ruby 45e ruby 50e ruby 55e 01 2007 Gebruiksaanwijzing Attenzione! Leggere le istruzioni prima dell'uso. Attention! Please read the instructions before use. Attention! Lire les instructions avant de l'emploi. Achtung! Vor dem Gebrauch die Anleitungen lesen. Atención! Leer las instrucciones antes del empleo. COD. 65305002
INHOUD LEGENDE BEDIENINGSBORD 24 LEGENDE MACHINE 24 OPTIES 25 TECHNISCHE GEGEVENS 26 VOORWOORD 27 ALGEMENE VEILIGHEIDSMAATREGELEN 27 SYMBOLOGIE 27 VOOR GEBRUIK 28 Behandeling van de verpakte machine 28 Verwijderen van de verpakking 28 MontEREN VAN DE ZUIGMOND 28 Instellen van de zuigmondhoogte 28 Instellen van de hellingshoek van de zuigmond 28 MONTEREN van DE Spatrubber 28 MontEREN VAN DE BORSTELS 28 Vuilwatertank 29 Properwatertank 29 REINIGEN VAN DE VLOER 29 Het starten van de machine 29 Instelling van de borsteldruk (OPTIONEEL) 29 Overstroombeveiliging van de borstels 30 Overloop beveiliging 30 AFLATTEN VAN DE PROPERWATETANK 30 SYSTEEM VOOR HET AFVOEREN VAN HET PROPERWATER (OPTIONEEL) 30 Voorwaartse beweging 30 Stop 30 Instelling van de borstelhellingshoek 30 HET STOPPEN VAN DE MACHINE NA DE REINIGINGSOPERATIE 30 DAGELIJKS ONDERHOUD 30 Reinigen van de vuilwatertank 30 Reinigen van de aanzuigfilter 31 Reinigen van de borstels 31 VERWIJDEREN VAN DE BORSTELS (ruby45e, ruby55e) 31 Reinigen van de zuigmond 31 WEKELIJKS ONDERHOUD 31 Vervanging van het achterste zuigrubber 31 Reinigen van de aanzuigslang 31 Het reinigen van de properwatertank en de properwaterfilter 31 TWEE MAANDELIJKS ONDERHOUD 32 Vervanging van het voorste zuigrubber 32 ZES MAANDELIJKS ONDERHOUD 32 Het vervangen van het spatrubber 32 PROBLEEMOPLOSSINGEN 32 De zuigmotor werkt niet 32 Le moteur des brosses ne fonctionne pas 32 Onvoldoende watertoevoer op de borstels 32 De machine reinigt niet naar behoren 32 Zuimond droogt niet perfect 32 Overvloedige schuimproductie 32 ONDERHOUDS PROGRAMMA 33 AANGERADEN BORSTELS 33 23
LEGENDE BEDIENINGSBORD 1. SCHAKELAAR BORSTELMOTOR 2. SCHAKELAAR ZUIGMOTOR 3. KNOP VOOR HET AFWERPEN VAN DE BORSTEL (alleen op de ruby50e) 4. UURTELLER (OPTIONEEL) 5. VERKLIKKERLICHT VOOR AANWEZIGE SPANNING 6. VERKLIKKERLICHT VOOR GEACTIVEERD ELEKTROVENTIEL (OPTIONEEL) 7. RESETZEKERING VOOR BORSTELMOTOR 8. SLEUTELSCHAKELAAR (OPTIONEEL) 9. BEDIENIGSHENDELS 10. BEDIENINGSHEVEL WATERKRAAN 11. BEDIENINGSHEVEL OPHEFFING ZUIGMOND 12. PEDAAL VOOR HET OPHEFFEN VAN DE BORSTELBASIS LEGENDE MACHINE 1. PIVOTERENDE WIELEN 2. WIELEN 3. INSTELLEN V/D HELLINGSHOEK VAN DE BORSTELS (OPTIONEEL ruby45e/55e) 4. BORSTELBASISGROEP 5. ELEKTROVENTIEL (OPTIONEEL) 6. PROPERWATERTANK 7. VULDOP PROPERWATERTANK 8. VUILWATERTANK 9. AFLAATSTOP VUILWATERTANK 10. OPENING VOOR DE AANZUIGSLANG 11. AANZUIGDEKSEL 12. SLEUTELSCHAKELAAR (OPTIONEEL) 13. BEDIENINGSBORD 14. BEDIENINGSHENDELS 15. HANDVATEN 16. AANSLUITSTEKKER 17. KABELKLEM 18. BEDIENINGSHEVEL WATERKRAAN 19. BEDIENINGSHEVEL OPHEFFING ZUIGMOND 20. PEDAAL OPHEFFING BORSTELBASIS 21. AANZUIGSLANG 22. NETSNOER 23. ZUIGMOND 24. SLANGHOUDER AANZUIGSLANG 24
OPTIES Elektroventiel Instelling borsteldruk Instelling hellingshoek borstels (ruby45e, 55e) Aflaatslang properwatertank Sleutelschakelaar Uurteller 25
TECHNISCHE GEGEVENS U/M ruby 45e ruby 50e ruby 55e Werkbreedte mm 450 500 550 Breedte zuigmond mm 790 790 790 Autonomie, tot... m2/u 1575 1750 1925 Borsteldiameter mm 2x235 1x508 2x285 Borstelsnelheid Tr/mn 432 182 345 Borsteldruk kg 22 max 30 max 25 max Borstelmotor W 1000 1000 1000 Type aandrijving semi-aut. semi-aut. semi-aut. Maximale stijgingshoek 2% 2% 2% Zuigmotor W 450 450 450 Onderdruk mbar 110 110 110 Properwatertank l 45 45 45 Vuilwatertank l 48 48 48 Machinelengte mm 1102 1205 1140 Machinehoogte mm 1033 1033 1033 Machinebreedte (zonder zuigmond) mm 527 535 586 Machinegewicht (leeg) kg 85 89 87 Voedingskabel (lengte) m 20 20 20 Voedingsspanning V 230 230 230 Frequentie Hz 50 50 50 Geluidsniveau db(a) 66,3 66,2 66,3 Trillingsniveau m/sc 0,45 0,50 0,45 Klasse I I I Veiligheidsgraad IP 23 23 23 26
