Chronische buikpijnklachten advies en informatie Waarom krijgt u deze folder? U krijgt deze folder ter aanvulling op het specialistisch spreekuur voor patiënten met chronische buikpijnklachten. Waarschijnlijk is er bij u sprake van het prikkelbare darmsyndroom. In deze folder vindt u daar meer informatie over en leest u wat de behandelmogelijkheden zijn. Meer informatie vindt u ook op onze website: www.jbz.nl/pds. Belangrijk voor uw volgende bezoek! Achterin de folder vindt u een vragenlijstje. Vult u dit alstublieft in en neem het mee naar uw eerstvolgende bezoek aan het spreekuur voor chronisch buikpijnklachten. De verpleegkundige bespreekt het ingevulde lijstje met u. 1. Wat is PDS? Prikkelbare darmsyndroom (PDS) wordt soms ook spastische darm of spastisch colon genoemd. De aandoening is niet levensbedreigend en geeft geen grotere kans op andere darmaandoeningen, zoals colitis ulcerosa of de ziekte van Crohn. Dat neemt niet weg dat PDS erg vervelend kan zijn. De klachten bij PDS verschillen per persoon en vaak van tijd tot tijd. Meest voorkomend zijn: (Krampende) buikpijn Verstopping Diarree Opgeblazen gevoel Zuurbranden Moeheid Psychische problemen Gevoel een brok in de keel te hebben Deze informatie voor patienten is met de grootste zorg samengesteld. Het betreft algemene informatie. Aan deze informatie kunnen geen rechten worden ontleend. Jeroen Bosch Ziekenhuis / www.jeroenboschziekenhuis.nl (INT-178, uitgave september 2017)
De oorzaak van PDS is nog niet precies bekend. Meerdere factoren tegelijkertijd kunnen een rol spelen. Er is altijd sprake van een gestoorde (spastische) beweging van de darm, waardoor verstopping of juist diarree kan ontstaan. Meestal is er ook sprake van een extra gevoelige darmwand. Daarnaast spelen onderstaande factoren mogelijk een rol. Deze factoren kunnen PDS uitlokken of verergeren: Abnormale verwerking van prikkels in het maag-darmkanaal en mogelijk ook in de hersenen. Hierdoor kunnen mensen met PDS eerder pijn in de darmen waarnemen dan andere mensen. Darminfectie (voedselvergiftiging). Verkeerde voeding. Meestal geeft een vezelarme of eenzijdige voeding verergering van klachten. Bij sommige mensen met PDS kunnen de klachten juist verergeren door het eten van vezels. Psychische factoren (zoals stress en overbelasting) kunnen bij veel mensen de PDS-klachten verergeren of zelfs uitlokken. Ook kan PDS psychische gevolgen hebben. Mensen kunnen zich bijvoorbeeld erg voor hun klachten schamen. Soms maken mensen zich veel zorgen om hun klachten. Een enkele keer worden mensen zo angstig dat ze allerlei activiteiten uit de weg gaan. Erfelijkheid en familiaire aanleg. Erfelijkheid wil zeggen dat u een aangeboren genetische aanleg heeft om PDS te krijgen. Dat wil niet zeggen dat u zeker PDS krijgt, alleen dat er een grotere kans is. Over de precieze rol van erfelijke factoren is nog niet veel bekend. Verstoorde werking van de bekkenbodem kan leiden tot ongewild verlies van urine en/of ontlasting; niet te onderdrukken aandrang om te plassen en/of te ontlasten; moeizaam kwijt kunnen van ontlasting of pijn in de onderbuik, rond de anus of de geslachtsdelen. 2. Hoe stellen we de diagnose? Voordat de diagnose gesteld kan worden, moet de buikpijn of een onaangenaam gevoel in de buik drie maanden actief aanwezig zijn, met één of meer van de volgende klachten: een opgeblazen gevoel; een wisselend ontlastingpatroon (diarree, verstopping of beide); een abnormale vorm van ontlasting (zacht, waterig of hard); wijziging in de manier van ontlasten (persen, loze aandrang, het gevoel dat er iets achterblijft); slijm zonder bloed; winderigheid en/of drukpijn van de buik. Andere ziekten moeten op basis van uw verhaal, lichamelijk onderzoek en eventueel aanvullende onderzoeken, zijn uitgesloten of onwaarschijnlijk zijn. 3. Waaruit bestaat de behandeling? PDS