Mediavoorzieningen/WorkshopReader



Vergelijkbare documenten
Basis Film- en Montagetechniek KLC Sittard 2008

Workshop Cameratechniek

Met camera-voering bedoelen we de opnametechniek voor wat betreft: - de Beeldcompositie - Camera-standpunten - Camera-bewegingen

Cameratechniek KENNISNET 2006

Hoe maak ik een korte film over zwerfvuil in zee? Enkele basisregels voor het maken van een film

Wat wil ik vertellen? m.a.w. zoek de essentie op van het verhaal dat je wil vertellen.

Instructie voor De training Het maken van een Video-verslag

Totaalshot Medium shot Close-up Establishing shot

Workshop NML Video. Les 3 beeldtaal & cameratechniek over opdracht 2 exporteren keyframes bij effecten

Multi-culti. documentaire

Totaalshot Medium shot Close-up Establishing shot

Camerabewegingen in de praktijk

AV THEORIE CAMERAREGIE

Inhoudsopgave VOORBEREIDING... 3 HANDELINGEN OM DE CAMERA FILMKLAAR TE MAKEN:... 5 OPNAMETECHNIEK... 9 CAMERAVIEW... 11

Tips voor betere foto's

Zie ook: Werken met de flip Een film omzetten in een ander formaat Je film op schijf of in elo zetten Monteren van films met Windows live Moviemaker

In den beginne. Het iphone-beginscherm

Hoofdstuk 1: Trucs om mooie foto s te maken 2. Macrostand 3 Licht 7 Compositie 8 Foto liggend of staand 9 Lensopening zelf bepalen 12

III: 1e tussenbeoordeling en COMPOSITIE

Korte Film Individueel

Welk verhaal wil je vertellen met je film? Wat wil je bereiken bij de mensen die je film gaan zien? Denk bijvoorbeeld aan:

Hoe kan je een verhaal op een multimediale manier vertellen?

Opdrachten. Druk dit document af en maak hierop aantekeningen tijdens uw fotosessies

Mini-docu - Les 2 Herinneringen in beeld

Fotografie. Incentive

In veel kerkdiensten kan er met behulp van in de kerk geplaatste camera s live worden uitgezonden en/of terug bekeken op internet.

ThemaFilm Individueel,, citymarketing

Tips; betere foto's maken (bron: hema.nl)

Verhaalvormen Teamreflectie

Bij het samenstellen van dit rapport is de grootste zorg besteed aan de juistheid van de hierin opgenomen informatie.

OPDRACHTKAART. Thema: AV-technieken. Video 5. De video-opnamen AV Voorkennis: Je hebt de opdracht Voorbereiding video-opnamen afgerond.

De regel van derden. 1 Compositie

Uitgebreid naslagwerk bij. Fotografie Workshop. door. Boukje Canaan

DE COMPOSITIE INKIJKVERSIE

OPDRACHTKAART. Thema: AV-technieken. Fotografie 3. Fotografische vormgeving AV Voorkennis: Je hebt de opdracht De fotocamera afgerond.

Productfotografie in je eigen thuisstudio

Opening Bierkade Joris Komen Fotografie

LEERLIJN. Muziek & Techniek, onderdeel Techniek Zie 'Inleiding Muziek & Techniek' voor de volgorde van alle onderdelen van de leerlijn.

Het verhaal moet aanspreken, spannend zijn en een mooi einde hebben. Als je uit de bioscoop loopt moet je een goed gevoel hebben over de film.

De kunst van het inkorten en weglaten Door: Henk Verbeek

Macro fotografie De eerste is de scherpstelafstand van de lens De tweede belangrijke waarde is de reproductiefactor

Gebruiksaanwijzing GPS car cam

MOVING: workshop filmmaken

Breng diepte in je foto

Architectuurfotografie. Tips

Tutorial exposure blending. Myriam Vos

Hoe maak ik een panoramafoto?

Stop-motion Animatie

Portretfotografie. Portretfotografie. Scherptediepte. Tips & Trucs portretfotografie

Uitleg opnamens met een digitale camera

Een geslaagde profielfoto? Zo maak ik m!

