Standscorrectie knie Standscorrectie knie
Inhoud Standscorrectie knie, december 2014 3 Inleiding 4 De standscorrectie knie 4 Waarom een standscorrectie? 6 Soorten standscorrecties 7 De operatie 7 Voorbereiden 9 De ingreep uitgelegd 10 Mogelijke complicaties 12 Het herstel 12 Herstel in het ziekenhuis 13 Weer thuis 13 Lange termijn 14 Meer informatie 14 Relevante adressen 15 Woordenlijst Inleiding U heeft al lange tijd veel last van uw knie. De pijn en andere klachten belemmeren u bij uw dagelijkse bezigheden. Uw orthopedisch chirurg heeft voorgesteld om de stand van uw knie te verbeteren zodat de pijn vermindert. Daarvoor is een operatie nodig. Misschien wilt u meer weten over deze operatie voordat u een besluit neemt. U vindt hier informatie over de standscorrectie knie, de operatie en wat u bij het herstel kunt verwachten. Ook vindt u adressen van organisaties waar u meer informatie kunt krijgen. Houdt u er rekening mee dat de situatie voor iedereen anders is. Ook kan de precieze procedure per ziekenhuis verschillen. 2 3
De standscorrectie knie Waarom een standscorrectie? verminderen na ongeveer 10 minuten bewegen. Als u uw knie belast, nemen ze juist weer toe. Ook kunt u s nachts pijn hebben. Artrose ontstaat vaak aan één kant (de binnen- of buitenzijde) van het gewricht. Door botverlies aan één zijde wijkt de knie naar links of rechts uit. Op deze manier ontstaat een X-knie of een O-knie. Wanneer standscorrectie? Het is zinvol om de stand van uw knie te laten veranderen als de onderstaande situaties alle drie op u van toepassing zijn: U bent jonger dan 60 jaar en u heeft dagelijks veel pijnklachten aan de binnen- of buitenkant van uw knie U heeft op de plaats van de pijn schade aan uw knie U heeft een O-been of een X-been Artrose aan uw knie kan pijn veroorzaken. Die pijnklachten zijn te verhelpen met een standscorrectie van uw knie. Dit is zinvol onder bepaalde omstandigheden. Bij een goed resultaat heeft u geen kunstknie nodig. Het kniegewricht Het kniegewricht is een scharniergewricht. Het bestaat uit twee botdelen: het bovenbeen en het onderbeen. De uiteinden daarvan zijn bedekt met een laag kraakbeen, zodat de knie soepel kan bewegen. Dit kraakbeen is elastisch en het kan schokken en stoten opvangen. Artrotische knie De pijn in uw knie wordt veroorzaakt door artrose en het kraakbeen dat daardoor slechter is geworden. Uw knie is dan artrotisch. Artrose kan ontstaan achter uw knieschijf of aan de binnen- of buitenkant van uw knie. De pijn zit meestal op de plek waar het meeste kraakbeen weg is. Op een röntgenfoto is de schade aan uw kraakbeen te zien. De pijnklachten Een artrotische knie doet vaak pijn bij lopen, traplopen en lang staan. Fietsen geeft meestal geen of weinig klachten. Als de artrose in een vergevorderd stadium is, heeft u de hele dag pijn, vooral nadat u uw knie heeft belast. Als u s morgens of na een tijd stilzitten in beweging komt, is uw knie pijnlijk of stijf. Dat heet startpijn of startstijfheid. De pijnklachten en de stijfheid X-benen, normale stand, O-benen 4 5
Een standscorrectie kan een heel goed resultaat opleveren. U heeft dan geen kunstknie nodig. Soorten standscorrecties Er zijn in grote lijnen twee soorten standscorrecties van de knie: correctie van O-benen en correctie van X-benen. Beide soorten correcties hebben als doel pijnklachten te verminderen. O-benen Bij een O-been wordt de binnenkant van de knie zwaarder belast dan bij een been dat recht staat. Als u een O-been heeft én uw knie is aan de binnenkant beschadigd, dan zal uw knie pijnlijk zijn aan de binnenkant. Dit komt door de verhoogde druk op die plek. Door de hoge druk kan het kraakbeen verder beschadigen waardoor de klachten verergeren. Als de stand van het O-been wordt veranderd naar een X-stand wordt de druk van de binnenkant overgebracht naar de buitenkant. X-benen Bij een