Contactpersoon Ons kenmerk Uw kenmerk Doorkiesnummer ir. H.R. de Kleijn OPTA/EGM/2002/ DGTP/01/06078/PA

Vergelijkbare documenten
ir. H.R. de Kleijn OPTA/DIR/99/5553 DGTP/99/

Toekomst frequentiebeleid

Nationaal Frequentieplan 2005 (NFP)

Annex 3 van het Nationaal Frequentieplan 2014 wordt als volgt gewijzigd: A. De kop van nationale voetnoot HOLOO5 komt als volgt te luiden:

OPTA/EGM/2001/ mei 2001 OPTA-vervolgadvies 'zero base' A en B

BIJLAGE FREQUENTIETABEL CURAÇAO 2017

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Telecommunicatie Autoriteit Suriname Nationaal Frequentie Plan Suriname NFPS

Wijziging Nationaal Frequentieplan

Nationaal Frequentieplan 2002 (NFP)

Nationaal Frequentieplan 2005 (NFP)

wat betekent dit voor de mobiele professional?

Frequentiebeleid en bedrijfsspecifieke communicatie. Peter Anker

Vrij gebruik van de vergunningsvrije WIFI banden

NFP wijzigingspakket , ontwerpbesluit voor uniforme openbare voorbereidingsprocedure, juli 2018

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

4G frequentiebanden / LTE frequentiebanden

BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TELECOMMUNICATIE

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Zenderfrequenties, de stand van zaken

ADVIES. Advies van de directeur-generaal van de Nederlandse Mededingingsautoriteit aan de minister van Economische Zaken.

Zenderfrequenties, de stand van zaken

Nota Frequentiebeleid 2016

Nationaal Frequentieplan 2005 (NFP)

Collective Use of Spectrum Request for an Opinion van de Europese Commissie

ADVIES. I Inleiding. Achtergrond van het advies. Nederlandse Mededingingsautoriteit. Openbare versie

Bandgrens ITU dienst Bestemming Verdeelmechanisme 5275 khz. Bandgrens ITU dienst Bestemming Verdeelmechanisme 5275 khz

De toekomst van onze zenders

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Algemeen Juridische kader

De toekomst van onze zenders

VERENIGING VOOR EXPERIMENTEEL RADIO ONDERZOEK IN NEDERLAND

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA DEN HAAG. Datum 3 juli 2017 Betreft Voortgang Nota Mobiele Communicatie

/mob/ 4 Mobiele communicatie, SRD, laagvermogen audioverbindingen.

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Contactpersoon Ons kenmerk Uw kenmerk Doorkiesnummer. J. Krom OPTA/AM/2013/ dgetmtm (070)

Wijziging van de Telecommunicatiewet en van de Mediawet 2008 (gebruiksbeperking FM en digitale radio-omroep)

BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TELECOMMUNICATIE

Ingediend via:

Nederlandse Mededingingsautoriteit

Uitvoeringsbeleid Experimenteervergunningen. Colofon. Ruimte voor Innovatie. Hoofd Spectrummanagement Nummer 0.2 Datum

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

Ontwerpbesluit tbv consultatie

Tweede Kamer der Staten-Generaal

BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TELECOMMUNICATIE

Onderzoek naar gebruik van vergunning vrije apparatuur en toepassingen in Nederland. Versie 1.07, 11 mei korte Nederlandse vertaling

ECLI:NL:CBB:2007:BA3858

Commissie regionale ontwikkeling. Europese interne markt voor elektronische communicatie

De Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Binnenhof AA s-gravenhage

BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TELECOMMUNICATIE

Versie voor publieke consultatie, vs 29 dec 2015

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

5G en de toezichthouder

Enerzijds, De besloten vennootschap Broadcast Newco Two B.V. gevestigd te Terneuzen, gemachtigde: mr A.J.H.W.M. Versteeg, advocaat te Amsterdam,

DISCUSSIEDOCUMENT TEN BEHOEVE VAN RONDE TAFEL BIJEENKOMST MCTN+

Ontwerpbesluit van de Minister van Economische Zaken van [invullen] 2016, nr. [invullen]

Antennebehoefte

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Advies wetsvoorstel gebruik camerabeelden en meldplicht datalekken.

