Schroeven in het donker Tasja woont in het huis naast Daan. Ze spelen vaak op Daans kamer, of in Tasja s tuin. Dan maken ze allerlei dingen. Een nieuw dropdrankje. Een halsketting van paperclips a 1 P. Ze bedenken altijd weer iets nieuws. Vandaag gaat Tasja ook naar Daan. Ze belt aan en de mama van Daan doet open. Daan zit op zijn kamer, zegt zijn mama. Loop maar naar boven. Bedenken jullie ook wel iets, net als Daan en Tasja? Wat dan, bijvoorbeeld? (Sommige kinderen bouwen bijvoorbeeld ingewikkelde apparaten met constructiemateriaal. Met deze vraag activeert u de betrokkenheid van de kinderen, maar op dit moment hoeft u hier niet te diep op in te gaan. Deze vraag komt namelijk uitgebreid terug bij de afronding van het verhaal.) Luister goed naar het verhaal. En wie weet, misschien schiet je dan nog wel een eigen uitvinding te binnen of iets moois dat je zelf wel eens gebouwd hebt. G i P a 1 leg uit/synoniem doe voor laat zien het cijfer verwijst naar de bijbehorende verhaalplaat in anker 9 Tasja loopt de trap op. De deur van Daans kamer is dicht. Er hangt een groot bord Verboden toegang a 2 op. Maar Tasja jaag je met zo n bord echt niet weg. Ze legt haar hand op de deurkruk a 2. Maar wat is dat? Er is een touw vastgeknoopt aan de deurkruk. Dat touw gaat helemaal naar boven, over de deur heen naar binnen. Wat heeft Daan nu weer bedacht? Daan? roept Tasja. Maar er komt geen antwoord. Voorzichtig legt ze haar hand op de deurkruk en duwt. Tasja hoort gebonk i en gerammel i. Er valt iets tegen de binnenkant van de deur. Ze laat de klink los. Daan? zegt ze nog eens. De deur gaat open. Kom erin, zegt Daan. 1
geld (maar geen papiergeld) Aan de binnenkant van de deur ziet Tasja de rest van het touw. Er hangt een blik a 3 vol munten G aan. Ik maak een kameralarm, legt Daan uit. Dan kan ik goed horen of iemand mijn kamer binnenkomt. Maar het werkt nog niet goed. Ik moet iets maken waar dit touw overheen kan glijden Wat bedoelt Daan met een kameralarm? (Zonodig herhaalt u de zin van Daan: Dan kan ik goed horen of iemand mijn kamer binnenkomt. ) een donkere ruimte (kamer) onder het huis waar je dingen kunt bewaren Een schroef P, zegt Tasja. Je draait gewoon een schroef op de goeie plaats. Dan blijft het touw recht. Daan denkt na. Dat kan lukken, zegt hij. Heb jij een schroef? Een hele doos vol, lacht Tasja. Van mijn broer. Kom je mee? Ze hollen naar het huis van Tasja. Tasja loopt naar de kelder G en doet de deur van de keldertrap open. Ze drukt op het lichtknopje boven aan de keldertrap. Maar wat is dat? Het licht doet het niet! De lamp is weer kapot, zucht Tasja. En de zaklamp ligt beneden op het rek. Voetje voor voetje schuifelen ze de trap af. Pikdonker is het hier. Ze zien geen hand voor ogen. Eng, hoor! Pas op, dit is de laatste tree, zegt Tasja. Ze steekt haar handen vooruit. Waar is dat rek nu? Tasja zet nog een stap naar voren. Nu botst ze tegen iets hards. Hier is het rek! roept ze. Ze voelt met haar handen over de laagste plank. Nee, dat is een hamer. En dit een tang. Ha, eindelijk! De zaklamp! Ze knipt de lamp aan. U pakt nu de papieren zaklamp die bij het ankermateriaal van kern 9 hoort. U kunt daarmee schijnen door de witte lichtstraal van de lamp tussen het zwarte blad en de sheet met de plaat te schuiven. U schijnt met de lamp van rechts naar links over de bovenste plank van het rek. Ondertussen leest u verder. 2
