In 2011 verschijnt in alle publicaties van de ECB een motief van het bankbiljet van EUR 100.

Maat: px
Weergave met pagina beginnen:

Download "In 2011 verschijnt in alle publicaties van de ECB een motief van het bankbiljet van EUR 100."

Transcriptie

1 E U R O P E S E C E N T R A L E B A N K E U R O S Y S T E E M m a a n d b e r i c h t m a a r t In 211 verschijnt in alle publicaties van de een motief van het bankbiljet van EUR 1.

2 Europese Centrale Bank, 211 Adres Kaiserstrasse Frankfurt/Main Duitsland Postadres Postfach Frankfurt/Main Duitsland Telefoon Internet Fax Dit is tot stand gekomen onder de verantwoordelijkheid van de Directie van de. De vertalingen worden gemaakt en gepubliceerd door de nationale centrale banken. Alle rechten voorbehouden. Het maken van kopieën voor educatieve en nietcommerciële doeleinden is toegestaan, mits de bron wordt vermeld. De statistieken in deze uitgave zijn afgesloten op 2 maart 211. ISSN Online versie

3 I n h o U d TEN GELeide 5 STATISTIEKEN VOOR HET EUROGebied SI ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied 9 Monetaire en financiële ontwikkelingen 25 Prijzen en kosten 61 Productie, vraag en de arbeidsmarkt 73 Begrotingsontwikkelingen 97 BIJLAGEN Overzicht van de monetaire-beleidsmaatregelen van het Eurosysteem Het TARGET (Trans-European Automated Real-time Gross settlement Express Transfer) systeem Publicaties van de Europese Centrale Bank Lijst van termen I V VII IX Kaders: 1 Het belang van het eurogebied als exportbestemming 22 2 Permanente en tijdelijke factoren in de groei van monetaire aggregaten 26 3 Liquiditeitsverhoudingen en monetaire-beleidstransacties tussen 1 november 21 en 8 februari De recente loskoppeling tussen de groei van door MFI s verstrekte woninghypotheken en de consumptieve kredietgroei 56 5 Het meten van de invloed van de indirecte belastingen op de HICPinflatie in het eurogebied 62 6 Recente herzieningen van de vooruitzichten inzake groei van de bedrijvigheid 74 7 Recent verloop van de betalingsbalans van het eurogebied 8 8 Mobiliteit op de arbeidsmarkt en transities tussen de arbeidsmarktsituaties in het eurogebied 88 9 Door medewerkers van de samengestelde macro-economische projecties voor het eurogebied 92 1 Dynamiek van de overheidsschuld en ontwikkelingen in primaire begrotingssaldi in EU-lidstaten 12 ARTIKEL De hervorming van de economische governance in het eurogebied essentiële elementen 15 3

4 a f k o r t i n g e n L a n d e n BE België HU Hongarije BG Bulgarije MT Malta CZ Tsjechische Republiek NL Nederland DK Denemarken AT Oostenrijk DE Duitsland PL Polen EE Estland PT Portugal IE Ierland RO Roemenië GR Griekenland SI Slovenië ES Spanje SK Slowakije FR Frankrijk FI Finland IT Italië SE Zweden CY Cyprus UK Verenigd Koninkrijk LV Letland JP Japan LT Litouwen US Verenigde Staten LU Luxemburg A n d e r e a f k o r t i n g e n bbp bruto binnenlands product BIS Bank voor International Settlements BPM5 IMF Balance of Payments Manual (5e editie) CD s depositocertificaten c.i.f. c.i.f. aan de grens van het importerende land CPI consumptieprijsindex Europese Centrale Bank EMI Europees Monetair Instituut EMU Economische en Monetaire Unie ESCB Europees Stelsel van Centrale Banken ESR 95 Europees System van Rekeningen 1995 EU Europese Unie EUR euro f.o.b. f.o.b. aan de grens van het exporterende land HICP geharmoniseerde consumptieprijsindex ILO Internationale Arbeidsorganisatie IMF Internationaal Monetair Fonds MFI s monetaire financiële instellingen NACE Rev. 1 Statistische indeling van de economische bedrijvigheid in de Europese Gemeenschap OESO Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling PPI Producentenprijsindex SITC Rev. 4 Standard International Trade Classification (revision 4) Conform het binnen de Gemeenschap bestaande gebruik worden de landen van de EU in dit Bericht gerangschikt in alfabetische volgorde van de namen in de nationale talen. 4

5 T e n g e l e i d e In zijn op 3 maart 211 gehouden vergadering heeft de Raad van Bestuur op basis van zijn reguliere economische en monetaire analyses besloten de basisrentetarieven van de onveranderd te laten. De gegevens die sinds de vergadering van de Raad van Bestuur van 3 februari 211 ter beschikking zijn gekomen, wijzen op een stijging van de inflatie, voornamelijk als gevolg van hogere grondstoffenprijzen. De economische analyse geeft aan dat de risico s voor de vooruitzichten voor de prijsontwikkeling opwaarts gericht zijn, terwijl het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd blijft. Recente economische cijfers bevestigen dat de onderliggende dynamiek van de economische bedrijvigheid in het eurogebied positief blijft; de onzekerheid blijft echter verhoogd. De huidige zeer accommoderende monetairbeleidskoers geeft aanzienlijke steun aan de economische bedrijvigheid. Het is van essentieel belang dat de recente stijging van de inflatie niet leidt tot breed verspreide inflatoire druk op de middellange termijn. Sterke waakzaamheid is geboden met het oog op het beperken van de opwaartse risico s voor de prijsstabiliteit. Over het geheel genomen, blijft de Raad van Bestuur klaar staan om krachtig en tijdig op te treden om ervoor te zorgen dat de opwaartse risico s voor de prijsstabiliteit op de middellange termijn zich niet concretiseren. De blijvend stevige verankering van de inflatieverwachtingen is van essentieel belang. De Raad van Bestuur heeft ook besloten de basisherfinancieringstransacties en de herfinancieringstransacties met een bijzondere termijn met een looptijd van één aanhoudingsperiode te blijven uitvoeren als vasterentetenders met volledige toewijzing, zolang als dat nodig is en ten minste tot het einde van de zesde aanhoudingsperiode van 211 op 12 juli 211. Bovendien heeft de Raad van Bestuur besloten de driemaands langerlopende herfinancieringstransacties, toe te wijzen op 27 april, 25 mei en 29 juni 211, uit te voeren als vaste-rentetenderprocedures met volledige toewijzing. De rentetarieven bij deze driemaands transacties zullen worden vastgesteld op de gemiddelde rente bij de basisherfinancieringstransacties gedurende de looptijd van de betreffende langerlopende herfinancieringstransactie. Zoals de Raad eerder heeft aangegeven, zullen de liquiditeitsverschaffing en de toewijzingsmethoden zo nodig worden aangepast, waarbij rekening zal worden gehouden met het feit dat alle buitengewone maatregelen die tijdens de periode van acute onrust op de financiële markten zijn genomen, gezien de opzet ervan tijdelijk van aard zijn. De Raad van Bestuur zal daarom alle ontwikkelingen gedurende de komende periode zeer nauwlettend blijven volgen. Om te beginnen met de economische analyse: na de kwartaal-op-kwartaal stijging van het reële bbp van het eurogebied van,3% in zowel het derde als vierde kwartaal van 21, blijven recente statistische publicaties en op enquêtes gebaseerde gegevens de positieve onderliggende dynamiek van de economische bedrijvigheid in het eurogebied aan het begin van 211 bevestigen. Vooruitblikkend, zou de uitvoer uit het eurogebied moeten blijven worden ondersteund door het aanhoudende herstel van de wereldeconomie. Tegelijkertijd, rekening houdend met het relatief hoge niveau van het ondernemersvertrouwen in het eurogebied, zou de binnenlandse vraag in de particuliere sector in toenemende mate moeten bijdragen aan de groei, profiterend van de zeer accommoderende monetairbeleidskoers en de maatregelen die zijn genomen om de werking van het financiële stelsel te verbeteren. Het herstel van de bedrijvigheid zal naar verwachting echter enigszins worden geremd door het proces van balansaanpassing dat in diverse sectoren plaatsvindt. Deze beoordeling wordt ook weerspiegeld in de door medewerkers van de in maart 211 samengestelde macro-economische projecties voor het eurogebied, die een reële bbpgroei op jaarbasis voorzien van tussen 1,3% en 2,1% in 21 en van tussen,8% en 2,8% in 212. Vergeleken met de door medewerkers 5 5

6 van het Eurosysteem samengestelde macroeconomische projecties van december 21, zijn de onderzijden van deze marges opwaarts verschoven, hetgeen duidt op betere vooruitzichten voor zowel de mondiale economie en dus voor de uitvoer van het eurogebied als voor de binnenlandse vraag. De door medewerkers van de in maart 211 samengestelde projecties stemmen grotendeels overeen met de prognoses van internationale organisaties. Naar het oordeel van de Raad van Bestuur zijn de risico s voor deze economische vooruitzichten globaal in evenwicht, in een context van verhoogde onzekerheid. Enerzijds zou de wereldhandel sneller kunnen blijven groeien dan verwacht, waarmee de uitvoer van het eurogebied wordt ondersteund. Voorts zou het sterke ondernemersvertrouwen meer steun kunnen geven aan de binnenlandse economische bedrijvigheid in het eurogebied dan thans wordt voorzien. Anderzijds houden de neerwaartse risico s verband met de aanhoudende spanningen in enkele segmenten van de financiële markten en de mogelijke doorwerking daarvan op de reële economie van het eurogebied. De neerwaartse risico s houden tevens verband met verdere stijgingen van de grondstoffenprijzen, vooral met het oog op de hernieuwde geopolitieke spanningen, en met protectionistische druk en de mogelijkheid van een onordelijke correctie van mondiale onevenwichtigheden. Wat de prijsontwikkelingen betreft, bedroeg volgens de voorlopige (flash) raming van Eurostat de HICP-inflatie op jaarbasis in het eurogebied in februari 211 2,4%, tegen 2,3% in januari. De stijging van de inflatie begin 211 is grotendeels het gevolg van hogere grondstoffenprijzen. De druk die voortkomt uit de scherpe stijging van de prijzen van energie en voedingsmiddelen is tevens waarneembaar in de beginstadia van het productieproces. Het is van cruciaal belang dat de stijging van de HICP-inflatie niet leidt tot tweederonde-effecten en daarmee tot breed verspreide inflatoire druk op de middellange termijn. De inflatieverwachtingen voor de middellange tot langere termijn dienen stevig verankerd te blijven in overeenstemming met de doelstelling van de Raad van Bestuur de inflatie op middellange termijn onder maar dicht bij 2% te handhaven. De door medewerkers van de samengestelde macro-economische projecties van maart 211 voorzien in het eurogebied een HICP-inflatie op jaarbasis binnen een marge van 2,% tot 2,6% in 211 en van 1,% tot 2,4% in 212. In vergelijking met de door medewerkers van het Eurosysteem in december 21 samengestelde macro-economische projecties zijn de marges voor de HICP-inflatie opwaarts verschoven. Dit is voornamelijk het gevolg van de aanzienlijke stijging van de prijzen voor energie en voedingsmiddelen. Benadrukt dient te worden dat de projecties zijn gebaseerd op futures-prijzen van grondstoffen vanaf medio februari 211, en dat de meest recente olieprijsstijgingen dus niet in aanmerking zijn genomen. Bovendien dient te worden benadrukt dat in de projecties is uitgegaan van een aanhoudend gematigde binnenlandse vaststelling van prijzen en lonen. De risico s voor deze middellange-termijnvooruitzichten voor de prijsontwikkeling zijn van opwaartse aard. Deze houden vooral verband met hoger dan verwachte stijgingen van de prijzen van zowel energie als niet-energiegrondstoffen. Voorts kunnen stijgingen van indirecte belastingen en door de overheid gereguleerde prijzen sterker zijn dan thans wordt aangenomen als gevolg van de noodzaak van begrotingsconsolidatie in de komende jaren. Ten slotte houden de risico s tevens verband met sterker dan verwachte binnenlandse prijsdruk in de context van het voortdurende herstel van de economische bedrijvigheid. Het loonen prijsvormingsgedrag zou niet moeten leiden tot breed verspreide tweede-ronde-effecten voortvloeiend uit de hogere grondstoffenprijzen. Wat de monetaire analyse betreft, daalde de twaalfmaands groei van M3 in januari 211 tot 1,5%, van 1,7% in december 21, terwijl de 6

