MUIZENWEEKEND DRENTSE AA VERSLAG VAN EEN VELDWERKGROEPKAMP 12-14 juni 2009 Rapportnummer 2010.31 September 2010 Uitgave van de Zoogdiervereniging Veldwerkgroep
MUIZENWEEKEND DRENTSE AA VERSLAG VAN EEN VELDWERKGROEPKAMP 12-14 juni 2009 Auteur: Paul van Oostveen Foto s: Herman Bouman Paul van Oostveen Carola van den Tempel Uitgave van de Zoogdiervereniging Veldwerkgroep Rapport 2010.30 van de Zoogdiervereniging Nijmegen, september 2010 ISBN 978-90-79924-17-2-2 -
INHOUDSOPGAVE 1. Inleiding 4 2. Livetrap onderzoek 5 2.1 Methode en locatiebeschrijving 5 2.2 Vangsten 9 3 Overige waarnemingen 10 4 Conclusies en aanbevelingen 11 5 Dankwoord 12-3 -
1. INLEIDING Van 5-7 juni 2009 organiseerde de Veldwerkgroep van de Zoogdiervereniging, in samenwerking met enkele Drentse zoogdierliefhebbers, een muizen inventarisatie weekend in het gebied rond de Drentse Aa. De geïnventariseerde terreinen zijn in bezit van Staatsbosbeheer. Met name werd gehoopt om de waterspitsmuis in het gebied aan te tonen. Enkele trekkershutten in het plaatsje Schipborg vormden de uitvalsbasis. - 4 -
2. LIVETRAP ONDERZOEK 2.1 METHODE EN LOCATIE BESCHRIJVING In totaal werden 298 Longworth livetraps uitgezet, verdeeld over een dertiental locaties. De vallen werden grotendeels een tot enkele dagen tevoren op safe uitgezet. Als aas werd een combinatie van kattevoer, pindakaas en appel gebruikt. Het grootste deel van de raaien stond langs (stromende) beekjes. Twaalf raaien stonden twee vangnachten. Tijdens het kamp werd besloten om op het kampterrein ook een aantal vallen uit te zetten, dit leidde tot vallocatie dertien welke één vangnacht heeft gestaan. De vallen werden tweemaal per etmaal gecontroleerd: s ochtends rond 9.00 en s nachts rond 24.00. Hieronder volgt een beschrijving per raai. De locaties van de raaien zijn aangegeven op kaart 1 en 2. Raai 1: Westerse Diep Langs benedenstroom van laaglandbeek in breed beekdal met hooiland vegetatie (Natura-2000 gebied). 20 vallen. 2 vangnachten, 3 nachten geprebait. Raai 2: Zeegse Loop Bronbeekje van ca. 2m breed, aansluitend op Schipborgse Diep. Moerasbroekbos (zwarte els, es) en dotterhooiland met ratelaar, holpij, brede orchis. 20 vallen. 2 vangnachten, 2 nachten geprebait. Raai 3: Kampeerterrein Schipborg Camping, dennenbos met ondertroei van vogelkers en braam. 20 vallen. 1 vangnacht, niet geprebait. Raai 4: Schipborgse Diep Middenloop, breed beekdal, wilgenopslag. 19 vallen. 2 vangnachten, 2 nachten geprebait. Raai 5: Anlooër Diepje ( Vlonders ) Vochtige kruidrijke grazige vegetatie langs stroompje. 20 vallen. 2 vangnachten, 2 nachten geprebait. Raai 6: Oudemolense Diep Middenloop (ca. 5m breed), kwelplekken, dotterhooiland. 20 vallen. 2 vangnachten, 4 nachten geprebait. Raai 7: Loonen Diep bij Bosbroek Vegetatie van wateraardbei, holpijp, dotterbloem, valeriaan, snavelzegge, kleine egelskop. Deel van de vallen langs de hoofdstroom, alwaar veldbies. 29 vallen. 2 vangnachten, niet geprebait. - 5 -
Kaart 1: vallocaties, Noordelijk deel - 6 -
Kaart 2: vallocaties, Zuidelijk deel - 7 -
Raai 8: Smalbroeken Loopje Stroompje met een begroeiing van kleine watereppe, moerasspirea, watermunt, valeriaan, wederik, kleine egelskop, waterweegbree. 20 vallen. 2 vangnachten, niet geprebait. Raai 9: Scheebroeker Loop Beekdalletje. Vallen in en langs afwateringsgreppels dwars op het stroompje. Vegetatie van waterplanten en beekbegeleidende vegetatie, biezenknoppen, kale jonker, holpijp, pennenkruid, moerasspirea, grote zegge, valeriaan, dotterbleodm, echte koekoeksbloem, grasmuur. 30 vallen. 2 vangnachten, niet geprebait. Raai 10: Halkenbroek Deel langs slootje in elzenbosje met veel brandnetel, braam en lijsterbes. Deel in grassig landje met gestreepte witbol, heermoes, pitrus en glanshaver. Deel langs slootkant met zwarte els. 30 vallen. 2 vangnachten, 4 nachten geprebait. Raai 11: de Holmers Aan oever van dichtgegroeid kwelslootje (ijzerrijk) met lisdodde en op de oever vooral pitrus, holpijp en heermoes. 20 vallen. 2 vangnachten, 4 nachten geprebait. Raai 12: Elperstroom Stroetma Grassig pitrusveldje met sterzegge en zwarte zegge. 10 vallen. 2 vangnachten, 4 nachten geprebait. Raai 13: Elperstroom Reitma Deel in rietlandje met zeggevegetatie, langs beekje met zwarte els, braam en kamperfoelie. Deel in rietland langs slootje met vederkruid. Deel in pitrusveldje, ondiep begreppeld. 40 vallen. 2 vangnachten, 4 nachten geprebait. - 8 -
