BIJBELS GRIEKS HERHALING 2



Vergelijkbare documenten
BIJBELS GRIEKS LES 8

BIJBELS GRIEKS LES 10

BIJBELS GRIEKS HERHALING 1

BIJBELS GRIEKS LES 11

BIJBELS GRIEKS LES 4

BIJBELS GRIEKS LES 7

Vraag 62 : Maar waarom kunnen onze goede werken niet de gerechtigheid voor God of een stuk daarvan zijn?

BIJBELS GRIEKS LES 2

BIJBELS GRIEKS LES 9

Aantekening Participium

Hoe leer ik uit... Naam: Klas:

Vijf redenen waarom dit waar is

Werkwoorden: hele werkwoord, ik-vorm, jij-vorm en hij/zij-vorm. werkwoorden

Werkwoorden. Hebben en zijn. De twee belangrijkste werkwoorden in het Nederlands zijn hebben en zijn. Ik ben Thomas. Ik heb een fiets.

GESPREKKEN VOEREN NEDERLANDS AAN HET EINDE VAN DEZE UITLEG:

DE ONVOLTOOID TOEKOMENDE TIJD

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen

Mannelijk Vrouwelijk Onzijdig de slaaf de meester het gevecht het land het beest enkelvoud nominativus genitivus accusativus

De gelijkenis van de barmhartige Samaritaan.

9 Vader. Vaders kijken anders. Wat doe ik hier vandaag? P Ik leer mijn Vader beter kennen. P Ik weet dat Hij mij geadopteerd

Waarom ga je schrijven? Om de directeur te overtuigen

Algemene instructies voor de strategie: Vragen stellen. Introductiefase bij de eerste les:

De gelijkenis van het huis op de rots en op het zand.

Les 4: Les conversatie + grammatica Nederlands Conversatie Les 2 A-klas

Spreken. Les 5: Wat zeg je? Gezondheid OPDRACHTKAART.

GODS GEZIN. Studielessen voor 4-7 jarigen

Jezus vertelt, dat God onze Vader is

De gelijkenis van de twee zonen. Eerst lezen Daarna volgen er vragen en opdrachten

Beknopte grammatica. voor. de cursus. Grieks van het Nieuwe Testament

De bruiloft van Simson

Ontleden. Er zijn twee manieren van ontleden: taalkundig ontleden en redekundig ontleden.

Basis Werkwoordspelling is onderdeel van de Bundel Basisprogramma's. Deze bundel bevat ook Basisspelling en Basisgrammatica.

15. eten moet je toch

Jezus maakt mensen gelukkig

Toegang tot het Grieks van het Nieuwe Testament. Les 4

Bij het gekozen thema: Het verlangen van God heb ik mij in de afgelopen dagen afgevraagd wat is mijn verlangen naar God?

Formeel en informeel. Formeel: Je gebruikt u om iemand aan te spreken. Je noemt iemand bij zijn achternaam.

Huiswerk Spreekbeurten Werkstukken

Jezus volgen! Echt? Het evangelie naar Johannes 6: dinsdag 2 juni 2015

BIJBELS GRIEKS LES 5

Bijlage interview meisje

Lesbrief 14. Naar personeelszaken.

Les 3 Integratie Leestekst: Een contact-advertentie. Introductiefase

13 Jij en pesten. Ervaring

Voor jou! Dit boek is voor jou. Het gaat over God. En over God en jou samen. Over Gods liefde voor jou.

BIJBELS GRIEKS LES 6

EENVOUDIG BIJBELS HEBREEUWS LES 23. TalencentrumBarneveld.nl

Mededelingen door de ouderling van dienst. Willem de Vos Ouderling voorzitter

Ik geloof, geloof ik. Levensbeschouwelijk dossier Griftland college Bovenbouw. Mijn naam en klas:


Het is de familieblues. Je kent dat gevoel vast wel. Je zit aan je familie vast. Voor altijd ben je verbonden met je ouders, je broers, je zussen.

Thema 2. Rennen voor geld

Boek1. Les 1. Dit is het verhaal van Maria. Dit is het verhaal van de engel. Dit is het verhaal van Jezus.

