Veldraadpleging Schoolleidersregister
2 Oberon Colofon Oberon (www.oberon.eu) Ditte Lockhorst Edith Hilbink Tamara Geldhof Utrecht, juni 2014 Opdrachtgever VO-academie Aan het onderzoek is medewerking verleend door twee klankbordgroepen. De volgende mensen hadden hierin zitting: Dhr. K. Vreeker (Trajectumcollege), Mevr. M. Rieter (XII), Dhr. L. de Wit (NUOVO), Dhr. N. de Jong (Cals College), Dhr. P. Schram (OSG Singelland).
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 3 Inhoud Managementsamenvatting....... 5 Inleiding. 9 Methode 11 Schoolleiders.. 13 Schoolleiders in vogelvlucht.. 14 Kenmerken. 15 Bekendheid.18 Doelstellingen en afbakening register. 19 Inrichting register: nieuwe schoolleiders.. 24 Aspirantenregister. 26 Herregistratie... 28 Overgangsregeling 30 Differentiatie 32 Teamleiders 33 Teamleiders in vogelvlucht. 34 Kenmerken. 35 Bekendheid 38 Doelstellingen en afbakening register 39 Inrichting register: nieuwe schoolleiders. 44 Aspirantenregister 46 Herregistratie... 48 Overgangsregeling 50 Differentiatie 52
4 Oberon Bestuurders. 53 Bestuurders in vogelvlucht.... 54 Kenmerken. 55 Bekendheid 58 Doelstellingen en afbakening register 59 Inrichting register: nieuwe schoolleiders. 64 Aspirantenregister 66 Herregistratie... 68 Overgangsregeling 69 Differentiatie 71 Conclusies 72 Uitkomsten klankbordgroep veldraadpleging.. 77
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 5 Managementsamenvatting Veldraadpleging Schoolleidersregister In het sectorakkoord VO dat de VO-raad onlangs met de minister heeft afgesloten, is opgenomen dat per 1 januari 2016 het schoolleidersregister operationeel is. De VO-academie draagt zorg voor de ontwikkeling en invoering van dit register, in nauwe samenspraak met de beroepsgroep. Doel van register is enerzijds de professionele ontwikkeling van de beroepsgroep te stimuleren en te ondersteunen. Anderzijds is de doelstelling afbakening van de beroepsgroep en daarmee het waarborgen van de kwaliteit en de status van het beroep richting samenleving. Op korte termijn maakt dit de vraag wie er tot de beroepsgroep behoort, en voor wie dus het schoolleidersregister straks gaat gelden, actueel. Maar ook vragen als onder welke voorwaarden registratie moet plaatsvinden voor nieuwe schoolleiders en voor zittende schoolleiders en welke eisen zullen gelden voor herregistratie en op welke wijze herregistratie kan plaatsvinden, zijn vragen die beantwoord moeten worden voordat het schoolleidersregister daadwerkelijk ontwikkeld kan worden. Er is echter nog geen duidelijk beeld op de antwoorden op deze vragen. Wat is de mening van de beroepsgroep schoolleiders? En wat vindt het voveld? Om hier meer zicht op te krijgen heeft de VO-academie door onderzoeksbureau Oberon een veldraadpleging laten uitvoeren. Behalve antwoord op vragen had de veldverkenning ook als doelstelling het veld te informeren over het schoolleidersregister. De veldraadpleging bestond uit drie rondes: 1. In een klankbordgroep met vertegenwoordigers uit het veld is een eerste afbakening van de beroepsgroep besproken. 2. Op basis van ronde 1 is een digitale vragenlijst opgesteld en uitgezet onder leidinggevenden in het VO-veld. 3. Met leden van de klankbordgroep zijn de uitkomsten besproken en zijn op basis van de uitkomsten van de veldraadpleging adviezen geformuleerd voor de afbakening van de beroepsgroep en de inrichting van het schoolleidersregister. In totaal hebben 626 leidinggevenden de vragenlijst ingevuld. Dit aantal is groot genoeg om uitspraken te doen over de hele populatie leidinggevenden in het VO in Nederland. De belangrijkste uitkomsten van de veldraadpleging presenteren we in deze rapportage. De rapportage is opgesplitst in drie onderdelen: schoolleiders, teamleiders en bestuurders. In de conclusies worden overeenkomsten en verschillen tussen schoolleiders, teamleiders en bestuurders beschreven. Het rapport eindigt met de uitkomsten van ronde 3.
6 Oberon Verschillen en overeenkomsten tussen schoolleiders, teamleiders en bestuurders Bekendheid Schoolleiders (85%), teamleiders (65%) en bestuurders (95%) zijn er redelijk bekend mee dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister. Bestuurders zijn goed bekend met de akkoorden en het beroepsprofiel. Schoolleiders zijn redelijk bekend met de akkoorden en teamleiders minder. Het Beroepsprofiel Schoolleider met de daarin beschreven competenties en bekwaamheidseisen is onder schoolleiders en teamleiders minder bekend. Doelstellingen van het register Schoolleiders, teamleiders en bestuurders onderschrijven de doelstellingen van het schoolleidersregister. Het bevorderen van professionele ontwikkeling wordt als belangrijkste doelstelling gezien. Afbakening van de beroepsgroep Een groot deel van de schoolleiders, teamleiders en bestuurders vindt dat leraren met een leidinggevende taak, met een aanstelling in LB t/m LE niet tot de beroepsgroep horen. Ook veel respondenten vinden dat leidinggevenden verantwoordelijk voor niet aan onderwijsgerelateerde taken er niet toe behoren. De meeste schoolleiders en teamleiders vinden dat de volgende groepen binnen de beroepsgroep schoolleiders vallen: directeurbestuurders; rectoren/directeuren en leden van centrale en/of algemene directies; rectoren, conrectoren, directeuren, adjunct-directeuren en leden van centrale-directies overeenkomstig artikel 32 en 34 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs; leidinggevenden met een aanstelling in een directieschaal (meestal tussen schalen 12 en 16). Bestuurders zijn het grotendeels eens met bovengenoemde opsomming, maar verschillen onderling wat meer van mening of directeur-bestuurders en leidinggevenden met een aanstelling in een directieschaal tot de beroepsgroep horen. Op basis van de uitkomsten van de veldverkenning heeft de klankbordgroep de volgende adviezen geformuleerd ten aanzien van de afbakening van de beroepsgroep: Tot de beroepsgroep behoren leidinggevenden die in de functieschaal directie en management zitten; Er vindt toetsing plaats aan een, nog vast te stellen, set criteria die de beroepsgroep verder definiëren (bijvoorbeeld men dient integrale verantwoordelijkheid te hebben); Directeur-bestuurders behoren, uitgaande van de functie in de praktijk, bij de beroepsgroep; Bestuurder horen niet tot de beroepsgroep.
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 7 Voorwaarden voor registratie Een zeer groot deel vindt dat nieuwe schoolleiders moeten aantonen dat hij of zij voldoet aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard. Meer dan 74% vindt dat dit kan door een positief afgerond assessment van eerder gevolgde opleidingen. Teamleiders voelen voor het overleggen van een bekwaamheidsverklaring van het eigen bestuur en bestuurders voelen het meest voor het overhandigen van een ervaringscertificaat. Twee derde schoolleiders en bestuurders en iets meer dan de helft van de teamleiders denkt dat een NVAO-geaccrediteerde master een goede manier is om aan te tonen dat men voldoet aan de basiskwalificaties. Naast de basiskwalificaties vinden respondenten het onderschrijven van de beroepsstandaard een voorwaarde voor registratie. Verder vinden teamleiders vaker dat het hebben van een lesbevoegdheid VO een voorwaarde moet zijn (teamleiders 80%, schoolleiders 58% en bestuurders 40%). Teamleiders vinden het hebben van een aanstelling in een directiefunctie een minder belangrijke voorwaarde (58% vindt dit een voorwaarde). Schoolleiders en bestuurders vinden deze voorwaarde belangrijker (respectievelijk 80% en 78%). Overgangsregeling voor zittende schoolleiders De overgrote meerderheid (88%-93%) is het eens met het instellen van een overgangsregeling voor zittende schoolleiders. De akte van benoeming zal volgens drie kwart van de respondenten dan als toelatingscriterium moeten gelden. Opvallend is dat bijna de helft van de schoolleiders (49%) van mening is dat er geen verdere voorwaarden moeten gelden bij deze registratie. Het aantonen dat men voldoet aan de basiskwalificaties zou volgens een aantal bestuurders (26%), schoolleiders (18%) en teamleiders (18%) een voorwaarde moeten zijn. De klankbordgroep wijst op een mogelijke discrepantie tussen de eisen die het veld wil stellen aan nieuwe schoolleiders en aan zittende schoolleiders, nu de voorwaarden voor registratie anders zijn geformuleerd door het veld (voldoen aan basiskwalificaties) dan voor het zittende personeel (registratie op basis van akte van benoeming). Een overgangsregeling is volgens de klankbordgroep nodig en pleit voor een eventueel versnelde herregistratie. Aspirantenregister In de veldraadpleging is voorgelegd of er een aspirantenregister ingesteld moet worden voor schoolleiders die nog niet voldoen aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard. Ongeveer 60% is het eens met het instellen van zo n register, 40% dus niet. Argumenten tegen een aspirantenregister hebben te maken met angst voor bureaucratie, beperkingen in het sollicitatieproces en het feit dat men überhaupt tegen een schoolleidersregister is.
8 Oberon De klankbordgroep geeft het advies de instelling van een aspirantenregister in de toekomst nog eens te overwegen. Daartoe dient het veld beter geïnformeerd te worden over de mogelijke functie van een aspirantenregister. Herregistratie Wie geregistreerd is, heeft de verplichting te werken aan professionele ontwikkeling. De overgrote meerderheid (85%-91%) vindt dat informele professionaliseringsactiviteiten, zoals intervisie, collegiale consultatie en niet-geaccrediteerde scholing en opleiding, ook moeten gelden voor herregistratie. Dit kan volgens een groot deel aangetoond worden via een overzicht van professionaliseringsactiviteiten of het beschrijven van een praktijkvoorbeeld. Bestuurders zien iets in het aantonen in studiepunten. Het aantonen via een urennorm is minder populair. Alternatieven die door respondenten regelmatig zijn aangedragen zijn het herregistreren op basis van resultaten van de school, middels certificaten of portfolio, door beoordeling of verklaring van het bestuur. De klankbordgroep adviseert wanneer informele professionaliseringsactiviteiten ook gelden voor herregistratie duidelijk te definiëren wat wordt verstaan onder die informele professionaliseringsactiviteiten en op welke wijze schoolleiders dienen aan te tonen wat deze hebben betekend voor de eigen ontwikkeling. Differentiatie binnen het register Het idee om binnen het schoolleidersregister te differentiëren (bijvoorbeeld naar vakbekwaamheid van schoolleiders of een basis- of excellente registratie), wordt door het merendeel van de respondenten niet gedragen. Teamleiders zien hier nog het meest in (49% is voor differentiatie), bestuurders het minst (21%). De klankbordgroep constateert een discrepantie tussen de uitkomsten van de veldraadpleging en geluiden tijdens andere bijeenkomsten waarin men aangeeft voorstander te zijn voor een onderscheid tussen meer en minder ervaren schoolleiders.
