Welzijn en opleidingen

Vergelijkbare documenten
Inhoudsopgave TITEL I: ALGEMENE BEGINSELEN TITEL II: ORGANISATORISCHE STRUCTUREN. HOOFDSTUK IV: Maatregelen in verband met ernstige arbeidsongevallen

Inhoudsopgave TITEL II: ORGANISATORISCHE STRUCTUREN TITEL I: ALGEMENE BEGINSELEN. HOOFDSTUK I: Welzijnswet werknemers

Verplichtingen inzake opleidingen - Welzijn op het werk

Codex over het welzijn op het werk. Boek I.- Algemene beginselen. Titel 2. Algemene beginselen betreffende het welzijnsbeleid

Vreemde talen op de bouwplaats

Het kader van het Welzijn op het Werk Toelichting bij de wet van 4 augustus 1996

1 Beschrijving. Infofiche Nr /2017. Kleedkamers, refters, wastafels en toiletten in de werkplaatsen en burelen 1/5

1 Beschrijving. Infofiche Nr /2017. Kleedkamers, refters, wastafels en toiletten in de werkplaatsen en burelen 1/5

Welzijn op het Werk in 2017

Koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (B.S

Focus op het dynamisch risicobeheersingssysteem

Dienst belast met medisch Niet noodzakelijk C., T.IV, H.VII, art. 27

Veiligheidswetboek ARAB en Codex 2013

ONTHAAL EN BEGELEIDING VAN BEGINNENDE WERKNEMERS

Communicatiekanalen in bedrijven

Verplichtingen inzake opleidingen - Welzijn op het werk

Focus op de Codex welzijn op het werk 2017/1

Jongeren en stagiairs: wettelijk kader

Tabel B: Omzetting van de Richtlijnen "Veiligheid en gezondheid van de werknemers" (artikel 137)

Pijn aan mijn lijf! Praktische tools ter voorkoming van overbelastingsletsels in de bouwsector

Risicoanalyse (RA) Overzicht. = Risico inventarisatie en evaluatie (RIE) 1. Risicoanalyse en het wettelijk kader. 2.

Vereniging van externe diensten voor preventie en bescherming op het werk

Opstellen GPP en JAP op basis van verslagen. Els Fias

ARAB + Welzijnswet Elektrisch materieel in 82/130/EEG( ) PBL-L 59( )

Welzijnsbeleid - Risicoanalyse

Wat is de rol van een Externe Dienst voor Technische Controles/Erkend Organisme binnen het kader van het Koninklijk Besluit van

27 MAART KONINKLIJK BESLUIT BETREFFENDE HET BELEID INZAKE HET WELZIJN VAN DE WERKNEMERS BIJ DE UITVOERING VAN HUN WERK

Toezicht op het Welzijn op het Werk

Codex over het welzijn op het werk. Boek I.- Algemene beginselen. Titel 1. Inleidende bepalingen

Hoofdstuk I. - Bepalingen betreffende de collectieve beschermingsmiddelen. Afdeling 1. - Toepassingsgebied en definities

Opleiding niveau Brandweerman. Hoofdstuk 3 Arbeidsveiligheid. Kapt. Jean-Paul Heyens

Welke taken zijn voor het uitzendkantoor?

Concordantietabel boek III Arbeidsplaatsen van de codex welzijn op het werk

Concordantietabel boek III Arbeidsplaatsen van de codex welzijn op het werk

KB van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk

CO-PREV. Vereniging van externe diensten voor preventie en bescherming op het werk

Belangrijke wijzigingen in de welzijnsreglementering

Hulpverleningszones: tijd voor een zonaal verhaal 21 november 2016

Codex over het welzijn op het werk. Boek IX.- Collectieve bescherming en individuele uitrusting. Titel 1. Collectieve beschermingsmiddelen

Concordantietabel boek I Algemene beginselen van de codex welzijn op het werk

Interimarbeid - Wettelijk kader betreffende het welzijn van de uitzendkracht

Persoonlijke Beschermingsmiddelen

Arbeidsplaatsen Elektrische installaties - Algemeen. Infodocument

Vademecum Welzijn op het werk

Omstandig verslag ernstig arbeidsongeval (KB )

Identificatiedocument Groep C- / D 1

Vademecum Welzijn op het werk 3

Risicoanalyse van de elektrische installatie. Praktische werkwijze

Concordantietabel boek V Omgevingsfactoren en fysische agentia van de codex welzijn op het werk

