Ontmoeten is gewoon doen Aris de Pater Dit materiaal is onderdeel van het compendium over christelijk leraarschap, van het lectoraat Christelijk leraarschap van Driestar hogeschool. Zie ook www.christelijkleraarschap.nl. Samenvatting Voor de ontwikkeling van kinderen en voor het in vrede samenleven in een multiculturele samenleving is het van belang dat kinderen leren omgaan met andersdenkenden en leren op een respectvolle manier 'de ander' te ontmoeten en hun eigen mening te verwoorden. In dat kader is het programma 'Ontmoeten is gewoon doen' ontwikkeld. Middels het tekenen van een convenant hebben alle scholen voor primair onderwijs in de burgerlijke gemeente Barneveld zich verbonden mee te doen met dit programma vanuit de eigen identiteit. Bronvermelding Pater, A. de (2014). Ontmoeten is gewoon doen. In H. Vermeulen (red.), Gids laat je gidsen (pp. 12-17). Gouda: lectoraat Christelijk leraarschap. Thema * Leraar Gebruik ** Hoofd en hart Plaatsingsdatum 2014 Gerelateerde artikelen n.v.t. Trefwoorden ontmoeten, respect, convenant, primair onderwijs, identiteit * In het compendium wordt al het materiaal verdeeld over de acht thema s van christelijk leraarschap: onderwijs, inspiratiebronnen, leraar, leerling, leerstof, didactiek, schoolteam, leidinggevenden. ** Het materiaal kan gebruikt worden als onderbouwing en visievorming (hoofd), bezinning en reflectie (hart) of biedt concrete handreikingen en voorbeelden (handen).
12
ONTMOETEN IS GEWOON DOEN! DE LERAAR ALS DUIDER VAN MAATSCHAPPELIJKE ONTWIKKELINGEN A. de Pater 13 De titel van deze bijdrage is die van een convenant tussen een burgerlijke overheid in den lande en alle scholen binnen die burgerlijke gemeente. Deze titel kan ten minste op twee manieren gelezen worden: Ontmoeten is gewoon doén of Ontmoeten is gewóón doen. Beide lezingen van de titel zijn van toepassing voor de uitvoering van het convenant.
14 Het convenant is gesloten in het besef dat de samenleving waarin kinderen opgroeien in rap tempo verandert (en zal blijven veranderen), én dat kinderen geleerd moet worden om in zo n samenleving hun plaats in te nemen met respect voor andersdenkenden. Dat de scholen, en daarbinnen de leraren, een belangrijke rol spelen, is evident. De leefwereld van de kinderen verandert. De homogeniteit en geslotenheid die er veelal was, is er niet meer. OMGANG MET ANDERSDENKENDEN In een aantal bijeenkomsten met alle betrokkenen (ambtenaren, externe deskundigen, schoolleiders, leraren) is de conclusie getrokken dat uit gedragingen en uitingen van kinderen blijkt dat respect voor andersdenkenden voor een groot deel gemist wordt. Leerkrachten die dagelijks met de kinderen omgaan nemen dat waar. Maar respect is wel een voorwaarde om samen te kunnen leven. Gezamenlijk werd ook de conclusie getrokken dat het tot de verantwoordelijkheid van het onderwijs behoort (naast gezin, kerk en andere maatschappelijke instellingen) om een bijdrage te leveren aan de vorming van kinderen zodat ze respect voor anderen leren opbrengen zonder eigen levensovertuiging los te laten. Een deel van het curriculum van de school zal hiervoor ingeruimd moeten worden. Niet alleen om de theorie aan de orde te stellen. Het is vooral belangrijk om in de praktijk andersdenkenden daadwerkelijk te ontmoeten, met hen in gesprek te gaan en te leren wat hen beweegt. Dat vergt inleving, luisteren naar de ander en een adequate verwoording van eigen leer en leven op het niveau van de leerling. ECHTE ONTMOETING Met het convenant hebben scholen zich verbonden aan het jaarlijks organiseren van activiteiten waarbij de ontmoeting met andersdenkenden een belangrijke rol speelt. Aan het begin van elk schooljaar wordt een week van het convenant georganiseerd. Een werkgroep van ambtenaren en vertegenwoordigers van scholen volgt en bewaakt de uitvoering van het convenant. De scholen geven de activiteiten vanuit hun eigen identiteit vorm en inhoud. Naast de scholen organiseert ook de gemeente een aantal activiteiten. Leerlingen van diverse scholen worden betrokken bij de voorbereidingen. De ontboezeming van een leerling (12 jaar) van een reformatorische school die zo n voorbereidingsbijeenkomst had meegemaakt, was bemoedigend. Na de vergadering was hij samen met een jongen van een andere school (en van een andere achtergrond) naar huis gefietst. Hij vertelde
zijn leraar op de vraag of hij ook leerlingen van andere scholen had gesproken: Ja! Dat was wel grappig, want toen hoorde ik iets wat ik nooit had gedacht. Ik fietste naar huis met een jongen die Ashiraf heet, of zoiets. Hij vroeg wat ik op zondag deed. Nadat ik dat verteld had, vroeg ik wat hij deed. Iedere zondag gaat hij wel drie uur achter elkaar naar de moskee! Dat had ik nooit gedacht. Eerst dacht ik dat alle moslims sukkels waren, maar dat is echt niet zo. Het zijn ook gewoon normale mensen. (DRS-Magazine p. 19) In de ontmoeting leert men de ander kennen en respecteren. Dit convenant en de daaruit voortkomende activiteiten sluiten goed aan bij een deelonderzoek van het lectoraat Christelijk leraarschap van Driestar hogeschool. In de volgende paragrafen een korte beschrijving. DE