Ketens en kwaliteitszorg

Vergelijkbare documenten
Subsidiehuis Kunst- en Cultuur Nijmegen

Stadsschouwburg Utrecht

Ons kenmerk MO30/mo Datum uw brief

vast te stellen de volgende deelverordening: Deelverordening subsidie cultuur gemeente Nunspeet

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mevrouw mr. M.C. van der Laan

Dit is de Lindenberg. Onze filosofie. Geniet van talent. Strategisch Meerjarenplan

Versterken binnenstad Het aanbieden van een bibliotheekvoorziening

Verantwoordings- en accountantsprotocol Gemeente Ede 2018

Onderzoeksplan doeltreffendheid en doelmatigheid 2018

Cultuureducatie, geen vak apart

Handleiding Subsidieaanvraag

Werkwijze RRKC betreffende advisering subsidie-aanvragen Cultuurplan november 2015

Burgemeester en B&W-aanbiedingsformulier

GEMEENTEBLAD. Nr Subsidieregeling Cultuur 2017

Uitvoeringsprogramma Kunst en Cultuur Velsen

Datum Betreft Bestuursakkoord PO-Raad-OCW Geacht schoolbestuur,

Aanvraagformulier Culturele Projecten 2018-I

De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, handelend als bestuursorgaan, hierna te noemen: minister van OCW,

Stichting Kunst in het Kerkje Velp/Grave

INTEGRALE KWALITEITSZORG PASSEND ONDERWIJS GOEREE-OVERFLAKKEE

Alleen organisaties met een culturele doelstelling en zonder winstoogmerk kunnen een aanvraag indienen.

Programma van Eisen voor de Call Verkenning Nationale Museale Voorziening Slavernijverleden

II. VOORSTELLEN VOOR HERZIENING

SAMENWERKING CULTUUR OOST-NEDERLAND

1 Inleiding. 1.1 Aanleiding tot de verkenning. 1.2 Beleidscontext

Omgevingsvisie Giessenlanden. Plan van aanpak V1.3. Inleiding

MEMO AAN DE GEMEENTERAAD

urn in 11 mini in ii Uitvoeringsovereenkomst Gemeente NOORDENVELD Class.nr 19 DEC Gemeente Noordenveld - Stichting Mensinge Complex

Cultuureducatie in het basisonderwijs

Bestuursreglement samenwerkingsverband Passend Primair Onderwijs Noord-Kennemerland

Regiegemeente Wendbaar met de blik naar buiten. Zichtbaar met de blik naar binnen. Auteur: Daan Platje VeranderVisie Datum: maart 2011 Pagina 1 van 7

OCW, provincie Zuid-Holland, provincie Noord-Holland, gemeente Leiden, gemeente Haarlem

Bevoegdheden en verantwoordelijkheden Raad van Toezicht.

Instruerend Bestuur Quickscan en checklist

SUBSIDIEBELEID KUNST EN CULTUUR

TOEZICHTSVISIE RAAD VAN TOEZICHT NOVA COLLEGE. 8 februari

EVALUATIE VERORDENING OP DE PARACOMMERCIE VENRAY 2014

Corporate governance code Caparis NV

Kunstendecreet. decreet ondersteuning professionele. kunsten Vlaamse Gemeenschap

Meerjarige subsidies bij het AFK Veelgestelde vragen 2 november 2015

raad voor cultuur R.J.Schimmelpennincklaan 3

REGLEMENT RAAD VAN TOEZICHT STICHTING THEATER DAKOTA

1. Opening. 2. Presentatie over de kern van het concept Ondersteuningsplan. 3. Bespreken van het concept Ondersteuningsplan.

gemeente Eindhoven Betreft startnotitie over procesvoorstel betrokkenheid gemeenteraad in relatie tot toezicht en handhaving

