INHOUDSOPGAVE HYDRAULISCHE HOOFDREMCILIN DER

Vergelijkbare documenten
HYDRAULISCHE BEDIENING KOPPELINGEN

Remvloeistof vervangen

(zie afbeelding 3) Nm (65 mm) Nm (57 mm) (zie afbeelding 3) Nm (60 mm) Nm (11 mm)

HYDROVAC B E N D I X

Verwijder de deksel van het remvloeistofreservoir onder de buddyseat. Zuig met een injectiespuit zoveel mogelijk remvloeistof uit het reservoir.

INHOUDSOPGAVE. REACTIEVENTIELEN één-leidinssysteem, typen ó5s4, ó55-00, ó55-04 en ó REMKRACHTREGELAAR 30 WATERAFTAPVENTIEL 34

Remleidingen handrem vervangen

Remmen van personenauto s

Remleidingen handrem vervangen

RC030/RC035 Pneumatisch (handmatig) vloeistof afzuigapparaat. Instructies

7 DAFTrucks sruurhuts

Remmen: blokken, schijven, klauwen, slangen, remolie verversen en ontluchten

DAFTrucks SLEEPAS,H EFI N RIC HTI NG ELECTRO.HYDRAULISCH ERKPLAATSINSTRUCTIES

Remmen. Werking en onderhoud. Jaap Blijleven. Volvo Classic Academy 2013 Amersfoort

Installatie. Vervangset voor rem Workman HD of HDX serie werkvoertuig WAARSCHUWING. Losse onderdelen. Installatie-instructies

;q).; LUCHTDRUK REffTSYSTEEffI ffiet GESCHEIDEN BEDIENING INHOUD VII F. Werkins (TB ló0) Werkins (TB 100) NL Onderhoud en controle ALGEMEEN

LUCHTDRUK.I{YDRAULISCH REMSYSTEEM INHOUD. Bla d METER. 9 l0. r0 tl ll. Repa r atie-richtli j n 3n LEIDINGEN EN KOPPELINGEN. t2 t3

HANDELING Nr. H : Werkzaamheden aan de voorremmen. VERVANGING VAN EEN REMTROMMEL

Onderhoud Easy, Italfuoco en Milano

Reparatievoorschriften Demonteren van het CF500 besturingsventiel

928 Tech Talk: Remvloeistof verversen bij een 928 (by Theo Jenniskens)

Voorkomen is beter dan genezen

Revisie Remcilinder. Brembo revisieset Pakkingringen Remreiniger Remvloeistof: 0,5 liter DOT4

1. Klem het geheel in een bankschroef. 2. Verwijder de borgplaat (2) van de naafdop (1). 3. Verdraai de remstelnokken om te voorkomen

Werk instructie de- en montage PA1 tandwielkast.

Onderhoud 92% pelletkachels

VERVANGING VAN EEN TORSIESTAAF VOOR

Montage- en onderhoudsinstruc ties Watts 909 terugstroombeveiliging Aansluitmaten DN 20 (3/4 ) t/m DN 250 (10 )

Pilot vmbo TWT BAT Beroepstaken. Tweewielers; Onderhoud Remsysteem

Voertuigcontrole Kawasaki Z650 (BRAVOK)

5 Bediening van een koppeling

Controle van de neerwaartse beweging van de automatische kap bij de WD6

UNIPHOS ASP-40 Handpomp Handleiding

Voer de vervanging in de volgende volgorde uit:

Montagehandleiding zijspanrem

Remmen Vragen en antwoorden

PAMLOCK trekvaste verbinding

7 InF Trucks STUU RH UIS

Vervangt hoofdstuk 29 van Service Mededelingen 2639A en 2651A

1. Verwijder de wielnaaf /remtrommel

DAF. Fig.1. Koppelingsbediening, kompleet. 25 Huis, drukgroep 26 Klinknagel 27 Diafragmaveer 28 Zeltcentrerend druklager

Bedrijfsvoorschriften

F 1300t DAF Trucks R U ITEWISSE RI N STAL LATI E

Handleiding Zelfaanzuigende e-she pomp

nederlands Installatie manual NEDERLANDS Installatie instructie Hydraulische stuursystemen Buitenboordmotor-Hekdrive-binnenboord

