Chronisch compartiment syndroom Afdeling algemene chirurgie
Algemeen Er is bij u vastgesteld dat u klachten heeft door een te hoge druk in de spieren van uw onderbeen. Dit wordt een chronisch compartiment syndroom genoemd (CECS, chronic exertional compartment syndrome). De oorzaak van dit syndroom is onbekend. Veelal hebben patiënten al meerdere onderzoeken gehad voordat de diagnose wordt gesteld. Sommige mensen lopen al jaren met klachten passend bij een CECS. Klachtenpatroon De meeste patiënten klagen over pijn in de kuit bij inspanning, bijvoorbeeld hardlopen. De klachten treden vaak op tijdens een forse inspanning, bijvoorbeeld tijdens een voetbalwedstrijd of tijdens een flink eind rennen. Vaak worden pijn, gespannen gevoel, tintelingen en verminderde controle over het onderbeen gerapporteerd. Langdurige rust kan de klachten wel iets doen verminderen. Ook zijn goede effecten van koeling, fysiotherapie en pijnstillers beschreven. De klachten treden vaak weer op als de activiteit wordt herstart. Hierdoor kunnen de meeste sporters hun geliefde sport niet meer beoefenen zoals ze willen. Lichamelijk onderzoek Bij het lichamelijk onderzoek voelt de patiënt vaak pijn diep in de kuit. Soms kan de arts de pijn opwekken door wat harder te drukken over de spieren aan de buitenzijde (musculus tibialis anterior) of binnenzijde van het scheenbeen (musculus tibialis posterior). Als de pijn echt op de binnenrand of de buitenrand van het scheenbeen wordt gevoeld, spreekt men van MTSS (medial tibial stress syndrome). Bij patiënten met MTSS is de druk in de spieren normaal, maar trekken de spieren tijdens inspanning te hard aan hun omgeving (bot), waardoor een chronische irritatie ontstaat van het botvlies. 1
Aanvullend onderzoek Meestal zijn er al rontgenfoto s en soms ook botscans of een MRI gemaakt. Die laten slechts zelden een andere aandoening zien. Veelal zijn breuken of haarscheurtjes als oorzaak van de pijn dus al uitgesloten. De diagnose CECS/MTSS stellen we vast met een drukmeting in de spieren. De arts (meestal sportarts) brengt bij u een slangetje in dat de druk kan meten in de spieren, tijdens rust en tijdens inspanning. Bij patiënten met een MTSS is de spierdruk normaal, bij patiënten met een CECS abnormaal hoog. Na de diagnose Als de diagnose CECS (hoge druk) of MTSS (normale druk maar chronische irritatie van het botvlies) gesteld is, en alle therapieën tot nu toe niet het gewenste resultaat hebben gehad, kunt u ervoor kiezen om af te wachten of om een operatie te ondergaan. Operatie CECS/MTSS De operatie heet een fasciotomie. Hierbij snijden we de strakke laag die de spier omhult (fascie) open (CECS) of we maken hem los van het scheenbeenbot (MTSS). Dit gebeurt via een snee met een lengte van 2 tot 10 cm, afhankelijk van het aangedane deel van de spier (compartiment). De operatie duurt tussen de 15 (CECS musculus tibialis anterior) en 45 minuten (musculus tibialis posterior). Wat moet er voor de operatie worden gedaan? Als u in overleg met de chirurg kiest voor een operatie, verwijzen we u naar de afdeling POS (preoperatieve spreekuur). Daar schrijven ze u in voor de operatie. Als het mogelijk is, heeft u dan ook meteen een gesprek met een assistent van de anesthesist (narcotiseur). Tijdens het gesprek kiest u in overleg voor een ruggenprik of een korte narcose. U mag uw medicijnen doorslikken tot de dag van operatie, behalve medicijnen die via de trombosedienst worden 2
