Meer zetmeel van eigen bodem Bladschimmels effectief bestrijden met Retengo Plus
Meer melk van een hectare maïs, daar draait het om
Retengo Plus Meer maïs oogsten betekent lagere ruwvoerkosten Maïs is voor veehouders een belangrijk onderdeel van het rantsoen. Hoe hoger de maïsopbrengst van eigen land, des te lager de ruwvoerkosten. Snijmaïs is naast gras het belangrijkste voedergewas in de Nederlandse melkveehouderij. Nederland telt er circa 228.000 hectare 1 van. Het is een belangrijke zetmeelbron voor melkkoeien. Snijmaïs levert in het rantsoen structuur en energie, onmisbaar voor een goede melkproductie. Voerkosten besparen Voer is voor veehouders een enorme kostenpost. Door de maïsteelt beter te benutten kan er meer zetmeel van eigen bedrijf gehaald worden. Immers, als de oogst meer zetmeel per kilogram drogestof bevat, is het voerrendement hoger. Oftewel: meer en beter voer van een hectare. En dat scheelt kosten. Ook voor korrelmaïstelers betekent een hogere zetmeelopbrengst directe winst. Planten vitaal houden voor meer zetmeel De vorming van zetmeel in een maïsplant gaat door tot vrijwel het einde van de teelt. Om de zetmeelproductie optimaal te benutten, is het dus belangrijk om de maïsplanten lang gezond en vitaal te houden. 1 CBS-cijfers
Bladvlekkenziekte kost zetmeelopbrengst Bladvlekkenziekten hebben een directe invloed op het rendement aan melk, vlees en eieren. De voeropbrengst en de kwaliteit daarvan worden bedreigd. De schimmels die bladvlekkenziekten in maïs veroorzaken zijn er al jaren. Ze vormen een permanente bedreiging. Over het gehele land worden in maïsgewassen regelmatig aantastingen gevonden. Kwekers werken aan tolerante rassen, maar resistenties zijn niet voorhanden. Opbrengstreductie Bladvlekkenziekten worden veroorzaakt door de bladschimmels helminthosporium en kabatiella (oogvlekkenziekte). Opbrengstverlies vindt bij aantasting met deze schimmels direct plaats. Ook bij een lage ziektedruk aan het eind van de teelt. In ongunstigere gevallen kan de reductie aan opbrengst oplopen van 20% tot 50%. Afname smakelijkheid Een bladschimmelaantasting vermindert de smakelijkheid van de maïs. En dat gaat ten koste van de opname. Ook kan er meer broei in een maïskuil optreden als gevolg van een schimmelaantasting. Toename bladvlekkenziekten door: - mestwetgeving (niet optimaal bemesten) - tendens niet kerende grondbewerking (waarbij restplanten boven blijven) - intensieve (continue-) maïsteelt - extremere weersomstandigheden Retengo Plus
Deze bladvlekkenziekten bedreigen de maïs In Nederland worden geregeld aantastingen van bladvlekkenziekten in maïs waargenomen. Verschillende schimmelsoorten zijn hier verantwoordelijk voor. Helminthosporium turcicum Begint met grijsgroene doorschijnende lange vlekken. Deze smelten samen tot grote helgrijze vlekken met een donkerbruine rand. Grote delen van het blad kunnen afsterven. Kan via de wind maïspercelen infecteren. Helminthosporium carbonum Vertoont op bladeren, schutbladeren en stengels veel kleine ronde geelgroen en later donker wordende vlekken. Vlekken hebben een bruinrode rand. Kan ook kolven en korrels infecteren. Kabatiella zea, oogvlekkenziekte Op de bladeren komen vele kleine vlekjes. De vlekken hebben een bruinrood midden, dat later van binnenuit vervaalt. Een ernstige aantasting in een vroeg stadium kan leiden tot het volledig afsterven van bladeren. Puccinia spp., roest Rondom de sporenhoopjes verkleurt het blad lichter. Deze breiden zich uit naar het volledige blad.
