RAPPORT ALGEMENE KWALITEITS INSPECTIE Codi International B.V. Turbinestraat 13-19 3903 LV Veenendaal Datum onderzoek: 28-02-2008 1. Inleiding 2. Bedrijf Codi International B.V. 3. Functionering van het bestrijdingsplan 4. Beheersing van vliegende insecten 5. Beheersing van knaagdieren 6. Beheersing van kruipende insecten 7. Pissebedden 8. Mogelijke doorgangen en schuilplaatsen 9. Leegstaand kantoorgebouw 10. Waterafvoer 11. Afvalverwerking 12. Algemene hygiëne en slijtage 13. Nooduitgang Codi 1 14. Stapeling en opslag 15. Conclusies 1
1. Inleiding Op donderdag 28 februari 2008 is door Ware Care B.V. te Beuningen een onderzoek uitgevoerd naar de stand van zake betreffende de ongediertebestrijding bij Codi international B.V. te Veenendaal. Deze onderzoeken, die volgens afspraak jaarlijks worden uitgevoerd, is ook ditmaal uitgevoerd door Ware Care B.V. zelf, in de persoon van Nico Colenbrander. (kwaliteitsmanager) Tijdens het onderzoek is het huidige bestrijdingssysteem geëvalueerd en is een inspectie in en rond het pand uitgevoerd, waarbij onder andere werd gelet op de staat van het bestrijdingssysteem, de bouwkundige wering en het algemene hygiëneniveau. Daarnaast is gekeken in hoeverre de aanbevelingen uit de voorgaande rapportage zijn uitgevoerd. Doel hiervan is uiteindelijk in nauwe samenwerking te komen tot een optimale beheersing van de ongedierteproblematiek binnen Codi International. 2. Bedrijf Codi International B.V. Codi International is sinds 1978 gevestigd in Veenendaal waar wet wipe producten worden geproduceerd voor de consumenten- en industriële markten. Het bedrijf is onderdeel van Suominen corporatie, één van de grootste onafhankelijke converters van nonwoven- en tissuemateriaal in Europa. Codi is sinds 1994 in het bezit van het ISO 9001: 2000 certificaat en men produceert onder strikte GMP-regels. Het bedrijf voldoet dan Hoofdingang CODI ook aan zeer strenge kwaliteitsnormen en is voortdurend bezig met het realiseren van verbeteringen. Onlangs is in Codi 15 een geautomatiseerd opslagsysteem voor eindproducten geïnstalleerd en wordt er gewerkt met volautomatische transportmiddelen en robots. 3. Functionering van het bestrijdingsplan Codi werkt sinds kort volgens het Integrated Pest Management (IPM) systeem van Ware Care. Het IPM-systeem is het beste te beschouwen als een manier van denken en doen, gericht op het duurzame voorkomen (en dus niet alleen het bestrijden) van dierplagen in het productieproces en op het terugdringen van het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Dat laatste kan ook door - daar waar mogelijk - alternatieve bestrijdingmethodes toe te passen. Werken volgens de principes van het IPM-systeem betekent dat de weringsmaatregelen zich niet beperken tot de productielocaties, maar dat dierplagen ketengericht worden aangepakt. Het totale detectie en bestrijdingssysteem bij Codi staat dan ook vast geïnstalleerd en is waar mogelijk in kunststof uitgevoerd. Omdat er momenteel inpandig geen besmettingen met knaagdieren voorkomen is het systeem hier in non-tox uitgevoerd. Eventuele opnames door knaagdieren worden digitaal gerapporteerd en kunnen op lokaasniveau of als trendanalyse in grafiekvorm eenvoudig inzichtelijk gemaakt worden. Determinatie en vangstaantallen van insecten zijn eveneens op deze manier beschikbaar. 2
Binnen het IPM systeem wordt standaard 16 keer per jaar een servicebezoek gebracht waarbij afwisselend een binnenronde (inclusief 3 EIV s achter de beveiliging in Codi 15) en een buitenronde waarbij tevens de overige EIV s worden gecontroleerd. Daarbij worden inspecties uitgevoerd op aanwezigheid van sporen van ongedierte, huishoudelijke tekortkomingen en bouwkundige gebreken. Het plaagdier beheersplan is volledig en volgens het IPM systeem opgezet en wordt correct onderhouden. 