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 9 Inleiding In het sectorakkoord dat de VO-raad met het ministerie van OCW heeft afgesloten, is afgesproken dat per 1 januari 2016 een register voor schoolleiders operationeel is: Er wordt een door de sector en beroepsgroep gedragen beroepsstandaard schoolleiders ontwikkeld. Mede op basis daarvan werken schoolleiders systematisch aan hun bekwaamheid en bekwaamheidsonderhoud en leggen dit vast in een schoolleidersregister VO (onder regie van en gedragen door de beroepsgroep). Dit register wordt in 2015 ingericht en is uiterlijk 1 januari 2016 operationeel. Een dergelijk register is geen doel op zich, maar een belangrijk instrument dat wordt ingezet om voortdurende professionele ontwikkeling te stimuleren. (Sectorakkoord VO 2014-2017, pagina 22/23) Het doel van het schoolleidersregister VO is tweeledig: enerzijds wil men met het register zorgen voor het afbakenen van de beroepsgroep en daarmee het waarborgen van de kwaliteit en de status van het beroep richting de samenleving, anderzijds wil men met het register de professionele ontwikkeling bevorderen. Deze doelstellingen vragen enerzijds om een duidelijke afbakening, anderzijds om ruimte om zoveel mogelijk leidinggevenden in vo-scholen te stimuleren en ondersteunen in hun professionele ontwikkeling. De VO-academie is door de VO-raad gevraagd de ontwikkeling van dit schoolleidersregister ter hand te nemen. Hiervoor is een invoeringsstrategie uitgewerkt in nauwe samenwerking met de beroepsgroep schoolleiders, het Schoolleidersplatform en besturen. Momenteel ligt de vraag voor onder welke voorwaarden schoolleiders opgenomen kunnen worden in het schoolleidersregister. Daarnaast is het VO-veld nog onvoldoende geïnformeerd over de komst van het schoolleidersregister. De VO-academie heeft Oberon gevraagd een raadpleging uit te voeren onder de leden van de VO-raad, schoolleiders en overige leidinggevenden. Met de veldraadpleging krijgt de VO-academie enerzijds antwoord op de vraag wie onder welke voorwaarden opgenomen kan worden in een geregistreerde beroepsgroep van schoolleiders volgens het VO-veld. Anderzijds draagt het onderzoek bij aan het creëren van draagvlak en commitment in het VO-veld voor de komst van het schoolleidersregister. De uitkomsten kan de VO-academie gebruiken bij de verdere invoering van het schoolleidersregister VO. Op korte termijn betreft dit de vraag wie tot de beroepsgroep hoort. De onderzoeksvragen waar deze veldraadpleging een antwoord op moet geven, luiden daarmee als volgt: 1. Welke voorwaarden voor toetreding tot het schoolleidersregister moeten volgens het veld gelden? 2. Hoe bekend zijn de schoolleiders in het VO met het register voor schoolleiders? En hoe staan ze tegenover de invoering van dit register?
10 Oberon Leeswijzer De rapportage is vooral visueel van aard: met behulp van figuren worden per onderwerp de belangrijkste resultaten grafisch weergegeven. Dit is gedaan voor schoolleiders, bestuurders en teamleiders afzonderlijk. Een groot deel van de onderwerpen heeft betrekking op de afbakening van de beroepsgroep, gevolgd door enkele onderwerpen gericht op verdere inrichting van het register. Elk deel start met enkele achtergrondkenmerken van de respondenten. De belangrijkste of opvallendste resultaten per onderwerp staan in korte zinnen boven de figuren. In tekstkaders naast of onder de figuren geven we steeds korte toelichtingen op de resultaten en vermelden we relevante bijzonderheden met betrekking tot kruisingen met bepaalde achtergrondkenmerken van de respondenten. Onderaan de pagina staat de vraag die gesteld is aan de respondenten. Elk deel van het rapport begint met een vogelvlucht over de resultaten: een visuele samenvatting van de belangrijkste onderwerpen. Wilt u direct een beeld krijgen van hoe schoolleiders, teamleiders en bestuurders in hun mening overeenkomen of verschillen dan kunt u starten met het hoofdstuk conclusies. Resultaten met betrekking tot deze drie groepen afzonderlijk kunt u dan teruglezen in de delen voorafgaand aan de conclusie. Het rapport sluit af met de uitkomsten van een bijeenkomst met de klankbordgroep van deze veldraadpleging. Na deze inleiding volgt eerst een beknopte beschrijving van de onderzoeksopzet en uitvoering en de respons.
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 11 Methode Om de bovengenoemde onderzoeksvragen te beantwoorden is een onderzoeksopzet bestaande uit drie rondes, gebruikt: Ronde 1: In een bijeenkomst met leden van de klankbordgroep 1 schoolleidersregister op 11 maart 2014 zijn mogelijke geldende voorwaarden voor toetreding tot de geregistreerde beroepsgroep bediscussieerd. Dit heeft inhoudelijke input opgeleverd voor ronde 2. Ronde 2: Het veld is geraadpleegd middels een digitale vragenlijst (13-28 mei 2014). Ronde 3: In een bijeenkomst zijn met enkele leden van de klankbordgroep op 19 juni 2014 de resultaten van de veldraadpleging bediscussieerd. Dit heeft voorstellen voor de afbakening van de beroepsgroep opgeleverd, evenals vragen die op korte en langere termijn voorliggen. De digitale vragenlijst vormt de kern van deze brede veldraadpleging. De vragenlijst is in nauw overleg met de opdrachtgever samengesteld. Beide doelstellingen zijn tot uiting gekomen: raadpleging binnen het veld hoe men denkt over voorwaarden voor registratie in het register als schoolleider en informeren van het veld over het schoolleidersregister. In de vragenlijst zijn vragen gesteld en informatie geboden over: Bekendheid met bestuursakkoord, sectorakkoord, beroepsprofiel en het schoolleidersregister; Doelstellingen van het schoolleidersregister; Voorwaarden voor registratie; Instellen van een aspirantenregister; Voorwaarden voor herregistratie; Overgangsregeling voor zittende schoolleiders; Differentiatie binnen het register; Kenmerken van de respondenten. De vragenlijst is in eerste instantie uitgezet onder individuele bestuursleden uit het ledenbestand van de VO-raad (N=329). De bestuurders is gevraagd de vragenlijst zelf in te vullen en deze door te sturen aan schoolleiders en teamleiders binnen de scholen die vallen onder het eigen bestuur. In tweede instantie is de vragenlijst verstuurd aan schoolleiders en teamleiders uit een bestand van de VO-raad (N=5799). Dit bestand dekt nagenoeg de gehele populatie. Na een week is herinnering verstuurd. Voorafgaand aan het uitzetten van de vragenlijst hebben alle leden een brief ontvangen namens de voorzitter van de VO-raad met het verzoek mee te werken aan de veldraadpleging. 1 Namen van de leden van de klankbordgroep zijn opgenomen in het colofon.
12 Oberon Respons 9% 42% 49% Teamleiders Schoolleiders Bestuurders Respons: Categorie anders is gehercodeerd in een van de drie categorieën. Rest categorie anders (N=8) is niet meegenomen in de resultaten. Totaalrespons: 10,2% (N=626) Steekproef voldoende groot om uitspraken over de populatie bij betrouwbaarheidsinterval van 99% Steekproefverdeling is scheef: schoolleiders en bestuurders zijn oververtegenwoordigd, teamleiders ondervertegenwoordigd (schoolleiders in populatie: 27%; teamleiders in populatie: 68%; bestuurders in populatie: 5%) Steekproef per functie schoolleider en teamleiders voldoende om uitspraken over de populatie te doen bij betrouwbaarheidsinterval van 90%. De steekproef bestuurders is te klein. Uitspraken moeten met voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. In de vragenlijst is gevraagd naar kenmerken van respondenten: geslacht, leeftijd en inschaling. Verschillen op kenmerken zijn geanalyseerd. Waar significante verschillen zijn gevonden (binnen betrouwbaarheidsinterval van 95%), zijn deze opgenomen in de tekst.
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 13 Schoolleiders
14 Oberon Schoolleiders in vogelvlucht Achtergrondkenmerken Doel & beroepsgroep Voorwaarden 27 Man 73 Vrouw 73% schoolleiders is een man 87% zit in salarisschaal OOP/Directie 78% is ouder dan 50 100% 50% 0% 76 76% vindt het register niet van toepassing op leraren met aanstelling in LB t/m LE 86% onderschrijft de register doelstellingen 100% 50% 0% 58 58% vindt het hebben van een lesbevoegdheid VO voorwaarde voor registratie Overgangsregeling Ja 9 91 Nee 91% is voor een overgangsregeling 79% vindt een akte van benoeming een goed criterium voor toelating 77% is ouder dan 40 Herregistratie Differentiatie 100% 90 90% 50% 0% vindt informele professionalisering een geldige activiteit voor herregistratie 85% vindt een overzicht van activiteiten/beschrijven praktijkvoorbeeld goed Differentiatie 87% zit in salarisschaal OOP/Directie 78% is ouder 36 dan 50 0% 50% 100% 36% vindt dat er binnen het schoolleidersregister ruimte moet zijn voor differentiatie
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 15 Kenmerken 87% schoolleiders zit in salarisschaal OOP/Directie 6% Salarisschaal 1% 0% 6% Onder schoolleiders vallen de volgende functiebeschrijvingen: schoolleider, locatiedirecteur, rector/(algemeen) directeur, conrector/adjunct-directeur, directeur-bestuurder, locatiemanager, directeur plv. 13% van de schoolleiders wordt gehonoreerd vanuit salarisschalen die voor leraren zijn bedoeld. 87% OOP/Directie LE LD LC LB In welke salarisschaal CAO VO valt u?
16 Oberon 78% schoolleiders is ouder dan 50 18% Leeftijd 4% 0% 22% Grootste groep schoolleiders is tussen de 50 en 60 jaar. 4% van de schoolleiders is jonger dan 40. Gezien de leeftijdsopbouw van de populatie schoolleiders mag worden verwacht dat er op relatief korte termijn veel nieuwe schoolleiders nodig zijn. 56% 60 50-59 40-49 30-39 20-29 In welke leeftijdsgroep valt u?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 17 73% schoolleiders is man Geslacht Ten opzichte van de totale populatie (man 65%- vrouw 35%) zitten er iets meer mannen in de steekproef schoolleiders. 27% 73% man vrouw Wat is uw geslacht?
18 Oberon Bekendheid Bij 85% is bekend dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister 33 65 85 80% kent de afspraken met betrekking tot professionalisering in het bestuursakkoord. 65% is bekend met afspraken rond de beroepsstandaard en het register voor schoolleiders. Het beroepsprofiel voor schoolleiders is veel minder bekend bij schoolleiders (33%). 80 0 20 40 60 80 100 schoolleidersregister beroepsprofiel sectorakkoord bestuursakkoord Bent u ervan op de hoogte dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister? Bent u bekend met het Beroepsprofiel Schoolleider met daarin beschreven competenties en bijbehorende bekwaamheidseisen? Bent u bekend met de afspraken over de beroepsstandaard en het register voor schoolleiders in het Sectorakkoord? Bent u bekend met de afspraken over professionalisering van schoolleiders in het Bestuursakkoord?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 19 Doelstellingen en afbakening register Schoolleiders vinden het bevorderen van professionele ontwikkeling de belangrijkste doelstelling 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 1 3 3 1 3 2 3 10 7 64 22 Vaststellen bekwaamheidseisen en daarmee afbakenen beroepsgroep Doelstellingen 56 32 Waarborgen van de kwaliteit en status beroep richting belanghebbenden 37 57 Bevorderen van professionele ontwikkeling Doelstellingen worden door 86% van de schoolleiders gedragen. 5% van de schoolleiders vindt de doelstelling professionele ontwikkeling onbelangrijk. Dit zijn vaak schoolleiders die tegen de instelling van een register zijn. Ruim 10% van de schoolleiders vinden het waarborgen van de kwaliteit en status van het beroep en/of het afbakenen van de beroepsgroep onbelangrijke doelstellingen. Zeer belangrijk Belangrijk Onbelangrijk Zeer onbelangrijk Weet niet Kunt u aangeven in hoeverre u de doelstellingen van het schoolleidersregister belangrijk vindt?