Kernwoord Uitleg Voorbeeld

HET WERKWOORD : DE TIJDEN

Tekst lezen en vragen stellen

EEN PAAR BELANGRIJKE VRAGEN

Het koninkrijk van God vlakbij

Extra oefeningen voor werkwoordspelling

150 Tips om kinderen te laten zien dat je om ze geeft!

Zondag 8 november 2015 Sint Maarten de oogst van ons leven

LES 14 WERKWOORDVERVOEGINGEN Kelley lesson XIV: 36 Verbs: The Remaining Stems, p. 108

Soms is er thuis ruzie Dan is mama boos en roept soms omdat ik mijn speelgoed niet opruim Maar ik heb daar helemaal niet mee gespeeld Dat was Bram,

Een Visioen van Liefde

Genesis 1 en 2 enkele verzen Marcus 16: Pasen is opstaan

De gelijkenis van de onbarmhartige dienstknecht

Spreken. Les 6: Wat zeg je? Telefoon OPDRACHTKAART.

1 Werkwoord. (wonen, werken, lopen,...) 8 Grammatica is niet moeilijk. wonen, werken, lopen,... noemen we werkwoorden.

Zondag 29 gaat over het Heilig Avondmaal (2)

Gelezen: Deuteronomium 6: 1-9 en Johannes 13:31-35

2b nr. 1 Zinnen met verschillende volgorde

Waarom was het noodzakelijk dat Jezus stierf?

Gemeente van onze Heer Jezus Christus, lieve mensen,

EENVOUDIG BIJBELS HEBREEUWS LES 9. TalencentrumBarneveld.nl.

Het werkwoord. In het Nederlands kennen we maar één type werkwoorden: stam + en werk-en, lop-en, wacht-en

Wegwijs in de werkwoordspelling

Dordtse Leerregels. Hoofdstuk 3 en 4. Artikel 12 t/m 14

Alpha Cursus IGGDS DE HOEKSTEN Woensdag 22 april 2015 Restaurant Algorfa Bijeenkomst 12 Waarom en hoe zou ik het anderen vertellen?

Lieve gemeente, beste jongens en meisjes,

Voortaan haal ik, zodra ik wilde wingerd zie, de plant gelijk uit de heg. Wat opvalt is, dat hij steeds weer terugkomt: op blijven letten dus!

Exodus 17,1-7 - Water uit de rots voor mensen met een kort lontje

Op weg met Jezus. eerste communieproject. Hoofdstuk 5 Bidden. H. Theobaldusparochie, Overloon

Klankzuivere werkwoorden vervoegen Methode voor beelddenkers Juf Kitty 2016

Les 3. Familie, vrienden en buurtgenoten

Jouw avontuur met de Bijbel

Spelend leren, leren spelen

HET BELANGRIJKSTE OM TE WETEN OM MEER ZELFVERTROUWEN TE KRIJGEN

Jezus kreeg de straf voor onze zonden, wij ontvangen vergeving en vrede. Jesaja 53:4-6 en 1 Petrus 2:24

HET. ik ik ik. en...ik BOEK

Spelling & Formuleren. Week 2-7

Door onze keuze is er een breuk tussen God en mens.

Studielessen voor kinderen van 4-7 jaar

Heilig Jaar van Barmhartigheid

Zondag 33 gaat over de waarachtige bekering.

Thema 10. We ruilen van plek

Spreken. Les 3: Wat zeg je? De supermarkt OPDRACHTKAART.