kan spontaan verbeteren of zelfs verdwijnen, maar er is geen medicijn dat PDS in één keer kan oplossen. Wel kunnen de klachten worden aangepakt, zodat u er zo min mogelijk last van heeft. De basis is een goede zelfzorg. Die bestaat uit gezond eten, het (verantwoord) achterwege laten van bepaalde voedingsmiddelen, voldoende beweging en voldoende ontspanning. Hieronder beschrijven we verschillende behandelmogelijkheden. U zult zelf moeten leren wat voor u de beste aanpak is. Er is geen standaardbehandeling die bij iedereen werkt. U ben dus zelf de beste behandelaar. Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 2 van 8
4. Voedingsadviezen Bij voeding is het een kwestie van uitproberen: uitzoeken welke adviezen voor u werken en welke niet. Heeft u moeite om een goed dieet te vinden dat enerzijds gezond is en anderzijds uw klachten in de hand houdt? Vraag dan hulp aan een diëtist, liefst een die goed op de hoogte is van PDS en hier ervaring mee heeft. U kunt hierover advies vragen bij de PDS Infolijn (088-737 46 36) of op de website van de PDS belangenvereniging (www.pdsb.nl), maar ook zelf bij een diëtist informeren. 4.1 Gezonde voeding Welk dieet u ook volgt, het is van belang dat u de adviezen voor een gezonde voeding zoveel mogelijk volgt: Eet zo afwisselend mogelijk. Op deze manier krijgt u voldoende van alle benodigde voedingsstoffen binnen. Eet zo min mogelijk verzadigd vet (in dierlijke producten zoals: vet vlees, spek, roomboter en volle melk) en vervang dit vaker door onverzadigd vet (in plantaardige olie en vis). Verzadigd vet wordt hard in de koelkast; onverzadigd vet blijft zacht of is vloeibaar. Eet dagelijks minimaal 250 gram groente en twee stuks fruit. Drink voldoende vocht, dagelijks minimaal twee liter. Wees zuinig met zout. De benodigde hoeveelheid zit al van nature in voedingsmiddelen. Zout toevoegen aan eten is dus niet nodig. Wees matig met alcohol: maximaal één glas per dag. Eet regelmatig. Daarmee geeft u uw hongergevoel minder ruimte en krijgt u minder de neiging om te snacken. Dat betekent dat u verdeeld over de dag drie hoofdmaaltijden eet: ontbijt, lunch en avondeten. Maar vier, vijf of zes keer per dag een kleinere maaltijd kan in principe ook. Sla geen ontbijt over. Ontbijt zorgt ervoor dat de spijsvertering op gang komt. Houd uw lichaamsgewicht op peil. Ga zorgvuldig en hygiënisch met eten om. Was uw handen voor het eten koken en voor u aan tafel gaat. Was groente en fruit goed en verhit vlees en vis door en door. Lees wat er op de verpakking staat. Hierop vindt u nuttige informatie, onder andere over voedingswaarde en houdbaarheid. Eet geen voedingsmiddelen waarvan de houdbaarheidsdatum is verstreken. Eet veel vezels. Volkorenbrood, groente, fruit, aardappelen, zilvervliesrijst, volkorenpasta en peulvruchten zijn vezelrijk. Bij sommige mensen met PDS kunnen de klachten juist verergeren door het eten van vezels. 4.2 Waarom is het belangrijk om vezels te eten? Vezels zijn de onverteerbare delen van een plant. We onderscheiden oplosbare en niet-oplosbare vezels. Belangrijk is dat u genoeg van beide soorten vezels binnenkrijgt. Probeer elke dag 30-40 gram vezels te eten. Oplosbare vezels lossen op in water. In de darmen vormen ze een gel-achtige brij. De meeste oplosbare vezels worden door darmbacteriën omgezet in bepaalde vetzuren. Deze vetzuren hebben een gunstig effect op de binnenwand van de darm en beschermen tegen schadelijke bacteriën. De oplosbare vezels zitten vooral in groenten, fruit en peulvruchten. Niet-oplosbare vezels zitten vooral in granen zoals bruinbrood, zemelen, volkorenpasta s en havermout. De niet-oplosbare vezels zorgen ervoor dat u sneller vol zit tijdens het eten. Deze vezels worden niet verteerd in de dikke darm en zijn onveranderd in de ontlasting terug te vinden. De vezels nemen veel vocht op; ze werken als een Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 3 van 8