DIGITALE VIDEO MET WINDOWS MOVIE MAKER. H. Foole

Nota s bij de les découpage

Cameravoering. Camerastandpunt

Welke meningen over reclame staan tegenover elkaar? Teken een verbindingslijn tussen de 2 zinnen die bij elkaar horen:

Handleiding en naslagwerk. Panasonic AG- HMC81EJ HD-camcorder

Het maken van panorama foto s en de keuze van het correcte rotatiepunt van de camera.

Overwegingen bij het kopen van een digitale foto camera.

HANDLEIDING SWIVL 0001

16 Tips voor betere vakantiefoto's

Wat is fotograferen? foto=licht grafie=schrijven Het vastleggen van licht

Essay Project Interactieve Multimedia. Lukas Hulsbergen Groep 06. The Beeckestijn Project

Cursus Fotografie Les 2. Nu aan de slag

STILL: workshop fotobewerking

HANDMATIG FOTOGRAFEREN

- Heeft u een draaiboek? Houd u daar dan ook aan. - Goede en juiste opnamen maken de montage eenvoudiger

CKV Filmproject. Korte Film. Week 1 film-idee en synopsis

Workshop Fotografie oktober 2016

Tips; fotoboek maken (bron: hema.nl)

Tien tips voor vuurwerk fotograferen

Hoe maak je een Repair Guide Make

Onboard auto camera Caméra embarquée

SketchUp: 3D voor iedereen (/)

Een stop-motion film maken

Fotografietips - Vuurwerk

Een panoramafoto maken in Photoshop CS2

Diafragma, hoe werkt het

maak zelf een filmpje

Een reclamespot, ook commercial genoemd, is een promotionele boodschap op radio of televisie, of in de bioscoop.

HDR- FOTOGRAFIE. Inleiding. Het digitale beeld - Bijlage

1. PRODUCTAFBEELDING MET UITLEG: 3

Scherp stellen. Functies van de videocamera. Onscherp. Scherpstellen

PREPRODUCTIE VOOR DE VIDEO-OPNAMES HOE?

2. Fotografietips. In dit hoofdstuk lees je tips over:

Welkom bij Foto van Beloois. Uitgangspunten. Werkwijze lessen van 2 uur. Oefeningen na elke les

Documentaire. Voorbereiding op het documentaire project

Samsung HMX-F90. Handleiding. inhoud. 1. inhoud cameratas. 2. batterij opladen. 3. quickstart filmen. 4. info LCD-scherm. 5.

Mini-docu familie Docentenhandleiding

algemeen uitgangs punten voor de film Maak een scenario Scene 1 Scene 2 Sprekende beelden in de klas

Personen bij weinig licht

1. PRODUCTAFBEELDING MET UITLEG: 3

Reader 37. Workshop Fotografie. September 2007 Mediatheek Moller Tilburg

Het maken van een foto met sterrensporen Dit kan je met elke camera die een M stand hebben.

Pinnacle studio 14. Workshop

Transcriptie:

Mediavoorzieningen/WorkshopReader

2.0 Uitleg camera...3 2.1 Camera aanzetten...3 2.3 In- en uitzoomen...4 2.4 Accu opladen...5 2.5 Film bekijken...6 3.0 Voor je begint...7 1. Check de accu. Zit er een volle accu in de camera?...7 2. Gebruik altijd je statief als je een vast kader nodig hebt....7 3. Denk je extra belichting nodig te hebben?...7 4.0 Compositie en kaders...7 4.1 Achtergrond...7 4.2 Diepte...7 4.3 Kaders...8 5.3 De lift... 11 5.5 De zoom (geen beweging)... 12 6.0 De As... 13 7.0 Continuïteit... 15 7.1 Matchen van shots... 15 7.2 Matchen van een handeling... 16 8.0 Belichting... 17 1. Overbelicht... 17 2. Tegenlicht... 17 3. Schaduwen... 17 9.0 Opstelling / standpunten; Naar voren achter kaders... 18 10.0 Montagegericht filmen... 20 11.0 Belangrijke tips bij het filmen... 20

