3 331 Ruimtetemperatuurregelaar met 2 uitgangen DC 0...10 V RLA162 Ruimtetemperatuurregelaar voor eenvoudige ventilatie-, luchtbehandelings- en verwarmingsinstallaties. Compacte constructie. Twee analoge besturingsuitgangen DC 0 10 V voor verwarmen en/of koelen. Toepassing Installaties: Kleine ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties Kleine verwarmingsinstallaties Verwarmingszones van grotere ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties Ventilatiezones in ventilatie- en luchtbehandelingsinstallaties met centrale luchtbehandeling ebouwen: Kleinere woongebouwen Alle soorten niet voor bewoning bestemde gebouwen Ruimten: Utiliteitsgebouwen met geschikte referentieruimte Afzonderlijke ruimten (b.v. vergaderlokalen, scholingsruimten) Besturing: Servomotoren voor verwarmingsafsluiters Servomotoren voor koelafsluiters Servomotoren voor luchtkleppen Triacregelaars voor elektrische luchtverwarmers CE1N3331nl 18.07.2002 Siemens Building Technologies HVAC Products
Functies Hoofdfunctie Verdere functies Regeling van de ruimtetemperatuur door modulerend besturen van het water- en/of luchtzijdige corrigerende orgaan met de werkrichting van de besturingssignalen naar keuze voor verwarmen of koelen of verwarmen en koelen Buitentemperatuurcompensatie Minimum begrenzing van de inblaasluchttemperatuur Omschakeling gewenste waarde door extern contact Testbedrijf als ondersteuning bij de inbedrijfstelling Bestelling Voor de bestelling moet de typeaanduiding RLA162 worden opgegeven. Apparatencombinaties Servomotoren en besturingsapparaten moeten voldoen aan de volgende gegevens: Besturingsingang: modulerend, DC 0...10 V Bedrijfsspanning: AC 2 V Voor aanvullende functies zijn de volgende apparaten toepasbaar: Apparaat Typeaand. Apparatenblad Temperatuurregelaar luchtkanaal (als min. begrenzer) RLM162 CE1N3332 Buitentemp.opnemer (voor buitentemp.compensatie) QAC22 CE1811 Techniek Temperatuurregeling Instellingen Regeling Ingesteld moeten worden: ewenste waarde ruimtetemperatuur: deze wordt met de draaiknop ingesteld en is toegankelijk voor de eindgebruiker Werkrichting: de twee besturingsuitgangen en kunnen als volgt werken: alleen verwarmen: de besturingsuitgang blijft ongebruikt verwarmen + verwarmen: de beide besturingsuitgangen hebben dezelfde werkrichting en werken in volgorde alleen koelen: de besturingsuitgang blijft ongebruikt verwarmen en koelen: de besturingsuitgangen hebben een tegengestelde werkrichting; de dode zone bedraagt vast 1,5 K Regelgedrag: P of PI. Bij PI-gedrag bedraagt de integratietijd vast 600 s P-band: De P-band van de besturingsuitgang is instelbaar Voor geldt: met werkrichting verwarmen is de P-band voor even groot als voor met werkrichting koelen is de P-band van half zo groot als voor Bij een afwijking in de ruimte vormt de regelaar een besturingssignaal in het bereik DC 0 10 V, dat proportioneel is met de afwijking (P-regeling) c.q. de verwarmings- of koelbelasting (PI-regeling). Een verandering van het besturingssignaal van DC 0 10 V veroorzaakt een verandering van de klepstand van 0 100 %; de klepstand is proportioneel met het stuursignaal. 2/7