Er valt een felle lichtstraal op het rek i. Precies op een paar punaises a 4. Tasja schijnt verder. Een hoop haakjes a 4, een paar paperclips a 4. De zaklamp gaat verder op onderzoek. Een zaag a 4, daarnaast een grote tang a 4, een hamer a 4 en een schroevendraaier a 4. Daarnaast iets heel groots. Het duurt even voordat Daan ziet wat het is: een boormachine a 4. Waar zijn die schroeven nou? U schijnt met de zaklamp over de onderste plank van het rek. Daar is de doos, wijst Tasja. Er zitten een heleboel schroeven a 4 in. Kom, we gaan terug, zegt Daan. Wacht even! zegt Tasja. We hebben ook een schroevendraaier nodig. Ze pakt een schroevendraaier met een rood handvat a 4. U schijnt met de zaklamp nog even verder over de onderste plank en daarna door de rest van de kelder. U laat de kinderen vertellen wat ze zien. Daan neemt de zaklamp en schijnt ermee op de trap. Ze lopen naar boven. Dat gaat heel wat sneller dan in het donker! hij is blij, want het ziet er goed uit Op zijn kamer kiest Daan een grote schroef uit de doos. Hij tekent met een potlood een stip op de binnenkant van zijn deur. Hier moet de schroef komen, zegt hij. Tasja geeft de schroevendraaier aan. Hier moet je de punt van de schroef zetten, wijst Daan. Tasja houdt de schroef vast tussen haar duim en haar wijsvinger. Daan steekt de schroevendraaier in de gleuf. Hij duwt en draait tegelijk. Dat heeft hij zijn papa ook al zien doen. Het hout van de deur knarst i. Wacht eens, zegt Tasja. Mag je eigenlijk wel schroeven in je deur draaien? Vinden je papa en mama dat goed? Natuurlijk, zegt Daan. Anders kan ik toch geen kameralarm maken? Het gaat heel langzaam. Beetje bij beetje draait Daan de schroef er verder in. Tasja hoeft hem al niet meer vast te houden. Hij blijft gewoon vanzelf zitten. Daan houdt even op. Hij doet een stap achteruit. Hij knikt tevreden G. De schroef zit wel een beetje scheef. Maar dat is niet erg. 3
Tasja leidt het touw met het blik langs de schroef. Dan gaat ze op de gang staan en duwt de deurkruk omlaag. Het blik gaat aan het touw naar boven. De munten rammelen i vrolijk. Daan lacht. Het is gelukt! zegt hij. Nu hoor ik altijd of er iemand binnenkomt! Tasja harkt i met haar vingers in de doos met schroeven. Hoe komt je broer aan al die schroeven? vraagt Daan. Tasja haalt haar schouders op. Geen idee, zegt ze. Er zitten toch overal schroeven in? Daan kijkt rond. Zijn hier dan nog meer schroeven? Als hij goed kijkt, ziet hij er een paar zitten. Daar bij het prikbord bijvoorbeeld. Dat zit met twee schroeven vast aan de muur. Kijk, nog meer schroeven, wijst hij. Ze vinden nog meer schroeven. In de lamp en in zijn ladekastje. In zijn speelgoedauto en aan de onderkant van zijn bed. Ik wist niet dat er zó veel schroeven waren, zegt Tasja. Zullen we er eens eentje uitdraaien? stelt Daan voor. Kunnen we zien wat er gebeurt. Wat zou er kunnen gebeuren als je een schroef ergens uit draait? Ik weet niet, aarzelt Tasja. Ze leunt tegen de muur. Daar zit de schakelaar van de lamp. Opeens gaat het licht uit. Het is aardedonker in de kamer van Daan. schijnen, blinken Wat doe je nu? vraagt Daan. Tasja stoot met haar voet tegen de zaklamp. Snel raapt ze hem op en knipt hem aan. Kijk, zegt ze, die schroeven glimmen G, zie je wel? Daan ziet het ook. Overal zitten schroeven. U schijnt met de zaklamp door de kamer van Daan, op zoek naar schroeven. 4
