Servicedocument. De 850-urennorm. Extra



Vergelijkbare documenten
agenda Onderwijstijd Wie controleer wat Andere redenen voor registratie aanwezigheid Discussie/vragen

Servicedocument 850. Onderwijstijd

Servicedocument 850 urennorm MBO

Servicedocument Onderwijstijd

Gezien de specifieke voorwaarden waaraan het MBO moet voldoen is de wens uitgesproken om tot een vergelijkbaar document te komen voor het MBO.

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB opleiding mbo-verpleegkundige

Servicedocument urennormen van de Wet BIG en WEB

1. Vraag: Wat is de juridische basis van de uitbreiding van de accountantscontrole naar concrete plandocumenten zoals lesroosters.

ONDERWIJSTIJD BIJ NIET- BEKOSTIGDE INSTELLINGEN

Servicedocument. Urenverantwoording opleiding Mbo-Verpleegkundige

BEOORDELINGSKADER ONDERWIJSTIJD 2013/2014

Onderwijstijd onder Focus op Vakmanschap. De nieuwe benadering van onderwijstijd

Voorstel. Iedere opleiding zal vanaf aug weken onderwijs programmeren met 28 uur onderwijsprogrammering per week Waarbij de regel geldt

Onderwijstijd; een middel om kwaliteit te genereren. Els de Ruijter Maartje van den Burg

Onderwijstijd onder Focus op Vakmanschap. De nieuwe benadering van onderwijstijd

Onderhandelaarsakkoord CAO BVE

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Subsidieregeling Praktijkleren

Focus op Vakmanschap. Heel wat voeten in de aarde Bas Derks, Ministerie van OCW

Vragen en antwoorden. Stagefonds Zorg

Het cursusgeld wordt jaarlijks door het ministerie van OCW vastgesteld.

Scholing en personeel De overheid betaalt mee! whitepaper

SERVICEDOCUMENT VRIJSTELLINGEN AVO

2. Wettelijke normen voor onderwijstijd

Flexibiliteit en urennorm: een ingebouwde spanning?

1. Wat is beroepspraktijkvorming

Korte inhoud van de wet doelmatige leerwegen en modernisering bekostiging

Beantwoording vragen rondom in- en uitschrijving in het voortgezet onderwijs

VERANTWOORDING ONDERWIJSTIJD

Inhoudsopgave verzuimkaart Clusius College mbo

SERVICEDOCUMENT BEROEPSPRAKTIJKVORMING: WAT MAG VERWACHT WORDEN VAN DE BPV?

850 UUR IN DE BVE ONDERZOEK NAAR HET VOLDOEN AAN DE URENNORM

THINK GLOBAL ACT LOCAL florijn.nl

Aanmeldingsprocedure voor het Centraal Register Beroepsopleidingen (CREBO) voor diploma-erkenning

Leerplicht en kwalificatieplicht

Studievoortgangsregeling. Opleiding: Zelfstandig werkend kok Cohort: Start in 2018 Leerweg: BOL Niveau: 3

Inhoudsopgave Inleiding Hoofdstuk 1 - Wet- en regelgeving Hoofdstuk 3 - Gevolgen ongeoorloofd verzuim Hoofdstuk 4 - Preventie

Financieel Reglement ROC Leeuwenborgh studiejaar 2014/2015

SERVICEDOCUMENT ONDERWIJSTIJD IN HET MBO IN RELATIE TOT JONGEREN MET EEN EXTRA ONDERSTEUNINGSBEHOEFTE

Regeling studentengelden

Invoering entreeopleiding

In de brief van 30 januari 2013 aan de voorzitter van de Tweede Kamer heeft de minister de beleidslijn voor onderwijstijd uiteengezet.