Visie Toekomst Frequentiebeleid. inleiding

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Vergunning voor frequentieruimte ten behoeve van trunking (Entropia Digital B.V.

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Contactpersoon Ons kenmerk Uw kenmerk Doorkiesnummer. ir. H.R. de Kleijn OPTA/AM/2011/ (070)

TILEC. TILEC Discussion Paper

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Evaluatie Publieke consultatie aangaande MBWA (Mobile Broadband Wireless Access) in de band MHz

Aan de leden van Provinciale Staten. Nr.: /47/A.20, EZ Groningen, 20 november 2003

OPTA/EGM/2003/ U RvB 03/022 pricing. 17 april 2003 E , tariefvoorstel "Tariefpakket Extra" -

Evaluatie Nota Frequentiebeleid 2005

F l e x i b e l e n d o e l m a t i g. A d v i e s v a n d e c o m m i s s i e F r e q u e n t i e b e l e i d J u n i

ONTWERPBESLUIT VAN DE RAAD VAN HET BIPT VAN DD MM 2011 BETREFFENDE DE VERDELING VAN HET SPECTRUM IN DE 900MHz-, 1800MHz- EN 2GHz-BAND

ADVIES. Advies van de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit en het college van de

Mobiel Breedband Ontwikkelingen na de veiling

Het draadloze Internet of Things en het spectrum. Ir. Tommy van der Vorst 2 februari 2017

Wireless WAN (Wide Area Netwerken) Johan Bickel

Eerste Kamer der Staten-Generaal

PMSE Ruimte voor draadloze microfoons

Digitaal dividend UHF frequentieband

Tweede Kamer der Staten-Generaal

Beleidsregels uitgifte en beheer van nummers met bestemming mobiele telefonie

BELGISCH INSTITUUT VOOR POSTDIENSTEN EN TELECOMMUNICATIE

Rapport Veldsterktemeting

Consultatie uitgiftebeleid geografische nummers

Inleiding. Oorsprong gebruiksbeperkingen

OPTA/EGM/2003/ U RvB 2003-U RvB

Gemeenschappelijk Operator Netwerk CUWI Common Use Wireless Infrastructure. 21 april 2016 Teun ten Have

Bijlage: Gegevensset. Vragen aan marktpartijen

GSM- of UMTS-repeaters: vragen en antwoorden

BESLUIT VAN DE RAAD VAN HET BIPT VAN 13 AUGUST 2013 BETREFFENDE

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Bijlage, bedoeld in artikel 2, derde lid, van het Nummerplan voor identiteitsnummers ten behoeve van internationale mobiliteit (IMSI-nummers)

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds 1814.

Professional Services. Site Survey Services

GSM- repeaters: vragen en antwoorden

Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden

Beleidsvoornemen vergunningverlening mobiele communicatietoepassingen 7 maart 2008

Radio & Security. Complete Security BVBA. Niet alle 868 MHZ alarmsystemen zijn gelijkwaardig!

Strategische nota MOBIELE COMMUNICATIE

Officiële uitgave van het Koninkrijk der Nederlanden sinds Annex 3 van het Nationaal Frequentieplan 2014 wordt als volgt gewijzigd:

SpectrumConsult Wi-Fi technologie in de zorg

Transcriptie:

Ministerie van Verkeer en Waterstaat Staatssecretaris Verkeer en Waterstaat Mevrouw drs. J.M. de Vries Contactpersoon Ons kenmerk Uw kenmerk Doorkiesnummer ir. H.R. de Kleijn OPTA/EGM/2002/200042 DGTP/01/06078/PA Datum Onderwerp Bijlage(n) 23 januari 2002 Advies over Concept Nationaal Frequentieplan 2002 Geachte mevrouw De Vries, Met de brief van 10 december 2001 (uw kenmerk) heeft DGTP het college in gelegenheid gesteld advies uit te brengen over het Concept Nationaal Frequentieplan 2002 (hierna: concept-nfp). Hierbij maakt het college van deze mogelijkheid gebruik. Gezien het grote aantal gegevens in het NFP kan het college niet op alle punten reageren. Het college beperkt zich daarom tot de punten die raken aan zijn taak en missie en waarop hij een concreet advies heeft. Inleiding De missie van OPTA is het stimuleren van bestendige concurrentie in de telecommunicatie- en postmarkten. Dat wil zeggen: een duurzame situatie waarin particuliere en zakelijke eindgebruikers een keuze kunnen maken tussen aanbieders en tussen diensten, zodanig dat het prijs- en kwaliteitsaanbod op diverse deelmarkten totstandkomt door effectieve marktprikkels. Bij onvoldoende keuze beschermt OPTA eindgebruikers. Het frequentiespectrum speelt een belangrijke rol in de telecommunicatiesector en daarom ook bij het vergroten van concurrentie in die sector. Naar de mening van het college dient het stimuleren van concurrentie een belangrijke doelstelling van het frequentieverdelingsbeleid te zijn. Daarom is het stimuleren van concurrentie de belangrijkste doelstelling van dit advies. Een belangrijke subdoelstelling is de transparantie van de frequentieallocatie en -toewijzing. 1 1 Frequentieallocatie is het bestemmen van frequentieruimte voor een bepaalde toepassing. Frequentietoewijzing is het toewijzen van frequentieruimte aan een bepaalde partij. Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 1

Het college gaat in dit advies eerst in op het frequentiebeleid ten aanzien van Radio Local Area Networks en Wireless Local Loop. Bij de adviezen over deze onderwerpen staat het stimuleren van concurrentie voorop. Daarna wordt ingegaan op de heroriëntatie van overlegstructuren en de behoefte aan meer geaggregeerde gegevens over het gebruik van het frequentiespectrum. Daarbij staat de transparantie van de frequentieverdeling centraal. Openbare Radio Local Area Networks Radio Local Area Networks (hierna: RLAN s) zijn netwerken voor draadloze datacommunicatie op korte afstand. Afhankelijk van de gebruikte standaard en apparatuur gaat het om afstanden van 50 meter tot enkele kilometers. Soms wordt ook gesproken van Wireless LAN s (WLAN s). RLAN s kunnen door bedrijven of personen voor eigen gebruik worden aangewend of door aanbieders worden gebruikt voor de levering van draadloze openbare telecommunicatiediensten. Wat betreft de openbare diensten worden RLAN s thans gezien als een goede mogelijkheid om breedbandige draadloze telecommunicatiediensten aan te bieden op plaatsen waar een grote vraag naar deze diensten bestaat (de zogenaamde hot spots). RLAN s zijn een goede aanvulling of uitbreiding op derde-generatienetwerken (3G-netwerken, zoals bijvoorbeeld UMTS), omdat een RLAN in kleine gebieden (micro cellen) ongeveer tienmaal meer bandbreedte kan leveren dan 3G-netwerken. Voorbeelden van deze gebieden zijn vliegvelden, stations, hotels, congrescentra en restaurants. Naar verwachting zal het in eerste instantie gaan om het aanbieden van diensten aan (zakelijke) gebruikers met laptop die met RLAN-diensten breedbandtoegang krijgen tot het internet. Thans kunnen deze diensten slechts met een beperktere bandbreedte worden aangeboden met 2,5G- en 3G-netwerken, waar thans vijf netwerkaanbieders actief zijn. Met RLAN kunnen diensten met een grotere bandbreedte worden aangeboden en ontstaat ruimte voor andere netwerkaanbieders. Daardoor kunnen meer aanbieders actief worden op deze markt, wordt meer concurrentie mogelijk en ontstaat een grotere diversiteit aan diensten. In figuur 1 is de positie van RLAN s ten opzichte van andere mobiele netwerken schematisch weergegeven. Deze figuur illustreert dat RLAN s een aanvulling en uitbreiding zijn op 3G-diensten en daarmee ook concurreren. Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 2