Transcriptie:

Pagina:1 Her. 2.1 Inleiding In deze les herhalen we de belangrijkste zaken uit les 6 t/m 10. Leest u voordat u verder gaat met deze les eerst de theorie van de lessen 6 t/m 10 nog eens grondig door! Her. 2.2 Werkwoorden op,, In 6.1 leerde u dat bij deze werkwoorden de of zich met de uitgang van het werkwoord "vermengt". Bijvoorbeeld: jullie hebben lief zou moeten worden: maar het wordt "jullie maken" zou moeten worden, maar het wordt. Tenslotte wordt en wordt Dit verschijnsel heet: contractie. Zie het tabelletje. Opdracht 1a Doe als in het voorbeeld. > = hij kruisigt 1. >... 2. > 3. > 4. > 5. > 6. > 7. > 8. > 9. > 10. > U hebt in de inleiding en in opdracht 1 gezien hoe het "vermengen" van de klinkers verloopt. Probeert u nu eens de volgende imperfectum-vormen te vertalen. Voorbeeld: komt van = ik riep / zij riepen ( + = ) komt van = wij overwonnen ( + = ) 1b 1. 2. = 3. 4. = 5. 6. 7. 8. Her. 2.3 Gebiedende wijs U leerde in 6.3 de gebiedende wijs kennen. Hierna volgt een voorbeeld: Geb.wijs prs.: = Zeg! (geb.wijs ev.); = Zeg! (geb.wijs mv.) aor.: = Maak los! (geb.wijs ev.); = Maak los (geb.wijs mv.)

Pagina:2 Opdracht 2 a. Geef van de volgende werkwerkwoorden de gebiedende wijs (prs.) ev. en mv. 1. 2. 3. 4. b. Geef van de volgende werkwerkwoorden de gebiedende wijs (aor.) ev. en mv. 1. 2. Her. 2.4 Werkwoorden op Een voorbeeld van een werkwoord op is = o.a. reizen. Kijkt u nog eens goed naar de vervoeging van deze werkwoorden! (zie 7.1) Opdracht 3 Vertaal: Opdracht 4 Geef de gebiedende wijs enkelvoud en meervoud van Her. 2.5 medium We kennen een actieve werkwoordsvorm (prs.act.:...), maar ook een medium (prs.med.:...). (Zie 7.3) Opdracht 5 Vertaal:... of...... of... In 8.1 maakte u kennis met de aoristus medium. U leerde dat de aoristus medium nooit een passieve betekenis heeft!

Pagina:3 Opdracht 6 Vertaal.... en... Her. 2.6 perfectum Het perfectum geeft nadrukkelijk aan: er is iets gebeurd. Het is de voltooid tegenwoordige tijd. We kennen ook nog het plusquam perfectum (pqp) : er was iets gebeurd. We bekijken twee voorbeelden van het werkwoord : = ik heb losgemaakt (verdubbeling van de eerste letter en een en de uitgang ) De overige uitgangen zijn:. = ik had losgemaakt. Het augment geeft aan dat het verledentijd is. De overige uitgangen zijn: Natuurlijk zijn er vele werkwoorden met een afwijkend perfectum. Opdracht 7 a. Geef alle vormen van het perfectum van = doen stoppen. Dus: b. Geef alle vormen van het plusquam perfectum van Dus: Her. 2.6 aoristus passief In het Grieks gebruikt men de aoristus passivum als men m.b.v. de aoristus een passieve zin wil maken. Zo betekent : ik werd losgemaakt en : ik werd verborgen. U ziet: Er is een passivum maar ook een passivum op Bekijkt u 9.2 nog goed. Opdracht 8 Vertaal.

Pagina:4 Her. 2.7 Het futurum Natuurlijk kent het Grieks ook een toekomende tijd Hier volgt een voorbeeld: betekent ik maak los en betekent ik zal losmaken. Het is belangrijk dat 10.2 nog eens goed bestudeert. Opdracht 9 Vertaal. Opdracht 10 Vertaal. (Alle geleerde tijden door elkaar!) Her. 2.8 LEZEN (1) Lees de volgende tekst: De doop van Jezus (Matt.3: 16 en 17) nieuwe woorden: = meteen, = water = openen, = als = duif, = geliefde, = welbehagen vinden in. Opdracht 11 Geef van de volgende participia: tijd, geslacht, naamval, getal:ev. of mv.