1. Uitbouwen UITBOUWEN - INBOUWEN : VOORSCHERM.

Luchtfilter vervangen en filterhuis reinigen

DAF TECHNICAL INFORMATION. àìif. HPr* xx9i ZUIGERBREUK VEE R REMCI LINDER. SERfES: F 2200 DATE: 7802

Schuif vervolgens het afstelgereedschap van achter vandaan onder een van de schijven tot het hart van de schijf (ashoogte dus). Bij de achterstabi

Onderhoudshandleiding 2A en 2AN. Pneumatische Cilinders. Hydraulics. Hydraulics. Onderhoudshandleiding. Juni Bulletin HY M2/NL

VOERTUIGCONTROLE ( BRAVOK)

Instituut voor Landbouwtechniek en Rationalisatie

HERHALING VAN DE WERKING VAN

Corvette remsysteem 65-82

HINDLE. Hindle Ultra-Seal kogelkranen Handleiding voor gebruik, installatie en onderhoud. Inhoud 1 Opslag/bescherming 1

Oliekeerringen vervangen antwoorden

Voer de vervanging in de volgende volgorde uit:

Instituut voor Landbouwtechniek en Rationalisatie BEPROEVING UTINA WEIDEPOMP -&&> ^ A W U? ;"!>'- SEPARAAT

Provinciaal Technisch Instituut EEKLO. Automatiseringstechnieken. Hydraulica toepassingen

Montage-instructies: Speed Triple (vanaf VIN ) - Speed Triple R - Street Triple - Street Triple R (vanaf VIN ) A en A

ALGEMEEN 2 REPARATIES.. 4 INBOUWINSTRUCTIES 5

Harley-Davidson Sportster Evolution front

LUCHTVERING AAL.ONDERSTEL INHOUDSOPGAVE STORINGEN.. OVERSTROOMKLEP. I. Onderhoud en afstellingen HOOGTEREGELKLEP.. Werking...

Gebruiksaanwijzing Vapalux druklantaarn M320

Model 240 Pneumatisch open-/dicht-regelventiel Type 3351

HOVAP SERIE 8730 VARIOFLOW DOUBLE SAFETY OMSCHAKELAFSLUITERS BEDRIJFSVOORSCHRIFTEN

STANDAARD-BOX VB 100

1) Demonteer het wiel. 2) Verwijder de remblokken en druk de remzuiger met het juiste gereedschap terug in de cilinder.

DEURNAALD INBRAAKWEREND

Handleiding. PNT 812 Pneumatisch / hydraulisch gereedschap voor blindklinkmoeren PNT812. Technische gegevens. Gebruiksaanwijzing LET OP!

L i mb u r g s e L a n d m a r k s

Nokkenas vervangen (M52TU / M54 / M56)

Handleiding aansluiten en in gebruik nemen zelfaanzuigende SHE pompen

Voer de vervanging in de volgende volgorde uit:

Bedrijfsvoorschriften DN

STIGA PARK PRO 20 PRO 16 ROYAL PRESIDENT COMFORT EXCELLENT

Pneumatisch systeem aanpassen. Aanpassings- en ombouwvoorwaarden PGRT BELANGRIJK!

LUCHTVERING L.AL.94.LOW. Bestemd voor: Alko Chassis. Model: vanaf

Vriendelijke bedankt voor de aanschaf van de NRGBike loopfiets. We hopen dat het u verder brengt!

Aanpassingset met onderdelen voor aandrijving Model 44905, of GreensPro 1200 greensrol

1. Verwijder het reservewiel. 4. Verwijder:

REMSYSTEEM REMSY STEEM. Inhoud. Bladzijde Algemene beschrijving 2 Principe van werking 4 Afstellingen en controle bij onderhoudsbeurten 5

Olie kanalen in een Fiat 500 motorblok uit 69

Opgave 1 Omdat het oppervlak onder Jokes schoenen kleiner is. De kracht per vierkante centimeter is onder Jokes schoenen dus groter.

