HELPDESK voorgeschreven oefenstof
HELPDESK voorgeschreven oefenstof Sectie 2 Voorschriften voor turnsters Gebruik planken Een turnster heeft recht op het gebruik van een zachte plank met blauwe of zilveren veren bij de toestellen BO en BA (een zachte plank). Het is niet toegestaan planken behorend bij de toestellen te verplaatsen. Valtijd Een turnster heeft het recht op 30 seconden hersteltijd bij BO en 10 seconden hersteltijd bij BA na een val vanaf het moment dat de turnster op de voeten staat. Tijdens de valtijd mag de coach de turnster van advies voorzien Sectie 3 Voorschriften voor coaches Straffen voor gedrag van de coach Praten tijdens de oefening In principe geldt de regel: 1 e maal = 0.50 + gele kaart en 2 e maal = 1.00 + rode kaart voor de leiding (per toestel!) (aftrekken zijn neutrale aftrekken) afhankelijk van het niveau zal echter de leiding niet verwijderd worden van de wedstrijd vloer.
Sectie 7/8 Voorschriften van toepassing op de D/E-score Herkenbaar turnen De criteria voor herkenbaar turnen zijn onveranderd (zie sectie 7.2.1 voorgeschreven). Elementen die onderstreept zijn, zijn indien herkenbaar geturnd 0.30p waard. Indien een element niet herkenbaar wordt geturnd: -0.30 aftrek van D-score -1.00 aftrek neutraal Uitzondering 1: >45 o afwijking in beenspreiding - alleen 0.30 aftrek van de D-score Uitzondering 2: tekort aan draaien op 1 been - > ¾ voltooid alleen 0.30 aftrek van de D-score - < ¾ voltooid, dan 0.30 aftrek van de D-score + 1.00 aftrek neutraal Uitzondering 3: elementen die niet terugkomen op de balk - alleen 0.30 aftrek van D-score + 1.00 E-aftrek voor val Uitzondering 4: houdingen die niet het aantal voorgeschreven seconden worden vastgehouden - alleen 0.30 aftrek van D-score Weglaten/Ander element dan voorgeschreven: - 0.30 aftrek van D-score - neutrale aftrek volgens tabel Hulpverlenen Indien een element wordt uitgevoerd met hulpverlenen, dan wordt dit element als niet herkenbaar beschouwd. Geef 0.30 aftrek van de D-score + 1.00 neutrale aftrek hulpverlenen Indien van toepassing: 0.50 neutrale aftrek voor incorrecte plek van de leiding Geef technische/uitvoeringsaftrekken op de E-score
Plaats van de leiding Niveau s N1 t/m N4: SPR nergens toegestaan D1 BO overal toegestaan BA alleen toegestaan om plank weg te halen bij de opsprong VL nergens Niveau s D2 en D3 : SPR toegestaan op de landingsmat achter het toestel indien binnen 1 meter tussen plankoline/springtoestel: 1.00 neutrale aftrek BO overal toegestaan BA Toegestaan bij de op- en afsprong VL Toegestaan bij moeilijke acrobatische elementen Sectie 9 Technische richtlijnen 9.1.2 Landing uit enkele salto met schroeven De voorste voet is bepalend bij het toekennen van het aantal draaien in salto s. Onvoldoende LA-draai: Indien er een keuze-mogelijkheid in de oefenstof bestaat, geef basis of min variant. 9.2.1 Draaien op 1 been De positie van heupen en schouders is bepalend bij het toekennen van het aantal draaien. Onvoldoende draai: - Indien mogelijk, geef basis of min-variant zonder E-aftrek voor te veel in draaien - Indien geen keuze mogelijk in de oefenstof, zie sectie 7/8 in dit document. Draaien met voorgeschreven beenhouding: de voorgeschreven beenhouding moet gedurende de hele draai aangehouden worden. Indien de voorgeschreven beenhouding ¾ maar niet gedurende de hele draai aangehouden wordt, dan alleen 0.30 aftrek van de D-score. Bij minder dan ¾ van de draai aanhouden, dan 0.30 aftrek van de D-score + 1.00 neutrale aftrek. Fouetédraai: dient uitgevoerd te worden met duidelijke techniek van de fouetedraai. ( scherpe draai in de heupen). Indien beenopzwaai niet boven de balk, kan technische aftrek worden gegeven. Daarnaast beoordelen volgens sectie 7/8 met betrekking tot onvoldoende draai. Indien geen fouetetechniek zichtbaar is, dan D-0.30 en -1.00 neutraal voor niet herkenbaar turnen (zie sectie 7/8 in dit document).
