1. Oppervlaktecondensatie

Vergelijkbare documenten
Buiten BOUWCONCEPT : BETONELEMENT MET BINNENISOLATIE. Sch.: 1/10 AANSLUITING GEVEL - VLOER OP VOLLE GROND DOORSNEDE DETAIL EPB-AANVAARD

AANSLUITING GEVELVOET - VLOER OP VOLLE GROND OPTIE 1 OPTIE 2

Thermische isolatie van bestaande platte daken

Basisprincipes. Binnenisolatie - Deel 1: Basisprincipes. Groot potentieel voor na-isolatie van muren. Timo De Mets Labo Hygrothermie

TRISCO VERSIE 12.0W RAPPORT BOUWKNOOP

gebouwschil 1 Bouwknopen: sluit isolatielagen rechtstreeks basisprincipe: garandeer de thermische snede

KOUDEBRUGGEN. hulpmiddelen om koudebruggen te begroten

Na-isoleren van bestaande buitenmuren

Na-isolatie van bestaande gevels: detaillering

EPB Bouwknopen. Inhoudsopgave

Duurzaam bouwen. Muren

Constructiedetails: Bouwknopen

Na-isolatie: geïntegreerd versus gefaseerd

1. De warmtedoorgangscoëfficiënt volgens de methode CEN/TC 89 N 478 E: eis U-waarde: < 3,0 W/m 2 K (raamprofiel + glas)

Duurzaam bouwen. Muren

INDIVIDUELE TAAK OPLEIDINSONDERDEEL CONSTRUCTIES 1. JULIE VANDENBULCKE MAK 1 E Aannemer: Luc Vandermeulen

Binnenisolatie: fysische fenomenen van warmte- lucht en vochttransport

Studiedag EPB passief 2015 CBB-H 30 mei 2013

Duurzaam bouwen Isoleren en luchtdicht bouwen. Bouwknopen

Van IER naar LTD the devil is in the details ( * )

Opleiding Duurzaam gebouw: Renovatie met een hoge energie-efficiëntie: technische details Leefmilieu Brussel

BELBLOCK betonmetselstenen & thermische isolatie samen wordt het goed

Verkrijgbaar met een druksterkte van 15 N/mm² en 25 N/mm²

Student: Timon Bouttelisier ZELFREFLECTIEVERSLAG ARCHITECTUURBUREAU A[RT] Architecten: Rogiest Denis & Tack Marjan. Telefoon:

CONSTRUCTIES 1: BOUWKNOPEN

MASSIEF PASSIEFBOUW IN DE PRAKTIJK

Condensatie op dubbele beglazingen

Taak constructies. Architecten en ingenieurs: Goossens & Partners. Dries de Burggrave. 1MAK a

6IWc Volbouw 1. Deel 2: Volbouw

Na-isolatie van muren

Implementatie van bouwknopen in EPR

De ecologische keuze van bouwmaterialen. Basisprincipes

Bijlage VIII - Behandeling van bouwknopen

Van lage-energie tot en met passief zonder isolatiematerialen

Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf Deel 3: Vloeren. Zwijnaarde - 26 oktober 2011

SCHIPHOL HOTEL BADHOEVEDORP

Naisoleren woning. Bouwfysisch Ontwerpen2. Opdracht

Implementatie van bouwknopen in EPR

Details voor binnenisolatie: praktijkgids

(Na-)isolatie van industriële gebouwen

Beoordeling van koudebruggen : voldoende aandacht voor de details

Verhoog uw comfort en bespaar op uw energiefactuur

Passief Bouwen in de praktijk

Onvolkomenheden in de isolatie van de gebouwschil

Constructies BZL Taak

Isolatie en klimaatbeheersing van monumenten. Henk Schellen

REFLECTIE? SLIM GEVONDEN!

