. Maar goed, nu is in ieder geval in het regeerakkoord vastgelegd dat zich niet meer dan twee bestuurslagen met één probleem mogen bemoeien. Wat zijn de belangrijkste onderwerpen uit het Bestuursakkoord Water? Het eerste is dat de waterschappen medeverantwoordelijk worden voor de realisatie en de bekostiging van de primaire waterkeringen (voor de helft). Er komt een gezamenlijk bureau, dat een programma opstelt, financiële afwegingen maakt en een budget beheert, waarin Rijk en Unie ieder voor de helft bijdragen. Alle waterschappen dragen daaraan bij, ook die geen primaire keringen in hun gebied hebben. Waterschappen die wel primaire keringen hebben, leveren daarnaast nog een projectbijdrage. Dit om voldoende prikkel 10 H 2 O / 14/

11 interview tot efficiënt werken te houden. Het geheel is dan geborgd: de planfase, de toetsing en de uitvoering. Samen met Rijkswaterstaat en DG Water zetten we dat bureau nu op. Unie en Rijk betalen ieder jaarlijks 180 miljoen euro. Voor 360 miljoen per jaar wordt dus nu het hoogwaterbeschermingsprogramma uitgevoerd. Staat het Deltaprogramma hier los van? We zullen natuurlijk nog moeten bepalen wat de consequenties van een eventueel hoger veiligheidsniveau zijn. Daar wordt nu in het kader van het Deltaprogramma over gesproken. Maar in principe staat de één miljard euro per jaar, die vanaf 2020 beschikbaar komt voor de uitvoering van het Deltaprogramma, hier los van. We hebben toegezegd dat we de eerste 100 van die 180 miljoen per jaar zullen leveren zonder heffingen te verhogen; voor de tweede tranche geldt dat niet. Dat kan ook niet. Wel zullen besturen alles doen om de lasten zo beperkt mogelijk te laten stijgen. Punt twee uit het akkoord is de gezamenlijke kostenbesparing van 380 miljoen euro per jaar, die VNG en Unie van Waterschappen voor de afvalwaterketen hebben afgesproken op basis van het rapport van de Feitencommissie. Dat betreft dus een stevige samenwerking tussen gemeenten en waterschappen op dit terrein. Dat je daarmee de autonome lastenstijging compenseert, staat weliswaar duidelijk in dat rapport, maar men dreigt dat weleens te vergeten. Deze opgave wordt nu overal in de regio gezamenlijk opgepakt. Centrale aansturing is alleen een stok achter de deur. Punt drie betreft plannen en toezicht. De plannenmakerij wordt teruggedrongen. Het provinciale en het nationale waterplan verdwijnen. Het toezicht wordt soberder, meer gebaseerd op vertrouwen. Welke plannen blijven? De waterschappen stellen eenmaal per zes jaar een waterbeheerplan op en het Rijk een stroomgebiedbeheerplan, voortvloeiend uit de Kaderrichtlijn Water. De inspectie van dijken gaat van eens in de zes naar eens in de twaalf jaar. In dat proces valt de provincie er tussenuit. Het levert geen miljoenen op, maar wel een slagvaardiger overheid met minder mensen. We zijn gezamenlijk nog aan het kijken wat met de resterende provinciale watertaken, zoals het beheer van het zwemwater en het diepe grondwater en het vaarwegbeheer, moet gebeuren. De provincie blijft regionaal het kaderstellende orgaan, uitvoerende taken komen in één hand. Of van het Rijk of van de waterschappen, zo is het in het Bestuursakkoord Water afgesproken. Wat zijn de andere punten? Het vierde betreft betere samenwerking tussen de beheerders in de afvalwaterketen, met Rijkswaterstaat, maar ook tussen de waterschappen onderling, bijvoorbeeld op het gebied van inkoop, bij de aanpak van grote projecten e.d.. Bundeling van krachten dus. We zullen ook kijken wat we van de drinkwaterbedrijven kunnen leren op het gebied van assetmanagement, van onderhoud, etc. Het vijfde punt is het institutionele veld. Moeten de provincies waterschapsverordeningen blijven goedkeuren? Hoe worden de waterschapsbesturen verkozen? Het Rijk wil naar indirecte verkiezingen toe, wij blijven voorstander van directe. Dus ons voorstel is een dag van de lokale democratie te organiseren: gelijktijdige verkiezingen voor de gemeenteraad en het waterschapsbestuur. Maar het Rijk wil er niet aan, de gemeenten overigens ook niet. Het voorstel tot wetswijziging ligt al om advies bij de Raad van State. Naar hoeveel waterschappen gaan we toe? Als je terugkijkt, zie je dat de waterschapswereld een enorme ontwikkeling heeft doorgemaakt. We zijn nu met 25 professionele organisaties. Er komt nog de fusie van de waterschappen Veluwe en Vallei & Eem, over een aantal andere samenvoegingen is overleg gaande. Maar er is meer dan fusie. We kijken naar een gezamenlijke belastingheffing, ook met gemeenten. We hebben het Waterschapshuis en onze gezamenlijke laboratoria. We zullen gaan samenwerken met de nieuwe regionale uitvoeringsdiensten die opgezet worden. Ik geloof eerlijk gezegd niet in zes à zeven waterschappen. Je moet kunnen blijven vertellen wie je bent: een functioneel, regionaal bestuur met eigen taken en eigen belastingen. Bestuurders moeten kennis van de regio hebben, de mensen daar kennen, zelf ook gekend worden. Dat is je kracht. Die moet je koesteren. Daarnaast werken we aan landelijke bekendheid. Door het Bestuursakkoord Water staan we weer beter op de kaart. Met de droogte kwamen er regelmatig dijkgraven op televisie. Peter Glas is gekozen tot de op één na beste bestuurder van Nederland. We hebben onze communicatie verder geprofessionaliseerd. We treden meer zelfbewust naar buiten, niet alleen richting DG Water, maar ook naar de politiek, het ministerie van Financiën en Binnenlandse Zaken. In een groot onderzoek van Intermediair kwamen de waterschappen als werkgever in de publieke sector op de tweede plaats, na de politie. Sterk in de regio, zelfbewust in Den Haag dus. Hoe ziet uw eigen loopbaan eruit? In ben in 1963 geboren in s-heerenhoek. Dat ligt op Zuid-Beveland tussen Goes en Vlissingen. Mijn vader was akkerbouwer. Ik ging eerst naar de Middelbare Landbouw School, vervolgens naar de HAS in Den Bosch. Toen ik die in 1987 afgerond had, ben ik eerst een paar jaar journalist geweest. Ik heb geschreven voor een Agrarisch Weekblad en Intermediair. In 1990 ben ik naar Wageningen gegaan. Met mijn vooropleiding kon ik daar snel afstuderen. Ik heb mij vooral met de economische vraagstukken beziggehouden, de politieke besluitvorming en het Europese recht. In 1992 ben ik bij het ministerie van LNV in dienst gekomen als lid van de denktank op dat ministerie. We schreven beleidsnota s voor de minister over het internationale beleid, de gevolgen van macro-economische ontwikkelingen en de opstelling van Nederland in Europa. In 1999 ben ik benoemd tot plaatsvervangend directeur Internationale Zaken en heb ik zes jaar lang voor Nederland op ambtelijk niveau onderhandeld in Brussel over het Europese landbouwbeleid. In 2005 schreef ik met Cees Veerman zijn visie op de toekomst van de Nederlandse agrarische sector: meer ondernemerschap, weg uit het collectieve, weg uit het ambachtelijke en meer professionaliteit. Toen ik in dat jaar benoemd werd tot directeur Visserij bij het ministerie gaf Veerman mij mee om te kijken of ik die visie ook in de visserijwereld kon toepassen: niet alleen maar eindeloos praten Bestuursakkoord Water basis voor de komende jaren over de vangstquota, maar een vernieuwingsslag maken naar meer duurzaamheid, naar innovaties, naar ontwikkeling van markten waar je meer kunt verdienen, e.d.. Is dat gelukt? Het vorige kabinet had wat meer geld te besteden dan nu het geval is. Voor de ChristenUnie was visserij van belang. We kregen dus een goed budget. We hebben studiegroepen opgezet zoals in de tuinbouw. We zijn tot aanzienlijke energiereductie gekomen door niet langer met zware kettingen de platvis op te schrikken maar met elektrische pulsjes. Door innovaties krijg je vanzelf nieuwe dynamiek in een sector. Dan wordt niet langer ieder stukje zee dat afgesloten wordt, als verlies gezien, maar ook als een mogelijkheid voor iets nieuws. Sinds juni 2010 ben ik hier aan de slag. Welk doel hebt u voor ogen? Dat over vier jaar, bij de volgende parlementsverkiezingen niet weer het bestaansrecht van de waterschappen ter discussie staat. Ik weet dat de politiek onvoorspelbaar kan zijn, maar dat is wel mijn doel en ik denk dat wij een aantal goede stappen in die richting gezet hebben. De taken die we behartigen, zijn existentieel. We hebben in Nederland met de waterschappen een bewezen systeem. Het Deltaprogramma komt op ons af. Met de zeespiegelrijzing en de klimaatverandering worden de problemen bepaald niet kleiner, zowel in natte als in droge periodes. Een goede structuur is dan belangrijk. Je moet natuurlijk altijd kritisch blijven, want het kan ook verstarrend werken. Maar ook voor een enorme stabiliteit zorgen. Wij gaan voor dat laatste. Maarten Gast H 2 O / 14/

