Factsheet Kwaliteit 2012



Vergelijkbare documenten
Factsheet Kwaliteit 2015

Liander N.V. Factsheet Kwaliteit 2011 Regionaal Netbeheer Elektriciteitsnetten & Gastransportnetten. Inleiding

Factsheet Kwaliteit 2014

Delta Netwerkbedrijf B.V.

Cogas Infra & Beheer B.V.

Factsheet 2010 Kwaliteit Regionaal Netbeheer Elektriciteitsnetten & Gasnetten N.V. RENDO. Expert versie

Stedin Netbeheer B.V.

Toelichting meetrapporten spanningskwaliteit

Netbeheer Nederland Spanningskwaliteit

Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland Resultaten 2013

EN/OF ELEKTRICITEIT DIENT TE ONDERBREKEN, DAN WORDEN KLANTEN SCHRIFTELIJK VOORAF GEÏNFORMEERD

Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 2013

Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland Resultaten 2014

Is uw organisatie grootverbruiker van gas en/of elektriciteit? In deze brochure vindt u belangrijke informatie voor uw aansluiting.

Gelet op artikel 4:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 15 van de Warmtewet;

Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 2010

Is uw organisatie grootverbruiker van gas en/of elektriciteit? In deze brochure vindt u belangrijke informatie voor uw aansluiting.

Movares: Kwaliteit op het aansluitpunt Energy and Automation

Tabel 1 - Adresgegevens

Welkom Copyr y igh t HyT Hy EP E S P S B.V. B.V

Ons kenmerk: ACM/DE/2013/ Zaaknummer: Pagina 1/7

Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland Resultaten 2017

Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 2015

Voortgangsrapportage Aanbiedmonitor GSA Rapportageperiode: t/m

Voortgangsrapportage Aanbiedmonitor GSA Rapportageperiode: t/m

Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 2015

Ons kenmerk: ACM/DE/2013/ Zaaknummer: Pagina 1/7

Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland Resultaten 2015

Gebiedsindeling Elektriciteit

ENEXIS SLUIT BIJ U AAN! AANSLUITINGEN EN INFRASTRUCTUREN BIJ GROTE BEDRIJVEN EN INSTELLINGEN

Leeswijzer Tarievencode Elektriciteit

Voortgangsrapportage Aanbiedmonitor GSA Rapportageperiode: t/m

Wat is de huidige situatie?

Vergroot de beschikbaarheid door Power Quality Management. Arjan Pit

ELEKTRICITEIT TARIEVEN Aansluiting en Transport voor kleinverbruikers

Het bewaken en verbeteren van de netspanningskwaliteit in de energievoorziening

Storingsrapportage gasdistributienetten

TOELICHTING OP DE ALGEMENE VOORWAARDEN 2006 VOOR AANSLUITING EN TRANSPORT ELEKTRICITEIT EN GAS VOOR KLEINVERBRUIKERS

Brandweer en elektriciteit. Rien Boone, Johan Dirksen Arnhem, 14 september 2011

Aansluiten in de praktijk

Energieprijsvergelijkers

Tarieven Aansluiting en Transport voor kleinverbruikers

CO 2 -uitstoot gemeente Delft

Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland Resultaten 2016

BESLUIT. Nederlandse Mededingingsautoriteit

Kwaliteit dienstverlening en transport gas

(On)voldoende spanningskwaliteit kost geld!

ELEKTRICITEIT TARIEVEN Aansluiting en Transport voor kleinverbruikers

ELEKTRICITEIT Tarieven 2015 Aansluit- en transporttarieven elektriciteit voor grootverbruikers

Monitoringsrapportage leverings- en voorzieningszekerheid elektriciteit en gas Datum 24 oktober 2014 Status Definitieve versie

Energie en ruimtelijke ordening

Kwaliteits- en Capaciteitsdocument Elektriciteit

Onderzoek naar de oorzaak van hinderlijke spanningsdips

tariefopbouw collectief warmtenet warmtelevering door Cogas

ZX- ronde 28 december 2014

Tarieven Aansluiting en Transport voor grootverbruikers

CO2-monitor 2013 s-hertogenbosch

Wij brengen energie. Waar mensen licht en warmte nodig hebben

ELEKTRICITEIT Tarieven 2014 Aansluit- en transporttarieven elektriciteit voor grootverbruikers