7 Ten geleide groei op jaarbasis van leningen aan de particuliere sector in januari toenam tot 2,4%, van 1,9% in december. Kijken we verder dan de bewegingen in de afzonderlijke maanden en de effecten van bijzondere factoren, dan bevestigen de tendensen in de groei van de ruim gedefinieerde geldhoeveelheid en die van de kredietverlening de beoordeling dat het onderliggende tempo van de monetaire expansie nog steeds matig is en dat de inflatoire druk op de middellange tot langere termijn beperkt zou moeten blijven. Tegelijkertijd heeft het lage niveau van de geldgroei en de groei van de kredietverlening tot dusver geleid tot slechts een gedeeltelijke vermindering van de grote hoeveelheden monetaire liquiditeit die zich voorafgaand aan de periode van financiële onrust in de economie had geaccumuleerd. Deze liquiditeit kan de prijsdruk die thans ontstaat in de grondstoffenmarkten markten als gevolg van de sterke economische groei en de ruime liquiditeit op mondiaal niveau, helpen absorberen. Wat betreft de componenten van M3 nam het jaarlijkse groeitempo van M1 verder af tot 3,2% in januari 211, hetgeen de huidige lage rentevergoeding op girale deposito s weerspiegelt. Tegelijkertijd is de rendementscurve aan het begin van het jaar wat steiler geworden, hetgeen impliceert dat de aantrekkelijkheid van in M3 begrepen kortlopende instrumenten blijft dalen in vergelijking met langerlopende instrumenten buiten M3 met hogere rentevergoeding. Bij de tegenposten van M3 was de groei op jaarbasis van bancaire leningen aan de particuliere sector in januari het gevolg van een krachtiger kredietverlening aan zowel huishoudens als niet-financiële vennootschappen. De groei van de kredietverlening aan niet-financiële vennootschappen werd positief, uitkomend op,4% in januari, vanaf -,2% in december, terwijl de groei van de kredietverlening aan huishoudens verder aantrok tot 3,1%, van 2,9% in december. Over het geheel genomen, is de kredietverlening aan de niet-financiële particuliere sector gedurende de afgelopen paar kwartalen geleidelijk sterker geworden, naarmate het economisch herstel aan dynamiek won. De meest recente gegevens bevestigen tevens dat de banken zijn doorgegaan met het uitbreiden van hun kredietverlening aan de economie van het eurogebied, terwijl zij tegelijkertijd de totale omvang van hun balansen goeddeels onveranderd hebben gehouden. Het is van belang dat de banken, in een klimaat waarin de vraag toeneemt, de kredietverlening aan de particuliere sector blijven vergroten. Om aan deze uitdaging het hoofd te bieden, is het voor banken waar nodig van essentieel belang hun winsten te behouden, de markt aan te spreken om hun kapitaalbasis verder te versterken of de steunmaatregelen van overheden voor herkapitalisatie ten volle te benutten. Met name banken die thans beperkte toegang hebben tot marktfinanciering, dienen dringend hun kapitaal te verhogen en hun efficiëntie te verbeteren. Samenvattend, de Raad van Bestuur heeft besloten de basisrentetarieven van de onveranderd te laten. De gegevens die sinds de vergadering van de Raad van Bestuur van 3 februari 211 ter beschikking zijn gekomen, wijzen op een stijging van de inflatie, voornamelijk als gevolg van hogere grondstoffenprijzen. De economische analyse geeft aan dat de risico s voor de vooruitzichten voor de prijsontwikkeling opwaarts gericht zijn, terwijl de toetsing aan de monetaire analyse erop wijst dat het onderliggende tempo van de monetaire expansie gematigd blijft. Recente economische cijfers bevestigen dat de onderliggende dynamiek van de economische bedrijvigheid in het eurogebied positief blijft; de onzekerheid blijft echter verhoogd. De huidige zeer accommoderende monetairbeleidskoers geeft aanzienlijke steun aan de economische bedrijvigheid. Het is van essentieel belang dat de recente stijging van de inflatie niet leidt tot breed verspreide inflatoire druk op de middellange termijn. Sterke waakzaamheid is geboden met het oog op het beperken van de opwaartse risico s voor de prijsstabiliteit. Over het geheel genomen, blijft de Raad van Bestuur klaar staan om 7

8 krachtig en tijdig op te treden om ervoor te zorgen dat de opwaartse risico s voor de prijsstabiliteit op de middellange termijn zich niet concretiseren. De blijvend stevige verankering van de inflatieverwachtingen is van essentieel belang. Wat het begrotingsbeleid betreft, dienen alle overheden in 211 hun begrotingsconsolidatieplannen volledig uit te voeren. Indien nodig, dienen aanvullende corrigerende maatregelen snel te worden doorgevoerd om vooruitgang te boeken bij het bereiken van houdbare overheidsfinanciën. Na 211 dienen landen in hun meerjarige aanpassingsprogramma s ambitieuze en concrete beleidsmaatregelen te specificeren, ter schraging van de geloofwaardigheid van hun begrotingsconsolidatiedoelstellingen voor het waarborgen van een snelle correctie van buitensporige tekorten en de terugkeer naar een begrotingspositie van nabij evenwicht of in overschot. Versterking van het vertrouwen in de houdbaarheid van de overheidsfinanciën is van essentieel belang, aangezien dit de renterisicopremies zal verminderen en de voorwaarden voor solide en duurzame groei zal verbeteren. bijdragen aan de verbetering van het economisch en begrotingstoezicht in het eurogebied. Zij vormen echter niet de grote sprong voorwaarts op toezichtgebied die nodig is om de goede werking van de Economische en Monetaire Unie te waarborgen. Zoals uiteengezet in het advies van de van 17 februari 211 inzake deze voorstellen, is er behoefte aan strengere eisen, meer automatisme in de procedures en een duidelijker focus op de meest kwetsbare landen die aan concurrentievermogen hebben ingeboet, om ervoor te zorgen dat het nieuwe kader op de lange termijn inderdaad doeltreffend zal zijn. Deze uitgave van het bevat een artikel waarin de kernelementen van de hervorming van het economisch bestuur in het eurogebied worden gepresenteerd. Tegelijkertijd is het van cruciaal belang dat substantiële en verregaande structurele hervormingen ten uitvoer worden gelegd in het eurogebied om het groeipotentieel, het concurrentievermogen en de flexibiliteit te versterken. In het geval van de productmarkten, dienen vooral het beleid gericht op versterking van concurrentie en innovatie verder te worden voortgezet. Op de arbeidsmarkt moet prioriteit worden gegeven aan vergroting van de loonflexibiliteit en versterking van de prikkels tot werken, en aan het wegnemen van arbeidsmarktrigiditeiten. De huidige overheidsschuldcrisis in het eurogebied heeft de noodzaak versterkt van een ambitieuze hervorming van het economischbestuurskader van het eurogebied. De Raad van Bestuur van de is van mening dat de wetgevende voorstellen die naar voren zijn gebracht door de Europese Commissie zullen 8

9 E C O N O M I S C H E E N M O N E T A I R E O N T W I K K E L I N G E N ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied 1 d e E X T E R N E O M G E V I N G V A N H E T E U R O G E B I E D De wereldeconomie herstelt zich sinds eind 21 steeds meer op eigen kracht, hoewel er verschillen blijven bestaan tussen de groeipatronen in de diverse landen en regio s. Tegelijkertijd neemt ook de inflatiedruk wereldwijd toe, met name als gevolg van de hogere prijzen van olie en andere grondstoffen. Hoewel de inflatie in de ontwikkelde landen tot nu toe gematigd is, was er in de laatste helft van 21 en begin 211 sprake van een geleidelijke stijging. In dynamische, energie-intensieve opkomende economieën is de inflatie fors gestegen, waarbij sommige landen het risico lopen van oververhitting O N T W I K K E L I N G E N I N D E W E R E L D E C O N O M I E De mondiale groei trok in het vierde kwartaal van 21 weer aan, nadat het tempo van het herstel in het derde kwartaal tijdelijk was vertraagd. Niettemin zijn er verschillen tussen de diverse landen en regio s ten aanzien van de conjuncturele fase waarin zij zich bevinden en ook de jongste bbp-cijfers geven aan dat de economie zich niet in alle landen even snel herstelt. In de Verenigde Staten heeft het herstel in het laatste kwartaal van 21 doorgezet, dankzij een toename van de particuliere vraag en handel. In Japan en het Verenigd Koninkrijk gaf de reële bedrijvigheid eind 21 een krimp te zien. In Japan had dit hoofdzakelijk te maken met het aflopen van de stimuleringsmaatregelen en in het Verenigd Koninkrijk met de slechte weersomstandigheden. Algemeen kan worden gesteld dat de economische groei in de ontwikkelde landen getemperd blijft door de noodzaak van verdere balansaanpassingen door huishoudens en de zwakke arbeidsmarkt. De snelgroeiende opkomende economieën laten een tegenovergesteld beeld zien. Daar draaien veel bedrijven nagenoeg op volle capaciteit en beginnen diverse landen tekenen van oververhitting te vertonen. Ondanks de geleidelijke afbouw van budgettaire en monetaire steunmaatregelen bleef het groeitempo in de opkomende landen in Azië in het vierde kwartaal van 21 krachtig, dankzij een sterke binnenlandse vraag en de investeringen in vaste activa. In Latijns-Amerika was in de tweede helft van 21 sprake van een duurzamer groeitempo nu het effect van de stimuleringsmaatregelen en de voorraadcyclus wegebt. De jongste gegevens wijzen erop dat het economische herstel steeds breder wordt gedragen, waarbij het groeitempo zowel in de verwerkende industrie als in de dienstensector verder is versneld. De jongste op enquêtes gebaseerde gegevens laten tevens zien dat de economische bedrijvigheid zich in de eerste twee maanden van 211 wereldwijd versterkt heeft doorgezet. De Purchasing Managers Index (PMI) voor de totale mondiale productie steeg in februari tot 59,5 (ten opzichte van 58,7 in januari) en bevindt zich inmiddels op de hoogste stand sinds april 21. Dit herstel valt samen met een stijging van de PMI-component voor nieuwe orders, waaruit opgemaakt kan worden dat de vooruitzichten voor de economische bedrijvigheid gunstig zijn. In lijn met de mondiale bedrijvigheid is ook de wereldhandel in het laatste kwartaal van 21 weer gegroeid. Volgens de jongste beschikbare gegevens groeide het wereldhandelsvolume in december 21 met 1,8% ten opzichte van de maand ervoor, na een vergelijkbare stijging in november. Deze stijging is grotendeels het gevolg van de sterkere vraag naar importgoederen uit de opkomende economieën, met name China en India. Op enquêtes gebaseerde indicatoren geven aan dat de groei van de wereldhandel in 211 verder is aangetrokken, gezien het feit dat de mondiale PMI-index voor nieuwe uitvoerorders in februari wederom is gestegen. In Kader 1 wordt kort ingegaan op het belang van het eurogebied als exportbestemming. 9

10 G r a f i e k 1 M o n d i a l e P u r c h a s i n g M a n a g e r s I n d e x v e r w e r k e n d e i n d u s t r i e ( P M I ) (maandgegevens; spreidingsindex) G r a f i e k 2 I n t e r n a t i o n a l e p r i j s o n t w i k k e l i n g e n (maandgegevens; mutaties in procenten per jaar) afzetprijzen betaalde prijzen OESO-consumptieprijzen (alle componenten) OESO-consumptieprijzen (alle componenten m.u.v. voedingsmiddelen en energie) Bron: Markit. Bron: OESO. De gestegen prijzen van olie en andere grondstoffen leidden in de loop van 21 tot een hogere inflatiedruk in zowel de ontwikkelde als de opkomende markteconomieën. Vanwege de uiteenlopende groeipatronen en de verschillen tussen de consumptiemandjes varieert ook het inflatietempo tussen de diverse landen en regio s. In de ontwikkelde economieën is de inflatie in de laatste helft van 21 en begin 211 weliswaar geleidelijk gestegen, maar blijft die stijging tot nu toe gematigd. Er is namelijk nog steeds sprake van een ruime hoeveelheid onbenutte capaciteit. Niettemin is de druk binnen de productieketens de laatste maanden toegenomen, met name in de eerste fases van de productie, grotendeels als gevolg van de hogere grondstoffenprijzen, zoals blijkt uit de mondiale PMI-index voor inputprijzen in de verwerkende industrie, die in februari 211 zijn hoogste stand in tweeënhalf jaar bereikte (zie Grafiek 1). In het OESO-gebied steeg de consumptieprijsinflatie in de twaalf maanden tot en met december 21 met 2,1%, ten opzichte van 1,8% in november. Exclusief voedingsmiddelen en energie stegen de consumptieprijzen in december met 1,2% en bleven zij daarmee ongewijzigd ten opzichte van november (zie Grafiek 2). In de dynamische opkomende economieën is de inflatie door de krachtige groei en de hogere grondstoffenprijzen echter toegenomen. V e r e n i g d e S t a t e n In de Verenigde Staten zette het economische herstel zich in het vierde kwartaal van 21 voort, na een eerdere vertraging halverwege het jaar. Volgens de tweede raming van het Bureau of Economic Analysis bedroeg de reële bbp-groei in het vierde kwartaal,7% op kwartaalbasis (2,8% op jaarbasis), een stijging ten opzichte van,6% in het derde kwartaal en,4% in het tweede kwartaal (Zie Grafiek 3). De groei in het vierde kwartaal van 21 komt voor rekening van hogere consumptieve bestedingen en een positieve bijdrage van de handel, aangezien de uitvoer verder toenam en de invoer daalde. Ook de investeringen in apparatuur en software stegen, maar minder snel dan in eerdere kwartalen. Daarentegen werd de groei getemperd door een fors negatieve bijdrage van de voorraadopbouw. De grotere rol van de binnenlandse vraag als groeimotor ten opzichte van tijdelijke factoren zoals de stimulans die uitgaat van voorraadversterking kan betekenen dat het economische herstel zich momenteel meer autonoom ontwikkelt. 1