12 Studenten bedenken waterveilige oplossingen voor nieuw Heijplaat In een week tijd hebben 32 tweede- en derdejaarsstudenten watermanagement van de Hogeschool Rotterdam in acht groepen scenario s uitgewerkt voor de duurzame en waterveilige stedenbouwkundige ontwikkeling van het dorp Heijplaat bij Rotterdam. Ze presenteren de beste elementen uit hun ontwerpen na de zomervakantie tijdens een presentatie op locatie. Ik denk dat er aspecten bij zijn die de opdrachtgevers - DHV en woningcorporatie Woonbron - zullen aanspreken en waarmee ze wat zouden kunnen doen, zegt Laurence Koetsier (22), die samen met mede-groepsleden Gijs Woldring (projectleider), Jorte Weij en Brian Abel het idee voor een schottenkering heeft ontwikkeld en onderbouwd. Ze zeggen dat ons idee het compleetst is. Om aan de normen voor waterveiligheid in buitendijks gebied te voldoen, moet Heijplaat eigenlijk flink worden opgehoogd. Dat kost te veel. Daarom is een casus bedacht om alternatieve manieren te bedenken voor het veiliger, bewoonbaarder en aantrekkelijker maken van het dorp, aldus Koetsier. In het kader van het eerste Wateratelier van de Hogeschool Rotterdam, dat is bedacht door begeleidend docente Marjolijn van Eijsden, hebben de studenten in de ateliers van de Rotterdamse Academie van Bouwkunst bij RDM Heijplaat hun ideeën en ontwerpen uitgewerkt. Wij hadden als extra thema flexibele waterkering, waarbij we uitgingen van het stedenbouwkundig ontwerp en daar de waterkering op aansloten. In onze visie moet het gebied levendig genoeg zijn om jonge gezinnen en starters te trekken. We hebben gekeken welke keringen daarbij passen én economisch gezien realistisch zijn. Een andere groep deed het andersom en nam de kering als uitgangspunt. Dat leverde heel andere uitkomsten op. Weer andere groepen namen als basis economische risico s en de verzekerbaarheid van het gebied. Vanuit vier kernwaarden (duurzaamheid, hoogwaterveiligheid, havenbeleving - om de aantrekkelijkheid voor de doelgroepen te vergroten - en economische haalbaarheid) zijn we aan de slag gegaan. Er was al bepaald dat een kering zou moeten zorgen voor de bescherming tegen hoog water. Het gebied heeft de vorm van een driehoek. Uiteindelijk hebben we alleen bij de kaden naar de Maas in het noorden gekozen voor een flexibele waterkering, die alleen functioneert als het nodig is. Een vaste kering zou daar, waar de connectie met het water het sterkst is, een ongewenste barrière vormen tussen het water en dorp. Langs de zijkanten willen we wel vaste waterkeringen. Een dijk kan het dorp daar afschermen tegen de minder prettige kanten van de haven, met alle bijbehorende activiteiten en herrie. Opklapbare schottenkering Laurence Koetsier en zijn groep hebben voor de bescherming van het noordelijke stukje Heijplaat bewust gekozen voor een opklapbare schottenkering, die alleen in geval van nood zichtbaar boven de grond komt. De eerste rij bebouwing aan het water is waterdicht. De schotten zijn verbindingsstukken die de wegen tussen de woningen en dijken afsluiten bij hoog water. Dit Brian Abel, Jorte Weij, Laurence Koetsier en Gijs Woldring (v.l.n.r.) kozen voor een opklapbare schottenkering voor de beveiliging van het dorp Heijplaat bij Rotterdam. systeem belast de bewoners niet met de opslag van de schotten, die in de praktijk misschien eens per tien jaar worden opgezet. Ze moeten natuurlijk wel regelmatig oefenen met het in elkaar zetten ervan, zodat ze zijn voorbereid op eventuele noodsituaties. Ze kunnen er een wedstrijdje van maken (wie het eerste klaar is) of kinderen de schotten laten beschilderen, zodat ze er naar uitzien en de oefening met plezier uitvoeren. Koetsier: We hadden van tevoren in grote lijnen wel een plan, maar voor diepgaand onderzoek is een week te kort. We hebben vooral de belangrijkste aspecten onderzocht die relevant waren voor de onderbouwing van ons plan. Een andere groep keek naar de norm- en risicobepaling in het kader van de hoogwaterveiligheid. Uit hun onderzoek, waarvan wij gebruik konden maken, kwam naar voren dat in en rond Heijplaat alleen sprake is van overlast en dan nog in vrij beperkte mate. Omdat het een buitendijks gebied is, vallend onder dijkkring 14, is echter bepaald dat de veiligheidsnorm 1: moet zijn (een extreme gebeurtenis per jaar). Het gebied ligt nu op 2,80 meter boven NAP. Dat zou volgens ons een verhoging naar drie meter nodig maken, met daar bovenop een te keren hoogte van één meter. De groep heeft gekeken naar een eventuele meerwaarde van groene daken en waterpleinen, maar die oplossingen zijn niet relevant voor Heijplaat. Er is genoeg oppervlaktewater om op af te voeren, er is geen extra kleinschalige berging nodig. Niet alleen Heijplaat heeft straks wellicht baat bij de bevindingen van de studenten, ook zijzelf profiteren van het Wateratelier dat theorie en praktijk samenbrengt en tegelijk de verschillen ertussen laat zien. Koetsier: Doordat je begeleiding krijgt van bedrijven zie je gelijk waar zij waarde aan hechten. Binnen de opleiding watermanagement ben je puur gericht op watergerelateerde aspecten, maar in de praktijk kijken ze niet meteen naar groene daken of waterpleinen, maar vooral naar oplossingen die voor hun bedrijf om omgeving nut hebben. Zo n Wateratelier is zeer leerzaam. De bevindingen van de acht groepen worden gebundeld in een boekje, dat wordt overgedragen aan Woonbron en DHV. 12 H 2 O / 14/

13 actualiteit Aa en Maas gebruikt zandwinplas om droogte te bestrijden Waterschap Aa en Maas gebruikt zandwinplas Hoogdonk om de droogte te bestrijden. Het peil van de plas wordt tijdelijk met 20 cm verhoogd, waardoor kubieke meter water extra gebufferd wordt. Daarmee kan het waterschap in het geval van een extreem droge zomer het waterpeil op de Oude Aa langer op peil houden. Met deze proef hoopt Aa en Maas de negatieve gevolgen van droogte voor de waterkwaliteit, natuur en landbouw in de regio zoveel mogelijk te beperken. Ondanks de soms hevige buien die afgelopen weken vielen, is nog steeds sprake van aan neerslagtekort. De toplaag van de bodem is vochtig, maar grondwaterstanden zijn extreem laag terwijl de zomer nog maar net is begonnen. Waterschap Aa en Maas bereidt zich daarom voor op een scenario van een droge zomer. Zandwinplas Hoogdonk is eigendom van Xella Kalkzandsteenfabriek en ligt ten noordoosten van Liessel in de gemeente Deurne. Waterschap Aa en Maas en de eigenaar zijn eerder overeengekomen dat de plas in tijd van hoog water ingezet kan worden als tijdelijke waterberging om wateroverlast stroomafwaarts te voorkomen. Uniek is dat de waterberging nu gebruikt gaat worden als buffer in tijd van aanhoudende droogte. Water vanuit het Kanaal van Deurne wordt via de Oude Aa naar de zandwinplas geleid en kan op een later tijdstip gecontroleerd terugvloeien en zorgen voor een hogere grond- en oppervlaktewaterstand. Het betreft een proef om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om te handelen wanneer de droogte aanhoudt of verergert. Dijkgraaf Lambert Verheijen draait de stuw op zomerpeil of hoger om zoveel mogelijk water vast te houden. Dijkgraaf Lambert Verheijen: Deze tijd van extreme droogte vraagt om bijzondere maatregelen en oplossingen. De regio Gemert-Bakel-Deurne behoort tot één van de droogste regio s van Nederland. Met deze proef bereiden we ons voor op een mogelijk extreem droge zomer. Hiermee geven we aan hoe ernstig de situatie nu al is. Ondanks de soms hevige buien moet het nog dagen aaneengesloten regenen om het opgelopen tekort aan grond- en oppervlaktewater weer op het normale peil te krijgen. Water is van levensbelang voor landbouw en natuur. Hoewel het de afgelopen weken soms flink geregend heeft, steeg de grondwaterstand in Noord-Brabant nauwelijks. Veel sloten en riviertjes zijn uitzonderlijk vroeg drooggevallen of staan beneden het normale waterpeil. Normaal gesproken onstaat dat beeld later pas in de zomer. Waterschap Aa en Maas neemt zoveel mogelijk maatregelen om het water in het gebied te houden en daarmee te voorkomen dat te veel droogval ontstaat. In het hele beheergebied staan de circa 1700 stuwen nu op zomerpeil of hoger om zoveel mogelijk water vast te houden. Ook wordt ervoor gezorgd dat al het water dat in de waterlopen past, ook het gebied inkomt via de inlaatpunten. De waterkwaliteit lijdt nog niet noemenswaardig onder de droogte. Er is nog maar een beperkt aantal gevallen van blauwalg geconstateerd. H 2 O / 14/

14 De Waterplanner als middel tegen droogteschade in Polen Nelen & Schuurmans, Dacom en MeteoConsult gaan samen met subsidie van Partners voor Water het watermanagement in de landbouw in Polen optimaliseren. Met behulp van een lokale partij, het Instituut van Technologie en Life Sciences (ITP), is een pilotgebied uitgekozen waar extreme droogte tot gewasschade leidt. Hier wordt de Waterplanner uitgeprobeerd: een instrument dat helpt bij het zo efficiënt mogelijk met water omgaan. Het project strekt zich uit over twee jaar, zodat de waarde van het instrument in twee teeltcycli kan worden onderzocht. In centraal Polen heeft de landbouw te kampen met frequent optreden van droogte met oogstverlies en daardoor economische schade als gevolg. Door klimaatveranderingen is de verwachting dat deze droogteproblemen verder toe zullen nemen. Poolse agrariërs komen dus steeds meer onder druk te staan om het uiterste uit hun bedrijfsvoering te halen voor een concurrerende positie op de markt. De beschikbaarheid van water speelt hierin een sleutelrol. Het gaat dan niet alleen over hoe het water wordt ingezet, maar ook inzicht in wanneer en hoeveel water kan worden gebruikt. Een agrariër die over de middelen beschikt om dit inzicht te verkrijgen, zal dus een grotere kans maken om te overleven bij een sterk wisselend wateraanbod. Door de opwarming van de aarde worden onder andere het voorjaar en de zomer droger (zie afbeelding 1), maar neemt ook de kans op extreme zomerbuien toe. Hierdoor stijgt de kans op schade voor agrariërs. Voor een duurzame agrarische sector, niet alleen in Polen maar ook daarbuiten, is het belangrijk dat agrariërs ook tijdens perioden van droogte over voldoende water van goede kwaliteit kunnen beschikken. In Nederland is inmiddels veel kennis en ervaring over het sturen van waterstromen om wateroverlast en -schade te voorkomen. Voor droge zomerperiodes wordt deze informatie steeds urgenter. De Waterplanner moet inzicht geven in hoe de watervraag zich verhoudt tot het aanbod. Dit stelt de landbouwer in staat om strategisch met de beschikbare watervoorraad om te gaan, terwijl de waterbeheerder op de watervraag kan anticiperen. Hierdoor kan het tekort aan water tijdens droge perioden voor de agrarische sector drastisch verminderen. Pilotgebied: Gasawka Het stroomgebied van de Gasawka ligt ten zuidwesten van Bydgoszcz, beslaat 440 hectare en is een substroomgebied van het tien keer grotere Notec-stroomgebied (zie afbeelding 2). Het neerslagtekort bedraagt gemiddeld 200 millimeter per jaar. Ter vergelijking: in Nederland komt een dergelijk tekort alleen in extreme (record)jaren voor (zie afbeelding 1). Irrigatie van landbouwgrond vindt zowel plaats door oppompen van grondwater als via gravitatie uit secundaire en tertiaire watergangen. Deze watergangen worden gecontroleerd door agrariërs en/of lokale agrarische bonden. De stroomopwaarts gelegen rivieren en primaire kanalen worden beheerd door het regionale waterschap. Waterplanner De Waterplanner is een via internet toegankelijk informatiesysteem dat het wateraanbod en de irrigatie van percelen (watervraag) optimaal afstemt (zie afbeelding 3) op basis van de specifieke gewasbehoefte, de actuele en verwachte bodemvochttoestand en de actuele en verwachte waterbeschikbaarheid. Hiervoor meet Dacom het bodemvochtgehalte in de percelen en vertaalt dit via een modelberekening in combinatie met de te verwachten verdamping en neerslag van MeteoConsult naar een specifieke gewasbehoefte. Het regionale waterschap meet in samenwerking met ITP de waterstanden van de stuwpanden, zodat de beschikbaarheid van water inzichtelijk wordt. Vervolgens ontsluit Nelen & Schuurmans de meetgegevens en modelresultaten in de Waterplanner en stelt via een waterbalans een advies op dat zowel de agrariër als de waterbeheerder kan toepassen. Door het gebruik van lokale metingen en modellen wordt een individueel advies gegeven over het gewasmanagement. Hiermee sluit het informatiesysteem nauw aan bij de hedendaagse precisielandbouw, waarbij planten en dieren heel nauwkeurig die behandeling krijgen die ze nodig hebben. Lokaal waterbeheer Bij het waterbeheer in het stroomgebied van de Gasawka zijn drie partijen betrokken. Het regionale waterschap is verantwoordelijk voor de hoeveelheid water van de Gasawka, de boerenfederatie voor de hoeveelheid water van de irrigatiekanalen aan de individuele agrariër en de individuele agrariërs voor de hoeveelheid water van de irrigatiekanalen op hun eigen land. Door gebrek aan financiering bij de boerenfederatie, vanwege het wegvallen van Afb. 1: Neerslagtekort in Nederland medio mei. Afb. 2: Locatie pilotgebied. Het stroomgebied van de Gasawka. 14 H 2 O / 14/