Grize Lok. Het Goud van Oud zit in de aders van onze herinneringen

Gemeentelijke regie op het Veiligheidshuis

WERKEN IN KETENS KUNST- EN CULTUURVISIE #cv024

Begroting 2015 Meta-data Monitor streefdoelen cultuur en media

Koers en Kern voor Kunst en Cultuur in Bergen Richtingwijzers Cultuurbeleid gemeente Bergen 2014

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, mr. M.C. van der Laan

CKV Festival CKV festival 2012

Overleg met de Toezichthouder

Organisatiescan persoonsgerichte zorg

Rapport 834 Oud, W., & Emmelot, Y. (2010). De visitatieprocedure cultuurprofielscholen. Amsterdam: Kohnstamm Instituut.

Doelmatigheidsonderzoek Externe geldstromen

Functieprofiel: Manager Functiecode: 0202

Afronding initiatieffase. De Stad als Podium. Plan van Aanpak: Presentatie Jean Vermeulen Domein Samenleving febr. 2014

Transcriptie:

Ketens en kwaliteitszorg A >>> KETENS Hoofdstuk 5 van de nieuwe kunst- en cultuurvisie gaat over de culturele basisinfrastructuur, die wij gaan positioneren in ketens en functies. Een culturele keten hebben wij gedefinieerd als een logische aaneenschakeling van op elkaar afgestemde opeenvolgende culturele faciliteiten. We onderscheiden in Nijmegen vijf culturele ketens, in willekeurige volgorde: Muziek, Beeldende Kunst, Literatuur, Theater & Dans en Film & Media. B >>> KETENS & INTEDANTEN Binnen deze diverse ketens, garanderen wij een aantal functies. Wij willen dat er binnen deze ketens in onze stad invulling wordt gegeven aan kunst- en cultuureducatie, productie, presentatie en facilitering. Van de grote instellingen in de stad verwachten wij dat ze oog hebben voor alle functies in de keten en met andere partijen in de stad samenwerken. Dat betekent dat zij een nieuwe verantwoordelijkheid krijgen die past bij een brede taakopvatting. Dit noemen wij het ketenintendantschap (K.I.). Daarnaast onderscheiden wij één intendant voor educatie en amateurkunst, die de basis vormt van de ketens. Deze intendant is integraal verantwoordelijk voor de functie educatie in brede zin van het woord. Bij de ketens horen primair de volgende intendanten: 1. K.I. Muziek: Doornroosje 2. K.I. Beeldende Kunst: Museum het Valkhof 3. K.I. Literatuur: OBGZ 4. K.I. Theater & Dans: Keizer Karel Podia 5. K.I. Film & Media: LUX 6. I. voor educatie en amateurkunst: Lindenberg In geval van cross-overs verwachten wij van de intendanten dat ze elkaar weten te vinden. Dat kan in Nijmegen, grote instellingen onderling zijn georganiseerd in CNN (Cultureel Netwerk Nijmegen). Het is onmogelijk om een volledige opsomming te geven van alle taken van een ketenintendant. In de volgende paragrafen beschrijven wij de hoofdlijn van wat wij verstaan onder ketensamenwerking en het intendantschap. Eén centraal uitgangspunt is belangrijk om te benoemen. Het nieuwe sturingsmodel geeft culturele instellingen een bredere (maatschappelijke) verantwoordelijkheid in en buiten het culturele veld (big society / civil society gedachte). In en buiten het culturele veld zijn meer partijen actief waarvan de ketenintendanten in zekere zin afhankelijk zijn. Andersom geldt dit ook. Dat betekent dat: 1. Het sturingsmodel achter het ketenintendantschap gebaseerd is op een netwerkmodel, we gaan grote instellingen niet hiërarchisch positioneren in relatie tot andere partijen in de stad; 2. De (keten)intendanten en intendant voor educatie en amateurkunst worden primair aangesproken op hun procesrol (netwerkvorming). Hoewel in de peer-review uitspraken worden gedaan over de kwaliteit van de keten, verwachten wij van de (keten)intendanten dat zij in hun netwerk met andere partijen werken aan ambities. Daarnaast geven we weer hoe wij onze beleidsprioriteiten vormgeven en welke controlemechanismen (checks and balances) wij inbouwen. C >>> PRIORITEITEN BINNEN DE KETENS Instellingen geven binnen culturele ketens met andere partijen in en buiten de keten invulling aan het volgende: a. >>> Talentontwikkeling Lokaal talent (brede definitie, van jong tot oud en van individu tot gezelschap) wordt in vroeg stadium gesignaleerd, gestimuleerd en krijgt een podium. Instellingen en partijen in de keten slaan een brug tussen jong lokaal talent/amateurs en topartiesten/professionals door deze met elkaar in contact te brengen. De bevordering van de artistieke kwaliteit van lokaal talent wordt hiermee 1