soort spons. De ontlasting wordt hierdoor zachter en kan sneller in de richting van de endeldarm worden afgevoerd. Door deze vezels krijgt u ook meer ontlasting. 4.3 Een eliminatiedieet Ongeveer 70% van de patiënten met PDS heeft het gevoel dat voedsel de klachten kan veroorzaken of verergeren. Voor deze patiënten kan het nuttig zijn om te onderzoeken welke stoffen of voeding hiervoor verantwoordelijk zijn. Vaak weet een PDS-patiënt zelf heel goed welke voeding (vlees, vet, kaas, vruchten, groentes, kool, ui, melk) bij de klachten een rol speelt. Met die informatie kan een gespecialiseerd diëtist u goede adviezen geven, zodat geen tekorten ontstaan. Het kan ook zijn dat u denkt dat voeding een rol speelt, maar er zelf niet achter komt welk specifiek voedsel het is. In dat geval laat een diëtist stapje voor stapje voedingsstoffen uit het dieet weg. Dat heet dan een eliminatiedieet. Voor sommige mensen spelen koolhydraten een belangrijke rol; voor anderen kan dat vlees, vis of melk zijn. 4.4 FODMAP-beperkt dieet Sommige mensen met PDS ervaren een afname van hun klachten door het volgen van het FODMAP-beperkte dieet. FODMAP is een verzamelnaam voor Fermenteerbare Oligosachariden, Disachariden, Monosacchariden en Polyolen. Dit zijn soorten koolhydraten die slecht zijn of niet opgenomen worden in de dunne darm. In de dikke darm worden deze koolhydraten vervolgens afgebroken door de dikke darmbacteriën. Hierbij komen gassen vrij die de dikke darm kunnen prikkelen, wat klachten kan veroorzaken zoals diarree, een opgeblazen gevoel en buikpijn. Het FODMAP-beperkte dieet bestaat uit een zogenaamde eliminatiefase waarin u producten met FODMAP uit het menu gaat schrappen. Daarna volgt de herintroductiefase, waarin u geleidelijk weer FODMAP s gaat toevoegen. Een diëtist adviseert hoe u voedingsmiddelen weer geleidelijk toevoegt. Zo kunt u nagaan welke groep binnen de FODMAP s bij u de klachten veroorzaakt. Alleen die producten kunt u voortaan beter vermijden. Het FODMAP-beperkte dieet is een intensief dieet om te volgen. Begeleiding van een diëtist met kennis van het dieet is hierbij heel belangrijk. Uitgebreide informatie over dit dieet is te vinden op www.fodmapdieet.nl 5. Lichaamsbeweging en ontspanning 5.1 Beweging Beweging heeft een positief effect op uw algehele conditie, zowel lichamelijk als psychisch. Beweging heeft ook een positieve invloed op de werking van de darmen. Het is beter regelmatig iets aan beweging te doen dan bijvoorbeeld één maal per week intensief te sporten. Probeer minimaal 30 minuten per dag actief in beweging te zijn. Alle beetjes helpen. Denk bijvoorbeeld aan fietsen, wandelen, in de tuin werken, zwemmen, huishoudelijk werk doen of de trap nemen in plaats van de lift. Bewegen is ook prima tegen stress. Dit is gunstig. Spanning, stress en nervositeit hebben namelijk meestal een nadelige invloed op uw darmen. Dat verschilt per persoon. Het is daarom handig om te leren wat stress is, welke oorzaken er (in uw leven) zijn, welk effect stress heeft op uw klachten en hoe u stress in de hand kunt houden. Behalve geregeld bewegen zijn er andere manieren om stress te verminderen. Veel mensen leren ontspanningsoefeningen, waarmee ze bewust kunnen ontspannen op momenten dat zij dat willen. Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 4 van 8
