Naar een nieuw verdrag voor de Europese Unie?

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "Naar een nieuw verdrag voor de Europese Unie?"

Transcriptie

1 Naar een nieuw verdrag voor de Europese Unie? Jan Rood Op 25 maart is in Berlijn officieel gevierd dat vijftig jaar geleden de Verdragen van Rome werden ondertekend en daarmee het fundament werd gelegd voor de huidige Europese Unie. Om hun steun voor het integratieproces te benadrukken, hebben de Europese leiders in Berlijn ook een verklaring aangenomen waarin zij nog eens naar de burgers toe de historische betekenis verwoorden van het Europese integratieproces en de waarden en uitdagingen waarvoor Europa staat. Wie daarbij optelt dat de regeringsleiders en staatshoofden tijdens hun informele top van 8-9 maart jongstleden in staat bleken overeenstemming te bereiken over een zeer ambitieuze agenda op het terrein van energie en duurzaamheid, zou gemakkelijk tot de conclusie kunnen komen dat de EU de klap van het Franse en Nederlandse nee tegen de Europese Grondwet langzaam weer te boven komt en een hernieuwd elan vertoont. Nu is het kenmerk van het Europese integratieproces dat euforie en stagnatie elkaar voortdurend afwisselen. Het heeft de Unie ook nooit aan grote woorden ontbroken. Dat op zich moet al voldoende zijn om de toekomst van de EU met de nodige realiteitszin te bezien. Dit temeer omdat na bijna twee jaar van reflectie onduidelijk is hoe de lidstaten het probleem van de grondwettelijke impasse denken te kunnen oplossen. Het nee tegen de Grondwet in twee van de stichterlanden is immers in belangrijke mate verantwoordelijk geweest voor de algehele sfeer van onzekerheid en malaise rond het integratieproces. Doorbreking daarvan veronderstelt dan ook dat op enigerlei wijze overeenstemming wordt bereikt over een nieuw verdrag. De lidstaten en daarmee de Unie staan daarbij voor een groot dilemma. Enerzijds zal het voor de landen die de Grondwet reeds geratificeerd hebben moeilijk te accepteren zijn als een nieuw verdrag wezenlijk afwijkt van het grondwettelijk verdrag. Anderzijds lijkt een wezenlijk ander verdrag een voorwaarde te zijn om de nee-zeggers en twijfelaars over de streep te kunnen trekken. Hoe groot is nu de kans dat de Unie uit dit dilemma komt? Hoe staat het er voor met dat nieuwe verdrag? Via Berlijn naar de Europese Raad van juni De uitdaging om voor dit dilemma een uitweg te creëren, ligt primair bij het Duitse Raadsvoorzitterschap. Overeenkomstig de besluiten van de Europese Raad van juni 2006 dient het Duitse voorzitterschap in juni 2007 rapport uit te brengen over de stand van zaken binnen de lidstaten inzake de Europese Grondwet. Aan Duitsland is het derhalve om te inventariseren waar bij de lidstaten mogelijke speelruimte zit en welke pijnpunten om aanpassing vragen. De Duitse rapportage zou, zo was de aanname in 2006, de Europese Raad vervolgens in staat moeten stellen om besluiten te nemen over het vervolgtraject inzake hervorming van de Unie, waarbij tevens gestipuleerd werd dat de 'daartoe noodzakelijke stappen' uiterlijk in de tweede helft van 2008, dat wil zeggen onder het Franse voorzitterschap, genomen zouden moeten zijn. Hiermee was niet alleen een einddatum voor het traject vastgesteld, maar bovenal aan Duitsland en Frankrijk een sleutelrol toegekend bij het vinden van een oplossing. Drie maanden in het Duitse voorzitterschap vallen nu de volgende voorzichtige conclusies te trekken. Allereerst is duidelijk dat de Duitse ambities verder gaan dan een inventarisatie en rapportage over de posities van de diverse lidstaten. De Duitsers streven er naar hun voorzitterschap te bekronen met concrete afspraken over een nieuw verdrag, zowel wat betreft de inhoud als wat betreft het tijdschema. Op dit laatste punt is de druk verder opgevoerd met de mededeling dat het voorzitterschap er op aanstuurt onderhandelingen over een nieuw verdrag zo snel mogelijk na afloop van het Duitse voorzitterschap te willen starten. Die onderhandelingen zouden onder het Portugese voorzitterschap in december dit jaar moeten worden afgerond, waarna het nieuwe verdrag in 2009 vóór de verkiezingen van 1

2 een nieuw Europees Parlement en samenvallend met het aantreden van een nieuwe Commissie in werking zou kunnen treden. Duitsland heeft dus haast en wil in ieder geval met grotere voortvarendheid te werk gaan dan vorig jaar juni de bedoeling leek te zijn. Het Duitse voorzitterschap voert daarbij de druk met name op, omdat het denkt profijt te kunnen trekken van een aantal gunstige omstandigheden. Allereerst het verbeterde economische tij binnen de EU. Alhoewel er geen directe relatie bestaat tussen economische groei en werkgelegenheid en de publieke stemming ten aanzien van de EU, helpt het zonder meer dat de sfeer van economisch chagrijn rond de Europese economie is verdwenen en heeft plaatsgemaakt voor een zeker optimisme. Waarbij het overigens in het licht van het afzwakken van de Amerikaanse economie de vraag is of deze sfeerverbetering aanhoudt. Ten tweede is er de positie van bondskanselier Angela Merkel. Zij heeft op Europees niveau mede door haar optreden tijdens de Europese toppen een behoorlijk krediet opgebouwd, waarmee zij in haar rol als voorzitter haar voordeel kan doen. Met de succesvolle Europese Raad van maart achter de rug, waarop de lidstaten vérgaande afspraken maakten over energie en milieu, lijkt de politieke sfeer binnen de Unie hoe dan ook sterk verbeterd te zijn. Hierbij zij direct opgemerkt dat de werkelijke betekenis van deze afspraken de komende jaren nog zal moeten blijken. Maar ook dit succes heeft Duitsland reeds kunnen incasseren. Kortom, de uitgangspositie voor het Duitse voorzitterschap lijkt op het eerste gezicht gunstig. Ook al omdat tussen de lidstaten consensus lijkt te bestaan over de noodzaak van een nieuw verdrag, dat ook niet langer het predicaat 'grondwet' zou moeten dragen. Die acceptatie van de noodzaak van een nieuw verdrag zou in het bijzonder een concessie zijn van de landen die het constitutionele verdrag reeds geratificeerd hebben. Zij kwamen in januari nog 'als 'vrienden van de constitutie' in Madrid bijeen. Met die bijeenkomst, waarvoor Luxemburg en Spanje het initiatief hadden genomen, wilden zij de druk op de nee-zeggers en twijfelaars opvoeren. Maar met het afzeggen van een geplande vervolgbijeenkomst hebben ook deze landen aangegeven dat het grondwettelijk verdrag in zijn huidige vorm van de baan is. Het krachtenveld rond een nieuw verdrag Maar met dit alles is er nog geen nieuw verdrag. Integendeel, wie het Europese krachtenveld in ogenschouw neemt, komt al snel tot de conclusie dat er geen begin van overeenstemming is tussen de lidstaten over de inhoud van een nieuw verdrag, en dat daarmee de Duitse ambities zeer wankel zijn. Dat begint al met de grootste onzekere factor: de Franse presidentsverkiezingen. Vanaf het moment van het Franse en Nederlandse nee was het duidelijk dat pas na verkiezingen in beide landen en het aantreden van respectievelijk een nieuwe president en nieuwe regering, voortgang op het grondwettelijk dossier mogelijk zou zijn. Daarbij is ook duidelijk dat de Franse positie in deze zwaarder weegt dan de Nederlandse. De tweede rond van de Franse presidentsverkiezingen vindt in mei plaats, wat het Duitse voorzitterschap slechts enkele weken geeft om met de nieuwe Franse president en regering tot zaken te komen. Naast de tijdsfactor wordt de Duitse agenda ook gecompliceerd door het gegeven dat de opvattingen van de presidentskandidaten nogal uiteenlopen, zowel wat betreft de inhoud van het nieuwe verdrag als de wijze van ratificatie (wel of geen referendum). Deze verschillen zijn illustratief voor het totale palet aan opvattingen binnen de Europese Unie. De discussie spitst zich daarbij toe op de vraag hoe nieuw het nieuwe verdrag zou moeten zijn. Enerzijds zijn daar de landen die reeds geratificeerd hebben. Deze lijken zich, zoals reeds opgemerkt, neer te leggen bij de noodzaak van een nieuw verdrag. Maar dat nieuwe verdrag moet dan wel, zo hebben zij tijdens hun bijeenkomst in Madrid duidelijk gemaakt, het grondwettelijk verdrag als uitgangspunt hebben. De inhoud en het evenwicht dat dit laatste verdrag biedt, dienen gerespecteerd te worden. Op sommige onderwerpen 2

