TAC 4 DL: ADVANCED SETUP (v.07/2012)



Vergelijkbare documenten
Installatie en gebruikershandleiding TAC4 + SAT BA/KW

CB4 TAC3 REC - ALARMEN Technische documentatie

T Als het om lucht gaat. KLIMAATTECHNIEK

T Als het om lucht gaat. KLIMAATTECHNIEK

Installatie en gebruikshandleiding TAC4 DM

Installatie en gebruikershandleiding TAC4 DL + RC

T Als het om lucht gaat. KLIMAATTECHNIEK

Alarmen CB4 TAC3 FULL

Alarmen CB1 TAC3 FULL

Alarmen CB1 TAC3 CA [NL]

T Als het om lucht gaat. KLIMAATTECHNIEK

Installatiehandleiding CB4 TAC3 REC

Installatiehandleiding CB1 TAC3 CA

v.10/ Thermische beveiliging. Alle electrische batterijen zijn voorzien van een dubbele thermische beveiliging :

Installatiehandleiding CB4 TAC3 FULL

Installatiehandleiding CB1 TAC3 FULL

A- Fout historie B- sensor waarden C- Set point D- Parameters. Navigatie menu LCD display. 1 e niveau (001) 2 e niveau (007) 3 e niveau.

TS-HRS SERVICEHANDLEIDING

Omschrijving Fabrieksinstelling Instelbereik Opmerking

De serie wordt gebruiksklaar, volledig bekabeld geleverd en met een afstandsbediening (naar keuze) of een MODbus-aansluiting waarmee je het

Installatie en onderhoudshandleiding HRflat TAC4

Configuratie programma tbv. MJK Instrumentie

HRup serie. Warmterecuperatie units met dubbele luchtstroom en hogerendementsventilatoren. Naar boven gerichte luchtkanaalaansluitingen.

Installatie en onderhoudshandleiding HRmural TAC4

VERKORTE HANDLEIDING CUSTOM COMMAND

VERKORTE GEBRUIKSAANWIJZING TMC 212. Toro Modulaire Controller REGENAUTOMAAT

1 Mitsubishi Alpha XL

Handleiding digicode: Promi500 Kaarten en codes

HR mural CENTRIFUGAAL VENTILATOREN

Vallox Opleiding Xilio Maart

Set-Up instructies MULTICONTROLLER _R02

Beknopte handleiding animeo SOLO 1 en 2 zones Functie Wind - Zon - Regen en Klok

1 Inleiding. 1.1 Theta-regelaar. 1.2 Ruimtethermostaat

Universele deurcontroller

1) Verbinding maken met Solar-WiFi 2) Sems Portal app openen en klik op Wifi. Bij beveiligingssleutel vult u de volgende code in:

1. Wat is een repeater? Hoe in te stellen? A. Instellen via Wi-Fi Protected Setup (WPS)... 2

VERKORTE GEBRUIKSAANWIJZING REGENAUTOMAAT

Handleiding. Voor het programmeren/configureren van de. CBD4-5-6 controlebox

All-in-one warmtepomp water verwarming BOI-200/260

VDH doc Versie: v1.0 Datum: Software: ALFA75-MTT File: Do WPD Bereik: 0,0/+80,0 C per 0,1 C

SNEL AAN DE SLAG MET EEN RIKA KACHEL - met ruimtevoeler.

In werking stellen Hoofdstuk 6

(energie) meten via Qbus

HRSERIES VENTILATIEGROEPEN MET DUBBELE LUCHTSTROOM EN HOOGRENDEMENT WARMTETERUGWINNING

Installatie en onderhoudshandleiding HRglobal TAC4

ControlPro handleiding: quick installation guide

Thermostaat met display

MODBus handleiding. ControlAir

handleiding master aansluitmodule 6 zones - 230V/24 V

1. Wat is een repeater? Hoe in te stellen? A. Instellen via Wi-Fi Protected Setup (WPS)... 2

Een Net2 Entry Monitor configureren

Handleiding Scorebord Horstacker (Nijmegen) Wildcats; november 2011; Versie 1.1 Page 1