Notitie beoordeling koudebruggen

In het huidig artikel geven we wat meer duiding bij het gebruik van akoestische bouwconcepten. Het gebruik van bouwconcepten als mogelijke oplossing

pmp pmp pmp pmp CONTEXT:het greenwal-gebouw Innoverende technieken toegepast op het Greenwal-gebouw HYGROTHERMISCHE STUDIE van een compactdak CONTEXT

Opdracht: Constructies bouwknopen

XELLA Bouwknopen eenvoudig oplossen

Constructie BZL ENEMAN BENJAMIN

Passief Bouwen. Passief Bouwen in de praktijk. Velve-Lindehof, Enschede. Stelling. Ontwerpvisie. Binnengasthuizen, Zwolle

Hygrothermisch ontwerp van buitenmuren

DC Trade Port Noord-Venlo. Berekening gelijkwaardigheid warmteweerstand begane grond vloer

Koudebruggen. Inleiding. Voorbeelden. Meer info

Bouwbesluit en Passief Bouwen

Passiefhuis renovatie 16 appartementen Nieuwkuijk

OPLEIDING DUURZAAM GEBOUW: PASSIEF EN (ZEER) LAGE ENERGIE Dag 5 Bouwknopen

Passief Bouwen: waarom en hoe?

Bouwfysica van Passief Bouwen in houtskeletbouw

Schimmelvorming en koudebrugproblematiek bij erfgoed. Arnold Janssens, UGent

Wooncomfort begint bij uw dak.

GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap afdeling infrastructuur west Schoonmeersstraat 26, 9000 Gent t: f:

Thermische isolatie oplossingen. thermische isolatie. muur en vloer PUR / PIR. panelen TMS & SIS REVE

Opleiding Duurzaam Gebouw:

SAMEN IS ZOVEEL BETER!

BIJLAGE V : Behandeling van bouwknopen

Intelligent luchtdicht renoveren

1a. 3a Er zijn twee overgangsweerstanden van 0,13 Alleen de vloerdelen zorgen voor een R waarde.

Gevels Inleiding Massieve gevel Spouwmuren. functie van de gevel prestatie-eisen van toepassing op gevels

PUR / PIR THERMISCHE ISOLATIE

Lage energierenovatie van een 100 jarige woning. Cyndie Hanssens ; architect en bouwheer

Opleiding. Duurzaam gebouw : ENERGIE. Leefmilieu Brussel WORKSHOP GEBOUWSCHIL. Thomas GOETGHEBUER MATRICIEL

ISOLATIE. En als u zou kiezen voor Aluthermo isolatie? Efficiënt. Dun. Eenvoudig te plaatsen. R = 4,75 m².k/w met 12 cm glaswol (λ 0,032)

Soudal Window System:

Het compacte dak. Probleemstelling platte daken

Opleiding Duurzaam Gebouw:

Hygrothermisch concept van platte daken. 16 maart 2017

Bestaat dé balans tussen isolatie en ventilatie?

Rapport. EkoKist: Bepaling lineaire warmtedoorgangscoëfficiënten (Ψ)

Condensatie op mijn ramen

BESTAANDE BUITENMUREN. Staf Roels. KU Leuven, Afdeling Bouwfysica Departement Burgerlijke Bouwkunde Kasteelpark Arenberg 40 B-3001 Heverlee Leuven

Bespreking twee constructiedetails: Bouwknopen

Isolatie en renovatie : laatste nieuwe ontwikkelingen!

OPLEIDING DUURZAAM GEBOUW: PASSIEF EN (ZEER) LAGE ENERGIE Dag 2.3 Bouwknopen

Algemeen: door het toepassen van gevelisolatie is dan ook veel energie te besparen.

Opleiding Duurzaam gebouw: Renovatie met een hoge energie-efficiëntie: technische details

Bouwfysica. Koudebruggen. Definitie koudebruggen. Effecten van koudebruggen

Algemeen: door het toepassen van gevelisolatie is dan ook veel energie te besparen.

Bewust Duurzaam Bouwen. Deel 2: basisprincipes energiebewust bouwen

Transcriptie:

VER ERANTWOORDING In 2012 publiceerde FEBELCEM een dossier met drie reeksen bouwknopen. Die zijn representatief voor de meeste courante betonbouwconcepten, namelijk (1) de spouwmuur in betonmetselwerk, (2) de enkelvoudige betonwand aan de buitenzijde geïsoleerd en afgewerkt met een crepi, en (3) het sandwichpaneel in architectonisch beton. De voortdurend strengere isolatie-eisen leiden ertoe dat de dikte van het isolatiepakket en bijgevolg ook de totale dikte van de gevel almaar toenemen. In het geval van de spouwmuur en het sandwichpaneel kan dit in sommige ontwerpsituaties een obstakel vormen. Bij de enkelvoudige aan de buitenkant geïsoleerde schijfwand stelt zich dat probleem minder. Daar kan echter worden opgemerkt dat de gevel de typische expressiviteit van beton ter plaatse gestort of prefab moet missen... Een logische vraag is dan of de omgekeerde wand, t.t.z. de aan de binnenkant geïsoleerde enkelvoudige schijfwand, een haalbaar alternatief biedt. De aandachtspunten bij binnenisolatie zijn de afgelopen jaren uitgebreid onderzocht in de context van renovaties [ 1 ]. Wanneer het uitzicht van een bestaand gebouw dient bewaard te worden en er geen of een te smalle spouw aanwezig is, rest inderdaad alleen de optie van binnenisolatie om de energieprestaties van de gevel te verbeteren. Enkele van deze aandachtspunten zijn ook van toepassing op de aan de binnenkant geïsoleerde betonwand. Vermits het hier in principe om nieuwbouw gaat, zijn de risico s door een oordeelkundig ontwerp en detaillering eenvoudig te voorkomen.

1. Oppervlaktecondensatie Gevelopeningen, aansluitingen van binnenmuren en vloeren op de gevel kunnen koudebruggen creëren (figuur 1a). Wanneer de oppervlaktetemperatuur op die plaatsen onder het dauwpunt daalt, is er gevaar voor oppervlaktecondensatie. Doet deze situatie zich langdurig voor in een slecht verluchte ruimte met een hoge relatieve vochtigheid, dan kan schimmelvorming optreden. Fig. 1a Typische koudebrugsituaties met gevaar voor condensatie

Dergelijke koudebruggen zijn vermijdbaar door een correcte positionering van het schrijnwerk en het gebruik van thermisch onderbroken verankeringssystemen (figuur 1b). Het komt er op neer dat de thermische snedelijn geen hiaat mag vertonen. Fig. 1b Positionering van schrijnwerk en thermische onderbreking (principe) Soms moet evenwel een oplossing gezocht worden in flankerende isolatie (figuur 1c). Fig. 1c Principe van flankerende isolatie

2. Inwendige condensatie / zomercondensatie Wanneer de temperatuur in de gevel onder het dauwpunt daalt, condenseert de aanwezige waterdamp. Die waterdamp kan in de wand zijn terechtgekomen door convectie (via luchtlekken) en/of door diffusie (dwars doorheen de materialen, afhankelijk van hun dampdiffusieweerstand). Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen de winter- en de zomersituatie. Tijdens de winter kan bij grote verschillen tussen binnen- en buitentemperatuur waterdamp neerslaan aan de koude zijde van de isolatie (figuur 2a). Fig. 2a Inwendige condensatie in de winter (I) dampopen isolatiemateriaal, geen dampscherm (II) condensatie (III) capillaire absorptie Dit wordt vermeden door het gebruik van een dampdicht isolatiemateriaal of door de combinatie van een dampopen ( ademend ) isolatiemateriaal en een luchtdicht membraan. Ook een zgn. capillair actief isolatiemateriaal, dat het condensaat absorbeert, kan eventueel uitkomst bieden. Belangrijk is echter vooral het realiseren van een goede luchtdichtheid. Inwendige condensatie hoeft overigens niet problematisch te zijn, zolang ze beperkt blijft in omvang en in de tijd, t.t.z. zolang het vocht naderhand opnieuw kan opdrogen en de duurzaamheid en de prestaties van het isolatiemateriaal niet aangetast worden.