VOORWOORD Wij danken u voor het kiezen van een FLOORPUL machine. Deze schoonmaakmachine wordt gebruikt voor industriële en particuliere reiniging en is gemaakt voor het reinigen van elk type vloer. Bij voorwaartse beweging maken de gecombineerde acties van draaiende borstels en toegevoerde detergentoplossing het vuil los dat daarna wordt opgezogen via de zuigmond en resulteert in een proper en perfect droog resultaat. Deze machine mag alleen gebruikt worden voor deze toepassing. U verkrijgt het beste resultaat wanneer u de machine correct gebruikt en onderhoud. Wij vragen u daarom om deze handleiding goed te lezen en steeds bij de hand te hebben bij moeilijkheden tijdens het gebruik. Indien nodig vragen wij u onze technische dienst te raadplegen voor meer advies of technische bijstand. ALGEMENE VEILIGHEIDSMAATREGELEN Onderstaande regels dienen zorgvuldig gevolgd te worden en dit om schade aan de machine of gebruiker te vermijden. - Lees zorgvuldig de labels op de machine. Dek ze nooit af en vervang de labels indien ze beschadigd zijn. - De machine mag alleen gebruikt worden door bevoegd personeel dat is opgeleid voor dit werk. - Schenk, tijdens het werken met deze machine, steed aandacht aan andere mensen en speciaal aan kinderen die zich in de omgeving bevinden. - Meng nooit verschillende detergenten en dit om schadelijke gassen te vermijden. - Plaats nooit bussen met vloeistoffen op de machine. - De opbergtemperatuur van de machine moet tussen de -25 C en +55 C liggen. - De juiste werktemperatuur moet zich tussen de 0 C en 40 C bevinden. - De luchtvochtigheid moet zich tussen de 30 en 95% bevinden. - Gebruik de machine nooit in een explosieve omgeving. - Gebruik deze machine nooit als transportmiddel. - Gebruik nooit sterke zuren die de machine en de gebruiker kunnen beschadigen. - Nooit op de voedingskabel trappen wanneer de borstels draaien. - Het gebruikte stopcontact moet steeds voorzien zijn van een goede aardingspin. - Nooit de voedingskabel beschadigen door hem kort te plooien of er aan te trekken. - Controleer regelmatig de staat van de voedingskabel. In geval van beschadiging, stop onmiddellijk de machine, en verwijder de stekker uit het stopcontact. Vervang de beschadigde kabel. - In geval van een ongunstige spanningstoevoer, kan het toestel spanningsvariaties op het net veroorzaken. - Vermijd dat de borstels blijven draaien indien de machine stilstaat en dit om schade aan de vloer te voorkomen. - Gebruik deze machine nooit op vloeren die bedekt zijn met ontvlambare vloeistoffen of stof (bv. hydrocarbon, as of roet). - Gebruik steeds een blustoestel met poeder in geval van brand. Gebruik nooit water. - Werk met deze machine niet langs schappen en stellingen waar er gevaar bestaat voor vallende voorwerpen. - Pas steeds uw snelheid aan aan de werkomstandigheden. - Gebruik deze machine nooit op hellingen groter dan deze vermeld op het identificatieplaatje op de machine. - Deze machine moet steeds gelijktijdig wassen en opzuigen. Andere werkmethodes mogen alleen worden uitgevoerd indien de werkruimte afgesloten werd voor onbevoegde personen. - Duid de werkplekken met natte vloeren aan met aangepaste signalisatie. - Controleer de onderhoudsprocedure indien de machine niet naar behoren werkt,. Vraag eventueel assistentie van een bevoegd servicecenter. - Indien er wisselstukken nodig zijn, vraag dan steeds naar originele onderdelen bij uw verdeler. - Gebruik alleen originele borstels zoals beschreven in de paragraaf "AANBEVOLEN BORSTELS ". - Sluit voor elk onderhoud aan de machine steeds de stroom af. - Verwijder nooit beschermingen waar u gereedschap voor nodig heeft om die te verwijderen. - Maak deze machine nooit schoon met een directe waterstraal, een hogedrukreiniger of een corrosief product. - Laat uw machine elke 200 uur nazien