Klankbordgroep 27 augustus 2013 methodebesluiten regionale netbeheerders gas Cc. Van Esther IJskes

Bijlage beschrijving huidige tarievensystematiek

Rapportage winsten regionale netbeheerders elektriciteit en gas

Rapportage Kwaliteit Meetbedrijven

Transcriptie:

Factsheet Kwaliteit 212 Regionale Netbeheerders Elektriciteitsnetten & Gastransportnetten De gegevens in de grafieken in dit document zijn gebaseerd op de gegevens die de regionale netbeheerders aan de Autoriteit Consument & Markt hebben verstrekt in het kader van de jaarlijkse informatieverzoeken en de tweejaarlijkse Kwaliteits- en Capaciteitsdocumenten. Inleiding Regionale netbeheerders verzorgen het transport van elektriciteit en gas voor onder andere huishoudens en het midden- en kleinbedrijf. Ze zijn daarnaast verantwoordelijk voor het onderhoud en de instandhouding van hun netten. De Autoriteit Consument & Markt houdt toezicht op de kwaliteit van de netten van netbeheerders. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) is op 1 april 213 ontstaan uit de samenvoeging van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa), de Consumentenautoriteit en de Onafhankelijke Post en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA). Onder kwaliteit verstaat ACM vier aspecten: betrouwbaarheid, veiligheid, productkwaliteit en kwaliteit van dienstverlening. Over deze vier aspecten verzamelt ACM gegevens van de netbeheerders. Deze gegevens leiden tot prestatie-indicatoren, die gezamenlijk op de Factsheets Kwaliteit de gerealiseerde kwaliteit van de netbeheerders weergeven. De Factsheets geven inzicht in hoe een netbeheerder gedurende de afgelopen jaren gepresteerd heeft, ook ten opzichte van de andere netbeheerders. Met het publiceren van de Factsheets beoogt ACM transparant te zijn en een objectief en breed beeld van de door netbeheerders gerealiseerde kwaliteit te geven. ACM streeft hiermee twee doelen na: 1) afnemers over de prestaties van netbeheerders informeren, en 2) netbeheerders stimuleren tot het verbeteren van hun kwaliteit. Deze Factsheets zijn een derde publicatie over de gerealiseerde kwaliteit van netbeheerders. De Factsheets laten vooralsnog een deel van de kwaliteit van de netbeheerder zien. ACM streeft ernaar in de komende jaren het aantal prestatie-indicatoren verder uit te breiden zodat een steeds completer beeld van de kwaliteit van de netbeheerder zal ontstaan. Voor meer informatie over de betrouwbaarheid van elektriciteits- en gastransportnetten zie ook de jaarlijkse rapportages van Netbeheer Nederland: "Betrouwbaarheid van elektriciteitsnetten in Nederland" en "Storingsrapportage gasdistributienetten".

Betrouwbaarheid: Elektriciteit 1A. Duur dat een afnemer gemiddeld geen elektriciteit had (28-212) 35 3 Jaarlijkse uitvalduur [minuten per jaar] 25 2 15 1 5 HS MS LS 28 29 21 211 212 De grafiek toont de duur dat een afnemer gemiddeld geen elektriciteit had door onvoorziene onderbrekingen in de jaren 28 tot en met 212. Deze onderbrekingen werden veroorzaakt door storingen in alle netvlakken: hoogspanning (HS), middenspanning (MS) en laagspanning (LS). In 212 bedroeg de jaarlijkse uitvalduur door storingen in de regionale netten in Nederland circa 26 minuten. De grafiek laat zien dat storingen in de MS-netten het grootste deel van de totale jaarlijkse uitvalduur veroorzaken. Er zijn twee typen onderbrekingen: onvoorzien en gepland. Een onvoorziene onderbreking wordt veroorzaakt door bijvoorbeeld graafschade of veroudering van het elektriciteitsnet. Geplande onderbrekingen worden ten minste 3 werkdagen van tevoren bij de getroffen afnemers aangekondigd en zijn niet in deze Factsheet opgenomen. Betrouwbaarheid: Elektriciteit 1B. Duur dat een afnemer gemiddeld geen elektriciteit had in 212 Jaarlijkse uitvalduur [minuten per jaar] 4 35 3 25 2 15 1 5 HS MS LS Net als grafiek 1A, toont de grafiek de duur dat een afnemer in 212 gemiddeld geen elektriciteit had door onvoorziene onderbrekingen (de jaarlijkse uitvalduur). In 212 bedroeg het landelijk gemiddelde van de jaarlijkse uitvalduur voor de regionale netbeheerders in Nederland circa 26 minuten. Enkel Stedin had in 212 een hogere jaarlijkse uitvalduur dan het landelijke gemiddelde. Dit werd mede veroorzaakt door enkele grote onderbrekingen in het net van Stedin in Rotterdam in januari 212. In vergelijking met andere Europese landen is de jaarlijkse uitvalduur door onvoorziene onderbrekingen in Nederland in het algemeen relatief laag. In het algemeen kan gezegd worden dat de jaarlijkse uitvalduur bij de grotere regionale netbeheerders (zoals Enexis, Liander en Stedin) hoger is dan bij de kleinere regionale netbeheerders (zoals Cogas, DNWB, Endinet, RENDO en Westland).