11 ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied Wat de nabije toekomst betreft, blijven de groeivooruitzichten gunstig, aangezien het vertrouwen bij bedrijven en consumenten toeneemt, het financieringsklimaat steeds gunstiger wordt en het monetaire en budgettaire beleid expansief blijft. Hoogfrequente gegevens over de eerste twee maanden van 211 wijzen op een aanhoudend herstel van de economische bedrijvigheid. Niettemin zal dit herstel naar verwachting weer getemperd worden door de hoge werkloosheid, de noodzaak van verdere balansaanpassingen door huishoudens en een aanhoudend zwakke huizenmarkt. Verwacht wordt dat de ontwikkelingen op de huizenmarkt en de prijzen nog enige tijd onder druk blijven staan, getuige de verder toenemende wanbetalingen op hypotheken en het aanhoudende overschot aan woningen. Het nieuwe pakket aan budgettaire maatregelen dat in december 21 is aangekondigd en dat onder meer voorziet in een voortzetting van werkloosheidsregelingen en eerdere belastingverlagingen is een stimulans voor de groeivooruitzichten op de korte termijn, maar voedt tegelijkertijd de bezorgdheid in de markt over de toekomstige staat van de overheidsfinanciën. De prijsdruk bleef globaal gematigd, ondanks een recente lichte stijging. De twaalfmaands CPIinflatie steeg van 1,5% in december tot 1,6% in januari. De stijging van de consumptieprijzen was wederom grotendeels het gevolg van de hogere energie- en voedselprijzen. Ook de twaalfmaands inflatie exclusief voedingsmiddelen en energie gaf in januari een stijging te zien, en wel tot 1,%, wat erop duidt dat ook de kerninflatie in beweging is. De ontwikkeling van de woningkosten blijft de totale inflatie drukken, gezien het feit dat de twaalfmaands CPI-inflatie exclusief de kosten van huisvesting in januari uitkwam op 2,1%. Wat de toekomst betreft, wordt verwacht dat de ondanks het herstel toch nog zwakke economie een matigend effect blijft hebben op de onderliggende prijsdruk. Op 26 januari 211 maakte het Federal Open Market Committee (FOMC) bekend dat het economische herstel aanhoudt, maar dat het groeitempo onvoldoende is om een forse verbetering op de arbeidsmarkt te bewerkstelligen. Gezien de hoge werkloosheid en de lage onderliggende inflatiemaatstaven verwacht het FOMC nog steeds dat de economische situatie zich zodanig zal ontwikkelen dat een uitzonderlijk lage federal funds rate voor langere tijd gerechtvaardigd is. Het FOMC handhaaft voorts zijn plan om aan het einde van het tweede kwartaal van 211 voor USD 6 miljard aan langerlopend schatkistpapier aan te kopen om zo het economisch herstel te bevorderen. J A P A N In Japan is de economische bedrijvigheid in het vierde kwartaal van 21 gekrompen, na een krachtige groei in de eerste drie maanden van 21. Volgens een voorlopige raming van het Cabinet Office daalde het reële bbp in het vierde kwartaal van 21 op kwartaalbasis met,3%. Dit werd grotendeels veroorzaakt door een scherpe daling van de particuliere consumptie als gevolg van de beëindiging van de overheidssubsidies op de aankoop van energiezuinige auto s, en door lagere sigarettenverkopen als gevolg van de in oktober ingegane verhoging van de accijnzen op tabak. Ook de uitvoer is in het vierde kwartaal gedaald. De daling van het bbp in het vierde kwartaal was minder omvangrijk dan verwacht, dankzij de stabiliteit van de kapitaalsen woninginvesteringen en een positieve bijdrage van de voorraden. Het reële bbp lag in 21 in totaal 3,9% hoger dan een jaar eerder, deels vanwege de budgettaire stimuleringsmaatregelen en de toegenomen buitenlandse vraag. Wat de toekomst betreft, wijzen hoogfrequente indicatoren met ingang van 211 op een verbetering van het economische klimaat en een geleidelijke versterking van de economie. Deze ontwikkelingen worden getrokken door een versnelling van de bedrijvigheid in de verwerkende industrie en een aantrekkende buitenlandse vraag, met name uit de opkomende economieën in Azië. 11

12 G r a f i e k 3 B e l a n g r i j k s t e o n t w i k k e l i n g e n i n d e g r o t e g e ï n d u s t r i a l i s e e r d e e c o n o m i e ë n eurogebied Japan Verenigde Staten Verenigd Koninkrijk Productiegroei 1) Inflatie 2) (mutaties in procenten per kwartaal; kwartaalgegevens) (consumptieprijzen; mutaties in procenten per jaar; maandgegevens) 3, 3, 6 6 2, 2, 5 5 1, 1, 4 4,, 3 3-1, -1, 2 2-2, -2, 1 1-3, -3, -4, -4, , -5, , -6, Bronnen: Nationale gegevens, BIS, Eurostat en berekeningen van de. 1) Voor het eurogebied en het Verenigd Koninkrijk zijn gegevens van Eurostat gebruikt, voor de Verenigde Staten en Japan nationale gegevens. De bbp-cijfers zijn voor seizoen gecorrigeerd. 2) HICP voor het eurogebied en het Verenigd Koninkrijk; CPI voor de Verenigde Staten en Japan. De twaalfmaands CPI-inflatie bleef in januari ongewijzigd ten opzichte van december. De twaalfmaands CPI-inflatie exclusief verse voedingsmiddelen daalde met,2%, ten opzichte van een daling van,4% in december. Exclusief verse voedingsmiddelen en energie daalde de CPIinflatie met,6%, ten opzichte van een daling van,7% in december. Al met al wordt de inflatie deels aangezwengeld door de ontwikkeling van de grondstoffenprijzen de laatste maanden. De Bank of Japan heeft op 15 februari 211 besloten om de doelstelling voor de uncollateralised overnight call rate (de rentevoet waartegen banken zonder onderpand van elkaar kunnen lenen) te handhaven op een niveau tussen,% en,1%. V E R E N I G D K O N I N K R I J K In het Verenigd Koninkrijk stagneerde het economische herstel in het vierde kwartaal van 21. Volgens voorlopige ramingen daalde het reële bbp in het vierde kwartaal van 21 met,6%, na een stijging van,7% in het derde kwartaal en 1,1% in het tweede kwartaal (zie Grafiek 3). De productiedaling in het vierde kwartaal wordt deels toegeschreven aan het slechte weer in december en deed zich in alle belangrijke uitgavencategorieën voor. De daling van de huizenprijzen die de afgelopen maanden is ingezet, zette door als gevolg van een zwakke vraag op de woningmarkt. Vooruitblikkend wordt verwacht dat voorraadaanpassingen, monetaire stimuleringsmaatregelen, de buitenlandse vraag en de eerdere waardedaling van het Britse pond een positief effect op de economische bedrijvigheid zullen hebben. Naar verwachting blijft de groei van de binnenlandse vraag echter beperkt als gevolg van krappe kredietvoorwaarden, balansaanpassingen door huishoudens en forse bezuinigingen door de overheid. De twaalfmaands CPI-inflatie was de laatste maanden hoog en steeg in januari 211 tot 4,%, ten opzichte van 3,7% in december, met name als gevolg van de naijleffecten van de waardedaling van het Britse pond, de hogere grondstoffenprijzen en de BTW-verhoging in januari 211. Vooruitblikkend wordt verwacht dat deze factoren opwaartse druk blijven uitoefenen op de twaalfmaands CPI-inflatie. In de afgelopen kwartalen heeft het Monetary Policy Committee 12

13 ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied van de Bank of England de officiële rente (Bank Rate) voor de reserves van commerciële banken gehandhaafd op,5%. Het Committee handhaafde tevens de voorraad aangekochte overheidsobligaties, gefinancierd met de uitgifte van centrale-bankreserves, op GBP 2 miljard. O v e r i g e E U - l a n d e n De verbetering van de economische situatie zette de afgelopen kwartalen per saldo ook door in de andere EU-landen buiten het eurogebied, hoewel de inflatieontwikkelingen een gemengd beeld te zien gaven. In het vierde kwartaal van 21 steeg het reële bbp in Zweden op kwartaalbasis met 1,2% en daalde het in Denemarken op kwartaalbasis met,4%. Vooral in Zweden lijkt er sprake te zijn van een krachtig herstel, gevoed door de buitenlandse vraag, de binnenlandse consumptie en als oorzaak van de laatste factor een sterke groei van de werkgelegenheid. In Denemarken stagneerde het herstel in het vierde kwartaal, waarbij de reële bbp-groei getemperd werd door het uitvoersaldo, terwijl de particuliere consumptie verder toenam met,8%. De twaalfmaands inflatie bleef de laatste maanden globaal stabiel en kwam in januari 211 in Zweden uit op 1,4% en in Denemarken op 2,6%. Het herstel van de economische bedrijvigheid in de grootste EU-landen in Midden- en Oost- Europa heeft de afgelopen kwartalen doorgezet, hoewel het groeitempo per land verschilt. Het herstel wordt vooral gedragen door de buitenlandse vraag. De binnenlandse vraag wordt getemperd door een zwakke arbeidsmarkt, hogere grondstoffenprijzen, de noodzaak om de schuldenlast af te bouwen in ieder geval in de bankensector en de korte-termijneffecten van de budgettaire consolidatie. In Tsjechië is het reële bbp bezig met een gestaag herstel, met een stijging op kwartaalbasis van,5% in het vierde kwartaal. In Hongarije kwam de reële bbp-groei in het vierde kwartaal uit op,2%, hoewel het herstel enigszins kwetsbaar blijft als gevolg van de onzekerheid omtrent het economische beleid van de regering. In Roemenië steeg het reële bbp in het vierde kwartaal (met,1% op kwartaalbasis). Niettemin blijft er sprake van een relatief zwak macro-economisch klimaat, aangezien de binnenlandse vraag op de korte termijn getemperd wordt door voortgaande budgettaire aanpassingen. In Polen nam de reële bbp-groei in het vierde kwartaal op kwartaalbasis verder toe met,8%. In tegenstelling tot de meeste andere landen in de regio werd de productiegroei in Polen grotendeels gedragen door de binnenlandse vraag, waarbij de particuliere consumptie aantrok als gevolg van een sterkere arbeidsmarkt en budgettaire maatregelen. Wat de toekomst betreft, wijzen korte-termijnindicatoren in de meeste landen op een aanhoudend herstel, met een grotere rol voor de binnenlandse vraag als groeimotor. De inflatie is de afgelopen maanden in alle landen in de regio toegenomen, als gevolg van de hogere energie- en voedselprijzen. De twaalfmaands HICP-inflatie bedroeg in januari in Tsjechië 1,9% en in Polen 3,5%. In Hongarije fluctueerde de inflatie de afgelopen maanden tussen 4% en 5%. In Roemenië bleef de inflatie met 7,% in januari hoog. Dit is deels het gevolg van de BTWverhoging medio 21. Vooruitblikkend wordt verwacht dat de inflatie verder toeneemt naarmate de hogere grondstoffenprijzen en de fiscale wijzingen in de consumptieprijzen worden verdisconteerd. De inflatiedruk wordt mogelijk wel getemperd door de bestaande onbenutte capaciteit. In de kleinere EU-landen buiten het eurogebied, te weten Bulgarije, Letland en Litouwen, herstelt de economische bedrijvigheid zich dankzij een sterke buitenlandse vraag en het daarmee gepaard gaande herstel van de industriële productie. De binnenlandse vraag blijft daarentegen relatief zwak. Vooruitblikkend wordt verwacht dat het economische herstel doorzet, hoewel de zeer zwakke arbeidsmarkt en de krappe kredietvoorwaarden neerwaartse druk blijven uitoefenen op de binnenlandse vraag. Ook in de kleinere EU-landen buiten het eurogebied is de inflatie de laatste maanden gestegen. In Bulgarije bedroeg de inflatie in januari 211 4,3%, in Letland 3,5% en in Litouwen 2,8%. 13