20 Oberon 62% schoolleiders is het eens met de definitie voor schoolleiders zoals gegeven door de Onderwijsinspectie Eens definiering Het betreft de definitie"een schoolleider is degene die hiërarchisch en functioneel leiding geeft aan het onderwijspersoneel dat werkzaam is in die school en die door het bestuur verantwoordelijk wordt gehouden voor de kwaliteit van dat personeel. ("De kwaliteit van de schoolleiders", de Onderwijsinspectie, maart 2014). 62 0 10 20 30 40 50 60 70 Vindt u de definitie van de Onderwijsraad een goede definiëring van een schoolleider?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 21 90% van de schoolleiders die het niet eens zijn met de definiëring vinden definitie voor schoolleiders te beperkt Definiëring onvolledig Formulering niet goed Meer aandacht voor gezamelijke verantwoordelijkheid Opmerkingen over definiëring Overig 0 20 40 60 80 100 Percentage van het aantal schoolleiders dat gebruik gemaakt heeft van de mogelijkheid om aan te geven waarom zij het niet eens zijn met de definitie voor schoolleiders, zoals gegeven door de Onderwijsinspectie (N=101). 38 % van de schoolleiders zijn het niet eens met de definitie voor schoolleiders zoals gegeven door de Onderwijsinspectie. Hiervan hebben 101 schoolleiders gebruik gemaakt van de mogelijkheid om hun antwoorden toe te lichten. Zij vinden de definiëring te beperkt. Typerende voorbeelden: De definitie is te beperkt en omvat lang niet alle verantwoordelijkheidsgebieden. Er is in deze definitie niet duidelijk wat verstaan wordt onder onderwijspersoneel. Ik mis de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de school in zijn geheel (alle aspecten: financiën, personeel, onderwijs, organisatie, voorzieningen, positionering in de markt etc). De term onderwijspersoneel is niet breed genoeg. De schoolleider geeft leiding aan alle personeelsleden. Het onderwijsondersteunend personeel mist in de definitie. Afbakenen van de beroepsgroep leidt niet tot verbetering van het niveau van de schoolleiders. U heeft aangegeven dat u de definiëring van de Onderwijsraad voor een schoolleider niet onderschrijft. Kunt u uw antwoord toelichten?
22 Oberon 22% schoolleiders vindt register ook van toepassing op leraren met aanstelling in LB t/m LE Wie hoort tot beroepsgroep Leidinggevenden met aanstelling in directieschaal 41 44 10 2 4 Leidinggevenden verantwoordelijk voor niet aan onderwijsgerelateerde zaken 20 32 40 5 4 Overeenkomstig definiering art 32 en 34 57 39 211 Rectoren/directeuren en leden centrale en/of algemene directies 60 38 201 Directeur-bestuurders 54 38 6 12 Leraren met een leidinggevende taak, met aanstelling in LB t/m LE 4 18 55 21 2 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Helemaal mee eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet In hoeverre bent u het er mee eens dat bovenstaande groepen binnen de beroepsgroep vallen en dat daarmee het schoolleidersregister op hen van toepassing zal zijn?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 23 Mening schoolleiders dat register van toepassing vindt voor leraren met aanstelling in LB t/m LE komt overeen met bestuurders (16%), maar niet met teamleiders (44%). 45% vindt register niet van toepassing op leidinggevenden verantwoordelijk voor hoofdzakelijk niet aan onderwijsgerelateerde zaken. Oudere schoolleiders (> 60) vinden dit significant vaker dan de jonge schoolleiders (<40). 12% vindt het register niet van toepassing op leidinggevenden met aanstelling in directieschaal. 98 schoolleiders hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om hun antwoorden toe te lichten. De toelichtingen zijn zeer divers; centraal staan: De schoolleider is verantwoordelijk/geeft leiding aan het onderwijsproces en personeel; andere leidinggevenden zoals facilitair manager horen daar niet bij. Leraren met een leidinggevende taak zijn geen schoolleiders; voor leraren bestaat er het lerarenregister. Schoolleiders zijn eindverantwoordelijk voor een school; lid van centrale directies horen daar niet bij. Beroepsgroep breed houden: elke school heeft een eigen organisatie, iedereen moet een kans krijgen tot professionalisering; stimuleert beginnende schoolleiders of leraren zich te ontwikkelen. Beroepsgroep dient beperkt te worden: geeft duidelijkheid. Voorbeelden van uitspraken: Beperken tot leiders die hiërarchische en functionele verantwoordelijkheid hebben met een duidelijke relatie tot het onderwijsproces. Een directieverantwoordelijkheid/bevoegdheid is essentieel anders dan de verantwoordelijkheid/bevoegdheid van een docent met taken. Ik ga er vanuit dat alleen wie opgedragen is/kan worden de eindverantwoordelijkheid te dragen van een school in een register moet worden opgenomen. Wie in register opgenomen moet worden, is zeer afhankelijk van de wijze waarop de directiestructuur van een school is opgezet. Op mijn school vallen leidinggevende docenten buitend de structuur, op andere scholen vallen ze er juist weer binnen.
24 Oberon Inrichting register: nieuwe schoolleiders 87% schoolleiders vindt dat nieuwe schoolleiders moeten voldoen aan de basiskwalificaties uit beroepsstandaard 100% 90% 80% 70% 4 6 Weet niet 100% 90% 80% 70% 7 5 28 14 2 13 7 4 15 2 7 25 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 54 33 Basiskwalificaties voorwaarde voor registratie Helemaal mee oneens Oneens Eens Helemaal eens 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 41 59 58 46 19 13 16 20 NVAO.. Ervarings.. Assessment.. Bekwaamheid.. Helemaal eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet Van de schoolleiders die vinden dat nieuwe schoolleiders moeten aantonen dat ze voldoen aan de basiskwalificaties uit de beroepsstandaard vindt 60% dat dit kan via een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO, 72% via het overleggen van een Ervaringscertificaat Beroepsstandaard schoolleider VO, 74% via een positief afgerond assessment van eerder gevolgde opleidingen en 66% via een bekwaamheidsverklaring van het eigen bestuur. Dit betekent dat van elk van de voorgestelde manieren een kwart van de schoolleiders dit geen goede manier vinden om de basiskwalificatie aan te tonen. In hoeverre bent u het eens met de volgende stelling? De schoolleider toont aan dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties, die deel uitmaken van de beroepsstandaard. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande manieren om aan te tonen dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 25 Net iets meer dan de helft (58%) van de schoolleiders vindt een lesbevoegdheid voorwaarde voor registratie 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 2 3 3 7 3 3 33 36 22 Voorwaarden voor registratie 14 44 36 10 57 27 80% teamleiders en 40% bestuurders vindt lesbevoegdheid een voorwaarde voor registratie. 80% schoolleiders vindt een aanstelling in een directiefunctie een voorwaarde voor toetreding tot het register. 84% vindt een voorwaarde dat de schoolleider de beroepsstandaard onderschrijft. Er bestaat duidelijk meer verschil van mening over de noodzaak van het hebben van een lesbevoegdheid dan over het hebben van een aanstelling in een directiefunctie of het onderschrijven van de beroepsstandaard. Het voldoen aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard is de belangrijkste voorwaarde voor registratie. 0% Lesbevoegdheid Aanstelling in directiefunctie Onderschrijft beroepsstandaard Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet Behalve het aantonen van het voldoen aan de basiskwalificaties zijn er nog andere mogelijke voorwaarden tot registratie. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande voorwaarden?
26 Oberon Aspirantenregister Bijna 60% is het eens met het instellen van een aspirantenregister Eens instellen aspirantenregister 58 0 10 20 30 40 50 60 70 30% vindt dat er geen aspirantenregister moet komen. Deze respondenten is gevraagd hun antwoord toe te lichten, 45 respondenten hebben dit ook gedaan. 47% ziet geen meerwaarde in een aspirantenregister, vinden het niet nodig en geven aan dat een schoolleidersregister voldoende is. 24% geeft aan tegen het schoolleidersregisters te zijn; en dus ook aspirantenregister. 13% denk dat het zal leiden tot meer bureaucratie/administratie. 6% geeft aan dat het leidt tot vervuiling van het register. 9% van de toelichtingen waren niet te categoriseren. Eens en helemaal eens Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met het instellen van een aspirantenregister?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 27 58% schoolleiders vindt aanstelling in directiefunctie een voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister Voorwaarden voor registratie aspirantenregister Onderschrijft de beroepsstandaard Leraren, mits in 3 jaar HBO master en dienstverband als schoolleider 8 23 40 58 39 10 8 5 4 6 Bijna de helft van de schoolleiders zien het aspirantenregister als een registermogelijkheid voor schoolleiders die nog niet voldoen aan de eisen voor registratie. Ongeveer de helft van de schoolleiders is het eens met de voorgestelde voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister. Ruim 80% vindt dat aspirantenleden de beroepsstandaard dienen te onderschrijven om zich te kunnen registreren. Aanstelling in directiefunctie 12 46 34 6 3 Lesbevoegdheid VO 19 42 30 9 2 Binnen 3 jaar opleiding voor schoolleiders (HBO) afgerond 11 43 30 9 8 0% 50% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet Mogelijke voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister staan hierboven weergegeven. Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met de voorwaarden tot registratie in het aspirantenregister?
28 Oberon Herregistratie 90% schoolleiders vindt informele professionalisering een geldige activiteit voor herregistratie 100 Informele professionalisering Aantonen van professionaliseringsactiviteiten via Overzicht activiteiten of beschrijving praktijkvoorbeeld 22 63 7 4 5 80 60 Studiepunten 7 42 35 12 4 40 90 Urennorm 2 27 46 18 6 20 0 0% 50% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet Zowel bijna alle teamleiders, schoolleiders als bestuurders vinden dat informele professionalisering een goede activiteit is voor herregistratie naast formele professionalisering. 85% schoolleiders vindt het geven van een overzicht van activiteiten of het beschrijven van een praktijkvoorbeeld een goede manier om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Dit geldt veel minder voor studiepunten (49%) en de urennorm (29%). Aantonen van professionaliseringsactiviteiten via gemaakt uren wordt door 64% niet als een goede manier gezien om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Vindt u dat informeel professionaliseren ook geldig zou moeten zijn als professionaliseringsactiviteit in het kader van herregistratie? In hoeverre bent u het ermee eens dat bovenstaande aspecten een goede manier zijn om de professionaliseringsactiviteiten aan te tonen?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 29 Een kwart schoolleiders vindt verantwoording en beoordeling door het bestuur een goede manier om professionalisering aan te tonen Overig 33% Andere manieren Beoordeling/verant woording bestuur 26% 14% vindt dat resultaten van de school of afdeling een goede manier zijn om professionalisering aan te tonen en in aanmerking te komen voor herregistratie. Andere meerdere keren genoemde opties zijn 360 graden feedback, assessment en portfolio. Resultaten van de school/afdeling 14% Portfolio/CV/certifi caten 4% Verantwoording afleggen Assessment 5% 9% 360 graden feedback 9% Percentage van aantal mensen dat een alternatieve manier voor het aantonen van professionaliseringsactiviteiten hebben aangegeven (N=38) Op welke andere manieren zouden professionaliseringsactiviteiten aangetoond kunnen worden?
30 Oberon Overgangsregeling 91% wil een overgangsregeling voor huidige schoolleiders 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 Overgangsregeling 91 Weet niet 6% Helemaal oneens 5% Oneens 10% Akte van benoeming Eens 52% Helemaal eens 27% Het percentage schoolleiders dat vindt dat er een overgangsregeling moet komen voor huidige schoolleiders komt overeen met het percentage teamleiders en bestuurders. Vrouwen vinden significant vaker dat er geen overgangsregeling moet komen voor zittende schoolleiders. 79% van de schoolleiders vindt dat de akte van benoeming als toelatingscriterium moet gelden voor huidige schoolleiders, 15% vindt dit niet het juiste toelatingscriterium. Schoolleiders die voor een overgangsregeling zijn, vinden significant vaker dat nieuwe schoolleiders moeten aantonen bij toelating tot het register dat zij voldoen aan de basiskwalificaties. Bent u het eens met de instelling van een overgangsregeling voor huidige schoolleiders? In hoeverre bent u het er mee eens dat de akte van benoeming als toelatingscriterium geldt voor huidige schoolleiders?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 31 48% schoolleiders vindt dat huidige schoolleiders direct volledig geregistreerd moeten worden zonder voorwaarden Alternatieven overgangsregeling Weet niet 4% Twee alternatieven voor de overgangsregeling: 1. Huidige schoolleiders worden allemaal direct volledig geregistreerd en vanaf de herregistratie dienen zij aan dezelfde eisen te voldoen als nieuwe schoolleiders Geen van beide 10% Beide 18% Voorkeur 2: dezelfde voorwaarden als voor nieuwe schoolleiders 20% Voorkeur 1: door herregistratie de kwaliteit waarborgen 48% 2. Tijdens de overgangsregeling krijgt de schoolleider tijd om zich volledig te registreren voor de beroepsgroep. De schoolleider toont aan dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard 18% is voor directe registratie, maar vindt dat de schoolleiders uiteindelijk wel moeten voldoen aan dezelfde voorwaarden als nieuwe schoolleiders. 20% van de schoolleiders vindt dat huidige schoolleiders moeten voldoen aan dezelfde voorwaarden als de nieuwe schoolleiders alvorens volledig geregistreerd te worden. We presenteren u twee mogelijke alternatieven voor de overgangsregeling (zie bovenstaande toelichting). Naar welke van deze alternatieven gaat uw voorkeur?