5.2 Hypnotherapie In sommige gevallen kan hypnotherapie klachten bij PDS verminderen. Hypnose of trance is een vorm van sterk geconcentreerde aandacht, terwijl u diep ontspannen bent. Bijvoorbeeld wanneer u dagdroomt of helemaal opgaat in een boek of film. Deze alledaagse vorm van trance kent iedereen. In hypnose richt u de aandacht naar binnen, terwijl u tegelijkertijd kunt volgen wat er in uw omgeving gebeurt. Hypnotherapie is van oudsher een medisch vak. Zo wordt hypnose onder andere ingezet bij pijnbestrijding en lichamelijke gevolgen van stress. In de huidige vorm bestaat hypnotherapie uit gesprekken met een therapeut waarbij u gebruik leert maken van hypnose. Meer informatie hierover kunt u vinden op: www.pds-therapeuten.nl 6. Behandeling met medicijnen Soms kan de arts medicijnen voorschrijven om de klachten te verminderen. Deze medicijnen zijn gericht op een verbetering van het ontlastingspatroon en soms ook op pijnbestrijding of op een combinatie hiervan. 6.1 Medicijnen tegen verstopping Bulkvormers zijn middelen die dezelfde eigenschappen hebben als oplosbare voedingsvezels. Bulkvormers kunt u oplossen in water, yoghurt of sap. Ze zorgen voor een soepele ontlasting en een goede darmwerking. Het is belangrijk dat u bij bulkvormers extra veel drinkt, omdat ze anders averechts werken. Voorbeelden van bulkvormers zijn Metamucil of Volcolon. Bulkvormers bevatten vaak psylliumzaad/psylliumvezels en zemelen. U kunt ze zonder problemen langdurig gebruiken, omdat ze de darm niet prikkelen. Deze middelen geven dus ook geen luie darm. Bij een luie darm trekt de dikke darm minder vaak samen dan normaal. Vochtbinders zijn middelen die vocht vasthouden in de darm, waardoor de ontlasting zachter wordt. Voorbeelden zijn anorganische zouten (magnesiumoxide en magnesiumsulfaat) en macrogol (o.a. Movicolon, Transipeg, Forlax, Molaxole ). Ook deze middelen geven geen luie darm. Contactlaxantia zijn middelen die de darmbeweging activeren door een chemische prikkeling van de darmwand. Hierdoor hebben ze een sterk laxerend effect. Voorbeeld zijn Bisacodyl en natriumpicosulfaat. Deze middelen zijn in het algemeen niet geschikt voor langdurig gebruik, omdat er aanwijzingen zijn dat dit het slijmvlies in de darmwand kan beschadigen. Tevens verliezen deze middelen na verloop van tijd hun effect, waarbij andere laxeermiddelen meestal ook minder goed gaan werken. Deze middelen kunnen dus ook een zogenaamde luie darm veroorzaken. Overleg altijd met uw huisarts als u tijdelijk contactlaxantia gebruikt. De arts kan deze middelen tijdelijk voorschrijven als verstopping bij PDS op de voorgrond staat. Wees voorzichtig met natuurlijke middelen op basis van sennapeulen die u bij de drogist, apotheek of reformzaak kunt kopen. Gebruik ze vooral niet te vaak en niet te lang achter elkaar. Hiervoor geldt namelijk hetzelfde als voor contactlaxantia. Overleg bij voorkeur met uw arts. 6.2 Medicijnen tegen diarree Heeft u vaak last van diarree dan kan de arts een diarreeremmer voorschrijven, bijvoorbeeld loperamide (onder andere Imodium en Diacure ). De diarreeremmer zorgt ervoor dat de ontlasting wat vaster wordt. Gebruik diarreeremmers niet dagelijks tenzij de arts het voorschrijft. Ook bovengenoemde bulkvormers (zie 6.1) kunnen helpen bij diarree. Wanneer ze worden ingenomen met relatief weinig water, zorgen ze ervoor dat de ontlasting wat vaster wordt. Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 5 van 8
6.3 Medicijnen tegen buikpijn en buikkrampen U kunt zelf paracetamol innemen tegen de pijn. Gebruik nooit meer dan 4x1000mg per dag (meestal 4 x 2 tabletten). De huisarts kan eventueel een sterkere pijnstiller voorschrijven. Middelen zoals ibuprofen (onder andere Advil ), diclofenac (onder andere Voltaren ) en aspirine zijn niet aan te raden, omdat deze als bijwerking maagen darmklachten kunnen geven. Probeer dit soort middelen altijd pas na overleg met een arts. Bij darmkrampen kan de huisarts een medicijn voorschrijven dat de krampen bestrijdt, bijvoorbeeld mebeverine (onder andere Duspatal ). Dit middel verbetert de bewegingen van de darm en kan darmkrampen verminderen. Lage doseringen van antidepressiva kunnen een gunstige werking hebben op sommige klachten bij PDS. Bepaalde antidepressiva verminderen namelijk de gevoeligheid van de darm voor pijnprikkels. Deze medicijnen worden alleen voorgeschreven bij hevige klachten of als andere behandelingen geen effect hebben. 