15 Afb. 3: Voorbeeld Waterplanner met een advies voor het waterschap om de stuwhoogte aan te passen. staatssteun, zijn er te weinig middelen voorhanden om beheer en onderhoud goed uit te voeren. In sommige gevallen leidt dit tot verstopping van de kanalen, waardoor de irrigatiecapaciteit afneemt. Aan de andere kant ziet de boerenvereniging het onderhoud van de kanalen niet als prioriteit zolang het regionale waterschap onvoldoende condities creëert om irrigatie mogelijk te maken. Dit leidt tot discussie over de vraag welke partij verantwoordelijk is voor de afwezigheid van irrigatiewater tijdens droge periodes. De Waterplanner kan ook als middel worden ingezet om zwakke plekken in de beheerorganisatie inzichtelijk te maken en te verbeteren. Deze zomer Deze zomer wordt de waterbehoefte gemeten en de waarde van de Waterplanner geanalyseerd. Op basis van bodemvochtmeters en lokale weersverwachtingen zal men via modellen de watervraag bepalen. Bij de regelbare stuwen in de Gasawka worden de waterstanden gemeten. Op basis van een waterbalans zal vervolgens het wateraanbod van de rivier tegen de watervraag van de agrariërs worden afgezet. De komende teeltperiode gaat men analyses uitvoeren en het gebruik van het informatiesysteem verfijnen. Daarnaast zal het gebruik onder de aandacht worden gebracht bij Nederlandse waterschappen. Jochem Garthoff (Nelen & Schuurmans) Rutger van Hogezand (Nelen & Schuurmans / Hogeschool van Amsterdam) H 2 O / 14/

16 Waterberging in de Eendragtspolder: kwaliteitsimpuls voor water, landschap en ecologie Hoe kan men een inrichtingsplan vanuit ecologische principes in de Randstad vorm geven? De Eendragtspolder ligt ten noorden van Rotterdam, langs de Rotte. Deze diepe droogmakerij heeft een rijke zeekleibodem en kon daarom jarenlang als akkerland gebruikt worden. Van de 470 hectare akkerland wordt momenteel 300 hectare ingezet voor de berging van maximaal vier miljoen kubieke meter water. Gezocht is naar een combinatie van waterberging, topsport, recreatie en natuur. Een opgave waarin gezocht is naar een robuust watersysteem dat ruimte biedt aan nevenfuncties, een landschappelijke impuls geeft aan de regio en een belangrijke stap is naar een klimaatbestendige Randstad. Om te komen tot een samenhangend inrichtings- en beheerplan hebben de vijf betrokken overheden (Provincie Zuid-Holland, het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenaarwaard, het Recreatieschap Rottemeren, de gemeente Zuidplas (grondgebied) en de gemeente Rotterdam (financiering roeibaan)) zich verenigd in de Stuurgroep Eendragtspolder. Copijn Tuin- en landschapsarchitecten is gevraagd een inrichtingsplan te maken. Witteveen+Bos moet het plan ten aanzien van waterkwaliteit en ecologisch beheer vormgeven. De belangrijkste uitgangspunten voor het inrichtingsplan waren: het realiseren van een waterberging voor het Rottesysteem; uitbreiding van het recreatieve aanbod langs de Rotte, met rustige vormen van recreatie (water- en natuurbeleving) en meer sportieve activiteiten (wedstrijdroeibaan en kanovaart); het realiseren van een stabiel helder en plantenrijk watersysteem, zonder waterkwaliteitsproblemen als blauwalgen en botulisme; een gebied dat met betaalbare maatregelen door Groenservice Zuid- Holland te beheren is. Het inrichtingsplan De basisgedachte van het inrichtingsplan is een eigentijds polderlandschap te creëren, waarin het watersysteem feitelijk de Deze foto is genomen tijdens de realisatiefase. De contouren van het ontwerp zijn al duidelijk zichtbaar, met name de roeibaan (foto: Eduard van Dam). 16 H 2 O / 14/

17 achtergrond In de Eendragtspolder is een flexibel peilbeheer mogelijk dat wenselijk is voor natuurdoelen, recreatie en waterberging. Links op deze dwarsdoorsnede is de plas met roeibaan en onderwatereilanden weergegeven. Rechts het plas-drasgebied. Het waterpeil van de Rotte (-1,00 m NAP) ligt veel hoger dan de beoogde waterpeilen in de Eendragtspolder (basispeil -4,70 m NAP). Dit illustreert tevens het waterbergend vermogen van het gebied (maximaal 4 miljoen m 3 ). inrichting bepaalt. Een open landschap met rietvlaktes en hier en daar een boom. Een stelsel van kades vormt de basis en biedt het benodigde volume voor waterberging. Binnen dit stelsel is een omvangrijk watersysteem ontworpen. Daarin bevinden zich twee deelgebieden: de plas en het plasdrasgebied. Centraal in de plas ligt de wedstrijdroeibaan met daar omheen open water en omvangrijke rieteilanden. Het plas-drasgebied bestaat uit een reeks lange kades van oost naar west met watergangen. Binnen de kades liggen eilanden met verschillende graslandtypen van droog tot zeer nat. Tussen de twee deelgebieden liggen drie eilanden met recreatieve voorzieningen omringd door grasland. Met deze eilanden worden inkomsten voor het beheer gegenereerd. Waterberging Het gebied is primair aangewezen als waterberging. Het gehele gebied is hier dan ook op ontworpen. Bij een overschrijding van de maximum waterpeilen op de Rotte wordt water onder vrij verval ingelaten in de grote plas. In de plas kan circa drie miljoen kubieke meter water geborgen worden (systeemberging). Vanuit de plas kan water doorgelaten worden naar het tweede deelgebied waar nog eens - in het geval van een calamiteit - een miljoen kubieke meter water extra geborgen kan worden. Nadat de peilen op de Rotte voldoende gedaald zijn, kan het water weer uit het gebied gelaten worden langs een uitlaat aan de zuidkant van het plas-drasgebied. De waterbergingsfunctie heeft tot gevolg dat in de Eendragtspolder regelmatig voedselrijk water zal worden ingelaten vanuit de Rotte. Het inrichtingsplan of ontwerp moet dus voldoende robuust zijn om deze klappen op te vangen. Op basis van globale inzichten vanuit de MER en een eerste verkennend ecologisch onderzoek heeft Copijn in 2005 een voorlopig ontwerp gemaakt. Witteveen+Bos is vervolgens gevraagd om een inschatting te maken van de toekomstige waterkwaliteit. Uit aanvullend bodemonderzoek en ecologische modelberekeningen bleek dat zonder aanvullende maatregelen het water op den duur zou omslaan in een troebel, door algen gedomineerd systeem. Dit had twee oorzaken: de nutriëntenbelasting op het watersysteem was hoog en het watersysteem zelf was onvoldoende robuust. De belangrijkste maatregelen die in het verfijnde ontwerp werden opgenomen zijn: meer ondiepe en moerassige delen, strijklengte beperken, afdekken of afgraven van de voedselrijke bodem en defosfatering. De eerste twee maatregelen hebben betrekking op het meer robuust maken van het watersysteem. In moerassige delen van een watersysteem worden fosfaat en stikstof vastgelegd en voor een deel ook afgevoerd. De Eendragtspolder bestaat uit een grote plas met roeibaan en onderwatereilanden (westelijk deel) en een plas-drasgebied (oostelijk deel) met bloemrijk grasland en waterpartijen. Op de overgang tussen beide gebieden bevinden zich blokvormige eilanden met velden voor recreatie en evenementen. Watersysteem De Eendragtspolder ligt op rijke zeeklei, die decennialang gebruikt is als intensief akkerland. Het naleverend vermogen van de bodem is daarom groot. Vooral de fosfaatbelasting vormt op voorhand een bedreiging voor de waterkwaliteit in de Eendragtspolder. H 2 O / 14/