32 Oberon Differentiatie 36% schoolleiders vindt dat het schoolleidersregister ruimte moet geven voor differentiatie 80 70 60 50 40 30 20 10 0 Differentiatie 36 Ja 64% vindt dat het schoolleidersregister geen ruimte moet bieden voor differentiatie. Dit percentage is aanzienlijk hoger dan bij de teamleiders (51%). Bij de keuze voor differentiatie worden de volgende aspecten voor differentiatie vooral genoemd (in volgorde van meest genoemd): Gerelateerd aan taken, functie binnen de school en verantwoordelijkheden (leeftijd, ervaring, competenties, input van personeel, etc.) Van basis naar excellent Op basis van (vak)bekwaamheid De organisatie waar leiding aan gegeven wordt De schoolresultaten Van junior, medior naar senior Naar ervaringsjaren Afhankelijk van het coachen van andere schoolleiders Daarnaast wordt aangeven door een aantal respondenten dat men wil dat het register mogelijkheid biedt tot maatwerk. Vindt u dat het schoolleidersregister ruimte moet geven voor differentiatie? Hoe zou dit vormgegeven kunnen worden?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 33 Teamleiders
34 Oberon Teamleiders in vogelvlucht Achtergrondkenmerken Doel & beroepsgroep Voorwaarden 36 Man 64 Vrouw 64 % teamleiders is een man 65 % zit in salarisschaal OOP/Directie 77% is ouder dan 50 100% 50% 0% 49 49 % vindt het register niet van toepassing op leraren met aanstelling in LB t/m LE 90% onderschrijft de register doelstellingen 100% 50% 0% 80 80 % vindt het hebben van een lesbevoegdheid VO voorwaarde voor registratie Overgangsregeling Herregistratie Differentiatie 12 88 Ja Nee 88% is voor een overgangsregeling 77% vindt een akte van benoeming een goed criterium voor toelating 100% 87 87 % 50% 0% vindt informele professionalisering een geldige activiteit voor herregistratie 87% vindt een overzicht van activiteiten/beschrijven praktijkvoorbeeld goed 49 0% 50% 100% 49% vindt dat er binnen het schoolleidersregister ruimte moet zijn voor differentiatie 77% is ouder dan 40
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 35 Kenmerken 65% teamleiders zit in salarisschaal LD Salarisschaal 8% 0% 26% Onder teamleiders worden teamleiders en afdelingsleiders verstaan. Ook afdelingsdirecteuren, afdelingsmanagers, conrectoren van afdelingen, leerjaarcoördinatoren en sectordirecteuren vallen in deze presentatie van resultaten onder de groep teamleiders. 26% van de teamleiders wordt gehonoreerd vanuit salarisschalen die voor OOP/directie (schoolleiding) zijn bedoeld. 1% 65% OOP/Directie LE LD LC LB In welke salarisschaal CAO VO valt u?
36 Oberon 77% teamleiders is ouder dan 40 22% Leeftijd 1% 8% De meeste teamleiders zijn tussen de 40 en 60 jaar oud (69%). 23% van de schoolleiders is jonger dan 40. Slechts 1% valt in de leeftijdscategorie 20-29 jaar. 37% 32% 60 50-59 40-49 30-39 20-29 In welke leeftijdsgroep valt u?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 37 64% teamleiders is man Geslacht De verhouding man/vrouw onder teamleiders is in de steekproef ongeveer vergelijkbaar met de totale populatie teamleiders (man 61%- vrouw 39%). In de steekproef zijn de vrouwen iets minder vertegenwoordigd. 36% 64% man vrouw Wat is uw geslacht?
38 Oberon Bekendheid 65% teamleiders is op de hoogte van de komst van het schoolleidersregister 33 38 48 65 Bijna 50% kent de afspraken met betrekking tot professionalisering in het bestuursakkoord. Het sectorakkoord is onder teamleiders het minst bekend: 33% is bekend met afspraken rond de beroepsstandaard en het register voor schoolleiders, 67% dus niet. Ook het beroepsprofiel is onder teamleiders minder bekend (62% is hier niet bekend mee). Ten opzichte van bestuurders en schoolleiders zijn teamleiders het minst op de hoogte van het sectorakkoord, het bestuursakkoord, het beroepsprofiel en het schoolleidersregister. 0 10 20 30 40 50 60 70 schoolleidersregister beroepsprofiel sectorakkoord bestuursakkoord Bent u ervan op de hoogte dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister? Bent u bekend met het Beroepsprofiel Schoolleider met daarin beschreven competenties en bijbehorende bekwaamheidseisen? Bent u bekend met de afspraken over de beroepsstandaard en het register voor schoolleiders in het Sectorakkoord? Bent u bekend met de afspraken over professionalisering van schoolleiders in het Bestuursakkoord?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 39 Doelstellingen en afbakening register Teamleiders vinden het bevorderen van professionele ontwikkeling de belangrijkste doelstelling van het register 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 3 1 2 2 2 1 1 6 5 65 25 Vaststellen bekwaamheidseisen en daarmee afbakenen beroepsgroep Doelstellingen 53 38 Waarborgen van de kwaliteit en status beroep richting belanghebbenden 33 63 Bevorderen van professionele ontwikkeling Zeer belangrijk Belangrijk Onbelangrijk Zeer onbelangrijk Weet niet Het overgrote deel teamleiders onderschrijft de doelstellingen van het schoolleidersregister. 90% is het eens met de doelstelling het vaststellen van de bekwaamheidseisen en daarmee het afbakenen van de beroepsgroep. 9% vindt dit onbelangrijk. 91% is het eens met de doelstelling het waarborgen van de kwaliteit en status van het beroep richting belanghebbenden. Kunt u aangeven in hoeverre u de doelstellingen van het schoolleidersregister belangrijk vindt?
40 Oberon 67% teamleiders is het eens met de definitie voor schoolleiders zoals gegeven door de Onderwijsinspectie Eens definiering 67 Het betreft de definitie"een schoolleider is degene die hiërarchisch en functioneel leiding geeft aan het onderwijspersoneel dat werkzaam is in die school en die door het bestuur verantwoordelijk wordt gehouden voor de kwaliteit van dat personeel. ("De kwaliteit van de schoolleiders", de Onderwijsinspectie, maart 2014). Teamleiders onderschrijven de definitie het meest. 62% schoolleiders en 51% bestuurders zijn het met de definitie eens. 0 10 20 30 40 50 60 70 80 Vindt u de definitie van de Onderwijsraad een goede definiëring van een schoolleider?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 41 67% van de teamleiders die het niet eens zijn met de definiëring vinden definitie voor schoolleiders te beperkt Definiëring onvolledig Formulering niet goed Meer aandacht voor gezamelijke verantwoordelijkheid Opmerkingen over definiëring Overig 33 % van de teamleiders is het niet eens met de definitie voor schoolleiders zoals gegeven door de Onderwijsinspectie. Hiervan hebben 74 teamleiders gebruik gemaakt van de mogelijkheid om hun antwoorden toe te lichten. Zij vinden de definiëring voornamelijk te beperkt. Typerende voorbeelden: De definitie is alleen gericht op het personeel en niet op de onderwijsontwikkeling, leerlingen en omgeving. Ik vind dat het woord verantwoordelijk moet veranderen in medeverantwoordelijk. Het woord hiërarchisch past niet bij mij. Zou de term 'leerling' erin willen zien. 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 Percentage van het aantal teamleiders dat gebruik gemaakt heeft van de mogelijkheid om aan te geven waarom zij het niet eens zijn met de definitie voor schoolleiders, zoals gegeven door de Onderwijsinspectie (N=74). U heeft aangegeven dat u de definiëring van de Onderwijsraad voor een schoolleider niet onderschrijft. Kunt u uw antwoord toelichten?
