De stad als leefgebied



Vergelijkbare documenten
Je school vogelvriendelijk! Voor vogel én mens

NME-leerroute Vogels in het Wandelbos

Sporen opsnorren docentenhandleiding

Maak je schoolplein vogelvriendelijk

Tuinvogels. Een interactieve lezing door Vogelwerkgroep Vught

Je school vogelvriendelijk! Voor vogel én mens

: QuickScan Flora & Fauna Meijelseweg 60a te Beringe, gemeente Peel en Maas

Je school vogelvriendelijk! Voor vogel én mens

Notitie inspectie bomen Molenbeek Sittard 2011

Beestige Buren. Voorbereiding in de klas

2012 Rebo International b.v. deze uitgave 2012 Rebo Productions b.v., Lisse

DIEREN IN DE NATUUR. Geef ze geen eten, observeer ze!

l a n d e l i j k i n f o r m a t i e c e n t r u m g e z e l s c h a p s d i e r e n SPREEKBEURT LACHDUIF VOGELS OVER HOUDEN VAN HUISDIEREN

Bureauonderzoek Flora en fauna

Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet

Meneer en mevrouw bunzing zoeken een huis voor de winter

Excursieles Overleven in het bos

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 4:11a van de Algemene plaatselijke verordening Ede 2012;

GEMEENTEBLAD Officiële publicatie van Gemeente Ede (Gelderland)

Introductieles. Vogels in de klas. groep 5/6. Leerkracht. Inhoud in het kort. Kerndoelen. Lesdoelen

Speluitleg: Gebruik bij de speluitleg het bestand Hoe wordt het spel gespeeld op

Vereniging Centraal Wonen Driebergen (ECWD) S.W. de Groot De Kievit PL DRIEBERGEN

7 e biologische diversiteit een moeilijk te vrijwaren rijkdom

Jouw idealen in Utrecht Verkiezingsprogramma. Provinciale Staten 2015 in eenvoudige taal

Kijken! Kijken! Niet kopen!

Wie eet wie en wie eet wat?

Dieren in de winter. Kids for Animals winter spreekbeurt. Brrr. Honden

WERKBLAD OPDRACHTEN. Locatie: De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen

Introductieles. Vogels in de klas. groep 5/6. Handleiding leerkracht. Inhoud in het kort. Kerndoelen. Lesdoelen

Vogelzang: waarom zingen vogels en

een overzicht van beschermde en bedreigde dier- en plantensoorten Ruud, spaar ons mooie Keersopdal!

Wie eet wie en wie eet wat?

RATELSLANGEN PEKARI S

Beverwijkerstraatweg 44 - Castricum

SOORTENSTANDAARD VAN DE HUISMUS 2015 PRAKTISCHE UITWERKING A. Beschrijving, functies & belang van habitat elementen van de HUISMUS

Naar aanleiding van de avond met de klankbordgroep is de keuze gemaakt om te zoeken naar avontuurlijk spelen / spelen in het groen in plaats van het

Conform uw opdracht hebben wij een veldonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de weilanden en kassen gelegen achter Zwaagdijk-Oost 189.

Effecten op de boomvalk van het Bp Lelylaan te Amsterdam

DASSENWERK. werkbladen opdrachten Nationaal Park De Loonse en Drunense Duinen. Locatie De Drie Linden Giersbergen 8 Drunen

Werkstuk groep 6. Omdat dit je eerst werkstuk is, wordt je een handje geholpen: Alles wordt stap voor stap beschreven. Succes! A. Kies je dier.

Inleiding. En het coolste van al... Bekijk het als een spel met een eigen wil, een spel dat je gratis en voor niks mag gebruiken.

5. Hoe komt het dat de brulkikker niet meer in Nederland voorkomt?

NME-leerroute Vogels in het Wandelbos

BIOLABO. Voorbereiding in de klas

Zoogdieren in het Bos

Schimmels.

NME-leerroute Vogels in het Wandelbos

-Rooien van het aanwezige sierplantsoen en enkele acacia s en zomereiken. -Transportbewegingen van mensen en voertuigen en aanvoer van materieel

Biodiversiteits heg De Biodiversiteits heg is een auteursrechtelijk beschermd werk van Jacqueline Couwenberg

Voorbereiding post 5. Iedere vogel zijn eigen plekje Groep

Informatieles Vleermuizen

L E I D S E H O U T : S U M M E R J A Z Z E N W E R F P O P

Hap, slik, weg! SNELLE HAP

LESPAKKET ECOLOGIE. Naam. Dierenrijk is onderdeel van

Omgevingscheck De Del te Rozendaal. categorie 5 nesten: koolmees, pimpelmees, grauwe vliegenvanger, boomklever, boomkruiper en grote bonte specht

Voorbereiding post 5. Iedere vogel zijn eigen plekje Groep 1-2-3

Bosmuseum Gerhagen Zavelberg Tessenderlo

Bosmuseum Gerhagen Zavelberg Tessenderlo

Kopieer dit e-boek en stuur het door naar anderen.