Regeling studentengelden MBO

Onderwijsovereenkomst

Bekostiging BVE Toelichting op de reguliere bekostiging van de BVE-sector

Tegemoetkoming ouders voor kinderen jonger dan 18 jaar

Financieel Reglement

MELDING EN REGISTRATIE VERZUIM EN VSV Eerste heronderzoek. Administratief medewerker (Bedrijfsadministratief medewerker)

Uw kind gaat naar het mbo HORIZONCOLLEGE.NL ALKMAAR HEERHUGOWAARD HOORN PURMEREND

FAQ s experiment beroepsopleiding gecombineerde leerwegen bol-bbl Versie 15 oktober 2015

Tegemoetkoming ouders voor kinderen jonger dan 18 jaar

Inleiding Artikel 1 Procedure aanvraag vrijstelling van examinering Artikel 2 Vrijstelling bij instroom andere onderwijsinstelling...

Tijd voor beroepspraktijkvorming en andere onderwijsactiviteiten

Financieel Reglement Arcus College

Aanvraagprocedure diploma-erkenning voor niet bekostigde instellingen voor het beroepsonderwijs

Datum 3 november 2014 Vragen van de leden Geurts en Omtzigt (CDA) over het bericht over terugvorderen van de WVA bij transportbedrijven

Onderzoeksrapportage op basis van het kader* voor gemeentelijke toetsing verzuim en voortijdig schoolverlaten bij scholen / instellingen

ONDERWIJS- EN EXAMENREGELING LEIDSE INSTRUMENTMAKERS SCHOOL

Onderzoeksrapportage op basis van het kader* voor gemeentelijke toetsing verzuim en voortijdig schoolverlaten bij scholen / instellingen

Protocol. Inhoud. Inleiding

Regeling studentengelden

Uw kind gaat naar het mbo HORIZONCOLLEGE.NL ALKMAAR HEERHUGOWAARD HOORN PURMEREND

Onderwijsinstelling Nimeto. Onderwijsregeling voor de kwalificatie Stukadoor crebocode voor de deelnemers van het cohort

LMC VMBO Zuid loc. Veenoord 3e controle Concept versie d.d Definitieve versie

MELDING EN REGISTRATIE VERZUIM EN VSV Eerste heronderzoek. Opleiding Helpende zorg en welzijn

SPECIFIEK ONDERZOEK AAN- EN AFWEZIGHEIDSREGISTRATIE EN MELDING VERZUIM ZONDER GELDIGE REDEN

Financieel Reglement ROC Leeuwenborgh studiejaar 2014/2015

Uw kind gaat naar het mbo

Transcriptie:

Servicedocument De 850-urennorm Extra

Titel : Servicedocument De 850-urennorm Auteur(s) : Heleen Beurskens MBO Raad : Henrica van Erpweg 2 Postbus 196 3730 AD De Bilt T: 030 221 98 11 E: info@mboraad.nl I: www.mboraad.nl De Bilt : 9 oktober 2007 Versienummer : 1