42 Oberon 44% teamleiders vindt het register ook van toepassing op leraren met aanstelling in LB t/m LE Leidinggevenden met aanstelling in directieschaal 56 34 6 13 Leidinggevenden verantwoordelijk voor niet aan onderwijsgerelateerde zaken 28 33 32 3 5 Overeenkomstig definiering art 32 en 34 65 31 2 12 Rectoren/directeuren en leden centrale en/of algemene directies 63 33 311 Directeur-bestuurders 60 32 5 1 2 Leraren met een leidinggevende taak, met aanstelling in LB t/m LE 10 34 38 11 7 0% 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90% 100% Helemaal mee eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet 35% vindt dat dit ook geldt voor leidinggevenden verantwoordelijk voor hoofdzakelijk niet aan onderwijs gerelateerde zaken. Ten opzichte van schoolleiders (24%) en bestuurders (19%) vinden teamleiders (51%) aanzienlijk vaker dat leraren met een aanstelling in LB t/m LE in het schoolleidersregister horen. Teamleiders vinden over het algemeen dat het schoolleiderregister van toepassing moet zijn op leidinggevenden met een aanstelling in directieschaal, overeenkomstig met de definiëring in artikel 32 en 34, rectoren/directeuren en leden centrale en/of algemene directies en directeur-bestuurders. In hoeverre bent u het er mee eens dat bovenstaande groepen binnen de beroepsgroep vallen en dat daarmee het schoolleidersregister op hen van toepassing zal zijn?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 43 Als toelichting op de vraag over de beroepsgroep geven teamleiders zeer diverse antwoorden. en zijn zeer uiteenlopend. Op hoofdpunten wordt het volgende gezegd: Houdt de beroepsgroep breed: voor ieder met een leidinggevende taak in de school. Verantwoordelijkheden moeten leidend zijn; sommigen noemen alleen eindverantwoordelijkheid, anderen integrale of onderwijskundige verantwoordelijkheid. Kies voor een smalle benadering van de beroepsgroep: opname van leraren maakt teveel bureaucratie. Formulering van leidinggevende is te vaag. Voorbeelden van uitspraken: Leraren met een leidinggevende taak zijn naar mijn smaak moeilijk in te delen bij de beroepsgroep, tenzij de grenzen daarvan heel flexibel zijn. Wie het ene jaar die taak heeft, heeft m het volgende jaar niet per se Leraren met een leidinggevende taak vind ik persoonlijk te vaag geformuleerd. Wat heet een leidinggevende taak? Is bijvoorbeeld een sectiecoordinator een leidinggevende taak? Een leraar met leidinggevende taken geeft nog steeds les. Een schoolleider heeft een zeer beperkte lestaak Iedereen die op kleine of grotere schaal een leidinggevende taak heeft op het onderwijs in de school en daarbij de onderwijsgevenden leiding geeft (individueel en/of in teamverband) hoort voor mij tot de schoolleiders Mijn beeld bij het leiden van een school is dat het gaat om integraal leiderschap. Daarmee zijn allen die hiërarchisch leiding geven, gehouden aan kwaliteit Mijn criterium: leiding geven aan onderwijs/onderwijsgevenden/verantwoordelijk voor het primaire proces De mensen met eindverantwoordelijkheid
44 Oberon Inrichting register: nieuwe schoolleiders 91% teamleiders vindt dat nieuwe schoolleiders moeten voldoen aan de basiskwalificaties uit beroepsstandaard 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 4 3 61 30 2 Basiskwalificaties voorwaarde voor registratie Weet niet Helemaal mee oneens Oneens Eens Helemaal eens 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 10 12 7 22 3 7 3 17 14 14 28 55 60 59 39 24 16 12 16 NVAO.. Ervarings.. Assessment.. Bekwaamheid.. Weet niet Helemaal mee oneens Oneens Eens Helemaal eens Van de teamleiders die vinden dat nieuwe schoolleiders moeten aantonen dat ze voldoen aan de basiskwalificaties uit de beroepsstandaard vindt 55% dat dit kan via een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO, 71% via het overleggen van een Ervaringscertificaat Beroepsstandaard schoolleider VO, 76% via een positief afgerond assessment van eerder gevolgde opleidingen en 79% via een bekwaamheidsverklaring van het eigen bestuur. Teamleiders voelen het minst voor een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO als manier om aan te tonen dat aan de basiskwalificaties wordt voldaan. 35% van de teamleiders is hier hiermee oneens. Ten opzichte van schoolleiders vinden teamleiders een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO, als manier om aan te tonen dat aan de basiskwalificaties wordt voldaan, nog iets minder geschikt en hebben zij meer dan schoolleiders een voorkeur voor de andere manieren om aan te tonen dat men voldoet aan de basiskwalificaties. Teamleiders (79%) zien meer dan de schoolleiders (66%) en bestuurders (67%) mogelijkheden in een bekwaamheidsverklaring. at aantonen van het voldoen aan de basiskwalificaties zijn er nog andere mogelijke voorwaarden tot registratie. In hoeverre bent u het eens met de bovenstaande oorwaarden? In hoeverre bent u het eens met de volgende stelling? De schoolleider toont aan dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties, die deel uitmaken van de beroepsstandaard. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande manieren om aan te tonen dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 45 80% teamleiders vindt een lesbevoegdheid voorwaarde voor registratie 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 4 7 4 3 3 3 8 14 47 33 Lesbevoegdheid Voorwaarden voor registratie 32 43 15 Aanstelling in directiefunctie 63 22 Onderschrijft beroepsstandaard Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet 58% Schoolleiders en 40% bestuurders vinden dat een lesbevoegdheid voorwaarde moet zijn voor registratie in het register. Teamleiders hechten dus duidelijk meer waarde aan lesbevoegdheid. Teamleiders (58%) vinden minder vaak dan schoolleiders (80%) en bestuurders (78%) dat de schoolleider een aanstelling in een directiefunctie moet hebben als een voorwaarde voor toetreding tot het register. 85% vindt een voorwaarde dat de schoolleider de beroepsstandaard onderschrijft. Teamleiders zijn het redelijk eens over de voorwaarden voor registratie. Lesbevoegdheid en het onderschrijven van de beroepsstandaard worden ongeveer even belangrijk gevonden. Het hebben van een aanstelling in een directiefunctie vindt men minder belangrijk. Het voldoen aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard is de belangrijkste voorwaarde voor registratie. Teamleiders met een aanstelling in salarisschaal LC vinden het hebben van een lesbevoegdheid een belangrijkere voorwaarde voor registratie dan leraren in salarisschaal LD. Zij geven vaker aan het helemaal eens met de voorwaarde te zijn. Behalve het aantonen van het voldoen aan de basiskwalificaties zijn er nog andere mogelijke voorwaarden tot registratie. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande voorwaarden?
46 Oberon Aspirantenregister 60% is het eens met het instellen van een aspirantenregister Eens instellen aspirantenregister 60 0 10 20 30 40 50 60 70 Eens en helemaal eens Oudere teamleiders (teamleiders boven 50 jaar) zijn het vrijwel allemaal eens met het instellen van een aspirantenregister. In de leeftijdsgroep 40-49 zien we vaker dat men het niet eens is met het instellen van een aspirantenregister. 24% teamleiders is het niet eens met het instellen van een aspirantenregister. Er is ook een relatief grote groep (17% die geen mening heeft). Respondenten die het oneens zijn met het aspirantenregister zijn gevraagd om een toelichting. Er zijn 32 teamleiders die een toelichting gegeven hebben. 44% vindt dat een aspirantenregister geen meerwaarde heeft; het schoolleidersregister is voldoende. 19% vindt dat het tot teveel extra bureaucratie leidt. 16% denkt dat het sollicitaties en ontwikkelprocedures in de weg staat; schijnzekerheid. 9% is tegen het schoolleidersregister en daarmee ook tegen een aspirantenregister. 13% van de toelichtingen is niet te categoriseren. Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met het instellen van een aspirantenregister?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 47 58% teamleiders vindt een aanstelling in de directiefunctie een voorwaarde tot registratie in het aspirantenregister Leraren, mits in 3 jaar HBO master en dienstverband als schoolleider Aanstelling in directiefunctie Voorwaarden voor registratie aspirantenregister Onderschrijft de beroepsstandaard Lesbevoegdheid VO 9 20 15 33 40 43 64 47 36 32 7 3 6 8 7 3 7 14 33 Een lesbevoegdheid in het VO wordt belangrijker gevonden (80%) dan een aanstelling in een directiefunctie (58%). Teamleiders vinden een lesbevoegdheid duidelijk veel belangrijker dan schoolleiders (61%) en bestuurders (55%). Minder dan de helft (49%) vindt het toelaten van leraren een goede voorwaarde mits afronding binnen 3 jaar van een opleiding voor schoolleiders op HBO-niveau en het hebben van een dienstverband als schoolleider. 84% vindt dat aspirantleden de beroepsstandaard dienen te onderschrijven. Binnen 3 jaar opleiding voor schoolleiders (HBO) afgerond 11 38 37 8 6 0% 50% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet Mogelijke voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister staan hierboven weergegeven. Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met de voorwaarden tot registratie in het aspirantenregister?
48 Oberon Herregistratie Bijna 90% vindt dat informele professionalisering een geldige activiteit moet zijn voor herregistratie 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 Informele professionalisering 87 Aantonen van professionaliseringsactiviteiten via: Overzicht activiteiten of beschrijving praktijkvoorbeeld Studiepunten Urennorm 4 7 24 26 0% 20% 40% 60% 80% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet 39 46 62 38 12 8 11 13 3 6 2 Zowel bijna alle teamleiders, schoolleiders als bestuurders vinden dat informele professionalisering een goede activiteit is voor herregistratie naast formele professionalisering. 87% teamleiders vindt het geven van een overzicht van activiteiten of het beschrijven van een praktijkvoorbeeld een goede manier om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Dit geldt veel minder voor studiepunten (46%) en de urennorm (30%). 58% is het oneens met de urennorm als manier om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Vindt u dat informeel professionaliseren ook geldig zou moeten zijn als professionaliseringsactiviteit in het kader van herregistratie? In hoeverre bent u het ermee eens dat bovenstaande aspecten een goede manier zijn om de professionaliseringsactiviteiten aan te tonen?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 49 Teamleiders vinden een beoordeling door het bestuur of een portfolio/cv/certificaat een goed alternatief om professionalisering aan te tonen. Portfolio/CV/certifi caten 32% Gesprekkencyclus 14% Assessment 4% Andere manieren Beoordeling/verant woording bestuur 18% 360 graden feedback 0% Combinatie van aspecten 11% Resultaten van de school/afdeling 7% Intervisie/supervisi e/coaching 14% Certificaten en een portfolio worden het meest genoemd als goede alternatieven om professionalisering aan te tonen. Teamleiders vinden een beoordeling van het bestuur of het afleggen van verantwoording aan het bestuur (of een andere verantwoordelijke) een goed alternatief om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Ook wordt intervisie als een manier gezien om professionalisering aan te tonen. Percentage van het aantal mensen dat een alternatieve manier voor het aantonen van professionaliseringsactiviteiten heeft aangegeven (N=28) Op welke andere manieren zouden professionaliseringsactiviteiten aangetoond kunnen worden?
50 Oberon Overgangsregeling Bijna 90% vindt dat er een overgangsregeling voor huidige schoolleiders moet komen 100 90 80 70 60 50 40 30 20 10 0 Overgangsregeling 88 Helemaal oneens 3% Oneens 12% Akte van benoeming Weet niet 8% Helemaal eens 21% Eens 56% Het percentage teamleiders dat vindt dat er een overgangsregeling moet komen voor huidige schoolleiders komt overeen met het percentage schoolleiders en bestuurders. 76% teamleiders is het eens dat de akte van benoeming als toelatingscriterium moet gelden voor huidige schoolleiders. 15% vindt dit niet het juiste toelatingscriterium. Teamleiders die vinden dat er een overgangsregeling moet komen, vinden ook significant vaker dat nieuwe schoolleiders via een positief afgerond assessment van eerder gevolgede opleiding(en) of via een bekwaamheidsverklaring van het bestuur kunnen aantonen dat zij basisgekwalificeerd zijn. Bent u het eens met de instelling van een overgangsregeling voor huidige schoolleiders? In hoeverre bent u het er mee eens dat de akte van benoeming als toelatingscriterium geldt voor huidige schoolleiders?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 51 40% teamleiders vindt dat huidige schoolleiders direct volledig geregistreerd moeten worden Geen van beide 9% Beide 18% Alternatieven overgangsregeling Weet niet 7% Voorkeur 2: dezelfde voorwaarden als voor nieuwe schoolleiders 26% Voorkeur 1: door herregistratie de kwaliteit waarborgen 40% Twee alternatieven voor de overgangsregeling: 1. Huidige schoolleiders worden allemaal direct volledig geregistreerd en vanaf de herregistratie dienen zij aan dezelfde eisen te voldoen als nieuwe schoolleiders 2. Tijdens de overgangsregeling krijgt de schoolleider tijd om zich volledig te registreren voor de beroepsgroep. De schoolleider toont aan dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties, die deel uitmaken van de beroepsstandaard 40 % teamleiders vindt directie registratie voor huidige schoolleiders een goed idee. Door herregistratie kan de kwaliteit volgens hen gewaarborgd worden. 26% vindt dat voor huidige schoolleiders dezelfde voorwaarden moeten gelden als voor nieuwe schoolleiders. 18% vindt beide alternatieven goed. We presenteren u twee mogelijke alternatieven voor de overgangsregeling (zie bovenstaande toelichting). Naar welke van deze alternatieven gaat uw voorkeur?
52 Oberon Differentiatie De helft van de teamleiders vindt dat het register ruimte moet geven voor differentiatie 80 70 60 50 40 30 20 10 0 differentiatie 49 49% vindt dat het schoolleidersregister ruimte moet bieden voor differentiatie. De andere helft, 51% vindt dit niet. Dit percentage ligt hoger dan bij de schoolleiders (36%) en bestuurders (21%). Bij de keuze voor differentiatie worden de volgende aspecten voor differentiatie genoemd (in volgorde van meest genoemd): Van basis naar excellent. Gerelateerd aan taken, functie binnen de school en verantwoordelijkheden (leeftijd, ervaring, competenties, input van personeel, etc.). Naar ervaringsjaren. Op basis van (vak)bekwaamheid. Vindt u dat het schoolleidersregister ruimte moet geven voor differentiatie? Hoe zou dit vormgegeven kunnen worden?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 53 Bestuurders
54 Oberon Bestuurders in vogelvlucht Achtergrondkenmerken Doel & beroepsgroep Voorwaarden 10 90 man vrouw 90% bestuurders is man 60% valt binnen de CAO VO 97% van deze groep wordt gehonoreerd vanuit de schaal OOP/directie 50% 19% vindt het register niet van toepassing op 19 leraren met aanstelling in LB t/m LE 0% 86% onderschrijft de register doelstellingen 50% 0% 40 40 % vindt het hebben van een lesbevoegdheid VO voorwaarde voor registratie Overgangsregeling Herregistratie Differentiatie 7 93 Ja Nee 93% is voor een overgangsregeling 73 % vindt een akte van benoeming een goed criterium voor toelating 100% 91 91% 50% 0% vindt informele professionalisering een geldige activiteit voor herregistratie 90% vindt een overzicht van activiteiten/beschrijven praktijkvoorbeeld goed 21 0% 50% 100% 21% vindt dat er binnen het schoolleidersregister ruimte moet zijn voor differentiatie 77% is ouder dan 40
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 55 Kenmerken 60% Bestuurders valt onder de CAO VO CAO Onder schoolbestuurder vallen bestuurders en voorzitters centrale directie (eenmaal aangegeven). Van de bestuurders die in de CAO VO vallen wordt 97% gehonoreerd vanuit salarisschaal OOP/ Directie. 3% wordt gehonoreerd vanuit salarisschaal LE. 40% 60% CAO VO CAO Bestuurders VO In welke salarisschaal CAO VO valt u?