2.0 Uitleg camera 2.1 Camera aanzetten De camera zet je AAN en UIT d.m.v. het schuifknopje (FIG. 2.1) Recstand [ ] = opnemen Playstand [ ] = afspelen OFF = uitzetten FIG.2.1 3

2.3 In- en uitzoomen De in- en uitzoom schuif (FIG.2.3) wordt gebruikt voor het dichterbij halen of verder weg brengen van het beeld zonder de camera te verplaatsen. Probeer zo min mogelijk gebruik te maken van deze functie om een zo rustig mogelijk beeld te creëren. FIG. 2.3 4

2.4 Accu opladen Bij de camera zit een adapter. Deze kun je aan de camera (FIG.2.4) aansluiten om de accu op te laden. Tijdens het opladen knippert het rode LED lampje (POWER/CHARGE). FIG. 2.4 5

2.5 Film bekijken Zet de camera in play-stand om een filmpje te kunnen bekijken. (FIG. 2.1) De opnamen verschijnen op het LCD scherm. Indien je alle opnamen in een keer wilt bekijken, ga dan op de eerste opname staan door de navigatieknop (FIG.2.5) naar links, rechts, omhoog of omlaag te bewegen. Door de navigatieknop in te drukken start het afspelen. Terug naar de video selectie druk op INDEX. Het volume kun je met de zoom knop (FIG.2.3) veranderen. FIG. 2.5 6

3.0 Voor je begint 1. Check de accu. Zit er een volle accu in de camera? 2. Gebruik altijd je statief als je een vast kader nodig hebt. Om een stabiel beeld te creëren is het altijd aan te raden een statief te gebruiken. Het ziet er dan strakker en professioneler uit. Zorg dat je camera waterpas staat, staat je camera evenwijdig aan de horizon? Een persoon moet niet het beeld uit glijden. 3. Denk je extra belichting nodig te hebben? Verwacht je terecht te komen in een donkere situatie, neem dan een lichtset mee om de situatie uit te lichten. 4. Nightshot Bijna alle camera s beschikken over de nightshot optie. De kleurencamera wordt dan omgeschakeld naar een infrarood-camera. Hierdoor ontstaat in de meeste gevallen een groen beeld en is filmen in absolute duisternis op korte afstand mogelijk. Let op dat je camera bij normale omstandigheden niet op deze functie staat ingesteld, gebruik deze optie alleen bij extreem weinig licht. 4.0 Compositie en kaders 4.1 Achtergrond Kies een kader met een mooie achtergrond. Zorg dat de achtergrond te maken heeft met de op te nemen scène. Een onrustige achtergrond leidt de aandacht af, maar ga ook niet tegen een witte muur filmen. FIG.4 7

4.2 Diepte Probeer in je shots altijd een diepte te creëren. Zie onderstaande foto, het shot van de auto met 2 personen ziet er eenvoudig en saai uit. Door een voorwerp op de voorgrond te plaatsen/zetten maak je het shot een stuk spannender en interessanter. Maak je shot, verplaats voorwerpen en/of personen op een dusdanige ma nier zodat je een spannend en interessant shot krijgt. Op die manier ben je je eigen regisseur. FIG.5 FIG.6 4.3 Kaders Een beeldkader kun je het beste opdelen in 9 vlakken, 2 lijnen horizontaal en 2 lijnen verticaal (op 1/3 van het beeld) Deze lijnen en snijpunten zijn de aandachtspunten van de kijker. Een voorbeeld: 8

FIG.7 Bij een interview kader je de persoon met de ogen altijd horizontaal op 1/3 van het scherm. Staat de interviewer rechts van de camera dan kader je de persoon links in het kader op 1/3 van het beeld. Staat de interviewer links dan andersom. Zo geef je de persoon in beeld kijkrichting naar links of naar rechts. Maak altijd gebruik van de 4 lijnen/9 vlakken. Zorg dat het punt waar de aandacht naar uit moet gaan op de lijn(en) of het kruispunt van de lijnen zit. FIG.8 Hier volgen een aantal beelduitsnede s met de benaming: 9