Codex over het welzijn op het werk. Boek X.- Werkorganisatie en bijzondere werknemerscategorieën. Titel 2. Uitzendarbeid

Preventie en welzijn. Kris De Troyer 8/12/2017. w w w. c r e s e p t. b e. All rights reserved"

Bescherming van stagiairs

Koninklijk besluit van 15 december 2010 tot vaststelling van maatregelen betreffende het welzijn op het werk van uitzendkrachten (B.S

INNI publishers. Division of INNI group 11/10/2016. Juridische en professionele publicaties. Overheden, juristen, bedrijven, preventieadviseurs,...

IPV - Opleidingsadviseur van de voedingssector

Identificatiedocument Groep C- / D 1

De rol van het comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW) Wetgeving

Risicoanalyse van een werkpost. in een onderneming of instelling

Jobstudenten Preventie, bescherming en veiligheid. 31 mei 2016

Risicoanalyse en werkpostfiches stagiairs schooljaar

Ontwerp-KB: periodiciteit van medisch toezicht

Welzijn van uitzendkrachten: nieuwe bepalingen

TWW - partner of controleur?

Nieuw in Te verwachten in Pieter Bolle TWW West-Vlaanderen 20 januari 2015

Afbraakwerken Wettelijk kader. 17 maart 2016 ir. Tom Vermeersch sociaal inspecteur TWW- FOD WASO

Consensus Beleidsadvies

Voorbeeld (niet limitatief) van de omzetting van het K.B elektrische installaties in een GLOBAAL PREVENTIEPLAN

Wat staat er in de Codex over het Welzijn op het Werk over asbest? Luc Neyens Toezicht op het welzijn op het werk

Koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (B.S

OMSTANDIG VERSLAG ERNSTIG ONGEVAL (volgens KB )

De definities die hier gegeven zijn slaan enkel op deze projecten voor niet particuliere doelen

24 APRIL Koninklijk besluit tot wijziging van diverse bepalingen inzake welzijn op het werk (1)

Tel. 014/ Algemene gegevens van de instelling. Functieomschrijving: 5. Beeldschermwerk: geen minder dan 4uur 4 tot 8 uur

Risicoanalyse en werkpostfiches stagiairs schooljaar

... Identificatiedocument/contactfiche inzake Dienst voor Preventie en Bescherming IDENTIFICATIE VAN DE WERKGEVER

Uw verantwoordelijkheid bij een arbeidsongeval van een uitzendkracht

Interventies aan machines Consignatieprocedure Paul Van Haecke FOD WASO AD Toezicht op het Welzijn op het Werk

Risicoanalyse en preventiemaatregelen

KB s 24 april 2014 Gezondheidstoezicht

Risicoanalyse en werkpostfiches stagiairs schooljaar

LICHTE ONGEVALLEN Nota over de wetgeving

Een arbeidsongeval: wat nu?

15 DECEMBER Koninklijk besluit tot vaststelling van maatregelen betreffende het welzijn op het werk van <uitzendkrachten> (1)

Risicoanalyse en werkpostfiches stagiairs schooljaar

Focus op collectieve beschermingsmiddelen 2013/5

ALGEMENE BEVOEGDHEDEN VAN HET COMITE PBW OP GROND VAN ART. 65 VAN DE WELZIJNSWET ( 1 )

1 Beschrijving. 2.1 Mechanische trillingen Bespreking per hoofdstuk:

Identificatiedocument Groep A / B / C+ 1

Risicoanalyse van een werkpost in een onderneming of instelling voor stagiairs, buitengewoon secundair, hoger en valwassenenonderwijs

Werkpostfiche Ambulancier/MUG

Transcriptie:

Welzijn en opleidingen De wetgeving over het welzijn op het werk verplicht werkgevers de nodige maatregelen te nemen om het welzijn van de werknemers te bevorderen tijdens de uitvoering van hun werk. Een van de maatregelen om risico s op de arbeidsplaats te vermijden, is opleiding die zich toespitst op het welzijn van de werknemers. Wat zijn de opleidingsverplichtingen voor ondernemingen uit de bouwsector? Ieder zijn rol De werkgever speelt een cruciale rol bij de keuze en de organisatie van de wettelijk verplichte opleidingen rond welzijn op het werk. Hij is echter niet de enige die zich hiermee inlaat. We bekijken van dichterbij wat ieders rol is. De werkgever Op basis van de risicoanalyses en het globaal preventieplan dat hij in zijn onderneming opgemaakt heeft, moet de werkgever bepalen welke opleidingen die zich toespitsen op welzijn nodig zullen zijn en moet hij een opleidingsprogramma opstellen voor de hiërarchische lijn en de werknemers. De wetgeving over het welzijn op het werk verplicht de werkgever om passende instructies te verschaffen aan de werknemers. Hij moet ook rekening houden met deze instructies bij het opstellen van zijn opleidingsprogramma. Hij moet zorgen dat de opleidingen aan bepaalde eisen voldoen: ze moeten voldoende en aangepast zijn in verband met het welzijn van de werknemers, ze moeten speciaal gericht zijn op hun werkpost en hun functie, ze moeten aangepast zijn aan de ontwikkeling van de risico s en aan het ontstaan van nieuwe risico s, de kosten van deze opleidingen mogen niet ten laste zijn van de werknemers, ze moeten gegeven worden tijdens de werkuren, indien nodig moeten ze op gezette tijden herhaald worden. Ze moeten gegeven worden: bij de indienstneming van een werknemer, bij een overplaatsing of verandering van functie van een werknemer, bij de invoering van een nieuw arbeidsmiddel of bij een verandering van een arbeidsmiddel, bij de invoering van een nieuwe technologie. Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 5 1 k). KB van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 9, 18, 21.

Over het algemeen laat de wetgeving de werkgever vrij kiezen door wie deze opleidingen gegeven worden en of ze in de onderneming zelf of door een externe instantie gegeven worden. Bepaalde opleidingen moeten echter verplicht gegeven worden door (erkende) externe instanties: preventieadviseurs niveau I en II, duikers, aan asbest blootgestelde werknemers, hulpverleners, uitzendkrachten van de bouwsector. Koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk: art. 22 Koninklijk besluit van 23 december 2003 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s bij werkzaamheden in een hyperbare omgeving: art. 25 Koninklijk besluit van 16 maart 2006 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s van blootstelling aan asbest: art. 69 Koninklijk besluit van 15 december 2010 betreffende de eerste hulp die verstrekt wordt aan werknemers die slachtoffer worden van een ongeval of die onwel worden : art. 2,2, 7 2, 9-11 CAO van 24 juni 2005 tot vaststelling van de voorwaarden en modaliteiten van de uitzendarbeid in het bouwbedrijf: art. 3 De interne en externe dienst voor preventie en bescherming (IDPB/EDPB) De IPPB (of de EDPB als de bouwonderneming minder dan 50 werknemers in dienst heeft) heeft de opdracht om advies te verlenen over de vorming van de werknemers: bij de indienstneming van een werknemer, bij een overplaatsing of verandering van functie van een werknemer, bij de invoering van een nieuw arbeidsmiddel of bij een verandering van arbeidsmiddel, bij de invoering van een nieuwe technologie. De IDPB (of de EDPB als de bouwonderneming minder dan 50 werknemers in dienst heeft) heeft ook de opdracht om voorstellen te doen voor de vorming van de werknemers. De IDPB moet samenwerken met de EDPB door advies te verstrekken in verband met de maatregelen inzake vorming. De preventieadviseur van de IDPB of de EDPB moet de nodige schriftelijke instructies voor de werking, de gebruikswijze, de inspectie en het onderhoud van de arbeidsmiddelen viseren of aanvullen. Op grond van de resultaten van de periodieke gezondheidsbeoordeling en wanneer de gezondheidstoestand van de werknemer dit vereist, kan de preventieadviseurarbeidsgeneesheid voorstellen doen in verband met opleidingen. De preventieadviseur-arbeidsgeneesheid moet een voorafgaand advies geven over het opleidingsprogramma rond asbest en de uitvoering ervan.

Koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk: art. 5-8, 5-9, 12-4 Koninklijk besluit van 12 augustus 1993 betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen: art. 7 Koninklijk besluit van 28 mei 2003 betreffende het gezondheidstoezicht op de werknemers: art. 34 Koninklijk Besluit van 16 maart 2006 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s van blootstelling aan asbest: art. 38 De hiërarchische lijn De leden van de hiërarchische lijn hebben de taak: te controleren of de verdeling van de taken zo gebeurd is dat de verschillende taken worden uitgevoerd door de werknemers die de daartoe vereiste bekwaamheid hebben en de daartoe vereiste opleiding en instructies hebben ontvangen, te waken over de naleving van de instructies die verstrekt moeten worden inzake het welzijn van de werknemers, zich ervan te vergewissen dat de werknemers de gekregen inlichtingen begrijpen en in praktijk brengen; Koninklijk besluit van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 13-5, 13-6 et 13-7 De werknemer De werkgever moet voldoen aan een reeks eisen, overeenkomstig zijn opleiding en ontvangen instructies, zoals bijvoorbeeld op de juiste wijze gebruik maken van de arbeidsmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen, de specifieke veiligheidsvoorzieningen van met name machines, toestellen, gereedschappen, installaties en gebouwen niet willekeurig uitschakelen, veranderen of verplaatsen, op de juiste wijze gebruik maken van dergelijke veiligheidsvoorzieningen,... Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk : art. 6 Het comité voor preventie en bescherming op het werk (CPBW) Allereerst herinneren we eraan dat alle taken van het CPBW in de bouwsector uitgevoerd worden door de vakbondsafvaardiging en/of de vertegenwoordiger hiervan. Het CPBW heeft als taak de propagandamiddelen en de maatregelen in verband met opleiding op het vlak van preventie en bescherming op het werk uit te werken en in toepassing te brengen in de domeinen die hem eigen zijn. Het CPBW moet een voorafgaand advies geven over het opleidingsprogramma rond asbest en de uitvoering ervan.

Koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de opdrachten en de werking van de Comités voor preventie en bescherming op het werk: art. 5 Koninklijk besluit van 16 maart 2006 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s van blootstelling aan asbest: art. 38 Welke opleidingen? In de onderstaande tabel vindt u de thema s waarvoor een opleiding verplicht is (overeenkomstig de risicoanalyse) en de verwijzing naar de wetgeving (benaming van de wettekst en artikelnummer(s)). Een volledig overzicht met de benaming van de wettekst, artikelnummer(s) en het volledige artikel vindt u op onze site www.navb.be > Welzijnsinfo > In de praktijk > Mens. Thema Verwijzing naar de wetgeving Psychosociale risico s Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 32 quater Koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, art. Zones met ernstige en specifieke gevaren Instructies bij ernstig en onmiddellijk gevaar Veiligheidssignalering Elektrische installaties Opslag van ontvlambare vloeistoffen Explosieve atmosferen Hefwerktuigen 53, 54, 60-62 KB van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 20 KB van 27 maart 1998 betreffende het beleid inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 23 Koninklijk besluit van 17 juni 1997 betreffende de veiligheids- en gezondheidssignalering op het werk: art. 3 Koninklijk besluit van 4 december 2012 betreffende de minimale voorschriften inzake veiligheid van elektrische installaties op arbeidsplaatsen. Art. 18 en volgende Koninklijk besluit van 13 maart 1998 betreffende de opslag van zeer licht ontvlambare, licht ontvlambare, ontvlambare en brandbare vloeistoffen: art. 66 Koninklijk besluit van 26 maart 2003 betreffende het welzijn van de werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen: bijlage II 1.1, 1.2 Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen: bijlage III B Afdeling II 7 Voertuigen en machines Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de voor grondverzetwerkzaamheden tijdelijke of mobiele bouwplaatsen: bijlage III B Afdeling II en 8b materiaalverlading Installaties, machines, Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de