3 menen zij zelfs dat het nieuwe verdrag verder zou moeten gaan, in het bijzonder op terreinen als energie- en milieubeleid. Daar tegenover staan landen die menen dat het nieuwe verdrag zich zou moeten beperken tot de hoogstnoodzakelijke institutionele aanpassingen en derhalve niet meer zou moeten zijn dan een lichte wijziging van het Verdrag van Nice. Kortom, Grondwet-minus (volgens sommigen zelfs Grondwet-plus ) of Nice-plus, dat zijn de uitersten waartussen een compromis gevonden zal moeten worden. Het tableau wordt nog gecompliceerder als naar meer specifieke punten van geschil wordt gekeken. Zo zijn landen als Nederland en het Verenigd Koninkrijk voorstander van het weglaten van iedere constitutioneel aspect uit het nieuwe verdrag. Dan gaat het niet alleen om de naam (grondwet) en verwijzingen naar de Europese vlag en het volkslied, maar vooral om het deel waarin de grondrechten van de Europese burger zijn geformuleerd. Dat zou niet in het nieuwe verdrag moeten worden opgenomen. In het geval van het Verenigd Koninkrijk valt dit te verklaren vanuit de weerstand tegen elke federale aspiratie van het Europese integratieproces. In het geval van Nederland wordt deze wens toch vooral ingegeven door de vrees voor een nieuw referendum. Alleen als het nieuwe verdrag wezenlijk afwijkt van het grondwettelijk verdrag, dat wil zeggen geen constitutionele elementen bevat, kan het vierde kabinet-balkenende immers rechtvaardigen dat voor ratificatie van dit verdrag geen volksraadpleging noodzakelijk is. Het zal duidelijk zijn dat deze wens voor de 'vrienden van de Europese constitutie' moeilijk te accepteren zal zijn. Juist de constitutionele onderdelen en met name de grondrechten maken in hun ogen het grondwettelijk verdrag tot een bijzonder document. Dan is er nog de Franse eis - in het bijzonder van de socialistische presidentskandidate Royal - dat de sociale dimensie van Europa via het nieuwe verdrag beter gewaarborgd dient te worden. Deze eis wordt vooral ingegeven door het gegeven dat het nee van de Franse bevolking mede geïnspireerd werd door de opvatting dat 'Europa' toch vooral markt is. Een sentiment dat ook in Nederland tijdens het referendum speelde: de Europese integratie wordt gezien als een project van het grootkapitaal, gericht op immer verdergaande liberalisering en afbraak van de publieke sector, en daarmee als bedreigend voor de verzorgingsstaat. Het nieuwe verdrag zou hiertegen een dam moeten opwerpen, door duidelijke beperkingen te formuleren ten aanzien van het bereik van de Europese markt, teneinde zo het Europese sociale model te beschermen. In het verlengde daarvan ligt de aloude Franse wens voor een politiek tegenwicht tegenover de Europese Centrale Bank (ECB). Vanaf het eerste begin van de Economische en Monetaire Unie is het de Fransen een doorn in het oog geweest dat de ECB geheel onafhankelijk het monetair beleid voor de Eurozone vaststelt. Keer op keer is de ECB van Franse kant bekritiseerd, omdat deze te weinig rekening zou houden met de economische situatie in de lidstaten. Met andere woorden, het monetaire beleid zou in Franse ogen minder op inflatiebestrijding en meer op stimulering van economische groei en werkgelegenheid gericht moeten zijn. Een standpunt dat breed door de Franse presidentskandidaten wordt gedeeld onder de noemer van de noodzaak van 'gouvernement économique' binnen de EU. Het aanscherpen van de sociale dimensie kan echter bij een aantal andere lidstaten - in het bijzonder het VK en een aantal van de nieuwe, sterk neoliberaal georiënteerde lidstaten - op weinig sympathie rekenen. Hetzelfde geldt voor de gedachte van een politiek tegenwicht tegenover de ECB, waar in het verleden onder meer Nederland en Duitsland zich altijd tegen verzet hebben. Ook hier geldt echter dat zonder enige beweging op de sociale dimensie van de EU ratificatie van een nieuw verdrag in Frankrijk onzeker zal zijn. Tot slot is er de doos van Pandora van de institutionele vernieuwingen in het grondwettelijk verdrag. Landen die zich hebben uitgesproken voor een nieuw verdrag met beperkte ambities - de Nice-plus -variant beogen dan meestal een nieuw verdrag dat zich in hoofdzaak beperkt tot het overnemen van de institutionele vernieuwingen uit het grondwettelijk verdrag. Centraal daarbij staan de aanpassing van de stemweging tussen de lidstaten, de afspraak om tot een kleinere Europese Commissie te komen, en de introductie 3