Programmeerhandleiding Nelson Turf EZ Pro Jr. voor de types 8304, 8306, 8309, 8312, 8374, 8376, 8379, 8382

HRflat m³/u HRflat m³/u HRflat m³/u HRflat m³/u

Ventilatiekasten met dubbele luchtstroom en hogerendement warmteterugwinning en ventilatoren

HANDLEIDING VH CONTROL PLUG-IN THERMOSTAAT PROGRAMMEERBAAR

CVF Handleiding. Koeling Ventilatie Filtering

Wijzigen Standaard Wachtwoord (Siemens 5400/5450/SE565)

Gebruikershandleiding. Brandmeldcentrale JUNO-NET EN54

Eco 10. Eco 10 Castelmonte 1 of 14 Rev. 01

ASI. BeAnywhere. Remote Access. Quick Start

TS680. Alarmcentrale. Gebruikershandleiding

7 INSTELLING EN AFREGELING

Handleiding MH1210B temperatuurregelaar

L /2008 rev 0 BE.PROXY BE.READ INSTALLATIEHANDLEIDING

In werking stellen Hoofdstuk 6

GLOBAL PX/RX/LP. Gebruiks- en onderhoudsinstructies GLOBAL RX GLOBAL PX GLOBAL LP FW GLOBAL PX FW GLOBAL RX TOP GLOBAL PX TOP FW

Temperatuur. Status kachel. Toets op. Toets terug. Toets OK. Toets neer. Toets Aan/uit

WERKINGSINSTRUCTIES VOOR DE ST-950 TRAININGSCOMPUTER

Hfdst. 2: COMBINATORISCHE LOGICA

Handleiding CT1000. Deze CT1000 is geleverd door: Stand alone keypad access control

UNIVERSELE TRAPPENREGELAAR IR32 en IRDR

Inhoud. De Beo4-afstandsbediening gebruiken, 3. De Beo4-knoppen in detail, 4 Dagelijkse en geavanceerde bediening met Beo4-knoppen

Verdyn Korte handleiding

Suprabox Comfort regeling: Modbus aansluiting

Gebruikershandleiding. Bedienpaneel MINI-REP

2HEAT PID: intelligence digital temperature control instrument

Syncro AS. Analoge Brandmeldcentrale. Gebruikershandleiding. Man V1.0NL

Handleiding. 24Vdc -50/+50 C

Stappenplan Wifi configuratie Goodwe Omvormer

Dixell XC645CX. Parameterinstellingen

Handleiding Fermax N-Cityline/Skyline/N-Marine (7440) paslezer Stand-alone.

Nederlandstalige handleiding Autoalarm AS5

Modbuskoppeling Verdyn - Priva (engineering in Priva)

BE.REC L Rev. 10/07/02 BE.PLAY L Rev. 05/06/03 BE.PLAY BE.REC INSTALLATIEHANDLEIDING

Gebruikershandleiding (NL)

6.1 In- en uitschakelen toestel

HENKELMAN BV. Adres Veemarktkade 8 / D AE s-hertogenbosch Nederland. Postadres Postbus AE s-hertogenbosch Nederland

xxter 2N Intercom configuratie

1.QUICKSTART GUIDE 3 2.PRODUCTAFBEELDING MET UITLEG 4 3.MONTEREN EN AANSLUITEN VAN DE DEURBEL OP STROOM 5 4.NEERZETTEN OF MONTEREN VAN HET SCHERM 6

PROGRAMMEERBARE TEMPERATUUR DETECTOR TD-1_NL 07/11

Snelgids DVR : DIXE Serie

Mod HANDENVRIJE EEN- EN TWEEGEZINS-KLEURENVIDEOKIT. Ref. 1722/ /86 (*) INSTRUCTIES VOOR DE INSTALLATIE VAN DE DOMOTICA

Service Manual. Comfort System

Auerhaan geeft lucht...aan uw projecten. HR-serie warmteterugwinning

Gebruikershandleiding. Brandmeldcentrale JUNO-NET EN54

Transcriptie:

TAC 4 DL: ADVANCED SETUP (v.07/2012) In de Advanced Setup kunnen er een aantal functies en parameters aangepast of geactiveerd worden. In de tabel hieronder vindt u een overzicht, in de volgorde zoals die tijdens de setup wordt weergegeven op de RC. Indien TAC 4 DL + RC : Om naar de Advanced setup te gaan druk simultaan op SETUP en ENTER totdat de tekst ADVANCED SETUP op het scherm verschijnt. Principe: maak uw keuze met de knoppen en druk dan op ENTER. Getallen worden cijfer per cijfer ingegeven. Indien TAC 4 DL + : Kies op het scherm van de voor de Advanced setup om de parameters aan te passen. Opgelet : In de zijn sommige meer geavanceerde instellingen aanpasbaar in de normale basissetup. In dat geval zal in onderstaande tabel «zie setup» worden vermeld (zie documentatie ). In bijlage 1 kan u de schermen van de bekijken in verband met de Advanced setup. In de tabel hieronder zal telkens naar het desbetreffende scherm verwezen worden. Indien TAC 4 DL + MODBUS : Voor iedere geavanceerde instelling zal u het bijbehorende registernummer kunnen terugvinden in onderstaande tabel. Voor meer details zie «MODBUS». Functies Beschrijving Indien TAC 4 DL + RC Indien TAC 4 DL + Indien TAC 4 DL + Stap Schermtekst MODBUS Register n Voor alle werkingsmodes (CA, LS, CPs) Wachtwoord Indien het wachtwoord actief is, geef de toegangscode in om naar de Advanced setup 1 / 2 INVULLEN ACCESS Code zal gevraagd worden om naar 40547 te gaan. CODE 0000 de verschillende schermen te gaan. Configuratie in Modbus Mogelijkheid om de parameters in Modbus communicatie te configureren. 3 / 4 MODBUS CONFIG? J Configuratie in Modbus Geef het Modbus adres van de TAC4 eenheid in. 4.1 ADRES : Adres kan bovenaan rechts in ieder 40543 001 scherm worden ingegeven. Configuratie in Modbus Kies de Baudrate: 4.2 BAUDRATE Keuze tussen 1200-4800-9600-19200 9600 Configuratie in Modbus Kies de pariteit: 4.3 PARITEIT : N (geen) E (even) O (oneven) N Bediening van setup en Indien de setup en controlefuncties in Modbus communicatie zijn geconfigureerd dan 4.4 CONTROLE Scherm 8 40200 controlefuncties via RC kan de RC als meester worden ingesteld. MET RC? J (Set RC Master) Indien werkingsmode LS Mogelijkheid om de ventilatoren automatisch te doen stoppen als het 0-10V signaal lager is dan Vinf. 5 / 6 STOP VENT ALS V<VLAAG? N 40501 Pulsie en extractie onafhankelijk + gelinkt aan 2 verschillende 0-10V signalen Indien werkingsmode CPs Reactiesnelheid van het algoritme CPs Configuratie van de Vinf waarde 6.1 VLAAG : 00,0 V Mogelijkheid om de ventilatoren automatisch te doen stoppen als het 0-10V signaal hoger is dan Vsup 7 / 8 V>Vhoog? N Configuratie van de Vsup waarde 8.1 Vhoog : 10,0 V Mogelijkheid om het pulsiedebiet aan te sturen via een 0-10V signaal op ingang K2 en het extractiedebiet via een 0-10V signaal op ingang K3. De relatie debiet signaal moet dezelfde zijn. Configuratie van de reactiesnelheid van het algoritme CPs. De waarde 10 (standaard) komt overeen met de snelste reactietijd. Iedere vermindering met 1 komt overeen met een verdubbeling van de reactietijd (10=T, 9=2xT, 8=4xT, ). Wij raden aan om deze waarde enkel te veranderen voor toepassingen van constante druk in een lokaal (en niet in luchtkanalen). 9 0-10V op K3? N 10 SNELHEID CPs? 10 (Snelheid CPs) 40502 40503 40504 40505 40506