Betrouwbaarheid: Gas 2A. Duur dat een afnemer gemiddeld geen gas had (28-212) 1,2 Jaarlijkse uitvalduur [minuten per jaar] 1,,8,6,4,2, 28 29 21 211 212 De grafiek toont de duur dat een afnemer gemiddeld geen gas had door onvoorziene onderbrekingen in gastransportnetten van de regionale netbeheerders in de jaren 28 tot en met 212. In 212 bedroeg de gemiddelde jaarlijkse uitvalduur voor de regionale netbeheerders van gastransportnetten circa 1,3 minuten ten opzichte van een gemiddelde jaarlijkse uitvalduur van,39 minuten in 28 en in 29. ACM constateert dat er sinds 29 sprake is van een stijgende trend in het landelijk gemiddelde van de jaarlijkse uitvalduur en blijft dit de komende jaren monitoren. Deze stijging wordt met name veroorzaakt door een stijging in de gemiddelde onderbrekingsduur. De jaarlijkse uitvalduur is het product van de onderbrekingsfrequentie en de gemiddelde onderbrekingsduur. Net als voor elektriciteit zijn geplande onderbrekingen voor gas niet opgenomen in deze Factsheet aangezien de getroffen afnemers hierover tijdig worden geïnformeerd. Betrouwbaarheid: Gas 2B. Duur dat een afnemer gemiddeld geen gas had in 212 7, Jaarlijkse uitvalduur [minuten per jaar] 6, 5, 4, 3, 2, 1,, Streefwaarde Realisatie De grafiek toont de duur dat een afnemer gemiddeld geen gas had door onvoorziene onderbrekingen in gastransportnetten in 212. Ook zijn de streefwaarden van netbeheerders getoond zoals zij die in het Kwaliteitsen Capaciteitsdocument (KCD) van 1 december 211 hebben vermeld voor het jaar 212. Het doel van de netbeheerders is om een jaarlijkse uitvalduur te realiseren die lager is dan hun streefwaarde. Drie van de acht regionale netbeheerders hebben dit doel bereikt in 212: Enexis, Liander en RENDO. In 212 bedroeg de jaarlijkse uitvalduur voor de regionale netbeheerders in Nederland circa 1,3 minuten. Enkel DNWB en Stedin hadden in 212 een hogere jaarlijkse uitvalduur dan het landelijke gemiddelde van alle regionale netbeheerders. DNWB licht toe dat één enkele storing haar uitzonderlijk hoge jaarlijkse uitvalduur heeft veroorzaakt.