4. Beheersing van vliegende insecten. Codi heeft veel maatregelen genomen om de overlast van vliegende insecten terug te dringen wat resulteert in aanmerkelijk lagere vangsten op de EIV s. Bij de toegang van Codi 1 is een professioneel luchtgordijn aangebracht waardoor vliegende insecten bij openstaande deuren worden tegengehouden. Op diverse plaatsen zijn extra strokengordijnen gemonteerd waardoor er opnieuw minder insecten tot in de productieruimte kunnen komen. De echte test of de genomen maatregelen goed werken volgt als het insectenseizoen begint. Foto 1 Nieuw luchtgordijn Foto 2 Nieuw strokengordijn Enkele aandachtspunten hierbij zijn de momenteel niet automatisch sluitende deuren in de gang bij Codi 14 (begane grond, zie foto 3) en bovenin bij Codi 11. Bij de deur op de begane grond van Codi 11 loopt nog een actie voor plaatsing van een strokengordijn. Foto 3 Gang Codi 14 Foto 4 Open deur Codi 11 Ter monitoring en bestrijding van vliegende insecten hangen door het gehele pand Elektrische Insecten Vangers (EIV s) op lijmbasis, die zijn voorzien van feromonen voor motjes. Het onderhoud van de EIV s bestaat uit tellen en determineren van de gevangen insecten, het vervangen van de lijmplaten en 3
jaarlijks periodiek onderhoud waarbij het apparaat wordt doorgemeten, schoongemaakt en de splintervrije UVa lampen worden vervangen. De serviceronde voor vervanging van de TL buizen is de voorgaande dag uitgevoerd en dit is op ieder toestel aan de onderzijde aangegeven. Foto 5 EIV in fabrieksgang Foto 6 Datering onder EIV s 5. Beheersing van knaagdieren. Momenteel zijn er inpandig geen problemen met knaagdieren, het systeem is hier terecht op non-tox gezet. Rondom het pand is een cordon rat/muisboxen aangebracht waar regelmatig van het toxische lokaas wordt gegeten. In box 69 (linkerzijde voor Codi 1) zijn enkele rattenkeutels aangetroffen, hier was de laatste keer sprake van opname van het lokaas. Foto 7 Lokaasdepot Tomcat RTU Foto 8 Non-tox lokaas in depot Foto 9 Rat/muisbox op grindbed Foto 10 Rattenkeutels in box 69 4
6. Beheersing van kruipende insecten. Voor kruipende insecten waaronder kakkerlakken zijn kunststof insectenvallen, zogenaamde predators geplaatst, die zijn voorzien van een lijmvel waarin als lokstof feromonen zijn verwerkt. Deze vallen worden iedere ronde gecontroleerd en voorzien van een vers lijmvel en zonodig schoongemaakt. Onlangs is het aantal predators uitgebreid en zijn aan beide zijden van de meeste toegangsdeuren lijmvallen geplaatst. Overigens zijn er ook enkele wat grotere pestmonitoren aanwezig waarop in Codi 11 pissebedden zijn aangetroffen. Foto 11 Predator Foto 12 Lijmvel in predator Foto 13 Pestmonitor (Rechts) Foto 14 Pissebedden op detectie 7. Pissebedden Pissebedden zijn geen insecten, maar behoren tot de orde van de Isopoda (kreeftachtige of schaaldieren). Het zijn vochtminnende diertjes die vooral buiten, op vochtige plaatsen en in tuinen voorkomen. Rond het leegstaande kantoorgebouw dat grenst aan Codi 11 worden zeer grote hoeveelheden pissebedden aangetroffen, o.a. onder een putdeksel en in rat/muisboxen. Omdat de wering onder de deuren gebrekkig is kunnen ze eenvoudig bij Codi naar binnen en er worden dan ook in de directe omgeving van het kantoorgebouw grote hoeveelheden (dode) pissebedden aangetroffen. Pissebedden zijn minder gevoelig voor chemische bestrijdingsmiddelen, oplossing van de problematiek kan gevonden worden in dichtmaken van naden en kieren en schoonmaken, droogstoken en ventileren van de ruimtes. 5
Foto 15 Pissebedden bij put Codi 11 Foto 16 Pissebed (archieffoto) Foto 17 Deur binnenzijde Codi 12 omgeving put, veel pissebedden Foto 18 Kier onder roldeur (codi 12) Ook hier veel pissebedden 8. Mogelijke doorgangen en schuilplaatsen Ondanks dat het pand bouwkundig vrij goed dicht zit zijn er nog plaatsen te vinden waar mogelijk plaagdieren het pand binnen kunnen dringen. Eenmaal binnen zullen plaagdieren schuilplaatsen zoeken waar ze zich kunnen voortplanten. Navolgende situaties geven een (beperkt) overzicht van dit soort plaatsen, het is aan Codi om te beoordelen of er verbetering gewenst en mogelijk is. Foto 19 Openstaande buitendeur Foto 20 Openingen bij milieustraat 6
Foto 21 Gat bij rubber roldeur Codi 11 Foto 22 Kier onder roldeur Codi 12 Foto 23 Kabeldoorvoer buiten bij TD Foto 24 Open dilletatievoeg buiten bij TD Foto 25 Openingen laadperron Codi 11 Foto 26 Vervuiling onder laadperron Foto 27 Opening wand CPR Codi 12 Foto 28 Gat in buitenwand foto 27 7