4 van de figuur van een permanente voorzitter van de Europese Raad en van een Europese minister van Buitenlandse Zaken. Dit institutionele pakket is een moeizaam tot stand gekomen compromis geweest, waarbij groepen van lidstaten (waaronder groot versus klein) langdurig tegenover elkaar hebben gestaan. Het angstscenario is natuurlijk dat het openbreken van het grondwettelijk verdrag, wat onvermijdelijk is bij nieuwe onderhandelingen, ook zal leiden tot het wederom ter discussie stellen van het institutionele akkoord. De eerste schoten voor de boeg zijn in dit verband al gelost. Zo heeft de Poolse regering reeds duidelijk gemaakt dat zij het nieuwe verdrag zal aangrijpen om Poolse concessies inzake de stemweging terug te draaien. Hierbij is natuurlijk van betekenis dat Polen tot de landen behoort die het grondwettelijk verdrag nog niet geratificeerd hebben. Mocht dit gebeuren, dan zal een kettingreactie van wensen en eisen ontstaan, met als gevolg dat het institutionele vergelijk verdampt. Kortom, het krachtenveld overziend, moet de conclusie zijn dat er sprake is van grote tegenstellingen tussen de lidstaten over de vraag hoe nieuw het nieuwe verdrag zou moeten zijn. De situatie wordt daarbij gecompliceerd door het gegeven dat sommige lidstaten concessies dan wel de opname van specifieke elementen in het nieuwe verdrag nodig hebben om het geratificeerd te kunnen krijgen, waar diezelfde aspecten voor andere lidstaten ratificatie moeilijker zouden kunnen maken. Daarmee is tegelijkertijd de grootste onzekerheid geformuleerd binnen de huidige Unie van 27. Ook als het de lidstaten lukt om tot overeenstemming te komen, is er geen enkele garantie dat het nieuwe verdrag dit keer wel de ratificatie zal overleven. De Nederlandse positie Hoe staat Nederland in dit spel? Allereerst is het duidelijk dat met het aantreden van de nieuwe regering de time-out voor Nederland voorbij is. Tot dan toe kon de Nederlandse politiek met de mededeling dat het grondwettelijk verdrag voor Nederland 'dood' was, zich immers verschuilen achter het argument dat eerst verkiezingen en de vorming van een nieuw kabinet noodzakelijk waren, alvorens van Nederlandse kant beweging op dit dossier mogelijk was. Het resultaat was vervolgens dat in Nederland de Grondwet taboe werd verklaard en, een enkele oprisping daargelaten, voor het overige over de vraag hoe nu verder te gaan een oorverdovende politieke stilte heerste. Die stilte is in die zin doorbroken dat het nieuwe kabinet zich in het regeerakkoord in zeer algemene zin heeft uitgesproken over de noodzaak van een nieuw verdrag. 1 Daarbij vallen de volgende elementen op. Ten eerste dient het nieuwe verdrag zich in de opvatting van het nieuwe kabinet qua inhoud, omvang en benaming wezenlijk te onderscheiden van het verworpen grondwettelijk verdrag. Daarmee lijkt het kabinet aan te geven dat men inzet op de Nice-plus-variant. Geen nieuw verdrag, maar een wijziging van het bestaande verdrag, waarbij iedere constitutionele verwijzing uit den boze is. Dat is de Nederlandse inzet, waarbij, zoals reeds opgemerkt, deze aanpak vooral wordt ingegeven door de wens een volgende volksraadpleging te vermijden. Ten tweede wordt het belang van de toepassing en versterking van het subsidiariteitsbeginsel benadrukt. Dit beginsel, dat in het grondwettelijk verdrag een prominente plaats had gekregen door de nationale parlementen uitdrukkelijk een rol te geven bij de beoordeling van de vraag of een onderwerp Europees dan wel nationaal zou moeten worden aangepakt, dient verder aangescherpt te worden, zo stelt het regeerakkoord. Concreet wordt gesuggereerd de positie van de nationale parlementen verder te versterken. Met die uitspraak komt het kabinet tegemoet aan de door de burger geuite vrees dat Europa zich te zeer binnendringt in het nationale beleidsdomein. Angst voor verlies aan nationale soevereiniteit en identiteit bleken immers een belangrijke drijfveer voor het nee. Als derde wenst het kabinet in het nieuwe verdrag verzekeringsclausules in te bouwen die de publieke sector (gezondheidszorg, sociale zekerheid, etc.) beter beschermen tegen de druk van de Europese binnenmarkt. Hier uit zich duidelijk de vrees dat het Nederlandse sociale model het slachtoffer zal worden van de Europese liberaliseringsdrift. 4

5 Tot slot wenst het kabinet op sommige terreinen ook meer Europese integratie, onder andere op de terreinen milieu, asiel en migratie, extern beleid, en terrorisme en criminaliteit, zonder overigens aan te geven of men dan Europa ook meer bevoegdheden zou willen geven. Deze positie overziend moet de conclusie zijn dat Nederland in die zin niet langer geïsoleerd is, dat ook de andere landen hebben geaccepteerd dat het grondwettelijk verdrag in zijn huidige vorm niet levensvatbaar is. Tegelijkertijd is duidelijk dat met de zinsnede dat het nieuwe verdrag wezenlijk afwijkend moet zijn van de Europese Grondwet, Nederland zich afzet tegen de 'vrienden van de Europese Grondwet' die zoveel mogelijk van dat document wensen te behouden. Tevens blijkt uit het regeerakkoord dat mede op basis van onderzoek naar de motieven achter het nee tegen de Grondwet, dit kabinet kiest voor een meer terughoudend Europabeleid. Terughoudend ten aanzien van overdracht van soevereiniteit, ten aanzien van Europese bemoeienis met het maatschappelijk middenveld en de publieke sector, maar ook ten aanzien van verdere uitbreiding. Met betrekking tot dit laatste valt op dat het regeerakkoord zich uitspreekt voor de instelling van een 'partenariaat'; een soort van geprivilegieerd partnerschap. Dit loopt weliswaar vooruit of is een aanvulling op het kandidaat-lidmaatschap, maar zou toch ook bedoeld kunnen zijn als signaal richting Turkije. Het vooruitzicht van Turks EU-lidmaatschap heeft CDA en ChristenUnie immers nooit kunnen bekoren. Ook van Franse en Duitse kant is herhaaldelijk gesuggereerd dat Turkije tevreden zou moeten zijn met een speciale relatie: een partenariaat? Rest de vraag hoeveel tijd Nederland heeft om steun te verwerven voor de eigen positie. Die tijd is beperkt. Zoals gezegd zullen traject en agenda voor de onderhandelingen in juni worden vastgesteld. De uitslag van de Franse presidentsverkiezingen zal daarbij zwaar wegen. In dat opzicht zal een Duits-Frans vergelijk, zoals zo vaak, naar alle waarschijnlijkheid noodzakelijk en bepalend zijn. Dat geeft het Nederlandse kabinet de mogelijkheid om tot die tijd optimaal steun te mobiliseren voor de Nederlandse opvattingen. Het Duitse voorzitterschap staat daarbij centraal, waarbij het gunstig is dat de huidige bondskanselier de indruk maakt wel te hechten aan de opvattingen van de kleinere lidstaten. De grootste vergissing die Nederland zou kunnen maken is steun te zoeken bij de potentiële dwarsliggers Groot-Brittannië en Polen voorop. Dan is isolement verzekerd. Wellicht is het daarom toch weer tijd voor een gezamenlijk initiatief met de Benelux-partners. Dergelijke initiatieven hebben in het verleden effect gehad en Nederland soms geholpen zich te bevrijden uit een lastige onderhandelingspositie. Het zou de Nederlandse opstelling ook geloofwaardigheid ten opzichte van de 'vrienden van de Grondwet' geven. Luxemburg en België hebben die Grondwet immers wel geratificeerd: Luxemburg bij referendum en België via het parlement. Met Nederland, waar dit verdrag werd verworpen, vormen de Beneluxlanden daarmee in ieder geval een treffende samenvatting van het Europese krachtenveld dat tot de huidige problemen heeft geleid. Dr. J.Q.Th. Rood is Hoofd van het European Studies Programme van Instituut Clingendael en bijzonder hoogleraar Europese integratie aan de Universiteit Utrecht. 1. Recent heeft het nieuw aangetreden kabinet-balkenende de Nederlandse inzet bij de onderhandelingen over een nieuw verdrag in een brief aan de Tweede Kamer uiteengezet. Zie: Nederlands Ministerie van Buitenlandse Zaken, Kamerbrief inzake EU-verdragswijziging, Den Haag, 19 maart