gestimuleerd. Dit veronderstelt kennis van de lokale (amateur)kunstenaars, gezelschappen en culturele organisaties. b. >>> Excellentie Partijen in de keten hebben oog voor de absolute top. Er wordt gekeken of het binnen de bestaande kaders mogelijk is (internationale) topartiesten, talenten en gezelschappen te programmeren en er wordt actief gezocht naar manieren om de top van toegevoegde waarde te laten zijn voor de Nijmeegse cultuur. c. >>> Experiment, vernieuwing en cross-overs Partijen in de keten gaan actief op zoek naar vernieuwende experimenten, zowel binnen als buiten de keten. d. >>> Samenwerking De grote culturele instellingen in de stad hebben een belangrijke positie in de stad. Ze verzorgen de programmering van prominente gebouwen en zijn bekend in de stad. Wij verwachten daarom dat ze samenwerking opzoeken, zowel binnen als buiten de keten. Er wordt actief samenwerking gezocht met lokale (culturele) partijen initiatieven (o.a. productiehuizen, kunstenaars, kleinere culturele organisaties en evenementenorganisatoren). Zowel inhoudelijk, als facilitair. Er wordt actief samenwerking gezocht met organisaties buiten de culturele sector (o.a. scholen, maar ook bedrijven). Hiervoor worden de criteria uit de visie toegepast (samenwerken indien dit duidelijke meerwaarde heeft). Er vindt indien nodig afstemming plaats over de wijze waarop partijen in de stad benaderd worden. e. >>> Toegankelijkheid Tijdens de co-creatie kwamen er veel opmerkingen over de openheid en gastvrijheid van instellingen. Wij verwachten gastvrije instellingen, voor bezoekers, amateurgezelschappen, professionele artiesten en andere partijen. Wij sturen de komende jaren actief op ketensamenwerking en bovenstaande speerpunten van beleid. De totstandkoming hiervan zal soms tijd nodig hebben. Wij monitoren dit proces in bestuurlijke overleggen en zullen dit ook naar aanleiding van de peer-review evalueren. Hierover wordt de raad geïnformeerd. Omdat wij met de partijen in de stad ambities willen formuleren, is het einddoel nog niet exact bekend. De ketensamenwerking moet groeien, hiermee houden wij rekening. Wij werken met een groeimodel waarin de keten allereerst bepaalt wat de ambities zijn en hoe de speerpunten exact uitgewerkt worden (zie D sub v lid 6). Dat is een fundamentele eerste stap in het proces: wat verstaat de keten exact onder talentontwikkeling, experiment en excellentie en welke voortgang is realistisch? D >>> VERTALING MODELTEKSTEN Alle nieuw op te stellen uitvoeringsovereenkomsten of/en beschikkingen passen wij aan. In de uitvoeringsovereenkomsten van de (keten)intendanten voegen wij de volgende teksten toe onder het hoofdonderwerp c.q. artikel prestaties : i. Prioriteiten: talentontwikkeling, excellentie en experiment ***instelling*** geeft samen met andere partijen in de stad en partijen in de specifieke keten ***keten*** vorm aan de gemeentelijke beleidsprioriteiten: talentontwikkeling, excellentie en experiment. ii. Ketenintendantfunctie en ketenoverleg ***instelling*** is ketenintendant voor de keten ***keten***. De ***instelling*** draagt procesverantwoordelijkheid voor de organisatie van het ketenoverleg. In het ketenoverleg komen minstens de volgende onderwerpen aan de orde: 1. (lokale) talentontwikkeling in de ***keten*** in Nijmegen; 2. excellentie in de ***keten*** in Nijmegen; 2