landelijke gebieden 2G GSM 2,5G GPRS EDGE Dekking stedelijke gebieden 3G UMTS IMT-2000 RLAN hot spots RLAN HiperLAN, Wifi 10 kbit/s 100 kbit/s 1 Mbit/s 10 Mbit/s Bandbreedte (capaciteit) Figuur 1. Positie van RLAN wat betreft geleverde bandbreedte en dekking ten opzichte van andere mobiele netwerken Veel marktonderzoeksbureaus verwachten in de komende vijf jaar een sterk groeiende markt voor openbare RLAN-diensten en in een aantal landen (bijvoorbeeld: de Verenigde Staten en Zweden) worden reeds openbare RLAN-diensten aangeboden. Aannemelijk is dat ook in Nederland aanbieders in de komende planperiode deze diensten willen gaan aanbieden en daarvoor frequenties willen gebruiken. Naar de mening van het college rechtvaardigt het belang van RLAN dat hieraan in het NFP onder ontwikkelingen in de komende planperiode (hoofdstuk 5) separaat aandacht wordt besteed, waarbij in ieder geval de voor RLAN beschikbare frequenties en het uitgifte beleid worden vermeld. In het concept-nfp is dat nog niet het geval en het kost enige moeite deze informatie in de frequentietabel te vinden. De huidige RLAN apparatuur is met name geschikt voor de 2,5 GHz en 5 GHz band. Onder 2,5 GHz wordt de mogelijkheid voor RLAN gebruik niet genoemd en is dus kennelijk niet toegestaan. Onder 5 GHz wordt de RLAN-standaard HiperLAN genoemd als bestemming. Voor wat betreft het uitgiftebeleid is niet geheel duidelijk of sprake is van vergunningsvrij gebruik of vergunning-gebonden gebruik met verdeling op volgorde van binnenkomst. Uit een telefonische toelichting van DGTP blijkt dat bij de toepassing van RLAN voor openbare telecommunicatiediensten vooralsnog een vergunning is vereist. Vergunningsvrij gebruik Het college heeft de indruk dat het beter is RLAN frequenties als vergunningsvrij te bestempelen. Met vergunningsvrij gebruik wordt administratieve rompslomp voorkomen en is het aantal partijen dat de frequenties kan gebruiken onbeperkt. Hierdoor wordt de drempel voor toetreding tot de RLANmarkt verlaagd. Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 3