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1994 Nr. 266 15 (1965) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1994 Nr. 266 A. TITEL Verdrag tot instelling van één Raad en één Commissie welke de Europese Gemeenschappen gemeen hebben, met

Nadere informatie

Eurogroep. 1. Economische situatie in de eurozone

Eurogroep. 1. Economische situatie in de eurozone Eurogroep 1. Economische situatie in de eurozone Toelichting: De Eurogroep zal van gedachten wisselen over de economische situatie in de eurozone. De groei van de economie lijkt verder aan te trekken terwijl

Nadere informatie

SAMENVATTING SYLLABUS

SAMENVATTING SYLLABUS SAMENVATTING SYLLABUS Julie Kerckaert Inleiding tot het Europees en internationaal recht Academiejaar 2014-2015 Inhoudsopgave Deel 2: Inleiding tot het Europees recht... 2 1. Het juridisch kader van het

Nadere informatie

5. Protocol tot vaststelling van het statuut van de. Europese Investeringsbank

5. Protocol tot vaststelling van het statuut van de. Europese Investeringsbank De Slotakte vermeldt de verbindende protocollen en de niet-verbindende verklaringen Slotakte De CONFERENTIE VAN DE VERTEGENWOORDIGERS VAN DE REGERINGEN VAN DE LIDSTATEN, bijeen te Brussel op 30 september

Nadere informatie

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol

P5_TA(2002)0269. Toekomstige ontwikkeling van Europol P5_TA(2002)0269 Toekomstige ontwikkeling van Europol Aanbeveling van het Europees Parlement aan de Raad over de toekomstige ontwikkeling van Europol en zijn volledige opneming in het institutioneel bestel

Nadere informatie

Tekst toespraak (Eng) Luc Van den Brande, Vlaams Volksvertegenwoordiger 1 Vice-Voorzitter EU Comité van de Regio s

Tekst toespraak (Eng) Luc Van den Brande, Vlaams Volksvertegenwoordiger 1 Vice-Voorzitter EU Comité van de Regio s "A new vision for Europe" Londen, 26 februari 2007 Regional & Local Government Group for Europe European Parliament Office Tekst toespraak (Eng) Luc Van den Brande, Vlaams Volksvertegenwoordiger 1 Vice-Voorzitter

Nadere informatie

Wie bestuurt de Europese Unie?

Wie bestuurt de Europese Unie? Wie bestuurt de Europese Unie? De Europese Unie (EU) is een organisatie waarin 28 landen in Europa samenwerken. Eén ervan is Nederland. Een aantal landen werkt al meer dan vijftig jaar samen. Andere landen

Nadere informatie

Majesteit, Koninklijke Hoogheid, excellenties, dames en heren,

Majesteit, Koninklijke Hoogheid, excellenties, dames en heren, Toespraak van de minister-president, mr. dr. Jan Peter Balkenende, bijeenkomst ter ere van de 50 ste verjaardag van de Verdragen van Rome, Ridderzaal, Den Haag, 22 maart 2007 Majesteit, Koninklijke Hoogheid,

Nadere informatie

Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank

Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank Ontstaan van de EU Opdrachtenblad Schooltv-beeldbank GROEP / KLAS.. Naam: Ga www.schooltv.ntr.nl Zoek op trefwoord: EU Bekijk de clip Het ontstaan van de EU en maak de volgende vragen. Gebruik de pauzeknop

Nadere informatie

CALRE. Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot

CALRE. Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot CALRE Conferentie van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees Verklarende noot De CALRE verenigt vierenzeventig voorzitters van de Europese Regionale Wetgevende Assemblees: de parlementen van de Spaanse

Nadere informatie

15414/14 van/mak/sv 1 DG D 2A

15414/14 van/mak/sv 1 DG D 2A Raad van de Europese Unie Brussel, 20 november 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2012/0360 (COD) 15414/14 JUSTCIV 285 EJUSTICE 109 CODEC 2225 NOTA van: aan: het voorzitterschap het Comité van

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1995 Nr. 176

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 1995 Nr. 176 42 (1995) Nr. 1 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 1995 Nr. 176 A. TITEL Protocol betreffende de toetreding van de Republiek Oostenrijk tot het Akkoord tussen het Koninkrijk der

Nadere informatie

Werkvel opdracht 9 (Onderhandelingsspel: hoe neem je samen moeilijke besluiten?)

Werkvel opdracht 9 (Onderhandelingsspel: hoe neem je samen moeilijke besluiten?) Werkvel opdracht 9 (Onderhandelingsspel: hoe neem je samen moeilijke besluiten?) Toelichting op de opdracht Tijdens deze opdracht gaan jullie in kleine groepjes in onderhandeling met elkaar over een pakket

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2016Z00246 Datum 13 januari

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 8 juli 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0186 (E) 11290/14 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: ACP 109 COAFR 184 PESC 677 RELEX 538 BESLUIT

Nadere informatie

20 juni Onderzoek: Brexit, Nexit en Europa

20 juni Onderzoek: Brexit, Nexit en Europa 20 juni 2016 Onderzoek: Brexit, Nexit en Europa Over het EenVandaag Opiniepanel Het EenVandaag Opiniepanel bestaat uit ruim 50.000 mensen. Zij beantwoorden vragenlijsten op basis van een online onderzoek.