Retengo Plus Zeker meer zetmeel Eén bespuiting, maximaal resultaat Om de maïsoogst te beschermen tegen bladvlekkenziekten ontwikkelde BASF het fungicide Retengo Plus. Met één preventieve bespuiting stellen maïstelers zo hun zetmeelproductie veilig. Retengo Plus wordt éénmalig gespoten vlak voordat de pluim in de maïs verschijnt. Meestal is dat medio juli. Daarmee worden de maïsplanten optimaal beschermd tegen schimmelziekten. Bijkomend voordeel van Retengo Plus is dat het een middel is met AgCelence effect. Vele onderzoeken wezen uit dat een bespuiting altijd een meerwaarde heeft, ongeacht of de ziektedruk hoog of laag is. Bewezen succes Retengo Plus bestaat uit twee werkzame stoffen. Het kant-en-klare product bevat 133 g/l pyraclostrobin en 50 g/l epoxiconazool. Pyraclostrobin komt uit de chemische groep strobilurines. De werkzame stof heeft preventieve en curatieve eigenschappen en bewees zich al als succesvol ziektebestrijder in vele akkerbouwgewassen, waaronder granen. Een preventieve toepassing zorgt voor het beste resultaat.
Retengo Plus Toename stressbestendigheid In maïs maakt pyraclostrobin de plant weerbaarder tegen stressfactoren. Denk daarbij aan droogte, nachtvorst, windschade, ozon of nutriëntentekort. Sterkste fungicide Epoxiconazool is een sterke en breedwerkende stof uit de chemische groep triazolen. Deze werkzame stof staat bekend om het gunstige neveneffect op de vitaliteit van het gewas. Epoxiconazool bewijst in de granen al jaar op jaar één van de sterkst fungicides te zijn. Retengo Plus is geformuleerd als suspensie-emulsie (SE) en kant-en-klaar voor gebruik. Retengo Plus is verkrijgbaar in verpakkingseenheden van twee keer tien liter. Toepassingsmoment Wanneer de plant in bloei komt, wordt de maïsplant gevoeliger voor schimmelinfecties. Dat komt doordat de bloei veel energie van de plant vergt. Op dat moment slaan helminthosporium en kabatiella doorgaans toe. Voor een preventieve bescherming is een bespuiting kort voor de bloei dus het ideale moment. Spuit Retengo Plus dus in de periode dat het laatste blad (vlagblad) verschijnt tot uiterlijk voor het begin van het in pluim komen van het gewas. Doorgaans is de maïs dan tussen 1,70 meter tot 1,90 meter hoog. Voor een goede indringing in het gewas dient voldoende water te worden gebruikt. Advies: 1,5 liter Retengo Plus vlak voor het in de pluim komen. Retengo Plus 1,5 l/ha
Het bewijs: gezonde maïs met Retengo Plus Onderzoek toont aan dat Retengo Plus effectief bladvlekkenziekten bestrijdt. In Denemarken is al een aantal jaren ervaring opgedaan met de bestrijding van bladvlekkenziekten in maïs. Deense maïstelers die bladvlekken bestrijden, besparen flink op voerkosten. Ze produceren met Retengo Plus beter ruwvoer. Dat komt doordat bladvlekken met Retengo Plus geen kans krijgen en de maïs langer vitaal blijft. Daardoor blijft de zetmeelproductie tot het eind toe doorgaan. Dit resulteert in een hogere melkproductie. In uitgebreide meerjarige veldproeven is de effectieve werking van Retengo Plus op bladvlekkenziekten aangetoond. Ook het PPO in Lelystad voerde deze onderzoeken uit. Zetmeel meeropbrengst (%) 125 Hoger drogestof- en zetmeelgehalte (%) 108 +7,2 100 100 +5,2 Onbehandeld Retengo Plus Lage ziektedruk Hoge ziektedruk Drogestofgehalte Zetmeelgehalte Meer zetmeel Ongeacht de ziektedruk, levert een bespuiting met Retengo Plus altijd meer zetmeel per hectare op. Bijkomend voordeel is de toename van zowel het drogestofgehalte als het zetmeelgehalte ten opzichte van onbehandeld. Retengo Plus
AgCelence effect: vitaler, gezonder, groener Melkveehouders en maïstelers hebben te maken met een stijgende kostprijs, sterk wisselende melkprijzen en toenemende milieu-eisen. BASF begrijpt dat er producten nodig zijn met toegevoegde waarde. Daarom ontwikkelt BASF producten met AgCelence effect. Het AgCelence effect geldt ook voor Retengo Plus. Het verbetert de gezondheid en vitaliteit van het maïsgewas en creëert stresstolerantie. Retengo Plus heeft een positief effect op de mitochondriën, de energiecentrales van de cel. Een cel die langer vitaal blijft geeft een hogere productie. Een vitaal en gezond maïsgewas produceert