Waarom de 850-urennorm? De 850-urennorm is een wettelijk vastgestelde norm. Deze norm is verankerd in de Wet Studiefinanciering (WSF artikel 2.5, lid 3, sub a en b). Voor BOL-deeltijd en BBL-deelnemers geldt de 300-urennorm. Ook de 300-urennorm is wettelijk verankerd (WEB artikel 2.2.2., lid 6). De 850- urennorm heeft verschillende functies. De urennorm: bepaalt of de opleiding in aanmerking komt voor voltijd bekostiging; bepaalt of deelnemers recht hebben op studiefinanciering of een tegemoetkoming in de studiekosten; bepaalt of de deelnemer lesgeld of cursusgeld aan de onderwijsinstelling verschuldigd is. Instellingen kunnen zelf bepalen of zij voor een opleiding voltijd bekostiging willen aanvragen. Als een opleiding besluit om voltijd bekostiging aan te vragen, dan is de voorwaarde dat de opleiding ten minste 850 klokuren onderwijs per jaar verzorgt. De 850-urennorm is een ondergrens. Om aan te geven wat men van een voltijd opleiding mag verwachten, bestaan er normatieve studiejaren met een normatieve studielast. Omdat de normatieve deelnemer niet bestaat, kan de studielast per deelnemer of groep van deelnemers verschillen. Wanneer een opleiding geen 850 klokuren onderwijs aan kan bieden, kan de instelling de opleiding ook als deeltijdopleiding aanbieden en daar deeltijdbekostiging voor aanvragen. Er moeten dan ten minste 300 klokuren onderwijs worden aangeboden. Voor BOLdeeltijd en BBL-opleidingen bestaat er geen normatieve studielast. De 850-urennorm geldt voor elk schooljaar. Er kan niet met dit aantal uren tussen de verschillende schooljaren worden geschoven. Het is dus niet mogelijk om een tekort aan klokuren dat is ontstaan, te compenseren door extra klokuren in te plannen in een volgend schooljaar. Bijvoorbeeld wanneer een opleiding in het eerste jaar 1.000 klokuren telt en in het tweede jaar 800 klokuren, dan voldoet die opleiding niet aan de 850-urennorm. Het is belangrijk om bij de programmering van de opleiding naar de hele opleiding te kijken en ervoor te zorgen dat er elk jaar voldoende uren worden aangeboden. Daarbij moet in de gaten worden gehouden dat het gaat om klokuren en niet om lesuren die soms korter zijn dan 60 minuten. Verkort studiejaar De 850-urennorm hoeft geen problemen op te leveren voor een verkort laatste leerjaar. Naar rato toerekenen van uren is aan de orde als een opleiding eindigt met een onvolledig laatste studiejaar. Er wordt uitgegaan van een gelijkmatige verdeling van de lesuren over het hele schooljaar. Wanneer een opleiding 2,5 jaar duurt, dan moeten er in dat laatste halve jaar 425 klokuren worden aangeboden. De Inspectie geeft hierbij de voorkeur aan om met eenheden te werken die niet kleiner zijn dan kwartalen. In het verkorte laatste leerjaar is het van belang dat de deelnemer op tijd wordt uitgeschreven; de datum van diplomering en uitschrijving van deelnemers is de rekendatum. Welke onderwijsactiviteiten tellen mee voor de 850-urennorm? OCW heeft in de brief van 6 september 2006 drie criteria opgesteld aan de hand waarvan kan worden bepaald of een onderwijsactiviteit meetelt voor de 850-urennorm:

1. De programmering van de onderwijsactiviteiten is verantwoord in de Onderwijs en ExamenRegeling (OER). De programmering van de uren is vastgelegd in een planningsdocument (zoals een rooster, een studieplan of een jaarplanning). En: 2. De onderwijsactiviteiten zijn gericht op het behalen van de eindtermen van bestaande eindtermgerichte opleidingen of op het bereiken van de competenties van de experimentele competentiegerichte opleidingen. En: 3. De uitvoering van de onderwijsactiviteiten vindt plaats onder verantwoordelijkheid, regie en toezicht van de instelling. De uitvoering vindt plaats onder verantwoordelijkheid van onderwijspersoneel dat op grond van de wet met die werkzaamheden mag worden belast. Dat betekent dat er sprake is van begeleiding, dat kan ook via de computer, of aanwezigheid van onderwijspersoneel. Verschillende onderwijsvormen kunnen meetellen mits ze aan de drie bovengenoemde regels voldoen, bijvoorbeeld: ingeroosterde lessen; beroepspraktijkvorming, inclusief de stage (BOL 20-60% van de opleiding, BBL 60% of meer); activiteiten na 18.00; activiteiten in het Open Leercentrum of de Mediatheek; binnen- en buitenschoolse praktijksimulatie; individuele begeleiding; studiebegeleiding; toets- en examenactiviteiten; voorbereidende en ondersteunende activiteiten (VOA), voor zover deze zijn opgenomen in het onderwijsprogramma van een opleidingstraject (bijvoorbeeld een traject voor ongediplomeerde instromers) en de deelnemers zijn ingeschreven voor de opleiding waarbinnen het opleidingstraject valt; activiteiten buiten de instelling zoals excursies en werkbezoeken; ICT-toepassingen voor buitenschools onderwijs; Activiteiten in de vorm van individuele of groepsopdrachten in het kader van een opleiding en waarvan de begeleidings- en voortgangsregistratie inzichtelijk is (de instelling kan de begeleiding van individuele deelnemers met behulp van een voortgangsregistratiesysteem volgen en inzichtelijk maken) uitgevoerd in de instelling of indien noodzakelijk buiten de instelling; Inloop- of begeleidingsuren. Hier moet worden benadrukt dat de bovenstaande lijst niet uitputtend is. Alle nieuwe onderwijsvormen die nog niet op de lijst staan, maar wel aan alle drie de bovengenoemde criteria voldoen, tellen mee