14 O v e r i g e E u r o p e s e l a n d e n De Turkse economie gaf in de eerste drie kwartalen van 21 een sterke groei te zien. Het bbp steeg in het derde kwartaal van 21 op jaarbasis met ongeveer 5,5%, dankzij de binnenlandse vraag (zie Grafiek 4). De beschikbare cijfers bevestigen dat deze trend zich in het laatste kwartaal van 21 heeft voortgezet. De twaalfmaands inflatie bedroeg in januari 211 4,9%, een daling ten opzichte van 6,4% in december. Eind 21, begin 211 heeft de Turkse centrale bank de bijzondere liquiditeitssteun ingetrokken en de reserveverplichtingen verhoogd, alsmede de weekrente op repo s van 7% tot 6,25% verlaagd, dit laatste om de instroom van korte-termijnkapitaal tegen te gaan. Al met al blijven de vooruitzichten voor de Turkse economie positief, als gevolg van aanhoudende monetaire en budgettaire stimuleringsmaatregelen en een aantrekkende binnenlandse vraag. Het stijgende tekort op de lopende rekening en de mogelijkheid van een plotselinge terugval van de kapitaalinstroom zijn potentiële neerwaartse risico s. In Rusland stokte het herstel van de economische bedrijvigheid in het derde kwartaal van 21 als gevolg van de extreme hittegolf die het land heeft geteisterd. Aangezien deze schok echter van tijdelijke aard was, trok de groei tegen het einde van het jaar weer aan, zoals de voorlopende indicatoren al hadden voorspeld. Volgens voorlopige ramingen steeg het reële bbp in 21 met circa 4%. De twaalfmaands inflatie steeg verder en kwam in januari 211 uit op 9,6%, vooral als gevolg van de voedselprijzen, die als gevolg van de hittegolf aanhoudend zijn gestegen. De Russische centrale bank heeft haar belangrijkste rentetarieven per 28 februari met 25 basispunten verhoogd. De basisherfinancieringsrente steeg naar 8%, terwijl de rente op depositotransacties naar 3% is verhoogd. Tegelijkertijd zijn ook de reserveverplichtingen voor de tweede achtereenvolgende maand verhoogd en heeft de centrale bank de bandbreedtes vergroot waarbinnen de roebel mag fluctueren. Vooruitblikkend wordt verwacht dat het tempo van het economische G r a f i e k 4 B e l a n g r i j k s t e o n t w i k k e l i n g e n i n d e g r o t e o p k o m e n d e e c o n o m i e ë n Brazilië China India Rusland Turkije Productiegroei 1) Inflatie 2) (mutaties in procenten per kwartaal; kwartaalgegevens) (consumptieprijzen; mutaties in procenten per jaar; maandgegevens) Bron: Haver Analytics. 1) Voor seizoen gecorrigeerde gegevens voor Brazilië, China en India. Niet voor seizoen gecorrigeerde gegevens voor Rusland en Turkije. 2) Groothandelsprijsindex voor India. 14

15 ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied herstel zal afhangen van de ontwikkeling van de grondstoffenprijzen, aangezien Rusland een van de belangrijkste exporteurs van olie en gas is. O p k o m e n d e l a n d e n i n a z i Ë In de opkomende landen in Azië was in het vierde kwartaal van 21 wederom sprake van een sterke economische bedrijvigheid. De twaalfmaands bbp-groei nam in de meeste landen licht toe ten opzichte van het niveau in het derde kwartaal. Hoewel de budgettaire en monetaire steunmaatregelen geleidelijk aan worden ingetrokken, wordt de economische groei in de regio niettemin gedragen door de particuliere consumptie en de investeringen in vaste activa, waarbij de binnenlandse vraag wordt gevoed door een sterke netto kapitaalinstroom, met inbegrip van directe buitenlandse investeringen. Het uitvoersaldo leverde in het vierde kwartaal gemiddeld nog steeds een positieve bijdrage, die echter wel lager lag dan in de eerste helft van 21. De inflatie blijft hoog, als gevolg van de stijgende voedsel- en grondstoffenprijzen en de sterke binnenlandse vraag. In reactie hierop hebben de meeste centrale banken in de regio hun monetaire beleid de laatste maanden verkrapt. In China steeg het reële bbp in 21 op jaarbasis met 1,3%, waaruit kan worden opgemaakt dat de economie veerkrachtig genoeg is om de gevolgen van de in de loop van 21 ingetrokken stimuleringsmaatregelen op te vangen (zie Grafiek 4). De krachtige economische groei werd met name gedragen door sterke investeringen en een aantrekkende buitenlandse vraag. De twaalfmaands CPI-inflatie versnelde in het laatste kwartaal van 21 tot 4,7%, ten opzichte van 3,5% in het derde kwartaal, waarmee de twaalfmaands CPI-inflatie over heel 21 uitkwam op 3,3%, boven het streefniveau van 3%. Vanwege de ongebruikelijk koude winter en de vakantieperiode in verband met het Chinese Nieuwjaar zijn de voedselprijzen sinds eind december weer gestegen. Daarnaast wordt verwacht dat de inflatiedruk de komende maanden hoog blijft als gevolg van de hoge grondstoffenprijzen en de ruime binnenlandse liquiditeit. De People s Bank of China heeft haar monetaire beleid begin 211 verder verkrapt. De als benchmark gebruikte eenjaars krediet- en depositorente is voor de derde maal sinds oktober 21 per 9 februari met 25 basispunten verhoogd tot respectievelijk 3% en 6,6%. Voorts is in een aantal grote steden op 28 januari 211 een vastgoedbelasting ingevoerd om speculatie op de vastgoedmarkt tegen te gaan, gekoppeld aan administratieve maatregelen om de kosten van hypotheekleningen te verhogen. In Zuid-Korea steeg het reële bbp in het vierde kwartaal van 21 op jaarbasis met 4,9%, ten opzichte van 4,5% in het derde kwartaal. Ten opzichte van het derde kwartaal werd de grootste bijdrage aan de economische groei geleverd door het hogere uitvoersaldo en de aanhoudend veerkrachtige particuliere consumptie, terwijl de investeringen in de bouw afnamen. De twaalfmaands CPI-inflatie steeg in januari 211 tot 4,1%, licht boven de door de Bank of Korea vastgestelde bandbreedte van 2% tot 4%. Intussen had de centrale bank de beleidsrente op 13 januari 211 al voor de derde maal sinds juli 21 met 25 basispunten verhoogd tot 2,75%. In India bleef de economische bedrijvigheid krachtig. Het reële bbp steeg in het laatste kwartaal van 21 op jaarbasis met 9,7%, tegen 1,5% in het derde kwartaal. De stijging van de groothandelsprijzen, de voornaamste inflatiemaatstaf voor de Reserve Bank of India, bleef in januari met 8,2% op een hoog niveau. De Reserve Bank of India handhaafde haar beleid van geleidelijke monetaire verkrapping en heeft de belangrijkste rentetarieven op 27 januari 211 met 25 basispunten verhoogd tot respectievelijk 5,5% (reverse repo s) en 6,5% (repo s). Dit is de zevende verhoging van de beleidsrente sinds maart

16 De economische groei in de ASEAN-5-landen (Indonesië, Maleisië, de Filippijnen, Singapore en Thailand) bleef ook in het laatste kwartaal van 21 krachtig. In Indonesië, Maleisië en de Filippijnen werd de economische groei in het vierde kwartaal met name gedragen door de particuliere consumptie, terwijl in Singapore en Thailand het uitvoersaldo een sterke bijdrage leverde. In Indonesië en Thailand is de beleidsrente in de afgelopen zes maanden verhoogd. De vooruitzichten voor de opkomende landen in Azië duiden op een aanhoudend krachtige groeiontwikkeling, gekoppeld aan een sterke binnenlandse vraag. In dat kader zou, gezien de kleiner wordende output gap en de toenemende inflatiedruk, bezorgdheid kunnen ontstaan omtrent oververhitting. Anderzijds is sprake van potentiële neerwaartse risico s in verband met onzekerheid omtrent de buitenlandse vraag, een verdere stijging van de grondstoffenprijzen en de effecten van de volatiele kapitaalstromen. M I D D E N - O O S T E N E N A F R I K A De economische groei heeft zich in veel olie-exporterende landen in het Midden-Oosten en Afrika in 21 hersteld tot het niveau van voor de crisis, dankzij de grote vraag naar olie en de hoge olieprijzen. Daarnaast betekenden de relatief lage schuldniveaus en de grote internationale reservevoorraden dat de overheden in deze landen omvangrijke budgettaire steunmaatregelen in stand konden houden, zoals uitgaven aan infrastructuur en maatregelen om ook andere sectoren dan de olieindustrie te ondersteunen. Hoewel de inflatiedruk in de tweede helft van 21 is gestegen, bleef de inflatie ver beneden het niveau van voor de mondiale crisis. Voorlopige cijfers duiden erop dat de reële bbp-groei in Saoedi-Arabië in 21 met 3,8% is gestegen, waarbij de niet aan de olieindustrie gerelateerde overheidssector een sterkere groei te zien gaf dan de rest van de economie. In tegenstelling tot andere opkomende markteconomieën neemt de consumptieprijsinflatie in Saoedi-Arabië al sinds augustus 21 langzaam af. De CPIinflatie bedroeg in het vierde kwartaal van 21 5,7% op jaarbasis en daalde in januari 211 verder tot 5,3%. Ook in de niet-olie-exporterende landen in de regio trok het tempo van de bbp-groei in 21 aan. Het herstel werd gedragen door een hogere vraag naar - en de hogere prijzen van - grondstoffen (uitgezonderd olie) en door het ruime budgettaire en monetaire beleid. Hoewel de consumptieprijzen in de meeste van deze landen in het vierde kwartaal van 21 licht zijn gestegen, blijft de inflatieontwikkeling gematigd. De robuuste economische ontwikkeling zoals die zich in de meeste landen in het Midden-Oosten en Afrika in 21 heeft voorgedaan, zal naar verwachting doorzetten als gevolg van een krachtige vraag naar grondstoffen en de wereldwijd hoge grondstoffenprijzen. De geopolitieke spanningen in de regio hebben echter tot grote onzekerheid geleid, waardoor de neerwaartse risico s voor de economische vooruitzichten zijn toegenomen. Een bijkomend probleem voor de niet-olie-exporterende landen houdt verband met de omstandigheid dat de forse stijging van de wereldwijde voedsel- en energieprijzen in de laatste maanden de inflatie kan aanwakkeren, dan wel negatieve gevolgen kan hebben voor de begrotingssaldi, vanwege de subsidieregelingen die in deze landen van toepassing zijn. L a t i j n s - a m e r i k a Na een sterke groei in de eerste helft van 21 geven hoogfrequente indicatoren aan dat de economische bedrijvigheid in Latijns-Amerika in de tweede helft van het jaar is afgenomen naar een meer duurzaam tempo. De groeimatiging was met name het gevolg van het geleidelijk terug- 16