18 Om het ontwerp te realiseren en ten behoeve van natuurontwikkeling worden momenteel grote delen ontgraven en vergraven. Met een goede verhouding in moerassige en plantenrijke delen en dieper open water kan gestuurd worden op voldoende aanwezigheid van watervlooien en roofvissen zoals snoek. Daarnaast heeft de strijklengte invloed op de mate waarin de (voedselrijke) bodem op kan wervelen. In het ontwerp zijn deze principes meegenomen door natuurlijkvriendelijke oevers en een serie onderwatereilanden in de grote plas. De eilanden bestaan uit een patroon van ruggen die net onder het waterniveau liggen, waarop zich een robuuste moerasvegetatie kan vormen. Daarbij beperkt de eilandenstructuur de strijklengte. Door te werken in een patroon van ruggen en sleuven ontstaan ecologische gradiënten, maar ook zichtlijnen die belangrijk zijn voor de beleving van het landschap. De laatste twee maatregelen hebben betrekking op het verkleinen van de nutriëntenbelasting. Uit het bodemonderzoek bleek dat de bodem in potentie over vele jaren grote hoeveelheden voedingsstoffen kon naleveren. Centraal in de grote plas ligt de roeibaan met een oppervlak van circa 20 hectare en een grote strijklengte. Hiermee bestaat in de roeibaan een groot risico op opwerveling door wind en vis én nalevering uit de bodem. Het verkleinen van de waterbreedte en diepte is hier gezien de functie absoluut niet mogelijk. Daarom is ervoor gekozen de bodem af te dekken met een zanddek van circa 35 cm. Verder wordt door het gebied heen de meest voedselrijke toplaag afgegraven en in de kaden verwerkt. Om de interne (bodem) en externe (inlaat) nutriëntenbelasting te verkleinen, is ten westen van de roeibaan een defosfateringsinstallatie gepland. Het aflaatwater gedurende een berging defosfateren is vanwege de enorme hoeveelheden niet mogelijk. De installatie is nu zo ontworpen dat via een circulatiestroom intern gedefosfateerd kan worden. Met maatregelen alleen is het ontwerp nog steeds niet robuust genoeg. Bij het ontwerp hoort een afgestemd beheer, waardoor de genomen inrichtingsmaatregelen ook daadwerkelijk gaan functioneren. Ecologisch beheer en monitoring De genoemde inrichtingsmaatregelen zorgen voor een goede basis voor een stabiel helder watersysteem. Het systeem blijft echter kwetsbaar, waardoor extra maatregelen zijn genomen die betrekking hebben op het beheer van het gebied. Daarom heeft Witteveen+Bos een ecologisch beheer- en monitoringsplan opgesteld. In het beheer speelden drie belangrijke vragen: Hoe realiseren we de gewenste natuurdoelen en houden die in stand? Welk beheer is nodig voor het behouden van een goede waterkwaliteit? En welk beheer is nodig voor functies als roeien en kanoën? Het waterpeilbeheer is bewust ingezet als sturende factor voor een aantal belangrijke ecologische processen zoals de ontwikkeling en instandhouding van de rietzones. Vanaf het begin is uitgegaan van een natuurlijke peilfluctuatie (in de winter hoog, in de zomer laag), waardoor watergebonden vegetaties en dieren zich goed kunnen vestigen en ontwikkelen en een evenwichtig ecologisch systeem kan ontstaan. Voor het flexibel peilbeheer van de Eendragtspolder wordt een bandbreedte van 30 cm gehanteerd. Als ontwerppeil voor de polder geldt de bovengrens van de bandbreedte als basispeil. In de praktijk betekent dit dat het peil in de zomer zo n 30 cm uitzakt. De hoogste delen van de eilanden vallen hierbij gemiddeld jaarlijks in de zomer droog en vormen de ideale vestigingsbasis voor riet. De lagere delen staan jaarrond onder water (waterriet). De afwisseling tussen nat en droog, diep en ondiep zorgt ervoor dat optimale omstandigheden voor de ontwikkeling van riet en andere oeverplanten ontstaat. Daarnaast kan het waterpeil in de zomermaanden actief verlaagd worden met nog eens 20 cm. Hiermee vallen delen van de onderwatereilanden en de oevers droog. Droogval is een natuurlijk proces dat in veel wateren niet meer voorkomt, door het ingestelde waterbeheer. Maar droogval heeft positieve effecten op de ontwikkeling van water- en oevervegetatie. Verschillende zaden - waaronder rietzaad - kiemen alleen op droogvallende oevers en waterbodems. Daarnaast wordt tijdens een droogvalperiode fosfaat beter aan ijzer in de bodem gebonden. Ook treden afbraakprocessen op, waardoor de aanwas van bagger vermindert. Verder is in het peilbesluit opgenomen dat het bestuur van het hoogheemraadschap in geval van een slechte waterkwaliteit kan besluiten het gehele watersysteem droog te zetten. Daarbij wordt het ecosysteem dat zich verkeerd ontwikkelt, teruggezet in successie, waardoor de ontwikkeling weer bijna geheel van voren af aan kan beginnen. In Nederland bestaat vanuit natuur- en waterbeheer de wens om naar een meer natuurlijk waterpeilregime te gaan. Dit vanwege de hierboven genoemde positieve effecten. In veel bestaande gebieden is dit echter niet mogelijk vanwege de verschillende functies en de aanwezige (infra) structuur. Bij de Eendragtspolder zijn alle voorzieningen ontworpen op een flexibel peilbeheer. Dit is één van de weinige gebieden in Nederland waar op deze manier invulling wordt gegeven aan het gedachtegoed van de Kaderrichtlijn Water. Piet-Jan Westendorp en Sebastiaan Schep (Witteveen+Bos) Ronald van der Heijde (landschapsarchitect Copijn) Marit Meier (Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard) 18 H 2 O / 14/

19 Betere bescherming drinkwaterbronnen door gebiedsdossiers én gebiedsaanpak achtergrond De afgelopen jaren hebben het Rijk en de provincies onderzocht hoe ze drinkwaterbronnen beter kunnen beschermen. Inmiddels is landelijk besloten om gebiedsdossiers in te zetten voor het halen van de doelen van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Afgesproken is om vóór 2015 voor iedere winning een gebiedsdossier op te stellen. Dit helpt om in ruimtelijke planvorming het belang van schoon drinkwater zwaarder mee te laten wegen, de bewustwording van een winning bij de regionale partijen te vergroten en actoren aan te zetten om afspraken te maken over lokale maatregelen. De Provincie Utrecht gebruikt dit moment om haar dossiers te vernieuwen en de gebiedsaanpak te verstevigen. Daar werden twaalf jaar geleden al voorlopers van gebiedsdossiers opgesteld voor kwetsbare winningen. De ervaring in Utrecht leert dat zulke dossiers pas gaan leven als ook structureel met de betrokken partijen gewerkt wordt aan een gebiedsaanpak. De overheid draagt zorg voor een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. Een belangrijk onderdeel van deze zorg betreft de beschikbaarheid van bronnen en de bescherming daarvan tegen verontreiniging. De wettelijke basis voor deze zorg wordt gevormd door de Waterwet (implementatie van de KRW), de Wet milieubeheer en de Drinkwaterwet. Afb. 1: Samenhang gebiedsdossier en -aanpak bescherming drinkwaterbronnen. Het Rijk wil, ter ondersteuning van het beschermingsbeleid, het instrument gebiedsdossiers waterwinning inzetten. In 2010 zijn hierover met de belanghebbende partijen nadere afspraken gemaakt, die zijn vastgesteld in het Nationaal Wateroverleg. Inmiddels zijn de meeste provincies voortvarend aan de slag gegaan met het opstellen van gebiedsdossiers (zie het artikel hierna over Overijssel). Daarbij is begonnen met de winningen die kwetsbaar zijn voor verontreiniging. De eerste ervaringen laten zien dat het gebiedsdossier vooral meerwaarde krijgt als tegelijkertijd ook structureel gewerkt wordt aan een gebiedsaanpak waarmee bewustwording en betrokkenheid worden gecreëerd bij de verschillende partijen (met name provincie, gemeente, waterbeheerder en drinkwaterbedrijf) ten aanzien van de winning. Landelijke afspraken en protocol gebiedsdossiers De landelijke afspraken hebben betrekking op negen onderwerpen (zie kader). Het gebiedsdossier bevat alle informatie die van belang is voor de waterkwaliteit bij de winlocatie. Dit betreft de (hydrologische) kenmerken van de winning, de ontwikkeling van de waterkwaliteit, de aanwezigheid van verontreinigingsbronnen en de mate waarin de beleidsmatige bescherming is ingevuld. Op basis van deze analyse worden mogelijke beschermingsmaatregelen geïdentificeerd en in het dossier opgenomen. Afspraken over de uitvoering van beschermingsmaatregelen komen niet in het dossier. Het effect van uitgevoerde maatregelen wordt bij de periodieke actualisering van het gebiedsdossier meegenomen. Op basis van de landelijke afspraken en de ervaringen uit het veld is het bestaande protocol gebiedsdossiers hierop geëvalueerd en bijgewerkt 1). Gebiedsdossiers Utrecht Zo n twaalf jaar geleden had de Provincie Utrecht voor de 17 (zeer) kwetsbare drinkwaterwinningen al voorlopers van de huidige gebiedsdossiers opgesteld. In de periode is omwille van de H 2 O / 14/