In het concept-nfp wordt wat betreft frequentiegebruik in het algemeen gesteld - onder vergunningvrij gebruik (paragraaf 4.4) - dat het streven is gericht om waar mogelijk frequenties vergunningvrij te laten. Daarbij wordt echter gesteld dat het gebruik voor openbare telecommunicatiediensten in de regel aan een vergunning zal worden gebonden. Daarvoor worden twee argumenten gegeven. Het eerste argument is het risico dat er schaarste ontstaat. Het college onderschrijft dit argument om een vergunning te vereisen, indien de verwachte kosten van schaarste hoger zijn de verwachte voordelen van een vergunningsvrij gebruik. Het college heeft de indruk dat hiervan bij RLAN s geen sprake is. Deze indruk is gebaseerd op de conclusies en aanbevelingen van een in opdracht van de Engelse Radio Agency uitgevoerde studie naar de vooren nadelen van vergunningvrij frequentiegebruik. 2 Daarin wordt voor de RLAN-banden een vergunningvrij gebruik aanbevolen. Voor zover het college kan beoordelen, zijn de omstandigheden in Nederland voldoende gelijkwaardig aan die in het Verenigd Koninkrijk. Het tweede argument is dat oneigenlijke concurrentie met wel vergunning-gebonden gebruik moet worden voorkomen. Het college kan niet volgen waarom hier sprake zou kunnen zijn van oneigenlijke concurrentie. Gebruik van bepaalde frequentieruimte vereist vaak een exclusief gebruiksrecht om een efficiënt gebruik te waarborgen. UMTS-frequentieruimte kan bijvoorbeeld niet efficiënt worden gebruikt zonder het recht op het exclusief gebruik van bepaalde frequenties. Vergunningen zijn in dat geval noodzakelijk. In het kader van een efficiënte verdeling van die vergunningen bij schaarste, betalen partijen veelal voor dit recht. Er zijn ook frequentieruimten die geen exclusief gebruiksrecht vereisen. Bijvoorbeeld indien sprake is van een gebruik waarbij de zendapparatuur een beperkt bereik heeft of indien sprake is van een standaard waarbij zendapparatuur de medegebruikers van de frequentieruimte detecteert en daar rekening mee houdt door voor eigen uitzendingen een nog vrij deel van de frequentieruimte te gebruiken. In die gevallen zijn vergunningen niet noodzakelijk. Bij een vergunning waarbij met veilingen frequentieruimte wordt toegewezen, is sprake van een exclusief gebruiksrecht. Bij vergunningvrij gebruik is geen sprake van een exclusief gebruiksrecht: iedereen kan de betreffende ruimte gebruiken. Dat met die vergunningsvrije frequentieruimte vervolgens diensten worden geleverd, die concurreren met diensten geleverd met vergunninggebonden frequentieruimte, is geen reden om te spreken van oneigenlijke concurrentie. Stel een vervoersbedrijf koopt een recht om treinen te laten rijden op een spoorlijn. Exclusief gebruiksrecht voor bepaalde tijden is bij een dergelijke infrastructuur noodzakelijk. Dit betekent echter niet dat een vervoersbedrijf een vergunning dient te hebben om over een concurrerende infrastructuur als bijvoorbeeld een snelweg te rijden. Machtigingenrichtlijn 2 Spectrum Management Strategies for Licence-exempt Spectrum: Final Report, november 2001 (www.radio.gov.uk). Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 4

Naast het inhoudelijke argument om vergunningsvrij gebruik te overwegen, is er hiervoor wellicht in de toekomst een juridische noodzaak. De nieuwe Machtigingsrichtlijn - onderdeel van het pakket van vijf nieuwe richtlijnen -, die waarschijnlijk medio 2003 in de Nederlandse wetgeving zal zijn geïmplementeerd, stel namelijk voorwaarden aan het vergunning-gebonden gebruik. Artikel 5, lid 1, van deze richtlijn stelt: Member States shall, where possible, in particular where the risk of harmful interference is negligible, not make the use of radio frequencies subject to the grant of individual rights of use but shall include the conditions for usage of such radio frequencies in the general authorisation. Planning, realisatie en het belang van Wireless Local Loop In het vorige NFP werd voor de planperiode 1999 2001 aangekondigd de verdeling van: UMTS, WLL, TETRA, MVDS, radiofrequenties (zero base), T-DAB en DVB-T. Alleen de verdeling van UMTS is daarvan thans gerealiseerd. De andere vergunningverleningen zitten in de pijplijn en zijn weer in de planning van de volgende planperiode opgenomen. Het college betreurt met name de vertraging bij voor de ontwikkeling van meer concurrentie op de telecommunicatiemarkt zo belangrijke WLL-frequentieuitgifte. Deze frequenties zijn geschikt voor het realiseren van netwerken waarmee toegang wordt verkregen tot de klant (toegangsnetwerken, access-netwerken). Juist deze toegang tot de klant is het hoofdprobleem bij de ontwikkeling van concurrentie op de telecommunicatiemarkt. Door de vertraging is het optimale tijdstip om deze frequenties te verdelen inmiddels helaas gepasseerd. Immers, ten eerste hebben partijen ondertussen geïnvesteerd in andere vormen van toegang tot de klant, met name via het gebruik van het koperen aansluitnetwerk van KPN. Dat is mooi, maar het ware beter geweest als zij de keus hadden gehad uit meer alternatieven. Ten tweede is met de malaise in de telecommunicatiesector de bereidheid tot investeringen thans gering. Niettemin is het college van mening dat deze frequenties nu snel dienen te worden verdeeld onder de partijen die hier nog belangstelling voor hebben. Daarom adviseert het college de WLLfrequentieverdeling op korte termijn af te ronden. Heroriëntatie overlegstructuren DGTP geeft aan zich te willen heroriënteren op overlegstructuren. Het college juicht dit toe. Zoals het concept-nfp reeds stelt: de diverse belangen van het grote aantal verschillende frequentiegebruikers vereisen een goed inzicht in deze uiteenlopende belangen en dus een goed overleg met deze gebruikers. Het college acht het verder van groot belang dat de verschillende overlegstructuren transparant zijn. Dit betekent naar de mening van het college in iedere geval dat agenda s en notulen van deze besprekingen plus de relevante documenten die worden behandeld, makkelijk toegankelijk zijn. Bijvoorbeeld via een website. Bij de huidige overlegstructuren is dat naar de mening van het college niet het geval, waardoor het voor partijen die niet zelf aan deze Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 5