17 ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied draaien van de stimuleringsmaatregelen door de overheid en een normalisering van de mondiale voorraadcyclus. De inflatiedruk binnen de regio is echter toegenomen. In Mexico bedroeg het reële bbp in het vierde kwartaal van 21 op jaarbasis 4,4%, ten opzichte van 5,3% in het derde kwartaal. De twaalfmaands consumptieprijsinflatie lag hoger dan in de voorgaande kwartalen en kwam in het vierde kwartaal gemiddeld uit op 4,3%. In Argentinië blijft de economische bedrijvigheid stevig groeien dankzij een sterke vraag vanuit Brazilië, voortzetting van het stimuleringsbeleid en hoge grondstoffenprijzen. Als gevolg hiervan bleef de industriële productie in het vierde kwartaal van 21 snel groeien (1,6% hoger dan vorig jaar). De twaalfmaands CPI-inflatie bedroeg in het vierde kwartaal van 21 gemiddeld 11,1% en bleef daarmee ongewijzigd ten opzichte van het vorige kwartaal. In Brazilië was de economische groei in de eerste helft van 21 krachtig, waarbij als gevolg van de aanhoudend sterke binnenlandse vraag een krappe situatie op de arbeidsmarkt ontstond en het tekort op de lopende rekening toenam. In de tweede helft van het jaar vertoonde de economische bedrijvigheid echter tekenen van vertraging. Als gevolg hiervan lag de gemiddelde groei van de industriële productie in het vierde kwartaal met 3,5% op jaarbasis fors lager dan in het derde en tweede kwartaal (respectievelijk 8,1% en 14,2%). De twaalfmaands inflatie steeg in Brazilië in het vierde kwartaal tot 5,5%, ten opzichte van 4,5% in het derde kwartaal. Al met al is de economische bedrijvigheid in Latijns-Amerika in 21 snel toegenomen. Vooruitblikkend wordt verwacht dat de economische bedrijvigheid zich normaliseert naarmate de stimuleringsmaatregelen geleidelijk aan worden ingetrokken. Daarbij zullen de hoge landbouwprijzen en het gunstige externe financieringsklimaat naar verwachting een bijdrage aan de groeiontwikkeling blijven leveren g r o n d s t o f f e n m a r k t e n De olieprijzen zijn de afgelopen drie maanden fors gestegen. De opwaartse trend die in september 21 inzette, werd daarmee voortgezet (zie Grafiek 5). Op 2 maart bedroeg de prijs van ruwe Brent-olie USD 113,6 per vat, 45% hoger dan begin 21 en 22% hoger dan begin 211. Marktdeelnemers verwachten op de middellange termijn licht lagere olieprijzen; de prijs van futures december 212 bedraagt USD 111 per vat. De olieprijzen werden de afgelopen drie maanden opgestuwd door sterke fundamentele ontwikkelingen aan de vraagzijde en onzekerheid over toekomstige leveringen. Wat de vraagzijde betreft, heeft het Internationaal Energie Agentschap zijn vraagprojecties voor 21 en 211 herhaaldelijk opwaarts bijgesteld, vooral vanwege hogere aannames omtrent de groei van de wereldeconomie. Aan de aanbodzijde G r a f i e k 5 B e l a n g r i j k e o n t w i k k e l i n g e n o p d e g r o n d s t o f f e n m a r k t e n ruwe olie, Brent (USD per vat; links) grondstoffen m.u.v. energie (USD; index: 21 = 1; rechts) Bronnen: Bloomberg en HWWI

18 hebben de olieproducenten niet snel op de hogere prijzen ingespeeld. Zo hebben de OPEClanden hun productiequota tijdens de OPEC-vergadering in december niet verhoogd, ondanks de ruim aanwezige reservecapaciteit. Daarnaast is door de politieke onrust in het Midden-Oosten en Noord-Afrika bezorgdheid ontstaan over de mogelijkheid dat de leveringszekerheid in gevaar komt door geopolitieke factoren, waardoor de opwaartse druk op de olieprijzen verder toenam. De huidige situatie heeft veel weg van de situatie in 28, maar de hoge voorraadniveaus en het feit dat de OPEC-landen hun productie nog fors kunnen opschroeven, bieden tot op zekere hoogte een buffer tegen verdere omvangrijke prijsstijgingen. Ook de prijzen van grondstoffen ongerekend energie gaven de afgelopen maanden een opmerkelijke stijging te zien en bevinden zich globaal gezien weer op het piekniveau van 28, vooral onder invloed van de voedselprijzen. Een krachtige vraag gekoppeld aan slechte weersomstandigheden zorgden voor een neerwaartse bijstelling van de productieramingen in Noord-Amerika en Australië, waardoor opwaartse druk is ontstaan op de prijzen van graan en maïs. Ook de metaalprijzen zijn de laatste drie maanden gestegen, met name de prijs van koper. De geaggregeerde prijsindex van grondstoffen ongerekend energie (uitgedrukt in Amerikaanse dollars) lag eind februari 35% hoger dan begin 21 en 3% hoger dan begin W I S S E L K O E R S E N E F F E C T I E V E W I S S E L K O E R S V A N D E E U R O De euro vertoonde in 21 en begin 211 in nominaal-effectieve termen vrij grote schommelingen. Van medio 21 tot begin november 21 steeg de euro in waarde en werden veel van de verliezen uit begin 21 goedgemaakt. In december 21 zette weer een waardedaling in en de euro sloot het jaar ongeveer 8% lager af dan het gemiddelde over 29 (zie Grafiek 6). Op 2 maart stond de euro in nominaal-effectieve termen afgemeten aan de valuta s van de 2 belangrijkste handelspartners van het eurogebied ongeveer 1,9% hoger dan aan het eind van november 21 en,6% onder het gemiddelde niveau van 21. Het verloop van de wisselkoers van de euro in 21 lijkt grotendeels te zijn bepaald door veranderingen in de marktperceptie van enerzijds de budgettaire en economische vooruitzichten van sommige landen van het eurogebied en anderzijds de kracht van het wereldwijde economische herstel in verhouding tot het eurogebied. De appreciatie van de euro van juni tot begin november lijkt verband te hebben gehouden met een afname van de bezorgdheid in de markt omdat toen de bijzonderheden van de institutionele mechanismen die in het leven werden geroepen om de financiële problemen in sommige landen van het eurogebied aan te pakken, duidelijk werden. De depreciatie in de laatste twee maanden van 21 lijkt daarentegen deels verband te hebben gehouden met een hernieuwde risicoaversie op grond van de toegenomen bezorgdheid over de budgettaire vooruitzichten van deze landen. In de afgelopen drie maanden was de stijging van de nominaal-effectieve wisselkoers van de euro voornamelijk het gevolg van het sterker worden van de euro ten opzichte van de Amerikaanse dollar en de belangrijkste Aziatische valuta s. Dit werd slechts gedeeltelijk tenietgedaan door de depreciatie van de euro ten opzichte van de Zweedse kroon, de Noorse kroon, de Zwitserse frank, de Hongaarse forint, de Poolse zloty en de Tsjechische kroon (zie Tabel 1). De impliciete volatiliteit van de bilaterale wisselkoersen van de euro ten opzichte van andere belangrijke valuta s (de Amerikaanse dollar, het Britse pond en de Japanse yen) is sinds eind november 21 gedaald, zowel op de korte als op de lange termijn; dit wijst op een afname van de onzekerheid op de valutamarkt. Eind februari 211 begon de volati- 18

19 ECONOMISCHE EN MONETAIRE ONTWIKKELINGEN De externe omgeving van het eurogebied G r a f i e k 6 D e e f f e c t i e v e w i s s e l k o e r s v a n d e e u r o : b e l o o p e n u i t s p l i t s i n g 1 ) (daggegevens) Index: 1999-I = , Bijdragen aan de mutaties van de effectieve wisselkoersen van de euro 2) 3 november 21-2 maart 211 (procentpunten) 2, ,5 1, , 1, ,5, ,, 1 1 -,5 -,5 97 IV I II III IV I liteit echter weer te stijgen, in lijn met de algemene toename van de onzekerheid in de markt in verband met de geopolitieke spanningen in Noord-Afrika (zie Grafiek 8). Wat de indicatoren van het internationale concurrentievermogen van het eurogebied in termen van prijzen en kosten betreft, lag in februari 211 de reëel-effectieve wisselkoers van de euro op basis van consumentenprijzen (afgemeten aan de valuta s van 2 van de belangrijkste handelspartners van het eurogebied) 1,8% lager dan het gemiddelde niveau in 21 (zie Grafiek 7). -1, USD GBP -1, JPY CNY CHF SEK OLS overige EER- 2 Bron:. 1) Een stijging van de index betekent een appreciatie van de euro ten opzichte van de valuta s van 2 van de belangrijkste handelspartners van het eurogebied (waaronder alle niet aan het eurogebied deelnemende lidstaten van de EU). 2) De bijdragen aan de mutaties van de effectieve wisselkoersen van de euro ten opzichte van de valuta s van de zes belangrijkste handelspartners van het eurogebied worden afzonderlijk getoond. De categorie Overige lidstaten (OLS) betreft de geaggregeerde bijdrage van de munt eenheden van de niet aan het eurogebied deelnemende lidstaten van de EU (met uitzondering van het Britse pond en de Zweedse kroon). Overige betreft de geaggregeerde bijdrage van de valuta s van de resterende zes handelspartners van het eurogebied aan de effectieve koers index voor de groep van 2 handelspartners. De mutaties zijn berekend met behulp van de overeenkomstige totale handels gewichten in de effectieve koersindex voor de groep van 2 handelspartners. T a b e l 1 B e l o o p v a n d e w i s s e l k o e r s v a n d e e u r o 1 ) (daggegevens; eenheden nationale valuta per euro; mutaties in procenten) Gewicht in effectieve koersindex voor de groep van 2 handelspartners Niveau op 2 maart 211 Appreciatie (+)/depreciatie (-) van de euro per 2 maart 211 Sinds: 3 november 21 1 januari 211 Ten opzichte van: gemiddelde voor 21 Amerikaanse dollar 19,4 1,38 6,2-4, 4,2 Britse pond 17,8,848 1,2-4,9-1,2 Chinese renminbi 13,6 9,8 4,7-7,6 1,2 Japanse yen 8,3 113,3 4, -15,2-2,5 Zwitserse frank 6,4 1,28-1,5-13,9-7,3 Poolse zloty 4,9 3,98-2,1-2,9 -,3 Zweedse kroon 4,9 8,73-4,8-14,3-8,4 Tsjechische kroon 4,1 24,29-2,5-7,6-3,9 Koreaanse won 3, ,74 2,9-6,5 1,5 Hongaarse forint 3,1 271,28-4,5,5-1,5 Nominaal-effectieve koers 2) 13,9 1,9-7,1 -,6 Bron:. 1) Bilaterale wisselkoersen in aflopende volgorde van handelsgewicht in de koersindex voor de groep van 2 handelspartners. 2) Nominaal-effectieve wisselkoers van de euro ten opzichte van de valuta s van 2 van de belangrijkste handelspartners van het eurogebied. 19

20 G r a f i e k 7 N o m i n a a l - e n r e ë e l - e f f e c t i e v e w i s s e l k o e r s e n v a n d e e u r o 1 ) (maand-/kwartaalgegevens; index 1999-I = 1) 12 nominaal reëel, gedefleerd met de CPI reëel, gedefleerd met bbp reëel, gedefleerd met de arbeidskosten per eenheid product in de totale economie 12 G r a f i e k 8 W i s s e l k o e r s e n e n i m p l i c i e t e v o l a t i l i t e i t e n (daggegevens) Impliciete volatiliteiten in wisselkoersen (driemaands) USD/EUR GBP/EUR JPY/EUR Bron:. 1) Een stijging van de effectieve koersindices voor de groep van 2 handelspartners betekent een appreciatie van de euro. De meest recente waarnemingen voor de maandgegevens betreffen februari 211, terwijl die voor de reëeleffectieve wisselkoersindices voor de groep van 2 handelspartners op basis van het bbp en de arbeidskosten per eenheid product in de totale economie het derde kwartaal van 21 betreffen en deels gebaseerd zijn op ramingen. 8 8 nov. feb. mei aug. nov. feb Bron: Bloomberg. 8 Deze reëel-effectieve depreciatie was het gevolg van zowel de nominale depreciatie van de euro als een lagere consumptieprijsinflatie in het eurogebied dan bij de handelspartners. B I L A T E R A L E W I S S E L K O E R S E N De wisselkoers van de euro vertoonde sinds medio 21 grote schommelingen. Na van midden juni tot begin november aanzienlijk in waarde te zijn gestegen ten opzichte van de Amerikaanse dollar, deprecieerde de euro weer tot begin januari, om in maart 211 het verlies weer grotendeels goed te hebben gemaakt. De waardestijging van de euro van juni en tot begin november 21 was mede het gevolg van afnemende bezorgdheid over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën in sommige lidstaten van het eurogebied en door de publicatie van, vergeleken met het eurogebied, zwakker dan verwachte economische cijfers voor de Amerikaanse economie. De korte periode van depreciatie aan het eind van 21 hield mogelijk mede verband met hernieuwde bezorgdheid over de houdbaarheid van de overheidsfinanciën in sommige lidstaten. De USD/EUR-wisselkoers werd ook beïnvloed door veranderingen in rente-ecarts die globaal positief uitwerkten voor de euro, vooral aan het eind van de verslagperiode. Per saldo steeg de euro tussen 3 november 21 en 2 maart 211 6,2% ten opzichte van de Amerikaanse dollar en noteerde daarmee 4,2% boven het gemiddelde van 21 (zie Grafiek 6 en Tabel 1). Gedurende de eerste drie kwartalen van 21 deprecieerde de euro verder ten opzichte van de Japanse yen, waardoor de appreciatie in 29 volledig werd teruggedraaid, om een niveau te bereiken dat voor het laatst medio 21 werd gehaald. Na een scherpe appreciatie halverwege 2