9.3 Specifieke eisen voor danselementen Danselementen met beenwissel: het inzetbeen dient minimaal 45 graden en gestrekt geheven te zijn. Indien het inzetbeen niet voldoet aan deze eisen, dan is het element niet herkenbaar en volgt 0.30 aftrek op de D-score + 1.00 neutrale aftrek (+technische aftrekken) Indien inzetbeen ok, maar onvoldoende spreiding, dan bij >45 graden afwijking alleen 0.30 aftrek op de D-score. Indien onvoldoende draai: geef ander element (indien mogelijk in de keuze mogelijkheden). Anders niet herkenbaar (zie sectie 7/8 dit document). Sissonne: Indien voorste been op horizontaal, geef spagaatsprong met afzet 2 benen. Spagaatsprong is een ander element en indien geen keuzemogelijkheid 0.30 aftrek op de D-score + 2.00 neutrale aftrek voor weglaten/turnen van een ander element. 9.4 Brug ongelijk Opzwaaien: Opzwaaien mogen maximaal 45 graden afwijking hebben om geteld te worden voor de D-score. Amplitude aftrekken gelden volgens sectie 9.4.1 in het reglement. Bij een afwijking >45 o : geef 0.30 aftrek op de D-score, 1.00 neutrale aftrek + 0.30 amplitude aftrek (+uitvoeringsaftrekken) Cirkelelementen zonder draai: voor alle cirkelelementen zonder draai (bv. reuzendraai of losom) geldt sectie 9.4.3. Reusovergangen in de voorgeschreven oefenstof volgen dus ook sectie 9.4.3. Samengevat: Reusovergang/Cirkelelement zonder draai: D-score: E-score 0-10 o : +0.30-0.00 10-30 o : 0.00-0.00 30-45 o : 0.00-0.10 >45 o : -0.30-0.30 Indien overgang onder horizontaal of vrije buikdraai : -0.30 aftrek op de D-score : -0.30 amplitude aftrek op de E-score : 1.00 neutrale aftrek (niet herkenbaar)
Sectie 10 Sprong 10.2 Aanlopen In alle niveau s moeten 2 sprongen worden gemaakt, waarvan het gemiddelde van de 2 sprongen telt als eindscore. Per sprongsituatie zijn 2 aanlopen toegestaan. Een 2e aanloop is slechts toegestaan, indien men de plankoline/plank en/of het spring-toestel (inclusief landingsvlak) niet heeft aangeraakt. In dit geval wordt 1.00 neutrale aftrek voor die sprong gegeven. Bij een niet herkenbare sprong wordt een 0-score gegeven, en is een 2 e aanloop niet toegestaan. Dit geldt voor elk niveau. Voorbeelden van niet herkenbare sprongen (0-score): - aansprong tot handstand, terugkomen op de plankoline/plank - overslag naar verhoging, landen met de voeten op de pegasus - arabier in, streksprong landen op de plankoline - arabier in, flik flak (naar verhoging) zonder handplaatsing - een sprong uitvoeren die niet in de sprongtabel is opgenomen - het niet eerst landen op de voeten (behalve bij sprongen tot rug/buiklig) Let op: een streksalto die niet gestrekt is, wordt afgewaardeerd naar een hurksalto met aftrek voor onvoldoende hurkhouding volgens sectie 9. 10.4.2 Berekening van de eindscore Voor de niveau s D2 en D3 is het nieuw dat het gemiddelde van de 2 sprongen de eindscore voor het toestel sprong is in plaats van dat de beste sprong telt. Voorbeeld hoe te komen tot de eindscore van sprong bij een panel van 2 juryleden: Voorbeeld 1: Sprong 1: D-score = 4.50 E-aftrek Jury 1: 0.80 E-aftrek Jury 2: 1.00 E-score = 9.10 Sprong 2: D-score = 3.20 Score sprong 1: 4.50 + 9.10 = 13.60 E-aftrek Jury 1: 1.30 E-aftrek Jury 2: 1.40 E-score = 8.65 Score sprong 2: 3.20 + 8.65 = 11.85 Eindscore: (13.60 + 11.85) / 2 = 12.725