56 Oberon 88% bestuurders is ouder dan 50 40-49 12% Leeftijd 60 30% Grootste groep bestuurders is tussen de 50 en 60 jaar. Weinig tot geen bestuurders zijn jonger dan 40 jaar. 50-59 58% In welke leeftijdsgroep valt u?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 57 90% bestuurders is man 10% Geslacht Het percentage mannen is bij bestuurders hoger dan bij teamleiders (64%) en bij schoolleiders (73%). Ten opzichte van de totale populatie (man 84%- vrouw 16%) zitten er iets meer mannen in de steekproef bestuurders. 90% man vrouw Wat is uw geslacht?
58 Oberon Bekendheid Bij 95% bestuurders is bekend dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister 90 93 95 Bestuurders zijn ten opzichte van schoolleiders en teamleiders het best op de hoogte. 97% kent de afspraken met betrekking tot professionalisering in het bestuursakkoord. 93% is bekend met het sectorakkoord. Het beroepsprofiel voor schoolleiders is iets minder bekend bij bestuurders (90%). 97 86 88 90 92 94 96 98 schoolleidersregister beroepsprofiel sectorakkoord bestuursakkoord Bent u ervan op de hoogte dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister? Bent u bekend met het Beroepsprofiel Schoolleider met daarin beschreven competenties en bijbehorende bekwaamheidseisen? Bent u bekend met de afspraken over de beroepsstandaard en het register voor schoolleiders in het Sectorakkoord? Bent u bekend met de afspraken over professionalisering van schoolleiders in het Bestuursakkoord?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 59 Doelstellingen en afbakening register Bestuurders vinden het bevorderen van professionele ontwikkeling de belangrijkste doestelling van het schoolleidersregister 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 4 4 11 7 54 60 32 32 Vaststellen bekwaamheidseisen en daarmee afbakenen beroepsgroep Doelstellingen Waarborgen van de kwaliteit en status beroep richting belanghebbenden 2 4 28 67 Bevorderen van professionele ontwikkeling Doelstellingen van schoolleidersregister worden door grootste deel van de bestuurders gedragen. 6% van de bestuurders vindt professionele ontwikkeling als doelstelling van het schoolleidersregister onbelangrijk. 15% bestuurders vindt het vaststellen van bekwaamheidseisen en daarmee het afbakenen van de beroepsgroep als doelstelling van het schoolleidersregister onbelangrijk. Zeer belangrijk Belangrijk Onbelangrijk Zeer onbelangrijk Kunt u aangeven in hoeverre u de doelstellingen van het schoolleidersregister belangrijk vindt?
60 Oberon 51% bestuurders is het eens met de definitie voor schoolleiders zoals gegeven door de Onderwijsinspectie Eens definiering 51 Het betreft de definitie"een schoolleider is degene die hiërarchisch en functioneel leiding geeft aan het onderwijspersoneel dat werkzaam is in die school en die door het bestuur verantwoordelijk wordt gehouden voor de kwaliteit van dat personeel. ("De kwaliteit van de schoolleiders", de Onderwijsinspectie, maart 2014). Bestuurders zijn kritischer op de definiëring dan de schoolleiders (62% eens) en teamleiders (65% eens). 0 10 20 30 40 50 60 Vindt u de definitie van de Onderwijsraad een goede definiëring van een schoolleider?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 61 84% van de bestuurders die het niet eens zijn met de definiëring vinden definitie voor schoolleiders te beperkt Meer aandacht voor gezamelijke verantwoordelijkheid Opmerkingen over definiëring Definiëring onvolledig Formulering niet goed Overig 0 10 20 30 40 50 60 70 80 90 Percentage van het aantal bestuurders dat gebruik gemaakt heeft van de mogelijkheid om aan te geven waarom zij het niet eens zijn met de definitie voor schoolleiders, zoals gegeven door de Onderwijsinspectie (N=25). 25 bestuurders die het niet eens zijn met de definiëring hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid om hun antwoorden toe te lichten. Zij vinden de definiëring voornamelijk te beperkt. Typerende voorbeelden: In deze omschrijving wordt de focus op het personeel gelegd, naar mijn mening is de verantwoordelijkheid breder. Ik mis nu bijvoorbeeld onderwijs, verbinding met stakeholders, enz. Het begrip "school" is niet duidelijk omschreven. Is dat een brinnummer of een locatie? Een schoolleider is verantwoordelijk voor de kwaliteit van het onderwijs. Dat hier personeel bij komt kijken is evident, maar ik ben het niet eens met de nadruk op het personeelsaspect. Ik vind dat veel te beperkt gedacht. Er ontbreekt onderwijskundig leiderschap. Oneens, omdat het niet volledig is. Zorgen voor personeel is natuurlijk prima, zo niet onmisbaar. Even onmisbaar echter is dat het allemaal tot resultaten moet leiden, in het bijzonder bij leerlingen, hetgeen niet in de definitie is opgenomen. U heeft aangegeven dat u de definiëring van de Onderwijsraad voor een schoolleider niet onderschrijft. Kunt u uw antwoord toelichten?
62 Oberon 16% vindt register van toepassing op leraren met aanstelling in LB t/m LE Wie hoort tot beroepsgroep Leidinggevenden met aanstelling in directieschaal 35 39 21 4 2 Leidinggevenden verantwoordelijk voor niet aan onderwijs gerelateerde zaken 21 35 30 12 2 Overeenkomstig definiering art 32 en 34 58 33 9 0 Rectoren/directeuren en leden centrale en/of algemene directies 63 30 5 02 Directeur-bestuurders 40 30 16 11 4 Leraren met een leidinggevende taak, met aanstelling in LB t/m LE 5 11 46 35 4 0% 20% 40% 60% 80% 100% Helemaal mee eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet In hoeverre bent u het er mee eens dat bovenstaande groepen binnen de beroepsgroep vallen en dat daarmee het schoolleidersregister op hen van toepassing zal zijn?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 63 74% bestuurders vindt het register van toepassing voor leidinggevende met aanstelling in directieschaal. 70% bestuurders vindt het register voor directeur-bestuurders. 93% vindt wel dat rectoren/ directeuren en leden centrale directie en/of algemene directie tot de beroepsgroep behoren. Bestuurder boven 50 jaar vinden ook vaker dat leidinggevenden verantwoordelijk voor niet aan onderwijsgerelateerde zaken tot de beroepsgroep voor het register behoren (>53%). Bestuurders tussen de 40-49 jaar zijn het hier minder vaak mee eens (29%). Bestuurders boven 50 jaar vinden vaker dat het schoolleidersregister op directeur-bestuurders van toepassing is (>70%). Bestuurders in de leeftijdsgroep 40-49 jaar zijn het hier minder mee eens (30%). en lijken op elkaar. Veel bestuurders kiezen voor meerdere leidinggevenden in de school (ook teamleiders met leidinggevende taken); zolang men leiding geeft aan personeel. Ook wordt een aantal keren genoemd dat het om leiding geven op school/locatie gaat en niet op bestuursniveau. Voorbeelden van uitspraken: Voor leden van een centrale directie hoeft het wat mij betreft niet. Het moet gelden voor iedereen die leiding geeft aan docenten en/of afdelingsleiders en/of conrectoren en/of OOP. Wie in het register opgenomen moeten worden, is zeer afhankelijk van de wijze waarop de directiestructuur van een school is opgezet. Op mijn school vallen leidinggevende docenten buiten die structuur, op andere scholen vallen ze er juist weer binnen. Veel teamleiders zitten in een LC/LD schaal, maar zijn wel schoolleider. Teamleiders in een getalschaal horen bij directies, zij voeren functionerings- en beoordelingsgesprekken.
64 Oberon Inrichting register: nieuwe schoolleiders 89% bestuurders vindt dat nieuwe schoolleiders moeten voldoen aan de basiskwalificaties uit beroepsstandaard 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 4 2 5 54 35 Basiskwalificaties voorwaarde voor registratie Weet niet Helemaal mee oneens Oneens Eens Helemaal eens 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 6 6 0 2 8 2 8 6 10 10 20 26 67 67 47 59 20 16 16 8 Weet niet Helemaal mee oneens Oneens Eens Helemaal eens Van de bestuurders die vinden dat nieuwe schoolleiders moeten aantonen dat ze voldoen aan de basiskwalificaties uit de beroepsstandaard vindt 67% dat dit kan via een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO, 83% via het overleggen van een Ervaringscertificaat Beroepsstandaard schoolleider VO, 83% via een positief afgerond assessment van eerder gevolgde opleidingen en 67% via een bekwaamheidsverklaring van het eigen bestuur. Bestuurders voelen het minst voor een NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO en een bekwaamheidsverklaring. Ongeveer één derde van de bestuurders vindt dit geen goede manier om basiskwalificaties aan te tonen. Bestuurders (81%) zien meer dan schoolleiders (62%) en teamleiders (71%) het overleggen van een Ervaringscertificaat als een goede manier voor het aantonen van basiskwalificaties. Behalve het aantonen van het voldoen aan de basiskwalificaties zijn er nog andere mogelijke voorwaarden tot registratie. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande voorwaarden?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 65 40% bestuurders vindt een lesbevoegdheid een voorwaarde voor toetreding tot het register 100% 90% 80% 70% 60% 50% 4 Voorwaarden voor registratie 0 2 16 21 40 53 4 0 7 60 80% teamleiders en 58% schoolleiders vindt een lesbevoegdheid een voorwaarde voor toetreding tot het register. 78 % bestuurders vindt een aanstelling in de directiefunctie een voorwaarde voor registratie. 90% vindt het een voorwaarde dat de schoolleider de beroepsstandaard onderschrijft. Deze voorwaarde wordt het meest onderschreven. 40% 30% 20% 10% 0% 28 12 Lesbevoegdheid 25 Aanstelling in directiefunctie 30 Onderschrijft beroepsstandaard Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet Behalve het aantonen van het voldoen aan de basiskwalificaties zijn er nog andere mogelijke voorwaarden tot registratie. In hoeverre bent u het eens met bovenstaande voorwaarden?