gecontroleerd. Vertel het uw chirurg als u die medicijnen gebruikt. Hij adviseert u dan om zelf contact op te nemen met de trombosedienst, om de INR op de operatiedag tussen de 1.5-1.8 te laten zijn. U dient de dag voor operatie zelf de benen te scheren op de plek waar de chirurg de snede gaat zetten. Hij bespreekt dit voor de operatie met u. Dag van operatie De dag van operatie bespreekt de chirurg, vóór de ingreep, nog een keer met u wat hij gaat doen, en tekent de snede met stift op uw onderbeen af. U kunt dan nog een keer de vragen die u heeft, aan hem stellen. Na de operatie U krijgt in aansluiting aan de operatie een drukverband om het onderbeen, dat u op de eerste dag na de operatie zelf mag verwijderen. Vanaf dag 1 na de operatie tot en met dag 14 draagt u de tubigrip die u heeft meegekregen van de verpleegafdeling. Die draagt u over de enkel heen tot aan de knie, dag en nacht. Deze tubigrip bevordert de wondgenezing. U mag in deze periode van twee weken niet sporten of springen, maar mag/moet wel gewoon lopen. Sommige mensen vinden het prettig om enige dagen met een of twee krukken te lopen. Leg uw been s avonds hoog, om het opgehoopte vocht (oedeem) de kans te geven om weg te trekken. Het is verstandig om de eerste dagen niet te werken. Meestal heeft u na twee weken contact met de chirurg, telefonisch of op de polikliniek. Afhankelijk van hoe goed de wond geneest mag u in week 3-4 na de operatie steeds meer gaan doen (voorzichtig joggen) en mag u uw activiteiten intensiveren in week 5-6. In principe bent u in week 7-8 weer op uw normale activiteitenniveau. Ondersteuning van een fysiotherapeut in de eerste twee weken is zelden nodig. Afhankelijk van hoe het gaat, kan de chirurg dit voorschrijven bij de eerste controle 2 weken na de operatie. 3
Beiderzijds klachten Als uw klachten heeft aan beide benen opereren we u in één keer aan twee benen tegelijk of u krijgt twee operaties. Dit is afhankelijk van welke compartimenten zijn aangedaan. Bij een CECS van de buitenzijde van het onderbeen (musculus tibialis anterior) opereren we beide benen in een keer. Voor een CECS van de binnenzijde (musculus tibialis posterior) zijn altijd twee operaties nodig. In het verleden hebben we beide benen wel tegelijk geopereerd maar dat werd door de patiënten toch te zwaar gevonden. Een CECS van beide onderarmen gebeurt ook altijd in een keer. Complicaties Iedere operatie heeft soms complicaties, dus ook een fasciotomie. Een bloeduitstorting in het operatiegebied komt regelmatig voor. Ook kan de wond in de loop van de dagen na de operatie gaan ontsteken, waarbij de huid steeds roder wordt. U moet dan contact opnemen met de polikliniek chirurgie. Het kan nodig zijn om met medicijnen te starten (antibiotica). Soms ontstaat een verminderd gevoel in het verloop van het onderbeen en de voet door irritatie/bloeduitstorting. Deze dove gevoelens zijn meestal van tijdelijke aard. Zelden is de bloedophoping onderhuids of tussen de spieren zodanig, dat we met een nieuwe operatie dit bloed moeten verwijderen. Hoe vaak is een operatie succesvol? U wordt behandeld door een team van sportartsen, chirurgen, orthopeden en verpleegkundigen. Dit team heeft zeer veel ervaring met de behandeling van het CECS en MTSS. We verrichten in 2012 ongeveer 250 drukmetingen gericht op CECS, en we opereren ongeveer 75-100 patiënten. Als het gaat om CECS van de musculus tibialis posterior in de onderbenen en van de onderarmen hebben wij de grootste 4
patiëntengroepen ter wereld geopereerd (en beschreven in de medische literatuur). U bent dus in ervaren handen. Door onze ervaring weten we dat de resultaten afhankelijk zijn van het aangedane compartiment. Uit ander eigen onderzoek blijkt, dat 90% van de patiënten met een CECS van de buitenzijde van de kuit (musculus tibialis anterior) door een operatie van hun klachten afkomen of dat de klachten sterk verbeteren. Helaas ligt dat minder gunstig bij een CECS van de binnenzijde van het onderbeen of bij een MTSS. Daarbij blijkt uit eigen onderzoek dat 50% van de patiënten geneest of sterk verbetert, bij 25% verbetert het iets en bij 25% verbetert het niet. Wij hebben recent (2012) ook aangetoond dat de hoogte van de compartimentdruk die we vóór de operatie meten, mogelijk een voorspelling geeft van een gunstig resultaat na de operatie. De resultaten van patiënten met een CECS van de onderarmen zijn wel weer zeer gunstig: 90% van de