Y Y Y 10 V 10 V 10 V 3331D01 0 0 0 Xp1 Xp1 Xp1 Xp Xdz ½Xp Q Q Q verwarmen of koelen verwarmen + verwarmen verwarmen en koelen in volgorde Q Verw.- of koelbelasting c.q. afwijking, Besturingssignaal Xp P-band Verwarmen Xdz Dode zone Koelen Buitentemperatuurcompensatie Door het aansluiten van een buitentemperatuuropnemer wordt de actuele gewenste waarde, afhankelijk van de buitentemperatuur, verschoven. Naar keuze zijn er twee bereiken: LOW en HIH; binnen het gekozen bereik vindt de compensatie plaats volgens vaste waarden. Afhankelijk van de werkrichting werkt de compensatie als volgt: Wintercompensatie (werkrichting verwarmen): Als de buitentemperatuur daalt van 5 C naar 0 C, dan wordt de gewenste waarde modulerend met 2 K (LOW) c.q.. K (HIH) verhoogd. Beneden een buitentemperatuur van 0 C blijft hij constant op dit niveau. Zomercompensatie (werkrichting koelen): Als de buitentemperatuur stijgt van 23 C naar 35 C, wordt de gewenste waarde modulerend met 5 K (LOW) c.q.. 10 K (HIH) verhoogd. Boven een buitentemperatuur van 35 C blijft hij constant op dit niveau. w + K HIH w + 10 K HIH 3331D01 + 2 K LOW + 5 K LOW 0 5 23 35 T A T A Wintercompensatie T A w Buitentemperatuur Actuele gewenste waarde Nominale gewenste waarde Zomercompensatie Minimum begrenzing van de inblaasluchttemperatuur Omschakeling gewenste waarde Testbedrijf De minimum begrenzing van de inblaasluchttemperatuur vindt plaats door de aansluiting van een luchtkanaal-temperatuurregelaar RLM162. Het DC 0 10 V besturingssignaal ervan wordt toegevoerd op klem Z9 van de ruimtetemperatuurregelaar RLA162. Bij een groot aanbod van vreemde warmte in de referentieruimte voorkomt de minimale begrenzing, dat de inblaasluchttemperatuur te sterk daalt. De gewenste waarde wordt door het sluiten van een extern potentiaalvrij contact omgeschakeld. Het omschakelen dient voor de besparing van energie. Werkrichting verwarmen: de gewenste waarde wordt gereduceerd; voorbeelden zijn: nachtverlaging; omschakeling door een schakelklok verlaging tijdens buiten gebruik; omschakeling door aanwezigheidsmelder Werkrichting koelen: de gewenste waarde wordt verhoogd. De op de gewenste waarde betrokken verlaging c.q. verhoging moet worden ingesteld; de instelling is niet toegankelijk voor de eindgebruiker. De regeling is uitgeschakeld; de instelknop voor de gewenste waarde werkt als standgever. Hiermee kan het corrigerend orgaan (c.q. beide corrigerende organen) in iedere willekeurige stand worden gebracht; het instelbereik van de gewenste waarde wordt het instelbereik. Een lichtdiode geeft het testbedrijf aan. 3/7
Uitvoering Het apparaat bestaat uit een montageplaat en een kunststofhuis. Aan de voorkant bevindt zich de draaiknop voor de instelling van de gewenste waarde. De montageplaat bevat de schroefklemaansluitingen; deze is geconstrueerd voor directe wandmontage, evenals voor montage op inbouwdozen. Aan de achterkant van het kunststofhuis bevinden zich de regelelektronica, alle interne bedieningselementen en de interne ruimtetemperatuuropnemer. De interne bedieningselementen zijn: 3331P03 3331P0 1 2 3 1 Instelpotentiometer voor de verlaging c.q. verhoging van de gewenste waarde 2 Instelpotentiometer voor de P-band 3 DIP-Switch-Blok Functie 1 2 3 5 Werking Bedrijfswijze Regelgedrag Testbedrijf Aanwijzingen voor de projectering Aanwijzingen voor de montage Instelknop voor de gewenste waarde Alle functie-instellingen worden via het DIP-Switch-Blok met vijf schuifschakelaars uitgevoerd: Buitentemperatuurcompensatie verwarmen en koelen in volgorde verwarmen + verwarmen alleen koelen alleen verwarmen PI P testbedrijf normaal bedrijf HIH LOW Als de bedrijfsspanning voor de regelaar wegvalt, wordt het corrigerend orgaan automatisch gesloten c.q. in de nulstand gebracht (sommige servomotoren moeten dan nog wel bedrijfsspanning hebben). Aan het apparaat is een handleiding voor montage en installatie toegevoegd. De regelaar moet op een vlakke wand worden gemonteerd. De aansluitdraden kunnen vanuit een inbouwdoos worden toegevoerd. De plaatselijke voorschriften moeten in acht worden genomen. Een geschikte montageplaats is de binnenwand van de te verwarmen en/of te koelen ruimte. Niet in nissen of tussen planken, niet achter gordijnen of dicht bij warmtebronnen en niet blootgesteld aan de zon. Montagehoogte: ca. 1,5 m boven de vloer. Voor de montage van het apparaat wordt eerst de montageplaat bevestigd. Na het aansluiten wordt het huis aan de montageplaat gehangen en dicht geklikt. /7