3. experimenten waarbij de Nijmeegse ***keten*** betrokken is; 4. samenwerking in de ***keten*** in Nijmegen; 5. toegankelijkheid van de ***keten***; 6. de wijze waarop het ambitieniveau binnen de ***keten*** gerealiseerd wordt in Nijmegen. De ketenintendant nodigt in de keten en in het netwerk samenwerkende partijen uit voor het ketenoverleg. De partijen in het ketenoverleg kiezen gezamenlijk een voorzitter. ii Intendantfunctie educatie en amateurkunst ***instelling*** is intendant voor de functie educatie en amateurkunst en draagt procesverantwoordelijkheid voor de organisatie van het functieoverleg. In het functieoverleg komen minstens de volgende onderwerpen aan de orde: 1. educatie en de integraliteit hiervan in alle ketens in Nijmegen; 2. amateurkunst en de integraliteit hiervan in alle ketens in Nijmegen; 3. (lokale) talentontwikkeling en de integraliteit hiervan in alle ketens in Nijmegen; 4. samenwerking op het gebied van educatie en amateurkunst in Nijmegen; 5. de toegankelijkheid van educatie en amateurkunst in Nijmegen 6. de wijze waarop het ambitieniveau binnen de functie educatie gerealiseerd wordt in Nijmegen. De intendant educatie en amateurkunst nodigt in de functie en in het netwerk samenwerkende partijen uit voor het functieoverleg. De instellingen in het functieoverleg kiezen gezamenlijk een voorzitter. iii. Verslaglegging keten- of functieoverleg Jaarlijks stelt het keten/functieoverleg een verslag van haar werkzaamheden vast. Dit verslag beschrijft de werkzaamheden in de keten ***keten*** op de *** in artikel ii *** / in de functie educatie en amateurkunst op de ***in artikel ii *** benoemde onderwerpen. Die werkzaamheden kunnen gemeenschappelijk zijn maar ook betrekking hebben op twee of meer deelnemers aan die keten/functie. Het verslag wordt toegestuurd aan de gemeente en dient als basis voor toekomstige peer-reviews. iv Peer-review ***Instelling*** werkt mee aan de peer-review en levert de door de reviewers gevraagde informatie. Het keten/functieverslag en de jaarverslagen van de ***instelling*** vormen de basis voor de peerreview. v. Groeimodel De keten- en functiebenadering is nieuw, voor het eerst vastgelegd in de cultuurvisie Werken in Ketens. De komende jaren vragen wij partijen in de stad specifiek voor ***instelling*** in de ***keten/functie*** te werken aan de uitvoering van deze visie. Dat betekent ook dat wij ***instelling*** en de overige partijen in de ***keten*** ruimte geven om zelf vorm en inhoud te geven aan het ketenintendantschap en de speerpunten. De ***instelling*** en de organisaties in de keten geven wij de mogelijkheid om zelf te definiëren wat zij verstaan onder de onderwerpen uit ***artikel ii***, welk ambitieniveau de partijen in de keten hebben en hoe zij dit ambitieniveau willen realiseren. In de brieven aan de overige culturele organisaties in de stad nemen we de volgende tekst op: In de nieuwe Kunst- en Cultuurvisie van de stad staat het werken in ketens centraal. Wij willen in de stad een afgestemd cultuuraanbod tussen goed samenwerkende partijen. Uw organisatie is actief in de *** keten(s)/functie***, van die keten/functie is ***instelling(en)*** (keten)intendant. De (keten)intendant organiseert een toegankelijk en openbaar overleg, waarin onder andere talentontwikkeling, ruimte voor initiatief, experiment en onderlinge samenwerking aan de orde komen. Hiervan wordt een verslag gemaakt, dat onderdeel zal zijn van een peer-review. Wij verwachten van u dat u deelneemt aan dit overleg. 3