voor de 850-urennorm. Zo wordt er ruimte geboden om het nieuwe competentiegerichte onderwijs vorm te geven. In praktijk blijken deze drie criteria goed te werken. Bij de 850-urennorm gaat het erom dat de opleiding de deelnemer ten minste 850 klokuren onderwijs aanbiedt en dat de deelnemer in de gelegenheid is om 850 klokuren te volgen. Voorbereidende activiteiten van de docent, bijvoorbeeld voor een project, tellen niet mee voor de 850-urennorm. Overige lesuren Er zijn vaak activiteiten die buiten het reguliere rooster vallen, bijvoorbeeld een introductieweek of een excursie. Wanneer deze activiteiten voldoen aan alle criteria die door het ministerie van OCW zijn opgesteld, dan kunnen deze activiteiten worden meegeteld voor de 850-urennorm. Wel is het lastiger om deze activiteiten in het overzicht te calculeren omdat deze lesactiviteiten buiten het reguliere rooster vallen. Hoe gaat dit nu in de praktijk? Een voorbeeld: Er wordt voor 20 klokuren een project in het kader van de opleiding ingeroosterd. Deze onderwijsactiviteit staat beschreven in de OER. Het project is opgezet en gecoördineerd door een bevoegde docent maar het project wordt bij de uitvoering begeleid door onderwijsassistenten. De deelnemer wordt via begeleidings- en voortgangsregistratie gevolgd en dit kan de instelling ook inzichtelijk maken. De bevoegde docent is via de computer en tijdens een inloopspreekuur bereikbaar voor vragen. Tellen de 20 uren van dit project mee voor de 850-urennorm? De volgende vragen moeten worden gesteld: Staat de onderwijstijd in de OER beschreven? Is het project ingepland in een rooster, studieplan of jaarplanning? Haalt de deelnemer met dit project een van de eindtermen of competenties? Wordt het project onder verantwoordelijkheid, regie en toezicht van de instelling uitgevoerd? Vindt de uitvoering plaats onder verantwoordelijkheid, begeleiding en toezicht van onderwijzend personeel? Wanneer alle vragen met ja kunnen worden beantwoord, dan tellen de uren mee voor de 850- urennorm. De beantwoording van de laatste vraag kan soms wat onduidelijkheden opleveren. Daarom wordt het laatste punt hier nader toegelicht. Het ministerie van OCW heeft de regel als volgt geformuleerd: alleen bij klachten van deelnemers over de intensiteit van het onderwijs en de begeleiding, betrekt de Inspectie zo nodig de vraag naar de bevoegdheden van het ingezette personeel. In principe kunnen uren die door onderwijsassistenten worden begeleid ook meetellen voor de 850-urennorm indien dat onder verantwoordelijkheid van daartoe bevoegd personeel plaats vindt. Het project moet wel onder verantwoordelijkheid van een bevoegde docent plaatsvinden en de deelnemers moeten altijd op begeleiding (dat kan ook via multimedia) door de bevoegde docent kunnen terugvallen. Dus taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de docent en de assistent moeten goed geëxpliciteerd zijn.