20 implementatie van de KRW specifiek gekeken naar de ontwikkeling van de kwaliteit van het water dat voor de drinkwaterwinningen wordt onttrokken 2),3). Tegelijkertijd is kritisch gekeken naar bekendheid en het feitelijke gebruik van de Utrechtse dossiers. Daaruit bleek dat met name gemeenten en milieudiensten behoefte hebben aan meer duidelijkheid. Bij welke ontwikkelingen of acties in een gebied moeten zij specifiek rekening houden met het drinkwaterbelang en op welke wijze kunnen zij dit doen? De nieuwe Utrechtse gebiedsdossiers 4) volgen het landelijke protocol en vullen informatie aan daar waar deelnemende organisaties behoefte aan hebben. Eén zo n aanvulling betreft het signaleringsdiagram. Dit communicatie-instrument geeft snel een beeld van de winning voor wat betreft de grondwaterkwaliteit, het risico op verontreiniging én het daarvoor geëigende beschermingsbeleid en -uitvoering. Veel rood betekent een risico, groen betekent een goede situatie. De onderste respectievelijk bovenste helft van het diagram bevat informatie over de ondergrond danwel de bovengrond. De linkerhelft van het diagram geeft de huidige toestand weer van bijvoorbeeld de grondwaterkwaliteit of landgebruiksfuncties. De rechterhelft beschrijft (de uitvoering van) het beschermingsbeleid of het ontbreken daarvan. In bijgaand voorbeeld wordt een probleem gesignaleerd met de kwaliteit van het toestromende grondwater, maar dit leidt nu nog niet tot een normoverschrijding in het totaal onttrokken water. Het signaleringsdiagram geeft op deze wijze bestuurders snel een goed beeld van de huidige problemen, concrete en potentiële risico s en aangrijpingspunten voor (uitvoering van) beleid of te treffen maatregelen. Het ondersteunt de besluitvorming hierover. Het geeft een signaal en nodigt uit tot nadere analyses. Uiteraard zijn de scores op de acht indicatoren enigszins subjectief. Het signaleringsdiagram leidt daarmee uiteraard 1. Doel en toepassing gebiedsdossier. Het gebiedsdossier geeft de betrokken partijen inzicht in de kwaliteitsrisico s bij een winning, zodat de vereiste beschermingsmaatregelen kunnen worden getroffen. 2. Reikwijdte. Het gebiedsdossier levert geen nieuwe juridische bevoegdheid, maar is wel mede gericht op het halen van een nieuw doel, namelijk de doelstellingen van de KRW. Dit doel is wel juridisch verankerd. Voor de uitvoering van maatregelen wordt gebruik gemaakt van bestaande instrumenten. 3. Status en verankering. Het gebiedsdossier wordt conform het besluit van het Nationaal Wateroverleg niet in een wettelijke regeling verankerd. In de regio zullen nadere bestuurlijke afspraken worden gemaakt over het opstellen van gebiedsdossiers en de uitvoering van maatregelen. Beleidsmatig wordt het gebiedsdossier verankerd in de Nota Drinkwater. 4. Regie. De regierol voor het opstellen van gebiedsdossiers voor (oever)grondwaterwinningen ligt bij de provincie. Voor oppervlaktewaterwinningen wordt een verdeling gemaakt tussen Rijkswaterstaat en provincies. De taken voor het opstellen van een dossier zijn in beeld gebracht, evenals een verdeling daarvan over de betrokken partijen. 5. Kosten. Alle betrokken partijen dragen bij aan het opstellen van de dossiers vanuit de eigen verantwoordelijkheid. De regiehouder draagt de kosten voor het opstellen van het dossier zelf. 6. Uniformiteit. Per type winning bestaat behoefte aan uniformiteit op het vlak van de inhoud en aspecten zoals aanpak, actualiteit en de te betrekken partijen. Het protocol gebiedsdossiers is hierop bijgewerkt 1). 7. Planning en prioritering invoering. Voor de meest kwetsbare drinkwaterwinningen (137) wordt in 2012 een gebiedsdossier opgesteld. Voor de overige winningen (111) wordt dat Voor deze categorie winningen wordt een vereenvoudigd gebiedsdossier ontwikkeld. 8. Openbaarheid van gegevens. De drinkwatervoorziening in Nederland is aangemerkt als vitale infrastructuur. De Leidraad uitwisseling gevoelige informatie vormt het uitgangspunt voor het beschikbaar stellen van informatie. Gegevens van overheden vallen onder de Wet Openbaarheid van Bestuur. 9. Overige afspraken. De toepasbaarheid van deze afspraken voor industriële winningen moet nog worden bezien. tot vragen en discussie en vormt daarmee een goede opstap om in gesprek te zijn en zinvolle maatregelen af te spreken. Tevens is in Utrecht aan de gebiedsdossiers een overzicht toegevoegd van de autonome ontwikkelingen in de beschermingszones. Het gaat daarbij niet alleen om ruimtelijke plannen maar ook om anderssoortige geplande maatregelen zoals baggerwerkzaamheden en peilaanpassingen. Overige aspecten Utrechtse gebiedsaanpak Analyse en goede maatregelen en afspraken bedenken is één ding. Afspraken nakomen en zaken realiseren is een tweede. Daarvoor is een goede regie nodig. In Utrecht heeft de provincie daarvoor de gebiedsaanpak geïntroduceerd. Hieronder wordt verstaan een continue en gecoördineerde aanpak van risico s die de kwaliteit van het te onttrekken (grond)water bedreigen en het maken van afspraken over handhaving van regels en uitvoering van maatregelen in samenspraak met de betrokken partijen. Deze elementen komen ook terug in de landelijke afspraken die zijn gemaakt over de invulling van de regierol. De specifiek Utrechtse elementen in de gebiedsaanpak zijn hieronder nader toegelicht. Continue en gecoördineerde aanpak Bescherming van de kwetsbare winningen is een continu proces. Om de gebiedsaanpak in te vullen is voor iedere kwetsbare winning een provinciale beleidsmedewerker als gebiedscoördinator aangewezen.deze coördinator heeft in elk geval de volgende taken: het frequent organiseren van een gebiedsgesprek (minimaal jaarlijks), het bijhouden van informatie over het gebied, het actualiseren van het gebiedsdossier en het bewaken van het doelbereik, de uitvoering van maatregelen en het nakomen van afspraken. De gebiedsschouw De gebiedsschouw is een schouw door het gebied rond de winning om in de praktijk te zien, horen, voelen, ruiken en nagaan wat er aan de hand is in het gebied, bij bedrijven of particulieren, tijdens activiteiten of festiviteiten, enzovoort. De schouw vindt plaats samen met meerdere partijen, ieder vanuit hun eigen invalshoek, deskundigheid of bevoegdheid. Te denken valt hierbij aan de milieudiensten, gemeenten, waterschappen, drinkwaterbedrijf en provincie. De gebiedsschouw bevat elementen van toezicht 20 H 2 O / 14/

Waarom is het plan dat de Unie van Waterschappen nu voorlegt aan de staatssecretaris een deugdelijk en goed plan voor het toekomstig waterbeheer?

Waarom is het plan dat de Unie van Waterschappen nu voorlegt aan de staatssecretaris een deugdelijk en goed plan voor het toekomstig waterbeheer? Nederland waterland, Nederland waterschapsland Kernboodschap De waterschappen zijn gericht op de toekomst. Daarom hebben zij in het licht van de klimaatverandering en de economische crisis een plan gemaakt

Nadere informatie

Verslag bijeenkomst medicijnresten uit water 10 maart 2016

Verslag bijeenkomst medicijnresten uit water 10 maart 2016 We starten de dag met het teruggeven van de resultaten uit de interviews Vitens en Vallei en Veluwe hebben gesproken met deskundigen, beleidsmakers en bestuurders om meer zicht te krijgen op het probleem,

Nadere informatie

gemeente Eindhoven Antwoord van burgemeester en wethouders

gemeente Eindhoven Antwoord van burgemeester en wethouders gemeente Eindhoven Inboeknummer 12bst01517 Beslisdatum B&W 28 augustus 2012 Dossiernummer 12.35.103 2.1.1 Raadsvragenvan het raadslid dhr. P. Leenders (CDA) inzake cocaïnegebruik in Eindhoven De CDA-fractie

Nadere informatie

Energie uit afvalwater

Energie uit afvalwater Energie uit afvalwater Energie uit afvalwater Warm afvalwater verliest een groot deel van zijn warmte in de afvoer en het riool. Als we deze warmte weten terug te winnen, biedt dat grote mogelijkheden

Nadere informatie

Impact van rwzi s op geneesmiddelconcentra5es in kwetsbaar oppervlaktewater

Impact van rwzi s op geneesmiddelconcentra5es in kwetsbaar oppervlaktewater Impact van rwzi s op geneesmiddelconcentra5es in kwetsbaar oppervlaktewater Lieke Coppens (KWR; Copernicus Ins4tuut Universiteit Utrecht), Jos van Gils (Deltares), Thomas ter Laak (KWR; Wageningen Universiteit),

Nadere informatie

KWR Watercycle Research Institute

KWR Watercycle Research Institute KWR Watercycle Research Institute Introductie KWR en activiteit team IAH Danny Traksel 1 1 Historie KWR Watercycle Research Institute 1948 Keurings Instituut Waterleiding Artikelen (Rijswijk) o Certificering

Nadere informatie

FOSFAATFABRIEK. Coert Petri (Waterschap Rijn en IJssel) Green Deal en Ketenakkoord Fosfaat

FOSFAATFABRIEK. Coert Petri (Waterschap Rijn en IJssel) Green Deal en Ketenakkoord Fosfaat FOSFAATFABRIEK Green Deal en Ketenakkoord Fosfaat Coert Petri (Waterschap Rijn en IJssel) (Rafaël Lazaroms, coördinator klimaat en energie Unie van Waterschappen) 1 mei 2012 1 Inhoud presentatie Green

Nadere informatie

De economische betekenis van waterschappen. mr.drs. Peter C.G. Glas Voorzitter Unie van Waterschappen 5 september 2013

De economische betekenis van waterschappen. mr.drs. Peter C.G. Glas Voorzitter Unie van Waterschappen 5 september 2013 De economische betekenis van waterschappen mr.drs. Peter C.G. Glas Voorzitter Unie van Waterschappen 5 september 2013 1 Gefeliciteerd! 2 opzet Waterschappen en ons land Strijd tegen het water Deltaplan

Nadere informatie

GREEN DEAL DUURZAME ENERGIE

GREEN DEAL DUURZAME ENERGIE GREEN DEAL DUURZAME ENERGIE In kort bestek Rafael Lazaroms INHOUDSOPGAVE 1. Wat houdt het in? 2. Motieven, doelstellingen en ambities 3. Organisatiestructuur GELOOFWAARDIGE BOODSCHAP Waterschappen hebben

Nadere informatie

VOORSTEL. Documentnummer Programma Waterketen Projectnummer. Afdeling Planvorming Bijlage(n) 1 Onderwerp Beleidskader nieuwe stoffen

VOORSTEL. Documentnummer Programma Waterketen Projectnummer. Afdeling Planvorming Bijlage(n) 1 Onderwerp Beleidskader nieuwe stoffen Aan algemeen bestuur 18 februari 2015 VOORSTEL Datum 6 januari 2015 Portefeuillehouder B.J. van Vreeswijk Documentnummer 661410 Programma Waterketen Projectnummer Afdeling Planvorming Bijlage(n) 1 1. Voorstel

Nadere informatie

KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN

KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN KLIMAAT, ENERGIE EN GRONDSTOFFEN AKKOORDEN EN GREEN DEALS Rafaël Lazaroms Coördinator Energie en duurzaamheid Unie van Waterschappen 1. Duurzaamheid en taken waterschappen 2. Duurzame ambities in akkoorden

Nadere informatie

Medicijnresten in drinkwater Voorkomen is beter dan genezen. Gezonde Lunch, 7 april 2014 Martien den Blanken, directeur PWN

Medicijnresten in drinkwater Voorkomen is beter dan genezen. Gezonde Lunch, 7 april 2014 Martien den Blanken, directeur PWN Medicijnresten in drinkwater Voorkomen is beter dan genezen Gezonde Lunch, 7 april 2014 Martien den Blanken, directeur PWN Drinkwaterland In Nederland 10 drinkwaterbedrijven Sinds 1950 sterke concentratie

Nadere informatie

Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta)

Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta) Agenda Stad Concernstaf CSADV Stadhuis Grote Kerkplein 15 Postbus 538 8000 AM Zwolle Telefoon (038) 498 2092 www.zwolle.nl Klimaatadaptatie in Zwolle (IJsselvechtdelta) Hoe houden we onze delta leefbaar

Nadere informatie

JA: BETTER YN WETTER! VERKIEZINGSPROGRAMMA PVDA FRYSLÂN WETTERSKIP MAKKELIJK LEZEN

JA: BETTER YN WETTER! VERKIEZINGSPROGRAMMA PVDA FRYSLÂN WETTERSKIP MAKKELIJK LEZEN JA: BETTER YN WETTER! VERKIEZINGSPROGRAMMA PVDA FRYSLÂN WETTERSKIP MAKKELIJK LEZEN INLEIDING Foto: Timo Tijhof, Creative Commons OP PEIL BRENGEN Voor iedereen is het belangrijk dat er genoeg schoon water

Nadere informatie

In de beslisnota wordt aan u gevraagd in te stemmen met de vastgestelde doelen en maatregelen.

In de beslisnota wordt aan u gevraagd in te stemmen met de vastgestelde doelen en maatregelen. Nummer Onderwerp : B-3.11.2008 : Beslisnota Kaderrichtlijn Water Korte inhoud : Water Beheer 21 e eeuw, 2008, Schoon en gezond water in Noord-Nederland 1. Implementatie Europese Kaderrichtlijn Water in

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 25 juni 2013 Betreft Geneesmiddelen in drinkwater en milieu

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 25 juni 2013 Betreft Geneesmiddelen in drinkwater en milieu > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

Microverontreinigingen: hoe kun je ecologische risico s in water bepalen?