7. Overige behandelingen 7.1 Pepermuntoliecapsules Sommige mensen hebben baat bij pepermuntoliecapsules, omdat die de spierspanning van glad spierweefsel in de darmen verminderen. Bovendien heeft menthol een antibacteriële werking, wat mogelijk ook verlichting geeft. 7.2 Probiotica Probiotica zijn producten die grote hoeveelheden nuttige melkzuurbacteriën bevatten. Deze kunnen een gunstige invloed hebben op darmklachten. Sommige mensen met PDS geven aan dat hun klachten verminderen na het gebruik van probiotica. Er is echter meer onderzoek nodig naar de gunstige effecten van probiotica op darmklachten. Probiotica zijn te koop in de vorm van zuivelproducten in de supermarkt, in poedervorm en in de vorm van capsules bij de apotheek of drogist. 7.3 Bekkenfysiotherapie Bekkenfysiotherapie richt zich op klachten in het gehele gebied van buik, bekken, lage rug en bekkenbodem. Vaak hebben deze klachten te maken met een verstoring in dit gebied. Als de bekkenbodemspieren niet goed functioneren, kunnen er problemen ontstaan bij het plassen, met de ontlasting of met vrijen. Een speciaal opgeleide bekkenfysiotherapeut kan door diverse technieken, zoals bewustzijnsoefeningen en spieroefeningen, de functie van de bekkenbodemspieren en de samenhang met de daarboven liggende organen verbeteren. 8. Heeft u nog vragen? Voor meer informatie kunt u kijken op onze website www.jbz.nl/pds of op een van de onderstaande websites. Bij de Maag Lever Darm Stichting kunt u aanvullende informatie krijgen. Infolijn: 0900-20 25 625, website www.mlds.nl Het Voedingscentrum geeft informatie over gezonde voeding. Zie www.voedingscentrum.nl De PDS-belangenvereniging (PDSB). Infolijn: (088) 737 46 36, website: www.pdsb.nl Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 6 van 8
Vragenlijst - voor het tweede bezoek aan het spreekuur voor chronische buikpijnklachten. Beantwoord alstublieft de onderstaande vragen en neem de ingevulde lijst mee naar het spreekuur. De verpleegkundige neemt de lijst met u door. 1. Zou u uw klachten willen aanpakken door uw voeding aan te passen? O Ja O Nee O Misschien Zo ja, welke aanpak spreekt u aan? (meerdere antwoorden mogelijk) O Volgen van de richtlijnen gezonde voeding (zie paragraaf 4.1 en 4.2) O Volgen eliminatiedieet (zie paragraaf 4.3) O Volgen FODMAP-beperkt dieet (zie paragraaf 4.4) Noteert u hier uw eventuele vragen: 2. Zou u uw klachten willen aanpakken door lichaamsbeweging en ontspanning? O Ja O Nee O Misschien Zo ja, welke aanpak spreekt u aan? O Dagelijks minimaal dertig minuten bewegen (zie paragraaf 5.1) O Hypnotherapie (zie paragraaf 5.2) Noteert u hier uw eventuele vragen: 3. Wilt u meer weten over de aanpak van klachten met behulp van medicijnen? O Ja O Nee O Misschien Zo ja, in welke medicijnen bent u geïnteresseerd? (meerdere antwoorden mogelijk) O Medicijnen tegen verstopping (zie paragraaf 6.3): O Bulkvormers O Vochtbinders O Contactlaxantia O Diarreeremmers (zie paragraaf 6.3) O Pijnstillers (paracetamol) tegen buikpijn (zie paragraaf 6.3) O Medicijnen tegen buikkrampen (zie paragraaf 6.3) O Antidepressiva om de gevoeligheid van de darm voor pijnprikkels te verminderen (zie paragraaf 6.3) Noteert u hier uw eventuele vragen: Zie achterzijde Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 7 van 8
4. Zou u uw klachten willen aanpakken met behulp van: Pepermuntoliecapsules (zie paragraaf 7.1)? ja / nee / misschien Probiotica (zie paragraaf 7.2)? ja / nee / misschien Bekkenfysiotherapie (zie paragraaf 7.3)? ja / nee / misschien Noteert u hier uw eventuele vragen: 5. Heeft u nog algemene vragen over het prikkelbare darmsyndroom? Patientenvoorlichting jeroen bosch ziekenhuis 8 van 8