2.2 VANGSTEN Er werden in totaal 23 muizen gevangen waarvan 8 op het kampterrein. De vangsten zijn weergegeven in onderstaande tabel. valnummers 331-350 311-330 481-500 251-259, 301-310 231-250 281-300 452-480 561-580 551-560, 581-600 201-230 260-280 901-910 911-950 raainummer 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 totaal Bosspitsmuis 1 1 Rosse woelmuis 2 2 10 14 Veldmuis 1 1 Aardmuis 1 1 Bosmuis 6 6 Tabel 1: vangstresultaten - 9 -
3. OVERIGE WAARNEMINGEN Meest spectaculair waren de twee waarnemingen van (zeer waarschijnlijke) boommarters. In de nacht van 12-13 juni werd rond 2.00 s nachts bij raai 5 gekrab op een boom gehoord (coördinaten 240-563). In de boom, op ca. 6 meter afstand en 5 meter hoogte, zat een marter. Deze bleef in het licht van de zaklantaars redelijk goed zitten en kon zelfs met een mobiele telefoon worden gefotografeerd zie bijgaande foto s. Omdat de oorranden licht waren en de bef geel kleurde, werd de marter gedetermineerd als boommarter. De tweede boommarter werd gezien op zaterdagavond 13 juni, nabij Elp.(coördinaten 240-544). De groep die de zuidelijke vallen ging controleren was aan de vroege kant en zag onderweg, terwijl de schemering net begon in te vallen, een marter de weg oversteken. Die marter liep vervolgens aan de andere kant van het slootje langs de weg, naar hen toe. De groep stapte uit en kon de marter goed bekijken. Plotseling schot hij een houtwal in (loodrecht op de weg), waarin enkele imposante oude eiken stonden. De groep is de marter nog gevolgd, maar raakte hem ergens bij die grote eiken kwijt. Bij Zuidlaren werden in de nacht van 12-13 juni met de bat-detector een watervleermuis en twee gewone dwergvleermuizen waargenomen. Dezelfde nacht werden ook bij Oudemolen een watervleermuis en een gewone dwergvleermuizen waargenomen. In de driehoek tussen Elp, Schoonloo en Grolloo werden diverse reeën gezien. Langs de N34 (km 90.4) werd op 12 juni een dode egel gevonden. Bij vallocatie 10 (Halkenbroek) werden ca. 16 braakballen van een buizerd gevonden. Daaruit kwamen resten van een aardmuis en van drie mollen tevoorschijn. - 10 -
4. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Helaas werd de waterspitsmuis bij deze inventarisatie niet aangetoond in het Drentse Aa gebied. Het blijkt echter altijd weer een lastig te vangen soort, waar je ook enig geluk bij het vangen voor moet hebben. Het gebied, met de diverse (schone) beekjes en waterloopjes, lijkt echter zeer geschikt voor de waterspitsmuis. Dit is bevestigd bij latere inventarisaties in het gebied, waarbij de waterspitsmuis wél gevangen is. Het aantal vangsten was teleurstellend laag, ondanks dat een groot deel van de vallen diverse nachten geprebait had. Een totaal van 23 vangsten, veel raaien zonder enige muizenvangst en eenderde van alle vangsten notabene in de vallen die tussendoor op de kamplocatie geplaatst waren. Wellicht dat begin juni toch te vroeg in het seizoen was en de muizenpopulaties daarom nog klein. Het kleine aantal muizen werd echter ruim gecompenseerd door de twee prachtige boommarter waarnemingen. - 11 -
5. DANKWOORD Tot slot een woord van dank aan de terreinbeheerder Staatsbosbeheer Drenthe, in de personen van Pauline Arends en Harry Offringa alsmede aan IVN Drenthe voor de sponsoring. En een dankwoord aan Guido Lek voor de organisatie ter plaatse en het uitzetten van vallen alsmede aan Gerrit Krotje voor de hulp bij het uitzetten. De deelnemers waren: Marc Abuys, Herman Bouman, Janien Kamps, Rob Koelman, Gerrit Krotje, Guido Lek, Paul van Oostveen, Piet Oudejans, Harold Steendam, Carola van den Tempel, Joke Verheijen, Simone Vos en Jeroen Willemsen. - 12 -