Voorbeeld 2: In de eerste sprong loopt de turnster aan, zonder de plankoline/ springtoestel/ landingsvlak aan te raken. Vervolgens maakt ze een goede sprong Sprong 1: D-score = 4.50 E-aftrek Jury 1: 0.80 E-aftrek Jury 2: 1.00 E-score = 9.10 Neutrale aftrek: 1.00 Sprong 2: D-score = 3.20 Score sprong 1: (4.50 + 9.10) 1.00 = 12.60 E-aftrek Jury 1: 1.30 E-aftrek Jury 2: 1.40 E-score = 8.65 Score sprong 2: 3.20 + 8.65 = 11.85 Eindscore: (13.60 + 11.85) / 2 = 12.225 Voorbeeld 3: In de eerste sprong raakt de turnster de plankoline aan zonder een sprong uit te voeren. In de 2e sprong loopt de turnster aan, zonder de plankoline/ springtoestel/ landingsvlak aan te raken en maakt daarna een goede sprong. Sprong 1: D-score = 0.00 E-score = 0.00 Score sprong 1: 0.00 Sprong 2: D-score = 3.20 E-aftrek Jury 1: 1.30 E-aftrek Jury 2: 1.40 E-score = 8.65 Neutrale aftrek: 1.00 Score sprong 2: (3.20 + 8.65) 1.00 =10.85 Eindscore: (0.00 + 10.85) / 2 = 5.425
Sectie 11 Brug ongelijk Kurbetbewegingen en Techniek-zwaaien 45 onder de horizontaal Bij het weglaten van één of meerdere elementen geldt de volgende regel: - Indien 1x weglaten : 0.30 aftrek van de D-score - Indien 2x weglaten : 0.30 aftrek van de D-score + 1.00 neutral aftrek - Alles weggelaten : 0.30 aftrek van de D-score + 2.00 neutrale aftrek. Deze zwaaien komen voor in de niveaus: Instap: N1, N2, D1, D2 Pupil 1: N2, N3, D2, D3 Pupil 2: D3 Voor alle overige strekhangzwaaien en reuzendraaien geldt voor elke ontbrekend element D-0,30 en N-2,00 (of als er meerdere elementen per oefening worden weggelaten volgens de desbetreffende Tabel voor neutrale aftrekken) Sectie 12/13 Balk/Vloer Tijdsduur balkoefeningen De aftrek voor de maximale tijdsduur in de voorgeschreven oefenstof is afwijkend ten opzichte van het FIG/Keuze oefenstof. Voor elk niveau geldt: - tot 10 seconden te lang = 0.10 neutrale aftrek - 10-20 seconden te lang = 0.30 neutrale aftrek - >20 seconden te lang = 0.50 neutrale aftrek Tweezijdig turnen gymnastische elementen / Voorkeursbeen Indien anders staat vermeld in de oefenstof, is de turnster vrij om te kiezen met welk been desbetreffende choreografie wordt uitgevoerd. Sommige elementen worden zowel linksom als rechtsom gevraagd. Indien dit niet gedaan wordt, is het 2 e element niet herkenbaar (zie sectie 7/8 dit document). Houdingselementen Houdingselementen dienen 1 of 2 seconden te worden aangehouden. Indien te kort aangehouden, is het element echter wel gemaakt. In dit geval alleen D -0.30 en géén N aftrek geven. Herhaling van elementen (N-niveau s) In de N-niveau s kan het mogelijk zijn dat je 2x eenzelfde element in de oefening zou kunnen krijgen. Voorbeelden: - Balk niveau pupil 2 N3 moet in maat 5-6 een radslag turnen en kan voor de afsprong kiezen voor radslag salto/streksprong af - Vloer Jeugd 1 N1 kan in maat 17-18 kiezen voor de acroserie overslag streksalto vo hurksalto vo en in maat 22-23 overslag streksalto of overslag schroefsalto gestrekt Bij balk mag een acro-element in de oefening herhaald worden om de afsprong te maken Bij vloer mag er geen herhaling in de laatste acrolijn worden geturnd