- Verlichting. Uiteraard is het van groot belang dat je tijdig wordt gezien. De volgende lampen moet je op hun juiste werking controleren:

AIR-SUSPENSION AIR-SUSPENSION

LAVENA NL D...1 I...5 N...9 GR...13 TR...17 GB...2 NL CZ...14 RUS...18 F...3 S...7 PL...11 H...15 SK...19 E...4 DK...8 UAE...12 P...

1.2 De tweeslagmotor. De werking en het principe van een tweeslagmotor

Handleiding revisie verdamper Koltec VG392 / Necam Mega

Algemene informatie. Storingscode-identificatie. Storingslocatie

1 of 4 20/01/ :42

Kortsluiting van de aanvoer- Defecte of niet (goed) aangesloten aanvoer- of retourtemperatuursensor. Geen doorstroming

Pompen AOC OOST Almelo Groot Obbink

Sky-Line Universele overkapping

Transcriptie:

Werkp laats i nstru cties INHOUDSOPGAVE Bldz. HYDRAULISCHE HOOFDREMCILIN DER Algemeen Besch rijving Werking Demontage Inspectie en repa ratie Montage Ontluchten Afstellen van de drukstang Onderhoud TAN DEM - HOOFDREM CI LI N DER Algemeen Besch rijving Werking 2 2 2 5 5 5

aar wlll f -,rt HYDRAUI-ISCHE HOOFDREMCILINDERS Werkplaatsinstructies opleggers en aanhangwagens v@ Afb. 2a. Hydrau lische remcilinder. 'Jlo^reser Ìaur repu!llcuer eqsl;nerpfpl'qzg'qlv ALGEMEEN Zowel voor de vacuum veer-positieve, vacuumpositiqve o{ luchtd ru k remsystemen ku n nen dezel{de hydr. hoofdremcilinders gebruikt worden. In de hoofdremcilinder, welke door de luchtremcilinder bediend wordt, wordt een hvdraulische druk opgebouwd, welke zich voortplant in de wielremcilinders, waardoor de remmen worden aa ngelegd. Hoewel de diameter van de hoofdremcilinders en de uitvoering verschillend kan zijn, is in principe praktisch geen verschil aanwe zig, zodat in d it hoofdstu k slechts één type besch reven zal worden. De tandem-hoofdremcilinder wijkt hier echter va n af en zal daa rom h ierna in het kort in een apart hoofdstuk behandeld worden. De hoofdremcilinders kunnen in typen verdeeld worden: A. De hoofdremcilinders met voetkl.p,al dan n iet met aa ngegoten remvloeisto{reservoir (Afb 4) B. Hoo{dremcilinders met voetklep en terugslagklep in de zuiger al dan niet met aangegoten remvloeistof reservoir (Afb. ó5). C. De hoofdremcilinders met alléen in de zuiger een terugslagklep, al dan niet met aangegoten remvloeistofreservoir (Afb. óó). BESCHRIJVING (Afbn. 2, 4, 5 en óó) In het cilindrische gedeelte bevindt zich het zuigerlichaam (7), dat aan één zijde een uitsparing hee{t, waarin de drukstang van de luchtremcilinder valt. Aan de andere zijde is tegen de zuiger de manchet (ó) aangebracht. Aan dezelfde zijde van de zuiger (7) zijn in het zuigerlichaam doorstroomgaatjes geboord (zie Afb 4). In plaats van deze gaatjes kan ook een terugslagklep (14) gemonteerd zijn (zie A{b. ó5). Aan de perszijde van de remcilinder kan een voetklep (24) g".onteerd ziln Deze voetklep zorgt voor een regelmatige drukopbouw in de leidingen naar de wielremcilinders, terwijl toch bij het lossen van de remmen een zo groot mogelilke terugstromin g zal plaats vinden. De afdichting van het zuigerlichaam (7) aan de achterzijde gesch iedt eveneens d.m.v. een afdichtrins (B) Als de luchtremcilinder niet rechtstreeks tegen de hydr. remcilinder gemonteerd is, dan is de remcilinder tegen indringend vuil beschermd d.m.v. een stofhoes (12). Voor de ontluchting is een ontluchtingsnippel (2) gemonteerd. l.v.m. montagemoeili;kheden is het mogelilk, dat i.p.v. een aangegoten remvloeistofreservoir een losse tank d.m.v. een leiding aan de remcil i nder gemonteerd wordt. 1. 2.. Af b.. 'Principeschema hydra u lische remcilinder. Voetklep 4. Zuiger 7. Compensatiekanaal A. Naar wielremcilinder Manchet 5. Drukstang B, Drukveer B. Kamer achter zuiger Doorboringen, Kanaal 9. Manchet C. Kamer vóór zuiger