Microverontreinigingen: hoe kun je ecologische risico s in water bepalen? Microverontreinigingen: hoe kun je ecologische risico s in water bepalen? Ron van der Oost, (Waternet), Leo Posthuma (RIVM), Dick de Zwart(RIVM), Jaap Postma (Ecofide), Leonard Osté (Deltares) Met de huidige

Nadere informatie

Water nu en... KRW De Europese. Kaderrichtlijn water. Een grote kans voor. de verbetering van de. waterkwaliteit. en daarmee ook voor de

Water nu en... KRW De Europese. Kaderrichtlijn water. Een grote kans voor. de verbetering van de. waterkwaliteit. en daarmee ook voor de KRW De Europese Kaderrichtlijn water Een grote kans voor de verbetering van de waterkwaliteit en daarmee ook voor de drinkwatervoorziening. Water nu en... Vereniging van Waterbedrijven in Nederand KRW

Nadere informatie

Terugdringen van geneesmiddelen in de watercyclus van Limburg

Terugdringen van geneesmiddelen in de watercyclus van Limburg Terugdringen van geneesmiddelen in de watercyclus van Limburg Jan Hofman, Harry Tolkamp, Thomas ter Laak, Hans Huiting, Roberta Hofman-Caris, KWR Watercycle Research Institute, Nieuwegein; Peter van Diepenbeek,

Nadere informatie

Geachte gasten, beste collega s

Geachte gasten, beste collega s Geachte gasten, beste collega s Ik heet u allen van harte welkom bij de officiële ingebruikname van de volledig nieuwe voorzuivering voor ons Productiebedrijf Andijk. In het bijzonder wil ik verwelkomen,

Nadere informatie

De watervoorziening in 2040: (de)centraal duurzaam intelligent?

De watervoorziening in 2040: (de)centraal duurzaam intelligent? De watervoorziening in 2040: (de)centraal duurzaam intelligent? Symposium Energie en Water schrijven toekomst 20 juni 2012 Jan Peter van der Hoek Focus Drinkwatervoorziening NL: dichtbevolkt gebied (16,7

Nadere informatie

Klankbordgroep nhwbp en nieuwe normering Op 9 maart vond een klankbordbijeenkomst plaats over de voortgang van het nhwbp en de nieuwe normering.

Klankbordgroep nhwbp en nieuwe normering Op 9 maart vond een klankbordbijeenkomst plaats over de voortgang van het nhwbp en de nieuwe normering. Nieuwsbrief voorzitters en secretarissendirecteuren week 10 Landelijke toetsdag waterkeringen Op deze dag werden door het ministerie van I&M de resultaten van de 3e toetsing gepresenteerd. Ook werd uitleg

Nadere informatie

Productie van drinkwater uit oppervlaktewater m.b.v. energie-efficiënte membraanfiltratie- technieken

Productie van drinkwater uit oppervlaktewater m.b.v. energie-efficiënte membraanfiltratie- technieken Productie van drinkwater uit oppervlaktewater mbv energie-efficiente membraanfiltratie-technieken Productie van drinkwater uit oppervlaktewater m.b.v. energie-efficiënte membraanfiltratie- technieken Subsidieregeling

Nadere informatie

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE

WATER- SCHAPPEN & ENERGIE WATER- SCHAPPEN & ENERGIE Resultaten Klimaatmonitor Waterschappen 2014 Waterschappen willen een bijdrage leveren aan een duurzame economie en samenleving. Hiervoor hebben zij zichzelf hoge ambities gesteld

Nadere informatie

HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking

HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking HPLC- UV- screening: geharmoniseerde analysemethode voor efficiënte waterkwaliteitsbewaking Annemieke Kolkman (KWR), Erik Emke (KWR), Gerard Stroomberg (Rijkswaterstaat), Henk Ketelaars (Evides) Bij een

Nadere informatie

RIKILT Institute of Food Safety

RIKILT Institute of Food Safety RIKILT Institute of Food Safety In het kort Referentie instituut Metingen & Advies Onderzoek RIKILT Institute of Food Safety RIKILT Institute of Food Safety is onderdeel van de internationale kennisorganisatie

Nadere informatie

Drinkwater voor nu en later

Drinkwater voor nu en later Drinkwater voor nu en later PAL lunchlezing Provincie Zuid-Holland 19 december 2014 Mirja Baneke Consultant drinkwatervoorziening en waterbeheer Afdeling Strategie Water Inhoud Drinkwatervoorziening in

Nadere informatie

een veelzijdige aak Stansvorm

een veelzijdige aak Stansvorm S c h o o n d r i n k w at e r een veelzijdige aak Stansvorm Schoon drinkwater, een veelzijdige taak Oppervlaktewater speelt een belangrijke rol in vele economische en maatschappelijke facetten van onze

Nadere informatie

Decentrale productie drinkwater

Decentrale productie drinkwater Decentrale productie drinkwater Relevante wet- en regelgeving Wim Heiko Houtsma Projectleider Drinkwater voor later (IenM) Opbouw Decentraal? Prioriteiten drinkwatervoorziening: I. Drinkwater moet gegarandeerd

Nadere informatie

Waterschappen en Energieakkoord

Waterschappen en Energieakkoord Waterschappen en Energieakkoord Energiekansen in het Waterbeheer Hennie Roorda/Rafaël Lazaroms Unie van Waterschappen mei 5, 2014 1 Waar staan de waterschappen voor? Waterveiligheid (veilig wonen en werken

Nadere informatie

Vraag 1 Wat is uw reactie op de berichten in het Algemeen Dagblad over het aantreffen van GenX in drinkwater op meerdere locaties?

Vraag 1 Wat is uw reactie op de berichten in het Algemeen Dagblad over het aantreffen van GenX in drinkwater op meerdere locaties? > Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Rijnstraat 8 2515 XP Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456 0000

Nadere informatie

Rob van Veen. 22 mei 2013. Algemeen Bestuur waterschap De Dommel

Rob van Veen. 22 mei 2013. Algemeen Bestuur waterschap De Dommel Rob van Veen 22 mei 2013 Algemeen Bestuur waterschap De Dommel Waarom ook al weer Winnend Samenwerken? In het verlengde van de actie Storm zochten ook de waterschappen Brabantse Delta, De Dommel en Aa

Nadere informatie

datum 2 februari 2012

datum 2 februari 2012 WAT Cr,. NO. 2012.03543,NGEK - 9 - FEB 2012 ij Ê Stichting RIONED Postbus 133, 6710 BC Ede Galvanistraat 1, 6716 AE Ede Waterschap Peel en Maasvallei het Algemeen Bestuur Postbus 3390 5902 RJ VENLO t 0318

Nadere informatie

Water is onmisbaar! actieve mkb/kmo s. Dankzij EU-beleid meer banen en groei in de watersector. JOUW MENING TELT EN JOUW ACTIES OOK

Water is onmisbaar! actieve mkb/kmo s. Dankzij EU-beleid meer banen en groei in de watersector. JOUW MENING TELT EN JOUW ACTIES OOK Dankzij EU-beleid meer banen en groei in de watersector. 9 000 actieve mkb/kmo s bijna 500 000 banen JOUW MENING TELT Met het waterbeleid en de maatregelen van de EU krijgt iedereen inspraak door middel

Nadere informatie

Forum relinen 2014. "Renoveren als instrument voor verbeteren doelmatigheid" Huidige situatie. Opbouw. Visitatiecommissie.

Forum relinen 2014. Renoveren als instrument voor verbeteren doelmatigheid Huidige situatie. Opbouw. Visitatiecommissie. Forum Relinen & Rioolbeheer 2014 Datum: 20 november 2014 in Hotel Vianen Organisatie: Stichting Kenniscentrum Rioolrenovaties "Renoveren als instrument voor verbeteren doelmatigheid" Wat is doelmatigheid?

Nadere informatie

Samen werken aan waterkwaliteit. Voor schoon, voldoende en veilig water

Samen werken aan waterkwaliteit. Voor schoon, voldoende en veilig water Samen werken aan waterkwaliteit Voor schoon, voldoende en veilig water D D Maatregelenkaart KRW E E N Z D E Leeuwarden Groningen E E W A IJSSELMEER Z Alkmaar KETELMEER ZWARTE WATER MARKER MEER NOORDZEEKANAAL

Nadere informatie

Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel afvalwaterketen

Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel afvalwaterketen Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel afvalwaterketen Stand van zaken voorjaar 2015 In het Bestuursakkoord Water (BAW) van mei 2011 zijn afspraken gemaakt over onder

Nadere informatie

Iv-Water. Ingenieursbureau met Passie voor Techniek

Iv-Water. Ingenieursbureau met Passie voor Techniek Iv-Water Ingenieursbureau met Passie voor Techniek Passie voor Techniek Advies gebaseerd op inhoudelijke kennis Iv-Water Water is van essentieel belang voor al het leven op aarde, maar het kan ook een

Nadere informatie

32627 (Glas)tuinbouw. 27858 Gewasbeschermingsbeleid. Nr. 19 Brief van de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu

32627 (Glas)tuinbouw. 27858 Gewasbeschermingsbeleid. Nr. 19 Brief van de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu 32627 (Glas)tuinbouw 27858 Gewasbeschermingsbeleid Nr. 19 Brief van de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 23 juni 2015 Mede

Nadere informatie

Dit heeft in april 2011 geleid tot het ondertekenen door de genoemde koepelorganisaties en het Rijk van het BAW.

Dit heeft in april 2011 geleid tot het ondertekenen door de genoemde koepelorganisaties en het Rijk van het BAW. Notitie over de bijdragen van Vechtstromen aan het Bestuursakkoord Water en de samenwerkingopgave in de regio s Wateropgave De komende jaren komen er grote wateropgaven op de samenleving af die vragen

Nadere informatie

Kansen voor duurzame opwekking van energie bij Waterschap De Dommel

Kansen voor duurzame opwekking van energie bij Waterschap De Dommel Page 1 of 5 Kansen voor duurzame opwekking van energie bij Waterschap De Dommel Auteur: Anne Bosma, Tony Flameling, Toine van Dartel, Ruud Holtzer Bedrijfsnaam: Tauw, Waterschap De Dommel Rioolwaterzuiveringen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming. Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen

Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming. Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen Datum 14 januari 2011 Opgemaakt door afdeling Planvorming Huidige samenwerking in de Veluwse afvalwaterketen Blad 2 van 6 Inhoudsopgave 1. Inleiding... 3 2. Huidige situatie; wat is er al bereikt?... 4

Nadere informatie

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2014

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2014 Vereniging van waterbedrijven in Nederland Kerngegevens drinkwater 2014 Watervoorzieningsgebieden Toelichting op deze folder Deze folder geeft een overzicht van kerngegevens van de drinkwatersector en

Nadere informatie

SPARK - riothermie. 29 september 2014. Rada Sukkar gfs@tauw.nl 06-15945727

SPARK - riothermie. 29 september 2014. Rada Sukkar gfs@tauw.nl 06-15945727 SPARK - riothermie 29 september 2014 Rada Sukkar gfs@tauw.nl 06-15945727 Tauw introductie TAUW BV In Top 10 van Nederlandse ingenieursbureau sinds 1928 750 medewerkers Integer Professioneel Maatschappelijk