Pagina:5 Opdracht 12 Geef van de volgende werkwoorden tijd en persoon,,, 2.9 LEZEN (2) Lees de volgende tekst: De eerste aankondiging van Jezus lijden (Matt. 16:21) Nieuwe woorden tonen, laten zien = hij moet...; aor.inf. van = lijden (zie tabel les 10); = oudste, ouderling; = hogepriester; = aor.pss.inf.(onregelmatig) van = doden; = aor.pss. inf.(onregelmatig) van = doen opstaan, opwekken, pss.: opstaan uit de dood; = de dag Onthoud: prs. aor. aor.pss * * *Een aoristusvorm krijgt geen als de stam enindigt op (molenaar)! Let op! Voor beide teksten geldt: Lees deze teksten na een week nog eens door. Leer de woorden die u vergeten bent opnieuw. Her. 2.10 woordkennis (schrijf over en vertaal) Opdracht 12

Pagina:6 ANTWOORDEN Opdracht 1a Doe als in het voorbeeld. 1. > ik roep 2. > jullie overwinnen 3. > hij haat 4. > duidelijk maken, tonen 5. > jij eert 6. > hij sterft 7. > jullie zoeken 8. > wij zijn ziek 9. > eren (inf.) 10. > kruisigen 1b. Probeert u nu eens de volgende imperfectum-vormen te vertalen.. 1. = wij riepen 2. = jij eerde 3. = wij waren ziek 4. = wij hadden lief 5. = hij haatte 6. = jullie eerden 7. = ik overwon, zij overwonnen 8. = hij kruisigde Opdracht 2 a.geef van de volgende werkwerkwoorden de gebiedende wijs enkelvoud en meervoud. 1. 2. 3. 4. b. Geef van de volgende werkwerkwoorden de gebiedende wijs (aor.) ev. en mv. 1. 2. Opdracht 3 Vertaal: = zij worden = jij wilt = jij reisde = ik ga,kom ik ging, kwam = wij antwoorden = hij groet = hij ontving = ik aanschouwde = zij waren bang

Pagina:7 Opdracht 4 Geef de gebiedende wijs enkelvoud en meervoud van Opdracht 5 Vertaal: = ik maak voor mij los of ik word losgemaakt = wij maakten voor ons los of wij werden losgemaakt In 8.1 maakte u kennis met de aoristus medium. U leerde dat de aoristus medium nooit een passieve betekenis heeft! Opdracht 6 Vertaal. 4 ik maakte voor mij los enz. en wij maakten... Opdracht 7. a. Geef alle vormen van het perfectum van = doen stoppen. Dus: b. Geef alle vormen van het plusquam perfectum van Dus: Opdracht 8 Vertaal. = gezonden (te) worden (inf) = zij werden gevonden = ik werd gemaakt = jij werd bewaakt = jullie werden geleid = word verborgen! (ev.) = gewassen (te) worden (inf) = word losgemaakt! (mv.) = wie losgemaakt wordt = ik werd gezien = ik werd geschreven = verborgen (te) worden (inf) Opdracht 9 Vertaal. = jullie zullen losmaken = wij zullen ons losmaken = losgemaakt te zullen worden = ik zal losgemaakt worden = ik zal liefhebben = ik zal geven = ik zal zetten = wie zal los maken = zij zullen los gelaten worden = ik zal kruisigen

Pagina:8 Opdracht 10 Vertaal. (Alle geleerde tijden door elkaar!) = jij kruisigt = wij maakten ons los = zij maakten los enz. = liefhebben (inf) = zij werden gemaakt = zij zulen horen = zij reisden = wie lief heeft = wie overwinnen = maak je los! (mv.) = hij komt, hij gaat = te zullen losmaken (inf) Opdracht 11 Geef van de volgende participia: tijd, geslacht, naamval, getal:ev.of mv. = prt.aor.pss.mnl.nom.ev. = prt.prs.onz.acc.ev. = prt.prs.med.onz.acc.ev. = prt.prs.vrl.nom.ev. Opdracht 12 Geef van de volgende werkwoorden: tijd en persoon = aor.3-e ps.ev. = aor.pss. 3-e ps.mv. = aor.3-e ps.ev. = aor.1-e ps.ev. Opdracht 13 Vertaal. = willen = de wijngaard = uitwerpen = dorst hebben = weer = beschouwen = daarna = zo = de broer = niemand