Werkblad - Les 2 - Waterbouw en ecologie

2. Biotoop ( habitat = de natuurlijke woonomgeving ) is ideaal met de volgende kenmerken:

Flora en fauna quickscan. Eindhovenseweg Zuid Best

Kijken! Kijken! Niet kopen!

Vogelbeleidsplan voor de gemeente Sint-Jans-Molenbeek. neergelegd door de Heer Jan GYPERS Schepen van Leefmilieu

Thema 2 Planten en dieren

De aanleiding voor het uitvoeren van het onderzoek is het voornemen lichtmasten te plaatsen bij de tennisbaan.

Huidige situatie Het plangebied bestaat uit bebouwing, verharding, gazon, weiland, opgaande beplanting en oppervlaktewater.

BIODIVERSITEIT IN GEUREN EN KLEUREN

Mens, natuur & milieu

Notitie Flora en faunawet bestemmingsplan Centrum Best; Locatie ten noorden van begraafplaats

De ringslang een bijzondere bewoner van Gouda

Beestige Buren. Naverwerking in de klas

Camouflage is handig in het dierenrijk. Veel prooidieren vallen door hun kleur niet

Werkstuk groep 5 en 6

De steenuil Een bijzonder tuingast die angstvallig wordt beschermd.

Quickscan DWL-De esch

13 Werkblad bij de PLUS

Wie eet wie en wie eet wat?

Ruim baan voor windenergie in het leefgebied van vleermuizen. De optimale bescherming van vleermuizen rond windturbines. Bat Protection System

Opdrachtgever: Gemeente Smallingerland projectnummer:

Op pad met de Moeflon, een lesbrief over moeflons en hun leefomgeving op De Hoge Veluwe.

Groep 5 en 6. Leskist - Handleiding. Vogels spotten.

Werkstuk Biologie De Sneeuwuil

14 Speuren naar dieren Handleiding voor begeleiders 01

SPEURTOCHT THEMA DESERT. voor groep 8. In-/uitgang

Beschrijving plangebied bron: Koopman & Ingberg (2009)

Quickscan natuurtoets samenvatting Realisatie stadsboerderij Hertenkamp, Ommen

DBI1410.P103/projectnummer Milieuadvies Bodem en Ecologie Buys Ballotweg in De Bilt

Transcriptie:

Ecologie Vossen die de wijken afspeuren opzoek naar openstaande kippenhokken, wilde eenden die samen met meerkoeten, waterhoenders, nijlganzen, futen en zwanen de sloten en meertjes op fleuren en muizen, reigers, duiven en meeuwen die op de Haagse markt genieten van de achtergelaten etenswaren. Wij mensen zijn zeker niet de enige bewoners van de stad. In grote steden zoals Den Haag leven veel verschillende soorten dieren en planten. Vaak is de biodiversiteit in de stad zelfs hoger dan bijvoorbeeld in een weiland. Maar de meeste soorten zie je bijna nooit, terwijl er een paar soorten zijn waar je bijna over struikelt. De stad is ingericht voor en door ons, mensen. De huizen, wegen, winkels, industriegebieden als ook de parken en sloten zijn gebouwd en aangelegd voor ons gemak en plezier. Maar een aantal dieren en planten profiteren ook van deze door ons gemaakte leefomgeving. In deze opdracht kijken we naar onze omgeving door de ogen van verschillende diersoorten. De stad als leefgebied Of een dier ergens kan leven hangt af van drie zaken; voedsel, veiligheid en voortplanting. Wil een soort ergens kunnen overleven, dan moet er genoeg en geschikt eten zijn, de soort moet zich veilig voelen en er moeten voldoende geschikte (veilige) plekken zijn om het nageslacht groot te brengen. In een stad is er grote afwisseling in de leefgebieden. Huizen, winkelstraten, parken, bosjes, industrieterreinen en slootjes maken samen een divers geheel. Juist door die diversiteit van de omgeving zijn er veel verschillende plaatsen die allemaal andere dier- en plantensoorten aantrekken. Niet alle soorten zijn even welkom, maar op sommige plaatsen kost het heel veel moeite om bepaalde soorten kwijt te raken. De duiven in de winkelstraten bijvoorbeeld profiteren optimaal van de voedselresten die wij achterlaten. Ze laten zich niet zo snel wegjagen, want predatoren die op ze jagen zijn er niet veel (op een overijverige kat na). En om een nest te maken hebben ze genoeg aan een klein hoekje. Ondanks maatregelen als antiduivenpinnen zijn er nog steeds (te) veel duiven in de stad. Andere soorten zijn wel welkom in de stad. Dit zijn meestal soorten die hogere eisen stellen aan hun leefomgeving dan duiven. Grote bonte spechten bijvoorbeeld leven in Den Haag vooral in de grotere parken. Alleen daar wordt aan hun voedsel-, veiligheid- en voortplantings eisen voldaan. Om deze diersoort gelegenheid te geven om in aantal toe te nemen kunnen we meer geschikte plekken creëren. Ook kunnen de geschikte plekken voor bonte spechten worden verbonden door plaatsen te maken waar bonte spechten niet door bebouwd gebied hoeven te vliegen. Zo ontstaat één groot geschikt leefgebied voor de grote bonte specht. deze duiven hebben een geschikt plekje gevonden