Hydrau lische hoofdremci linders WERK NG (Afb.ó) Ongeremde stand (niet getekend) ln de ruststand wordt het zuigerlichaam (4) in de achterste stand gedrukt door de drukveer (B). De ruimte C staat met het reservoir in verbinding d.m.v. het compensatiekanaal (7), terwijl ruimte B via het kanaal (ó) eveneens met het reservoir in verbinding staat, zodat er dus geen drukverschil is tussen de ruimten C en B. Boven het vloeisto{n ivea u heerst bu iten lucht, welke h ierin komt via de doorboring in de vulstop. Geremde stand (linker situatie) Door het rempedaal in te trappen zal d.m.v. de luchtremcilinder de drukstang (5) naar links gedrukt worden. Het zuigerlichaam (4) zal hierdoor dus naar Iinks bewegen en voorbil het compensatiekanaal (7) komen. In de ruimte C wordt nu een hydr. druk opgebouwd. Hierdoor zal de kleine klep in de voetklep (1 ), indien gemonteerd, opengedrukt worden, zodat eveneens in de wielremcilinders de druk voortgeplant wordt en de rem men zullen gaa n aa n liggen. Lossen yan de remmen (rechter situatie) Bij het lossen va n de rem men zal de d ru ksta ng (5) weer naar rechts bewegen. De drukveer (B) zal nu de zuiger (4) naar rechts duwen. Door de druk in de wielremcilinders, in de leidingen A en in kamer C zal de voetklep (1 ) in zijn geheel opengaan, zodat de remvloeistof terugstroomt naar de remcilinder en de hydr. druk afneemt. Hierdoo r zal in kamer C een onderdruk gaan heersen t.o.v. kamer B. De remvloeistof in kamer B zal dus via de doorboringen () de manchet (2) aan de omtrek om doen buigen en kan dus langs deze weg in de kamer C stromen, waardoor het drukverschil opgeheven wordt. De wegstromende remvloeistof uit kamer B naar C, wordt nu vanuit het reservoir via kanaal (ó) d irect aa ngevu ld. ls de zu iger in de rusttoesta nd teruggekeerd, dan zal het compensatiekanaal (7) er voor zorgen, dat het drukverschil tussen kamer C en het voorraadtankle opgeheven wordt. STORINGEN Onvoldoende of geen remwerking 1 ) Lucht in het hyd r. systeem. Ontlucht het remysteem: zie hiervoor onder hoofdstuk lx bij de betrokken remplaat. 2) Lekkage in de hydr, leidingen of langs de manchet (2, Afb. ó). Repareer of vervang het betrokken deel. ) Niet voldoende remvloeistof in het reservoir. De oorzaa k h ierva n ka n zijn, dat de ma n - chet (9, Afb. ó) lekt. Bijvullen met remvloeistof HD (SAE 70R1) "n ontluchten. 4) Luchtf ilter va n remcilinder vervu ild. DEMONTAGE (Afb.4) 1) Draai de verbindingen van de hydr. leiding("n) aan de remcilinder los, evenals de verbinding van de remcilinder aan de Iuchtremcilinder en de bevestiging aan het chassis en neem het component uit het leidingwerk. 2) Heeft de remcilinder een aangegoten remvloeistof reservoir, verwijder dan de vulstop (25) en/of het deksel (2), zodat de remvloeistof afgetapt kan worden. ) Verwijder de ontluchtingsnippel (2). 4) Verwijder de klemring (9), zodat de stofhoes (12) en drukstang (27) uitgenomen kunnen worden. 5) Verwijder de borg ring (1 1 ) met sluitplaat (1 0) en neem het zuigerlichaam (7) compleet u it. ó) Verdere demontage van de onderdelen en eventueel gemonteerde voetklep en /of terugslagklep zal geen moeili;kheden opleveren. INSPECTIE EN REPARATIE 1 ) Rein ig a lle onderdelen zorgvuld lg in schone remvloeistof of alcohol. Beslist geen andere rein ig ingsm iddelen gebru iken. 2) Controleer of geen van de delen beschadigd is en vervang deze onmiddelli;k, Vooral de boring waarin het zuigerlichaam op en neer schuift, die nl zorgvuldlg gecontroleerd te worden op krassen of andere beschadigingen. ls deze cilinderwand beschadlgd laat deze dan, indien mogelilk, hoh nen. ) Controleer eveneens of het com pensatiegaatje en het gaatje in de vulstop niet verstopt is. MONTAGE De montage is de omgekeerde volgorde van demontage en zal geen moeili;kheden opleveren.