In de zomer, en wanneer de buitentemperatuur hoger is dan de binnentemperatuur, kan het een enkele keer gebeuren dat waterdamp naar binnen migreert en condenseert tegen het dampscherm (figuur 2b). Dit veronderstelt een combinatie van een dampopen gevelmateriaal en een dampopen isolatiemateriaal. Een 15 cm dik element in gewapend beton is echter dampdicht. Fig. 2b Zomercondensatie (I) dampopen gevelmateriaal (II) dampopen isolatiemateriaal en dampscherm (III) condensatie 3. Thermische inertie Thermische inertie is een belangrijke comfortfactor. In de zomer is thermische inertie, in combinatie met nachtventilatie, nodig om oververhitting tegen te gaan. In de winter voorkomt thermische inertie bruuske temperatuurdalingen. Binnenisolatie heeft voor gevolg dat minder warmte-uitwisseling mogelijk is tussen de gevelmassa en de binnenomgeving. In gebouwen die intermitterend gebruikt worden, hoeft dit geen bezwaar te zijn. Anderzijds leiden de hedendaagse eisen inzake akoestisch en visueel comfort in moderne woon- en utiliteitsgebouwen ertoe dat de beschikbare massa zich niet zozeer in de gevel bevindt, dan wel in de vloerplaten en in trap- en liftkokers. Binnenisolatie van de gevel is in dat opzicht een verdedigbare ontwerpoptie. Het komt er dan op aan de thermische inertie van vloeren en binnenwanden te benutten en ze niet af te dekken met valse plafonds, verhoogde vloeren of voorzetwanden. [ 1 ] Zie bijvoorbeeld: - Binnenisolatie van buitenmuren VEA/WTCB/KULeuven, 2012 - Isolation thermique par l intérieur des murs existants en briques pleines Service Public de Wallonie (DG04)/UCL Architecture et Climat, 2011 - ZIRKELBACH, D. ; KÜNZEL, H. Internal insulation of external walls: design guidelines and system selection in: DETAIL Green, 2014/1, p. 50-53

BEREKENING Om de kwaliteit van een bouwdetail te garanderen, wordt in de eerste plaats het warmteverlies per meter bouwknoop beoordeeld. Vervolgens wordt het risico op condensatievorming bepaald. Beide parameters worden per bouwknoop berekend en afgetoetst aan de overeenkomstige grenswaarden. 1. Warmteverlies lineaire bouwknoop Met het softwareprogramma Trisco kan een warmtestroom Q [W] doorheen een constructie worden bepaald. Op basis van deze berekende warmtestroom voor een welbepaalde aansluiting kan de lineaire warmtedoorgangscoëfficiënt of psi-waarde ψ [W/mK] berekend worden volgens onderstaande formule: ψ = + + In deze gedetailleerde berekening wordt in eerste instantie de warmtestroom per meter weergegeven Q [W/m]. Hiertoe beschouwen we de bouwknoop over een lengte van 1 m. Daarna wordt de psi-waarde berekend op basis van de T (= T i T e ) en de overeenkomstige verliesoppervlaktes (A) met bijhorende warmtedoorgangscoëfficiënten (U). Bijkomend wordt een bepaald : = Deze waarde is een maat voor de gemiddelde warmtedoorgangscoëfficiënt doorheen de volledige constructie. Om de bouwknoop effectief als EPB-aanvaard te kunnen beschouwen, zal de berekende psiwaarde de limietwaarde, opgelegd door het Vlaams Energieagentschap, niet mogen overschrijden. 2. Temperatuurfactor Tot slot wordt de temperatuurfactor (f Rsi ) berekend dewelke het risico op schimmelvorming en/of oppervlaktecondensatie weergeeft: = [ =!"#$$%"$&&; = &$$%"$&&; = $%"$&&] Hoe hoger de temperatuurfactor, hoe lager het risico op condensvorming. Op basis van bouwfysische casestudies en de regels van de goede praktijk wordt een limietwaarde voor nieuwbouw van 0,70 opgelegd. De bouwknoop zal positief worden geëvalueerd wanneer beide parameters, zowel het warmteverlies als de temperatuurfactor, voldoen aan de vooropgestelde eisen, respectievelijk volgens de EPB-regelgeving en de code van de goede praktijk.

BIJLAGEN: BOUWKNOPEN Het betreft volgende uitvoeringsdetails voor een enkelvoudige schijfwand met binnenisolatie: 1 aansluiting gevel vloer op volle grond 2 aansluiting gevel welfselvloer boven kelder 3 aansluiting gevel verdiepingsvloer 4 aansluiting gevel uitkragende verdiepingsvloer 5 aansluiting gevel plat dak 6 aansluiting raam dakopstand plat dak 7 aansluiting gevel raamdorpel 8 aansluiting gevel latei 9 zijaansluiting raamprofiel gevel 10 aansluiting gevel bestaande gemene muur De basistekeningen van deze uitvoeringsdetails zijn eveneens als DXF-bestand downloadbaar op de website www.febelcem.be foto s: (cover:) Oosterlinck META architectuurbureau foto Sarah Blee (back cover:) Montigny META architectuurbureau foto Filip Dujardin