66 Oberon Aspirantenregister 63% bestuurders is het eens met het instellen van een aspirantenregister Eens instellen aspirantenregister 63 0 10 20 30 40 50 60 70 Eens en helemaal eens 26% vindt dat er geen aspirantenregister moet komen. Deze respondenten is gevraagd hun antwoord toe te lichten en 87% heeft aangegeven waarom ze niet voor het aspirantenregister zijn. 54% ziet geen meerwaarde in een aspirantenregister, ze vinden het niet nodig en geven aan dat een schoolleidersregister voldoende is. 23% geeft aan tegen het schoolleidersregisters te zijn; en dus ook tegen het aspirantenregister. 8% denkt dat het lastig is om de juiste criteria te stellen. 15% van de toelichtingen waren niet te categoriseren. Oudere bestuurders zijn het meer eens met het instellen van een aspirantenregister dan jongere bestuurders. In de leeftijdscategorie 50-59 jaar is 64% het eens met het instellen van een aspirantenregister. In de categorie ouder dan 60 jaar gaat het om 77% en bij bestuurders van 40-49 jaar is 29% het hiermee eens. Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met het instellen van een aspirantenregister?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 67 58% bestuurders vindt aanstelling in directiefunctie voorwaarde voor registratie in het aspirantenregister Voorwaarden voor registratie aspirantenregister Onderschrijft de beroepsstandaard Leraren, mits in 3 jaar HBO master en dienstverband als schoolleider Aanstelling in directiefunctie 12 7 23 51 56 67 35 23 5 4 2 9 0 5 2 68% bestuurders vindt dat leraren in het aspirantenregister mogen mits zij binnen drie jaar een HBO-master en een dienstverband als schoolleider hebben. 90% vindt dat aspirantenleden de beroepsstandaard dienen te onderschrijven om zich te kunnen registreren. Ruim de helft van de bestuurders is het eens met de andere voorgestelde voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister. Dat is iets meer dan bij de schoolleiders en teamleiders. Lesbevoegdheid VO 4 51 32 11 4 Binnen 3 jaar opleiding voor schoolleiders (HBO) afgerond 12 56 23 9 0 0% 50% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal oneens Weet niet Mogelijke voorwaarden voor registratie in het aspirantenregister staan hierboven weergegeven. Kunt u aangeven in hoeverre u het eens bent met de voorwaarden tot registratie in het aspirantenregister?
68 Oberon Herregistratie 91% bestuurders vindt informele professionalisering een geldige activiteit voor herregistratie 100 Informele professionalisering Aantonen van professionaliseringsactiviteiten via Overzicht activiteiten of beschrijving praktijkvoorbeeld 20 70 8 2 0 80 60 40 20 0 91 Studiepunten 11 58 26 4 2 Urennorm 4 29 52 13 4 0% 20% 40% 60% 80% 100% Helemaal eens Eens Oneens Helemaal mee oneens Weet niet Zowel teamleiders, schoolleiders als bestuurders vinden informele professionalisering een goede manier van bewijs voor herregistratie naast formele professionalisering. 90% teamleiders vindt het geven van een overzicht van activiteiten of het beschrijven van een praktijkvoorbeeld een goede manier om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Dit geldt veel minder voor de urennorm (33%). Aantonen van professionaliseringsactiviteiten via studiepunten wordt door 69% als goede manier gezien om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Bestuurders zien meer mogelijkheden in het gebruik van studiepunten als norm voor herregistratie dan schoolleiders (49%) en teamleiders (46%). 10 bestuurders hebben aangegeven op een andere manier professionaliseringsactiviteiten aan te willen tonen. Hiervan geeft 30% aan een voortgangstoets of portfolio te willen. De ander bestuurders vinden een gesprek met het bestuur of 360 graden-feedback van direct betrokkenen een goede manier. Vindt u dat informeel professionaliseren ook geldig zou moeten zijn als professionaliseringsactiviteit in het kader van herregistratie? In hoeverre bent u het ermee eens dat bovenstaande aspecten een goede manier zijn om de professionaliseringsactiviteiten aan te tonen?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 69 Overgangsregeling 93% bestuurders willen een overgangsregeling voor huidige schoolleiders 100 90 80 Overgangsregeling Weet niet 7% Helemaal oneens 4% Akte van benoeming Helemaal eens 12% 70 60 50 40 93 Oneens 16% 30 20 10 Eens 61% 0 Zowel bijna alle teamleiders, schoolleiders als bestuurders vinden dat er een overgangsregeling moet komen voor huidige schoolleiders. 73% van de bestuurders vindt dat de akte van benoeming als toelatingscriterium moet gelden voor huidige schoolleiders. 20% vindt dit niet het juiste toelatingscriterium. Bent u het eens met de instelling van een overgangsregeling voor huidige schoolleiders? In hoeverre bent u het er mee eens dat de akte van benoeming als toelatingscriterium geldt voor huidige schoolleiders?
70 Oberon 42% bestuurders vindt dat huidige schoolleiders direct volledig geregistreerd moeten worden zonder voorwaarden Weet niet 2% Alternatieven overgangsregeling Twee alternatieven voor de overgangsregeling: 1. Huidige schoolleiders worden allemaal direct volledig geregistreerd en vanaf de herregistratie dienen zij aan dezelfde eisen te voldoen als nieuwe schoolleiders Voorkeur 2: dezelfde voorwaarden als voor nieuwe schoolleiders 21% Geen van beide 9% Beide 26% Voorkeur 1: door herregistratie de kwaliteit waarborgen 42% 2. Tijdens de overgangsregeling krijgt de schoolleider tijd om zich volledig te registreren voor de beroepsgroep. De schoolleider toont aan dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties, die deel uitmaken van de beroepsstandaard 26% van de bestuurders is voor directe registratie, maar vindt dat de schoolleiders uiteindelijk wel moeten voldoen aan dezelfde voorwaarden als nieuwe schoolleiders. 21% van de bestuurders vindt dat huidige schoolleiders moeten voldoen aan dezelfde voorwaarden als de nieuwe schoolleiders alvorens volledig geregistreerd te worden. Een kwart van de bestuurders (26%) is voor directe registratie maar onder voorwaarde aan te tonen te voldoen aan basiskwalificatie bij volledige registratie. Zij vinden dit vaker dan schoolleiders (20%) en teamleiders (21%). We presenteren u twee mogelijke alternatieven voor de overgangsregeling (zie bovenstaande toelichting). Naar welke van deze alternatieven gaat uw voorkeur?
Rapportage veldraadpleging schoolleidersregister 71 Differentiatie 21% schoolleiders vindt dat het schoolleidersregister ruimte moet bieden voor differentiatie 80 70 60 50 40 30 20 10 Differentiatie 21 79% vindt dat het schoolleidersregister geen ruimte moet bieden voor differentiatie. Dit percentage is aanzienlijk hoger dan bij de teamleiders (51%) en schoolleiders (65%). Bij de keuze voor differentiatie worden de volgende aspecten voor differentiatie vooral genoemd (in volgorde van meest genoemd): Op basis van (vak)bekwaamheid. Gerelateerd aan taken, functie binnen de school en verantwoordelijkheden (leeftijd, ervaring, competenties, input van personeel, etc.). Naar ervaringsjaren. Van basis naar excellent. 0 Vindt u dat het schoolleidersregister ruimte moet geven voor differentiatie? Hoe zou dit vormgegeven kunnen worden?
Conclusies Bekendheid In de vragenlijst is de respondenten gevraagd aan te geven in hoeverre zij bekend waren met het Bestuursakkoord, Sectorakkoord, Beroepsprofiel en Schoolleidersregister. Bij schoolleiders (85%), bestuurders (95%) en teamleiders (65%) is redelijk goed bekend dat de VO-academie werkt aan de ontwikkeling van het schoolleidersregister. Bestuurders zijn goed bekend (>90%) met de akkoorden en het beroepsprofiel. Schoolleiders zijn redelijk bekend met de akkoorden. Teamleiders zijn minder bekend dan schoolleiders en bestuurders met de akkoorden. Relatief weinig bekend zijn schoolleiders en teamleiders met het Beroepsprofiel Schoolleider en de daarin beschreven competenties en bijbehorende bekwaamheidseisen. Doelstellingen van het schoolleidersregister In de veldraadpleging zijn de volgende doelstellingen van het register gepresenteerd: het vaststellen van bekwaamheidseisen en daarmee het afbakenen van de beroepsgroep; waarborgen van de kwaliteit en de status van het beroep richting belanghebbenden (leerlingen, leraren, ouders, bestuur, politiek); het bevorderen van professionele ontwikkeling. Schoolleiders, bestuurders en teamleiders onderschrijven deze doelstellingen van het register. Het bevorderen van professionele ontwikkeling wordt gezien als de belangrijkste doelstelling. Afbakening van de beroepsgroep Om de beroepsgroep af te bakenen moeten er kaders worden gesteld aan de beroepsgroep. Een definitie hoort daarbij. In de veldraadpleging is gevraagd of zij het eens zijn met de volgende definitie: Een schoolleider is degene die hiërarchisch en functioneel leiding geeft aan het onderwijspersoneel dat werkzaam is in die school en die door het bestuur verantwoordelijk wordt gehouden voor de kwaliteit van dat personeel (rapport Onderwijsinspectie 2014). Ongeveer twee derde van de schoolleiders en teamleiders onderschrijft de definitie, voor de bestuurders geldt dit voor de helft van de groep. Respondenten die het oneens zijn met de definitie vinden deze vooral te beperkt omdat deze te sterk is gericht op alleen het personeel. Men mist in de definitie het onderwijs, de leerling en de omgeving.
In de vragenlijst zijn een aantal groepen gepresenteerd die mogelijk binnen de beroepsgroep vallen en daarmee zou het schoolleidersregister op hen van toepassing zijn. Over het opnemen van leraren met leidinggevende taken en leidinggevenden verantwoordelijk voor hoofdzakelijk niet aan onderwijsgerelateerde wordt wisselend gedacht. Voor de meeste schoolleiders en teamleiders is duidelijk dat tot de beroepsgroep horen: directeur-bestuurders; rectoren/directeuren en leden centrale en/of algemene directies; rectoren, conrectoren, directeuren, adjunct-directeuren en leden van centrale-directies overeenkomst artikel 32 en 34 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs; leidinggevenden met een aanstelling in een directieschaal (meestal tussen schalen 12 en 16). Voor bestuurders geldt dit ook voor rectoren/directeuren en leden van centrale en/of algemene directies en voor rectoren, conrectoren, directeuren, adjunct-directeuren en leden van centrale-directies overeenkomst artikel 32 en 34 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs. Bestuurders wisselen wat meer van mening of directeur-bestuurders en leidinggevenden met een aanstelling in een directieschaal tot de beroepsgroep horen (respectievelijk 70% en 74%). Een groot deel van de schoolleiders (76%) en bestuurders (81%) vindt dat leraren met een leidinggevende taak, met een aanstelling in LB t/m LE niet tot de beroepsgroep behoren. De helft van de teamleiders, veelal zelf leraar, is het hier mee eens. Tussen de 35 en 42% van de respondenten vindt dat leidinggevenden verantwoordelijk voor hoofdzakelijk niet aan onderwijsgerelateerde zaken (financieel directeur, verantwoordelijke voor OOP) niet tot de beroepsgroep horen Voorwaarden voor registratie van nieuwe schoolleiders Gevraagd is aan de respondenten welke mogelijke voorwaarden voor registratie van toekomstige schoolleiders zij onderschrijven. Een zeer groot deel van de respondenten (>87%) vindt dat de nieuwe schoolleider moet aantonen dat hij of zij voldoet aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard. Respondenten zijn vier mogelijkheden voorgelegd hoe toekomstige schoolleiders dit zouden kunnen doen: via een afgeronde NVAO-geaccrediteerde master Schoolleider VO (die nog moeten worden vastgesteld), door het overleggen van een Ervaringscertificaat Beroepsstandaard schoolleider VO, door een positief afgerond assessment van een eerder gevolgde opleiding of met een bekwaamheidsverklaring van het eigen bestuur. De meeste respondenten zijn het eens met het aantonen van de basiskwalificaties door het positief afronden van een eerder gevolgde opleiding (>74%). Ook het overleggen van een bekwaamheidsverklaring wordt door met name de teamleiders ervaren als een goede manier. Bestuurders voelen vooral voor het overleggen van een Ervaringscertificaat. Een derde van de schoolleiders en bestuurders en bijna de helft van de teamleiders denkt niet dat een afgeronde NVAO-geacrediteerde master een
goede manier is om de basiskwalificaties aan te tonen. Onduidelijk is met welke reden. Het kan namelijk ook zijn dat men geen geaccrediteerde masters wil. Er zijn naast het aantonen van de basiskwalificaties nog drie andere voorwaarden voor registratie bevraagd: een schoolleider beschikt over een lesbevoegdheid VO, de schoolleider heeft een aanstelling in een directiefunctie, de schoolleider onderschrijft de te ontwikkelen beroepsstandaard. Het onderschrijven van de beroepsstandaard vinden de meeste respondenten een goede voorwaarde. Teamleiders verschillen van schoolleiders en bestuurders in de mate waarin zij het met de andere voorwaarden eens zijn. Teamleiders vinden vaker dat de schoolleider een lesbevoegdheid VO dient te hebben (teamleiders 80%, schoolleiders 58% en bestuurders 40%), maar minder vaak dat zij een aanstelling dienen te hebben in een directiefunctie (teamleiders 58%, schoolleiders 80% en bestuurders 78%). Aspirantenregister In de vragenlijst is het idee van een aspirantenregister gepresenteerd. Schoolleiders die nog niet voldoen aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard kunnen zich inschrijven in een aspirantenregister. Na drie jaar dient volledige registratie plaats te vinden. Respondenten zijn verdeeld over de instelling van een aspirantenregister. Ongeveer 60% is het eens met de instelling van een dergelijk register. De respondenten die het niet eens zijn met de instelling van een aspirantenregister vinden vooral dat een dergelijk register geen meerwaarde biedt, zal leiden tot meer bureaucratie en teamleiders denken dat het sollicitatie- en ontwikkelprocedures in de weg zal staan. Een aantal schoolleiders en bestuurders geeft aan dat zij tegen het gehele register zijn en dus ook tegen een aspirantenregister. De verdeelde mening over de instelling van een aspirantenregister kan mede worde veroorzaakt door onduidelijkheid bij de respondenten over wat nu precies wordt bedoeld met een aspirantenregister. Respondenten zijn zes mogelijkheden voorgelegd voor registratie in het aspirantenregister: zij dienen binnen drie jaar na inschrijving in het aspirantenregister een opleiding voor schoolopleiders op HBO-masterniveau succesvol te hebben afgerond; de aspirant-schoolleider beschikt over een lesbevoegdheid VO; de aspirant-schoolleider heeft een aanstelling in een directiefunctie; in het aspirantenregister worden teamleiders opgenomen met een LC, LD of LE dienstverband op voorwaarde dat zij binnen drie jaar na inschrijving een opleiding een opleiding voor schoolopleiders op HBO master niveau succesvol te hebben afgerond; de aspirant schoolleider onderschrijft de te ontwikkelen beroepsstandaard.. Net als bij de voorwaarden voor registratie van nieuwe schoolleiders vinden teamleiders (80%) vaker dan schoolleiders (61%) en bestuurders (55%) dat een lesbevoegdheid VO tot de voorwaarden zou moeten behoren. Eveneens gelijk aan voorwaarden voor registratie van nieuwe schoolleiders vinden de meeste respondenten dat de aspirant-schoolleider de (nog vast te stellen) nieuwe beroepsstandaard dient te onderschrijven. Met de overige voorwaarden is iets meer dan de helft van de schoolleiders en teamleiders het eens. Bestuurders zelfs iets vaker (rond 60%).