Nadere informatie

AGENDAPUNT 9 ONTWERP. Onderwerp: Krediet renovatie rwzi De Meern Nummer: 568495. Voorstel. Het college stelt u voor om

AGENDAPUNT 9 ONTWERP. Onderwerp: Krediet renovatie rwzi De Meern Nummer: 568495. Voorstel. Het college stelt u voor om VOORSTEL AAN HET ALGEMEEN BESTUUR AGENDAPUNT 9 Onderwerp: Krediet renovatie rwzi De Meern Nummer: 568495 In D&H: 16-07-2013 Steller: Tonny Oosterhoff In Cie: BMZ 03-09-2013 Telefoonnummer: (030) 6345726

Nadere informatie

Meer waarde creëren. Assetmanagement op maat

Meer waarde creëren. Assetmanagement op maat Meer waarde creëren Assetmanagement op maat Zo maken wij assetmanagement toepasbaar Met de toolbox Zeven bouwstenen van professioneel assetmanagement maken we de ISO55000 toepasbaar voor u. Belanghebbenden

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG > Retouradres Postbus 20906 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag T 070-456

Nadere informatie

ADVIES KLANKBORDGROEP RIJN- WEST AAN REGIONAAL BESTUURLIJK OVERLEG inzake opzet en inhoud gebiedsprocessen, op weg naar 2e Stroomgebiedbeheerplan

ADVIES KLANKBORDGROEP RIJN- WEST AAN REGIONAAL BESTUURLIJK OVERLEG inzake opzet en inhoud gebiedsprocessen, op weg naar 2e Stroomgebiedbeheerplan ADVIES KLANKBORDGROEP RIJN- WEST AAN REGIONAAL BESTUURLIJK OVERLEG inzake opzet en inhoud gebiedsprocessen, op weg naar 2e Stroomgebiedbeheerplan Inleiding Het RBO Rijn- West heeft procesafspraken gemaakt

Nadere informatie

BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN

BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN BESTUURLIJKE SAMENVATTING AFSTEMMEN INVESTERINGEN Aanpak De opdracht Afstemmen investeringen is voortvarend opgepakt door de werkgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van de Gelderse waterschappen en

Nadere informatie

Stroomgebiedsafstemming Rijnwest. ER in combinatie met meetgegevens

Stroomgebiedsafstemming Rijnwest. ER in combinatie met meetgegevens Stroomgebiedsafstemming Rijnwest ER in combinatie met meetgegevens Stroomgebiedsafstemming Rijn-West 2 Opdrachtgever: Rijn West Begeleidingsgroep / beoordelingsgroep: Provincies, RAO, KRW-Kernteam Rijn

Nadere informatie

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2016

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2016 Vereniging van waterbedrijven in Nederland Kerngegevens drinkwater 2016 Watervoorzieningsgebieden Toelichting op deze folder Deze folder geeft een overzicht van kerngegevens van de drinkwatersector en

Nadere informatie

Watersysteem van de Toekomst: vervolg debat-diner

Watersysteem van de Toekomst: vervolg debat-diner Memo Aan deelnemers diner-debat Eye Kopie aan Contactpersoon Rik van Terwisga Datum 8 januari 2015 Onderwerp Vervolg Debat-diner "Watersysteem van de Toekomst" Watersysteem van de Toekomst: vervolg

Nadere informatie

Oasen in 2006 Het jaar in beeld

Oasen in 2006 Het jaar in beeld Oasen in 2006 Het jaar in beeld Gouda 29 mei 2007 Januari 29 mei 2007 Oasen in 2006 2 Verbouwing zuiveringsstation Rodenhuis In 2006 vierde Oasen het bereiken van hoogste punt van de bouw. Tijdens de ombouw

Nadere informatie

Restwarmte en riothermie

Restwarmte en riothermie Restwarmte en riothermie Early Morning Toast Bijeenkomst Stichting kiemt, netwerk Arnhem Hoenderloo, 26 maart 2014 Rada Sukkar gfs@tauw.nl 06-15945727 Tauw introductie TAUW BV In Top 10 van Nederlandse

Nadere informatie

Bodemsanering. 45 humane spoedlocaties zijn niet volledig gesaneerd. De bodem en het (grond)water zijn schoon MILIEU MARKT. Staat van Utrecht 2014

Bodemsanering. 45 humane spoedlocaties zijn niet volledig gesaneerd. De bodem en het (grond)water zijn schoon MILIEU MARKT. Staat van Utrecht 2014 MENS Staat van Utrecht 204 Bodemsanering Hoeveel humane spoedlocaties zijn nog niet volledig gesaneerd? 45 humane spoedlocaties zijn niet volledig gesaneerd Kaart (Humane spoedlocaties bodemverontreiniging

Nadere informatie

4V';;'9' B E R N H EZ E

4V';;'9' B E R N H EZ E 4V';;'9' B E R N H EZ E Dossierornslag voor burgemeester en wethouders cgj Behandeling door college Registratiekenmerk: v/2012/27094 D Afdoening door portefeuillehouder via besluitenlijst paraafstukken

Nadere informatie

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3)

Bouwlokalen INFRA. Het riool in Veghel. Veghel in cijfers en beeld (1) Veghel in cijfers en beeld (2) Veghel in cijfers en beeld (3) Bouwlokalen INFRA Innovatie onder het maaiveld / renovatie van rioolstelsels Het riool in Veghel Jos Bongers Beleidsmedewerker water- en riolering Gemeente Veghel 21 juni 2006 Veghel in cijfers en beeld

Nadere informatie

Afbreken van geneesmiddelen kan met veel minder energie

Afbreken van geneesmiddelen kan met veel minder energie 14 maart 2015 Afbreken van geneesmiddelen kan met veel minder energie Bas Wols, Roberta Hofman-Caris, Erwin Beerendonk en Danny Harmsen (KWR Watercycle Research Institute), Ton van Remmen (Van Remmen UV

Nadere informatie

Bodem & Klimaat. Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer

Bodem & Klimaat. Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer Bodem & Klimaat Op weg naar een klimaatbestendig bodembeheer Jaartemperaturen en warmterecords in De Bilt sinds het begin van de metingen in 1706 Klimaatverandering KNMI scenarios Zomerse dagen Co de Naam

Nadere informatie

JONGERENCAMPAGNE VOOR DE WATERSECTOR

JONGERENCAMPAGNE VOOR DE WATERSECTOR JONGERENCAMPAGNE VOOR DE WATERSECTOR ACHTERGROND De instroom in de watersector moet worden vergroot. Maar jongeren denken niet snel aan een carrière in deze sector. Daarom is het nodig om jongeren op een

Nadere informatie

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015

Bestuursrapportage 2014 waterschap Vechtstromen Versie 24 november 2015 Bestuursrapportage 204 Vechtstromen Versie 24 november 205 Deze rapportage bevat een overzicht op hoofdlijnen van de voortgang van de uitvoering van het waterbeleid en dient als basis voor jaarlijks bestuurlijk

Nadere informatie

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2015

Vereniging van waterbedrijven in Nederland. Kerngegevens drinkwater 2015 Vereniging van waterbedrijven in Nederland Kerngegevens drinkwater 2015 Watervoorzieningsgebieden Toelichting op deze folder Deze folder geeft een overzicht van kerngegevens van de drinkwatersector en

Nadere informatie

Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel waterketen

Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel waterketen Voortgang en resultaat regionale uitwerking Bestuursakkoord Water, onderdeel waterketen Stand van zaken voorjaar 2016 In het Bestuursakkoord Water (BAW) van mei 2011 zijn afspraken gemaakt over onder andere

Nadere informatie

Brink, Liesanne van den (Raad) Geachte heer van Steden,

Brink, Liesanne van den (Raad) Geachte heer van Steden, Brink, Liesanne van den (Raad) Van: Verzonden: Aan: Onderwerp: Bijlagen: Steden, Erik van donderdag 30 januari 2014 9:29 Brink, Liesanne van den (Raad) FW: drugsbeleid Hoe groot is het drugsprobleem.doc

Nadere informatie

Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse. Overzicht uit te voeren organoleptische bepalingen 2010. Januari 2010 Versie 1.

Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse. Overzicht uit te voeren organoleptische bepalingen 2010. Januari 2010 Versie 1. Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse Overzicht uit te voeren organoleptische bepalingen 2010 Januari 2010 Versie 1.4 Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse Overzicht

Nadere informatie

Energy Balance Assessment Tool

Energy Balance Assessment Tool Energy Balance Assessment Tool Energy Balance Assessment Tool (EBAT) Verbruik van verschillende soorten energie in de waterkringloop: een Excel tool Energy Balance Assessment Tool (EBAT) Waarom is EBAT

Nadere informatie

B-85 Green Deal verduurzamen dierenbeschermingcentra

B-85 Green Deal verduurzamen dierenbeschermingcentra B-85 Green Deal verduurzamen dierenbeschermingcentra Partijen: 1. De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, de heer drs. M.J.M. Verhagen en de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu,

Nadere informatie

Ik ben als bestuurder in deze provincie bijzonder geïnteresseerd in de kansen van nieuwe energie voor onze kenniseconomie.

Ik ben als bestuurder in deze provincie bijzonder geïnteresseerd in de kansen van nieuwe energie voor onze kenniseconomie. Welkomstwoord van Jan Franssen, Commissaris van de Koningin in Zuid-Holland, bij het Lustrumcongres 'Geothermal Heat is Cool' van het Platform Geothermie, Den Haag, 24 oktober 2012 ---------------------------------------------------------------------------------

Nadere informatie

De hoogwaardige zuivering van afvalwater papierfabrieken Eerbeek

De hoogwaardige zuivering van afvalwater papierfabrieken Eerbeek De hoogwaardige zuivering van afvalwater papierfabrieken Eerbeek De drie oprichters van IWE Binnen modern en duurzaam ondernemerschap past het niet om het milieu onnodig te belasten. Een besef dat nu wijdverbreid

Nadere informatie

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas

Duurzame energie. Leveranciersdag Rijk 27 november 2015. Piet Glas Duurzame energie Leveranciersdag Rijk 27 november 2015 Piet Glas P.Glas@mindef.nl Categoriemanager Energie Frans van Beek frans.beek@minbzk.nl BZK - DG Organisatie Bedrijfsvoering Rijk Opzet workshop 1.

Nadere informatie

Benchmarken in de Nederlandse drinkwatersector: hoe kan dat leiden tot verbeteringen?

Benchmarken in de Nederlandse drinkwatersector: hoe kan dat leiden tot verbeteringen? Benchmarken in de Nederlandse drinkwatersector: hoe kan dat leiden tot verbeteringen? Marieke de Goede, Bert Enserink (TU Delft), Ignaz Worm (Isle Utilities), Jan Peter van der Hoek (TU Delft en Waternet)

Nadere informatie

Nuon Helianthos. Een doorbraak in zonne-energie.