Betrouwbaarheid: Elektriciteit 3. Frequentie van onvoorziene onderbrekingen bij afnemers van elektriciteit,4 Onderbrekingsfrequentie [aantal per jaar],35,3,25,2,15,1,5, Streefwaarde Realisatie De grafiek toont het gemiddelde aantal onvoorziene onderbrekingen waarmee afnemers van elektriciteit in Nederland in 212 werden geconfronteerd. Ook zijn de streefwaarden van netbeheerders getoond zoals zij die in het KCD hebben aangegeven voor het jaar 212. Het doel van de netbeheerders is dat de gerealiseerde waarden lager zijn dan de streefwaarden. Zes van de acht regionale netbeheerders hebben dit doel bereikt in 212: DNWB, Endinet, Liander, RENDO, Stedin en Westland. In 212 werden gemiddeld 294 op de 1. afnemers getroffen door een onvoorziene onderbreking in het elektriciteitsnet. Dit landelijk gemiddelde van de onderbrekingsfrequentie komt overeen met het landelijk gemiddelde van circa,3 van de afgelopen jaren. Betrouwbaarheid: Gas 4. Frequentie van onvoorziene onderbrekingen bij afnemers van gas Onderbrekingsfrequentie [aantal per jaar],22,2,18,16,14,12,1,8,6,4,2, Streefwaarde Realisatie De grafiek toont het gemiddelde aantal onvoorziene onderbrekingen waarmee afnemers van gas in Nederland in 212 werden geconfronteerd. Ook zijn de streefwaarden van netbeheerders getoond zoals zij die in het KCD hebben aangegeven voor het jaar 212. Het doel van de netbeheerders is dat de gerealiseerde waarden lager zijn dan de streefwaarden. Drie van de acht regionale netbeheerders hebben dit doel bereikt in 212: Endinet, Enexis en Stedin. In 212 werden gemiddeld 6 op de 1. afnemers getroffen door een onvoorziene onderbreking in het gastransportnet. Enkel bij DNWB was de onderbrekingsfrequentie met,2 onderbrekingen per jaar in 212 aanzienlijk hoger dan het landelijk gemiddelde van,6 onderbrekingen per jaar. DNWB heeft aangegeven dat deze hoge frequentie grotendeels wordt bepaald door één storing op 3 april 212. Westland licht toe dat er in 212 relatief veel graafschade was door de aanleg van glasvezel in het Westland.

Betrouwbaarheid: Elektriciteit 5. Gemiddelde duur van een onvoorziene onderbreking per getroffen elektriciteitsafnemer Gemiddelde onderbrekingsduur [minuten] 14 12 1 8 6 4 2 Streefwaarde Realisatie De grafiek toont de gemiddelde duur van een onvoorziene onderbreking in de levering van elektriciteit per getroffen afnemer. Ook zijn de streefwaarden van netbeheerders getoond zoals zij die in het KCD hebben aangegeven voor het jaar 212. Het doel van de netbeheerders is dat de gerealiseerde waarden lager zijn dan de streefwaarden. Vijf van de acht regionale netbeheerders hebben dit doel bereikt in 212: Cogas, Endinet, Enexis, RENDO en Westland. In 212 was de gemiddelde duur van onvoorziene onderbrekingen in elektriciteitsnetten circa 9 minuten per getroffen afnemer. Dit landelijk gemiddelde van 212 ligt iets hoger dan het landelijk gemiddelde van de onderbrekingsduur in de jaren 28 tot en met 211 die gemiddeld 79 minuten bedroeg. Betrouwbaarheid: Gas 6. Gemiddelde duur van een onvoorziene onderbreking per getroffen gasafnemer Gemiddelde onderbrekingsduur [minuten] 35 3 25 2 15 1 5 Streefwaarde Realisatie De grafiek toont de gemiddelde duur van een onvoorziene onderbreking in de levering van gas per getroffen afnemer. Ook zijn de streefwaarden van netbeheerders getoond zoals zij die in het KCD hebben vermeld voor het jaar 212. Het doel van de netbeheerders is dat de gerealiseerde waarden lager zijn dan de streefwaarden. Alleen RENDO en Westland hebben dit doel in 212 bereikt. In 212 was de gemiddelde duur van onvoorziene onderbrekingen in gastransportnetten circa 154 minuten per getroffen afnemer. DNWB en Endinet hebben in 212 een opvallend hoge gemiddelde onderbrekingsduur van respectievelijk 33 en 276 minuten per onderbreking. Beide netbeheerders hebben aangegeven dat één enkele grote storing in hun gastransportnetten deze hoge onderbrekingsduur heeft veroorzaakt.