FIG.9 GR.TOT MED DETAIL GROOT TOTAAL MEDIUM DETAIL Bijvoorbeeld een hele concertzaal + orkest in de verte. Één persoon in beeld, de onderzijde van het beeld net iets onder de borsthoogte. Een extreem close instelling van een oog, neus of een willekeurig ander detail. 10

5.0 Bewegingen Er zijn een aantal vaste benamingen en regels voor bewegingen met de camera. Deze zijn hieronder beschreven. Zorg dat je altijd een bedoeling hebt bij het maken van een beweging of zoom, maak m niet zomaar. Een pan gebruik je bijvoorbeeld als je een overzicht wilt laten zien van de hele ruimte. Een zoom gebruik je bijvoorbeeld bij een spanningselement of als je een detail wilt laten zien wat deel uitmaakt van een geheel. 5.1 De pan (panorama) Een camerabeweging die in het horizontale vlak gemaakt wordt, als de camera van links naar rechts zwenkt, waardoor het beeld van links naar rechts gaat. (een panrechts) Dit shot kan nuttig zijn voor het geven van een overzicht. Een pan moet altijd uitsluitend in één richting worden uitgevoerd, dus niet van links naar rechts en in dezelfde opname FIG.10 FIG.11 5.3 De lift Als de cameraman niet tilt maar de camera zelf van hoogte laat veranderen. (FIG.10) 5.4 De tilt Een beweging in het verticale vlak, dus van boven naar beneden (tilt-down) of van beneden naar boven. De tilt wordt alleen in één richting uitgevoerd, en zeker niet in dezelfde opname weer terug. (FIG.11) 11

5.5 De zoom (geen beweging) De zoom is eigenlijk geen beweging. Wat gebeurt er met een zoom? Hier wordt de brandpuntsafstand van de lens veranderd m.a.w. het dichterbij of verder weg brengen van het beeld zonder de camera te verplaatsen. Als je de camera helemaal hebt ingezoomd, dus op de telestand hebt gezet, is het praktisch niet mogelijk het beeld stil te houden. Tijdens de opname merk je dat niet erg. Het oog houdt het object toch wel vast, maar als je de opnames op de tv bekijkt, is het even schrikken; zo erg was het toch niet? Helaas wel. En het stoort behoorlijk. Probeer dus de zoomfunctie zo veel mogelijk te vermijden en verplaats de camera dichter naar het onderwerp voor een close-up. FIG.12 12

6.0 De as Wanneer je bv. een gesprek registreert met je camera zul je altijd rekening moeten houden met de as. Denkbeeldige lijnen die je kunt trekken tussen de verschillende figuren. Bij elke situatie zul je de as opnieuw moeten bepalen. We nemen als voorbeeld een gesprek tussen twee personen die tegenover elkaar aan een tafel zitten. De as ligt in de kijkrichting tussen de twee personen FIG.13 Als je dit gesprek registreert zul je aan één kant van de as moeten blijven met je camera om de shots in de montage goed en gemakkelijk te snijden. Een ander goed voorbeeld is een voetbalwedstrijd. Het blauwe team speelt van links naar rechts. Ga je nu ineens met je camera aan de andere kant van het veld staan dan speelt het blauwe team van rechts naar links. Dit is geen natuurlijke schakeling. Blijf dus bij voorkeur aan één kant van de as. Dit maakt het voor de kijker niet verwarrend. FIG.14 13

Wil je nu toch aan de andere kant van de as draaien (over de as gaan) zul je dit op moeten lossen door: Een close shot te maken van een detail. In één draaiende beweging over de as gaan (zodat de kijker begrijpt dat je aan de andere kant registreert FIG.15 14