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2012 2013 22 112 Nieuwe Commissievoorstellen en initiatieven van de lidstaten van de Europese Unie Nr. 1474 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE

Nadere informatie

De Voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken De heer Mr. F. Korthals Altes Postbus 20061 2500 EB Den Haag. Den Haag, november 2004

De Voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken De heer Mr. F. Korthals Altes Postbus 20061 2500 EB Den Haag. Den Haag, november 2004 De Voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken De heer Mr. F. Korthals Altes Postbus 20061 2500 EB Den Haag Den Haag, november 2004 Hierbij dank ik u mede namens de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 november 2010 (01.12) (OR. en) 17223/10 ASIM 120 NOTA

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 30 november 2010 (01.12) (OR. en) 17223/10 ASIM 120 NOTA RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 30 november 2010 (01.12) (OR. en) 17223/10 ASIM 120 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers/de Raad Gezamenlijke verklaring

Nadere informatie

De Raad van Europa. I. Ontstaan en karakter. Iemand die zich inzicht wil

De Raad van Europa. I. Ontstaan en karakter. Iemand die zich inzicht wil De Raad van Europa I. Ontstaan en karakter Iemand die zich inzicht wil verschaffen in de ontwikkeling van het internationalisme van na de 2e wereldoorlog zal heel wat moeite moeten doen om door de brei

Nadere informatie

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE)

PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) Conseil UE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 27 april 2010 (OR. en) PUBLIC 8480/10 Interinstitutioneel dossier: 2009/0183 (NLE) LIMITE COEST 89 PESC 444 NIS 25 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN

Nadere informatie

De eurozone zal overleven Door Jan Marinus Wiersma en Annelies Pilon

De eurozone zal overleven Door Jan Marinus Wiersma en Annelies Pilon De eurozone zal overleven Door Jan Marinus Wiersma en Annelies Pilon Sinds zijn aantreden in 2009 als permanent voorzitter van de Europese Raad is de eurocrisis het belangrijkste onderwerp op de agenda

Nadere informatie

DE BRIEVEN BRIGADE HET VERHAAL VAN DE EUROPESE UNIE TIJDSLIJN

DE BRIEVEN BRIGADE HET VERHAAL VAN DE EUROPESE UNIE TIJDSLIJN DE BRIEVEN BRIGADE HET VERHAAL VAN DE EUROPESE UNIE TIJDSLIJN INTRO VOOR DE LEERKRACHT Deze tijdslijn illustreert het verhaal van de Europese Unie. U kunt de tijdslijn in verschillende stukken afdrukken

Nadere informatie

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I

Eindexamen vwo maatschappijwetenschappen 2013-I Opgave De eurocrisis Bij deze opgave horen de teksten 9 en. Inleiding De situatie rond de gemeenschappelijke munt, de euro, is tien jaar na de introductie verre van stabiel (mei 2012). In tekst 9 beschrijft

Nadere informatie

Verkiezingen Tweede Kamer 2012

Verkiezingen Tweede Kamer 2012 Verkiezingen Tweede Kamer 2012 Nederlandse politieke partijen langs de Europese meetlat Financiën dr. Edwin van Rooyen Update: 6-9-2012 Tussen de politieke partijen in Nederland bestaat aanzienlijke verdeeldheid

Nadere informatie

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 2 november 2009 Onderwerp Verkeersveiligheid landbouwverkeer

De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 2513 AA DEN HAAG. Datum 2 november 2009 Onderwerp Verkeersveiligheid landbouwverkeer a > Retouradres: Postbus 2090, 2500 EX Den Haag De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 253 AA DEN HAAG Plesmanweg -6 2597 JG Den Haag Postbus 2090 2500 EX Den Haag T 070 35 6

Nadere informatie

Handvest van de grondrechten van de EU

Handvest van de grondrechten van de EU Handvest van de grondrechten van de EU A5-0064/2000 Resolutie van het Europees Parlement over de opstelling van een handvest van de grondrechten van de Europese Unie (C5-0058/1999-1999/2064(COS)) Het Europees

Nadere informatie

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21

?? NL RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 13 mei 2004 (14.05) (OR. en) 9414/04 POLGEN 21 NOTA van: aan: Betreft: het voorzitterschap het Comité van permanente vertegenwoordigers / de Raad Verslag over de stand

Nadere informatie

Opbouw van de Europese Monetaire Unie

Opbouw van de Europese Monetaire Unie Opbouw van de Europese Monetaire Unie Seminarie voor leerkrachten, NBB Brussel, 21 oktober 2015 Ivo Maes DS.15.10.441 Construct EMU 21_10_2015 NL Opbouw van de Europese monetaire unie 1. Beschouwingen

Nadere informatie

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE

2513AA22XA. De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE . > Retouradres Postbus 90801 2509 LV Den Haag De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 1 A 2513 AA S GRAVENHAGE 2513AA22XA Postbus 90801 2509 LV Den Haag Anna van Hannoverstraat

Nadere informatie

*** ONTWERPAANBEVELING

*** ONTWERPAANBEVELING EUROPEES PARLEMENT 2009-2014 Commissie burgerlijke vrijheden, justitie en binnenlandse zaken 23.5.2013 2012/0271(E) *** ONTWERPAANBEVELING over het ontwerp van besluit van de Raad betreffende de sluiting

Nadere informatie

Internationale Spectator 6 2015 (jrg. 69) Item 3 van 16 ARTIKEL

Internationale Spectator 6 2015 (jrg. 69) Item 3 van 16 ARTIKEL ARTIKEL Vijf mythes over het Britse referendumendum Rem Korteweg De Britse premier David Cameron onderhandelt de komende maanden over het Britse EUlidmaatschap. Medio volgend jaar volgt het EU-referendum.