E. FOCUS VERANTWOORDING De intendant legt verantwoording af over haar positie in de keten: 1. Bovengenoemd onder D sub iii benoemd document dient als inhoudelijke verantwoordingsdocument. Een specifieke instelling kan er voor kiezen om hier een document aan toe te voegen met haar specifieke standpunt over de ketensamenwerking in de stad. Dit wordt openbaar gemaakt. De artikelen onder D worden toegevoegd aan bestaande uitvoeringsovereenkomsten en/of subsidiebeschikkingen. De instellingen blijven daarnaast verantwoording afleggen over: 2. Financiële stavaza (jaarrekening, incl. accountantsverklaring en jaarverslag); 3. Prestaties op ultimo hoofdlijn (kwantitatieve outputgegevens: aantal voorstellingen, aantal bezoekers, etc.). Specifieke overige prestaties verwijderen wij uit de uitvoeringsovereenkomsten. Hierover gaan wij met instellingen in overleg, gezamenlijk bepalen we wat wij verstaan onder de ultimo hoofdlijn. 4. Cultural governance (conform vastgestelde verantwoordingsprotocol, waarover de raad geïnformeerd is); 5. Essentiële elementen van de specifieke verhouding (bijv. bepalingen m.b.t. concurrentie en horeca, gebouwenbeheer). Dit deel van de verantwoording kunnen instellingen standaardiseren en is weinig tijdsintensief. F >>> UITGANGSPUNTEN PEER-REVIEW De (keten)intendant wordt beoordeeld, niet de keten. De peer-review spreekt zich uit over de ketenintendant en de wijze waarop deze invulling geeft aan deze procesfunctie en welke effecten dit heeft op de beleidsprioriteiten (onderdelen uit D sub ii). De peer-review spreekt zich tevens uit over het culturele aanbod in de stad Nijmegen. In de oordeelsvorming staat het primaire proces centraal. - De meting focust op de onder C en D geschetste onderwerpen (D sub ii: talentontwikkeling, excellentie & experiment en samenwerking & toegankelijkheid). Dit sluit aan bij onze opvatting dat wij professionals de ruimte willen geven. - We willen een kwalitatief oordeel laten uitspreken over de realisatie van de speerpunten, de samenwerking in de sector en de procesrol die de (keten)intendant hier in speelt. - De peer-review is gericht op verbeteringen in de ketens en levert aanbevelingen op. Het (relevante) netwerk van de instelling krijgt de mogelijkheid een nadrukkelijke rol pakken in het beoordelingstraject Uit het traject op basis waarvan de cultuurvisie is opgesteld, kwam naar voren dat instellingen opener moeten zijn en meer samenwerking moeten zoeken. Het keten/functieoverleg en het (keten)intendantschap zijn een constructieve vertaling van deze behoefte: wij willen dat partijen in de stad zichtbaar samenwerken aan talentontwikkeling, excellentie en experiment. De verantwoording is dus ook een verantwoording van het netwerk, een vergaande vorm van horizontale verantwoording. Wij verwachten zeker van gesubsidieerde instellingen en organisaties dat zij kunnen uitleggen welke inspanningen ze leveren en wat ze hiermee bereikt hebben. En ook hoe zij zich tot elkaar en (niet-gesubsidieerde) partijen verhouden. G >>> PROCES EN CHECKS & BALANCES Eerste peer-review - In 2013 definiëren partijen in een keten/functieoverleg de speerpunten en het ambitieniveau conform D sub v. - In 2014 vindt de eerste peer-review plaats, met als doel een nulmeting te maken. 4