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Financieel Forum Gent - 26 februari 2015 Jan Smets A. De stand van zaken 1. De (lange)

Nadere informatie

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België

Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Recepten voor duurzame groei Beschouwingen naar aanleiding van het Jaarverslag 2014 van de Nationale Bank van België Financieel Forum West-Vlaanderen Kortrijk - 24 februari 2015 Jan Smets A. De stand van

Nadere informatie

Projecties betreffende het internationale klimaat. Projecties voor de reële bbp-groei

Projecties betreffende het internationale klimaat. Projecties voor de reële bbp-groei Kader DOOR MEDEWERKERS VAN DE SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED Op basis van de tot 23 augustus 2013 beschikbare informatie, hebben medewerkers van de projecties samengesteld

Nadere informatie

Technische aannames betreffende de rente, de wisselkoersen, de grondstoffenprijzen en het begrotingsbeleid

Technische aannames betreffende de rente, de wisselkoersen, de grondstoffenprijzen en het begrotingsbeleid Kader DOOR MEDEWERKERS VAN DE SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED Op basis van de tot en met 22 februari 2013 beschikbare informatie hebben medewerkers van de projecties samengesteld

Nadere informatie

Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind

Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind Europese Commissie - Persbericht Economische voorjaarsprognoses 2015: herstel wint aan kracht dankzij economische rugwind Brussel, 05 mei 2015 De economie in de Europese Unie profiteert dit jaar van een

Nadere informatie

E U R O P E S E C E N T R A L E B A N K

E U R O P E S E C E N T R A L E B A N K EUROPESE CENTRALE BANK EUROSYSTEEM MAANDBERICHT MAART 212 In 212 verschijnt in alle publicaties van de een motief van het bankbiljet van EUR 5. Europese Centrale Bank, 211 Adres Kaiserstrasse 29 6311 Frankfurt/Main

Nadere informatie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie

Perscommuniqué. Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de Belgische economie Federaal Planbureau Economische analyses en vooruitzichten Perscommuniqué Brussel, 15 september 2000 Het Federaal Planbureau evalueert de gevolgen van de duurdere dollar en de hogere olieprijzen voor de

Nadere informatie

STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT

STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT STATISTIEKEN VAN DE ECB EEN KORT OVERZICHT AUGUSTUS 2003 De statistieken van de Europese Centrale Bank (ECB) hebben als belangrijkste doel de ondersteuning van het monetaire beleid van de ECB en andere

Nadere informatie

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013

Internationale varkensvleesmarkt 2012-2013 Internationale varkensvleesmarkt 212-213 In december 212 vond de jaarlijkse conferentie van de GIRA Meat Club plaats. GIRA is een marktonderzoeksbureau, dat aan het einde van elk jaar een inschatting maakt

Nadere informatie

Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek Dick Sein

Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek Dick Sein Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek Dick Sein Directeur Particulieren en Private Banking 5 februari 15 Welkom Rabobank Noord- en Oost-Achterhoek Voorstellen Tim Legierse Hoofd Nationaal Onderzoek 3 Visie

Nadere informatie

maandbericht In 2014 verschijnt in alle publicaties van de ECB een motief van het bankbiljet van EUR 20

maandbericht In 2014 verschijnt in alle publicaties van de ECB een motief van het bankbiljet van EUR 20 E U R O P E S E C E N T R A L E B A N K E U R O S Y S T E E M maandbericht d e c EMBER 2 1 4 In 214 verschijnt in alle publicaties van de een motief van het bankbiljet van EUR 2 Europese Centrale Bank,

Nadere informatie

Kentering op de Europese woningmarkten

Kentering op de Europese woningmarkten Na een hausse die twaalf jaar duurde, is nu in de meeste Europese landen waaronder Nederland een afvlakking van de huizenprijsstijging te zien. In enkele landen dalen de prijzen zelfs. Een belangrijke

Nadere informatie

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU?

Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Factsheet 1 WAAROM EEN INVESTERINGSPLAN VOOR DE EU? Als gevolg van de wereldwijde economische en financiële crisis heeft de EU met een laag investeringsniveau te kampen. Alleen met gezamenlijke gecoördineerde

Nadere informatie

Hoe (slecht) gaat het met de conjunctuur? Edwin De Boeck Fedustria 13 oktober 2011

Hoe (slecht) gaat het met de conjunctuur? Edwin De Boeck Fedustria 13 oktober 2011 Hoe (slecht) gaat het met de conjunctuur? Edwin De Boeck Fedustria 3 oktober Grote Recessie was geen Grote Depressie Wereldhandel Aandelenmarkt 9 8 7 8 VS - S&P-5 vergelijking met crash 99 Wereld industriële

Nadere informatie

maandbericht September 2013 EUROPESE CENTRALE BANK EUROSYSTEEM

maandbericht September 2013 EUROPESE CENTRALE BANK EUROSYSTEEM EUROPESE CENTRALE BANK EUROSYSTEEM maandbericht September 213 In 213 verschijnt in alle publicaties van de een motief van het bankbiljet van EUR 5. Europese Centrale Bank, 213 Adres Kaiserstrasse 29 6311

Nadere informatie

Driemaandelijkse beslissing van de Nationale Bank van België inzake het contracyclische bufferpercentage (1 januari 2016): 0 %

Driemaandelijkse beslissing van de Nationale Bank van België inzake het contracyclische bufferpercentage (1 januari 2016): 0 % Driemaandelijkse beslissing van de Nationale Bank van België inzake het contracyclische bufferpercentage (1 januari 2016): 0 % Krachtens artikel 5, 2 van Bijlage IV van de Bankwet heeft de Nationale Bank

Nadere informatie

Onderzoek gunstige prijsligging.

Onderzoek gunstige prijsligging. Onderzoek gunstige prijsligging. BMW 3 Serie Model 320D. 22 Eu-Lidstaten. Jordy Reijers Marketing/Onderzoek P van. Prijs 1 Inhoud Opgave Onderzoek informatie over Eu landen Welke landen hanteren de euro?

Nadere informatie

Betalingsachterstand bij handelstransacties

Betalingsachterstand bij handelstransacties Betalingsachterstand bij handelstransacties 13/05/2008-20/06/2008 408 antwoorden 0. Uw gegevens Land DE - Duitsland 48 (11,8%) PL - Polen 44 (10,8%) NL - Nederland 33 (8,1%) UK - Verenigd Koninkrijk 29

Nadere informatie

Werkloosheid in de Europese Unie

Werkloosheid in de Europese Unie in de Europese Unie Diana Janjetovic en Bart Nauta De werkloosheid in de Europese Unie vertoont sinds 2 als gevolg van de conjunctuur een wisselend verloop. Door de economische malaise in de jaren 21 23

Nadere informatie

Internationale Economie. Doorzettend, maar mager groeiherstel, veel neerwaartse risico s

Internationale Economie. Doorzettend, maar mager groeiherstel, veel neerwaartse risico s Internationale Economie Doorzettend, maar mager groeiherstel, veel neerwaartse risico s Wim Boonstra, 27 november 2014 Basisscenario: Magere groei wereldeconomie, neerwaartse risico s De wereldeconomie

Nadere informatie

Economische visie op 2015

Economische visie op 2015 //5 Economische visie op 5 Nieuwjaarsbijeenkomst VNO-NCW regio Zwolle Björn Giesbergen januari 5 Inhoud Visie op 5 Europa: toekomstige koploper of eeuwige achterblijver? (conjunctuur/financiële markten)

Nadere informatie

HOE BETAALT U? HOE ZOU U WILLEN BETALEN?

HOE BETAALT U? HOE ZOU U WILLEN BETALEN? HOE BETAALT U? HOE ZOU U WILLEN BETALEN? 2/09/2008-22/10/2008 Er zijn 329 antwoorden op 329 die voldoen aan uw criteria DEELNAME Land DE - Duitsland 55 (16.7%) PL - Polen 41 (12.5%) DK - Denemarken 20

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden

Centraal Bureau voor de Statistiek Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden Factsheet Macro-economische onevenwichtigheden 15 juli 2013 pagina 1 Inleiding Door de uitbraak van de kredietcrisis in 2008 en de daaropvolgende Europese schuldencrisis is het duidelijk geworden dat er

Nadere informatie

De buitenlandse handel van België - 2009 -

De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België - 2009 - De buitenlandse handel van België in 2009 (Bron: NBB communautair concept*) Analyse van de cijfers van 2009 Zoals lang gevreesd, werden in 2009 de gevolgen van

Nadere informatie

Internationale handel in goederen van Nederland 2012

Internationale handel in goederen van Nederland 2012 Webartikel 2013 Internationale handel in goederen van Nederland 2012 Wiel Packbier 11-11-2013 gepubliceerd op cbs.nl Samenvatting De internationale handel in goederen is in 2012 wederom minder hard gegroeid.

Nadere informatie

Prijsstabiliteit: waarom is dat belangrijk voor jou? Voorlichtingsbrochure voor leerlingen

Prijsstabiliteit: waarom is dat belangrijk voor jou? Voorlichtingsbrochure voor leerlingen Prijsstabiliteit: waarom is dat belangrijk voor jou? Voorlichtingsbrochure voor leerlingen Wat kun je kopen voor 10? Wat dacht je van twee cd-singles, of misschien een maandabonnement op je favoriete blad?

Nadere informatie

DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED

DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED Op grond van de op 23 november 2012 beschikbare informatie hebben medewerkers van het Eurosysteem projecties

Nadere informatie

Grensoverschrijdende aftrek van fiscale verliezen

Grensoverschrijdende aftrek van fiscale verliezen Grensoverschrijdende aftrek van fiscale verliezen 20.01.2006-20.02.2006 220 antwoorden. Geef aan op welk gebied uw hoofdactiviteit ligt D - Industrie 58 26,4% G - Groothandel en kleinhandel; reparatie

Nadere informatie

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso,

Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Prioriteiten op energiegebied voor Europa Presentatie door de heer J.M. Barroso, Voorzitter van de Europese Commissie, voor de Europese Raad van 22 mei 2013 Nieuwe omstandigheden op de wereldwijde energiemarkt

Nadere informatie

Marktontwikkelingen varkenssector

Marktontwikkelingen varkenssector Marktontwikkelingen varkenssector 1. Inleiding In de deze nota wordt ingegaan op de marktontwikkelingen in de varkenssector in Nederland en de Europese Unie. Waar mogelijk wordt vooruitgeblikt op de te

Nadere informatie

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug

Kredietverlening aan Nederlandse bedrijven loopt terug Het Nederlandse bedrijfsleven is in sterke mate afhankelijk van bancaire kredietverlening. De groei van de zakelijke kredietverlening is in de tweede helft van 28 vertraagd. Dit hangt grotendeels samen

Nadere informatie

Licht op energie (2013 - november)

Licht op energie (2013 - november) PMI index Licht op energie (2013 - november) Macro-economische ontwikkelingen De indicator van Markit voor economische bedrijvigheid in de Eurozone ligt sinds enkele maanden net boven de 50 punten. In

Nadere informatie

Economisch Kwartaalbericht Westen gaat weer meer bijdragen aan groei van de wereldeconomie

Economisch Kwartaalbericht Westen gaat weer meer bijdragen aan groei van de wereldeconomie Economisch Kwartaalbericht Westen gaat weer meer bijdragen aan groei van de wereldeconomie Kennis en Economisch Onderzoek Focus: Turkse economie onder druk In december 2013 heeft de Turkse lira een duikvlucht

Nadere informatie

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur :

Oktober 2015. Macro & Markten. 1. Rente en conjunctuur : Oktober 2015 Macro & Markten 1. Rente en conjunctuur : VS Zoals al aangegeven in ons vorig bulletin heeft de Amerikaanse centrale bank FED de beleidsrente niet verhoogd. Maar goed ook, want naderhand werden

Nadere informatie

PERSBERICHT. Eerste publicatie van MFI-rentestatistieken voor het eurogebied 1

PERSBERICHT. Eerste publicatie van MFI-rentestatistieken voor het eurogebied 1 10 december 2003 PERSBERICHT Eerste publicatie van MFI-rentestatistieken voor het eurogebied 1 Vandaag introduceert de Europese Centrale Bank (ECB) een nieuwe reeks geharmoniseerde statistieken betreffende

Nadere informatie

Technische aannames betreffende de rente, de wisselkoersen, de grondstoffenprijzen en het begrotingsbeleid

Technische aannames betreffende de rente, de wisselkoersen, de grondstoffenprijzen en het begrotingsbeleid Kader DOOR MEDEWERKERS VAN DE SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED De huidige economische vooruitzichten zijn zeer onzeker, omdat deze ten zeerste afhangen van zowel komende beleidsbeslissingen

Nadere informatie

Deel 3. Wat doet de Europese Unie? 75

Deel 3. Wat doet de Europese Unie? 75 DEEL 3.4 DE EURO Deel 3. Wat doet de Europese Unie? 75 3.4. DE EURO DOEL - De leerlingen/cursisten ontdekken de voordelen van het gebruik van de eenheidsmunt: wisselen van geld is niet meer nodig, je spaart

Nadere informatie

Grafiek 1: Evolutie van de voornaamste aandelenindices in de VS, Eurozone, China en de groeilanden in vergelijking met de evolutie van de goudprijs.