Betrouwbaarheid: Elektriciteit 7. Oorzaken van storingen in elektriciteitsnetten Storingen [aantal per 1. afnemers] 6 5 4 3 2 1 Veroudering / slijtage Onbekend Overig De grafiek toont de oorzaken van storingen in elektriciteitsnetten: graafwerkzaamheden, veroudering en/of slijtage, onbekend en overig. Graafwerkzaamheden zijn een veelvoorkomende oorzaak van storingen voor alle regionale netbeheerders. In de categorie 'onbekend' vallen de storingen waarvan de netbeheerder de oorzaak in eerste instantie niet heeft kunnen vaststellen. ACM vindt het belangrijk dat netbeheerders de concrete oorzaken van storingen zo volledig mogelijk vaststellen en registreren. Tot slot vallen in de categorie 'overig' alle categorieën van storingsoorzaken die niet expliciet in de grafiek zijn getoond, zoals de werking van de bodem. De hoogte van de balk toont dus het totale aantal storingen per 1. afnemers. Gemiddeld vonden er in 212 circa 27 storingen per 1. afnemers in de elektriciteitsnetten plaats. Dit is ongeveer hetzelfde aantal als in 211. Westland heeft in hun elektriciteitsnetten relatief veel storingen per 1. afnemers. Betrouwbaarheid: Gas 8. Oorzaken van storingen in gastransportnetten Storingen [aantal per 1. afnemers] 8 7 6 5 4 3 2 1 Graafwerkzaamheden Graafwerkzaamheden Veroudering / slijtage Onbekend Overig De grafiek toont de oorzaken van storingen in gastransportnetten: graafwerkzaamheden, veroudering en/of slijtage, onbekend en overig. De grafiek laat zien dat veroudering en/of slijtage bij veel regionale netbeheerders een veelvoorkomende oorzaak van storingen is. In de categorie 'onbekend' vallen de storingen waarvan de netbeheerder de oorzaak in eerste instantie niet heeft kunnen vaststellen. ACM vindt het belangrijk dat netbeheerders de concrete oorzaken van storingen zo volledig mogelijk vaststellen en registreren. Tot slot vallen in de categorie 'overig' alle categorieën van storingsoorzaken die niet expliciet in de grafiek zijn getoond, zoals de werking van de bodem. Gemiddeld vonden er in 212 circa 68 storingen per 1. afnemers in de gastransportnetten plaats. Dit is hoger dan in 211 (circa 64 storingen per 1. afnemers).

Veiligheid: Gas 9. Duur van het aanrijden naar storingslocatie na melding van een storing Gemiddelde aanrijdtijd [minuten] 9 8 7 6 5 4 3 2 1 RNB's De grafiek toont de gemiddelde duur van het aanrijden naar de storingslocatie in het gastransportnet of in een aansluiting na de melding van een storing. De definitie van 'aanrijdtijd' is: 'het aantal minuten vanaf het tijdstip van de melding van een storing tot het tijdstip waarop een vertegenwoordiger van de netbeheerder op de gemelde storingslocatie aankomt'. De wettelijke norm is dat de aanrijdtijd bij elke storing korter dan 12 minuten dient te zijn. In 212 bedroeg de gemiddelde aanrijdtijd na de melding van een storing in Nederland 61 minuten. Bij Endinet, Liander en Stedin was de aanrijdtijd in 212 hoger dan het landelijk gemiddelde. In 211 was het landelijk gemiddelde van de aanrijdtijd lager en bedroeg circa 52 minuten. Veiligheid: Gas 1. Aantal lekken in aansluitleidingen met mogelijk gevaar Lekken [aantal per 1. afnemers] 4 35 3 25 2 15 1 5 RNB's De grafiek toont het aantal lekken in aansluitleidingen met mogelijk gevaar per 1. afnemers. Dit betreft lekken die een lekindicatieklasse 1 toegekend krijgen van de netbeheerder. De aansluitleiding is de verbinding tussen het gastransportnet en de meterkast van de afnemer. De lekken worden of door derden ontdekt en aan de netbeheerder gemeld of tijdens het gaslekzoeken door de netbeheerder zelf gevonden. Het aantal door de netbeheerder geconstateerde lekken hangt deels af van hoeveel de netbeheerder in een bepaald jaar in zijn gastransportnetten naar lekken zoekt. Bij lekken vanaf een bepaalde lekgrootte en bij alle door derden gemelde lekken, gaat de netbeheerder er veiligheidshalve vanuit dat er mogelijk gevaar is. Het aantal lekken waarbij na inspectie daadwerkelijk sprake is geweest van gevaar is dus lager dan de grafiek toont.