aar ^ =#f,qfr= a llf-f-rrt - Werkplaatsinstructies opleggers en aanhangwagens Afb. 4. Doorsnede hoo{dremcilinder met voetklep. (voor verklaring cijfers zie bldz. 5) Afb. ó5. Doorsnede hoofdremcilinder met voetklep en terugslagklep. (voor verklaring cijfers zie bldz.5) Afb,, Doorsnede hoofdremcilindler met terugslagklep, (voor verklaring cijfers zie bldz. 5)

Hyd'rau lische hoofdremci linders Afb. 7. Doorsnede hoofd'remcilinder met luchtremcilinder. 1. Reservoir 2. Ontluchtingsnippel. Veerschotel 4. Compensatiekanaal 5. Kanaal, Manchet 7, Zuigerlichaam 8. Afd:ichtring 9. Klemring 10, Sluitplaat 11. Borgring 12. Stofhoes 1, Klemring 14, Terugslagklep 1 5, Ma nchet 1, Drukveer 17. Borgring 18. Veerschotel 19. Dru kveer 2A. Drukveer 21. Voetklep 22, Drukveer 2. Klepzitting 24, Voetklep 25', Vu lstop 2. Deksel 27. Dru ksta ng 28. Borgring 29. Sluitrins 0. Dru kveer 1. A{dichtrins A. Naar wielremcilinders B. Kamer achter zuiger C. Kamer vóór zuiger ONTLUCHTEN VAN DE HYDR. REM- CILINDER Na de volledige montage en inbouw van de remcilinder, dient deze ontlucht te worden, evenals de wielremcilinders. Zie hiervoor groep lx onder het hoofdstu k rem platen. AFSTELLEN VAN DE DRUKSTANG (Afb. 7) Nadat de remcilinder aan de luchtremcilinder bevestigd is, dient de drukstang afgesteld te worden t.o.v. het zuigerlichaam. In ruststand dient de speling van de drukstang in het zuigerlichaam precies 1 mm te bedragen, zie Afb. 7. ONDERHOUD Controleer iedere week het peil van de remvloeistof. De gaatjes in de bodem mogen bij ingetrapt rempedaal beslist niet zichtbaar ziin, Verder onderhoud behoeft de hydraulische remcilinder niet.