Grafiek 1: Evolutie van de voornaamste aandelenindices in de VS, Eurozone, China en de groeilanden in vergelijking met de evolutie van de goudprijs. BEHEERSVERSLAG 31/3/2015 Macro & Markten, strategie Na de forse klim van de aandelenmarkten in 2014 zetten vooral de Zuidoost Aziatische en Europese aandelenmarkten deze trend in 2015 verder. Meer en meer

Nadere informatie

Code Geboorteland Straatnaam

Code Geboorteland Straatnaam Uitwisseling van informatie op grond van artikel 10, eerste lid van de Landsverordening spaarvermogensheffing Info Beneficial owner (1) Data Beneficial owner (2) Naamgegevens(3) Geboortegegevens (4) Adresgegevens

Nadere informatie

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken

Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken Veranderingen in de internationale positie van Nederlandse banken De Nederlandse bancaire vorderingen 1 op het buitenland zijn onder invloed van de economische crisis en het uiteenvallen van ABN AMRO tussen

Nadere informatie

Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase

Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase Toetsopgaven VWO bij de euro-editie van het Onderdeel Geld van Percent Economie voor de tweede fase Opgave 1 Sinds 1 juni 1998 maakt De Nederlandsche Bank (DNB) samen met de centrale banken van andere

Nadere informatie

AEGON Equity Fund. vierde kwartaal 2006

AEGON Equity Fund. vierde kwartaal 2006 Profiel Het AEGON Equity Fund is een besloten fonds voor gemene rekening, waarin verzekeringsrelaties van AEGON kunnen participeren. Het AEGON Equity Fund belegt wereldwijd in aandelen met de nadruk op

Nadere informatie

BEHEERSVERSLAG TRANSPARANTINVEST 4/3/2015. Macro & Markten, strategie. 1. Rente en conjunctuur : EUROPA

BEHEERSVERSLAG TRANSPARANTINVEST 4/3/2015. Macro & Markten, strategie. 1. Rente en conjunctuur : EUROPA BEHEERSVERSLAG TRANSPARANTINVEST 4/3/15 Macro & Markten, strategie 1. Rente en conjunctuur : EUROPA De Europese rentevoeten zijn historisch laag, zowel op het korte als op het lange einde, en geven de

Nadere informatie

Economisch Bulletin. Nummer 4 / 2015 3,5E 7,5E

Economisch Bulletin. Nummer 4 / 2015 3,5E 7,5E 3 6E E 3,5E 6E E E 8 1% 53% E 6E 7,5E Europese Centrale Bank, 215 Postadres 664 Frankfurt am Main Duitsland Telefoon +49 69 1344 Website: www.ecb.europa.eu Dit is tot stand gekomen onder de verantwoordelijkheid

Nadere informatie

Economische ontwikkelingen in 2013 en vooruitzichten voor 2014

Economische ontwikkelingen in 2013 en vooruitzichten voor 2014 PERSBERICHT NR. 2013-009 Curaçao Economische ontwikkelingen in 2013 en vooruitzichten voor 2014 Na de economische krimp van 0,1% in 2012, neemt naar verwachting het reële Bruto Binnenlands Product van

Nadere informatie

Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen

Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen Markt voor onderhandse derivaten in korte tijd sterk gekrompen De mondiale markt voor onderhandse derivaten - niet gestandaardiseerd verhandeld op de beurs maar in maatwerk tussen grote partijen - is sinds

Nadere informatie

Instituut voor de nationale rekeningen. Statistiek buitenlandse handel. Kwartaalbericht 2014-II

Instituut voor de nationale rekeningen. Statistiek buitenlandse handel. Kwartaalbericht 2014-II nstituut voor de nationale rekeningen Statistiek buitenlandse handel Kwartaalbericht 2014- nstituut voor de nationale rekeningen Nationale Bank van België, Brussel Alle rechten voorbehouden. De volledige

Nadere informatie

Handelsmerken 0 - DEELNAME

Handelsmerken 0 - DEELNAME Handelsmerken 29/10/2008-31/12/2008 391 antwoorden 0 - DEELNAME Land DE - Duitsland 72 (18.4%) PL - Polen 48 (12.3%) NL - Nederland 31 (7.9%) UK - Verenigd Koninkrijk 23 (5.9%) DA - Denemarken 22 (5.6%)

Nadere informatie

De economische groei bedraagt 0,2 % in het eerste kwartaal van 2016

De economische groei bedraagt 0,2 % in het eerste kwartaal van 2016 Instituut voor de nationale rekeningen PERSCOMMUNIQUÉ 28-4-2016 Links: Publicatie NBB.Stat Algemene informatie De economische groei bedraagt 0,2 % in het eerste kwartaal van 2016 Over het hele jaar 2015

Nadere informatie

Exportstatistiek Bloemkwekerijprodukten FEBRUARI 2012

Exportstatistiek Bloemkwekerijprodukten FEBRUARI 2012 Exportstatistiek Bloemkwekerijprodukten FEBRUARI 212 NA KRIMP IN FEBRUARI STOKT EXPORT BLOEMEN EN PLANTEN OP KRAPPE PLUS VAN 1% TOT 915 MILJOEN In februari is de exportwaarde van bloemen en planten vanuit

Nadere informatie

Nederlandse economie in zicht

Nederlandse economie in zicht Nederlandse economie in zicht Vooruitzichten 6-7 Economisch Bureau Nederland december Nederlandse economie: groei houdt aan De Nederlandse economie groeide in met ongeveer % - tweemaal zoveel als in 4.

Nadere informatie

Emerging markets monitor

Emerging markets monitor Gedaan met de rust In het vorige Kwartaalbericht belichtten we reeds de problematiek rond inflatie. Veel landen staan voor het vraagstuk hoe ze de inflatie in toom kunnen houden zonder de economische groei

Nadere informatie

Internationale vorderingen Nederlandse banken onder druk

Internationale vorderingen Nederlandse banken onder druk Internationale vorderingen Nederlandse banken onder druk De vorderingen van Nederlandse banken op het buitenland zijn onder invloed van de financiële crisis en de splitsing van ABN AMRO in 2007 en 2008

Nadere informatie

Beleggingsthema s 2016. What a difference a day makes (1975), Dinah Washington

Beleggingsthema s 2016. What a difference a day makes (1975), Dinah Washington Beleggingsthema s 2016 What a difference a day makes (1975), Dinah Washington Inleiding De dagen die in 2015 het verschil maakten, zijn de dagen waarop centrale bankiers uitspraken deden, what a difference

Nadere informatie

ECONOMISCHE VOORUITZICHTEN 2003

ECONOMISCHE VOORUITZICHTEN 2003 Brussel, 10 maart 2003 Federaal Planbureau /03/HJB/bd/2027_n ECONOMISCHE VOORUITZICHTEN 2003 Veelbelovend herstel wereldeconomie in eerste helft van 2002 werd niet bevestigd in het tweede halfjaar In het

Nadere informatie

Door medewerkers van de ECB samengestelde macro-economische projecties voor het eurogebied van maart 2016 1

Door medewerkers van de ECB samengestelde macro-economische projecties voor het eurogebied van maart 2016 1 Door medewerkers van de ECB samengestelde macro-economische projecties voor het eurogebied van maart 2016 1 1 Vooruitzichten voor het eurogebied: overzicht en voornaamste kenmerken Het economisch herstel

Nadere informatie

Recente ontwikkelingen in de kredietvoorwaarden van banken

Recente ontwikkelingen in de kredietvoorwaarden van banken Recente ontwikkelingen in de kredietvoorwaarden van banken Een van de informatiebronnen voor de ecb bij het voeren van het monetaire beleid is de Bank Lending Survey, een kwalitatieve kwartaalenquête naar

Nadere informatie

Licht op energie (2014 - februari)

Licht op energie (2014 - februari) Licht op energie (2014 - februari) Macro-economische ontwikkelingen Beleggers halen hun geld terug uit opkomende economieën nu het opkoopprogramma van schuldpapier in de Verenigde Staten verder wordt ingeperkt.

Nadere informatie

BBP Inflatie Lopende rekening Werkloosheid Europa 2,0 0,1 0,8 3,3 2,8 2,1 0,4 0,8 1,0

BBP Inflatie Lopende rekening Werkloosheid Europa 2,0 0,1 0,8 3,3 2,8 2,1 0,4 0,8 1,0 Prognose IMF voor Midden-Europa en de Balkan Jan Limbeek Twee keer per jaar, in april en in september of oktober, publiceert het IMF zijn World Economic Outlook, waarin het zijn economische verwachtingen

Nadere informatie

Licht op energie (2014 - januari)

Licht op energie (2014 - januari) Licht op energie (2014 - januari) Macro-economische ontwikkelingen De AEX heeft op de laatste handelsdag van 2013 evenals veel andere handelsbeurzen de hoogste stand in 5 jaar bereikt. Het optimisme onder

Nadere informatie

Rabobank Food & Agri. Leidt de verwachte importgroei uit China tot herstel? Kwartaalbericht Varkens Q3 2015

Rabobank Food & Agri. Leidt de verwachte importgroei uit China tot herstel? Kwartaalbericht Varkens Q3 2015 Rabobank Food & Agri Kwartaalbericht Varkens Q3 2015 Leidt de verwachte importgroei uit China tot herstel? De Rabobank verwacht een moeizaam derde kwartaal voor de Nederlandse varkenssector. Aan het einde

Nadere informatie

Europees semester 2015: beslissingen van het college

Europees semester 2015: beslissingen van het college Europese Commissie - Persbericht Europees semester 2015: beslissingen van het college Brussel, 25 februari 2015 Vandaag heeft de Europese Commissie een krachtig signaal afgegeven aan de lidstaten: er moeten

Nadere informatie

Blijvende onrust op de beurs: hoe nu verder?

Blijvende onrust op de beurs: hoe nu verder? Blijvende onrust op de beurs: hoe nu verder? Zoals u waarschijnlijk weet, is de beurs nog steeds bijzonder nerveus en vooral negatief. De directe aanleiding is de tegenvallende groei in China waar wij

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Economie in 2015 Kans of kater?