Reactielogica van het algoritme CPs Configuratie van de logica in mode CPs: Negatieve logica: - het debiet vermindert indien het gemeten signaal op K2 > de referentiewaarde - het debiet vermeerdert indien het gemeten signaal op K2 < de referentiewaarde Positieve logica: - het debiet vermeerdert indien het gemeten signaal op K2 > de referentiewaarde - het debiet vermindert indien het gemeten signaal op K2 < de referentiewaarde Indien werkingsmode CA of LS Mogelijkheid om de ventilatoren automatisch te doen stoppen bij een drukalarm (na ventilatoren bij een het afzetten van het drukalarm moet u op RESET duwen om de ventilatoren terug te drukalarm. laten starten). 11 LOGICA? NEGATIEF (CPs Logic) 12 / 13 STOP VENT ALS DRUK ALARM? N Voor alle werkingsmodes (CA, LS, CPs) Startkoppel Mogelijkheid om het startkoppel aan te passen (standaard 2%). 14 / 15 START KOPPEL? 02% Desactiveren van de softstop functie Mogelijkheid om het stoppen van de ventilatoren via de RC of de ingangen K1/K2/K3 op het circuit TAC 4 DL te blokkeren. Dit komt overeen met het desactiveren van de softstop : - Indien RC meester: de knop OFF van de RC is niet actief. - Indien circuit TAC 4 DL meester: - Mode CA: als er geen van de ingangen K1/K2/K3 is aangesloten op +12V dan is debiet K1 actief. - Mode LS of CPs: als ingang K1 niet aangesloten is op +12V dan zal de regeling werken alsof K1 wél op +12V is aangesloten. 16 / 17 VENT OFF J (Stop vent. Als drukalarm?) (Start koppel) (Softstop mogelijk?) 40507 40500 40508 40509 Kies daarvoor N (standaard J). Boost functie Mogelijkheid om pulsie- en extractiedebiet te configureren als de BOOST functie 18 BOOST geactiveerd is. CONFIG? N Boost functie Pulsiedebiet als de BOOST functie actief is. 18.1 TOEVOER? xxxx m³u Boost functie Extractiedebiet als de BOOST functie actief is. 18.2 AFVOER? Xxxx m³u Brandalarm Mogelijkheid om de activeringslogica en het pulsie- en extractiedebiet te configureren 19 BRAND AL in geval van brandalarm.. CONFIG? N Brandalarm Kies de activeringslogica in geval van een brandalarm : 19.1 CONTACT Ingang IN3 N.O of N.C (normaal gezien open of dicht) IN3? N.O NO : Alarm actief indien contact gesloten NC : Alarm actief indien contact open Brandalarm Geef het pulsiedebiet in in geval van een brandalarm. 19.2 TOEVOER? 0000 m³u Brandalarm Geef het extractiedebiet in in geval van een brandalarm. 19.3 AFVOER? 0000 m³u Bypass Mogelijkheid om de buitentemperatuur (T1) en binnentemperatuur (T2) waarbij de bypass moet openen/dichtgaan te bepalen. Openen van de bypass als alle onderstaande voorwaarden vervuld zijn: - Buiten T (voeler S1) < Binnen T (voeler S2). - De buiten T (voeler S1) > T1. - De binnen T (voeler S2) > T2. Dichtgaan van de bypass als één van onderstaande voorwaarden vervuld is: - Buiten T (voeler S1) > Binnen T (voeler S2). - Buiten T (voeler S1) < T1-1 C. - Binnen T (voeler S2) < T2-2 C. 20 / 21 / 22 BYPASS WAARDEN: T1: 15 T2: 22 40548 (Boost : toevoer) 40549 (Boost : afvoer) (IN3 contact) (toevoer) (afvoer) Scherm 3 (T1 en T2) Bypass Mogelijkheid om het pulsie- en extractiedebiet te bepalen als de bypass geopend is (J= ja, N=neen). 23 / 24 SELECT. m³u ALS BYPASS OPEN? N Scherm 3 (select m³/u als bypass open?) Bypass Configureren van het pulsiedebiet per ventilator als de bypass geopend is. 24.1 TOEVOER 0000m³u Scherm 3 (toevoer) 40510 40511 40512 40513 40514 40515 40516