door een erkend service-center. - Om bezinksel in de tank en verstoppingen van de filters te vermijden raden wij af de properwatertank meerdere uren voor het gebruik te vullen. - Controleer voor het gebruik van de machine, of alle panelen en afschermingen zich op de juiste plaats bevinden en dit zoals vermeld in deze handleiding. - Verzeker er u van dat de vuilwatertank leeg is alvorens die te verwijderen. - Herstel alle elektrische verbindingen na elk onderhoud. - Verbruiksmateriaal moet worden afgevoerd volgens de regels en normen van de streek waar u zich bevindt. - Wanneer u, na jaren van kostbaar werk, uw machine afvoert, zorg er dan voor dat dit gebeurd volgens de normen en regels van de streek waar u zich bevindt. Deze machine is kompleet samengesteld uit volledig recycleerbare materialen. SYMBOLOGIE Symbool met waterkraan. Duidt de hendel voor de watertoevoer aan. Duidt de verklikkerlamp van een open elektroventiel aan. Symbool met borstel. Duidt de borstelschakelaar aan. Symbool voor het afwerpen van de borstel Duidt de knop aan voor het automatisch afwerpen van de borstel. (alleen bij ruby50e). Symbool met zuigmotor. Duidt de schakelaar van de zuigmotor aan. Symbool voor de uurmeter. (optioneel) Symbool met de positie van de zuigmond. Duidt de bedieningshendel voor de zuigmond aan. Symbool bliksemflits. Duidt het verklikkerlicht aan, dat de machine onder spanning staat. Duidt de max. watertemperatuur aan. U vindt dit symbool in de buurt van de vulopening. Symbool voor de snelheidsregeling door de borstelhoekinstelling (optioneel voor ruby45e en ruby55e). Symbool voor de instelling van de instelling van de zuigmondhoek. Symbool met open boek. Duidt aan dat de gebruiker de handleiding moet lezen vooraleer met de machine te werken. Verwittigingssymbool. Lees bij dit symbool zorgvuldig de voorschriften en dit voor de veiligheid van de machine en gebruiker. 27
VOOR GEBRUIK BEHANDELING VAN DE VERPAKTE MACHINE De machine wordt geleverd met een verpakking voorzien voor heftruck-handeling. Het totale gewicht is 111 kg. Afmetingen van de verpakking: Basis: 1175 mm x 665 mm Hoogte: 1185 mm Plaats nooit meer dan 2 verpakkingen op elkaar. VERWIJDEREN VAN DE VERPAKKING 1. Verwijder de uitwendige verpakking. 2. Maak de schroeven los van de houders die de machine aan de pallet bevestigen (1+ 2). 3. Verplaats de machine achterwaarts, zoals aangeduid in de figuur, vermijd daarbij hard contact van de mechanische delen. 4. Houd de pallet bij voor eventueel later transport. INSTELLEN VAN DE ZUIGMONDHOOGTE De hoogte van de zuigmond moet worden ingesteld afhankelijk van de slijtage van de rubbers. Om een perfect droog resultaat te verkrijgen tijdens het werken, moet het achterste rubber (4) over zijn gehele lengte en gelijkmatig, lichtjes naar achter zijn gebogen (kant van de gebruiker). Door de twee schroefknoppen (5) in uurwijzerszin te verdraaien is het mogelijk om de druk op het achterste zuigrubber te verhogen. Door de twee schroefknoppen (3) in tegenwijzerszin te verdraaien is het mogelijk om de druk op het achterste zuigrubber te verlagen. Een etiket in de nabijheid van de beide instelschroeven (5) duiden de draairichting aan voor het verhogen of verlagen van de zuigmond. Nota: De wieltjes van de zuigmondhouder kunnen worden bijgeregeld met de schroefknoppen (5). Beide wieltjes moeten steeds op dezelfde hoogte geregeld worden zodat de zuigmond parallel staat met de vloer. INSTELLEN VAN DE HELLINGSHOEK VAN DE ZUIGMOND Indien nodig kan men, om de druk in het midden van de zuigmond te verhogen, de hellingshoek van die zuigmond veranderen (om het achterste rubber naar voor te doen hellen) draai de knop (6) in tegenwijzerszin. Om de hellingshoek te verkleinen draai de knop in wijzerszin. MONTEREN VAN DE SPATRUBBER De twee spatrubbers moeten op de basis van de borstelgroep worden gemonteerd. Druk de metalen strips onder de daarvoor voorziene