Nadere informatie

Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016

Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016 Overzicht - Voorgedragen voor uitdrukkelijke goedkeuring vanaf januari 2012 tot 1 april 2016 Titel 1 Notawisseling houdende een Aanvullend Verdrag bij het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden,

Nadere informatie

Benelux... 121 Verdrag 27 juni 1962 aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom

Benelux... 121 Verdrag 27 juni 1962 aangaande de uitlevering en de rechtshulp in strafzaken tussen het Koninkrijk België, het Groothertogdom INHOUD Nationaal... 13 Artikelen 3-4 Strafwetboek (Wet 8 juni 1867)... 14 Wet 1 oktober 1833 op de uitleveringen... 15 Uitleveringswet 15 maart 1874... 17 Artikelen 6 14 Voorafgaande Titel Wetboek van

Nadere informatie

ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE

ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE ONDERHANDELINGEN OVER DE TOETREDING VAN BULGARIJE EN ROEMENIË TOT DE EUROPESE UNIE Brussel, 31 maart 2005 (OR. en) AA 23/2/05 REV 2 TOETREDINGSVERDRAG: SLOTAKTE ONTWERP VAN WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2001 2002 19 637 Vluchtelingenbeleid Nr. 636 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag,

Nadere informatie

Verkiezingen Tweede Kamer 2012

Verkiezingen Tweede Kamer 2012 Verkiezingen Tweede Kamer 2012 Nederlandse politieke partijen langs de Europese meetlat Europese Unie dr. Edwin van Rooyen 10-9-2012 PvdA, VVD en SP zijn voorstander van het vergroten van de controle op

Nadere informatie

Oostenrijk. Staten en kiesstelsels

Oostenrijk. Staten en kiesstelsels Staten en kiesstelsels Oostenrijk Oostenrijk is een van de vele landen in Europa waar verkiezingen plaatsvinden volgens het systeem van evenredige vertegenwoordiging. Toch heeft Oostenrijk weer bepaalde

Nadere informatie

Advies besluitvorming over algemene oriëntatie ( general approach ) in de Raad (juni 2012)

Advies besluitvorming over algemene oriëntatie ( general approach ) in de Raad (juni 2012) Interdepartementale Commissie Europees Recht (ICER) Advies besluitvorming over algemene oriëntatie ( general approach ) in de Raad (juni 2012) ADVIES Bij de vaststelling van een algemene oriëntatie is

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2015Z08639 Datum 27 mei 2015

Nadere informatie

BRUSSEL Wat gebeurt daar? Peter N. Ruys

BRUSSEL Wat gebeurt daar? Peter N. Ruys BRUSSEL Wat gebeurt daar? Peter N. Ruys INHOUD 1. Algemene kennis over de EU 2. Wat ging eraan vooraf 3. Structuur 4. Totstandkoming wetten De Europese Unie: 500 miljoen mensen 27 landen EU-landen Kandidaat-EU-landen

Nadere informatie

Bestuurslagen in Nederland rijksoverheid provinciale overheid gemeentelijke overheid

Bestuurslagen in Nederland rijksoverheid provinciale overheid gemeentelijke overheid Vak Maatschappijwetenschappen Thema Politieke besluitvorming (katern) Klas Havo 5 Datum november 2012 Hoofdstuk 4 Het landsbestuur (regering en parlement) Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit vier

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2015 Nr. 70

TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN. JAARGANG 2015 Nr. 70 13 (2013) Nr. 2 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2015 Nr. 70 A. TITEL Euro-mediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de regering

Nadere informatie

Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind

Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind Europese Commissie - Persbericht Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind Brussel, 05 mei 2015 De economie in de Europese Unie profiteert dit jaar van een

Nadere informatie

szw0000578 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 20 juni 2001 1. Inleiding

szw0000578 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 20 juni 2001 1. Inleiding szw0000578 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid s-gravenhage, 20 juni 2001 1. Inleiding Met de brief 24 april jl. (kenmerk 46-01-SZW) gaf u aan te willen vernemen

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2002 2003 21 501-31 Raad voor de Werkgelegenheid, Sociaal Beleid, Volksgezondheid en consumentenzaken Nr. 13 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELE-

Nadere informatie

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst

Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst Advies- en Arbitragecommissie Rijksdienst AAN: De Centrales van Overheidspersoneel, toegelaten tot het Sectoroverleg Rijkspersoneel De Voorzitter van het Sectoroverleg Rijkspersoneel Bijlagen 1 AAC/92.064

Nadere informatie

TRACTATENBLAD VAN HET

TRACTATENBLAD VAN HET 34 (2007) Nr. 5 TRACTATENBLAD VAN HET KONINKRIJK DER NEDERLANDEN JAARGANG 2012 Nr. 9 A. TITEL Verdrag van Lissabon tot wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting

Nadere informatie

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË

Standaard Eurobarometer 80. DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Standaard Eurobarometer 80 DE PUBLIEKE OPINIE IN DE EUROPESE UNIE Najaar 2013 NATIONAAL RAPPORT BELGIË Opiniepeiling besteld en gecoördineerd door de Europese Commissie, Directoraat-generaal Communicatie.

Nadere informatie

Wat is een constitutie?

Wat is een constitutie? Wat is een constitutie? Veel landen op de wereld worden op een democratische manier bestuurd. Een democratie staat echter niet op zichzelf. Bij een democratie hoort namelijk een rechtsstaat. Democratie

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2000 2001 21 501-07 Ecofin-Raad Nr. 296 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 4 oktober

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2014 2015 21 501-33 Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie Nr. 538 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2015Z19463 Datum 26 oktober

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie. van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie EUROPEES PARLEMENT 1999 2004 Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie 10 april 2001 VOORLOPIGE VERSIE 2000/2243(COS) ONTWERPADVIES van de Commissie industrie, externe handel, onderzoek

Nadere informatie

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG!

MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! MODULE I EUROPA: NOOIT MEER OORLOG! I.I De geboorte van de Europese Unie Zoals jullie waarschijnlijk wel weten zijn er de vorige eeuwen veel oorlogen in Europa geweest. Vooral de Eerste en de Tweede Wereldoorlog

Nadere informatie

Turkije op termijn meeste inwoners EU GIJS BEETS

Turkije op termijn meeste inwoners EU GIJS BEETS dem s Jaargang 20 Maart 2004 ISSN 0169-1473 Een uitgave van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut Bulletin over Bevolking en Samenleving 3 inhoud 17 Turkije op termijn meeste inwoners

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2003 2004 21 501-08 Milieuraad Nr. 173 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSHUISVESTING, RUIMTELIJKE ORDENING EN MILIEUBEHEER Aan de Voorzitter van de

Nadere informatie

Datum 1 februari 2013 Betreft Beantwoording vragen van het lid Omtzigt over de arbeidsvoorwaarden van de EU-ambtenaren

Datum 1 februari 2013 Betreft Beantwoording vragen van het lid Omtzigt over de arbeidsvoorwaarden van de EU-ambtenaren Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Turfmarkt 147 2511 DP Den Haag Postbus

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 2000 2001 21 501-21 Jeugdraad Nr. 7 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST AF/EEE/BG/RO/DC/nl 1 BETREFFENDE DE TIJDIGE BEKRACHTIGING VAN DE OVEREENKOMST BETREFFENDE

Nadere informatie

Kijktip: Nieuwsuur in de Klas

Kijktip: Nieuwsuur in de Klas Kijktip: Nieuwsuur in de Klas Korte omschrijving werkvorm De leerlingen beantwoorden vragen over de Europese politiek aan de hand van korte clips van Nieuwsuur in de Klas. Leerdoel De leerlingen leren