Aanwijzingen voor de inbedrijfstelling Voor de controle van de besturingsbedrading kan het apparaat in testbedrijf worden geschakeld. Vervolgens kan de reactie van het corrigerend orgaan worden gecontroleerd. Bij instabiliteit van de regeling moet de P-band hoger worden ingesteld; bij te langzame reactie moet deze worden verlaagd. Als in de referentieruimte thermostatische radiatorafsluiters aanwezig zijn, moeten deze op maximale doorstroming worden ingesteld en vastgezet. Technische gegevens Voeding Bedrijfsspanning AC 2 V ±20 % Frequentie 50 / 60 Hz Opgenomen vermogen max. 2 VA Functiegegevens Instelbereik gewenste waarde 8...30 C Instelbereik omschakeling gewenste waarde 0...10 K P-band 1 50 K Integratietijd bij PI-regeling 600 s Dode zone bij verwarmen-koelen in volgorde 1,5 K Besturingsuitgangen, spanning stroom Max. leidinglengte bij Cu-kabel 1,5 mm 2 voor signaalingang voor schakelingang D1 Scannen contact (ingang D1 M) DC 0 10 V, modulerend 1 ma max. 80 m 80 m DC 6...15 V, 3...6 ma Omgevingsvoorwaarden Bedrijf klimatologische voorwaarden temperatuur vochtigheid Transport klimatologische voorwaarden temperatuur vochtigheid Mechanische voorwaarden vlg. IEC 721-3-3, klasse 3K5 0...+50 C <95 % r.v. vlg. IEC 721-3-2, klasse 2K3 25...+70 C <95 % r.v. klasse 2M2 Normen en standaards conformiteit volgens EMC-richtlijn laagspanningsrichtlijn Productnormen Autom. elektr. regel- en besturingsapparaten voor huishoudelijk gebruik en soortgelijke toepassingen Elektromagnetische compatibiliteit emissie immuniteit 89/336/EW 73/23/EW en 93/68/EW EN 60730-1 en EN 60730-2-9 EN 50081-1 EN 50082-1 Beschermingsgraad IP30 EN 60529 Beveiligingsklasse II vlg. EN 60730 Vervuilingsgraad normaal Algemeen Aansluitklemmen voor draad of voorbereide vlechtdraad Massa (ewicht) 2 x 1,5 mm 2 of 1 x 2,5 mm 2 0,25 kg 5/7
Aansluitklemmen 0 M Z9 D1 M 333101 D1 0 M Z9 Buitentemperatuuropnemer Ingang voor omschakeling gewenste waarde Bedrijfsspanning AC 2 V, systeempotentiaal SP Bedrijfsspanning AC 2 V, systeemnul SN Massa Besturingsuitgang DC 0...10 V Besturingsuitgang DC 0...10 V Begrenzingsingang DC 0...10 V Aansluitschema's SP B M K1 AC 2 V M Z9 D1 M 0 SN 0 Y R M U 3331A01 Ruimtetemperatuurregeling met buitentemperatuurcompensatie en omschakeling gewenste waarde SP B M 0 AC 2 V M Z9 D1 M 0 SN 0 Y R M U 0 Y R M U Ruimtetemperatuurregeling met verwarmen en koelen, evenals buitentemperatuurcompensatie en minimum begrenzing van de inblaasluchttemperatuur K1 Buitentemperatuuropnemer QAC22 Extern contact (b.v. een schakelklok) Ruimtetemperatuurregelaar RLA162 Temperatuurregelaar luchtkanaal RLM162 (als begrenzer) Servomotor verwarmingsafsluiter Servomotor koelafsluiter 3331A02 6/7
Toepassingsvoorbeelden T 3331S01 Ruimtetemperatuurregeling door besturing van de verwarmingsafsluiter, met buitentemperatuurcompensatie T T 3331S02 Ruimtetemperatuurregeling door besturing van de verwarmings- en de koelafsluiter, met buitentemperatuurcompensatie en begrenzing van de inblaasluchttemperatuur Buitentemperatuuropnemer QAC22 Ruimtetemperatuurregelaar RLA162 Luchtkanaaltemperatuurregelaar RLM162 Verwarmingsafsluiter Koelafsluiter Maatschets 28 28 11,15 30 35 28 28 10 96,6 2,8 11,8 90 26 30 3331M01 Maten in mm 2002 Siemens Building Technologies A WWW.nl.sibt.com Wijzigingen voorbehouden 7/7