flap van de spatrubbers. Plaats de openingen in de metalen strips over de schroef die zich vooraan de borstelgroep bevindt. Verzeker de strips door de moer op de schroef te draaien. Haak de veer, gemonteerd op het achterste gedeelte van de borstelgroep, in de nog vrije opening van de metalen strip. Doe dit voor de beide spatrubbers. Let er wel op een zo klein mogelijke opening te bewaren tussen de twee spatrubbers aan de voorkant van de borstelgroep. Met gemonteerde borstels moeten de spatrubbers net de vloer raken. MONTEREN VAN DE ZUIGMOND Schuif, met de zuigmondhouder neergelaten, de twee ophangbouten (1), die bovenop de zuigmond staan, in de daarvoor voorziene sloten op de houder. Blokkeer de zuigmond door de hevel op de zuigmond (2) in uurwijzerszin te verdraaien. Plaats de aanzuigslang (3) in zijn koppeling zoals aangeduid op de figuur. MONTEREN VAN DE BORSTELS Haal de stekker uit het stopcontact. 28
1. Door met de voet op het pedaal (10) te duwen, haalt u de borstelgroep naar boven. 2. Met de borstelgroep in hoogste positie kan men de borstels op hun plaats brengen door deze met hun 3 bevestigingspunten in hun zitting te brengen en met een energieke ruk in hun verende koppeling te draaien. De Figuur toont de draaizin voor de borstelkoppeling. Om een langere levensduur van uw borstels te verzekeren, raden wij aan de borstels dagelijks van positie te verwisselen. Indien de borstels vervormd zijn, raden wij aan ze niet meer van positie te veranderen, dit om de borstelmotor niet onnodig te overbelasten of om vibraties tijdens het werken te vermijden. gebruik van andere borstels kan de veiligheid in gevaar brengen. VUILWATERTANK Controleer of het deksel van de aanzuigfilter (1) correct bevestigd is, nadat de hendels (2) verdraaid zijn en nadat de aanzuigslang correct is aangesloten. Verzeker u ervan dat de zuigslang van de zuigmond correct is aangesloten in zijn zittingen (3 en 4) en dat de aflaatstop (5) van de aflaatslang op de voorkant van de machine is geplaatst en gesloten. PROPERWATERTANK De inhoud van de properwatertank is aangeduid bij de technische gegevens. Maak de schroefdop (1), op de linkerachterzijde van de machine los en vul deze tank met proper water en detergent met een max. temperatuur van 50 C. Gebruik de hoeveelheid detergent aanbevolen door de leverancier. Om overdreven schuimvorming tegen te gaan, wat schade aan de zuigmotor kan veroorzaken, raden wij aan een minimum aan detergent te gebruiken. Schroef de stop terug op de tank. 2. Haak de kabel in de houder (17) om beschadiging, door trekken, aan de stekker te voorkomen. 3. Steek de stekker in het stopcontact van het net en controleer of het verklikkerlicht (5) op het bedieningspaneel oplicht. 4. Voor de machines uitgerust met een sleutelcontact, (zie "OPTIES ), draai de sleutel (8) in uurwijzerszin om de machine te starten en in tegenwijzerszin om de machine te stoppen. 5. Druk op de schakelaar voor de borstelmotor (1). 6. Druk op de schakelaar voor de zuigmotor (2). 7. Schuif de hevel voor de watertoevoer (10) naar boven tot er een gelijkmatige verdeling van het detergentoplossing op de vloer is. Vermijd daarbij dat er te veel water vanonder de spatrubbers loopt. Houd er steeds rekening mee dat de correcte oplossing van water en detergent steeds afhankelijk is van het soort vloer, de vuiltegraad van de vloer en de snelheid van de machine. 8. Voor machines uitgerust met een electroventiel (ZIE OPTIES) zal de watertoevoer automatisch geactiveerd worden, eens de waterhendel geopend werd met de waterhendel (10) en de hendels voor een voorwaartse beweging (9). Bij het loslaten van deze hendels zal de watertoevoer automatisch stoppen. Bij het activeren van deze hevel zal het verklikkerlichtje (6) dat een open waterventiel aanduidt op het instrumentenbord, oplichten. Bij het loslaten van deze hendels zal de watertoevoer automatisch stoppen. 