overlegstructuren deelnemen, moeilijk of niet mogelijk is om te achterhalen wat in de overlegstructuren wordt en is besproken. Algemene toestand van het Nederlandse frequentiespectrum Het NFP is een bestemmingsplan voor het frequentiespectrum. Inherent daaraan kent het NFP een hoog gehalte aan MHz-en, GHz-en en gegevens over specifieke frequentieverdelingen. Door deze grote hoeveelheid details is het voor niet-ingewijden moeilijk zo niet onmogelijk om een inzicht te krijgen van de algemene toestand van het Nederlandse frequentiespectrum. Een dergelijk inzicht acht het college wel noodzakelijk. Naar de mening van het college is het daarom noodzakelijk om de beschikking te hebben over meer geaggregeerde gegevens over het frequentiegebruik en de ontwikkelingen daarin. Die gegevens dienen openbaar toegankelijk te zijn. Ter illustratie het volgende voorbeeld. Het NFP maakt melding van een toenemende vraag naar frequentieruimte. Dit betekent toenemende schaarste en dus behoefte aan efficiënter gebruik. Echter, geaggregeerde kwantitatieve gegevens over de gebruiksintensiteit ontbreken. Daardoor is het in een later stadium moeilijk het resultaat van de inzet voor een efficiënter gebruik te meten. Meer geaggregeerde kwantitatieve gegevens, zijn naar de mening van het college gewenst. Zij zouden een beter gefundeerde keuzes in het frequentiebeleid, en de evaluatie daarvan, mogelijk maken. Het college adviseert daarom deze gegevens in het NFP - of elders - op te nemen en wil graag nader adviseren over de aard van deze gegevens. Diverse Op pagina 13 (linker kolom bovenaan) wordt gesproken over technische normen. Het lijkt hier echter te gaan om standaarden omdat er wordt gesproken over de technische karakteristieken van het omroep- of telecommunicatiesysteem en er wordt verwezen naar de standaardisatieorganen ITU en ETSI. Standaarden definiëren een bepaald systeem (bijvoorbeeld GSM, IMT-2000, TETRA). Normen zijn meer generiek van aard en zetten randvoorwaarden voor systemen en/of het gebruik daarvan (bijvoorbeeld normen om interferentie tussen elektrische apparaten te voorkomen ElektroMagnetische Compatibiliteit). Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 6

Samenvattend Het college adviseert samenvattend het volgende: besteed in het NFP separaat aandacht aan het verdelingsbeleid van openbare RLAN-frequenties, overweeg RLAN frequenties als vergunningsvrij te bestempelen, rond de WLL-frequentieverdeling op korte termijn af. maak de overlegstructuren transparanter door de relevante documenten op een website te plaatsen, Hoogachtend, HET COLLEGE VAN DE ONAFHANKELIJKE POST EN TELECOMMUNICATIE AUTORITEIT, namens het college, prof.dr. J.C. Arnbak, voorzitter Advies OPTA over Nationaal Frequentieplan 2002 7