Herregistratie Wie geregistreerd is, heeft de verplichting te werken aan professionele ontwikkeling passend bij de beroepsgroep. Bij registratie hoort dan ook herregistratie om de kwaliteit van de beroepsgroep te behouden. Overwogen wordt dit elke vier jaar te doen. Er zijn verschillende manieren om te professionaliseren. In de vragenlijst is gevraagd of naast formele ook informele professionaliseringsactiviteiten moeten gelden bij herregistratie. De overgrote meerderheid (85-91%) van de respondenten is het daar mee eens. Het aantonen van de professionaliseringsactiviteiten kan op verschillende manieren. In de vragenlijst is respondenten gevraagd aan te geven of ze het eens zijn met drie manieren: via het geven van een overzicht van de professionaliseringsactiviteiten of door het beschrijven van een praktijkvoorbeeld; via studiepunten; via urennorm. Daarnaast is gevraagd alternatieven te geven. Groot deel van de respondenten vindt het geven van een overzicht van activiteiten of beschrijven van een praktijkvoorbeeld een goede manier (schoolleiders (85%) en teamleiders (87%) net iets minder dan bestuurders (90%)). Over het aantonen van professionaliseringsactiviteiten middels studiepunten zijn de respondenten het minder met elkaar eens. Twee derde van de bestuurders vindt dit een goede manier. Voor schoolleiders en teamleiders is dat iets minder dan de helft van het aantal respondenten het geval. Net iets minder dan een derde van de respondenten ziet iets in een urennorm als manier om professionaliseringsactiviteiten aan te tonen bij herregistratie. Alternatieven die regelmatig zijn genoemd: middels certificaten/portfolio (teamleiders en bestuurders), door beoordeling van het bestuur (teamleiders), door verklaring van bestuur (schoolleiders), door resultaten van de school (schoolleiders) en door intervisie (teamleiders) Overgangsregeling voor zittende schoolleiders Voor de huidige schoolleiders wordt gedacht aan een overgangsregeling. De overgrote meerderheid (88-93%) van de respondenten is het eens met de instelling van een overgangsregeling. Het in de vragenlijst voorgestelde criterium hiervoor: de akte van benoeming als toelatingscriterium te hanteren wordt door ongeveer driekwart van de respondenten onderschreven. In de vragenlijst zijn twee alternatieven als toelatingscriterium gepresenteerd: 1- huidige schoolleiders worden allemaal direct geregistreerd en vanaf herregistratie dienen zij aan dezelfde eisen te voldoen als nieuwe schoolleiders; 2- tijdens de overgangsregeling krijgt de schoolleider tijd om zich volledig te registreren voor de beroepsgroep door aan te tonen dat voldaan wordt aan de basiskwalificaties die deel uitmaken van de beroepsstandaard. De schoolleiders, teamleiders en bestuurders verschillen van elkaar in hun mening over deze alternatieven. Over het algemeen lijkt men meer te zien in de akte van benoeming als toelatingscriterium dan deze alternatieven. Bijna de helft van de schoolleiders (49%) is voor registratie zonder verdere voorwaarden. Dit geldt ook voor 40% van de teamleiders en 42% van de
bestuurders. Een kwart van de bestuurders (26%) is voor directe registratie maar met voorwaarde aan te tonen te voldoen aan de basiskwalificaties voor volledige registratie. 18% van de schoolleiders en teamleiders vinden dit ook. Teamleiders (26%) zijn meer dan schoolleiders (20%) en bestuurders (21%) voor optie 2, als dit nog maar een kwart van de groep. Differentiatie binnen het register In de vragenlijst is de mogelijkheid geopperd binnen het register differentiatie toe te passen. Bijvoorbeeld het register in te delen naar vakbekwaamheid van schoolleiders of een basisregistratie en excellente registratie, dit laatste bijvoorbeeld als schoolleiders extra taken uitvoeren of meer verantwoordelijkheden dragen. Het idee van differentiatie aanbrengen in het schoolleidersregister wordt door het merendeel van de respondenten niet gedragen. Teamleiders (49% voor), schoolleiders (36% voor) en bestuurders (21%) verschillen hierover. Teamleiders zijn het meest voor differentiatie, bestuurders het minst. Tot slot: opmerkingen respondenten In de veldraadpleging kregen schoolleiders, bestuurders en teamleiders de kans aan het einde van de vragenlijst in een open vraag opmerkingen te plaatsen over het schoolleidersregister of de veldraadpleging. Ten aanzien van de raadpleging zelf is geregeld gewezen op het feit dat we geen rekening hebben gehouden met de mogelijkheid dat schoolleiders en teamleiders, werkzaam op vo-niveau binnen een MBO-context, vallen binnen de CAO-BVE. Ten aanzien van het schoolleidersregister viel vooral het verschil van mening van respondenten op: respondenten waren vooral heel negatief in hun uitingen op deze vraag ( ophouden met dit soort onzin ) tot zeer positief ( onmiddellijk invoeren ). Daarnaast hebben een aantal mensen de angst voor bureaucratie uitgesproken. Veder is meerdere malen de zorg uitgesproken dat te veel zal worden gekeken naar (dure) opleidingen en te weinig naar andere vormen van kwalificatie zoals EVC s of informele professionaliseringsactiviteiten.
Uitkomsten klankbordgroep veldraadpleging De uitkomsten van de veldraadpleging (afname digitale vragenlijst) zijn in een bijeenkomst besproken op 19 juni 2014 met enkele leden van de klankbordgroep. Na een korte presentatie van de uitkomsten zijn voorstellen voor afbakening van de beroepsgroep en voorliggende vragen en discussiepunten bij de ontwikkeling van het schoolleidersregister op korte en langere termijn geformuleerd. Voorstellen afbakening beroepsgroep In eerste instantie uitgaan van functieschaal: alleen leidinggevenden, die binnen de functieschaal directie en management vallen, toelaten tot register. Daarna volgt een toetsing aan een, nog vast te stellen, set van criteria, waar bijvoorbeeld in staat dat de leidinggevende integrale verantwoordelijkheid dient te hebben. Er komt geen aspirantenregister bedoeld voor toelating voor teamleiders. Een aspirantenregister voor teamleiders maakt de beroepsgroep troebel. Wanneer teamleiders toegelaten willen worden in het register dienen zij binnen de functieschaal van directie en management te vallen. Bestuurders behoren niet tot de beroepsgroep. Directeur-bestuurders behoren wel tot de beroepsgroep; daarbij wordt niet meegenomen onder welke cao directeur-bestuurders vallen, maar wordt gekeken naar de functie in de praktijk. Vragen en discussiepunten voor korte en langere termijn Voorwaarden voor toelating tot register Er lijkt een discrepantie te zijn tussen de eisen die het veld wil stellen aan nieuwe schoolleiders en de eisen voor zittend personeel. Opvallend is dat een groot deel van het veld voor een drempelloze (via akte van benoeming) opname in het register voor zittende schoolleiders is. Als passend voorstel bij de geconstateerde discrepantie wordt voorgesteld om hoge eisen aan nieuwe schoolleiders te stellen, ruimte te bieden aan zittende schoolleiders om aan de eisen te gaan voldoen via (hoge) eisen aan herregistratie. Een overgangsregeling 2 lijkt onontkoombaar. Voorstel is om alle zittende schoolleiders toe te laten tot het register in combinatie met een eventueel versnelde (niet 4 jaar, maar 2 of 3 jaar) herregistratie. 2 De leden van de klankbordgroep raad aan de term overgangsregeling te vermijden.
Herregistratie De hoge score voor het meenemen van informele professionaliseringsactiviteiten bij herregistratie roept de vraag op wat men verstaat onder informele professionaliseringsactiviteiten. Indien herregistratie via aantonen van informele professionaliseringsactiviteiten mogelijk wordt, dient goed omschreven te worden wat tot de informele professionaliseringsactiviteiten gerekend wordt (Intervisie? Collegiale consultatie? Niet geaccrediteerde opleidingen?) en op welke wijze schoolleiders dienen aan te tonen wat deze activiteiten hebben betekend voor de eigen ontwikkeling. Differentiatie in het register Opvallend is dat de resultaten van de veldraadpleging laten zien dat het veld weinig voorstander is van differentiatie. Tijdens andere bijeenkomsten met het veld komen geluiden naar voren dat men juist graag wil dat een register onderscheid maakt in ervaren en minder ervaren schoolleiders. De uitkomsten van de veldraadpleging roepen de vraag op in hoeverre schoolleiders uiteindelijk bereid zijn zelf te professionaliseren, energie en tijd te stoppen in ontwikkeling. Schoolleiders lijken register wel te willen (stellen zich achter de doelstellingen), maar geen consequenties voor zichzelf hieraan te willen verbinden. Aspirantenregister Over een komst van een aspirantenregister is het veld verdeeld. Oorzaak is mogelijk dat men onvoldoende voor ogen heeft wat de functie zou kunnen zijn van een aspirantenregister. Het instellen van een aspirantenregister is een mogelijkheid in de toekomst. Een aspirantenregister kan een manier zijn om mogelijkheid te creëren voor schoolleiders die voldoen aan de bekwaamheidseisen maar (nog) niet in functie zijn. Op langere termijn is discussie met het veld wenselijk over de mogelijkheden van een aspirantenregister.