9. Het activeren van het borstelpedaal (12) laat de borstelgroep zakken. 10. Het activeren van de zuigmondhevel (11) laat de zuigmond zakken. 11. Het activeren van de hevels (9) zal de borstels doen draaien en de machine een lichte voorwaartse tractie geven. De zuigmond zuigt de vloer droog. 12. Controleer tijdens de eerste meters of de watertoevoer voldoet aan uw noden en dat de instelling van de zuigmond een perfect droog resultaat oplevert. Gebruik enkel borstels die bij de machine zijn bijgeleverd of borstels die worden aanbevolen in de paragraaf AANBEVOLEN BORSTELS. Het Gebruik steeds een laagschuimend detergent. Om schuimvorming te voorkomen kan men vooraleer het werk te beginnen een weinig schuimwerend product in de vuil watertank toevoegen. Gebruik nooit zuivere acide. REINIGEN VAN DE VLOER HET STARTEN VAN DE MACHINE Met de machine wordt een voedingskabel geleverd met aan de ene kant een stekker om in het stopcontact van het net te steken en aan de andere kant een kleinere stekker om in het stopcontact (16), onder het bedieningspaneel, van de machine te steken. 1. Steek de stekker in het stopcontact (16) van de machine. INSTELLING VAN DE BORSTELDRUK (OPTIONEEL) Door middel van de draaiknop (1), die zich aan de binnenzijde van het rechter voorwiel bevindt, is het mogelijk om de borsteldruk bij te regelen. Door de draaiknop in uurwijzerszin te draaien zal u de druk verhogen, door de draaiknop tegenwijzerszin te draaien verlaagt u de borsteldruk. Dit geeft u een nog beter resultaat op moeilijke en zeer vuile oppervlakken. 29
2. Schroef het filterdeksel (1) los. INSTELLING VAN DE BORSTELHELLINGSHOEK (OPTIONEEL RUBY45E, RUBY55E) Door middel van de draaiknop (1) die zich op de borstelbasisgroep bevindt, is het mogelijk de hellingshoek van de borstels te vergroten of te verkleinen en dus ook de snelheid aan te passen. Een klevertje op deze basis duidt deze regeling aan. LOW/FAST. OVERSTROOMBEVEILIGING VAN DE BORSTELS Deze machines zijn uitgerust met een overstroombeveiliging (7) die in geval van een overbelasting van de borstelmotor deze motor uitschakeld. Verwittig uw service-center bij het frequent uitvallen van deze beveiliging. Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen om de handen tegen gevaarlijke stoffen te beschermen. ATTENTION: Om de overstroombeveiling (7) van de borstelmotor te resetten zet men de borstelmotor af met schakelaar (1) en zet men de schakelaar na een paar seconden terug aan. OVERLOOP BEVEILIGING Om ernstige schade aan de zuigmotor te vermijden, is deze machine uitgerust met een vlottersysteem die de aanzuigopening afsluit op het ogenblik dat de vuilwatertank te vol is. Indien dit gebeurt is het nodig om de vuilwatertank te ledigen. 1. Maak de aflaatslang op de voorkant van de machine los. 2. Haal de aflaatstop uit de aflaatslang door de hevel ervan over te halen. Loos het vuile water in daarvoor voorziene aflopen volgens de normen en regels van de streek waar u zich bevindt. Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen om de handen tegen gevaarlijke stoffen te beschermen. AFLATTEN VAN DE PROPERWATETANK Om het resterende water uit de properwatertank af te voeren: 1. Breng de machine naar een zone voor het afvoeren van het water. SYSTEEM VOOR HET AFVOEREN VAN HET PROPERWATER (OPTIONEEL) Om het water uit de properwatertank te recupereren kan u gebruik maken van de aflaatkit properwater. Daarvoor gaar u als volgt te werk: 1. Maak de aflaatslang los. 2. Open het kraantje en laat het water in een bak lopen. 3. Sluit na het aflaten van het water het kraantje en plaats de aflaatslang terug in zijn houder. Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen om de handen tegen gevaarlijke stoffen te beschermen. VOORWAARTSE BEWEGING De tractie van deze machine wordt door de borstels bewerkstelligd en dit door hun schuine opstelling. STOP Bij het loslaten van de hevels voor de voorwaartse beweging, zullen de borstels stoppen met draaien en zal ook de machine stoppen. Haal steeds de zuigmond naar boven bij het achteruitrijden. HET STOPPEN VAN DE MACHINE NA DE REINIGINGSOPERATIE Vooraleer enig onderhoud aan de machine uit te voeren: 1. Sluit de hevel voor de watertoevoer (10) 2. Bij machines met een optioneel elektroventiel: bij het loslaten van de bedieningshendels (9) stopt de watertoevoer automatisch. Het verklikkerlampje voor een open elektroventiel (6) gaat uit. 3. Haal de borstelgroep naar boven door middel van het pedaal (12). 4. Haal de zuigmond naar boven door middel van de hevel (11). 5. Druk op de schakelaar voor de borstelmotor (1) om deze te stoppen. 6. Druk op de schakelaar voor de zuigmotor (2) om deze te stoppen. 7. Haal de stekker uit het stopcontact. 8. Breng de machine naar een zone voor de afvoer van het water. Deze machine is niet uitgerust met een handrem; vermijd om de machine op een hellend vlak te plaatsen. DAGELIJKS ONDERHOUD REINIGEN VAN DE VUILWATERTANK 1. Verwijder de aflaatslang die zich op de voorzijde van de machine bevindt. 2. Verwijder de aflaatstop door de hevel ervan over te halen en laat de tank leeglopen in daarvoor voorzien aflopen. 3. Verwijder het aanzuigdeksel (1) door eerst de blokkeerhevels (2) weg te draaien. 4. Verwijder de filter en de filterbescherming. 5. Spoel de tank uit met een waterstraal. 30
Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen om de handen tegen gevaarlijke stoffen te beschermen. REINIGEN VAN DE AANZUIGFILTER 1. Verwijder het aanzuigdeksel (1) door eerst de blokkeerhevels (2) weg te draaien. 2. Verwijder de filter en de filterbescherming. 3. Reinig alle onderdelen met een waterstraal en let speciaal op binnenkanten en filterbodem. 4. Ga steeds voorzichtig te werk bij elke schoonmaakbeurt. 5. Plaats alle delen terug op hun plaats. Het verwijderen van de borstels met een stekker nog in het stopcontact kan ernstige letsels aan de handen tot gevolg hebben. Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen, om contact met gevaarlijke stoffen te vermijden. REINIGEN VAN DE ZUIGMOND Het proper houden van de zuigmond garandeert steeds het beste resultaat. Bij het reinigen is het nodig om: 1. De aanzuigslang (3) te verwijderen. 2. De zuigmond van zijn houders (1) te verwijderen. 3. De inwendige zijde van de zuigmond zorgvuldig te reinigen en alle vuil in de aanzuigopening te verwijderen. 4. Voorzichtig de aanzuigrubbers schoon te maken. 5. Plaats alle delen terug op hun plaats. REINIGEN VAN DE AANZUIGSLANG Wekelijks of in geval van onvoldoende zuigkracht, is het noodzakelijk de aanzuigslang te controleren op verstoppingen. Het eventuele reinigen gebeurt als volgt: 1. Verwijder de aanzuigslang van de zuigmondkoppeling (1) en verwijder de verende slanghouder (2). Verwijder het andere uiteinde van de aanzuigslang uit de vuilwatertank. 2. Reinig de binnenkant van de aanzuigslang met een waterstraal vanaf de vuilwatertank zijde. 3. Om de aanzuigslang terug te monteren gaat men in omgekeerde volgorde te werk als hierboven beschreven. REINIGEN VAN DE BORSTELS Verwijder de borstels van de machine en reinig ze met een waterstraal (zie paragraaf VERWIJDEREN VAN DE BORSTELS ). VERWIJDEREN VAN DE BORSTELS (RUBY45E, RUBY55E) Controleer of de stekker uit het stopcontact is verwijdert. 1. Haal de borstelbasis naar boven door het pedaal (12) naar beneden te drukken. 2. Draai de borstel, met de borstelbasis in hoge positie, in zijn draairichting, totdat deze loskomt van de borstelhouderplaat, zoals aangeduid op de figuur. De figuur toont de draairichting van de borstels. WEKELIJKS ONDERHOUD VERVANGING VAN HET ACHTERSTE ZUIGRUBBER Controleer de slijtage van het rubber en draai het rubber om of vervang desnoods het rubber. Voor de vervanging van het rubber is het nodig om: 1. De aanzuigslang (3) te verwijderen van zijn koppeling. 