CHRISTELIJKE LERAAR ALS DUIDER Door de maatschappelijke ontwikkelingen verandert de positie van de school als maatschappelijk instituut. Vanuit de onderwijsopdracht moeten de leraren betekenisvol aansluiten bij de veranderingen in de leefwereld van hun leerlingen. Die veranderingen maken de beroepssituatie van leraren complexer, meer divers en onvoorspelbaar. Deze veranderingen doen een groot beroep op de professionaliteit van de leraar. (Brief Onderwijsraad 2013). Die veranderingen in de maatschappij de context van het onderwijs! worden gekarakteriseerd door vijf langlopende en samenhangende ontwikkelingen: individualisering, informalisering, informatisering, internationalisering en intensivering. (Onderwijsraad 2013, p. 19) DOOR DE MAAT- SCHAPPELIJKE ONT- WIKKELINGEN VER- ANDERT DE POSITIE VAN DE SCHOOL ALS MAATSCHAPPE- LIJK INSTITUUT. Deze ontwikkelingen doen niet alleen een beroep op de professionaliteit van de leraar, maar vragen ook zijn/haar wijsheid om beslissingen te nemen. Voor alle leraren, en dus ook voor de (christelijke) leraar op de reformatorische basisschool, is het van wezenlijk belang om de ontwikkelingen te duiden te plaatsen en te wegen- op grond van de 15
16 identiteit van de school waar zij werken. Vervolgens moet de leraar beslissen hoe hij/zij dat aan de leerlingen overdraagt op een voor hen herkenbare en begrijpelijk wijze. Op die manier sluit de leerkracht betekenisvol aan bij de leefwereld van de kinderen. LASTIGE PARADOX Dat vergt van leraren een open houding naar de samenleving en een vertalen van de ontwikkelingen in het licht van de identiteit van de school. Het is nodig om zich te verdiepen in de ander en in wat er in onze samenleving speelt. Het is van belang dat de leraar de maatschappelijke DE LERAAR IS DE SPIL IN HET PROCES VAN PER- SOONLIJKHEIDS- VORMING, ZOALS DAT ZICH IN EEN LEERLING ZELF VOLTREKT. ontwikkelingen volgt en weet te duiden vanuit de eigen identiteit. Dan is hij/zij ook in staat om de leerlingen te vormen zodat die op hun beurt en op hun niveau in staat zijn te duiden vanuit hun eigen levensovertuiging. Hoe vormen leraren hun leerlingen zodat ze in staat zijn eigen levensovertuiging te verwoorden én vanuit die levensovertuiging maatschappelijke ontwikkelingen te duiden? Dat is geen eenvoudig te beantwoorden vraag. Het antwoord bevat een dilemma, zoals dat verwoord is door René Gude: De leraar is de spil in het proces van persoonlijkheidsvorming, zoals dat zich in een leerling zelf voltrekt. De leerling maakt van zichzelf een eenheid, een integriteit, een samenhangende persoon met een eigen kijk op de wereld en het eigen leven. De leerling vormt zichzelf tot deelnemer aan de samenleving, tot burger. Het eindproduct van het onderwijs vormt uiteindelijk zichzelf. De leraar mag de leerling bij die queeste niet aan zijn lot overlaten. Maar ook niet betuttelen. Een lastige paradox. (Van Stralen & Gude 2012) BIJBELSE REFERENTIE In het lectoraat Christelijke leraarschap van Driestar hogeschool wordt onderzoek gedaan naar die duiding. Hoe duiden leraren van reformatorische basisscholen maatschappelijke ontwikkelin-
gen? Hoe vormen ze hun leerlingen om die duiding op hun niveau zelf te kunnen doen vanuit hun eigen levensovertuiging? Het gaat er om in hoeverre een leraar de samenleving kent, de ontwikkelingen volgt, de aard van de samenleving en de ontwikkelingen duidt, en dat alles vertaalt naar het niveau van het kind. Verondersteld wordt daarbij dat de leraar de pedagogische en didactische vaardigheden heeft om die dingen met kinderen te delen en ze zo te vormen. Duiding vraagt overigens een referentie, een vergelijkingsmaatstaf. In dit onderzoek zijn de referenties de Bijbel en de gereformeerde belijdenis. Het onderzoek wil niet alleen beschrijven wat er gebeurt, maar ook bijdragen aan de vorming en toerusting van leraren om te kunnen duiden. Het levert daarom materiaal op ter toerusting en ondersteuning van de christelijke leraar in het duiden en coachen, en stelt dat materiaal ter beschikking, bijvoorbeeld via de website van het lectoraat. Met dit onderzoek en de beoogde resultaten wordt hulp geboden aan leraren om een deel van hun steeds complexer wordende taak identiteitsgebonden in te vullen. Dit onderzoek kan ook schoolleiding, leraren en hogeschool de noodzaak van duiding doen onderkennen en bijdragen aan het maken van keuzes in het curriculum. REFLECTIE Als de leraar aan de leerlingen moet leren de ontwikkelingen om ons heen te duiden, dan moet hij/zij het zelf zeker kunnen. Hoe bewust of onbewust doet u aan die duiding? En als u het doet, wat is dan uw referentie? We duiden altijd in een bepaalde context. In hoeverre zitten wij bij dat duiden meer vast aan onze eigen cultuur en traditie dan aan de Bijbel en de gereformeerde belijdenis? REFERENTIES Apeldoorn, G.J. (Gerco) van (2013 mei). Ontmoeten is gewoon doen. DRS Magazine, 19-21. Begeleidende brief bij Verkenning Leraar zijn (2013). Den Haag: Onderwijsraad. Verkenning Leraar zijn (2013). Den Haag: Onderwijsraad. Stralen, Gerard van & Gude, René (2012)....En denken! Bildung voor leraren. Leusden: ISVW Uitgevers 17