7.0 Continuïteit 7.1 Matchen van shots Om in de montage een verhaal op een vloeiende wijze te kunnen vertellen is het inhoudelijk matchen van het materiaal (uitsnede, camerahoek, brandpuntafstand en camerahoogte) een voorwaarde. FIG.16 Als het bijvoorbeeld de bedoeling is dat twee gesprekspartners gelijkwaardig in beeld komen, moeten zij onder exact gelijke condities worden opgenomen. Als shots niet gelijkwaardig zijn wordt er ongewild een accent gelegd op diegene die closer of beter dan de ander in beeld wordt gebracht. FIG. 17 15

7.2 Matchen van een handeling Als een productie op basis van 1 cameratechniek geschiedt dan zal de handeling vaker worden gespeeld, minstens 1 keer voor elke camerapositie. In dat geval moet de handeling in elke take precies identiek zijn. Bijvoorbeeld je registreert dat iemand een kopje thee inschenkt. Bij een totaalshot schenkt de acteur het kopje in met zijn rechterhand en bij een volgende take (bv een close shot) schenkt hij het kopje in met zijn linkerhand. Dit noemen we een continuïteitsfout. Dit kan een kijker opvallen. Let er dus altijd op wanneer je een sequentie in shots opdeelt in meerdere takes, dat je geen continuïteitsfouten maakt. FIG.18 16

8.0 Belichting Als er geen licht is, is er geen beeld. Daarmee is de technische noodzaak van licht op de meest simpele manier aangegeven. Filmen is niets anders dan het vangen van licht. Belichten is niet alleen nodig om beeldvorming technisch mogelijk te maken, het dient ook om de sfeer te bepalen en een programma kleur te geven. Zorg altijd dat je beschikt over voldoende licht. Maak gordijnen open en de lampen aan. Houd bij het belichten van een persoon of situatie met 3 punten rekening 1. Overbelichting Is de persoon/object niet overbelicht? Zorg dan dat de achtergrond wat meer belicht wordt zodat het beeld in evenwicht is of kies voor een andere plek 2. Tegenlicht Zet je persoon/object niet voor een raam, hier krijg je te maken met tegenlicht. Zorg altijd dat je een raam, zon of lamp als cameraman in je rug hebt. 3. Schaduwen Vermijdt schaduwen. Wordt een persoon dusdanig belicht dat er schaduwen ontstaan probeer dan de afstand tussen de achtergrond en de persoon/object groter te maken of maak gebruik van een invullicht zodat de schaduw verdwijnt Wil je een persoon of situatie uitlichten dan is dit mogelijk met drie lampen, een driepuntsbelichting. (hoofdlicht, invullicht en toplicht. Verhouding lichtsterkte 3:2:1,5). Je stelt ze als volgt op: FIG.19 17

9.0 Opstelling / standpunten; Naar voren achter kaders Grofweg kunnen de standpunten van de camera op drie gebieden worden ingedeeld: op ooghoogte, onder ooghoogte en boven ooghoogte. De kijker wordt door je keus voor een bepaald standpunt gedwongen te kijken zoals jij dat wilt: van bovenaf neerkijkend en dus het gefilmde object kleinmakend, of juist van onderaf opkijkend, dus het object groter makend, machtig en overheersend. Wanneer je met de camera aan de gang gaat moet je je realiseren dat of je het nou wel bewust kiest of niet, het effect wel optreedt. Het is verstandig bij het filmen hieraan aan te denken, anders maak je kleine personen ongewild kleiner tegenover de kijkers. De oplossing is eenvoudig: als je geen extra bedoeling hebt altijd ooghoogte aanhouden. De opeenvolging van camerastandpunten en de variëteit daarin bepalen of er tijdens de montage een overgang tussen de diverse shots gemaakt kan worden. Als twee instellingen met een verschillende uitsnede vanuit hetzelfde camerastandpunt zijn gedraaid, zijn ze in de regel moeilijk aan elkaar te monteren. Het is dan ook een goede gewoonte twee instellingen die aan elkaar gemonteerd moeten worden vanuit verschillende camerastandpunten op te nemen. Als dezelfde scène gedraaid wordt vanuit standpunten waarbij de kijkrichting van de camera 90 graden of meer op elkaar staan, dan zal dat in de montage weinig problemen opleveren. Een tweede aandachtspunt is hier ook de as: Let erop dat de camera zo staat opgesteld dat de mensen die met elkaar praten ook in het beeld naar elkaar kijken, en laat een rijdende trein niet in het ene shot naar rechts en in het volgende naar links rijden. Als deze regels niet consequent gehandhaafd worden zullen er in de montage problemen kunnen ontstaan met springers en jump-cuts. In plaats van op een onderwerp in te zoomen is het beter van wisselende standpunten (totaal, medium, close) met stationair beeldkaders gebruik te maken. Door bovendien de camera een klein beetje opzij te verplaatsen wanneer er van standpunt wordt gewisseld, wordt meer driedimensionale informatie over het onderwerp verkregen. Het bewust toepassen van standpuntwisselingen geeft extra gevoelswaarde aan de opnamen. Denk niet alleen aan opnemen op ooghoogte, maar ook aan hoge en lage camerastandpunten. Hoe verleidelijk het ook is om vanuit één standpunt een opname te maken door alleen de zoomlens te verstellen. Op die manier vertonen de opnamen geen enkel perspectief; ze worden als het ware plat. 18