- In 2016 vindt de tweede peer-review plaats, met als doel te kijken welke voortgang geboekt is. Zelfevaluatie netwerk in de vorm van het functie/ketenverslag (checks and balances I) Het functie/ketenverslag (benoemd onder D sub iii) dient als basis voor de visitatie. De peer-reviewers - De kwaliteitsmeting vindt plaats door externe deskundigen, van buiten Nijmegen. - Per keten/functie zijn er drie peer-reviewers: - één voorzitter; - één secretaris, en; - één inhoudelijk deskundige. De voorzitter en secretaris zijn betrokken bij alle peer-reviews, de deskundige varieert per keten/functie. - De (keten)intendant en de overige partijen in de ketens mogen gezamenlijk één deskundig lid voordragen. - De gemeente benoemt de peer-reviewers en legt de voordracht ter informatie voor aan de te beoordelen (keten)intendant. Open en transparant proces - De peer-review procedure is open en transparant. - De namen van de peer-reviewers zijn bekend. - De peer-review geeft vorm aan een moment waarop partijen in de stad zich kunnen uitspreken over de ketens. Informatievoorziening peer-reviewers De peer-reviewers vragen informatie op bij de instellingen op basis waarvan zij vinden dat ze een oordeel kunnen vellen over de in C en D (sub ii: talentontwikkeling, excellentie & experiment en samenwerking & toegankelijkheid) benoemde onderwerpen en ontvangt van de (keten)intendant het functie/ketenverslag. Transparant proces - De peer-reviewers lezen en beoordelen ten minste het functie/ketenverslag en de documenten die zij nodig achten om een beeld te krijgen over de realisatie van de speerpunten uit de visie en de ketensamenwerking; - Op basis van dit beeld gaan de peers in gesprek met de (keten)intendant en door haarzelf geselecteerde partijen in de keten; - De peer reviewers geven partijen uit de stad en instellingen de mogelijkheid om in gesprek te gaan en kondigen deze mogelijkheid ruim van tevoren aan (minimaal 6 weken). - De peer-reviewers stellen een concept beoordeling op; - De concept beoordeling wordt openbaar gemaakt en geagendeerd in een (keten/functie)overleg, dat de mogelijkheid krijgt om te reageren op dit rapport. De (keten)intendant krijgt separaat de mogelijkheid om te reageren op de concept beoordeling. - De reacties van het functie/ketenoverleg en de (keten)intendant worden opgenomen in de beoordeling, de peer-reviewers geven aan tot welke wijzigingen dit wel en niet heeft geleid. - De definitieve beoordeling wordt overlegd aan de gemeente Nijmegen. Follow up: ruimte voor politiek Bij het verlenen van subsidies (door raad of college) wordt de input uit de relevante visitatierapporten gebruikt. Dat betekent dat college en raad de regie kunnen voeren over vervolgstappen. Checks and balances In de nieuwe sturingsfilosofie zitten diverse checks and balances. Wij sturen expliciet op openheid en toegankelijkheid, wij positioneren partijen in de stad dusdanig dat zij voldoende ruimte krijgen c.q. kans hebben om in ketens te functioneren (C en D). In de peer-review is dit een centraal thema (F en G) en in die review kunnen partijen hun inbreng leveren. Daarnaast handhaven wij de kern van het toezicht dat wij houden op de instellingen (E). Indien kunstenaars of kleine culturele organisaties van mening zijn dat zij niet goed genoeg betrokken worden bij een specifieke culturele keten, bestaat er als vanzelfsprekend de mogelijkheid dit te melden bij de gemeente Nijmegen (medewerkers van Cultuur) en/of de wethouder Cultuur. 5