Technische gegevens over de netten: Elektriciteit & Gas 11. Totaal aantal afnemers per regionale netbeheerder % Aantal van totaal afnemers getransporteerde [x 1.] elektriciteit in GWh per jaar 3.5 6% 3. 5% 2.5 4% 2. 3% 1.5 2% 1. 5 1% % RNB's Elektriciteit NLs Gas gem. De grafiek toont het totaal aantal afnemers met een aansluiting op de elektriciteitsnetten en gastransportnetten van de regionale netbeheerders in Nederland in 212. Nederland heeft in 212 in totaal 8,2 miljoen afnemers met een aansluiting op het elektriciteitsnet en 7,2 miljoen afnemers met een aansluiting op het gastransportnet. De grafiek laat zien dat Enexis, Liander en Stedin de drie grootste regionale netbeheerders in Nederland zijn. De vijf kleinere regionale netbeheerders in Nederland hebben tussen de 32.338 en 211.153 afnemers van elektriciteit en tussen de 52.93 en 399.927 afnemers van gas. Per 1 januari 212 telt Nederland nog 8 regionale netbeheerders doordat Intergas onderdeel van Enexis is geworden. Technische gegevens over de netten: Elektriciteit 12. Netverliezen als aandeel van de totale getransporteerde elektriciteit % van totaal getransporteerde elektriciteit 6% 5% 4% 3% 2% 1% % RNB's De grafiek toont het aandeel netverliezen van de totale hoeveelheid elektriciteit die door de regionale netbeheerders in 212 is getransporteerd aan hun afnemers. In 212 is het gemiddelde aandeel netverliezen 4,7% van alle getransporteerde elektriciteit. Deze waarde is vrijwel gelijk aan de waarde in voorgaande jaren waarin de netverliezen steeds circa 4,5% van de getransporteerde elektriciteit bedroegen. Bij het transport van elektriciteit gaat altijd een klein deel van de elektriciteit verloren. Deze netverliezen worden veroorzaakt door technische (bijv. elektrische weerstand) en administratieve oorzaken (bijv. leegstand of fraude). Deze gegevens over de netverliezen zijn voorlopig en kunnen pas in 215 definitief worden vastgesteld.

Technische gegevens over de netten: Elektriciteit & Gas 13. Aandeel onbekende leeftijd van LD-leidingen en LS-kabels 6% 5% % onbekende leeftijd 4% 3% 2% 1% Elektriciteit Gas % 28 29 21 211 212 De grafiek toont het landelijk gemiddelde aandeel van lage druk (LD) leidingen in gastransportnetten en laagspanningskabels (LS-kabels) waarvan de regionale netbeheerders niet de leeftijd hebben geregistreerd. De regelgeving verplicht de netbeheerders ten minste de leeftijd en de materiaalsoort van elk onderdeel van hun gastransport- en elektriciteitsnetten te kennen. De grafiek toont aan dat netbeheerders de afgelopen jaren een grote inhaalslag hebben gemaakt in de volledigheid van hun registratie. Zo kenden de netbeheerders in 28 gemiddeld maar liefst van 58% van de leeftijd van hun LS-kabels niet, terwijl dat aandeel in 212 gedaald is tot een onbekendheid van circa 1,6%. Een volledig, actueel en juist gevuld register van alle componenten van de netten zorgt ervoor dat een netbeheerder een goede risicoanalyse kan opstellen en de juiste investeringsbeslissingen kan nemen. Daarom is het zo belangrijk dat een netbeheerder goed op de hoogte is van de huidige opbouw van zijn netten. Dienstverlening: Elektriciteit & Gas 14. Gemiddelde doorlooptijd van afhandeling van klachten van kleinverbruikers 3 Gemiddelde doorlooptijd [werkdagen] 25 2 15 1 5 Elektriciteit Gas E G De grafiek toont de gemiddelde doorlooptijd van de afhandeling van klachten van kleinverbruikers door de regionale netbeheerders in 212. Onder kleinverbruikers vallen huishoudens en MKB-ers. Bij kleinverbruikers van elektriciteit werd een klacht in gemiddeld 1,6 werkdagen door de netbeheerder afgehandeld. Bij kleinverbruikers van gas was dit 13,1 werkdagen. De wettelijke norm voor het afhandelen van klachten bedraagt 8 weken. In 212 hebben kleinverbruikers van elektriciteit in totaal 27.216 klachten bij hun regionale netbeheerder ingediend en kleinverbruikers van gas in totaal 13.838 klachten. Doordat de netbeheerders geen uniforme definitie van 'klacht' hanteren, zijn de cijfers in de grafiek niet geheel vergelijkbaar. Zo zijn voor DNWB bovenstaande cijfers inclusief de klachten van grootverbruikers, aangezien zij in 212 geen scheiding maakten tussen klein- en grootverbruik. Stedin maakte in 212 in hun registratie van klachten geen scheiding tussen gas en elektriciteit.