s!àflz ^ ---t -A^r. XÍEFilJ 7l \rler $f f,r,.y Werkplaatsinstructies opleggers en aanhangyvagens TAN DEM.H OOFDREM CI LI N DER A{b. ó8. Tandem-hoofdremcilinder. ALGEMEEN De tandem-hoofdremcilinder wordt toegepast, wanneer twee assen door een remcilinder bedlend moeten worden. Deze remcilinder heeft n.l. 2 aansluitingen A en B voor de hydr. leidingen naar de wielremcilinders. In sommige landen is dit type remcilinder vereist omdat men, wdnneer één wielremcilinder of!eiding ernstig lekt, de andere as toch nog beremd moet kunnen worden; de tandem-remcilinder heeft immers twee kamers C en D, waarin een hydr. druk opgebouwd wordt, die naar de wielremcil i nders wordt voortgeplant. Aangezien de storingen, demontage, inspectie en repa ratie, montage, afstellen, ontluchten en onderhoud nagenoeg gelilk is aa n de norma le remcilinder, wordt hiervoor dan ook naar deze remcilinder verwezen Wat betreft de beschrijving en werkin g zal hierna nog een korte toelichting volgen. BESCHRTJVTNG (Afb.V0) In het cilind rische h u is bevinden zich n u twee zuigerlichamen (4 en B). Eveneens is deze remcilinder voorzien van 2 persleidingaansluitingen AenB. Door de twee zuigerlichamen in eén cilinder ontstaan er 2 kamers C en D, waarin de hydr. druk opgebouwd wordt, waardoor ook elke kamer voo rzien is van een compensatiekanaal (1 0 en 12). De toestroming van remvloeistof vanuit het ta n kje naa r de ru imte achter de zu iger (bij het lossen van de remmen) geschiedt door de kanalen (1 1 en 1). Het aanslagboutje (14) is aangebracht om te voorkomen, dat het zuigerlichaam (4) te ver terugkomt tijdens het lossen van de remmen en zodoende de persleidingaansluiting E af zal dichten. Rest nog te vertellen, dat het remvloeistofreservoir ofwel aangegoten ofwel d.m.v. een aparte leiding met de remcilinder verbonden is. WERK NG (Afb.9) Als er geremd wordt zal de luchtremcilinder de d ru ksta ng (1 ó) naa r lin ks d ru kken. H lerdoor ontstaat in kamer D een hydr. druk welke zich via de aansluiting B naar de wielremcilinders voortplant. Deze hydr. druk drukt eveneens de zuiger (10) naar links, waardoor eveneens in kamer C een hydr. druk ontstaat, welke via A naar de wielremcilinders van de andere as voortgeplant wordt. Blj het lossen van de remmen zal evenals bij de gewone remcilinders in de kamers C en D een onderdruk gaan heersen, doordat de zuigers (1 0 en 15) èn door de hydr. druk èn door de drukveren (O en 12) naar rechts gedrukt worden. Deze onderdruk wordt opgeheven, doordat de remvloeistof via de doorboringen (B en 14) in de zuigerlichamen, de manchetten aan de omtrek om buigt en zo in de kamers C en D kan stromen. 12 N B t, 1 zl% B 4 Afb. ó9. Principeschema tandem-hoofdremcilinder. @ 1. Compensatiekanaal ó. Drukveer 11. Aanslagpen 1ó. Drukstang 2. Kanaal 7. Aanslagpen 12. Drukveer A. Naar wielremcilinders, Compensatiekanaal 8. Doorboring 1. Aanslagpen B. Naar wielremcilinders 4. Kanaal 9. Aanslagbout 14. Doorboring C. Kamer 5. Veerschotel 10. Zuiger 15. Zuiger D. Kamer

Hydrau lische hoofdremci linders 10 11 h.l D 1. Voetklep 2, Dru kveer. Drukveer 4. Zuiger 5. Aan,slagpen Afb. 7A. Doorsnede tandem-hoofdremcilinder., Drukveer 7, Aanslagpen 8. Zuiger 9. Drukstang 10. Compensatiekanaal 11, Kanaal 12. Compensatiekanaal 1. Kanaal 14. Aanslagbout 15. Veerschotel A, Naar wielremcilinders B, Naar wielremcilinders C, Kamer D. Kamer E, Naar wielremcilinders Daar achter de zuigerlichamen de remvloeistof naar de kamers C en D stroomt, zal de remvloeistof vanuit de voorraadtank aangevuld worden via de kanalen (2 en 4).In de ruststand worden de drukken in de kamers C en D en in het remvloeistofreservoir genivelleerd door de compensatiekanaaltles (1 en ). Indien bij leidingbreuk of ernstige lekkage in de wielremcilinders of bij lekkage van één van de manchetten om de zuigers in de remcilinder, de hydr. druk in het hydr. leidingwerk naar één van de assen uitvalt, zal toch nog de andere as afgeremd kunnen worden, omdat deze vanuit een andere kamer in de remcilinder en via een aparte leiding bediend wordt. Om te voorkomen, dat de ene zuiger de andere in dit geval beschadigt, zijn de zuigers voorzien van aanslagpennen (7, 1 1 en 1). NL-or -ó4