2. De zuigmond te verwijderen van zijn houder door de hevels (2) in tegenwijzerszin te roteren en de ophangbouten (1) in hun sluitingen te schuiven. 3. De rubberhouder los te maken en het rubber te verwijderen. 4. Verdraai het rubber naar een nieuwe zijde of vervang het rubber. Om de zuigmond terug te monteren gaat men in de omgekeerde volgorde te werk als hierboven beschreven, de rubbers in hun geleiders (5) te steken en vast te zetten met de rubberhouders. HET REINIGEN VAN DE PROPERWATERTANK EN DE PROPERWATERFILTER 1. Breng de machine naar een geschikte plaats voor het leegmaken van de tank. 2. Schroef het properwaterdeksel los. 3. Schroef de aflaatstop los (2). 3a. Bij machines met een aflaatsysteem: volstaat het om de aflaatkraan open te zetten (zie: aflaat properwatertank). 4. Spoel de properwatertank schoon met een waterstraal. 5. Spoel de properwaterfilter, die zich onder de machine in de aflaatstop bevindt, schoon. 6. Monteer alle delen terug op hun plaats. Deze actie moet worden uitgevoerd met handschoenen, om contact met gevaarlijke stoffen te vermijden. 31
TWEE MAANDELIJKS ONDERHOUD VERVANGING VAN HET VOORSTE ZUIGRUBBER Controleer de staat van het rubber en vervang deze indien nodig. Om deze rubber te vervangen is het nodig om: 1. De aanzuigslang (3) te verwijderen. 2. De zuigmond te verwijderen van zijn houders (1). 3. De vleugelmoeren (4), gemonteerd op het voorste gedeelte van de zuigmond, los te schroeven. 4. De strip die het rubber vasthoudt te verwijderen. 5. Het rubber te vervangen. 6. Monteer alle delen terug in omgekeerde volgorde als hierboven beschreven. ZES MAANDELIJKS ONDERHOUD HET VERVANGEN VAN HET SPATRUBBER 1. Verwijder de veer aan het achterste gedeelte van de borstelbasisgroep uit zijn slot aan het uiteinde van de metalen bevestigingsstrip. 2. Maak de schroef los aan de voorzijde van de borstelbasisgroep en verwijder de metalen beverstigingsstrip. 3. Vervang de spatrubbers en volg de montage instructies in de paragraaf MONTAGE VAN DE SPATRUBBER. Met gemonteerde borstels moet de spatrubber lichtjes de vloer raken. Het controleren van elke andere machine onderdelen en werking mag alleen gebeuren door een erkend service center. PROBLEEMOPLOSSINGEN DE ZUIGMOTOR WERKT NIET 1. Verzeker u ervan dat het verklikkerlicht (5) die aanwezige spanning aanduid oplicht, controleer ook of dat de stekker in het stopcontact steekt. 2. Verzeker u ervan dat de schakelaar (2) aan staat. 3. Verzeker u ervan dat de sleutelschakelaar (optioneel) in de juiste positie staat (uurwijzerszin). Indien het probleem niet is opgelost, raadpleeg dan een erkend service center. LE MOTEUR DES BROSSES NE FONCTIONNE PAS 1. Verzeker u ervan dat het verklikkerlicht (5) die aanwezige spanning aanduid oplicht, controleer ook of dat de stekker in het stopcontact steekt. 2. Verzeker u ervan dat het sleutelcontact (8) (optioneel) in de juiste positie staat (uurwijzerszin). 3. Verzeker u ervan dat de schakelaar (1) aan staat. 4. Activeer de hendels (9) voor een voorwaartse beweging. 5. Controleer of de overstroombeveiligingsschakelaar (7) aan staat. Indien het probleem niet is opgelost, raadpleeg dan een erkend service center. Haal steeds de stekker uit het stopcontact wanneer de machine niet wordt gebruikt. ONVOLDOENDE WATERTOEVOER OP DE BORSTELS 1. Controleer of de hendel voor de watertoevoer (10) open staat. 2. Controleer het niveau van de vloeistof in de properwatertank. 3. Controleer of de properwaterfilter (1) zuiver is. 4. Indien de machine voorzien is van een elektroventiel, activeer dan de hendels voor de voorwaartse beweging (9). Indien het probleem niet is opgelost, raadpleeg dan een erkend service center. DE MACHINE REINIGT NIET NAAR BEHOREN 1. Het gebruik van versleten borstels. Controleer de staat van de borstels en vervang deze indien nodig (De borstels dienen te worden vervangen wanneer de lengte van de borstelharen minder dan 15mm bedraagt). Om de borstels te vervangen, raadpleeg paragraaf DEMONTEREN VAN DE BORSTELS MONTEREN VAN DE BORSTELS. 