Foto 29 Open spouwtoegang foto 27 Foto 30 Doorvoergaten in vloer Codi 15 Foto 31 Wandopening Codi 14 (IFO1) Foto 31 Vervuiling (detail foto 31) Foto 33 Opening stelcomplaten (milieu) Foto 34 Ruimte onder stelcomplaten 9. Leegstaand kantoorpand Het eerder genoemde leegstaande kantoorpand bij Codi 11 staat al geruime tijd leeg waardoor zich ongemerkt een probleem met plaagdieren kan ontwikkelen. Om dit te kunnen controleren is afgesproken dat voor het eerstvolgende bezoek van de bestrijdingstechnicus een sleutel beschikbaar is. 8
Foto 35 Leegstaand kantoorpand Foto 36 Kapotte regenpijp kantoorpand 10. Waterafvoer Schrobputten vormen in een pand vaak een noodzakelijk kwaad en hebben veel onderhoud nodig. In de milieustraat en in de kelder onder Codi 15 zijn nog steeds open opvangbakken voor water aanwezig die bij voorkeur afgedekt worden. Dit voorkomt dat er een broedplaats voor muggen kan ontstaan. De roosterput buiten bij de afvalopslag dient regelmatig doorgespoeld te worden. Schrobputten in productieruimtes ook bij voorkeur met een gesloten deksel uitvoeren. Foto 37 Waterbak milieustraat Foto 48 Wateropvang kelder Codi 15 Foto 39 Open put buiten bij milieustraat Foto 40 Put Codi 1 (IFO4) 9
11. Afvalverwerking Afvalverwerking dient bij voorkeur afgesloten te gebeuren. Fruitafval in de open afvalbak op het parkeerdek trekt onnodig plaagdieren aan. Bij een lift (Codi 15) staat een open afvalbak die langere tijd niet is geleegd. Buiten bij de milieustraat is ook verbetering mogelijk, dit is wel een lastige situatie om tiptop in orde te houden. Er is min of meer voor gekozen om de milieustraat als een soort eerste buffer te gebruiken, bouwkundig is het hier lastig dicht te krijgen. Foto 41 Afvalbak op dak Foto 42 Afvalbak bij lift Codi 15 Foto 43 Opvangbak container Foto 44 Open containers Foto 45 Open emmer (olie?) Foto 46 Openstande deur 10
12. Algemene hygiëne en slijtage De hygiëne ligt bij Codi over het algemeen op een hoog niveau. Binnen een groot complex zijn echter altijd wel plaatsen aan te wijzen waar verbetering mogelijk is, vaak betreft het incidenten. Slijtage aan wanden en vloeren dient tijdig verholpen te worden om onnodige vervuiling en mogelijke schuilplaatsen te voorkomen. Foto 47 Vervuiling hoek milieustraat Foto 48 Spinrag bij raam Codi 11 Foto 49 Kapotte vloer Codi 11 Foto 50 Aanrijdschade in gang Foto 51 Verzakking laadperrons Codi 11 Foto 52 Kieren langs wanden Codi 11 11
13. Nooduitgang Codi 1 Omdat er onlangs enkele pissebedden bij Codi 1 (nooddeur bij IF4) zijn aangetroffen is deze deur aan de onderzijde dicht gekit. Het is beter om ook hier predators binnen naast de deur te plaatsen, het blijft een vochtige omgeving met een deur die altijd weer te openen is. Foto 53 Binnenzijde nooduitgang Codi 1 Foto 54 Buitenzijde 14. Stapeling en opslag Voor een optimale controle en eventuele bestrijding mogen goederen en materialen niet tegen wanden worden gestapeld. Hierbij is een afstand van minimaal 50 cm van de wand en 30 cm boven de vloer optimaal, hierdoor wordt tevens het schoonmaken eenvoudiger. Opslag bij Codi voldoet niet overal aan deze normen voor de Pest Control. Bij de buren zijn bouwmaterialen tegen de buitenmuur van Codi 11 gestapeld waardoor schuilplaatsen voor plaagdieren in de directe omgeving van het pand mogelijk zijn. Foto 55 Opslag op de vloer Codi 13 Foto 56 Opslag tegen buitenmuur 12
15. Conclusies Binnen Codi International is er veel aandacht voor bestrijding en beheersing van plaagdieren en er zijn goede verbeteringen gerealiseerd waardoor er minder risico s op besmettingen met plaagdieren aanwezig zijn. Bestrijdingstechnisch ligt er een goed systeem dat correct wordt onderhouden. Omdat het pand waarin Codi is gevestigd kwalitatief hoogwaardig is en goed wordt onderhouden zijn de in dit rapport genoemde punten geen knelpunten, maar als er onvoldoende aandacht aan wordt besteed kunnen er op den duur problemen ontstaan en is de verwachting dat het besmettingsrisico zal stijgen. Het probleem met de pissebedden kan door de juiste maatregelen te treffen beter beheerst worden. Hiervoor dient ook een inspectie in het leegstaande kantoorpand uitgevoerd te worden. Door een goede samenwerking en een open communicatie wordt gestreefd naar een optimale balans tussen de bestrijding en bedrijfsvoering. Waar mogelijk moet gekeken worden of er structurele verbeteringen aangebracht kunnen worden. Aandacht voor de wering van dierplagen blijft van het allergrootste belang. 13