Bypass Configureren van het extractiedebiet per ventilator als de bypass geopend is. 24.2 AFVOER 0000m³u Scherm 3 (afvoer) Antivriesbeveiliging van Indien de optie KWin voorverwarming niet geïnstalleerd is. 25 AF? N Scherm 6 Mogelijkheid tot activeren (J) of uitschakelen (N) van de antivriesbeveiliging door (Activeren antivries?) middel van het moduleren van het pulsiedebiet. 40517 40519 Antivriesbeveiliging van Mogelijkheid om de configuratie van de antivriesbeveiliging te veranderen. 25.1 CONFIG AF? N Antivriesbeveiliging van Geef de onderwaarde van het T interval in. 25.1.1 T LAAG AF: 0 C Scherm 5 40520 (T laag AF) Antivriesbeveiliging van Geef de bovenwaarde van het T interval in. 25.1.2 T HOOG AF: 3 C Scherm 5 40521 (T hoog AF) Antivriesbeveiliging van Mogelijkheid om de pulsieventilatoren al dan niet te stoppen indien T < T LAAG. 25.1.3 AF STOP VENTIL? J Scherm 5 40522 (Stop toevoer als T <Tlaag?) KWin Indien een KWin voorverwarming geïnstalleerd is : 26 KWin T 40518 Configuratie van de T waarop de antivriesbeveiligi ng wordt geactiveerd. AF/+1,0 (set T KWin) KWin Indien electrische warmtewisselaar aanwezig (KWin), mogelijkheid om de PID parameters aan te passen. OPGELET: deze parameters NIET veranderen als u hiermee niet vertrouwd bent. 27 CONFIG PID KW? N KWin KWin : mogelijkheid om de proportionele parameter aan te passen 27.1 KWin PID PB=005 KWin KWin : mogelijkheid om de integrale parameter aan te passen 27.2 KWin PID Ti=030 KWin KWin : mogelijkheid om de integrale parameter aan te passen 27.3 KWin PID Td=011 SAT BA Mogelijkheid om de besturingsparameters van de op de SAT TAC4 BA/KW (optie) 28 SAT BA? aangesloten wisselaars aan te passen. NEEN SAT BA Kies het type van wisselaar dat op de SAT TAC4 BA/KW is aangesloten : keuze 28.1 TYPE BA? tussen BA+ of BA- of BA+/- of BA+/BA- of KW of BA-/KW(s) (KW indien geen optie KW/BA- KWin) SAT BA Indien optie BA+ geregeld wordt via de SAT TAC4 BA/KW : Configuratie van de reactiesnelheid van het algoritme voor naverwarming (3- wegklep). De waarde 05 (standaardinstelling) komt overeen met een normale reactiesnelheid. Iedere stap -1 betekent een verdubbeling van de reactiesnelheid (05=T, 04=2xT, 03=4xT, ). Iedere stap +1 betekent een halvering van de reactiesnelheid (05=T, 06=T/2, 07=T/4, ). Wij raden aan om deze waarde enkel te veranderen als u een probleem heeft met de stabiliteit van de T in uw toepassing. SAT BA Indien optie BA- geregeld wordt via de SAT TAC4 BA/KW : Configuratie van de reactiesnelheid van het algoritme voor nakoeling (3-wegklep). De waarde 05 (standaardinstelling) komt overeen met een normale reactiesnelheid. Iedere stap -1 betekent een verdubbeling van de reactiesnelheid (05=T, 04=2xT, 03=4xT, ). Iedere stap +1 betekent een halvering van de reactiesnelheid (05=T, 06=T/2, 07=T/4, ). Wij raden aan om deze waarde enkel te veranderen als u een probleem heeft met de stabiliteit van de T in uw toepassing. Uitgangen 0-10V Kies de informatie die aan de 0-10V OUT1 uitgang moet gelinkt worden: Keuze tussen debiet/druk voor een ventilator naar keuze (standaardinstelling = debiet F1). Uitgangen 0-10V Kies de informatie die aan de 0-10V OUT2 uitgang moet gelinkt worden: Keuze tussen debiet/druk voor een ventilator naar keuze (standaardinstelling = druk F1) 28.1.1 SNELHEID NV/BA 05 28.1.2 SNELHEID BA- 05 29 Out 1 m³u F1 30 Out 2 Pa F1 40523 (Select PID KWin) 40524 (SelectPID KWin) 40525 (Select PID KWin) Scherm 6 of 7 (Sat BA?) Scherm 6 (snelheid BA+) Scherm 6 (snelheid BA-) (OUT1 (0-10V)) (OUT2 (0-10V)) 40550 40526 40551 40530 40531