X-been geldt hetzelfde verhaal, met het verschil dat uw knie daarbij aan de buitenkant beschadigd is. Correctie vindt andersom plaats: de orthopedisch chirurg verandert een X-been in een O-been. De druk komt dan aan de binnenkant van de knie te liggen. Pijn neemt af In beide gevallen verminderen uw pijnklachten door de ingreep. Er drukt minder gewicht op het beschadigde kraakbeen. De beschadiging wordt daardoor afgeremd. De operatie Voorbereiden Het is belangrijk dat u weet wat er allemaal komt kijken bij een standscorrectie van uw knie. Uw vragen kunt u stellen aan de orthopedisch chirurg. Vraag ook om informatie over anesthesie. Blijf voor de operatie zoveel mogelijk in beweging. Blijf in beweging Blijf in de periode voor de operatie zoveel mogelijk bewegen. Probeer vooral te lopen of te fietsen, voor zover dit gaat. Beweeg liever wat vaker een klein stukje dan 1 of 2 keer per dag een heel eind. U kunt oefeningen doen die de spieren rond uw knie zo sterk mogelijk houden. Het kost u dan na de operatie minder moeite om weer te lopen. Overleg eventueel met een fysio- of oefentherapeut welke oefeningen u het beste kunt doen. Praat met de chirurg Het is belangrijk dat u alles wat te maken heeft met de operatie goed begrijpt. Pas dan kunt u toestemming geven voor de operatie. Bespreek van tevoren uw vragen en zorgen met de orthopedisch chirurg die de operatie gaat uitvoeren. 6 7
Vragen stellen U kunt de volgende vragen stellen aan de orthopedisch chirurg: Waarom is deze operatie nodig? Hoe bereid ik mij voor op de operatie? Wat wordt er tijdens de operatie gedaan? Welke problemen kunnen tijdens en na de operatie ontstaan? Wat staat mij te wachten na de operatie? Wanneer mag ik naar huis? Wat staat mij te wachten in de herstelfase direct na de operatie? Wat kan ik op langere termijn verwachten? Wat mag ik wel en wat niet na de operatie? Welk resultaat mag ik van deze operatie verwachten? Overleg met uw arts of u tijdelijk moet stoppen met bepaalde medicijnen, bijvoorbeeld NSAID s, bloedverdunners of DMARD s. Meestal stopt u vlak voor de operatie met uw medicijnen. Ook op de website van het ziekenhuis kunt u informatie vinden die voor u van belang is. Folder anesthesie Vraag in het ziekenhuis naar een folder over anesthesie. Daarin staat hoe u zich voorbereidt op de operatie. U leest over onderwerpen als nuchter zijn voor de operatie (vanaf middernacht niet meer eten en drinken op de dag van de operatie), het verwijderen van make-up, sieraden en uw kunstgebit, en of u tijdelijk met medicijnen moet stoppen. De ingreep uitgelegd Bij een standscorrectie van uw knie maakt de orthopedisch chirurg een O-been van een X-been of andersom. De belasting wordt verplaatst naar het gezonde deel van uw knie en uw pijnklachten verminderen. Opname U wordt een dag voor de operatie opgenomen in het ziekenhuis. De operatie Heeft u een O-been en artrose aan de binnenkant van uw knie? Dan maakt de orthopedisch chirurg van uw O-been een X-been. Heeft u een X-been en artrose aan de buitenzijde van uw knie? Dan maakt de chirurg van uw X-been een O-been. De belasting van uw knie wordt daarmee verplaatst van de artrotische kant naar de gezonde kant. Uw pijnklachten nemen dan af. De chirurg maakt een snee aan de voorkant van uw scheenbeen, net onder uw knie. Vervolgens zaagt hij uw onderbeen net onder uw knie door. Hij verwijdert een wig van bot. Dit wordt osteotomie genoemd. Het doorgezaagde bot zet hij daarna weer vast met metalen krammen, met een plaat met schroeven of met pennen die door uw huid naar buiten steken. Dit laatste heet een externe fixatie. Daarna hecht de chirurg de wond dicht. Tijdens de operatie en soms ook daarna krijgt u antibiotica om het risico op infectie te verkleinen. Duur De operatie duurt 1 tot 1,5 uur. 8 9