FIG.20 FIG.21 Probeer in geval van een lange registratie een statief te gebruiken. Dit geeft rust aan het beeld en ontlast de cameraman. Analyseer de situatie en kies je standpunt a.d.h.v. licht, compositie, as en geluid. Zet bijvoorbeeld bij een interview je camera op ooghoogte met de geïnterviewde persoon en balanceer je camera. Zorg er vervolgens voor dat de vragensteller zo dicht mogelijk naast de camera komt staan zodat we de geïnterviewde met 2 ogen kunnen aankijken. 19

10.0 Montagegericht filmen Montage gericht filmen is niets anders dan tijdens het filmen al bezig zijn met de montage. Voordat je een sequentie (opvolging van verschillende shots) gaat schieten moet je al weten wat je ermee gaat doen in de montage. Wissel je shots af qua kader d.w.z. gebruik niet alleen totaaltjes of alleen maar close-ups. Als je in de montage 2 totaaltjes achter elkaar snijdt kun je te maken krijgen met een zgn. springer. Het ene beeld volgt het andere niet op natuurlijke wijze op. Probeer van tevoren al te bepalen welke standpunten je gaat innemen en welke kaders je hier gaat maken. Wat wil je in welk shot laten zien. Laat personen het beeld inlopen en ook weer uit. Zo creëer je in elke montage een natuurlijke overgang. Een tijdsoverbrugging kun je op die manier maken. Probeer ook altijd je camera iets langer aan te laten staan, zo heb je altijd iets meer ruimte in de montage en kom je nooit in de knoei met een te kort shot. Maak eventueel een kort storyboard. Werk in een sequentie van totaal naar close en van close weer terug naar totaal. Probeer naar een bepaald aandachtspunt (spanning) toe te gaan en kom vervolgens weer uit bij een totaalshot. Let hierbij natuurlijk ook op de continuïteit van je sequentie en op de lijnen van de as. 11.0 Belangrijke tips bij het filmen Laat de camera altijd een aantal seconden in rec. mode lopen voordat je met de daadwerkelijke opname start. In de montage heb je altijd een pre-roll nodig bij het digitaliseren Beveilig je bandje na het maken van je opnamen. Dit om te voorkomen dat je er later overheen spoelt. Label ook je tapes, zo kun je ze altijd terugvinden Gebruik geen effecten op je camera, dit kan altijd in de nabewerking. Houd je originele materiaal clean. Zorg eventueel voor een extra accu als je veel opnames op locatie moet maken. Probeer, bij het uit de hand filmen, steun te zoeken tegen een muur of paal, of door de ellebogen te laten rusten op een tafel of ander vlak. Omdat datum en tijd naderhand op geen enkele wijze uit beeld te halen zijn, is het raadzaam er een gewoonte van te maken om, bij het opstarten van de camcorder, datum en tijd uit te schakelen. In de montage kun je immers dit soort dingen in alle geuren en kleuren toevoegen. 20

21