Nadere informatie

Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953)

Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953) Aangenomen resolutie van het MSEUE (Den Haag, 11 Oktober 1953) Source: Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis, Amsterdam. Partij van de Arbeid (PvdA) 1946-1966 (- 1967). Commissie Buitenland

Nadere informatie

Open vragen. De bestuurlijke kaart van de Europese Unie

Open vragen. De bestuurlijke kaart van de Europese Unie Open vragen bij De bestuurlijke kaart van de Europese Unie Instellingen, besluitvorming en beleid Anna van der Vleuten (red.) bussum 2012 Deze open vragen horen bij het boek De bestuurlijke kaart van de

Nadere informatie

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB

geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Examen VMBO-KB 2008 tijdvak 2 dinsdag 17 juni 9.00-11.00 uur geschiedenis en staatsinrichting CSE KB Gebruik het bronnenboekje Dit examen bestaat uit 38 vragen. Voor dit examen zijn maximaal 54 punten

Nadere informatie

SARiV Advies 2012/29 SAR WGG Advies. 31 oktober 2012

SARiV Advies 2012/29 SAR WGG Advies. 31 oktober 2012 Briefadvies over de Akkoorden tussen België en Frankrijk en Nederland voor de ontwikkeling van samenwerking en wederzijdse administratieve bijstand op het gebied van de sociale zekerheid SARiV Advies 2012/29

Nadere informatie

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT

TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT TYPES INSTRUMENTEN OVERZICHT Aanbeveling... 2 Advies... 2 Algemeen commentaar... 2 Beleidsdocument... 3 Besluit... 3 Decreet... 3 Europees besluit... 3 Grondwet... 3 Koninklijk besluit... 3 Mededeling...

Nadere informatie

13082/14 CV/mg DGC 1B. Raad van de Europese Unie. Brussel, 29 september 2014 (OR. en) 13082/14. Interinstitutioneel dossier: 2014/0223 (NLE)

13082/14 CV/mg DGC 1B. Raad van de Europese Unie. Brussel, 29 september 2014 (OR. en) 13082/14. Interinstitutioneel dossier: 2014/0223 (NLE) Raad van de Europese Unie Brussel, 29 september 2014 (OR. en) 13082/14 Interinstitutioneel dossier: 2014/0223 (NLE) COASI 102 ASIE 53 ELARG 98 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: PROTOCOL

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 10.5.2012 COM(2012) 211 final 2012/0106 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD tot vaststelling van het in de commissie inzake voedselhulp namens de Europese Unie in te

Nadere informatie

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad

Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Moeilijke besluiten voor de Europese Raad Korte omschrijving: Leerlingen gaan aan de slag met actuele Europese dilemma s. Er zijn vijf dilemma s. U kunt zelf kiezen welke dilemma s u aan de orde stelt.

Nadere informatie

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden

CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en. Uniforme technische standaarden CENTRALE COMMISSIE VOOR DE RIJNVAART RV (14) 11 RV/G (14) 26 JWG (14) 22 14 februari 2014 Or. en fr/de/nl/en COMITÉ REGLEMENT VAN ONDERZOEK WERKGROEP REGLEMENT VAN ONDERZOEK GEMEENSCHAPPELIJKE WERKGROEP

Nadere informatie

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof 4 Den Haag Bezuidenhoutseweg 67 2594 AC Den Haag Postbus 20061 Nederland www.rijksoverheid.nl Uw Referentie 2014Z00971 Datum 12 februari

Nadere informatie

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit

PROTOCOL 3. Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI. Besluit PROTOCOL 3 Instelling en werkwijze van het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart CESNI Besluit De Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR), gezien het belang dat zij

Nadere informatie

buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002

buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002 buza020090 Aan de Voorzitter van de vaste commissie voor Buitenlandse Zaken 1 maart 2002 Graag bied ik u naar aanleiding van het verzoek gedaan tijdens het Algemeen Overleg met de Vaste Commissies voor

Nadere informatie

Eindexamen havo maatschappijwetenschappen 2014-I

Eindexamen havo maatschappijwetenschappen 2014-I Opgave 1 Besluitvorming rondom studiefinanciering Bij deze opgave horen de teksten 1 en 2 en figuur 1 uit het bronnenboekje. Inleiding Tijdens de regeringstermijn van kabinet-rutte 1 (oktober 2010 tot

Nadere informatie

Achtergrond van het onderzoek:

Achtergrond van het onderzoek: Bureau van de Europese Unie voor de Grondrechten (FRA) MEMO / 26 januari 2010 De Holocaust bezien vanuit mensenrechtenperspectief: het eerste EU-brede onderzoek naar Holocaust-onderwijs en mensenrechtenonderwijs

Nadere informatie

EERBIEDIGING VAN DE GRONDRECHTEN IN DE UNIE

EERBIEDIGING VAN DE GRONDRECHTEN IN DE UNIE EERBIEDIGING VAN DE GRONDRECHTEN IN DE UNIE De rechtsgrondslag voor de grondrechten op EU-niveau is lange tijd voornamelijk gelegen geweest in de verwijzing in de Verdragen naar het Europees Verdrag tot

Nadere informatie

Tweede Europese Forum over de cohesie Georganiseerd door de Europese Commissie

Tweede Europese Forum over de cohesie Georganiseerd door de Europese Commissie Mr Roger VAN BOXTEL, Minister of City Management and Integration, Netherlands Tweede Europese Forum over de cohesie Georganiseerd door de Europese Commissie 21-22 mei 2001 Enkel gesproken tekst geldt Tweede

Nadere informatie

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt.

Over de passage tussen haken op de bladzijden 2-3 is nog geen overeenstemming bereikt. RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 19 november 2003 (21.11) (OR. en) 15014/03 ECOFIN 353 FIN 519 RELEX 437 NOTA van: aan: Betreft: het secretariaat-generaal van de Raad het Coreper/de RAAD Ontwerp-verslag

Nadere informatie

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi

Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Fiche 9: Verordening EU octrooi vertaalregelingen 1. Algemene gegevens Titel voorstel: Voorstel voor een verordening van de Raad inzake de vertaalregelingen voor het EU-octrooi Datum Commissiedocument:

Nadere informatie

Raad van de Europese Unie Brussel, 29 oktober 2014 (OR. en)

Raad van de Europese Unie Brussel, 29 oktober 2014 (OR. en) Raad van de Europese Unie Brussel, 29 oktober 2014 (OR. en) Interinstitutioneel dossier: 2014/0298 (E) 14563/14 ACP 166 FIN 764 PTOM 51 WETGEVINGSBESLUITEN EN ANDERE INSTRUMENTEN Betreft: Besluit van de