Onvoldoende standcorrectie De stand van de benen kan onvoldoende blijven. De pijn gaat niet weg. Overcorrectie Er is sprake van overcorrectie. Gecorrigeerde knie voor en na de operatie Mogelijke complicaties Risico s bij elke operatie Verder gelden dezelfde risico s als bij andere operaties: Wondinfectie. De kans hierop is klein. Een wondinfectie is meestal na 5 dagen zichtbaar. De wond is dan rood en pijnlijk en uw temperatuur is verhoogd. Behandeling bestaat uit rust en antibiotica. Soms is een operatie nodig om pus te verwijderen. Dit voorkomt een infectie van uw knie. Wordt de wond roder en pijnlijker, neem dan direct contact op met uw huisarts of specialist. Lukt dit niet, dan kunt u de spoedarts van het ziekenhuis bellen. Nabloeding. De kans dat de wond nabloedt is de eerste 24 uur het grootst. Voor de eerste dagen heeft u een drukverband gekregen. Meestal is een tweede operatie niet noodzakelijk. Wel kunt u bij een nabloeding een bloedtransfusie krijgen om het bloedtekort aan te vullen. Trombose. Alle langdurige operaties verhogen de kans op trombose. Om dit te voorkomen krijgt u vanaf de dag van de operatie bloedverdunnende medicijnen in de vorm van tabletten of injecties. Het kan nodig zijn dat u deze thuis nog een aantal weken gebruikt. De trombosedienst legt u uit hoe u deze medicijnen gebruikt en welke dosering u nodig heeft. Bij een standscorrectie van de knie gebeurt het soms dat het bot niet goed vastgroeit. Ook kan er een zenuw beschadigen met een klapvoet als gevolg. Verder gelden dezelfde risico s als bij andere operaties. Niet goed vastgroeien Het is mogelijk dat het doorgezaagde bot te langzaam of niet vastgroeit. Een nieuwe operatie kan dan nodig zijn. Beschadigde zenuw Een zenuw die langs uw knie loopt kan tijdens de operatie beschadigen. Soms is dit tijdelijk, soms blijvend. Het veroorzaakt een klapvoet. U kunt uw voorvoet dan niet goed optillen. Aanpassing van uw schoen is dan noodzakelijk. 10 11
Eventueel kunt u meekrijgen: Een afspraak met de trombosedienst Een recept voor verbandmiddelen Een overdracht voor de thuiszorg of het verpleeghuis Een aanvraag voor oefentherapie of fysiotherapie Het herstel Herstel in het ziekenhuis U blijft ongeveer een week in het ziekenhuis. Het is mogelijk dat u na de standscorrectie van uw knie gips krijgt, afhankelijk van de stevigheid van uw bot. Het gips blijft dan 6 tot 12 weken zitten. Gips Het is mogelijk dat u na de operatie gips krijgt. Dit is afhankelijk van de stevigheid van de vastgezette botdelen. De orthopedisch chirurg beslist hierover. Het gips blijft 6 tot 12 weken zitten. In het begin mag u uw been maar gedeeltelijk belasten. In het ziekenhuis leert u onder begeleiding van een fysiotherapeut met krukken te lopen. Medicijnen De eerste dagen na de operatie krijgt u pijnstillers. Uw arts vertelt u wanneer u uw gebruikelijke medicijnen weer kunt innemen. Naar huis U blijft ongeveer een week in het ziekenhuis. Bij ontslag uit het ziekenhuis krijgt u mee: Een afspraak op de polikliniek Een recept voor medicijnen Weer thuis Herstel Het herstel van uw knie duurt ongeveer 6 weken. Daarna duurt het nog een paar weken voordat uw knie weer volledig functioneert. Weer sporten Zodra u weer een beetje mobiel bent, kunt u gaan sporten. Fietsen en zwemmen kunt u al heel snel weer. Na verloop van tijd kunt u ook weer gaan wandelen. Overleg hierover met uw arts of fysiotherapeut. Lange termijn Ingreep helpt meestal Van de mensen die een standscorrectie van de knie hebben ondergaan heeft bijna 70% baat bij de ingreep. De pijn vermindert of verdwijnt niet altijd. De orthopedisch chirurg doet bij deze operatie niets tegen de artrose: de standsverandering moet de artrose afremmen. Geen kunstknie nodig De bedoeling van deze operatie is dat u geen kunstknie nodig heeft of dat u dit nog een aantal jaren kunt uitstellen. 12 13