De onderwijsinstelling is verantwoordelijk voor en staat garant voor goed onderwijs voor de deelnemer. De instelling moet in dit soort gevallen zelf een afweging maken of het verantwoord is om betreffende uren mee te laten tellen voor de 850-urennorm. Bijvoorbeeld wanneer het project wordt begeleid door een onderwijsassistent met wie de instelling vaak heeft gewerkt en over wie de instelling, de docent en de deelnemers tevreden zijn, kan de instelling deze uren meerekenen voor de 850-urennorm. Wanneer de instelling een nieuwe onderwijsassistent of lesinstructeur aantrekt, en men nog onvoldoende zicht heeft op de kwaliteit van diens begeleidingsactiviteiten is het wellicht verstandiger om de uren vooralsnog niet mee te rekenen als onderwijstijd. Hoe wordt er gemeten of de programmering van de opleiding aan de 850-urennorm voldoet? De onderwijsinstelling moet op een aantal manieren kunnen aantonen dat de opleiding aan de 850- urennorm voldoet: de uren moeten in de OER worden beschreven; de uren moeten in een rooster, een studieplan of jaarplanning worden ingeroosterd; de instelling moet kunnen aantonen dat de ingeplande uren ook daadwerkelijk zijn gerealiseerd. De verantwoording over het opleidingsaanbod gebeurt vooraf; onderwijsactiviteiten staan beschreven in de OER en zijn geprogrammeerd in een rooster, studieplan of jaarplanning. Wanneer de instelling het rooster niet voor een schooljaar maar voor een kortere periode maakt, kan de instelling naar rato uitrekenen of er in het betreffende blok voldoende klokuren worden aangeboden. De instelling moet wel voor het hele schooljaar in een jaarplan of een studieplan inzichtelijk maken dat er voldoende lesuren zullen worden geprogrammeerd. De vertaling van het jaarplan naar het rooster voor de deelnemers, kan per periode worden samengesteld. Het is raadzaam om rekening te houden met onvoorziene omstandigheden, bijvoorbeeld ziekte van een docent. De instelling kan mogelijke tekorten die hierdoor zouden kunnen ontstaan, voorkomen door minimaal 10% extra klokuren in te plannen. Hoe wordt gemeten of de opleiding de uren heeft gerealiseerd? Om aan te tonen dat de opleiding de 850 klokuren ook daadwerkelijk heeft aangeboden, moet de instelling inzichtelijk kunnen maken dat de ingeplande klokuren ook daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Dit kan bijvoorbeeld door te registreren of docenten ook daadwerkelijk de ingeplande klokuren hebben gerealiseerd. Of de individuele deelnemer in een jaar alle 850 uren heeft gevolgd is bijvoorbeeld van belang bij individuele- of groepsopdrachten of bij individuele leerroutes. Bij dit soort onderwijsactiviteiten kan niet op de traditionele manier worden aangetoond of een lesuur is gerealiseerd, in die gevallen moet dat per deelnemer worden geregistreerd. Als blijkt dat er structureel een aantal uren niet door alle leerlingen wordt gevolgd, bijvoorbeeld begeleiding op afroep, dan is (de registratie van) aanwezigheid van deelnemers wel degelijk van belang. Ook wanneer de uren zo zijn ingepland dat het voor de deelnemers onmogelijk is om de lessen te volgen; bijvoorbeeld door lessen tegelijkertijd aan te bieden, door lessen tijdens de vakantie in te roosteren, of doordat op verschillende