Nadere informatie

-2- Opleiding, opleidingen en onderwijs aan de universiteiten

-2- Opleiding, opleidingen en onderwijs aan de universiteiten Verklaring van Münster omtrent de onderlinge relaties op het gebied van hoger onderwijs, wetenschap en onderzoek tussen Nederland, de Vlaamse Gemeenschap van België, het Groothertogdom Luxemburg, Nederland

Nadere informatie

Naslagwerk Economie van Duitsland. Hoofdstuk 9: Duitsland en de euro. 9.1 Overzicht

Naslagwerk Economie van Duitsland. Hoofdstuk 9: Duitsland en de euro. 9.1 Overzicht Naslagwerk Economie van Duitsland 9.1 Overzicht Eind jaren zestig werd in Europa hardop gesproken over een gezamenlijk economisch beleid met een gemeenschappelijke munt. In 1979 werd dit plan concreet

Nadere informatie

Dienst Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Datum Bijlage(n) Dienst Juridisch en Beleidsondersteunend Advies

Dienst Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Datum Bijlage(n) Dienst Juridisch en Beleidsondersteunend Advies aan Mevrouwen de Voorzitsters en de Heren Voorzitters van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn Dienst Uw brief van Uw kenmerk Ons kenmerk Datum Bijlage(n) Dienst Juridisch en Beleidsondersteunend

Nadere informatie

FAQs over meertaligheid en het leren van talen

FAQs over meertaligheid en het leren van talen EUROPESE COMMISSIE MEMO Brussel, 25 september 2012 FAQs over meertaligheid en het leren van talen IP/12/1005 Wat betekent "meertaligheid"? - Het vermogen meerdere talen te beheersen en te spreken; - Een

Nadere informatie

Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013.

Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013. GEANNOTEERDE AGENDA EU TRANSPORTRAAD 11 MAART 2013 Hieronder treft u aan een samenvatting van de onderwerpen op de agenda van de Transportraad van 11 maart 2013. Tijdens de Transportraad zal een beleidsdebat

Nadere informatie

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST

GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARINGEN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE OVEREENKOMST 443 der Beilagen XXIII. GP - Staatsvertrag - 91 niederländische Erklärungen (Normativer Teil) 1 von 13 EN VAN DE HUIDIGE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN EN DE NIEUWE OVEREENKOMSTSLUITENDE PARTIJEN BIJ DE

Nadere informatie

Stemmen Europese verkiezingen 2014

Stemmen Europese verkiezingen 2014 Stemmen Europese verkiezingen 2014 2 Voorwoord Dit boek gaat over de verkiezingen voor het Europees Parlement van 22 mei 2014. Het boek is gemaakt door de medewerkers van het Educatief Centrum voor Cliënten,

Nadere informatie

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD

Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD EUROPESE COMMISSIE Brussel, 18.2.2016 COM(2016) 69 final 2016/0041 (NLE) Voorstel voor een BESLUIT VAN DE RAAD betreffende de sluiting, namens de Europese Unie en haar lidstaten, van het protocol bij de

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN MEDEDELING VAN DE COMMISSIE. Financieel pakket voor de toetredingsonderhandelingen met Bulgarije en Roemenië

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN MEDEDELING VAN DE COMMISSIE. Financieel pakket voor de toetredingsonderhandelingen met Bulgarije en Roemenië COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 10.2.2004 SEC(2004) 160 definitief MEDEDELING VAN DE COMMISSIE Financieel pakket voor de toetredingsonderhandelingen met Bulgarije en Roemenië NL NL MEDEDELING

Nadere informatie

Debat: Vergadering van de Raad van Ministers

Debat: Vergadering van de Raad van Ministers Debat: Vergadering van de Raad van Ministers Korte omschrijving werkvorm De leerlingen spelen een vergadering van de Raad van Ministers na. De Europese Commissie wil 120 duizend asielzoekers over de Europese

Nadere informatie

Instructie: Quiz EU - Test je kennis!

Instructie: Quiz EU - Test je kennis! Instructie: Quiz EU - Test je kennis! Korte omschrijving werkvorm De leerlingen worden ingedeeld in teams. Elk team strijdt om de meeste punten. Er zijn kennisvragen en blufvragen. Bij kennisvragen kiest

Nadere informatie

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN

COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN Brussel, 7.6.2006 COM(2006) 275 definitief Deel I MEDEDELING VAN DE COMMISSIE AAN DE RAAD, HET EUROPEES PARLEMENT, HET EUROPEES ECONOMISCH EN SOCIAAL COMITE EN

Nadere informatie

Nr. 4827 Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 5 december 1969 in de Trêvesaal, aangevangen 's morgens om 9 uur en 's middag3 voortgezet

Nr. 4827 Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 5 december 1969 in de Trêvesaal, aangevangen 's morgens om 9 uur en 's middag3 voortgezet tea MINISTERRAAD Nr. 4827 Notulen van de vergadering gehouden op vrijdag 5 december 1969 in de Trêvesaal, aangevangen 's morgens om 9 uur en 's middag3 voortgezet Aanwezig: minister-president De Jong en

Nadere informatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Tweede Kamer der Staten-Generaal Tweede Kamer der Staten-Generaal 2 Vergaderjaar 1994 1995 22 112 Ontwerp-Richtlijnen Europese Commissie Nr. 48 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BUITENLANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer

Nadere informatie

EUROPEES PARLEMENT. Commissie verzoekschriften MEDEDELING AAN DE LEDEN

EUROPEES PARLEMENT. Commissie verzoekschriften MEDEDELING AAN DE LEDEN EUROPEES PARLEMENT 2004 Commissie verzoekschriften 2009 17.12.2009 MEDEDELING AAN DE LEDEN Betreft: Verzoekschrift 0930/2005, ingediend door Marc Stahl (Duitse nationaliteit), over de erkenning in Duitsland

Nadere informatie

Economic Research. Notes

Economic Research. Notes Economic Research Notes Jaargang 3 - nr. 5 mei 2005 NON: einde van de EU of storm in glas water? U bent al KBC-Online-cliënt? Dan kunt u gratis Economic Research Er is een grote kans dat de nieuwe Europese

Nadere informatie

EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT. Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03. NOTA het praesidium de Conventie

EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT. Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03. NOTA het praesidium de Conventie EUROPESE CONVENTIE SECRETARIAAT Brussel, 23 april 2003 (24.04) (OR. fr) CONV 691/03 NOTA van: aan: Betreft: het praesidium de Conventie Instellingen - Ontwerp-artikelen voor titel IV van deel I van de

Nadere informatie

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC)

RAAD VAN DE EUROPESE UNIE. Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC) RAAD VAN DE EUROPESE UNIE Brussel, 26 juli 2006 (27.07) (OR. en) 12036/06 Interinstitutioneel dossier: 2006/0121 (AVC) CH 39 SOC 374 MI 157 ETS 16 SERVICES 35 ELARG 86 VOORSTEL van: de Europese Commissie

Nadere informatie