INGENIEURSBUREAU A. PALTE B.V. VALKENBURG AAN DE GEUL DOCUMENT: 420077-RAP-002 PAGINANUMMER 1. Notitie hoofdconstructeur De hoofdconstructeur van het gebouw heeft in een notitie opgesteld bij het rapport. Deze notitie is op de volgende pagina s gegeven en voorzien van reacties.
2
3 De scheurvorming is het gevolg van onvoldoende samenhang in het gebouw. Schijfwerking van de vloeren kan niet ontstaan, zodat er ook geen scheurenpatroon gerelateerd aan het bezwijken van een vloerschijf hoeft te worden waargenomen. De constructie is onderhevig aan windbelastingen, belastingen als gevolg van excentriciteiten en belastingen ten gevolge van scheefstanden. Omdat schijfwerking van de vloeren niet kan ontstaan, worden de horizontale belastingen niet afgedragen naar de stabiliteitswanden. De begane grondvloer kan hierdoor ook onderhevig zijn aan horizontale belastingen. Verder is op de begane grond een groot aantal scheuren veroorzaakt door rotatie van de vloeren boven de balken en zware metselwerkwanden op de vloer. De waargenomen scheurvorming is in grootte en aantal zeker niet gangbaar voor het gebruikte vloertype in combinatie met het type hoofddraagconstructie. Tijdens de bouw is eind 2004 scheurvorming geconstateerd. Ook na oplevering en voor begin 2012 zijn scheuren waargenomen.
4 Gedurende de onderzoeksperiode is geen lagere relatieve luchtvochtigheid gemeten, dan geregistreerd voor de onderzoeksperiode. Indien de scheurvorming zou zijn veroorzaakt door uitdroging, zou de scheurvorming in meer wanden in het gebouw zijn opgetreden. Dit is niet het geval. De scheurvorming in de wanden is enkel op een aantal posities geconstateerd. Er is niet alleen een plotselinge toename van de scheuren in de balk waargenomen, maar ook in het gevelmetselwerk buiten. Door de zeer snelle en omvangrijke toename van de scheuren in enkele dagen was het niet mogelijk om ook de scheurwijdte in kaart te brengen. Uit de controleberekening volgt dat de balk niet voldoet aan de tijdens de bouw geldende en vastgestelde eisen.
5 De balk is in het definitieve rapport beschouwd zonder torsiebelasting. De flankwapening is niet in rekening gebracht, omdat deze nodig is om de scheurwijdte te beperken. Er is waargenomen dat de balk op enkele posities een scheefstand heeft. Er is niet waargenomen dat de balk is gaan verdraaien. Dit duidt erop dat de fundering voldoet aan de vervormings-criteria. Of de fundering de belastingen ook met voldoende veiligheid kan opnemen is hiermee niet aangetoond. Op geen van de onderzochte posities is een doorkoppeling van de stalen liggers of een volledige betonvulling van de ruimte tussen de flenzen aangetroffen.
6 Deze verbinding is op de tekeningen voorgeschreven voor de randliggers vanaf de tweede verdieping en hoger. Ook dan voldoen de voegen niet overal, omdat de druk in de drukboog onvoldoende is of de drukboog niet kan ontstaan. Deze toetsing is uitgevoerd om te controleren of bij een volledig functionerende vloerschijf, de voegen kunnen voldoen. Omdat niet aan alle voorwaarden voor een vloerschijf wordt voldaan, kan de drukboog niet ontstaan en kan er geen schuifspanning via wrijving worden overgebracht. Herverdeling van trekkrachten op de palen leidt bij deze constructie niet tot compensatie, maar tot trekkrachten in meer palen.
7 De horizontale belastingen uit de stabiliteitswanden zijn al verdeeld over meer palen. Voor een verdeling over nog meer palen dient de begane grondvloer als een vloerschijf te kunnen werken. Hiervoor ontbreekt de samenhang in de begane grondvloer. Inklemming van de palen in de fundering geeft nog grotere krachten in de palen. Onder de begane grond ligt een kruipruimte. De horizontale weerstand van de grond is dan minimaal. Deze weerstand van de grond wordt ook niet gerekend, omdat er rekening gehouden dient te worden met het ontgraven van de grond. De richtlijnen voor de koppelingen van kanaalplaten en stalen geïntegreerde liggers werden voor 2003 ook al gehanteerd. De geïntegreerde stalen liggers zijn voorzien van een 30 minuten brandwerende coating. Dit is niet in alle gevallen voldoende. Door de scheurvorming gaan de vloeren uit steeds meer onsamenhangende delen bestaan en neemt de samenhang af.
8 De prefab betonnen gevelelementen zijn voornamelijk recht boven elkaar gestapeld en niet verdeuveld gestapeld. De vloeren zijn hierin los opgelegd, zonder een koppeling tussen vloer en gevelelement. De gehanteerde richtlijnen in het definitieve rapport dateren van 2001 of eerder. Volgens de normen dient een constructie een incasseringsvermogen te hebben tegen calamiteiten. Bij het wegvallen van een ondersteuning kunnen de stalen liggers geen dubbele overspanning dragen, omdat de delingen in de stalen liggers zijn aangebracht ter plaatse van ondersteuningen. Volgens de destijds en huidig geldende voorschriften hoeft een constructie niet te worden berekend op een aardbeving. Op de locatie komen aardbevingen echter wel voor en een zekere samenhang in de constructie geeft wel weerstand tegen een aardbeving.
9