Economie in 2015 Kans of kater? Economie in 2015 Kans of kater? Nico Klene Economisch Bureau Doorwerth 6 november 2014 Wat verwacht ú: - kans? - kater? 2 Opbouw - Buitenland: mondiale groei houdt aan - Nederland 3 VS: groei weer omhoog

Nadere informatie

DOOR MEDEWERKERS VAN DE ECB SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN SEPTEMBER 2015 1

DOOR MEDEWERKERS VAN DE ECB SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN SEPTEMBER 2015 1 DOOR MEDEWERKERS VAN DE SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN SEPTEMBER 2015 1 1. VOORUITZICHTEN VOOR HET EUROGEBIED: OVERZICHT EN VOORNAAMSTE KENMERKEN Het herstel van de

Nadere informatie

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Inkomen huishoudens gecorrigeerd voor inflatie licht gedaald. Meer inkomen uit vermogen en pensioen

Centraal Bureau voor de Statistiek. Persbericht. Inkomen huishoudens gecorrigeerd voor inflatie licht gedaald. Meer inkomen uit vermogen en pensioen Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB06-074 13 juli 2006 9.30 uur Uitgaven huishoudens hoger dan inkomsten De Nederlandse economie is in 2005 met 1,5 procent gegroeid. Het voor inflatie gecorrigeerde

Nadere informatie

1. 31958 Q 1101: EAEC Raad: De Statuten van het Voorzieningsagentschap van Euratom (PB 27 van 6.12.1958, blz. 534), gewijzigd bij:

1. 31958 Q 1101: EAEC Raad: De Statuten van het Voorzieningsagentschap van Euratom (PB 27 van 6.12.1958, blz. 534), gewijzigd bij: 9. ENERGIE 1. 31958 Q 1101: EAEC Raad: De Statuten van het Voorzieningsagentschap van Euratom (PB 27 van 6.12.1958, blz. 534), gewijzigd bij: 31973 D 0045: Besluit 73/45/Euratom van de Raad van 8 maart

Nadere informatie

DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN JUNI 2014 1

DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN JUNI 2014 1 DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN JUNI 2014 1 Het economisch herstel in het eurogebied zal volgens de projecties gedurende de projectieperiode

Nadere informatie

Macro-economisch scorebord 2015K4

Macro-economisch scorebord 2015K4 Macro-economisch scorebord 2015K4 Saldo lopende rekening als % bbp Netto extern vermogen als % bbp Reële effectieve wisselkoers (36 handelspartners) 3-jaars voortschrijdend gemiddelde 3-jaars mutatie in

Nadere informatie

OECD Economic Outlook: June No. 77 - Volume 2005 Issue 1. OESO Economische vooruitzichten: juni, nr. 77 - Jaargang 2005, nummer 1 HOOFDARTIKEL

OECD Economic Outlook: June No. 77 - Volume 2005 Issue 1. OESO Economische vooruitzichten: juni, nr. 77 - Jaargang 2005, nummer 1 HOOFDARTIKEL OECD Economic Outlook: June No. 77 - Volume 2005 Issue 1 Summary in Dutch OESO Economische vooruitzichten: juni, nr. 77 - Jaargang 2005, nummer 1 Samenvatting in de Nederlandse taal HOOFDARTIKEL VERLIES

Nadere informatie

= de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land.

= de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land. 1 De wisselmarkt 1.1 Begrip Wisselkoers = de ruilverhouding tussen 2 munten De wisselkoers is de prijs van een buitenlandse valuta uitgedrukt in de valuta van het eigen land. bv: prijs van 1 USD = 0,7

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015

PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015 01/2010 05/2010 09/2010 01/2011 05/2011 09/2011 01/2012 05/2012 09/2012 01/2013 05/2013 09/2013 01/2014 05/2014 09/2014 01/2015 Inflatie (%) PERSBERICHT Brussel, 13 mei 2015 Geharmoniseerde consumptieprijsindex

Nadere informatie

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)!

Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Slechts 1 antwoord is juist, alle andere zijn fout (en bevatten heel vaak onzin)! Vragen aangeduid met een * toetsen in het bijzonder het inzicht en toepassingsvermogen. Deze vragenreeksen zijn vrij beschikbaar.

Nadere informatie

Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard

Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard Olie en opkomende markten: Een tweesnijdend zwaard Date : december 29, 2014 De olieprijs stortte dit jaar in elkaar als gevolg van de volatiliteit op de meeste markten en een tijdelijke onbalans tussen

Nadere informatie

BEKNOPTE INLEIDING OP CENTRAAL BANKIEREN EN MONETAIR BELEID IN HET EUROGEBIED

BEKNOPTE INLEIDING OP CENTRAAL BANKIEREN EN MONETAIR BELEID IN HET EUROGEBIED BEKNOPTE INLEIDING OP CENTRAAL BANKIEREN EN MONETAIR BELEID IN HET EUROGEBIED Deze bijlage bevat een kort overzicht van het Europees Stelsel van Centrale Banken (ESCB), het Eurosysteem en een inleiding

Nadere informatie

Rabobank Food & Agri. Druk op varkensvleesmarkt blijft. Kwartaalbericht Varkens Q2 2015

Rabobank Food & Agri. Druk op varkensvleesmarkt blijft. Kwartaalbericht Varkens Q2 2015 Rabobank Food & Agri Kwartaalbericht Varkens Q2 2015 Druk op varkensvleesmarkt blijft De vooruitzichten voor de Nederlandse varkenshouderij voor het tweede kwartaal 2015 blijven mager. Ondanks de seizoensmatige

Nadere informatie

Beleggingsstrategie. Zeer defensief. ingsstrategie

Beleggingsstrategie. Zeer defensief. ingsstrategie Zeer defensief ingsstrategie Beleggingsklimaat Ontwikkeling en vooruitzichten beleidsrente VS 1,5 EMU 0,5 12-2010 12-2011 12-2012 12-2013 12-2014 12-2015 Ontwikkeling en vooruitzichten tienjaarsrente 5,0

Nadere informatie

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk

67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk ALGEMENE DIRECTIE STATISTIEK EN ECONOMISCHE INFORMATIE PERSBERICHT 28 oktober 67,3% van de 20-64-jarigen aan het werk Tegen 2020 moet 75% van de Europeanen van 20 tot en met 64 jaar aan het werk zijn.

Nadere informatie

De internationale handel in goederen van Nederland in 2011

De internationale handel in goederen van Nederland in 2011 121 De internationale handel in goederen van Nederland in 2011 Wiel Packbier Publicatiedatum CBS-website: 18-12-2012 Den Haag/Heerlen Verklaring van tekens. gegevens ontbreken * voorlopig cijfer ** nader

Nadere informatie

Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen.

Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen. Verhoging tabaksaccijnzen : meer inkomsten en minder rokers PERSBERICHT Verhoging fiscale inkomsten op tabak kan staatskas 200 à 300 miljoen opbrengen. In België werden er in 2009 11.617 miljoen sigaretten

Nadere informatie

Atradius Landenrapport

Atradius Landenrapport Atradius Landenrapport Nederland November 214 Overzicht Algemene informatie Belangrijkste sectoren (213, % van bbp) Hoofdstad: Amsterdam Diensten: 72% Regeringsvorm: Constitutionele monarchie Industrie:

Nadere informatie

De economische groei bedraagt 0,3 % in het eerste kwartaal van 2015. De economische activiteit stijgt met 1,1 % over het hele jaar 2014

De economische groei bedraagt 0,3 % in het eerste kwartaal van 2015. De economische activiteit stijgt met 1,1 % over het hele jaar 2014 Instituut voor de nationale rekeningen 2015-04-29 Links: Publicatie NBB.stat Algemene informatie De economische groei bedraagt 0,3 % in het eerste kwartaal van 2015 De economische activiteit stijgt met

Nadere informatie

DECEMBER 2014: DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED 1

DECEMBER 2014: DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED 1 DECEMBER 2014: DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED 1 De bedrijvigheid is zwakker gebleken dan aan het begin van dit jaar werd verwacht. Dat

Nadere informatie

EUROPESE CENTRALE BANK MAANDBERICHT

EUROPESE CENTRALE BANK MAANDBERICHT EUROPESE CENTRALE BANK MAANDBERICHT J uli 00 Europese Centrale Bank, 00 Adres Kaiserstrasse 9 D-0 Frankfurt am Main Duitsland Postadres Postfach 0 9 D-00 Frankfurt am Main Duitsland Telefoon +9 9 0 Internet

Nadere informatie

Is de financiële en economische crisis voorbij?

Is de financiële en economische crisis voorbij? Is de financiële en economische crisis voorbij? Beschouwingen n.a.v. het jaarverslag 2009 van de NBB Jan Smets 1. Een zeer zware recessie 2. Een even sterk antwoord 3. Green shoots 4. Risico's 5. Geen

Nadere informatie

Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant

Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant IP/04/285 Brussel, 2 maart 2004 Autoprijzen: ondanks prijsconvergentie blijft kopen in buitenland vaak nog interessant Het jongste verslag over autoprijzen toont aan dat op alle markten de prijsconvergentie

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 19 januari 2016

PERSBERICHT Brussel, 19 januari 2016 01/2010 05/2010 09/2010 01/2011 05/2011 09/2011 01/2012 05/2012 09/2012 01/2013 05/2013 09/2013 01/2014 05/2014 09/2014 01/2015 05/2015 09/2015 Inflatie (%) PERSBERICHT Brussel, 19 januari 2016 Geharmoniseerde

Nadere informatie

DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED JUNI 2015 1

DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED JUNI 2015 1 DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED JUNI 2015 1 1. VOORUITZICHTEN VOOR HET EUROGEBIED: OVERZICHT EN VOORNAAMSTE KENMERKEN De projecties van

Nadere informatie

Prognose IMF voor Midden-Europa en de Balkan

Prognose IMF voor Midden-Europa en de Balkan Prognose IMF voor Midden-Europa en de Balkan Jan Limbeek Twee keer per jaar, in april en in september of oktober, publiceert het IMF zijn World Economic Outlook, waarin het zijn economische verwachtingen

Nadere informatie

M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - juni 2012

M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - juni 2012 M A R K T M O N I T O R E N E R G I E - juni 2012 Geachte relatie, Bijgaand ontvangt u de maandelijkse marktmonitor van Energy Services. De Marktmonitor is een maandelijkse uitgave van Energy Services.

Nadere informatie

DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN DECEMBER 2015 1

DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN DECEMBER 2015 1 DE DOOR MEDEWERKERS VAN HET EUROSYSTEEM SAMENGESTELDE MACRO-ECONOMISCHE PROJECTIES VOOR HET EUROGEBIED VAN DECEMBER 2015 1 1. VOORUITZICHTEN VOOR HET EUROGEBIED: OVERZICHT EN VOORNAAMSTE KENMERKEN Het

Nadere informatie

OECD Economic Outlook: Analyses and Projections - December No. 80

OECD Economic Outlook: Analyses and Projections - December No. 80 OECD Economic Outlook: Analyses and Projections - December No. 80 Summary in Dutch Economische vooruitzichten van de OESO: analyses en voorspellingen - december nr. 80 Samenvatting in het Nederlands COMMENTAAR

Nadere informatie

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten

Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier. Grafiek 1 - Nederlandse aankopen buitenlandse effecten Sterke toename van beleggingen in Duits en Frans schuldpapier Nederlandse beleggers hebben in 21 per saldo voor bijna EUR 12 miljard buitenlandse effecten verkocht. Voor EUR 1 miljard betrof dit buitenlands

Nadere informatie

Technische toelichting

Technische toelichting Centraal Bureau voor de Statistiek Persbericht PB00-080 7 april 2000 10.30 uur Inflatie ook in maart stabiel De inflatie is in maart 2000 uitgekomen op 1,9 procent. Dat is ongeveer even hoog als in de

Nadere informatie

Examen HAVO. Economie 1

Examen HAVO. Economie 1 Economie 1 Examen HAVO Hoger Algemeen Voortgezet Onderwijs Tijdvak 2 Woensdag 21 juni 13.30 16.00 uur 20 00 Dit examen bestaat uit 31 vragen. Voor elk vraagnummer is aangegeven hoeveel punten met een goed

Nadere informatie

PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015

PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015 PERSBERICHT Brussel, 11 december 2015 Geharmoniseerde consumptieprijsindex - november 2015 De Belgische inflatie volgens de Europees geharmoniseerde consumptieprijsindex stijgt in november naar 1,4%, ten

Nadere informatie

Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder?

Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder? Wederom onrust op de beurs: hoe nu verder? Net als we vorig jaar meerdere keren hebben gezien, zijn de beurzen wederom bijzonder nerveus en vooral negatief. Op het moment van schrijven noteert de AEX 393

Nadere informatie

Rabobank Food & Agri. Opslagregeling en kleiner aanbod ondersteunen langzaam herstel Europese varkensmarkt. Kwartaalbericht Varkens Q1 2016

Rabobank Food & Agri. Opslagregeling en kleiner aanbod ondersteunen langzaam herstel Europese varkensmarkt. Kwartaalbericht Varkens Q1 2016 Rabobank Food & Agri Kwartaalbericht Varkens Q1 2016 Opslagregeling en kleiner aanbod ondersteunen langzaam herstel Europese varkensmarkt Na een teleurstellend vierde kwartaal in het vorige jaar, start

Nadere informatie

Suivi mensuel de la conjoncture - Maandelijkse opvolging van de conjunctuur

Suivi mensuel de la conjoncture - Maandelijkse opvolging van de conjunctuur Suivi mensuel de la conjoncture - Maandelijkse opvolging van de conjunctuur mai 3 mei 2013 Wat moet men onthouden? 1. Belgische economie sinds begin 2011 amper nog gegroeid 2. Uitvoer en investeringen

Nadere informatie