leslocaties les wordt gegeven met een tijdsplanning die verzuim in de hand werkt, kan dit gevolgen hebben voor het al dan niet halen van de 850-urennorm. De mogelijkheden om te registreren of de onderwijstijd ook daadwerkelijk is gerealiseerd, zijn nog in ontwikkeling. Individuele registratie bij individuele of groepsopdrachten. Bij individuele of groepsopdrachten moet er op het niveau van de individuele deelnemer worden geregistreerd en inzichtelijk worden gemaakt wat de begeleidings- en voortgangsactiviteiten zijn. Het gaat daarbij om een transparante weergave van de omvang van de inspanning en van het genoten onderwijs gekoppeld aan de voortgangsregistratie. Ook hier zijn de drie eerder genoemde criteria weer van toepassing. Een voorbeeld: Een onderwijsactiviteit, bijvoorbeeld een project, staat in de OER beschreven en is ingeroosterd voor 40 uur. Het project wordt verzorgd onder regie en verantwoordelijkheid van de instelling en de uitvoering vindt plaats onder verantwoordelijkheid van een docent. Het project wordt gevolgd door het totale cohort voor dat leerjaar bij de betreffende opleiding op de betreffende locatie. De leerlingen worden opgedeeld in groepjes van vier deelnemers. Wanneer aantoonbaar is dat alle uren daadwerkelijk zijn gerealiseerd, dan tellen er 40 uren mee voor de 850-urennorm. Wanneer één van de deelnemers een week ziek is geweest en maar 30 uur aan het project heeft kunnen werken, tellen er 40 uur mee voor de 850-urennorm als er met de individuele deelnemer afspraken worden gemaakt over inhaalactiviteiten. Het is belangrijk om in de programmering rekening te houden met een percentage ziekteverzuim, zowel van deelnemers als van docenten, zodat de opleiding niet in de problemen komt wanneer er een griepgolf uitbreekt en er daardoor te weinig onderwijstijd wordt gerealiseerd. Als het project in dat leerjaar niet door alle deelnemers van de betreffende opleiding op de betreffende locatie wordt gevolgd, maar slechts door een aantal deelnemers, dan tellen de uren naar rato van het totale cohort van dat leerjaar op die locatie van die opleiding. Bijvoorbeeld, wanneer 10% van het totale cohort van de betreffende opleiding op de betreffende locatie zich in een bepaald leerjaar voor deze onderwijsactiviteit heeft ingeschreven, geldt dat 10% van 40 uur = 4 uur meetelt voor de 850- urennorm. Registratie individuele deelnemers Dat niet bij alle onderwijsactiviteiten voor iedere individuele deelnemer verantwoord hoeft te worden of er aan de 850-urennorm is voldaan, betekent niet dat er geen registratiesysteem hoeft te zijn. Voor kwalificatieplichtige deelnemers is de leerplichtwet van toepassing. De instelling dient uit hoofde van deze wet te registreren of de deelnemers aanwezig zijn en afwezigheid te melden bij de leerplichtambtenaar. Ook deelnemers die niet kwalificatieplichtig zijn, moeten op aanwezigheid worden gecontroleerd. In de onderwijsovereenkomst staan bepalingen beschreven met betrekking tot kortdurende en langdurende afwezigheid. De instelling moet ook nagaan of de deelnemers zich aan de afspraken uit de onderwijsovereenkomst houden en voorkomen dat jongreen voortijdig de school verlaten. Dit is bovendien relevant om na te gaan of de deelnemer recht heeft op studiefinanciering.