dus een hoger zetmeelgehalte. Betere stresstolerantie Er zijn veel stressfactoren die uw maïsopbrengst bedreigen. Denk aan ziekten, insecten, droogte, meststoffentekort, warmtestress en wind. Het AgCelence effect verbetert de weerbaarheid tegen deze stressfactoren. Daardoor is er met Retengo Plus bij een lage ziektedruk toch een opbrengstverbetering. Bij maïs vertaalt zich dit concreet in meer groene delen tijdens de hoogproductieve periode. Vervolgens verloopt de afrijping gelijkmatiger, met als resultaat een betere kolfvulling. Haal alles uit uw plant AgCelence effect - betere stresstolerantie - opbrengstverhoging - betere kwaliteit - vitaler gewas, gelijkmatiger gewas
Oogst 250,- extra voederwaarde per hectare Met één toepassing Retengo Plus stijgt de voederwaarde gemiddeld met 250,- per hectare. Door een hogere kilogramopbrengst maïs te oogsten met een kwalitatief betere samenstelling oogst u meer VEM. En dat betaalt zich uit. Veldproeven over vier seizoenen tonen aan dat Retengo Plus een structureel positief effect heeft op de opbrengst. Tussen 2009 en 2012 werden diverse onafhankelijke PPO-proeven en praktijkproeven gevolgd. Meer opbrengst en betere kwaliteit Uitgebreide analyse van de oogst van de verschillende velden toont aan dat de drogestofopbrengst gemiddeld met 850 kilogram per hectare toeneemt. Daarbij komt een plus in het VEM-getal met ruim 25 en het zetmeelgehalte neemt toe met ruim 25 g/kg ds. Voerspecialisten van Schothorst Feed Research in Lelystad berekenden dat dit overeenkomt met een meeropbrengst in voederwaarde (kvem) van 250,-. Altijd rendabel Zowel bij zware als bij lichte infectiedruk is altijd een meeropbrengst vast te stellen. Dit betekent dat de kosten van een bespuiting altijd terugverdiend worden, in de vorm van meer en kwalitatief beter voer. Gemiddeld met Retengo Plus + 850 kg drogestof + 25 VEM + 25 g zetmeel/kg ds + 250,- per hectare Altijd meer voer van betere kwaliteit
Veelgestelde vragen Welke dosering Retengo Plus is aanbevolen? Het advies luidt: 1,5 liter Retengo Plus per hectare. Optimaal tijdstip is kort voor het in de pluim komen van de maïsplanten. De maïs is dan 1,70 meter tot 1,90 meter hoog en al het productieblad is gevormd. Hoe hoog moet de spuitboom kunnen? Net boven de maïs is voldoende. De meeste spuitmachines kunnen dat. De bladeren boven de maïskolf zijn belangrijk voor de zetmeelproductie. Daarom moeten deze bladetages beschermd worden, daar vindt de meeste fotosynthese en dus productie plaats. Veroorzaakt het spuiten geen schade aan het gewas? In praktijkproeven is ervaring opgedaan met het spuiten van een maïsgewas van 1,70 meter tot 2,00 meter hoog. Bij spuiten vóór het in de pluim komen, valt nadien weinig tot geen schade waar te nemen. De stengel is dan nog niet verhout en is dus buigzaam. De maïs in de spuitsporen komt weer overeind. Bij toepassing na het in de pluim komen is er wel meer kans op knakken. Ook na een koude nacht wordt een bespuiting afgeraden. Kan ik niet eerder Retengo Plus toepassen? Spuiten als de maïs lager is kan wel, maar onderzoek wijst uit dat maïstelers dan niet optimaal profiteren van het effect. Bladvlekkenziekten manifesteren zich als de plant verminderde weerstand heeft, meestal pas bij de bloei. Daarom is vóór het in bloei komen het optimale moment om het maïsgewas een bescherming mee te geven. Als de ziektedruk achteraf laag blijkt, spuit ik dan voor niks? Een bespuiting met Retengo Plus verdient zich altijd terug, ook bij lage ziektedruk. Bovendien is de maïsteler ervan verzekerd dat bladvlekkenziekten niet voor problemen kunnen zorgen. Als maïs langer groen blijft, wordt de oogst dan niet later? Nee. De maïs is alleen groener tijdens de hoogproductieve periode. De afrijping verloopt gelijkmatiger en zonder vertraging. Voor het oogstmoment betekent dit meer flexibiliteit.
Effectief tegen vele schimmels Vitaler gewas Meer zetmeel www.retengoplus.nl Retengo Plus is een geregistreerd handelsmerk van BASF. Gebruik gewasbeschermingsmiddelen veilig. Lees voor gebruik eerst het etiket en de productinformatie. BASF Nederland B.V., Divisie Agro Postbus 1019 6801 MC Arnhem www.retengoplus.nl