Naventilatie Naventilatie Mogelijkheid om de naventilatie te activeren (de ventilatoren blijven nog een bepaalde tijd doordraaien nadat de softstop is geactiveerd). OPGELET, indien Voorverwarming KWin en/of SAT BA/KW: KWext is/zijn geïnstalleerd dan zal de POSTVENT automatisch op Ja staan en is het niet mogelijk om dit te veranderen in Neen. Instellen van de duurtijd van de naventilatie (in seconden). OPGELET : Indien er een electrische verwarming is geïnstalleerd (KWin / KWext), dan is de naventilatie minimum 90 seconden. In dat geval kan u deze duurtijd dus enkel verlengen, niet verkorten. 31 POST VENT? J Scherm 6 (Post-vent.?) 31.1 TIJD PV 0090 sec Scherm 6 (Looptijd) 40532 40533 Mogelijkheid om het aantal draaiuren van de ventilatoren te tellen. Het doel is om een onderhoudsalarm te signaleren of om de ventilatoren te stoppen na een bepaalde draaitijd. 32 VENT RUN TIME? N Actief indien één van de functies ivm de werkingstijd geactiveerd is (zie scherm 2) Mogelijkheid om de teller op 0 te zetten. 32.1 TIJD RESET? N 40252 (tijd reset?) Mogelijkheid om de werkingsduur weer te geven. 32.2 DISPLAY TIJD? N 40535 (display tijd?) Mogelijkheid om een onderhoudsalarm te activeren na een bepaald aantal draaiuren. 32.3 SERVICE ALARM? N 40536 (Service alarm?) Ingeven van het aantal uren waarna het onderhoudsalarm moet geactiveerd worden. 32.3.1 TIJD? 000000 u (xxxx u) 40537 40538 Mogelijkheid om de ventilatoren te doen stoppen nadat het ingegeven aantal 32.4 STOP VENT? N 40539 draaiuren is bereikt. (Stop vent.?) Ingeven van het aantal uren waarna de ventilatoren automatisch moeten stoppen. 32.4.1 TIJD? 000000 u (xxxx u) 40540 40541 Mogelijkheid om enkel de alarmen op het scherm weer te geven. Als er geen enkel 33 DISPLAY ALARM / 40542 alarm actief is dan zal de tekst «VENT OK» te zien zijn. ALLEEN? N Toegangscode Mogelijkheid om een toegangscode in te stellen voor de setup en de advanced setup. 34 ACCES CODE? N Scherm 8 40546 (toegangscode?) Toegangscode Geef een toegangscode in. 34.1 CODE 0000 Scherm 8 Mogelijkheid om 3 verschillende toegangscodes in te stellen : 40547 - enkel voor de controle - controle en configuratie - voor alles 40534 Reset totaal Mogelijkheid om een totale reset uit te voeren waardoor alle parameters teruggezet 35 FABRIEK RESET? N 40251 worden naar de fabrieksinstellingen. Einde van de advanced setup. 36 EINDE SETUP

Bijlage 1: Advanced setup schermen vande Scherm 3 Scherm 5 Scherm 6 Scherm 7 Scherm 8