2. Gebruik alleen originele borstels. 3. Onvoldoende watertoevoer. Verhoog de watertoevoer door de kraan meer te openen. 4.controleer of de dosering van uw detergent zich binnen het aangeraden percentage bevind. Neem contact met een erkend service center voor technische assistentie of voor meer advies. ZUIMOND DROOGT NIET PERFECT 1. Controleer of de zuigrubbers zuiver zijn. 2. Controleer de hoogte en de hellingshoek van de zuigmond (Zie sectie ZUIGMOND in VOOR GEBRUIK ). 3. Controleer of de aanzuigslang correct en op de juiste plaats is aangesloten aan de vuilwatertank. 4. Maak de aanzuigfilter schoon. 5. Vervang de zuigrubbers wanneer deze versleten of verweerd zijn. 6. Controleer of de zuigmotor aan staat. 7. Controleer of de vuilwatertank leeg is. OVERVLOEDIGE SCHUIMPRODUCTIE Verzeker u ervan dat u een laagschuimend detergent gebruikt. Doe eventueel een kleine hoeveelheid schuimremmend product in de vuilwatertank. Houd er rekening mee dat er meer schuim wordt geproduceerd op een propere dan op een vuile vloer. Gebruik in het geval de vloer niet al te vuil is minder detergent. 32
ONDERHOUDS PROGRAMMA ACTIE JOURNALIERE HEBDOMADAIRE BIMESTRIEL SEMESTRIEL REINIGEN VAN DE VUIL WATERTANK REINIGEN VAN DE AANZUIGFILTER REINIGEN VAN DE PROPER WATERFILTER REINIGEN VAN DE BORSTELS VERWIJDEREN VAN DE BORSTELS REINIGEN VAN DE ZUIGMOND VERVANGEN VAN HET VOORSTE ZUIGRUBBER VERVANGING VAN HET ACHTERSTE ZUIGRUBBER VERVANGING VAN HET SPATRUBBER CONTROLE VAN DE ZUIGMONDAFREGELING REINIGEN VAN DE AANZUIGSLANG REINIGEN VAN DE PROPERWATERTANK CONTROLE VAN DE BORSTELMOTOR CONTROLE VAN DE ZUIGMOTOR CONTROLE VAN DE BORSTELBASISGROEP CONTROLE VAN DE SCHROEVEN AANGERADEN BORSTELS Borstels moeten gekozen worden, afhankelijk van het soort vloer en vuil. Het gebruikte materiaal en borstelhaardiameterer is wat de borstels verschillend maakt. MATERIAAL PPL (Polypropyleen) NYLON DIKTE VAN DE BORSTELHAREN PADHOUDER KARAKTERISTIEKEN Zeer slijtvast. Behoudt zijn eigenschappen in heet water tot 60 C. Zijn niet wateropslorpend. Goede slijtvastheid, zelfs in heet water van meer dan 60 C. Zijn wateropslorpend. Verliest zijn fysische eigenschappen na verloop van tijd. Dikkere borstelharen zijn stijver en moeten worden gebruikt op gladde oppervlakken of oppervlakken met kleine voegen. Op onregelmatige oppervlakken of oppervlakken met diepe voegen of oneffenheden, is het aanbevolen om zachtere borstels te gebruiken. Die borstels gaan makkelijker dieper tussen de voegen. Houd er rekening mee dat versleten borstels met korte haren, stijver worden en niet meer in de diepte kunnen reinigen. Dit gebeurt ook met dikkere borstelharen.deze kunnen bovendien trillingen veroorzaken Een padhouder is aanbevolen om vlakke oppervlakken schoon te maken. Een padhouder heeft ankerpunten die de schuurschijf vasthouden tijdens het werken. MACHINE CODE AANTAL OMSCHRIJVING GEBRUIK Ruby 45e 48901010 2 Borstel PPL 0,3 Ø 235 Oneffen oppervlakken met diepe voegen. 48901020 2 Borstel PPL 0,4 Ø 235 Normale oppervlakken. 48901030 2 Borstel PPL 0,5 Ø 235 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48901040 2 Borstel NYLON 0,5 Ø 235 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48901050 2 Borstel PPL 0,6 Ø 235 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48801010 2 Padhouder Ø 215 Voor pads van 9, voor reiniging van vlakke oppervlakken. Ruby 55e 48901110 2 Borstel PPL 0,3 Ø 285 Oneffen oppervlakken met diepe voegen. 48901120 2 Borstel PPL 0,4 Ø 285 Normale oppervlakken. 48901130 2 Borstel PPL 0,5 Ø 285 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48901140 2 Borstel NYLON 0,5 Ø 285 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48901150 2 Borstel PPL 0,6 Ø 285 Vlakke oppervlakken met kleine voegen en hardnekkig vuil. 48801020 2 Padhouder Ø 265 Voor pads van 11, voor reiniging van vlakke oppervlakken. 33