Ecologie Opdracht 1 (noteer de antwoorden op het antwoordenblad) 1)Noem 5 habitats die je in een stad kunt vinden 2) Hoe kun je het aantal habitats in een stad vergroten of verkleinen? 3) Wat zijn de eisen die een grote bonte specht aan zijn leefomgeving stelt? 4) Geef 3 plaatsen aan waar in Den Haag de grote bonte specht zou kunnen leven. Zoals de grote bonte specht zijn er nog meer soorten in Den Haag te vinden. Elk van deze soorten stelt weer andere eisen aan zijn leefomgeving. De gemeente heeft plannen gemaakt waarin staan van welke soorten de gemeente graag heeft dat in Den Haag voorkomen (doelsoorten), en van welke soorten ze vinden dat ze liever in aantal afnemen (plaagsoorten). Je gaat voor één van deze doel- of plaagsoorten uitzoeken welke eisen ze aan hun leefomgeving stelt. Opdracht 2 (noteer de antwoorden op het antwoordenblad) 1) Kies een soort uit het lijstje: eekhoorn, bruine rat, rosse vleermuis, rosse woelmuis, zandhagedis, kauw, zilvermeeuw, bruin blauwtje, boomklever, halsbandparkiet, ijsvogel en boomvalk (zie voor meer informatie over de soorten in bijlage 1). 2) Zoek voor de soort op welke eisen deze stelt aan zijn omgeving. Hoe moet het eruit zien, welk eten is er te vinden, hoe kunnen bedreigingen voor het dier, zowel predatie als gevaar van menselijke invloeden, vermeden worden, hoe groot moet het territorium zijn, indien er een territorium is? 3) Ga vervolgens naar buiten en kijk hoe de schoolomgeving aangepast zou moeten worden om een zo ideaal mogelijk habitat voor jouw soort te creëren: wat kan blijven staan, wat moet weg, wat moet er gemaakt worden? Houd geen rekening met de belangen en behoeften van andere soorten! 4) Denk je dat jouw soort een doelsoort of een plaagsoort is? Beargumenteer je keuze. 5) Maak vervolgens een presentatie/verslag van je bevindingen

Ecologie Opdracht 3 (noteer de antwoorden op het antwoordenblad) 1) Presenteer je bevindingen aan je klasgenoten. 2) Noteer de bevindingen van 5 klasgenoten die een andere soort onderzocht hebben. 3) Beantwoord voor iedere presentatie van je klasgenoten: Welke voorgestelde maatregelen zijn gunstig en welke zijn ongunstig voor jouw soort? Het is ondoenlijk om aan de wensen van alle dieren tegemoet te komen. Om het alle mensen naar de zin te maken is al geen eenvoudige opgave. In de volgende opdracht is het aan jullie om een afweging te maken tussen de verschillende belangen. Opdracht 4 (noteer de antwoorden op het antwoordenblad) 1)In Den Haag heeft een aantal bewoner een meldpunt zangvogeloverlast in het leven geroepen. Ze hebben erg veel last van het gezang van vogels. Om te zorgen dat het gekwetter ophoudt pleiten ze ervoor dat binnen een straal van 100 meter om huizen heen alle bomen gekapt worden. 1a)Welke groepen mensen zullen het met dit voorstel niet eens zijn? 1b) Welke groepen zullen dit plan ondersteunen? 1c) Wat is jouw oordeel over dit voorstel? Beargumenteer je keuze. 2) Er zijn plannen om een weg te verbreden. Om dit mogelijk te maken moet een rij bomen gekapt worden. Vleermuizen maken gebruik van deze bomen. Het kappen van de bomen heeft tot gevolg dat de vleermuizen niet meer kunnen migreren van de ene kant van de stad naar de andere. De kans bestaat dat deze beschermde dieren lokaal zullen uitsterven doordat ze niet genoeg eten meer kunnen vinden. 2a) Welke groepen zullen het met dit voorstel niet eens zijn? 2b) Wie zullen het kappen van de bomen wel steunen? 2c) Wat zou jouw beslissing zijn? Beargumenteer je keuze. de mus; één van onze bekendste zangvogels

Antwoordenblad Opdracht 1. 1. 2. 3. 4.

Antwoordenblad 2 Opdracht 2. 1. 2. 3.

Antwoordenblad 3 Opdracht 2. 4. Opdracht 3. 2/3. - - - ---

Antwoordenblad 4 Opdracht 4. 1a. 1b. 1c. 2a. 2b. - 2c. --