uitrustingen Hyperbare omgeving Duikers Lawaai Trillingen Chemische agentia Kankerverwekkende en mutagene agentia tijdelijke of mobiele bouwplaatsen: bijlage III B Afdeling II 9.a)-4 Koninklijk besluit van 23 december 2003 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s bij werkzaamheden in een hyperbare omgeving: art. 14 Koninklijk besluit van 23 december 2003 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s bij werkzaamheden in een hyperbare omgeving: art. 25 Koninklijk besluit van 16 januari 2006 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van lawaai op het werk: art. 15-4, 22 Koninklijk besluit van 7 juli 2005 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van mechanische trillingen op het werk: art. 14-6, 17 Koninklijk besluit van 11 maart 2002 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van chemische agentia op het werk: art. 29-3, 29-5, 55 Koninklijk besluit van 2 december 1993 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's van blootstelling aan kankerverwekkende en mutagene agentia op het werk: art. 6-9, 7-2, 13 Asbest Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 6 bis Biologische agentia Arbeidsmiddelen Beeldschermen Mobiele arbeidsmiddelen Werkzaamheden hoogte op Gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) Koninklijk besluit van 16 maart 2006 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico s van blootstelling aan asbest: art. 38, 51, 69, 70, 71 Koninklijk besluit van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's bij blootstelling aan biologische agentia op het werk: art. 29, 32 Koninklijk besluit van 12 augustus 1993 betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen: art. 6, 7 Koninklijk besluit van 27 augustus 1993 betreffende het werken met beeldschermapparatuur: art. 5 Koninklijk besluit van 4 mei 1999 betreffende het gebruik van mobiele arbeidsmiddelen: art. 14-1 Koninklijk besluit van 31 augustus 2005 betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen voor tijdelijke werkzaamheden op hoogte: art. 11, 12, 13, 14, 18, 19, 22, 23 Koninklijk besluit van 13 juni 2005 betreffende het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen: art. 22, 23, 24, 25

Manueel hanteren van lasten Collectieve bescherming Koninklijk besluit van 12 augustus 1993 betreffende het manueel hanteren van lasten: art. 10 koninklijk besluit van 30 augustus 2013 tot vaststelling van algemene bepalingen betreffende de keuze, de aankoop en het gebruik van collectieve beschermingsmiddelen. Art. 22 Alcohol en drugs Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 100 van 1 april 2009 betreffende het voeren van een preventief alcohol- en drugsbeleid in de onderneming: art. 2, 9 Bepaalde categorieën van werknemers moeten een specifieke opleiding volgen : Categorie werknemers van Verwijzing naar de wetgeving Preventieadviseur Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 39 Koninklijk Besluit van 27 maart 1998 betreffende de Interne Dienst voor Preventie en Bescherming op het werk: art. 21, 22, 23, 24 Koninklijk besluit van 17 mei 2007 betreffende de vorming en de bijscholing van de preventieadviseurs van de interne en externe diensten voor preventie en bescherming op het werk: heel het KB. Vertrouwenspersoon Koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, art. 60 Hiërarchische lijn Koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, art. 54 Koninklijk besluit van 13 juni 2005 betreffende het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen: art. 22 Jongeren Koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de bescherming Stagiairs van de jongeren op het werk: art. 3 2e, 11 2-2 Koninklijk besluit van 21 september 2004 betreffende de bescherming van de stagiairs: art. 5 Uitzendkrachten Koninklijk besluit van 19 februari 1997 tot vaststelling van maatregelen betreffende de veiligheid en de gezondheid op het werk van uitzendkrachten: art. 5 CAO van 24 juni 2005 tot vaststelling van de voorwaarden en modaliteiten van de uitzendarbeid in het bouwbedrijf: art. 3 Hulpverleners Koninklijk besluit van 15 december 2010 betreffende de eerste hulp die verstrekt wordt aan werknemers die slachtoffer worden van een ongeval of die onwel

worden : art. 2,2, 7 2, 9-11 Koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen: bijlage III A 13a Koninklijk besluit van 31 augustus 2005 betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen voor tijdelijke werkzaamheden op hoogte: art. 22-9 Werknemers van Wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de ondernemingen van werknemers bij de uitvoering van hun werk: art. 9 1 buitenaf CPBW Koninklijk besluit van 10 april 2014 betreffende de preventie van psychosociale risico's op het werk, art. 53 Koninklijk besluit van 3 mei 1999 betreffende de opdrachten en de werking van de Comités voor preventie en bescherming op het werk: art. 30 Koninklijk besluit van 16 januari 2006 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van lawaai op het werk: art. 22 Koninklijk besluit van 7 juli 2005 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van mechanische trillingen op het werk: art. 17 Koninklijk besluit van 11 maart 2002 betreffende de bescherming van de gezondheid en de veiligheid van de werknemers tegen de risico s van chemische agentia op het werk: art. 29-3, 29-5 Koninklijk besluit van 2 december 1993 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's van blootstelling aan kankerverwekkende en mutagene agentia op het werk: art. 13 Koninklijk besluit van 4 augustus 1996 betreffende de bescherming van de werknemers tegen de risico's bij blootstelling aan biologische agentia op het werk: art. 29