Productkwaliteit: Elektriciteit 15. Aantal overschrijdingen van de norm voor spanningskwaliteit LS-netten HS-netten Gepland aantal weekmetingen 6 6 14 Bruikbare weekmetingen 57 6 966 Weekmetingen in verkeerde maand uitgevoerd 1 MS-netten 5 n.v.t. Aantal afkeuringen door overschrijdingen: Langzame spanningsvariatie Snelle spanningsvariatie (flicker Plt) Asymmetrie 1 Harmonische spanningsvervorming 7 Totaal aantal weekmetingen met overschrijdingen 8 1 1 2 De tabel toont het aantal metingen met een duur van een week van de spanningskwaliteit in de Nederlandse elektriciteitsnetten dat in 212 door netbeheerders binnen het Power Quality Monitoring project is uitgevoerd. Ook toont de tabel het aantal weekmetingen waarin overschrijdingen van de norm voor spanningskwaliteit (artikel 3.2.1 van de Netcode Elektriciteit) zijn geconstateerd. In 211 vonden er enkel overschrijdingen van de norm voor harmonische vervormingen plaats in de LS-netten en geen overschrijdingen in de MS-netten. In 212 is er in de MS- en LS-netten ook sprake geweest van een overschrijding van de norm voor snelle spanningsvariaties. Spanningskwaliteit betreft de volgende verschijnselen: langzame spanningsvariaties, snelle spanningsvariaties (leidend tot flicker), spanningsasymmetrie en harmonische spanningsvervormingen. Voor meer details zie de rapportage 'Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 212' van Netbeheer Nederland. Productkwaliteit: Elektriciteit 16. Gemiddeld aantal spanningsdips op alle meetlocaties in hoogspanningsnetten Restspanning U [%] Duur t (ms) 1 t 2 2 < t 5 5 < t 1. 1. < t 5. 9 > U 8 4,65,15,5 8 > U 7 2,7,35 7 > U 4,9,1 4 > U 5,95,5,5 5 > U 1,1,15,4 De tabel toont het gemiddelde aantal spanningsdips op alle meetlocaties in de hoogspanningsnetten (HS-netten) in Nederland. Binnen het Power Quality Monitoring project worden spanningsdips op twintig locaties in de HSnetten continu gemeten. Spanningsdips zijn korte dalingen van de spanning ten opzichte van het gewenste spanningsniveau en worden veroorzaakt door bijvoorbeeld kortsluitingen in de elektriciteitsnetten, door schakelhandelingen van de netbeheerder of door de elektrische installaties van afnemers zelf. Door het korte wegvallen van het gewenste spanningsniveau kan gevoelige elektronische apparatuur uitvallen. Spanningsdips kunnen met name voor bedrijven tot problemen leiden. Het totale aantal spanningsdips is gestegen van 17 in 211 naar 25 in 212. Dit is een stijging van 134%. Voor meer details zie de rapportage 'Spanningskwaliteit in Nederland, resultaten 212' van Netbeheer Nederland.