Wireless Utility Complete handleiding
1. Installatie van software/hardware Installeer de software voordat u de wireless adapter op het systeem aansluit! Plaats de CD-ROM in uw computer. Het Sitecom-installatieprogramma wordt vervolgens gestart. Klik op Installeren om de drivers te installeren. Voer de instructies uit in de wizard om de installatie te voltooien. Registreer uw product nadat de installatie is voltooid. Sluit na registratie de computer af. Steek de USB-adapter in een vrije USB-poort.
Start de computer. De computer zal automatisch de nieuwe hardware detecteren en installeren. Opmerking: Gebruikers van Windows 98 moeten mogelijk hun installatie-cd van Windows 98 gebruiken om de installatie te voltooien. Gebruikers van Windows 2000/XP kunnen optioneel de Gast-account inschakelen. Dit kan van pas komen als u de bestands- en printerdeling in Windows wilt gebruiken. Klik op Ja om de Gast-account in te schakelen. De installatie is nu voltooid.
2. Gebruik van de Sitecom Wireless Utility De Sitecom Wireless Utility kan worden gebruikt om alle bereikbare draadloze netwerken te bekijken en hiermee verbinding te maken. Als u verbinding maakt met een netwerk, wordt door de Wireless Utility hiervoor automatisch een profiel aangemaakt. Als de Utility voor de eerste keer wordt gestart, verschijnt het hoofdscherm. Klik op Site-overzicht om alle bereikbare draadloze netwerken te bekijken. Selecteer het gewenste netwerk en klik op Verbinden om een draadloze verbinding te maken. LET OP: Als uw netwerk versleuteld is, zal de Wireless Utility proberen te detecteren welk type beveiliging wordt gebruikt. U kunt dit, indien nodig, wijzigen. Klik op Volgende en voer uw encryptiesleutel in. (Dit is dezelfde sleutel als de sleutel die is ingesteld in uw modem/router of andere computer.)
3. Zelf profielen toevoegen De Wireless Utility maakt gebruik van profielen om verbinding te maken met uw netwerk(en). Er wordt automatisch een profiel aangemaakt als u verbinding met een netwerk maakt via een Site-overzicht, maar u kunt ook zelf een profiel aanmaken. Als uw netwerk verandert, is het ook mogelijk zelf uw profiel te wijzigen. Klik op Profielinstellingen om uw voorkeursnetwerken te bekijken. Als u een profiel wilt toevoegen, klikt u op Nieuw profiel. (Of kies Bewerken om uw profiel te bewerken) Voer een profielnaam in (u bent er vrij in welke naam u kiest) en klik op Volgende. Voer de juiste Netwerknaam in (dit moet dezelfde Netwerknaam of SSID zijn als die welke is ingesteld in uw modem/router of andere computer). Selecteer Netwerktype. Dit kan Access Point zijn als u een Access Point, router of draadloos modem gebruikt, of Ad-Hoc als u een peer-to-peer of computernaar-computer netwerk gebruikt.
Als u een Ad-Hoc-netwerk gebruikt, moet u ook op beide PC's hetzelfde Kanaal selecteren. Klik op Volgende. Voer uw computernaam en Werkgroep in. (De Werkgroep moet op alle computers in uw netwerk identiek zijn. De computernaam moet in uw netwerk uniek zijn.) Klik op Volgende. Kies of u al dan niet encryptie wilt gebruiken, en selecteer de betreffende authenticatie- en encryptiemodus. (Deze moet op alle draadloze apparaten in uw netwerk identiek zijn.) LET OP: Als u een draadloze router gebruikt, schakel dan eerst de routerencryptie in. Klik op Volgende.
Bij WEP-encryptie moet de Sleutellengte en Sleutelindeling worden ingesteld. (Dezelfde instellingen moeten worden gebruikt op alle draadloze PC s en/of uw router/modem.) In de tabel hieronder staan de beperkingen die gelden voor uw netwerksleutel. WEP 64 Alfanumeriek 5 karakters A-Z & 0-9 bit Hexadecimaal 10 karakters A-Z & 0-9 WEP Alfanumeriek 13 karakters A-Z & 0-9 128 bit Hexadecimaal 26 karakters A-Z & 0-9 WPA- PSK 8-63 karakters Klik op Volgende nadat u uw Netwerksleutel hebt ingevoerd. Voer uw IP-instellingen in. (Gewoonlijk moet DHCP inschakelen worden gekozen als u een router of draadloos modem gebruikt. Als u een Ad-Hoc-netwerk gebruikt, voer dan de juiste IP-instellingen in.) Klik op Next.
Klik opnieuw op Volgende, en op OK als u het bericht profiel opgeslagen ontvangt. Klik op Verbinden om verbinding te maken met uw voorkeursnetwerk.
4. Mappen delen De Wireless Utility biedt ook de optie om op uw computer mappen te delen. Als u een map deelt, krijgen andere computers in uw netwerk toegang tot de bestanden in deze map. Voer de stappen hieronder uit om op uw computer een map te delen. Druk op Gedeelde mappen. Klik op Nieuwe mapdeling om een mapdeling toe te voegen. Voer voor uw mapdeling een naam in (u bent er vrij in welke naam u kiest). Voer voor de gedeelde map het pad in (of klik op Bladeren om de map te selecteren in een lijst). Optioneel kunnen als commentaar een paar woorden worden ingevoerd. Selecteer het type Toegang. Selecteer Volledig als u wilt dat netwerkgebruikers bestanden kunnen toevoegen/bewerken/verwijderen, of selecteer Alleen lezen als u wilt dat netwerkgebruikers de bestanden in deze gedeelde map alleen mogen bekijken. Klik op Volgende. Als u een mapdeling wilt verwijderen, kunt u de gedeelde map selecteren en op Mapdeling verwijderen klikken. De optie Meer in de Wireless Utility toont extra informatie over de geselecteerde gedeelde map.