Nuon Helianthos. Een doorbraak in zonne-energie. Nuon Helianthos Een doorbraak in zonne-energie. 2 Nuon Helianthos Een doorbraak in zonne-energie. Nuon Helianthos 3 Een duurzame samenleving staat hoog op de politieke en maatschappelijke agenda. Een wezenlijke

Nadere informatie

Inleiding KNAG 7 december 2012. Dijkgraaf Herman Dijk

Inleiding KNAG 7 december 2012. Dijkgraaf Herman Dijk Inleiding KNAG 7 december 2012 Dijkgraaf Herman Dijk WATERSCHAPPEN IN NEDERLAND 25 GEBIED GROOT SALLAND oppervlakte: 120.000 ha, inwoners: 360.000 26% onder zeeniveau Wanneer geen dijken/duinen: 66% regelmatig

Nadere informatie

Highlights Meer met Bodemenergie

Highlights Meer met Bodemenergie Highlights Meer met Bodemenergie Diep onder Drenthe Bijeenkomst over Warmte Koude Opslag 12 juni 2012, Provinciehuis te Assen Maurice Henssen, Bioclear b.v. Inhoud Bodemenergie anno 2012 Waarom Meer met

Nadere informatie

Hoe groen zijn uw evenementen?

Hoe groen zijn uw evenementen? Even voorstellen... GMB introduceert SaNiPhos : Europa s eerste urineverwerkingsfabriek voor het verwerken en winnen van nuttige meststoffen uit urine. Terugwinning van fosfaat en stikstof uit urine levert

Nadere informatie

Analyse van de chemische waterkwaliteit. Annemieke Kolkman Chemische Waterkwaliteit en Gezondheid KWR Watercycle Research Institute

Analyse van de chemische waterkwaliteit. Annemieke Kolkman Chemische Waterkwaliteit en Gezondheid KWR Watercycle Research Institute Analyse van de chemische waterkwaliteit Annemieke Kolkman Chemische Waterkwaliteit en Gezondheid KWR Watercycle Research Institute Chemische (drink)water kwaliteit Chemische analyse van water Organische

Nadere informatie

Bert Bellert, Waterdienst. 5 september 2011

Bert Bellert, Waterdienst. 5 september 2011 Ammonium in de Emissieregistratie?! Natuurlijke processen, antropogene bronnen en emissies in de ER Bert Bellert, Waterdienst Ammonium als stof ook in ER??: In kader welke prioritaire stoffen, probleemstoffen,

Nadere informatie

3/13/2014. Klimaatverandering vraagt om innovatie. Crises op meerdere fronten

3/13/2014. Klimaatverandering vraagt om innovatie. Crises op meerdere fronten Klimaatverandering vraagt om innovatie De crisis als voorbode van grote veranderingen in economie en maatschappij Brabantse Waterdag 28 februari 2014 s Hertogenbosch door Pier Vellinga Hoogleraar aan Wageningen

Nadere informatie

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen -

De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn - Uitdagingen & oplossingen - De nieuwe energie-efficiëntierichtlijn l - Uitdagingen & oplossingen - DG Energie 22 juni 2011 ENERGIEVOORZIENING NOG AFHANKELIJKER VAN IMPORT Te verwachten scenario gebaseerd op cijfers in 2009 in % OLIE

Nadere informatie

De groenten van HAK, met het water van Brabant Water

De groenten van HAK, met het water van Brabant Water WATER PAKKET U kent Brabant Water van een betrouwbare drinkwaterlevering, maar Brabant Water heeft zakelijke klanten zoals u nog veel meer te bieden. Onze jarenlange ervaring, innovatieve aard en servicegerichte

Nadere informatie

en corrosiewerende middelen

en corrosiewerende middelen Evaluatierapport biociden en corrosiewerende middelen Rapport Nr. 183 Colofon Uitgegeven door de Internationale Commissie ter Bescherming van de Rijn (ICBR) Kaiserin-Augusta-Anlagen 15, 56068 Koblenz,

Nadere informatie

Visie Water en Ruimtelijke Ontwikkeling bijlage 1

Visie Water en Ruimtelijke Ontwikkeling bijlage 1 Visie Water en Ruimtelijke Ontwikkeling bijlage 1 Kaarten Waterbelangen DM: 303052 1 Wateropgaven 2015 / 2027 Kaart 1. Gebieden met een WB21 wateropgave In 2005 is een studie wateropgave uitgevoerd (conform

Nadere informatie

Energie uit afvalwater

Energie uit afvalwater Energie uit afvalwater 15 november 2011 Giel Geraeds en Ad de Man Waterschapsbedrijf Limburg is een samenwerkingsverband van Waterschap Peel en Maasvallei en Waterschap Roer en Overmaas Onderwerpen Introductie

Nadere informatie

TCB S45(2007) Den Haag, 19 juli 2007

TCB S45(2007) Den Haag, 19 juli 2007 Aan De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer Postbus 30945 2500 GX Den Haag TCB S45(2007) Den Haag, 19 juli 2007 Betreft: Advies Normstelling MTBE Mevrouw de Minister, In

Nadere informatie

: Schoon en gezond water in Noord Nederland. Adviesnota 2007 Kaderrichtlijn Water/Water Beheer 21 e eeuw.

: Schoon en gezond water in Noord Nederland. Adviesnota 2007 Kaderrichtlijn Water/Water Beheer 21 e eeuw. Nummer Onderwerp : B-3.01.2008 : Schoon en gezond water in Noord Nederland. Adviesnota 2007 Kaderrichtlijn Water/Water Beheer 21 e eeuw. Korte inhoud : Voorgesteld wordt: 1. In te stemmen met de verwoorde

Nadere informatie

Uitvoeringskader Watertechnologie 2014-2020. Bijlage Succesvolle watertechnologieprojecten

Uitvoeringskader Watertechnologie 2014-2020. Bijlage Succesvolle watertechnologieprojecten Uitvoeringskader Watertechnologie 2014-2020 Bijlage Succesvolle watertechnologieprojecten Overzicht succesvolle waterprojecten Vanaf 2000 wordt in Fryslân gewerkt aan de ontwikkeling van het watertechnologiecluster

Nadere informatie

GHB hulpvraag in Nederland

GHB hulpvraag in Nederland GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen van de hulpvraag voor GHB problematiek in de verslavingszorg 2007-2012 Houten, mei 2013 Stichting IVZ GHB hulpvraag in Nederland Belangrijkste ontwikkelingen

Nadere informatie

Bodemenergie: Anno nu en kansen in de toekomst

Bodemenergie: Anno nu en kansen in de toekomst Bodemenergie: Anno nu en kansen in de toekomst Eindsymposium Meer met Bodemenergie 24 april 2012 Wageningen Maurice Henssen Bioclear b.v. Inhoud Bodemenergie anno 2012 Waarom MMB? Het proces van MMB Highlights

Nadere informatie

Nota van Zienswijzen Artikel 4 Waterschapswet juncto afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht

Nota van Zienswijzen Artikel 4 Waterschapswet juncto afdeling 3.4 Algemene wet bestuursrecht Provincie Noord-Brabant Wijzigingsbesluiten van de Reglementen van de waterschappen Aa en Maas, Brabantse Delta en de Dommel Nota van Zienswijzen Artikel 4 Waterschapswet juncto afdeling 3.4 Algemene wet

Nadere informatie

Riothermie en WKO voor duurzame warmte en koude

Riothermie en WKO voor duurzame warmte en koude Riothermie en WKO voor duurzame warmte en koude Door Arné Boswinkel, Bert Palsma en Rada Sukkar Een aanzienlijk deel van de warmte uit huishoudens en industrie wordt via het afvalwater geloosd. Het potentieel

Nadere informatie

Smart Monitoring Innovatie van waterkwaliteitsbeoordeling. Milo de Baat

Smart Monitoring Innovatie van waterkwaliteitsbeoordeling. Milo de Baat Smart Monitoring Innovatie van waterkwaliteitsbeoordeling Milo de Baat ILOW Symposium 15 februari 2017 KRW waterkwaliteitsbeoordeling Chemische status? Ecologische status Chemische analyse 45 prioritaire

Nadere informatie

Cleantech Markt Nederland 2008

Cleantech Markt Nederland 2008 Cleantech Markt Nederland 2008 Baken Adviesgroep November 2008 Laurens van Graafeiland 06 285 65 175 1 Definitie en drivers van cleantech 1.1. Inleiding Cleantech is een nieuwe markt. Sinds 2000 heeft

Nadere informatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 23 november 2015 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter,

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG. Datum 23 november 2015 Betreft Kamervragen. Geachte voorzitter, > Retouradres Postbus 20350 2500 EJ Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Postbus 20018 2500 EA DEN HAAG Bezoekadres: Parnassusplein 5 2511 VX Den Haag T 070 340 79 11 F 070 340

Nadere informatie

Optimale zorg tegen lagere kosten. Het ziekenhuis van de toekomst

Optimale zorg tegen lagere kosten. Het ziekenhuis van de toekomst Optimale zorg tegen lagere kosten Het ziekenhuis van de toekomst 1 KIVI NIRIA Jaarcongres Onze visie en waarden Onze visie: Pioniersrol Siemens Energiezuinigheid Onze waarden: Innovatief Innovatief denken

Nadere informatie

Natuurlijk comfortabel -Visie op de afvalwaterketen in de regio Vallei en Veluwe-

Natuurlijk comfortabel -Visie op de afvalwaterketen in de regio Vallei en Veluwe- Vallei & Eem Veluwe Oost Veluwe Noord WELL DRA Natuurlijk comfortabel -Visie op de afvalwaterketen in de regio Vallei en Veluwe- februari 2015 concept De aanpak handelingsperspectieven Ontwikkelingen maatschappij

Nadere informatie

Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater

Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater Bepaling van het Biochemisch Zuurstofverbruik (BZV) in oppervlaktewater april 2005 One Cue Systems Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt zonder schriftelijke toestemming

Nadere informatie

GLYFOSAAT EN AMPA IN HET STROOMGEBIED VAN DE MAAS

GLYFOSAAT EN AMPA IN HET STROOMGEBIED VAN DE MAAS Maart 2009 GLYFOSAAT EN AMPA IN HET STROOMGEBIED VAN DE MAAS Resultaten van de meetcampagne in het jaar 2008 MANAGEMENT SAMENVATTING Auteur drs. Jurgen Volz ii Glyfosaat en AMPA in het stroomgebied van

Nadere informatie

Zacht drinkwater: Minder hard, meer profijt

Zacht drinkwater: Minder hard, meer profijt Zacht drinkwater: Minder hard, meer profijt 26 mei 2015 Arjen Grent PWN HHNK Samenwerking Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier en PWN werken samen alsof ze één bedrijf zijn Calamiteitenuitrusting

Nadere informatie

Samen geven we richting aan de koers van de NKC

Samen geven we richting aan de koers van de NKC Samen geven we richting aan de koers van de NKC ₀ ₀ ₀ In de aanloop naar de klimaattop in Parijs is eind 2014 de Nederlandse Klimaatcoalitie van start gegaan om CO2 reductie bij bedrijven en andere organisaties

Nadere informatie