Daan doet het licht weer aan; hij is niet meer te stoppen. Hij pakt de schroevendraaier en glijdt op zijn rug onder het bed. Hij zet de punt van de schroevendraaier in een schroef en begint te draaien. een smalle opening; de deur staat op een kier een spleet, een kier Je maakt je bed kapot, Daan, zegt Tasja. Welnee, zegt Daan. Ik kan hem er toch altijd weer indraaien? Hij werkt rustig verder. Het is moeilijk, zo onder het bed. Het is er donker. Maar Daan geeft niet op. Tasja zit op haar knieën en kijkt. En dan... plop! De schroef valt uit het gat op de grond. Hij rolt naar de muur. Recht in een kier G. De schroef! gilt Tasja. Daan probeert hem nog te pakken. Maar het is al te laat. De schroef is weg. Daan kijkt naar de spleet G. Daar kan ik niet bij, zucht hij. Laat mij eens, zegt Tasja. Mijn vingers zijn dunner dan de jouwe. Ze wurmt i met haar vingers zo ver ze kan, maar ze kan er net niet bij. Het lukt niet, kreunt ze. Ze wil haar hand terugtrekken. O nee! Haar vingers zitten vast in de spleet! Daan! roept Tasja. Ik krijg mijn vingers er niet meer uit! Daan schuift naast Tasja onder het bed. Hij trekt aan Tasja s hand. Au, hou op, dat doet pijn! gilt Tasja. Daan denkt na. Tasja kan zo niet blijven zitten, dat is duidelijk. Wie heeft een idee om Tasja te helpen? Opeens ziet Daan de schroevendraaier. Wacht, ik weet iets, zegt hij. 5
Hij stopt de schroevendraaier voorzichtig in de spleet naast Tasja s vingers. Dan wrikt i hij met de schroevendraaier heen en weer. De spleet wordt een beetje groter. Tasja kan haar vingers lostrekken. Ze schuiven gauw onder het bed uit. Tasja s vingers zien er rood uit. Ze stopt ze meteen in haar mond. iets zwaars tillen iets dat stuk is weer heel maken Tasja laat zich op het bed zakken. Meteen schuift de bodem met de matras a 9 een stuk naar beneden. Niet doen! roept Daan. Kom van dat bed af! Tasja springt geschrokken overeind. Ze sjouwen G de matras weer omhoog. Daar was die schroef dus voor, zegt Daan. Zo kun je niet in je bed slapen, Daan, zegt Tasja. Er moet een nieuwe schroef in. Ze pakt de doos met schroeven en zoekt een goede schroef uit. Deze, zegt ze. Die lijkt er het meeste op. Ze duiken weer onder het bed en proberen de schroef erin te draaien. Daans wangen zijn rood en zijn armen trillen i. En het lukt. De schroef gaat er langzaam in, tot alleen de kop er nog uit steekt. Hij ziet er wel een beetje anders uit dan de andere schroeven van het bed. Maar dat is niet erg. Als het bed maar stevig in elkaar blijft zitten Tasja probeert het. Ze gaat eerst zachtjes op het bed zitten. Daarna gewoon. Dan laat ze zich er met een plof op vallen. Het bed piept een beetje, maar het zakt niet in elkaar. We hebben het bed gerepareerd G, zegt Daan. Zullen we nog iets schroeven? Hij zwaait met de schroevendraaier. Doe maar niet, lacht Tasja. Straks zakt jullie huis nog in elkaar. Daan, eten! Dat is de stem van mama. Ik moet ook naar huis, zegt Tasja. Ze pakt de doos met schroeven. Hé, mag ik er nog een paar? vraagt Daan. Niks ervan, veel te gevaarlijk, giechelt i Tasja. Waarom zegt Tasja dat? Waar denkt ze nu aan? 6
stevig vasthouden Daan wil de doos afpakken, maar Tasja houdt hem hoog boven haar hoofd. Haar korte truitje wipt omhoog. Daan ziet haar navel a 10. Een schroef! roept hij. Hij prikt voor de grap met zijn schroevendraaier in de richting van Tasja s buik. Tasja gilt en lacht. Ze rent Daans kamer uit. In haar ene hand klemt G ze de doos met schroeven. Haar andere hand houdt ze voor haar navel. Daan kijkt haar na. Dan probeert hij voor het eerst zijn eigen kameralarm uit. Het klinkt geweldig. Daan is trots op zichzelf. Waarom is Daan trots op zichzelf? (Zijn de kinderen het eens met Daan? Hij heeft ook redenen om níét trots op zichzelf te zijn!) Auteur: Kolet Janssen 7