patiënten geneest. Wat als onze operatie niet heeft geholpen? Het komt dus voor dat een operatie onvoldoende of geen effect heeft op uw klachtenpatroon. Dat is uiteraard zeer teleurstellend. Als we denken dat de operatie geen succes heeft gehad doordat de omhullende laag van de spier met de te hoge druk (fascie) weer is dichtgegroeid, doen we opnieuw drukmetingen. Laten die weer te hoge druk zien dan kan een nieuwe operatie volgen, waarbij we de fascie niet weer insnijden maar deels verwijderen. Dit is een grotere operatie, die we gelukkig zelden hoeven te doen. Vaak weten we echter niet hoe het komt dat de operatie geen succes heeft gehad. We proberen er dan na overleg met de sportarts toch achter te komen wat er aan de hand is. 5
Meer informatie We streven ernaar, om al uw vragen zo goed mogelijk te beantwoorden voor de operatie, zodat u goed geïnformeerd de operatie kunt ondergaan. Als u vragen heeft vóór de operatie of daarna, kunt u altijd de polikliniek algemene chirurgie bellen. Meestal lukt het om een van de chirurgen nog dezelfde dag te laten terugbellen. Telefoonnummer: (040) 888 85 50. Buiten kantooruren belt u met de afdeling spoedeisende hulp (eerste hulp), locatie Veldhoven: (040) 888 88 11. Bent u niet tevreden over de behandeling, bejegening of verzorging? Het heeft onze voorkeur dat u uw klacht eerst bespreekt met degene die direct betrokken is. Hij of zij zal zeker bereid zijn naar uw verhaal te luisteren en te zoeken naar een oplossing. Als dit gesprek niet naar wens verloopt of u bespreekt het liever niet met de direct betrokkene, dan kunt u contact opnemen met een klachtenfunctionaris van Máxima Medisch Centrum. Wetenschappelijk onderzoek De behandeling van het CECS kan altijd nog beter. Wij streven ernaar nog meer kennis te krijgen over dit ziektebeeld. Veel is al bekend maar veel ook nog onbekend. Wij kunnen alleen maar leren van de ervaringen van patiënten zoals u. Dat betekent dat wij u kunnen vragen om in de maanden na de operatie, een of twee maal een enquête in te vullen. De resultaten verwerken we in wetenschappelijke publicaties. Het staat u te allen tijde vrij om deze enquêtes niet in te vullen maar we stellen het erg op prijs als u de moeite wilt nemen dit wel te doen. Het behandelteam van het MMC Dr. Marc Scheltinga, namens de chirurgen Dr. Adwin Hoogeveen, namens de sportartsen 6
Wetenschappelijke publicaties van MMC-artsen over CECS Fijter M, Scheltinga M, Luiting M. Semiblind subcutaneous fasciotomy in chronic anterior compartment syndrome of the leg: short and long term results. Military Medicine, Vol 171 (5), pp 399-403, 2006. Zoest W, Hoogeveen A, Sala H, Scheltinga M, Mourik J. Chronic deep posterior compartment syndrome of the leg: Postoperative results in athletes. International Journal of Sports Medicine, Vol 28:1-5, 2007. Winkes MB, Luiten EJT, van Zoest WJF, Sala HA, Hoogeveen AR, Scheltinga MR. Long term results of surgical decompression of chronic exertional compartment syndrome of the forearm in motocross racers. Am J Sports Med, Vol 40(2):452-8, 2012 Winkes MB, Giesberts A, Hoogeveen A, Houterman S, Wijn P, Scheltinga MR. Compartment pressure curves predict surgical outcome in chronic deep posterior compartment syndrome. Am J Sports Med, Vol 40(8):1899-1905, 2012. 7
Notities Heeft u vragen over uw behandeling? We raden u aan ze hier op te schrijven. Zo weet u zeker dat u ze niet vergeet. 8
Máxima Medisch Centrum www.mmc.nl Locatie Eindhoven: Locatie Veldhoven: Ds. Th. Fliednerstraat 1 de Run 4600 Postbus 90 052 Postbus 7777 5600 PD Eindhoven 5500 MB Veldhoven De informatie in deze folder is van algemene aard en is bedoeld om u een beeld te geven van de zorg en voorlichting die u kunt verwachten. In uw situatie kunnen andere adviezen of procedures van toepassing zijn. Deze folder is dan ook slechts een aanvulling op de specifieke (mondelinge) voorlichting van uw specialist of behandelaar. MMC.200.211_02_13