Woordenlijst Meer informatie Relevante adressen Reumafonds Telefoon: 020 589 64 64 Website: www.reumafonds.nl Reumalijn U kunt bij de Reumalijn uw vraag stellen zoals u wilt. Bel 0900 20 30 300 (3 cent p.m.), bereikbaar op werkdagen tussen 10.00 en 14.00 uur. Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) Wetenschappelijke vereniging van orthopedisch chirurgen in Nederland. De consumentensite van de NOV is www.zorgvoorbeweging.nl. Help mee Anesthesie De manier waarop u wordt verdoofd tijdens de operatie. Die kan volledig (narcose) of plaatselijk zijn. Antibiotica Medicijn tegen bacteriën. Artrose Reumatische aandoening waarbij de kwaliteit van het kraakbeen in de gewrichten verslechtert. DMARD Afkorting voor Disease-Modifying Anti Rheumatic Drug. Ook wel ontstekingsremmer genoemd. Dit medicijn remt chronische reumatische ontstekingen. Het helpt de schade te beperken en de pijn te verminderen. Infectie Besmetting door bepaalde ziekteverwekkers die het lichaam binnendringen en zich vermenigvuldigen. Voorbeelden zijn bacteriën en virussen. Kraakbeen Veerkrachtig weefsel dat goed bestand is tegen druk. Kraakbeen komt niet alleen voor in gewrichten, maar ook in oorschelpen, neus en luchtpijp. NSAID Afkorting van Non Steroidal Anti-Inflammatory Drug. Dit zijn medicijnen die de verschijnselen van een ontsteking verlichten en pijn en stijfheid verminderen. Orthopedisch chirurg Specialist die afwijkingen van het steun- en bewegingsapparaat (botten, spieren, pezen en gewrichten) behandelt. Wordt ook wel orthopeed genoemd. Pus Geelgroen vocht dat ontstaat bij ontstekingen. Het bestaat uit afgestorven cellen, bacteriën en witte bloedcellen. Röntgenfoto Een foto die gemaakt wordt met röntgenstralen en waarop compacter weefsel zoals botweefsel goed kan worden bekeken. Trombose Bloedvatverstopping veroorzaakt door een stolsel aan de wand van het bloedvat. Het Reumafonds is er voor mensen met reuma. Wij vinden het belangrijk om goede voorlichting te geven. Dit voorlichtingsmateriaal is mogelijk gemaakt door mensen die het Reumafonds een warm hart toedragen. Wij krijgen geen subsidie van de overheid. Wilt u ook helpen in de strijd tegen reuma? Alle giften, groot en klein, zijn welkom. Bankrekening NL 86 RABO 0123040000, Reumafonds Amsterdam. 14 15
Colofon Standscorrectie knie, december 2014 Coördinatie Afdeling Voorlichting en Informatie, Reumafonds, Amsterdam. Tekst De teksten in deze brochure zijn tot stand gekomen onder eindverantwoordelijkheid van de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie, de Nederlandse Health Professionals in de Reumatologie en het Reumafonds. Bij het samenstellen van de teksten zijn diverse deskundigen (referenten) betrokken, die een ruime ervaring hebben met de behandeling en begeleiding van patiënten met reumatische aandoeningen. Ook patiënten hebben een inhoudelijke bijdrage geleverd. Productiebegeleiding pure brand productions Illustraties Paul Maasillustratie, Tilburg Deze brochure wordt uitgegeven door de Stichting Nationaal Reumafonds (afgekort tot Reumafonds). Hierin zijn vertegenwoordigd de patiëntenorganisaties en de organisaties van de behandelaars. Niets van deze uitgave mag vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden, in welke vorm dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de afdeling Voorlichting en Informatie van het Reumafonds in Amsterdam. 2014 Reumafonds, Amsterdam De inhoud van deze brochure kunt u ook lezen op www.reumafonds.nl/patienten. U bent dan verzekerd van de meest recente informatie. Voor vragen kunt u terecht bij de Reumalijn, T 0900 20 30 300 (3 cent p.m.). 16 17
536.dec14 Meer informatie Reumafonds Postbus 59091 1040 KB Amsterdam t 020 589 64 64 f 020 589 64 44 info@reumafonds.nl www.reumafonds.nl Reumalijn Voor al uw vragen over reuma t 0900-2030300 (3 cent p.m.), maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 14.00 uur. info@reumalijn.nl ANBI erkend