De 850-urennorm en het competentiegerichte onderwijs Het ministerie van OCW en de Inspectie van het Onderwijs laten bij de handhaving van de 850- urennorm ruimte voor de ontwikkeling van het competentiegericht onderwijs. De lijst met voorbeelden van onderwijs die mee kunnen tellen voor de 850-urennorm kan worden aangevuld met nieuwe vormen van onderwijs. De nieuwe onderwijsactiviteiten moeten aan de drie criteria van OCW voldoen. Het is dus mogelijk om het onderwijs binnen de experimentele opleidingen vorm te geven én aan de wettelijke vereisten te voldoen. De MBO Raad krijgt ook signalen dat dit in de praktijk goed werkt. Opleidingen die volgens het nieuwe competentiegerichte onderwijs werken, vinden het makkelijker om aan de 850-urennorm te voldoen dan opleidingen die nog op de traditionele manier werken. Voorbereidende en Ondersteunende Activiteiten (VOA) Het budget voor de Voorbereidende en Ondersteunende Activiteiten is bestemd voor deelnemers op niveau 1 en 2 die extra ondersteuning nodig hebben om hun opleiding met succes af te ronden. Hiervoor geldt dat alles wat in de OER is geprogrammeerd, meetelt. Als er extra activiteiten worden gegeven die onder de Voorbereidende en Ondersteunende Activiteiten (VOA) worden geboekt, dan kunnen deze activiteiten ook mee worden gerekend voor de 850-urennorm. Volgens de wettelijke bepalingen horen deze activiteiten niet tot de opleiding, maar ze tellen wel mee voor de onderwijstijd. Minor / Major Uren die niet zijn opgenomen in het programma van de deelnemer tellen niet mee voor de 850- urennorm. Uren die behoren tot de beroepsopleiding waarvoor de deelnemer is ingeschreven, kunnen wel meetellen voor de 850-urennorm, bijvoorbeeld voorbereidende en ondersteunende activiteiten. Wanneer verrijkingsstof wordt aangeboden, dan kunnen deze uren ook meetellen als er aan de volgende criteria is voldaan De extra onderwijsactiviteiten zijn opgenomen in de OER van de deelnemer. De extra uren betreffen maximaal 20% van de totale opleiding. Doordat de Onderwijsinspectie de vrije ruimte op deze manier interpreteert, kan er binnen de huidige wettelijke structuur ook worden gewerkt worden met een minor/major structuur zonder dat dit gevolgen heeft voor de bekostiging van de instelling of de studiefinanciering van de deelnemer.

EVC en vrijstellingen Wanneer een deelnemer EVC en vrijstellingen voor bepaalde programmaonderdelen krijgt, tellen deze niet mee voor de 850-urennorm. Wanneer de opleiding verder voldoet aan alle regels, dan komt de opleiding zelf wel in aanmerking voor bekostiging. Voor de individuele deelnemer die vrijstellingen krijgt, ligt dit anders. Betreffende deelnemer kan: Als voltijddeelnemer worden ingeschreven. Dan moet het wel mogelijk zijn om de opleiding versneld te volgen zodat de deelnemer naar rato voldoende klokuren onderwijs kan volgen. Als voltijddeelnemer worden ingeschreven als binnen het kader van de opleiding een maatwerktraject wordt aangeboden waarmee de deelnemer 850 uur onderwijs kan volgen. Als deeltijddeelnemer worden ingeschreven en voor deze ene deelnemer ontvangt de opleiding geen voltijdbekostiging maar deeltijdbekostiging. Ook betaalt deze deelnemer geen lesgeld maar cursusgeld. In dit geval is de 300-urennorm van toepassing. De 300-urennorm Voor BOL-deeltijd en BBL-deelnemers is de 300-urennorm van toepassing. Ook de 300-urennorm is wettelijk verankerd (WEB artikel 2.2.2. lid 6). Voor de 300-urennorm gelden dezelfde regels als voor de 850-urennorm. Dat betekent dat de BPV volledig meetelt voor de 300-urennorm, zowel in de BOLdeeltijdopleiding als in de BBL-opleiding. De voorwaarde is wel dat de BPV plaatsvindt bij een erkend leerbedrijf en overeenkomt met de opleiding. Meer informatie op: www.mboraad.nl Er gebeurt veel rondom het thema onderwijstijd en er zijn regelmatig wijzigingen. In het dossier op de website wordt regelmatig nieuwe informatie toegevoegd. Ook kunt u daar de meest recente wijzigingen in wet- en regelgeving vinden. Daarnaast kunt u via www.mboraad.nl/850uur gebruik maken van de online helpdesk over de 850-urennorm.